241016 Verslag Oordeelsvorming in de raadscommissie 16 oktober
Tekst van het document
Gemeente Baarn Bijeenkomst “Oordeelsvorming in de raadscommissie” Concept-Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 16 oktober 2024 in de raadszaal van het gemeentehuis
Voorzitter:
de heer W.J.L. Genuit
Griffier:
mevrouw C. Heusingveld
Aanwezig:
de heer A. van den Berg (GroenLinks), de heer J.J.G. Bosman (GL), de heer V.A. Brinkman-Koopal (PvdA), de heer R.M. Bruins (CU), mevrouw M.L. Deurloo (VoorBaarn), de heer M.J.P.M. van der Donk (CDA), de heer M.A.C. van Grinsven (VoorBaarn), de heer H.J. van Hardeveld (CDA), de heer J.M. Jonkers (VVD), mevrouw E.M. Jacobson (50PLUS), mevrouw M.J. Koenders-van de Vrugt (VoorBaarn), de heer D.D. Kolt (VoorBaarn), de heer M.R. Korkmaz (VVD), de heer A.F.M. van der Linden (PvdA), de heer J.C.A. van Loon (50PLUS), mevrouw A.M. Martens (VVD), de heer M.R. Mascini (VVD), de heer A.P. van der Padt (VVD), mevrouw P.A.M. Patrick (PvdA), de heer M.R.N. Schouten (Lijst Schouten), mevrouw E.C. Sluis-Hoogerwerf (VoorBaarn), mevrouw J.A.M. Sluijs (GL), de heer A.R. Stolk (VVD), de heer T. Stroo (D66), mevrouw C.J. StruijkCramer (D66) en de heer R. van Wijk (CDA)
Overige aanwezigen:
de heer M. Eijbaard (wethouder), de heer H.B. Prakke (wethouder), Jhr. M.A. Röell (burgemeester), de heer M.R. Veldhuizen (wethouder) en de heer S. de Vries (wethouder)
1.
Opening, vaststelling agenda en mededelingen
De VOORZITTER heet iedereen om 20.00 uur van harte welkom. Het advies vanuit Informatie in de raadscommissie van 9 oktober jongstleden was dat 6 raadsvoorstellen direct als hamerstukken doorgaan naar de raadsvergadering van 23 oktober. Vandaar dat deze raadsvoorstellen niet meer als apart agendapunt zijn opgenomen. Met de voorliggende agenda wordt ingestemd. Er is een afmelding ontvangen van mevrouw Oortman Gerlings en de heer Jonkers komt wat later. 2. Vaststellen verslag van Oordeelsvorming in de raadscommissie van 18 september 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Raadsvoorstellen 3.a
Programmabegroting 2025 (1004351)
1
De heer SCHOUTEN vindt dat de begroting doorspekt is met politiek wensdenken met een groot aantal zaken die nog besloten moeten worden of slechts een collegebesluit zijn geweest. Van veel van deze zaken wordt spreker niet enthousiast en als dan ook nog om dit mede te financieren een flinke hap uit de algemene reserve wordt genomen terwijl hier geen duidelijke investering tegenover staat rest niets anders dan volgende week tegen de begroting te stemmen. De heer BRUINS constateert dat er 4 miljoen uit de algemene reserve wordt gehaald om de begroting sluitend te maken. Structurele inzet wordt gedekt met incidenteel geld terwijl in 2026 op een andere manier naar de begroting moet worden gekeken en daarom moet de raad op de rem durven te trappen. Kan de gemeente de enorme stijging van kapitaallasten en formatie-uitbreiding dit nu en in de toekomst wel dragen? Als spreker een motie zou indienen met betrekking tot de Jeugdagenda die 2 ton zou kosten en zou moeten worden gedekt vanuit de algemene reserve wordt altijd de vraag gesteld hoe de heer Bruins dat feitelijk zou willen betalen maar het college doet het gewoon. Daarom kan deze begroting niet worden goedgekeurd want hoe het gemeenschapsgeld nu wordt ingezet is voor nu en in de toekomst niet houdbaar.
De heer VAN LOON wil graag de adviezen van de VNG opvolgen ten aanzien van de niet-sluitende begroting maar de gemeentelijke woonlasten stijgen heel hard. Daarom de vraag aan andere partijen wat eraan zou kunnen worden gedaan om dit tegen te gaan. Tussen nu en een paar jaar zullen alle meerpersoonshuishoudens rekening moeten houden met bijna € 200 meer per jaar aan woonlasten. De heer STROO constateert dat het verhaal is opgebouwd zoals in de Perspectiefnota aangegeven. Het advies van de VNG wordt gevolgd en er zijn al de eerste stappen gezet van het bezuinigingsplan. Reëel begroten wordt toegepast maar dat zou nog verder kunnen worden uitgewerkt op een aantal punten. De heer VAN HARDEVELD hoort dat de heer Stroo het heeft over een bezuinigingsplan dat voor de zomer is gepresenteerd. Kan hij dat nader toelichten? De heer STROO memoreert dat tijdens de presentatie van de Perspectiefnota de wethouder de raad heeft meegenomen in een plan hoe hij tot bezuinigingen kan komen in de komende jaren. Er is een presentatie geweest van de heer Teeuw die een aantal interessante punten heeft toegelicht waar zeker mogelijkheden zitten. Er ligt in ieder geval een basis om op termijn tot een meerjarig sluitende begroting te komen.
D66 maakt zich toch zorgen want het ravijnjaar komt eraan en in de begroting zitten een aantal punten die nog niet financieel zijn gedekt want er zijn nog ambities in Baarn en die staan er niet in en dat maakt het tekort nog iets groter. Bezuinigen is niet leuk maar de termijn tot de perspectiefnota 2026 moet worden gebruikt om daar goed mee om te gaan. In de bijdrage van de heer Teeuw zitten een aantal interessante punten, bijvoorbeeld de kosten van de afvalstoffenheffing en de perceptiekosten voor belastingen. De vraag is wat daar nog te bezuinigen valt. Vorige week werd in de informatieraad gesproken over het sluitend maken van de begroting 2026 en het is goed als het college zich richt op het meerjarig sluitend maken van de begroting omdat anders na 2026 het tekort nog groter wordt in de jaren daarna. Geprobeerd moet worden om de pijn in één keer te pakken. De heer VAN HARDEVELD merkt op dat hij nog nooit tegen een begroting heeft gestemd maar zoals de zaken er nu voor staan zal de CDA-fractie tegen de begroting stemmen. Om de begroting 2025 voor het oog sluitend te maken wordt een greep uit de algemene reserves gedaan ad 4 miljoen euro. Voor de langere termijn wordt nog steeds gehoopt dat de rijksoverheid wel zal bijdraaien wat 2
betreft de korting op de bijdrage uit het Gemeentefonds maar dat is ijdele hoop. Speculeren hoort thuis in het casino en niet hier. De financiële kengetallen verslechteren dramatisch. Ook nu staat in de begroting dat maatregelen nodig zijn maar verzuimd wordt om aan te geven wat er gedaan is of wordt. Het voorbereiden van ombuigingen wordt steeds uitgesteld. Het is de bedoeling dat hiervoor extern advies wordt ingehuurd terwijl de adviezen van de eerder ingehuurde bezuinigingsexpert, de heer Teeuw, kennelijk in een diepe bureaula verdwenen zijn. Het college blijft plannen en visiedocumenten stapelen terwijl van de uitvoering weinig terechtkomt omdat er onvoldoende geld en capaciteit voor beschikbaar is. Het college moet beginnen met uitvoering. Het college weigert gesprekken aan te gaan met besturen van gemeenschappelijke regelingen. In juli jongstleden is een motie aangenomen over het hanteren van de nullijn. Het college schuift de problemen voor zich uit en een volgend college mag het opknappen. Dit raadsvoorstel kan alleen op de steun van het CDA rekenen als voldaan wordt aan 2 punten die volgende week in een motie aan de raad zullen worden voorgelegd. De begroting 2025 moet zodanig worden aangepast dat de greep uit de algemene middelen maximaal 2 miljoen euro bedraagt en deze aangepaste begroting wordt uiterlijk in de raadscyclus van december aanstaande gepresenteerd.
Uiterlijk in Q1 van 2025 presenteert het college een ombuigingsprogramma voor het sluitend maken van de begroting 2026 en het verbeteren van de financiële kengetallen voor de komende jaren. Hoe kijken de andere fracties aan tegen zo’n motie? De heer BRINKMAN zegt dat de gemeente vanaf 2026 in de zogenaamde ravijnjaren terechtkomt en dat vraagt om doordachte maar ook harde keuzes. Er moet nu worden gestuurd op wat echt werkt zonder de lange termijn uit het oog te verliezen. Verantwoordelijk handelen betekent dat de gemeente kritisch moet zijn op de uitgaven maar ook bereid zijn om te investeren in de dingen die Baarn sterker maken zoals goede zorg, woningbouw, sterke jeugdhulp en een infrastructuur die klaar is voor de toekomst. Efficiëntie en effectiviteit dienen voorop te worden gesteld. Zorg en jeugdhulp blijven belangrijk maar moeten doordacht worden ingezet. Het kan niet zo zijn dat de gemeente blijft investeren in systemen die niet het gewenste resultaat opleveren. De vraag moet zijn wat werkt en wat kunnen we realistischer en beter doen. Er is een visie nodig die verder kijkt dan de huidige begroting en zich richt op de uitdagingen van de komende jaren. Samenwerking is daarbij essentieel. Kritiek zonder oplossingen brengt ons nergens.
Er zijn al flinke sprongen gemaakt en de tekorten zijn al aardig teruggedrongen maar het is aan de raad om deze kans te grijpen om het verder terug te dringen. Deze begroting geeft daar de gelegenheid voor. De heer BOSMAN merkt op dat het college bewust en met steun van de raad het advies van de VNG heeft opgevolgd om het tekort voor de jaren na 2025 in beeld te brengen. Er is al € 250.000 bespaard door de stofkam door de begroting te halen. In totaal is 1,3 miljoen van het oorspronkelijke gat van 3 miljoen gedicht. Volgende maand komt het college met een plan van aanpak voor de rest van het tekort. In het eerste kwartaal van 2025 kan de raad zich buigen over een pakket van 4 miljoen aan mogelijke ombuigingen. De suggestie die af en toe wordt gewekt dat het college op zijn handen zit wordt niet door de feiten gestaafd. De begroting laat een goede balans zien tussen versterking van uitvoeringskracht, verwezenlijking van ambities en voorbereiding op financieel lastige tijden. Er komt een coördinator jeugdsport die meer aandacht geeft aan aangepaste sporten voor jongeren met een beperking en bij het verbeteren van leefbaarheid, bereikbaarheid en verkeersveiligheid worden ook gebruikers met een mobiliteitsbeperking betrokken en dat zijn echt belangrijke verbeteringen voor mensen die niet automatisch mee kunnen doen.
GroenLinks gaat er de komende tijd scherp op toezien dat het college gaat leveren op een aantal gebieden zoals wonen, de uitrol van de Lokale Energiestrategie, natuur en groen, het
3
bomenbeleidsplan en het parkeerbeleidsplan. Bestaanszekerheid, beleidskader schuldhulpverlening en armoedebeleid, gelijke kansen, de nota Baarn vitaal met daarin opgenomen de inclusieagenda. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF merkt op dat de gemeente steeds meer wettelijke taken krijgt en daar niet mee mag stoppen en krijgt daar niet het geld bij wat daarvoor nodig is. Daarom diende de fractie in maart een motie in Geen taken zonder knaken die breed gesteund werd. Als het Rijk niet genoeg betaalt moet er iets stoppen maar dat wordt niet in deze begroting teruggezien. De begroting laat wel zien wat de gemeente tekort gaat komen als het Rijk de bezuinigingen doorzet en dat was ook zo afgesproken. Ondertussen is het college koersvast in het uitvoeren van het coalitieakkoord en wordt geïnvesteerd in wat op langere termijn belangrijk is. Dan gaat het vooral om de openbare ruimte en het sociaal domein want zo worden peperdure problemen voorkomen meerdere jaren achtereen. Deze begroting spreekt de spaarpot van de gemeente aan maar dat wil de fractie liever niet nog een keer. Besparingen blijken moeizaam. Er is wel een begin gemaakt maar hoever komt de gemeente hiermee? Het inzicht in de lokale dekkingstekorten is er nog niet en de gemeentelijke tarieven gaan hoe dan ook omhoog. Er is nog onvoldoende grip op dure problemen in de zorg voor jongeren en ouderen.
De dienstverlening aan de burgers is zeker verbeterd maar de communicatie tussen gemeente en inwoners kan nog beter. Volgend jaar worden de keuzes gemaakt die gemaakt moeten worden. De heer VAN DER PADT memoreert dat de VVD vorig jaar al heeft aangegeven dat als de tekorten zich blijven opstapelen zonder ingrijpen of concrete besparingsplannen de fractie niet nog een jaar met deze begroting zou kunnen instemmen. Dit gaat immers leiden tot belastingverhogingen. In 2024 heeft het college precies het tegenovergestelde gedaan, namelijk subsidies fors op laten lopen, extra medewerkers aangenomen en steeds is het argument het moest van de raad, de besparingsplannen komen midden 2025 en het is de schuld van Den Haag. Dit is geen balanceren maar de gemeente bewust in een ravijn storten. Het college geeft gratis rondjes aan inwoners met niet gecontroleerde subsidies, buurtcheques, participatietrajecten enzovoort. Diezelfde inwoners beseffen niet dat het college de Baarnse spaarpot leeg trekt om uiteindelijk over te gaan tot het verhogen van lokale belastingen en heffingen. Dit zal met name ten koste gaan van de kwetsbaren onder de inwoners. Het college wentelt dit af op de toekomst. Deze begroting is niet sluitend want er wordt 4 miljoen uit de spaarpot gehaald. Als dit zo doorgaat heeft Baarn snel geen geld meer. Het eigen vermogen is in 3 jaar gedaald van 23,5 naar 14,8 miljoen.
Elke maand is 2 ton meer uitgegeven dan er binnenkwam en dan maar Sinterklaas blijven spelen. Bij GroenLinks was dit verwacht maar bij VoorBaarn en D66 was meer financieel verstand verwacht en echte keuzes. De heer BRINKMAN vraagt wat de VVD de afgelopen jaren heeft geprobeerd om zelf initiatief te nemen om dit terug te dringen. De heer VAN DER PADT komt daar in het eind van het verhaal op terug. Het college durft niet in te grijpen, bang niet populair gevonden te worden. Als er op bepaalde subsidies een bevriezing was toegepast was de gemeente al een heel eind gekomen. In het coalitieakkoord 2022 staat dat de algemene reserve niet gebruikt zou worden voor het dekken van structurele lasten. Op pagina 24 van de begroting staan de tekorten van 2024-2028, allen te dekken uit de algemene reserve. Wethouder Prakke legt de schuld bij Den Haag en dat de VNG dit voorschrijft en probeerde vorige week dit zelfs in de schoenen van de VVD te schuiven. Deze gemeentekorting kwam echter uit de koker van de toenmalige minister van Financiën Sigrid Kaag van D66. De begroting bevat ook veel juiste accenten maar echte keuzes en accenten ontbreken en omdat er zoveel wordt genoemd zal er uiteindelijk geen geld voor zijn. De VVD wil duidelijke aandacht voor 4
jeugdzorg, wonen, sport, veiligheid en met name de financiën op orde. Met name jeugdzorg moet goed en snel ingevuld worden evenals sport en voorzieningen daaromtrent evenals een gezond cultureel leven. Wethouder Veldhuizen wil rondrijden om locaties inzichtelijker te maken maar zijn voortgang wethouder Jansma gaf ieder half jaar een overzicht. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF begrijpt dat de VVD een gezond cultureel leven wil maar ook dat subsidies worden ingekrompen terwijl dat gezonde culturele leven sterk afhankelijk is van subsidies. De heer VAN DER PADT zegt dat duidelijk moet worden gekeken waar wel en niet kan worden bezuinigd en de VVD geeft duidelijk aan waar zij bezuinigingen wil. De heer STROO vraagt waarop de VVD dan wil bezuinigen. Dat moet zorgvuldig worden afgewogen want dat gaat inwoners raken. Dat gaat in de komende jaar gebeuren in de aanloop naar de perspectiefnota. De heer VAN DER PADT stelt dat wanneer het totaal was bevroren er al 2 miljoen was bespaard. Het college moet de bezuinigingen aangeven en niet de VVD. De heer BOSMAN wijst erop dat de VVD samen met de andere partijen de kaders aangeeft en daarom ook met die kaders moet komen. De heer VAN DER PADT heeft al een paar keer gezegd dat de subsidies moeten worden bevroren maar het college laat ze oplopen.
De heer BOSMAN merkt op dat wat betreft subsidies er grote stijgingen zijn geweest vanwege inflatie et cetera. Als de subsidies worden bevroren treft dat juist de takken die de VVD wil bevorderen zoals sport en een goed cultureel leven. Hoe denkt de VVD die dan overeind te houden? De heer VAN DER DONK zegt dat het probleem is dat het college die lijstjes nog niet heeft gepresenteerd. De heer VAN DER PADT vraagt aan het college om met een echt sluitende begroting te komen, met besparingsplannen en om eens echt de regie te pakken. Vooralsnog zal de VVD tegen de begroting stemmen. Het college gaat niet alleen tegen zijn eigen coalitieakkoord in maar er wordt te weinig gedaan om Baarn een gedegen financiële toekomst te geven. Kan de wethouder toezeggen dat het langverwachte besparingsplan besparingen inhoudt voor dit college en niet alleen voor de periode na dit college vanaf 2026? Is de raad ook van mening dat er op zijn minst een sluitende begroting voor 2025 moet zijn zodat de gemeente goed is voorbereid op het ravijnjaar? Wethouder PRAKKE heeft in februari vorig jaar de opdracht gekregen om aan de slag te gaan met gerichte keuzes maar ook het gat laten zien zoals ook door de VNG is voorgesteld. Die lijn is gevolgd. In november komt er een plan van aanpak. De heer VAN HARDEVELD zegt dat de koers om het VNG-advies te volgen in de loop der tijd wel riskanter is geworden.
Was het niet logisch geweest om tegelijkertijd een plan B te ontwikkelen? Wethouder PRAKKE stelt dat dit ook is gedaan want zeker werd gezien dat niet in één jaar 3 miljoen kon worden weggewerkt. Daarom is in de voorliggende begroting het gat met ongeveer de helft teruggebracht. Daar is het college al ruim een jaar mee bezig geweest. Ook was echter de opdracht 5
van de raad om het niet verder zelf in te vullen want dan zegt de landelijke overheid dat er helemaal geen probleem is bij gemeenten want ze hebben allemaal een sluitende begroting. Ook voor 2025 zijn al maatregelen genomen want bijvoorbeeld de 2,5 ton is eruit met zero-based budgeting. Dat kan ook voor 2025 effect hebben en zeker ook voor 2026 en de jaren daarna. Alle maatregelen zijn erop gericht om het uiteindelijk meerjarig sluitend te maken. Er wordt stevig gezegd dat er geen sluitende begroting voorligt maar als dat het geval zou zijn zou de provincie dat niet accepteren. Voor 2025 is er een sluitende begroting en de jaren daarna laat een gat zien. In het afgelopen jaar had de gemeente 3,6 miljoen over en het jaar daarvoor was er ook een positief jaarresultaat. Daarom staat de algemene reserve ook nog op 17,5 miljoen en dat is meer dan het dubbele van het getal dat de raad heeft meegegeven. De heer SCHOUTEN corrigeert dat destijds is vastgesteld dat 3,6 miljoen niet is uitgegeven en dat is wat anders. De heer VAN HARDEVELD vult aan dat veel niet is uitgegeven omdat er veel voorgenomen beleid niet is uitgevoerd. Wethouder PRAKKE zegt dat beide waar zijn maar onderaan de streep was er een positief resultaat en daarmee staat de algemene reserve nog steeds op 17,5 miljoen euro aan het begin van dit jaar en aan het begin van volgend jaar. Dat staat op pagina 146.
De gemeenteraad ziet hier de ontwikkelingen zonder de opbrengst van de Eemnesserweg, Montini terrein en andere opbrengsten die hopelijk de komende jaren naar de gemeente komen. Die mogen hier van de provincie niet in worden weergegeven maar die zaken zullen zeker bijdragen aan het vormgeven van de algemene reserve. Daarnaast krijgt de gemeente op termijn de opbrengsten uit de Baarnsche Zoom. Alles wat staat op pagina 146 zijn eerdere besluiten van de raad, behalve wat er staat voor de begroting € 475.000 wat in deze begroting incidenteel is. Dat is het enige bedrag dat nieuw is en de uitnamen uit de algemene reserve zijn door de raad al eerder vastgesteld. Eigenlijk wordt nu gevraagd om eerdere besluiten terug te draaien maar dan moet de raad aangeven welke bedragen uit het lijstje op pagina 146 niet uit de algemene reserve worden genomen. Zo nodig wordt meer inzicht verstrekt over welke uitnamen uit de algemene reserve worden gedaan want dat betekent dat dingen dan niet worden gedaan. Daarmee kunnen echter De Speeldoos of uitgaven voor de eigen organisatie worden getroffen. Er kan niet gratis 2 miljoen euro uit de algemene reserve worden gehaald. De heer VAN DER DONK snapt het verhaal van de wethouder niet want geen van de raadsleden zegt dat er geen keuzes moeten worden gemaakt.
Wethouder PRAKKE wil inzichtelijk maken hoe de 4 miljoen uitname uit de algemene reserve tot stand komt en dan heeft de raad volgende week alle ruimte om amendementen in te dienen om te zeggen van die uitname willen we niet zodat op de 2 miljoen wordt uitgekomen. De heer BRINKMAN merkt op dat wanneer gaat worden bezuinigd op subsidies dat misschien 3,5-4 ton zal opleveren. Dat zal niet het enige zijn wat de VVD te bieden heeft. Wat gaat volgens die fractie bijdragen aan het sluiten van de begroting? De heer VAN DER PADT wil de problemen van het college wel oplossen want blijkbaar kan de PvdA dat niet zelf. Er had al 2 jaar geleden moeten worden begonnen met het bezuinigen op subsidies. Er staat voor 1,3 miljoen verduurzaming maatschappelijk vastgoed. Daar kun je vraagtekens bij zetten want als je het geld niet hebt kun je het niet te doen. Ergens moeten keuzes worden gemaakt maar die worden nu niet gemaakt en straks zal heel veel in de ozb en de lokale heffingen moeten worden gedaan want de begroting moet vanaf 2026 sluiten. Dan komt de hamer nog harder aan. 6
De heer BOSMAN vraagt of de VVD dan bereid is om de ledverlichting voor de sportvelden van 1,5 ton, waarvoor zij heeft gepleit, terug te draaien. De heer VAN DER PADT merkt op dat de ledverlichting vorig jaar aan de voetbalclubs is toegekend en toen kwam GroenLinks ook met de sportclubs. Het is prima maar dan moet de ledverlichting bij de voetbalclubs worden weggehaald. De heer BRINKMAN vindt bezuinigen of verduurzaming de omgekeerde wereld want door verduurzaming bezuinig je juist. De heer VAN DER PADT ziet veel modellen die het tegendeel aantonen. Warmtepompen en zonnepanelen zie je weglopen. Het is de vraag wat daar het rendement van is. De heer VAN DER DONK vindt het jammer dat door een aantal partijen wordt gevraagd om nu maar aan te geven waarop moet worden bezuinigd want de heer Teeuw zei dat het 2-3 jaar duurt om goede bezuinigingen op poten te zetten. Er had dus op tijd mee moeten worden begonnen. De heer BOSMAN heeft vorige week van het college gehoord dat volgende maand een plan van aanpak komt voor de ombuigingen. De heer VAN HARDEVELD merkt op dat in de begroting zwart op wit staat dat in de tweede helft van 2025 wordt begonnen met een ombuigingsoperatie en dat daarvoor externe hulp zal worden ingeroepen. In de vergadering van vorige week werd echter gezegd dat dit 2024 moet zijn.
Vervolgens heeft de portefeuillehouder vorige week in een vergadering het tijdpad uitgezet en toen zei hij dat volgende maand hierop een eerste toelichting wordt gegeven. Het was de bedoeling dat in het voorjaar een avond werd georganiseerd met de raad waarin verdere toelichting wordt gegeven en er een gesprek met elkaar over kan plaatsvinden. Het CDA wil liever dat dit een openbare vergadering wordt met notulen daarbij. Vervolgens wordt in de zomer bij de perspectiefnota een pakket van keuzemaatregelen aan de raad voorgelegd, dus in juni/juli 2025. Daarna zal de raad later nog een keertje daarin keuzes moeten maken. De uitvoering van de ombuiging gaat dus in de volgende raadsperiode plaatsvinden en dit duurt veel en veel te lang. De heer BRINKMAN zegt dat dit is hoe processen lopen. De heer STROO heeft vorige week toch duidelijk begrepen dat die afwegingen bij de perspectiefnota 2026 gemaakt kunnen worden en dat het pakket er dus ligt op dat moment. Dat gaat dus niet over de verkiezingen heen. D66 heeft ook gevraagd aan het college om die keuzes meerjarig neer te leggen zodat niet het volgende college wordt opgezadeld met dit probleem. Het is beter om vanaf nu serieus te kijken wat kan worden bezuinigd en niet nu ineens allerlei bezuinigingsmaatregelen te bedenken.
Dit is een goede koers omdat het er niet naar uitziet dat er landelijk iets gaat veranderen en het college moet nu hard aan de bak maar dat moet wel zorgvuldig worden gedaan en niet halsoverkop allerlei dingen bedenken. De heer BOSMAN wil duidelijkheid van het college welke van de lezingen ten aanzien van de vergadering van vorige week nu klopt. De heer BRINKMAN memoreert dat in de afgelopen 6 maanden al 1,5 miljoen is bezuinigd van de 3 miljoen. Het college is dus goed bezig en raadsfracties moeten zich nu niet in gekke bochten wringen.
7
Wethouder PRAKKE legt uit dat de keuze voor 2026, 2027 en 2028 volgend jaar bij de perspectiefnota wordt gemaakt. Dat wordt vervolgens verwerkt in de begroting. Dit wordt dus niet doorgeschoven. Het is deze raad die de keuzes maakt. De heer VAN HARDEVELD memoreert dat het CDA al vanaf 2021 pleit voor duidelijke maatregelen. De fractie heeft gezegd dat met de perspectiefnota akkoord wordt gegaan onder voorwaarde dat voor 2025 en 2026 de begroting sluitend wordt gemaakt en dat is niet het geval. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF merkt op dat het college zich houdt aan de afspraken die in februari zijn gemaakt ten aanzien van het aanspreken van de spaarpot. De heer VAN HARDEVELD zegt dat er inderdaad in februari afspraken over zijn gemaakt en in de zomer van volgend jaar worden een aantal keuzes voorgelegd. Dat is dus 1,5 jaar later na het maken van die afspraken. Een spaarpot in een normaal huishouden is altijd bedoeld voor specifieke doelen en niet om een onverantwoord uitgavenpatroon te blijven financieren. De heer STROO wijst erop dat de gemeentelijke spaarpot er best goed bijstaat. Op basis van de financiële regels zijn er niet veel mogelijkheden om daar nog wat uit te doen want veel dingen moeten structureel worden gedekt. Er is nu een kans om iets te overbruggen dat geheel volgens de regels mag en om een deel van de spaarpot daarvoor aan te wenden.
Ook mensen in een gewoon huishouden doen dat als de kans er is om dat uit te geven. Het is eenmalig en natuurlijk kan niet elk jaar zo’n greep uit de algemene reserve worden gedaan. De heer BRUINS zegt dat dit niet eenmalig is want als bijvoorbeeld wordt gekeken naar de Jeugdagenda wordt er de komende 3 jaar een bedrag uit de algemene reserve gehaald maar het is goed om een spaarpot af en toe te gebruiken. Dan moet er wel een plan komen hoe je dat in de toekomst wilt voorkomen en dat plan ontbreekt want er wordt 4 miljoen uit de algemene reserve gehaald zonder plan hoe dat in 2026 en verder zal worden opgevangen. In 2026 komt de gemeente nog meer tekort. Gaat dan 6 of 8 miljoen worden onttrokken aan de algemene reserve? De heer BRINKMAN vraagt of de heer Bruins dan bedoelt dat het niet structureel is want het is maar voor 3 jaar. Gaat het om de jeugdcoördinator? Daarover is juist met elkaar afgesproken dat dit niet structureel gaat worden gedaan. De heer BRUINS bedoelt niet de jeugdcoördinator. Het beleid dat in de Jeugdagenda wordt gestopt is structureel beleid en daarom moet dit structureel gedekt worden en niet uit de algemene reserve. De afspraken zijn dat er zonder structureel geld geen structureel beleid wordt gedaan en dit college doet met incidenteel geld structureel beleid.
Wethouder PRAKKE memoreert dat het college had voorgesteld om het structureel in de begroting op te nemen maar de raad heeft besloten om het incidenteel te doen. Daarom is ook een wijziging voorgelegd om het besluit nog aan te passen omdat het nu incidenteel vanuit de algemene reserve wordt gedaan. De heer BRUINS zegt dat het structureel geld was voor de coördinator en de medewerker vve. Het beleid was sowieso structureel en de rest is door de raad incidenteel gemaakt. De coördinator voor € 150.000 kan uit de algemene reserve worden gehaald maar de rest niet. De heer VAN LOON merkt op dat een eenpersoonshuishouden voor de afvalstoffenheffing van € 1014 in 2 jaar gaat naar € 1157 en een meerpersoonshuishouden van € 1148 naar € 1339. Er komen 8
hierdoor alleen maar meer mensen in de schuldhulpverlening. De rioolheffing gaat ook behoorlijk stijgen. Hoe denken de andere fracties dit te voorkomen? De heer BRINKMAN stelt voor dat 50PLUS dan een motie indient waarmee het terugbrengen van de verhoging elders kan worden gedekt. De heer STROO vindt de stijging van de rioolheffing en de afvalstoffenheffing zorgelijk. Wellicht liggen er wat betreft de afvalstoffenheffing mogelijkheden om te onderzoeken zoals die door de heer Teeuw zijn aangereikt. Natuurlijk moet het riool er wel goed bij liggen en daarom is het soms ingewikkeld om dit soort afwegingen te maken. De heer BOSMAN memoreert dat de heer Teeuw zei dat diftar mogelijk een positief effect zal hebben op de afvalstoffenheffing. De heer BRUINS zegt dat de heer Teeuw een prachtige presentatie heeft gegeven in de raad maar er is nooit een terugkoppeling van het college geweest van dat gaan we doen of deze onderwerpen nemen we over. Wil het college punten van de heer Teeuw overnemen? Wethouder PRAKKE geeft aan dat de heer Teeuw waardevol werk heeft geleverd in hoe Baarn staat ten opzichte van andere gemeenten. Daaruit bleek dat de gemeente een hele sobere begroting had omdat Baarn op veel terreinen minder uitgeeft dan andere vergelijkbare gemeenten. Dit maakt het ook moeilijk om te bezuinigen.
Een concreet resultaat van de inspanningen van de heer Teeuw is de 2,5 ton zero-based budgeting die nu al in de begroting zit voor het komende jaar. De heer VAN DER DONK zegt dat al ver voor de presentatie van de heer Teeuw is besloten om zero-based budgeting in te zetten. Als dat al 2,5 ton oplevert, waarom wordt deze methode dan ook niet op andere onderwerpen gedaan? De heer BOSMAN merkt op dat de heer Teeuw destijds is ingehuurd om inzicht te geven in waar zero-based budgeting zou kunnen worden toegepast. Hij heeft een reeks van voorbeelden genoemd en het college heeft gezegd dat die niet allemaal kunnen worden toegepast. Het college heeft een aantal dingen ervan opgepakt en heeft nadrukkelijk de bedoeling om daarmee door te gaan. Wethouder PRAKKE zegt dat dit inderdaad is wat wordt gedaan maar het was onmogelijk om de gehele begroting te bekijken. Er zijn een aantal dingen toegepast en dat levert die 2,5 ton op. Hier wordt mee doorgegaan en dat ziet de raad in het komende jaar terug. Daarnaast heeft de heer Teeuw een lijst aangeleverd met uiteindelijk 4 miljoen en dat ging niet alleen over bezuinigingen maar ook over verhoging van de ozb. Dat lijstje heeft het college gezien als input om mee te nemen in het plan van aanpak en de verdere uit te werken punten. Daarin staat bijvoorbeeld dat wanneer wordt gestopt met De Speeldoos dat 7 ton oplevert.
Die input kan de raad ook meenemen om uiteindelijk tot een sluitende begroting voor 2026 en later te komen. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF geeft aan dat de grafieken laten zien dat Baarn tot een groep van gemeenten behoort waar de stijging van de woonlasten relatief laag is in vergelijking met andere gemeenten. Helaas konden hieruit geen ideeën worden opgedaan. De heer VAN DER DONK denkt aan betalingen voor gebruik zoals havengelden, parkeergeld voor de vele bezoekers van de bossen en toeristenbelasting. Er zou ook nog eens kunnen worden gekeken naar de gemeenschappelijke regelingen waarvan de uitgaven met 10-30% toenemen.
9
De heer SCHOUTEN merkt op dat het bij precario et cetera gaat om gesloten systemen en dat betekent dat de kosten moeten worden doorberekend. Als die kosten hoog zijn zal de afvalstoffenheffing ook hoog zijn. Beter is om te kijken aan de uitgavenkant hoe de kosten naar beneden kunnen worden gebracht en pas dan kunnen de woonlasten naar beneden. De heer VAN HARDEVELD overweegt een motie in te dienen met voorwaarden waaronder de fractie overweegt om wel akkoord te gaan met de begroting. Uiterlijk in de cyclus van december zou een zodanige begroting moeten worden besproken dat er maximaal 2 miljoen uit de algemene middelen wordt gehaald in plaats van 4 miljoen en dat er dus nog 2 miljoen gevonden wordt. Daarnaast dient uiterlijk in het eerste kwartaal 2025 een plan voor ombuigingen voor 2026 en liefst verder te worden gepresenteerd. Onder een plan wordt wat anders verstaan dan een aantal willekeurige opties. Hoe denken de andere raadsleden hierover? De heer BRUINS wijst erop dat een motie pas komt nadat het raadsvoorstel is vastgesteld en dat is nu niet wenselijk. Hoe ziet de heer Van Hardeveld dat voor zich? De heer VAN HARDEVELD zegt dat het volgens de griffie mogelijk is om een motie voor stemming over het raadsbesluit te bespreken en daarover te stemmen. Daarvoor is wel toestemming van de vergadering nodig.
Derhalve zal spreker volgende week bij aanvang van de raadsvergadering voorstellen om die motie voor het stemmen over het raadsbesluit te bespreken. De heer STROO stelt dat de enige mogelijkheid om die 4 miljoen naar beneden te krijgen is een keuze maken uit de lijst die achterin de begroting zit. Dat zijn uitgaven voor kosten die worden gedaan vanuit de algemene reserve. Dat is echter heel lastig en daarom het verzoek om iets meer na te denken en even de tijd te nemen. Datzelfde geldt voor het plan. Er moet eerst zorgvuldig over worden nagedacht en bij de perspectiefnota kan de definitieve afweging worden gemaakt. De heer VAN HARDEVELD wijst erop dat niet naar alleen naar het lijstje moet worden gekeken maar naar de hele begroting om te bezien of iets anders zou kunnen. De heer STROO is het daarmee eens maar dat doet niets af aan de opmerking over de algemene reserve. De gemeente moet structurele bezuinigingen gaan doen voor de komende jaren en dat gaat de inwoners raken. Daar moet heel goed met elkaar over worden nagedacht zodat een goede voorbereiding door het college kan plaatsvinden en vervolgens kan de raad voor de zomer daar een besluit over nemen wat het college vervolgens kan verwerken in de begroting 2026.
De heer BOSMAN stelt dat wanneer nu zaken uit de begroting worden gepakt dingen als preventie zullen verdwijnen met misschien weer gevolgen aan de andere kant waardoor de gemeente uiteindelijk meer kwijt is met het oplossen van problemen die zich dan gaan voordoen. Het is beter als het college in het voorjaar keuzes aan de raad voorlegt en dat uiteindelijk bij de perspectiefnota de pijn wordt gepakt voor meerdere jaren. De heer VAN DER PADT kan een heel eind meegaan met de heer Van Hardeveld maar een jaar geleden zei de VVD al dat wanneer het college het over een jaar niet voor elkaar heeft de fractie tegen zal stemmen. Hier had al een jaar over kunnen worden nagedacht. De heer VAN HARDEVELD hoort andere fracties zeggen van dit is niet leuk en dit gaan inwoners merken maar ze moeten wakker worden en uitstelgedrag gaat daar niet bij helpen.
10
De heer STROO merkt op dat D66 op zoek is naar de beste oplossing. Natuurlijk is eerder gezegd van het moet eerder worden gedaan maar de raad heeft steeds hoop gehad op het verhaal van de VNG, dat de VNG met het vorige maar ook met het nieuwe kabinet tot een oplossing zou komen om het ravijnjaar te dichten. Sinds de meicirculaire en de septembercirculaire zijn er gegevens dat dit niet het geval zal zijn en daarom ligt het probleem nu voor. De heer VAN DER PADT vraagt of de heer Stroo kan uitleggen wat de oproep van de VNG inzake het ravijnjaar 2026 heeft te maken met een tekort van 4 miljoen in 2025. De heer STROO stelt dat er geen tekort is in 2025. Onttrekking uit de algemene reserve is normaal toegestaan beleid op basis van het BBV. De gemeente mag incidentele uitgaven incidenteel dekken vanuit de algemene reserve. De heer VAN DER PADT zegt dat wanneer er chronisch 100 wordt uitgegeven en er komt 96 binnen, dan is er een tekort, of dat nu wel of niet uit de spaarpot wordt gehaald. Als dit meerdere keren plaatsvindt achter elkaar is de gemeente blut. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF is van mening dat het wat betreft die 4 miljoen waarmee bepaalde zaken worden overbrugd een tijdelijke situatie moet zijn en dat deze onttrekking uit de algemene reserve eenmalig moet zijn.
De fractie is geen voorstander om het terug te brengen naar 2 miljoen omdat misschien anders die overbrugging niet goed genoeg wordt gemaakt. De heer VAN LOON wijst erop dat bij elke gemeenschappelijke regeling sprake is van loonsverhogingen maar daardoor worden ook alle heffingen en belastingen duurder. Misschien zou moeten worden bekeken wat mogelijk is om die salarissen te bevriezen. De heer BOSMAN geeft aan dat salarissen op landelijk niveau in cao’s worden geregeld. Het college gaat onderzoeken hoe moet worden omgegaan met gemeenschappelijke regelingen en of het hier en daar wat soberder kan. De heer VAN HARDEVELD memoreert dat de raad in juli een motie over gemeenschappelijke regelingen heeft aangenomen en dan ging het om buiten de autonome kostenontwikkeling, waaronder de salarisontwikkeling, op een nul niveau uit te komen. De wethouder heeft toen gezegd dat daarmee de investeringsruimte van de gemeenschappelijke regelingen drastisch wordt beperkt. De heer BOSMAN zegt dat er pijnlijke keuzes zullen moeten worden gemaakt en gemeenschappelijke regelingen kunnen daarbij ook onder vuur liggen. De heer STROO geeft aan dat aan de raad is uitgelegd voor de zomer dat ook naar gemeenschappelijke regelingen gaat worden gekeken.
De gemeente is samen met andere gemeenten eigenaar van die gemeenschappelijke regelingen en dat maakt het moeilijker maar zeker moet worden gekeken hoe daarop kan worden bezuinigd maar in het kader van de cao-lonen is dat wat lastig. Dit moet zeker worden gezien in het vervolgplan. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. Vervolgens wordt de vergadering geschorst. De VOORZITTER heropent de vergadering.
11
3.b
Tussenrapportage 2024 (963933)
De heer BRUINS twijfelt nog om op voorhand in te stemmen met een tekort van 4 ton. Dat gaat iets te ver. Hopelijk doet de organisatie zijn uiterste best om dit tekort verder in te lopen. De heer VAN HARDEVELD constateert dat bijna 2 miljoen aan de algemene reserve wordt onttrokken en dat onderstreept de zorgen die de fractie bij het vorige agendapunt heeft uitgesproken. Er moet gekeken worden naar kostenbeheersing op het sociaal domein. De bijlage over het sociaal domein gaat veel over wat geboden wordt aan de inwoners maar er zou meer in kunnen staan wat van de inwoners verwacht wordt. Zijn de portefeuillehouder en de raadsleden het in zijn algemeenheid eens met de stelling dat er in het sociaal domein meer aandacht zou moeten zijn voor wederkerigheid? Met andere woorden, wat kunnen wij van u verwachten.
Kan de portefeuillehouder toezeggen dat de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Wmo Huishoudelijke Hulp per 1 januari aanstaande wordt geëffectueerd en is de raad ook van mening dat de invoering van de inkomensafhankelijke bijdrage per 1 januari gewenst of zelfs nodig is? Het Lokaal team breidt steeds meer uit en de vraag is aan de wethouder en de collega-raadsleden of er gewerkt zou moeten worden aan individuele taakstellingen voor de medewerkers, wat wordt er in maat en getal van hen verwacht? Bijvoorbeeld het aantal contacten per dag, het aantal afgesloten dossiers in een bepaalde tijdseenheid of het aantal doorverwijzingen naar meer gespecialiseerde zorg. Daar zou meer op gestuurd kunnen worden. De heer VAN DER LINDEN zegt dat het verwachte financiële tekort volledig past binnen de gebruikelijke en verstandige praktijk van de financiële rapportage binnen Baarn. Deze manier van werken sluit aan op een betrouwbare financiële traditie waarin tegenvallers tijdig worden gemeld en meevallers doorgaans bij de jaarrekening naar voren komen. Door de financiële afwijkingen te signaleren en te rapporteren geeft de gemeente een realistischer en gedegen weergave van de stand van zaken. De grootste afwijkingen die worden gepresenteerd zijn extra kosten voor onderhoud van wegen, de aanpassing van het Wmo-tarief en de meerkosten BBS.
Er wordt een inzichtelijk beeld gegeven van de oorzaken van het tekort waardoor de gemeente precies weet waar bijgestuurd moet worden. Daarnaast geeft het college aan dat maatregelen worden genomen om het tekort terug te dringen. Als het niet lukt om de juiste mensen op de juiste plekken te krijgen dreigen belangrijke projecten te stagneren terwijl de inwoners van Baarn juist behoefte hebben aan daadkracht. Welke concrete maatregelen worden genomen om deze risico’s te tackelen? Ook in 2023 kende de tussenrapportage een negatief beeld maar uiteindelijk werd het jaar afgesloten met een fors positief rekeningresultaat. Door tijdig tegenvallers te melden en helder te communiceren over afwijkingen toont de gemeente aan dat zij serieuze tegenvallers serieus neemt en actie onderneemt om de begroting binnen de perken te houden. De ervaringen uit 2023 bieden bovendien vertrouwen dat het jaar alsnog positief kan worden afgesloten mits de gemeente doorgaat met de proactieve aanpak. De heer BOSMAN vindt het goed om te zien dat de besteding van de nog openstaande budgetten van het jaar 2023 inmiddels goed op gang is gekomen en naar verwachting ook zal kunnen worden voortgezet. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF meldt dat de fractie zal instemmen met het voorstel.
De heer STOLK geeft aan dat de VVD tegen de tussenrapportage zal stemmen want met dit voorstel wordt ook een begrotingswijziging voorgesteld en daar kan de fractie zich niet in vinden. In de begroting 2024 werd uitgegaan van een toevoeging aan het resultaat vanuit de algemene reserve van 12
2 miljoen en in deze tussenrapportage is dat al naar 3 miljoen gestegen want de bestaande voorziening voor De Speeldoos en de bibliotheek van € 500.000 wordt niet gebruikt om andere uitgaven te dekken. Deze voorziening moet intact blijven omdat dit nog een lopend project is waar de raad in december uitsluitsel krijgt van het college. Daarnaast staan er in de tussenrapportage geen acties van het college om de kosten terug te dringen. Sterker nog, er wordt alleen maar meer uitgegeven. Zo stond de inhuur van derden in de begroting van 2024 op € 364.000 en nu staat er € 400.000 en dezelfde verhogingen voor de komende jaren. Inhuur van derden moet worden beperkt en minder externe onderzoeken zijn goede voorbeelden van het terugdringen van de kosten. Waarom wordt voorgesteld om de voorziening voor De Speeldoos en de bibliotheek op te heffen terwijl er nog een onderzoek gaande is en de raad hier in december uitsluitsel over krijgt? De heer STROO heeft er vertrouwen in dat het in de tussenrapportage genoemde bedrag goedgemaakt zal worden bij de jaarrekening. Er worden nu met name tegenvallers benoemd maar er zullen zich dit jaar ook meevallers voordoen. De tussenrapportage zou een moment moeten zijn waar de raad nog bij kan sturen en dat kan niet als alleen maar de tegenvallers in beeld worden gebracht.
Daarom dient er bij volgende tussenrapportages ook gekeken te worden naar eventuele meevallers en dan komt er niet zo’n groot verschil tussen de tussenrapportage en het rekeningsaldo. Wethouder PRAKKE steunt de algemene oproep om niet alleen de tegenvallers te presenteren maar om ook een doorkijkje te geven naar de meevallers die worden verwacht. Uiteindelijk zal bij de jaarrekening worden gezien hoe het eindresultaat is. Vorig jaar werd het positieve jaarresultaat ook veroorzaakt omdat er in november of december nog een SPUK-uitkering werd ontvangen met soms veel geld wat echt niet meer kon worden weggezet in dat jaar. Op het moment dat het project van De Kroon werd stopgezet had eigenlijk alles uit de begroting moeten worden gehaald maar er was nog een budget beschikbaar voor tijdelijke huisvesting en de inrichtingskosten als De Kroon uiteindelijk werd gerealiseerd. Het was geen voorziening maar het is een punt uit de algemene reserve die daaraan zou worden besteed. Het project De Kroon is gestopt en het is dus meer financieel technisch dat nu wordt gezegd dat dit weer terugvloeit naar de algemene reserve waar het ook in hoort, behalve het bedrag dat staat voor de aanschaf van de ledverlichting en de herinrichting van het keukenblok omdat die investeringen echt nodig zijn op dit moment.
Wethouder DE VRIES deelt het belang van de wederkerigheid in het sociaal domein want de beschikbaarheid aan financiën zal de komende jaren flink afnemen en er komt ook een groot tekort aan handen in het sociaal domein. Tegelijkertijd zal Baarn harder vergrijzen dan nu het geval is. Daar is onder andere wederkerigheid voor nodig om de opgave te dragen die er in het sociaal domein ligt. Dit is ook belangrijke input voor de te vernieuwen nota Baarn Vitaal. Het is een belangrijke wens van de coalitie om de inkomensafhankelijke bijdrage in de Wmo in te voeren. Op dit moment is dat nog niet wettelijk toegestaan. Het vorige kabinet heeft wetgeving op dit punt aangekondigd en hopelijk zal ook het huidige kabinet die aangekondigde wetgeving doorzetten. Als het mogelijk wordt voor gemeenten om dit in te voeren zal het zeker worden gedaan. Spreker heeft de afgelopen jaren al meerdere keren een oproep gedaan, onder andere in de Baarnsche Courant, aan inwoners die het zelf kunnen betalen om terughoudend te zijn in het doen van een beroep op de gemeentelijke overheid voor bijvoorbeeld de Wmo. De heer VAN HARDEVELD memoreert dat oorspronkelijk de intentie was om dit per 1 januari 2025 in te voeren. Stel dat dat het geval is, of spoedig daarna, is de gemeente daar dan klaar voor?
13
Wethouder PRAKKE memoreert dat het vorige kabinet in 2023 had aangekondigd dat het per 1 januari 2026 ingevoerd zou worden maar het nieuwe kabinet heeft hier nog niet veel over losgelaten. Er is dus geen beeld van het wetgevingstraject dat hiervoor nodig is. Begin van dit jaar is de verordening Wmo en Jeugd door de raad vastgesteld en die zal worden voorgelegd aan de raad om dan op een aantal punten aan te passen. Daar zal prioriteit aan worden gegeven. Wat betreft het Lokaal team wordt op meerdere pijlers gestuurd. Onder andere via de nieuwe verordening Wmo en Jeugd. Die is strenger dan de vorige verordening. Het percentage voor de PGB-vergoeding is verlaagd en er zijn meer weigeringsgronden in opgenomen in gevallen dat de medewerkers het niet nodig vinden om tot een lagere vorm van zorg over te gaan of om in uitzonderlijke gevallen geen zorg te verlenen. Voorheen was het verwijzen en een beperkte vorm van eigen begeleiding. Dit wordt opgeschaald zodat het Lokaal team veel meer doet in die categorie waardoor duurdere zorg in de tweede lijn, bijvoorbeeld bij de jeugdzorg, wordt voorkomen. Daarmee wordt de kostenbeheersing georganiseerd maar ook de wachtlijsten van de specialistische jeugdhulp.
Het traject Stip op de horizon wordt gelopen als het gaat om de doorontwikkeling van de BBS omdat er een inhoudelijke noodzaak voor is maar ook omdat er een noodzaak is van de kant van het werkgeverschap, namelijk het werkplezier van de medewerkers. De heer VAN HARDEVELD vraagt of er raadsleden zijn die nog willen reageren op de punten wederkerigheid, inkomensafhankelijke bijdrage en individuele taakstellingen voor de medewerkers van het Lokaal team. Wethouder PRAKKE antwoordt nog op de vraag van de heer Van der Linden over het personeelstekort dat er mensen nodig zijn als het gaat om het klimaat of over andere opgaven. Daar wordt in geïnvesteerd en dat wordt teruggezien in de begroting maar ook in het beloningsbeleid, in vitaliteit van mensen, in mobiliteitsregelingen om Baarn als aantrekkelijke werkgever te positioneren. Op sommige functies zit soms maar één persoon en als die na een aantal jaren ergens anders naartoe gaat is de gemeente weer een half bezig om iemand binnen te halen. Als ook inhuur van derden naar beneden moet betekent dit dat sommige dingen dan eventjes in de ijskast moeten worden gezet. Het lukt heel goed om mensen te binden en te boeien maar dat laat onverlet dat er soms krapte zit in de personeelsbezetting. De heer BOSMAN denkt dat het goed is om wederkerigheid te vragen aan mensen.
Niet alleen uit financiële overwegingen maar ook om mensen daarmee in hun kracht te zetten. Graag snel invoering van de inkomensafhankelijke bijdrage wanneer dat mogelijk is want dan komt het geld terecht bij de mensen die het echt nodig hebben. De vraag over de taakstellingen aan de mensen van het Lokaal team is wat lastig want zij zijn juist in positie gezet om vragen die anders tot duurdere zorg leiden af te vangen. Zaken in het sociaal domein meetbaar maken is lastig. Beter is om te kijken wat het Lokaal team op zijn bord krijgt en of dit mogelijk druk elders wegneemt. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF vindt wederkerigheid en samenredzaamheid belangrijk. Wanneer mensen in kwetsbare omstandigheden zijn kunnen burgerinitiatieven met elkaar dingen oppakken en ongelooflijk veel voorkomen of minder ernstig maken. Men wordt ook wat weerbaarder als het gaat om gebruik te maken van de voorzieningen van de overheid als die er zijn. Hopelijk wordt de investering in de bezetting van het sociaal domein die in de begroting staat ook in die richting gedaan. Mensen die ouder worden kunnen worden geholpen door buren en dan vinden de mensen weer moed om zelf weer dingen te ondernemen. De heer VAN LOON is van mening dat individuele taakstellingen voor de medewerkers van het Lokaal team een heel goed idee is. 14
De heer VAN DER LINDEN is het eens met de inbreng van GroenLinks. De heer SCHOUTEN zegt dat wederkerigheid een logisch iets is omdat je wat mag verwachten als je er geld aan betaalt. De inkomensafhankelijke bijdrage voor de Wmo hoeft niet per se omdat ook degenen die wat meer te besteden hebben uiteindelijk recht hebben op deze bijdrage vanuit de overheid. De heer VAN DER LINDEN stelt dat iemand die meer centen te besteden heeft een grotere eigen bijdrage kan betalen dan die € 19 per maand. De heer SCHOUTEN heeft wat betreft de uitbreiding van het Lokaal team het idee dat er steeds meer doorverwijzingen komen waardoor de zorg steeds moet worden uitgebreid terwijl niet altijd doorverwijzingen nodig zijn. Daar mag ook wel eens naar gekeken worden. De heer STROO is het eens met GroenLinks en PvdA wat betreft wederkerigheid en inkomensafhankelijke bijdrage. Het is lastiger om te overzien wat het effect is bij het Lokaal team. Doet dat niet meer pijn dan het oplevert maar bij de bezuinigingen in de begroting moet het sociaal domein nadrukkelijk worden meegenomen. De heer STOLK staat positief tegenover wederkerigheid en inkomensafhankelijk. Het is goed als er inzicht komt in de werkzaamheden van het Lokaal team en dit moet duidelijker zichtbaar worden gemaakt.
Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. 3.c Oprichting stichting en vaststellen kaders voor een toekomstbestendige Wintertuin (965906) De heer SCHOUTEN is niet tevreden met de beantwoording door het college van de technische vragen. Het antwoord op de vraag over de Wet markt en overheid klopt niet. De Wintertuin is niet van algemeen belang verklaard zoals de wet vraagt. De onderbouwing van de kosten voor het interieur dekt de lading niet. Het antwoord op het oprekken van de kaders is niet conform met wat gesteld is in de vergadering van vorige week en ook niet met de e-mail correspondentie die gedeeld is met de raad en daarom wel zeker onderdeel is van de beraadslagingen. Het antwoord betreffende het Didam arrest is onvolledig en niet Raad van State-proof. Het voorstel dat nu voorligt is niet rijp voor besluitvorming. De heer BRUINS sluit zich grotendeels aan bij de woorden van de heer Schouten en ook zijn fractie vindt dit voorstel niet rijp voor besluitvorming. Mevrouw STRUIJK is voor het raadsvoorstel en ook voor scenario c hoewel de heer Schouten vorige week stelde dat scenario c wellicht een beetje oneerlijk is tegenover de vorige huurders.
Waarom zouden nu de randvoorwaarden en de kaders wel iets opgerekt kunnen worden en eerder niet? Het is inderdaad misschien een beetje oneerlijk maar ook de vorige huurder zei dat die heel graag wilde gaan werken met zo’n stichting die de exploitatie zou gaan regelen. Dat wordt nu gedaan en daarom moet nu naar de toekomst worden gekeken. Belangrijker is het oplossen van de leegstand dan terugkijken en zeggen waar het allemaal fout is gegaan.
15
De heer VAN WIJK wil ook meegaan met scenario c mits dan aan het beoogde bestuur wordt meegegeven dat ook andere inschrijvers betrokken worden en blijven bij het plan voor de ontwikkeling van de Wintertuin, dat de exploitatie zo spoedig mogelijk wordt gerealiseerd en dat er evaluatiemomenten worden opgenomen van hoe het gaat en wat kan beter en hoe de exploitatie gaat en wat er goed en beter kan. Bij het opstellen van de statuten van de stichting dient aan het stichtingsbestuur zoveel mogelijk vrijheid te worden gegeven zoals ook bij andere gemeentelijke beheerstichtingen. Echter, in het verleden is het ook voorgekomen dat het bestuur van een gemeenschappelijke beheerstichting op cruciale momenten zowel raad als college buiten spel zette. Daarom dient er een ingebouwde noodrem te zijn om als eigenaar van de Wintertuin bij de stichting te kunnen ingrijpen. De conceptstatuten worden graag snel tegemoet gezien. Het is zeer zinvol om een eindoordeel en een abonnement mogelijkheid te hebben bij het vaststellen van de definitieve statuten. Daarom dient in de agenda een punt te komen voor de behandeling en het vaststellen van deze statuten. De heer BRINKMAN vindt het scheiden van beheer en exploitatie een logisch besluit en de betrokkenheid van inwoners in het bestuur van de stichting zorgt voor een breed maatschappelijk draagvlak.
Scenario c geeft de stichting de ruimte om een gezonde huur te realiseren door de mogelijkheden van het pand te verruimen wat op termijn een lagere bijdrage van de gemeente voor onderhoud mogelijk maakt maar de vraag blijft of dit scenario voldoende ruimte biedt om daadwerkelijk tot hogere huuropbrengsten te komen. De voorgestelde aanpassingen van het bestemmingsplan zijn essentieel maar zekerheid over de haalbaarheid van verdere uitbreidingen blijft een punt van zorg. De vraag blijft of de stichting op termijn de mogelijkheid heeft om een aanzienlijk hogere huur te realiseren en dat brengt een onzekerheidsfactor met zich mee wat betreft de afbouw van de gemeentelijke onderhoudsbijdrage. Het succes hangt af van de werkelijke verruiming van de exploitatie. Is de raad van mening dat dit voorstel kan werken mits er meer speelruimte komt voor het nieuwe bestuur en is de raad bereid om erover na te denken om dit te bieden? De heer BOSMAN was van meet af aan voorstander van de oprichting van een stichting die de exploitatie op zich gaat nemen. De opdracht aan het bestuur van de stichting om een of meer huurders te vinden die € 40.000 aan huur binnenbrengen met de uitdaging om dat bedrag op termijn te verhogen is ambitieus maar niet onhaalbaar.
De toegankelijkheid voor de inwoners is een lastig punt want dat kader stelt dat de kas tijdens de exploitatie toegankelijk blijft voor de inwoners om ervoor te zorgen dat die al dan niet tegen betaling gebruik kunnen maken van de Wintertuin. Een maximale toegankelijkheid staat op gespannen voet met kader 3 waarin de minimale huuropbrengst van € 40.000 wordt genoemd. Vinden de andere raadsleden dat besloten bijeenkomsten, waarin de kas dus niet toegankelijk is voor de inwoners, mogelijk moeten zijn en zo ja, hoe vaak of in welke orde van grootte? Wordt voldaan aan het kader toegankelijk voor onze inwoners als inwoners tegen betaling gebruikmaken van de kas c.q. zijn er momenten waarop de kas sowieso vrij toegankelijk zou moeten zijn, bijvoorbeeld op Open Monumentendag? Mevrouw DEURLOO memoreert dat de kas de gemeente en haar inwoners in de afgelopen decennia veel geld heeft gekost. Daarom dient zoveel mogelijk van de exploitatie en de onderhoudskosten te worden gedekt door toekomstige huuropbrengsten. Daarom ook de steun van de fractie aan de breed door de raad aangenomen motie om te onderzoeken of de Wintertuin ook verkoopbaar zou zijn. Dit werd echter vanwege het eerdere advies van de Galan Groep door het college ontraden.
Het adviesbureau stelde echter ook dat de gemeente wellicht eerst een visie zou moeten opstellen voor wat men wil met de Wintertuin en om dat doel te bereiken vervolgens als instrument een 16
stichting op te richten. Op de oprichting van zo’n stichting werd voorgesorteerd maar de visie en de randvoorwaarden, die ook vooraf hadden moeten worden besproken met de raad, bleven uit. VoorBaarn heeft moeite met dit raadsvoorstel en met name met de beslispunten 1 en 3. Hoe kan worden ingestemd met de oprichting van een stichting terwijl nog niet bekend is wat deze stichting concreet nastreeft en wat de randvoorwaarden zijn die de stichting hiervoor nodig acht? Bij scenario c is de aanmoediging voor de stichting om financieel beter te presteren en de gemeente dus minder hoeft te betalen afwezig. Wat vinden de andere raadsfracties van het nut en de noodzaak van de op voorhand opgerichte stichting en wat vinden de andere fracties van het voorkeurscenario c? De heer JONKERS is vooralsnog geen voorstander van dit voorstel en dat komt met name omdat niet of onvoldoende gehoor is gegeven aan de motie. Die spreekt over een exploitatie die tenminste kostendekkend is voor de gemeente om te voorkomen dat de inwoners van Baarn ook in de toekomst nog moeten blijven bijdragen aan de kosten voor de instandhouding. Voorts komt er nog een ravijnjaar aan. Het is onduidelijk wat de doelstelling en de opdracht is voor de stichting. Vorige keer is gevraagd om de conceptstatuten en die zijn er niet.
Daar staat namelijk precies in wat die stichting gaat doen en voordat de raad hierover een besluit kan nemen dienen de statuten te worden toegevoegd. Voor het groot onderhoud wordt een bedrag van € 110.000 genoemd maar op de allerlaatste pagina van het MJOP wordt een overzicht gegeven van 2024-2043 en dan staat er een totaalbedrag van 3.569.657 euro. Als dat bedrag wordt gedeeld door 19 wordt gekomen aan 187.876 euro gemiddeld en dat betekent dus dat het groot onderhoud € 77.876 per jaar meer kost en dat is een probleem. In de wandelgangen is begrepen dat een andere serieuze huurder zich heeft gemeld. Klopt dat? Wethouder PRAKKE meldt dat er regelmatig mensen komen die geïnteresseerd zijn in de Wintertuin met verschillende oplossingen. Steeds is het antwoord gegeven dat de gemeente bezig is met een proces en dat er door de nieuwe stichting een open call wordt georganiseerd. Dus alle partijen die goede ideeën hebben kunnen daar dan aan deelnemen omdat dit onderdeel uitmaakt van de verdere stappen die de stichting gaat ondernemen. De heer JONKERS vraagt wat precies wordt bedoeld met een open call en of de wethouder bereid is om aan de raad een overzichtje te verstrekken van welke kandidaten zich dan hebben gemeld. Wethouder PRAKKE zegt dat het laatste heel lastig is omdat veel partijen dit nog niet in de openbaarheid willen bekendmaken.
Dan moet dat allemaal worden afgestemd en het is de vraag of dat voor dit moment relevant is want een open call is, ook voor het Didam arrest, dat de stichting in de markt moet zetten welke huurders welke plannen hebben. Partijen worden opgeroepen om met goede ideeën te komen binnen deze kaders en met het huurbedrag in het achterhoofd richting de stichting. De heer JONKERS begrijpt dat een open call betekent dat alle partijen die geïnteresseerd zijn een gelijke kans moet worden gegeven om het te gaan huren maar de gemeente gaat al een stichting in het leven roepen en heeft al kandidaten voor die stichting. Dan is het geen open call en dan gaat de gemeente straks hartstikke nat bij de rechter. Wethouder PRAKKE legt uit dat de stichting de opdracht heeft om tot een exploitatie te komen die rondkomt en de gemeente berekent € 40.000 huur aan de stichting. De stichting is specifiek voor dit doel opgericht, en dat mag binnen het Didam arrest, maar het mag niet dat de stichting het aan één partij gaat toekennen.
17
De heer SCHOUTEN stelt dat wat de wethouder zegt discutabel is want dan zou er in de stichting iemand van de gemeente moeten plaatsnemen. Dan kun je het zien als een verlengstuk van de gemeente en anderzijds is dit niet volgens de jurisprudentie. Wethouder PRAKKE wil niet diep op het Didam arrest ingaan. Wat is beantwoord op de technische vragen die hierover zijn gesteld is volgens het college het beeld. Het moet in de markt worden gezet en dat mag via een tussenliggende partij dat nu de stichting wordt. De stichting biedt iedereen evenveel kans om uiteindelijk tot een plan te komen met een sluitende exploitatie en met ideeën ter invulling van de Wintertuin. Mevrouw DEURLOO hoorde de wethouder eerder zeggen dat de stichting de open call gaat doen en nu weerlegt hij dat weer. Wethouder PRAKKE legt uit dat de stichting de open call gaat doen. Dat is de opdracht die de stichting van de gemeente meekrijgt om onder deze kaders en deze huur die bij de stichting in rekening wordt gebracht daarmee de markt op te gaan om te kijken welke partij invulling kan geven aan een toekomstbestendige exploitatie van de Wintertuin. De heer JONKERS merkt op dat het Didam arrest zegt dat aan marktpartijen een gelijke kans moet worden gegeven. Het college kiest er nu voor één die een open call moet aangeven en dat kan absoluut niet.