CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

250319 Verslag Oordeelsvorming in de raadscommissie 19 maart 2025 concept

Oordeelsvorming in de raadscommissie 9 april 2025, gemeente BaarnBij agendapunt: Vaststellen verslag van Oordeelsvorming in de raadscommissie van 19 maart 202511.542 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Baarn Bijeenkomst “Oordeelsvorming in de raadscommissie” Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 19 maart 2025 in de raadszaal van het gemeentehuis

Voorzitter:

mevrouw S.H.B. Oortman Gerlings

Griffier:

de heer D.E. Bulthuis

Aanwezig:

de heer A. van den Berg (GL), de heer J.J.G. Bosman (GL), de heer V.A. Brinkman-Koopal (PvdA), mevrouw S. Bruijstens (PvdA), mevrouw M.L. Deurloo (Lijst Mylou Deurloo), de heer M.J.P.M. van der Donk (CDA), de heer W.J.L. Genuit (GL), de heer H.J. van Hardeveld (CDA), mevrouw E.M. Jacobson (50PLUS), de heer J.M. Jonkers (VVD), mevrouw M.J. Koenders-van de Vrugt (VoorBaarn), de heer D.D. Kolt ((VoorBaarn), de heer M.R. Korkmaz (VVD),de heer L.T.J. Kramer (GL), de heer A.F.M. van der Linden (PvdA), de heer M.R. Mascini (VVD), de heer A.P. van der Padt (VVD), de heer M.R.N. Schouten (Lijst Schouten), mevrouw J.A.M. Sluijs (GL), de heer A.R. Stolk (VVD), mevrouw C.J. Struijk-Cramer (D66) en de heer R. van Wijk (CDA)

Overige aanwezigen:

de heer M. Eijbaard (wethouder), de heer H.B. Prakke (wethouder), jhr. M.A. Röell (burgemeester), de heer M.R. Veldhuizen (wethouder) en de heer S. de Vries (wethouder)

1.

Opening, vaststelling agenda en mededelingen

De VOORZITTER heet iedereen om 20.00 uur van harte welkom. Het advies van Informatie in de raadscommissie van vorige week was dat de raadsvoorstellen Kadernota Regionale ICT Dienst (RID) Utrecht 2026, Wijziging gemeenschappelijke regeling Regionale ICT Dienst (RID) Utrecht en Begroting 2025 en meerjarenraming 2025-2029 Stichting Eemvallei Educatief (STEV) direct kunnen doorgaan als hamerstuk naar de raadsvergadering van 26 maart aanstaande. Mevrouw KOENDERS vraagt om het agendapunt 8 Proeftuin Buurtgezinnen start in Baarn door te schuiven naar een volgende maand vanwege de afwezigheid van de indiener mevrouw Hoogerwerf. Zou het college de vragen die gesteld zijn aan de wethouder als schriftelijke vragen willen beschouwen zodat die wellicht in de tussenliggende tijd al kunnen worden beantwoord? Wethouder DE VRIES zegt dat deze vragen zullen worden beantwoord en misschien wordt ook het collegebesluit meegestuurd want een deel van de antwoorden is daaruit te halen. De VOORZITTER concludeert dat agendapunt 8 van de agenda gaat. De heer VAN DER PADT meldt dat hij bij de behandeling van agendapunt 3 de zaal zal verlaten omdat hij in het bestuur zit van een van de verenigingen. 1

De VOORZITTER geeft aan dat berichten van verhindering zijn ontvangen van mevrouw Martens, de heer Van Loon en de heer Van Grinsven en van mevrouw Hoogerwerf en mevrouw Haverkamp. 2. Vaststellen verslag van Oordeelsvorming in de raadscommissie van 12 februari 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Toekomstvisie 2025-2040 sportvoorzieningen De Geerenweg (1096025) De VOORZITTER meldt dat de heer Van der Padt de zaal verlaat. Mevrouw DEURLOO vindt het een goed plan om vele kleine verouderde gebouwtjes te vervangen door één grote multifunctionele sportaccommodatie en om sportvelden of faciliteiten ook buiten eigen gebruik wellicht open te stellen voor niet-leden. Op die buitenuren moet dan wellicht cameratoezicht worden geplaatst. In verband met de netcongestie zou flink moeten worden ingezet op zonnepanelen. Ook mooi is het ontstenen van parkeerterreinen en sportpleinen. Welk bedrag zou er nog extra nodig zijn om de bovengenoemde eigen prioriteiten door te voeren? De heer SCHOUTEN mist het nu in het verhaal want ook nu is er behoefte aan goed onderhoud zoals op het juiste moment lijnen trekken of behoefte aan een eigen plek want dat bevordert juist het verenigingsgevoel.

Wordt met deze visie niet juist de individualisering in de sport bevorderd? Zou de BAV niet geholpen zijn met 2 extra banen zodat het atletiekcomplex gebruikt kan worden voor grotere wedstrijden? Zou HCOB niet geholpen zijn met het al dan niet toestaan van een portocabin als kantine en waarom juist veld 7 bij Eemboys ter discussie stellen terwijl nou juist dat grasveld het langst bespeelbaar is en het minst te lijden heeft van overmatige regen? Hoe wordt geborgd dat dit nu niet vergeten wordt, daarbij vooral doelend op onderhoud, schoonhouden et cetera? Staat de wethouder ervoor open om onder voorwaarden toe te staan dat HCOB een portocabin plaatst als kantine? Hoe kijkt de raad aan tegen het meer individualiseren van het sportpark? Hoe kijkt de raad aan tegen het onder voorwaarden tijdelijk toestaan van het infra technisch faciliteren van een portocabin ten behoeve van een kantine voor de handbal? De heer BRUINS kan instemmen met het raadsvoorstel.

De wethouder stelt voor om dit uit de algemene reserve te dekken maar is het ook mogelijk om dit plan iets verder uit te stellen door het in de begroting van volgend jaar op te nemen? Voorgesteld wordt om een collectorveld en een batterij-systeem te plaatsen maar is het dan ook mogelijk om de woonwijk of het industrieterrein dat er tegenaan grenst mee te nemen in de batterij-capaciteit? Mevrouw JACOBSON vindt het op zich een prachtig idee maar er zijn wel wat gevaren bij het openstellen van de sportvoorzieningen. Denk hierbij aan vandalisme, niet goed gebruik maken van toestellen met kans op ongelukken en blessures. Er moet voor worden gezorgd dat alle verenigingen betrokken worden bij dit ambitieuze plan, ook de kleinere vereniging zoals de handbalclub die in vorstelijk Baarn niet eens de beschikking heeft over kleedkamers en kantine. Mevrouw STRUIJK constateert dat er steeds meer individueel wordt gesport en daarom is het belangrijk dat daar ook voorzieningen voor worden getroffen. Voor de jeugd is het belangrijk om in de sportverenigingen hun sociale vaardigheden en de liefde voor sport te ontwikkelen. Goed is de gefaseerde aanpak omdat niet nu ineens veel geld kan worden uitgegeven maar die kleine stapjes kunnen nu al beginnen en daarbij sluit zij zich aan bij de vragen van de heer Schouten.

Mooi is dat het overzicht over de totale ontwikkeling regelmatig aan de raad wordt teruggekoppeld. 2

De heer VAN HARDEVELD vindt het een mooi plan en deelt zijn complimenten uit voor het participatieproces want bij alle verenigingen was bijna unaniem lof voor het proces. De manager voor het sportpark zou beter kwartiermaker of projectleider genoemd kunnen worden omdat dit iets beter de transitie waarin men komt aangeeft. Deze functionaris heeft een duidelijk mandaat van de sportorganisaties nodig. Het betalen van de inhuur van deskundigheid uit de algemene reserve is te gemakzuchtig want de algemene reserve is geen graaifonds voor als je het even niet meer weet. Het debatpunt is dan ook dat de kosten voor de in te huren deskundigheid niet uit de algemene reserve wordt gehaald maar de dekking gebeurt door de uitgaven door te schuiven naar de begroting 2026 of door substitutie uit een andere begrotingspost van de begroting van dit jaar. De heer BRINKMAN wijst op de fysieke en mentale voordelen van sport voor de jeugd en voor iedereen. Meer veiligheid voor fietsers en voetgangers voordat je het veld bereikt is belangrijk. Duurzaamheid en energie-efficiëntie want de rekening voor verenigingen moet lager. Destijds is een motie ingediend om bestuurders samen te brengen maar vergaderen alleen gaat het verschil niet maken. Er moet gebouwd worden aan een echte samenwerking.

Dus de sportmanager die voorgesteld wordt mag geen scheidsrechter worden die tussen verenigingen in staat maar moet een coach zijn die mensen bij elkaar brengt. Die moet niet alleen zorgen voor het dagelijks beheer maar ook onderzoeken waar verenigingen langdurig kunnen samenwerken omdat dit helpt. De sportmanager krijgt veel taken maar nergens wordt expliciet gezegd dat hij of zij ook moet kijken naar structurele samenwerkingen tussen verenigingen op de lange termijn. Raad, is dat wat wij nodig hebben? De heer KOLT vindt het fijn dat de uitvoering gefaseerd wordt aangepakt en per fase opnieuw aan de raad wordt voorgelegd. Vorige week werd gezegd dat er een pilot van 2 jaar wordt ingezet. Had het te maken met de handhaving van de openbare orde? Het zou goed zijn als het eerste halfjaar wat beter gemonitord wordt de handhaving van de openbare orde en met name op de openbare sportaccommodaties, dus niet de accommodaties achter de hekken zoals voorgesteld vorige week. De heer KRAMER verwacht dat het college aandacht heeft voor de stem van alle organisaties die het sportpark in de toekomst waar moeten maken, zowel de grote als de kleinere spelers. Het wordt een mooi en energieneutraal sportpark met een openbaar karakter en efficiënt beheer en exploitatiemanagement en daar is de fractie best tevreden over.

De heer MASCINI maakt zich zorgen over de publieke openstelling in combinatie met het gebrek aan handhaving. Als iemand bijvoorbeeld een gebroken fles achterlaat op het veld is het onbespeelbaar. Wethouder PRAKKE dankt voor de complimenten over de participatie en brengt dat over aan de heer Brandjes en de projectmanager. Het gaf waarde om daar echt tijd voor uit te trekken en het is een goed leertraject voor misschien toekomstige projecten. Er zijn afspraken met Seste en SCAB over het onderhoud. Als er vanuit verenigingen klachten zijn dat het niet goed gaat zijn zij daarvoor de eerste aanspreekpunten en de gemeente heeft ook regelmatig contact met die organisaties om te borgen dat het blijft zoals het in de afgelopen jaren is gebeurd en om erop te wijzen waar het beter kan. Dit zal ook in de komende jaren worden geborgd. Over het voorbeeld om een portocabin te gebruiken als kantine zijn de afgelopen 2 à 3 jaar een aantal gesprekken geweest maar de gemeente is op afstand gezet door Seste en die is het eerste aanspreekpunt voor de handbal. Er is geprobeerd om die partijen bij elkaar te brengen om een oplossing te zoeken en dus ook bijvoorbeeld gekeken met de voetbal. De gemeente staat er niet negatief tegenover als daar een portocabin komt maar uiteindelijk gaat Seste hierover en ook over de financiering van dat soort zaken.

Als de raad uitspreekt dat dit moet gebeuren zal hij dat gesprek

3

opnieuw aankaarten met Seste en de handbal. Daar hangt echter ook een kostenplaatje aan en daarvoor moet wellicht bij de raad worden teruggekomen. De heer SCHOUTEN zegt dat financiering een ander verhaal is. Wellicht zou het kunnen worden gefaciliteerd met het aanbrengen van riolering maar de financiering zou bij de handbal kunnen worden neergelegd. Wethouder PRAKKE zegt dat nu de geesten rijp zijn om hierop door te pakken en dat dit niet moet worden doorgeschoven naar de begroting van volgend jaar. Ook wanneer het naar het volgend jaar zou gaan is er sprake van incidenteel geld en zou ook het voorstel komen naar de raad om dit uit de algemene reserve te financieren. Er zijn gesprekken geweest om de warmte die bijvoorbeeld op een collectorveld wordt gegenereerd naar woningen of een bedrijventerrein kan worden gebracht. Als energie lokaal wordt opgewekt en het lokaal ook wordt gebruikt heb je geen last van netcongestie. Daarnaast zou wat overdag wordt opgewekt ‘s avonds kunnen worden besteed aan bijvoorbeeld de verlichting van de velden. De skatebaan is nu openbaar toegankelijk en de velden zijn kwetsbaar. De pilot zal moeten uitwijzen of extra handhaving opweegt tegen 360 dagen per jaar dat er niets gebeurt.

In het eerste halfjaar zal nadrukkelijker worden gemonitord hoe dit loopt en als het echt de spuigaten uitloopt zegt de gemeente misschien al na een half jaar dat het moet worden weggegooid. Er zijn gemeenten waar het altijd open is en er niets gebeurt en er veel gebruik van wordt gemaakt en er zijn gemeenten waar bijvoorbeeld het hele hockeyveld kapot is omdat mensen over het hek klimmen. De heer KOLT vraagt alleen om het eerste halfjaar extra te monitoren maar niet om extra handhaving. Als iets nieuw is zal het in eerste instantie meer mensen trekken en dat is positief maar alleen wordt gevraagd om het extra mee te nemen. Wethouder PRAKKE denkt ook aan monitoring samen met de clubs en de mensen die er omheen zitten wat het effect is van de openstelling, ook qua gebruik. De heer SCHOUTEN is een beetje bevreesd dat door de individualisering van de sport langzamerhand het verenigingsleven wordt weggedrukt. Ziet de raad dat ook zo en hoe kan dat worden voorkomen want het sportpark is toch primair bedoeld voor verenigingsporten? Mevrouw DEURLOO heeft nooit in een team gesport en zou het heel prettig vinden als ze daar ‘s avonds een rondje kan hardlopen. De heer VAN HARDEVELD memoreert dat de externe deskundige vorige week zei dat dit ook juist drempelverlagend kan zijn voor sommige mensen om over te stappen naar een vereniging.

Gelukkig is Baarn een gemeente met een extreem hoge deelname aan het verenigingsleven en dat moet goed in de gaten worden gehouden maar die zorg is wel een beetje weggenomen. De heer KRAMER kan zich voorstellen dat mensen die een rondje lopen veel leuke mensen tegengekomen waardoor ze het idee hebben dat ze zich toch bij een sportvereniging moeten aansluiten. De heer SCHOUTEN vraagt hoe de raad aankijkt tegen het tijdelijk toestaan van een portocabin ten behoeve van een kantine waarbij de gemeente dit zou faciliteren. Onlangs is in Leusden gezien dat een eigen onderkomen het clubgevoel versterkt en als dat wordt uitgesteld totdat er een multifunctioneel gebouw komt is het misschien wel 10 jaar verder. Daarom zou een tijdelijke oplossing welkom zijn. 4

Mevrouw DEURLOO vindt dit een goed idee en verzoekt de heer Schouten om hiervoor een motie in te dienen. De heer VAN HARDEVELD vindt het bizar dat op Sportpark Ter Eem waar al 6 of 7 kantines zijn tijdelijk nog een achtste zou moeten komen in afwachting van het meer gezamenlijk gaan gebruiken van voorzieningen. Als het de handbal niet lukt moet de kwartiermaker maar eerst met de andere kantinebazen in gesprek gaan om te kijken of daar mogelijkheden zijn. De heer KOLT is ook van mening dat eerst moet worden uitgezocht wat er nu mogelijk is. Dan kan altijd later nog worden beslist of een aanvullende ruimte nodig is. Is het niet zo dat de handbal ook in De Trits plaatsvindt en dat daar al ruimte is? De heer SCHOUTEN zegt dat een kwartiermaker niet binnen een jaar geregeld is en daarom moet ook hier wat vaart in. De financiering zou op een andere manier geregeld kunnen worden. Daarom zal een motie worden opgesteld. De handbal maakt ongeveer voor 50% gebruik van De Trits en voor de rest vindt het buiten plaats. De verenigingen die eigenaren van de gebouwen zijn moeten hierover beslissen en niet de vrijwilligers in de kantines. Als mensen al de hele zaterdag in touw zijn geweest willen ze niet ook nog eens op de zondag, als meer de handbal plaatsvindt, nog eens als vrijwilliger achter de bar staan.

De heer KOLT stelt dat de vrijwilligers van de handbalvereniging dan de kantine kunnen bemensen. De heer SCHOUTEN zegt dat er altijd een beheerder van de vereniging zelf aanwezig moet zijn en daar zit het pijnpunt. Daarnaast is De Trits een officiële instelling die de kantine runt en dat is een heel ander verhaal. Het is daarnaast een beetje bijzonder als de raad andere verenigingen zou opzadelen om hun vrijwilligers daar in te zetten op een zondag. De heer KOLT vindt dat juist niet. Mevrouw STRUIJK is het nog niet helemaal duidelijk waarom op zondag een vrijwilliger niet in de kantine kan. De vraag is of zo’n sportmanager niet eerder zou kunnen worden aangesteld dan pas na een jaar en die zou een bemiddelende rol zou kunnen spelen in het multifunctioneel inzetten van verenigingsgebouwen. De heer SCHOUTEN stelt dat de raad een vrijwilliger van de voetbalvereniging niet kan verplichten om op zondag in de kantine te staan voor de handbal. Daarnaast moet de sportmanager nog aangenomen worden en dat zal echt nog wel even duren leert de ervaring. Mevrouw STRUIJK vindt het geen rare gedachte dat als de gemeente investeert om een tijdelijke portocabin neer te zetten om te kijken of dat niet op een andere meer kostenefficiënte manier kan en daarover in overleg te gaan met de vrijwilligers.

De heer SCHOUTEN heeft gevraagd om medewerking van de gemeente omdat die eigenaar is van de grond waar de portocabin op zou komen. Het financiële plaatje is een andere discussie want dit zou door middel van acties ook door de vereniging opgebracht kunnen worden. De heer BRINKMAN zegt dat het in zijn algemeenheid er nu over gaat hoe ervoor kan worden gezorgd dat verenigingen die het nu misschien even wat minder hebben bij elkaar te laten komen om dat te versterken. De vraag van de portocabin ligt nu niet voor. Het gaat erom of de raad met het raadsvoorstel kan instemmen om hiermee synergie te creëren. 5

De heer SCHOUTEN heeft alleen gevraagd in de tijdelijkheid totdat er concrete stappen worden gezet voor een gezamenlijk gebouw et cetera, of daar de mogelijkheid is voor een portocabin en of de gemeente daarvoor gaat liggen of daar medewerking aan wil verlenen. Een motie kan ertoe bijdragen om daar wat meer vaart in te zetten. De heer MASCINI zegt dat als de portocabin tijdelijk helpt die mogelijkheid zou moeten worden geschapen. Mevrouw STRUIJK stelt dat als het puur om ruimtegebrek gaat er niet zoveel op tegen is maar er zou kunnen worden gekeken of dit toch niet anders kan via de sportparkmanager. De heer SCHOUTEN merkt op dat er natuurlijk al gesprekken zijn geweest tussen verenigingen onderling maar dat heeft nog niet tot resultaat geleid. Dus vandaar dat de gemeente misschien net even dat duwtje kan geven. De heer VAN HARDEVELD is er niet zo gelukkig mee dat het bedrag voor de projectmanager uit de algemene reserve wordt gehaald. Als raadsleden een voorstel doen moeten ze zorgen voor een dekking. Datzelfde zou voor het college moeten gelden en de algemene reserve is geen plunderfonds. Zou dit niet op een andere manier gefinancierd moeten worden? De heer SCHOUTEN zegt dat het gaat om een tijdelijk iets en dat het daarna in de begroting wordt opgenomen, juist om de vaart erin te houden. Dan lijkt dit een prima voorstel.

Mevrouw STRUIJK is het daar volledig mee eens en er is de afgelopen jaren ook regelmatig geld teruggevloeid naar de algemene reserve, juist vanuit de sport omdat het niet benut is en daarom kan er nu prima uit de algemene reserve worden geput om de sport voortgang te bieden. De heer VAN HARDEVELD stelt dat zodra bedragen naar de algemene reserve gaan ze hun oormerk verliezen en het wordt wel heel veel speurwerk als moet worden gekeken uit welke potjes het uit het verleden gekomen is. Mevrouw STRUIJK zegt dat het feit wel is dat er gewoon geld heen en weer gaat. Er is geld ingekomen en er kan weer geld uit. De heer KRAMER is van mening dat zowel de gemeente als de sportverenigingen vaart willen maken en als de algemene reserve daarvoor nodig is heeft GroenLinks daar geen problemen mee. De heer MASCINI begrijpt de redenering van de heer Van Hardeveld maar in deze volgt hij de route van de heer Schouten. De heer VAN HARDEVELD zegt dat hier bij moties niet zo makkelijk mee wordt omgegaan. Het kan niet zo zijn dat op een begroting van 75 miljoen ergens iets niet kan worden gevonden. Dit jaar gaat het om € 36.000 en volgend jaar over € 60.000 en het CDA had wat meer creativiteit van het college verwacht. Mevrouw STRUIJK merkt op dat de algemene reserve van Baarn absurd hoog is. De heer MASCINI vraagt waarom mevrouw Struijk de algemene reserve absurd hoog noemt.

Die is de afgelopen jaren door dit college bijna gehalveerd.

6

Mevrouw STRUIJK legt uit dat op basis van de risico’s wordt ingeschat hoe hoog de algemene reserve moet zijn. Dat is 8 miljoen en er zit nu ongeveer 16 miljoen in de algemene reserve. Er zit in ieder geval veel meer in dan wat met elkaar is afgesproken dat er minimaal in zou moeten zitten. Nu komt er een ravijnjaar aan en als de gemeente dingen zou kunnen financieren uit de te hoge algemene reserve en niet moet wegschrijven in de begroting die vreselijk onder druk staat moet dat vooral worden gedaan. De heer MASCINI is van mening dat de algemene reserve niet hoog genoeg kan zijn. Hij is inderdaad hoger dan het wettelijk minimum maar hij sluit zich aan bij D66 van heb maar vertrouwen in mensen. De heer KOLT stelt dat de spaarpot ten doel moet staan van de burgers. De heer BRINKMAN merkt op dat nergens staat dat de sportmanager moet kijken naar structurele samenwerking tussen verenigingen op de lange termijn. Is dat niet juist wat we nodig hebben? De heer SCHOUTEN stelt dat de wethouder vorige week heeft gezegd dat het eigenlijk van onderaf moet komen. Het van bovenaf opleggen van samenwerking tussen verenigingen is geen goede zaak.

Mevrouw STRUIJK is het daarmee eens maar de sportmanager zou kunnen kijken en als er signalen komen van wellicht zou een samenwerking kunnen plaatsvinden is het goed als dat wordt gefaciliteerd en dat partijen bij elkaar gezet worden maar het signaal moet inderdaad wel van onderaf komen. De heer KOLT zegt aanvullend op vorige spreker dat het ook goed is om te monitoren of er nieuwe sporten ontstaan van onderaf. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. 4. Startnotitie Armoede- en Schuldhulpverleningsbeleid (1167305) De heer KORKMAZ pleit voor een beleid waarin preventie en vroegsignalering centraal staan maar waarin ook duidelijke maatregelen worden genomen om fraude tegen te gaan. Dit zorgt ervoor dat de middelen terechtkomen bij de mensen die het echt nodig hebben en dat de middelen efficiënt worden ingezet. De fractie heeft nog geen standpunt ingenomen over het raadsvoorstel. De heer BOSMAN zegt dat te lang het beeld was dat mensen die financieel klem zaten dat aan zichzelf te danken hadden en dat je ze het vooral niet te makkelijk moest maken omdat ze anders niet in beweging zouden komen maar wantrouwen brengt mensen alleen maar verder in het nauw.

Voortdurende stress helpt niet om je eigen situatie duurzaam te verbeteren en het is goed dat in de startnotitie staat dat de inwoners met respect en vertrouwen zullen worden benaderd. GroenLinks is ervan geschrokken dat het aantal huishoudens met problematische schulden is gestegen naar 6,8%. Het is een schande dat in dit land het steeds makkelijker wordt gemaakt om schulden aan te gaan met bijvoorbeeld online gokken of een bedrijf als Klarna die het super simpel maakt om spullen aan te schaffen zonder dat je geld hebt. De gemeente moet bestaande problemen oplossen maar ook door preventie voorkomen dat problemen zich in de toekomst opnieuw voordoen. Daarom is het mooi dat vroegsignalering steeds beter van de grond komt en dat de gemeente direct in actie komt als Omthuis huurachterstanden meldt maar er lijkt nog een zwart gat te zitten als het gaat om particuliere verhuurders. Die zouden actief moeten worden gewezen op hun plicht om betalingsachterstanden aan de gemeente te melden. 7

De gemeente Wageningen bundelt voor mensen die afhankelijk zijn van uitkeringen en toeslagen de diverse inkomenspotjes waardoor mensen overzicht hebben over wat ze maandelijks te besteden hebben. Zijn de andere fracties ook van mening dat moet worden gekeken naar best practices op dit gebied en dat dit in het nieuwe beleid moet worden verankerd? De gemeente kan werken aan bewustzijn en gedrag bij mensen die het niet breed hebben zoals trainingen en individuele begeleiding. Leusden zet daar bijvoorbeeld heel actief op in. Daarmee wordt de kans verkleint dat mensen in financiële problemen komen. Er zijn veel aanwijzingen dat iedere euro die in preventie wordt gestoken vele malen wordt terugverdiend. Zijn de andere fracties ook van mening dat actief investeren in training en individuele begeleiding van kwetsbare inwoners prioriteit in het nieuwe beleid zou moeten zijn? Mevrouw KOENDERS merkt op dat het aantal mensen in armoede in Baarn lager is dan elders en dat de voorgestelde beleidscombinatie voordeel zou moeten opleveren voor de inwoners. Hopelijk kan dit ook tot besparingen leiden. De fractie is blij met de samenwerking, ook met de openbare bibliotheken. Mevrouw BRUIJSTENS vindt dat Baarn het goed doet op het gebied van armoedebeleid en schuldhulpverlening. Een verdere verbetering is echter hard nodig omdat de inwoners steeds meer te maken krijgen met bestaansonzekerheid.

De Partij van de Arbeid is positief over de uitgangspunten van het nieuwe beleid waarin de mens centraal staat en niet de regels. Van inwoners die door de gemeente worden ondersteund bij financiële problemen wordt ook een tegenprestatie verwacht. Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat vertrouwen als basis daarin overeind blijft? Deelt de portefeuillehouder de zorgen daarover en hoe gaat het college voorkomen dat de lessen uit het verleden, bijvoorbeeld die van de kindertoeslagaffaire, onder het nieuwe gemeentelijke beleid niet uit beeld raken? De heer VAN HARDEVELD zegt dat het belangrijkste element in de startnotitie ontbreekt, namelijk hoe uit de situatie van armoede en schulden te geraken. Er moet een elfde punt aan de uitgangspunten worden toegevoegd en het liefst op nummer 1, namelijk wij gaan actief met de betreffende inwoners aan de slag om uit de armoedesituatie te geraken door scholing en/of een baan en door begeleiding bij omgaan met geld. Hoe denken de collega-raadsleden over de toevoeging van dit punt aan de uitgangspunten? Mevrouw STRUIJK vindt dat de startnotitie een mooie aanzet geeft om met deze problematiek om te gaan. Het kwijtschelden van schulden zoals de gemeente Arnhem doet is aan het eind goedkoper. In Nederland wordt 17 miljoen euro uitgegeven aan kosten voor het oplossen van problematische schulden en de totale schuldwaarde is 3,5 miljoen euro.

Dit is handelen vanuit wantrouwen door de overheid. Er wordt veel te veel focus gelegd op het tegengaan van fraude. Bij de meeste problematische gevallen waar een opeenstapeling van schulden is en er sprake is van een uitzichtloze situatie om eruit te komen zoals gebrek aan scholing, geen baan, misschien psychische problemen, kinderen die eronder lijden zou de gemeente kwijtschelding van schuld moeten geven. Er moet worden geleerd van best practices van andere gemeenten. Rotterdam heeft dit ook gedaan. Mevrouw JACOBSON is blij dat wordt gekeken naar oplossingen voor deze mensen en niet alleen op de korte termijn maar ook in de toekomst waaraan alle inwoners van Baarn mee kunnen doen. Zijn de bedragen die hiervoor gereserveerd zijn voldoende? De heer BRUINS kan instemmen met het voorliggende raadsvoorstel en sluit zich grotendeels aan bij de voorgaande sprekers.

8

De heer SCHOUTEN stemt in met de voorliggende startnotitie. Mevrouw DEURLOO is blij dat nu wordt ingezet op een integrale aanpak zodat er wellicht sneller en efficiënter gehandeld kan worden want hierdoor kan vroegsignalering gemeenschappelijk opgevangen worden en mensen die het nodig hebben direct geholpen worden. Na de vaststelling wordt een participatieproces ingezet. Wat houdt dit in? Wethouder EIJBAARD legt uit dat een deel van de participatie nu al gebeurt via het participatietraject van Baarn Vitaal maar er wordt nadrukkelijk geprobeerd om de doelgroep erbij te betrekken omdat de mensen die het meemaken andere ervaringen hebben om te kijken wat zij nodig hebben in het beleid vanuit de gemeente. Voor wat op dit moment wordt gedaan zijn de genoemde bedragen voldoende en er wordt nu eerst beleid opgesteld om te kijken of we dingen extra willen doen of willen we zaken verplaatsen en andere prioriteiten leggen. Het college is bereid om particuliere huurders te wijzen op de vroegsignalering. Dit wordt meegenomen in het beleid dat wordt opgesteld. Tegenprestatie en vertrouwen kan prima met elkaar samengaan. Het is goed om inwoners die in armoede zitten weerbaarder te maken door ze een opleiding te laten doen en dat ze daardoor ook leren om in het vervolg misschien andere keuzes te maken of daar op een andere manier mee om te gaan.

Dit sluit ook aan bij de wensen van CDA en D66. Mevrouw BRUIJSTENS vraagt hoe ervoor gezorgd gaat worden dat dit bij elkaar blijft passen. De lessen uit het verleden leren namelijk dat het in een organisatie sluipt waardoor het niet meer zo goed bij elkaar past. Als een tegenprestatie wordt gevraagd en die komt niet, hoe gaat de gemeente daar dan mee om? Wethouder EIJBAARD zegt dat de lessen uit de toeslagenaffaire leren dat de gemeente goed moet kijken hoe goed met inwoners wordt omgegaan en dat ze niet worden vermorzeld tussen de regels die er zijn. Als er wat van de inwoners terug wordt gevraagd en ze dat niet doen mag dat ook consequenties hebben en mogen inwoners daarop worden aangesproken. Breed in de organisatie worden de lessen uit de toeslagenaffaire gedeeld zodat niet alleen de mensen op Werk en inkomen maar ook op andere afdelingen daarvan leren. De heer BOSMAN merkt op dat er in het land diverse gemeenten zijn die hebben geëxperimenteerd met andere manieren om tegen dit soort zaken aan te kijken. Soms heel succesvol of veelbelovend. Vindt de raad dat Baarn daar ook voor moet openstaan? De heer KORKMAZ vindt dat de best practices van andere gemeenten moeten worden toegepast maar ook dat de mensen worden meegenomen zodat ze hun eigen zelfredzaamheid weer kunnen oppakken.

Mevrouw STRUIJK zegt dat er inderdaad sprake moet zijn van een multi-aanpak zodat mensen worden geholpen die diep in de schulden zetten om weer zelfredzaam te worden. Een hele mooie oplossing voor dit soort problematiek is het kwijtschelden van schulden want het is niet makkelijk voor de mensen om de schulden af te lossen op een andere manier. Hierdoor krijgen ze weer ruimte in hun hoofd om na te denken over een opleiding, een baan of er voor de kinderen te zijn et cetera. De heer SCHOUTEN vraagt wie dan voor de kosten opdraait en komen de schuldeisers er dan bekaaid af? Het kan toch niet zo zijn dat de gemeente de schulden kwijtscheldt en ze betaalt voor de schuldenaar. Doet de gemeente dat dan de volgende keer weer? Is dat oneindig?

9

Mevrouw STRUIJK merkt op dat in Arnhem de schulden niet worden betaald door de gemeente. Er is door een aantal stichtingen een fonds opgericht waar 7 ton in zit en dat is ook een maximum wat in die gemeente op jaarbasis aan kwijtscheldingen kan worden uitgegeven. Daarnaast worden de schuldeisers verzocht om hieraan mee te werken. Het gaat hier om mensen die in schulden zitten die uitzichtloos zijn. Dus de kans dat een schuldeiser het volledige geld terugkrijgt is al vrij klein. De gemeente is verantwoordelijk voor de begeleiding van de gesprekken met de schuldeisers en de psychische begeleiding van de gezinnen als dat nodig is. Natuurlijk hoeft de gemeente Baarn dit niet zo exact te doen maar de vraag is in hoeverre dit in Baarn zou kunnen worden toegepast. Mevrouw DEURLOO vraagt hoe mevrouw Struijk en de heer Bosman zien dat hiervoor zo’n fonds in Baarn wordt opgesteld. Mevrouw STRUIJK stelt dat als de raad aan de portefeuillehouder vraagt om zich te gaan verdiepen in dit soort best practices een onderzoek zal plaatsvinden en dan wordt bekeken hoe de Baarnse situatie past op de best practices van andere gemeenten. Mevrouw DEURLOO ziet er dan niets in. Mevrouw BRUIJSTENS wijst erop dat Arnhem een gemeente is met een grootstedelijke problematiek.

Op deze manier ontstaat tussen gemeenten ook een ongelijkheid want je zou maar in de gemeente wonen waar de schulden niet worden kwijtgescholden. Den Haag zal daar een stokje voor steken. Het is misschien voor Arnhem een prachtige oplossing maar spreker is er voor Baarn niet enthousiast over. Mevrouw STRUIJK verwacht vanuit het Rijk erg weinig wat betreft zorg omdat er steeds meer naar gemeenten toe komt. De mensen in Baarn die in de schulden zitten zijn net zo diep in de schulden als die in Arnhem. Wellicht kom je daar andere multi-problemen tegen maar mensen zitten nog steeds in een uitzichtloze situatie en daar moet je ze bij helpen. De heer BRUINS wil de discussie beperken tot de kaders. De uitvoering komt straks bij het beleid aan de orde. Mevrouw STRUIJK wenst dit toe te voegen aan de kaders en daarom wordt het nu ingebracht. De heer BOSMAN vindt het interessant om te kijken of Baarn wat kan met de Arnhemse methode. Vanuit GroenLinks was het idee om te kijken of het overzichtelijker kan worden gemaakt met uitkeringen en toeslagen omdat de mensen daardoor in dat woud de weg kwijtraken en daardoor in de problemen komen. Hiervoor was Wageningen een voorbeeld.

Is de raad bereid om te kijken naar andere gemeenten waar dingen goed gaan en of daar handig gebruik van kan worden gemaakt op de Baarnse schaal? De heer VAN HARDEVELD is van mening dat er goed moet worden gekeken naar praktijken bij andere gemeenten maar dat geldt voor ieder agendapunt. Bij de 10 uitgangspunten wordt gemist hoe de gemeente mensen uit de armoedesituatie gaat helpen. Vinden de andere raadsleden ook dat dit in de uitgangspunten hoort te staan? Mevrouw DEURLOO is het met de vorige spreker helemaal eens.

10

De heer SCHOUTEN is die mening ook toegedaan want daarmee voorkom je misschien dat je 3 keer schulden moet kwijtschelden. De gemeente moet ervoor zorgen dat ze weer kunnen werken en geld verdienen. De heer BRUINS vindt het sympathiek maar dat is al het doel van dit stuk. Het hoeft er dus niet in. De heer VAN HARDEVELD vraagt waarom dit het doel dan in dit stuk ontbreekt. Daarmee zou juist moeten worden begonnen. De heer KORKMAZ kan zich volledig aansluiten bij de heer Van Hardeveld. De heer BOSMAN is van mening dat bij BBS al hard wordt gewerkt aan een perspectief voor mensen die nu in een uitkering zitten. Als mensen echter niet ontvankelijk of toegerust zijn voor het vinden van werk zul je hen eerst moeten trainen over hoe ga ik om met geld en hoe zorg ik dat ik vanuit arbeid een verstandige financiële situatie kan opbouwen. Soms is het noodzakelijk dat mensen überhaupt leren om hun bed uit te komen, dat ze moeten leren om op tijd te komen. Sommige mensen hebben meer nodig en dat is multi-problematiek waaraan moet worden gewerkt. Mevrouw BRUIJSTENS stelt dat dit allemaal al staat in uitgangspunt 7. Het gaat hier namelijk om maatwerk voor specifieke doelgroepen. Mevrouw STRUIJK zegt dat in de inleiding van alles staat over de aanpak van de schuldenproblematiek en hoe daarmee wordt omgegaan maar er staat niet letterlijk dat het doel is om mensen uit de schulden te helpen.

Dat zou er dus heel expliciet in moeten worden gezet. Mevrouw KOENDERS is het eens met vorige spreker. Dit doel moet inderdaad worden opgenomen in het stuk. De gemeente moet zeker kijken naar beste praktijken maar zou daarbij meer willen inzetten op preventie, hoe komen mensen niet in de schulden en hoe komen ze er zo snel mogelijk weer uit. Mevrouw BRUIJSTENS herhaalt dat dit al onder uitgangspunt 7 staat. Mevrouw STRUIJK vindt dat dit explicieter mag en meer aan de voorkant in de inleiding. Mevrouw BRUIJSTENS zegt dat de gemeente mensen moeten helpen in hun bestaanszekerheid want dan komen ze ook niet in de problemen. Mevrouw STRUIJK stelt dat preventie natuurlijk heel belangrijk is maar kwijtschelden is een optie voor mensen om uit de schulden te komen. Dat is het laatste redmiddel. De heer BOSMAN meldt dat inderdaad in het stuk staat dat schuldhulpverlening en armoedebeleid geen doel op zich is en in die zin heeft mevrouw Bruijstens gelijk. Wellicht zal voor de best practices een amendement worden ingediend. De heer KORKMAZ merkt op dat wanneer de gemeente schulden overneemt er wellicht op kan sturen om zelfredzaamheid, cursussen mee te geven. De heer SCHOUTEN vraagt of daar budget voor is.

11

De heer KORKMAZ stelt dat wanneer schulden worden afbetaald het veel meer geld kost. Daarom is schulden overnemen wellicht voordeliger. De heer BOSMAN vraagt of de raad er principieel budget voor over heeft om dit te regelen waardoor de problematiek minder wordt en de gemeente uiteindelijk minder kwijt is. De heer SCHOUTEN zegt dat het toch ergens betaald moet worden. Wordt dan de ozb verhoogd? De heer BOSMAN stelt dat actief investeren ook bij de best practices hoort. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. Vervolgens wordt de vergadering geschorst. De VOORZITTER heropent de vergadering. 5. Verordening individuele inkomenstoeslag 2025 (1029402) De heer BOSMAN zegt dat in sommige gemeenten andere en soms ruimere criteria worden gehanteerd dan in Baarn. Vorige week is van de wethouder begrepen dat hij na de ontwikkeling van het armoede- en schuldhulpbeleid opnieuw wil kijken naar tarieven. Naar verwachting zal worden ingestemd met het raadsvoorstel. De heer KORKMAZ vindt het jammer dat het 10 jaar heeft geduurd voordat de verordening werd geactualiseerd maar volgende week zal met het raadsvoorstel worden ingestemd. Mevrouw KOENDERS zit met een soort moreel dilemma. Sommige doelgroepen zijn juridisch gezien onterecht uitgesloten en de fractie zou graag willen weten hoe groot die populatie naar verwachting is.

De financiële risico’s voor de gemeente moeten worden beperkt en daarom is de bijstandsnorm op 100% gesteld maar ook dan valt een deel van de doelgroep buiten de boot en dat is best lastig. Hoe verhoudt zich dat morele dilemma tot de praktijk van de uitvoering om daar dan misschien nog iets aan te repareren? De heer VAN DER LINDEN is voor het voorstel omdat de nieuwe verordening een positieve aanpak heeft, mede ingegeven door de jurisprudentie uit 2016 en 2017. De nieuwe verordening verruimt mogelijk de toegang tot de toeslag voor een bredere groep inwoners en ook is positief dat met de nieuwe verordening wordt beoogd om de regelingen zoveel mogelijk te uniformeren met die van Bunschoten en Soest. Het is een goede zaak dat inwoners vanaf 2025 de mogelijkheid krijgen om digitaal een aanvraag in te dienen. De nieuwe verordening biedt een actueel en meer rechtvaardig kader voor individuele inkomenstoeslag. De heer VAN WIJK verwacht te kunnen instemmen met de nieuwe verordening. Mevrouw STRUIJK denkt ook hiermee te kunnen instemmen. Mevrouw JACOBSON vindt het heel mooi dat wordt gewerkt aan een digitale aanvraag maar wordt er ook gedacht aan de mensen die niet digitaal vaardig zijn? De heer BRUINS stemt in met het raadsvoorstel.

12

De heer SCHOUTEN vraagt om hoeveel mensen het gaat in Baarn als wordt gesproken over ‘geen zicht op verbetering’ en waarom er geen zicht is op verbetering. Mevrouw DEURLOO zegt dat het een gerust gevoel geeft om mensen die geen zicht hebben op inkomensverbetering hiermee eenmalig te kunnen helpen. Als iemand geen zicht op verbetering heeft, is deze toeslag dan vanaf de eerste keer direct structureel? Het streven is om deze aanvraag in 2025 alleen nog maar digitaal in te dienen maar kwetsbare groepen zouden deze middelen niet ter beschikking hebben. Wordt daarop extra ingezet bij het sociaal domein? Wethouder EIJBAARD geeft aan dat de mensen die niet digitaal vaardig zijn zullen worden geholpen met een aanvraag. Het kan met een fysiek aanvraagformulier maar ook met de hulp van BBS of PIT. Het kan om allerlei redenen zijn dat er geen zicht is op verbetering maar de vraag om hoeveel mensen het gaat zal schriftelijk worden beantwoord. Dit kan wel per jaar verschillen omdat het om maatwerk gaat.

Het gaat bij Werk en inkomen altijd om een moreel dilemma want ga je tot 100% of tot 130% van de bijstandsnorm en als het in het verleden niet goed is gegaan, hoe ga je daar nu mee om? Dat blijft ingewikkeld en er is niet altijd een passend antwoord op te vinden omdat wanneer in het verleden ten onrechte de individuele inkomenstoeslag niet is toegekend het zo kan zijn dat via de bijzondere bijstand wel een mogelijkheid geboden is die er anders niet was geweest. Het gaat hierbij om 5 mensen in het verleden waar het niet zo is geweest. Deze mensen hebben geen bezwaar gemaakt en dan is er nu geen juridische basis om daarop terug te vallen want anders wordt een precedent geschapen voor al de mensen die het niet hebben aangevraagd en er misschien ook recht op hadden. Dat maakt het allemaal heel ingewikkeld en daarom is het belangrijk dat de regeling nu is aangepast. Een aanpassing na 10 jaar is misschien te laat geweest maar het college zal er nu scherp op zijn om dit soort beleid aan te passen. De mensen die het eerder hebben aangevraagd worden automatisch aangeschreven zodat ze het weer kunnen doen. De schriftelijke antwoorden zullen voor de fractievergadering worden toegestuurd. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 6.

Verordening Leerlingenvervoer (1152620) Mevrouw SLUIJS hoopt dat de kwaliteit van het vervoer door de nieuwe verordening echt beter wordt zodat deze kinderen zorgeloos naar school kunnen gaan. Het is belangrijk om dit in de praktijk te blijven evalueren door regelmatig contact te hebben met ouders. De gemeente hoeft niet volledig op te draaien voor de kosten van vervoer die niet voorkomen uit noodzaak maar uit keuze. In de nieuwe verordening wordt het vervoer nog wel geregeld maar dan met een eigen bijdrage naar draagkracht. Mevrouw KOENDERS meldt dat volgende week kan worden ingestemd met het voorstel. VoorBaarn is heel erg tevreden met de input die is geleverd op verschillende bijeenkomsten met ouders, onderwijsinstellingen en betrokken beleidsmedewerkers en met de ervaringen die eerder zijn opgedaan met de uitvoering van het leerlingenvervoer. Vorige week is een vraag gesteld over de te verwachten besparing. De aanname was dat het minimaal kostendekkend zou kunnen en de hoop is dat op deze manier wordt gestimuleerd dat er voor een school in Baarn wordt gekozen. Waarom neemt de wethouder zo’n afwijkend standpunt in ten opzichte van andere gemeenten om dit juist te willen?

13

De heer VAN DER LINDEN zegt dat deze nieuwe verordening op een moment komt dat het huidige systeem onder druk staat door toenemende vraag en complexere behoeften. Een helder kader op regionaal niveau draagt bij aan een meer uniforme en transparante aanpak voor de ouders en verzorgers. De inkomensafhankelijke bijdrage die wordt gevraagd zorgt ervoor dat de kosten van het leerlingenvervoer eerlijker worden verdeeld en dat het systeem financieel houdbaar blijft. Daarnaast is het positief dat de verordening kijkt naar de individuele omstandigheden. Het aanmoedigen van het vervoer per fiets of met het openbaar vervoer bevordert de zelfredzaamheid van de leerlingen. De fractie is blij met de toezegging om het woord ‘bijvoorbeeld’ uit het raadsvoorstel te halen. De heer VAN WIJK is het ermee eens dat geloven en de daarbij behorende principes niet door de gemeente voor inwoners hoeft te worden betaald want het is een persoonlijke keuze en consequentie die naar draagkracht geheven gaat worden. Daarbij is vernomen dat de eigen bijdrage geen verdienmodel is en dat het niet de kosten te boven gaat. Mevrouw STRUIJK kan instemmen met het voorstel en is erg te spreken over de inkomensafhankelijke bijdrage. Mevrouw JACOBSON sluit zich aan bij de vorige spreker. De heer BRUINS meldt dat de fractie kan instemmen met het voorstel.

De heer SCHOUTEN vraagt de wethouder niet om zich aan te sluiten bij het initiatief van diverse buren maar of de wethouder een vinger aan de pols houdt bij de buurgemeenten en dit onderwerp ook nog eens bespreekt met de partners in deze en de raad hiervan op de hoogte stelt. In de reactie van de toezegging staat ‘Deze afstand is gebaseerd op de scholen waar momenteel leerlingenvervoer naartoe gaat vanuit Baarn vanwege levensovertuiging’. Dit impliceert dat de gemeente voor een deel leerlingenvervoer faciliteert en deels bekostigt voor ouders die hun kinderen zonder indicatie naar een school willen laten gaan vanuit een religieuze of levensovertuiging terwijl de rijksoverheid dat niet de bedoeling vindt en zeker niet bij voortgezet onderwijs. Waarom wil Baarn dit wel en wat vindt de raad hiervan? Mevrouw DEURLOO staat achter het standpunt van de gemeente om kinderen die vanuit een geloofsovertuiging naar school buiten Baarn willen gaan buiten deze verordening te plaatsen. Is dat goed begrepen? Dit strookt met haar persoonlijke overtuiging dat geloof überhaupt niet op scholen thuishoort. Naar verwachting kan worden ingestemd met de voorliggende verordening. Wethouder DE VRIES zegt dat Baarn niet de enige gemeente is die afwijkt, namelijk ook Soest en mogelijk nog een andere gemeente in de regio Amersfoort.

Qua uitvoering kan worden aangesloten bij hoe Soest dat doet en dit leidt dus niet tot een duurdere uitvoering dan wat het oplevert. Mevrouw KOENDERS begrijpt dat dus niet een heel apart systeem wordt opgetuigd maar er is wel degelijk een achterliggende sterke overtuiging dat de wethouder deze insteek heeft gekozen tegenover de meerderheid van de andere gemeenten en dan staat er ‘op deze manier stimuleren we voor een school in Baarn te kiezen’. Wat bedoelt de wethouder hiermee te zeggen? Wethouder DE VRIES vindt het belangrijk dat kinderen in principe in Baarn een school kiezen zodat ze ook zoveel mogelijk met kinderen in hun eigen buurt naar school gaan en daardoor ook de sociale aspecten van het samen naar school gaan goed kunnen leren maar kinderen met een leerproblematiek of een lichamelijke of geestelijke beperking kunnen niet anders dan naar een speciale school gaan. Daar moet de overheid zeer zeker voor zijn en die ouders vallen buiten de 14

discussie over de inkomensafhankelijke bijdrage. Dat gaat alleen maar om ouders die om andere redenen kiezen voor een school buiten Baarn, bijvoorbeeld vanuit levensovertuiging. Die keuze mogen ouders maken en artikel 23 van de Grondwet ziet daar zelfs op toe maar het college vindt dat als de keuze wordt gemaakt de financiële lasten zoveel mogelijk moeten worden gelegd bij degene die daarvoor de keuze maakt. Daarnaast zit daar in de groep kinderen een aantal kinderen dat eenzelfde soort onderwijsvraag heeft en de vraag is of je die ook niet naar een Baarnse school zou kunnen sturen maar daar wordt nader naar gekeken. In de Gooi en Vechtstreek is het leerlingenvervoer inbesteed. Er is een soort overheid bv van gemaakt op basis van een Baarns taxibedrijf. Dit is een mooi voorbeeld van hoe het ook zou kunnen en inmiddels wordt de huidige manier waarop de aanbesteding plaatsvindt in de gehele provincie Utrecht geëvalueerd. Niet zozeer bij het leerlingenvervoer maar bij het Wmo-vervoer zijn er echt wel serieuze bedenkingen bij hoe het nu gaat. Het kan beter en daarom wordt er door meerdere bestuurders gekeken hoe het in de Gooi en Vechtstreek is geregeld. Het is wel veel duurder als het wordt inbesteed en die keuze moet je dan bewust maken om daar meer geld aan kwijt te zijn.

De regio baseert zich op de VNG-modelverordening en dat is de afspraak die gemeenten hebben gemaakt met vertegenwoordigers van ouderorganisaties. In die modelverordening staat een tabel en die vraagt om een inkomensafhankelijke bijdrage. Het is spreker niet bekend of het wettelijk mogelijk is om niks te doen in de financiering van het vervoer voor ouders die vanuit een levensovertuiging die keuze maken. Dat zal lastiger zijn. De heer SCHOUTEN zegt dat het op dit moment wettelijk niet is toegestaan om ervan af te wijken als het de basisschool betreft. Een indicatie is altijd leidend maar als het het voortgezet onderwijs betreft geeft in ieder geval de rijksoverheid aan dat het niet de bedoeling is dat de overheid het faciliteert. Wethouder DE VRIES merkt op dat wanneer de raad daar met een amendement kracht wil bij zetten het college zich daarover zal buigen. De heer SCHOUTEN vraagt of de raad het met hem eens is dat kinderen zonder indicatie en vanuit religieuze overweging of levensovertuiging niet de doelgroep is voor het leerlingenvervoer wat door de gemeente wordt gefaciliteerd. Hoe staat de raad er tegenover om deze mogelijkheid te schrappen? Dat is in tegenstelling met wat hij net zei wat nog op dit moment de wet is. De gemeente Arnhem heeft in 2022 bepaald dat ze niet wil betalen voor leerlingenvervoer als dat gaat om religieuze of levensbeschouwelijke redenen.

Wettelijk moet het dus nog steeds maar sinds 2012 is met name de PvdA ermee bezig om dit af te schaffen samen met de VVD. De heer BRUINS vindt dat zolang het gaat om een vrijwillige keuze ouders dat zelf kunnen dragen. De heer KORKMAZ kan zich daar volledig bij aansluiten. Mevrouw DEURLOO zegt dat het zelfs nog scherper mag, dat ouders die hun kinderen naar school willen laten gaan buiten Baarn wegens levens- of geloofsovertuiging geen recht hebben op leerlingenvervoer en ook niet tegen een eigen bijdrage maar als het moet, dan wel. Mevrouw SLUIJS legt de prioriteit op kinderen die geen keuze hebben en vanwege een beperking verder weg moeten. Als het budget het toelaat is de tussenoplossing heel gepast om een bijdrage te vragen.

15

De heer VAN DER LINDEN vindt dat wanneer het vanuit een levensbeschouwing of geloof is de ouders dat zelf moeten regelen en het gebeurt ook heel veel in Baarn dat mensen zelf een busje regelen of door carpoolen en dat werkt perfect. Dus hij is het eens met de heer Bruins. De heer VAN WIJK is het ook eens met de heer Bruins. Mevrouw STRUIJK is het ook eens met de heer Bruins. Mevrouw JACOBSON is het ook eens met de heer Bruins. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekpunt naar de raad gaat. 7. Evaluatie VTH (1158891) De VOORZITTER zegt dat anders dan bij een raadsvoorstel het college dit aanbiedt ter bespreking omdat zij een aantal specifieke vragen heeft aan de raad met betrekking tot dit onderwerp. Vorige week is afgesproken dat vandaag wordt toegespitst op de prioritering van het werk van de boa’s. Na een inleiding door de burgemeester worden alle fracties uitgenodigd om te reageren op de vragen Wat wilt u meegeven aan het college over de gestelde doelen en prioriteiten in de vastgestelde uitvoeringstrategie en dan met name over de prioritering van het werk van de boa’s. De tweede vraag is welke top 3 aan prioriteiten de raad wil meegeven voor wat betreft de prioritering en het werk van de boa’s.

De heer RÖELL memoreert dat tijdens de vorige vergadering uitgebreid met elkaar is gesproken over deze peilnota die is geconcretiseerd naar de boa’s toe als het gaat om de prioritering. In het memo is ook geprobeerd aan te geven waar het precies over gaat en op verzoek van de heer Jonkers is er ook enige indicatie gegeven over waar moet je dan rekening mee houden als het gaat over poppetjes wat kost het dan. Als je buiten een extra activiteit doet houdt dat ook in dat binnen de organisatie op het juridisch vlak ook capaciteit nodig hebt om de opvolging te doen. Hopelijk geven de voorbeelden over de prioritering enige richting voor het debat. De heer JONKERS viel het de vorige keer op dat in de peilnota stond dat er onvoldoende middelen zijn om alle risico’s af te dekken en toen heeft hij ook vragen gesteld aan de portefeuillehouder of als die meer middelen krijgt meer risico’s kunnen worden afgedekt. Toen is gevraagd om dat concreet te maken en dat is keurig gedaan. Het kost ongeveer € 180.000. Natuurlijk zou de raad alles willen doen maar het is goed om keuzes te maken en om te kijken wat de primaire taak van de gemeente is en wat is secondair. Openbare orde en veiligheid is een primaire taak van de gemeente en daar zou meer geld voor moeten worden vrijgemaakt en dus ook meer keuzes moeten plaatsvinden. Daar wordt bij de begroting op teruggekomen.

De raad zou meer moeten worden betrokken. Als het gaat om openbare orde en veiligheid moeten de raadsleden zaken vernemen uit de krant. Natuurlijk kan de raad niet altijd als eerste worden geïnformeerd maar toch zou de raad op een of andere manier moeten worden betrokken. Recent is bijvoorbeeld in het nieuws geschreven over de garageboxen en daar was ook een woning in. Dat raakt weer de armoede en het is goed als de raad daarover wordt geïnformeerd om te kijken of ze er iets mee kan. Wat betreft de prioriteiten is voor de fractie handhaving heel belangrijk. Dat gebeurt onvoldoende en dan gaat de portefeuillehouder zeggen daar heb ik meer middelen voor nodig en dan is de cirkel weer rond. Voorts heeft vergunningverlening (Paleis Soestdijk) ook meer aandacht nodig.

16

De heer VAN DEN BERG vindt prioritering een lastige vraag want alles uit het VTH-programma is belangrijk. Speerpunten zijn verkeersveiligheid, parkeren en parkeerproblemen in schoolzones, milieudelicten, vuurwerkoverlast, ondermijning en horeca overlast. Daarbij vertrouwt GroenLinks volledig op de expertise van het uitvoeringsteam om bij te sturen waar nodig voor het programma 2025. Mevrouw KOENDERS merkt op dat veiligheid bestaat uit objectieve veiligheid en subjectieve veiligheid. Subjectieve veiligheid is de beleving van de inwoners en gaat in hoge mate uit van in hoeverre je ook ervaart dat er mensen zijn die je daadwerkelijk bijstaan op het moment dat er iets aan de hand is. De zichtbaarheid van de boa’s is heel belangrijk voor de inwoners bij controle van verkeer- en parkeeroverlast, met name in het winkelgebied en rondom de schoolzones. Bij het opvolgen van wijkmeldingen. Als mensen een oproep doen is het fijn als daar ook gehoor aan wordt gegeven. Het opvolgen van meldingen en klachten en informatieverzoeken bij bouwwerken, grond en kap et cetera. Mevrouw BRUIJSTENS zegt dat handhaving en repressie altijd samen moet gaan met preventie, informeren en sturen op gedragsverandering. De APV moet het boa’s ook mogelijk maken om goed te kunnen handhaven.

Parkeeroverlast en de onveilige verkeerssituatie rondom scholen gaat voor de fractie boven handhaven op fietsen in de Laanstraat. Hier horen maatregelen en campagnes bij, bijvoorbeeld dat ouders hun kinderen op de fiets naar school brengen. Overhangend groen is een grote ergernis bij de inwoners. Het creëert onveilige situaties en maakt stoepen minder toegankelijk. Daar is een gedragsverandering nodig bij de inwoners. De laatste jaren is er gelukkig meer aandacht voor de jeugd maar daar hoort ook bij de aanpak van overlast door jeugd en de drugsoverlast in de Pekingtuin. Ook strenger handhaven in de horeca zoals alcoholverkoop aan jongeren maar blijf ook investeren in alternatieven zoals hangplekken en goede sportvoorzieningen. De gemeente moet ook de ouders erbij betrekken want die moeten weten wat hun kinderen doen of juist niet. De heer VAN HARDEVELD valt het op dat het gros van de doelen en prioriteiten van origine politietaken zijn. Al 10 jaar geleden heeft de fractie de vraag gesteld of de boa’s aanvullend zijn aan de politie of dat ze vervangers zijn van de politie en toen werd gezegd dat de boa’s vooral aanvullend zouden zijn maar de werkelijkheid is inmiddels een stuk anders. Op die plekken waar daar ruimte voor is dient dit vooral te worden geadresseerd want er schuiven ook steeds meer politietaken naar de gemeente zonder bijbehorend budget overigens.

De punten waar de fractie door de inwoners het meest op wordt aangesproken zijn verkeer- en parkeeroverlast. Dan gaat het vooral over de veiligheid zoals parkeren op hoeken, overhangend groen en overlast in de winkelgebieden. Een deel van die overlast in winkelgebieden is door elektronische toepassingen op te lossen. Mevrouw STRUIJK heeft vertrouwen in het uitvoeringsapparaat en dat daar de juiste keuzes gemaakt worden op het moment dat het echt nodig is. De APV krijgt veel meer aandacht dan de Omgevingswet want dat heeft te maken met het subjectieve gevoel van veiligheid dat je wilt dat boa’s zichtbaar zijn in het dorp en de inwoners van Baarn willen dat als er iets vernield is of als er overlast is, dat daarop gereageerd wordt. Het opvolgen van meldingen vanuit de APV of de Omgevingswet is een van de belangrijkste punten. Dat moet goed, snel en adequaat. Ook het controleren van parkeeroverlast bij scholen en winkelgebieden vinden inwoners belangrijk en veiligheid van jeugd en kinderen is ontzettend belangrijk. Aanpak van overlast door jeugd is te kort door de bocht want laatst is bijvoorbeeld een grafsteen vernieuwd en dan is het niet bekend of dat door jeugd is gedaan. Er moet aandacht zijn voor overlast en vernielingen in zijn algemeenheid. 17

Mevrouw JACOBSON vindt de veiligheid in het winkelgebied erg belangrijk, de veiligheid bij de scholen, auto’s die op stoepen staan en overhangend groen zodat mensen met een rollator of een kinderwagen op straat moeten lopen. De heer BRUINS spreekt zijn dank uit voor het werk van de boa’s want ze hebben een enorme takenlijst. Er wordt gesteld dat het aanstellen van 1 fte tussen de 80.000 en € 100.000 kost maar in de zin daarna wordt gesproken over € 180.000. Hoe zit dit? Het is zinloos om 3 prioriteiten aan te geven of om te vertellen wat de doelen moeten zijn. Het gaat om de balans in de uitvoering en de capaciteit en die is op dit moment ver te zoeken en dan kun je prioriteiten en doelen stellen maar je schiet altijd aan de andere kant tekort. Er moet een gesprek worden aangegaan over het vinden van een balans in de uitvoeringstaken. De heer SCHOUTEN vindt communicatie heel belangrijk. Als er overlast is van een auto die steeds verkeerd wordt geparkeerd is dat voor de rest van Baarn volstrekt niet relevant. Wanneer daar goed over wordt gecommuniceerd komt er een andere mores in het dorp. Bij prioriteiten wordt gedacht aan overlast in winkelgebieden, de overlast van parkeren en verkeer en de jeugdoverlast. Daar dient handhavend en hard tegen te worden opgetreden.

Mevrouw DEURLOO is van mening dat er meer op handhaving moet worden ingezet en dat er dus 1 fte met ambtelijke ondersteuning bij zou mogen. De boa’s voeren meestal met hun tweeën het werk uit en als er eentje ziek is of met vakantie is er dus geen continuïteit. Ook de vraag van de heer Bruins van hoe aan het bedrag wordt gekomen van 80.000-€ 100.000 want het gemiddelde zou moeten liggen tussen de 44.000 en € 48.000 bruto per jaar. De top 3 keuze is de controle van het fietsen en verkeerd parkeren in de Laanstraat, aanpak overlast jeugd en overhangend groen. De VOORZITTER heeft een aantal zaken gehoord die veel terugkomen zoals aanpak van de overlast, parkeren bij scholen, zichtbaarheid van de boa’s en overhangend groen. De heer RÖELL constateert dat de voorzitter een aantal zaken heeft genoemd die veel terugkomen. Daarmee kan het college en hij als portefeuillehouder aan de gang om daar in de prioritering voor dit jaar rekening mee te houden. De boa’s hebben inderdaad een behoorlijke taak in een omgeving die verre van prettig is op sommige momenten hoe ze worden benaderd en de complimenten zullen ook aan hen worden overgebracht. Het is niet zo dat alle risico’s worden afgedekt. De maatschappij brengt altijd risico’s met zich mee en dus kunnen alle risico’s niet worden afgedekt maar we kunnen wel een eind komen.

Op regelmatige momenten wordt de raad geïnformeerd over cijfers als het gaat om openbare orde en veiligheid. Daar krijgt de raad ook een raadsinformatiebrief over 2-3 keer per jaar. Het voorbeeld van de heer Jonkers over de garageboxen, de woning en de armoede is wat ingewikkelder. Spreker communiceert daar inderdaad over via de media maar er wordt over nagedacht hoe de raad hier op een andere manier kennis van zou kunnen nemen. Soms is het echter zo actueel dat de media sneller zijn en dit de enige manier is om er snel op te acteren. Zichtbaarheid kan in de subjectieve veiligheid een positief ding zijn. In de 2 jaar geleden gehouden burgerpeiling kwam naar voren dat de mensen de veiligheid in Baarn hoog waarderen, ook subjectief. Het was altijd de bedoeling dat de boa’s aanvullend zijn op de politietaken maar dat is echt wel anders geworden. De gemeente is ooit met 1 boa begonnen en nu zijn er 4 en er wordt al gesproken over uitbreiding daarop en dat is inderdaad een zorgelijke ontwikkeling. Regelmatig wordt met de politie gesproken over de wisselwerking. Voor parkeren kunnen de boa’s aan zet zijn maar als de politie het constateert kan die daar ook een proces-verbaal op uitschrijven. 18

In de handhaving gaat het niet alleen om repressieve acties maar ook over preventie. In het onderzoek Jongeren en drugs zijn die 2 elementen ook duidelijk naar voren gebracht en de preventieve kant is ook voor een groot gedeelte in de Jeugdagenda meegenomen. Er wordt gekeken naar locaties in de preventieve sfeer. Steeds beter wordt de balans daarin gevonden maar de repressieve en handhavingskant is ook nodig om sommige uitwassen aan te pakken. De gemeente pakt zeker door op de APV en de handhaving van de Omgevingsrecht. Echter, de overlast vanuit de APV-kant is zichtbaarder en herkenbaarder. Communicatie is een belangrijk punt want soms worden sommige onderwerpen heel groot terwijl het vaak eigenlijk wel meevalt. Als je daar met elkaar over spreekt kun je het ook klein houden. Daar hebben bestuurders, organisaties, medewerkers en ook de raadsleden een rol want die worden er ook op aangesproken van hoe groot is het probleem nou. De punten die de raad heeft meegegeven worden op een rijtje gezet en in de verdere uitwerking van het uitvoeringsplan wordt dat een plek gegeven. Wat betreft de financiën gaat het om boa’s maar ook de juridische ondersteuning en daarvoor is een globale schatting gegeven. De heer JONKERS valt het op dat er heel veel over overhangend groen wordt gezegd en dat is misschien wel een mooie handschoen om op te pakken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15309481/1