CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Raadsrapportage sociaal domein 2021 Baarle-Nassau

Commissie Mens en Maatschappij 1 december 2022, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Ontwikkelingen sociaal domein12.292 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het aantal jongeren van 15 tot 23 jaar dat niet werkt (ook geen deeltijdbaan) en dat staat ingeschreven bij het UWV WERKbedrijf. Als een persoon of één van de ouders niet in Europa (exclusief Turkije), Indonesië, Japan, Noord-Amerika of Oceanië is geboren, heeft deze persoon volgens de definitie van CBS een niet-westerse migratieachtergrond. Dit is een type maatwerkarrangement Wmo. Deze groep bevat de volgende productcategorieën uit de iWmo-standaarden: begeleiding, persoonlijke verzorging, kortdurend verblijf, overige ondersteuning gericht op het individu of huishouden/gezin, dagbesteding, overige groepsgerichte ondersteuning en overige maatwerkarrangementen. Type re-integratie-/participatievoorziening. Afhankelijk van de individuele situatie van een persoon met of zonder arbeidsbeperking, kunnen faciliterende voorzieningen ingezet worden die de persoon in staat stellen om te werken of om een andere voorziening (bijvoorbeeld beschut werk) uit te voeren. Dit kunnen zijn: 8

-

Overige sociale activering

Overige werkplekken

Participatieplaats

Participatiewet

meeneembare hulpmiddelen voor personen met een arbeidsbeperking: bijvoorbeeld brailleapparatuur, orthopedische werkschoenen; intermediaire voorzieningen voor personen met een arbeidsbeperking: bijvoorbeeld tolk voor personen met auditieve beperking, voorleeshulp; overige: boekengeld, vergoeding van kleding (bijvoorbeeld werkschoenen), Verklaring Omtrent Gedrag, identiteitsbewijs, rijbewijs, chauffeursbewijs, kinderopvang gefinancierd door de gemeente etc. Type re-integratie-/participatievoorziening. Overige sociale activering wordt ingezet met het doel van zelfstandige maatschappelijke participatie om sociaal isolement te voorkomen. De activiteiten in het kader van sociale activering worden niet in ruil voor geld of natura uitgevoerd. Het gaat voornamelijk erom dat de persoon iets voor zijn eigen welzijn doet en niet iets wat derden of de maatschappij ten goede komt. Dit valt onder re-integratie-/participatievoorzieningen in het kader van de participatiewet. Dit type voorziening is bedoeld voor alle overige werkplekken aangeboden door de gemeente in het kader van re-integratie waarbij de persoon werkt, of tegelijkertijd werkt en leert. Het kan daarbij zijn dat de persoon werkt met behoud van uitkering.

Ook kan er sprake zijn van een arbeidscontract voor de persoon die nog niet is uitgestroomd naar een reguliere functie, waarbij de gemeente nog betrokken is (bijvoorbeeld in financiële zin). Voorbeelden zijn: Hybride voorzieningen Inleenconstructie/detachering Leer-werkplek/leer-werktraject Oriëntatieplaats Proefplaatsing (met uitzondering van 'Proefplaatsing t.b.v. loonwaardebepaling' in het kader van de loonkostensubsidie op grond van de Participatiewet) Werkervaringsplek/werkervaringsplaats Werkgelegenheidsproject (Werk)stage Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. Participatieplaatsen zoals vernoemd in de Participatiewet hebben betrekking op een specifieke vorm van werken met behoud van uitkering, waarbij additionele werkzaamheden onbeloond en in het kader van re-integratie worden uitgevoerd. Dit onderscheidt de participatieplaats van de loonkostensubsidie. Bij een loonkostensubsidie is immers sprake van beloning voor de te verrichten werkzaamheden. Onder additionele werkzaamheden worden primair op de arbeidsinschakeling gerichte werkzaamheden verstaan, die onder verantwoordelijkheid van het college in het kader van de Participatiewet worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid, en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. Het doel van de activiteiten is niet primair het realiseren van een bedrijfsdoel.

Personen die in aanmerking komen voor participatieplaatsen, zijn bijstandsgerechtigden met een kleine kans op toetreding tot het arbeidsproces ten gevolge van persoonlijke werkbelemmeringen, die daardoor vooralsnog niet bemiddelbaar zijn op de arbeidsmarkt. De participatiewet geldt sinds 1 januari 2015 en is een samenvoeging van de Wet werk en bijstand (Wwb), de Wet sociale werkvoorziening (WSW) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wajong). De wet moet ervoor zorgen dat meer mensen, met en zonder beperking, werk vinden bij een gewone werkgever. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoer van de wet en beschikken hiervoor over een breed scala aan instrumenten, zoals bijstandsuitkeringen en re-integratie9

Persoonlijke verzorging

Persoonsgebonden budget (PGB) POH-GGZ

Proefplaatsing ten behoeve van loonwaardebepaling

Psychische problematiek Re-integratie/participatievoorzieni ngen

Samenkracht en Burgerparticipatie en Wijkteams (SBW)

/participatievoorziening. Op grond van de Participatiewet hebben de volgende groepen recht op hulp en ondersteuning door de gemeente: alle bijstands-, IOAW -, en IOAZ -uitkeringsgerechtigden; Anw’ers; gedeeltelijk arbeidsgeschikten die geen beroep (meer) kunnen doen op de Wajong of WSW; Niet-uitkeringsgerechtigden (‘NUG’ers’). Dit zijn alle personen die als werkloos werkzoekende staan ingeschreven bij het uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) en geen recht hebben op een uitkering. Wmo voorziening uit de categorie ondersteuning thuis. Begeleiding bij persoonlijke verzorging is vooral ondersteunend. Een cliënt krijgt bijvoorbeeld stap voor stap aanwijzingen over lichamelijke hygiëne, wordt eraan herinnert om te douchen of medicijnen in te nemen. Daarnaast kan het ook gaan om lichamelijke, niet-geneeskundige zorg. Bijvoorbeeld hulp bij het onder de douche stappen. Soms is bredere begeleiding nodig. Een persoonsgebonden budget is een geldbedrag dat aan cliënten kan worden toegekend om zelf zorg, begeleiding, hulp, hulpmiddelen of voorzieningen in te kopen wanneer niet wordt gekozen voor Zorg in Natura (ZIN). De POH-GGZ staat voor Praktijkondersteuning Huisarts Geestelijke Gezondheidszorg. Huisartspraktijken kunnen sinds 2008 zich laten ondersteunen door een POH-GGZ.

Deze kan op verzoek van de huisarts een cliënt met psychische problemen zien om een beter beeld van de klacht te krijgen, de mogelijk nodige behandeling vast te stellen en verdere begeleiding te verlenen. Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. Een persoon die op grond van de Participatiewet voor loonkostensubsidie in aanmerking komt, kan voor een beperkte periode (maximaal 3 maanden als de proefplaatsing door de gemeente gefinancierd wordt) op proef bij een werkgever werken. Het doel van de proefplaatsing in het kader van de 'Loonkostensubsidie op grond van de Participatiewet' is de uitvoering van de loonwaardebepaling. Tijdens de proefplaatsing behoudt de persoon zijn of haar uitkering en de werkgever hoeft geen loon te betalen. Personen die een declaratie hebben voor: basis GGZ, gespecialiseerde GGZ zorg, langdurige GGZ zorg (ZZPB vanuit de Zvw) en/of geneesmiddelen (FKG GGZ) POH GGZ bij de huisarts. Voorzieningen die door een gemeente in het kader van de participatiewet worden ingezet, nadat de gemeente heeft vastgesteld dat een cliënt een belemmering heeft die directe arbeidsinschakeling bemoeilijkt (er is een afstand tot de arbeidsmarkt).

Een re-integratie- of participatievoorziening is gedefinieerd als een instrument/activiteit die (door een gemeente) wordt ingezet en die er op gericht is om respectievelijk de afstand tot de arbeidsmarkt of tot de maatschappij van een persoon te verkleinen. Over het algemeen is arbeidsinschakeling het (langere termijn) doel. Echter is dit niet altijd voor iedereen mogelijk en worden sommige voorzieningen langdurig ingezet. Ontvangers van re-integratie- of participatievoorzieningen kunnen zowel personen met als zonder arbeidsbeperking zijn. Een landelijk beeld van de re-integratieactiviteiten van gemeenten wordt gegeven via de Statistiek Re-integratie door Gemeenten (SRG). In deze statistiek, alsmede in de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein worden een 18 typen voorzieningen onderscheiden. Voormalige Sociale Basisondersteuning (SBO). De ondersteuning of een voorziening waar geen toegangsbesluit of beschikking voor nodig is. Het betreft enerzijds vrij toegankelijke algemene voorzieningen in het sociaal domein, zoals het algemeen maatschappelijk werk, een groepsactiviteit bij ontmoetingscentrum, 10

Sociaal economische status

Sociaal buurt- of wijkteam

Sociaal Minimum

Speciaal Basisonderwijs (sbo)

Stapeling sociaal domein

Statistiek Reintegratie door gemeenten (SRG)

sociaal cultureel werk, sociale samenhang of welzijnsactiviteiten (zie ook algemene voorzieningen). Anderzijds betreft het de lichte vormen van zorg en ondersteuning of generalistische ondersteuning, eerstelijns ondersteuning van bijvoorbeeld het buurt- of wijkteam of eerstelijnsloket zoals informatieverstrekking, advisering, cliëntondersteuning, keukentafelgesprekken, vroegsignalering en dergelijke. De sociaaleconomische status staat voor de positie van mensen op de maatschappelijke ladder met het daaraan verbonden aanzien en prestige. Belangrijke indicatoren voor sociaaleconomische status zijn opleidingsniveau, beroepsstatus en hoogte van het inkomen. Onderzoek laat zien dat de sociaal economische status samenhangt met verschillen in gezondheid. Een multidisciplinair samenwerkingsverband van professionals (en mogelijk niet-professionals) met als doel om op integrale wijze hulp te verlenen aan individuen, gezinnen of huishoudens. Het takenpakket van een buurt- of wijkteam kan per gemeente en/of wijk verschillen. Kan worden gebruikt als indicator voor armoede en betreft het wettelijk bestaansminimum zoals dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld. Om te kunnen beoordelen hoe het inkomen van een huishouden zich verhoudt tot het minimum, moet aan de hand van de regelgeving worden vastgesteld welke norm voor het desbetreffende huishouden van toepassing is.

De norm voor een (echt)paar met uitsluitend minderjarige kinderen is bijvoorbeeld gelijkgesteld aan de bijstandsuitkering van een echtpaar, aangevuld met de (leeftijdsafhankelijke) kinderbijslag. Bij 65-plussers is het bedrag aan AOW-pensioen als norm gekozen. Het sociaal minimum wordt elk jaar aangepast. Het speciaal onderwijs is er voor leerlingen die specialistische of intensieve onderwijsbegeleiding nodig hebben. Soms kan een gewone basisschool een kind niet helpen bij leerproblemen. Het kind kan dan terecht op het speciaal basisonderwijs. Speciale basisscholen zijn bedoeld voor onder andere: moeilijk lerende kinderen; kinderen met opvoedingsmoeilijkheden; kinderen met gedragsproblemen. Scholen in het sbo hebben dezelfde kerndoelen als gewone basisscholen. Maar de leerlingen in het sbo krijgen meer tijd om die te halen. De groepen in het speciaal basisonderwijs zijn kleiner en er zijn meer deskundigen om te helpen met leren. Leerlingen kunnen tot hun 14e jaar op een school voor speciaal basisonderwijs terecht. Vanaf het schooljaar 2019-2020 maken deze leerlingen ook de verplichte eindtoets voor het basisonderwijs. Na het speciaal basisonderwijs gaan de meeste leerlingen naar het vmbo, het praktijkonderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs. Stapeling betreft de samenloop van twee of meer regelingen of voorzieningen in het sociaal domein.

In de GMSD worden twee stapelingen getoond. Stapeling van voorzieningen per huishouden. Dit richt zich op verschillende voorzieningen die door een huishouden worden gebruikt. Stapeling aantal huishoudens met voorzieningen per domein. Hiermee wordt bedoeld of huishoudens op hetzelfde moment voorzieningen in meerdere domeinen hebben lopen, dus zowel Wmo als participatiewet en jeugdwet. De Statistiek Re-integratie door Gemeenten (SRG) is ontwikkeld om een landelijk beeld te geven van de re-integratieactiviteiten van gemeenten. De statistiek geeft informatie over het aantal en soort re-integratie-/participatievoorzieningen en over de aantallen personen waaraan gemeenten re-integratie/participatievoorzieningen hebben verstrekt. Gemeenten leveren hier 11

maandelijks gegevens voor aan. De GMSD gebruikt deze statistieken en indelingen in de monitor. Tijdelijke loonkostensubsidie

Training/cursus/ opleiding

Uitbesteed én onbekend

Uitstroom Verblijf en opvang

Vervoersvoorziening (Participatiewet)

Vervoersdiensten en vervoersvoorzieningen (Wmo)

Verwijzer Voortijdig schoolverlater Vrijwilligerswerk (participatiewet)

Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. De tijdelijke loonkostensubsidie is een subsidie die een werkgever krijgt als ondersteuning om een persoon met een tijdelijk lager productieniveau (bijvoorbeeld in verband met het ontbreken van werkritme) in dienst te nemen. Anders dan bij de 'Loonkostensubsidie op grond van de Participatiewet', is vaststelling van de loonwaarde hierbij niet noodzakelijk. Type re-integratie-/participatievoorziening. Tot deze voorziening behoort het volgen van een training, cursus, opleiding of scholing die de toegang tot de arbeidsmarkt bevordert. Het doel kan zijn de ontwikkeling van de persoon om deze gereed te maken voor de arbeidsmarkt, maar ook het behalen van een certificaat of diploma. De inzet van de voorziening kan zowel van korte als van lange duur zijn. Het mag alleen gaan om niet-regulier onderwijs, dat wil zeggen onderwijs dat niet onder de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) valt. Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. Het kan voorkomen dat de berichtgever (tijdelijk) geen zicht heeft op de voorzieningen die voor de persoon ingezet worden.

Dit omdat de uitvoering van de re-integratie bij een externe instelling plaatsvindt (de persoon is doorverwezen naar een externe instelling) en de berichtgever daarbij (tijdelijk) te weinig informatie ontvangt van die externe instelling om de ondersteuning aan de persoon in te kunnen delen naar de verschillende typen aan voorzieningen. De berichtgever kan dan met deze voorziening aangeven dat er wel (een) voorziening(en) aangeboden word(t)(en), maar er onvoldoende informatie is om te definiëren wát er precies aangeboden wordt. Het aantal cliënten dat binnen de gegeven periode stopt met het gebruiken van een dienst of product. Dit geldt voor zowel specialistische, als basisondersteuning. Dit is een type maatwerkarrangement Wmo. Deze groep bevat de volgende productcategorieën uit de iWmo-standaarden: beschermd wonen, opvang, spoedopvang en overige beschermd wonen en opvang. Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. Als reizen naar het werk door chronische ziekte of handicap lastig is, kan een vervoersvoorziening worden verstrekt. Deze voorziening kan alleen worden ingezet voor personen met een arbeidsbeperking. Als een vergelijkbare voorziening wordt ingezet voor een persoon zonder een arbeidsbeperking dan is er sprake van een overige voorziening. Wmo voorzieningen uit de categorie hulpmiddelen en diensten.

Vervoersvoorzieningen en -diensten maken het mensen met een beperking mogelijk om zich lokaal te verplaatsen. Voorbeelden van vervoersvoorzieningen en -diensten zijn: Auto-aanpassingen Scootmobiels Gehandicaptenparkeerkaart Gehandicaptenparkeerplaats Handbike of aankoppelfiets Collectief vervoer (regio taxi) Vervoer per taxi of rolstoeltaxi In het kader van de Jeugdwet de organisatie of persoon die de jongere en/of zijn/haar ouders heeft verwezen naar de jeugdhulp. Iemand die het onderwijs heeft verlaten zonder een startkwalificatie. Type re-integratie-/participatievoorziening waarbij personen onbetaald en onverplicht werk verrichten voor anderen of voor de samenleving. Het kan zijn dat het initiatief hiervoor bij de gemeente ligt: de gemeente kan een vrijwilligersplek aanbieden of de persoon stimuleren om vrijwilligerswerk te gaan doen. In dat geval moet het 12

Werkloze beroepsbevolking Werkplekaanpassing

Westerse Migratieachtergrond Wet langdurige zorg (Wlz)

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wajong) Wet werk en bijstand (Wwb)

Wijkverpleging

vrijwilligerswerk als voorziening worden aangeleverd voor de SRG. Het initiatief kan ook bij de persoon zelf liggen: bijvoorbeeld als de persoon al vrijwilligerswerk doet voor de start van een SRGvoorziening, of daarmee begint tijdens een lopende SRGvoorziening. In die gevallen dient de gemeente te bepalen of het vrijwilligerswerk van belang is voor de re-integratie of participatie. Indien dat zo is, dan moet het vrijwilligerswerk eveneens als voorziening worden aangeleverd voor de SRG. Algemene voorwaarden van vrijwilligerswerk zijn verder: Het werk is in het algemeen belang of in een bepaald maatschappelijk belang. Het werk heeft geen winstoogmerk. Het werk kost de arbeidsmarkt geen banen en komt niet in de plaats van een betaalde baan. Het werk is op initiatief van de gemeente, of de gemeente heeft beoordeeld dat het vrijwilligerswerk van belang is voor de re-integratie of participatie van de persoon. Het werk vindt niet plaats in het kader van tegenprestatie. Personen tussen de 15-75 jaar zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur. Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening.

oor een persoon met een arbeidsbeperking die onder de Participatiewet valt, kan een werkplekaanpassing van kleinere of grotere mate nodig zijn zodat hij kan functioneren op de werkplek. Een persoon heeft een westerse achtergrond als hij, zij of één van de ouders in Europa (exclusief Turkije), Noord-Amerika of Oceanië is geboren. Ook Indonesië en Japan worden tot de westerse landen gerekend. De Wet langdurige zorg (Wlz) is voor mensen die blijvend 24-uurs zorg in de nabijheid en/of permanent toezicht nodig hebben. Deze zorg wordt ruwweg op twee manieren geleverd. 1. Zorg met verblijf in een instelling (verpleeg- of verzorgingshuis, gehandicaptenzorginstelling of instelling voor geestelijke gezondheidszorg) 2. Zorg thuis (als persoonsgebonden budget, modulair of volledig pakket thuis) Wanneer er wordt gesproken over Wmo of de Wet maatschappelijke ondersteuning, dan wordt er gerefereerd aan de wet zoals die op 1 januari 2015 van kracht is gegaan. Deze wet stelt gemeenten verantwoordelijk voor het ondersteunen van de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen. Gemeenten bieden verschillende maatwerkarrangementen aan.

Wet die als doel heeft om aangepaste werkgelegenheid te scheppen voor mensen die, hoewel zij tot werken in staat zijn, als gevolg van lichamelijke en/of geestelijke tekortkomingen er niet in slagen werk te krijgen op de reguliere arbeidsmarkt. Met ingang van 1 januari 2010 is de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wet Wajong) in werking getreden. In tegenstelling tot de 'oude' Wajong hebben jongeren met een ziekte of handicap in de eerste plaats recht op hulp bij het vinden en houden van werk. Met de invoering van de WWB op 1 januari 2004 is een verandering opgetreden in de rol van de gemeenten bij de bevordering van de uitstroom uit de bijstand. De gemeente dient zowel bij aanvraag als periodiek zorgvuldig te beoordelen of een persoon recht heeft op een uitkering. Het uitgangspunt hierbij is dat iedereen zoveel mogelijk in zijn eigen levensonderhoud dient te voorzien. Wijkverpleging is er voor mensen die thuis verzorging of verpleging nodig hebben. Verzorging gaat om hulp bij de algemene dagelijkse verrichtingen, zoals wassen en aankleden, maar ook om het 13

WIW/ID-baan

Woondiensten

Woonvoorzieningen

Zelfredzaamheid

Zorgaanbieder Zorg en ondersteuning Zorginstelling (Wlz) Zorg in Natura (ZIN)

Zorgverzekeringswet (Zvw) Zuigelingensterfte

klaarzetten en toedienen van medicijnen. Verpleging heeft betrekking op het verrichten van verpleegkundige handelingen, zoals wondverzorging. Daarnaast maakt de wijkverpleegkundige afspraken met de gemeente over zorg, welzijn en wonen. Wijkverpleging als voorziening valt onder de Zorgverzekeringswet (Zvw). Dit is een type re-integratie-/participatievoorziening. Dit betreft 'oude' gesubsidieerde arbeid. ID-banen zijn gesubsidieerde arbeidsplaatsen op basis van het besluit In en Doorstroombanen (de oude Melkertbanen). WIW-banen zijn werkervaringsplaatsen voor langdurig werklozen, op basis van het besluit Werk inschakeling Werkzoekenden (WIW). Instroom in beide regelingen is per 1 januari 2004 niet meer mogelijk, de regelingen worden decentraal afgebouwd. Wmo voorzieningen uit de categorie hulpmiddelen en diensten, bedoeld voor cliënten die door een handicap beperkingen in huis ondervinden bij het normale gebruik van een woning. Onder woondiensten vallen: Huurderving Keuring woonvoorziening Tijdelijke huisvesting Verhuizing en inrichting Vrijmaken woning Boodschappendienst Maaltijdvoorziening Wmo voorzieningen uit de categorie hulpmiddelen en diensten, bedoeld voor cliënten die door een handicap beperkingen in huis ondervinden bij het normale gebruik van een woning.

Onder woonvoorzieningen vallen: Financiële tegemoetkoming woningaanpassing Onroerende woonvoorziening Roerende woonvoorziening Traplift/tillift Verwijderen woonvoorziening Onderhoud en reparatie In het kader van de Wmo wordt zelfredzaamheid omschreven als het lichamelijke, verstandelijke, geestelijke en financiële vermogen om zelf voorzieningen te treffen die deelname aan het normale maatschappelijke verkeer mogelijk maken. Een index voor de mate van zelfredzaamheid van de bewoners van een wijk of gemeente is ontwikkeld door GGD GHOR. De score zelfredzaamheid omvat de samengestelde indicatoren Zelfredzaamheidsindex en Sociale Uitsluitingsindex. Instellingen en beroepskrachten die zorg en/of hulpverlening leveren Onder zorg en ondersteuning in het sociaal domein wordt verstaan de individuele voorzieningen op grond van de Wmo 2015, de Jeugdwet en/of de participatiewet. Bij zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) gaat het om zorg met verblijf in een instelling. Denk hierbij bijvoorbeeld aan verpleeg- of verzorgingshuis of een woonvorm in de gehandicaptenzorg. De zorg die geleverd wordt door een zorgaanbieder en waarop iemand aanspraak kan maken volgens de Wmo; de zorgaanbieder krijgt de geleverde zorg rechtstreeks vergoed. Een andere financieringsvorm is de PGB.

Wet die een verplichte basisverzekering regelt voor kortdurende, op genezing gerichte zorg voor iedereen die rechtmatig in Nederland woont of hier loon- of inkomstenbelasting betaalt. Levendgeborenen die vóór de eerste verjaardag zijn overleden. Levendgeborenen zijn kinderen die na de geboorte enig teken van leven hebben vertoond, ongeacht de zwangerschapsduur. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 14

VNG REALISATIE NASSAULAAN 12 2514 JS DEN HAAG POSTBUS 30435 2500 GK DEN HAAG INFO@VNG.NL WWW.VNGREALISATIE.NL 15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12054843/1