CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

220216-17 Verslag Debat in de Raad 16 en 17 februari 2022

Debat in de Raad 17 februari 2022, gemeente BaarnBij agendapunt: Hervatting van de vergadering van 16 februari18.672 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Baarn Bijeenkomst “Debat in de Raad” Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 16 februari 2022 in Groot Kievitsdal

Voorzitter:

de heer A.R. Stolk

Griffier:

mevrouw C. Heusingveld

Aanwezig:

de heer A.B. Bentura (D66), de heer P.A.H. Blokker (Voor Baarn), de heer J.J.G. Bosman (GroenLinks), de heer R.M. Bruins (CU-SGP), mevrouw S. Bruijstens (PvdA), de heer M.J.P.M. van der Donk (CDA), de heer M. Eijbaard (PvdA), de heer M.A.C. van Grinsven (Voor Baarn), de heer J.M. Jonkers (D66), mevrouw M.J. Koenders-van de Vrugt (LMK), de heer C. Koudstaal (BOP), de heer A.F.M. van der Linden (PvdA), mevrouw A.M. Martens (VVD), de heer A.L.W.G. van der Meij (VVD), mevrouw S.H.B. Oortman Gerlings-van Hal (VVD), mevrouw H.H. van Otten (GroenLinks), mevrouw M.K.J. PapoSchreuder (VVD), de heer P.S.P. Schilder (D66), mevrouw M.J. Stam (BOP), mevrouw C.J. Struijk-Cramer (D66) en de heer R. van Wijk (CDA)

Overige aanwezigen:

de heer T.G.W. Jansma (wethouder), de heer H.B. Prakke (wethouder), jonkheer M.A. Röell (burgemeester), de heer A.B.A. van Roshum (wethouder) en mevrouw J.L. Vissers (wethouder)

1.

Opening, vaststelling agenda en mededelingen

De VOORZITTER heet iedereen om 20.00 uur van harte welkom. Vanavond zijn ook aanwezig de dames De Boer en Raaijmaakers van HBR Advocaten, adviseurs van de gemeenteraad. Met de agenda wordt ingestemd. Er zijn afmeldingen ontvangen van de heer Van Hardeveld en de heer Schouten. 2. Vaststellen verslag van Debat in de Raad van 19 januari 2022 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Bestemmingsplan Landgoed Paleis Soestdijk (340146) De VOORZITTER meldt dat de heer Koudstaal heeft aangegeven dat hij vanavond het woord voert als raadslid op dit onderwerp. De griffier en de burgemeester hebben hem, mede op basis van ingewonnen extern advies, dringend afgeraden om het woord te voeren in verband met zijn rol als voorzitter van de Stichting Behoud het Borrebos. Dit om schijn van belangenverstrengeling te voorkomen. Gebaseerd op de wet en de jurisprudentie staat het een raadslid vrij als het gaat om een raadslid die een zeker belang heeft bij het nemen van een raadsbesluit om aan de stemming deel te nemen mits hij ervoor zorg draagt dat hij het besluit niet op een aanmerkelijke wijze beïnvloedt. Ook dient het raadslid ervoor zorg te dragen dat hij niet anderszins de schijn op zich laat dat hij zich in

houding en stemgedrag in overwegende mate laat leiden door andere belangen dan het algemeen belang waarvoor hij als raadslid heeft te staan. Uiteindelijk maakt het raadslid zijn eigen afweging of hij wel of niet deelneemt aan het debat in de stemming. In dit geval heeft de heer Koudstaal aangegeven deel te nemen aan het debat. De heer KOUDSTAAL zegt dat hem al signalen bereikten dat een aantal fracties problemen heeft met het feit dat hij vanavond namens de BOP-fractie het woord voert inzake het Bestemmingsplan Landgoed Paleis Soestdijk. De poging hem de mond te snoeren verbaast hem hogelijk. Het is niet de eerste keer dat degene die dit debat al in de zomer van 2021 via Twitter probeerde aan te slingeren blijk geeft onvoldoende kennis te hebben van wet en jurisprudentie. Gesterkt door vigerende wetgeving en jurisprudentie inzake vermeende belangenverstrengeling voelt spreker zich totaal niet beperkt in zijn spreekrecht. Dat hij als voorzitter betrokken is bij een stichting die de natuurbelangen verdedigt op het Landgoed Paleis Soestdijk maakt immers niet dat hij enig persoonlijk belang zou nastreven. Er bestaat veel jurisprudentie over wat er verstaan moet worden onder het begrip persoonlijk belang. Daarin is dit belang nimmer zo opgerekt dat daaronder ook een ideëel belang zoals bijvoorbeeld natuurbescherming moet worden gerekend.

Integendeel, de Raad van State heeft een en andermaal benadrukt dat het begrip persoonlijk belang juist restrictief, dus met de nodige terughoudendheid, moet worden uitgelegd vanwege het fundamentele recht van elke gekozen volksvertegenwoordiger om deel te nemen aan besluitvormingsprocessen. Het is treurig dat hij dit fundamentele recht hier vanavond moet verdedigen. Het is aan de bestuursrechter om achteraf eventueel te bepalen of deelname aan het debat door een raadslid tot vernietiging van een raadsbesluit moet leiden vanwege vooringenomenheid, dus dat een raadslid gehandeld heeft in strijd met de Gemeentewet en/of de Algemene wet bestuursrecht. Daar is zijns inziens geen sprake van en daarom zal hij vanavond ook het woord voeren over het voorliggende bestemmingsplan en volgende week zal hij ook met een vrij gemoed zijn tegenstem uitbrengen bij het raadsvoorstel als het in stemming wordt gebracht. De heer BLOKKER zegt dat het misschien beter was geweest om per 1 april voorzitter te worden van deze stichting maar dat is aan de heer Koudstaal zelf. Het stemgedrag van de heer Koudstaal zal onveranderd zijn, of hij nou wel of niet voorzitter is van deze stichting, hij heeft het al aangekondigd voor volgende week. Voor Baarn heeft dus geen enkel probleem met het inspreken van de heer Koudstaal.

Mevrouw OORTMAN GERLINGS memoreert dat zowel de griffier als de burgemeester de heer Koudstaal hebben afgeraden om deel te nemen aan dit debat en om volgende week aan de stemming deel te nemen. Het is al ernstig dat de heer Koudstaal dit advies in de wind slaat. Niet alleen de VVD maar ook andere partijen nemen de integriteit van een raadslid zeer serieus en de afgelopen jaren verliet een lid van de VVD-fractie de fractie om de schijn van belangenverstrengeling met een bepaald agendapunt bij elke openbare vergadering te voorkomen op advies van de griffie. Het is jammer dat de heer Koudstaal de schijn wekt hier niet voor het algemeen belang te zitten. Mevrouw VAN OTTEN heeft geen enkel bezwaar tegen het feit dat de heer Koudstaal het woord voert. Wellicht was het handiger geweest als hij op een later moment het voorzitterschap had aanvaard om deze discussie te voorkomen maar zijn stemgedrag wordt hierdoor niet beïnvloed en er speelt hier ook geen persoonlijk belang. De heer BRUINS heeft er geen bezwaar tegen dat de heer Koudstaal vanavond het woord voert en volgende week gaat stemmen maar het is wel jammer dat de stichting die hij vertegenwoordigt een van de aanstichters is dat de inspraak is gestokt en dan is het jammer dat het zo loopt.

De heer EIJBAARD zegt dat het de verantwoordelijkheid is van de heer Koudstaal maar spreker had in zijn geval wellicht een andere afweging gemaakt, niet zozeer over het inspreken vanavond maar over wanneer je met het voorzitterschap van een stichting begint. Zeker ook gezien eerdere gevallen moet de raad daar op een later moment met elkaar over praten hoe we dit soort zaken op een goede manier regelen. De heer VAN WIJK geeft aan dat wat betreft het CDA van de mond snoeren geen sprake is. De fractie kan instemmen met het besluit van de heer Koudstaal om zijn volksvertegenwoordigende taak aan te houden. Zijn stemgedrag is ondertussen al bekend. De heer KOUDSTAAL is verheugd te horen dat het merendeel van de fracties er geen probleem mee heeft dat hij vanavond het woord voert. Zelfs de fracties die nog in de zomer van 2021 via Twitter aangaven dat het eigenlijk wel ongepast was dat hij als actievoerder het woord zou voeren in de raad. Vanochtend kreeg hij nog van een fractievoorzitter een e-mail waarin stond dat het toch wel heel erg onverstandig was dat hij in zou spreken en hij vond het tekenend voor zijn persoon dat hij daar niet naar luisterde maar spreker is nu een stuk milder want hij begrijpt dat het allemaal wel goed zit. Veel succes met het feit dat er in de volgende raadsperiode verder over gesproken wordt.

Het is dan wel raadzaam om juridisch advies te vragen bij dat overleg om te voorkomen dat de raad foute besluiten gaat nemen. De VOORZITTER meldt dat gisteren een memo is ontvangen van het college en vanavond zijn opnieuw de adviseurs van de raad van HBR Advocaten te gast. Zij hebben aangegeven op basis van de reactie van het college op het advies van HBR Advocaten de raad opnieuw te willen adviseren. Vanavond wordt het debat gestart met het advies van HBR Advocaten. Mevrouw DE BOER zegt dat het kort dag was om op een memo van het college nog schriftelijk te reageren. Daarom nu een mondelinge reactie en die zal later nog kort op schrift worden gezet zodat iedereen daar nog kennis van kan nemen voor het besluit van volgende week. Amendement 9A ging over het aantal evenementen op het landgoed. Daar volgen het college en MBE de suggestie voor een aanvulling van de planregel. Het is een praktisch voorstel van het college om het aantal van 500 personen te schrappen zodat duidelijk is dat er een vergunningsplicht geldt voor een evenement van meer dan 150 mensen dat leidend is voor de vraag of er wel of niet een vergunning nodig is. Daarmee is ook voldaan aan het amendement zoals dat in september vorig jaar is behandeld. Amendement 9E voorwaardelijke verplichting tot renovatie in bestemmingsplan.

Daar kan HBR Advocaten zich ook in vinden en dan is ook volledig voldaan aan het amendement. Mevrouw RAAIJMAAKERS geeft aan dat nog een schriftelijke reactie zal worden gegeven als de raad daar prijs op stelt. De reactie zal in het teken staan van de vraag die is voorgelegd of is voldaan aan de amendementen die zijn aangenomen. In dat kader wordt nu ook de reactie van het college beoordeeld. Betreffende amendement 9G is een reactie van het college opgenomen waarvan niet duidelijk is of dat is bedoeld als een toelichting of een uitleg op de tekst van de anterieure overeenkomst of dit zal zijn een wijziging of een aanvulling van de anterieure overeenkomst. Als het gaat om een toelichting op de anterieure overeenkomst. Een toelichting op een overeenkomst die al is getekend leidt niet direct tot een verduidelijking omdat het erom gaat hoe de overeenkomst is aangegaan, de bewoordingen die letterlijk moeten worden gelezen en als die niet duidelijk zijn de bedoeling van partijen vóór het aangaan van de overeenkomst. Hoe partijen er daarna tegenaan kijken, als dat blijft buiten een overeenkomst of een aanvulling op de overeenkomst kan je daar niet echt op varen.

Daarom is het cruciaal om te weten of dit een aanvulling op de overeenkomst is of dat het buiten een afspraak blijft. Het is wel prettig om te lezen dat er een verduidelijking is opgenomen dat op eerste verzoek inzage wordt gegeven en dat ook duidelijk is gemaakt dat dit aan het college zal zijn. Blijft het feit dat HBR Advocaten in het memo heeft opgenomen dat er nog verdere verduidelijkingen of verfijningen mogelijk zijn. Het is niet duidelijk uit het memo van het college of dit ook verfijningen zijn die worden opgenomen in een aanvullende overeenkomst en dat zou dus een punt van aandacht kunnen zijn. Dan amendement 9H over de publieke toegankelijkheid in de anterieure overeenkomst. HBR Advocaten heeft daarvoor een aantal suggesties gedaan. Ook hier heeft het college een reactie opgesteld waarvan het op dit moment moeilijk is te beoordelen of dit een onderdeel is van nadere afspraken of een aanvulling op de afspraken of dat dat buiten de afspraken blijft. Wellicht kan daar nog duidelijkheid over komen. Wat betreft de paragraaf die het college heeft geformuleerd wordt opgemerkt dat daar nog veel open normen in staan en dat er daarmee nog veel onduidelijkheid kan zijn. De vraag of daarmee het amendement op de juiste wijze en volledig is ingevuld kan niet onmiddellijk met ja worden beantwoord.

Mevrouw DE BOER zegt dat het college bij amendement 9I over waarborgen maatregelen natuurcompensatie terecht constateert dat HBR Advocaten heeft gezegd dat de waarborgen in zijn geheel concreet en handhaafbaar zijn maar dat er nog wel een aanpassing wordt gezien in de voorschriften van het bestemmingsplan en dat komt erop neer: 3 artikelen verwijzen naar de bijlage voor de maatregelen die nodig zijn in het kader van natuurontwikkeling, 2 van de 3 zeggen dat de maatregelen worden uitgevoerd en 1 van de 3 zegt dat de maatregelen moeten zijn uitgevoerd binnen een bepaalde periode en aangeraden wordt om de redactie van de 3 artikelen gelijk te laten luiden en om dan het woord ‘zijn’ te gebruiken en niet het woord ‘worden’. Voor het gemak wordt verder verwezen naar pagina 12 van het advies van 28 januari jongstleden. Daar zijn de artikelnummers genoemd 8.4.3, 3.4.2 en 4.4.1 waarvan wordt aangeraden om de redactie nog wel even helemaal gelijk te laten lopen. Mevrouw RAAIJMAAKERS merkt ten aanzien van amendement 9J op dat HBR Advocaten had vastgesteld dat de rol van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wel opgenomen is in de anterieure overeenkomst maar dat dit niet is uitgewerkt in concrete afspraken. Het college is van mening dat daar op zich geen noodzaak toe is omdat er al in de subsidiebeschikking voldoende waarborgen zijn opgenomen.

Dat klopt maar dat is ten aanzien van de provincie en dat de gemeente daar niet op zich een rol heeft is ook weer juist want de naleving van die subsidiebepalingen ligt ook primair bij de provincie. HBR Advocaten kan zich indenken dat het college het hierbij laat en dat het wordt gezien als een doublure als dat nog verder zou worden verfijnd in de anterieure overeenkomst. Ten aanzien van het vervallen van de concerngarantie. Die wordt weer opgenomen en dat is positief. Mede naar aanleiding van de vragen die zijn gesteld in verband met de mogelijke consequenties van het arrest Didam op de anterieure overeenkomst en het bestemmingsplan. Het arrest Didam ziet op verkoop door overheden van grond in dit geval. Er is hier sprake geweest van verkoop niet door de gemeente maar door de rijksoverheid en het Rijksvastgoedbedrijf. Dat betekent vanuit een privaatrechtelijk oogpunt dat de gemeente niet direct geraakt wordt door de uitspraak van de Hoge Raad in het Didam arrest. De vraag is wel mogelijk of er aandachtspunten zijn in relatie tot de vaststelling van het bestemmingsplan. Mevrouw DE BOER vindt het belangrijk dat de raad in het debat even stilstaat bij het feit dat het arrest Didam op basis van de huidige jurisprudentie ziet op het civielrechtelijke vlak en op dit moment in de jurisprudentie dit geen rol speelt als het gaat om ruimtelijke ontwikkeling en de raad

heeft hier te maken met een ruimtelijk plan. Kan dit plan in ruimtelijk opzicht ontwikkeld worden en is dat wel of niet wenselijk in het kader van de ruimtelijke ordening? In dat kader speelt op dit moment het arrest van Didam nog geen rol. Stel bijvoorbeeld dat het bestemmingsplan ziet op gronden van een ander die nog onteigend zouden moeten worden, dan is dat ook geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan want de gemeente kijkt in het kader van de ruimtelijke ordening van wat willen we bereiken met de invulling van deze gronden. Het is wel belangrijk dat de raad zich er rekenschap van geeft dat in het kader van de ruimtelijke ordening dit als onderbouwing aan de vaststelling van het bestemmingsplan ten grondslag ligt en dat dit dus kan worden teruggelezen, bijvoorbeeld in de notulen van de vergadering. De heer JONKERS merkt op dat Staatsbosbeheer de grond verkoopt aan een civiele partij en is het dus een civielrechtelijke rechtshandeling en daar is het arrest op van toepassing. Het is niet zozeer van toepassing op de gemeente maar het heeft wel mogelijk consequenties voor het bestemmingsplan. Het zou kunnen zijn dat die overeenkomst wordt vernietigd of nietig wordt verklaard en dat betekent dat het plan zoals dat aan de raad wordt voorgelegd geen doorgang kan vinden.

Is dit een juiste conclusie of is hier een andere oplossing voor? Als dat risico er is, zijn er dan nog mogelijkheden om het te repareren? Bijvoorbeeld kan de overeenkomst ontbonden worden en kan de verkoop opnieuw worden gedaan en dan wel, zoals de Hoge Raad heeft aangegeven, het van tevoren duidelijk kenbaar wordt gemaakt, gepubliceerd en gemotiveerd? Mevrouw DE BOER herhaalt dat de gemeente in dit geval kijkt naar de ruimtelijke ordening en of zij dit wel of niet wil laten ontwikkelen. Stel dat de gemeente een bepaalde nieuwe bestemming legt op gronden die van een eigenaar zijn die niet wil dat dat plan daar wordt ontwikkeld, dan heeft de gemeente de mogelijkheid om te onteigenen. Stel dat Staatsbosbeheer die gronden niet mag verkopen, dan kan het nog zo zijn dat Staatsbosbeheer wel wil meewerken aan de ontwikkeling van het plan en stel dat Staatsbosbeheer op enige manier zou worden gedwongen, waarschijnlijk komt het niet zover, om het te verkopen aan een ander die niet wil dat deze ontwikkeling daar plaatsvindt, dan kan de gemeente gaan onteigenen. In het kader van de ruimtelijke ordening kan op dit moment worden geconcludeerd dat het plan in zijn geheel uitvoerbaar kan zijn. Mevrouw RAAIJMAAKERS zegt dat hier inderdaad Staatsbosbeheer verkoopt en niet het Rijksvastgoedbedrijf zoals eerder abusievelijk is gezegd.

Als de ruilovereenkomst wordt geanalyseerd is dat ten eerste een analyse ten behoeve van Staatsbosbeheer en niet ten behoeve van de gemeente omdat de gemeente hierin geen partij is. De gemeente zal hier niet makkelijk in betrokken kunnen worden omdat het een privaatrechtelijk gebeuren is. Het risico dat de overeenkomst wordt aangetast is niet erg groot want dat zou betekenen dat er een serieuze andere gegadigde moet zijn en die moet van goede huize komen want die moet over de hobbel heen dat er al een selectieprocedure heeft plaatsgevonden ten aanzien van de verkrijging van de omliggende grond waar het hier om gaat. Vervolgens moet die andere serieuze gegadigde laten zien dat die een vergelijkbare grondpositie heeft als de MBE waarmee in dit geval de transactie plaatsvindt en dat is een grote uitdaging. Natuurlijk kan er altijd een partij opstaan die hier kansen ziet voor zichzelf en vindt dat die die kansen moet proberen te verzilveren. Dat zal dan buiten de gemeente plaatsvinden en daar hoeft de raad niet primair het gewicht op te leggen. De heer JONKERS begrijpt dat een eventuele vernietiging van die overeenkomst geen gevolgen heeft voor de gemeente maar als die overeenkomst wordt vernietigd zal dat grote vertraging tot gevolg hebben want dan moet het proces opnieuw worden gedaan.

Is er een mogelijkheid om dit nu nog te repareren om te voorkomen dat er lange rechtszaken en grote vertragingen komen?

Mevrouw RAAIJMAAKERS wijst erop dat de geleerden het er nog niet over eens zijn wat de gevolgen zijn als zo’n rechtsovereenkomst wordt aangetast. Het kan ontbinding of vernietiging zijn et cetera. Het is mogelijk een risico van vertraging in het kader van de uitvoering van het bestemmingsplan maar dit risico is er naast andere risico’s en de raad moet dit niet als een materieel serieus risico zien waar de raad ineens rekening mee moet gaan houden. Het kan zijn dat er goed beoordeeld wordt dat de partij waarmee Staatsbosbeheer deze grondtransactie aangaat de enige serieuze gegadigde is. Als dat goed wordt onderbouwd, en spreker heeft daarover een brief van Staatsbosbeheer gezien die geheel kan worden onderschreven, is dat een voldoende onderbouwing voor het aangaan van deze transactie. Daarmee is een basis gelegd om ook met deze invulling het bestemmingsplan vast te kunnen stellen met alle andere risico’s die daar ook aan verbonden zijn. De heer JONKERS vraagt of er reparatiemogelijkheden zijn.

De Hoge Raad stelt dat het overheidsorgaan zijn voornemen tijdig voorafgaande aan de verkoop bekend dient te maken en dat dit moet gebeuren op een wijze waarvan iedereen kennis kan nemen en het overheidslichaam dient te motiveren waarom het naar zijn oordeel met de hiervoor bedoelde criteria bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat er slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt. Uit de beantwoording van het college kan worden afgeleid dat dit niet is gebeurd. Daarom de vraag of er mogelijkheden zijn om dit te repareren zoals bijvoorbeeld het ontbinden door beide partijen van de overeenkomst en het opnieuw volgen van deze procedure omdat dit wellicht een half jaar kost en een procedure de gemeente al snel 3 jaar of meer gaat kosten? Mevrouw RAAIJMAAKERS is het niet bekend of dit al een aangegane en ondertekende overeenkomst is en of voorafgaande het voornemen tot het aangaan van deze transactie überhaupt nog kenbaar kan worden gemaakt. Als de overeenkomst al is ondertekend is het feitelijk niet meer mogelijk om voorafgaand aan het aangaan van deze transactie de transactie kenbaar te maken. Wat wel kan is dat hier goed wordt gemotiveerd waarom MBE de enige serieuze gegadigde is die zich heeft aangediend. Ontbinding van de overeenkomst is theoretisch een mogelijkheid maar de vraag is of dat gaat helpen in deze situatie.

Er moeten 2 partijen nodig zijn voor deze ontbinding. Vervolgens zal een voornemen kenbaar moeten worden gemaakt en worden gepubliceerd en dan zal in feite op dezelfde wijze als nu wordt onderbouwd in de brief van Staatsbosbeheer worden aangegeven waarom de MBE als enige serieuze gegadigde in aanmerking komt. Dan is er sprake van de uitzonderingssituatie die de Hoge Raad heeft genoemd dat er geen mededinging hoeft te zijn en dan hoeft ook niet de selectieprocedure plaats te vinden. De onderbouwing die Staatsbosbeheer heeft gegeven moet op zich voldoende zijn zonder dat er nog allerlei kunstgrepen nodig zijn. Mevrouw DE BOER wijst erop dat de raad kijkt in het kader van de ruimtelijke ordening van gaan we dit bestemmingsplan wel of niet vaststellen en als de raad zou willen wachten op civiele acties die derden mogelijk zouden willen ondernemen tegen de verkoop van de grond tussen 2 andere partijen is dat geen haalbare kaart. De raad gaat een besluit nemen en of dat nu positief of negatief is, daar zal tegen worden geprocedeerd bij de Raad van State. Dan is er een jaar verlopen en tegen die tijd is er meer duidelijkheid of er überhaupt om ontbinding of vernietiging van die overeenkomst gevraagd gaat worden. De heer EIJBAARD merkt op dat de Hoge Raad zegt dat er toetsbare en objectieve en redelijke criteria moeten zijn die niet toegeschreven mogen worden naar één partij.

De uitspraak zegt ook dat het feit dat een partij misschien als enige een grondpositie daarin heeft hoeft niet per definitie te betekenen dat je dan ook de enige aangewezen partij hebt. Is dit nu juist geen reden om het opnieuw te doen en om alle schijn daarin weg te halen?

Mevrouw RAAIJMAAKERS zegt dat de gemeente dan voor 100% zekerheid gaat maar de vraag is of de MBE daarin mee wil gaan want die gaat een positie opgeven met alleen maar onzekerheden in het vooruitzicht. Als het gaat om de criteria objectief, redelijk en toetsbaar, dat klopt maar dan mag je nog steeds de grondpositie die er is met de mogelijkheden die er zijn om een bestemming te realiseren meenemen. Het zal echt een uitdaging zijn voor een andere serieuze gegadigde om zich te kunnen manifesteren als zijnde in een gelijkwaardige positie. Voor die beoogde 100% risicovrij zijn er veel risico’s bij de betrokken contractpartijen en de vraag is of het belang waar de raad voor staat daar volledig mee gediend is. Dat is niet in evenredigheid met elkaar. De heer JONKERS merkt op dat de partijen die hierbij zijn betrokken vanavond meeluisteren en dat spreker vanavond zijn taak als controlerend raadslid heeft uitgevoerd. Mevrouw KOENDERS memoreert dat amendement 9J gaat over de kwaliteitseisen voor de restauratie. HBR Advocaten lijkt de aanbeveling van het college te kunnen volgen maar zijn er anderszins instrumenten om nakoming af te dwingen zoals een concerngarantie of een boetebeding? Mevrouw DE BOER geeft aan dat er een boetebeding staat in de overeenkomst met de provincie voor als er niet tijdig wordt gerestaureerd.

In de subsidiebeschikking van de provincie is opgenomen dat het binnen 10 jaar moet worden gerealiseerd en bij gebrek daarin kunnen de subsidiegelden weer worden teruggevorderd. Mevrouw KOENDERS begrijpt dat de reactie van het college een werkzame suggestie is die is meegegeven. Mevrouw DE BOER zegt dat dit inderdaad wordt aangegeven. De heer VAN WIJK merkt ten aanzien van het amendement op dat de gemeente streeft naar een uitvoeringsverplichting en dat kan meer belang hebben commercieel en financieel dan het boetebeding van de provincie om niet voor de subsidie in aanmerking te komen. De versterking zou er moeten zijn dat die uitvoeringsverplichting er ligt en met een andere garantie dan de uitvoeringverplichting of de boete in de subsidie. Mevrouw DE BOER zegt dat de uitvoeringsverplichting in de voorschriften van het bestemmingsplan is opgenomen en daarin staat dat er überhaupt pas gekapt mag worden als er al 3 maanden daarvoor met de restauratie is begonnen en dan mag ook pas met woningbouw worden begonnen. Er liggen dus in het bestemmingsplan handhaafbare voorschriften op grond waarvan de restauratie uitgevoerd moet worden. De heer BLOKKER heeft begrepen dat het Didam arrest geen rol speelt en dat dus volgende week tot vaststelling van het bestemmingsplan kan worden overgegaan.

Vorige week heeft een groot aantal insprekers ervoor gekozen om geen gebruik te maken van hun recht om in te spreken en dat is vervelend maar dat is hun vrije keus. Uit de media wordt begrepen dat deze insprekers zich niet gehoord voelen en dat er niet naar hen geluisterd wordt maar horen en luisteren is wat anders dan gelijk krijgen. In de loop van het hele proces is veel aangepast juist naar aanleiding van de inspraak of vanwege opmerkingen vanuit de klankbordgroepen. Na vele jaren lijkt er een eind te komen aan de procedurele zaak maar er volgt waarschijnlijk nog een juridische strijd. Of Voor Baarn volgende week voor gaat stemmen wordt nog even in het midden gelaten, juist ook omdat vandaag een en ander weer in een nieuw en ander perspectief is gezet. Bij de behandeling van het bestemmingsplan heeft de fractie zorgen uitgesproken over de oversteek van de Parade naar het Paleis en vice versa. Deze zorgen zijn helaas niet weggenomen, mede door de

starre houding van de provincie die onder geen beding mee wil betalen als de gemeente Baarn niet ook een duit in het zakje doet. Hoe groot dat bedrag zou moeten zijn is nog steeds niet duidelijk. De door de fractie in september ingediende motie heeft dus niet het gewenste effect gehad. Door diverse deskundigen wordt aangegeven dat de gelijkvloerse oversteek veilig genoeg is maar natuurlijk is het veiliger door een ongelijkvloerse oversteek. Het is nu de afweging voor de fractie of je daarvoor een heel plan moet laten stranden. Er kan ook worden gezocht naar een oplossing die niet nodeloos vertraging oplevert. Waarom niet een tijdelijke brug? Een tunnel kan niet tijdelijk. Een zebrapad kan altijd nog en in de tussentijd kun je bedenken en meten wat echt het beste is. Soms zit de oplossing in de eenvoud en in dit geval is als voorbeeld de brug bij Lowlands gegeven. Voor Baarn heeft een bruggenbouwer gebeld en die gaf aan dat het technisch mogelijk is en dat de kosten ongeveer op 1,5 ton per jaar komen. De brug is dan toegankelijk voor voetgangers, mensen met de fiets aan de hand maar ook voor mindervaliden en rolstoelgebruikers. Ook de MBE wil graag medewerking verlenen aan deze tijdelijke oplossing en is er zelfs enthousiast over.

Ook is contact gezocht met de wethouder en die heeft aangegeven dat zal worden uitgezocht in welke vorm dit moet worden gegoten om een en ander ook procedureel te borgen. De wethouder heeft ook toegezegd dat hij het alvast voor gaat leggen aan de provincie. Al met al lijkt het een oplossing die haalbaar is en inzicht kan geven in wat het beste is als permanente oplossing. Volgende week ligt er hiervoor waarschijnlijk een amendement. De heer KOUDSTAAL zegt dat in de afgelopen 3 jaar door de BOP en vele anderen aandacht is gevraagd voor de bedreiging die flora en fauna binnen het NNN-gebied en omwonenden te wachten staat als de plannen van de MBE bewaarheid worden. Een petitie op Petitie.nl heeft zelfs 5400 steunbetuigingen opgeleverd. De BOP kon zich in 2017 nog vinden in de relatief bescheiden opzet van de projectontwikkelaar voor het landgoed. Het voorliggende bestemmingsplan verhoudt zich echter volstrekt niet meer tot het plan Made by Holland. Dat kwam voor het eerst bij de presentatie van het ruimtelijk kader Landgoed Paleis Soestdijk helder aan het licht. De gemeenteraad besloot toen om het ruimtelijk kader niet te behandelen en het college kreeg middels een motie de opdracht mee om met een beperkt voorontwerp bestemmingsplan terug te komen bij de raad.

Al snel na het afwijzen van het ruimtelijk kader is duidelijk geworden dat er voor de gemeenteraad geen goed garen te spinnen was bij de behandeling van het dossier. Het college, de provincie, de rijksoverheid en de MBE hebben maar één doel voor ogen, namelijk het slagen van het opgeschroefde plan Made by Holland. Daarom heeft de BOP zich in de zomer van 2020 helder uitgesproken tegen het ontwerpbestemmingsplan. Het bestemmingsplan dat nu voorligt wijkt nog steeds evident af van het oorspronkelijke plan en ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan van september is er slechts sprake van wat cosmetische aanpassingen. Indien de voornemens van de projectontwikkelaar bewaarheid worden zal dit uiterst negatief uitpakken voor flora en fauna levend op het binnen het Natuurnetwerk Nederland gelegen landgoed dat immers wordt opgezadeld met een grote hotelvoorziening aan de rand van het Baarnse Bos, jaarlijks tot 40 grote evenementen met 5000 bezoekers per evenement waarvan 12 met zware geluidsbelasting, kleinere al dan niet besloten evenementen die in principe dagelijks kunnen plaatsvinden, de nieuwbouw van een oude toren voor 300 bezoekers in het rijksmonumentale paleispark en de komst van een woonwijk met 28 appartementen in het Borrebos. De kwetsbare natuurwaarden van het landgoed zullen te maken krijgen met onherstelbare aantastingen.

Het is dan ook onbegrijpelijk dat de raad en het college in een partnerschap met de rijksoverheid en de provincie de belangen van een projectontwikkelaar laten prevaleren boven die op het landgoed voorkomende flora en fauna. Voorts zullen omwonenden overlast tot in de verre omgeving van het paleisgebouw gaan ervaren. Dit is het laatste raadsdebat waar spreker aan deelneemt. Bij de algemene beschouwingen in 2006 pleitte hij tevergeefs voor een museale invulling van Paleis Soestdijk. Toen kon nog niet worden bevroed dat jaren later de rijksoverheid met een vertegenwoordiger van het college aan tafel Paleis

Soestdijk in handen zou geven aan een projectontwikkelaar. De wijze waarop dit is gebeurd heeft er mede toe bijgedragen dat zijn vertrouwen in de politiek ernstig is geschonden en dat hij volgende maand afscheid gaat nemen van het politieke toneel. Als betrokken inwoner zal hij de natuurbelangen van het landgoed stevig blijven verdedigen. De heer EIJBAARD heeft begrip voor alle insprekers die vorige week niet zijn gehoord. Het participatieproject in dit dossier is mislukt. Daarom moet aan de rekenkamer worden gevraagd om te onderzoeken hoe dit participatieproject is gelopen en welke punten hieruit kunnen worden geleerd. Ondersteunen de andere fracties dit pleidooi? In september sprak hij over de MER-beoordeling en toen verzekerde de wethouder dat het op dit punt Raad van State-proef zou zijn. Ondertussen is de MER-rapportage aangepast en zijn er meerdere categorieën in ogenschouw genomen zoals een afweging op de categorie D.10 hotel, het beperken van vuurwerk. De reactie van de wethouder op zijn amendement was dat door dit toe te voegen gaan we een heldere inperking die we al hebben gedaan rondom evenementendagen en vuurwerk doen. Wij ontraden dat. Toch is in het voorliggende bestemmingsplan vuurwerk niet mogelijk. Eerst wordt stellig gezegd dat een voorstel ontraden wordt en dat blijkt 4 maanden later heel anders.

De wethouder maakt met zijn stelligheid een discussie vooraf dood en daarmee krijgt het onderlinge debat geen vorm. In het voorliggende stuk is het aantal bezoekers aan evenementen teruggebracht tot 325.000 maar daar vallen niet alle evenementenbezoekers onder want volgens het antwoord van de wethouder waren die al mogelijk in het vorige bestemmingsplan. Deze uitbreiding van het aantal evenementen is mogelijk gemaakt via het aanpassen van de APV in 2019 en 2020. Een voorstel waarin werd gesproken over evenementen 400 m vanaf de Amsterdamsestraatweg. Het vigerende bestemmingsplan had geenszins de intentie om grootschalige evenementen en een evenementenpark mogelijk te maken op Soestdijk. Voor een concrete berekening moeten alle bezoekers onderdeel zijn, dus ook die van de evenementen, en het aantal bezoekers moet hiermee naar boven worden aangepast en de berekeningen dienen opnieuw te worden uitgevoerd. Zijn de andere fracties het daarmee eens? Op het landgoed staan een aantal monumentale huisjes en volgens het voorliggende bestemmingsplan mogen die straks enorm worden uitgebreid. Deze huisjes moeten echter blijven zoals ze zijn en er dient in de regels te worden opgenomen dat de bestaande bebouwing gerespecteerd blijft. Ineens is er bij de stukken een onderzoek uit 2019 met allerlei verwijzingen naar een eerdere versie die de raad nooit heeft gezien.

De concerngarantie is ineens uit de anterieure overeenkomst. Vorig jaar heeft de raad blijkbaar een foute plankaart vastgesteld. Dat wordt nu hersteld maar daar is door inwoners geen inspraak op geweest omdat de voortuin niet als evenementenzone stond genoteerd. Inwoners leven dus in de veronderstelling dat dit er niet meer toe behoorde, zeker ook omdat er een extra evenementenzone langs het Wilhelminachalet gecreëerd is. Vinden de andere fracties ook dat hiermee de inspraak voor inwoners is geschonden en dat op dit punt de procedure opnieuw moet? Wat betreft het Didam arrest. Bij de verkoop van onroerende zaken moet een overheidslichaam mededingingsruimte bieden en het overheidslichaam moet de koper selecteren aan de hand van objectieve, toetsbare en redelijke criteria. Ook als redelijkerwijs maar één koper mogelijk is moet aan de hand van deze criteria blijken dat eventuele andere gegadigden niet in aanmerking komen. Ondanks dat wat de wethouder in zijn beantwoording meldt is er hier wel degelijk een aankoop van grond. Dit kan ruilen worden genoemd maar uiteindelijk wordt er een bedrag van ruim een half miljoen euro door de MBE overgemaakt aan Staatsbosbeheer. In de gesloten overeenkomst staat ook dat de partijen onderling hebben geregeld dat mocht het ooit komen tot verkoop van het paleisbos Staatsbosbeheer het eerste recht van koop heeft.

Zo is het landgoed eigenlijk al opgedeeld voordat de gemeente een bestemmingsplan heeft vastgesteld.

De toekomst van de planontwikkeling en de restauratie staat of valt met de bouw van woningen op het Alexanderkwartier. Op welke manier heeft de wethouder zich de afgelopen weken ervan vergewist dat het Didam arrest geen enkele invloed heeft op het tijdspad? Het is goed om straks nog met elkaar te spreken over de opbrengsten van het Alexanderkwartier, de verkeerssituatie op de Amsterdamsestraatweg in relatie tot een tunnel of een tijdelijke brug en de publieke toegankelijkheid. De heer VAN WIJK begrijpt uit het advies van HBR Advocaten wat betreft het Didam arrest dat het medicijn waarschijnlijk zwaarder is dan de mogelijke ziekte. Daarom hoeft niet tot reparatie te worden overgegaan. Het CDA blijft positief over het plan maar blijft ook de vinger aan de pols houden. Er is met veel verschillende belangen rekening gehouden en dit heeft geleid tot een groot aantal aanpassingen. De groep kritische omwonenden en stichtingen hebben zich middels een persbericht beklaagd dat zij onvoldoende zijn gehoord en door de raad zijn genegeerd maar dit is niet alleen onjuist maar het raakt ook de integriteit van de raadsleden. Het is de taak van de gemeenteraad om belangen af te wegen en daarbij worden mensen soms teleurgesteld maar je zin niet krijgen is iets anders dan genegeerd of onvoldoende gehoord te worden.

Baarn is trots op de vele cultuurhistorische monumenten en die moeten worden gekoesterd. Niet door er vanaf te blijven en niets te doen en de boel laten verpauperen. Ook niet door van Baarn een openluchtmuseum te maken maar door die mooie plekken goed op te knappen en te onderhouden en door er een bestemming aan te geven die past bij vandaag. Paleis Soestdijk wordt een plek waar getoond kan worden hoe belangrijk het is om ons erfgoed te bewaren en waar het ook om innovaties in de toekomst draait. De fractie is bezorgd over de verkeerssituatie voor het paleis op de Amsterdamsestraatweg. Daar zal echt iets moeten gebeuren en de provinciale en landelijke CDA-fractie zijn gevraagd om hierover mee te denken. Het ideaal is een verdiepte ongelijkvloerse Amsterdamsestraatweg en spreker roept de andere partijen in de raad met provinciale en landelijke fracties op om deze lobby ook landelijk te voeren maar CDA Baarn is ook nieuwsgierig naar de tijdelijke oplossing die Voor Baarn aandraagt. Veel onzekerheden zijn er nu afgeschermd door waarborgen en afspraken maar niet elke onevenwichtigheid kan worden weggewerkt voordat er begonnen is aan de renovatie. Er kunnen nog heel veel vragen gesteld worden. We mogen niet vervallen in analyseerverlamming. Het is tijd voor actie.

Naar aanleiding van de inspraak van de scouting nog de vraag aan het college wat de reden is dat er niet meer dan een meter gebouwd mag worden voor het spitser maken van het dak en de extra bouwlaag van het nieuwe clubhuis? Mevrouw VAN OTTEN merkt op dat veel insprekers er voor kozen om deze keer niet in te spreken omdat ze zich machteloos voelen. De gemeente heeft zich laten gijzelen door een plan waar iedereen in meer of mindere mate zijn bedenkingen bij heeft maar de gemeenteraad van Baarn voelde zich bij de behandeling van het ontwerpbestemmingsplan niet bij machte om dit adequaat bij te sturen. Het algemeen belang is niet gediend met dit plan. GroenLinks zal daarom wederom vol overtuiging tegen het voorstel stemmen. De keuze voor Made by Holland is gemaakt door het Rijk. De raad kan haar best doen om hier en daar het plan wat bij te schaven maar het blijft een veelkoppig monster. Sommige partijen hebben de maat vol over de Baarnse maat, het mag vooral niet te grootschalig zijn maar hier worden alle grenzen van wat passend is bij Baarn overschreden. Een opeenstapeling van activiteiten waaronder een hotel van 120 kamers, grootschalige woningbouw, evenementen. Het blijft te veel en is niet passend voor deze plek. De raad heeft de verantwoordelijkheid om op te komen voor wat goed is voor de inwoners en voor toekomstige generaties.

Dat is ook waar verschillende insprekers om vragen en dan past het niet om een gepassioneerde zienswijze af te doen met een formele reactie dat het echt allemaal mag volgens

de regels. Er zijn plannen gemaakt om de natuur robuuster te maken en een belangrijk onderdeel daarvan is de ecologische hoofdstructuur, inmiddels omgedoopt tot Natuurnetwerk Nederland. De uitgangspunten zijn het verbinden en versterken van veelal versnipperde natuur. Een aantasting van de natuur door bovengenoemde ontwikkelingen op zo’n belangrijke schakel in het Natuurnetwerk heeft een enorme impact op de omgeving en verzwakt daarmee het netwerk. Dat kan niet worden gecompenseerd met de voorgestelde maatregelen. Het beleid rondom evenementen blijft ondoorzichtig en de grenzen worden steeds weer opgerekt. GroenLinks zal volgende week tegen het voorstel stemmen maar waar mogelijk proberen een en ander bij te schaven. Mevrouw KOENDERS stelt dat de gemeenteraad zich beter vanaf het begin van het proces juridisch had kunnen laten bijstaan want dat had de raad de mogelijkheid gegeven om de regierol te kunnen nemen voor alle voorliggende vraagstukken. Inmiddels heeft HBR Advocaten uitstekend werk gedaan en spreker doet een beroep op de dames De Boer en Raaijmaakers om toe te zien op een correcte juridische afhechting. Het bleek lastig om inspraak en participatie zorgvuldig in de praktijk te brengen maar door een grote betrokkenheid en inzet van klankbordgroepen werd een kritische maar constructieve bijdrage geleverd.

Veel inwoners van Baarn droegen hun steentje bij aan de nadere uitwerking voor een solide toekomst van het paleis. De schaal van het plan is meer teruggebracht naar de Baarnse maat. Niet alleen ambtenaren, bestuurders, instellingen, inwoners hebben hierbij veel inzet getoond maar dat geldt ook voor de MBE. De MBE maakt straks onderdeel uit van de gemeente Baarn en haar inwoners en bevindt zich ook tussen de inwoners van Soestdijk en Soest. Bij al haar besluiten moet ze zich dus onderdeel van de omgeving voelen en het beste daarmee voor hebben. Dan zal de toekomst van het landgoed duurzaam blijken te zijn. De heer BRUINS constateert dat er sprake is van hoog oplopende emoties, pittige discussies en grote verschillen van inzicht en beleving. De weg naar een nieuwe toekomst van Paleis Soestdijk is op een dunne evenwichtsbalk en het is moeilijk om daar de balans te houden tussen ruimte geven aan nieuwe kansen en het beschermen van de kostbare natuur, tussen nieuwe activiteiten en de ruimte voor rust. Iedereen in Baarn koestert Soestdijk als waardevol en een kostbaar geheel van de eigen identiteit. Het debat kan in alle vrijheid worden gevoerd hoewel het soms voelt alsof er niet naar je geluisterd wordt. De raad kan dat gevoel niet altijd wegnemen want de Baarnse raad heeft een keus te maken over het bestemmingsplan.

Er is sprake van een bestemmingsplan waar ruimte wordt geboden aan cultuur, natuur, aan eenvoud en luxe, aan activiteiten en rust. Het doet recht aan kwetsbare waarden en lastige dilemma’s. Het geeft de eigenaar de ruimte om Soestdijk te laten zijn wat het is, een etalage voor wie wij als Nederlanders en als Baarnaars zijn. Het bestemmingsplan legt de lat heel hoog, namelijk een duurzaam paleis, natuurinclusief bouwen en een blijvende harmonieuze relatie met alle Baarnaars en de Soester buren. Het paleis gaat niet echt direct op slot als de 350.000e bezoeker over de drempel is gestapt en de belasting van de natuur is niet al op voorhand tot een minimum teruggebracht en het verkeer zal de komende tijd nog echt niet veilig genoeg zijn. De eigenaar zoekt echter oprecht naar een goed evenwicht tussen een gezonde bedrijfsvoering en de kosten van alle emoties en de natuur. Daarom kan worden ingestemd met het voorliggende bestemmingsplan en MBE krijgt daarbij de opdracht om bij de verdere uitwerking steeds uit te gaan van het versterken van de natuurwaarden en van de lokale relaties. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat het bestemmingsplan tot stand is gekomen door samenwerking van alle betrokken partijen en de VVD hecht grote waarde aan de juridische adviezen daarbij van HBR Advocaten. Er is op de weg naar dit bestemmingsplan aanzienlijk veel aangepast en bijgeschaafd.

Vaak moesten de partijen en ook MBE terug naar de tekentafel en ook de klankbordgroepen, omwonenden en anderen hebben volop hun mening kunnen geven. Er is goed

geluisterd naar de vele meningen zoals aanscherpingen van bezoekersaantallen, woningbouw, natuurcompensatie, parkeervoorzieningen, niveau van renovatie, verkeer, de scouting enzovoort. Niet iedereen kreeg zijn zin zoals dat gaat in een democratisch proces. MBE heeft zich laten kennen als een toegewijde eigenaar van het landgoed en het paleis die zeer bereid is om te luisteren naar de vele eisen en daaraan tegemoet te komen. Voor Baarn is het goed dat er weer leven in het paleis komt, dat het paleis gerenoveerd wordt, het park openbaar toegankelijk en Baarn daarmee op de kaart. De VVD staat positief tegenover het bestemmingsplan maar kijkt nog wel uit naar het verkeersrapport van de provincie om de gehele Amsterdamsestraatweg aan te pakken. De heer JONKERS geeft aan dat tegen het decor van een roemrijk verleden Paleis Soestdijk een duurzame nieuwe rol krijgt als landingsplek voor de Nederlandse industrie en innovatie. Veel jongeren en oudere jongeren kijken uit naar Royal Park waar dit jaar veel bekende artiesten op de planning staan. Beleving, cultuur en educatie en dat ziet D66 graag. Er is echter ook een prijskaartje want een historisch bos gaat verloren ten koste van de bebouwing midden in het bos. Het wordt heel druk en mogelijk te druk op de provinciale Amsterdamsestraatweg met als risico dat de bereikbaarheid van Soest in gevaar komt.

Dit is echter een verantwoordelijkheid van de provincie die het verlagen van de snelheid als de oplossing voor alle problemen ziet. De fractie moet dit nog zien en zal dit nauwlettend in de gaten houden maar er moet gezamenlijk voor worden gezorgd dat de weg niet pas wordt aangepast als het kalf al is verdronken. Activiteiten geven gezellig geluid maar ook storend geluid voor de omwonenden. Die zitten niet te wachten op geluidsoverlast. Een vastgesteld aantal activiteiten, strikte handhaving en eventueel een aanpassing van de APV zijn hier van belang. Ook een hotel met maar liefst 120 kamers is onderdeel van het prijskaartje. Er is wel sprake van enige korting want er zijn ook voordelen als werkgelegenheid, opbrengsten en de toeristenbelasting. Dan zijn er ook nog de opdrachten voor de plaatselijke ondernemers. De fractie heeft goed geluisterd naar alle inwoners en de eigen achterban die in meerderheid positief tegenover dit plan staat. D66 is voornemens om dit lange uitgebreide traject positief af te sluiten. D66 doet graag mee aan het meedenken over oplossingen en daarvoor gaat geen brug te ver, meneer Blokker. De VOORZITTER schorst de vergadering. De VOORZITTER heropent de vergadering. Wethouder JANSMA legt uit dat de opbrengst van het Alexanderkwartier een onderdeel is van de anterieure overeenkomst. Daar is een tekstvoorstel voor in de anterieure overeenkomst.

De publieke toegankelijkheid gaat niet buiten de afspraken om benoemd worden. Het is een onderdeel van de nieuw op te stellen anterieure overeenkomst. De 3 redacties over de natuurcompensatie in het bestemmingsplan zullen worden gelijkgetrokken in de zin dat het woord ‘zal zijn’ wordt gehanteerd. De heer EIJBAARD wijst erop dat de zinsnede over de opbrengst van het Alexanderkwartier zoals die door het college is voorgedragen sterk afwijkt van het advies van HBR Advocaten. HBR heeft op een aantal punten gezegd dat je voor een bepaald percentage zou kunnen gaan maar die zijn er niet in opgenomen. Is dat hele stuk besproken met de MBE en wat was hun reactie? Als de raad toch voorstelt om voor een bepaald aantal zaken percentages op te nemen, wat betekent dat dan voor de anterieure overeenkomst?

Wethouder JANSMA geeft aan dat alle suggesties van HBR Advocaten van 2 weken geleden zijn doorgenomen met de betrokken partijen en dit is de conclusie die de gemeente en MBE daaruit getrokken hebben. Als de gemeenteraad hier anders over denkt moet daarvoor een amendement worden ingediend en dat betekent dat dan op basis daarvan de anterieure overeenkomst wordt aangepast. In de onderzoeken ten aanzien van verkeer zijn er steeds 4 elementen die een rol spelen bij de afwegingen over veiligheid, doorstroming, natuur en cultuurhistorie. Vanuit dat perspectief is door de provincie als wegbeheerder gezegd dat een zebrapad in de afweging van die 4 elementen de beste oplossing is, namelijk veilig en aanvaardbaar. De uitvoerbaarheid van andere maatregelen zoals een tunnel of een brug stuit op een aantal bezwaren die gaan over natuur en cultuurhistorie. Uiteindelijk neemt de wegbeheerder daar het besluit over. Voor Baarn komt nu met een tijdelijke oplossing en die is niet zo slecht want morgen zal dat zebrapad sowieso niet worden aangelegd want het is ook nog niet nodig. Ook die tijdelijke brug is nog niet nodig. In het bestemmingsplan dat voorligt wordt het parkeren nu geconcentreerd aan de zijde van het paleis en niet meer aan de zijde van de Parade.

Er mag niet meer geparkeerd worden op de Praamgracht en dat betekent dat een aantal verkeersbewegingen ook wat minder zal zijn ten opzichte van eerdere uitgangspunten. Bovendien gaat die oversteekbaarheid plaatsvinden op het moment dat mensen vanuit het Paradeterrein naar de overkant willen, namelijk op het moment dat er iets op de Parade te doen is of mensen er hebben overnacht of iets gegeten en ze willen vervolgens naar een ander evenement of een bijeenkomst aan de overkant. Het hotel staat er nog niet en de Parade is nog niet ingericht. Meten is weten en het zou best wel eens mee kunnen vallen hoeveel mensen uiteindelijk gebruik gaan maken van welke oversteekbaarheid dan ook. Dat zou ook kunnen schelen in de kosten. Dan is meten en weten van een tijdelijke maatregel en kijken wat het effect daarvan is helemaal niet zo’n slechte gedachte. Wel moet goed worden nagedacht over wat dan het juiste meetmoment is. Straks is er Royal Park, een evenement met een verkeersplan. Er wordt dan veel van bussen gebruikgemaakt en het wordt zo geregeld dat mensen ook op andere plekken uitstappen maar ook op het terrein van de Parade en dan moeten ze oversteken. Dat is maar een paar dagen maar dat zou zo’n meetmoment kunnen zijn. MBE is best wel enthousiast over de tijdelijke oplossing maar het is heel nieuw en er moet nog goed naar worden gekeken.

Ambtelijk is er contact geweest met de provincie en die zegt dat het idee het onderzoeken waard is maar benadrukt wel de wegbeheerder te zijn. Dan is het best een uitdaging om dit procedureel te borgen. Het zou kunnen worden vervat in een motie omdat het geen onderdeel is van het bestemmingsplan naar dat is niet voldoende. Hier moet nog over worden nagedacht. De heer JONKERS stelt voor dat een motie wordt ingediend waarin aan het college wordt gevraagd om dit uit te werken en dan aan de raad voor te leggen. Wethouder JANSMA zal suggesties doen maar nadrukkelijk de griffie hierbij betrekken omdat dat het orgaan is dat de raad adviseert. De heer EIJBAARD verwacht dat de drukte op die plek niet mee zal vallen. Zo’n tijdelijke oplossing lijkt prachtig maar dit kan niet worden los gezien van wat doe je daarna en onder welke voorwaarden. Daar moeten dan nu al met elkaar afspraken over worden gemaakt. Als volgende week een voorstel voor zo’n tijdelijke brug komt moet er ook zicht zijn over afspraken die er dan liggen dat als het zo is dat de oversteek toch meer gebruik wordt dan eerst wordt gekozen voor een brug of voor een ondertunneling en dan zijn daarvoor voorwaarden die met elkaar worden afgesproken want dat ontbreekt nog in het voorstel.

Wethouder JANSMA geeft aan dat nu in het bestemmingsplan staat dat voor een zebrapad wordt gegaan en dat blijft zo tenzij de raad dit wijzigt. Vorig jaar heeft de raad aan het college de opdracht gegeven om te praten over een andere oplossing. Daar is echter op dit moment geen ruimte voor tenzij de raad aan het college een andere opdracht geeft. De heer EIJBAARD kan zich voorstellen dat straks de raad een besluit neemt over een tijdelijke oplossing en dat de provincie zegt van dat gaan we niet doen. Het is daarom goed dat de wethouder aangeeft aan welke voorwaarden dan voldaan moet worden als de gemeente vanuit die tijdelijke oplossing naar een meer structurele oplossing wil. Welke voorwaarden moeten er dan worden opgenomen in een amendement of een motie? De heer KOUDSTAAL memoreert dat de wethouder heeft gezegd dat een tunnel of een brug op bezwaren stuit. Dat heeft te maken met natuurbezwaren maar ook met de monumentale status. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft gezegd dat een brug over de Amsterdamsestraatweg niet past bij de monumentale status van het hek. In hoeverre is er dan niet eerder sprake van een schijnbrug dan van een tijdelijke brug? Het bestemmingsplan wordt vastgesteld zoals het er nu ligt met een zebrapad.

Vindt de wethouder het reëel dat na die tijdelijke brug er een vaste brug komt met de bezwaren van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de natuurbezwaren en een ondertunneling die de provincie niet nodig vindt want zoals die het nu heeft voorgesteld vindt ze het veilig genoeg? Wethouder JANSMA zegt dat de raad die afweging moet maken. De gemeente is geen wegbeheerder en wil dat ook niet zijn want dan betaal je eraan mee. In het hele traject is, ook in opdracht van de raad, steeds gezegd dat de gemeente Baarn geen cent meebetaalt aan deze ontwikkeling. Daarom heeft spreker ook vorig jaar september toen de raad de motie aannam gezegd van de raad gaat het college met een onmogelijke opdracht op pad sturen. Dat blijft in dit geval hetzelfde. Natuurlijk wordt er wel gesproken over een traject van jaren en het kan zijn dat meten is weten tot andere inzichten leidt. Mevrouw VAN OTTEN vraagt waarom de wethouder positief reageert op de suggestie van de tijdelijke brug want het standpunt blijft dat de gemeente geen cent meebetaalt aan een tunnel of een vaste brug. In de praktijk verandert er immers niets na de proef. Wethouder JANSMA geeft aan dat als de raad kiest voor deze tijdelijke oplossing na een aantal jaren mogelijk een nieuwe situatie kan ontstaan, ook bij de provincie, in het kader van een toenemend gebruik van de oversteeksituatie.

Als dat het doel is kan spreker dat goed volgen. Op dit moment is er geen argument om anders te reageren want dit is wat het is. Als de raad daar dan de voorwaarden aan verbindt dat er vervolgens een ondertunneling of een vaste brug moet komen en of de provincie dan bereid is om daar medewerking aan te verlenen; dat is een als dan situatie en daar heeft het college geen zeggenschap over want de gemeente is niet de wegbeheerder en wil dat ook niet zijn. De heer EIJBAARD zegt dat er dan op dit moment wel de intentie moet zijn want als de provincie bij voorbaat zegt niet bereid te zijn om op een moment dat er zich een wezenlijk andere situatie voordoet op basis van deze test iets aan te passen is het een wassen neus. Heeft de wethouder in gesprekken met de provincie vandaag daarover gesproken of zij bereid is op basis van kwalitatieve uitgangspunten te bepalen van wij gaan ons standpunt heroverwegen? Als de wethouder dit nog niet besproken heeft, is die dan bereid om dat gesprek in de komende week te voeren?

Wethouder JANSMA meldt dat dit natuurlijk in de komende dagen nog vervolgd wordt in de zin van als de raad van Baarn dit voorstel aanneemt, wat betekent dat dan in de tijd. Zodra daar meer informatie over is zal dat met de raad worden gedeeld. De heer BRUINS begrijpt dat als de gemeente daar een tijdelijke brug wil daaraan heldere criteria en uitgangspunten moeten worden gekoppeld maar als de provincie besluit om daar een zebrapad aan te leggen, is er dan ook een uitgangspunt dat wanneer het bijvoorbeeld 10 keer misgaat er een brug of een tunnel komt? Wethouder JANSMA zegt dat dit ook een als dan vraag is. Er wordt geen weg of oversteekbaarheid in Nederland voor de eeuwigheid aangelegd. Bovendien komt de netwerkanalyse nog en dat gaat over wat doen met het onderliggende wegennetwerk en hopelijk dus ook met de doorstroming. De gemeente zal nooit garanties krijgen. De heer BLOKKER wijst erop dat meerdere partijen hebben gezegd dat dit de gemeente niets mag kosten maar gemerkt wordt dat de deur op een kier staat en dat deze of volgende week nog met de provincie gesproken gaat worden. De heer KOUDSTAAL memoreert dat de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft gezegd dat er geen brug kan komen gelet op de monumentale status van het paleis.

Hoe groot is de kans dat de RCE dit horende er nu wel in mee gaat, eerst tijdelijk en straks vast? Gaat de wethouder volgende week ook met de rijksdienst contact opnemen om te kijken of die wellicht op een ander spoor zit? Wethouder JANSMA laat aan de provincie over om dat antwoord te geven want die is daarvoor verantwoordelijk. De heer EIJBAARD zegt dat de andere oplossingen ook zijn afgevallen omdat er bezwaren waren op het gebied van de natuur en cultuurhistorische waarden en die verdwijnen niet. Wat betekent dat voor straks een eventuele alternatieve oplossing? De heer JONKERS wil Voor Baarn danken voor het creatieve idee en dat de wethouder op zo’n korte termijn kon reageren. Het is nu niet mogelijk voor de wethouder om op alle vragen die worden gesteld meteen te reageren want het glas is halfvol. Wethouder JANSMA zegt nogmaals tegen de heer Eijbaard dat die vraag bij de provincie ligt. De heer EIJBAARD stelt dat de wethouder dit moet meenemen in zijn gesprek komende week en vervolgens de raad laat weten wat het standpunt van de provincie is. Het is belangrijk dat de provincie daar vooraf duidelijkheid over geeft. Wethouder JANSMA herhaalt dat hij heeft toegezegd dat hij met de provincie in overleg zal gaan over wat de condities zijn voor dit voorstel. De heer Eijbaard moet zich niet van de domme houden want die heeft de stukken ook bestudeerd.

De heer EIJBAARD heeft in de vraagstelling en in de antwoorden die daarop zijn gekregen gezien dat alles concreet aan de wethouder moet worden voorgelegd wat hij wil weten en dat doet hij nu ook. Wethouder JANSMA zegt dat hij niet boos is. Wat betreft de scouting. Het gaat om de nokhoogte met een meter omhoog. Het college heeft zich gebaseerd op het eerste schetsontwerp dat is ingediend en daar stonden de afmetingen op zoals die nu in het bestemmingsplan staan. Merhula heeft

vorige week gezegd dat ze bij nader inzien graag een schuinere dakhelling wil, dat betekent dat de nokhoogte een meter omhoog moet en dat is mogelijk. Naar aanleiding van de vele brieven die zijn verstuurd heeft het college zich beraden op het Didam arrest. Eerst is Staatsbosbeheer om een reactie gevraagd. Die reactie is gekregen op basis van de brief die zij heeft gestuurd aan de vragensteller en het college kan zich dit antwoord voorstellen. HBR Advocaten constateert dat het een zeker risico is maar een aanvaardbaar risico en een risico dat de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg moet staan. Van tevoren weet je niet alle risico’s. Er zijn omstandigheden waaruit blijkt dat iets niet uitvoerbaar is en dat is bij elk bestemmingsplan zo. Als straks bijvoorbeeld bij graafwerkzaamheden in de Baarnsche Zoom een Romeins schip uit de grond wordt gehaald kan het ook niet worden uitgevoerd. De vraag is dus hoe je omgaat met dingen die je wel of niet kunt voorzien en op het moment dat het Didam arrest roet in het eten gooit als bijvoorbeeld de grond niet geruild wordt en er een andere partij komt, dan kan een deel van het Alexanderkwartier niet gebouwd worden en ontstaat er een nieuwe situatie. Die afweging is gemaakt en het is op dit moment geen beletsel voor het college om het zo aan de raad voor te leggen.

De heer BLOKKER spreekt zijn dank uit voor de informatie die de wethouder op zo’n korte termijn heeft geleverd. Hopelijk kan op een creatieve manier nu wat tijd worden genomen om te kijken naar een veiliger oversteek. Wanneer krijgt de raad een terugkoppeling van de gesprekken met de provincie opdat een voorstel dienaangaande aan de raad kan worden gedaan? Wethouder JANSMA geeft aan dat de lijnen zijn gelegd en dat dit verder wordt vervolgd. Er kan alleen een voorlopig standpunt komen van de provincie want daar moet uiteraard besluitvorming over plaatsvinden en dat is een heel ander traject maar geprobeerd zal worden dat het ergens een plek krijgt. Hopelijk kan de raad in de loop van de maandag worden geïnformeerd over de voortgang in dit dossier. De heer KOUDSTAAL merkt op dat de provincie tot nu toe steeds het standpunt heeft ingenomen dat de veroorzaker betaalt als er wat anders moet zijn. De provincie heeft aangegeven akkoord te gaan met de situatie zoals die nu is gecreëerd in het bestemmingsplan want dat is veilig.

Zou dan in het gesprek met de provincie mee kunnen worden genomen dat wanneer na meten en weten blijkt dat het misschien toch wel aardig is om een brug te maken of een ondertunneling, dat de provincie dan wil afstappen van haar uitgangspositie dat de veroorzaker betaalt? Wethouder JANSMA zal de vraag meenemen maar het is de vraag of daar een puntig antwoord op komt want dan gaat het over beleidsuitgangspunten bij de provincie die niet over één nacht ijs zijn gegaan. Het zou wel onderdeel kunnen zijn van een netwerkanalyse die in mei door de Staten van Utrecht moet worden vastgesteld. Wellicht kunnen de partijen die daar invloed op hebben in de Staten daar nog eens de aandacht op vestigen. De heer EIJBAARD geeft aan dat er alle ruimte was voor inspraak want er waren klankbordgroepen en er zijn meerdere inspraakavonden geweest maar inwoners voelen zich toch niet gehoord. Het is goed om de rekenkamer te vragen om daar onderzoek naar te doen hoe dat ervaren is en hoe dit kan worden verbeterd, zeker ook gezien de toekomst met de Omgevingswet waarin dit soort trajecten nog veel vaker op de gemeente zullen afkomen. De heer JONKERS zegt dat de procedure zo is dat de rekenkamer eens in de zoveel tijd bij de fracties langs komt en dan komt ophalen waar de fracties behoefte aan hebben qua onderzoek door de rekenkamer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11223929/3