3.10 - Bijlage 2 - Jaarverslag OMWB BN 2022
Tekst van het document
Onderzoek naar de aard van lekstromen met een eventueel advies voor een vervolgaanpak. Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) is een van de snelst groeiende huishoudelijke afvalstromen wereldwijd. Vanaf 2019 is de wettelijke inzameldoelstelling verhoogd naar 65%. Ondanks een toename van de inzameling is het 65% doel in 2020 niet gehaald door de EEA-keten. Als zonnepanelen worden meegenomen is 44% bereikt en exclusief zonnepanelen is 57% behaald. De gezamenlijke verantwoordelijkheid om deze wettelijke inzameldoelstelling te bereiken ligt bij alle ketenpartijen. Bij de aanvang van dit project, dat gezamenlijk met de ODBN en ODZOB is uitgevoerd, was het onduidelijk waar de lekverliezen AEEA binnen de Brabantse inzamel- en verwerkingsketen (kunnen) ontstaan. Dit is middels dit project beter in kaart gebracht door het uitvoeren van gerichte inspecties bij bepaalde soorten bedrijven en door deskresearch. De verkregen inzichten worden gedeeld met ketenpartners zoals de inspectie Leefomgeving en Transport. Het project is op dit moment nog niet geheel afgerond. De tot nu toe verkregen inzichten hebben geleid tot een aantal voorstellen voor vervolgaanpak die met name liggen in het controleren en stimuleren van bedrijven die in het reguliere controleprogramma worden bezocht.
<<
3 Rapportage | Baarle-Nassau
38
>>
Project 3. Co-vergisting. Onderzoek naar het naleefgedrag van intermediairs en hun rol in de keten met een advies voor vervolgaanpak. In 2022 is, in aanvulling op het project co-vergisting van 2021 een project gedraaid waarbij aan de hand van data van co-vergistingsinstallaties is geprobeerd in beeld te krijgen of en welke tussenhandelaren producten leveren aan de co-vergisters in onze werkgebieden en of er tussenhandelaren zijn waarbij een verhoogd risico wordt vastgesteld voor het leveren van producten met afvalstoffen die niet mogen worden verwerkt in een covergistingsinstallate. Een uitgebreid data-onderzoek heeft geen risicovolle locaties van tussenhandelaren of afvalstromen opgeleverd in het werkgebied van de OMWB. Wel is er informatie over diverse stromen die aan de toezichthouders wordt doorgespeeld om verder uit te diepen (vervolgvragen). Mogelijk komen hiermee nog (lichte) overtredingen aan het licht: verkeerd toegewezen codes uit de bijlage Aa die geen milieurisico’s vormen voor de toepassing van het digestaat. Voor deze overtreding is de NVWA het bevoegd gezag. Project 4. Schredderafval. Onderzoek naar het voorkomen van de illegale verwerking van schredderafval In 2021 is een illegale opslaglocatie/stort van schredderafval geconstateerd in de gemeente Moerdijk. Er is bepaald of dit een incident zou zijn of een mogelijk fenomeen.
Uit onder andere het strafrechtelijk onderzoek dat hierop volgde en de inzichten van de OMWB heeft is bepaald dat een onderzoek naar het vaker voorkomen van dergelijke illegaliteit zinnig is. De belangrijkste onderzoeksvraag is of het “dumpen van shredderafval” is aan te merken als een fenomeen of een incident. In totaal zijn 5 bedrijven in Midden-West Brabant, 5 in Zuid-Oost Brabant en 1 in Brabant Noord onderzocht. Bij nagenoeg ieder bedrijf waar gecontroleerd is op in- en uitgaande afvalstromen blijkt dat onregelmatigheden worden aangetroffen die bedoeld dan wel onbedoeld plaatsvinden. Door ”anders“ te registreren ontbreekt een goed inzicht/beeld of de afvalstromen op juiste wijze zijn verwerkt en daarmee ook of partijen afvalstoffen niet zijn verdwenen. Wij kunnen met grote waarschijnlijkheid concluderen dat geen sprake is van een fenomeen. Echter, bevestigt dit project dat het “anders” registeren van in- en uitgaande afvalstromen een interessant verdienmodel kan zijn waardoor de mogelijkheid kan worden gecreëerd om alsnog op illegale wijze afvalstoffen af te zetten. Wel hebben we gedurende het project meer inzicht gekregen in het administreren en registreren van in- en uitgaande afvalstromen. In de bedrijfsadministraties en de LMA/Amice-gegevens zijn vaak onregelmatigheden aangetroffen.
Zo kloppen afvalstroomnummers, euralcodes, verwerkingsmethodes, massabalansen, etc niet in alle gevallen dan wel komen diverse documenten als weegbonnen, vrachtbrieven, facturen, begeleidingsformulieren en EVOA-beschikkingen niet met elkaar overeen. Met deze constateringen en verkregen inzichten wordt een vervolgaanpak in 2023 voorgesteld. Project 5. Onderzoek naar bedrijven die vetvangputten en oliewaterafscheiders leeghalen. Door middel van deskreseach, uitvraag bij collega’s, uitvraag bij de waterschappen en contacten met IL&T is onderzoek gedaan naar bedrijven die in OMWB-werkgebied werkzaam zijn in de branche rioolreinigers en bedrijven die vetvangputten en olie-waterafscheiders ledigen. Hierbij kwamen naast de al bij ons bekende bedrijven enkele onbekende bedrijven naar voren. Naar deze onbekende bedrijven is verder onderzoek gedaan. Dit onderzoek heeft uitgewezen dat het hier vooral bedrijven betreffen die geen inrichting zijn in de zin van de Wet milieubeheer. Het betreffen bedrijven die zijn ingeschreven bij de KVK, een website hebben maar alleen werken op locatie van de opdrachtgever. Zij ledigen dus afscheiders en brengen het afval meteen naar een verwerker. Het bedrijfsadres is vaak een woonadres.
Deze bedrijven hebben naast eerdergenoemde activiteiten vaak een breed pallet aan activiteiten, hierbij kun je denken aan het opruimen van milieu-incidenten, het ruimen van drugsdumpingen, het reinigen van wegdekken, etc. Het risico bij deze bedrijven is dat men allerlei verschillende soorten vloeibaar afval innemen in dezelfde vrachtwagen en dit als mengstroom aanleveren bij de
<<
3 Rapportage | Baarle-Nassau
39
>>
eindverwerker. De OMWB heeft hierin echter geen bevoegdheid, omdat de bedrijven geen inrichting zijn en het werk op locatie wordt uitgevoerd. Alle bedrijven bezitten over een VIHB registratie. Deze taak, de controle op juiste vervoersdocumenten, juist gebruik van VIHB, ligt bij IL&T. Met IL&T is deze mogelijke problematiek besproken. IL&T beaamt dat er een risico zit bij deze bedrijven, maar geeft tegelijkertijd ook aan dat het voor hen op dit moment geen prioriteit heeft. Er waren dit jaar ook enkele bedrijven in het werkprogramma ingebracht die RKG-slib innemen. Bij deze bedrijven is, naast een reguliere controle, ook een BAT (basis administratief toezicht) uitgevoerd. Bij deze BAT’s kwamen geen onregelmatigheden naar voren. Aanbevelingen: Geconstateerd is dat de bedrijven die een inrichting zijn goede nalevers zijn. Hierbij zijn geen grote overtredingen geconstateerd. Het risico zit vooral bij de bedrijven die geen inrichting zijn. Dit is besproken met en teruggekoppeld aan IL&T.
<<
3 Rapportage | Baarle-Nassau
40
>>
Bijlage 4 Begrippenlijst
<<
AEEA
Afgedankte elektrische en elektronische apparaten
AIM
Activiteitenbesluit Internet Module
Aw-grond
Achtergrondwaarde grond
BAT
Basis Administratie Toezicht
Bbk
Besluit Bodemkwaliteit
BIS
Bodem Informatiesysteem
BGM
Bevoegd Gezag Module
BOA
Buitengewoon OpsporingsAmbtenaar
BOD
Brabants Omgevings Datalab
BLBI
Besluit Lozen Buiten Inrichtingen
BRL
Beoordelingsrichtlijn
BSV
Bureau Sanering Verkeerslawaai
BUS
Besluit Uniforme Saneringen
Cat. F2 / F3
Categorie vuurwerk
CO2
Koolstofdioxide
COVID-19
Coronavirus disease (coronavirusziekte), plus het jaartal van ontdekking
DC
Digitale Checklist
DCMR
Milieudienst Rijnmond
gBes
Gesloten bodemenergiesystemen
GGD
Gemeentelijke Gezondheidsdiensten
GUK
Gemeentelijk UitvoeringsKader
IB
Inrichtingenbestand
IGW
Informatie Gestuurd Werken
ITV
Intensivering Toezicht Veehouderij
IL&T
Inspectie Leefomgeving en Transport
ISZW
Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid
IOV
Programma Impuls Omgevingsveiligheid
ITV
Intensivering toezicht veehouderij
LGR
Landelijk Grondwater Register
LHS
Landelijke Handhavingsstrategie
LMA
Landelijk Meldpunt Afvalstoffen
LPF
Level playingfield
LPG
Liquefied Petroleum Gas
MBA
Milieubelastende activiteit
NIG
Niet Inrichting Gebonden
NSL
Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit
NVWA
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit
ODBN
Omgevingsdienst Brabant Noord
ODZOB
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant
OMWB
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
3 Rapportage | Baarle-Nassau
41
>>
<<
OZHZ
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
P1
Programma 1 (onderdeel van werkprogramma)
P2
Programma 2 (onderdeel van werkprogramma)
PAK
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen
PGS
Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen
Power BI
Visualisatieprogramma van data van de OMWB voor de deelnemers
Q1
Eerste kwartaal
RDW
Rijksdienst voor het Wegverkeer
REV
Register Externe Veiligheid
RRB
Risico Relevante Bedrijven
RRGS
Register risicosituaties gevaarlijke stoffen
RVO
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
T1
Eerste termijnrapportage
T2
Tweede termijnrapportage
T3
Derde termijnrapportage
UPD
Uitgangspunten document
VROM
Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
VUE
Versterkte Uitvoering Energiebesparingsplicht
Wbb
Wet bodembescherming
WOB
Wet openbaarheid van bestuur
WOO
Wet Open Overheid
WP
Werkprogramma
3 Rapportage | Baarle-Nassau
42
>>