RU23.06.07B Bijlage b - Ruimtelijke onderbouwing Gezandebaan 46a.pdf
Tekst van het document
Een toegepaste vorm van vrijstelling is onder meer door het werken met een door het ministerie van EZ goedgekeurde gedragscode, door middel van een Programmatische Aanpak of via een provinciale verordening. Toetsing Elke categorie beschermde soorten kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. Voor de drie categorieën beschermde soorten moeten de effecten op populatieniveau worden getoetst. Daarbij dient de staat van instandhouding van de gehele populatie in aanmerking genomen te worden. Een ontheffingsaanvraag wordt o.a. beoordeeld op de volgende punten: • aanwezigheid van aanvaardbare alternatieve mogelijkheden • aanwezigheid van een wettelijk belang • de staat van instandhouding van de soort en behoud van functionaliteit van de verblijfplek. Het wettelijk belang betreft, afhankelijk van de status van de soort, een Nationaal wettelijk belang (Vrijstellingsbesluit) of een Europees wettelijk belang (Habitatrichtlijn of Vogelrichtlijn). Deze wettelijke belangen hebben o.a. betrekking op de openbare veiligheid, volksgezondheid, veiligheid luchtvaart en bescherming van flora en fauna. Zorgplicht De wet erkent de intrinsieke waarde van in het wild levende dieren. Dit is de waarde die de plant of dier in zichzelf heeft. De waarde die wordt gehecht aan kwaliteiten van een soort, ongeacht de waarde die de soort heeft voor mensen.
Artikel 1.11 van de Wnb stelt dat iedereen voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. De zorg houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor flora of fauna kunnen worden veroorzaakt, verplicht is alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd om zodoende die gevolgen te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. De zorgplicht geldt altijd, en voor alle planten en dieren, of ze beschermd zijn of niet, en in het geval dat ze beschermd zijn ook als er ontheffing of vrijstelling is verleend.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
11 Rode lijsten Rode lijsten geven een overzicht van soorten die uit Nederland zijn verdwenen of duidelijk achteruit zijn gegaan. Rode lijsten hebben een signaleringfunctie en geen juridische status. Plaatsing op de lijst betekent daarom niet automatisch dat de soort beschermd is. Daarvoor is opname van de soort nodig onder de Wet natuurbescherming. De Rode lijsten zijn richtinggevend voor toekomstig beleid. Van overheden en terreinbeherende organisaties wordt verwacht dat zij bij beleid en beheer rekening houden met de Rode lijsten.
4.2
GEBIEDSBESCHERMING
De gebiedenbescherming onderscheidt twee typen beschermde natuurgebieden • •
Gebieden die op Europees niveau beschermd zijn en aangewezen zijn in het kader van de Habitatrichtlijn (HR), Vogelrichtlijn (VR) en Verdrag van Ramsar (wetlands) en vallen onder de noemer Natura 2000- gebieden. Planologisch beschermde natuurgebieden en verbindingsstructuren die op landelijke basis zijn ingesteld en vallen onder het Natuurnetwerk Nederland (EHS). In de provincie NoordBrabant geheten; Natuurnetwerk Brabant (NNB).
Natura 2000 Natura 2000- gebieden betreffen gebieden van grote ecologische waarde. In Nederland zijn 164 Natura 2000- gebieden aangewezen. Per Natura 2000- gebied zijn instandhoudingsdoelen voor soorten en vegetatietypen opgesteld. Iedereen die vermoedt, of kan weten dat zijn handelen of nalaten, gelet op de instandhoudingdoelen, nadelige gevolgen voor een Natura 2000- gebied kan hebben, is verplicht deze handelingen achterwege te laten of te beperken. Uitgezonderd zijn activiteiten binnen Natura 2000- gebied die uitgevoerd worden in het kader van vastgelegde beheersplannen ten behoeve van Natura 2000- doelen. Een ontheffing wordt alleen verleend indien er geen reële alternatieven zijn, de staat van instandhouding van soorten niet in gevaar komt en er sprake is van een groot openbaar belang, dat o.a. de volksgezondheid en openbare veiligheid kan betreffen. De ontheffingsverlening gaat veelal gepaard onder strikte voorwaarden en beperkingen en er is altijd sprake van een compensatieplicht. Natuurnetwerk Nederland De natuurgebieden die vallen onder het Natuurnetwerk Nederland vormen door hun onderlinge verbindingen een samenhangend ecologisch netwerk. Het Natuurnetwerk Nederland is de opvolging van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) waarvan de naam de EHS nog in de wetgeving verankerd is.
De beleidsmatige bescherming van het Natuurnetwerk Nederland is vastgelegd in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (Omgevingsvisie febr. 2020 vooruitlopend op de Omgevingswet). In de provincie Noord- Brabant (Natuurnetwerk Brabant) bestaat het Natuurnetwerk Nederland uit de Rijks EHS en de provinciale EHS. In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant wordt echter geen onderscheid gemaakt tussen de Rijks- en de provinciale EHS. Provincies kunnen zelf bepalen welke gebieden beschermd worden via het provinciaal beleid. De provincie voegt dan gebieden toe aan het Natuurnetwerk Nederland of wijst ze aan als bijzonder provinciaal natuurgebied of – landschap. De wezenlijke kenmerken en waarden van het Natuurnetwerk Nederland mogen niet door een ingreep worden aangetast. Alle mogelijke effecten van een voorgenomen ingreep moeten daarop dan ook worden getoetst. De bescherming van NNNgebieden verloopt via het ruimtelijk ordeningsrecht Barro (bestemmingsplannen) en niet via natuurwetgeving.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
12
4.3
BESCHERMING VAN HOUTOPSTANDEN
Bos valt onder de Wet natuurbescherming als het gaat om beplantingen van bomen groter dan 10 are of als het een rijbeplanting betreft, uit meer dan 20 bomen bestaat. Alleen als bos buiten de bebouwde kom ligt, valt het onder de Wet natuurbescherming. De gemeente kan voor de Wet natuurbescherming een andere ‘bebouwde kom Wet natuurbescherming’ vaststellen dan de bebouwde kom volgens de Wegenverkeerswet. Bomen op erven en tuinen en een rij wilgen of populieren op of langs landbouwgronden zijn uitgezonderd van de meldingsplicht. Verder is in de Wet natuurbescherming ruimte gecreëerd voor vellen voor de productie van hout als biomassa. Populieren, wilgen, essen of elzen die zijn bedoeld voor de productie als biomassa zijn uitgezonderd van de meld- en herplantplicht indien tenminste een keer per tien jaar wordt geoogst, de beplanting na 1 januari 2013 is aangelegd en aan een aantal beplantingseisen is voldaan. Ook kerstbomen die niet ouder zijn dan twintig jaar, kweekgoed, fruitbomen en windschermen om boomgaarden zijn uitgezonderd. De uitzondering van de oude Boswet voor Italiaanse populieren, linden, paardenkastanjes en treurwilgen gaat onder de Wet natuurbescherming niet meer op. De belangrijkste elementen m.b.t. de bescherming van houtopstanden zijn de meldingsplicht, de herplantplicht en het kapverbod.
De provincies bepalen welke gegevens bij een melding moeten worden aangeleverd. Meldingsplicht Wanneer een boseigenaar voornemens is om een houtopstand die onder de Wet Natuurbescherming valt, te gaan vellen dan moet hij dit voornemen minstens een maand van te voren melden bij Gedeputeerde Staten van de betreffende provincie. (art. 4.2 Wnb). Herplantplicht De eigenaar van grond waarop een houtopstand is geveld, of op andere wijze teniet is gegaan, is verplicht binnen drie jaar te herplanten. (art. 4.2 Wnb). Het is niet van belang hoe het bos is ontstaan of in welke staat het verkeerde. Wanneer de herplant niet aanslaat, moet binnen drie jaar daarna de herplant worden vervangen. Er geldt een algehele vrijstelling voor houtopstanden die gekapt worden in het kader van natuurbeheer en natuurbehoud. Kapverbod In uitzonderingsgevallen kunnen Gedeputeerde Staten een kapverbod opleggen wanneer het natuurof landschapsschoon ernstig in gevaar is. In de praktijk gebeurt dat slechts af en toe, zoals in gevallen waarbij het om zeer oude bomen of buitengewoon waardevolle boomgemeenschappen gaat.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
13
5.
RESULTATEN ONDERZOEK SOORTENBESCHERMING
De aangetroffen soorten en het mogelijk voorkomen van beschermde soorten in het plangebied wordt beschreven. Per soortgroep wordt beschreven welke soorten er zijn waargenomen tijdens het veldbezoek, welke soorten voorkomen op de golfbaan op basis van de inventarisatiegegevens, welke soorten worden verwacht in het plangebied, en welke effecten (mogelijk) aan de orde zijn.
5.1
FLORA
De golfbaan ligt grotendeels in een agrarische omgeving op een voormalig rijk bemeste bodem. In de afgelopen jaren zijn door optimaal beheer binnen de diverse biotopen op de golfbaan een groot aantal Rode lijst soorten vaatplanten verschenen. Beschermde vaatplanten op grond van de Wet Natuurbescherming zijn tijdens de jaarlijkse inventarisaties niet waargenomen. Tijdens het veldbezoek zijn binnen het plangebied rondom de poel algemene soorten als riet, grote lisdodde en pitrus aangetroffen. Op de zandige onverharde bodem op de werf werden algemene grassen als gestreepte witbol en gewoon straatgras waargenomen. Op de aarden wal zijn voornamelijk ruigte- en pioniersoorten aangetroffen als grote brandnetel, Canadese fijnstraal, melganzenvoet en vogelmuur. Ook werden diverse exemplaren van brede wespenorchis tegen de westzijde van het talud gezien. Deze soort was vóór 2017 onder de Flora en faunawet beschermd. Ter plaatse van de exemplaren van de brede wespenorchis blijft de aarden wal intact. Binnen het plangebied en directe omgeving worden geen soorten verwacht die op de lijsten vermeld staan van de strikt beschermde plantensoorten van de Habitatrichtlijn en provinciaal beschermde soorten. Voor dergelijke soorten, die veelal specifieke eisen stellen aan hun leefomgeving, ontbreken geschikte biotopen.
Conclusie In het plangebied zijn geen beschermde plantensoorten aanwezig en worden gezien de aanwezige biotopen ook niet verwacht.
5.2
VOGELS
In de Wet natuurbescherming worden alle broedende vogels strikt beschermd op grond van de Vogelrichtlijn. De Wet natuurbescherming kent geen standaardperiode voor het broedseizoen. Het gaat erom of er een broedgeval aanwezig is. Van een aantal vogelsoorten worden de nesten ook buiten het broedseizoen beschermd. De zogenaamde ‘Jaarrond beschermde verblijfplaatsen’ (zie bijlage 1). Als deze nesten door een ruimtelijke ontwikkeling verdwijnen, kan afhankelijk van de soort die het nest gebruikt, een ontheffingsaanvraag noodzakelijk zijn. Voorkomen Categorie 1-4 vaste verblijfplaatsen in gebouwen Uit bronnenonderzoek blijkt dat in de directe omgeving van de golfbaan vogels met jaarrond beschermde nesten voorkomen als steenuil en kerkuil. Delen van het terrein op de golfbaan zijn geschikt als foerageergelegenheid voor uilen. De grote gele kwikstaart heeft gebroed op de golfbaan onder een stuw. In en rond het clubgebouw is een kolonie huismussen actief. Waar de huismussen nestelen is niet bekend.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
14 Binnen het plangebied is geen bebouwing aanwezig, daarmee kan de aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten in gebouwen worden uitgesloten. Categorie 1-4 vaste verblijfplaatsen in bomen In de omgeving van de golfbaan komen vogels met jaarrond beschermde nesten voor als sperwer, havik, buizerd en wespendief en boomvalk. Een aantal van deze soorten vindt broedhabitat in de bosgebieden ten zuiden van de golfbaan, de vochtige moerasbossen in het Starkriet op een ruime kilometer ten zuidwesten en Natura 2000-hoogveengebied De Groote Peel op ca. 1,5 kilometer ten zuidoosten. Tijdens het veldbezoek is een buizerd gehoord boven het plangebied. De bomen in een ruime straal rondom het plangebied zijn gecontroleerd op aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten. Er zijn geen jaarrond beschermde nesten aangetroffen. Broedhabitat van vogels met jaarrond beschermde nesten bevindt zich in de regel op rustige plekken met weinig menselijke verstoring in de directe omgeving. Binnen het plangebied zijn geen beschermde nesten uit categorie 1-4 in bomen aanwezig en worden ook niet verwacht. Vaste rust- en verblijfplaatsen categorie 5 Categorie 5- soorten zijn alleen jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen.
Het betreft hier voornamelijk holenbroeders, zoals spechten en mezen, makers van grote nesten, zoals ekster en zwarte kraai of makers van kleinesten aan bebouwing als boerenzwaluw en huiszwaluw. Het gaat hierbij om algemeen voorkomende soorten die meestal ook in de directe omgeving voldoende broedgelegenheid ter beschikking hebben. Tijdens het veldbezoek zijn uit deze categorie spreeuwen, koolmezen, groene specht en boomklever waargenomen. In de bomen rondom het plangebied zijn geen jaarrond beschermde nesten cat. 5 in bomen aangetroffen. Met de beoogde ontwikkeling blijven alle bomen in de directe omgeving gehandhaafd en de nieuwe schuur wordt landschappelijk ingepast met gebiedseigen groen. Overige Vogelrichtlijnsoorten In het plangebied zijn mogelijkheden voor nestgelegenheid voor overige algemene vogelrichtlijnsoorten waarvan de nesten alleen gedurende het broedseizoen beschermd zijn, zoals kleine karekiet, bosrietzanger, vink, houtduif, winterkoninkje en merel. Tijdens het veldbezoek zijn o.a. houtduif, gaai, roodborst merel gespot. Nesten van algemene vogelrichtlijnsoorten zijn niet aangetroffen. Conclusie Jaarrond beschermde verblijfplaatsen in gebouwen Door het ontbreken van bebouwing binnen het plangebied kan de aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten van vogels in bebouwing worden uitgesloten.
Jaarrond beschermde verblijfplaatsen in bomen Binnen het plangebied en directe omgeving zijn geen jaarrond beschermde nesten in bomen aangetroffen. Overige Vogelrichtlijnsoorten Ter plaatse van het plangebied zullen nest- en foerageermogelijkheden voor enkele algemene struweel- en rietvogels verloren gaan. Op het terrein van de golfbaan blijven meer dan voldoende gelijkwaardige biotopen beschikbaar voor deze soorten. De nieuwe schuur wordt landschappelijk ingepast waardoor nest- en foerageermogelijkheden voor algemene vogelsoorten behouden blijven. Bij de planning van de werkzaamheden moet rekening gehouden worden met broedende vogels. Het broedseizoen loopt globaal van half maart tot eind juli. Echter voor het broedseizoen wordt geen standaardperiode gehanteerd in het kader van de Wnb. Van belang is of een broedgeval aanwezig is,
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
15 ongeacht de periode. Het is verboden om nesten van broedende vogels te beschadigen of te vernietigen.
5.3
LANDGEBONDEN ZOOGDIEREN
Voorkomen Jaarrond beschermde verblijfplaatsen Volgens gegevens uit het inventarisatieverslag 2020 door IVN natuurwerkgroep is de bever (§ 3.2 Wnb), gezien in de Eeuwselse loop welke de golfbaan doorsnijdt. Er zijn waarnemingen bekend van eekhoorn en hermelijn (3.3 Wnb) op het terrein van de golfbaan. Verder worden soorten met jaarrond beschermde verblijfplaatsen als steenmarter en kleine marterachtigen als bunzing en wezel verwacht in diverse geschikte biotooptypen op de golfbaan. Bever De bever leeft in moerassige delen nabij beken en rivieren omzoomd met broekbossen. Het voorkomen van de bever binnen het plangebied kan worden uitgesloten. Eekhoorn De voorkeurshabitat voor eekhoorn bestaat uit gemengde bossen, bosrijke tuinen, parken en houtwallen, daar waar voedselmogelijkheden voorhanden zijn. In de directe bosrijke omgeving van het plangebied zijn volop voedsel- en nestmogelijkheden voor de eekhoorn aanwezig. In de bomen in de directe omgeving van het plangebied zijn geen nesten van de eekhoorn aangetroffen. Alle bomen blijven behouden in het nieuwe plan. Steenmarter De steenmarter is een soort van steenachtige biotopen en schuilplaatsen. De soort komt tegenwoordig behalve in kleinschalige cultuurlandschappen nabij boerderijen, ook binnen dorpen en steden voor.
De steenmarter vindt vaste verblijfplaatsen in oude schuurtjes met weinig menselijke activiteit of woningen met toegankelijke zolder-, en of kruipruimten. Binnen het plangebied ontbreekt bebouwing en daarmee kunnen vaste verblijfplaatsen (voortplantingsplekken) van de steenmarter worden uitgesloten. Kleine marterachtigen Kleine marterachtigen zoals bunzing, hermelijn en wezel zijn in de provincie Noord- Brabant vanaf 1 oktober 2017 beschermd (§ 3.3 Wnb). Deze zoogdieren verplaatsen zich vooral via lijnvormige landschapselementen zoals hagen die tot aan de grond komen (geen opgesnoeide hagen) of greppels, en vinden er hun voedsel. Landschapselementen in een geschikt habitat voor kleine marterachtigen zijn o.a. struwelen, hoge graslandvegetatie, houtstapels, houtwallen, takkenrillen, oude konijnenholen of stapels stenen of puin. Voor de bunzing en hermelijn is water in de nabijheid van belang. Tijdens het veldbezoek werd een recent gebruikt hol waargenomen in de aarden wal aan de noordzijde van de werf aangrenzend ten westen van het plangebied. Gedurende twee weken zijn enkele wildcamera’s geplaatst nabij de ingang van het hol. Uit de camerabeelden bleek dat het hol in gebruik was door een bunzing. Vrijwel dagelijks werd er activiteit van een bunzing (of meerdere exemplaren) waargenomen. Het hol betreft een vaste rust- en verblijfplaats van een bunzing.
Vaste rust- en verblijfplaatsen van de bunzing zijn in Noord- Brabant beschermd. Met de geplande werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de verblijfplaats van de bunzing. Vrijgestelde soorten Op de wildcamera’s zijn konijnen waargenomen. Voor soorten uit de categorie ‘Vrijgestelde soorten’ betekent dat bij ruimtelijke ontwikkeling rust- of verblijfplaatsen verwijderd mogen worden, wanneer geen andere bevredigende oplossing bestaat. Daarbij dient wel de zorgplicht te worden
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
16 nageleefd. Er worden nog enkele zoogdieren verwacht die gebruik maken van het plangebied uit de categorie ‘Vrijgestelde soorten’ zoals egel, haas en enkele algemene spits- en woelmuizen.
Conclusie In de directe omgeving van het plangebied bevindt zich een vaste rust- en verblijfplaats van een bunzing. Vaste rust- en verblijfplaatsen van de bunzing zijn in Noord- Brabant beschermd. Dit betekent dat het op grond van artikel 3.10 lid 1 Wnb verboden is om deze dieren opzettelijk te doden of te vangen of om de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. In geval met de beoogde realisatie van de schuur de verblijfplek van de bunzing wordt verwijderd, zullen verbodsbepalingen uit artikel 3.10 lid 1 Wnb worden overtreden en is een ontheffingsaanvraag nodig. Gezien de locatie van de verblijfplaats van de bunzing is het alleszins mogelijk om deze tijdens de werkzaamheden te ontzien. Hiervoor worden mitigerende (verzachtende) maatregelen voorgesteld. Binnen het plangebied worden verder geen beschermde landgebonden zoogdieren verwacht die op de lijsten staan van de Habitatrichtlijn of de ‘Andere soorten’, (provinciaal beschermde soorten) door het ontbreken van geschikt leefgebied. Het plangebied biedt uitsluitend leefgebied voor een aantal landgebonden zoogdieren waarvoor een vrijstelling geldt bij ruimtelijke ontwikkeling. Echter de zorgplicht is wel altijd van kracht.
5.4
VLEERMUIZEN
Alle in Nederland voorkomende vleermuizen zijn strikt beschermd. Alle vleermuizen staan vermeld in de Europese Habitatrichtlijn (§ 3.2 Wnb). Dit betekent dat ze beschermd zijn tegen verstoring van vaste rust- en verblijfplaatsen. Onder deze vaste rust- en verblijfplaatsen wordt verstaan: ‘het gehele systeem waarvan een populatie gebruik maakt tijdens de jaarcyclus van de soort’. Dit houdt in dat niet alleen verblijfplaatsen, maar ook belangrijke verbindingen hiertussen (vlieg- en foerageerroutes) beschermd zijn. Voorkomen In dit deel van het land kunnen o.a. de volgende soorten voorkomen: gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis, bosvleermuis, rosse vleermuis, laatvlieger, gewone, - en grijze grootoorvleermuis, baard/Brandtsvleermuis en watervleermuis. Belangrijke vliegroutes en foerageergebied Vleermuizen oriënteren zich op lijnvormige elementen in het landschap zoals bomenlanen, kanalen, rietkragen of houtwallen om zich te verplaatsen van verblijfplaats naar foerageergebieden. Binnen het plangebied zijn geen aanééngesloten lijnvormige (groen) structuren aanwezig die mogelijk dienst doen als vast vlieg- en foerageerroute. In de directe omgeving ten zuiden en aan de noordzijde zijn diverse geschikte lijnvormige groenstructuren welke vleermuizen zullen benutten als vaste vlieg- en foerageerroute. Deze structuren blijven gehandhaafd.
Het plangebied vormt foerageergebied van goede kwaliteit voor vleermuizen. Met de beoogde bouwplannen voor de schuur zullen foerageermogelijkheden tijdelijk minimaal verminderen. In de directe omgeving is jachtgebied van goede kwaliteit en omvang aanwezig. Ook wordt de nieuwe schuur landschappelijk ingepast met streekeigen groen. Per saldo heeft de beoogde ontwikkeling geen invloed op foerageermogelijkheden voor vleermuizen. Verblijfplaatsen Er zijn vleermuizen die in bomen hun verblijfplaatsen onderhouden, soorten die in gebouwen verblijven en enkele soorten die zowel in bebouwing als in bomen verblijfplaatsen hebben. IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
17 Binnen het plangebied ontbreekt bebouwing waardoor vleermuisverblijfplaatsen in bebouwing kunnen worden uitgesloten. In de bomen rondom het plangebied zijn geen rottingsgaten, holtes, stamspleten of loshangende schors aanwezig waar zich vleermuisverblijfplaatsen kunnen bevinden. Alle bomen blijven behouden in het nieuwe plan.
Conclusie Belangrijke vliegroutes en foerageergebied In de directe omgeving van het plangebied zijn diverse geschikte lijnvormige groenstructuren die dienst doen als vaste vlieg- en foerageerroute voor vleermuizen. Deze structuren blijven behouden. De beoogde ontwikkeling; dempen van de poel en bouw van de schuur landschappelijk ingepast en gedeeltelijke verharding van het grondvlak van de werf heeft hierop geen negatieve invloed. Verblijfplaatsen Door het ontbreken van bebouwing en geschikte holtebomen kunnen vleermuisverblijfplaatsen binnen het plangebied worden uitgesloten. Negatieve effecten op vleermuizen zijn niet aan de orde.
5.5
ONGEWERVELDEN
Voorkomen Vlinders en libellen Tijdens het veldbezoek zijn geen vlinders en libellen waargenomen. Uit gegevens van het Inventarisatieverslag 2020 van de IVN- Natuurwerkgroep blijkt een waarneming bekend van het spiegeldikkopje (§ 3.2 Wnb). De waarneming van het spiegeldikkopje betreft waarschijnlijk een zwervend individu uit de populatie aanwezig in de Groote Peel op een afstand van ca. 2 kilometer ten zuidoosten van het plangebied. Beschermde (dag)vlinders stellen specifieke eisen aan het voortplantingshabitat. Bij het habitat is het belangrijk dat aan de eisen van alle stadia van de vlindersoort wordt voldaan. Voor de beschermde soorten in Nederland geldt dat deze veelal gebonden zijn aan zeldzame waardplanten, die vaak alleen in natuurterreinen zijn te vinden. Waarnemingen van beschermde libellen op het terrein van de golfbaan zijn niet bekend. Het type poel binnen het plangebied welke wordt gedempt vormt voortplantingswater voor een aantal algemene soorten libellen en juffers zoals platbuik, viervlek, grote roodoogjuffer en lantaarntje. Verder zijn op het terrein van de golfbaan zijn waarnemingen bekend van algemene soorten vlinders en libellen zoals dagpauwoog, oranje zandoog, koninginnepage, vuurlibel, houtpantserjuffer en tengere grasjuffer.
Overige soorten ongewervelden Overige beschermde soorten insecten, hout- en waterkevers zoals vermiljoenkever, vliegend hert of gestreepte waterroofkever zijn afhankelijk van bijzondere habitattypen als oude (eiken)bossen met boomholtes en rottend hout, of onvervuilde, voedselarme wateren met specifieke vegetaties. Deze biotopen zijn niet aanwezig in het plangebied en de directe omgeving.
Conclusie Binnen het plangebied en directe omgeving ontbreken specifieke biotopen en specifieke voortplantingswateren voor beschermde dagvlinders en libellen. Het voorkomen van beschermde dagvlinders en libellen kan worden uitgesloten. Gelet op de aanwezige biotopen bieden het plangebied en directe omgeving uitsluitend leefgebied voor algemene vlinder,- en libellensoorten en overige algemene soorten ongewervelden.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
18 5.6
VISSEN, REPTIELEN EN AMFIBIEËN
Voorkomen Uit het inventarisatieverslag blijkt dat geen beschermde vissoorten zijn aangetroffen in poelen en in de Eeuwselse loop. Op het terrein van de golfbaan is éénmalig een levendbarende hagedis (§ 3.2) gespot en in een poel aan de westkant van de golfbaan is in 2018 de alpenwatersalamander (§ 3.3) aangetroffen. Reptielen Levendbarende hagedis De levendbarende hagedis heeft een voorkeur voor heide en hoogveen. Ook komt de soort voor in ruige graslanden, open bossen en in bermen van (spoor)wegen. In genoemde landschapstypen wordt de soort het meest op oevers en vochtige terreindelen aangetroffen. Het voorkomen van de levendbarende hagedis binnen het plangebied is zeer onwaarschijnlijk door het ontbreken van geschikte biotopen. Amfibieën Tijdens het veldbezoek op 1 oktober is één bastaardkikker waargenomen nabij het plangebied. Alpenwatersalamander De alpenwatersalamander is een weinig kritische soort die zich voortplant in allerlei types water waarin zich nauwelijks of geen vis bevindt. De te dempen poel is op 9 oktober 2021 door één van de leden van de natuurwerkgroep geïnventariseerd op het voorkomen van (beschermde) vissen en amfibieën. Tijdens het bemonsteren van de poel zijn algemene soorten vissen en amfibieën aangetroffen als de 10-doornige stekelbaars, een bastaardkikker en enkele larven van de kleine watersalamander.
De beschermde alpenwatersalamander niet aangetroffen en wordt ook niet verwacht in deze poel. De bastaardkikker en de kleine watersalamander zijn beschermd op basis van de Wnb maar behoren tot de ‘Vrijgestelde soorten’. Voor deze soorten geldt bij ruimtelijke ontwikkeling een vrijstelling van de verbodsbepalingen uit de Wnb. Echter de zorgplicht is altijd van kracht.
Conclusie Binnen het plangebied zijn geen beschermde vissen, amfibieën en reptielen aanwezig. Het voorkomen van beschermde vissen, reptielen en amfibieën kan worden uitgesloten door het ontbreken van specifiek oppervlaktewater en landhabitat. Het is aannemelijk dat algemene amfibieënsoorten als bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander overwinteren in het plangebied. Bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander behoren tot de ‘Vrijgestelde soorten’ waarvoor bij ruimtelijke ontwikkeling geen verbodsbepalingen gelden. Echter de algemene zorgplicht is altijd van kracht. Om aan de zorgplicht te voldoen worden maatregelen voorgesteld voorafgaand aan het dempen van de poel en het bouwrijp maken van het terrein. Zie hiervoor paragraaf 8 blz. 24.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
19
6.
RESULTATEN ONDERZOEK GEBIEDSBESCHERMING
6.1
Natura 2000
Uit gegevens van het Natuurbeheerplan van de provincie Noord- Brabant blijkt dat het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ligt op een afstand van 1.7 kilometer ten zuidoosten van het plangebied. Het betreft Natura 2000 -gebied ‘De Groote Peel’ een levend hoogveengebied op de grens van Brabant en Limburg.
Figuur 3. Ligging plangebied (rode cirkel) t.o.v. Natura 2000- gebied (rood gearceerd).
Bron: https://noordbrabant.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/ In de Wet natuurbescherming is het uitgangspunt dat activiteiten die, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen, de kwaliteit van habitats kunnen verslechteren of die een significant verstorend effect kunnen hebben, niet mogen plaatsvinden zonder vergunning. Stikstofdepositie en overige negatieve effecten (licht, geluid, trillingen) De beoogde ontwikkeling betreft de bouw van een schuur op het golfterrein. Gelet op de aard, de kleinschaligheid en het toekomstige gebruik zal geen sprake zijn van emissies boven de gestelde grenswaarden in de gebruiksfase. Overige negatieve effecten door licht, geluid en trillingen zijn gelet op de aard, de omvang en het effectbereik t.o.v. het Natura 2000-gebied uit te sluiten.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
20 6.2
Natuurnetwerk Brabant / Ecologische Hoofdstructuur
Op het kaartje van het Natuurbeheerplan van de provincie Brabant is te zien dat het plangebied aangrenzend aan het Natuurnetwerk Brabant ligt. Het betreft een bosgebied met natuurbeheertype N16.03 Droog bos met productie. Dit natuurbeheertype bestaat uit zowel naald- als loofboomsoorten, zoals den, (winter)eik, beuk, Douglas, lariks of fijnspar. Het bostype komt voor op een voedselarme tot lemige, zandige, zure ondergrond van het Droge Zandlandschap. In dit natuurbeheertype is de variatie laag door de uniforme aanleg, het beheer in het verleden, de jonge leeftijd van de bossen, verzuring en vermesting. De betekenis voor de biodiversiteit bestaat vooral uit (vaak bedreigde) paddenstoelen, korst- en bladmossen, enkele vaatplanten, insecten en broedvogels. Tijdens het veldbezoek is het aanliggende NNB gebied beoordeeld op wezenlijke waarden en kenmerken. Het NNB- bosgebied in de directe omgeving bestaat uit zomereik, berk en een enkele grove den met een verruigde ondergroei met hoofdzakelijk braamstruwelen.
Figuur 4. Ligging plangebied (rode cirkel) t.o.v. Natuurnetwerk Brabant.
Bron: https://noordbrabant.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/ In of in de directe nabijheid van een NNB-gebied zijn geen ontwikkelingen toegestaan die de ‘wezenlijke kenmerken of waarden’ aantasten. De Interim omgevingsverordening NB stelt in § 3.23 art. 3.16 lid 1 en 3, dat een ontwikkeling buiten het Natuurnetwerk Brabant leidt tot een aantasting van de wezenlijke ecologische waarden en kenmerken van het Natuurnetwerk Brabant, negatieve effecten waar mogelijk worden beperkt en de overblijvende, negatieve effecten worden gecompenseerd. Effectenbeoordeling Met de beoogde ontwikkeling wordt een nieuwe schuur gebouwd ter plaatse van een huidige poel en op de naastgelegen werf wordt het grondvlak grotendeels verhard. Gelet op de kleinschaligheid van de beoogde ontwikkeling is geen sprake van nieuwe activiteiten of wijzigingen van bestaande activiteiten die wezenlijke waarden en kenmerken van de aangrenzende NNB zullen aantasten. Binnen het NNB zullen geen werkzaamheden worden verricht, het bosgebied blijft onaangetast.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
21 Echter dienen wel voorzorgsmaatregelen te worden genomen om negatieve effecten van geluid en licht tijdens de werkzaamheden te voorkomen.
6.3 Overige provinciale beschermingszones Het plangebied is niet gelegen in een overige provinciale beschermingszone.
6.4 Houtopstanden Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling zullen geen bomen worden gekapt. Art. 4.2 Wnb of bepalingen uit de Algemene Plaatselijke Verordening zijn niet van toepassing.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
22
7.
SAMENVATTING EN CONCLUSIE (Toetsing aan de Wet natuurbescherming)
BESCHERMDE SOORTEN Vogels beschermd op grond van de Vogelrichtlijn art. 3.1 Wnb Door het ontbreken van bebouwing binnen het plangebied kan de aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten cat. 1-4 in gebouwen worden uitgesloten. Ook zijn geen jaarrond beschermde nesten in bomen aanwezig. Uit de cat. 5 beschermde verblijfplaatsen zijn geen nesten en geschikte nestholtes in bomen aangetroffen. Alle bomen blijven behouden in het nieuwe plan. Overtreding van art. 3.1 lid 2,4 en 5 van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde. Overige vogelrichtlijnsoorten Het plangebied vormt geschikt foerageergebied en nestgelegenheid voor een aantal algemene vogelrichtlijnsoorten. Met de beoogde bouw van de schuur zullen mogelijkheden voor algemene vogelsoorten tijdelijk verminderen. Alleen directe schade en vernietiging van nesten tijdens het broedseizoen is voor deze soortgroep van belang. In de directe omgeving zijn voldoende alternatieven, ook wordt de schuur landschappelijk ingepast met streekeigen groen. Europees beschermde soorten op grond van de Habitatrichtlijn art. 3.2 Wnb Vleermuizen: vliegroutes en foerageergebied Binnen het plangebied zijn geen aanééngesloten lijnvormige (groen) structuren aanwezig die mogelijk dienst doen als vast vlieg- en foerageerroute.
In de directe omgeving ten zuiden en aan de noordzijde zijn diverse geschikte lijnvormige groenstructuren welke vleermuizen zullen benutten als vaste vlieg- en foerageerroute. Het plangebied vormt foerageergebied van goede kwaliteit. Met de beoogde ontwikkeling zullen foerageermogelijkheden tijdelijk minimaal afnemen. In de omgeving op de golfbaan zijn voldoende alternatieven van goede kwaliteit en kwantiteit beschikbaar. Vleermuizen: verblijfplaatsen Door het ontbreken van bebouwing en geschikte bomen binnen het plangebied kan de aanwezigheid van vleermuisverblijfplaatsen worden uitgesloten. Negatieve effecten op vleermuizen worden niet verwacht. Nationaal beschermde / Andere soorten art. 3.3 Wnb In de directe omgeving van het plangebied bevindt zich een vaste rust- en verblijfplaats van een bunzing. Vaste rust- en verblijfplaatsen van de bunzing zijn in Noord- Brabant beschermd. Dit betekent dat het op grond van artikel 3.10 lid 1 Wnb verboden is om deze dieren opzettelijk te doden of te vangen of om de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. Vernietiging of beschadiging van de verblijfplaats is ontheffingsplichtig. Met de beoogde bouw van de schuur wordt de vaste verblijfplaats van de bunzing niet beschadigd of vernield. De functie van de verblijfplaats blijft behouden.
Een ontheffingsaanvraag is daarom niet nodig. In de directe omgeving van de verblijfplaats vinden wel de bouwwerkzaamheden plaats. Er worden mitigerende (verzachtende) maatregelen aanbevolen om een negatieve invloed tot een minimum te beperken. Zie hiervoor paragraaf 8 blz. 24. Binnen het plangebied en directe omgeving worden verder geen beschermde soorten verwacht die op de lijsten staan van de Habitatrichtlijn of de ‘Andere soorten’, (provinciaal beschermde soorten) door het ontbreken van geschikt leefgebied. Het plangebied biedt uitsluitend leefgebied voor een aantal landzoogdieren waarvoor een vrijstelling geldt bij ruimtelijke ontwikkeling. Negatieve effecten zijn niet aan de orde. Vrijgestelde soorten Er worden enkele soorten verwacht uit deze categorie die gebruik maken van het plangebied zoals egel, bruine kikker, gewone pad en enkele algemene spits- en woelmuizen. Voor deze soorten geldt wel vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling, maar de algemene zorgplicht (zie blz. 11) is altijd van kracht. Voor toepassing van de algemene zorgplicht zie paragraaf 8 blz. 24.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
23
BESCHERMDE GEBIEDEN Natura 2000- gebied Stikstofdepositie Het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied ligt op een afstand van ca. 1.7 kilometer ten zuidoosten van het plangebied. Naar verwachting zal in de nieuwe situatie geen sprake zijn van emissies boven de gestelde grenswaarden van de schuur in de gebruiksfase. Een Aeriusberekening is niet nodig. Natura 2000- overige effecten (licht, geluid, trillingen) Gezien de ligging van het plangebied, de omvang, het effectbereik en de afstand tot het dichtstbijzijnde Natura 2000- gebied zijn negatieve overige effecten uit te sluiten. Natuurnetwerk Brabant Het plangebied ligt in de directe omgeving van een NNB- gebied. Met de beoogde ontwikkeling is geen sprake van aantasting van ‘wezenlijke waarden en kenmerken’ van het aangrenzende NNBgebied Houtopstanden Met de beoogde ontwikkeling worden geen bomen gekapt. Art.4.2 Wnb of bepalingen uit de Algemene Plaatselijke Verordening zijn niet van toepassing.
Eindconclusie: •
Indien de maatregelen voor ‘Vogels algemeen’ en ‘Bunzing’ worden opgevolgd, vormt de Wet natuurbescherming geen belemmering voor de oprichting van een schuur op golfbaan Het Woold in Asten- Heusden.
•
Dit betekent dat buiten de broedtijd van vogels (of indien een broedgeval aanwezig is) en buiten de kwetsbare periode van de bunzing gewerkt dient te worden. De werkzaamheden kunnen plaatsvinden in de periode half september- begin maart.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
24
8.
VOORZORGSMAATREGELEN
Vogels algemeen Gedurende de werkzaamheden moet rekening gehouden worden met broedende vogels. Het broedseizoen loopt globaal van half maart tot half juli. Echter voor het broedseizoen wordt geen standaardperiode gehanteerd in het kader van de Wnb. Van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode. Het is verboden om nesten van broedende vogels te beschadigen of te vernietigen. Als werkzaamheden niet buiten het broedseizoen gepland kunnen worden, dan geldt de aanbeveling om de locatie voorafgaande aan het broedseizoen ongeschikt te maken. Ook bestaat de mogelijkheid om voorafgaande aan de werkzaamheden door een ter zake deskundige te laten controleren op broedende vogels. Hierbij bestaat het risico dat de werkzaamheden uitgesteld moeten worden als een broedgeval geconstateerd wordt. Als aanbeveling geldt om met zekerheid schade aan broedgevallen uit te sluiten, de werkzaamheden geheel buiten de broedtijd van vogels uit te voeren.
Bunzing Onderstaande maatregelen zijn noodzakelijk om negatieve effecten op de bunzing te minimaliseren en compenseren. Hiermee kan in veel gevallen de negatieve invloed tot een minimum beperkt blijven. Werken buiten kwetsbare periode Bunzings zijn kwetsbaar in de kraamtijd. Om de jongen te kunnen voeden is de vraag naar prooidieren in deze periode groter dan normaal. Daarbij komt dat de rustplaatsen, die gebruikt worden als voortplantingsplaats, gevoelig zijn voor verstoring. De bunzing is dus het meest kwetsbaar in de periode 15 maart tot 1 september. Bij mogelijke aanwezigheid van de bunzing mogen in deze periode geen verstorende activiteiten worden uitgevoerd aan rustplaatsen en nabijgelegen leefgebied. Dit om te voorkomen dat deze functies verloren gaan en het grootbrengen van jongen mislukt. Aanpassen werkwijze Door de werkwijze en de te gebruiken apparatuur aan te passen, kan verstoring van de bunzing en zijn verblijfplaats vaak al beperkt worden. Wanneer maai- of graafwerkzaamheden plaatsvinden, moet één kant op gewerkt worden, zodat dieren altijd de mogelijkheid hebben om weg te vluchten van de werkzaamheden zonder in de verdrukking te komen. In dat geval moet er wel rekening mee worden gehouden dat de zijde waar niet gewerkt wordt, wel voldoende dekking biedt om vluchten mogelijk te maken.
Met de beoogde ontwikkeling zullen voedselaanbod en voldoende alternatieve verblijfplaatsen behouden blijven. Ook is geen sprake van doorsnijding van lijnvormige structuren in het landschap.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
25
Toepassing Algemene zorgplicht voor vrijgestelde soorten Het plangebied vormt leefgebied voor een aantal amfibieën, vissen en landgebonden zoogdieren waarvoor een vrijstelling geldt bij ruimtelijke ontwikkeling. Echter de zorgplicht is wel altijd van kracht. Dit betekent dat vooraf en tijdens de werkzaamheden altijd rekening gehouden moet worden met de aanwezigheid van soorten en dat zorgvuldig moet worden gehandeld. Ter naleving van de algemene zorgplicht zijn de volgende maatregelen van toepassing: • Voorafgaand aan de demping van de poel wordt alle waterleven als visjes, amfibieën(larven) etc. afgevangen en uitgezet naar overige poelen in de omgeving. • Kleine dieren die aangetroffen worden dienen veilige vluchtwegen geboden te worden of gevangen worden om op een veilige plek te worden uitgezet.
Maatregelen om lichtverstoring te voorkomen Er dienen voorzorgsmaatregelen genomen te worden om foeragerende vleermuizen en nachtvogels (uilen) zo min mogelijk te verstoren. De invloeden van geluids- en lichtbelasting dient daarom zoveel mogelijk beperkt te worden, zowel in de uitvoerende fase als in het nieuwe plan. In de uitvoerende fase: • De werkzaamheden die veel geluidsoverlast veroorzaken dienen buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd. • De werkzaamheden dienen uitsluitend bij daglicht plaats te vinden. Aanbevolen wordt om de verlichting nabij de nieuwe schuur tot een minimum te beperken. De volgende maatregelen kunnen van toepassing zijn: • niet uitstralende armaturen. • •
lagere armaturen (dan zijn er wel meer nodig). verlichting met een lagere lichtintensiteit.
•
plaatsen van afschermende beplanting.
• •
voorkom verlichting van boomkronen. tijdelijke verlichting (slechts een deel van de nacht aan) en alleen op plekken waar het echt nodig is.
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
26
9.
GERAADPLEEGDE BRONNEN
Literatuur • Broekhuizen, S., K. Spoelstra. J.N.M.Thissen, K.J. Canters & J.C. Buys 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. • Bouwens • Creemers, R.M.C.& J.J.C.W. van Delft 2009. De amfibieën en reptielen van Nederland. • Handreiking Kleine marters in relatie tot soortenbescherming, S. Bouwens voor provincie Noord- brabant 2017. • Natuurwerkgroep IVN het Woold, Inventarisatieverslag 2020. • Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van Economische Zaken, versie december 2016. • SOVON broedvogelonderzoek Nederland 2018. Vogelatlas van Nederland. Broedvogels, wintervogels en 40 jaar verandering. • Veldgids Vleermuizen van Europa, Christian Dietz & Andreas Kiefer 2017. • Wet natuurbescherming, 16 december 2015, gepubliceerd Staatscourant 19 januari 2016.
Internetsites • www.brabant.nl • www.ruimtelijkeplannen.nl • www.verspreidingsatlas.nl • www.ravon.nl • www.stichtingkleine marters.nl • www.stichtingstruikrovers.nl • www.quickscanhulp.nl • www.zoogdiervereniging.nl
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
27
BIJLAGE 1
BESCHERMDE SOORTEN VOGELRICHTLIJN
Onder dit beschermingsregime vallen de Europees beschermde soorten als bedoeld in art 3.1 van de Wnb. Vogels met vaste verblijfplaatsen De Vogelrichtlijn onderscheidt de volgende categorieën beschermde vaste verblijfplaatsen: Nesten van vogelsoorten van categorie 1 t/m 4 zijn jaarrond beschermd, de nesten van soorten in categorie 5 zijn beschermd als er onvoldoende alternatieven zijn.
1. 2.
3.
4. 5.
Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen. Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.
Soortgroep
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming
Vogels
steenuil
Athene noctua
Categorie 1
Vogels
gierzwaluw
Apus apus
Categorie 2
Vogels
huismus
Passer domesticus
Categorie 2
Vogels
roek
Corvus frugilegus
Categorie 2
Vogels
grote gele kwikstaart
Motacilla cinerea
Categorie 3
Vogels
kerkuil
Tyto alba
Categorie 3
Vogels
oehoe
Bubo bubo
Categorie 3
Vogels
ooievaar
Ciconia ciconia
Categorie 3
Vogels
slechtvalk
Falco peregrinus
Categorie 3
Vogels
boomvalk
Falco subbuteo
Categorie 4
Vogels
buizerd
Buteo buteo
Categorie 4
Vogels
havik
Accipiter gentilis
Categorie 4
Vogels
ransuil
Asio otus
Categorie 4
Vogels
sperwer
Accipiter nisus
Categorie 4
Vogels
wespendief
Pernis apivorus
Categorie 4
Vogels
zwarte wouw
Milvus migrans
Categorie 4
Vogels
blauwe reiger
Ardea cinerea
Categorie 5
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
28
Vogels
boerenzwaluw
Hirundo rustica
Categorie 5
Vogels
bonte vliegenvanger
Ficedula hypoleuca
Categorie 5
Vogels
boomklever
Sitta europaea
Categorie 5
Vogels
boomkruiper
Certhia brachydactyla
Categorie 5
Vogels
bosuil
Strix aluco
Categorie 5
Vogels
brilduiker
Bucephala clangula
Categorie 5
Vogels
draaihals
Jynx torquilla
Categorie 5
Vogels
eidereend
Somateria mollissima
Categorie 5
Vogels
ekster
Pica pica
Categorie 5
Vogels
gekraagde roodstaart
Phoenicurus phoenicurus
Categorie 5
Vogels
glanskop
Parus palustris
Categorie 5
Vogels
grauwe vliegenvanger
Muscicapa striata
Categorie 5
Vogels
groene specht
Picus viridis
Categorie 5
Vogels
grote bonte specht
Dendrocopos major
Categorie 5
Vogels
hop
Upupa epops
Categorie 5
Vogels
huiszwaluw
Delichon urbicum
Categorie 5
Vogels
ijsvogel
Alcedo atthis
Categorie 5
Vogels
kleine bonte specht
Dendrocopos minor
Categorie 5
Vogels
kleine vliegenvanger
Ficedula parva
Categorie 5
Vogels
koolmees
Parus major
Categorie 5
Vogels
kortsnavelboomkruiper
Certhia familiaris macrodactyla Categorie 5
Vogels
oeverzwaluw
Riparia riparia
Categorie 5
Vogels
pimpelmees
Parus caeruleus
Categorie 5
Vogels
raaf
Corvus corax
Categorie 5
Vogels
ruigpootuil
Aegolius funereus
Categorie 5
Vogels
spreeuw
Sturnus vulgaris
Categorie 5
Vogels
tapuit
Oenanthe oenanthe
Categorie 5
Vogels
torenvalk
Falco tinnunculus
Categorie 5
Vogels
zeearend
Haliaeetus albicilla
Categorie 5
Vogels
zwarte kraai
Corvus corone
Categorie 5
Vogels
zwarte mees
Periparus ater
Categorie 5
Vogels
zwarte roodstaart
Phoenicurus ochruros
Categorie 5
Vogels
zwarte specht
Dryocopus martius
Categorie 5
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
29
BIJLAGE 2
BESCHERMDE SOORTEN HABITATRICHTLIJN
(NIET VOGELS) Onder dit beschermingsregime vallen de Europees beschermde soorten bedoeld in art. 3.5 van de Wnb. Soortgroep
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming
Sporenplantenbladmossen
geel schorpioenmos
Hamatocaulis vernicosus
Bern I
Sporenplantenbladmossen
tonghaarmuts
Orthotrichum rogeri
Bern I
Sporenplanten-varens
kleine vlotvaren
Salvinia natans
Bern I
Zaadplanten
liggende raket
Sisymbrium supinum
Bern I
Zaadplanten
drijvende waterweegbree
Luronium natans
Bern I, HR IV
Zaadplanten
groenknolorchis
Liparis loeselii
Bern I, HR IV
Zaadplanten
kruipend moerasscherm
Apium repens
Bern I, HR IV
Zaadplanten
zomerschroeforchis
Spiranthes aestivalis
Bern I, HR IV
Insecten-dagvlinders
moerasparelmoervlinder
Euphydryas aurinia ssp. aurinia
Bern II
Insecten-haften
oeveraas
Palingenia longicauda
Bern II
Insecten-libellen
mercuurwaterjuffer
Coenagrion mercuriale ssp. mercuriale
Bern II
Zoogdierenzeezoogdieren
walrus
Odobenus rosmarus ssp. rosmarus
Bern II
Reptielen
dikkopschildpad
Caretta caretta
Bern II, Bon I, HR IV
Reptielen
kemp's zeeschildpad
Lepidochelys kempii
Bern II, Bon I, HR IV
Reptielen
lederschildpad
Dermochelys coriacea
Bern II, Bon I, HR IV
Reptielen
soepschildpad
Chelonia mydas
Bern II, Bon I, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
bultrug
Megaptera novaeangliae
Bern II, Bon I, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
gewone vinvis
Balaenoptera physalus
Bern II, Bon I, HR IV
Amfibiëen
boomkikker
Hyla arborea ssp. arborea
Bern II, HR IV
Amfibiëen
geelbuikvuurpad
Bombina variegata ssp. variegata
Bern II, HR IV
Amfibiëen
heikikker
Rana arvalis ssp. arvalis
Bern II, HR IV
Amfibiëen
kamsalamander
Triturus cristatus
Bern II, HR IV
Amfibiëen
knoflookpad
Pelobates fuscus ssp. fuscus
Bern II, HR IV
Amfibiëen
rugstreeppad
Bufo calamita
Bern II, HR IV
Amfibiëen
vroedmeesterpad
Alytes obstetricans ssp. obstetricans
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
apollovlinder
Parnassius apollo
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
boszandoog
Lopinga achine
Bern II, HR IV
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
30
Insecten-dagvlinders
donker pimpernelblauwtje
Maculinea nausithous
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
grote vuurvlinder
Lycaena dispar ssp. batava
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
pimpernelblauwtje
Maculinea teleius
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
tijmblauwtje
Maculinea arion
Bern II, HR IV
Insecten-dagvlinders
zilverstreephooibeestje
Coenonympha hero
Bern II, HR IV
Insecten-kevers
brede geelrandwaterroofkever
Dytiscus latissimus
Bern II, HR IV
Insecten-kevers
gestreepte waterroofkever
Graphoderus bilineatus
Bern II, HR IV
Insecten-kevers
juchtleerkever
Osmoderma eremita
Bern II, HR IV
Insecten-kevers
vermiljoenkever
Cucujus cinnaberinus
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
bronslibel
Oxygastra curtisii
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
gaffellibel
Ophiogomphus cecilia
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
gevlekte witsnuitlibel
Leucorrhinia pectoralis
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
groene glazenmaker
Aeshna viridis
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
noordse winterjuffer
Sympecma annulata ssp. braueri
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
oostelijke witsnuitlibel
Leucorrhinia albifrons
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
rivierrombout
Gomphus flavipes ssp. flavipes
Bern II, HR IV
Insecten-libellen
sierlijke witsnuitlibel
Leucorrhinia caudalis
Bern II, HR IV
Insecten-nachtvlinders
teunisbloempijlstaart
Proserpinus proserpina
Bern II, HR IV
Reptielen
gladde slang
Coronella austriaca ssp. austriaca
Bern II, HR IV
Reptielen
muurhagedis
Podarcis muralis ssp. brongniardii
Bern II, HR IV
Reptielen
zandhagedis
Lacerta agilis ssp. agilis
Bern II, HR IV
Vissen
steur
Acipenser sturio
Bern II, HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
hamster
Cricetus cricetus ssp. canescens
Bern II, HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
otter
Lutra lutra ssp. lutra
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
baardvleermuis
Myotis mystacinus ssp. mystacinus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
bechsteins vleermuis
Myotis bechsteini
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
bosvleermuis
Nyctalus leisleri ssp. leisleri
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
brandts vleermuis
Myotis brandti ssp. brandti
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
franjestaart
Myotis nattereri
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
gewone grootoorvleermuis
Plecotus auritus ssp. auritus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
grijze grootoorvleermuis
Plecotus austriacus ssp. austriacus
Bern II, HR IV
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
31
Zoogdierenvleermuizen
grote hoefijzerneus
Rhinolophus ferrumequinum ssp. ferrumequinum
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
grote rosse vleermuis
Nyctalus lasiopterus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
ingekorven vleermuis
Myotis emarginatus ssp. emarginatus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
kleine dwergvleermuis
Pipistrellus pygmaeus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
kleine hoefijzerneus
Rhinolophus hipposideros ssp. hipposideros
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
laatvlieger
Eptesicus serotinus ssp. serotinus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
meervleermuis
Myotis dasycneme
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
mopsvleermuis
Barbastella barbastellus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
noordse vleermuis
Eptesicus nilssoni ssp. nilssoni
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
rosse vleermuis
Nyctalus noctula ssp. noctula
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
ruige dwergvleermuis
Pipistrellus nathusii
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
tweekleurige vleermuis
Vespertilio murinus ssp. murinus
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
vale vleermuis
Myotis myotis ssp. myotis
Bern II, HR IV
Zoogdierenvleermuizen
watervleermuis
Myotis daubentoni ssp. daubentoni
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
bruinvis
Phocoena phocoena ssp. phocoena
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
dwergpotvis
Kogia breviceps
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
gestreepte dolfijn
Stenella coeruleoalba
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
gewone dolfijn
Delphinus delphis
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
gewone spitsdolfijn
Mesoplodon bidens
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
grijze dolfijn
Grampus griseus
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
kleine zwaardwalvis
Pseudorca crassidens
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
narwal
Monodon monoceros
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
orca
Orcinus orca
Bern II, HR IV
Zoogdieren-
tuimelaar
Tursiops truncatus ssp. truncatus
Bern II, HR IV
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
32
zeezoogdieren Zoogdierenzeezoogdieren
witflankdolfijn
Lagenorhynchus acutus
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
witsnuitdolfijn
Lagenorhynchus albirostris
Bern II, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
noordse vinvis
Balaenoptera borealis
Bon I, HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
potvis
Physeter catodon
Bon I, HR IV
Amfibiëen
poelkikker
Pelophylax lessonae
HR IV
Vissen
houting
Coregonus oxyrinchus
HR IV
Weekdieren
bataafse stroommossel
Unio crassus
HR IV
Weekdieren
platte schijfhoren
Anisus vorticulus
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
bever
Castor fiber ssp. albicus
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
hazelmuis
Muscardinus avellanarius
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
lynx
Lynx lynx ssp. lynx
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
noordse woelmuis
Microtus oeconomus ssp. arenicola
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
wilde kat
Felis silvestris ssp. silvestris
HR IV
Zoogdierenlandzoogdieren
wolf
Canus lupus lupus
HR IV
Zoogdierenvleermuizen
gewone dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
butskop
Hyperoodon ampullatus
HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
dwergvinvis
Balaenoptera acutorostrata
HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
griend
Globicephala melas
HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
spitsdolfijn van gray
Mesoplodon grayi
HR IV
Zoogdierenzeezoogdieren
witte dolfijn
Delphinapterus leucas
HR IV
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
33
BIJLAGE 3 BESCHERMDE SOORTEN PROVINCIE NOORD- BRABANT ‘ANDERE SOORTEN’ Onder dit beschermingsregime vallen de nationaal beschermde soorten als bedoeld in artikel 3.10 van de Wnb. Soortgroep
Nederlandse naam
Wetenschappelijke naam
Bescherming
Amfibiëen
alpenwatersalamander
Mesotriton alpestris
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Amfibiëen
vinpootsalamander
Lissotriton helveticus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Amfibiëen
vuursalamander
Salamandra salamandra
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
aardbeivlinder
Pyrgus malvae
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
bosparelmoervlinder
Melitaea athalia
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
bruin dikkopje
Erynnis tages
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
bruine eikenpage
Satyrium ilicis
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
duinparelmoervlinder
Argynnis niobe
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
gentiaanblauwtje
Maculinea alcon
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
grote parelmoervlinder
Argynnis aglaja
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
grote vos
Nymphalis polychloros
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
grote weerschijnvlinder
Apatura iris)
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
iepenpage
Satyrium w-album
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
kleine heivlinder
Hipparchia statilinus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
kleine ijsvogelvlinder
Limenitis camilla
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
kommavlinder
Hesperia comma
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
sleedoornpage
Thecla betulae
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
spiegeldikkopje
Heteropterus morpheus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
veenbesblauwtje
Plebejus optilete
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
veenbesparelmoervlinder Boloria aquilonaris
IVN Asten-Someren
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
34
Insecten-dagvlinders
veenhooibeestje
Coenonympha tullia
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
veldparelmoervlinder
Melitaea cinxia
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-dagvlinders
zilveren maan
Boloria selene
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-kevers
vliegend hert
Lucanus cervus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
beekrombout
Gomphus vulgatissimus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
bosbeekjuffer
Calopteryx virgo
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
donkere waterjuffer
Coenagrion armatum
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
gevlekte glanslibel
Somatochlora flavomaculata
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
gewone bronlibel
Cordulegaster boltonii
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
hoogveenglanslibel
Somatochlora arctica
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
kempense heidelibel
Sympetrum depressiusculum
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Insecten-libellen
speerwaterjuffer
Coenagrion hastulatum
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Kreeftachtigen
europese rivierkreeft
Astacus astacus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Reptielen
adder
Vipera berus ssp. berus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Reptielen
hazelworm
Anguis fragilis
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Reptielen
levendbarende hagedis
Zootoca vivipara
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Reptielen
ringslang
Natrix natrix
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
beekdonderpad
Cottus rhenanus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
beekprik
Lampetra planeri
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
elrits
Phoxinus phoxinus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
gestippelde alver
Alburnoides bipunctatus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
grote modderkruiper
Misgurnus fossilis
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Vissen
kwabaal
Lota lota
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdieren-
boommarter
Martes martes
Andere soorten (bijlage A
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
35
landzoogdieren
van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
bunzing
Mustela putorius
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
damhert
Dama dama
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
das
Meles meles
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
edelhert
Cervus elaphus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
eekhoorn
Sciurus vulgaris
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
eikelmuis
Eliomys quercinus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
grote bosmuis
Apodemus flavicollis
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
hermelijn
Mustela erminea
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
molmuis
Arvicola scherman
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
steenmarter
Martes foina
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
veldspitsmuis
Crocidura leucodon
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
wezel
Mustela nivalis
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenlandzoogdieren
waterspitsmuis
Neomys fodiens
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenzeezoogdieren
gewone zeehond
Phoca vitulina
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Zoogdierenzeezoogdieren
grijze zeehond
Halichoerus grypus
Andere soorten (bijlage A van de wet)
Sporenplantenvarens
blaasvaren
Cystopteris fragilis
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Sporenplantenvarens
groensteel
Asplenium viride
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Sporenplantenvarens
schubvaren
Ceterach officinarum
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
akkerboterbloem
Ranunculus arvensis
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
akkerdoornzaad
Torilis arvensis
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
akkerogentroost
Odontites vernus subsp. vernus
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
beklierde ogentroost
Euphrasia rostkoviana
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
berggamander
Teucrium montanum
Andere soorten (bijlage B van de wet)
IVN Asten-Someren
Quickscan Flora en fauna Golfbaan ‘t Woold te Asten- Heusden.
36
Zaadplanten
bergnachtorchis
Platanthera montana
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
blauw guichelheil
Anagallis arvensis subsp. foemina
Andere soorten (bijlage B van de wet)
Zaadplanten
bokkenorchis
Himantoglossum hircinum
Andere soorten (bijlage B van de wet)