260225 Verslag Raadsvergadering 25 februari 2026 concept
Tekst van het document
Gemeente Baarn Bijeenkomst “Raadsvergadering” CONCEPT-Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 25 februari 2026 in de raadszaal van het gemeentehuis
Aanwezig: Voorzitter
Jhr. M.A. Röell
Raadsgriffier
de heer D.E. Bulthuis (wnd)
VoorBaarn VVD
mevrouw M.L. Deurloo, mevrouw M.J. Koenders-van de Vrugt de heer J.M. Jonkers, de heer M.R. Korkmaz, mevrouw A.M. Martens, de heer A.P. van der Padt de heer J.J.G. Bosman, de heer W.J.L. Genuit, mevrouw J.A.M. Sluijs de heer H.J. van Hardeveld, de heer R. van Wijk de heer V.A. Brinkman-Koopal, mevrouw S. Bruijstens mevrouw C.J. Struijk-Cramer de heer R.M. Bruins de heer M.A.C. van Grinsven, de heer J.C.A. van Loon de heer M.R.N. Schouten
GroenLinks CDA PvdA D66 ChristenUnie 50PLUS Lijst Schouten Wethouders
de heer M. Eijbaard, de heer H.B. Prakke, de heer M.R. Veldhuizen, de heer S. de Vries
Afwezig: mevrouw S.H.B. Oortman Gerlings-van Hal (VVD) __________________________________________________________________________ 1.
Opening
De VOORZITTER: Dames en heren, van harte welkom bij deze raadsvergadering van de gemeente Baarn. Een normale vergadering maar ook wel een beetje een bijzondere vergadering, want het is de laatste vergadering waarin u in deze vorm, in deze samenstelling, besluiten gaat nemen. Tenminste, mochten de stemmen niet staken vandaag, want u bent met één iemand minder, want we hebben een afmelding van mevrouw Oortman Gerlings maar als dat niet het geval is, dan zal dit de laatste vergadering in deze samenstelling zijn en voor een aantal van u de laatste raadsvergadering sowieso omdat er een aantal van u gaat stoppen met het raadswerk. Daarbij wens ik u een hele leuke, interessante, hopelijk niet te lange vergadering vanavond. Ik kan me voorstellen dat sommige mensen denken, nou, het is mijn laatste, ik ga er vol voor, maar dat hoeft niet, hoor. Dat hoeft niet. Maar een mooie vergadering aan iedereen. Welkom ook aan de mensen op de publieke tribune, mensen thuis, college. Ook voor u allemaal een interessante vergadering en een mooie vergadering gewenst. Mevrouw Oortman Gerlings is niet aanwezig maar we hebben wel het quorum, dus dat is prettig. Dus we kunnen vergaderen. En wat ik al zei, op het moment dat de stemmen staken, dan zullen wij uitwijken naar een volgende vergadering.
En mijn voorstel is om dat dan te doen wel met deze raad, en dat is dan 30 maart, dan gaan we iets organiseren voor de vergadering waar we afscheid nemen van een aantal mensen en van deze raad in z'n geheel. Tot zover even de toelichting en de opening.
1
2.
Mededelingen
De VOORZITTER: Dan heb ik een aantal mededelingen. Ik heb net voor deze vergadering van mevrouw Kallen een mooi rapportje overhandigd gekregen. Dat zijn de aanbevelingen van de raadswerkgroep Cultuurhuis voor de nieuwe gemeenteraad voor de periode 2026-2030. Een zestal uit uw midden hebben bij elkaar gezeten de afgelopen periode om te kijken wat er nou met alles wat er ligt aan besluiten in deze raad, hoe je nou toch tot een aanbeveling kan komen voor een nieuwe raad om met de partijen die actief zijn in het culturele werkveld en ook met het theater, hoe je tot een aanbeveling kan komen. En ik wil mevrouw Kallen als eerste, als begeleider, nogmaals hartelijk bedanken voor uw inzet en uw werk dat u heeft gedaan maar ook de zes mensen uit de raad heel erg bedanken voor hun tijd en inzet om te komen tot deze aanbevelingen. Het is denk ik heel positief dat u met elkaar gekozen heeft om deze stap te maken en in ieder geval een richting mee te geven aan de nieuwe raad want dat is de bedoeling van dit rapport, dat het via de raad naar het college gaat en het college het weer richting de nieuwe raad brengt. En ik denk dat het heel goed is want er wordt al jaren gesproken over hoe gaan we nou met het culturele veld om in Baarn. En ik heb het eerder al eens gezegd, u bent daar allemaal ongelooflijk betrokken mee.
De mensen in het cultuurveld zijn ongelooflijk betrokken maar we komen er maar niet uit om te komen tot een richting en ik denk dat dit rapport in ieder geval een kans biedt om in de volgende periode een besluit te nemen. Wat het besluit dan ook is, want dat is aan u, maar ik denk dat het wel goed is voor het culturele veld maar ook voor u als gemeenteraad om daar een keuze in te maken. Ik wil de raadswerkgroep heel hartelijk bedanken voor hun inzet en hun werk en mevrouw Kallen. (applaus) En voor iedereen die geïnteresseerd is in het rapport, het is openbaar. Het staat gewoon bij de ingekomen stukken, dus iedereen kan er ook kennis van nemen wat daarin wordt aanbevolen. Dan de mededeling dat alle definitieve conceptversies van de moties en amendementen vanmiddag reeds zijn gepubliceerd en dat wij een korte pauze gaan houden na ongeveer anderhalf uur. 3.
Vragenhalfuur
De VOORZITTER: We hebben een aantal sets vragen ontvangen. Vier, om precies te zijn en ik wil als eerste beginnen met de vragen van de VVD, van de heer Jonkers met betrekking tot de uitstraling van de Brink. De heer JONKERS: Dank u voorzitter. Ter toelichting, de VVD heeft veel signalen ontvangen van onze inwoners dat men ontevreden is over de uitstraling van de Brink en die signalen nemen wij als VVD zeer serieus. In vrijwel alle dorpen en steden in Nederland wordt het centrale plein gekoesterd als het kloppende hart van de gemeenschap. Het wordt gezien als een plek waar mensen elkaar ontmoeten, waar sfeer wordt gecreëerd en waar identiteit zichtbaar wordt gemaakt. In Baarn is de Brink alles behalve het kloppende hart van de gemeenschap. Wat een warme en uitnodigende ontmoetingsplek zou moeten zijn, oogt in de praktijk kil, sfeerloos en zonder samenhang. Het onderhoud laat behoorlijk te wensen over, de inrichting mist karakter en verblijfskwaliteit en in de avonduren wordt de Brink door velen als onprettig ervaren. De verkeerssituatie, en met name de oversteekplaatsen, worden als onlogisch en onvoldoende veilig gezien. Kijkt men naar wat er de afgelopen vier jaar is veranderd, dan is het beeld weinig hoopgevend. Er is een elektriciteitshuisje bijgekomen.
Op twee prominente zichtbare plekken zijn ondergrondse vuilcontainers geplaatst die zich met regelmaat omringen met huisvuil en zelfs met grofvuil. Vuilniszakken en afval waaien over het plein en geven een ontzielde en rommelige indruk. Dat draagt niet bij aan een vorstelijke uitstraling maar eerder aan een gevoel van verloedering. Dit alles staat in schril contrast met het coalitieakkoord waarin het college aankondigde werk te maken van vorstelijk Baarn en van een versterking van het centrum. Het initiatief voor herinrichting en kwaliteitsverbetering van de Brink werd nadrukkelijk benoemd. Inmiddels moeten wij constateren dat van die ambitie weinig zichtbaar is geworden. Verder op het bovenstaande heeft de VVD aan dit college een achttal vragen. De eerste vraag. Deelt u de mening dat de Brink, het kloppende hart van onze gemeente, zou moeten zijn? Deelt u de 2
mening dat een centraal plein een plek moet zijn van ontmoeting, verbondenheid en sfeer? Deelt u de mening dat een centrale ontmoetingsplek uitnodigend moet zijn om te verblijven met voldoende groen, aantrekkelijke zitgelegenheid en een verzorgde inrichting? Deelt u de mening dat het plein ook in de avonduren veilig en prettig moet aanvoelen, onder meer door goede verlichting en een overzichtelijke inrichting? Vraag vijf. Deelt u de mening dat prominente plaatsing van ondergrondse vuilcontainers midden op de Brink met het regelmatig bijplaatsen van huis- en grolvuil afbreuk doet aan de uitstraling van het plein? Vraag zes. Deelt u de mening dat, gelet op wat in de praktijk zichtbaar is gerealiseerd, de ambitie uit het coalitieakkoord tot op heden niet is waargemaakt? En dan de ene laatste vraag. Deelt u de mening dat inwoners mogen verwachten dat de in het coalitieakkoord aangekondigde verbeteringen daadwerkelijk worden opgepakt en uitgevoerd? En tenslotte, bent u bereid te erkennen dat de ontwikkeling van de Brink de afgelopen jaren onvoldoende prioriteit heeft gekregen? Wethouder EIJBAARD: Dank u voorzitter. Ik ga wat vragen tegelijk beantwoorden als u dat goed vindt. Vraag één en twee.
Deelt u de mening dat de Brink het kloppend hart van onze gemeente zou moeten zijn? En deelt u de mening dat er een centrale plek moet zijn voor de ontmoeting, verbondenheid en sfeer? Als ik denk dat iets een plek van verbondenheid en sfeer is, dan is het onze Brink. Als ik maar kijk wat daar op Koningsdag gebeurt, wat daar elke dinsdag op de markt gebeurt, wat daar afgelopen kerst nog gebeurde met het ontsteken van de kerstboom, dan denk ik dat dat juist een plek is waar verbondenheid en sfeer is en wat het kloppend hart van onze gemeente is. Deelt u de mening dat een centrale ontmoetingsplek uitnodigend moet zijn om te mogen verblijven met voldoende groen, aantrekkelijke zitgelegenheid en een verzorgde inrichting? Dat klinkt allemaal hartstikke mooi maar we hebben op onze Brink verschillende gebruikers die allemaal zo hun eigen uitdagingen vragen. En ja, het zou prachtig zijn als we de Brink veel groener inrichten maar dat betekent ook dat er geen marktramen kunnen staan. Het is prachtig als we de terrassen kunnen vergroten doordat we geen auto's over de Brink laten rijden maar dat betekent ook dat we dat verkeer ergens op een andere plek op moeten vangen. Dus ja, er zijn vele andere inrichtingen mogelijk die de Brink een nog betere uitstraling zullen geven maar dat heeft gevolgen voor andere plaatsen.
Deelt u de mening dat het plein ook in de avonturen veilig en prettig moet aanvoelen, onder meer door goede verlichting en een overzichtelijke inrichting? Ja. Deelt u de mening dat de prominente plaatsing van de ondergrondse vuilcontainers midden op de Brink, met het regelmatig bijplaatsen van huis- en grofvuil, afbreuk doet aan de uitstraling van het plein? Ik denk dat bij elke ondergrondse container waar afval bijgeplaatst is het afbreuk doet aan de uitstraling van die locatie. Daarom is het belangrijk dat iedereen zijn vuil in de ondergrondse afvalcontainer stopt en dat niemand vuilnis bij een ondergrondse afvalcontainer moet bijplaatsen. Is je pasje kapot, doet de bak het even niet, neem het weer even mee naar huis want anders zorgt dat alleen maar voor overlast. Voor de rest is het zo dat met plaatsing van ondergrondse containers die op bepaalde locaties moeten staan en dat onze ondergrond het niet altijd mogelijk maakt dat die op de meest gewenste plaatsen ingedeeld worden. Dan de vragen 6, 7 en 8. Dat gaat over wat er in de praktijk zichtbaar is, gerealiseerd, of dat past met de ambitie van het coalitieakkoord, of het niet beter had uitgevoerd kunnen worden en of we willen erkennen dat het onvoldoende prioriteit heeft gekregen. Daar misschien een iets langer antwoord op en in een aantal fasen.
Maar er zijn het afgelopen jaar, de afgelopen twee jaar eigenlijk, uitgebreid gesprekken gevoerd met deze raad, onder andere over de begroting en daar waar we bezuinigingen moeten vinden. Daarin is ook door uw raad aangegeven waar u vindt waarin we prioriteiten moeten leggen en waarin u zegt deze prioriteit kan wel iets opschuiven. De Brink is door verschillende fracties genoemd als project waarin we kunnen temporiseren en die ook op een later moment zou kunnen. Daarnaast hebben we u eind 2022, zeg ik even uit mijn hoofd, laten weten dat op het gebied van de openbare ruimte er grote uitdagingen voor ons lagen en dat we met elkaar ook daar keuzes moesten maken in de uitvoering van projecten in die openbare ruimte. Dat heeft geleid tot een flinke aanpak van achterstallig beleid, het op poten te zetten van een afdeling die het op dit moment fantastisch doet en een uitgebreid meerjaren uitvoeringsprogramma in de openbare ruimte waar u in september 2024 ja tegen heeft gezegd, volgens mij bijna unaniem, en waarin ook de
3
Brink geen onderdeel was. Ik denk wel dat dat de momenten waren geweest om daar die prioriteit ook duidelijk neer te leggen. Op dit moment zijn we in goed overleg met de Centrumcoöperatie Baarn om met elkaar te kijken, eigenlijk in hetzelfde stramien als we dat ook voor het sportpark hebben gedaan, waarin we in een sportparkvisie eigenlijk een beeld hebben geschetst van hoe kan het sportpark er in 2040 uitzien, om ook met elkaar te kijken kunnen we nou een plan maken voor de Brink, hoe ziet de Brink en ons centrumgebied, want dat geldt ook wel een beetje voor de verbinding van de Brink naar de Pekingtuin toe, hoe zou dat er in 2040 uitzien en welke stappen zijn daarvoor nodig, zodat je ook een soort plan krijgt waarin je de komende jaren geleidelijk naar dat beeld zou kunnen toewerken, maar waarbij je wel ook oog houdt voor al die gebruikers die van het plein gebruik willen maken en die daar ook hun plek geeft. De heer JONKERS: Dank u voorzitter. Ik hoor alleen maar beren op de weg. Het was uw taak geweest, het was de taak van het college, om juist met een oplossing te komen en dat is niet gebeurd en het is buitengewoon betreurenswaardig. De VOORZITTER: Dan ga ik door naar de volgende set vragen en dat zijn de vragen van Lijst Schouten rondom de voortgang Beleef de rivier. De heer SCHOUTEN: Dank u voorzitter. Voorzitter, eerst een korte toelichting.
In maart 2025 heb ik schriftelijk een vraag gesteld over de uitvoering van toegezegde verbeteringen langs de Eem in het kader van Beleef de rivier. Uit de beantwoording bleek dat onder meer het schelpenpad en enkele kleine maatregelen in voorbereiding waren, met uitvoering voorzien in 2025. Tot op heden is langs de Eem echter geen zichtbare voortgang. Het project Beleef de rivier komt voort uit de Inwoners Top 100 van 2017, een van de grootste participatietrajecten in de bestuurlijke geschiedenis van Baarn. Van de ambities die daaruit ontstaan, is dit feitelijk het enige concrete onderdeel dat nog resteert. Juist daarom is uitvoering belangrijk. Als participatie serieus genomen moet blijven worden en inwoners moeten kunnen vertrouwen dat meedenken ook tot resultaat leidt, dan is het nodig dat er nu ook iets tastbaars gebeurt. En daarom de volgende vragen. Waarom zijn de toegezegde verbeteringen langs de Eem nog steeds niet uitgevoerd? Twee, wanneer worden het schelpenpad en de kleine maatregelen, zoals bankjes, nu concreet uitgevoerd en graag met datum of termijn? En de laatste, kan het college garanderen dat de eerder gedane toezeggingen dit jaar wel worden nagekomen? Zo nee, waarom niet? Wethouder EIJBAARD: Dank u voorzitter. Ik ga even in op de vragen van de heer Schouten en dank daarvoor.
Waarom zijn de toegezegde verbeteringen langs de Eem nog steeds niet uitgevoerd? Nog los van dat wij u eerder hebben geïnformeerd, ook in het kader van het herstel van de Wilhelminavijver, dat dat project ook veel van de tijd van dit project heeft opgeslokt, is er ook eigenlijk nog een andere complicatie die het realiseren van bankjes en een nieuw fietspad daar ingewikkeld maken en dat is de aanwezigheid van de Japanse duizendknoop. Deze groeit zowel in de dijk als op het fietspad. En om de verspreiding van de Japanse duizendknoop te voorkomen, is het noodzakelijk om de Japanse duizendknoop eerst volledig te bestrijden in dit gebied want op het moment dat we dat niet doen, dan leidt dat tot kapitaalvernietiging en dan zullen we binnen afzienbare tijd alles weer opnieuw moeten doen. En dat is geen lichtzinnige ingreep want dat zal betekenen dat de dijk volledig moet worden afgegraven op die plekken. Omdat de dijk nog een waterkerende functie heeft zal ook gekeken moeten worden naar tijdelijke maatregelen met het eventueel aanleggen van een nieuwe dijk of andere zaken. En dat betekent ook dat het waterschap hierop meekijkt en dat zij een vergunning hiervoor moet verlenen. We moeten eerst dus echt een nadrukkelijk plan hebben voor het bestrijden van de Japanse duizendknoop voordat we dit verder kunnen uitvoeren.
Dat betekent ook dat ik nu niet kan aangeven op welke termijn dit fietspad en de bankjes wel of niet gerealiseerd worden. Het is nog steeds wel een uitgangspunt dat we dat gaan doen. Wat we wel zien, we hebben ook over de uitvoering van deze werkzaamheden en de bestrijding van de Japanse duizendknoop gesprekken gevoerd met inwoners en daar zitten nog wat kanttekeningen bij het 4
plaatsen van bankjes en ze willen daar graag nog het gesprek verder over voeren. Wat mij betreft plaatsen we de bankjes nog steeds omdat ik denk dat die kunnen bijdragen aan meer recreatie op dat gebied en dat het ook bijdraagt in de ruimte maar dat is wel wat het is. Dus ik kan de heer Schouten geen datum geven, hoe graag ik dat ook zou willen. We zullen echt de Japanse duizendknoop eerst moeten afgraven en dat is een groot project wat niet over één nacht ijs gaat en echt nog wel even een tijdje gaat duren. Ik kan het niet mooier maken dan het is. De heer SCHOUTEN: Dank u voorzitter. Twee vragen aanvullend. De opmerking laat ik achterwege. Eén is waarom zijn we hier niet van op de hoogte gesteld want dit is toch een on going iets waar al meerdere keren vragen over gesteld zijn en dit komt nu omdat we vragen stellen en eigenlijk zou dat wat proactiever mogen. Waarom is dat dus niet gebeurd? En twee, dat verbaast me eigenlijk hogelijk, want u heeft een toezegging gedaan in de beantwoording op de schriftelijke vragen over het feit dat het in ieder geval gaat uitgevoerd worden. En nu blijkt dat u toch weer in overleg bent met inwoners. Dus dan gaan we dat nog een keertje overnieuw doen. En dat verbaast me en wat is daar reden van want zo komt er nooit wat van de grond, ben ik bang voor? Wethouder EIJBAARD: Dank u voorzitter.
Ik denk enige weken geleden heeft de fractie van 50PLUS ook vragen gesteld, ook over de dijk en de werkzaamheden daar. Ook daar hebben we al wat verteld over de Japanse duizendknoop en wat daar speelt. Er zijn op dit moment allerlei werkzaamheden gepland op de dijk. Dat leidt tot overleg met inwoners en inwoners vinden ook wat van andere plannen die er daar spelen. En dan heb je het ook hierover. Dat leidt nog niet bij mij tot het standpunt dat ik zeg, er gaan geen bankjes komen of we gaan weer opnieuw overleg plegen. Maar volgens mij, als er inwoners zorgen hebben, dan is het goed om goed naar die zorgen te luisteren en te kijken van hoe kunnen we tot een eventuele oplossing komen die voor iedereen is? En dat zit soms al in het toelichten, waar gaan we bankjes plaatsen en waar niet en welke regels gelden dan op het moment dat er bankjes zijn, zodat dat ook niet leidt tot extra overlast. Daar zit vaak ook de zorg in. Dus volgens mij, wat mij betreft, is het uitgangspunt dat we zowel het fietspad herstellen als dat daar bankjes komen en dat daarbij geen extra overlast voor de buurt ontstaat. De VOORZITTER: Dan ronden we ook deze af en ga ik naar de derde set vragen en dat zijn vragen ingediend door twee fracties, fractie VVD en fractie GroenLinks. Ik begrijp dat mevrouw Martens de vragen stelt. Mevrouw MARTENS: Dank u voorzitter.
Ik stel deze vragen namens raadsrapporteur mevrouw Oortman Gerlings en ze zijn mede ingediend door de heer Bosman van GroenLinks namens raadsrapporteur de heer Windeij. Ik begin met de toelichting. In december jongsleden werd op initiatief van de twee raadsrapporteurs een amendement op de ontwerpbegroting 2026 ingediend om de zienswijze van het college aan te scherpen. De raad steunde dit amendement unaniem. Pas op 10 februari jongsleden ontvingen de raden van Baarn, Soest en Bunschoten de kaderbrief 2027. Hierin worden de kaders gesteld waarmee de begroting voor het komende jaar wordt opgesteld. Deze kaderbrief hadden wij conform eerdere afspraken al voor 1 januari jongsleden moeten ontvangen. Al voor de zoveelste keer komt de kaderbrief te laat. In de kaderbrief reageert de directie van Eemkracht onder andere op de door Baarn aangescherpte zienswijze. De raadsrapporteurs willen graag hun teleurstelling uitspreken over het feit dat de kaderbrief opnieuw te laat kwam en bovendien inhoudelijk matig was. Daarnaast hebben de raadsrapporteurs de volgende vragen. 1. Waarom is de kaderbrief die we voor 1 januari 2026 hadden moeten ontvangen opnieuw te laat? 2. Waarom is er geen enkel signaal afgegeven dat de kaderbrief te laat zal komen met een voorstel hoe de raden van Baarn, Bunschoten en Soest toch hun taken uit kunnen voeren? 3.
Bent u bereid inhoudelijk alsnog de kaders beter uit te werken en deze opgenomen worden in de ontwerpbegroting zodat de raad hier beter op kan reageren? Kunnen we hierover een toezegging krijgen? En tot slot, kunt u ons garanderen dat de begroting zoals afgesproken voor 30 april bij ons zal zijn voor de behandeling in de raadscyclus van juni-juli?
5
Wethouder DE VRIES: Voorzitter, dank u voor de vragen en via u zou ik ook graag dank willen zeggen aan de raadsrapporteurs, mevrouw Oortman Gerlings en de heer Windeij voor hun betrokkenheid op deze belangrijke portefeuille. En aangezien Eemkracht een nieuwe organisatie is die grotendeels haar werkzaamheden binnen mijn portefeuilles uitvoert, zal ik ook namens het college deze vragen beantwoorden waar in het verleden de portefeuille BBS bij collega Eijbaard was maar we vonden ook al wel dat hij voldoende aan het woord was geweest tot nog toe, dus dat speelde ook mee. Daarom beantwoord ik deze vragen. En laat ik maar gewoon heel duidelijk zeggen, het proces rond de kaderbrief is niet goed gegaan. Dat heeft uiteraard te maken met het feit dat er in de overgang van BBS naar Eemkracht per 1 januari echt veel veranderd is. Allereerst, ik zei er net al wat over rond de inhoudelijke werkzaamheden van Eemkracht maar ook zeker rond de bedrijfsvoering. En daar is terecht, ook in deze raad, ook al eerder aandacht voor gevraagd dat er in het verleden, en nu is daar wederom iets niet goed gegaan, onvoldoende kwaliteit was op die bedrijfsvoering en daar heeft deze raad ook terecht op geïnvesteerd.
En ik kan niet anders zeggen dan dat het bij deze kaderbrief helaas nog niet goed gegaan is maar dat heeft ook te maken met het feit dat er een geheel nieuwe directie zit en een MT dat voor meer dan de helft uit nieuwe mensen bestaat. Dus ik heb de verwachting op basis van de ervaringen die wij de afgelopen maanden hebben met al deze nieuwe mensen en de ontwikkeling die de organisatie zienderogen maakt, dat dat echt naar de toekomst toe beter zal gaan. Ik moet helaas vaststellen dat er ook een ander ding rond die kaderbrief niet goed is gegaan. Dat is namelijk dat de raad een brief heeft ontvangen over de kaderbrief, een brief bij de kaderbrief dus, waarin de vraag staat aan de raad om een zienswijze in te dienen. Ja, het is helaas zo, sla de gemeenschappelijke regelingen er maar op na, dat de raad geen zienswijzebevoegdheid heeft als het gaat om de kaderbrief. Dus die vraag over zienswijze was niet op zijn plaats in de begeleidende brief en ik heb dan ook gevraagd om daar ergens de komende dagen een rectificatie op te sturen. Dus ook dat gaan we rechtzetten. Dat wil wat mij betreft echt niet zeggen dat we zeker de raadsrapporteurs nauw kunnen betrekken bij alles wat we doen rond Eemkracht.
Eemkracht is echt een superbelangrijke organisatie voor de uitvoering van onze brede sociaal domein en ik vind de betrokkenheid van de raad en de belangstelling vanuit de raad dan ook volstrekt logisch en ook belangrijk. En zoals ik de afgelopen jaren met de raadsrapporteurs rond de GGD en de RUD heb samengewerkt, zou ik ook graag met de raadsrapporteurs rond Eemkracht willen samenwerken. En ik zal op korte termijn vragen om het maken van een afspraak met de raadsrapporteurs om ook samen een start te maken in die werkzaamheden. Dat was, denk ik, voor wat betreft de eerste drie vragen duidelijk een antwoord en deels ook gewoon eens met de vraagsteller. Tot slot de vraag over of we kunnen garanderen dat, zoals afgesproken, de begroting voor 30 april bij de raad is, zodat deze behandeld kan worden in de raadscyclus van mei. Daarvoor grijp ik ook terug naar de kaderbrief waarin staat dat in het voorjaar van 2026 deze wordt opgesteld en in april 2026 wordt aangeboden. Dus ik heb dat gelezen en wij zullen zeker met de ervaringen die we nu met elkaar wisselen over de kaderbrief de directie van BBS, Eemkracht, daar zeker aan houden. De VOORZITTER: Dan gaan we door naar de laatste set vragen en dat zijn de vragen van de fractie van D66 over een mogelijke aansluitstop Stedin. Mevrouw STRUIJK: Dank u voorzitter.
Netcongestie is geen tijdelijk technisch ongemak maar een structurele beperking waar Baarn de komende jaren mee te maken heeft. De impact op woningbouw, bedrijven en maatschappelijke voorzieningen is groot. Wij realiseren ons dat de gemeente geen directe invloed heeft op de netcapaciteit maar we kunnen wel sturen op piekbelasting en op gedrag en juist daar ligt nu ruimte voor actie. De cruciale periode ligt in de herfst en winter. Dat betekent dat voorbereiding voor de zomer moet starten. Een campagne kan helpen maar we denken dat meer nodig is. Concrete maatregelen, pilots, monitoring en een duidelijke voorbeeldrol van de gemeente zelf. Daarnaast vinden we een goede samenwerking met Baarn Duurzaam heel erg belangrijk. Onze vragen zijn daarom gericht op één centrale kwestie. Wat kan het college nu concreet doen in 2026 om de piekbelasting in Baarn daadwerkelijk te verminderen? En dan kom ik nu tot een vijftal vragen met sub-vraagjes.
6
Herkent het college dat inwoners en bedrijven een belangrijke rol kunnen spelen bij het verminderen van de piekbelasting op het elektriciteitsnet, met name in de namiddag en de vooravond? Welke concrete maatregelen gaat het college in 2026 daadwerkelijk uitvoeren om inwoners en bedrijven te ondersteunen en te stimuleren om elektriciteit buiten de piekuren af te nemen? Op welke concrete wijze wil het college het gedrag van inwoners en ondernemers hierop sturen? Op welke wijze gaat het college monitoren of deze genomen maatregelen daadwerkelijk leiden tot vermindering van piekbelasting? Beschikt het college over inzicht in lokale verbruiksprofielen of een dashboard om ontwikkelingen in elektriciteitsgebruik in Baarn te volgen? Welke concrete bijsturingsmogelijkheden heeft het college wanneer in 2026 blijkt dat maatregelen onvoldoende effect hebben? Welke maatregelen neemt de gemeente zelf in 2026 om het elektriciteitsgebruik van gemeentelijke gebouwen, installaties, laadpalen en openbare verlichting te spreiden of te sturen? Is het college bereid deze inzet zichtbaar en transparant te maken richting inwoners? Op welke concrete wijze wil het college hierin samenwerken met Baarn Duurzaam? En tenslotte is het college bereid om voor de zomer met een concreet plan van aanpak te komen zodat maatregelen tijdig in het najaar effect kunnen hebben? Wethouder EIJBAARD: Dank u voorzitter.
Antwoord op de vragen. Herkent het college dat inwoners en bedrijven een belangrijke rol kunnen spelen bij het verminderen van de piekbelasting? Netcongestie is een groot en urgent probleem in de gemeente Baarn en in de hele regio en de grootste oplossing ligt voor een deel achter de meter. Door het verschuiven van het verbruik buiten piekuren kan capaciteit worden vrijgespeeld. Het verminderen van piekbelasting door bedrijven en huishoudens is één van de tien pijlers van congestieverzachters. Welke concrete maatregelen we daadwerkelijk gaan uitvoeren in 2026? In de regio Utrecht, dus zowel de gemeenten rondom Amersfoort als die ook rondom Utrecht zelf, die werken eigenlijk al samen aan een gezamenlijke communicatiestrategie. Die campagne richt zich op gedragsverandering en het verminderen van piekbelasting. En we kunnen hier als Baarn direct op aansluiten, en dat is ook wat we gaan doen, en we gaan die boodschap ook versterken met een lokaal sausje. Op welke concrete wijze wil het college het gedrag van inwoners en ondernemers hierop sturen? Dat zit vooral ook wel landelijk. Dus we moeten ook niet denken dat wij in Baarn daarin alle capaciteit in huis hebben om dat te doen en landelijk gebeurt er ook al heel veel. Er zijn al landelijke campagnes Zet ook de knop om bijvoorbeeld.
Er is een app van Stedin, de e-klok, die al laat zien wanneer je ook bijvoorbeeld in een piekmoment zit en wanneer je dus beter geen stroom zou kunnen gebruiken en dat stimuleert om het op een ander moment te doen. Op welke wijze gaan we monitoren of de genomen maatregelen ook tot vermindering van de piekbelasting leiden? Dat kunnen we niet helemaal zelf monitoren omdat we geen eigenaar zijn van het stroomnet. Het stroomnet is uiteindelijk van Stedin en netcongestie is niet alleen ons probleem maar is een probleem in heel Nederland en nu met name voor dit gebied wat net uitgeroepen is van Flevoland, Gelderland en Utrecht. En dat monitoren van de netbelasting, dat gebeurt niet op gemeentelijk niveau maar veel meer op landelijk en regionaal niveau. Wat we wel doen, en dat doet collega De Vries, is het aansluiten bij het bestuurlijk overleg Energie, waarin in de regio breed maatregelen besproken worden en ook met elkaar besproken worden over welke maatregelen we als gemeente individueel kunnen nemen. Dan wordt er gevraagd of we beschikken over een dashboard. We hebben een dashboard, dat laat op dit moment nog niet alles zien maar dat wordt steeds completer. Dat vullen we de komende jaren ook aan. Dat doen we ook samen met Baarn Duurzaam en dan gaan we ook inzicht krijgen, veel meer ook op verbruikersniveau van inwoners.
Dan vraagt mevrouw Struijk naar de concrete bijsturingsmogelijkheden. Daarvoor wil ik graag verwijzen naar de brief die we gestuurd hebben nog niet zo lang geleden over de impact van netcongestie in Baarn. Nu kunnen we namelijk vooral bijsturen via communicatie en regionale samenwerking maar technisch bijsturen via het net is op dit moment nog niet mogelijk. Welke maatregelen nemen we zelf? Ook daar hebben we in de RIB al wat over gezegd. Neem bijvoorbeeld de aanpak van de Trits waarin we zagen dat eigenlijk verduurzaming niet mogelijk was maar door op een andere manier te gaan verduurzamen na een andere aanpak in te kiezen, was het wel mogelijk en gaan we straks daar minder gas en stroom verbruiken. Ook de wijkaanpak warmte. Een van de pijlers die er ook in staat, is dat je eigenlijk ziet dat het nu niet meer 7
verstandig is om allemaal alleen een warmtepomp te nemen maar veel beter te kijken naar collectieve warmteoplossingen en dat is ook een aanpak die we daarin hebben. En voor de rest verwijs ik hier ook weer verder naar de brief impact netcongestie. Op zich zouden we heel concreet samen willen werken met Baarn Duurzaam. Zij hebben een brief gestuurd aan de raad en ook aan het college en ik zou ook daar eigenlijk de uitnodiging neer willen leggen. Ik denk dat ook Baarn Duurzaam een rol kan spelen in die communicatie en volgens mij zijn we zeker bereid om dat gesprek met hen te voeren. Een concreet plan van aanpak, dat ga ik hier niet toezeggen. Ook daar verwijs ik weer even voor naar de brief over netcongestie. Volgens mij hebben we daar gezegd welke aanpak we op de korte termijn willen doen en welke mitigerende maatregelen we voorstaan om toch ook ontwikkelingen mogelijk te maken en om te gaan met netcongestie. Ik denk dat het vervolg daarop weer aanleiding is voor een volgend gesprek om te kijken, ook in relatie tot hoe de ontwikkelingen op dat moment zijn, want die ontwikkelingen gaan snel. Waar staan we dan en wat is meer nodig en wat zouden we als gemeente Baarn nog meer kunnen doen? Mevrouw STRUIJK: Dank u, voorzitter. Ik heb mijn best gedaan om mee te schrijven. Als eerste, ik hoor iets tegenstrijdigs.
Aan de ene kant hoor ik de wethouder zeggen we hebben de gegevens niet zelf in hand om te kunnen monitoren want die zijn van Stedin in en aan de andere kant hoor ik zeggen dat er wel een dashboard komt. Dus komen in dat dashboard dan geen gegevens over verbruik of wel? Dat is mijn eerste vraag. Vervolgens ging het weer over monitoren, dat dat voornamelijk op landelijk en regionaal niveau gebeurt, dat snap ik. Tegelijkertijd zie je grote regionale verschillen. We hebben hier bijvoorbeeld weinig industrie die gebruik maakt van elektra. Dus mijn vraag is eigenlijk van kunnen wij dan wel op lokaal niveau het verschil maken in de monitoring? Is dat helder, is dat duidelijk of wij effect sorteren met wat we doen want daar gaat het monitoren natuurlijk om? En tot slot, één antwoord heb ik niet gekregen. Ik heb inderdaad in de RIB kunnen lezen dat er een aantal maatregelen al genomen worden maar de subvraag was, wil het college daar transparant over zijn en daar ook over communiceren? Dat geeft denk ik een heel goed beeld aan de inwoners dat wij ook ons best doen om ons beste beentje daarin voor te zetten. Wethouder EIJBAARD: Voorzitter, ik hoop dat ik ze allemaal doe en anders hoor ik wel of daar nog een aanvulling is.
Nee, we hebben die gegevens niet zelf, in ieder geval niet op gebruikersniveau, en dat maakt wel dat je daar meer inzicht kan hebben in waar zitten nu kansen en waar zitten geen kansen, zeg maar even. Ik denk dat dat hetzelfde geldt voor grootverbruikers. We hebben niet hele grote grootgebruikers hier waarmee je afspraken kan maken waardoor er één keer heel veel ruimte ontstaat maar dat neemt niet weg, en volgens mij hebben we dat ook in de brief over de impact van de netcongestie geschreven, dat je wel met alle gebruikers op het industrieterrein kan kijken van zijn daar nu afspraken mogelijk om bijvoorbeeld een energyhub te krijgen en afspraken te maken over wanneer gebruik je op welk moment nu energie zodat er daar misschien lokaal wel ruimte ontstaat om bijvoorbeeld een uitbreiding te doen voor een bepaalde ondernemer daarbinnen. Dus dat je daarbinnen afspraken maakt. Dat zijn wel zaken die we kunnen doen. Ik denk dat daar ook onze focus op zou moeten liggen omdat dat wel iets is waar we grip op kunnen hebben en dat is op dat grotere gebied. Dat moet u wel even beseffen. Dat gebied loopt van Lelystad tot Arnhem. Is dat gewoon vele malen ingewikkelder om ook als kleine gemeente daar je positie in te bepalen? En ik zeg altijd maar als morgen defensie komt en die zegt ik heb een vraag, dan weet ik zeker dat die voorgaat ten opzichte van de gemeente Baarn.
Dus dat is wel even het complexer veld waarin we in dit gebied op spelen. En de derde vraag gaat mevrouw Struijk vast en zeker herhalen, voorzitter. Mevrouw STRUIJK: Voorzitter. Wil de gemeente transparant zijn over de maatregelen die ze treft? Wethouder EIJBAARD: Ja voorzitter, volgens mij doen we dat. Volgens mij hebben we dat in de brief over impact netcongestie ook gezegd. In ieder geval over wat we zelf doen. We proberen daar transparant over te communiceren en op het moment dat u denkt dat het onvoldoende is wat we doen, dan weet ik zeker dat u mij weer aan mijn jasje trekt, voorzitter.
8
De VOORZITTER: Dan komen we aan het einde van het vragenhalfuur, wat best wel een halfuur heeft geduurd. Het valt mij op, en dat is altijd richting verkiezingen, dat er veel vragen gesteld worden. Ik zou de volgende raad mee willen geven, stel vooral vragen in het vragenhalfuur die heel urgent zijn en doe het anders schriftelijk. Dat scheelt, denk ik, voor alle partijen best een hoop. Dus, nou, een kleine aanbeveling aan de nieuwe raad. Doe er uw voordeel mee, zou ik zeggen. 4.
Vaststellen agenda
De heer SCHOUTEN: Voorzitter. Een aankondiging van een motie, vreemd aan de agenda, met als titel Zonder boeren geen landelijk gebied. De VOORZITTER: Dank u wel. Dat wordt 26D. De heer VAN HARDEVELD: Dank u voorzitter. Ik wil ook graag een motie aankondigen over een niet geagendeerd onderwerp en die motie is getiteld Herstel Wilhelminavijver. De VOORZITTER: Dat wordt 26A. De heer BRINKMAN: Dank u voorzitter. De Partij van de Arbeid wil ook een motie vreemd aan de agenda indienen. De motie heet Geerenweg als prioritaire woningbouwlocatie naast de Baarnsche Zoom. De VOORZITTER: Dank u wel. Dat wordt 26B. De heer GENUIT: Dank u voorzitter. Wij hadden twee moties over niet geagendeerde onderwerpen willen indienen maar één daarvan gaat over netcongestie en de antwoorden van de wethouder geven mij in ieder geval de indruk dat de wethouder geen motie van ons nodig heeft om daarmee aan de slag te kunnen. Dus ik kijk eventjes naar mijn mede-indiener maar ik denk dat we die kunnen afvoeren van de agenda. Dan is er nog een motie over het aanpassen van de rotonde Geerenweg-Eemweg. Die is te laat ingediend, dus die moet nog eventjes door de raad goedgekeurd worden als agendapunt. De VOORZITTER: Dat de nestor nu met deze te late mededeling komt in zijn laatste vergadering, dat vind ik wel heel deemoedig.
Ik leg het maar even voor, ik heb geen rare reacties gezien, dus ik neem aan dat deze gewoon behandeld kan worden. Dan wordt die ook toegevoegd aan de agenda en dat wordt dan 26E. Dan hebben we de agenda, denk ik zo... Kunt u hiermee instemmen? Dan stellen we die zo vast. 5.
Vaststellen verslag en besluitenlijst van de Raadsvergadering van + actiepuntenlijst. Jaarplanning ter kennisname.
De VOORZITTER: We hebben geen opmerkingen over het verslag ontvangen, dus kunnen we die zo vaststellen? Hierbij. Dan de actiepuntenlijst. De heer SCHOUTEN: Dank u voorzitter. Er staan nog een paar actiepunten die door mij zijn ingediend en voordat die helemaal in de vergetelheid raken, wil ik toch eventjes de vraag stellen. En dat betreft in eerste instantie de reclamemast langs de A1 en kan het college concreet aangeven waarom er na ruim een jaar nog geen voorstel voor de reclamemast aan de raad is voorgelegd en hoe afhankelijk is dit dossier nog van de windturbine en wat betekent dat voor de planning? En wanneer ontvangt de raad eindelijk het toegezegde voorstel met kostenbatenanalyse? Het scheelt al snel zo'n 70.000 euro per jaar namelijk en dat is serieus geld. En dan de tweede, die stel ik er maar gelijk achteraan. Dat betreft de opheffing van de drooglegging. Wat is de huidige status van de aanvraag om af te wijken van het omgevingsplan en dan hebben we het hier over de speeltuinvereniging, onder andere bij de Dahliastraat en waarom heeft dit dossier 9
ondanks eerdere toezegging nog niet tot besluitvorming geleid en wanneer kan de raad een definitieve uitkomst verwachten voor de betrokken verenigingen? De heer VAN HARDEVELD: Voorzitter, het gaat over punt 8 op de lijst toezeggingen. In september, jongstleden is de motie aanpak rotte kiezen of netjes gezegd welstandsexces aangenomen en daarover staat op de actiepuntenlijst portefeuillehouder Veldhuizen streeft ernaar de gemeenteraad uiterlijk op 31 december 2025 te informeren over de effecten van de recente aanpassingen van de leegstandswet. En mijn vraag is vanzelfsprekend, is daar nieuws over? Wethouder VELDHUIZEN: Dank u voorzitter en dank u wel ook voor het helpen herinneren, meneer Schouten. We hebben al aangegeven, u geeft het zelf al aan, we hebben toendertijd gesteld dat afhankelijk van de windmolen in die combinatie ook met de reclamemast verder zouden gaan en dat staat nog steeds. Zolang daar geen duidelijkheid over is, is er ook geen reclamemast, voorzitter. De heer Van Hardeveld vraagt hoe het met de rotte kiezen staat. Ik heb al eerder gezegd, ik ben een redelijk orthodontist op dat gebied want we zijn druk bezig met de aanpak van welstandsexcessen. De burgemeester en ik zijn laatst ook op bezoek geweest om ook weer een inwoner uit te leggen welke fases je allemaal moet doorlopen.
En dat zijn er toch redelijk wat alvorens je daadwerkelijk tot actie over kan gaan maar waar het gaat over de leegstand en met name de Leegstandswet, ik neem aan dat u daar voornamelijk op doelt. We hebben daarnaar gestreefd maar we hebben een wisseling van medewerkers gehad. Dus de nieuwe medewerker heeft nu als prioriteit om in afstemming, want we hebben het iets breder getrokken dan sec de leegstand van woningen, om met Openbare orde Veiligheid, Economische Zaken en Levendig Centrum over de leegstand in de breedste zin van het woord te kijken van hoe kunnen we daar wat mee doen. Ik verwacht eind van dit kwartaal, begin volgend kwartaal, met een raadsinformatiebrief naar uw raad te komen welke actie we erop ondernemen en ook in kaart brengen die leegstand en daar dan vervolgens ook aan te geven hoe we daar actief op gaan sturen. Dus het gaat ons wat dat betreft niet alleen om woonhuizen maar we moeten wel heel secuur zijn met het checken van alle data die daarbij horen. Maar het heeft absoluut aandacht, voorzitter. De speeltuinvereniging. Daar durf ik u zo niet te zeggen wat de stand van zaken op dit moment is, voorzitter. Dat zou ik echt even ambtelijk moeten checken want dat zit in de ambtelijke molen en daar wordt de vergunning onderzocht. Er moet van alles en nog wat aan gedaan worden. Dus daar durf ik een antwoord niet op te geven, voorzitter.
Met uw welnemen wil ik dat wel schriftelijk dan beantwoorden. De VOORZITTER: Dat is in ieder geval het voorstel wat u doet en dan gaan we kijken hoe de heer Schouten daarop reageert. De heer SCHOUTEN: Dank u voorzitter. Nou, dan hoop ik dat dat snel gebeurt, dan kan ik het nog meekrijgen. Dat is één. En twee heb ik nog wel even een aanvullende vraag over de reclamemast. Eigenlijk constateer ik namelijk dat de motie naast u neergelegd wordt want in de motie wordt niet gerefereerd, wel aan de windmolen maar niet gezegd dat het een het ander uitsluit. Dan vind ik het wel vreemd dat elke keer dit vooruitgeschoven wordt terwijl er toch een serieus bedrag aan hangt. En daar wil ik graag een reactie op van waarvoor u dat toch meent te doen want de motie roept echt anders op. Wethouder VELDHUIZEN: Dank u voorzitter. We hebben aangegeven bij de beantwoording, ook op de motie, van we gaan het oppakken op het moment dat er helderheid is over de windmolen. Dat is het standpunt wat het college heeft ingenomen en dat standpunt is ongewijzigd, voorzitter. De VOORZITTER: Dan zijn de vragen op de actiepuntenlijst beantwoord en kan ik die zo vaststellen? Dan is dat gebeurd. De jaarplanning heeft u ter kennisname gekregen. 6.
Lijst ingekomen stukken
10
De heer VAN HARDEVELD: Dank u voorzitter. Het is hopelijk niet mijn laatste raad maar maak ik toch ook hier een punt over. Het gaat over brief 25-250, een brief van Staatsbosbeheer aan de gemeenteraad. Staatsbosbeheer dient hiermee een verzoek in tot onttrekking van het parkeerterrein bij Kasteel Groeneveld aan de openbaarheid, met als doel daar betaald parkeren in te voeren. En op de lijst ingekomen stukken staat bij het behandelvoorstel afhandeling door het college, kopie van antwoordbrief naar de raad. En mijn vraag aan de portefeuillehouder is, kan het college toezeggen dat voordat Staatsbosbeheer een inhoudelijk antwoord krijgt, dat eerst de gemeenteraad geconsulteerd wordt? Wethouder EIJBAARD: Voorzitter. Ik kan geen toezeggingen doen op zaken die bij het bevoegd gezag van de gemeenteraad liggen. Het is heel simpel. Staatsbosbeheer heeft een brief gestuurd, die moet een brief sturen aan de raad, omdat zij het verzoek doet om het parkeerterrein uit de openbaarheid te trekken. Dat is waar u als gemeenteraad over gaat en dat zal dus ook via een raadsbesluit mogelijk gemaakt moeten worden. Dat is op dit moment in voorbereiding.
Daarover zijn nog een aantal aanvullende vragen op basis van de rapportage die Staatsbosbeheer met ons gedeeld heeft, zijn aan Staatsbosbeheer voorgelegd en op het moment dat wij denken, dit is een voorstel wat we voor kunnen leggen, dan komt dat naar de raad toe. Dat stond gepland voor mei, even uit mijn hoofd. Ik denk dat het dat niet gaat worden maar het zal iets later worden. Maar dat is even wat het is, voorzitter. De VOORZITTER: Dan rond ik ook dit agendapunt af en ik ga ervan uit dat u ook hiermee instemt voor de afhandeling. 7.
Benoeming leden commissie onderzoek geloofsbrieven
De VOORZITTER: De benoeming leden commissie onderzoek geloofsbrieven want wij gaan een nieuwe raad krijgen en dat is een heel proces. Daar zijn natuurlijk de verkiezingen in eerste instantie maar wij zullen ook de nieuwe raadsleden, de geloofsbrieven, zullen onderzocht moeten worden en dat is een commissie die dat gaat doen en ik ga daar nu loodjes voor trekken. Wij hebben aan de voorkant van deze vergadering, of voor deze vergadering, u allemaal een berichtje gestuurd wie er op het moment dat de commissie bij elkaar zou moeten komen aanwezig kon zijn. Die namen zitten hierin. Ik ga drie leden van de commissie trekken. Drie namen daaruit trekken. De eerste naam die ik daaruit haal is de voorzitter. De andere twee zijn de leden. Ik trek ook twee reserveloodjes voor het geval er mensen niet kunnen alsnog. Dan hebben we dat maar geregeld en mochten het nou allemaal mensen van dezelfde partij zijn, dat is mogelijk, wettelijk. Dus dan gaan we niet opnieuw loodjes trekken maar dat is zoals het dan is. Dus daar gaan we. De voorzitter. De naam bij nummer één. Meneer Bosman. Dan de naam bij nummer acht. Dat is de heer Van Hardeveld en dan het derde lid is nummer veertien. Dat is mevrouw OortmanGerlings. En dan op de reservelijst. Nummer vijftien, de heer Van der Padt en nummer twee, de heer Brinkman. 8.
Rekenkameronderzoek ‘Woon- en Woningbouwbeleid’ (1445598)
De VOORZITTER: Het doel van dit agendapunt is dat de rekenkamer van Baarn heeft onderzoek gedaan naar het woon- en woningbouwbeleid. En de raad wordt gevraagd de conclusies uit het onderzoeksrapport te onderschrijven en het college opdracht te geven de aanbevelingen uit te voeren en over de opvolging in het jaarverslag te rapporteren. U heeft daar uitgebreid over gesproken met elkaar. Er is een toelichting geweest door de rekenkamer. Ik ben, laat ik dat ook nog maar eens zeggen, blij met een rekenkamer die wij hebben die zo actief is als ze zijn. Daar mag u als raad ook blij mee zijn, met zo'n rekenkamer. Mevrouw STRUIJK: Dank u voorzitter. Het rekenkameronderzoek laat zien dat de beleidsambities helder zijn maar dat realisatie en met name in het sociale middensegment onder druk staat. En daarom willen wij graag een motie inbrengen om de raad beter zicht te geven op de voortgang en 11
effectiviteit van het woon- en woningbouwbeleid. De voorgestelde woningbouwmonitor is dus geen extra beleidsstuk maar een praktisch sturingsinstrument dat de raad helpt zijn kaderstellende en controlerende rol beter te vervullen. Zo bouwen we niet alleen meer woningen maar bouwen we ook voor de juiste doelgroepen betaalbaar, duurzaam en toekomstgericht. De motie luidt als volgt: De gemeenteraad van Baarn, in vergadering bijeen op 25 februari 2026 gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • de gemeente van Baarn zich via het Volkshuisvestingsprogramma 2022-2027 en de Regionale Woondeal zich gecommitteerd heeft aan duidelijke woningbouwdoelstellingen; • uit het Rekenkameronderzoek Woon- en Woningbouwbeleid blijkt dat er voldoende plancapaciteit is, maar dat met name de realisatie van sociale huur en middensegment onder druk staat; • de Rekenkamer aanbeveelt om de monitoring van doelstellingen en de inzet van beleidsinstrumenten te versterken; overwegende dat: • de raad zijn kaderstellende en controlerende rol alleen goed kan vervullen wanneer tijdig en gestructureerd inzicht bestaat in voortgang en effecten van het woonbeleid; • niet alleen het aantal gerealiseerde woningen, maar juist ook de verdeling naar segmenten (sociaal, middensegment, vrije sector), de effecten op doorstroming en de borging van betaalbaarheid essentieel zijn om te beoordelen of beleid werkt; • tijdige
monitoring het mogelijk maakt om gedurende de looptijd van beleid bij te sturen; verzoekt het college: • Jaarlijks een Woningbouwmonitor aan de raad aan te bieden, gelijktijdig met de Perspectiefnota, waarin tenminste wordt gerapporteerd over: o het aantal gerealiseerde woningen per jaar, uitgesplitst naar segment (sociale huur, middeldure huur, betaalbare koop, vrije sector); o de voortgang ten opzichte van de doelstellingen uit het Volkshuisvestingsprogramma en de Regionale Woondeal; o de inzet en werking van betaalbaarheidsinstrumenten (zoals instandhoudingstermijnen, vereveningsfonds, anterieure afspraken); o indicatoren voor doorstroming, waaronder – voor zover beschikbaar verhuisbewegingen binnen Baarn en vrijgekomen woningtypen; • Bij afwijkingen van doelstellingen een duidelijke duiding en eventuele bijsturingsmaatregelen op te nemen; • De eerste monitor uiterlijk bij de Perspectiefnota 2027 aan de raad voor te leggen. En gaat over tot de orde van de dag. GroenLinks PvdA CDA D66
Jeroen Bosman Valentijn Brinkman-Koopal Rik van Hardeveld Hanneke Struijk-Cramer
Mevrouw DEURLOO: Dank u voorzitter. VoorBaarn is de Rekenkamer dankbaar voor haar onderzoek en de vele, namelijk negen, aanbevelingen. Dat betekent dus wel dat er iets niet in orde is. De doelstelling om voldoende sociale huurwoningen te bouwen blijft ver achter en ook in het middensegment. In beide gevallen waar het het hardst nodig is, eigenlijk helaas. Wat te doen? De wethouder roept al jaren dat er te weinig capaciteit is. Dus dachten we eerst om daarvoor een 12
motie op te stellen. Dat zullen we ook wel doen maar dat zullen we pas indienen bij de perspectiefnota. Wat kun je verder? Doelstellingen bijstellen. Minder aantallen noemen omdat het gewoon niet haalbaar is of juist bijstellen op bijvoorbeeld duurzaamheidseisen die ook voor veel vertraging zorgen. Op dit moment sappelen we dus maar door hoe het gaat en we hopen op wonderen. We willen de toekomstige verwondering wel inderdaad beter in de gaten gaan houden door de motie woningbouwmonitoring. Dus die motie zullen we steunen. VoorBaarn zou graag simpele en praktische doelstellingen voorstaan maar daar gaan we in de volgende raadsperiode mee aan de slag. De heer BOSMAN: Dank u voorzitter. Er zijn flinke stappen gezet om meer woningen in Baarn te realiseren. Verschillende bouwprojecten die al jarenlang vastzitten, zijn inmiddels gerealiseerd of staan op de planning, aldus de Baarnsche Courant van gisteren. Het college heeft de afgelopen jaren er hard aan getrokken. Niet alleen de Baarnsche Courant maar ook de Rekenkamer erkent dat. Er liggen goede kaders en instrumenten om te zorgen voor meer betaalbare woningen. En tegelijkertijd kunnen we er niet omheen dat de praktijk weerbarstig is en ook de nieuwe raad zal zich nog vaak het hoofd breken over de vraag hoe we de duizenden Baarnse woningzoekenden die geen vorstelijk inkomen hebben, gaan huisvesten.
De fractie van GroenLinks zal instemmen met de conclusies en aanbevelingen van het Rekenkameronderzoek. En de vragen die we aan de portefeuillehouder twee weken hebben gesteld, maken al duidelijk waar wat ons betreft nu de prioriteiten liggen. En dat zijn, haal het onderste uit de kan om samen met Omthuis zoveel mogelijk betaalbare woningen te bouwen. Geef sowieso absolute prioriteit aan projecten die veel betaalbare woningen opleveren, boven kleine projecten met dure woningen en investeer in de volgende perspectiefnota in ambtelijke capaciteit om de gang erin te houden. Daar hoort bij dat de nieuwe raad op de voet kan volgen of we op koers liggen en daarom zijn we medeindiener van de motie Woningbouwmonitor. Rest ons nog de Rekenkamer te bedanken voor de vele waardevolle adviezen waarmee ze de raad de afgelopen vier jaar heeft ondersteund. De heer BRINKMAN: Voorzitter. Traditiegetrouw allereerst dank aan de Rekenkamer voor dit heldere en zorgvuldige onderzoek. Het is goed om te lezen dat ons woonbeleid inhoudelijk staat maar ook confronterend, zoals andere fracties al hebben gezegd, dat de sociale huur en het middensegment niet op koers liggen. En het raakt precies waar het om gaat. Starters, jonge gezinnen, ouderen en mensen met een middeninkomen die in Baarn willen blijven wonen. De aanbevelingen zijn wat de Partij van de Arbeid betreft logisch en noodzakelijk.
Hoger inzetten op sociaal en middensegment, beter monitoren en waar nodig is bijsturen en de raad goed in positie brengen. En de praktijk is, zoals de heer Bosman al zei, weerbarstig, dat weten we, maar dat mag geen excuus zijn om de lat lager te leggen. Van de motie van D66 zijn we mede-indiener, dus dat spreekt voor zich en wij stemmen voor dit raadsvoorstel. De heer SCHOUTEN: Dank u voorzitter. Voorzitter, ik stem voor dit raadsvoorstel. De beslispunten zijn wat mij betreft kristalhelder. De analyse ligt er, de aanbevelingen zijn duidelijk en de uitvoering ligt nu bij het college. Je zou kunnen zeggen de richting is bepaald, nu komt het aan op doen. En daar wil ik in de geest van mijn politiek vader, Tinus, vandaag toch graag de aanmoedigingsprijs geven aan het college omdat de wil er is, aan de organisatie omdat er hard gewerkt wordt onder soms lastige omstandigheden en aan onszelf als raad omdat wij nu moeten blijven sturen, volgen en waar nodig bijsturen want uiteindelijk telt maar één ding, dat het ook echt gebeurt. En ik geef gelijk maar even de reactie op de motie, dan hebben we die maar gehad. De motie doet precies wat nodig is. Meten of leveren wat we beloven, niet meer, niet minder. Praktisch, uitvoerbaar en helpt de raad zijn werk te doen. Lijkt me vanzelfsprekend deze te steunen. De heer VAN LOON: Dank u voorzitter.
50PLUS is blij met de voorgestelde beslispunten van de Rekenkamer. Verder vinden we het belangrijk dat we goed in contact blijven met Omthuis en ze helpen waar we kunnen om zodoende meer sociale huurwoningen te bouwen. 50PLUS is van mening dat juist in het begin van een project de doelgroep bepaald moet worden door de raad en de daarbij
13
behorende kaders en wensen. Dat is dus onze wens. En verder zullen we de motie steunen en ook dit raadsvoorstel. De heer VAN HARDEVELD: Dank u voorzitter. Wij onderschrijven de meeste aanbevelingen van de Rekenkamer. En net als het college in het document aangeeft, hebben wij wat moeite met de voorgestelde verhoging van het percentage sociale huur en daar hebben we drie redenen voor. Eén, vanuit de Rijksoverheid zal een minimaal percentage vastgesteld gaan worden, dat zal 30% zijn. Niet alleen het percentage sociale huur is het probleem maar vooral het gebrek aan uitstroom uit de sociale huur en de beschikbaarheid van nieuwe woningen. En drie, en dat is voor ons eigenlijk het belangrijkst, hogere minimumpercentages zullen remmend werken op het meer en sneller bouwen van woningen. Wij hebben de motie mede ingediend. De motie sluit wat ons betreft mooi aan op onze eerdere pogingen om overzicht te krijgen in, zoals wij dat eerder genoemd hebben, de mandjes en nu dus in een monitor. Dus wij zullen die steunen. Wethouder VELDHUIZEN: Dank u voorzitter. Vanzelfsprekend sturen we er al op. Daarvoor hebben we het volkshuisvestingsprogramma, daar hebben we met elkaar in vastgelegd hoe wij om willen gaan met woningbouw en daar wordt ook bij de ontwikkelingen altijd op gestuurd. En de monitoring waar de motie toe oproept, die brengen wij al in beeld.
Het gebruik van de planmonitor van de provincie Utrecht, daar kunt u gewoon op vinden wat daar al gerealiseerd wordt. Dat zijn we ook verplicht om te doen, dus dat doen wij ook keurig netjes. Die wordt bijgewerkt, die wordt bijgehouden. Er worden de categorieën ingevuld, de oplevering van woningen, de knelpunten en alle andere indicatoren waarmee we kunnen monitoren. Momenteel zijn we weer bezig om de planmonitor wonen voor de gemeente Baarn te actualiseren zodat die weer naar de provincie gaat. Ik verwacht dat dit voorjaar, 2026, dat die weer geactualiseerd gaat worden en dat die uiteraard met uw raad gedeeld gaat worden. Dat zal ik dan apart doen in de perspectiefnota want dat is dan die uitdraai die naar de provincie gaat. Die kan ik ook aan uw raad ter beschikking stellen, uiteraard zonder enkel probleem en dan heeft u dus het overzicht. Ik sprak er iemand over en die zegt dat in 2022, maar dat was voor de periode dat ik hier als wethouder was, er ook een lijstje was waarin dat ook per categorieën werd gedeeld. Daar is toen van afgestapt omdat er drie verschillende soorten reportages waren. Toen is dat besloten op een andere manier maar blijkbaar levert dat voor uw raad onvoldoende informatie op.
Dus dat gaan we herstellen en zorgen dat u de informatie die we aan de provincie sturen, wat is er gerealiseerd in welke categorieën, wat is er in de planning in welke categorieën, dat u dat gedeeld krijgt. En dat is dus wat er hard is, wat er al in de vergunningstrajecten zit, maar ook wat er zacht is, wat er in de vooroverleggen zitten. Dus wat dat betreft, voorzitter, denk ik dat de motie een steun in de rug is maar eigenlijk doen we het al. Mevrouw STRUIJK: Dank u voorzitter en dank voor de beantwoording van het college. Ik realiseer me dat deze instrumenten er zijn maar er ontbreekt één heel cruciaal deel, of twee eigenlijk. Als eerste de toepassing van het instrumentenkoffertje dat we hebben. Dus wat hebben we nu toegepast? En ten tweede, wat ontbreekt is duiding. Dus hoe doen wij het ten opzichte van onze opgave die we onszelf hebben opgelegd? Zitten we op koers of niet en zo niet? Wat doen we daar dan aan? Dus dat stukje ontbreekt. Dus het gaat mij ook om duiding, niet alleen om cijfers. Wethouder VELDHUIZEN: Dank u voorzitter. Ook die plannen zitten in de woondeal, ook die monitor maar ik begrijp wat u bedoelt. Ik zal zorgen dat dat in dat overzicht wordt meegenomen want het is op zich een hele kleine aanvulling daarop. Dus daar gaan we voor zorgen, voorzitter. De VOORZITTER: Een volledige toezegging hoor ik hier van de wethouder.
Dan constateer ik dat er verder geen op- of aanmerkingen meer zijn en vraag ik wenst u stemming over het voorstel in eerste instantie? Nee, dus geen stemming over het voorstel. Wenst u stemming over de motie? Nee, dan zijn zowel het voorstel als de motie aangenomen zonder stemming en begreep ik dat de wethouder nog even de heer Schouten wilde bedanken voor iets korts.
14
Wethouder VELDHUIZEN: Voorzitter. Ik wil de heer Schouten even bedanken voor de aanmoedigingsprijs die hij heeft uitgereikt. Ik zie de oorkonde graag erbij tegemoet en die zal ik dan ook morgen, met het gebak wat u daarbij aanbiedt aan de medewerkers, zal ik dat ook met alle soorten van genoegen overhandigen. De VOORZITTER: De ontwikkelaar van de aanmoedigingsprijs kijkt vanaf zijn wolkje toe. 9.
Bestemmingsplan Verleggen gastransportleiding W-500-01 (1373646)
De VOORZITTER: Dan kijk ik heel even naar de fractie van VoorBaarn of dat nog als bespreekpunt staat want ik denk dat het antwoord al gegeven is op de vraag. Maar als u dat zelf even ook wil bevestigen, dan is het niet mijn verhaal. Mevrouw KOENDERS: Jazeker, voorzitter. We hebben de antwoorden ontvangen en het volstaat. Ik ben het alleen vergeten te zeggen bij het vaststellen van de agenda. De VOORZITTER: Dan ga ik ervan uit dat dat zonder verdere stemming akkoord is. 10.
Financiering Stichting Exploitatie Sportpark Ter Eem voor kunstgrasveld (1444777)
De VOORZITTER: Het doel van dit voorstel is dat aan de raad wordt voorgesteld om de Stichting Seste een eenmalige subsidie van 570.000 euro te geven voor het aangelegde kunstgrasveld en dit te dekken uit de algemene reserve. Hier is ook uitgebreid al door uw raad in de commissie over gediscussieerd. Ook, denk ik, een hele heldere inspraak van Seste geweest en het is goed om dat nu tot besluitvorming te laten komen. Mevrouw KOENDERS: Dank u voorzitter. Tijdens de vorige vergadering hebben we duidelijk onze waardering uitgesproken voor de vrijwillige bestuurders van Seste en de betrokken ambtenaren. Met het oog op een verantwoord omgaan met onze gemeentelijke financiën echter hebben we toen ook aangekondigd ervoor te willen zorgen dat de eenmalige uitname van het bedrag voor de kosten voor het extra kunstgrasveld uit de algemene reserve daar ook wel weer naar moet terugvloeien, naar die algemene reserve. En daarom dienen we vanavond ook graag een motie in en die wordt mede ingediend door het CDA, de heer Rik van Hardeveld.
De motie luidt als volgt: De gemeenteraad van Baarn, in vergadering bijeen op 25 februari 2026 gehoord de beraadslaging, constaterende dat: Er constructief is gewerkt door alle partijen om aanzienlijk kostenvoordeel te behalen bij het realiseren van kunstgrasvelden voor zowel voetbal als hockey door gelijktijdig in te kopen; De Stichting Exploitatie Sportpark Ter Eem (Seste) het verzoek heeft gedaan aan de gemeente om ontlast te worden van alle regeldruk rondom afsluiting lening, borgstelling en achterborg doordat de gemeente in één keer het totaalbedrag aflost; De gemeente aan de raad goedkeuring vraagt om dit totaalbedrag eenmalig uit de Algemene Reserve te mogen financieren. van oordeel dat: Deze financiële constructie alle vrijwilligers van Seste aanmerkelijk ontlast; Een dergelijke ontneming voor sportfinanciering uit de Algemene Reserve wel dient terug te vloeien naar de Algemene Reserve. roept het college op: 15