CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

B10 Akoestisch onderzoek Stationstuinen 2e fase

commissie Wonen en Werken 9 juni 2026, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan De Stationstuinen 2e fase (adviserend)27.039 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Herontwikkeling Stationstuinen in Barendrecht Akoestisch onderzoek ‘Stationstuinen’ fase 2

Opdrachtgever Emborion Contactpersoon De heer L. van Meeuwen Kenmerk R007_01_L230023 Versie 01 Datum 25 maart 2025 Auteurs E. (Ed) Goudriaan ing. M.J.M. (Monique) van Bemmelen ing. J.M.M. (Han) Vossen

Kelvinbaan 40, 3439 MT Nieuwegein | Postbus 1475, 3430 BL Nieuwegein | T (030) 231 13 77 | F (030) 234 17 54 E info@lbpsight.nl | www.lbpsight.nl | IBAN: NL62 RABO 036 42 36 558 | KvK 30073990 | BTW NL007076083B01

Inhoudsopgave 1

2

Inleiding ..................................................................................................................................... 4 1.1

Plangebied .......................................................................................................................................................... 5

1.2

Leeswijzer ............................................................................................................................................................ 6

Toetsingskader ........................................................................................................................... 7 2.2

Railverkeerslawaai ........................................................................................................................................... 8

2.3

Bedrijvenlawaai ................................................................................................................................................. 9

2.4

Cumulatie .......................................................................................................................................................... 10

2.5

Actieplan geluid ............................................................................................................................................. 10 2.5.1

3

Standstill ........................................................................................................................................... 10

Onderzoeksopzet en uitgangspunten ....................................................................................11 3.1

Onderzoeksgebied ........................................................................................................................................ 11

3.2

Rekenmethode ............................................................................................................................................... 13

3.3

Uitgangspunten .............................................................................................................................................. 13 3.3.1

Omgevingskenmerken ................................................................................................................ 13

3.3.2

Beoordelingshoogte .................................................................................................................... 13

3.3.3

Wegverkeersgegevens ................................................................................................................ 14

3.3.4

Railverkeersgegevens .................................................................................................................. 14

3.3.5

Gegevens bedrijven ...................................................................................................................... 14

4

Invoergegevens bedrijven ......................................................................................................15

5

Resultaten en toetsing ............................................................................................................22 5.1

Algemeen .......................................................................................................................................................... 22

5.2

Wegverkeer gezoneerde wegen .............................................................................................................. 22 5.2.1

Spoorlaan ......................................................................................................................................... 22

5.2.2

Gebroken Meeldijk ....................................................................................................................... 24

5.2.3

Koopliedenweg .............................................................................................................................. 26

5.2.4

Ziedewij ............................................................................................................................................. 28

5.2.5

Veren Ambachtsweg - Tuindersweg ...................................................................................... 29

5.3

Wegverkeer 30 km/u en busbanen ........................................................................................................ 31

5.4

Railverkeerslawaai ......................................................................................................................................... 33

5.5

Bedrijvenlawaai langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) .............................................. 34 5.5.1

6

Maatregelen .................................................................................................................................... 46

5.6

Berekening na toepassen vliesgevel oostzijde plan ........................................................................ 51

5.7

Bedrijvenlawaai maximaal geluidniveau (LAmax) ............................................................................. 58

5.8

Cumulatieve geluidbelasting..................................................................................................................... 59

5.9

Gemeentelijk geluidbeleid ......................................................................................................................... 60

Conclusie en samenvatting .....................................................................................................61 6.1

Wegverkeerslawaai ....................................................................................................................................... 61 R007_01_L230023 | 25 maart 2025

6.2

Railverkeerslawaai ......................................................................................................................................... 62

6.3

Bedrijvenlawaai ............................................................................................................................................... 62

6.4

Cumulatieve geluidbelasting..................................................................................................................... 64

Bijlagen Bijlage I

Gehanteerde uitgangspunten van de bedrijven

Bijlage II

Gecumuleerde geluidbelasting van het wegverkeer zonder aftrek

Bijlage III Wegverkeersgegevens

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

1

Inleiding

De gemeente Barendrecht heeft op 15 december 2020 de gebiedsvisie voor De Stationstuinen vastgesteld. Op basis van deze visie is het Structuurplan Fruitpacking District, De Stationstuinen opgesteld, dat betrekking heeft op de gebiedsontwikkeling direct aan de oostzijde van het treinstation Barendrecht. Het Fruitpacking District is één van de buurten in de toekomstige wijk De Stationstuinen. De nieuwe naam verwijst naar de van oudsher aanwezige functie van de groente- en fruitveiling. De Stationstuinen gaat dit met zijn gemengde programma mede ondersteunen. In figuur 1.1 zijn de begrenzingen aangegeven.

Figuur 1.1 Begrenzingen van het Fruitpacking District als onderdeel van De Stationstuinen Deze gebiedsvisie moet nu vertaald worden naar een planologisch-juridisch kader. Dit vindt gefaseerd plaats. De eerste fase betreft de ontwikkeling van ruim 800 woningen met bijbehorende voorzieningen. Voor de eerste fase is een ontwerpbestemmingsplan opgesteld, voor de tweede fase wordt eveneens een ontwerpbestemmingsplan opgesteld. Fase 2 ligt aan de oostzijde van het plangebied van fase 1. Op dit moment is hier nog bedrijvigheid aanwezig. Ten behoeve van het op te stellen bestemmingsplan moet inzicht worden verkregen in de geluidbelasting als gevolg van het weg- en railverkeer en van de omliggende bedrijven. Voorliggend onderzoek betreft het akoestisch onderzoek ten behoeve van het bestemmingsplan De Stationstuinen fase 2. Deze versie is een aanpassing van de rapportage van 6 december 2023. Reden voor deze aanpassing is dat in het rapport een aantal verduidelijkingen zijn toegevoegd die de leesbaarheid moeten vergroten. Daarnaast zijn de bedrijven Jabaaij en Tumoba aanvullend beschouwd.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

1.1

Plangebied

De Stationstuinen zijn gelegen ten oosten van het spoor dat door Barendrecht loopt. De ligging en globale begrenzing van het plangebied is weergegeven in de figuren 1.2 en 1.3.

Figuur 1.2 Ligging plangebied Aan de noordzijde van fase II wordt de plangrens globaal gevormd door de Spoorlaan. In het westen vindt de ontwikkeling plaats van De Stationstuinen fase 1. Op dit moment is hier braakliggende grond aanwezig. In het zuiden van het plangebied loopt de Gebroken Meeldijk en aan de oostzijde van het plangebied is nog bestaande bedrijvigheid aanwezig.

Figuur 1.3 Begrenzing plangebied fase 2

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

1.2

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het toetsingskader. In hoofdstuk 3 en 4 komen de onderzoeksopzet en uitgangspunten aan de orde waarna in hoofdstuk 5 de resultaten worden toegelicht. In hoofdstuk 6 staat de conclusie.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

2

Toetsingskader

2.1

Wegverkeerslawaai

De bepalingen voor wegverkeerslawaai uit de Wet geluidhinder (Wgh) zijn alleen van toepassing binnen de wettelijk vastgestelde zone van de weg. De breedte van de geluidzone langs wegen is geregeld in artikel 74 Wgh en is gerelateerd aan het aantal rijstroken van de weg en het type weg (stedelijk of buitenstedelijk). De nieuwbouw ligt binnen de van toepassing zijnde geluidzone van de Spoorlaan (gedeelte 50 km/u), Veren Ambachtsweg - Tuindersweg, Koopliedenweg, Gebroken Meeldijk (gedeelte 50 km/u) en Ziedewij. Daarom moet de geluidbelasting bepaald worden. In de zin van de Wet geluidhinder is met betrekking tot deze wegen sprake van nog te bouwen woningen die nog niet zijn geprojecteerd in stedelijk gebied langs een bestaande weg. De zogenoemde voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting op de gevels van de woningen bedraagt 48 dB voor iedere weg afzonderlijk. Op grond van artikel 83 lid 2 Wet geluidhinder bedraagt voor iedere weg de maximale ontheffingswaarde 63 dB. Geluidbeperkende maatregelen Als de geluidbelasting vanwege een weg hoger is dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB moeten in principe maatregelen worden getroffen om de geluidbelasting terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Hierbij hanteert de Wet geluidhinder de volgende volgorde van voorkeur: -

maatregelen bij de bron (het aanbrengen van een geluidreducerend wegdek, het reduceren van de verkeersintensiteit of het verlagen van de snelheid);

-

maatregelen in de overdracht (het situeren van niet-geluidgevoelige bebouwing tussen de bron en de ontwikkeling of het plaatsen van een geluidscherm of geluidwal);

-

maatregelen bij de ontvanger.

Hogere waarde Als de hiervoor genoemde maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn of als deze overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard ontmoeten, kan bij de gemeente Barendrecht een zogenoemde 'hogere waarde' voor de geluidbelasting op een gevel aangevraagd worden tot ten hoogste de maximale ontheffingswaarde. De maximale ontheffingswaarde bedraagt 63 dB per weg.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

De gemeente Barendrecht heeft op dit moment geen beleid hogere waarden. De gemeente geeft wel aan dat afwegingen voor maatregelen worden meegenomen bij de afweging voor een goede ruimtelijke ordening. Deze afwegingen kunnen eveneens worden meegenomen als voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan. 30km/u-wegen Wegen met een maximale snelheid van 30 km/u worden niet getoetst aan de Wet geluidhinder. Gelet op de jurisprudentie over dit punt blijkt echter dat bij een ruimtelijke procedure de geluidbelasting wel inzichtelijk gemaakt moet worden. Er moet sprake zijn van een deugdelijke motivering bij het vaststellen van een bestemmingsplan. Vanuit het oogpunt van een 'goede ruimtelijke ordening' is daarom akoestisch onderzoek gewenst. In de Wet geluidhinder zijn geen streef- en/of grenswaarden gesteld aan dergelijke wegen.

2.2

Railverkeerslawaai

In artikel 105 van de Wet geluidhinder (Wgh) wordt het Besluit geluidhinder (Bg) van toepassing verklaard. Het besluit is alleen van toepassing binnen de wettelijke vastgestelde zone van een spoorweg. De breedte van de geluidzone langs het spoor wordt geregeld in artikel 1.4 Bg en is afhankelijk van de hoogte van de geluidproductieplafonds langs het spoor ter hoogte van het plangebied. Binnen de zone van een spoorweg moet een akoestisch onderzoek plaatsvinden naar de geluidbelasting op de binnen de zone gelegen woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. De berekende geluidbelasting moet getoetst worden aan de grenswaarden van het Besluit geluidhinder. Geluidbeperkende maatregelen Als de (voorkeurs)grenswaarde van 55 dB wordt overschreden, zal worden beoordeeld of geluidbeperkende maatregelen mogelijk zijn en/of het college van burgemeester en wethouders een hogere grenswaarde moet vaststellen. Hogere waarde Indien de maatregelen onvoldoende doeltreffend blijken te zijn of indien deze aanzienlijke bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard met zich meebrengen, bestaat de mogelijkheid om bij de gemeente Barendrecht een zogenaamde 'hogere waarde' voor de geluidbelasting op een gevel aan te vragen, met een maximum van 68 dB als de maximale ontheffingswaarde.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

De gemeente Barendrecht heeft op dit moment geen beleid hogere waarden. De gemeente geeft wel aan dat afwegingen voor maatregelen worden meegenomen bij de afweging voor een goede ruimtelijke ordening. Deze afwegingen kunnen eveneens worden meegenomen als voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan.

2.3

Bedrijvenlawaai

In de Wet ruimtelijke ordening zijn geen grenswaarden voor het aspect geluid opgenomen in relatie tot nieuwe functies en activiteiten. Als eerste maatstaf voor het vaststellen of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening wordt de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering gehanteerd. Deze publicatie bevat een aanbevolen beoordelingsmethode. Hoewel deze beoordelingsmethode geen wettelijke status heeft, kan ze worden gebruikt als eerste criterium voor de beoordeling van de aanvaardbaarheid. Het toetsingskader voor geluid omvat vier stappen, waarbij de geluidbelasting in elke stap toeneemt, wat leidt tot meer onderzoek en motivatieverplichtingen. Stap 1: In de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ worden richtafstanden tussen geluidbronnen en geluidgevoelige bestemmingen benoemd. Indien de richtafstand voor het aspect geluid niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect geluid in beginsel achterwege blijven: inpassing is mogelijk. Stap 2: Indien stap 1 niet toereikend is, dan is inpassing mogelijk bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen van maximaal: Gebiedstype

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Maximaal (piekgeluiden)

Rustige woonwijk

Gemengd gebied

45 dB(A)

50 dB(A)

65 dB(A)

70 dB(A)

Stap 3: Indien stap 2 niet toereikend is, is inpassing mogelijk bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen van maximaal: Gebiedstype

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Maximaal (piekgeluiden)

Rustige woonwijk

Gemengd gebied

50 dB(A)

55 dB(A)

70 dB(A)

70* dB(A)

* Exclusief piekgeluiden door aan- en afrijdend verkeer

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Stap 4: Wanneer de geluidbelasting hoger is dan aangegeven in stap 3, zal in de meeste gevallen inpassing niet haalbaar zijn. Mocht het bevoegd gezag desondanks overwegen om toch tot inpassing over te gaan, dan moet dit gepaard gaan met een grondig onderzoek en een zorgvuldig onderbouwde en gemotiveerde beslissing. Daarbij moet ook rekening worden gehouden met de cumulatieve effecten in relatie tot de eventuele bestaande geluidbelasting..

2.4

Cumulatie

Wanneer een geluidgevoelige bestemming waarvoor een hogere grenswaarde wordt vastgesteld in de zone van meerdere geluidbronnen ligt, moet inzichtelijk worden gemaakt hoe hoog de gecumuleerde geluidbelasting is. Het bevoegd gezag moet dan een oordeel vellen over de hoogte van deze geluidbelasting. Een wettelijke toets aan de grenswaarde is niet aan de orde.

2.5

Actieplan geluid

Naast de waarden die zijn vastgesteld in de Wet geluidhinder heeft de gemeente Barendrecht een Actieplan geluid opgesteld. In het Actieplan geluid zijn de plandrempels voor de verschillende geluidbronnen vastgesteld: -

Industrielawaai

60 dB Lden

-

Railverkeerslawaai 65 dB Lden

-

Wegverkeerslawaai 63 dB Lden (gecumuleerd voor lokale wegen, inclusief rijkswegen)

Voor alle bronnen tezamen is een maximale gecumuleerde geluidbelasting van 65 dB vastgesteld. Voor de plandrempels wordt geen aftrek volgens artikel 110g van de Wet geluidhinder toegepast. Indien akoestisch relevant (verschil minder dan 10 dB ten opzichte van de overige wegen), moeten ook de nabijgelegen 30km/u-wegen, trams en inrichtingen meegenomen worden. 2.5.1

Standstill

Naast de plandrempels hanteert de gemeente Barendrecht het standstill-principe ten aanzien van het percentage gehinderden door geluid. De gemeente Barendrecht wil het percentage gehinderden door geluid niet laten toenemen ten opzichte van het percentage in 2006. Het standstill-principe verbindt de geluidbelasting direct met de gezondheid van de bewoners van Barendrecht en is als volgt samen te vatten: 1.

Geen geluidsituaties creëren waarbij de geluidbelasting boven de saneringswaarde (70 dB(A)) komt te liggen.

2.

Het percentage geluidgehinderden niet laten toenemen ten opzichte van 2006.

3.

Een ontheffing hogere grenswaarde (=toestemming voor een geluidniveau boven de voorkeursgrenswaarde alleen verlenen als wordt voldaan aan het “standstill-principe”).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

3

Onderzoeksopzet en uitgangspunten

Het akoestisch onderzoek bestaat zowel uit het bepalen van de geluidbelasting van het verkeerslawaai als uit de geluidbelasting vanuit de bedrijven. De uitkomsten van die onderzoeken moeten in samenhang worden beschouwd. De uitkomsten van de te onderscheiden lawaaisoorten leidt tot maatregelen die effect hebben op de uitkomst van de andere lawaaisoort.

3.1

Onderzoeksgebied

In figuur 3.1 zijn de randen van de bouwvlakken waarbinnen geluidgevoelige objecten (gekleurde blokjes) kunnen komen weergegeven. Het exacte ontwerp van de woongebouwen is nog niet bekend, daarom is besloten om op de rand van de bouwvlakken te toetsen. Binnen het bestemmingsplan zijn verschillende bouwhoogten opgenomen. Het betreft de bouwhoogten 14, 17 en 21 meter. Daarnaast zijn er hoogteaccenten van de 1e en 2e orde aanwezig binnen het plan. Hoogteaccent 1e orde heeft een hoogte van maximaal 50 meter en het hoogteaccent 2e orde 38 meter.

Figuur 3.1 Bouwvlakken (grijs accenten) binnen het bestemmingsplan met de hoogten en mogelijke positie bouwblokken (gekleurde blokjes)

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

In figuur 3.2 zijn de bouwvlakken van een letter voorzien om later in deze rapportage te kunnen benoemen bij welk bouwvlak welke geluidbelasting optreedt.

Figuur 3.2 Overzicht bouwvlak codering Binnen het bestemmingsplan geldt dat binnen elk bouwvlak een afwijkingsbevoegdheid is om het object met 7 meter te verhogen. Omdat nu nog niet vaststaat bij welke bouwvlak wel of geen gebruik wordt gemaakt van deze afwijkingsbevoegdheid is bij de beoordeling van de optredende geluidbelasting ervan uitgegaan dat aan de randen van het bestemmingplan (zijde Spoorlaan, Gebroken Meeldijk en zijde bedrijvigheid oostkant) geen hoogteafwijkingen zijn en in het achterliggende gebied wel. Daarmee is een worstcasescenario beschouwd omdat de randen van het bestemmingsplan het achterliggende gebied afschermen van de geluidbronnen. Mocht aan de randen hoger worden gebouwd, dan heeft dat een positief effect op het achterliggende gebied omdat de geluidafscherming dan kan toenemen. De bouwvlakken B, C en J zijn niet voorzien van geluidgevoelige bestemmingen, bouwvlak B betreft een commerciële plint met daarboven een niet geluidgevoelig gebouw en bouwblok C en J betreft het gebied waar een parkeerhub moet komen. In het akoestisch onderzoek is het uitgangspunt dat aan de zijde van het bedrijventerrein bouwvlak B de volledige hoogte (38m) heeft benut en dat de parkeerhub in bouwblok C aan de zijde van het bedrijventerrein volledig gesloten is om geluidinstraling van onder andere Frukar naar het achterliggende gebied te voorkomen.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

3.2

Rekenmethode

In het kader van onderhavig onderzoek zijn voor de lokale wegen, het spoor en de bedrijven geluidberekeningen uitgevoerd. Verkeerslawaai Het plangebied ligt binnen de van toepassing zijnde geluidzone van de Spoorlaan (gedeelte 50 km/u), Veren Ambachtsweg - Tuindersweg, Koopliedenweg, Gebroken Meeldijk (gedeelte 50 km/u) en Ziedewij. Binnen het bestemmingsplan zijn alle 30km/u-wegen volgens de Wet geluidhinder niet-gezoneerd. Deze zijn echter wel vanuit het perspectief toetsen aan goede ruimtelijke ordening opgenomen in het rekenmodel. De berekeningen ter bepaling van de geluidbelasting als gevolg van het weg- en railverkeer zijn bepaald op basis van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (volgens artikel 110d Wet geluidhinder). We hebben de geluidbelasting bepaald met behulp van Standaard Rekenmethode II overeenkomstig het rekenprogramma Geomilieu versie 2022.4. Van het onderzoeksgebied is een driedimensionaal rekenmodel gemaakt. De onderzoeksopzet en de invoergegevens zijn in de onderstaande alinea’s nader toegelicht. De berekeningen zijn uitgevoerd voor de bouwvlakken A en D tot en met I. Bedrijven De berekeningen ter bepaling van de geluidbelasting als gevolg van de bedrijven zijn uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de ‘Handleiding meten en rekenen Industrielawaai’ van het Ministerie van VROM van 1999, veelal aangeduid als de HMRI-1999.

Deze handleiding geeft richtlijnen en aanwijzingen voor het meten en berekenen van het geluid afkomstig van inrichtingen waarop de Wet milieubeheer of een gemeentelijke verordening van toepassing is.

3.3

Uitgangspunten

3.3.1

Omgevingskenmerken

De standaard bodemfactor in het model is akoestisch hard (Bf = 0,0). Onverharde oppervlakken (groene gebieden, ballastbed spoor) zijn als akoestisch zacht (Bf= 1,0) ingevoerd. De diverse (bestaande) gebouwen buiten het plangebied zijn in de berekening zowel afschermend als reflecterend meegenomen. 3.3.2

Beoordelingshoogte

Gerekend is met de bouwhoogte conform het bestemmingsplan. De toetspunten zijn in stappen van 3 meter vanaf 2 meter hoogte op de rand van het bouwvlak gelegd.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

3.3.3

Wegverkeersgegevens

Het Fruitpacking District wordt een autoluwe wijk, waar de voetganger vooropgaat. Auto’s worden afgevangen in parkeerhubs aan de randen van het plan (gebouw C en J in fase II), vanuit waar bewoners en bezoekers het groene gebied in kunnen lopen en fietsen. Het STOMP-principe (Stappen, Trappen, OV, MAAS, Privéauto’s) is hierin leidend. De verkeersgegevens zijn afkomstig uit het verkeersonderzoek ten behoeve van De Stationstuinen en uitgevoerd door Goudappel Coffeng. Binnen het onderzoek is gebruikgemaakt van de verkeersgegevens volgens: Fase 2 - Ontwikkeling 2040 conform bestemmingsplan fase 2. De nu gehanteerde gegevens zijn een vervolg op de eerder gehanteerde wegverkeersgegevens voor fase 1. Daarnaast zijn door een aantal verkeerskundige ingrepen (STOMP) op sommige wegvakken de verkeersgegevens afwijkend (meestal lagere intensiteiten) dan voor fase 1 is aangehouden. 3.3.4

Railverkeersgegevens

De gegevens betreffende de intensiteiten op de sporen zijn ontleend aan het geluidregister spoor (www.geluidregisterspoor.nl) welke voor het laatst gewijzigd is medio juli 2023. De schermen langs de spoorweg (informatie met betrekking tot dit scherm is afkomstig uit het geluidregister spoor) zijn in de berekening meegenomen. De projectlocatie ligt nabij de zogenoemde ‘Kap van Barendrecht’, een 1,5 km lange landspoortunnel. Conform het geluidregister en de rekenvoorschriften van Geomilieu zijn alle spoordelen met de aantekening ‘tunnel’ uit het model verwijderd. Dit zijn namelijk de spoordelen gelegen in de tunnel, deze hebben geen (significante) geluidbijdrage. Ook is conform de rekenvoorschriften aan het begin en einde van de tunnel een scherm gemodelleerd met de hoogte van de tunnel. Onder het spoor is een ‘zacht’ bodemabsorptievlak gelegen (Bf = 1,0). 3.3.5

Gegevens bedrijven

Door ANTEA heeft inventarisatie plaatsgevonden waarbij de milieuzones van omliggende bedrijven in kaart zijn gebracht. De uitkomsten van die inventarisatie zijn vastgelegd in een notitie met projectnummer 0479738.100 van 23 november 2023. De bedrijven waarvan de richtafstanden binnen de bouwvlakken vallen, zijn in ieder geval meegenomen in het onderhavige onderzoek.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

4

Invoergegevens bedrijven

Voor een aantal bedrijven is een nader akoestisch onderzoek uitgevoerd. In figuur 4.1 zijn deze bedrijven van een nummer voorzien waarbij de grenzen van het bestemmingsplan fase 2 in rood zijn weergegeven.

Figuur 4.1 Overzicht bedrijven die in het akoestisch onderzoek zijn betrokken Het betreft de volgende bedrijven: 4:

Kivits-Goes Handling, Handelscentrum ZHZ 41a

8:

ProRail, Dwarsligger onb. (nog te realiseren)

20:

Van Vugt Meubel en interieurbouw, Koopliedenweg 16

21:

Frukar B.V, Transportweg 17

22:

FruitLogiPack, Transportweg 15

24:

Agf-online B.V. Transportweg 8

25:

B & L, Fruit Logistics, Koopliedenweg 28

26:

Marni Fruit, Gebroken Meeldijk 52

27:

Verdi Import BV, Koopliedenweg 38

Van de hier genoemde bedrijven is een rekenmodel opgesteld.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Van ProRail [8] en Kivits-Goes Handling [4] die ook in fase 1 zijn beschouwd is het akoestisch rekenmodel uit fase 1 overgenomen. De overige genoemde bedrijven zijn benaderd voor medewerking aan het akoestisch onderzoek. Daarbij is getracht om inzicht te krijgen in de representatieve bedrijfssituatie en zijn voor zover dat mogelijk was geluidmetingen uitgevoerd aan de aanwezige installaties. Bij Fruitlogipack, Van Vugt interieurbouw, Agf-online en B&L Fruit Logistic zijn geluidmetingen uitgevoerd aan de technische installaties. Bij Frukar konden geen geluidmetingen worden uitgevoerd mede omdat de technische installaties zouden gaan wijzigen. Voor Frukar zijn derhalve aannames gedaan ten aanzien van de geluidvermogens van de technische installaties. Overigens kan opgemerkt worden dat de geluidemissie van de technische installaties bij Frukar als niet relevant kan worden beschouwd, gegeven het aantal opgegeven transportbewegingen en het aantal vrachtwagens dat met koelmotor rond de inrichting “overblijft”. Voor Marni is gebruikgemaakt van de uitgangspunten zoals deze zijn vastgelegd in het akoestisch onderzoek van Dorsserblesgraaf met kenmerk Hu.V0570.R03 van 16 december 2002. In eerste termijn is nagegaan of vanuit die gegevens voldaan kan worden aan de geluidvoorschriften zoals deze gelden voor de woningen aan de Gebroken Meeldijk. Dit is in bijlage 1 nader uitgewerkt.

Voor Verdi is naar aanleiding van de ingebrachte zienswijze het aantal vrachtwagens verhoogd van 50 per dag naar 110 per dag. In eerste termijn is nagegaan of vanuit die gegevens voldaan kan worden aan de geluidvoorschriften zoals deze gelden voor de woningen aan de Gebroken Meeldijk. Dit is in bijlage 1 nader uitgewerkt. De gehanteerde uitgangspunten van de bedrijven zijn in bijlage I opgenomen evenals de resultaten van de uitgevoerde geluidmetingen bij de bedrijven.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Bij de bepaling van de geluidimmissie is uitgegaan van de volgende geluidbronsterkten: Tabel 4.1 Gehanteerde bronsterkten geluidbronnen [dB(A)] Geluidbron

LW in dB(A)

Toelichting Manoeuvreren en langzaamrijdend:

Vrachtwagen man./langzaam rijdend

100

Vrachtwagen wegrijden

104

Optrekken en 15 km/u

Vrachtwagen aankomend/afremmend

102

Van wegsnelheid naar manoeuvre

Dieselkoeling vrachtwagen

95

Ervaringscijfers

Vrachtwagen laden en lossen

78

Ervaringscijfers

Heftruck diesel/elektr.

95 / 91

Ervaringscijfers

Tech. installaties daken

Divers

gemiddeld van 97 en 102 dB(A)

Deels geluidmetingen en deels ervaringscijfers

Gerekend is dat het laden/lossen per vrachtwagen 0,5 uur duurt. Bij B&L is er rekening mee gehouden dat bij aankomst van de vrachtwagens, de vrachtwagens gedurende 5 minuten met draaiende motor wachten voordat deze naar een dockshelter gaan. Voor de diesel aangedreven koeling van de vrachtwagen is een bedrijfsduur aangehouden van 35% in de avondperiode en 25% in de nachtperiode. De personenautobewegingen zijn vanwege de lagere aantallen en veel lagere bronsterkte niet meegenomen in de berekeningen omdat deze niet geluidemissie relevant zijn. Dit geldt eveneens voor een enkele terminaltrekker. Een terminaltrekker heeft weliswaar een hoger geluidvermogen dan 1 vrachtwagen en staat qua geluidvermogen gelijk met 5-8 vrachtwagens. Echter 5-8 vrachtwagens meer of minder is niet relevant bij aantallen van 250 of zelfs bij 50 vrachtwagens in de dagperiode. Tijdens de bezoeken aan de bedrijven op 3, 4 en 31 mei 2023 en aanvullend bezoek aan het terrein op 4 juni 2024 is tijdens deze bezoeken geen achteruitsignalering van vrachtwagens waargenomen. De vrachtwagens rijden op het terrein van de inrichting achteruit en maken gebruik van camera’s. Er is dus geen sprake van tonaal geluid. Laden en lossen vindt alleen tijdens de dagperiode plaats. In de dagperiode zijn de waarden voor maximale geluidniveaus niet van toepassing op laad- en losactiviteiten (artikel 2.17 Activiteitenbesluit).

Onder laden en lossen valt ook bijvoorbeeld het slaan van autoportieren of het starten van auto's.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Het betreft hier overigens bedrijven die in fruit handelen waarbij geen containerhandelingen of iets dergelijks plaatsvinden. In het kader van goede ruimtelijke ordening is een beoordeling van de maximale optredende geluidbelasting wel noodzakelijk. Daarom zijn ook de maximale geluidniveaus beschouwd. Voor een aantal bedrijven waarvan de planologische richtafstand binnen het plangebied is gelegen heeft een nadere beschouwing plaatsgevonden. Het betref de volgende bedrijven: -

Home Shop Center van Ahold Delhaize

-

Bunk Carrosseriebouw

-

Huidig parkeerterrein The Greenery

-

JABAAY

-

Tumoba

Home Shop Center van Ahold Delhaize In de huidige situatie is als gevolg van de situering van de in- en uitrit van het Home Shop Center van Ahold Delhaize (hierna HSC genoemd) de richtafstand eveneens binnen de bouwvlakken. In een getekende afsprakenbrief met WDP is opgenomen dat de huidige uitgang gesloten wordt zodra er met de komst van de nieuwe rotonde (oplevering begin december 2023) een adequate ontsluiting is aan de Boezemweg. Al het uitgaande vrachtverkeer van de HSC zal dan via deze rotonde het terrein verlaten. In het kader van de beoordeling van fase 2 van het bestemmingsplan is het uitgangspunt dat die situatie aanwezig is. De activiteiten binnen de grenzen van de inrichting van HCS zijn beoordeeld middels een akoestisch onderzoek behorend bij de melding in het kader van het Activiteitenbesluit. In de directe omgeving van de inrichting zijn bestaande woningen aanwezig die op een kortere afstand van de inrichting zijn gelegen dan de locatie van de nieuwe woningen. Het betreft de woningen aan de Stationsweg en de Gebroken Meeldijk. Ter plaatse van de genoemde woningen is de geluidbelasting lager dan de gestelde grenswaarden uit het Activiteitenbesluit en kan worden vastgesteld dat gegeven de grotere afstand van de nieuwe woningen tot de maatgevende geluidbronnen die conclusie ook kan worden getrokken voor de nieuwe woningen.

De nieuwe woningen vormen derhalve geen belemmering voor de activiteiten van HSC. Bunk Carrosseriebouw Planologisch is een bedrijfscategorie 4.2 toegestaan op deze locatie. In de huidige situatie is aanwezig Bunk Carrosseriebouw. Uit een locatiebezoek is geconstateerd dat er geen relevante geluidemissie vanuit de inrichting is waar te nemen. Binnen de inrichting vinden de werkzaamheden plaats en er zijn geen geluidrelevante installaties buiten opgesteld.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

In onderstaande afbeelding is de vestiging van Bunk weergegeven.

Figuur 4.2 Bunk Carrossoriebouw Parkeerterrein The Greenery In de huidige situatie betreft dit deel van The Greenery een parkeerterrein voor personenvoertuigen, maar kunnen ook andere activiteiten voor The Greenery komen. Planologisch mag daar een categorie 4.1 activiteit komen. Het oppervlak van het terrein is circa 4.400 m2 en de gemiddelde afstand tot de meest nabij te realiseren bebouwing van fase 2 is circa 176 m. In figuur 4.3 is de locatie van het parkeerterrein aangegeven en de afstand tot de bebouwing.

Figuur 4.3 Locatie parkeerterrein The Greenery Op basis van het kengetal van 55 dB(A)/m2 is het geluidvermogen van het terrein 91 dB(A) (Lwterrein = 55 + 10*lg 4400 = 91dB(A)).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

De geluidreductie als gevolg van de afstand van 176m is 54 dB(A) en dat leidt tot een beoordelingsniveau van 91-54 = 37 dB(A). Dat is ruim onder de 50 dB(A). De locatie van de nieuwe woningen vormt derhalve geen belemmering voor andere activiteiten op het huidige parkeerterrein. JABAAY Planologisch is een bedrijfscategorie tot 4.1 toegestaan op deze locatie. In de huidige situatie is JABAAY aanwezig. JABAAY is een toeleverancier voor de tuinbouw, de hovenier en de groothandel (AGF), maar ook voor particulieren. Uit een locatiebezoek is geconstateerd dat er geen relevante geluidemissie vanuit de inrichting is waar te nemen. Binnen de inrichting vinden de werkzaamheden plaats en er zijn geen geluidrelevante installaties buiten opgesteld. In figuur 4.4 is de vestiging van JABAAY weergegeven.

Figuur 4.4 JABAAY Tumoba Planologisch is een bedrijfscategorie tot 4.1 toegestaan op deze locatie. In de huidige situatie is Tumoba aanwezig. Tumoba is een bedrijf dat gespecialiseerd is in de ontwikkeling en productie van oogstmachines voor vollegrondsgroenten. Aan de voorzijde van het pand zitten kantoorruimten en daarachter bevinden zich de productieruimten. Uit een locatiebezoek is geconstateerd dat er geen relevante geluidemissie vanuit de inrichting is waar te nemen. Binnen de inrichting vinden de werkzaamheden plaats en er zijn geen geluidrelevante installaties buiten opgesteld.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

In onderstaande afbeelding is de vestiging van Tumoba weergegeven.

Figuur 4.5 Tumoba

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

5

Resultaten en toetsing

5.1

Algemeen

Met behulp van de rekenmodellen is op alle ontvangerspunten de geluidbelasting vanwege het wegverkeer, railverkeer en de nabijgelegen bedrijven berekend. De berekeningsresultaten per ontvangerspunten – hoogte zijn weergegeven in onderstaande figuren. Zoals vermeld in paragraaf 3.1, is het vanwege de onzekerheid over het gebruik van de afwijkingsbevoegdheid bij specifieke bouwvlakken, bij de beoordeling van de geluidbelasting uitgegaan van een situatie waarin aan de randen van het bestemmingsplan geen hoogteafwijkingen plaatsvinden, terwijl dit in het achterliggende gebied wel het geval is. Hiermee is een worstcasescenario in beschouwing genomen, omdat de randen van het bestemmingsplan het achterliggende gebied afschermen van de geluidbronnen.

5.2

Wegverkeer gezoneerde wegen

5.2.1

Spoorlaan

De Spoorlaan bestaat uit een busbaan en een 50km/u-deel. Tot de gezoneerde weg behoort alleen het 50km/u-deel van deze weg. Uit de resultaten, weergegeven in figuur 5.1a tot en met 5.1c blijkt dat de geluidbelasting als gevolg van de Spoorlaan na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder ten hoogste 38 dB bedraagt. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt niet overschreden. In figuur 5.1a tot en met 5.1c is het verloop van de geluidbelasting weergegeven voor de verschillende waarneemhoogten als gevolg van het wegverkeer op de Spoorlaan. Hierbij is ingezoomd op het noordelijke deel van het plangebied omdat deze direct aan de Spoorlaan gelegen is.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B

A

C

D

F

Figuur 5.1a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 als gevolg van het wegverkeer op de Spoorlaan (50km/u-deel) na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

B

A

C

F

D

Figuur 5.1b Geluidbelasting op laag 7 tot en met 12 als gevolg van het wegverkeer op de Spoorlaan (50km/u-deel) na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B

A

C

F

D

Figuur 5.1c Geluidbelasting op laag 13 en hoger als gevolg van het wegverkeer op de Spoorlaan (50km/u-deel) na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder 5.2.2

Gebroken Meeldijk

De Gebroken Meeldijk bestaat uit een busbaan en een 50km/u-deel. Tot de gezoneerde weg behoort alleen het 50km/u-deel van deze weg. Uit de resultaten, weergegeven in figuur 5.2a en 5.2b blijkt dat de geluidbelasting als gevolg van de Gebroken Meeldijk na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder ten hoogste 45 à 46 dB bedraagt. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt niet overschreden. In figuur 5.2a en 5.2b is het verloop van de geluidbelasting weergegeven voor de verschillende waarneemhoogten als gevolg van het wegverkeer op de Gebroken Meeldijk. Hierbij is ingezoomd op het zuidelijke deel van het plangebied omdat deze direct aan de Gebroken Meeldijk gelegen is.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

E

G

I

H

J

Figuur 5.2a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 als gevolg van het wegverkeer op de Gebroken Meeldijk (50km/u-deel) na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder E

G

I

H

J

Figuur 5.2b Geluidbelasting op laag 7 tot en met 12 als gevolg van het wegverkeer op de Gebroken Meeldijk (50 km/u-deel) na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

5.2.3

Koopliedenweg

De Koopliedenweg ligt direct ten oosten van het plangebied. Uit de resultaten, weergegeven in figuur 5.3a tot en met 5.3c blijkt dat ook de geluidbelasting als gevolg van de Koopliedenweg lager is dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De geluidbelasting bedraagt na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder ten hoogste 44 à 45 dB. In figuur 5.3a tot en met 5.3c is het verloop van de geluidbelasting weergegeven voor de verschillende waarneemhoogten als gevolg van het wegverkeer op de Koopliedenweg. Hierbij is ingezoomd op het middendeel van het plangebied omdat deze het dichtstbij de Koopliedenweg gelegen is.

D F

E

G I

Figuur 5.3a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 als gevolg van het wegverkeer op de Koopliedenweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

D F

E

G I

Figuur 5.3b Geluidbelasting op laag 7 tot en met 12 als gevolg van het wegverkeer op de Koopliedenweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

D F

E

G I

Figuur 5.3c Geluidbelasting op laag 13 tot en met 18 als gevolg van het wegverkeer op de Koopliedenweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

5.2.4

Ziedewij

De Ziedewij ligt direct ten zuiden van het plangebied en betreft een zijstraat van de Gebroken Meeldijk. Uit de resultaten, weergegeven in figuur 5.4a en 5.4b blijkt dat de geluidbelasting als gevolg van de Ziedewij lager is dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De geluidbelasting bedraagt na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder ten hoogste 46 dB. In figuur 5.4a en 5.4b is het verloop van de geluidbelasting weergegeven voor de verschillende waarneemhoogten als gevolg van het wegverkeer op de Ziedewij. Hierbij is ingezoomd op het zuidelijke deel van het plangebied. G

I

H

J

Figuur 5.4a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 als gevolg van het wegverkeer op de Ziedewij na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

I

H J

Figuur 5.4b Geluidbelasting op laag 7 tot en met 12 als gevolg van het wegverkeer op de Ziedewij na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder 5.2.5

Veren Ambachtsweg - Tuindersweg

De Veren Ambachtsweg - Tuindersweg betreft de rondweg in Barendrecht die ten oosten van het plangebied is gelegen. Uit de resultaten blijkt dat op de noordoostgevels op de hogere lagen sprake is van een zeer beperkte overschrijding van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Het gaat om een geluidbelasting na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder van ten hoogste 49 dB. In figuur 5.5a tot en met 5.5c is het verloop van de geluidbelasting opgenomen. Er is ingezoomd op het middendeel van het plangebied waar de beperkte overschrijding plaatsvindt. Omdat sprake is van een zeer geringe overschrijding van de voorkeursgrenswaarde op een beperkt aantal posities met name bij de hogere bouwlagen zal het treffen van maatregelen vanuit financiële overwegingen overwegende bezwaren oproepen. Geluidschermen zullen in deze situatie vanuit stedenbouwkundige en verkeerskundige overwegingen ook overwegende bezwaren oproepen. Voor de geringe overschrijding is een hogere waarde procedure gevolgd en op 18 december 2023 is de hogere waarde verleend.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

C

D F

E G

Figuur 5.5a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 als gevolg van het wegverkeer op de Veren Ambachtsweg Tuindersweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder C

D F

E

Figuur 5.5b

G

Geluidbelasting op laag 7 tot en met 12 als gevolg van het wegverkeer op de Veren Ambachtsweg Tuindersweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

C

D F

E

Figuur 5.5c

G

Geluidbelasting op laag 13 tot en met 18 als gevolg van het wegverkeer op de Veren Ambachtsweg Tuindersweg na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

5.3

Wegverkeer 30 km/u en busbanen

De gecumuleerde geluidbelasting vanwege de omliggende 30km/u-wegen en busbanen is opgenomen in figuur 5.6a tot en met 5.6c. Het betreft de geluidbelasting op de onderste lagen (laag 1 tot en met 6) in het noordelijk, midden en zuidelijk deel van het plangebied. Op de hogere lagen is de geluidbelasting vanwege de 30km/u-wegen gelijk aan of lager dan in de figuren is gepresenteerd. Uit de resultaten als opgenomen in de figuur 5.6a tot en met 5.6c blijkt dat de geluidbelasting varieert tot een hoogste waarde van 47 dB na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder zoals die geldt voor gezoneerde wegen. Voor 30km/u-wegen geldt geen formeel toetsingskader ingevolge de Wet geluidhinder. Daarmee is het vaststellen van hogere waarden niet van toepassing op 30km/u-wegen. Hoewel de Wet geluidhinder niet van toepassing is op dergelijke wegen, moet in het kader van een goede ruimtelijke ordening worden onderzocht of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hoewel de grenswaarden uit de Wet geluidhinder niet formeel gelden, hebben we de kaders uit deze Wet wel gehanteerd als maat om de resultaten te kunnen duiden. De geluidbelasting als gevolg van de niet-gezoneerde wegen is ten hoogste 47 dB na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder op bouwvlak H en 45 dB op bouwvlak A, D en E.

Gegeven de lage geluidbelasting en het autoluwe karakter van het gebied kan worden gesteld dat er zeker sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De gemeente moet beoordelen of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B

C

A

F

D

Figuur 5.6a Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 noordelijk plandeel als gevolg van het wegverkeer op 30km/u-wegen na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

D F

E G I

Figuur 5.6b Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 midden plandeel als gevolg van het wegverkeer op 30km/u-wegen na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

E G

I

H

J

Figuur 5.6c Geluidbelasting op laag 1 tot en met 6 zuidelijk plandeel als gevolg van het wegverkeer op 30km/u- wegen na aftrek van 5 dB volgens artikel 110g uit de Wet geluidhinder

5.4

Railverkeerslawaai

Uit de berekeningsresultaten blijkt dat de geluidbelasting vanwege het railverkeer varieert tot een hoogste waarde van 47 dB. Dit is ruimschoots lager dan de voorkeursgrenswaarde van 55 dB die geldt voor het railverkeer. In figuur 5.7a en 5.7b is het verloop van de geluidbelasting weergegeven voor de verschillende waarneemhoogten als gevolg van railverkeer. Hierbij is ingezoomd op het noordelijk en zuidelijk deel van het plangebied.

Laag 7 - 12

Laag 13 - 18

Laag 1 - 6

B

C

A

D F E G

Figuur 5.7a Geluidbelasting op alle lagen (van hoog naar laag) noordelijk plandeel als gevolg van het railverkeer R007_01_L230023 | 25 maart 2025

D F

E G I

H J

Laag 13 - 18

Laag 7 - 12

Laag 1 - 6

Figuur 5.7b Geluidbelasting op alle lagen (van hoog naar laag) zuidelijk plandeel als gevolg van het railverkeer

5.5

Bedrijvenlawaai langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT)

In de hierna gegeven figuren is de berekende geluidbelasting als gevolg van de verschillende bedrijven weergegeven. Deze geluidbelasting (langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (L Ar,LT)) wordt getoetst aan de richtwaarden uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ stap 2 voor gemengd gebied. Deze grenswaarden en richtwaarden zijn 50, 45 en 40 dB(A) voor respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode. Per bedrijf is aangegeven wat de hoogste geluidbelasting is als gevolg van dat bedrijf op ieder bouwvlak. Het daarbij gehanteerde rekenmodel is in figuur 5.8 weergegeven.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B A

C

F

FASE I

A

F

D

S G

E

E II

I

J

H

Figuur 5.8 Overzicht rekenmodel bedrijvenlawaai (de rode sterren representeren geluidbronnen bij de bedrijven)

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Frukar B.V In figuur 5.9a tot en met 5.9c is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Frukar gegeven.

B

A

C

D

F Figuur 5.9a

Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten

C

D F

E Figuur 5.9b Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

D

F

E

G I

Figuur 5.9c Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau varieert van <50 dB(A) tot 67 dB(A) bij bouwvlak D en tot 62 dB(A) bij bouwvlak E. Uit een nadere analyse van de rekenresultaten blijkt dat de koelwagens die in de nachtperiode in de omgeving van de inrichting zijn gestald maatgevend zijn.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

FruitLogiPack In figuur 5.10 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij FruitLogiPack gegeven.

A

C

D

F

E Figuur 5.10 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is <50 dB(A).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Van Vugt Meubel en interieurbouw In figuur 5.11 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Van Vugt Meubel en interieurbouw gegeven.

A C

D F

E Figuur 5.11 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is <50 dB(A).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Agf-online B.V. In figuur 5.12 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Agf-online gegeven.

A

C

D F

E Figuur 5.12 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau varieert van <50 dB(A) tot 74 dB(A) bij bouwvlak D. Uit een nadere analyse van de rekenresultaten blijkt dat de koelwagens die in de nachtperiode in de omgeving van de inrichting zijn gestald maatgevend zijn.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B&L, Fruit Logistics In figuur 5.13 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij B&L, Fruit Logistics gegeven.

D

F

E

G Figuur 5.13 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau varieert van <50 dB(A) tot 55 dB(A) bij bouwvlak E. Uit een nadere analyse van de rekenresultaten blijkt dat de technische dakinstallaties die in de nachtperiode in werking zijn maatgevend zijn.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Marni Fruit In figuur 5.14 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Marni Fruit gegeven.

G

I

H

J

Figuur 5.14 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is maximaal 50 dB(A).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Verdi Import BV In figuur 5.15 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Verdi Import BV gegeven.

G

E

H

Figuur 5.15 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is ten hoogte 49 dB(A).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

ProRail In figuur 5.16 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij ProRail gegeven.

Figuur 5.16 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten vanwege ProRail Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is <50 dB(A).

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Kivits-Goes Handling In figuur 5.17 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Kivits-Goes Handling gegeven.

B

A C

Figuur 5.17 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) op verschillende waarneemhoogten vanwege Kivits-Goes. Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is bij bouwvlak A hoger dan 50 dB(A), tot maximaal 52 dB(A). Uit een nadere analyse van de rekenresultaten blijkt dat de technische installaties op het dak de maatgevende bronnen zijn.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

5.5.1

Maatregelen

Uit de toetsing blijkt dat voor bedrijf Frukar B.V, Agf-online B.V., B&L Logistics, en Kivits-Goes niet kan worden voldaan aan het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT). Bij de bouwvlakken A, D. E en F wordt het beoordelingsniveau van 50 dB(A) per individuele inrichting overschreden. Derhalve zijn maatregelen onderzocht om aan deze grenswaarden te kunnen voldoen. De overschrijding bij bouwvlak A als gevolg van Kivits Goes is zeer beperkt (tot 2 dB(A)) en is het gevolg van het gebruik van technische installaties op het dak. Maatregelen aan deze installaties zijn relatief eenvoudig te treffen (geluidschermen en aanpassen bedrijfstijden). Bij nader uitwerking van de plannen kan hier nader op worden ingegaan en kan worden bepaald welke maatregelen het meest effectief zijn. De overschrijding bij bouwvlak E als gevolg B&L Logistics is beperkt (tot 5 dB(A)) en is het gevolg van het gebruik van technische installaties op het dak. Maatregelen die voor Frukar en AGF-online zullen moeten worden getroffen (zie hierna) leiden tot een veel lagere geluidbelasting voor B&L Logistics waarmee ook de overschrijding wordt weggegnomen. Bij Frukar B.V. en Agf-online zijn de koelwagens die in de avond- en nachtperiode bij de inrichtingen gestald zijn maatgevend voor de geluidbelasting van deze inrichtingen.

Een maatregel die getroffen kan worden is het realiseren van walstroom waarop de koelwagens kunnen worden aangesloten. Om het effect van een dergelijke maatregel inzichtelijk te maken zijn berekening uitgevoerd waarbij rekening is gehouden met de koelwagens op walstroom. In figuur 5.18 is de geluidbelasting weergegeven indien bij Frukar B.V. de koelwagens op walstroom zijn aangesloten en in figuur 5.19 indien koelwagens bij Agf-online op walstroom zijn aangesloten.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Frukar

Figuur 5.18 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) op verschillende waarneemhoogten in dB(A) als gevolg van de activiteiten bij Frukar B.V. (koelwagens zijn op walstroom aangesloten) Agf-Online

Figuur 5.19 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) op verschillende waarneemhoogten als gevolg van activiteiten bij Agf-Online (koelwagens zijn op walstroom aangesloten)

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

In tabel 5.1 is een voor een drietal representatief toetspunten een overzicht gegeven van de deelbijdrage van “geclusterde” geluidbronnen. Dit is uitgesplitst voor de situatie zonder walstroom en met walstroom aansluiting in de te onderscheiden dagperiode (07.00 uur – 19.00 uur), de avondperiode (19.00uur – 23.00 uur) en de nachtperiode (23.00 uur – 07.00 uur). Doel van deze deelbijdrages is inzicht te geven in de maatgevende geluidbronnen. In de tabel is ook het toelaatbare geluidniveau aangegeven (norm) die niet overschreden mag worden. De ligging van de beschouwde waarneempunten is in figuur 5.20 aangegeven.

Figuur 5.20 Ligging van de beschouwde waarneempunten 016, 017 en 028

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Tabel 5.1 Deelbijdrage “geclusterde” bronnen

Uit de deelbijdrages blijkt dat de vrachtwagenbewegingen in de dagperiode veruit maatgevend zijn en in de avond- en nachtperiode zijn de koelunits van de vrachtwagens maatgevend ook indien uitgegaan wordt van walstroomaansluiting. Samenvatting walstroomaansluiting Het treffen van deze bronmaatregel draagt bij aan een lagere geluidbelasting echter er zullen aanvullende maatregelen getroffen moeten worden omdat de geluidnormen nog steeds ruimschoots worden overschreden (rood versus zwarte waarden). Omdat de vrachtwagenbewegingen en de koeling aan de vrachtwagens veruit bepalend zijn voor de geluidbelasting zijn andere bronmaatregelen niet toereikend om een verdere reductie van de geluidbelasting te realiseren. De maatregel die dan nog overblijft is een overdrachtsmaatregel in de vorm van geluidafscherming. De maatregel die getroffen kan worden is de oostkant van de bouwvlakken D en E, waar geluidgevoelige bebouwing kan komen, te voorzien van een vliesgevel en/of een dove gevel. Deze vliesgevel die ten minste net zo hoog is als de bebouwing aan de oostzijde dient langs de gehele oostzijde ononderbroken te zijn (dus ook tussen de bouwvlakken en bouwblokken moeten geluidschermen worden opgericht).

Op plaatsen waar vanuit het stedenbouwkundige concept een onderdoorgang is gewenst moet aan de overzijde van die onderdoorgang een geluidscherm worden opgericht die voldoende lengte en hoogte moet hebben. De openingen tussen de bouwvlakken moeten eveneens worden voorzien van gebouwhoge geluidschermen zodat een geheel gesloten wand aan deze zijde ontstaat.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Bij verdere planuitwerking moeten de exacte afmetingen van de vliesgevel en deze geluidschermen worden bepaald (afmetingen van de geluidschermen worden mede bepaald door het feit of er wel of geen walstroomaansluiting gaat komen in het gebied). Een voorbeeld van een vliesgevel is in figuur 5.21 gegeven. Een voorbeeld van een onderdoorgang is in figuur 5.22 gegeven.

Figuur 5.21 Voorbeeld vliesgevel langs een bouwvlak/blok over de volledige hoogte

Figuur 5.22 Voorbeeld onderdoorgang bij een gebouw, hoog geluidscherm

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

5.6

Berekening na toepassen vliesgevel oostzijde plan

In figuur 5.23 is een 3D afbeelding van het rekenmodel weergegeven waarbij een nadere stedenbouwkundige invulling is gegeven bij de bouwvlakken om meer gedetailleerd de invloed van de geluidafscherming van de oostelijke rand te bepalen op verschillende geveloriëntaties van bouwblokken binnen de bouwvlakken. De locatie van de vliesgevel is weergeven door middel van een grijs vlak langs de bouwvlakken.

Vliesgevel

Figuur 5.23 Locatie vliesgevel langs een bouwvlak/blok over de volledige hoogte en lengte van de bouwblokken Aan de oostzijde van het plan (bouwvlakken C, D en E) is de hoogte waar in het akoestisch rekenmodel rekening mee is gehouden 21 m. De bouwvlakken D en E kunnen worden opgetopt met 2 lagen, mocht van die optopping gebruik worden gemaakt dan dient ook die gevel aan de oostzijde te worden voorzien van een dove gevel en of vliesgevel. Bouwvlak B kent een hoogteaccent van 38m, bij de berekeningen is rekening gehouden dat een deel van bouwvlak B met een hoogteaccent wordt gerealiseerd (zie ook figuur 5.23). Verder is ten behoeve van de geluidimmissie vanwege Frukar een afscherming tussen bouwvlakken B en C nodig, die tenminste net zo hoog is als gebouw C (dakvlak 21m) zie figuur 5.24.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Bouwvlak B-C gesloten

Figuur 5.24 Locatie geluidafscherming tussen bouwvlak B en C over de hoogte van gebouw C (21m) In de hiernavolgende figuren zijn de resultaten van berekeningen weergeven na toepassing van de vliesgevel en schermen voor die bedrijven waar eerder een overschrijding ontstond (er is nog geen rekening gehouden met het realiseren van walstroom aansluitingen). Het toepassen van walstroom heeft een positief effect op het verlagen van de geluidbelasting. Opgemerkt wordt dat de hoogte van de bebouwing aan de zijde van het bedrijventerrein van invloed is op het achterliggende gebied. Nu is rekening gehouden met een hoogte van 21m langs de rand van het bedrijventerrein. Indien een hogere bebouwing langs de rand wordt gerealiseerd heeft dat een positief effect op het achterliggende gebied. Indien aan de oostzijde een lagere bebouwing wordt toegepast is het uitganspunt dat de tweede lijn bebouwing (met uitzondering van de 2 hoogteaccenten) ook lager wordt uitgevoerd.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Frukar B.V. In figuur 5.26a en 5.26b is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten Frukar gegeven na toepassing van een vliesgevel en geluidschermen tussen de bouwvlakken.

B

C

A

Figuur 5.26a Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten, bouwvlak A Binnen bouwvlak A is het hoogste optredende geluidniveau 50 dB(A) of lager.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

F

D

E Figuur 5.26b Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten voor de bouwvlakken D, E en F Bij het hoogte-accent van bouwblok F ontstaan op de wat hoger gelegen verdieping (vanaf 25m) een overschrijding van de grenswaarde van 50 dB(A). Uit deze rekenexercitie blijkt dat de opening in B tussen het hoogte-accent en de parkeer hub invloed heeft op het achterliggende gebied, evenals de hoogte van de parkeer hub. Door deze opening te verkleinen of te voorzien van geluidafscherming kan in combinatie met extra geluidafscherming op de parkeer hub kan er voor worden gezorgd dat de geluidbelasting bij het hoogteaccent wordt verlaagd. Bij de kopgevel van blok D (noordzijde) die aan de poort grenst is de geluidbelasting op de bovenste verdieping > 50 dB(A). Daar waar de geluidbelasting > 50 dB(A) is de toepassing van een vlies en of dove gevel of een combinatie van beide noodzakelijk.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Agf-online B.V. In figuur 5.27 is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij Agf-online gegeven na toepassing van een vliesgevel en geluidschermen tussen de bouwvlakken.

F D

E Figuur 5.27 Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau bedraagt behoudens de kopgevel van de bouwblok D (noordzijde) ten hoogste 50 dB(A). De kopgevel van bouwblok D die aan de poort grenst zal op de onderste bouwlaag als een dove gevel uitgevoerd moeten worden. In een nadere studie kan worden nagegaan in hoeverre de geluidinstraling via de poort kan worden verminderd en daardoor de dove gevel kan komen te vervallen.

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

B&L, Fruit Logistics In figuur 5.28a en 5.28b is het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) als gevolg van de activiteiten bij B&L, Fruit Logistics gegeven na toepassing van een vliesgevel en geluidschermen tussen de bouwvlakken.

E

Figuur 5.28a Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten

Figuur 5.28b Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A) op verschillende waarneemhoogten

R007_01_L230023 | 25 maart 2025

Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau is =< 50 dB(A) er zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk. Samenvatting toepassing vliesgevel c.q. dove gevel Uit het onderzoek is gebleken dat de bouwvlakken D en E die grenzen aan het bedrijventerrein moeten worden voorzien van een vliesgevel of een dove gevel. Deze vliesgevel die ten minste net zo hoog is als de achterliggende bebouwing aan de oostzijde moet langs de gehele oostzijde ononderbroken zijn (dus ook tussen de bouwvlakken en bouwblokken dienen geluidschermen te worden opgericht). Bij de tweedelijns bebouwing geldt dat bij het hoogteaccent van F eveneens een dove gevel en of vliesgevels noodzakelijk is (oostgevel boven de 25m). De invulling van de randbebouwing aan de grens van het bedrijventerrein bepaald in hoeverre het hoogteaccent bij F geluidbelast wordt. Indien aan de oostzijde een lagere bebouwing (hoogte van 21m) wordt toegepast is het uitganspunt dat de tweede lijn bebouwing (met uitzondering van de 2 hoogteaccenten) ook lager wordt uitgevoerd. Bij het aanhouden van de hogere bouwhoogte op de tweede lijn bebouwing moet als de geluidbelasting > 50 dB(A) is de desbetreffende gevel uitgevoerd worden met een dove gevel en of vliesgevel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16972474/2