CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

1458111 Jaarrekening BBS 2025 en Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2023 Eemkracht Bijlage 4 Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030

Raadsvergadering 8 juli 2026, gemeente BaarnBij agendapunt: Jaarrekening BBS 2025 en Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 Eemkracht18.489 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ontwerpbegroting Eemkracht 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 Gemeenschappelijke Regeling Eemkracht

BESTUURLIJK VOORWOORD Met de voorliggende begroting voor 2027 zetten we opnieuw een belangrijke stap in de ontwikkeling van Eemkracht. Waar 2026 in het teken stond van de vorming van onze nieuwe organisatie, bouwen we dit jaar verder aan het versterken en verdiepen van wat we samen hebben neergezet. Dankzij het harde werk van onze medewerkers om de basis op orde te brengen, in nauwe samenwerking met de gemeenten Baarn, Bunschoten en Soest, is Eemkracht nu beter gefundeerd. In 2027 bouwen we verder aan het doorontwikkelen, verfijnen en toekomstbestendig maken van onze organisatie. Centraal staat dit jaar het samen met gemeenten, welzijnsorganisaties en specialistische aanbieders verder vormgeven van de integrale toegangen en samenwerking in de keten. Door deze gezamenlijke inspanning zorgen we ervoor dat inwoners laagdrempelig en samenhangend worden ondersteund, ongeacht hun vraag. We werken aan een sterke verbinding tussen de domeinen werk, inkomen, inburgering, Wmo, jeugd, leerlingenvervoer en leerplicht, zodat onze dienstverlening aansluit bij de leefwereld van inwoners en hun ondersteuningsbehoefte centraal staat.

Naast samenwerking binnen Eemkracht zetten we in op een sterke verbinding met de samenwerkingspartners in de keten zoals onderwijs, huisartsen, welzijnsorganisaties en specialistische aanbieders, zodat we inwoners zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig ondersteuning bieden. Een gezonde, vitale organisatie is essentieel om onze ambities waar te maken. Helaas zijn we daar nog niet. We werken met een gestructureerde aanpak om het ziekteverzuim terug te dringen en investeren in duurzame inzetbaarheid, preventie en leiderschap. Met deze aanpak willen we ervoor te zorgen dat medewerkers gezond, gemotiveerd en met plezier hun werk doen, zodat ze optimaal kunnen bijdragen aan de gezamenlijke opgaven van Eemkracht. De aanpak bouwt voort op de stappen die in 2026 hebben gezet en blijft een speerpunt voor 2027. Ook het verder ontvlechten, inrichten en professionaliseren van onze bedrijfsvoering is een belangrijke opgave. De bedrijfsvoering moet verder worden verbeterd om de uitvoering optimaal te ondersteunen. We besteden bijzondere aandacht aan ICT en risicobeheersing, zodat Eemkracht als zelfstandige organisatie stevig staat en wendbaar blijft. Door processen te harmoniseren en te vereenvoudigen, zorgen we ervoor dat medewerkers goed gefaciliteerd worden en inwoners kunnen blijven rekenen op betrouwbare ondersteuning.

Daarnaast is meer inzicht in prestaties en ontwikkelingen nodig om samen met gemeenten en partners gericht keuzes te maken en onze inzet continu te verbeteren. Dit inzicht is nodig om te kunnen sturen binnen Eemkracht en tegelijkertijd noodzakelijk om ons te kunnen verantwoorden naar de drie gemeenten en een goede dialoog te voeren over de resultaten.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

2

Het afgelopen jaar hebben onze teams met volle energie gewerkt aan de transitie. Medewerkers hebben zich betrokken, verantwoordelijk en veerkrachtig getoond in een periode waarin veel veranderde. Hun inzet heeft ervoor gezorgd dat we onze inwoners mensgericht, nabij en professioneel zijn blijven ondersteunen. Dat is precies waar Eemkracht voor staat: integraal werken vanuit onze gezamenlijke bedoeling, met oog voor de mens achter de vraag, en met de overtuiging dat we samen meer bereiken dan afzonderlijk. Met deze begroting voor 2027 bouwen we voort op wat we samen hebben bereikt. We versterken waar nodig, vernieuwen waar het kan en blijven trouw aan onze gezamenlijke ambitie: een robuuste, toekomstbestendige organisatie die er staat voor de inwoners van Baarn, Bunschoten en Soest. Soest, 10 april 2026 Namens het MT en het Bestuur van GR Eemkracht,

G. Overeem Directeur GR Eemkracht

M. Eijbaard Voorzitter GR Eemkracht

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

3

INHOUD BESTUURLIJK VOORWOORD.......................................................................................................................................... 2 Inhoud ............................................................................................................................................................................................. 4 1.

INLEIDING ............................................................................................................................................................................ 7 1.1.

Context ........................................................................................................................................................................... 7

1.2.

Inhoudelijke speerpunten ................................................................................................................................. 7

1.3.

Opdracht gemeenten .......................................................................................................................................... 8

1.4.

Financiële uitgangspunten .............................................................................................................................. 9

1.5.

Leeswijzer ................................................................................................................................................................... 10

2.

Programma 1: Inkomen ...................................................................................................................................... 11 2.1.

Omschrijving .............................................................................................................................................................. 11

2.2.

Wat zijn ontwikkelingen? ............................................................................................................................ 11

2.3.

Wat willen we bereiken? .............................................................................................................................. 11

2.4.

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................... 11

2.5.

Prestatie-indicatoren ..................................................................................................................................... 12

2.6.

Wat kost het? ...................................................................................................................................................... 13

2.7.

Welke risico's zien wij? .................................................................................................................................. 13

3.

Programma 2: Participatie en Inburgering .......................................................................................... 15

3A. Participatie .......................................................................................................................................................................... 15 3.1.

Omschrijving ............................................................................................................................................................. 15

3.2.

Wat zijn ontwikkelingen? ........................................................................................................................... 15

3.3.

Wat willen we bereiken? ............................................................................................................................. 15

3.4.

Wat gaan we daarvoor doen? ..................................................................................................................16

3.5.

Prestatie-indicatoren .....................................................................................................................................16

3.6.

Wat kost het? ...................................................................................................................................................... 17

3.7.

Welke risico's zien wij? .................................................................................................................................. 17

3B. Inburgering ........................................................................................................................................................................ 17 3.8.

Omschrijving ....................................................................................................................................................... 17

3.9.

Wat zijn ontwikkelingen? ........................................................................................................................... 17

3.10.

Wat willen we bereiken? ............................................................................................................................. 17

3.11.

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................. 18

3.12.

Prestatie-indicatoren .................................................................................................................................... 18

3.13.

Welke risico's zien wij? ................................................................................................................................. 18

3.14.

Wat kost het? ......................................................................................................................................................19

4.

Programma 3: WMO en Jeugd ................................................................................................................... 20

4A. WMO ..................................................................................................................................................................................... 20 4.1.

Omschrijving ........................................................................................................................................................... 20

4.2.

Wat zijn ontwikkelingen? ......................................................................................................................... 20

4.3.

Wat willen we bereiken? ........................................................................................................................... 20

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

4

4.4.

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................ 20

4.5.

Prestatie-indicatoren ................................................................................................................................... 20

4.6.

Wat kost het? ...................................................................................................................................................... 21

4.7.

Welke risico's zien wij? .................................................................................................................................. 21

4B. Jeugd ..................................................................................................................................................................................... 21 4.8.

Omschrijving ....................................................................................................................................................... 21

4.9.

Wat zijn ontwikkelingen? ........................................................................................................................... 21

4.10.

Wat willen we bereiken? ............................................................................................................................ 22

4.11.

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................. 22

4.12.

Prestatie-indicatoren .................................................................................................................................... 23

4.13.

Welke risico's zien wij? ................................................................................................................................. 23

4.14.

Wat kost het? ..................................................................................................................................................... 23

5.

Programma 4: Leerlingenvervoer ............................................................................................................. 24 5.1.

Omschrijving ........................................................................................................................................................... 24

5.2.

Wat zijn ontwikkelingen? ......................................................................................................................... 24

5.3.

Wat willen we bereiken? ........................................................................................................................... 24

5.4.

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................ 24

5.5.

Prestatie-indicatoren ................................................................................................................................... 24

5.6.

Wat kost het? .................................................................................................................................................... 24

5.7.

Welke risico's zien wij? ................................................................................................................................. 25

6.

Programma 5: Leerplicht .................................................................................................................................26 6.1.

Omschrijving ............................................................................................................................................................26

6.2.

Wat zijn ontwikkelingen? ..........................................................................................................................26

6.3.

Wat willen we bereiken? ............................................................................................................................26

6.4.

Wat gaan we daarvoor doen? .................................................................................................................26

6.5.

Prestatie-indicatoren ....................................................................................................................................26

6.6.

Wat kost het? ..................................................................................................................................................... 27

6.7.

Welke risico’s zien wij? ................................................................................................................................. 27

7.

Programma 6: Ondersteuning .................................................................................................................... 28 7.1.

Team Administraties .......................................................................................................................................... 28

7.1.1.

Omschrijving ................................................................................................................................................ 28

7.1.2.

Wat zijn ontwikkelingen? .................................................................................................................... 28

7.1.3.

Wat willen we bereiken? ...................................................................................................................... 28

7.1.4 Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................... 28 7.1.5 Wat kost het? ........................................................................................................................................................ 28 7.1.6 Welke risico’s zien wij? ................................................................................................................................... 28 7.2.

Team Kennis en Expertise .........................................................................................................................29

7.2.1.

Omschrijving .................................................................................................................................................29

7.2.2.

Wat zijn ontwikkelingen? .....................................................................................................................29

7.2.3.

Wat willen we bereiken? .......................................................................................................................29

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

5

7.2.4.

Wat gaan we daarvoor doen? ...........................................................................................................29

7.2.5.

Wat kost het? ...............................................................................................................................................29

7.2.6.

Welke risico’s zien wij? ...........................................................................................................................29

7.3.

Team Bedrijfsvoering ................................................................................................................................... 30

7.3.1.

Omschrijving ................................................................................................................................................ 30

7.3.2 Wat willen we bereiken? .............................................................................................................................. 30 7.3.3 Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................................... 30 7.3.4 Wat kost het? ...................................................................................................................................................... 30 7.3.5 Welke risico’s zien wij? ................................................................................................................................... 30 7.4.

Prestatie-indicatoren ..................................................................................................................................... 31

7.5.

Wat kost het? ...................................................................................................................................................... 31

7.5.1.

Dienstverleningsovereenkomst met gemeente Soest ...................................................... 31

7.5.2.

Materiële kosten (niet onderdeel van de DVO Soest) ........................................................ 32

8.

Teamindeling ........................................................................................................................................................... 33 8.1.

Inleiding....................................................................................................................................................................... 33

8.2.

Personele bezetting en kosten integrale teams ......................................................................... 33

8.3.

Personele bezetting en kosten ondersteuning ........................................................................... 33

9.

PARAGRAFEN ......................................................................................................................................................... 34 9.1.

10.

Risicobeheersing .................................................................................................................................................. 34 Financiële begroting ...........................................................................................................................................39

10.1.

Bijdrage deelnemers in de kosten van Eemkracht...................................................................39

10.2.

EMU-saldo ............................................................................................................................................................39

10.3.

Gemeente Baarn ............................................................................................................................................. 40

10.4.

Gemeente Bunschoten .............................................................................................................................. 42

10.5.

Gemeente Soest .............................................................................................................................................. 44

10.6.

Overzicht baten en lasten totaal Eemkracht ............................................................................... 46

10.7.

Taakvelden .......................................................................................................................................................... 48

Bijlage 1: Algemene en financiële uitgangspunten voor de begrotingsopstelling .................... 52 Bijlage 2: Opbouw teams ................................................................................................................................................. 54 Bijlage 3: Vergelijkende cijfers per gemeente tussen BBS en Eemkracht ......................................56

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

6

1. INLEIDING 1.1. Context De totstandkoming van deze begroting vindt plaats in een uitzonderlijke fase. Eemkracht is op 1 januari 2026 gestart en bevindt zich nog volop in het overgangsjaar. Hoewel de organisatie pas twee maanden operationeel is, was het al noodzakelijk om inhoudelijk én financieel vooruit te kijken naar 2027. Dat vroeg veel van de organisatie, van teams die nog in ontwikkeling zijn, en van de samenwerking met de deelnemende gemeenten. Voor deze begroting hebben we voortgebouwd op de begroting van 2026 en deze verder aangescherpt door intensief samen te werken. Het nieuw gevormde Team Kennis & Expertise leverde per specialisme input voor de inhoudelijke programma’s. Deze conceptteksten zijn vervolgens afgestemd met de beleidsadviseurs van de gemeenten, met als doel een stabiele en toekomstbestendige basis voor Eemkracht te creëren. Zo is, ondanks de korte doorlooptijd en de dynamiek van een organisatie in opbouw, een zorgvuldig opgebouwde begroting tot stand gekomen. In deze begroting hebben wij de ontwikkelingen benoemd die wij voorzien, wat we willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen in 2027. We hebben een zo compleet mogelijk beeld proberen te schetsen, maar sluiten niet uit dat landelijke en of nieuwe lokale plannen nog impact zullen hebben op Eemkracht.

Daarnaast zijn sommige ontwikkelingen wel in beeld, maar zal nog gemeentelijke besluitvorming plaats moeten vinden. Dit zou op bij sommige vakgebieden kunnen leiden tot een extra capaciteitsinzet en een begrotingswijziging voor Eemkracht om dit te bekrachtigen. Een voorbeeld hiervan is de WMO-aanbesteding waarbij naar verwachting taken verschuiven van specialistische aanbieders naar Eemkracht. Hiervoor zijn op dit moment nog geen extra formatiekosten opgenomen in de Ontwerpbegroting 2027.

1.2. Inhoudelijke speerpunten Na de intensieve bouw- en veranderfase in 2026, waarin Eemkracht is ontstaan uit de samenvoeging van BBS en delen van drie gemeenten, richten we ons in 2027 op het verder versterken en toekomstbestendig maken van onze dienstverlening. De basis is gelegd: Eemkracht staat als een professionele, zelfstandige uitvoeringsorganisatie die dichtbij en toegankelijk is voor inwoners van Baarn, Bunschoten en Soest. In het nieuwe jaar bouwen we voort op dit fundament, vanuit de volgende inhoudelijke speerpunten die bijdragen aan een samenhangende, effectieve en toekomstgerichte aanpak binnen het sociaal domein: • Harmonisatie combineren met lokale verbinding: stappen richting een organisatie die werkt vanuit uniformiteit, integraliteit en een gedeelde werkwijze en tegelijkertijd aansluit op de behoeften van de inwoners van Baarn, Bunschoten en Soest. • Gezonde, vitale organisatie: Investeren in duurzame inzetbaarheid, preventie, leiderschap en het terugdringen van ziekteverzuim, zodat medewerkers gezond, gemotiveerd en met plezier hun werk doen. • Transparante informatievoorziening en effectieve sturingsrelatie: Blijven inzetten op een transparante informatievoorziening en een werkwijze rondom de P&C-cyclus die aansluit bij de behoeften van de gemeenteraden.

Daarmee zorgen voor een effectieve sturing en verantwoording tussen gemeenten en Eemkracht met een prestatiegerichte dienstverleningsovereenkomst en een continue dialoog over resultaten. • Integrale samenwerking en toegangen: Het verder vormgeven van integrale toegangen en samenwerking in de keten met gemeenten, welzijnsorganisaties en specialistische aanbieders, zodat inwoners laagdrempelig en samenhangend worden ondersteund, ongeacht hun vraag. In elk van de drie gemeenten werken we in integrale teams effectief samen en bundelen we onze kennis en expertise. We zorgen voor verbinding tussen de specialismen werk, inkomen, inburgering, Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

7

•

Wmo, jeugd, leerlingenvervoer en leerplicht. Daarmee werken we met een aanpak die aansluit op de complexe problematiek van inwoners. Optimaliseren bedrijfsvoering: Verdere ontvlechting, inrichting en professionalisering van de bedrijfsvoering, met bijzondere aandacht voor ICT en risicobeheersing. Harmonisatie en vereenvoudiging van processen zorgen voor goede faciliteiten voor medewerkers en betrouwbare ondersteuning voor inwoners. We gaan informatiegestuurd werken waarbij we inzicht creëren in prestaties, doorlooptijden en de ontwikkeling van kosten om tijdig bij te sturen en de dienstverlening te optimaliseren.

1.3. Opdracht gemeenten De opdracht aan Eemkracht is uitgewerkt in de (basis-)dienstverleningsovereenkomst (DVO) 2026 met de gemeenten Baarn, Bunschoten en Soest. In 2026 werken de partijen gezamenlijk toe naar een meer uitgewerkte dienstverleningsovereenkomst waarin de taken die de gemeenten delegeren naar Eemkracht nog vollediger beschreven worden en we bijbehorende prestatieafspraken vastleggen. Zo willen we de samenwerking verder professionaliseren en meetbaar maken. Daarnaast zullen we niet alle hieronder benoemde maatwerktaken ook in 2027 voor de gemeenten uitvoeren. Ook dit passen we in de loop van 2026 aan in de nieuwe dienstverleningsovereenkomst. 1. a. b. c. d. e. 2. a. b. c. d.

Eemkracht voert conform artikel 3 en 5 van de Gemeenschappelijke Regeling de volgende basistaken uit voor de gemeenten Baarn, Bunschoten, Soest: Samenwerking en verbinding met nuldelijnshulp binnen het sociaal domein. Eerstelijnshulp: informatie, advies en ondersteuning op het gebied van Wmo, Jeugdhulp, Werk & Inkomen, minimaregelingen, schuldhulpverlening, leerplicht, leerlingenvervoer en inburgering. Organisatie van integrale teams voor toeleiding naar tweedelijnshulp, indicatiestelling, besluitvorming en casusregie. Uitvoering van zorgadministratie binnen Jeugdwet en Wmo. Uitvoering van wettelijke kaders: Participatiewet, Leerplichtwet 1969, Leerlingenvervoer, Wet Inburgering, Wmo 2015 en Jeugdwet. Eemkracht voert voor de gemeente Baarn de volgende maatwerktaken uit: De uitvoering van de primaire en secundaire processen van het minimabeleid en de administratieve verwerking in de uitkeringsadministratie. In het kader van Crisisbeheersing Publieke zorg levert Eemkracht medewerkers voor opvanglocaties in Baarn. De uitvoering van de leefgeldregeling voor Oekraïners. Pilot ov minima; Actieve deelname aan de Ingang Zorg Werk en Inkomen en voldoende bezetting bij de Integrale Toegang in Baarn.

3. Eemkracht voert voor de gemeente Bunschoten de volgende maatwerktaken uit: a. De uitvoering van de Wet op de lijkbezorging door namens de gemeente zorg te dragen voor de uitvaart van overledenen zonder nabestaanden, conform de wettelijke bepalingen en lokale beleidsregels. b. De uitvoering van de Wet hersteloperatie toeslagen, door brede ondersteuning te bieden aan gedupeerde inwoners, afgestemd op hun individuele situatie en gericht op herstel op vijf leefgebieden: wonen, financiën, gezin, zorg en werk. c. Gehandicaptenparkeerkaart; d. Intermediaire voor Jeugdfonds Sport en cultuur en Volwassenfonds; e. Pilot ov minima; f. Inzet POH Jeugd; g. Actieve deelname aan de integrale toegang en voldoende bezetting van de Ingang gedurende de looptijd van de Pilot integrale ingang Bunschoten.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

8

4. Eemkracht voert voor de gemeente Soest de volgende maatwerktaken uit: a. De uitvoering van de primaire en secundaire processen van de minimaregelingen die niet onder de bijzondere bijstand vallen, zoals het Minimafonds en de administratieve verwerking in de uitkeringsadministratie. b. Intermediaire voor Jeugdfonds Sport en cultuur en Volwassenfonds c. Pilot ov minima (niet meer van toepassing voor 2027); d. In het kader van Crisisbeheersing Publieke zorg levert Eemkracht medewerkers voor het actiecentrum Soest en opvanglocaties in Soest. e. Actieve deelname aan de Ingang Zorg, Werk en Inkomen en voldoende bezetting van de Ingang gedurende de looptijd van de Pilot integrale ingang Soest (niet meer van toepassing voor 2027). f. De uitvoering van de leefgeldregeling voor Oekraïners. g. De uitvoering van de Wet op de lijkbezorging door namens de gemeente zorg te dragen voor de uitvaart van overledenen zonder nabestaanden, conform de wettelijke bepalingen en lokale beleidsregels. h. De uitvoering van de Wet hersteloperatie toeslagen, door brede ondersteuning te bieden aan gedupeerde inwoners, afgestemd op hun individuele situatie en gericht op herstel op vijf leefgebieden: wonen, financiën, gezin, zorg en werk. i. Inzet op de doelgroepen kwetsbare jongeren in risicovolle situaties (overlastgevende/criminele jongeren) en personen met onbegrepen gedrag (in totaal 2 fte) j.

De procescoördinatie van het programma Kansrijke Start (0,8 fte) k. Het Spreekuur jeugd GGZ (3,5 fte) l. Het leveren van een coördinator voor 24 uur per week voor de pilot integrale ingang Soest (niet meer van toepassing voor 2027).

1.4. Financiële uitgangspunten Aan de basis van deze begroting liggen de volgende eerder vastgestelde stukken: 1. De Kaderbrief Eemkracht 2027: De algemene uitgangspunten hebben we verwerkt in de inhoudelijke speerpunten in paragraaf 1.1. De financiële ontwikkelingen die we hierin beschreven, liggen aan de basis van de uitgangspunten in bijlage 1 van deze begroting. Onderdeel daarvan zijn de verwachte stijging van de totale loonkosten in 2027 t.o.v. 2026 van 3,8% en van de materiële kosten van 2,3%. 2. De dienstverleningsovereenkomst 2026 met de drie gemeenten: In paragraaf 1.3 hebben wij de opdracht van de drie gemeenten aan Eemkracht hieraan ontleend. In deze begroting hebben we geen nieuwe prestatie-indicatoren opgenomen, omdat de DVO 2026 nog geen prestatieafspraken en –indicatoren bevat. Dit is een bewuste keuze geweest om in 2026 de tijd te nemen om samen met de gemeenten te komen tot goede prestatiecriteria. 3. De dienstverleningsovereenkomst 2026 met Soest: De DVO met Soest voor de ondersteuning van de bedrijfsvoering van Eemkracht hebben wij meegenomen in paragraaf 7.3 Team Bedrijfsvoering. Hierin zijn naast de personele kosten voor de ondersteuning ook de materiële kosten onderbouwd. 4.

De Ontwerpbegroting Eemkracht 2026 en Meerjarenraming 2027 – 2029: Deze hebben wij aangevuld met de ontwikkelingen die wij voorzien, wat we willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen in 2027. Wij verwachten dat dit tot extra capaciteitsbehoefte zal leiden. Hiervoor zijn geen extra kosten opgenomen in de ontwerpbegroting 2027. Hierover zal afstemming plaatsvinden met de gemeenten. Mogelijk leidt dit dan te zijner tijd tot een begrotingswijziging. Dit geldt ook voor het functiewaarderingsonderzoek dat we als financieel risico hebben opgenomen in de risicotabel. 5. De zienswijzen van de gemeenten op de Ontwerpbegroting Eemkracht 2026: Als we kijken naar uw vragen in de zienswijze op de begroting van 2026, dan beseffen we dat de aanpak van verzuim/vitaliteit en de ICT-ontwikkelingen extra aandacht vragen. In paragraaf 7.3 Team Bedrijfsvoering lichten we toe wat we Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

9

willen bereiken op het gebied van verzuim/vitaliteit en ICT en wat we daarvoor gaan doen. De structurele kosten hebben we in beeld gebracht in paragraaf 7.5 (DVO Soest en overige materiële kosten). Voor de ICT-transitie ligt er nog geen uitgewerkt plan van aanpak. Dit plan zal samen met de gemeenten worden opgepakt. Dit betekent dat we nog geen zicht hebben op de benodigde investeringen. In de komende periode blijven we graag met u in gesprek over hoe Eemkracht zich ontwikkelt en welke stappen we zetten om een gezonde en robuuste organisatie te bouwen en hoe we de ICT-opgave op willen pakken. Verder verzocht u om een nadere toelichting op mogelijke financiële risico's door frictiekosten en nieuwe taken en hoe wij deze beheersen. De financiële risico's hebben wij opgenomen in paragraaf 9.1 Risicobeheersing. Momenteel brengen wij de verdere financiële risico's en mitigerende maatregelen in kaart. In de reguliere P&C-cyclus rapporteren wij hierover aan het Bestuur van Eemkracht. De juridische risico's bij de harmonisatie van werkprocessen beschrijven we in paragraaf 7.2.1. 6. Het bijdragebesluit zoals vastgesteld in 2025 door de gemeenten: Met dat bijdragebesluit en de daarin uitgewerkte verdeelsleutels zijn de bijdragen in de lasten van Eemkracht voor 2027 bepaald.

In de verdere ontwikkeling van Eemkracht willen we samen met de gemeenten een meer outputgericht bijdragebesluit en nieuwe verdeelsleutels voor de gemeentelijke bijdragen opzetten. Onderdeel daarvan zijn de uitvoeringsbudgetten voor de programma’s WMO en Jeugd, Leerlingenvervoer en Leerplicht. Deze zijn nu nog bij de gemeenten gebleven, onder andere om te blijven voldoen aan afspraken in de regio (RISB). Daarnaast is een herijking nodig van de kostenverdeling tussen de gemeenten voor overheadtaken. Dit geldt met name voor de inzet van team Kennis & Expertise. Het huidige bijdragebesluit geldt totdat in de loop van 2027 een nieuwe evenwichtige verhouding tussen taken, verantwoordelijkheden, bevoegdheden en daarvoor noodzakelijke middelen is vastgesteld door de drie gemeenten en het Bestuur van Eemkracht.

1.5. Leeswijzer De Begroting 2027 volgt de indeling van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en bestaat uit: • Programmaplannen voor de programma’s 1 tot en met 6. • Een paragraaf risicobeheersing. • Een financiële begroting bestaande uit het overzicht van baten en lasten en de uiteenzetting van de financiële positie. Hoofdstuk 2 tot en met 7 gaan in op de programma’s 1: Inkomen, 2: Participatie en Inburgering, 3: WMO en Jeugd, 4: Leerlingenvervoer, 5: Leerplicht en 6: Ondersteuning. Hoofdstuk 8 beschrijft de bezetting van de integrale teams. Hoofdstuk 9 bevat de paragraaf Risicobeheersing. Hoofdstuk 10 bevat de financiële begroting, waarin de cijfers in totaal en per gemeente nader worden toegelicht. Bijlage 1 beschrijft de algemene en financiële uitgangspunten voor de begrotingsopstelling. In bijlage 2 staat de opbouw van de teams. In bijlage 3 staan vergelijkende cijfers per gemeente tussen BBS en Eemkracht over de jaren 2024 t/m 2030.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

10

2. PROGRAMMA 1: INKOMEN 2.1. Omschrijving • • • • • • •

2.2.

•

2.3. • • • •

• •

•

2.4.

• •

Binnen het programma Inkomen voeren we de wettelijke inkomensregelingen uit, die door Baarn, Bunschoten en Soest zijn gedelegeerd aan Eemkracht, die vallen onder: De Participatiewet De Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw) De Wet Inkomensvoorziening Oudere en Gedeeltelijk Arbeidsongeschikte Gewezen Zelfstandigen (Ioaz) Het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) Minimaregelingen De leefgeldregeling in het kader van de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO).

Wat zijn ontwikkelingen? Met het wetsvoorstel Participatiewet in Balans wordt de Participatiewet in drie sporen aangepast. Spoor 1 bestaat uit ruim 20 maatregelen die de Participatiewet een vriendelijker karakter moeten geven waarbij meer uitgegaan wordt van vertrouwen in plaats van controle. Een deel van de maatregelen wordt in 2026 nader uitgewerkt met een beoogde ingangsdatum van 1 januari 2027. Daaronder vallen het 'bufferbudget' om problemen bij wisselende inkomsten te voorkomen en verruimde bijverdiengrenzen voor jongeren tot 27 jaar.

Wat willen we bereiken? We staan voor een persoonlijke dienstverlening. Dit betekent dat we onze klanten daar waar nodig zo veel mogelijk fysiek spreken. We doen dit nabij, wat betekent dat we de klant spreken in de gemeente waar deze woont. We informeren onze klanten periodiek via een (digitale) nieuwsbrief over de ontwikkelingen van de organisatie, werk, regelingen, regels en financiële ondersteuning. We willen onze inwoners steeds meer mogelijkheden bieden om gegevens digitaal aan te leveren en producten digitaal aan te vragen. Wij informeren inwoners proactief over relevante regelingen, kansen en ondersteuning, met als doel hen tijdig in positie te brengen om stappen richting werk of financiële stabiliteit te zetten. Deze aanpak draagt bij aan een toegankelijke dienstverlening. Daarnaast voorkomen we hiermee zo veel mogelijk dat klanten onnodig en onrechtmatig een uitkering ontvangen. We werken verbindend. Dit wil zeggen dat we inwoners actief, en bij voorkeur warm, doorverwijzen naar onze netwerkpartners wanneer zij daar voor dienstverlening in aanmerking kunnen komen. We verstrekken de uitkering zo snel mogelijk. De klant krijgt in elk geval binnen de wettelijke termijn van acht weken een besluit, maar we streven naar een kortere doorlooptijd.

We denken mee over de situatie in de aanvraagperiode, wijzen de klant op de noodzaak informatie tijdig aan te leveren, en verstrekken tijdig een voorschot. We handhaven daar waar nodig is, waarbij we in eerste instantie uitgaan van vertrouwen.

Wat gaan we daarvoor doen? De taken uitvoeren die onder 2.1 staan genoemd. De klantmanagers inkomen werken nauwer samen met de andere medewerkers van het integrale team. Dit vraagt meer afstemmingsmomenten en daarmee mogelijk meer inzet van de klantmanagers. Anderzijds levert dit mogelijk een

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

11

•

•

•

2.5. Wat

besparing op doordat klantmanagers niet meer volledige dagen beschikbaar hoeven te zijn voor de ingang, zaken sneller opgepakt kunnen worden en klanten niet vaker terugkomen omdat ze eerder in het proces afgehaakt zijn. Toetsing wordt nu uitgevoerd door het team Kennis & Expertise. Dit doen we nu nog 1 op 1 voor nieuwe medewerkers totdat de kwaliteit van de besluiten goed genoeg is. Daarna vindt de toetsing achteraf plaats door middel van steekproeven. Het lijkt ons, ook gezien de richting van spoor 3 van de Participatiewet in Balans, logischer om dit binnen de integrale teams zelf in te regelen, bijvoorbeeld door middel van collegiale toetsing. Dit werken we in 2026 nader uit. Dit leidt mogelijk tot een verschuiving van formatie tussen Kennis & Expertise en de integrale teams. We willen verder werken aan onze ambitie om documenten op orde te brengen, interne processen LEAN in te richten, te stroomlijnen en toekomstbestendig te maken. Door de vele werkzaamheden die plaatsvonden tijdens de overgang naar Eemkracht in 2025 en de verdere groei in 2026, hebben we onze ambitie nog niet volledig kunnen waarmaken. Er kwam daarnaast veel werk af op de kwaliteitsmedewerkers, onder meer door veranderende wet- en regelgeving. Hierdoor zijn er achterstanden op het gebied van documentbeheer (rapportages, beschikkingen) en werkinstructies.

We willen onze inwoners steeds meer mogelijkheden bieden om gegevens digitaal aan te leveren en zaken digitaal aan te vragen. Dit verhoogt het bereik en de zelfredzaamheid, maar vereist structurele inzet op communicatie en systeemontwikkeling. Door de vele werkzaamheden die plaatsvonden tijdens de overgang naar Eemkracht in 2025 en de verdere groei in 2026, hebben we ook deze ambitie nog niet volledig kunnen waarmaken. Deze ontwikkeling brengen we stapsgewijs verder, te beginnen met ‘Mijn Inkomen’, een platform waarop inwoners meer zelf kunnen regelen en informatie krijgen over hun uitkering. De analoge, papieren, weg blijft bestaan voor hen die (nog) niet digitaal vaardig zijn of dit niet wensen.

Prestatie-indicatoren 2024 2025 2026 (realisatie) (realisatie)

Personen met periodieke uitkering levensonderhoud 1.208 1.214 1.268 Het aantal mensen met een bijstandsuitkering (stand per 1 januari) gaat gelijk op met de landelijke ontwikkeling (uitgangspunt is een stijging van 2%). Voorkomen is beter dan een vangnet We streven ernaar om instroom te 21% 15% 15% verminderen waardoor een kleiner aandeel van de aanvragen levensonderhoud tot toekenning leidt. We willen inwoners namelijk de juiste ondersteuning bieden. Daarom zetten we in op een goede dienstverlening bij Toeleiding waardoor we mensen tijdig doorverwijzen naar de juiste voorzieningen. Bij recht op uitkering, zo snel mogelijk een uitkering 43 dagen 35 dagen 32 dagen De gemiddelde doorlooptijd voor aanvragen levensonderhoud daalt Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

2027

1.281

15%

30 dagen

12

naar 30 dagen (het wettelijk maximum is 56 dagen). De gemiddelde doorlooptijd van aanvragen bijzondere bijstand daalt naar 23 dagen (het wettelijk maximum is 56 dagen).

2.6.

22 dagen 34 dagen 25 dagen

23 dagen

Wat kost het?

Inkomensregelingen, IOAW en IOAZ

Het personeel voor de uitvoering van dit programma is ondergebracht in de integrale teams van Eemkracht. Zie hoofdstuk 8 voor de teamindeling. De personele kosten voor dit programma zijn:

Programma 1: Inkomen

Personele kosten

Fte 2027

P-kosten 2027

28,66

(x 1.000)

€ 2.647

Verdeeld over: Integraal team Baarn

5,20 €

495

Integraal team Bunschoten

3,45 €

328

Integraal team Soest

10,98 €

1.044

Team Kennis en Expertise

1,63 €

183

Team Administraties

7,40 €

597

2.7. •

Welke risico's zien wij? Het nieuwe kabinet heeft plannen om te bezuinigen op de sociale zekerheid. Als deze plannen zich doorzetten zien wij het risico dat meer inwoners uit de drie

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

13

•

•

gemeenten bijstand nodig hebben. Daarnaast zagen wij in 2025 al een stijging van het aantal aanvragen voor algemene en bijzondere bijstand. We verwachten dat deze trend zich in 2026 en 2027 doorzet met een mogelijke toename van het klantenbestand van 2%. Als dit daadwerkelijk doorzet betekent dit een caseloadverzwaring. Er moeten dan keuzes gemaakt worden hoe we hiermee omgaan. Oekraïense ontheemden vallen in Nederland onder de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming, Deze eindigt op 4 maart 2027. Het kabinet werkt aan een terugkeerprogramma voor vrijwillige terugkeer en aan een langetermijnperspectief voor de periode na afloop van deze bescherming. Het is nog niet precies duidelijk wat dit betekent voor de Oekraïners die in de drie gemeenten worden opgevangen. Het kan betekenen dat een deel instroomt in de bijstand en/of begeleid moet worden naar betaald werk. Vanwege de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA/ zelfstandigenwet) blijft het lastig voor ZZP’ers om werk te vinden1. Mogelijk leidt dit tot meer aanvragen Bbz of bijstand voor Eemkracht in 2027.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

14

3. PROGRAMMA 2: PARTICIPATIE EN INBURGERING 3A. PARTICIPATIE 3.1.

Omschrijving

Het programma Participatie beslaat de begeleiding van inwoners uit de drie gemeenten die binnen de doelgroep van de Participatiewet vallen. Dit zijn klanten met een bijstandsuitkering, maar ook zonder bijstandsuitkering die ondersteuning nodig hebben. Daarnaast ondersteunt Eemkracht werkgevers in de arbeidsmarktregio Amersfoort vanuit het Werkcentrum regio Amersfoort die klanten een arbeidsplek (willen) aanbieden.

3.2. •

•

•

3.3.

• • • • •

• • •

Wat zijn ontwikkelingen? De re-integratieverordening van de gemeenten wordt aangepast. Aanleiding is de Wet van school naar duurzaam werk en de Participatiewet in Balans. Gemeenten moeten hun aanbod voor jongeren beschrijven in de verordening. Een grote wijziging in de Participatiewet in Balans is het vormgeven van maatschappelijke participatie, voor inwoners die niet aan het werk kunnen. Hoe gemeenten dit willen vormgeven, wordt omschreven in de verordening. De gevolgen voor de dienstverlening van Eemkracht zijn op dit moment nog niet volledig te overzien. In 2026 is het Toekomstplan Sociaal Ontwikkelbedrijf door de gemeenteraden vastgesteld. Amfors breidt vanaf 2026 zijn dienstverlening uit. In 2026 richt het implementatieplan zich op bouwsteen 2: beschut werk en de Banenafspraak. Vanaf 2027 wordt bouwsteen 3 (modulair aanbod) nader uitgewerkt in samenwerking met onder meer Eemkracht. Een goede samenwerking tussen Eemkracht en Amfors is daarbij essentieel, zodat voldoende inwoners gebruik kunnen maken van de expertise en dienstverlening van Amfors. De regionale samenwerking in Werkcentrum regio Amersfoort doorontwikkelen. In het Werkcentrum is de regionale dienstverlening van de netwerkpartners van het Regionaal Beraad vormgegeven. Eemkracht is onderdeel van het Werkcentrum en levert onder meer gidsen en capaciteit voor de werkgeversdienstverlening.

In 2027 werken we gezamenlijk aan de uitvoeringsagenda voor 2028.

Wat willen we bereiken? We breiden het aantal mogelijke werkervaringsplekken uit voor de brede doelgroep (inburgeraars, uitkeringsgerechtigden, ongeacht of deze in het doelgroepregister zijn opgenomen). We zorgen dat meer mensen met loonkostensubsidie aan het werk zijn We begeleiden mensen met een indicatie Beschut Werk zo veel mogelijk naar een passende werkplek. We zorgen dat elke klant die nog kan stijgen op de participatieladder, een plan van aanpak heeft, waarin het traject is vastgelegd. We zorgen dat jongeren vanuit het Doorstroompunt niet buiten beeld raken en werken hiervoor samen met scholen, trajectbegeleiders van het Doorstroompunt, jeugdmedewerkers en eventueel ook met leerplicht en het jongerenwerk van de drie gemeenten. We zorgen voor een intensievere samenwerking tussen de Klantmanagers Werk en de Klantmanagers Inburgering. Hierdoor worden de nieuwkomers goed begeleid waardoor ook zij veelvuldig participeren binnen de samenleving. Ook de klanten met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en de klanten waarbij (duurzame) uitstroom niet (op korte termijn) realiseerbaar is spreken we minstens eens per jaar. We zorgen dat werkgevers op de hoogte zijn van de regelingen waar zij gebruik van kunnen maken als zij klanten van de diverse doelgroepen in dienst willen nemen.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

15

3.4. •

•

• •

•

3.5.

Wat gaan we daarvoor doen? Binnen Participatie is onze dienstverlening gericht op het bieden van maatwerk: we doen wat nodig en passend is voor de klant. We gaan uit van de mogelijkheden en stimuleren de eigen kracht van inwoners. We werken methodisch volgens de methodiek Gewogen Maatwerk en werken stresssensitief. We hebben alle klanten en hun mogelijkheden goed in beeld. Om inwoners richting werk te begeleiden, inventariseren klantmanagers mogelijkheden en belemmeringen en zetten indien nodig trainingen of trajecten in voor inwoners, vanuit een breed instrumentenaanbod in diagnostiek, opleiding en bemiddeling in EVA (Effectief, Vakbekwaam en Actueel). Jobcoaches begeleiden richting werk, jobhunters zoeken passende banen. We werken samen met maatschappelijke organisaties en bieden diverse subsidies, waaronder loonkostensubsidie, om duurzame toetreding tot de arbeidsmarkt te stimuleren. Naast onze lokale dienstverlening werken we ook regionaal samen in het Werkcentrum regio Amersfoort. We zetten onze gidsen onder andere in om meer inwoners uit de drie gemeenten bekend te maken met het Werkcentrum. Daarnaast zorgen jobhunters en klantmanagers ervoor dat regionale trajecten optimaal ingezet worden voor klanten van Eemkracht. We willen nog intensiever samenwerken in de regio met samenwerkingspartners van het Regionaal Beraad en met lokale maatschappelijke organisaties.

Zo kunnen we meer regionaal en collectief aanbod benutten. Het is belangrijk dat medewerkers periodiek geschoold worden. Daarnaast zullen wetswijzigingen als de Participatiewet in Balans ook trainingen vragen. Opleidingen worden begroot binnen het opleidingsbudget. De drie gemeenten hebben afspraken gemaakt met Amfors over een minimaal aantal te plaatsen klanten. Wij zijn ervoor verantwoordelijk dat deze taakstelling gehaald wordt. De taken van Amfors worden verder uitgebreid voor beschut werk en de Banenafspraak. Hier is mogelijk extra budget voor nodig. In 2026 gaan we verder in gesprek om invulling te geven aan het Toekomstplan Sociaal Ontwikkelbedrijf en de vertaling in benodigde budgetten. Om daarnaast het Participatiebudget in te kunnen (blijven) zetten voor alle groeiende doelgroepen (met name Banenafspraak, niet-uitkeringsgerechtigden, jongeren) is op termijn mogelijk een uitbreiding nodig van het beschikbare Participatiebudget. Met de gemeenten zullen we de concrete vertaling maken.

Prestatie-indicatoren 2026

2027

2028

Wat

100%

100%

100%

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Duidelijke afspraken tussen Eemkracht en de klant Alle klanten hebben een plan van aanpak Optimale begeleiding naar werk We scoren tenminste even hoog als landelijk gemiddeld voor wat betreft de uitstroom naar werk1.

1 Gezien de lage bijstandsdichtheid in de drie Eemkracht-gemeenten en de verhoudingsgewijs grotere instroom van mensen met grote

achterstand tot de arbeidsmarkt, is een ontwikkeling gelijk aan de landelijke gunstig.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

16

3.6.

Wat kost het?

Programma 2: Participatie (Werk)

Uitvoeringskosten (x € 1.000)

3.7. • •

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Participatie werk en activering

€

316 €

316 €

316 €

316

Beschut werk

€

30 €

30 €

30 €

30

Studietoeslag

€

60 €

60 €

60 €

60

Lasten

€

406 €

406 €

406 €

406

Bijdrage gemeenten: participatie (werk)

€

-406 €

-406 €

-406 €

-406

Baten

€

-406 €

-406 €

-406 €

-406

Welke risico's zien wij? De taken van Amfors worden verder uitgebreid voor beschut werk en de Banenafspraak. Hier is mogelijk extra budget voor nodig. In 2026 gaan we verder in gesprek om invulling te geven aan het Toekomstplan Sociaal Ontwikkelbedrijf. Zoals bij programma inkomen genoemd, verwachten we in 2026 en 2027 een toename van het klantenbestand van 2%. Als dit daadwerkelijk doorzet betekent dit een caseloadverzwaring. Er moeten dan keuzes gemaakt worden hoe we hiermee omgaan.

3B. INBURGERING 3.8.

Omschrijving

Het programma Inburgering beslaat de nieuwe wet Inburgering, die erop gericht is om statushouders zo snel mogelijk (maatschappelijk) te laten meedoen in Nederland. Er wordt duaal gewerkt, dat wil zeggen dat de focus ligt op zowel het inburgeren als op het participeren.

3.9. •

Wat zijn ontwikkelingen? De ontwikkelingen die we in onderdeel A (Participatie) beschreven hebben gelden ook voor onderdeel B (Inburgering).

3.10. Wat willen we bereiken? •

• • • • •

We zorgen voor een nog intensievere samenwerking tussen de Klantmanagers Werk en de Klantmanagers Inburgering. Door klantmanagers Werk vroeger te betrekken bij het duale inburgeringstraject, streven we ernaar dat het ondersteunen van inburgeraars bij het vinden van een praktijkstage van 40 uur (onderdeel van de Module Arbeidsmarkt Participatie) minder nodig is. Dit omdat hier al invulling aan wordt gegeven door het doen van vrijwilligerswerk of betaald werk. Op die manier worden de nieuwkomers goed begeleid, maken zij vroeg kennis met de Nederlandse arbeidsmarkt en zetten zij eerder stappen richting werk of actieve participatie in de samenleving. We benutten kansen voor statushouders die de Regionaal verbinder statushouders ontwikkelt en initieert. We breiden het aantal mogelijke werkervaringsplekken uit. We pakken verzuimmeldingen eerder op en werken hiervoor samen met de statushouder, vluchtelingenwerk en de taalschool We brengen mogelijkheden en belemmeringen zo snel mogelijk in beeld om daarmee het inburgeringstraject succesvol te kunnen doorlopen. We zorgen dat registratiesystemen up to date zijn en blijven en wijzigingen delen met onze samenwerkingspartners.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

17

3.11. Wat gaan we daarvoor doen? •

•

We begeleiden de nieuwkomers tijdens het inburgeringstraject. We stimuleren dat de nieuwkomer zo veel mogelijk zelf regie neemt. Na de brede intake waarbij het Persoonlijk Inburgeringsplan (PIP) opgesteld wordt en een leerroute bepaald wordt, voert de klantmanager inburgering periodiek een voortgangsgesprek met de inburgeraar. Tijdens deze gesprekken bespreken we de voortgang van het inburgeringstraject en wat ervoor nodig is om eventuele belemmeringen weg te nemen of te verkleinen. Daarnaast bespreken we de mogelijkheden om te participeren. Uitgangspunt hierbij is dat een nieuwkomer voor het afronden van het inburgeringstraject participeert, bij voorkeur door betaalde arbeid zonder aanvullende bijstandsuitkering. Dit wordt opgenomen in een Plan van aanpak. We willen intensiever samenwerken in de regio met de regionaal verbinder statushouders waarbij we aan de voorkant kunnen aangeven wat de behoeften zijn van onze klanten.

3.12. Prestatie-indicatoren 2026

2027

2028

Wat

100%

100%

100%

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Duidelijke afspraken tussen Eemkracht en de klant Alle klanten hebben een plan van aanpak Optimale begeleiding naar werk We scoren tenminste even hoog als landelijk gemiddeld voor wat betreft de uitstroom naar werk2.

3.13. Welke risico's zien wij? •

•

•

In 2026 besteden de drie gemeenten het inburgeringsonderwijs mogelijk opnieuw aan. De impact op de samenwerking tussen Eemkracht en de (eventuele nieuwe) aanbieder van dit onderwijs in 2027, en op de dienstverlening van Eemkracht, is nu nog niet te overzien. De taakstelling voor het huisvesten van vergunningshouders en daarmee de instroom van nieuwe inburgeraars is afhankelijk van erg veel factoren. Hierdoor kunnen we onvoldoende inschatten hoeveel mensen we in 2027 moeten plaatsen. De taakstelling heeft invloed op de ontwikkeling van het klantenbestand en de benodigde formatie. De afgelopen jaren was de instroom fors hoger dan de uitstroom. We zien daarnaast dat de conjunctuur niet gunstig is. Mogelijk ligt de instroom in 2026 en 2027 ook nog hoger dan de uitstroom. Als het klantenbestand daadwerkelijk gaat stijgen, moeten we gaan berekenen wat dit betekent voor de personele inzet.

2 Gezien de lage bijstandsdichtheid in de drie Eemkracht-gemeenten en de verhoudingsgewijs grotere instroom van mensen met grote

achterstand tot de arbeidsmarkt, is een ontwikkeling gelijk aan de landelijke gunstig.

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

18

3.14. Wat kost het? Begroting 2027

Progr. 2: (Inburgering)

Uitvoeringskosten (x € 1.000)

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Uitvoeringsbudget Inburgering

€

150

€

150

€

150

€

150

Lasten

€

150

€

150

€

150

€

150

Bijdrage gemeenten: inburgering

€

-150

€

-150

€

-150

€

-150

Baten

€

-150

€

-150

€

-150

€

-150

Het personeel voor de uitvoering van dit programma is ondergebracht in de integrale teams van Eemkracht. Zie hoofdstuk 8 voor de teamindeling. De personele kosten voor dit programma zijn: Programma 2: Participatie en inburgering

Fte 2027

P-kosten 2027

Personele kosten

29,59

€

2.865

Integraal team Baarn

7,90

€

751

Integraal team Bunschoten

5,39

€

513

Integraal team Soest

13,41

€

1.275

Team Kennis en Expertise

2,89

€

325

(x 1.000)

Verdeeld over:

Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

19

Programma 3: WMO en Jeugd

4.

4A. WMO 4.1. Omschrijving • • • • • •

4.2. •

• •

•

4.3.

• • •

Op basis van de Wmo biedt Eemkracht noodzakelijke ondersteuning aan inwoners die beperkingen ervaren in zelfredzaamheid en participatie. We bieden kwetsbare inwoners de noodzakelijke ondersteuning bij zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. We onderzoeken de hulpvraag van de inwoner en waar nodig kennen we de volgende voorzieningen toe: hulp bij het huishouden, (eigen) begeleiding, dagbesteding, vervoersvoorzieningen, woningaanpassingen en hulpmiddelen. We voeren regie op ingezette hulpverlening, waaronder beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang. We signaleren, beoordelen onveilige situaties binnen huishoudens en organiseren en coördineren passende ondersteuning om duurzame veiligheid te herstellen en te behouden. We handelen Veilig Thuis meldingen en meldingen van het Meld- en Adviespunt Bezorgd af.

Wat zijn ontwikkelingen? Volgens het Wmo voorspelmodel (wmovoorspelmodel.vng.nl) groeit Wmo-gebruik in 2027 ten opzichte van 2024 (in Soest 4%, Baarn 4% en Bunschoten 9%). Van grote invloed hierop is de dubbele vergrijzing. Ook speelt landelijk dat jongvolwassenen tussen 30-45 jaar in toenemende mate gebruik maken van de Wmo. Mogelijk wordt in 2027 de eigen bijdrage landelijk weer inkomensafhankelijk. Als deze wetgeving doorgang krijgt, zal dit een grote impact hebben. Per 2027 start in regio Amersfoort de nieuwe inkoop voor begeleiding Wmo, beschermd wonen, begeleid wonen in een safehouse en respijtverblijf om gebruik van specialistische zorg te beperken en af te schalen naar lokale voorzieningen en naar Eemkracht. Naast deze verschuiving verwachten we hierdoor een toename van vraag naar een maatwerkvoorziening in Pgb. Er is sprake van steeds complexere casuïstiek onder andere doordat inwoners langer thuis moeten blijven wonen in combinatie met een krappe woningmarkt. De afweging tussen een woning aanpassen of verhuizen is ingrijpend.

Wat willen we bereiken? Dat inwoners die ondersteuning van de WMO nodig hebben dat snel en op maat krijgen, zo lang als nodig en zo kort als mogelijk. Dat we de inzet van specialistische zorg (begeleiding Wmo) beperken. Dat we waar dat kan inzetten op ondersteuning vanuit de basisvoorzieningen.

4.4. Wat gaan we daarvoor doen? • •

4.5.

Ons voorbereiden op wat de nieuwe aanbesteding van Eemkracht gaat vragen om de verschuiving van taken goed op te vangen (lering trekken uit start MetMaya) en zorgen voor een soepel implementatieproces. De taken uitvoeren die onder 4.1 staan genoemd.

Prestatie-indicatoren

In dit programma hebben we geen prestatie-indicatoren opgenomen, omdat de begroting en DVO 2026 voor dit programma nog geen prestatieafspraken en –indicatoren bevatten. Dit is een bewuste keuze geweest om daarmee tijd te nemen om samen met de gemeenten te komen tot goede prestatiecriteria. Ontwerpbegroting 2027 en Meerjarenraming 2028 - 2030

20

4.6.

Wat kost het?

Zie totaaltabel met inzet van de capaciteit binnen programma 3: WMO en Jeugd.

4.7. • • •

Welke risico's zien wij? Mogelijk oplopende wachttijden bij de nieuwe contractpartners voor de WMO. Mogelijke toename in vraag naar Pgb’s bij Wmo-begeleiding doordat een deel van de huidige aanbieders per 1 januari 2027 niet langer gecontracteerd zal zijn en niet in onderaannemerschap wil werken. Mogelijke onduidelijkheid rond invoering eigen bijdrage.

4B. JEUGD 4.8.

Omschrijving

Op basis van de Jeugdwet biedt Eemkracht tijdige, passende hulp en ondersteuning aan jeugdigen en hun ouders/verzorgers bij opgroei- en opvoedproblemen, psychische problemen en stoornissen, met de nadruk op preventie, eigen kracht en veilig opgroeien. We ondersteunen kinderen/jongeren en hun ouders gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid, en voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren. Daarvoor bieden we: • Onderzoek naar de hulpvraag volgens de stappen van de centrale raad van beroep. • De triage doen of wel/geen specialistische jeugdhulp gewenst is. • Begeleiding: Na het onderzoek, of na afronding van specialistische hulpverlening, kan begeleiding of ondersteuning worden ingezet zoals lichte opvoedingsondersteuning en psychosociale ondersteuning, ambulante ondersteuning in het gezin bij hulpvragen die niet specialistisch zijn naast inzet van specialistische hulp en/of collectief aanbod • Procesregievoering op ingezette hulpverlening, bij alle jeugdigen die jeugdhulp ontvangen, bij welke organisatie dan ook. In de basis is Eemkracht hierin de verantwoordelijke partij. • Het onderzoeken, inschatten en coördineren van passende hulp en veiligheid voor betrokkenen na een melding vanuit Veilig Thuis (VT), in samenwerking met ketenpartners.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17071078/1