230322 Verslag Debat in de Raad 22 maart 2023
Tekst van het document
Het college vindt dit ook een zorgwekkend thema en wil daar graag via de lokale inclusie-agenda aandacht voor vragen maar is nog wel op zoek naar hoe dit concreet handen en voeten kan worden gegeven en tot actie kan worden gekomen op dit punt. Mevrouw SLUIJS vraagt of wanneer tegen grenzen van de capaciteit wordt aangelopen de raad niet moet zeggen dat zij daarvoor meer capaciteit of budget beschikbaar voor wil stellen. GroenLinks is daar zeker voorstander van en denkt na over het komen met een initiatief bij het behandelen van de Perspectiefnota. Als andere fracties zich daarbij willen aansluiten wordt dat graag gehoord. De heer MASCINI merkt op dat de VVD-fractie tegen discriminatie is en de lokale inclusie-agenda omarmt. In het presidium wordt vaak gewezen op het beslag dat technische vragen legt op de beperkt beschikbare ambtenaren. Het gros van de fracties zegt daarmee rekening te houden bij het stellen van vragen. Het is dan ook volstrekt onduidelijk wat de timing, nut en noodzaak is van de technische vragen van de PvdA inzake het nog te ontwikkelen antidiscriminatiebeleid. Volgens de PvdA zijn de rechten van de vrouw nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Waar blijkt dit uit? Er wordt verwezen naar social media van ruim 330 miljoen Amerikanen waarvan er een in een Roemeense gevangenis zit.
Het een op een doortrekken van deze lijn naar een kleine plaats in Nederland is op zijn minst uiterst discutabel. Vervolgens wordt er nog even opgeschaald naar vrouwenhaat en wordt gevraagd of dat kan worden opgenomen in het antidiscriminatiebeleid van Baarn. Is er sprake van vrouwenhaat in Baarn of bij de gemeente Baarn waarvan de VVD niets weet en de PvdA wel? Waarom heeft de PvdA ook niet gevraagd om nadrukkelijke opname van het bestrijden van bijvoorbeeld mannenhaat, Jodenhaat, antisemitisme, rassenhaat, racisme, factshaming. Is het niet een beter idee om dit soort vragen niet meer op microniveau te stellen om de ambtelijke organisatie daarmee niet te belasten en om het voorstel omtrent het antidiscriminatiebeleid af te wachten? Wat vinden de andere fracties hiervan? Mevrouw BRUIJSTENS weet als vrouw hoe het voelt als vanuit de wereld eromheen altijd een soort dreiging uitgaat. Zij verwijst in de memo niet alleen naar de ontwikkelingen in de Verenigde Staten maar ook naar die in Italië. Niets is vanzelfsprekend en de geschiedenis bewijst dat. Het betreft één meneer die in een Roemeense cel zit maar het probleem met vrouwenhaat is dat het online een soort parallelle wereld is waar je heel slecht zicht op hebt. Dan zijn er geen landsgrenzen en dat is het gevaar van online vrouwenhaat.
Vrouwenrechten zijn mensenrechten en het feit dat nu aandacht wordt gevraagd voor vrouwenrechten betekent niet dat er iets van mannenrechten afgaat. Het gaat over het gelijktrekken en het onder de aandacht houden van vrouwenrechten. Mevrouw SLUIJS sluit zich aan bij vorige spreker. De reactie van de VVD is redelijk ongepast en ook wel wereldvreemd te noemen want je kunt dagelijks op de NOS lezen dat vrouwenhaat toeneemt als 19
het bijvoorbeeld gaat om agressie richting bestuurders of politici. De VVD moet dat nieuws eens lezen. De raadsleden zijn gekozen als volksvertegenwoordigers om feitelijke vragen te stellen maar ook om hun waarden uit te dragen. De PvdA heeft dat hiermee gedaan en dat is zeer terecht. De heer JONKERS sluit zich aan bij de woorden van de VVD. Hij heeft ook dagelijks met vrouwenhaat te maken vanuit zijn beroep omdat hij mensen tegenkomt die ruzie hebben met elkaar en ook vrouwen die soms door mannen worden geslagen. Het komt ook voor dat mannen door vrouwen worden geslagen. Er kunnen hele mooie beleidsregels worden gemaakt waar de ambtenaren heel druk mee zijn en het kost heel veel geld maar dit gaat niet helpen. Er is een Wetboek van Strafrecht en er zijn organen als politie, justitie en Openbaar Ministerie en die gaan echt aan de slag als er sprake is van serieuze vrouwenhaat of haat richting homo’s, lesbiennes of mensen van welke religie dan ook. Als het gaat om kleinere dingen volgt er een sepot. Uit de criminaliteitscijfers die de raad heeft ontvangen blijkt niet dat er in Baarn sprake is van een toename. Moet hier dan prioriteit aan worden gegeven en veel geld aan worden besteed? Vrouwenhaat is niet goed maar gebruik daarvoor de politie en justitie, doe aangifte, maak een melding, zet het in de systemen, dat helpt.
Mevrouw BRUIJSTENS zegt dat het hier gaat om invloed die op jongeren wordt uitgeoefend en de jonge jongens zijn de mannen van morgen en daar gaat dit om. De heer VAN LOON merkt op dat het te triest voor woorden is dat alleen al in Nederland 40-50 vrouwen per jaar slachtoffer zijn van vrouwenhaat. Daarom is zeker een stukje bewustwording en educatie en informatie hierover van levensbelang. Mevrouw STRUIJK vindt de oproep van de PvdA heel duidelijk, namelijk laten we vrouwenhaat niet uit het oog verliezen want het lijkt erop alsof de emancipatie achter ons ligt en er is geen glazen plafond meer maar er zijn nieuwe ontwikkelingen als social media en de haat tegen bestuurders. Ook op die nieuwe ontwikkelingen moet blijvend tegengas worden gegeven. Het beleid dient zodanig te worden ingericht dat op alle vormen van discriminatie adequaat kan worden gereageerd of dat nou nieuwe vormen zijn van vrouwenhaat, Jodenhaat, mannenhaat et cetera. De heer JONKERS zegt dat het politieke kitsch is om als gemeente Baarn te denken dat je hier iets aan kunt doen. Je kan er meer over communiceren maar dat gebeurt ook al door landelijke instanties. Als je als vrouw dit soort problemen hebt, wend je tot de politie, doe aangifte, maak een melding want daar is het begin van de oplossing. Dan komen er ook instanties bij kijken die je gaan helpen.
De VOORZITTER vraagt alle raadsleden om met respect elkaars standpunten aan de orde te stellen, juist dit onderwerp verlangt dat. Mevrouw BRUIJSTENS vindt dat ook een kleine gemeente als Baarn altijd de verplichting heeft om een goed antidiscriminatiebeleid te hebben. Je moet misschien samenwerken met andere gemeenten om voldoende slagkracht te hebben maar dat kan prima. De heer MASCINI merkt op duidelijk aan het begin van de discussie te hebben aangegeven dat de VVD tegen discriminatie is en het inclusieakkoord omarmt. Daarmee zijn alle categorieën benoemd. Als je een categorie nog een keer apart gaat benoemen loop je ook nog het risico dat je andere uitsluit. Er wordt nu een organisatie belast met vragen over antidiscriminatiebeleid wat nog niet eens op papier staat. Beter is om even af te wachten wat daaruit komt, ervan uitgaande dat alle
20
categorieën worden meegenomen, en het gaat er niet om of het ene of het andere toeneemt. Het neemt toe tegen bestuurders maar daar gaat het zowel om mannen als vrouwen.
Mevrouw BRUIJSTENS constateerde in de RIB dat vrouwen niet werden benoemd en daar sloeg zij op aan. Mevrouw SLUIJS begrijpt dat alle raadsleden het ermee eens zijn dat het belangrijk is om alle gronden van discriminatie aan te pakken. De wethouder heeft dat net ook toegezegd. De heer Mascini zei dat er geen vrouwenhaat in Baarn speelt of dat daar geen enkele aanwijzing voor is maar gezien deze verwarring is het goed om er meer aandacht voor te vragen.
De heer MASCINI stelt dat de VVD dit nooit heeft gezegd. Hij weet niet waar deze onzin vandaan komt en wil graag dat mevrouw Sluijs dit terugtrekt. De VOORZITTER stelt voor dat de raadsleden dit onderwerp met respect en rust behandelen.
Mevrouw SLUIJS spijt het dat zij woorden in de mond van de heer Mascini heeft gelegd die hij niet heeft gezegd. De heer Mascini zei dat er voorbeelden worden aangehaald in de vragen van de PvdA die niet gaan over Baarn en wat zijn dan de feiten die aanleiding zijn om hierover vragen te stellen voor de situatie in Baarn.
De heer JONKERS gaat ervan uit dat niemand van de raadsleden voorstander is van discriminatie. Het is het goed recht van mevrouw Bruijstens als raadslid om te zeggen dat vrouwen onvoldoende worden benoemd. De raad kan hierover beleid maken maar de gemeente heeft geen bevoegdheden om ertegen op te treden. Daar zijn politie en justitie voor. De VOORZITTER zegt dat het voor ieder individueel raadslid een recht is om de vragen te stellen die hij of zij wil. Dan kan een beroep worden gedaan op houdt een beetje rekening met de belasting van de ambtelijke organisatie. Dat laat onverlet dat alle raadsleden het recht hebben om vragen te stellen die hij of zij wil en om aan zo’n onderwerp zijn of haar eigen gewicht te hangen. Daar dient respectvol mee te worden omgegaan. Het is beter om het hierbij te houden.
9. Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.27 uur. Aldus vastgesteld in de openbare bijeenkomst “Debat in de Raad” vïtv 12 april 2023. Dé voorStter,
De griffier
V. van der Padt
/
21