CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Verbeelding ontwerp bestemmingsplan Schootsenhoek 6 te Castelre

Gemeenteraad (openbaar) 29 juni 2022, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Voorstel tot het ongewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan Schootsenhoek 6 te Castelre23.618 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Indien alleen tabel-1 soorten worden aangetroffen volstaat voor ruimtelijke ontwikkeling een quickscan (lichte toets). Wanneer tabel 2 of 3- soorten worden aangetroffen of worden verwacht kan afhankelijk van toekomstige ingrepen en de soort aanvullende toetsing nodig zijn (uitgebreide toets). Doorgaans is daarvoor intensiever onderzoek nodig in het geschikte jaargetijde. Per augustus 2009 is de beoordeling Flora- en faunawet bij ruimtelijke ingrepen door de Dienst Regelingen gewijzigd, waardoor bij aantoonbaar voldoende mitigatie en compensatie voor strikt beschermde soorten niet altijd meer een ontheffing hoeft te worden aangevraagd. Ontheffingen voor Habitatrichtlijnsoorten worden vrijwel niet meer verleend. Nesten van voCastelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

5

gels zijn doorgaans alleen beschermd tijdens het broedseizoen. Van een beperkt aantal vogelsoorten zijn nesten ook buiten het broedseizoen en dus jaarrond beschermd (zie tabel 3). Van alle categorieën vogels in hieronder genoemde tabel is het belangrijk aan-of afwezigheid van nesten / territoria aan te tonen. Via een omgevingscheck en eventueel nader onderzoek is dit mogelijk. Op basis van een vrij recente uitspraak door de Raad van State (11 juli 2012) worden ontheffingsaanvragen voor Habitatrichtlijnsoorten en vogels strenger beoordeeld. Ontheffing (voor een ruimtelijke ingreep) wordt slechts verleend indien sprake is van een belang in het kader van de Habitatrichtlijn en / of de Vogelrichtlijn. Per eind september 2013 is het ontheffingsbeleid formeel gewijzigd en is de positieve afwijzing voor veel strikter beschermde soorten definitief van de baan.

Ta b e l 3 B esc h e r m i n g sc a t e g or ieë n n e s t e n , w a a r v a n d e v e r b o d sb e p a l i n g e n van artikel 11 van de F l o r a - e n f a u n a w et ja a r ro n d ( 1 t / m 4 ) o f tij d e n s h e t b ro e d s e izoen (categorie 5) g e l d en

Categorie

Omschrijving Jaarrond beschermde nesten

1

Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil).

2

Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing of biotoop. De fysieke voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus).

3

Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk).

4

Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). Niet jaarond beschermde nesten Let op: onderbouwing en eventueel nader onderzoek echter gewenst

5

Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen (voorbeeld: boerenzwaluw, ekster, groene specht en spreeuw.

2.3 Gebiedsbescherming in het kader van de EHS en Natura 2000 Het plangebied ligt op relatief grote afstand van beschermde gebieden (EHS en Natura 2000). Het dichtsbijzijnde Natura 2000 - gebied ligt op Belgisch grondgebied (“Heesbossen, Vallei van Marke en Merkske en Ringven met valleigronden langs de Heerlese Loop”) op circa 1,7 km afstand van het plangebied. De EHS is op een afstand van circa 700 meter of meer in de vorm van verspreide vlakken in de omgeving aanwezig. Door de grote afstand en de beperkte Castelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

6

aard van de ingrepen, zijn effecten op beschermde gebieden in de omgeving op voorhand uit te sluiten. Gebiedsbescherming en effecten door externe werking zijn niet aan de orde.

3 Resultaten van het veldonderzoek 3.1 Algemeen Het veldonderzoek werd uitgevoerd op 25 november 2015 door J. van Suijlekom. Biotopen De volgende biotopen zijn aangetroffen: Delen waar de ingrepen gaan plaatsvinden

» » Bebouwing: Bedrijfswoning opgetrokken uit baksteen (steens muren) met een pannendak en een bijgebouw opgetrokken uit houten hout met een bitumen dakbekleding. Overige delen van het plangebied

» » Tuin met een gazon en bijbehorende beplantingen, waaronder houtsingels met grotendeels inheemse bomen en struiken;

» » Verhardingen. Het plangebied is gelegen aan een doorgaande weg en wordt grotendeels omgeven door een rij open gebied met weilanden en akkers. Water ontbrak in het plangebied en de nabije omgeving.

3.2 Beschermde soorten: resultaten en verwachting Planten Er werden zowel binnen de delen waar de ingrepen plaats gaan vinden als in de tuin zelf en overige delen van het erf geen door de Flora- en faunawet beschermde plantensoorten aangetroffen. Dit zijn kritische soorten waarvoor geschikte habitat ontbrak. Zoogdieren algemeen In het plangebied zijn geen sporen aangetroffen van stikter beschermde grondgebonden zoogdieren. De bebouwing was geheel ontoegankelijk voor zoogdieren. De aanwezigheid van strikter beschermde grondgebonden zoogdieren binnen de invloedssfeer van de ingrepen kan redelijkerwijs worden uitgesloten. Vleermuizen Verblijfplaatsen De bedrijfswoning is beoordeeld als gedeeltelijk toegankelijk en geschikt voor vleermuizen. Dit betrof het dak, waarvan delen tussen dakpannen en (moderne) dakplaten toegankelijk waren. Er vinden echter geen ingrepen aan het dak plaats. Zolders waren bewoond en niet toegankelijk voor vleermuizen. Indien vleermuizen aanwezig zijn, zijn geen effecten te verwachten, Castelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

7

door dat het gebruik van de woning feitelijk hetzelfde blijft. Soorten die in deze context kunnen worden verwacht zijn onder meer de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis en de laatvlieger. Het te verbouwen bijgebouw bleek door afwerking geheel ontoegankelijk voor vleermuizen. Verblijfplaatsen in de bebouwing kunnen op voorhand worden uitgesloten. Foerageergebied en vliegroutes Als foerageergebied heeft het plangebied mogelijk enige betekenins. Het oppervlak van het plangbied zelf is dermate gering in verhouding tot geschikt foerageergebied in de omgeving, zodat effecten op de foerageermogelijkheden op voorhand uit te sluiten zijn. De laanbeplanting parallel aan de Schootsenhoek, ten oosten van het plangebied, is in potentie geschikt als vliegroute. Deze structuur blijft behouden, zodat deze (potentiële) functie gehandhaaft blijft. Effecten op vleermuizen zijn redelijkerwijs uit te sluiten. Vogels Algemene soorten, niet jaarrond beschemd In het plangebied werden tijdens het veldbezoek algemene vogels aangetroffen als de merel de koolmees, de winterkoning en de roodborst. In het plangebied is door de aanwezigheid van de groenelementen een ruim aanbod aan potentieel geschikte plekken om te broeden, dit geld ook voor beplantingen nabij het te slopen deel van het zuidelijk gelegen gebouw.

Door de sloop af te stemmen op het broedseizoen zijn effecten op broedende vogels eenvoudig te voorkomen. Jaarrond beschermde soorten In het plangebied is een redelijk aantal huismussen aangetroffen. De mussen werden op en nabij de bedrijsfwoning en in beplantingen in het zuidelijke deel van het plangebied waargenomen. Bij de bedrijswoning werden op diverse plekken sporen aangetroffen bij openingen onder het pannendak. Het is vrij zeker, dat de huismus ook onder de dakpannen broedt. Er vinden echter geen fysieke ingrepen plaats aan het dak, zodat effecten op de huismus niet aan de orde zijn. De tuin blijft behouden, zodat ook geen effect te verwachten is op het functionele leefgebied van de huismus. Enkele plekken bij de woning zijn beoordeeld als potentieel geschikt voor de gierzwaluw. In agrarisch gebied met wijd verspreide spaarzame bebouwing is de kans op de aanwezigheid van de gierzwaluw aanmerkelijk minder dan in gebieden met aaneengesloten geschikte bebouwing. Er is een theoretische kans dat de gierzwaluw eveneens broedt onder het dak. Ook op de gierzwaluw zijn om dezelfde rede als de huismus geen effecten te verwachten. Het dak blijft behouden. Het plangebied is gelegen in een voor de steenuil en de kerkuil geschikte biotoop. In het plangebied zelf ontbreken mogelijkheden om te broeden voor beide soorten. Daken / objecten bieden geen toegang voor uilen.

Als foerageerbiotoop kan het plangebied enige betekenis hebben, echter blijven deze mogelijkheden ruimschoots aanwezig. Effecten op de foerageermogelijkheden voor uilen zijn niet aan de orde. Overige jaarrond beschermde broedvogels Castelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

8

worden in het plangebied niet verwacht. Nesten van roofvogels werden niet aangetroffen. Overige soortgroepen Voor de overige door de Flora- en faunawet beschermde soortgroepen ontbrak, mede door de afgwezigheid van water, geschikt leefgebied. Als landbiotoop voor amfibieën zijn de delen die betrokken worden bij de ingreep niet geschikt.

4 Conclusies en aanbevelingen Conclusie Binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden, is de volgende potentiële beschermde natuurwaarde aangetroffen waar men rekening mee dient te houden:

» » Kans op de aanwezigheid van algemene broedende vogels (niet jaarrond beschermd) nabij het te slopen deel van het zuidelijk gelegen gebouw. De bedrijfswoning is beoordeeld als geschikt voor vleermuizen, de huismus en de gierzwaluw. Het betreft echter het dak. De huismus broedt vrij zeker in het plangebied. Doordat geen fysieke ingrepen aan het dak gaan plaatsvinden, zijn effecten op deze soorten redelijkerwijs uit te sluiten.

Aanbeveling Aanbevolen wordt tijdens de werkzaamheden rekening te houden met het broedseizoen. Derhalve wordt aanbevolen de sloop buiten het broedseizoen uit te voeren, óf ruim voor het broedseizoen te starten. Vogels zullen als de werkzaamheden reeds zijn gestart, groenstroken in de directe nabijheid van de werkvakken mijden. De de meeste vogels broeden in de periode half maart t/m augustus. Indien vaststaat, dat nabij het te slopen deel (binnen een straal van 10 meter) geen nesten aanwezig zijn van vogels, is sloop ook mogelijk binnen het broedseizoen.

Castelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

9

Literatuur Broekhuizen, S., B. Hoekstra, V. van Laar, C. Smeenk, en J.B.M. Thissen, 1992. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. KNNV Uitgeverij, Utrecht. Diepenbeek, A. van, 1999. Veldgids Diersporen (tweede druk, 2003). KNNV Uitgeverij, Utrecht. Meijden, R. van der, 2005. Heukel’s flora van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Internet » » Google Earth » » http://kaartbank.brabant.nl/viewer/app/natuurbeheerplan/ » » http://www.geopunt.be/ » » http://www.rvo.nl/ » » http://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx

Buro Maerlant BV Dorpsstraat 17 4271 AA Dussen T 085 877 86 85 E info@BuroMaerlant.nl I www.BuroMaerlant.nl KvK 63036371

Castelre Schootsenhoek 6 Quickscan flora en fauna

10

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

Bijlage 5: Akoestisch onderzoek, Kraaij Akoestisch Adviesbureau, 16 december 2015

Bestemmingsplan toelichting 150870

Pagina 42 van 44

Akoestisch Onderzoek Schootsenhoek 6 Te Castelré

Akoestisch Onderzoek Schootsenhoek 6 Te Castelré

Projectnummer

: VL.1550.R01

Revisie

:

Rapportdatum

: 16 december 2015

Auteur

: P. Kraaij

Opdrachtgever

: Architecten Buro Schoenmakers BV Minnelingsebrugstraat 4a 4885 KP Achtmaal

Contactpersoon

: Mw. L. Schrauwen

Kraaij Akoestisch Adviesbureau Frisodonk 5 4707 VG Roosendaal T: 0165‐544833 F: 0165‐544122 M: 06‐10078854 E: info@kraaijbv.nl

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING ............................................................................................................................................... 4

2

WETTELIJK KADER ................................................................................................................................... 5 2.1 2.2 2.3 2.4

3

ALGEMEEN ................................................................................................................................................... 5 WEGVERKEERSLAWAAI.................................................................................................................................... 5 NIEUWE SITUATIES ......................................................................................................................................... 6 REKEN‐ EN MEETVOORSCHRIFT GELUID 2012...................................................................................................... 6

UITGANGSPUNTEN ................................................................................................................................. 7 3.1 3.2 3.3 3.4

ALGEMEEN ................................................................................................................................................... 7 VERKEERSGEGEVENS ....................................................................................................................................... 8 REKENMETHODE ............................................................................................................................................ 8 MODELLERING .............................................................................................................................................. 9

4

REKENRESULTATEN ............................................................................................................................... 10

5

CONCLUSIE ........................................................................................................................................... 11 5.1 ALGEMEEN ................................................................................................................................................. 11 5.2 TOETS AAN DE WET GELUIDHINDER ................................................................................................................. 11 5.3 MAATREGELEN ............................................................................................................................................ 11 5.3.1 Bronmaatregelen ............................................................................................................................. 11 5.3.2 Overdrachtsmaatregelen ................................................................................................................. 11 5.4 ADVIES ...................................................................................................................................................... 12 5.5 TOETS AAN BOUWBESLUIT ............................................................................................................................ 12

Bijlage I : Bijlage II :

Modelgegevens Rekenresultaten vanwege de Schootsenhoek

Figuur 1 : Figuur 2 :

Overzicht modellering Weergave ligging toetspunten

VL.1550.R01

pagina 3

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

1

INLEIDING

In opdracht van Architecten Buro Schoenmakers BV is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek verricht in verband met een bestemmingsplanwijziging voor de Schootsenhoek 6 in Castelré. Momenteel is op deze locatie een voormalig winkelpand en een bedrijfswoning aanwezig met in het gebouw ten zuiden hiervan een voormalig café. Men is voornemens deze gebouwen inpandig te verbouwen tot twee burgerwoningen (in het voormalig winkelpand en de bedrijfswoning) en een bijgebouw (voormalig café). Alle andere gebouwen op het perceel zijn reeds gesloopt. Aanleiding voor dit onderzoek is een aanvraag omgevingsvergunning, waarbij voor het wijzigen van het bestemmingsplan een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai verplicht is. Het akoestisch onderzoek heeft tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai te bepalen en deze te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. De toekomstige burgerwoningen zijn gelegen aan de Schootsenhoek. Deze weg is zoneringsplichtig op grond van de Wet geluidhinder. Op grond van deze Wet moet de geluidbelasting op nieuwe woningen, welke binnen de geluidzone van een weg zijn gelegen, worden bepaald. In onderhavige situatie worden de te realiseren twee burgerwoningen beschouwd als nieuwe woningen.

Voor onderhavig onderzoek is gebruikt gemaakt van de volgende informatie:  Digitale ondergrond (BAG) van het onderzoeksgebied, gedownload via de website van het kadaster;  Tekening bestaande en nieuwe situatie van het plangebied, verkregen via de opdrachtgever;  Google Earth/Google streetview;  AHN‐viewer;  Verkeersgegevens Schootsenhoek, aangeleverd door de gemeente Baarle‐Nassau. De genoemde geluidbelastingen in dit rapport zijn inclusief aftrek ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder, tenzij anders is vermeld. Deze aftrek is geregeld in artikel 3.4 van het Reken‐ en meetvoorschrift geluid 2012. In hoofdstuk 2 van deze rapportage wordt ingegaan op het wettelijk kader. Vervolgens worden in hoofdstuk 3 de uitgangspunten voor het onderzoek besproken. In hoofdstuk 4 worden de resultaten en in hoofdstuk 5 de conclusie van het akoestisch onderzoek behandeld.

VL.1550.R01

pagina 4

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

2

WETTELIJK KADER 2.1

Algemeen

De regels (grenswaarden) met betrekking tot de (maximaal) toelaatbare hoeveelheid geluid afkomstig van een industrieterrein, weg of spoorweg, zijn opgenomen in de Wet geluidhinder (Wgh). Voor wegverkeerslawaai is hoofdstuk VI van de Wgh van toepassing. De Wet geluidhinder is alleen van toepassing binnen een conform deze wet geldende geluidszone. De grenswaarden (voorkeursgrenswaarde en ten hoogste toelaatbare waarde) uit de Wet geluidhinder zijn van toepassing op de geluidsbelasting op de gevel van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en terreinen (o.a. woonwagenstandplaatsen, ligplaatsen in het water, scholen, kinderdagverblijven, ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere gezondheidszorggebouwen). In artikel 1 en artikel 1b lid 4 van de Wet geluidhinder is de volgende definitie opgenomen voor het begrip gevel: de bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak. In afwijking van artikel 1 wordt onder een gevel in de zin van deze wet en de daarop berustende bepalingen niet verstaan: a.

een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in de NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

b.

Daarnaast gelden voor de verschillende geluidgevoelige ruimten in de verschillende geluidgevoelige bestemmingen, afhankelijk van het gebruik van de ruimte, afwijkende normen met betrekking tot de toelaatbare geluidbelasting binnen deze ruimten.

2.2

Wegverkeerslawaai

De regels en normen die gelden voor wegverkeerslawaai zijn opgenomen in hoofdstuk VI “Zones langs wegen” van de Wet geluidhinder. De regels en normen uit de Wet geluidhinder (Wgh) gelden binnen de wettelijk vastgestelde zone van een weg. De breedte van de zone van een weg is geregeld in afdeling 1 “Omvang geluidzones” van genoemd hoofdstuk. Op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder heeft elke weg een geluidzone, met uitzondering van de volgende wegen: 1. 2.

wegen gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied; wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt.

De breedte van een zone is, op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder, afhankelijk van de ligging in stedelijk1 of buitenstedelijk2 gebied en van het aantal rijstroken. De afstanden, genoemd in artikel 74, eerste lid, worden aan weerszijden van de weg gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook.

1

Onder stedelijk gebied wordt verstaan, het gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor toepassing van hoofdstuk VI (“Wegen”) van de Wet geluidhinder, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens. 2 Onder buitenstedelijk gebied wordt verstaan, het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor toepassing van hoofdstuk VI (“Wegen”) van de Wet geluidhinder, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens.

VL.1550.R01

pagina 5

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré In onderstaande tabel staan de zones langs wegen weergegeven. Tabel 2.1: Zonebreedtes wegen Aantal rijstroken

Zone in stedelijk gebied

Zone in buitenstedelijk gebied

1 of 2 rijstroken

200 meter

250 meter

3 of 4 rijstroken

350 meter

400 meter

5 of meer rijstroken

350 meter

600 meter

Aan de uiteinden van een weg loopt de zone door over een afstand gelijk aan de breedte van de zone ter hoogte van het einde van de weg. De zone loopt door langs een lijn die is gelegen in het verlengde van de wegas. Zij behoudt de breedte die zij had ter hoogte van het einde van de weg. In de omgeving van de onderzoekslocatie is de Schootsenhoek gelegen. Deze weg is in buitenstedelijk gebied gelegen en bestaat grotendeels uit één rijstrook. De zonebreedte van deze weg bedraagt daarmee 250 meter. De nieuwe woningen liggen vrijwel direct aan de weg, waardoor getoetst moet worden aan de Wet geluidhinder. In de Wet geluidhinder wordt voor wegverkeerslawaai onderscheid gemaakt in nieuwe situaties, bestaande situaties en reconstructies. De grenswaarden en regels die hierbij gelden zijn opgenomen in de onderstaande afdelingen (artikelen) van hoofdstuk VI “Zones langs wegen” van de Wet geluidhinder:   

afdeling 2 “Maatregelen met betrekking tot nieuwe situaties in zones” (artikel 76 t/m 87i); afdeling 3 “Bestaande situaties” (artikel 87j t/m 90); afdeling 4 “Reconstructies” (artikel 98 t/m 100b).

Voor onderhavige situatie is de afdeling 2 van toepassing.

2.3

Nieuwe situaties

Conform de Wet geluidhinder worden bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan de waarden van de geluidbelasting van de gevel van woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone, in acht genomen. Op grond van artikel 82 bedraagt de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting vanwege een weg 48 dB. In afwijking hierop kan op grond van de artikelen 83 tot en met 85 een hogere waarde worden vastgesteld, met dien verstande dat deze waarde voor woningen in buitenstedelijk gebied de 53 dB niet te boven mag gaan en voor woningen in stedelijk gebied de 63 dB niet te boven mag gaan. In onderhavige situatie is het plangebied gelegen in buitenstedelijk gebied en is uitgegaan van een ontheffingswaarde van maximaal 53 dB.

2.4

Reken‐ en meetvoorschrift Geluid 2012

Met ingang van 20 mei 2014 is het Reken‐ en meetvoorschrift Geluid gewijzigd. Deze wijziging is tijdelijk van kracht en betreft een verruiming van de aftrek bij wegen met een snelheid van 70 km/ uur en hoger. De wijziging voorkomt tijdelijke extra belemmeringen voor woningbouwplannen. In onderhavige situatie is de maximale snelheid op de in het onderzoek betrokken wegen 60 km/uur en is deze verruiming niet van toepassing.

VL.1550.R01

pagina 6

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

3

UITGANGSPUNTEN 3.1

Algemeen

Het plangebied omvat de inpandige verbouwing van een voormalig winkelpand en een bedrijfswoning tot twee burgerwoningen aan de Schootsenhoek 6 in Castelré. Daarnaast wordt het andere gebouw op het perceel, ten zuiden van de toekomstige burgerwoningen (het voormalig café) ingericht als bijgebouw. De overige gebouwen op het perceel zijn reeds gesloopt. Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente Baarle‐Nassau. Op een afstand van circa 1,5 km ten westen van de onderzoekslocatie bevindt zich Minderhout, ten zuidwesten Hoogstraten, ten noorden de kern van Castelré en ten zuiden Wortel. De omgeving van de onderzoekslocatie kan getypeerd worden als landelijk/agrarisch met verspreid liggende bebouwing langs de wegen. Het plangebied ligt ten westen van de Schootsenhoek, deze weg is gecategoriseerd als erftoegangsweg voor de woningen in het buitengebied, maar vormt tevens ook een onderdeel van de route voor recreatief verkeer. Op een afstand van bijna 500 meter ten noorden van het plangebied bevindt zich de Hoogstratensebaan, de verbindingsweg tussen Baarle‐Nassau en Minderhout. In de directe omgeving van het onderzoeksgebied bevindt zich op circa 30 meter ten zuiden van de onderzoekslocatie de woning Schootsenhoek 8. Verder naar het zuiden liggen tevens de woningen 10, 12 en 11, 11a en 11b bij elkaar.

Ten noorden van de onderzoekslocatie ligt op een afstand van circa 80 meter de woning aan de Schootsenhoek 4 en schuin tegenover het plangebied, aan de andere kant van de weg de woning aan de Schootsenhoek 9. Deze is van alle woningen in de omgeving het dichtstbij gelegen. Direct ten oosten en westen en in de verdere omgeving van het plangebied bevindt zich alleen landelijk gebied. In onderstaande figuur is het onderzoeksgebied weergegeven, met de ligging van de onderzoekslocatie.

Hoogstratensebaan

Onderzoekslocatie

Weergave onderzoeksgebied en (globale) ligging onderzoekslocatie (bron: Google Earth)

VL.1550.R01

pagina 7

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

3.2

Verkeersgegevens

Voor de berekening van de geluidbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai is het noodzakelijk de samenstelling van het verkeer (lichte‐, middelzware‐ en zware motorvoertuigen) en de verdeling van het verkeer over de dag‐ (07.00 ‐ 19.00 uur), de avond‐ (19.00‐23.00) en de nachtperiode (23.00 ‐ 07.00 uur) te kennen. In het rekenmodel dient uitgegaan te worden van verkeerscijfers voor het prognosejaar 2026, 10 jaar na realisatie van de nieuwbouw. De Schootsenhoek wordt beheerd door de gemeente Baarle‐Nassau. Deze heeft ook de verkeersgegevens verstrekt. Het betreffen weekdag gemiddelde motorvoertuigintensiteiten, verkregen uit een verkeerstelling nabij de onderzoekslocatie in 2015. Deze etmaalintensiteit is vervolgens met een autonome groei van 1% doorgerekend naar het prognosejaar 2026. De voertuigverdeling uit de verkeerstelling is ongewijzigd overgenomen in het rekenmodel. In onderstaande tabel zijn de uitgangspunten voor het rekenmodel weergegeven. Tabel 3.1 Verkeersgegevens Weg:

Schootsenhoek

Etmaalintensiteit 2015

2006 motorvoertuigen

Etmaalintensiteit 2026

2238 motorvoertuigen

Autonome verkeersgroei

1% per jaar

Type wegdekverharding:

Dicht Asfalt Beton (W0‐referentiewegdek in rekenmodel)

Snelheidslimiet:

60 km/uur

Verdeling

Dagperiode

Avondperiode

Nachtperiode

(in % )

07 ‐ 19 u

19 – 23 u

23 – 07 u

Intensiteit per uur

6,7

3,6

0,7

Lichte voertuigen

86,9

91

85,6

Middelzware voertuigen

8,5

6,2

10,8

Zware voertuigen

4,6

2,8

3,6

Lichte motorvoertuigen zijn motorvoertuigen op drie of meer wielen, met uitzondering van de in categorie ’middelzwaar’ en ‘zwaar’ bedoelde motorvoertuigen. Middelzware motorvoertuigen zijn gelede en ongelede autobussen, alsmede andere motorvoertuigen die ongeleed zij en voorzien van een enkele achteras waarop vier banden zijn gemonteerd. Zware motorvoertuigen zijn gelede motorvoertuigen, alsmede voertuigen die zijn voorzien van een dubbele achteras, met uitzondering van autobussen. In het onderzoek wordt ervan uitgegaan dat de voertuigverdeling, de rijsnelheid en de wegdekverharding in de huidige situatie ongewijzigd blijven tot het prognosejaar 2026.

3.3

Rekenmethode

De in deze rapportage opgenomen geluidbelastingen voor het prognosejaar 2026 zijn berekend volgens standaard‐ rekenmethode II uit het “Reken‐ en meetvoorschrift geluid 2012” (RMV 2012), als bedoeld in artikel 110 van de Wet geluidhinder. Bij de berekening van de geluidsbelastingen volgens standaard‐rekenmethode II is gerekend met één reflectie en een sectorhoek van twee graden. Aangezien niet bekend is waar zich geluidgevoelige ruimtes gaan bevinden, is gerekend met een toetshoogte op 1,5 meter, 4,5 meter en 7,5 meter hoogte.

VL.1550.R01

pagina 8

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré 3.4

Modellering

Ten behoeve van de berekeningen is een driedimensionaal computersimulatie model opgesteld. Hierbij is gebruik gemaakt van het door DGMR Raadgevende Ingenieurs B.V. ontwikkelde computerprogramma "GEOMILIEU”, versie 3.11. Voor het tot stand komen van het model is gebruik gemaakt van informatie uit kadastrale kaarten, informatie van de opdrachtgever en Google‐Earth/Streetview. Figuur 1 geeft een overzicht van de modellering. In figuur 2 is een gedetailleerde weergave van het rekenmodel met daarin opgenomen de ligging van de toetspunten. De burgerwoningen en alle omliggende woningen zijn als reflecterende objecten ingevoerd (reflectiefactor = 0,8) met een standaardhoogte van 8 meter. De bijgebouwen of andere objecten hebben een standaardhoogte van 6 meter of anders indien de hoogte vanaf Google zo is ingeschat. De bodemfactor van het rekenmodel staat standaard op een zachte, absorberende ondergrond (Bf=1). De wegen en verharde erfgrond zijn als harde, reflecterende bodemgebieden ingevoerd (Bf =0). In bijlage I zijn alle modelgegevens opgenomen voor wat betreft wegen, objecten, bodemgebieden en toetspunten.

VL.1550.R01

pagina 9

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

4

REKENRESULTATEN

In bijlage II is een overzicht met de rekenresultaten opgenomen vanwege de Schootsenhoek. Uit de rekenresultaten blijkt dat de berekende geluidbelasting ten hoogste 59 dB bedraagt vanwege de Schootsenhoek. Deze geluidbelasting wordt berekend op de toetspunten 1 en 2, gelegen op de voorgevels van de beide burgerwoningen, op zowel de begane grond als de 1e verdiepingshoogte. Op de 2e verdiepingshoogte (+7,5 m) bedraagt de berekende geluidbelasting 58 dB. De geluidbelasting op de noordelijke zijgevel (toetspunt 6) bedraagt op alle toetshoogten 52 dB. De geluidbelasting op de zuidelijke zijgevel (toetspunt 3) bedraagt 53 dB op alle toetshoogten. Op de achtergevel van beide woningen (toetspunten 4 en 5) wordt een geluidbelasting van ten hoogste 28 dB berekend. De geluidbelasting is weergegeven in Lden en er is 5 dB aftrek ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder toegepast.

VL.1550.R01

pagina 10

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

5

CONCLUSIE 5.1

Algemeen

In opdracht van Architecten Buro Schoenmakers BV is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek verricht in verband met een bestemmingsplanwijziging voor de locatie aan de Schootsenhoek 6 in Castelré. Momenteel is op deze locatie een voormalig winkelpand en een bedrijfswoning aanwezig met in het gebouw ten zuiden hiervan een voormalig café. Men is voornemens deze gebouwen inpandig te verbouwen tot twee burgerwoningen (in het voormalig winkelpand en de bedrijfswoning) en een bijgebouw (voormalig café). Alle andere gebouwen op het perceel zijn reeds gesloopt. Aanleiding voor dit onderzoek is een aanvraag omgevingsvergunning, waarbij voor het wijzigen van het bestemmingsplan een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai verplicht is. Het akoestisch onderzoek heeft tot doel de geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai te bepalen en deze te toetsen aan de normen uit de Wet geluidhinder. De toekomstige burgerwoningen zijn gelegen aan de Schootsenhoek. Deze weg is zoneringsplichtig op grond van de Wet geluidhinder. Op grond van deze Wet moet de geluidbelasting op nieuwe woningen, welke binnen de geluidzone van een weg zijn gelegen, worden bepaald. In onderhavige situatie worden de te realiseren twee burgerwoningen beschouwd als nieuwe woningen.

5.2

Toets aan de Wet geluidhinder

Vanwege de Schootsenhoek is de hoogst berekende geluidbelasting op de nieuwe woningen 59 dB. Hiermee wordt bij allebei de woningen niet voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De overschrijding bedraagt 4 tot 11 dB. De maximale ontheffingswaarde van 53 dB wordt op de voorgevel van de woningen eveneens overschreden. Onderzoek naar maatregelen om de geluidbelasting te reduceren zijn dus noodzakelijk.

5.3

Maatregelen

Om de geluidbelasting vanwege de Schootsenhoek op de gevels van de nieuwe woningen te reduceren zijn de volgende maatregelen denkbaar: • •

bronmaatregelen; maatregelen in de overdrachtssfeer.

5.3.1 Bronmaatregelen Een bronmaatregel is het toepassen van een geluidarme asfaltsoort. Een dunne deklaag kan worden toegepast op rechte wegvakken zonder kruisend, afremmend en optrekkend verkeer. Een dergelijke maatregel, toe te passen voor twee woningen is te duur en daarom vanuit financieel oogpunt niet haalbaar. Daarnaast bedraagt de te behalen reductie met een dunne deklaag type B circa 3 dB ten opzichte van referentiewegdek, waarmee nog steeds de voorkeursgrenswaarde en de maximale ontheffingswaarde niet wordt behaald. Deze maatregel is daarmee tevens ook niet doelmatig.

5.3.2 Overdrachtsmaatregelen Overdrachtsmaatregelen zijn het plaatsen van een scherm of het zodanig positioneren van de woning op het perceel dat aan de voorkeursgrenswaarden wordt voldaan.

VL.1550.R01

pagina 11

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré Aangezien de voorkeursgrenswaarde ook op de verdiepingen wordt overschreden, zal een hoog scherm (minimaal 7 meter) moeten worden toegepast op korte afstand van de woning of op de perceelsgrens. Een dergelijk scherm is praktisch en vanuit stedenbouwkundig oogpunt niet mogelijk gezien de korte afstand van de woningen tot de weg en stuit daarmee op overwegende bezwaren. Onderzoek naar het veranderen van de positie van de woningen op het is niet relevant, aangezien het bestaande pand alleen inpandig wordt verbouwd tot twee woningen.

5.4

Advies

Omdat alle bovengenoemde maatregelen op problemen stuiten van doelmatige, praktische, stedenbouwkundige of financiële aard, zal een hogere grenswaarde aangevraagd moeten worden bij de gemeente Baarle‐Nassau voor de geluidbelasting vanwege de Schootsenhoek. Om een hogere waarde vast te stellen mag volgens de Wet geluidhinder de geluidbelasting niet hoger zijn dan 53 dB voor woningen in buitenstedelijk gebied. Aangezien de hoogst berekende geluidbelasting op de gevels ten hoogste 59 dB bedraagt vanwege de Schootsenhoek, wordt aan deze voorwaarde niet overal voldaan. Om die reden kan voor de oostelijke voorgevels van de beide woningen geen hogere waarde worden aangevraagd. Deze gevels zullen als ‘dove’ gevel moeten worden uitgevoerd indien er zich aangrenzend aan de gevel geluidgevoelige ruimtes bevinden. Onder dove gevel wordt verstaan:  een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede  een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn of waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

De berekende geluidbelastingen op de overige gevels bedraagt ten hoogste 53 dB vanwege de Schootsenhoek. Hierbij vindt geen overschrijding van de ten hoogste toelaatbare grenswaarde (ontheffingswaarde) plaats en kan een hogere waarde worden aangevraagd. De vast te stellen hogere waarde bedraagt 52 dB voor de noordelijke woning en 53 dB voor de zuidelijke woning. De achtergevels van de beide woningen zijn geluidluw3. Dit is een vereiste voor het aanvragen van een hogere waarde.

5.5

Toets aan Bouwbesluit

De minimumeis voor de karakteristieke geluidwering is op grond van het Bouwbesluit 20 dB. Daarnaast mag, indien er een hogere waarden besluit is vastgesteld, de karakteristieke geluidwering van een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied niet kleiner zijn dan het verschil tussen de in dat besluit opgenomen hoogst toelaatbare geluidbelasting en 33 dB. De geluidbelasting op de gevels waar mee gerekend moet worden is exclusief aftrek ingevolge art. 110g van de Wet geluidhinder. Dit betekent dat vooralsnog getoetst moet worden aan een geluidbelasting van ten hoogste 58 dB (53 dB vastgestelde hogere waarde + 5 dB aftrek). De karakteristieke geluidwering moet dan minimaal 25 dB bedragen. Deze geluidwering kan bij bestaande woningen niet zondermeer worden behaald. Of te zijner tijd een berekening naar de karakteristieke geluidwering van de uitwendige gevelconstructie noodzakelijk is, is ter beoordeling aan de vergunningverlenende instantie. Om een goed woon‐ en leefklimaat in de woningen te waarborgen, kan overwogen worden de karakteristieke geluidwering te dimensioneren op het verschil tussen de werkelijk optredende geluidbelasting en 33 dB in geluidgevoelige ruimtes. In dit geval moet de karakteristieke geluidwering dan 31 dB(A) bedragen.

3

Onder geluidluw wordt verstaan: Voldoen aan de voorkeursgrenswaarde, getoetst per geluidbron. Dus 48 dB vanwege wegverkeerslawaai

VL.1550.R01

pagina 12

16‐12‐2015

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

BIJLAGEN

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

BIJLAGE I Modelgegevens

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam

Omschr.

Schootsen

Schootsenhoek

Geomilieu V3.11

ISO_H

ISO M

Hdef.

0,00

0,00

Relatief

Type

Hbron

Verdeling

0,75

Wegdek W0

V(LV(D))

V(LV(A))

V(LV(N))

V(MV(D))

V(MV(A))

V(MV(N))

V(ZV(D))

V(ZV(A))

V(ZV(N))

Totaal aantal

%Int(D)

60

60

60

60

60

60

60

60

60

2238,00

6,70

14-12-2015 11:38:33

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

Naam Schootsen

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 %Int(A)

%Int(N)

%LV(D)

%LV(A)

%LV(N)

%MV(D)

%MV(A)

%MV(N)

%ZV(D)

%ZV(A)

%ZV(N)

LV(D)

LV(A)

LV(N)

MV(D)

MV(A)

MV(N)

ZV(D)

ZV(A)

ZV(N)

3,60

0,70

86,90

91,00

85,60

8,50

6,20

10,80

4,60

2,80

3,60

130,30

73,32

13,41

12,75

5,00

1,69

6,90

2,26

0,56

Geomilieu V3.11

14-12-2015 11:38:33

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Rekenpunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam

Omschr.

Hoogte A

Hoogte B

Hoogte C

Hoogte D

Hoogte E

Hoogte F

Gevel

T_1 T_2 T_3 T_4 T_5

voorgevel burgerwoning noord voorgevel burgerwoning zuid zijgevel burgerwoning zuid achtergevel burgerwoning zuid achtergevel burgerwoning noord

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

1,50 1,50 1,50 1,50 1,50

4,50 4,50 4,50 4,50 4,50

7,50 7,50 7,50 7,50 7,50

------

------

------

Ja Ja Ja Ja Ja

T_6

zijgevel burgerwoning noord

0,00

Relatief

1,50

4,50

7,50

--

--

--

Ja

Geomilieu V3.11

Maaiveld

Hdef.

14-12-2015 11:38:33

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam

Omschr.

erf Schootsen Schootsen Schootsen

verharde erfgrond Schootsenhoek Schootsenhoek Schootsenhoek

Geomilieu V3.11

Bf 0,00 0,00 0,00 0,00

14-12-2015 11:38:33

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam

Omschr.

Hoogte

Maaiveld

Hdef.

Cp

Zwevend

Refl. 63

Refl. 125

Refl. 250

Refl. 500

Refl. 1k

Refl. 2k

Refl. 4k

Refl. 8k

locatie bijgebouw woning woning bijgebouw

Schootsenhoek 6 Schootsenhoek 6 Schootsenhoek 9 Schootsenhoek 8 Schootsenhoek 8

8,00 6,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

woning woning woning woning woning

Schootsenhoek 10 Schootsenhoek 12 Schootsenhoek 11 en 11b Schootsenhoek 11a Schootsenhoek 13

8,00 8,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

bijgebouw bijgebouw bijgebouw bijgebouw bijgebouw

Schootsenhoek 13 Schootsenhoek 13 Schootsenhoek 11 Schootsenhoek 11a Schootsenhoek 10

8,00 8,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

bijgebouw bijgebouw bijgebouw bijgebouw bijgebouw

Schootsenhoek 10 Schootsenhoek 12 Schootsenhoek 12 Schootsenhoek 12 Schootsenhoek 9

8,00 8,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

bijgebouw bijgebouw bijgebouw bijgebouw woning

Schootsenhoek 9 Schootsenhoek 9 Schootsenhoek 7 Schootsenhoek 7 Schootsenhoek 7

8,00 8,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

woning

Schootsenhoek 2

8,00

0,00

Relatief

0 dB

False

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

Geomilieu V3.11

14-12-2015 11:38:33

Bijlage I Modelgegevens Model: Groep:

eerste model versie van Castelré - Castelré (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012

Naam

Omschr.

Hoogte

Maaiveld

Hdef.

Cp

Zwevend

Refl. 63

Refl. 125

Refl. 250

Refl. 500

Refl. 1k

Refl. 2k

Refl. 4k

Refl. 8k

woning bijgebouw bijgebouw bijgebouw woning

Schootsenhoek 4 Schootsenhoek 4 Schootsenhoek 2 Schootsenhoek 2 Schootsenhoek 5 en 5a

8,00 8,00 8,00 8,00 8,00

0,00 0,00 0,00 0,00 0,00

Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief

0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB

False False False False False

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

0,80 0,80 0,80 0,80 0,80

bijgeobuw

Schootsenhoek 7

8,00

0,00

Relatief

0 dB

False

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

0,80

Geomilieu V3.11

14-12-2015 11:38:33

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

BIJLAGE II Rekenresultaten vanwege de Schootsenhoek

Bijlage II Rekenresultaten vanwege de Schootsenhoek Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:

Resultatentabel eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten Schootsenhoek Ja

Naam Toetspunt

Omschrijving

Hoogte

Lden

T_1_A T_1_B T_1_C T_2_A T_2_B

voorgevel burgerwoning noord voorgevel burgerwoning noord voorgevel burgerwoning noord voorgevel burgerwoning zuid voorgevel burgerwoning zuid

1,50 4,50 7,50 1,50 4,50

59 59 58 59 59

T_2_C T_3_A T_3_B T_3_C T_4_A

voorgevel burgerwoning zuid zijgevel burgerwoning zuid zijgevel burgerwoning zuid zijgevel burgerwoning zuid achtergevel burgerwoning zuid

7,50 1,50 4,50 7,50 1,50

58 53 53 53 25

T_4_B T_4_C T_5_A T_5_B T_5_C

achtergevel burgerwoning zuid achtergevel burgerwoning zuid achtergevel burgerwoning noord achtergevel burgerwoning noord achtergevel burgerwoning noord

4,50 7,50 1,50 4,50 7,50

26 27 27 28 28

T_6_A T_6_B T_6_C

zijgevel burgerwoning noord zijgevel burgerwoning noord zijgevel burgerwoning noord

1,50 4,50 7,50

52 52 52

Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen

Geomilieu V3.11

14-12-2015 11:37:55

Akoestisch onderzoek Schootsenhoek 6 Castelré

FIGUREN

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

Bijlage 6: Vooroverlegreacties

Bestemmingsplan toelichting 150870

Pagina 43 van 44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11541397/1