CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

273830 Perspectiefnota 2022-2025 GEWIJZIGDE VERSIE na aangenomen amendementen

Besluit in de Raad 7 juli 2021, gemeente BaarnBij agendapunt: Perspectiefnota 2022-202520.113 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Bij de invoering van de Omgevingswet moet dan gedacht worden aan nieuwe of veranderde producten en diensten alsmede de verschuiving van bodemtaken. De bijdrage RUD voor de begroting 2022 stijgt met 24.000 naar 461.000. De stijging van de bijdrage heeft betrekking op indexatie meer van werkzaamheden. Structurele ontwikkelingen Omgevingswet De implementatie van de Omgevingswet is een langdurig traject waarin door voortschrijdend inzicht nieuwe vraagstukken naar voren komen. Al in een eerder stadium is aangegeven dat niet uitgesloten is dat het toegewezen budget ontoereikend is voor de werkzaamheden. Op dit moment is er nog geen onderbouwing voor aanvullend budget, maar niet uitgesloten is voor het nieuwe begrotingsjaar meer duidelijk wordt over:

25

•

De consequenties van de omgevingswet voor de legesverordening. Door verandering van legesmogelijkheden en toerekenbare activiteiten zal een effect optreden voor de budgetneutraliteit van de leges voor omgevingsvergunningen.

•

De noodzakelijke inzet van medewerkers op specifieke beleidsvelden. Voor sommige disciplines kunnen te veel prioriteiten inzet vragen in 2021 en 2022.

•

De aanpassing in de ICT-infrastructuur vraagt niet alleen incidenteel maar ook structureel investeringen die mogelijk boven de beschikbare budgetten uitstijgen. Eerder bleek een hiervoor gereserveerd budget om financieel-administratieve redenen niet aanwendbaar.

Wonen Het realiseren van voldoende woningen voor verschillende doelgroepen is een van de speerpunten van het collegeprogramma. In 2019 is de Visie Wonen vastgesteld. In de Visie Wonen zijn verschillende opgaven benoemd en is een uitvoeringsprogramma opgenomen voor de komende jaren. In het uitvoeringsprogramma is een groot aantal acties opgenomen, waarvan een groot deel doorlopend. Deze acties zijn gericht op het toevoegen van 850 woningen in de periode 2019-2030. Sinds 2019 zijn er circa 40 woningen gerealiseerd. Voor ruim 100 woningen is een vergunning verleend. Daarnaast zijn er ongeveer 880 woningen (incl. 500 woningen Baarnsche Zoom) waarvoor een ruimtelijke procedure loopt. De uitvoering van het realiseren van extra woningen ligt daarmee goed op schema. Duurzame vervanging bedrijfswagen In 2021 zijn 2 bedrijfswagens afgeschreven (aanschaf 2011), in 2022 is een derde voertuig afgeschreven (aanschaf 2012). Doordat de bedrijfswagens door de buitendienst intensief worden gebruikt stijgen de onderhoudskosten en is het nu rendabeler om de komende jaren te vervangen voor een duurzaam alternatief, bijvoorbeeld een elektrische voertuigen (volkswagen Crafter) voor de buitendienst. De vervanging van de nieuwe bedrijfswagens kost in totaal € 225.000,00. In het kredietoverzicht is € 225.000,00 opgenomen. De afschrijving vindt in 10 jaar plaats.

Onderdeel van een duurzamer gemeente zijn ook schonere methodes van vervoer, zoals bijvoorbeeld elektrisch rijden. De gemeente stimuleert daarom ook duurzame mobiliteit. Elektrisch rijden is beter voor het milieu, houdt de lucht schoner en vermindert de afhankelijkheid van vervuilende fossiele brandstoffen zoals benzine en diesel. Van 2022 tot en met 2024 schaffen we twee pick-up trucks en één bestel bus aan. Waar mogelijk worden dit 100% elektrische voertuigen, dit is sterk afhankelijk van de ontwikkelingen op het gebied van elektrische aangedreven voertuigen in combinatie met de functionaliteit die nodig is voor de uitvoering van het dagelijkse werk. Daarmee vervangen we de bestaande diesel aangedreven bedrijfswagens van de buitendienst die in 2021 en 2022 zijn afgeschreven en verduurzamen we het wagenpark van de gemeente Baarn. Lichtmasten De afgelopen jaren leasede de gemeente Baarn het product licht van CityTec. In deze contractvorm zijn de masten en armaturen eigendom van CityTec. Ook kleine reparaties, het regulier onderhoud en de vervangingen worden door CityTec uitgevoerd. De overeenkomst wordt ieder jaar stilzwijgend verlengd, iets wat volgens de aanbestedingswetgeving niet is toegestaan. Vanuit dat oogpunt is in december 2020 de lopende overeenkomst met onze OVL beheerder CityTec opgezegd.

Om de lichtmasten weer in eigen beheer te krijgen zal de gemeente een bedrag over moeten maken aan CityTec. Daarnaast zal voor het beëindigen van het huidige contract een commerciële vergoeding betaald moeten worden. Over de hoogte van deze vergoeding en de

26

waarde van het areaal (alle lichtmasten) wordt nu onderhandeld. Als gevolg van de lopende onderhandelingen kan de exacte hoogte van de vergoeding nog niet opgenomen worden in deze perspectiefnota. In juni 2021 worden de toekomstscenario’s met verschillende (financiële) varianten van beheer en eigendom voorgelegd aan uw raad. De uiteindelijke keuze van uw raad bepaalt de inhoud van de aanbesteding voor het onderhouden en vervangen van de OVL die dit najaar plaatsvind. Afval De gemeente Baarn is verantwoordelijk voor de inzameling van huishoudelijk afval. Dit wordt voor ons uitgevoerd door Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN). De beleidsambities zijn vastgelegd in het Gemeentelijk Grondstoffenplan 2015-2025. De belangrijkste maatregel uit dit plan is omgekeerd inzamelen. Een evaluatie daarvan wordt in het laatste kwartaal van 2021 aan de raad aangeboden. De belangrijkste doelstelling uit het Gemeentelijke Grondstoffenplan (GGP) is minder dan 100 kg restafval per inwoner per jaar in 2025. De tussendoelstelling voor 2020 was 75% afvalscheiding. Het GGP heeft daarmee een lager ambitieniveau dan in het landelijke programma Van Afval Naar Grondstof is opgenomen. Hoewel de invoering van omgekeerd inzamelen heeft geleid tot minder restafval, wordt ook dit lagere niveau echter niet gehaald. Ook blijven de kosten stijgen, hoewel dit wordt gedempt door de betere afvalscheiding.

Op dit moment nog geen extra budget te reserveren voor communicatie en handhaving maar eerst de evaluatie in oktober a.s. af te wachten en dan met een plan van aanpak te komen met een duidelijke strategie t.a.v. de communicatie en handhaving m.b.t. het afvalbeleid naar inwoners. Energietransitie De activiteiten die voortkomen uit energietransitie zijn in drie onderdelen te verdelen: 1) energiebesparing 2)opwek duurzame elektriciteit, 3) aardgasvrije verwarmen. Ook de activiteiten die het gevolg zijn van het Klimaatakkoord vallen hieronder. Dit zijn met name de Regionale Energie Strategie (RES) en de Wijkuitvoeringsplannen die voortvloeien uit de Transitievisie Warmte. Alle activiteiten binnen de energietransitie zijn gericht op duurzaam en toekomstbestendig. Het tempo waarin geïsoleerd wordt moet omhoog. Er zullen meer panden sneller geïsoleerd moeten worden om de doelstellingen van CO2 reductie en aardgasvrij verwarmen te bereiken. Het is dus van groot belang om alle zeilen bij te zetten om woningeigenaren, woningcorporaties, huurders en pandeigenaren op allerlei mogelijke manieren te ondersteunen bij het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. Partijen als BKA, Energiek Baarn en POB Duurzaam hebben subsidie ontvangen en zijn bezig met het stimuleren van pandeigenaren om isolatie en andere duurzaamheidsmaatregelen aan gebouwen uit te voeren.

Enerzijds om te besparen en de gevraagde CO2 uitstoot te verminderen en anderzijds om de panden die door inwoners, bedrijven en instellingen worden gebruikt transitie-klaar te maken, zodat in 2050 aardgasvrij verwarmd kan worden. Verder heeft de gemeente vanuit het Rijk de opdracht gekregen om de regie te nemen in deze transitie naar duurzame warmte, maar ook in de transitie naar duurzame elektriciteit. Met de haalbaarheidstoetsen voor aardgasvrije wijken (voortvloeiend uit de Transitievisie Warmte) en het beoogde Uitnodigingskader voor grootschalige opwek van elektriciteit starten we met de invulling hiervan. De opdracht vanuit het landelijk Klimaatakkoord om regionaal een energiestrategie op te stellen vergt ook de nodige inzet en middelen vanuit onze gemeente.

27

Aan het einde van deze collegeperiode wordt er een evaluatie opgesteld, op basis van deze evaluatie kan bepaald worden welke financiële middelen er vanaf 2023 nodig zijn om onze klimaatdoelen te halen. Incidentele ontwikkelingen Renovatie verblijfsruimtes begraafplaats Het betreft de renovatie van het kantoor, de kantine en ontvangstruimte bij de algemene begraafplaats. Deze voldoet niet meer aan de huidige eisen. De vloerbedekking is versleten, het keukentje is vervallen, de verlichting voldoet niet meer en het binnen schilderwerk is slecht. De ruimtes en meubilair voldoen niet aan de ARBO eisen, er is geen ventilatie, de douche en wc ruimtes zijn sterk verouderd en niet meer schoon te houden. Het ontvangen van “gasten” is niet representatief. Het doel is de inwoners te ontvangen in een ruimte die voldoet aan de huidige eisen met een uitstraling die je hierbij mag verwachten. Doordat de arbeidsomstandigheden in de ruimtes niet meer aan de vereisten van de huidige tijd voldoen is uitval door ziekte/ verzuim van medewerkers mogelijk. In het MJOP is € 23.000 gereserveerd. Er is echter € 76.500 nodig. We hebben een eenmalige investering nodig van € 53.500. Uitvoeren baggeren watergangen In het ‘Onderhoudsplan stedelijk water Baarn’ staan de uitvoering gepland in 2023. Het waterschap voert de werkzaamheden vervroegd in 2022 uit.

De werkzaamheden worden in gezamenlijkheid met het waterschap voorbereid en uitgevoerd, waarbij ieder voor zijn eigen deel de kosten draagt. Baggerwerkzaamheden worden eens in de 10 jaar uitgevoerd. Het uitvoeren van baggerwerkzaamheden voorkomt wateroverlast door slechte afvoer van hemelwater. Als baggerwerkzaamheden achterwege blijven stagneert de waterafvoer en kunnen hevige regenbuien mogelijk niet tijdig afgevoerd worden. Ook raken duikers eerder verstopt. Het aangrenzend terrein blijft langdurig nat en kan onvoldoende betreden worden. Het wegnemen van het baggersliblaag zorgt voor behoud van de goede waterafvoer en voldoende waterdiepte in de watergangen. De aangrenzende terreinen (sportvelden/volkstuin) blijven door goede waterafvoer beter begaanbaar bij hevige regenbuien. De watergangen die de gemeente in beheer heeft liggen voornamelijk rondom sportvelden, de volkstuin en langs de rondweg. Door aan te sluiten bij de baggerplanning van het waterschap (2022) maken we gebruik van de expertise van het waterschap. Door werkzaamheden gecombineerd met het waterschap uit te voeren kunnen mogelijk de uitvoeringswerkzaamheden voordeliger uitvallen. De omvang van het werk is groter als het werk gezamenlijk aanbesteed wordt met het waterschap (voordeel ‘schaalgrootte’).

Als in 2022 niet gebaggerd wordt, dienen de werkzaamheden in de 2023 alsnog uitgevoerd te worden waarbij meer capaciteit van de gemeente (arbeidsinzet) en mogelijk meer uitvoeringskosten gemoeid zijn (omvang van het werk wordt kleiner en mogelijk duurder als niet gezamenlijk met het waterschap aanbesteed wordt). In het Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan 2018 – 2022 is voor baggerwerkzaamheden een post gereserveerd van € 30.000. In 2021 wordt een deel van de kosten besteed aan voorbereidingswerkzaamheden. Tijdens de voorbereiding in 2021 wordt bekent wat de omvang van de baggeropgave is, de kosten hiervoor zullen worden gedekt uit de rioolvoorziening. Poort van Baarn De provincie werkt samen met de gemeente aan het project Poort van Baarn. De provincie is trekker van dit project en wil de uitvoering in 2025 ter hand nemen. Het is een zeer gevaarlijk kruispunt waar met regelmaat ongevallen plaats vinden. Daarnaast komt de doorstroming in het gedrang mede door

28

de ongevallen. De huidige twee-strooksrotonde (Escherrotonde) is een oudere uitvoeringsvorm die niet meer voldoet aan de huidige inzichten op het gebied van veiligheid. Er is daarom de afgelopen jaren gewerkt aan een nieuw ontwerp waarbij er gekozen is om de gehele rotonde te vervangen door een turborotonde. Daarnaast is er voor gekozen om het aantal aansluitende wegen te verminderen het realiseren van twee extra mini-rotondes. Een voor de ontsluiting van de Noodschil en een als veilige aansluiting met de Chopinlaan. Dit ontwerp is breed afgestemd met VVN en de fietsersbond. In 2021 is een krediet van € 300.000 hiervoor vrij gemaakt. In hoeverre dit toereikend is zal in het raadsbesluit worden uitgewerkt. Duurzaam financieel beleid Onderhoud hertenkamp en groen Het kaasschaven en niet indexeren bij de toch al krappe budgetten voor het Hertenkamp en groen (begrotingsonderdelen Cantonspark, bomen en water) bleek niet reëel. Dit zijn de begrotingsonderdelen die buiten het recent vastgestelde Integraal Beheerplan Openbare Ruimte vallen. Er is € 35.000 nodig om de budgetten op niveau te brengen. Onderhoud hertenkamp en groen

2022

2023

2024

2025

Bomen

€ 11.500

€ 11.500

€ 11.500

€ 11.500

Cantonspark

€ 3.000

€ 3.000

€ 3.000

€ 3.000

Hertenkamp Maarschalkerbos

€ 17.500

€ 17.500

€ 17.500

€ 17.500

Vijvers en sloten

€ 3.000

€ 3.000

€ 3.000

€ 3.000

Totale benodigd

€ 35.000

€ 35.000

€ 35.000

€ 35.000

29

Programma 4 Ondersteunend domein Bestuurlijke verantwoordelijkheid Burgemeester : Mark Röell Wethouder : Hugo Prakke Wat is het beoogde maatschappelijke effect ? De verschillende disciplines van bedrijfsvoering ondersteunen en adviseren de beleidsprogramma's. Daardoor zijn zij in staat om hun producten en diensten zo goed mogelijk te leveren aan de inwoners en ondernemers van Baarn. We maken onderscheid tussen concern brede kaders en de invulling die we geven aan deze kaders. Strategische doelen 1 Onze financiën zijn op orde, transparant en in balans.

2 Wij versterken bestaande en nieuwe samenwerkingen in de regio vanuit onze eigen kracht en onze eigen visie.

3 Onze bedrijfsvoering is op orde en wij werken efficiënt en resultaatgericht.

Op hoofdlijnen De taak van het programma Ondersteunend Domein is voor het merendeel op de gemeentelijke organisatie zelf gericht. Onze gemeente staat midden in de samenleving en de regio. Om onze ambities uit te voeren moet sprake zijn van een gezonde financiële huishouding, flexibiliteit en wendbaarheid van onze organisatie. Ook moet onze organisatie op sterkte blijven. Op deze manier kunnen wij anticiperen op ontwikkelingen. Dit kunnen wij als gemeente niet alleen. In toenemende mate hebben wij te maken met diverse belanghebbenden en omliggende gemeente om gemeenschappelijke opgaven en taken te realiseren. Wij vervullen een actieve rol in het onderzoeken en optimaliseren van de samenwerkingsmogelijkheden. Dit programma vervult een cruciale rol door het ondersteunen en adviseren van de verschillende beleidsprogramma’s, waardoor de gemeente zo goed mogelijk in staat is om producten en diensten te leveren zodat inwoners en ondernemers van Baarn zo goed mogelijk bediend worden. Covid 19 De coronapandemie is van grote invloed op onze medewerkers, de organisatie en de ontwikkeling van de organisatie. We hebben bijvoorbeeld veel aandacht geschonken aan de gevolgen van de coronacrisis voor medewerkers, andere manieren van (samen)werken en het vergroten van onze digitale vaardigheden.

Wat deze ontwikkelingen voor de lange termijn betekenen weten we nog niet, maar dat er ook na corona structurele effecten van de coronacrisis zijn, is aannemelijk. Dit betekent dat we na denken over de toekomst van de bedrijfsvoering na corona. Er is hiervoor nog geen concreet plan. Mogelijk is wel aanvullend budget nodig. Wij komen hier dan bij de begroting op terug. We verwachten bijvoorbeeld dat thuiswerken in bepaalde vorm blijvend is en er geen volledige terugkeer van medewerkers op kantoor zal zijn. Beleid en regelingen moeten worden ontwikkeld of aangepast.

30

Denk bijvoorbeeld aan thuiswerkbeleid en arbovoorzieningen, nieuwe vormen van samenwerken en communiceren en de inrichting en het gebruik van het kantoor. Financieel overzicht Programma 4 : Ondersteunend Domein

2022

2023

2024

2025

-312 V

-250 V

-187 V

-125 V

Herverdeling gemeentefonds Actualisering herverdeling gemeentefonds Autonome ontwikkelingen Indexering salarissen

0

0

0

0

Indexering uitgaven jeugdzorg/WMO

168 N

168 N

168 N

168 N

Indexering uitgaven overige budgetten

134 N

134 N

134 N

134 N

Indexering uitgaven subsidies

68 N

68 N

68 N

68 N

Verw. indexering meicirculaire uitgaven

-370 N

-370 N

-370 N

-370 N

Verw. indexering meicirculaire VBP

-100 V

-100 V

-100 V

-100 V

Indexering OZB/belastingen

-105 V

-105 V

-105 V

-105 V

Indexering overige inkomsten

-17 V

-17 V

-17 V

-17 V

35 N

35 N

35 N

35 N

50 N

50 N

50 N

50 N

ICT

40 N

40 N

40 N

40 N

E-HRM systeem

16 N

16 N

16 N

16 N

Structurele ontwikkelingen Toegankelijkheid Website Incidentele ontwikkelingen Gemeenteraadsverkiezingen

45 N

Regionale samenwerking

25 N

Dekking vrije ruimte afschrijvingen

-70 V

Onderhanden besluitvorming Uitbreiding van de griffie Duurzaam financieel beleid

Burgerpeiling om de 2 jaar

15 N

15 N

Storting voorziening wethouders pensioenen

125 N

125 N

125 N

125 N

Bijdrage VNG, fonds GGU

40 N

40 N

40 N

40 N

Salarissen raadsleden

20 N

20 N

20 N

20 N

-110 N

-110 N

-110 N

-110 N

Totaal -318 N

-241 N

-193 N

-116 N

55 N

55 N

55 N

55 N

55 N

55 N

55 N

55 N

Actualiseren raming belastingen

Reservelijst structurele ontwikkelingen Ontwikkeling en versterking website Totaal Een min teken (-) geeft een positief saldo weer en bedragen zijn weergegeven in duizendtallen

Herverdeling gemeentefonds Op 7 december jl. heeft het Ministerie van BZK de Tweede Kamer per brief geïnformeerd over het vervolgproces van de herijking van de verdeling van het gemeentefonds. Besloten is om de besluitvorming over de invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds aan het

31

volgend kabinet te laten. Dit betekent dat de invoering van de nieuwe verdeling opschuift van 1 januari 2022 naar 1 januari 2023. Reden hiervoor is de huidige financiële positie van gemeenten en de nog lopende gesprekken met gemeenten over onder andere de toereikende financiering van de jeugdzorg. Het is van belang dat er helderheid is over de financiële afspraken met en positie van gemeenten alvorens tot de invoering van het nieuwe verdeelmodel over te gaan (RIB 211795). Het ministerie van BZK heeft op 2 februari 2021 de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gevraagd om advies te geven over het voorstel van de fondsbeheerders voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 2023. Met het indienen van deze adviesaanvraag, zijn ook de voorlopige uitkomsten van de verdeling voor individuele gemeenten bekend gemaakt. De uitkomst van de herverdeling leidt tot een structureel nadeel van € 125 per inwoner. Als we uitgaan van 25.000 inwoners is dit een bedrag van structureel bedrage van € 3.125.000. Dit bedrag moet in 2026 zijn gerealiseerd. Dit is een eerste uitkomst en gebaseerd op cijfers van 2017. De cijfers worden nog geactualiseerd naar 2019. Het besluit van een nieuwe verdeling is aan een nieuw kabinet. De inzet van de VNG is dat eerst de omvang van het gemeentefonds groter moet worden, voordat besluitvorming over de herverdeling plaatsvind.

Wij hebben hier in de begroting 2021-2024 al voor € 0,4 mln. op geanticipeerd. Het is de verwachting dat de definitieve effecten pas bij de meicirculaire in 2022 bekend worden gemaakt. Het voorstel voor de invoering van de nieuwe verdeling gaat samen met een voorstel voor een ingroeipad waarmee de herverdeeleffecten verspreid over een aantal jaren worden ingevoerd. Met de VNG is afgesproken een generiek ingroeipad te hanteren met een herverdeeleffect van maximaal € 15 per inwoner per jaar, voor zowel gemeenten die voordeel als gemeenten die nadeel hebben van de nieuwe verdeling. Omdat het sociaal domein nog in beweging is, stellen de fondsbeheerders voor om de verdeling tijdig te evalueren. De evaluatie zal in 2025 starten zodat gemeenten tijdig duidelijkheid hebben over het verdeelmodel vanaf 1 januari 2027. Als de evaluatie daar aanleiding toe geeft wordt de verdeling aangepast. In aanloop naar de evaluatie worden de ontwikkelingen via het reguliere onderhoud van het model in de gaten gehouden. In de huidige meerjarenbegroting 2021-2024 is een ingroeipad opgenomen van € 12,50 per inwoner. Dat is nu € 15 geworden en door het uitstel van de invoering van het verdeelmodel een jaar opgeschoven. Dit betekent dat in principe € 2,5 per inwoner extra moet worden opgenomen. Dit heeft het volgende effect voor het begrotingssaldo. Inwoners Situatie

bedrag

Huidige meerjarenperspectief aantal

huidige mjb 2021-2025

€ 12,5 25.000

huidige situatie adviesaanvraag

€ 15,0 25.000

Cumulatief effect tov. mjb 2021-2025

2022

Komend 2023

2024

2025

2026

€ 312.500 € 625.000 € 937.500 € 1.250.000 € 1.250.000 € 375.000 € 750.000 € 1.125.000 € 1.500.000 312.500

250.000

187.500

125.000

-250.000

Autonome ontwikkelingen Indexering loonkosten De loonkosten zijn in 2021 met 1,9% geïndexeerd. Oorspronkelijk liep de huidige CAO tot 1 januari 2021. Wegens Corona is er een pas op de plaats gemaakt en is de huidige CAO met 1 jaar verlengd tot 1 januari 2022. In 2021 wordt opnieuw over de CAO onderhandeld. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) houdt vast aan het inlassen van een pauze in de structurele loonsverhogingen. Ook na vier overlegronden zit er geen beweging in dat standpunt. De VNG hanteert als argument voor de pas op

32

de plaats in 2021 dat de financiële positie van gemeentelijke organisaties ‘zeer zorgelijk’ is, mede als gevolg van de coronacrisis. ‘De prioriteit van gemeentelijke werkgevers ligt bij de continuïteit van de dienstverlening en werkzekerheid’, zo stellen hun onderhandelaars. De VNG zou 0,5% structurele loonsverhoging hebben geboden. De bonden zijn gezakt naar 2,75%. Ook voorwaarden als een thuiswerkvergoeding en vitaliteit zijn onderwerp van de onderhandelingen. Aangezien de indexatie over 2021 reeds in de begroting is opgenomen en de CAO wordt afgesproken passen we geen indexatie toe in 2022 op de huidige loonsom. Mocht richting het opstellen van de begroting nieuwe onderhandelingsinformatie naar buiten komen en de ontvangen indexatie in de algemene uitkering op basis van de meicirculaire het toelaten, dan kan bij de begroting 2022 de loonindexatie worden bijgesteld. De bonden hebben de onderhandelingen in februari 2021 opgeschort. Wat er daarna gaat gebeuren is nog niet helemaal duidelijk. Het bod van 0,5% loonsverhoging is door de bonden van tafel gehaald. De verwachting is dat de stijging per 1 januari 2022 minimaal 0,5% is. Indexering uitgavenbudgetten Voor indexatie van de uitgaven wordt 1,5% aangehouden. Dit verhoudt zich tot de prijsindexatie van 2020 van de consumentenprijsindex. Voor de regionaal ingekochte zorg voor jeugd en Wmo is 1,5% te weinig.

Voor de zorgkosten zal derhalve net als vorig jaar een hogere index van 2,5% worden gehanteerd om de overschrijdingen niet verder op te laten lopen. Achteraf is gebleken (RIB 192118, Inkoop zorg en ondersteuning Jeugd en Wmo 2021) dat de indexatie (gemiddeld) 3,5% zou moeten zijn voor 2021. Het effect van de hogere indexatie dan 2,5% is bij het programma verwerkt. Indexering inkomstenbudgetten Indexering van 1,5% leidt tot een structureel voordelig effect van € 17.000. Indexering OZB/overige belastingen Indexering van 1,5% leidt tot een structureel voordelig effect van € 105.000. Verwachte indexering meicirculaire overige kosten Na het afronden van de perspectiefnota wordt de meicirculaire 2021 ontvangen. Wij verwachten in deze circulaire vooral nog een bijstelling in verband met de indexatie. In 2020 en 2021 heeft geen indexering plaatsgevonden op de uitgavenbudgetten. In 2021 zijn bepaalde uitgavenbudgetten ook nog met 5% gekort. De lucht is uit de begroting. Incidentele tegenvaller kunnen niet meer worden opgevangen. Structurele prijsstijgingen van leveranciers ook niet. Het is van belang dat in 2022 wel wordt geïndexeerd. De indexatievergoeding, die bij de meicirculaire is het financiële kader om de budgetten te indexeren. Niet meer en niet minder. De indexatie is met toevoeging van deze post budgettair neutraal verwerkt.

Verwachte indexering meicirculaire verbonden partijen Wij verwachten vanuit de toekenning van de indexatie in de meicirculaire, dat ongeveer € 100.000 kan worden toegerekend aan de verbonden partijen. Dit wordt afzonderlijk bepaald om inzicht te bieden in de meerkosten van de verbonden partijen. Structurele ontwikkelingen Wet Open Overheid De Tweede Kamer heeft op 26 januari 2021 de Wet open overheid aangenomen (Woo). Deze wet beoogt een transparante en actief openbaar makende overheid en legt een verregaande plicht op aan bestuursorganen om informatie te verstrekken. De Eerste Kamer zal het voorstel waarschijnlijk in

33

2021 behandelen. De beoogde inwerkingtreding van de wet is 1 januari 2022. Het streven is om de wet in fasen in te voeren om de implementatie soepel te laten verlopen en de uitvoeringslasten te verlichten. Als de inwerkingtreding van één of meerdere fasen al per 1 januari 2022 aan de orde is, moeten we nog in 2021 extra werkzaamheden uitvoeren om per 1 januari 2022 aan de nieuwe wet te voldoen. Voor de invoering ontvangen we naar verwachting compensatie vanuit het Rijk. Of dit bedrag toereikend is voor de volledige invoering van de wet weten we nog niet. Rechtmatigheidsverantwoording Met ingang van 2021 moet het college verantwoording afleggen over de rechtmatigheid van de jaarrekening. De accountant krijgt hierdoor een andere rol en zal vanaf het boekjaar 2021 geen oordeel meer geven over de rechtmatigheid in zijn controleverklaring. De verantwoordelijkheid voor de financiële huishouding en het rechtmatig handelen wordt hiermee explicieter bij het college belegd. Vooralsnog gaan we ervanuit dat de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording kunnen opvangen binnen bestaande budgetten. Ontwikkeling algemene uitkering In de RIB 211795 (Algemene Uitkering - Decembercirculaire 2020) hebben wij u geïnformeerd over de landelijke ontwikkelingen ten aanzien van de veranderingen van de normeringssystematiek.

De voorstellen in het rapport zijn erop gericht om met name de stabiliteit van de normeringssystematiek van het gemeentefonds en provinciefonds en de hieruit voortkomende accresontwikkeling te verbeteren. In de evaluatie zijn, naast de huidige systematiek, drie alternatieven uitgewerkt. Deze zijn: het herinvoeren van een behoedzaamheidsreserve, het bevriezen of vertragen van het accres en een vaste volumeafspraak bij het regeerakkoord. De huidige systematiek geldt als de meest actuele variant; bij de overige varianten is in toenemende mate sprake van meer stabiliteit ten koste van actualiteit. In de begroting 2021-2024 is het accres bevroren in afwachting van de nieuwe normeringssystematiek. Het besluit zal dan naar verwachting op z’n vroegst in de septembercirculaire 2021 kunnen worden verwerkt. Het gevolg van het verleggen van het besluit naar het volgende kabinet is dat wij niet op de uitkomsten kunnen anticiperen in de begroting 2022-2025. Wij zullen u in de RIB over de meicirculaire 2021 informeren over de ontvangen indexatie en overige ontwikkelingen, alsmede het effect op het begrotingssaldo 2022-2025. Incidentele ontwikkelingen Moeilijk opvulbare functies Door de krappe arbeidsmarkt is het steeds moeilijker om vacatures op te vullen met goede medewerkers. In 2020 was bijvoorbeeld het budget voor werving & selectie al ontoereikend.

De kans is groot dat ook de komende jaren de kosten toenemen voor werving en selectie, bemiddeling en tijdelijke vervanging door externe inhuur. Vooralsnog hebben we dit risico meegenomen in het risicoprofiel van de gemeente en meegenomen in het benodigde weerstandsvermogen. Gemeenteraadsverkiezingen, afscheid oude gemeenteraad en installatie nieuwe gemeenteraad Dit betreft kosten die zich één keer in de vier jaar voordoen. De kosten voor de verkiezingen van € 15.000 incidenteel voor de griffie betreft uitgaven voor de stemwijzer, verkiezingsmarkt, verkiezingsdebat(ten), inwerkcursus voor toekomstige raadsleden en de uitslagenavond.

34

Bij de incidentele kosten voor het afscheid van de oude gemeenteraad en installatie nieuwe gemeenteraad moet er gedacht worden aan een afscheidscadeau, de aanschaf van nieuwe iPads of andere devices, bloemen, foto’s gemeenteraad, afzonderlijke raadsleden en steunfractieleden, eventuele kosten voor coalitievorming en specifieke kosten voor het inwerken buiten reguliere trainingen om. Deze kosten zijn geraamd op € 30.000. Circa € 19.000 betreft de aanschaf van devices. Dit gebeurde altijd op incidentele basis. Er wordt momenteel uitgezocht of dit ook structureel is te organiseren. Regionale samenwerking Regionale samenwerking wordt steeds belangrijker. Daarbij gaat het enerzijds om samenwerking op uitvoering van taken, waarbij de samenwerking ervoor zorgt dat de uitvoering robuuster wordt. Maar het gaat ook om samenwerking op gemeentegrens overstijgende vraagstukken, zoals de energietransitie, de woningbouwopgave en de toenemende druk op onze natuur- en recreatiegebieden. Dit vraagt om een helder beeld en een visie hoe we ons verhouden tot de regionale vraagstukken en ontwikkeling. Om het nieuwe bestuur in staat te stellen deze visie vorm te geven is een incidenteel bedrag van € 25.000 voor externe deskundige begeleiding nodig.

Onderhanden besluitvorming Uitbreiding griffie Tegelijk met de perspectiefnota 2022-2025 wordt in de raadsvergadering van 7 juli 2021 een raadsvoorstel behandeld om de griffie uit te breiden. De 'werkgeverscommissie griffier' dient het voorstel in. Hiermee kan de raad een integrale afweging maken ten aanzien van de besluitvorming van dit voorstel. Voor de inhoudelijke overwegingen van de uitbreiding wordt kortheidshalve verwezen naar het afzonderlijke raadsvoorstel. Voor de uitbreiding is € 50.000 nodig. Dit budget is niet vrij te maken uit de budgetten van de griffie. Dit betekent dat bij toekenning van de uitbreiding het structureel begrotingssaldo vanaf 2022 met € 50.000 negatiever wordt en daarmee een extra opgave is om richting de begroting 2022-2025 tot een sluitende begroting te komen. Het voorstel is derhalve als onderhanden besluitvorming opgenomen in het overzicht. Duurzaam financieel beleid ICT Afgelopen jaren zijn de structurele kosten toegenomen en de budgetten zijn niet geïndexeerd. De structurele onderhoudskosten voor hard- en software zijn hierdoor vanaf 2021 structureel € 40.000 hoger dan in de begroting is opgenomen. E-HRM systeem De structurele kosten voor het EHRM-systeem bedragen afgerond € 50.000. In de begroting is € 34.000 geraamd. Aanvullend budget van structureel €16.000 is vanaf 2021 nodig om de kosten te kunnen dekken.

Dit is een reparatie van al meerdere jaren te laag budget, dat niet vanuit andere budgetten kan worden gedekt. Er is wel minder aanvullend budget nodig, omdat het nieuwe systeem goedkoper is, dan het oude systeem. 2-jaarlijkse Burgerpeiling In 2019 is de Visie op de dienstverlening vastgesteld, gekoppeld aan een uitvoeringsprogramma. Als nulmeting is een Burgerpeiling uitgevoerd in 2019. Daarvan maakte de waardering van inwoners over onze dienstverlening onderdeel uit. Daarnaast geeft de peiling informatie over zaken die voor diverse

35

beleidsterreinen interessant is, zoals het sociaal domein en beheer openbare ruimte. De cijfers van 2019 zijn opgenomen op de website Waarstaatjegemeente.nl en voor alle inwoners te bekijken en vergelijken. Destijds is met de gemeenteraad gecommuniceerd om de burgerpeiling te herhalen in 2021. Het ligt in de bedoeling om de Burgerpeiling ook na 2021 om de 2 jaar te herhalen. De in de begroting op te nemen kosten bedragen 15.000 euro vanaf 2021. Dit was nog niet als zodanig verwerkt. Storting voorziening wethouders pensioenen De storting aan de voorziening wethouders pensioenen is niet structureel in de begroting opgenomen. Dit is gezien de jaarlijkse verplichte toevoeging van premies en indexatie en structurele kostenpost van minimaal € 125.000 per jaar. De storting was ook niet incidenteel begroot. De voorziening wordt sinds 2019 jaarlijks herijkt. Bijdrage VNG en Fonds GGU De bijdrage aan de VNG ( ca. € 41.000) en fonds GGU van de VNG ( € 63.000) zijn hoger dan het beschikbare budget van € 68.000. Het raming is tot nu toe niet geactualiseerd voor de uitgaven voor het fonds Gezamenlijke Gemeentelijke Uitgaven. De 352 gemeenten in Nederland zijn ieder uniek en tegelijkertijd als organisatie niet bijzonder. Een groot deel van de gemeentelijke dienstverlening is namelijk overal hetzelfde.

Dat betekent dat er een heleboel voordeel wordt behaald als gemeenten in de uitvoeringspraktijk gezamenlijk optrekken. Bijvoorbeeld door schaarse expertise en kennis te bundelen; samen sterk te staan in overleg met rijk ketenpartners en marktpartijen; efficiencyvoordelen door bijvoorbeeld als collectief in te kopen. Belangrijke thema's in het meerjarenprogramma 2020-2024 zijn informatiebeveiliging en vernieuwing van de informatievoorziening. Salarissen raadsleden Bij de vorige ramingen van de personeelslasten zijn de salarissen van de raadsleden niet bijgesteld. Het budget zal € 20.000 moeten worden bij geraamd. Actualiseren raming belastingen Op basis van de ontvangsten bij de jaarrekening 2020 kunnen inkomstenbudgetten voor forensenbelasting (€ 10.000) en OZB ( € 100.000) worden verhoogd. Structurele ontwikkelingen reservelijst Toegankelijkheidseisen websites De gemeente Baarn heeft diverse websites in beheer. Voor alle overheden geldt de wettelijke verplichting om de eigen websites en apps toegankelijk te maken voor iedereen (digitale agenda gemeenten 2024). Deze verplichting geldt ook voor digitale documenten die geplaatst zijn op gemeentelijke websites. We voldoen nog niet aan deze wetgeving. Vernieuwing van de website zorgt niet alleen voor meer toegankelijkheid voor de inwoners, maar helpt ons ook om onze inwoners nog beter tot dienst te zijn.

Baarn.nl is hét kanaal voor communicatie naar en interactie met onze inwoners, ondernemers en organisaties (bijvoorbeeld een discussieplatform). Een middel om onze dienstverlening en communicatie te optimaliseren, waar informatie en nieuws makkelijk te vinden is en waar je met een paar klikken je gemeentelijke zaken kan regelen. Onze huidige website is gelanceerd in 2016 en verouderd, zowel qua techniek als inhoud. De samenleving verandert; onze inwoners willen gemak, interactie en mobiliteit in hun contacten met de gemeente. Het voldoen aan de toegankelijkheidseisen, het verbeteren van de digitale dienstverlening, meer interactie met onze inwoners én betere ontsluiting van informatie vraagt ook een professionalisering van het beheer van de website. 36

Om te voldoen aan de wettelijke toegankelijkheidseisen, de digitale dienstverlening en interactie te optimaliseren én het beheer van de websites te professionaliseren is € 90.000 euro eenmalig in 2021 nodig. Deze eenmalige kosten worden betaald uit beschikbare budgetten Optimalisering online dienstverlening en Programma digitalisering. Daarnaast is voor de wettelijke toegankelijkheidseisen, optimalisatie van de digitale dienstverlening en interactie met inwoners én professionalisering van het beheer € 90.000 structureel nodig vanaf 2022. Als dit structurele budget niet beschikbaar gesteld wordt, dan is nog altijd €35.000 structureel nodig vanaf 2022 om te voldoen aan de wettelijke toegankelijkheidseisen. Als deze minimale variant aan structurele middelen beschikbaar gesteld wordt, dan is er weinig ruimte voor digitale vernieuwingen en wordt de huidige website enkel omgezet naar een nieuw platform dat voldoet aan de toegankelijkheidseisen. Inspelen op de veranderende vraag van inwoners, een ander ontwerp, vernieuwing van content, een kwaliteitsinjectie op inhoud, gebruik van het discussieplatform en professionalisering van het beheer kunnen dan naar verwachting niet worden gerealiseerd.

37

Paragraaf financieel beleid Financieel overzicht Perspectiefnota 2022-2025 Exploitatie

In deze paragraaf is een nadere specificatie opgenomen van de tabel 'ontwikkeling begrotingssaldo perspectiefnota' uit de bestuurlijke samenvatting. 1. Herverdeling gemeentefonds

progr.

Herverdeling 1 jaar verschoven

4

Nadelig effect € 2,50 per inwoner hoger

4

Totaal effect herverdeling gemeentefonds

2. Verbonden partijen

progr.

2022

2023

2024

2025

-312 V

-312 V

-312 V

-312 V

62 N

125 N

187 N

-312 N

-250 N

-187 N

-125 N

2022

2023

2024

2025

VRU

1

4N

4N

22 N

22 N

RID

1

41 N

41 N

41 N

41 N

BBS

2

118 N

118 N

118 N

118 N

GGDrU

2

25 N

25 N

25 N

25 N

RWA AMFORS

2

0

0

0

0

RMN

3

36 N

36 N

36 N

36 N

RUD

3

24 N

24 N

24 N

24 N

Verw. dekking indexatie algemene uitkering

4

-100 V

-100 V

-100 V

-100 V

148 N

148 N

166 N

166 N

Totale kosten verbonden partijen

3. Autonome ontwikkelingen

progr.

2022

2023

2024

2025

Indexering salarissen

4

0

0

0

0

Indexering uitgaven jeugdzorg/WMO

4

168 N

168 N

168 N

168 N

Indexering uitgaven overige budgetten

4

134 N

134 N

134 N

134 N

Indexering uitgaven subsidies

4

68 N

68 N

68 N

68 N

Verw. indexering meicirculaire uitgaven

4

-370 N

-370 N

-370 N

-370 N

Indexering OZB/belastingen

4

-105 V

-105 V

-105 V

-105 V

Indexering overige inkomsten

4

-17 V

-17 V

-17 V

-17 V

-122 N

-122 N

-122 N

-122 N

Totaal autonome ontwikkelingen

38

4. Jeugdzorg en Wmo 4. Jeugdzorg en Wmo

progr.

2022

2023

2024

2025

Wmo : Vervoersvoorzieningen

2

19 N

19 N

19 N

19 N

Wmo : Woonvoorzieningen

2

72 N

72 N

72 N

72 N

Wmo : Rolstoelvoorzieningen

2

76 N

76 N

76 N

76 N

Wmo : Hulp in huishouden

2

72 N

72 N

72 N

72 N

Wmo : Eigen bijdragen (abonnementstarief)

2

105 N

105 N

105 N

105 N

Jeugd/Wmo : Zwaardere zorgtrajecten

2

500 N

500 N

500 N

500 N

Jeugd/Wmo : lichtere ambulante zorgtrajecten

2

250 N

250 N

250 N

250 N

Hogere indexatie 2021 regionale inkoop dan 2,5%

2

60 N

60 N

60 N

60 N

Hogere indexatie 2022 regionale inkoop dan 2,5%

2

50 N

50 N

50 N

50 N

Onderschrijding diverse budgetten

2

-201 V

-201 V

-201 V

-201 V

1.003 N

1.003 N

1.003 N

1.003 N

2022

2023

2024

2025

Totaal duurzaam financieel beleid

5. Duurzaam financieel beleid

progr.

Verkiezingen

1

26 N

26 N

26 N

26 N

Zaaksysteem

1

18 N

18 N

18 N

18 N

Centraal archief Eemland

1

22 N

22 N

22 N

22 N

Stichting slachtofferhulp

1

7N

7 N

7 N

7 N

Onderhoud hertenkamp en groen

3

35 N

35 N

35 N

35 N

ICT

4

40 N

40 N

40 N

40 N

E-HRM systeem

4

16 N

16 N

16 N

16 N

Burgerpeiling om de 2 jaar

4

Storting voorziening wethouders pensioenen

4

125 N

125 N

125 N

125 N

Bijdrage VNG, fonds GGU

4

40 N

40 N

40 N

40 N

Salarissen raadsleden

4

20 N

20 N

20 N

20 N

Actualiseren raming belastingen

4

-110 N

-110 N

-110 N

-110 N

239 N

254 N

239 N

254 N

Totaal duurzaam financieel beleid

15 N

15 N

39

8. en 9. Incidentele ontwikkelingen

progr.

2022

2 jaar extra capaciteit voor ondermijning

1

20 N

Inwonersparticipatie

1

90 N

Haalbaarheidsstudie IHP

2

25 N

Renovatie verblijfsruimtes begraafplaats

3

54 N

Gemeenteraadsverkiezingen

4

45 N

Regionale samenwerking

4

25 N

Totaal Incidentele voorstellen

2023

2024

2025

20 N

259 N

20 N

div. -259 N

-20 N

-259 N

-20 N

Dekkingsvoorstel incidenteel Dekking algemene reserve Dekking stelpost vrije ruimte afschrijvingen Totaal dekkingsvoorstel

Een min teken (-) geeft een positief saldo weer en bedragen zijn weergegeven in duizendtallen

Wettelijk kader Inleiding Het wettelijk kader dat de begroting en jaarrekening regelt is in drie niveaus te onderscheiden. Dit zijn: 1. Wet- en regelgeving van Rijkswege; 2. Provinciale begrotingsrichtlijnen en toetsingsaspecten; 3. Gemeentelijke kaderstelling. Het doel van de wet- en regelgeving is het kunnen realiseren van de beleidsdoelstellingen met behoud van de getrouwheid en rechtmatigheid van de cijfers enerzijds en een gezonde duurzame financiële positie anderzijds. De begroting wordt getoetst door de provincie (art 203 gemeentewet) en de jaarrekening wordt getoetst door de accountant (Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO). De toetsing door de accountant wordt ook beschreven in het controleprotocol dat jaarlijks door de raad wordt vastgesteld. 1. Wet- en regelgeving van Rijkswege In eerste instantie wordt het wettelijk (financieel) kader gegeven door wet- en regelgeving van Rijkswege. Het is geen keuze maar voorgeschreven regels waar de gemeente zich aan moet conformeren. Hogere wetgeving zijn: •

Grondwet;

•

Gemeentewet;

•

Financiële verhoudingswet;

•

Wet Financiering decentrale overheden (Fido);

•

Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden;

•

Wet Houdbare overheidsfinanciën (HOF);

•

Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (RUDDO); 40

•

Regeling taakvelden en Iv3;

•

Besluit leningsvoorwaarden decentrale overheden;

•

Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO);

•

Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).

2. Provincie begrotingsrichtlijnen en toetsingsaspecten De Provinciaal toezichthouder geeft een financieel kader met de begrotingsrichtlijnen en toetsingsaspecten. De wettelijke grondslag van het toezicht ligt in art 203 Gemeentewet. De Provincie Utrecht heeft het gemeenschappelijk financieel toezichtskader 2020 gepubliceerd op haar website en de benaderen via onderstaande link. Dit is het meest actuele kader, zoals alle provincies dat toepassen. Het provinciaal toezicht ligt zeer dicht bij de gemeentelijke financiële praktijk. Tweemaal per jaar is een overleg tussen de gemeente en de provincie over de financiële positie. De provincie heeft op 31 maart 2021 een brief verstuurd aan de raden over de begrotingsrichtlijnen en toetsingsaspecten voor de begroting 2022. https://www.provincie-utrecht.nl/onderwerpen/bestuurlijke-zaken/interbestuurlijktoezicht#toezicht 3. Gemeentelijke kaderstelling In derde instantie wordt het financieel kader gegeven door de eigen gemeentelijke kaderstelling. Dat zijn de financiële nota’s en verordeningen. Een aantal van deze zijn verordeningen zijn/worden in 2021 geactualiseerd. •

Financiële verordeningen ex art 212 Gemeentewet; Vastgesteld in februari 2021.

•

Financiële nota Reserves en Voorzieningen; Vast te stellen in juni 2021.

•

Financiële nota Investeren, Activeren en Afschrijven; Vast te stellen in juni 2021.

•

Treasurystatuut; Vastgesteld in april 2019.

Duurzaam financieel beleid Inleiding De gemeente Baarn streeft naar een duurzaam financieel beleid. Dit streven vertalen wij door in de financiële uitwerking van de begroting “de structurele lasten te dekken door structurele baten”. Dit is ook de kern van het financieel toezichtskader van de provincie (artikel 203 Gemeentewet). Daar wordt het financieel toezicht geregeld. Maar een duurzaam financieel beleid is meer dan alleen de slogan: “structurele lasten dekken door structurele baten”. Het realistisch ramen is een belangrijk onderdeel van duurzaam financieel beleid. Bij elk P&C document wordt beoordeeld in hoeverre de ramingen nog toereikend zijn. Duurzaam financieel beleid is geen constante dat eenmaal opgesteld en geconsolideerd een statisch gegeven is. Voortdurend moeten uitgangspunten opnieuw geformuleerd en aangepast worden. Drie aandachtspunten zijn van belang. 1. Het financieel kader. 2. De stip op de horizon. 3. De reservepositie.

41

1. Financieel kader Wettelijke kaders zijn primair van belang bij het opstellen van de perspectiefnota en begroting (en jaarrekening). Naast deze wettelijke kaders hanteert Baarn ook financiële kaders. De te hanteren uitgangspunten voor de begroting 2022 – 2025 zijn: • Geen toename van gemeentelijke lastendruk anders dan de inflatiecorrectie; • 100% kostendekkendheid voor de heffingen afval, riool en begraafplaats; • Structurele lasten worden gedekt met structurele baten; • Versterking van de financiële positie. 2. Stip op de horizon Het wordt een steeds grotere opgave de lasten en baten op begrotingsbasis in evenwicht te houden. Landelijk gezien hebben een groot aantal gemeenten probleem met het opstellen van een sluitende (meerjaren)begroting. Een sluitende begroting waarin de structurele baten de structurele lasten dekken. Tot de begroting 2021-2025 lukte dat voor Baarn wel. Het huidige meerjarenperspectief is niet structureel sluitend voor 4 jaar. In afstemming met de provincie zal minimaal 1 jaar structureel en reëel in evenwicht moeten zijn. Dit perspectief moet elk jaar verbeteren. Dit betekent dat bij een volgende begroting 2 jaren structureel en reëel in evenwicht moeten zijn. De minimale doelstelling voor de begroting 2022-2025 is om de jaren 2022 en 2023 structureel en reëel sluitend te hebben.

Het structurele tekort voor 2024 en 2025 willen we niet hoger laten oplopen dan € 0,5 miljoen bedragen. Na het vaststellen van de perspectiefnota, zal de begrotingsadministratie administratief worden bijgewerkt op basis van de uitgangspunten van de perspectiefnota. De meicirculaire zal een nieuwe update geven over de stand van het gemeentefonds en daarmee het mogelijke effect op het begrotingssaldo. Afhankelijk van deze uitkomsten zullen maatregelen moeten worden genomen om een structureel en reëel sluitende begroting binnen de doelstelling te kunnen presenteren. 3. Reservepositie Reserves zijn bestemde middelen, met uitzondering van de Algemene Reserve. Dit is een vermogenspositie die weliswaar vrij inzetbaar is maar dat kan alleen op raadsbesluit. Een deel van de algemene reserve is aangemerkt als dekking voor het risicoprofiel van de gemeente. Dit profiel wordt tweemaal per jaar (paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing in de begroting en jaarrekening) geactualiseerd. Het risicoprofiel van de gemeente Baarn ligt bij de begroting 2021 op ongeveer € 4.5 miljoen en bij de jaarrekening 2020 op € 4,8 mln. Het risico van de herijking van het gemeentefonds is € 2,6 miljoen. Het minimaal benodigd weerstandsvermogen bedraagt dan € 7,4 miljoen. De Algemene Reserve bedraagt ultimo 2020 € 16,1 miljoen en loopt af ultimo 2025 naar € 10,8 miljoen. (zie bijlage 1).

Hiermee blijft de algemene reserve boven het gewenste niveau van minimaal € 10 miljoen en boven het minimaal weerstandsvermogen. Dit is nodig gezien het neerwaartse verloop van de afgelopen jaren, de recente negatieve jaarresultaten, huidige onzekere financiële situatie van gemeenten en ontwikkeling/herverdeling van het gemeentefonds. Op het moment van schrijven is bekend geworden dat de 13 woningen aan de Elly J. Meijertuin zijn toegewezen. Als de verkoop binnenkort definitief is kan de gemeente de grond overdragen voor € 4,2 mln. Dit bedrag wordt dan in 2021 aan de algemene reserve toegevoegd.

42

Grondslagen begroting 2022-2025 Inleiding Grondslagen begroting 2022 - 2025 Voor de begroting 2022-2025 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd : • Beleidsarm en conserverend van aard. • Duurzaam financieel beleid. • Voorkomen van bezuinigingen. Dus vooralsnog geen uitvraag voor bezuinigingsmaatregelen. Het jaar 2022 is het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen en het eerste jaar van het nieuwe college. In deze perspectiefnota worden geen nieuwe beleidsmatige keuzes en/of ambities naar aanleiding van het collegeprogramma. Het is daarom evenmin het moment om tot (structurele) bezuiniging over te gaan. Het streven is ook om bezuinigingsvraagstukken in deze fase van de collegeperiode te voorkomen. Bij de vorige begroting was het uitgangspunt al dat de begroting beleidsarm en conserverend van aard was. Er is ingezet op de bestaande speerpunten en geen nieuw beleid opgenomen. Tevens is het uitgangspunt van duurzaam financieel beleid gehanteerd. Bij de vorige Perspectiefnota’s is aangegeven dat de ‘lucht’ uit de begroting is. Ook de grens in het toepassen van kaasschaven en niet meer indexeren is bereikt. In het verlengde hiervan is bij de begroting 20212024 een ontwikkelopgave uitgeschreven ter toetsing van de realiteit van de begroting.

De andere ontwikkelopgaven houden verband met bijvoorbeeld de monitoring van de zorgkosten en de uitwerking van de Meerjaren Investerings Planning (MIP). In bijlage 3 zijn de bij de begroting 2021 geformuleerde ontwikkelopgave benoemd en uitgewerkt. Vanaf 2021 geldt ook het uitgangspunt van voorkomen van overschrijdingen. De beste manier om hier op te sturen is dat geen overschrijdingen meer worden toegestaan. Het doel is om vanaf 2021 geen negatief resultaat meer te hebben en mogelijk zelf wat toe te voegen aan de algemene reserve. Er worden in principe in de perspectiefnota geen PM bedragen opgenomen. Indien onzeker is wat een bepaalde ontwikkeling kost en dit niet op geld is te waarderen kan de ontwikkeling worden gemeld en wordt aangegeven, wanneer het de verwachting is dat de uitgaven wel bekend zijn en de definitieve besluitvorming daarover zal plaatsvinden. Indexeringen Prijsindex uitgavenbudgetten en subsidies Voor de Programmabegroting 2022 wordt een indexering van 1,5% toegepast. Voor de regionaal ingekochte jeugdzorg en Wmo geldt een indexatie van 2,5%. Investeringsuitgaven Investeringsbudgetten worden niet geïndexeerd. De opgenomen investeringen zijn tegen het actuele prijspeil 2022 opgenomen. De afschrijving van activa start in het jaar nà gereedkomen van het actief. Aan activa wordt 0,5 % omslagrente toegerekend.

Ook de rentetoerekening start in het jaar nà gereedkomen van het actief. Indexering OZB/overige belastingen Voor de OZB en overige belastingen wordt de indexatie van 1,5% toegepast. Dit heeft een voordelig effect op de begroting van circa € 105.000.

43

Salarissen De CAO voor 2021 en 2022 is de looncompensatie wordt 1,8% van het totale loonbudget (€ 190.000) meegenomen. Deze stijging is in de begroting 2021 al verwerkt. In de begroting 2022 is derhalve geen indexatie verwerkt. Afvalstoffenheffing De RMN begroting wordt beïnvloed door meerdere externe factoren. Deze autonome ontwikkelingen zijn deels onzeker, waardoor de realisatie af kan wijken van de begroting. Risico hierbij is dat de egalisatievoorziening naar verwachting uitgeput is dit jaar, waarbij een financieel beleidskader is dat deze niet negatief mag worden. Hier zal rekening mee gehouden moeten worden bij het vaststellen van het tarief. Voor de afvalstoffenheffing wordt voor 2022 de indexatie van 1,5% toegepast. Rioolheffing Voor de rioolheffing wordt voor 2022 de indexatie van 1,5% toegepast. Formatie 1. De toegestane formatie uitgedrukt in geld (€) mag niet afwijken van het budget dat door de raad beschikbaar is gesteld; 2. Het formatieschema wordt één maal per jaar, bij de begrotingsopstelling voor het volgende boekjaar, opgesteld en vastgesteld door college/raad; 3. Bij hogere inschaling ten opzichte van de vastgestelde inschaling (bijvoorbeeld een HR21 schaal 9 wordt bezet door een medewerker in schaal 10), wordt het bedrag van de hogere inschaling begroot; 4.

De begrotingswijziging voor de begrotingsopstelling volgend boekjaar is gebaseerd op het formatieschema lopende jaar met de volgende wijzigingen: a. Door de raad vastgestelde formatie-mutatie (min of plus); b. Indexeringen conform CAO ontwikkelingen. 5. Van functies wordt de p-max (zijnde de hoogste periodiek van een salarisschaal) begroot. Afschrijvingslasten Het is gewoon dat jaarlijks een vrijval optreedt van afschrijvingslasten omdat sommige activa volledig afgeschreven zijn en niet meer op de begroting drukken. Deze vrijgevallen ruimte wordt gebruikt om vervangingsinvesteringen te kunnen dekken. De vervangingsinvesteringen worden in de Meerjaren Investerings Planning (MIP) in de begroting voorgelegd. Het afschrijvingslastenplafond wordt vastgesteld op: 2021 € 2.215.000 2022 € 2.480.000 2023 € 2.480.000 2024 € 2.480.000 2025 € 2.480.000 Rente op geldleningen O/G De begrotingspost voor rente op langlopende geldleningen O/G is begroot op: 2021 € 150.000 2022 € 175.000 2023 € 200.000 2024 € 200.000 2025 € 200.000

44

Rente over eigen vermogen De gemeente Baarn volgt onderstaande aanbeveling van de commissie BBV geen rente toe te rekenen aan reserves. “Alhoewel in het BBV de mogelijkheid vooralsnog blijft bestaan om een rentevergoeding (of een vergoeding voor de inflatie) over het eigen vermogen en de voorzieningen te berekenen en deze door te belasten aan de taakvelden, adviseert de Commissie BBV vanwege het verlangde inzicht, de eenvoud en transparantie deze systematiek niet (meer) toe te passen”. Verbonden partijen De verbonden partijen dienen jaarlijks de begroting in bij de gemeenten ter goedkeuring. De goedgekeurde begroting wordt verwerkt in de gemeentelijke begroting en beschreven in een aparte (verplichte) paragraaf.

45

Bijlagen Bijlage 1 Verloop Algemene Reserve 2021-2025 Verloop Algemene Reserve 2021-2025 Hieronder is het verloop en de claims op de algemene reserve gepresenteerd. De analyse van de toereikendheid van de algemene reserve is opgenomen in de paragraaf duurzaam financieel beleid. Verloop overzicht algemene Reserve 2021-2025 Bron

Omschrijving verloop

Progr.

2021

2022

2023

Jaarrekening 2020

Beginstand

Jaarrekening 2021

Rekeningresultaat 2020 (voorlopig)

MJB 2021-2024

Participatie (inwonertop)

1

-15

MJB 2021-2024

Openingstijden Burgerzaken

1

-70

MJB 2021-2024

Digitalisering van dienstverleningskanalen

1

MJB 2021-2024

Lokaal team

2

MJB 2021-2024

Bijdrage BBS

2

-99

MJB 2021-2024

Omgevingswet

2

-195

MJB 2021-2024

Poorthuis

3

-75

MJB 2021-2024

Bomen

3

-40

MJB 2021-2024

App. Meldingen openbare ruimte

3

-4

MJB 2021-2024

Incidentele bijdrage RID

4

-26

MJB 2021-2024

Communicatie RO (div. projecten)

4

-95

Budget overheveling 2020/2021

Digitalisering

1

-104

Budget overheveling 2020/2021

Invoering omgevingswet

1

-187

Budget overheveling 2020/2021

Aanpak landelijke adreskwaliteit

1

-20

Budget overheveling 2020/2021

Verkiezingen 2021

1

-43

Budget overheveling 2020/2021

Coronasteungelden lokale culturele voorzieningen

2

-141

Budget overheveling 2020/2021

Coronasteungelden welzijnssector

2

-29

Budget overheveling 2020/2021

Communicatie bij armoedebestrijding

2

-20

Budget overheveling 2020/2021

Wet natuurbescherming

3

-105

Budget overheveling 2020/2021

Cultureel erfgoed

3

-89

Budget overheveling 2020/2021

Haalbaarheidsonderzoek aardgasvrije wijken

3

-32

Budget overheveling 2020/2021

Bomenbeheerplan

3

-15

Budget overheveling 2020/2021

Voorbereidingskosten project Baarnsche zoom

3

-78

Budget overheveling 2020/2021

Kwaliteitsbrondocument ihkv. identiteitsfraude

4

-15

Raadsbesluit 21 april 2021

Integrale toegang sociaal domein

2

-89

Raadsbesluit 21 april 2021

Integraal Beheerplan Openbare Ruimte

3

-115

PPN 2022-2025

Vrijval reserve beheer openbare ruimte (groenvlakken en speeltoestellen)

3

267

PPN 2022-2025

Overschrijding Jeugdzorg/Wmo

2

-1.000

-450

PPN 2022-2026

Claim locatie speeldoos/bibliotheek (besluitvorming volgt nog)

2

-201

-579

2024

2025

16.136 14.050 12.669 11.560 11.225 -572

-70

-70

-80 -50 -40

-20

-10

115

-450

-450

-335

-450

Totaal mutaties

-2.086 -1.381 -1.109

Eindstand

14.050 12.669 11.560 11.225 10.775

46

Bijlage 2 Meerjareninvesteringsplan (MIP) 2021-2025 Inleiding In de begroting 2021-2024 is een ontwikkelopgave benoemd om in de begroting een meerjareninvesteringsplan (MIP) op te nemen in de vorm van een overzicht van alle kredieten over een langere tijdshorizon. Aangezien de investeringen in de openbare ruimte ook in het investeringsplan moeten worden betrokken zal de hoogte van het kapitaallastenplafond worden herbeoordeeld. Zo ontstaat inzicht in de ontwikkeling van de vrije ruimte binnen het afschrijvingslastenplafond, die beschikbaar is voor nieuwe en vervangingsinvesteringen. Het MIP wordt vastgesteld bij de vaststelling van de begroting 2022-2025. Om de investeringsbudgetten en beschikbare afschrijvingsruimte zo actueel mogelijk te hebben maken ook de investeringen van 2021 onderdeel uit van het MIP. Onderstaand overzicht is richtinggevend voor de begroting 2022-2025. Na de perspectiefnota 2022 zal dit overzicht in de activa-administratie worden bijgewerkt, waarna bij het begroting het precieze bedrag van de vrije ruimte afschrijvingslasten kan worden bepaald. De activa-administratie wordt dan ook bijgewerkt voor de afgesloten en doorgeschoven investeringskredieten bij de jaarrekening en wijzigingen als gevolg van de in mei 2021 vast te stellen nota investeren, activeren en afschrijven.

Een voorwaarde voor een goede MIP is een actuele meerjaren activa-administratie vanuit het financiële systeem, waarin ook de begroting periodiek wordt bijgewerkt. Momenteel wordt de activa-administratie 1 keer per jaar bijgewerkt tussen de Perspectiefnota en de Begroting. We willen dit jaar die periode benutten om de activabegroting dynamischer te maken.

47

Meerjareninvesteringsplan - Overzicht beschikbare kredieten Meerjareninvesteringsplan 2021-2025 Investeringscategorie

Omschrijving kredieten

2021

Voorbereidingskosten

Speeldoos Bibliotheek

250

Voorbereidingskosten

Speeldoos Bibliotheek

Gebouwen

Renovatie Centrumscholen

Gebouwen

Speeldoos Bibliotheek

Gebouwen

Verduurzaming gemeentelijk vastgoed

Grond

Poort van Baarn

300

Groen

Regulier

129

Riolering

2022 2023 2024 2025 Status Besluit

448

T

Raad 16 december 2020

R

Raad 16 december 2020

400 T 6.941 133

R 295

615

300 R T

194

194

194

Begroting 2021 Raad 16 december 2020 Najaar 2021 Begroting 2021

194 T

Raad 21 april 2021

Riolering

1.730 2.557 2.247 1.755 3.142 T

Raad 21 april 2021

Verharding

Wegen

1.765

606

852

740

930 T

Raad 21 april 2021

Speeltoestellen

Speeltoestellen

85

85

85

85

85 R

Begroting 2022

Bedrijfswagens

2 bedrijfswagens buitendienst

75

75

75

R

Begroting 2022

Verharding

Inrichting terrein gronddepot 2017

395

T

jaarrekening 2020

Verharding

Noordschil - wegen en straatwerk

100

T

jaarrekening 2020

Verharding

Fietspad Soest-Hilversum

489

T

jaarrekening 2020

Verharding

Fietsroutes 2020

102

T

jaarrekening 2020

Verharding

Brink 2020

T

jaarrekening 2020

Verharding

Eemweg 2020

159

T

jaarrekening 2020

Verharding

Molenweg 2020

218

T

jaarrekening 2020

Gebouwen

Verduurzaming centrumschool Aloysius 2020

200

T

jaarrekening 2020

Groen

Noordschil - groeninrichting

33

T

jaarrekening 2020

Groen

Verv. versleten groenvakken 2020

36

T

jaarrekening 2020

Speeltoestellen

Speeltoestellen 2020

64

T

jaarrekening 2020

Groen

Cantonspark fase 2 2020

249

T

jaarrekening 2020

Riolering

Riolering Molenweg en omgeving 2020

629

T

jaarrekening 2020

Overige

Bewegwijzering Baarn

45

T

jaarrekening 2020

300

Totaal 6.978 11.339 3.748 3.464 5.051 R = Reservering; T= toekenning Bedragen zijn weergegeven in duizendtallen

48

Meerjareninvesteringsplan - Verloop afschrijvingslasten Dekking van het afschrijvingslastenplafond

2021

2022

2023

2024

2025

Afschrijvingslasten begroting 2021-2025

2.415

2.626

2.663

2.699

2.735

AF : Afschrijvingslasten obv. Heffingen

-337

-336

-331

-330

-330

34

-3

-39

-75

Correctie dotatie voorziening voor Openbare ruimte (besluit april 2021) Omzetting budget groen

30

30

30

30

30

Omzetting budget speeltoestellen

85

85

85

85

85

Afschrijvingslasten bruto waarderingsreserve Openbare ruimte

22

88

88

88

88

Totaal beschikbaar voor afschrijvingslasten

2.215

2.527

2.532

2.533

2.533

Prognose afschrijvingslasten

2021

2022

2023

2024

2025

Huidige begroting 2021-2025

2.310

2.457

2.437

2.434

2.434

AF : Afschrijvingslasten obv. Heffingen

-337

-336

-331

-330

-330

8

15

23

-130

-93

-93

-93

-93

22

Vervanging bedrijfswagens buitendienst Bijstelling afschrijvingslasten nav. jaarrekening 2020 Bruto waarderingsreserve Openbare ruimte

88

88

88

88

IBOR Verharding

35

56

67

92

IBOR Groen

6

16

26

36

Speeltoestellen

9

17

25

34

Speeldoos/bibliotheek

50

-30

82

82

0

0

5

20

46

Totaal verwachte afschrijvingslasten

1.865

2.216

2.173

2.334

2.412

Inzet vrije investeringsruimte

2021

2022

2023

2024

2025

Begroting 2021 : Dekking incidentele kosten jeugdzorg 2021

175

PPN 2022 : Toevoegen aan afschrijvingsplafond rente

25

50

50

50

PPN 2022 : Investeringen Speeltoestellen en Groen 2020 structureel in exploitatie

19

19

19

19

PPN 2022 : Incidentele uitgaven in 2022

259

20

Duurzaamheidsinvesteringen

Totaal inzet vrije investeringsruimte

175

303

89

69

69

Verloop vrije investeringsruimte

2021

2022

2023

2024

2025

Beschikbaar voor afschrijvingslasten

-2.215 -2.527 -2.532 -2.533 -2.533

Verwachte afschrijvingslasten

1.865

2.216

2.173

2.334

2.412

Inzet vrije investeringsruimte

175

303

89

69

69

Eindstand vrije investeringsruimte

-175

-8

-270

-130

-52

Een min teken (-) geeft een positief saldo weer en bedragen zijn weergegeven in duizendtallen

49

Bijlage 3 Uitwerkingen overige opdrachten perspectiefnota Inleiding In het raadsvoorstel (175192, behandeld op 4 november 2020 in de raad) bij de begroting 2021-2024 zijn een aantal voornamelijk financiële ontwikkelopgaven opgenomen. Dit zijn vraagstukken, die een nadere uitwerking vragen. Het doel is deze vraagstukken bij de Perspectiefnota 2022 te hebben uitgewerkt. De vraagstukken zijn: 1. Verbeteren van de totstandkoming van de P&C documenten. Hiermee willen we ook invulling geven aan de verbetervoorstellen van de rekenkamer. In een november 2020 informeren wij u hier afzonderlijk over met een RIB. 2. Monitoren uitgaven jeugdzorg en WMO om deze structureel binnen de geactualiseerde raming houden. 3. Toereikendheid beoordelen van de uitgavenbudgetten als gevolg van de kaasschaaf van het niet toekennen indexering uitgavenbudgetten 2020 en 2021 en de 5% korting bij de PPN 2021. 4. Investeringen in openbare ruimte worden geactiveerd en afgeschreven in plaats van rechtstreeks ten laste van de voorziening van algemene reserve. De effecten van deze wijziging bij de Perspectiefnota 2022 voor de stand van de voorzieningen, de exploitatie en de MIEP moet nog worden uitgewerkt. 5. Er wordt onderzocht wat het effect is in het MIEP en / of MJOP gebouwen ten aanzien van de kwaliteitseisen omtrent duurzaamheid van ons eigen vastgoed. 6.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10170723/2