SB24.06.03B Jaarstukken 2023 definitief
Tekst van het document
Daaronder verstaan we dat we grip hebben op de uitgaven, dat de uitgaven minder zijn dan we zouden hebben wanneer we op de oude voet waren doorgegaan (gerelateerd aan de wettelijke eisen) en dat we met ICT-NML in de benchmark goed scoren t.o.v. andere samenwerkingsverbanden. 5. Kennisdeling onder de deelnemende gemeenten. De tijd dat automatisering leidt tot vermindering van kosten is allang voorbij. Robotisering is voor het werk dat wij doen nog ver weg en zou bovendien grote investeringen vergen. Werkprocessen zijn geautomatiseerd waar het kan. Nieuwe taken en processen automatiseren we meteen, maar dit leidt dan tot minder méérkosten bij de invoering van de nieuwe werkzaamheden. Investeringen in de digitalisering en beveiliging zijn nodig om te voldoen aan de toenemende uitdagingen in de maatschappij. Privacy De gemeente Asten vindt een betrouwbare dienstverlening, waarin inwoners open en respectvol worden behandeld, belangrijk. Goede bescherming van persoonsgegevens is daarbij cruciaal. Inwoners kunnen erop vertrouwen dat de gemeente zorgvuldig, veilig en vertrouwelijk omgaat met persoonsgegevens. De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) versterkt de privacyrechten van inwoners, geeft organisaties die persoonsgegevens verwerken meer verantwoordelijkheden en verscherpt het toezicht.
Om hieraan te voldoen heeft de gemeente een Functionaris gegevensbescherming (FG) en privacy officers. Via het privacybeleid wordt uitvoering gegeven aan de AVG. Wet open Overheid (WOO) Op 1 mei 2022 is de Wet Open Overheid (WOO) in werking getreden. Deze wet richt zich op een transparante overheid en vraagt een cultuurverandering rond de omgang met informatie. Bepaalde informatie moet verplicht en actief openbaar gemaakt worden. Dit raakt een deel van de processen in onze gemeente. Ook informatieverzoeken aan de overheid (voorheen WOB-verzoek) vallen onder de nieuwe wet. Om aan de nieuwe eisen te kunnen voldoen, moet onze gemeentelijke informatiehuishouding op orde zijn, de juiste it-voorzieningen aanwezig en vooral bekend zijn wat de wet voor ambtenaar en bestuurder betekent. Het grijpt in op het dagelijks handelen van een groot deel van onze organisatie en heeft daarmee de komende jaren een flinke impact op onze 57
bedrijfsvoering. In 2027 moet de WOO geïmplementeerd zijn, met nog 3 jaar extra voor het op orde krijgen van het informatiebeheer. Ten behoeve van de definitieve planning moeten nog Koninklijke Besluiten genomen worden. Voor een verdere toelichting op de Wet open Overheid verwijzen we naar paragraaf 9 Wet open overheid.
Wat heeft het gekost? Beleidsindicatoren Toelichting beleidsindicatoren 2023: 1. Formatie (aantal Fte per 1.000 inwoners). Berekening op basis van 126,74 werkelijke fte in 2023 en 17.253 inwoners (peildatum 1-1-2023). 2. Bezetting (aantal Fte per 1.000 inwoners). Berekening op basis van 120,74 fte bezetting en 17.253 inwoners (peildatum 1-12023). 3. Apparaatskosten (Kosten per inwoner). Berekening op basis van apparaatskosten € 14.029.469,= en 17.253 inwoners (peildatum 1-1-2023). 4. Externe inhuur (Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen). Berekening op basis van raming externe inhuur 2023 (€ 1.657.147,=) / kosten totale loonsom + extern inhuur (€ 12.138.276,=). 5. Overhead. Berekening op basis van kosten overhead (€ 8.280.728,=) / totale lasten (€ 66.887.698,=). Beleidsindicatoren Beleidsindicator
Werkelijk 2021
Werkelijk 2022
Werkelijk 2023
1. Formatie (aantal fte per 1.000 inwoners)
7,20
7,84
7,35
2. Bezetting (aantal fte per 1.000 inwoners)
7,14
7,14
7,00
3. Apparaatskosten (kosten per inwoner)
658
730
813
4. Externe inhuur (kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
10,53%
13,56%
13,65%
5. Overhead (overhead / totale lasten)
15,23%
14,00%
12,38%
Rechtmatigheid Tot 2022 gaf de accountant naast de getrouwheid een oordeel over de rechtmatigheid van de gemeente. Met ingang van 2023 geeft het college van burgemeester en wethouders een rechtmatigheidsverantwoording af. De gemeenteraad heeft hiervoor regels vastgelegd in de financiële verordening 2023. De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld volgens de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en de financiële- en controleverordeningen van onze gemeente. In de financiële verordening heeft de gemeenteraad met het college van burgemeester en wethouders afgesproken dat begrotingsonrechtmatigheden over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 3% van de totale lasten van de gemeente worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. In de rechtmatigheidsverantwoording zijn een drietal criteria opgenomen, welke hieronder zijn toegelicht.
58
Begrotingscriterium In de financiële verordening 2024 is hierover het volgende opgenomen: Artikel 12. Begrotingscriterium 4. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. d. Alle onderschrijdingen van lasten en alle overschrijdingen van baten. Lid d is later toegevoegd. Echter, opname hiervan is momenteel niet zoals dit bedoeld was. Op dit moment is opgenomen dat de onderschrijdingen van lasten en overschrijdingen van baten onrechtmatig zijn, maar als acceptabel worden aangemerkt. Hiermee blijven deze onrechtmatig. Dit was niet de bedoeling van het toevoegen van dit lid. De bedoeling hiervan was om hiermee te besluiten dat de overschrijdingen van baten en onderschrijdingen van lasten rechtmatig zijn. Dit is dan ook terug te lezen in het raadsvoorstel van dd.
26 maart 2024 (zaaknummer 07431000558: Verordening tot eerste wijziging Financiële verordening gemeente Asten 2024), waarin in de samenvatting is opgenomen “Om te voorkomen dat voordelen als een onrechtmatigheid worden beschouwd is het nodig om de financiële verordening 2024 aan te passen”. De rechtmatigheidsverantwoording is voorts op deze manier ingevuld, waardoor de voordelen niet als onrechtmatig worden beschouwd. De begroting alsmede de begrotingswijzigingen wordt met de nodige zorgvuldigheid en kennis opgesteld, waarbij de insteek een sluitende begroting is. Ondanks deze voornemens zijn onder en overschrijdingen nagenoeg onontkoombaar door de markt waarin we opereren. Om de onder en overschrijdingen tot een minimum te beperken, zetten we als gemeente onder andere in op onderstaande punten. De vastgestelde begrotingsbudgetten en kredieten zijn taakstellend en maximaal. - Bij onvoldoende budget kan bij de kostensoorten binnen de kostenplaats dekking gevonden worden. Voorwaarde is dat dit per saldo budget neutraal is. -
Inzetten op informatie gestuurd werken, zodat het voorspelbaar karakter bij budgetten verbeterd.
59
Baten en lasten per programma 2023 Programma
Begroting 2023 na wijziging
Rekening 2023
Verschil
Lasten 1. Bestuur en Veiligheid
13.225.774
11.227.387
1.998.387
2. Ruimtelijk Domein
17.092.146
12.718.084
4.374.062
3. Sociaal Domein
26.454.831
26.954.684
-499.853
4. Financiën, Control en Economie
5.560.778
9.668.972
-4.108.194
62.333.529
60.569.127
1.764.402
1. Bestuur en Veiligheid
-1.547.889
-1.719.968
172.079
2. Ruimtelijk Domein
-8.792.153
-7.418.419
-1.373.734
3. Sociaal Domein
-6.929.905
-9.306.396
2.376.491
4. Financiën, Control en Economie
-35.175.974
-40.012.116
4.836.142
Totaal Baten
-52.445.921
-58.456.899
6.010.978
Saldo van baten en lasten
9.887.608
2.112.228
7.775.380
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves (0.10) Resultaat (0.11)
-9.887.608
-3.683.804
-6.203.804
0
-1.571.576
1.571.576
Totaal Lasten Baten
(het min bedrag in de kolom Rekening 2023 betekent in dit geval meer baten dan lasten, dus een positief saldo). Bevinding Het college is van mening dat onderstaande verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in deze jaarrekening niet rechtmatig dan wel acceptabel tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Begrotingsonrechtmatigheid Onderschrijding baten programma 2 Overschrijding lasten programma 3 Overschrijding lasten programma 4 Overschrijding investeringskredieten Ongeautoriseerde reserves Subtotaal begrotingsonrechtmatigheden Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. Resterende begrotingsonrechtmatigheden
Verschillen € 1.373.734 € 499.853 € 4.108.194 0 0 € -5.981.781 € -5.981.781
€0
Tegenover de overschrijdingen van lasten staat in hetzelfde programma ook eenzelfde bedrag of hoger als baten verwerkt.
60
In programma 4 zijn bijvoorbeeld grondaankopen (grondexploitatie) gedaan voor € 3,8 miljoen. Deze waren niet begroot in de exploitatie. Hier tegenover staat een opbrengst verkopen gronden (grondexploitatie) van € 4,1 miljoen. Deze zijn ook niet begroot in de exploitatie. Hetzelfde geldt voor de onderschrijding van baten, hier tegenover staan ook minder lasten bij dat programma. Bijvoorbeeld diverse SPUK gelden (specifieke uitkeringen) die zijn begroot (baten), maar waarbij de realisatie achterblijft. Dit heeft zowel effect voor de baten als de lasten. Hieronder is tevens een overzicht geïllustreerd waarin duidelijk wordt binnen welke taakvelden een overschrijding/onderschrijding aanwezig is. In de basis staat tegenover een overschrijding van lasten (-/- bedrag) ook een overschrijding van baten (positief bedrag)) en tegenovergesteld.
Begrotingsonrechtmatigheid Onderschrijding baten programma 2
Verschillen € -1.373.734
Taakvelden: Bestuur en ondersteuning Onderwijs Sport, cultuur en recreatie Verkeer, vervoer en waterstaat Volksgezondheid en milieu Volksgezondheid, leefomgeving
Totaal taakvelden programma 2 Overschrijding lasten programma 3
1.500 12.500 -737.000 61.500 -1.257.500 545.500 € -1.373.500 € -499.853
Taakvelden: Onderwijs Sociaal domein
-50.000 -584.000
Sport, cultuur en recreatie
78.500
Volksgezondheid en milieu
55.500
Totaal taakvelden programma 3 Overschrijding lasten programma 4
€ -500.000 € -4.108.194
Taakvelden: Bestuur en ondersteuning
421.500
Economie
503.000
Verkeer, vervoer en waterstaat
74.500
Volkshuisvesting, leefomgeving
-5.107.000
Totaal taakvelden programma 4
€ -4.108.000
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld volgens de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en de financiële- en controleverordeningen van onze gemeente. Voor afwijkingen op een meer gedetailleerd niveau en de daarbij behorende toelichting wordt verwezen naar de analyse begrotingsrechtmatigheid in de jaarrekening.
61
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. Deze eisen zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Binnen gemeente Asten zijn er geen bevindingen of onvolkomenheden gesignaleerd als gevolg van de (verbijzonderde) interne controle die invloed hebben op de uitvoering van financiële beheershandelingen. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Het misbruik en oneigenlijk gebruik heeft betrekking op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. Binnen gemeente Asten zijn uit de (verbijzonderde) interne controle noch andere kanalen naar voren gekomen omtrent misbruik en oneigenlijk gebruik.
62
4. Grondbeleid Het grondbeleid heeft veel invloed op de realisatie van programma’s zoals op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, verkeer, cultuur, sport, recreatie en economische zaken. Het grondbeleid heeft daarnaast een grote financiële impact en brengt hierdoor risico’s met zich mee.
Wat wilden we bereiken? De gemeente wil haar ruimtelijke doelstellingen zoals vastgelegd in de ruimtelijke (structuur)visies en -programma's op een economisch verantwoorde wijze realiseren. Enerzijds voor ontwikkelingen waarbij de gemeente ondernemend deelneemt en anderzijds voor ontwikkelingen waarbij de gemeente enkel onder voorwaarden de planologische maatregel faciliteert.
Wat hebben we hiervoor gedaan? Uitvoering geven aan het gemeentelijk grondbeleid. Het doel van het grondbeleid is om de gemeente op economisch verantwoorde wijze de gewenste ruimtelijke doelstellingen te laten realiseren zoals opgenomen in de ruimtelijke (structuur)visies van de gemeente. Regie op de ruimtelijke ontwikkelingen is daarbij van belang. Deze gemeentelijke regierol wordt in belangrijke mate bepaald door de gemeentelijke grondposities. De gemeenteraad stelt het college met het grondbeleid in staat om binnen kaders ondernemend deel te nemen aan en de regie te voeren bij de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen binnen de gemeente (actief grondbeleid); bij gewenste ruimtelijke ontwikkelingen waarbij de gemeente niet ondernemend deelneemt, zo veel mogelijk regie te voeren door het sluiten van privaatrechtelijke overeenkomsten of door het opstellen van een exploitatieplan (faciliterend grondbeleid). Ontwikkeling grondbedrijf in 2023 Nota grondbeleid Op 12 december 2023 is de nota grondbeleid vastgesteld. Een actuele en integrale Nota Grondbeleid zorgt voor een transparant en consequent beeld van het gemeentelijke grondbeleid. Daarmee vormt de inhoud van de nota de basis voor het handelen en de communicatie met zowel externe partijen als voor het eigen gemeentelijk handelen. De kans op onduidelijkheid en willekeur wordt hiermee voorkomen.
Het doel van de nota is om te komen tot een transparante en eenduidige werkwijze bij de uitvoering van het grondbeleid door de gemeente Asten. De strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente Asten is hierin beschreven. Alle aspecten die een rol kunnen spelen bij het grondbeleid, zoals grondprijzenbeleid en gebruik van beschikbare instrumenten zijn toegelicht. De gemeenteraad heeft de kaders vastgesteld waarbinnen het college van burgemeester en wethouders de komende jaren het grondbeleid uitvoert. Uitgangspunt is dat de nota eens in de 4 jaren wordt geactualiseerd, tenzij zich omstandigheden voordoen op grond waarvan deze nota eerder moet worden geactualiseerd. Vennootschapsbelasting (VPB) Grondexploitaties zijn vennootschapsbelastingplichtig. De te betalen VPB wordt berekend op basis van een fiscale openingsbalans en de fiscaal toe te rekenen kosten en opbrengsten. De VPB wordt gedekt uit de reserve grondbedrijf.
63
Grond, bestemd voor gebiedsontwikkeling op termijn Dit zijn gronden waarvoor nog geen grondexploitatie is vastgesteld. Deze worden ook wel als “warme” gronden bestempeld. Deze gronden worden afwijkend van de vastgestelde grondexploitaties verantwoord onder materiële vast activa, tegen de verwervingskosten. Grond, bestemd voor gebiedsontwikkeling
m2
boekwaarde 2022
Ommel Oost
7.435
342.376
Totaal
7.435
342.376
waarde per m2 46
Wat heeft het gekost? Resultaat grondbedrijf Voor winstneming van de grondexploitatie geldt de percentage of completion methode (POC-methode): voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Voor verliezen moeten voorzieningen worden gevormd of deze moeten direct in mindering worden gebracht op de boekwaarde Positieve resultaten van het grondbedrijf worden toegevoegd aan de algemene reserve grondbedrijf. Deze reserve heeft een plafond. Als de resultaten boven dit plafond uitkomen, wordt het meerdere toegevoegd aan de reserve eenmalige bestedingen. Negatieve resultaten van het grondbedrijf worden ten laste van de algemene reserve grondbedrijf gebracht. De reserve wordt dan, indien nodig, aangevuld om de algemene reserve grondbedrijf op niveau te houden. Resultaten grondbedrijf 2023 en prognose In onderstaand overzicht zijn de begrote resultaten van het grondbedrijf 2023 vergeleken met de werkelijk resultaten 2023. Ook de prognose van de resultaten van het grondbedrijf zijn geactualiseerd (2024-2026). Bij de vaststelling van de jaarrekening worden tevens de geactualiseerde prognoses (exploitaties) in de begroting 2024 verwerkt.
In onderstaand overzicht is zichtbaar dat voornamelijk Loverbosch fase 2, als gevolg van te laag ingeschatte kosten en prijsstijgingen, het resultaat 2023 ten opzichte van de raming negatief beïnvloedt. Omdat meer winst is genomen dan op basis van actuele berekening mag, vindt er een correctie plaats. De resultaten per project zien er als volgt uit, (+) is een positief resultaat.
64
Project
Begroot 2023
( + = positief resultaat - = negatief resultaat )
Bouwgrond in exploitatie Loverbosch oostzijde (fase 1) Loverbosch (fase 2) Loverbosch (fase 3) resultaat in 2029 Biesvelden fase 1 resultaat in 2031 Herontwikkeling Lambertusschool Heusden Oost (fase 1) Heusden Oost (fase 2) Heusden Oost (fase 3) Florapark Niet in exploitatie genomen gronden Strategische grondaankopen Ontwikkelingskrediet (Lover Ommel) Totaal project resultaat Resultaat t.l.v of t.g.v. algemene reserve grondbedrijf
Werkelijk 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
11.086 98.153
-25.768 -237.096
11.002 18.478
99.020 9.239
27.628 41.228 216.826 11.724
-17.611 1.877 414.317 -12.135
27.420 34.837 160.691 12.585
41.130
-15.000 -45.000 346.645 346.645
0 -147.419 -23.835 -23.835
-15.000 -45.000 205.013 205.013
Begroot 2026
9.239
256.955
160.691
241.036
-15.000 -45.000 250.080 250.080
-15.000 -45.000 447.230 447.230
In de verwachte resultaten van het grondbedrijf is geen rekening gehouden met de te betalen VPB, daarom worden deze resultaten in eerste instantie toegevoegd of onttrokken uit de algemene reserve grondbedrijf. Afhankelijk van de werkelijk gerealiseerde resultaten en de te betalen VPB zal deze reserve afgeroomd worden ten gunste van de reserve eenmalige bestedingen. De verwachte resultaten 2024 tot en met 2026 zijn een inschatting op basis van de zogenaamde POC-methode. Toelichting resultaten projecten In onderstaand overzicht worden de geactualiseerde resultaten van de diverse exploitaties vergeleken met de verwachte resultaten van het voorgaande jaar. Daarnaast is zichtbaar wat de gerealiseerde resultaten zijn tot en met 2023 en de nog te verwachten resultaten. Project
Bouwgrond in exploitatie Woningen Loverbosch (fase 1) Loverbosch (fase 2) Loverbosch (fase 3) Biesvelden (fase 1) Herontwikkeling Lambertusschool Heusden Oost (fase 1) Heusden Oost (fase 2) Heusden Oost (fase 3) Bedrijven Florapark bedrijventerrein Totaal bouwgronden in exploitatie
Resultaat += positief
Resultaat Gerealiseerd += positief resultaat
Nog te Verwachte realiseren resultaat exclusief VPB afsluitdatum project
Inschatting 2022
Inschatting 2023
tot en met 2023
1.366.492 595.645 -39.815 -290.945
1.339.887 159.361 -420.001 292.673
1.229.865 113.166 0 0
110.022 46.195 -420.001 292.673
2024 2027 2029 2031
0 570.041 1.091.257 1.084.128
256.955 551.910 1.086.743 1.217.771
0 483.360 1.051.906 414.317
256.955 68.550 34.837 803.454
2025 2024 2026
3.070.950
3.059.676
3.047.091
12.585
2024
7.447.753
7.544.975
6.339.705
1.205.270
2026
65
Toelichting per grondexploitatie Loverbosch Oostzijde fase 1 Het resultaat 2023 is gedaald van € 1.366.492,= positief naar € 1.339.887,= positief. Dit heeft te maken met stijging kosten bouw- en woonrijp maken. Gerealiseerde tussentijdse winstneming tot en met 2023 is € 1.229.865,= conform BBV percentage of completion method (Poc). Omdat tot en met 2022 teveel winst is genomen heeft in 2023 een correctie plaatsgevonden van € 25.768,=. Loverbosch fase 2 Het resultaat 2023 is gedaald van € 595.645,= naar € 159.361,= positief. Het nadeel komt doordat de kosten voor definitieve inrichting te laag zijn ingeschat. De kosten voor materiaal en uren zijn duurder dit blijkt ook uit de inschrijvingen van aannemers. Gerealiseerde tussentijdse winstneming tot en met 2023 € 113.166,=. Omdat tot en met 2022 teveel winst is genomen heeft in 2023 een correctie plaatsgevonden van € 37.096,=. Loverbosch fase 3 In de tussentijdse rapportage najaar 2023 is deze calculatie geactualiseerd naar € 538.311,= negatief. In memo aan de raad 26-9-2023 en 20-6-2023 is toegelicht dat de negatieve bijstelling wordt veroorzaakt door de stijgende kosten bouw- en woonrijp maken, toevoegen schoolgebouw, laag uitgiftepercentage etc. Wanneer een exploitatie verlieslatend is dient hiervoor een voorziening te worden gevormd.
Geactualiseerde calculatie komt uit op een verlies van € 420.001,= hiervoor is een voorziening gevormd. Biesvelden fase 1 Het resultaat 2023 is gestegen naar € 292.673,= positief. Het voordeel komt voornamelijk doordat de rentekosten te hoog zijn ingeschat. Herontwikkeling Lambertusschool In de raad van 31-10-2023 is deze grondexploitatie vastgesteld het resultaat is € 256.955,= voordelig. Heusden Oost fase 1 Calculatie is geactualiseerd, het resultaat is gedaald van € 570.041,= naar € 551.910,= positief. Dit nadeel komt door stijging kosten woonrijp maken. Gerealiseerde tussentijdse winstneming tot en met 2023 € 483.360,=. Omdat tot en met 2022 teveel winst is genomen heeft in 2022 een correctie plaatsgevonden van € 17.611,=. Heusden Oost fase 2 Calculatie is geactualiseerd, het resultaat is gedaald van € 1.091.257,= naar € 1.086.743,= positief. Gerealiseerde tussentijdse winstneming tot en met 2023 € 1.051.906,=. Heusden Oost fase 3 Het plan Heusden Oost fase 3 is geactualiseerd. Het geprognosticeerd resultaat is gedaald van € 1.084.128,= positief naar € 1.217.771,= positief. Dit heeft voornamelijk te maken met hogere opbrengsten.
66
Florapark Het plan is geactualiseerd het geprognosticeerde resultaat is gedaald van € 3.070.950,= naar € 3.059.676,=. Gerealiseerde tussentijdse winstneming tot en met 2023 € 3.047.091,=. Omdat tot 2023 teveel winst is genomen wordt correctie toegepast van € 12.135,=. Gronden in exploitatie De totale mutaties voor 2023 en de boekwaarde per project per 31-12-2023 zijn in de volgende tabel weergegeven. Project
Grond bestemd voor gebiedsontwikkeling
Bouwgrond in exploitatie Woningen Loverbosch (fase 1) Loverbosch (fase 2) Loverbosch (fase 3) Biesvelden (fase 1) Herontwikkeling Lambertusschool Heusden Oost (fase 1) Heusden Oost (fase 2) Heusden Oost (fase 3) Florapark bedrijventerrein Grond gebiedsontwikkeling Herontwikkeling het Lover Ommel Oost fase 1 Ommel Hogeweg Strategische grondaankoop Ontwikkelingskrediet Ontwikkelingskrediet (overige)
Investeringen 2023
16.347 703.342 1.427.206 2.987.363 25.764 2.100 11.337 638.711 9.043
Inkomsten In 2023
-1.524.270
-2.593.870
20.948 39.196 83.101 0 4.175 0
5.968.633
-4.118.140
(+) Winst (-) Verlies
(+) Winst Boekwaarde (-) Verlies per 31-12 reserve reserve eenmalige 2023 grondbedrijf bestedingen
-25.768 -237.096
-783.996 -1.323.257 2.689.603 3.005.647
-17.611 1.877 414.317 -12.135
25.764 -634.076 -74.010 -646.383 -43.053
-20.948 -39.196 -83.101 0 -4.175
0 0 0 0 0
-23.835
0
2.216.239
Bouwgrond in exploitatie (BIE) De boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie per 31-12-2023 bedraagt € 2.216.239,=. Het project met de hoogste boekwaarde is Biesvelden fase 1. Gronden opgenomen onder grond gebiedsontwikkeling zijn "nog" niet in exploitatie genomen. Risico’s grondbeleid en bepaling hoogte algemene reserve Bij het grondbeleid zijn grote bedragen en risico’s in het geding. Omdat de planning en uitvoering vaak jaren duren, kunnen de verwachte en werkelijke winst flink verschillen. Om toekomstige risico’s in de grondexploitaties af te dekken is de algemene reserve grondbedrijf gevormd. Bij de berekening van de hoogte van de reserve worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Bouwgrond in exploitatie: Op basis van scenario’s worden de risico’s berekend; Wanneer scenario berekeningen niet aanwezig zijn, wordt de IFLO norm (afdeling Inspectie Financiën Lokale Overheden) gebruikt. Deze norm bepaalt dat de gewenste reserve 10% van het geïnvesteerd vermogen en 10% van de nog te maken kosten bedraagt. Bij het opstellen van de jaarrekening 2023 zijn de exploitaties geactualiseerd en de bijbehorende risico's geïnventariseerd. Volgens de uitgangspunten moet de reserve per 31-12-2023 minstens € 3.216.525,= bedragen. De reserve is € 431.537,= te laag daarom is de reserve aangevuld ten laste van het rekeningresultaat.
67
Algemene reserve grondbedrijf Algemene reserve grondbedrijf per 1 januari 2023 Voorziening verlieslatende complexen Loverbosch fase 3 Resultaat Loverbosch (fase 1) Resultaat Loverbosch (fase 2) Resultaat Heusden Oost (fase 1) Resultaat Heusden Oost (fase 2) Resultaat Heusden Oost (fase 3) Resultaat Florapark Resultaat ontwikkelingskrediet Prognose vennootschapsbelasting 2023 Aanvulling reserve ten laste van resultaat 2023 Algemene reserve grondbedrijf per 31 december 2023
3.363.938 -89.241 -25.768 -237.096 -17.611 1.877 414.317 -12.135 -147.419 -465.873 431.537 3.216.525
68
5. Onderhoud kapitaalgoederen De gemeente Asten is qua oppervlakte uitgestrekt (ruim 7.000 ha). Er vinden veel activiteiten plaats zoals wonen, werken en recreëren. Voor de activiteiten zijn veel gemeentelijke kapitaalgoederen nodig: wegen, riolering, verlichting, (openbaar) groen, civiele kunstwerken en gebouwen. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud ervan is bepalend voor het voorzieningenniveau en uiteraard de (jaarlijkse) lasten. Met het onderhoud van deze kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. In deze paragraaf wordt het beleidskader geschetst voor het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties.
Wat wilden we bereiken? Inzicht in, en realisatie van, het gewenste onderhoudsniveau van de gemeentelijke kapitaalgoederen. Dit kan onder andere bepaald worden aan de hand van de gewenste kwaliteit of landelijk gehanteerde normen.
Wat hebben we hiervoor gedaan? Algemeen beleidskader Het uitgangspunt bij het onderhoud van gemeentelijke kapitaalgoederen is dat deze op een adequate wijze worden onderhouden. Onderhoudslasten worden gemaakt om een kapitaalgoed in goede, oorspronkelijke staat te houden, zodat het naar behoren kan functioneren. Onderhoudslasten zijn dus niet van invloed op de vastgestelde gebruiksduur of afschrijvingstermijn. Dit is dus een essentieel verschil met het uitvoeren van een (vervangings)investering, aangezien die leidt tot verlenging van de gebruiksduur. Een dergelijke investering moet worden geactiveerd op de balans, maar onderhoud mag daarentegen nooit worden geactiveerd. Onderhoud wordt volledig in de begroting opgenomen, waarbij onderscheid gemaakt worden in klein en groot onderhoud. Klein onderhoud Dagelijkse niet voorziene reparaties of jaarlijks terugkerende onderhoudslasten (o.a. preventieve maatregelen en onderhoudscontracten) die nodig zijn om het kapitaalgoed in functionele en veilig staat te houden. De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De lasten van klein onderhoud mogen nooit (ook niet van een voorziening) over meerdere jaren worden geëgaliseerd en worden dus volledig opgenomen in de exploitatie.
Groot onderhoud Onderhoud van een meer ingrijpende aard, dat in feite betrekking heeft op een langere periode. Met dit type onderhoud kunnen jaarlijks fluctuerende lasten gemoeid zijn. De noodzaak voor het verrichten van groot onderhoud doet zich (normaliter) pas na een langere periode van gebruik van het actief voor, als gevolg van slijtage. De lasten die gepaard gaan met groot onderhoud worden in het jaar van uitvoering ten laste van een vooraf gevormde onderhoudsvoorziening gebracht. Deze onderhoudsuitgaven maken dus geen onderdeel uit van het saldo van baten en lasten. De enige last in de exploitatie betreft de dotatie aan de voorziening. De voorwaarde om groot onderhoud op deze manier te verwerken is dat er een recent (maximaal 5 jaar oud) en vastgesteld beheerplan aan ten grondslag ligt.
69
Specifieke beleidskaders Wegen Op grond van de Wegenwet zijn wij als wegbeheerder verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van gemeentelijke wegen en bermen. De wegen werden in 2023 beheerd op het in het beheer- en beleidsplan Wegen 2014-2022 vastgestelde kwaliteitsniveau C. Om de kwaliteit op het gewenste niveau te houden, wordt jaarlijks planmatig onderhoud uitgevoerd. In 2020 is de meerjarenplanning van het wegonderhoud geactualiseerd (2023-2024) op basis van dezelfde uitgangspunten als het beheer- en beleidsplan. Deze actualisering is verwerkt in de begroting 2021-2024. Bij de actualisering is onderscheid gemaakt in klein onderhoud en groot onderhoud (planmatig). Op basis van het beheer- en beleidsplan Wegen wordt er jaarlijks een storting gedaan in de onderhoudsvoorziening voor het groot onderhoud. Het klein onderhoud is opgenomen in de exploitatie. In 2023 is een nieuw beheer- en beleidsplan wegen vastgesteld voor de periode 20242028 waarin opnieuw kwaliteitsniveau C is opgenomen. Civiele kunstwerken Civieltechnische kunstwerken in eigendom van de gemeente worden 1x per 5 jaar geïnspecteerd. Op basis hiervan vindt regulier en groot onderhoud plaats. De eerstvolgende inspectie staat gepland in 2024. Op basis van de inspectie wordt ook inzichtelijk wat de kosten zijn voor het regulier onderhoud.
Op basis hiervan wordt jaarlijks een storting gedaan in de onderhoudsvoorziening voor de kunstwerken. Grootschalig onderhoud en/of vervanging van bruggen en duikers is niet binnen de onderhoudsvoorziening meegenomen. Openbare verlichting Het kader voor openbare verlichting is gesteld in het beleidsplan Openbare Verlichting 2020-2025. Dit beleidsplan is in december 2019 vastgesteld door de gemeenteraad en hierin zijn de missie en visie op het gebied van verlichtingsthema's binnen de gemeente vastgelegd. Belangrijke thema's hierin zijn duurzaamheid, technologische ontwikkelingen en veiligheid. Verder formuleert het beleidsplan Openbare Verlichting richtlijnen en ambities om te voldoen aan landelijke en wettelijke doelstellingen ten aanzien van energiebesparing en wetgeving. Voor de renovatie openbare verlichting is jaarlijks € 99.635 beschikbaar (groot onderhoud). Voor het jaarlijkse onderhoud aan de openbare verlichting (klein onderhoud) is een onderhoudscontract opgesteld en dit budget is opgenomen in de exploitatie. Riolering en Water Op 8 december 2020 heeft de gemeenteraad het Gemeentelijk Rioleringsplan Asten 2021-2025 (GRP) vastgesteld. Het GRP beschrijft het riolerings- en waterbeleid van de gemeente Asten inclusief de financiële middelen.
De gemeente geeft hierin aan hoe zij invulling geeft aan haar zorgplichten vanuit Wet milieubeheer (Wm) en de Waterwet (Wtw): Inzameling en transport van stedelijk afvalwater (afvalwaterzorgplicht); Inzameling en verwerking van (overtollig) afvloeiend hemelwater (hemelwaterzorgplicht); Inzameling en verwerking van overtollig grondwater (grondwaterzorgplicht). Alle kosten die gemaakt worden vanuit deze drie zorgplichten worden gedekt door de rioolheffing (100% kostendekkend). Met de blik vooruit en de volksgezondheid voorop koersen we naar een duurzame, klimaatbestendige, professionele en participerende waterketen en naar een klimaatbestendig, schoon, geordend en beleefbaar watersysteem, door voortvarend aan de slag te gaan tegen aanvaardbare kosten. 70
Groen Bij groen wordt ingezet om het huidige onderhoudsniveau te behouden. Waar mogelijk worden kansen aangegrepen om de biodiversiteit, gebruikswaarde, weerbaarheid en klimaatbestendigheid te vergroten en te vergroenen. Het op niveau houden van het bomenbestand als groenelementen (klein onderhoud) wordt jaarlijks gedaan uit de reguliere exploitatie. Voor het renoveren van boomlanen (groot onderhoud) is een bomenrenovatieplan opgesteld voor 2021-2025 en hiervoor is een apart bedrag beschikbaar gesteld. Voor bosbeheer wordt jaarlijks een beheerplan gemaakt en daarin wordt o.a. gedund en hout geoogst en de opbrengsten van het hout worden gebruikt om onderhoud uit te voeren. Gemeentelijke gebouwen De gemeentelijke gebouwen worden eens per 2 jaar geschouwd voor groot onderhoud. Afhankelijk van de resultaten van de schouw, met inachtneming van het gewenste onderhoudsniveau, welke is bepaald op het wettelijk minimum om het gebouw in stand te houden, heeft dit financiële consequenties voor de meerjarige onderhoudsplanning (MJOP). Op basis van deze onderhoudsplanningen worden de benodigde jaarlijkse stortingen in de onderhoudsvoorzieningen bepaald. De stortingen worden jaarlijks geïndexeerd. De onderhoudsplanningen zijn in 2022 geactualiseerd waarna de stortingen zijn herrekend en in de begroting 2023 verwerkt.
De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De geraamde lasten zijn gebaseerd op ervaringscijfers. Sportvelden De gemeente Asten beschikt over een drietal sportparken. Op park-niveau is een onderhoudsvoorziening gevormd voor groot onderhoud, rekening houdend met de aanwezige verenigingen. De onderliggende onderhoudsplanningen zijn eind 2021 geactualiseerd en uitgebreid naar 40 jaar. De financiële consequenties zijn opgenomen in de begroting. Doel is om te komen tot een constante storting in de onderhoudsvoorziening waarmee gespaard wordt voor het volledige groot onderhoud van de gemeentelijke sportparken. De gevolgen van de privatisering van de sportkantines worden hierbij verwerkt. De kosten voor klein onderhoud stijgen de laatste jaren fors door o.a. veranderde weten regelgeving. Denk hierbij aan de discussie over rubberkorrels bij voetbalvelden en het beperken van chemische bestrijdingsmiddelen bij onder andere beregening van de velden. Alternatieven zijn in sommige gevallen voorhanden, maar werken vaak kostenverhogend. De lasten die gepaard gaan met klein onderhoud worden volledig geraamd in het jaar waarin het onderhoud daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De geraamde lasten zijn gebaseerd op de geactualiseerde onderhoudsplanning.
Wat heeft het gekost? Financiële consequenties In onderstaande tabel zijn de financiële consequenties van het groot onderhoud aan de bovenstaande kapitaalgoederen weergegeven, voor zover hier een onderhoudsvoorziening aan ten grondslag ligt. Zoals in het algemene beleidskader beschreven, wordt het klein onderhoud van de diverse kapitaalgoederen betaald uit de reguliere exploitatie. 71
Voorzieningen
Onderhoud wegen
Saldo
Storting
Onttrekking
Saldo
1-1-2023
2023
2023
31-12-2023
1.782.628
840.345
1.055.055
1.567.918
20.049
9.950
0
29.999
5.556.734
802.377
759.502
5.599.610
18.674
0
0
18.674
Onderhoud gebouwen
2.101.211
665.545
195.595
2.571.161
Onderhoud sportvelden
141.342
273.252
69.065
345.529
9.620.638
2.591.469
2.079.217
10.132.890
Onderhoud civiele kunstwerken Onderhoud riolering Onderhoud groen
Totaal
72
6. Financiering De paragraaf financiering heeft betrekking op de gemeentelijke financieringsfunctie (treasuryfunctie). De financieringsfunctie zorgt ervoor dat er voldoende middelen zijn zodat de gemeente aan alle financiële verplichtingen kan voldoen. Hiervoor worden kortlopende en langlopende leningen aangetrokken. Onder de financieringsfunctie valt ook het verstrekken van leningen/garanties en het beheersen van financiële risico’s.
Wat wilden we bereiken?
Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; Het beschermen van het gemeentelijke vermogen tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s, valutarisico’s en liquiditeitsrisico’s; Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Fido, aanvullende regelgeving en respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut.
Wat hebben we hiervoor gedaan? Wettelijk kader Het wettelijk kader van de treasuryfunctie ligt voor een deel besloten in de nationale regelgeving en voor een deel in Europese regelgeving. Binnen de nationale regelgeving zijn de kaders voornamelijk: Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido); Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet hof); Verplichting tot schatkistbankieren (onderdeel Wet Fido); Besluit Begroting en Verantwoording (BBV); De Gemeentewet. Deze wettelijke kaders zijn verder uitgewerkt en vastgelegd in het gemeentelijke Treasurystatuut 2014 dat op 11 maart 2014 is vastgesteld door de gemeenteraad. Schatkistbankieren Op basis de Wet Fido zijn decentrale overheden verplicht om hun overtollige liquide middelen via een rekening-courant, met eventueel een daaraan gekoppelde depositorekening, in 's Rijks schatkist aan te houden. De uitzondering hierop is dat decentrale overheden hun liquide middelen in de vorm van leningen kunnen uitzetten bij andere decentrale overheden, mits zij niet met het financiële toezicht op dit lichaam zijn belast. Uitgezette gelden Het saldo op de rekening courant van de schatkist bedraagt op 31 december 2023 € 13.900.000,=. Drempelbedrag Daarnaast mogen decentrale overheden liquide middelen buiten 's Rijks schatkist houden mits deze, gerekend over een kwartaal, het drempelbedrag niet te boven gaan.
Naar aanleiding van een landelijke evaluatie wordt vanaf 1 juli 2021 voor gemeenten (en provincies, waterschappen en hun gemeenschappelijke regelingen) met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen de drempel voor het verplicht schatkistbankieren verhoogd naar 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen.
73
Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn koersrisico’s, renterisico’s en kredietrisico’s. Hieronder wordt weergegeven in welke mate deze risico’s zich bij onze gemeente voordoen en op welke wijze de gemeente deze risico’s beheerst. 1. Koersrisicobeheer De koersrisico’s van de gemeente zijn zeer beperkt omdat uitsluitend middelen worden uitgezet bij de schatkist of bij andere overheden. Dit gebeurt in vastrentende waarden. Vastrentende waarden garanderen dat op de einddatum de nominale waarde wordt uitgekeerd. Op de einddatum is dus geen sprake van koersrisico’s. 2. Renterisicobeheer Door schommelingen in de rentevoet loopt een gemeente renterisico. Het renterisico kan worden gemeten door middel van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet begrenst de omvang van de korte financiering (korter dan een jaar). De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal van de gemeente bij aanvang van het jaar, met een minimum van € 300.000,=. Voor 2023 bedraagt de kasgeldlimiet voor de gemeente Asten € 4,28 miljoen. Momenteel zijn er geen leningen aangegaan met een looptijd van maximaal een jaar. Dat betekent dat het renterisico onder de kasgeldlimiet uitkomt. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft tot doel om het renterisico bij het opnemen van leningen te beheersen.
Het effect van de renterisiconorm op de financieringswijze is dat de herfinanciering van vaste leningen niet ineens plaatsvindt, maar over een periode van minimaal vijf jaar wordt gespreid. Dit betekent dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen voor gemeenten niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Voor 2023 bedraagt de renterisiconorm voor de gemeente Asten € 10,1 miljoen. In 2023 zijn geen leningen aan renteherziening onderhevig. Dat betekent dat het renterisico onder de renterisiconorm uitkomt. 3. Kredietrisicobeheer De gemeente loopt tenslotte risico bij het uitzetten van gelden en verlenen van garanties ten behoeve van de publieke taak. De gemeente loopt hierbij het risico dat de kredietnemer zijn financiële verplichting niet kan voldoen. Uitzettingen geschieden daarom uitsluitend aan tegenpartijen die aan de in het treasurystatuut genoemde eisen voor kredietwaardigheid voldoen. Door deze maatregel worden kredietrisico’s zoveel mogelijk beperkt. Opgenomen geldleningen Medio 2020 is een lening opgenomen van € 5 miljoen, tegen een negatieve rente van -0,12% voor een periode van 4 jaar vast. Dit betekent een rentebaat van € 6.000,= per jaar. Begin 2021 is nog een lening van € 10 miljoen aangetrokken tegen een negatieve rente van -0,25% voor een periode van 10 jaar vast. Dit betekent een rentebaat van € 25.000,= per jaar.
In 2024 zal waarschijnlijk een herfinanciering moeten plaatsvinden van de af te lossen lening van € 5 miljoen en mogelijk een nieuwe financiering voor toekomstige investeringen.
74
De omvang en termijn van de nieuwe financiering(en) zullen in de loop van 2024 worden bepaald op basis van de liquiditeitenplanning 2024. In de begroting is rekening gehouden met de rentelasten voor de nieuwe financiering(en) vanaf 2025. Verstrekte geldleningen Er zijn geen leningen verstrekt. Garantstellingen In 2023 staat de gemeente garant voor € 33,7 miljoen aan leningen van Bergopwaarts. Voor Wocom staat de gemeente garant voor een bedrag van € 13,5 miljoen en voor Mooiland Grave voor een bedrag van € 46.000,=.
Wat heeft het gekost? Renteresultaat In het Besluit Begroting & Verantwoording is opgenomen dat de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken naast de beleidsvoornemens en het gerealiseerde beleid ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille ook inzicht moet geven in: a. de rentelasten uit externe financiering b. het renteresultaat c. de wijze van rentetoerekening a. Aangezien er opgenomen geldleningen zijn met een rentebaat en verstrekte hypothecaire-geldleningen met rentebaten is het renteresultaat 2023 op de rentelasten uit externe financiering een positief resultaat zijnde een baat van € 52.465,=. b. Een renteresultaat is ontstaan door de rentestijging op de tegoeden bij de schatkist voor een bedrag van € 572.058,=. c. Rentetoerekening is niet van toepassing omdat het rentebaten betreffen en er geen rentelasten zijn.
75
7. Verbonden partijen Verbonden partijen zijn die privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijke belang én een financieel belang heeft.
Wat wilden we bereiken? In het algemeen geldt dat voor een verbonden partij wordt gekozen indien de gemeente dit beleid niet alleen of niet doeltreffend kan uitvoeren. De verbonden partijen voeren beleid en beheer op verschillende terreinen uit voor de gemeente Asten. Het beleid omtrent deze verbonden partijen, met als doel om de governance te verstevigen, is beschreven in de "Nota Verbonden partijen gemeente Asten 2015". De website Overheid.nl is de wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheidsorganisaties in Nederland. Deze website is een initiatief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Op deze website worden per verbonden partij de algemene gegevens vermeld. De algemene gegevens van de gemeenschappelijke regelingen waarin de gemeente Asten deelneemt staan op deze site: https://almanak.overheid.nl/30279/Gemeente_Asten/. De gegevens omtrent deze gemeenschappelijke regelingen in deze paragraaf zijn dan ook een aanvulling op de vermelde website.
Wat hebben we hiervoor gedaan? In de tabellen op de volgende pagina's is te zien op welke manier de gemeente Asten een bestuurlijk- en financieel belang heeft in de verbonden partijen waarin zij participeert. Daarnaast zijn per verbonden partij een aantal (financiële) gegevens te vinden die verplicht dienen te worden opgenomen op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Verbonden partij (Beleidsmatig)
Bestuurlijk belang
Gemeenschappelijke regelingen Belastingsamenwerking Lid AB+DB Oost-Brabant
BLINK
Lid AB
Openbaar belang
Risico’s
Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) is een samenwerkingsverband tussen waterschap Aa en Maas en elf Brabantse gemeenten op het gebied van gemeentelijke- en waterschapsbelastingen. BLINK heeft tot doel zorg te dragen voor gemeentelijke uitvoeringstaken op het vlak van afvalinzameling en reiniging van de openbare ruimte, die bij wet aan de deelnemende gemeenten zijn opgedragen. Daarnaast exploiteert zij de gemeentelijke milieustraat.
De risico’s komen conform de regelingen voor rekening van de deelnemende gemeente naar rato van hun aandeel in de bedrijfsactiviteiten (financiële bijdragen). BLINK beschikt niet over eigen vermogen om niet begrote en onvoorziene kosten te dekken. De opzet van BLINK als gemeenschappelijke regeling is dat risico’s opgevangen worden door de deelnemende gemeenten in de jaarlijkse reguliere exploitatie. Wel is er met ingang van 2022 een post onvoorzien opgenomen in de begroting van Blink. De post onvoorzien is 1,2% van de totale begrotingswaarde en dient ter afdekking van operationele risico's met van buitenkomend onheil (schadeclaims, plotselinge tariefsmutaties e.d.).
76
GGD Brabant-Zuidoost
Lid AB
GR Peelgemeenten
Lid AB (2x) + Lid DB
Metropoolregio Eindhoven
Lid AB
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
Lid AB
Gemeenten hebben binnen de Wet Publieke Gezondheid de plicht om een plan ter bevordering van de lokale gezondheidssituatie vast te leggen in een nota Lokaal gezondheidsbeleid. De gemeente is in dit proces de regisseur. De GGD ondersteunt de gemeenten bij het voorbereiden, opstellen en implementeren van dit beleid. Per gemeente is er een lokaal team. Doel van GGD Brabant Zuidoost is om een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg (PG) en de ambulancezorg (AZ). Draagt zorg voor kwaliteit en continuïteit voor de uitvoering van de door de lokale overheden opgedragen taken op het gebied van jeugd, WMO, Bijzondere Bijstand, Minimaregelingen en Schulddienstverlening. Strategisch bestuurlijke samenwerking op de thema's: economie, mobiliteit, energietransitie en transitie van het landelijk gebied. Daarnaast het fungeren als archiefbewaarplaats van de overgebrachte archieven van de overheidsorganen binnen de regio Zuidoost-Brabant. Voor het Regionaal Historisch Centrum: Programma 2021/2022 is vastgesteld. Missie, visie en koers zijn opgesteld. Er worden stappen ondernomen tot voorstellen over de positionering van dienstonderdelen MRE en RHCe binnen de MRE. Een werkgroep informatisering is gestart op 29-6-2021.
De risico's zijn benoemd in de begroting 2023 van GGD Brabant-Zuidoost in de risicoparagraaf en in de financiële risicoinventarisatie.
Samen zorgen voor balans tussen ondernemen en een veilige en gezonde leefomgeving. Voor en met gemeenten, provincie en netwerkpartners voert de ODZOB taken uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving, en geeft zij advies op het gebied van omgevingsrecht.
Het risico op verlaging van de baten ODZOB als gevolg van mogelijke bezuinigingen bij de deelnemende gemeenten. Dit risico ligt meer in de invloedssfeer van de gemeenten dan van de ODZOB en daarom is door hen besloten dit risico niet af te dekken. Diverse onzekere ontwikkelingen maken de prognose lastig. Denk hierbij o.a. aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, provinciale eisen voor stalaanpassingen en landelijke
Aangesloten gemeenten zijn aansprakelijk voor tekorten.
Op basis van de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven (vastgesteld AB juli 2018) wordt bepaald wat de organisatie onder risicomanagement verstaat en welke uitgangspunten hierbij worden gehanteerd. Tevens is bepaald welke risico’s door de Metropoolregio Eindhoven worden gedragen en welke door de deelnemende gemeenten. Als uitwerking van de nota zijn voor de organisatie de risico’s in beeld gebracht, geclassificeerd en financieel inzichtelijk gemaakt. Jaarlijks worden bij het opstellen van de begroting en jaarrekening deze risico’s opnieuw beoordeeld. De huidige stand van de algemene reserves is voldoende om deze risico’s af te dekken.
77
opkoopregelingen voor bedrijven. Senzer
Lid AB (2x) + Lid DB
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost
Lid AB
ICT Noord- en Midden Limburg (ICT NML)
Lid AB
Vennootschappen en coöperaties Bank Nederlandse Stemrecht Gemeenten AvA
Brabant Water
Stemrecht AvA
Het werkbedrijf Senzer is per 1 januari 2016 formeel gevormd uit Werkbedrijf Atlant De Peel, de afdeling Werk & Inkomen van de gemeente Helmond en het Werkgeversplein. Senzer voorziet mensen conform de Participatiewet van een uitkering in de noodzakelijke kosten van het bestaan voor levensonderhoud. Senzer verstrekt die uitkering niet langer dan noodzakelijk en begeleidt deze mensen naar maximale participatie en het liefst naar werk. Senzer heeft hiertoe diverse instrumenten beschikbaar die zij kan inzetten bij mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Het uiteindelijke doel is om mensen structureel te laten uitstromen naar (gesubsidieerde) arbeid. Is dit (nog) niet haalbaar, dan wordt er naar gestreefd dat mensen een maatschappelijk nuttige tijdsbesteding hebben. Er wordt hiertoe nauw samengewerkt met de gebiedsteams van de gemeenten. Senzer opereert regionaal zowel op de publieke als private markten. Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) is een samenwerkingsverband tussen 21 gemeenten in de regio ZuidoostBrabant waarin de brandweer, de geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) en de regionale ambulancevoorziening (RAV) samenwerken om incidenten en rampen te voorkomen, te beperken en te bestrijden. ICT NML is een samenwerkingsverband van gemeenten in Noord- en Midden Limburg.
ICT NML verzorgt voor de aangesloten partners het ICT-beheer, ICT-onderhoud en faciliteert bij automatiseringsvraagstukken. Wij streven naar uniforme werkprocessen, eenduidige dienstverlening en de vorming van een regieorganisatie. ICT NML is een organisatie waar vernieuwing en verandering een constante factor is.
Sterke afhankelijkheid van rijksbeleid met betrekking tot de financiering. Omzet is afhankelijk van economische ontwikkelingen. Aangesloten gemeenten zijn op basis van solidariteit gezamenlijk aansprakelijk voor tekorten. Op dit moment worden de resultaten van de evaluatie van de GR Senzer onderzocht en verder uitgewerkt. Dit geeft mogelijk aanleiding tot aanpassing van beleidsuitgangspunten en financieringssystematiek. Afhankelijk van de uitkomsten heeft dit gevolgen voor onze gemeente.
BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burgers. Brabant Water levert drink- en industriewater aan 2,5 miljoen inwoners en aan bedrijven in NoordBrabant. Zij winnen, zuiveren en distribueren water van uitstekende kwaliteit, tegen de laagst mogelijke kosten en met een hoge leveringsbetrouwbaarheid.
Niet van toepassing.
De risico's zijn benoemd in de begroting 2023 van de Veiligheidsregio BrabantZuidoost in de risicoparagraaf en in de financiële risicoinventarisatie.
Aangesloten gemeenten zijn aansprakelijk voor tekorten.
Waardevermindering van het aandelenkapitaal.
78
Stichtingen en verenigingen Bureau Inkoop en Lid AB + Aanbestedingen Lid VvA Zuidoost-Brabant
Zorg- en Veiligheidshuis Brabant-Zuidoost
Lid AB
Overige verbonden partijen Overlegorgaan Lid Nationaal Park De periodiek Groote Peel overleg
Voor een effectieve en efficiënte bedrijfsvoering is een professioneel georganiseerde inkoopfunctie van belang. Door samenwerking op inkoopgebied wordt voordeel op financieel, kwalitatief en procesmatig gebied behaald. Het Zorg- en Veiligheidshuis BrabantZuidoost is een netwerksamenwerking tussen partners uit de straf-, en zorgketen en gemeenten. Zij komen onder eenduidige regie van het openbaar bestuur tot een ketenoverstijgende aanpak van complexe problematiek. Met als doel bij te dragen aan de veiligheid(sbeleving) als onderdeel van het integrale veiligheidsbeleid; het voorkomen en verminderen van recidive, (ernstige) overlast, criminaliteit en maatschappelijke uitval bij complexe problemen, door een combinatie van repressie, bestuurlijke interventie en zorg.
De termijn van een individuele, bilaterale samenwerkingsovereenkomst is van onbepaalde duur met een opzegtermijn van minimaal 2 jaar.
Voor het doelmatig functioneren van De Groote Peel als nationaal park is het overlegorgaan ingesteld in mei 1985.
Niet van toepassing.
De risico's blijven beperkt tot de inleg van financiële middelen.
79
80
Wat mag het kosten? Verbonden partij (Financieel) Gemeenschappelijke regelingen Belastingsamenwerking Oost-Brabant
Jaar
Financiële bijdrage
Eigen vermogen 1/1
Eigen vermogen 31/12
Vreemd vermogen 1/1
Vreemd vermogen 31/12
Prognose financieel resultaat
2023
€ 404.572
€ 956.000
€ 681.000
€ 15.189.000
€ 15.955.000
€ -79.000
€0
€0
€ 4.812.000
€ 5.979.000
€0
€ 656.000
BLINK
20231
GGD Brabant-Zuidoost
2023
€ 670.532
€ 5.465.000
€ 6.980.000
€ 29.778.000
€ 34.315.000
€ 1.290.000
GR Peelgemeenten
2023
€ 1.913.242
€ 654.518
€ 1.021.010
€ 19.056.177
€ 21.369.269
€ 721.010
Metropoolregio Eindhoven
2023
€ 238.258
€ 14.294.416
€ 13.902.613
€ 20.545.740
€ 21.146.523
€ 833.753
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
2023
€ 1.008.748
€ 1.012.315
€ 2.433.223
€ 6.636.669
€ 7.755.115
€ 484.426
Senzer
2023
€ 4.601.539
€ 21.579.000
€ 24.861.000
€ 14.944.000
€ 12.762.000
€ 4.674.000
2023
€ 1.027.702
€ 2.251.205
€ 4.049.062
€ 37.894.467
€ 28.271.925
€ 1.797.857
2023
€ 623.397
€ 879.224
€ 610.697
€ 390.208
€ 301.674
€ 141.198
Bank Nederlandse Gemeenten
20232
Aandelenbezit
€ 4.200 mld.
€ 4.600 mld.
€ 79.000 mln.
€ 88.000 mln.
€ 300 miljoen
Brabant Water
2023
Aandelenbezit
€ 669.537.000
€ 671.541.000
€ 481.749.000
€ 513.676.000
€ 244.376
€ 1.405.076
€ 976.745
€ 950.078
€ 1.140.885
€ 613.915
€ 4.257
€ 110.446
€ 90.902
€ 195.318
€ 279.284
€0
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Niet van toepassing
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost ICT Noord- en Midden Limburg (ICT NML)
(excl. milieustraat)
Vennootschappen en coöperaties
3
Stichtingen en verenigingen Bureau Inkoop en Aanbestedingen 20234 Zuidoost-Brabant Zorg- en Veiligheidshuis 2023 Brabant-Zuidoost Overige verbonden partijen Overlegorgaan Nationaal Park 2023 De Groote Peel 1,2,3 en 4. Balanscijfers komen uit de jaarrekening 2022
€ 5.347.000
81
8. Toekomstagenda 2030 Samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties werken we aan een vitale, leefbare en aantrekkelijke gemeente Asten. Hiervoor hebben we de Toekomstagenda Asten 2030 gemaakt. Samen hebben we opgeschreven wat de komende jaren belangrijk is voor de ontwikkeling van de gemeente Asten en met welke uitdagingen we te maken hebben. De Toekomstagenda Asten 2030 is een kompas om koers te houden én een uitnodiging om mee te doen.
Wat wilden we bereiken?
e volgende maatschappelijke opgaven staan centraal in de Toekomstagenda Asten 2030: KLIMAATBESTENDIG EN ENERGIENEUTRAAL ASTEN Wij streven naar een gemeente die in staat is de gevolgen van klimaatverandering op te vangen. De maatregelen die we moeten nemen zien we nadrukkelijk als kansen voor toekomstbestendige economische ontwikkeling. We onderschrijven de doelstellingen van duurzame ontwikkeling en het Brabants Energie Akkoord en stimuleren maatregelen die bijdragen aan versnelling daarvan. Resultaat: In 2030 zijn we klimaatbestendig: we zijn een gemeente met minder verstening en meer groen, een betere wateropvang, minder hittestress en een grote biodiversiteit in flora en fauna. We volgen de provinciale trend om zo snel als mogelijk energieneutraal te zijn. TRANSFORMATIE VAN HET BUITENGEBIED We streven in Asten naar een maatschappelijke geaccepteerde en gewaardeerde agrofoodsector met toekomstperspectief binnen de kaders van duurzaamheid, gezondheid en welzijn van mens en dier in een mooi en beleefbaar buitengebied. In Asten is ruimte voor een duurzame en verantwoorde agrarische sector. Technologische ontwikkeling en innovatie zijn de dominante middelen binnen deze opgave. Onze kenmerkende landschappen en natuur willen we minimaal behouden en waar mogelijk versterken en meer vervlechten met onze kernen. We zetten in op ontwikkeling van meer aansprekende (natuur) parels.
Resultaat: We realiseren in 2030 een substantiële reductie van de uitstoot van emissies door de agrarische sector.
VITALE KERNEN Om een aantrekkelijke woongemeente te zijn, voeren we een actief woonbeleid. Ons beleid is flexibel en gericht op de lokale woonbehoeften. Gelet op de vergrijzing werken we gericht aan combinaties met zorg, zodat mensen met een beperking zo veel mogelijk zelfstandig kunnen wonen. Wij versterken verder ook onze aantrekkingskracht voor mensen die graag rustig landelijk willen wonen, dichtbij stedelijke voorzieningen en werk. Resultaat: Asten, Heusden en Ommel koersen vanuit de eigen identiteit en kracht. Maatschappelijk initiatief is het vertrekpunt voor ontwikkeling van de kernen. Ruimte voor eigen initiatief betekent dat dorpen, gebieden en gemeenschappen zich ieder op een eigen wijze ontwikkelen. Dit kan tot gevolg hebben dat de ene kern meer voor elkaar krijgt dan een andere. We zetten in op behoud van voortgezet onderwijs in Asten, Dit is cruciaal in de ontwikkeling van onze jongeren en het vormen van netwerken, die wellicht stimuleren dat onze jongeren zich binden aan Asten of overwegen om er later terug te keren. We koesteren de verbindingen tussen onderwijs en bedrijfsleven. In 2030 liggen de scores van onze kernen op het gebied van bevolkingsopbouw, sociale samenhang, veiligheid en voorzieningenniveau (Leefbaarometer.nl) boven het regionaal gemiddelde van de vijf landelijke Peelgemeenten.
CENTRUMONTWIKKELING Levendige dorpscentra met ruimte voor ontmoeting in een gemoedelijke sfeer zijn belangrijk voor de vitaliteit en aantrekkelijkheid van onze kernen. Wij werken aan een centrum in Asten dat uitnodigend is voor inwoners en bezoekers. We sluiten aan bij onze kernkwaliteiten van natuur en voedselproductie. Beleven en genieten staan centraal. Het centrum is de plek voor ontmoeten, eten en drinken en ook werken. De sfeer wordt bepaald door kleinschalige diensten en ambachtelijk werk. Een bruisend centrum is een belangrijke troef in het binden van jongeren en jonge gezinnen. We ontwikkelen in het centrum passende woningen en voorzieningen. Resultaat: In 2030 heeft het centrum van Asten de lokale verzorgende functie voor winkelen behouden en is er een positieve balans (meer inkomende dan uitgaande stromen) op het gebied van restaurantbezoek, café bezoek en cultuurbezoek. OMGEVINGSWET Met het programma Omgevingswet werken we aan ruimte voor ontwikkeling met waarborg voor kwaliteit en zorgen we ervoor dat we voldoen aan de nieuwe wet die per 1 januari 2023 ingaat. VITALE DEMOCRATIE Met het programma Vitale democratie werken we aan de cultuuromslag die nodig is om de maatschappelijke opgaven te realiseren. Meer loslaten vanuit de gemeente en faciliteren van burgerinitiatief, meer oppakken van verantwoordelijkheid door de samenleving zelf.
83
Wat hebben we hiervoor gedaan? Realiseren doelen uit maatschappelijke opgaven Binnen elk inhoudelijk programma lopen diverse projecten die geïnitieerd worden door de gemeente, door de samenleving, door de regio of het Rijk en veelal in verbinding met de partners in het netwerk waarin we werken. Daarnaast wordt overkoepelend gekeken naar verbinding tussen de projecten uit verschillende programma's. Bijv. het thema energieneutraal speelt ook een rol bij de realisatie van een project in het programma vitale kernen. Naast deze inhoudelijke verbinding is er vanuit de faciliterende programma's Omgevingswet en Vitale democratie verbinding met elk inhoudelijk programma en project. Bijvoorbeeld over de procesaanpak van een project en hoe de participatie vanuit de samenleving wordt ingevuld. Op www.asten.nl/2030 staan de actuele projecten en nieuwe ideeën gepubliceerd. Stimuleren van burgerinitiatieven Onderdeel van de realisatie van de Toekomstagenda Asten 2030 is de uitnodiging aan inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen om mee te doen en zelf ook met burgerinitiatieven te komen. Op www.asten.nl/2030 staan alle programma's online, met de lopende projecten en ingekomen burgerinitiatieven, zowel klein als groot.
84
9. Wet open overheid (Woo) Wat wilden we bereiken? Wet open Overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet Open Overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet richt zich op een transparante overheid en vraagt een cultuurverandering rond de omgang met informatie. Bepaalde informatie moet verplicht en actief openbaar gemaakt worden. Dit raakt een groot deel van de processen in onze gemeente. Ook informatieverzoeken aan de overheid (voorheen WOB-verzoek) vallen onder de nieuwe wet. Om aan de nieuwe eisen te kunnen voldoen, moet onze gemeentelijke informatiehuishouding op orde zijn, de juiste it-voorzieningen aanwezig en vooral bekend zijn wat de wet voor ambtenaar en bestuurder betekent. Het grijpt in op het dagelijks handelen van een groot deel van onze organisatie en heeft daarmee de komende jaren een flinke impact op onze bedrijfsvoering. In 2027 moet de Woo geïmplementeerd zijn, met nog 3 jaar extra voor het op orde krijgen van het informatiebeheer. Ten behoeve van de definitieve planning moeten nog Koninklijke Besluiten genomen worden. In het coalitieakkoord 2022-2026 van de gemeente Asten staat op welke manier wij invulling geven aan goed bestuur. Elementen, zoals transparant en integer zijn en open communicatie zijn hierin van groot belang. Laten zien wat de gemeente Asten voor haar inwoners doet en op een passende wijze communiceren naar alle doelgroepen.