CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

387752 Ontwerp Programmabegroting 2023 RUD Utrecht bijlage 3 Jaarstukken 2021 RUD Utrecht

Besluit in de Raad 25 mei 2022, gemeente BaarnBij agendapunt: Begroting 2023 (zienswijze) en Jaarstukken 2021 (ter kennisname) RUD Utrecht17.959 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Wat heeft het gekost? Voor Bedrijfsvoering is middels de tweede Bestuursrapportage een budget vastgesteld van € 3.973.000. De onderstaande tabel geeft de uitputting van het beschikbare budget weer. Voor een nadere analyse wordt verwezen naar de toelichting op het overzicht van baten en lasten 2021. Bedrijfsvoering

Begroting 2021 voor wijzigingen

Begroting 2021 na wijzigingen

Realisatie 2021

Lasten

3.508.000

3.948.000

3.728.000

Baten

3.508.000

3.973.000

3.969.000

-

25.000

241.000

Saldo

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 20 van 48

1.1.6 Overig

In dit begrotingsonderdeel zijn de indirecte kosten opgenomen, die niet direct onder één van de primaire programma’s dan wel de bedrijfsvoering (Overhead) verantwoord konden worden. Dit betrof Onvoorzien en de Stelpost loon- en prijscompensatie.

Onvoorzien

Deze post is in 2021 volledig (€ 225.000) ingezet. Middels de eerste Bestuursrapportages zijn deze middelen aangewend om een deel van de productie die als gevolg van de coronacrisis in 2021 niet behaald is (met als gevolg minder inkomsten) op te vangen. In de begrotingswijziging bijbehorende bij de eerste Bestuursrapportage is te zien dat de middelen uit de kosten worden gehaald en dat ze ter dekking van de verlaagde variabele bijdrage worden ingezet.

Stelpost loon- en prijscompensatie

Deze stelpost (€ 100.000) is verdeeld over de diverse kostensoorten ter dekking van prijsstijging waar geen rekening mee was gehouden in de begroting. De grootste prijsstijgingen hebben betrekking op GIS-licenties, archiefkosten en kosten voor lidmaatschappen. Met de loonstijging was rekening gehouden bij het opstellen van de begroting. Wat heeft het gekost? Voor de stelposten is middels de tweede Bestuursrapportage een budget vastgesteld van nihil. De onderstaande tabel geeft de uitputting van het beschikbare budget weer. Voor een nadere analyse wordt verwezen naar de toelichting op het overzicht van baten en lasten 2021. Onvoorzien Onvoorzien Totaal

Raming 2021 na wijzigingen Lasten € € -

Realisatie 2021 € €

Lasten

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Verschil -

€ €

Verschil

-

T.g.v. algemene reserve Storting € € -

Pagina 21 van 48

1.2 Paragrafen Door het BBV wordt een zevental paragrafen voorgeschreven die moeten worden opgenomen in de jaarstukken, tenzij het betreffende onderdeel niet van toepassing is. Bij de RUD Utrecht zijn de volgende onderdelen niet van toepassing: Lokale heffingen; Verbonden partijen; en Grondbeleid. De overige onderdelen zullen in dit hoofdstuk nader worden toegelicht.

1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen is een maatstaf voor de mate waarin de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht in staat is om de gevolgen van risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Om adequaat en effectief te kunnen reageren op de financiële gevolgen van risico’s die zich voordoen zal de RUD Utrecht moeten beschikken over een financiële buffer. Hierdoor is de RUD Utrecht in staat om zelf risico’s financieel op te vangen. Er hoeft dan geen afzonderlijk beroep gedaan te worden op de deelnemers. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s die de RUD Utrecht loopt en waarvoor geen voorzieningen zijn gevormd. In artikel 31 van de Gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht is bepaald dat het weerstandsvermogen maximaal 5 procent van de opbrengsten bedraagt. Jaarlijkse exploitatieoverschotten worden toegevoegd aan het weerstandsvermogen. Een exploitatietekort wordt opgevangen binnen het weerstandsvermogen, tenzij het weerstandsvermogen hiervoor onvoldoende is. In dat geval dragen de deelnemers bij naar rato van hun voorlopige bijdrage in de vastgestelde begroting. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen waarover het RUD Utrecht beschikt om de onvoorziene kosten te dekken.

Voor de RUD Utrecht is de algemene reserve aan te merken als beschikbare weerstandscapaciteit en dient als buffer tegen onvoorzienbare risico’s. De omvang van deze reserve is bij de start van 2021 € 709.000. In de Programmabegroting 2021 bedroeg de post Onvoorzien € 225.000. Deze post is in 2021 overgeheveld naar de programma’s ter dekking van de verlaagde variabele bijdrage, vanwege de verminderde productiemogelijkheden als gevolg van de coronacrisis. Voor een verdere toelichting op de post Onvoorzien wordt u verwezen naar het overzicht van baten en lasten, paragraaf 2.3.4 van de jaarrekening. Algemene reserve Op grond van voorgaande kan gesteld worden dat het weerstandsvermogen van de RUD Utrecht slechts gevormd wordt door de algemene reserve. De kenmerken van een algemene reserve zijn: • Algemene reserve is eigen vermogen; • Bedragen zijn vrij besteedbaar; • Het Algemeen Bestuur besluit over de vorming en besteding van de algemene reserve; • Toevoegingen en onttrekkingen verlopen via de exploitatie; • Als de algemene reserve de norm van 5 procent heeft bereikt worden exploitatie overschotten aan de deelnemers terugbetaald. In de primaire Programmabegroting 2021 was uitgegaan van een exploitatieteoverschot van € 6.000 ten gunste van de algemene reserve. Het werkelijke resultaat 2021 bedraagt € 837.000.

De verwerking van dit resultaat zal conform het vaststellingsbesluit van het AB plaatsvinden. Hierin is voorgesteld € 60.000 van het resultaat toe te voegen aan de algemene reserve. Risicomanagement Risicomanagement is het effectief omgaan met de kansen en bedreigingen die de realisatie van de organisatiedoelstellingen kunnen beïnvloeden. Hiervoor is het van belang dat er een continu proces wordt ingericht van identificeren, prioriteren en beheersen. Hierdoor kunnen goed onderbouwde keuzes gemaakt worden met betrekking tot: • Welke risico’s kunnen gedragen worden? • Welke beheersmaatregelen kunnen getroffen worden? • Welke middelen moeten, ter afdekking van risico’s, gereserveerd worden? Door de koppeling van het risicomanagement aan de planning & control-cyclus van de RUD Utrecht zal drie keer per jaar over risico’s worden gerapporteerd. Dat is bij de programmabegroting, de bestuurlijke voortgangsrapportage (alleen significante afwijkingen) en de jaarrekening. Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 22 van 48

Algemene risico’s Het risicoprofiel van de RUD Utrecht bestaat uit bedrijfsspecifieke risico’s en meer algemene risico’s. Bij deze laatste risico’s kan onder meer gedacht worden aan macro-economische ontwikkelingen en loon- en prijsontwikkelingen. Ook zijn er natuurlijk onzekerheden over (toekomstig) rijksbeleid en ontwikkelingen in weten regelgeving. Al deze ontwikkelingen kunnen risico’s en onzekerheden met zich meebrengen, deze zijn echter nagenoeg niet beïnvloedbaar noch kwantificeerbaar. Deze risico’s worden in principe niet opgenomen in de risicoanalyse zolang ze niet leiden tot meer specifieke en kwantificeerbare risico’s voor de RUD Utrecht. Specifieke risico’s De specifieke risico’s zijn de risico’s die op de RUD Utrecht van toepassing zijn. Net als vorig jaar zijn middels sessies met MT en medewerkers de risico’s in kaart gebracht en is een inschatting gemaakt van de kans dat de gebeurtenis daadwerkelijk plaatsvindt en de (financiële) impact daarvan. Dit heeft geresulteerd in onderstaande risicoanalyse: I/S

Kans %

Impact x € 1000

Restrisico x € 1.000

De productie (producten) zoals afgesproken in de DVO’s wordt niet gerealiseerd (kwantitatief of 1. Outputfinanciering: kwalitatief) waardoor de inkomsten lager zijn dan productie, achterblijvende begroot. 1% minder productie is bijna € 100.000 vraag minder inkomsten. Een deel van de productie is vraag gestuurd. De kosten om deze productie te realiseren is echter wel vast en betreft voornamelijk loonkosten.

S

25%

€ 400

€ 100

2. Outputfinanciering: onvoldoende productiviteit

Binnen de RUD is ervan uitgegaan dat medewerkers 1.360 declarabele uren per jaar maken in de primaire teams. Iedere 1% minder declarabiliteit RUD-breed levert € 90.000 minder inkomsten op.

S

50%

€ 400

€ 200

3. Outputfinanciering: kengetallen

De kentallen in de PDC komen niet overeen met de werkelijke uren voor een product waardoor er meer of minder kosten gemaakt worden.

I

15%

€ 300

€ 45

4. Ziekteverzuim

Bij de begroting is ervan uitgegaan dat de productieve medewerkers 1.360 declarabele uren per jaar realiseren. Die aanname is o.m. gebaseerd op een maximaal verzuim van 5%. Elk procent boven deze norm kost rond de € 90.000.

S

25%

€ 190

€ 48

5. Wet- en regelgeving: Algemeen

Als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving zoals de Omgevingswet zullen werkprocessen, systemen en producten aangepast moeten worden en medewerkers bijgeschoold.

S

40%

€ 300

€ 120

6. Wet- en regelgeving: Invoering Omgevingswet transitie bodemtaken

Als gevolg van de invoering van de Omgevingswet zal het bevoegd gezag van de bodemtaken verschuiven van de Provincie naar de verschillende gemeentes. Als deze verschuiving betekent dat er minder bodemtaken bij de RUD Utrecht worden belegd zullen er frictiekosten gaan ontstaan, aangezien de RUD Utrecht in dat geval gedwongen afscheid zal moeten nemen van vast personeel (ongeveer 4 fte).

I

10%

€ 1.200

€120

Risico

Totaal restrisico:

Omschrijving

€ 633

Tegenover de bestaande risico’s staat het vrij beschikbare vermogen (algemene reserve + jaarresultaat), waarvan het saldo per 31-12-2021 € 1.546.000 bedraagt, als financiële buffer (weerstandscapaciteit). De hierbij behorende ratio is: 2,4 (minimaal 1,0 is gewenst). De weerstandscapaciteit ligt hiermee boven het gewenste niveau. Daarnaast is er ook nog de post Onvoorzien in de begroting voor het volgende jaar, aangezien deze vrij besteedbaar is en normaliter als eerste ingezet zal worden wanneer één van bovenstaande risico's zich voordoet is de uiteindelijke weerstandscapaciteit nog groter.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 23 van 48

Kengetallen financiële positie Gezien het stijgende belang van toekomstbestendigheid van lokale overheden moet in de paragraaf ‘weerstandsvermogen en risicobeheersing’ een basis set van vijf financiële kengetallen worden opgenomen. Het opnemen van kengetallen past in het streven naar meer transparantie en inzicht in de financiële positie. Voor de RUD Utrecht zijn de volgende drie kengetallen van toepassing: a. Netto schuldquote: geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen; b. Solvabiliteitsratio: geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen (eigen vermogen als percentage van het totale financiële positietotaal); c. Structurele exploitatieruimte: is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te kunnen dragen. Verloop van de kengetallen % Kengetallen A Netto schuldquote B Solvabiliteitsratio C Structurele exploitatieruimte

a. b.

c.

Jaarrekening 2021 -12,42 29,49 5,69

Begroting 2021 -3,56 34,28 0,04

Norm VNG %

Jaarrekening 2020 -9,55 39,21 2,12

Voldoende <100 >50 >0,6

Matig >100 / <130 <50 / >30 < 0,6 / > 0

Onvoldoende > 130 < 30 0

De netto schuldquote is erg goed. Reden hiervoor is dat de RUD Utrecht nog geen leningen heeft hoeven afsluiten voor het financieren van investeringen. Wel is er een verandering te zien in de netto schuldquote omdat er minder geïnvesteerd is. De solvabiliteit toont aan dat de RUD Utrecht matig in staat is om aan haar verplichtingen te voldoen. In artikel 31 van de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht is echter bepaald dat de algemene reserve maximaal 5 procent van de jaaromzet mag bedragen. Als gevolg hiervan is deze ratio slechts in beperkte mate beïnvloedbaar. Wel stellen we bij deze jaarrekening voor om de algemene reserve verder op te hogen naar het maximale bedrag. De structurele exploitatieruimte van de RUD Utrecht is ruim voldoende. De RUD Utrecht kan met de structurele baten haar structurele lasten dekken. De RUD Utrecht streeft hiernaar, zonder hierbij een (positief of negatief) exploitatiesaldo te realiseren.

1.2.2 Financiering Inleiding De treasuryfunctie van de RUD Utrecht is gebaseerd op de Wet Fido met als doel onder gunstige voorwaarden en met beperkte risico’s over voldoende financiële middelen te beschikken. Een belangrijk element daarbij is het verkrijgen van meer zicht op de ontwikkeling van de financieringspositie, zowel op korte als lange termijn. Dit betreft dan met name het in beeld brengen van de behoefte aan financieringsmiddelen, gerelateerd aan de investeringsplanning en de inzet van vrijvallende dan wel beschikbaar komende financieringsmiddelen. Financiering korte termijn In de bijdrageverordening is het volgende vastgelegd: a. De deelnemers betalen uiterlijk 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober een voorschot in de lasten van het lopende begrotingsjaar van 25 procent van de totale bijdrage (vaste bijdrage + begrote variabele bijdrage); en b. Naar aanleiding van de liquiditeitspositie in de afzonderlijke kwartalen kan het Dagelijks Bestuur bepalen dat van het bedrag, bedoeld in het eerste lid, een afwijkend voorschot wordt betaald. Hierdoor is verzekerd dat de RUD Utrecht voor de korte termijn voldoende financiële middelen heeft. Doen zich hierbij tijdelijk overschotten voor, dan heeft de RUD Utrecht te maken met schatkistbankieren.

De overschotten mogen alleen in rekening-courant en via deposito’s bij de schatkist (het Rijk) worden belegd (of uitgeleend aan andere decentrale overheden). De RUD Utrecht mag de eerste € 1.000.000 buiten de schatkist houden. Voor 1 juli 2021 was dit € 250.000, waar de bankrekening nog steeds op afgesteld staat. In 2018 heeft de RUD Utrecht een vernieuwde financieringsovereenkomst (krediet- en depotarrangement) afgesloten met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). De ingangsdatum van de vernieuwde overeenkomst is 11-2019. De overeenkomst omvat geen krediet limiet meer, zoals de eerdere overeenkomst. Er geldt wel een intra-daglimiet van € 600.000. In 2021 is hier geen gebruik van gemaakt. Het saldo liquide middelen bedraagt per 31 december 2021 € 250.000.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 24 van 48

Financiering lange termijn Wanneer de RUD Utrecht investeringen doet en deze activeert heeft dit invloed op de financiële positie en kan het nodig zijn om deze te financieren met geldleningen met een looptijd langer dan één jaar. Hierbij moet rekening worden gehouden met de renterisiconorm van het Rijk, die voorziet in spreiding van de looptijden van geldleningen, waardoor renterisico’s beperkt worden. Eventuele langlopende geldleningen in de komende jaren zijn afhankelijk van omvang en tempo van de investeringen (in bijvoorbeeld ICT) en de ontwikkeling van de reservepositie van de RUD Utrecht. De RUD Utrecht had eind 2021 geen langlopende leningen. Renterisico De RUD Utrecht heeft geen schulden en betaald daardoor ook geen rente. Het rente risico is daardoor nihil. Renterisiconorm 2021 – 2024 (bedragen x €1000) Netto renteherziening op vaste schulden (o/g / u/g) Aflossingen Renterisico Lasten primaire begroting 2021 Percentage cf. regeling Renterisiconorm (2020)

2022

2021 € € €

Rente risico Norm Toetsing renterisiconorm:

2023

2024

€ € € € 14.220 20% -€ 2.844

€ € € € 14.388 20% -€ 2.878

€ € € € 14.558 20% -€ 2.912

€ 14.729 20% -€ 2.946

€0 -€ 2.844 € 2.844

€0 -€ 2.878 € 2.878

€0 -€ 2.912 € 2.912

€0 -€ 2.946 € 2.946

e

4e kw

2021

Kasgeldlimiet De RUD Utrecht heeft de Kasgeldlimieten niet overschreden. Kasgeldlimiet 2021 (bedragen x €1000) Grondslag: Lasten primaire begroting 2021 Toegestane kasgeldlimiet: In % van de grondslag In bedrag Toetsing: Omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening courant Gestorte gelden door derden <1 jaar Overige geldleningen <1 jaar Af: Vlottende middelen Saldo netto vlottende schuld

1e kw

e

2 kw

3 kw

€ 14.220

€ 14.220

€ 14.220

€ 14.220

€ 14.220

8,20% -€ 1.166

8,20% -€ 1.166

8,20% -€ 1.166

8,20% -€ 1.166

8,20% -€ 1.166

0 0 0 0 0 € 4.692 € 4.692

0 0 0 0 0 € 4.149 € 4.149

0 0 0 0 0 € 5.042 € 5.042

0 0 0 0 0 € 5.296 € 5.296

0 0 0 0 0 € 5.975 € 5.975

€ 5.858

€ 5.315

€ 6.208

€ 6.462

€ 7.141

Ruimte

1.2.3 Bedrijfsvoering

De overhead wordt door de RUD Utrecht verantwoord in een apart programma Bedrijfsvoering. Voor een nadere toelichting wordt derhalve verwezen naar paragraaf 1.1.4. Bedrijfsvoering.

1.2.4 Onderhoud Kapitaalgoederen

In paragraaf 2.3.2 en 2.3.3 staat opgenomen hoe we omgaan met afschrijvingen en onderhoud van onze materiële vaste activa.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 25 van 48

Deel 2 – Jaarrekening (BBV)

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 26 van 48

2.1 Balans per 31 december 2021 31 december 2021

ACTIVA Vaste activa - Investeringen met een economisch nut

Materiële vaste activa

Totaal vaste activa Vlottende activa - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen in 's Rijks schatkist

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar - Nog te ontvangen bedragen - Vooruitbetaalde bedragen

Overlopende activa - Banksaldi

Liquide middelen

1

2

3

4

€

315.000

€ €

450.000 5.725.000

€ €

662.000 150.000

€

250.000

Totaal vlottende activa Totaal generaal

Eigen vermogen

Totaal vaste passiva Vlottende passiva - Overige schulden

Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar - Vooruit ontvangen van deelnemers/te verrekenen met deelnemers - Nog te betalen bedragen

Overlopende passiva

315.000

€

315.000

€

6.175.000

€

812.000

€

250.000

€ €

7.237.000 7.552.000

€

5

6

7

€ € €

709.000 681.000 837.000

€

475.000

€

3.176.000

€

1.674.000

Totaal vlottende passiva Totaal generaal

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

€

2.227.000

€

2.227.000

€

475.000

€

4.850.000

€ €

5.325.000 7.552.000

188.000

€ €

602.000 2.223.000

€ €

1.052.000 185.000

€

21.000

31 december 2021

PASSIVA Vaste passiva - Algemene reserve - Bestemmingsreserves - Gerealiseerd resultaat

€

31 december 2020

€

188.000

€

188.000

€

2.825.000

€

1.237.000

€

21.000

€ €

4.083.000 4.271.000

31 december 2020

€ € €

683.000 474.000 502.000

€

223.000

€

1.021.000

€

1.368.000

€

1.659.000

€

1.659.000

€

223.000

€

2.389.000

€ €

2.612.000 4.271.000

Pagina 27 van 48

2.2 Overzicht van baten en lasten 2021 Begroting 2021 voor wijzigingen

Begroting 2021 na wijzigingen

1 Handhaving

€

5.128.000

€

5.473.000

€

5.226.000

€

-247.000

2 Vergunningverlening

€

5.259.000

€

6.273.000

€

5.870.000

€

-403.000

Bedrijfsvoering (Overhead)

€

3.508.000

€

3.948.000

€

3.728.000

€

-220.000

Overig - Onvoorzien

€

225.000 €

-

€

-

€

-

- Stelpost loon- en prijscompensatie

€

100.000 €

-

€

-

€

-

Totaal lasten

€

14.220.000

€

15.694.000

€

14.824.000

€

-870.000

1 Handhaving

€

5.099.000

€

5.161.000

€

5.136.000

€

-25.000

2 Vergunningverlening

€

5.294.000

€

6.125.000

€

6.286.000

€

161.000

Bedrijfsvoering (Overhead)

€

3.508.000

€

3.973.000

€

3.969.000

€

-4.000

Overig - Onvoorzien

€

225.000 €

-

€

-

€

-

- Stelpost loon- en prijscompensatie

€

100.000 €

-

€

-

€

-

Totaal baten

€

14.226.000

€

15.259.000

€

15.391.000

€

132.000

Totaal (voor reservemutaties)

€

6.000

€

-435.000

€

567.000

€

1.002.000

VTH Zaaksysteem

€

-

€

100.000 €

-

€

-100.000

Omgevingswet

€

-

€

270.000 €

270.000 €

Gerealiseerd resultaat

€

6.000

€

-65.000

Verschil

Realisatie 2021

Programma's:

Programma's:

Onttrekking:

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

€

837.000

€

902.000

Pagina 28 van 48

2.3 Toelichtingen 2.3.1 Algemene grondslagen

De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Activa en verplichtingen worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden verantwoord voor zover zij op financiële positiedatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Operationele leasing Bij de RUD Utrecht bestaan leasecontracten waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan het eigendom verbonden zijn, niet bij de organisatie liggen. Deze leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Leasebetalingen worden op lineaire basis verwerkt in het overzicht van baten en lasten over de looptijd van het contract.

2.3.2 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Balans Vaste activa Artikel 59 tot en met 65 van het BBV zijn van toepassing op het waarderings- , activerings- en afschrijvingsbeleid van de RUD Utrecht. In de financiële verordening van de RUD Utrecht is per soort actief vastgelegd hoe dit beleid wordt toegepast. Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa met economisch nut worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen. Activa met een verkrijgingprijs van minder dan of gelijk aan € 10.000 jaar worden niet geactiveerd, uitgezonderd (meet)apparatuur. De materiële vaste activa met economisch nut worden afgeschreven in maximaal: 15 jaar : technische installaties en apparatuur in gebouwen 10 jaar : kantoormeubilair, veiligheidsvoorzieningen en verbouwingen 5 jaar : transportmiddelen, aanhangwagens en personenauto's 3 jaar : (automatiserings)apparatuur en telefooninstallaties 1 jaar : (meet) apparatuur waarbij 50% van de jaarafschrijving wordt verantwoord in het jaar van aanschaf en/of technische/economische ingebruikname. Bij het bepalen van de afschrijving wordt geen rekening gehouden met een restwaarde.

Bij een eventuele verkoop van materiële vaste activa wordt de opbrengst via de resultaatbestemming toegevoegd aan de algemene reserve van de RUD Utrecht. De economische levensduur is beëindigd op het moment dat de aan het actief toe te rekenen jaarlasten hoger zijn dan de aan het actief toe te rekenen jaaropbrengsten. De rente wordt berekend over de boekwaarde per 1 januari. Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar en overlopende activa Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering. Liquide middelen Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar en overlopende passiva Kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde, dit is meestal de nominale waarde.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

Pagina 29 van 48

Overzicht van baten en lasten Resultaatbepaling Baten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd, lasten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd en/of voorzienbaar zijn. Het resultaat wordt bepaald met inachtneming van alle hier boven vermelde waarderingsgrondslagen. Vennootschapsbelasting Vanaf 2016 kunnen indirecte overheidslichamen zoals de RUD Utrecht belastingplichtig zijn voor de vennootschapsbelasting (Vpb). Vanuit de gezamenlijke omgevingsdiensten is overlegd met de Belastingdienst. Vanuit dit overleg zijn voorwaarden vastgesteld wanneer er mogelijk sprake zou kunnen zijn van een Vpb-plicht. De RUD Utrecht heeft de organisatie op deze voorwaarden getoetst en vastgesteld dat zij niet aan deze voorwaarden voldoet. De RUD Utrecht stelt zich derhalve op het standpunt niet belastingplichtig te zijn voor de Vpb.

2.3.3 Toelichting op de balans per 31 december 2021 1. Vaste activa Materiële vaste activa Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de materiële vaste activa weer: ERP Bedrijfsvoering Stand per 1 januari 2021 Aanschafwaarde Cumulatieve afschrijving Boekwaarden Mutaties Investeringen Afschrijvingen Saldo

ICT

ICT VTH applicatie

Vervoermiddelen

Inventaris

Geluidsapparatuur

Verbouwinge n

Totaal

€ € €

141.000 € 141.000 € €

462.000 € 377.000 € 85.000 €

512.000 € 470.000 € 42.000 €

24.000 € 17.000 € 7.000 €

65.000 € 16.000 € 49.000 €

11.000 € 6.000 € 5.000 €

-

€ € €

1.215.000 1.027.000 188.000

€

-

€

-

€ € €

50.000 € 50.000 € €

75.000 € 30.000 € 45.000 €

€ 5.000 € -5.000 €

€ 7.000 € -7.000 €

17.000 € 14.000 € 3.000 €

96.000 € 5.000 € 91.000 €

238.000 111.000 127.000

141.000 € 141.000 € €

512.000 € 427.000 € 85.000 €

587.000 € 500.000 € 87.000 €

24.000 € 22.000 € 2.000 €

65.000 € 23.000 € 42.000 €

28.000 € 20.000 € 8.000 €

96.000 € 5.000 € 91.000 €

1.453.000 1.138.000 315.000

Stand per 31 december 2021 Aanschafwaarde € Cumulatieve afschrijving € Boekwaarden €

Regulier onderhoud aan de materiële vaste activa worden als kosten verantwoord, eventuele kosten die de levensduur verlengen worden geactiveerd. Bij de oprichting van de RUD Utrecht is DMS (archief systeem) aangeschaft voor een totaal van € 241.000. Vanaf 31 december 2019 is DMS volledig afgeschreven, echter nog wel in gebruik. 2. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de financiële positie opgenomen uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar kunnen als volgt gespecificeerd worden: - Vorderingen op deelnemers - Debiteuren - Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar

€ € €

31-12-2021 433.000 17.000 5.725.000

€ € €

31-12-2020 578.000 24.000 2.223.000

€

6.175.000

€

2.825.000

Er is geen rente ontvangen op de uitzettingen in ’s Rijks schatkist.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

Pagina 30 van 48

Vorderingen op deelnemers De vorderingen op deelnemers kunnen als volgt worden uitgesplitst: Specificatie vorderingen op deelnemers - Gemeente Amersfoort - Gemeente Baarn - Gemeente Bunschoten - Gemeente Eemnes - Gemeente Houten - Gemeente Leusden - Gemeente Lopik - Gemeente Nieuwegein - Gemeente Soest - Gemeente Utrecht - Gemeente Woudenberg - Provincie Utrecht Vorderingen op deelnemers

€ € € € € € € € € € € € €

31-12-2021 39.000 24.000 1.000 13.000 23.000 144.000 18.000 34.000 90.000 47.000 433.000

€ € € € € € € € € € € € €

31-12-2020 37.000 25.000 15.000 4.000 24.000 25.000 16.000 32.000 8.000 392.000 578.000

Specificatie vorderingen op debiteuren - ODRU, Gemeente Bunnik, Wijk bij Duurstede en De ronde Venen Vorderingen op debiteuren

€ €

31-12-2021 17.000 17.000

€ €

31-12-2020 24.000 24.000

De reële waarde van de vorderingen benadert de boekwaarde, gegeven het kortlopende karakter van de vorderingen. Een voorziening voor oninbaarheid wordt niet noodzakelijk geacht. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar zijn alle overtollige liquide middelen die in de schatkist worden aangehouden, tenzij deze middelen onder het drempelbedrag gerekend kunnen worden. Per kwartaal mag het gemiddelde van de middelen die de decentrale overheid dagelijks buiten de schatkist houdt niet boven het drempelbedrag uitkomen. Onderstaand overzicht geeft inzicht in deze berekening en de daarbij behorende uitkomsten per kwartaal. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Drempelbedrag Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

€

250.000 Kwartaal 1 € 261.000 € € 11.000

€

250.000 Kwartaal 2 € 249.000 € 1.000 € -

Berekening drempelbedrag Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag t/m 30-6-2021 Drempelbedrag vanaf 1-7-2021

€

1.000.000 Kwartaal 3 € 280.000 € 720.000 € -

€

1.000.000 Kwartaal 4 € 269.000 € 731.000 € -

€ € € € €

14.220.000 14.220.000 250.000 1.000.000

3. Overlopende activa De post overlopende activa is als volgt opgebouwd: - Nog te ontvangen bedragen - Vooruitbetaalde bedragen Overlopende activa

€ € €

31-12-2021 662.000 150.000 812.000

31-12-2020 € 1.052.000 € 185.000 € 1.237.000

De post nog te ontvangen bedragen bestaat vrijwel geheel uit nog te factureren aanvullende opdrachten. Specificatie Nog te ontvangen bedragen - Gemeente Amersfoort - Gemeente Houten - Gemeente Leusden - Gemeente Nieuwegein - Gemeente Soest - Gemeente Utrecht - Provincie Utrecht - Derden Totaal nog te ontvangen bedragen

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

€ € € € € € € € €

31-12-2021 10.000 2.000 634.000 16.000 662.000

€ € € € € € € € €

31-12-2020 59.000 1.000 1.000 1.000 43.000 23.000 881.000 43.000 1.052.000

Pagina 31 van 48

4. Liquide middelen De post liquide middelen is als volgt opgebouwd: - BNG Bank Liquide middelen

€ €

31-12-2021 250.000 250.000

€ €

31-12-2020 21.000 21.000

De liquide middelen staan ter vrije beschikking aan de RUD Utrecht. 5. Eigen vermogen De post eigen vermogen is als volgt opgebouwd: Algemene reserve

Bestemmingsreserves

Gerealiseerd resultaat

Totaal

Stand per 1 januari 2021

€

683.000 €

474.000 €

502.000 €

1.659.000

Mutaties - Verwerking resultaat 2020 (algemene reserve) - Verwerking resultaat 2020 (bestemmingsreserve) - Verwerking resultaat 2021 - Onttrekking bestemmingsreserves Saldo

€ € € € €

26.000 26.000

477.000 -270.000 207.000

€

-26.000 € -477.000 € 837.000 € € 334.000 €

837.000 -270.000 567.000

Stand per 31 december 2021

€

709.000 €

681.000 €

837.000 €

2.227.000

€ € € € €

€ € €

Algemene reserve Storting : Rekeningresultaat Doel : Weerstandscapaciteit van de RUD Utrecht. Verloopoverzicht van de bestemmingsreserves: Informatie gestuurd handhaving

Persoonsgebonden opleidingsbudgetten

ISV gelden geluid SBG

Omgevingswet

VTH zaaksysteem

Stand per 1 januari 2021

€

67.000

€

84.000

€

13.000

€

310.000 €

Mutaties - Verwerking resultaat 2020 (algemene reserve) - Toevoeging ten laste van het resultaat - Onttrekking ten gunste van het resultaat Saldo

€ € € €

-

€ € € €

17.000 17.000

€ € € €

-

€ € € €

360.000 270.000 90.000

Stand per 31 december 2021

€

67.000

€

101.000 €

13.000

€

400.000 €

€ € € €

Totaal

-

€ 474.000

100.000 100.000

€ 477.000 € € 270.000 € 207.000

100.000 € 681.000

Bestemmingsreserve IGH (Informatie gestuurde Handhaving) Storting : Oorspronkelijk ten laste van de algemene reserve ter hoogte van € 120.000. Doel : Het verbeteren van de datakwaliteit van de RUD Utrecht. In overleg met de provincie Utrecht is € 53.000 van deze bestemmingsreserve onttrokken in 2019. Deze bestemmingsreserve is oorspronkelijk gevormd middels niet bestede projectgelden voor IGH die door de provincie Utrecht ter beschikking waren gesteld. In 2021 heeft geen mutatie plaatsgevonden. Bestemmingsreserve Persoonsgebonden opleidingsbudgetten Storting : Ten laste van het resultaat 2020 ter hoogte van € 17.000 Doel : Het dekken van kosten in het geval dat medewerkers aanspraak maken op persoonsgebonden opleidingsbudget dat in voorgaande jaren niet besteed is. In 2021 zijn geen middelen onttrokken aan deze bestemmingsreserve. Bestemmingsreserve ISV gelden - geluid SBG Storting : Ontvangst van SB|G voor ISV-geluid. Doel : Ten behoeve van mogelijke woningen die achteraf nog in aanmerking komen voor het treffen van gevelmaatregelen in verband met geluidoverlast van weg/railverkeer. In 2021 zijn geen middelen onttrokken aan deze bestemmingsreserve.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

Pagina 32 van 48

Bestemmingsreserve Omgevingswet Storting : Ten laste van het resultaat 2020 ter hoogte van € 360.000 Doel : De organisatie voorbereiden op de implementatie van de Omgevingswet. In 2021 zijn € 270.000 onttrokken aan deze bestemmingsreserve en ingezet om de RUD Utrecht voor te bereiden op de komst van de Omgevingswet. Bestemmingsreserve VTH Zaaksysteem Storting : Ten laste van het resultaat 2020 ter hoogte van € 100.000 Doel : De organisatie voorbereiden op de implementatie van de Omgevingswet middels de aanschaf en inrichting van een nieuw VTH zaaksysteem. In 2021 zijn geen middelen onttrokken aan deze bestemmingsreserve. 6. Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar De post netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar is als volgt opgebouwd: - Crediteuren Overige schulden

€ €

31-12-2021 475.000 475.000

€ €

31-12-2020 223.000 223.000

€ € € €

31-12-2021 3.176.000 1.248.000 426.000 4.850.000

€ € € €

31-12-2020 1.021.000 1.224.000 144.000 2.389.000

€ € € € € € € € € €

31-12-2021 324.000 127.000 49.000 69.000 119.000 99.000 2.388.000 1.000 3.176.000

€

31-12-2020 414.000

€ € € € € € € €

62.000 419.000 102.000 24.000 1.021.000

7. Overlopende passiva De post overlopende passiva is als volgt opgebouwd: - Vooruit ontvangen bedragen - Nog te betalen bedragen - Nog terug te betalen aan de opdrachtgevers Overlopende passiva

Vooruit ontvangen bedragen van deelnemers De schulden aan deelnemers kunnen als volgt worden uitgesplitst: Specificatie vooruit ontvangen bedragen - Gemeente Amersfoort - Gemeente Bunschoten - Gemeente Eemnes - Gemeente Houten - Gemeente Lopik - Gemeente Utrecht - Gemeente Woudenberg - Provincie Utrecht - Derden Total vooruit ontvangen bedragen

Deze positie betreft de reeds in rekening gebrachte voorschotten eerste kwartaal 2022 die reeds voor 31 december 2021 zijn betaald. Nog te betalen bedragen Het totaal bedrag in de balans bedraagt € 1.248.000. Dit bedrag bestaat uit de onderstaande componenten. Specificatie nog te betalen bedragen - Te betalen omzetbelasting - Te betalen overige kosten - Netto salaris - Te betalen loonheffing Nog te betalen bedragen

€ € € € €

31-12-2021 515.000 716.000 10.000 7.000 1.248.000

€ € € € €

31-12-2020 516.000 685.000 13.000 10.000 1.224.000

De te betalen overige kosten bestaan voornamelijk uit een reservering voor de verlofsaldi (€ 487.000) en transitorische kosten per einde boekjaar.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

Pagina 33 van 48

Specificatie nog terug te betalen - Gemeente Baarn - Gemeente Bunschoten - Gemeente Eemnes - Gemeente Houten - Gemeente Leusden - Gemeente Lopik - Gemeente Soest - Gemeente Utrecht - Gemeente Woudenberg Te verrekenen met deelnemers

€ € € € € € € € € €

31-12-2021 72.000 45.000 7.000 11.000 20.000 71.000 69.000 62.000 69.000 426.000

€ € € € € € € € € €

31-12-2020 75.000 18.000 10.000 41.000 144.000

Niet in de financiële positie opgenomen activa en verplichtingen (Meerjarige) financiële verplichtingen Er zijn niet in de financiële positie opgenomen verplichtingen voor de huur van twee etages in het provinciehuis van de provincie Utrecht. De huurovereenkomst van één van de etages heeft een looptijd tot 1 juli 2024. De jaarlijkse huurprijs hiervan bedraagt € 267.000 en de jaarlijkse servicekosten bedragen € 172.000, beide bedragen exclusief BTW. Indexatie vindt jaarlijks plaats conform de consumentenprijsindex. Daarnaast heeft de RUD Utrecht in 2019 in verband met de groei van de organisatie een derde van een verdieping bij gehuurd in het provinciehuis. Eind 2020 is de huur van deze extra ruimte verlengt met één jaar tot eind 2021 voor € 118.000 ex BTW. Voorheen was dit de tweede verdieping van het Provinciehuis waar de RUD Utrecht gazamelijk met de OdrU gehuisvest was. Doordat de tweede verdieping een half jaar niet beschikbaar is geweest in 2021 heeft de provincie Utrecht € 59.000 in mindering gebracht op de contractuele huurprijs. Vanaf 2022 heeft de RUD Utrecht een huurcontract voor een deel van de dertiende verdieping in plaats van de tweede, wederom gezamenlijk met de OdrU. De overeenkomst voor de dertiende verdieping loopt tot 31 december 2022 met verlengingsmogelijkheid voor een jaar voor totaal € 107.000 ex BTW.

Er is een niet in de financiële positie opgenomen verplichting voor de afname van ICT-diensten van de gemeente Houten. Deze service level agreement heeft een looptijd tot 1 januari 2023. Het jaarbedrag bedraagt voor 2022 € 400.000. Indexatie vindt jaarlijks plaats conform de dienstenprijsindex. Operationele leases Als sub-contractant van de provincie Utrecht had de RUD Utrecht een mantelovereenkomst met LeasePlan voor het leasen van voertuigen. Deze contracten lopen allemaal in 2023 af. Daarnaast heeft de RUD Utrecht een nieuwe Europese aanbesteding afgerond, zelfstandig van de provincie Utrecht. Onder de nieuwe aanbesteding zullen de nieuwe auto’s worden ondergebracht. De huidige contracten onder de nieuwe aanbesteding lopen allemaal in 2024 af. Ultimo boekjaar zijn de verplichtingen uit hoofde van operationele leases als volgt te specificeren: Te betalen Binnen 1 jaar Tussen 1 en 5 jaar Totaal

€ € €

Totaal te betalen 87.000 103.000 190.000

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 Maart 2022

Pagina 34 van 48

2.3.4 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2021

De RUD Utrecht heeft het jaar 2021 financieel positief afgesloten. Op totaal niveau is er een positief resultaat behaald van € 837.000. Binnen de verantwoording is conform voorgaande jaren de totaal gerealiseerde lasten voor inzet personeel inclusief inhuur en overige overheadkosten procentueel verdeeld over de twee programma’s en de bedrijfsvoering (overhead). Dit is bij de oprichting van de RUD Utrecht reeds vastgelegd als begrotingsuitgangspunt. Het behaalde resultaat is als volgt verdeeld:

1 Kosten

Handhaving

Vergunningverlening

Bedrijfsvoering (Overhead) €

€

5.226.000

€

5.870.000

Directe variabele kosten

€

4.275.000

€

4.905.000

Directe vaste kosten

€

951.000

€

965.000

€ €

2 opbrengsten

3.728.000

Totaal €

14.824.000

€

9.180.000

3.728.000

€

5.644.000

3.969.000

€

15.391.000

€

9.160.000

€

5.136.000

€

6.286.000

Directe variabele opbrengsten

€

4.016.000

€

5.144.000

Directe vaste opbrengsten

€

1.120.000

€

1.142.000

€

3.969.000

€

6.231.000

€

-90.000

€

416.000

€

241.000

€

567.000

3 Saldo

De RUD Utrecht heeft een duaal financieringssysteem. De vaste kosten (bedrijfsvoering en directe vaste kosten van de programma’s) worden middels een vaste bijdrage vergoed. De overige kosten in de primaire programma’s worden middels een variabele bijdrage op basis van levering van producten en diensten gedekt. Uit bovenstaande blijkt dat er per saldo € 567.000 meer aan vaste bijdrage is ontvangen dan besteed. Dit heeft te maken met de middelen die zijn doorgeschoven naar 2022 (RGT App € 60.000, Samen op weg € 207.000 en persoonlijke opleidingsbudgetten € 110.000). Het restant heeft betrekking op incidentele besparingen zoals teruggave huur € 60.000 en enkele kleinere onderdelen vanwege het beperkte gebruik van kantoor. Zie voor meer detail de kostenanalyse per kostensoort op pagina 36 en 37. Het restant van het positieve saldo bestaat uit € 20.000 minder variabele bijdrage ontvangen dan besteed. Ten opzichte van de begroting wijkt de daadwerkelijk geleverde productie af doordat de producten en diensten niet allemaal geleverd konden worden zoals gepland in verband met de geldende coronamaatregelen. Bij handhaving heeft de RUD Utrecht een minder grote flexibele schil waardoor het niet altijd mogelijk was om de terugloop in productie op te vangen.

Bij vergunningverlening is daarentegen een grotere flexibele schil (vooral door schaarste op de arbeidsmarkt) waardoor de terugloop in productie beter opgevangen kon worden. Hierdoor ontstaat het verschil in resultaat tussen de programma’s Vergunningverlening en Handhaving. Hieronder is op kostensoort niveau een nadere analyse van de kosten opgenomen. Die een verdere specificatie geeft van de realisatie op totaalniveau.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 35 van 48

Toelichting naar kostensoort In onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de totale exploitatie naar kostensoort. Raming 2021 voor wijzigingen

Raming 2021 na wijzigingen (a)

Realisatie 2021 (b)

€ € € € € € € € €

11.323.000 19.000 320.000 1.630.000 453.000 150.000 225.000 100.000 14.220.000

€ € € € € € € € €

10.530.000 2.064.000 220.000 1.644.000 489.000 747.000 15.694.000

€ € € € € € € € €

10.316.000 1.956.000 110.000 1.470.000 438.000 532.000 14.822.000

€ € € € € € € € €

214.000 108.000 110.000 174.000 51.000 215.000 872.000

€ € €

5.806.000 8.309.000 -

€ € €

6.094.000 8.177.000 1.079.000

€ € €

6.094.000 8.389.000 1.006.000

€ € €

-212.000 73.000

€

111.000

€

134.000

€

125.000

€

9.000

€ €

€ 14.226.000 €

-225.000 € 15.259.000 €

-225.000 € 15.389.000 €

-130.000

Totaal (voor reservemutaties)

€

6.000

€

-435.000 €

567.000

€

-1.002.000

- Reserve Omgevingswet - VTH zaaksysteem Gerealiseerd resultaat

€ € €

6.000

€ € €

270.000 100.000 -65.000

270.000 837.000

€ € €

100.000 -902.000

Exploitatieoverzicht Lasten Personeel Personeel van derden incl inhuur Kapitaallasten Huisvestingskosten en ICT Overige materieel budget Ontwikkelkosten Onvoorzien Stelpost loon- en prijscompensatie Totaal lasten Baten Vaste bijdrage deelnemers Variabele bijdrage deelnemers Aanvullende opdrachten Aanvullende opdrachten materiele middelen -/- Verrekening Onvoorzien Totaal baten

Onttrekking:

€ € €

Verschil (a - b)

Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt zijn een aantal vaste formatieplaatsen later of met inhuur ingevuld. Hierdoor wordt de post personeelslasten in zijn geheel geanalyseerd. Op totaalniveau zijn de personeelslasten € 322.000 lager dan begroot. Er zijn hiervoor een aantal verklaringen. Allereerst is door de thuiswerksituatie en de focus op opleiding voor de Omgevingswet € 110.000 aan persoonsgebonden opleidingsbudget niet uitgegeven in 2021. In de toekomst blijven medewerkers echter wel recht hebben op het inzetten van deze middelen voor opleiding. Daarnaast is een gedeelte van het programma Samen op weg verschoven naar 2022 waardoor er € 94.000 minder is besteed aan (ingehuurd)personeel. Ook is de ingangsdatum van de Omgevingswet gedurende 2021 verschoven waardoor een gedeelte van de voorbereiding op de komst van deze wet is verschoven naar 2022. Hierdoor heeft de RUD Utrecht minder personeel ingehuurd ter vervanging van vast personeel dat zich voorbereid op de Omgevingswet. Ten derde namen in de laatste fase van het jaar de coronamaatregelen toe, waardoor er om een groot negatief resultaat te voorkomen (1% productieverlies is ongeveer 100K aan omzet minder) in de laatste fase van het jaar geen grote uitgaven meer zijn gedaan aan ingehuurd personeel bij bedrijfsvoering.

Ten opzichte van de oorspronkelijke begroting (raming 2021 voor wijzigingen), is een grote stijging van de personeelskosten en personeel van derden zichtbaar (€ 930.000). Dit is enerzijds gevolg van uitbreidingen van de uitvoeringsplannen met 7.000 uur na het opstellen van de oorspronkelijke begroting (deels daadwerkelijke uitbreiding, deels omdat in begroting uit werd gegaan van daling bodemtaken provincie door verschuiving bevoegd gezag), waarvoor personeel is ingehuurd. Gezien de timing van de uitbereiding in deze uitvoeringsplannen was het niet altijd mogelijk om vaste medewerkers aan te trekken voor de uitvoering en daarom was inhuren het alternatief. Daar tegenover staat dat de lasten voor vast personeel lager uit zijn gevallen dan oorspronkelijk begroot. Gezien de schaarste in de markt is het moeilijk om elke positie met vaste medewerkers in te vullen en ook daarom was inhuren het alternatief. Daarnaast zijn gedurende 2021 nog voor ruim € 1 miljoen aan aanvullende opdrachten verstrekt die in de herziene begroting (Raming 2021 na wijzigingen) zijn opgenomen. De kapitaallasten zijn € 110.000 lager uitgevallen dan begroot. De oorzaak hiervan is dat het nieuwe VTHzaaksysteem uiteindelijk op 3 januari 2022 in gebruik is genomen.

Hierdoor zullen de afschrijvingen die gepaard gaan met de investeringen die zijn gedaan in het nieuwe zaaksysteem (Powerbrowser) ook pas in 2022 van start gaan. Gezien de onzekerheden rondom de datum dat de Omgevingswet in werking zou treden was in de begroting al rekening gehouden met 2021 als startdatum. Tevens zijn daardoor verschillende investeringen in ICT apparatuur uitgesteld naar 2022.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 36 van 48

De huisvestingskosten en ICT zijn € 174.000 lager uitgevallen dan begroot en € 160.000 lager dan initieel begroot. De tweede verdieping in het Provinciehuis (huisvesting Bedrijfsvoering) is voor een half jaar niet beschikbaar geweest. Met de provincie is eind 2021 overeengekomen dat er minder in rekening gebracht wordt voor deze verdieping (-€ 60.000). De beheers -en onderhoudskosten zijn daarnaast lager uitgevallen dan begroot (-€ 50.000). Ten slotte werkt dit uitstel (veroorzaakt door uitstel van de invoering van de Omgevingswet) door in het doen van verschillende ICT-uitgaven. Het gaat hierbij om € 64.000 aan uitgaven aan ICT-investeringen die naar 2022 verschoven zijn. Het overig materieel budget is € 51.000 lager uitgevallen dan begroot en € 15.000 lager dan initieel begroot. De afspraken die we hebben gemaakt met betrekking tot de uit te besteden onderdelen (materiele middelen) van de aanvullende opdrachten vallen € 9.000 lager uit (opbrengsten en kosten). Verder zijn door het thuiswerken een aantal kleine kostenposten lager uitgevallen dan vooraf gedacht op basis van ervaring (-€ 42.000). De begrote ontwikkelkosten van € 747.000 bestaan uit het budget voor de Omgevingswet (€ 433.000), uitgaven voor Samen op Weg (€ 164.000) en de ontwikkeling RGT App (€ 150.000). Per jaareinde is € 113.000 minder besteed aan Samen op weg dan begroot.

De verwachting van het Bestuur is dat deze middelen nog wel in de verschillende sporen van het programma zullen worden ingezet. Samen met de overgebleven personeelslasten voor Samen op weg (€ 94.000) stellen we voor om een bestemmingsreserve te vormen van € 207.000. De afdeling ICT heeft verder in 2021 veel capaciteit nodig gehad voor de implementatie van het nieuwe VTHzaaksysteem. Een gedeelte van de ontwikkeling van de RGT App wordt daarom uitgesteld naar 2022. Ook hiervoor stellen we bij de resultaatbestemming een bestemmingsreserve voor. De uitstel van de invoering van de Omgevingswet gedurende 2021 heeft ervoor gezorgd dat een gedeelte van de uitgaven ook doorschuiven naar 2022. Ten opzichte van de begroting verandert de vaste bijdrage niet. Ten opzichte van de initiële begroting is in het AB van 11 februari 2021 de vaste bijdrage voor € 288.000 verhoogd voor Samen op weg. Voor een deel zijn deze lasten dit jaar niet gerealiseerd (€ 207.000) Door de beperkende maatregelen als gevolg van de coronacrisis was het in 2021 niet mogelijk om alle werkzaamheden aan de deelnemers te leveren. Hierdoor dreigde een fors negatief resultaat te ontstaan.

Omdat er in 2021 (door krapte op de huidige arbeidsmarkt) veel vacatureruimte voor vaste medewerkers is ingevuld door ingehuurde medewerkers, kon ook de prognose van de personeelslasten (deels) naar beneden worden bijgesteld en dit negatieve resultaat worden vermeden. Om een deel van het productieverlies op te vangen is reeds bij de eerste Bestuursrapportage besloten de post Onvoorzien (€ 225.000) in te zetten ter dekking van de achterblijvende productie. Omdat een deel van de regionale en provinciale taken niet gerealiseerd konden worden (€ 13.000) valt het verschil met de begroting nog iets lager uit (€ 212.000). In 2021 is er een groot aantal aanvullende opdrachten afgesloten met opdrachtgevers. Het totaal van de aanvullende opdrachten bedraagt € 1.131.000. In het overzicht van baten en lasten zijn de aanvullende opdrachten verdeeld over de posten ‘Aanvullende opdrachten’ en ‘Aanvullende materiële middelen’. De post aanvullende opdrachten omvat de opdrachtwaarde van de aanvullende opdrachten bestemd voor het uitvoeren van werkzaamheden door medewerkers van de RUD Utrecht (of inhuur). De post Aanvullende materiële middelen omvat de opdrachtwaarde van de aanvullende opdrachten bestemd voor onderdelen van de opdracht die de RUD Utrecht weer aan een externe partij uitbesteed.

De aanvullende opdrachten betreffen verschillende werkzaamheden: reguliere werkzaamheden die bovenop afgesloten DVO afspraken uitgevoerd zullen worden; complexe dossiers die door de complexiteit niet meer binnen de DVO afspraken (kentallen, totaal aantal uren) kunnen worden opgevangen; projecten zoals advisering en actualisaties van bedrijvenbestanden; overige zaken zoals de detachering van medewerkers. Extra opdrachten gaan vrijwel altijd direct gepaard met extra kosten, met name voor inhuur. Door het moment van toekenning van de aanvullende opdracht en het moment waarop inhuur kon worden gerealiseerd, zijn een aantal aanvullende opdrachten niet in 2021 afgerond. De opdrachten zijn verschoven naar 2022 in overleg met de desbetreffende deelnemers. De afspraken die we hebben gemaakt met betrekking tot de uit te besteden onderdelen van de aanvullende opdrachten vallen € 9.000 lager uit (opbrengsten en kosten). De bestemmingsreserve Omgevingswet, groot € 670.000, is gevormd bij de jaarrekening 2019 (€ 310.000), aangevuld bij de jaarrekening 2020 (€ 360.000) en in 2021 gedeeltelijk onttrokken ten behoeve van de voorbereiding op de implementatie van de Omgevingswet (€ 270.000). Het restant zal naar verwachting in 2022 worden onttrokken aangezien dan de laatste voorbereidingen op de komst van de Omgevingswet zullen plaatsvinden.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 37 van 48

De bestemmingsreserve VTH-zaaksysteem, groot € 100.000 is gevormd bij de jaarrekening 2020. In 2021 is nog niets onttrokken aangezien een aanzienlijk deel van de kosten voor dit nieuwe VTH zaaksysteem in 2022 zullen vallen. Om het productieverlies veroorzaakt door de coronacrisis op te vangen is de post van € 225.000 volledig ingezet. Onvoorzien Onvoorzien Totaal

Raming 2021 na wijzigingen Lasten € € -

Realisatie 2021 € €

Lasten

Verschil -

€ €

Verschil

-

T.g.v. algemene reserve Storting € € -

Incidentele baten en lasten In de programmarekening zijn ook baten en lasten opgenomen welke een incidenteel karakter hebben. Incidentele baten en lasten zijn die baten en lasten die zich gedurende een periode van maximaal 3 jaar voordoen. De RUD Utrecht heeft de afspraak met de deelnemers dat als opdrachten langer dan 3 jaar naast de DVO worden afgenomen deze werkzaamheden worden opgenomen in de DVO. Daarmee zijn ze niet meer te classificeren als “incidenteel”. Elk jaar vindt hier een evaluatie op plaats. Hieronder wordt een overzicht gegeven van de incidentele baten en lasten die deel uitmaken van het resultaat voor bestemming. Specificatie Aanvullende opdrachten Dotatie/onttrekking reserves Totaal

Raming 2021 na wijzigingen Realisatie 2021 Baten Lasten Baten Lasten € 1.213.000 € 1.583.000 € 1.131.000 € 1.440.000 € 370.000 € 270.000 € 1.583.000 € 1.583.000 € 1.401.000 € 1.440.000

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 38 van 48

2.3.5 Wet normering topinkomens

Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op de RUD Utrecht. Het voor RUD Utrecht toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2021 € 209.000. Het algemeen bezoldigingsmaximum is van toepassing voor RUD Utrecht. 1. Bezoldiging topfunctionarissen Tabel 1a met betrekking tot leidinggevende topfunctionarissen en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling: Gegevens 2021 bedragen x € 1

Hugo Jungen

Functiegegevens

Directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2021

1 januari – 31 december

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1,00 fte

Dienstbetrekking?

Ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

135.033

Beloningen betaalbaar op termijn

22.942

Subtotaal

157.975

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

209.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

N.v.t. 157.975

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2020 bedragen x € 1

N.v.t.

N.v.t. N.v.t.

Hugo Jungen

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

Dienstbetrekking?

directeur 1 januari – 31 december 1,00 fte Ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

135.945

Beloningen betaalbaar op termijn

21.070

Subtotaal

157.015

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

201.000

Bezoldiging

157.015

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 39 van 48

De functies in het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur worden vervuld door medewerkers van onze deelnemers (burgemeester, wethouder of gedeputeerde). Deze leden vervullen hun functies (voorzitter, vicevoorzitter of lid) onbezoldigd. In onderstaande tabel zijn de WNT gegevens opgenomen: 1d Tabel met betrekking tot topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder: Naam functionaris

Functie

G. Spelt

C. van Dalen

Voorzitter Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (volledige jaar) Vicevoorzitter Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (van 1 januari tm 1 september) Vicevoorzitter Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (vanaf 1 oktober tm 31 december 2021) Lid Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (volledige jaar)

C.W. Kraanen

Lid Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (volledige jaar)

R.C.L. Strijk

Lid Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur (volledige jaar)

W. de Jong

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

E. Eerenberg

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

F.G. van der Vegte

Lid Algemeen Bestuur (vanaf 1 september tm 31 december 2021)

M. Schouten

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

A. Treep-van Hoeckel

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

T. Reijn

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

J. Vissers

Lid Algemeen Bestuur (volledige jaar)

H.A.W. van Beurden P. de Kruif

De tabellen van het verantwoordingsmodel WNT 2021 1b, 1c, 1e, 1f en 1g zijn niet van toepassing voor de RUD Utrecht. 2. In 2021 zijn geen uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking toegekend. 3. Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2021 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

2.4 Taakveld en beleidsindicatoren Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten schrijft voor dat in de verantwoording zowel een splitsing wordt opgenomen naar taakvelden, als de daar bijbehorende beleidsindicatoren. In dit hoofdstuk zullen zowel de taakvelden als de daarbij behorende beleidsindicatoren worden verantwoord.

2.4.1 Taakveld

De financiële verantwoording van de RUD Utrecht is onder te verdelen in vastgestelde gemeentelijke taakvelden. De RUD Utrecht valt met de primaire werkzaamheden onder het gemeentelijke taakveld 7.4 Milieu beheer. Daarnaast is het taakveld van bestuur en ondersteuning van toepassing voor de onderdelen 0.5 Overhead, 0.10 Mutaties reserves en 0.11 Resultaat van de rekening van baten en laten. Vanwege de geringe kosten in taakveld 0.1 Bestuur worden deze niet apart geadministreerd. De toekenning aan het taakveld 0.5 Overhead vindt als volgt plaats: Als kosten volledig aan 0.5 Overhead kunnen worden toegekend vindt de volledige toekenning aan dit taakveld plaats. In geval van gedeeltelijke toekenning aan 0.5 Overhead en gedeeltelijke toekenning aan 7.4 Milieu beheer worden de procentuele kostenratio’s uit de begroting gebruikt om de kosten aan het taakveld toe te kennen. De verdeling is in onderstaande tabel opgenomen: Taakveld 7.4 Milieu beheer 0.5 Overhead 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Baten Lasten € 11.422.000 € 11.096.000 € 3.969.000 € 3.728.000 € 270.000 € 837.000

Pagina 40 van 48

2.4.2 Beleidsindicatoren bij Taakveld

Voor het taakveld 7 Volksgezondheid en Milieu waar taakveld 7.4 onder valt zijn de vastgestelde beleidsindicatoren niet van toepassing op de RUD Utrecht. Voor het taakveld 0 Bestuur en Ondersteuning zijn de indicatoren Formatie, bezetting en apparaatskosten niet van toepassing op de RUD Utrecht doordat er niet eenduidig vastgesteld kan worden hoeveel inwoners er onder de gemeenschappelijke regeling vallen. De indicatoren Externe inhuur en Overhead zijn hieronder opgenomen. Indicator Externe inhuur

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen 16%

Indicator

% van totale lasten

Overhead

25,1%

De indicator overhead is bepaald op basis van de kosten. Door de RUD Utrecht is afgesproken met de deelnemers dat de FTE’s in bedrijfsvoering niet meer dan 25% van het totale personeelsbestand mogen vormen. Voor 2021 is dit 21%.

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 41 van 48

Controleverklaring

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 42 van 48

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 43 van 48

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 44 van 48

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 45 van 48

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 46 van 48

Lijst van gebruikte afkortingen AB DB BBV BGO BNG BOR BTW BRO BRZO CAO CAP CBS DAP DMS DVO EU ICT IGH ISO ISV KTO LHS OD NZKG ODRU PAS PDC PUEV RUD RGT SB|G SLA SPP UHS VNG VRU VTH WABO Wbb WNT Wopt

Algemeen Bestuur Dagelijks Bestuur Besluit Begroting en Verantwoording Bijzonder Georganiseerd Overleg Bank Nederlandse Gemeenten Bijzondere Ondernemingsraad Belasting over de toegevoegde waarde Besluit Ruimtelijke Ordening Besluit Risico's Zware Ongevallen Collectieve Arbeidsovereenkomst Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies Centraal Bureau voor de Statistiek Dossier Afspraken en Protocollen Documenten Management Systeem Dienstverleningsovereenkomsten Europese Unie Informatie- en communicatietechnologie Informatie Gestuurde Handhaving International Organization for Standardization Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing Klanttevredenheidsonderzoek Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied Omgevingsdienst Regio Utrecht Programma aanpak Stikstof Producten Diensten Catalogus Provinciaal Uitvoeringsprogramma Externe Veiligheid Regionale Uitvoeringsdienst Risico Gericht Toezicht Servicebureau Gemeenten Service Level agreement Strategisch Personeelsplanning Uniforme Handhaving Strategie Vereniging Nederlandse Gemeenten Veiligheidsregio Utrecht Vergunningen, Toezicht en Handhaving Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wet bodembescherming Wet Normering Topinkomens Wet Openbaarmaking uit Publieke middelen gefinancierde Topinkomens

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 47 van 48

Colofon Uitgave Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht Bezoekadres

: Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht

Telefoon

: 030 7023300

Email

: info@rudutrecht.nl

Website

: www.rudutrecht.nl

Postadres

: Postbus 85242 3508 AE Utrecht

Eindredactie

: Team Bedrijfsvoering RUD Utrecht

Jaarstukken RUD Utrecht 2021 Status: t.b.v. vergadering Algemeen Bestuur d.d. 31 maart 2022

Pagina 48 van 48

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11428026/3