RU22.05.10AA Jaarplan VTH 2022.pdf
Tekst van het document
VTH-JAARPLAN 2022 VAN VISIE NAAR DAADKRACHT
gemeente Asten Jaarverslag VTH 2021, Beleidskader VTH 2022 en Uitvoeringsprogramma VTH 2022
Titel: VTH-Jaarplan 2022 – Asten Datum vaststelling: 25 januari 2022 Auteur(s): mr. L. Ait Sarou
1/54
Inhoudsopgave 1. Inleiding .......................................................................................................................5 1.1.
Inhoud VTH .........................................................................................................5
1.2.
Uitvoering VTH-plan ..............................................................................................5
1.3.
Interne en externe samenwerking ...........................................................................5
1.4.
Leeswijzer ...........................................................................................................6
2.
Jaarverslag: Terugblik op 2021 ..................................................................................7 2.1.
Projecten .............................................................................................................7
2.2.
Vergunningverlening .............................................................................................9
2.3.
Toezicht en handhaving ....................................................................................... 10
2.4.
Conclusie VTH .................................................................................................... 11
3.
Beleidskader: Omgevingsanalyse en maatschappelijke opgaven .................................... 12 3.1.
Toekomstagenda Asten 2030 ................................................................................ 12
3.2.
Coalitieakkoord................................................................................................... 13
3.3.
Beleidsplan Sociaal Domein 2022-2027 .................................................................. 13
3.4.
Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid 2019-2022 .................................................... 14
3.5.
Burgerparticipatie ............................................................................................... 14
3.6.
Eigen verantwoordelijkheid .................................................................................. 14
3.7.
Facili-leren ......................................................................................................... 14
3.8.
Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen ..................................................... 15
3.9.
Overige ontwikkelingen........................................................................................ 15
4.
Beleidskader: Probleemanalyse, risicoanalyse en prioriteiten ........................................ 17 4.1.
Hoe komt onze prioritering tot stand? .................................................................... 17
4.2.
Wat zijn onze prioriteiten? .................................................................................... 18
5.
Beleidskader: Strategieën ....................................................................................... 21 5.1.
Toetsingsstrategie ............................................................................................... 21
5.2.
Preventiestrategie ............................................................................................... 21
5.3.
Toezichtstrategie ................................................................................................ 21
5.4.
Programmatische aanpak ..................................................................................... 22
5.5.
Samenwerkingsstrategie ...................................................................................... 22
5.6.
Handhavingsstrategie .......................................................................................... 22
5.6.1.
Prioriteringsstrategie ........................................................................................ 23
5.6.2.
Handhavingsverzoeken..................................................................................... 23
5.6.3.
Meldingen/klachtenstrategie .............................................................................. 23
5.6.4.
Sanctiestrategie .............................................................................................. 23
2/54
5.6.5.
Gedoogstrategie .............................................................................................. 24
5.7.
Intrekkingsstrategie ............................................................................................ 24
5.8.
Communicatiestrategie ........................................................................................ 24
5.9.
Klacht- en meldingsstrategie ................................................................................ 24
5.10.
Mediation en buurtbemiddeling .......................................................................... 25
5.11.
Strategie wettelijke basisregistraties .................................................................. 25
6.
Beleidskader: Middelen ........................................................................................... 26 6.1.
Beschikbare capaciteit ......................................................................................... 26
6.2.
Uitbesteding....................................................................................................... 27
7.
Uitvoeringsprogramma 2022 .................................................................................... 28 7.1.
Kwaliteitsdoelstellingen Vergunningen .................................................................... 28
7.2.
Kwaliteitsdoelstellingen Toezicht en Handhaving ...................................................... 28
7.3.
Uitvoeringsprogramma Vergunningen 2022 ............................................................ 29
7.4.
Uitvoeringsprogramma: Leefbaarheid, Toezicht en Handhaving 2022 .......................... 30
7.5.
Uitvoeringsprogramma: Beleidswerkzaamheden en projecten gepland voor VTH 2022 .. 34
7.6.
Uitvoeringsprogramma: Benodigd versus Beschikbaar 2022 ...................................... 34
8.
Monitoring, rapportage en evaluatie .......................................................................... 35
9.
Bijlagen ................................................................................................................ 36 Bijlage 1 – Lijst van gebruikte afkortingen ...................................................................... 37 Bijlage 2 – VTH Jaar 2021 in cijfers ............................................................................... 38 Bijlage 3 – Risicomatrix ............................................................................................... 42 Bijlage 4 - Prioritering naar thema 2022 ......................................................................... 43 Bijlage 5 - Prioritering vs. Toekomstagenda Asten 2030 ................................................... 45 Bijlage 6 – Toelichting Landelijke Toetsmatrix Bouwbesluit 2012 ........................................ 46 Bijlage 7 – Toezichtstrategie......................................................................................... 47 Bijlage 8 – Samenwerking bij VTH-taken ........................................................................ 49 Bijlage 9 – Tabel Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) .................................................. 52 Bijlage 10 - Uitwerking Handhavingsstrategie ................................................................. 53
3/54
Voorwoord Asten is een groene Brabantse gemeente met 17.000 aantal inwoners verspreid over drie dorpskernen: Asten, Ommel en Heusden. Asten kenmerkt zich vooral door zijn ligging in de Peel. Het diverse aanbod van recreatieve voorzieningen past daar dan ook goed bij. Ons buitengebied trekt veel recreanten, dagjesmensen en toeristen naar Asten. Doordat Asten aan de A67 gelegen is, is de bereikbaarheid ook gunstig. Asten heeft ook een aantrekkelijk centrumgebied, dat zich kenmerkt door een ruim winkelaanbod en een diversiteit aan horecagelegenheden. Ook is het voorzieningenniveau in de gemeente Asten hoog. Er zijn namelijk verschillende scholen, sportvoorzieningen en de bouw van een nieuw gemeenschapshuis is gestart. Daarbij kent de gemeente veel bedrijvigheid op grotere en kleinere industrieterreinen, recreatieterreinen en in het buitengebied is een grote verscheidenheid aan agrarische bedrijvigheid gevestigd (waaronder glastuinbouw, melkveebedrijven en vormen van intensieve veehouderij (pluimvee/varkens). In de Toekomstagenda 2030 heeft Asten haar visie voor de nabije toekomst weergegeven en een viertal doelstellingen geformuleerd. Dit betreft de: •
Transformatie buitengebied
•
Vitale kernen
•
Centrumontwikkeling
•
Klimaatbestendig en energieneutraal Asten
Het beleidskader VTH draagt bij aan de realisatie van deze vier doelstellingen. De toekomstvisie vormt een belangrijk afwegingskader in het bepalen van de richting van onze uitvoeringstaken binnen het VTH-taakveld. Het beleidskader is ook gebaseerd op het coalitieakkoord 2018-2022, waarmee ook invulling wordt gegeven aan onze Toekomstagenda. Ten opzichte van voorgaande jaren brengen we een vernieuwing aan in onze VTH-documenten. We hebben voorheen altijd een drietal documenten gehad die de verantwoording van het VTH-taakveld behelsde. Dit betrof een beleidskader VTH, een uitvoeringsprogramma VTH en een jaarverslag. Het vaststellen van deze documenten is een wettelijke verplichting, zoals opgenomen in de Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (Wet VTH). Voor het komende jaar is het streven geweest om de drie losse documenten te integreren in een gezamenlijk document. Dit komt ten gunste van de duidelijkheid van het document in de uitvoering. Het combineren van deze losse documenten tot één praktischer document, is ook met de komst van de Omgevingswet een aanwinst.
4/54
1. Inleiding Voor u ligt het eerste integrale VTH-plan van de gemeente Asten. Hierin is de beleidsnotitie, het uitvoeringsprogramma en het jaarverslag geïntegreerd. In dit VTH-plan leest u achtereenvolgens: -
Hoe de beschikbare middelen van 2021 zijn ingezet en wat hiervan de resultaten zijn;
-
Welke prioritering en doelen de gemeente Asten in 2022 heeft.
-
Welke strategieën worden ingezet om uitvoering te geven aan onze prioriteiten en doelen.
1.1.
Inhoud VTH
VTH is de afkorting van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. De uitvoering van dit taakveld is in de gemeente Asten verdeeld over meerdere teams. We hebben een team vergunningen, waarin de casemanagers vergunningen verantwoordelijk zijn voor het proces omtrent de omgevingsvergunningen die gaan over de fysieke leefomgeving. Toezicht en handhaving is gelegen bij het team Leefbaarheid, Handhaving en Veiligheid. Hoewel de taken verdeeld zijn over twee teams, wordt gezamenlijk gewerkt aan de opgave van vergunningen, toezicht en handhaving. Daartoe vindt regelmatig afstemming plaats. De basis voor de uitvoering van deze VTH-taken is vastgelegd in een aantal wet- en regelgeving, zoals: -
De wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
-
Het Bouwbesluit;
-
De wet milieubeheer;
-
De Alcoholwet;
-
De Opiumwet en
-
Onder andere de Algemeen Plaatselijke Verordening van de gemeente Asten, Kansspelverordening en Marktverordening.
1.2.
Uitvoering VTH-plan
In dit plan wordt uiteengezet hoe we onze beschikbare middelen gaan inzetten om onze gestelde prioriteiten en doelen van 2022 te bereiken. In dit document wordt ook verantwoording afgelegd over onze inzet van middelen in het jaar 2021, wat dit opleverde aan resultaat en of we daarmee onze doelen hebben bereikt. Deze verantwoording wordt afgelegd aan het college van burgemeester en wethouders en ter informatie aan de gemeenteraad. 1.3.
Interne en externe samenwerking
Om onze wettelijke taken goed uit te kunnen voeren, is een goede samenwerking intern tussen de verschillende teams/afdelingen en met bepaalde externe partijen cruciaal. Binnen de gemeente Asten streven we ernaar om zoveel mogelijk integraal te werken. Bij de uitvoering van bepaalde taken zijn immers verschillende belangen betrokken en deze kunnen dan op een integrale wijze bij elkaar betrokken worden. Daarnaast werken we ook veel samen met externe partijen, zoals de Omgevingsdienst Zuid-Oost-Brabant (hierna: ODZOB), de Veiligheidsregio Zuid-Oost-Brabant (hierna: VRBZO) en andere bevoegde gezagen zoals Politie, Samen Sterk in het Buitengebied (SSiB) en het waterschap. Het is immers wettelijk geregeld dat bepaalde partners gemeenten ondersteunen in het leveren van een specifieke expertise. Voor het behalen van onze gezamenlijke doelen is het dus belangrijk dat we goede samenwerkingsafspraken maken en waar nodig integraal afstemmen. Het hoofddoel is om met een verbeterde integrale samenwerking (intern/extern) betere resultaten te behalen binnen het VTH-taakveld.
5/54
1.4.
Leeswijzer
In dit integrale plan nemen wij u mee in de keuzes die we maken. U leest allereest wat wij in 2021 hebben kunnen oppakken (het jaarverslag). Deze resultaten nemen we mee naar 2022. In de hoofdstukken daarna worden achtereenvolgens de omgevingsanalyse, de probleemanalyse, de risicoanalyse en ten slotte de hieruit voortvloeiende prioriteiten beschreven. Hoofdstuk 5 en 6 gaan in op de strategieën en de middelen die we willen inzetten om onze doelstellingen te kunnen bereiken. In hoofdstuk 7 beschrijven we ons uitvoeringsprogramma. Als laatste leest u in hoofdstuk 8 hoe we deze beleidscyclus monitoren en evalueren. Omwille van de leesbaarheid hebben wij van het VTH-jaarplan de benodigde achtergrondinformatie opgenomen in de bijlagen. Hier wordt naar verwezen in de afzonderlijke hoofdstukken.
6/54
2. Jaarverslag: Terugblik op 2021 Het zal niemand ontschoten zijn dat vanaf 2020 het maatschappelijk leven beheerst wordt door een wereldwijde pandemie veroorzaakt door het coronavirus (COVID-19). Bij de bestrijding van de gevolgen van dit virus hebben wij als gemeente ook een taak opgelegd gekregen. En dit had uiteraard invloed op ons VTH-taakveld. Met name uitte dit zich in een verandering van de werkzaamheden bij team Leefbaarheid, Handhaving en Veiligheid (hierna: team LHV). We hebben gezien dat er minder capaciteit was voor de uitvoering van reguliere taken en dat deze ‘nieuwe taak’ een verandering bracht in onze manier van werken, de prioritering en uiteindelijk het bereiken van onze gestelde doelen. Het uitstellen van de Omgevingswet naar juli 2022 is een bijkomstig voordeel geweest voor het VTH-taakveld, omdat we zo de ruimte hebben gekregen om de basis weer op orde te brengen en voorbereidingen te treffen. Door het thuiswerken en de extra werkzaamheden die de corona-crisis met zich meebracht, hebben de voorbereidingen op de Omgevingswet vertraging opgelopen. Hierdoor zijn werkafspraken, communicatie, dienstverlening, integraal werken, voorbereiden op de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen en het verder implementeren van het VTH Beleidskader en implementeren van de nieuwe VTHapplicatie Powerbrowser verder onder druk komen staan.
Toch is het gelukt om bij alle onderwerpen inzet te plegen wat een positieve bijdrage heeft gegeven aan de doelen die zijn gesteld in de toekomstagenda. In de navolgende paragrafen wordt per taakveld beschreven wat de belangrijkste conclusies zijn van 2021. De aantallen en gegevens over vergunningen, toezicht en handhaving zijn te vinden in bijlage 2 – VTH Jaar 2021 in cijfers. 2.1.
Projecten
Duurzaamheid/energie Op het gebied van duurzaamheid en energie is ingezet op het stimuleren van en het treffen van maatregelen. Dit is goed voor het milieu en dit levert op termijn ook besparingen op. We hebben vorig jaar hiervoor actief bedrijven bezocht om duurzaam investeringen en andere mogelijkheden te stimuleren. Ook bij het realiseren van nieuwbouw zien we vormen van duurzame investeringen. We hebben hier dus de preventiestrategie toegepast en willen bedrijven zoveel mogelijk in het voortraject bewegen om te voldoen aan de energietransitie voor 2023 (green deals). In 2021 zijn de voorbereidingen getroffen om de eigenaren in 2022 te benaderen en hen te informeren over de mogelijkheden tot verduurzaming en energiebesparing. Omgevingswet/Wet kwaliteitsborging bouwen De grootste uitdaging die de gemeente Asten heeft voor het komende jaar is ons klaarmaken voor de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen. Beide trajecten lopen naast het uitvoeren van de reguliere VTH-taken. Afgelopen jaren is ingezet op houding en gedrag en het leren faciliteren. Ook is een slag gemaakt in het integraal kijken naar plannen en omzetten naar het ja, mits, tenzij-denken. De komst van de Omgevingswet en wet Kwaliteitsborging vraagt ons om op een andere manier te gaan werken.
Dat heeft te maken met het feit dat onder andere ons juridisch kader, processen, manier van communiceren en informatieverstrekking verandert. Maar zoals we al eerder hebben
7/54
aangegeven ligt de focus ook op integraal samenwerken (intern en extern) en met name met de komst van de Omgevingswet is dit een belangrijke succesfactor. Dat vraagt ook weer om nieuwe samenwerkingsafspraken met externen, maar ook intern dient nog meer dan voorheen aandacht te komen voor integrale afstemming. We zijn druk op weg om de gemeente Asten klaar te stomen voor de beoogde inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging op 1 juli 2022. Hiervoor hebben we een projectleider Omgevingswet en een multidisciplinair kernteam aangesteld die de voortgang van de implementatie van de Omgevingswet binnen de verschillende teams bewaakt. Aan de hand van de roadmap van de VNG (Route 22) zetten we de noodzakelijke stappen om op 1 juli 2022 voorbereid te zijn op de Omgevingswet. Ook worden in 2022 meer opleidingen en cursussen gevolgd door de interne medewerkers, om onze kennis en kunde omtrent de Omgevingswet te verbeteren dan wel op peil te houden. Vanwege onder andere het coronavirus is er in 2022 een inhaalslag te maken voor de implementatie van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen. Het komende jaar wordt dan ook meer ingezet in het inzichtelijk maken van de veranderingen voor het taakveld toezicht en handhaving.
Huisvesting bijzondere doelgroepen – vitalisering recreatieterreinen De krapte op de arbeidsmarkt (in bepaalde sectoren) en de woningmarkt laten een aantal bijzonderheden zien op het gebied van huisvesting voor bijvoorbeeld arbeidsmigranten en bewoning op recreatieterreinen. Binnen de gemeente Asten hebben we in diverse documenten de uitgangspunten vastgelegd om te komen tot passende oplossingen en daarmee ook de uitgangspunten om ongewenste situaties tegen te gaan. In 2021 is op diverse recreatieterreinen tegen strijdig gebruik opgetreden en ook in gevallen van niet toegestane huisvestingsvormen is actief opgetreden. In een aantal gevallen met bestuursdwang en in een aantal gevallen middels een last onder dwangsom. Deze procedures lopen in 2022 door. Veilige leefomgeving – aanpak ondermijning In 2021 is aansluiting gezocht bij de pilot ‘Meld Misdaad Anoniem’. Deze pilot wordt door de peelgemeenten uitgevoerd. Dit heeft in een aantal gevallen geleid tot daadwerkelijk constateringen van ondermijning en bruikbare meldingen voor verder onderzoek of monitoring. Ook de Landelijke Aanpak Adresfraude (LAA) heeft geleid tot inzicht in een aantal locaties waar gelet op de basisregistratie bijzonderheden zijn. Het ophalen van meldingen in combinatie met de beschikbare informatie geeft de mogelijkheid om gericht controles uit te voeren dan wel preventief zaken te voorkomen.
De meldingsbereidheid neemt echter de laatste jaren af. Om dit een impuls te geven hebben we in 2021 een aanpak voorbereid om de meldingsbereidheid onder burgers te vergroten. Dit is namelijk in het belang van een veilige leefomgeving. Hierbij is inzet vanuit veiligheid nodig maar ook vanuit toezicht en handhaving. In 2021 is opnieuw een aantal handhavingszaken opgepakt die druggerelateerd zijn. Tevens is een aantal locaties met garageboxen bezocht en panden in het buitengebied van Heusden. We waren blij om te zien dat op één locatie de naleving van de regelgeving op orde is en dat de ondernemer zijn verantwoordelijkheid goed heeft genomen.
8/54
In de jurisprudentie zien we op dit vlak ook een aantal interessante ontwikkelingen. Zoals het advies van de Staatsraden advocaat-generaal Wattel en Widdershoven over het evenredigheidsbeginsel en ook de noodzaak tot het opnemen van een waarschuwingsstap in het Damoclesbeleid. Het lokale Damoclesbeleid is eind 2021 op dit punt aangepast. Transformatie buitengebied In het kader van het Intensivering Toezicht Veehouderij (ITv)-project zijn alle agrarische bedrijven in Asten gecontroleerd op milieuaspecten en vanuit de provincie op aspecten die van invloed zijn op de bescherming van Natura 2000. De opvolging van de bedrijven die gaan beëindigen moet nog plaatsvinden. Dat gebeurt op grond van het werkprogramma van de ODZOB. We zien als gemeente daarop toe dat dat wordt uitgevoerd. Leefbaarheid Het aantal klachten/meldingen over de openbare ruimte is wederom toegenomen. Dit lijkt niet direct verband te hebben met de corona-crisis. Alhoewel we niet kunnen uitsluiten dat veel mensen vanwege de corona-crisis thuis zitten en daardoor wellicht meer aandacht hebben voor hun directe omgeving. Los daarvan zien we al een paar jaar een consistente stijging in het aantal meldingen.
Dit kan gerelateerd zijn aan het gegeven dat we actief meldingen oppakken en hierop actief inzetten qua preventie door informatie op de website (bijvoorbeeld hondenoverlast, inbraken, parkeeroverlast, overlast van jeugd enzovoort). Ook zien we dat meldingen zich herhalen omdat bepaalde overlast tussen inwoners niet op te lossen is. Hier wordt vaak verwezen naar buurtbemiddeling. Ook hebben we ingezet op het trainen van medewerkers om waar mogelijk handhaving te voorkomen. Ook hebben we het afgelopen jaar veel meldingen van (zwerf)afval gekregen. We slagen erin om steeds vaker de overtreder te achterhalen. Zodoende zorgen we ervoor dat de overtreder het opruimt en niet de gemeente opdraait voor de kosten. Dit wordt echter niet altijd gezien door de melder, omdat afval langer op een locatie kan blijven liggen of sprake is van herhaling van afvaldumpingen. Veelal wordt de overtreding ontkend. 2.2.
Vergunningverlening
Het jaar 2021 laat een logische afname zien van het aantal evenementvergunningen wel kosten de aanvragen meer tijd, energie en waren meer bestuurlijk gevoelig vanwege de maatregelen Covid19. Immers door de corona-maatregelen hebben deze niet kunnen plaatsvinden. Dit neemt niet weg dat er wel veel vragen zijn beantwoord over de maatregelen die van toepassing waren voor evenementen en horeca. De vele veranderingen in de corona-maatregelen gaven daar aanleiding toe. Daarnaast is het opvallend dat er een aanzienlijke toename is van de aanvragen die volgens de reguliere procedure worden behandeld. Dit is een toename van 300%. In 2021 bestaat het merendeel van de aanvragen uit kleinere projecten. Ook de meervoudige aanvragen die betrekking hebben op meerdere onderdelen zien op kleinere projecten. In bijlage 2 is de verdeling opgenomen. Ondanks de toename van het aantal procedures is door het soort aanvragen (kleine projecten) de situatie wel beheersbaar. Ook zijn een aantal grotere projecten behandeld waarmee ontwikkelingen mogelijk zijn gemaakt op het gebied van woningen en het realiseren van bedrijvigheid.
9/54
Binnen het team hebben een aantal personele wisselingen plaatsgevonden. Eind 2021 is zicht op invulling van alle vacatures door tijdelijk of vast personeel. Het vinden van een vaste senior casemanager is echter nog steeds niet gelukt, ondanks inzet van een recruiter. Het team vergunningen heeft afgelopen jaar laten zien dat zij een enorme ontwikkeling zijn doorgegaan en de basis goed op orde hebben. 2.3.
Toezicht en handhaving
Het jaar 2021 is een druk jaar geweest, waarbij met de beschikbare capaciteit voornamelijk is ingezet op naleving van de corona-maatregelen om samen met de inwoners van de gemeente Asten de crisis het hoofd bieden. Wanneer de controles met de reguliere taken te combineren waren is dat opgepakt. De corona-crisis heeft veel inzet gevraagd van toezicht en handhaving. Tijdens de corona-crisis hebben we echter wel goed kunnen oefenen met ‘facili-leren’ (zie paragraaf 3.7), om tot een doelmatige handhavingsinzet te komen. We hebben zowel de preventieve informatieve kant toegepast als de repressieve kant bij excessen. Het bouwtoezicht heeft in 2021 gewoon plaatsgevonden en dat is ook terug te zien in het aantal opgeleverde bouwwerken. Ook de ODZOB heeft zoveel mogelijk controles uitgevoerd. Dit zijn voornamelijk administratieve controles geweest. Waar nodig zijn deze fysiek uitgevoerd. Ook de VRBZO is langzaam aan weer fysiek controles uit aan het voeren. In het najaar van 2021 zijn de reguliere taken weer opgepakt op de andere vlakken. Zoals gebiedsgericht toezicht in het buitengebied van Heusden, controles van opslagplaatsen en vuurwerkoverlast controles. Dit was in samenwerking met de handhavingspartners. Ook de controles op de recreatieterreinen werden opgepakt en een start gemaakt om de illegale bewoning op deze terreinen te beëindigen en de recreatie verder te vitaliseren.
Qua handhaving en bezwaar en beroep zien we dat mensen meer bereid zijn om zich uit te spreken tegen bepaalde ontwikkelingen of zaken die ze zelf ondervinden of constateren. De bereidheid om te procederen is daarmee ook groter. Keerzijde daarvan is dat mensen minder met elkaar in gesprek gaan en dat elkaars belangen schijnbaar alleen via de rechter beslecht kunnen worden. Hoewel dit een onwenselijke trend is, is de verwachting niet dat het aantal juridische procedures de komende jaren af zal nemen. De verschuiving in de Omgevingswet naar meer participatie onderling en verantwoordelijkheid bij de burger zelf wordt als het erop aankomt nog vooral een taak van de gemeente. Dit zal lastig zijn, omdat de regelgeving en het beleid daar niet altijd de uitkomst voor zullen bieden. Wat op zijn beurt weer leidt tot meer frustratie. Voor wat betreft het juridische werk zien we dat dit onder druk staat. Zoals eerder al is aangegeven neemt de juridische inzet bij zaken toe. Het oplossen van zaken in het toezichttraject neemt af. We zien een trend van meer juridische procedures bij bouwtoezicht, illegale bewoning (waaronder arbeidsmigranten) en ondermijning (o.a. damocles). Die combinatie maakt dat komend jaar meer juridische capaciteit benodigd zal zijn, dan wel dat we zaken anders zullen organiseren of prioriteren indien het niet haalbaar is binnen de gegeven capaciteit.
Hierbij is de verwachting dat
10/54
nieuwe inzichten in de rechtspraak over het evenredigheidsbeginsel (onder andere in relatie tot Damocleszaken) ook nieuwe inzichten gaan geven over de te maken afwegingen. 2.4.
Conclusie VTH
Het jaar 2021 had wederom een bijzonder karakter. De bijgestelde doelen voor het jaar 2021 zijn haalbaar gebleken. Wat daar de gevolgen van zijn zal blijken bij een meer regulier jaar. We zullen monitoren of de verschuivingen binnen vergunningen en toezicht en handhaving een permanent karakter hebben. De insteek is wel geweest om zoveel mogelijk combinaties te maken met het oog op onze lange termijn doelstellingen. Het toezicht op de naleving van de corona-maatregelen alsmede de handhaving hierop liet zien dat we binnen het VTH-uitvoeringsveld snel kunnen schakelen. De toezichthouders eigenden zich een nieuwe werkwijze toe om toch controles uit te kunnen voeren. De toezichthouders en juristen verdiepten zich snel in de zich snel opvolgende nieuwe tijdelijke maatregelen. Ook hebben we verschillende methodes (informeren, in gesprek gaan) ingezet om de doelstellingen van het corona-beleid te handhaven. De terugloop in de grotere projecten is in 2021 goed te zien. Dit heeft overigens wel de ruimte gegeven om de hoeveelheid aanvragen voor kleinere projecten binnen de gestelde termijnen af te handelen. Door de versnellingsagenda voor woningbouwprojecten is de verwachting dat in 2022/2023 het aantal grotere projecten weer toeneemt. Indien het aantal reguliere procedures gelijk blijft, is dit wel een knelpunt waar we rekening mee moeten houden.
Zeker omdat wordt verwacht dat het aantal aanvragen voor 1 juli 2022 (inwerkingtreding Omgevingswet) toeneemt. De corona-pandemie laat zien dat de basis van VTH goed is. De komende jaren bouwen we verder op dit fundament. In 2022 zullen we verder onderzoeken wat de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging met zich meebrengt voor het VTH-taakveld.
11/54
3. Beleidskader: Omgevingsanalyse en maatschappelijke opgaven Een belangrijk kader voor ons VTH-plan is de Toekomstagenda Asten 2030 (hierna: Toekomstagenda). Deze agenda is namelijk een vertaling van onze maatschappelijke opgaven en doelstellingen die in samenspraak met onze inwoners zijn gevormd. De Toekomstagenda is leidend bij de opstelling van lokaal beleid, onze besluitvorming en voor de uitvoering. Ook dient onze prioritering bij te dragen aan het bereiken van deze doelstellingen. Het VTH-plan is daarom ook opgesteld in lijn met onze Toekomstagenda. In dit hoofdstuk worden eerst de doelstellingen uit deze Toekomstagenda beschreven. Vervolgens gaan we in op de belangrijkste ontwikkelingen en veranderingen binnen het VTH-taakveld en onze omgeving. Beleidsdoelstellingen voor de basistaken zijn: -
Voldoen aan wettelijke kwaliteitseisen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving
-
Efficiënte uitvoering VTH-taken
-
Integraal werken.
3.1.
Toekomstagenda Asten 2030
De gemeenteraad heeft op 27 juni 2017 de Toekomstagenda opgesteld. De Toekomstagenda vormt het kompas van onze besluitvorming. Hieronder worden onze vier maatschappelijke opgaven kort weergegeven.
Transformatie buitengebied We streven naar een maatschappelijk geaccepteerde en gewaardeerde agrofoodsector met toekomstperspectief. Hierbij gaat het om verduurzaming van de agrarische sector, het in balans brengen met de natuur en landschap, en welzijn van mens en dier in een mooi en beleefbaar buitengebied. We willen dat ons buitengebied wordt ontwikkelt op landbouw, recreatie en toerisme, zorg en energieproductie. Naleving van wet- en regelgeving is hierbij van groot belang. We zullen dan ook optreden tegen ongewenste ontwikkelingen die deze ontwikkelingen belemmeren. Daarnaast staan we open voor nieuwe initiatieven die bijdragen aan ons toekomstperspectief voor ons buitengebied.
Vitale kernen We willen de gezondheid, de deelname aan het economisch en maatschappelijk verkeer, de woonomgeving en de omgevingskwaliteit behouden. We willen een aantrekkelijke woongemeente zijn en dit ook in de toekomst behouden. Asten wil dit bereiken door te anticiperen op de lokale woonbehoeften. Belangrijk hierbij is het ondersteunen van woonconcepten, waarbij mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen en tevens dient de gemeente aantrekkelijk te zijn voor het vestigen van nieuwe inwoners. Daarnaast dragen adequate voorzieningen, saamhorigheid en een evenwichtige bevolkingssamenstelling bij aan de vitaliteit van de kernen. We zullen dus actief toezicht houden op ongewenste ontwikkelingen die de leefbaarheid van onze kernen aantasten.
12/54
Klimaatbestendig en energieneutraal Asten Asten dient in staat te zijn om klimaatverandering op te vangen en wil minder verstening en meer groen in 2030. Hiertoe onderschrijven we de doelstellingen van duurzame ontwikkeling en het Brabants Energie Akkoord. In 2030 zijn we klimaatbestendig! Dit betekent onder andere dat we ons strikt houden aan de EPC-normen bij de toetsing van bouwaanvragen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen of initiatieven moet een verantwoorde balans zijn tussen verstedelijking en de aanwezigheid van groen.
Centrumontwikkeling Asten wil een uitnodigend en levendig centrum hebben, waarin ruimte is voor ontmoeting in een gemoedelijke dorpssfeer. Beleven en genieten staat centraal. We streven naar een centrum waarin de lokale verzorgende functie voor winkelen wordt behouden en er een positieve balans is op het gebied van restaurantbezoek, café bezoek en cultuurbezoek. Leegstand van panden in het centrum willen we voorkomen, omdat dit de aantrekkelijkheid en uitstraling van het centrum aantast. Evenementen in het centrum zijn mogelijk, mits er geen overlast ontstaat.
3.2.
Coalitieakkoord
De Toekomstvisie Asten 2030 geeft de visie van de ontwikkeling van de gemeente tot het jaar 2030. Het coalitieakkoord 2018-2022 ‘Samen op weg naar een duurzaam vitaal Asten’ geeft daar nadere invulling aan. Voor het VTH-taakveld zijn in het beknopt onderstaande punten uit het coalitieakkoord relevant: -
Stringente en integrale handhaving en meer veiligheid
-
Veilig gevoel in de buurt, op straat, in het verkeer. Meer preventie, tegengaan van ondermijnende criminaliteit en overlast
-
Leefbaarheid in alle kernen
-
Aantrekkelijke woon- leef en recreëergemeente
-
Actief woon- en recreatiebeleid
-
Verduurzaming van de agrarische sector
-
Hoger bouwtempo in de kernen van Asten
-
Veilige schoolomgeving
-
Aandacht voor kwetsbare groepen
3.3.
Beleidsplan Sociaal Domein 2022-2027
Aansluitend aan de Toekomstagenda is er een beleidsplan Sociaal Domein gemeente Asten 20222027 opgesteld. Bij de opstelling van dit plan is informatie opgehaald bij de gemeenteraad, de commissie burgers, de adviesraad Sociaal Domein, onze inwoners, netwerkpartners, de Kinderraad van Prodas, de leerlingenraad van het Varendonck College en ambtenaren van de gemeente. Deze input heeft geleid tot 6 pijlers in het Sociaal Domein voor de gemeente Asten: -
Kansen voor iedereen
-
Sterke, sociale omgeving
13/54
-
Gezondheid en vitaliteit
-
Financieel gezond
-
Samen met elkaar
-
Ondersteuning en voorzieningen
3.4.
Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid 2019-2022
In de Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid 2019-2022 zijn de strategische uitgangspunten en prioriteiten omtrent veiligheid opgenomen. Dit plan is gebaseerd op de veiligheidssituatie in onze gemeente. Hiervoor is input verkregen vanuit interne/externe partners en de Veiligheidsmonitor. Het Veiligheidsplan Peelland 2019-2022 richt zich op de gemeenschappelijke doelen die voortkomen uit het regionaal Veiligheidsplan en de door de raad vastgestelde prioriteiten. Burgemeesters, Het Openbaar Ministerie en de Politie stellen om de vier jaar het Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant vast. De prioriteiten die in dit plan zijn opgenomen sluiten aan bij onze lokale prioriteiten en zijn als volgt: -
Veilige woon- en leefomgeving
-
Ondermijnende criminaliteit
-
Maatschappelijke onrust, radicalisering en polarisatie
-
Cybercrime en cybersecurity
3.5.
Burgerparticipatie
In het coalitieakkoord wordt ook de randvoorwaardelijke opgave ‘burgerparticipatie’ toegevoegd. De Toekomstagenda Asten2030 is immers opgesteld in samenspraak met onze burgers. De kernopgaven zijn dan ook breed gedragen onder de Astense bevolking. Realisatie van de kernopgaven is daarmee niet een taak van de gemeente maar een taak die samen met de gemeenschap moet worden volbracht. We omarmen daarom burgerinitiatieven die direct, dan wel indirect, bijdragen aan het verwezenlijken van onze kernopgaven. De gemeente zal hier in hoofdzaak faciliterend in optreden. Indien nodig zal de gemeente sturend zijn. Hiervoor hebben wij kaders vastgesteld in het programma Vitale Democratie. Het gaat daarbij om de verandering in rollen, houding en gedrag die voor onze organisatie zijn vastgelegd, een en ander passend in de geest van de Omgevingswet. 3.6.
Eigen verantwoordelijkheid
Daarnaast zijn en voelen onze inwoners zich ook zelf verantwoordelijk voor een goed woon- en leef klimaat. We vinden het belangrijk dat we de verantwoordelijkheden daar laten waar ze horen. Dit uitgangspunt sluit ook aan bij de sfeer van de Omgevingswet en de Wkb, waarin de eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemers ook centraal staat. Daar waar geconstateerd wordt dat de eigen verantwoordelijkheid leidt tot ongewenste situaties zal streng handhavend worden opgetreden. De Landelijke Handhavingsstrategie is hierbij leidend. 3.7.
Facili-leren
Hierboven hebben wij aangegeven dat we initiatieven van burgers omarmen en dat wij sturen op eigen verantwoordelijkheid van burgers of bedrijven. Dat betekent dat wij als gemeente ook onze sturende rol moeten loslaten en steeds meer een faciliterende rol moeten aannemen.
14/54
We willen er dus voor zorgen dat burgers en bedrijven hun eigen verantwoordelijkheid nemen en daarbij moeten we ook bekijken wat de eigen verantwoordelijkheid is van de gemeente. Ook willen we burgerparticipatie stimuleren en er dus voor zorgen dat burgers betrokken worden. Een goed voorbeeld hiervan is het sturen op het voeren van een omgevingsdialoog en deze in bepaalde gevallen verplicht stellen. We willen dat de aanvrager, burger of ondernemer, de gemeente ziet als een informatiepunt en dit ook als zodanig erkent. Tijdig advies inwinnen bij de gemeente voorkomt immers frustratie, handhaving en eventuele juridische procedures achteraf. We dienen als gemeente dus te sturen op tijdige en volledige adviseringen en preventie, maar het is de verantwoordelijkheid van de burger om vervolgens correct met het advies om te gaan. 3.8.
Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen
Met de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen wordt deze faciliterende en adviserende rol des te meer belangrijker en de erkenning van de burger van deze rol van de gemeente. Alsmede de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven neemt toe. Communicatie op dit vlak zal dus extra belangrijk worden onder de Omgevingswet. Dat betekent dat wij in het kader van de Omgevingswet onze processen van vooroverleg, verkennen initiatief, en participatie zullen optimaliseren. Door het proces aan de voorzijde goed te organiseren, kunnen we handhaving aan de achterzijde in veel gevallen voorkomen. De wet Kwaliteitsborging brengt een verandering met zich mee in het taakveld van vergunningverlening en toezicht voor de activiteit bouwen. Met de komst van deze wet zal de toetsing van de bouwkwaliteit en het toezicht op de bouw verzorgd worden door een ‘erkende private kwaliteitsborger’ en wordt de aansprakelijkheid van de aannemer aangescherpt. De gemeente krijgt dus bij de gevallen waar de wet Kwaliteitsborging bouwen van toepassing is een wezenlijk andere rol in het bouwproces. We zullen vooraf bijvoorbeeld moeten toetsen of private kwaliteitsborger gecertificeerd is en of de toegepaste werkmethode geschikt is. En vervolgens dient de gemeente een verklaring voor ingebruikname af te geven. De handhavingsbevoegdheden blijven wel hetzelfde.
Kortom zullen deze drie uitgangspunten ‘Burgerparticipatie’, ‘Eigen verantwoordelijkheid’ en ‘Facilileren’ met de komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborg voor het bouwen extra aandacht behoeven in onze werkwijzen/processen, en onze gemeentelijke rol, gelet op het doel en de uitgangspunten van deze wetten. 3.9.
Overige ontwikkelingen
Onderstaand gaan we in op andere maatschappelijke ontwikkelingen, ontwikkelingen in lokaal beleid, wetgeving en/of jurisprudentie die veranderingen meebrengen voor het VTH-taakveld. COVID-19 Hoewel we in Nederland redelijk op weg zijn met het vaccineren en de boosterprik al wordt gezet, blijft de COVID-19 pandemie zich voortzetten in 2022. De opmars van nieuwe varianten van het virus zorgen ervoor dat het opheffen van de maatregelen niet op korte termijn zal gebeuren. Uit het jaarverslag is al gebleken dat in navolging van 2020 ook 2021 veel capaciteit heeft gevraagd van toezicht en handhaving voor de bestrijding en voorkoming van het coronavirus. Wat betreft de reguliere taken en doelstellingen die zijn gesteld voor deze jaren dient er dus een inhaalslag te worden gemaakt. Hoewel er steeds meer reguliere taken worden opgepakt, houden we er het
15/54
komende jaar wel rekening mee dat we naast de inhaalslag ook nog steeds capaciteit van toezicht en handhaving moeten inzetten voor de handhaving van de geldende corona-maatregelen. Daarnaast hebben de maatregelen ook invloed op de uitvoering van onze controles. Daarbij zullen we wederom net als het voorgaande jaar keuzes moeten maken, om ook de veiligheid en gezondheid van onze werknemers en burgers te kunnen borgen. Het thema ‘gezondheid’ is in de Omgevingswet een belangrijk thema. Een goede gezonde leefomgeving dient te worden geborgd in een Omgevingsvisie en Omgevingsplan. We houden er rekening mee dat in 2022 COVID-19 ook gevolgen kan hebben voor wetgeving (bv. ventilatie – bouwbesluit) en beleidskeuzes. Huisvesting arbeidsmigranten In februari 2020 heeft de gemeenteraad nieuw arbeidsmigrantenbeleid vastgesteld. Dit beleid wordt geëvalueerd. Aanpak vitalisering recreatieve sector In lijn met de landelijke actieagenda vakantieparken hebben we voor de gemeente Asten de Kaders aanpak vitalisering recreatieve locaties vastgesteld. We zullen de komende jaren meer aandacht schenken aan de vitaliteit van onze recreatieve sector, om ons buitengebied aantrekkelijk te houden voor recreanten en toeristen. Deze kaders vervangen de beleidsnotitie “Permanente bewoning op recreatieverblijven” en het eerdere plan van aanpak.
Veiligheid onderdeel mensenhandel Een van de thema’s van Veiligheid is mensenhandel. In het kader van mensenhandel, willen we zoveel mogelijk gaan aansturen op ‘melden’ van misstanden (ondermijnende criminaliteit). Uitgangspunt is het voorkomen, vroeg signaleren, bewustwording, hulp bieden maar ook doorpakken bij bepaalde misstanden om dit te beëindigen. In de keten binnen de gemeente is uitbuiting/mensenhandel een belangrijk thema. Waarbij aandacht is voor de kwetsbaardere groepen die binnen Asten aanwezig zijn om hen weerbaarder te maken. Dit zodat uitbuiting/dwang eerder benoemd worden en in de integrale aanpak worden meegenomen. En ieder vanuit zijn bevoegdheid gaat samenwerken om dit aan te pakken. Evenredigheidsbeginsel De manier van toetsen van overheidsbesluiten staat al enkele jaren ter discussie. Voorheen was de gedachte dat de rechter vooral niet op de stoel van de wetgever en het bestuur moet gaan zitten. Zeker sinds de Toeslagenaffaire en de ingrijpende gevolgen die dit heeft gehad voor burgers, is de roep naar een meer indringende en intensieve toetsing door de bestuursrechter luider geworden. De menselijke maat moet meer worden toegepast is het streven. De Afdeling is enkele jaren terug al indringender/voller gaan toetsen bij asielbesluiten, boetezaken en bij de toepassing van beleidsregels.
Deze indringendere vollere toetsing zien we nu ook terugkomen bij Damocles zaken en Damocles beleid. Het evenredigheidsbeginsel van artikel 3:4 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht speelt daarbij een bepalende rol. Het idee is dat met toepassing van het evenredigheidsbeginsel de rechter tot een uitkomst kan komen die rechtvaardiger is waarbij oog is voor inhoud, maatwerk en de menselijke maat. De staatsraden advocaat-generaal Widdershoven en Wattel concludeerde op 7 juli 2021 in hun conclusie dat de evenredigheidstoetsing van bestuurlijke maatregelen scherper en indringender kan (ECLI:NL:RVS:2021:1468).
16/54
4. Beleidskader: Probleemanalyse, risicoanalyse en prioriteiten Jaarlijks stellen we een probleem- en risicoanalyse op om zodoende inzicht te krijgen in de ontwikkelingen, problemen en risico’s die in onze gemeente spelen en wat de rol van het VTHtaakveld is om deze te beheersen of aan te pakken. Naast dat de wet dit ons verplicht om op te stellen, is het onze basis voor de prioritering binnen ons VTH-taakveld. In dit hoofdstuk worden onze prioriteiten inzichtelijk gemaakt. 4.1.
Hoe komt onze prioritering tot stand?
Onze risicomatrix is opgesteld aan de hand van de modelmatrix van het Centrum van Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) en geeft inzicht in de risico’s van activiteiten voor een specifieke situatie. Hierbij is het goed te vermelden dat niet alle reguliere activiteiten in de analyse zijn opgenomen. We hebben een voorselectie gemaakt van activiteiten en deze zijn onderverdeeld in categorieën. Deze categorieën corresponderen met de categorieën uit de Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid gemeente Asten 2019-2022. We hebben de risicomatrix uitgezet binnen de organisatie en bij onze externe partners. Ambtelijk en bestuurlijk is deze risicomatrix ingevuld. Ten behoeve van de integraliteit, hebben we deze risico-matrix breder uitgezet dan voorgaande jaren. In het model (zie bijlage 3 – Risicomatrix) bepalen we aan de hand van de kans dat een overtreding zal plaatsvinden én de gevolgen die dat met zich meebrengt waar onze prioriteiten moeten liggen. Hierdoor maken we bij het inzetten van onze beschikbare capaciteit en middelen verantwoorde keuzes. In hoofdstuk 3 hebben wij onze omgevingsanalyse beschreven, waar onder andere onze maatschappelijke opgaven uit de Toekomstagenda en het coalitieakkoord zijn uitgelicht. In het onderstaande schema wordt weergegeven dat de omgevingsanalyse en de risicoanalyse tezamen de probleemanalyse vormen.
Omgevingsanalyse
Risicoanalyse
Probleemanalyse
Vervolgens worden de uitkomsten van onze probleemanalyse gewogen tegen onze maatschappelijke opgaven van de Toekomstagenda. We willen namelijk bewerkstelligen dat het VTH-taakveld ook daadwerkelijk bijdraagt aan het realiseren van onze maatschappelijke opgaven. Zodoende hebben we onze prioritering van 2022 bepaald. In bijlage 4 treft u een overzicht van de prioritering per thema aan die uit de risicoanalyse naar voren zijn gekomen. Hiermee is de basis gelegd voor de uitvoering van onze VTH-taken. Onze wettelijke taken en de hoogste prioriteiten uit de risicomatrix vormen onze eerste taken. De
17/54
overige activiteiten zullen beoordeeld worden aan de hand van de Toekomstagenda Asten2030. In bijlage 5 vindt u een overzicht van de (geprioriteerde) activiteiten in relatie tot de Toekomstagenda Asten 2030. Volledigheidshalve hebben we dit jaar ook bezien of onze prioriteiten op toezicht en handhaving ook bijdraagt aan de doelstellingen/speerpunten uit ons Beleidsplan Sociaal Domein en de Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid, zoals beschreven in paragraaf 3.4. en 3.4. 4.2.
Wat zijn onze prioriteiten?
Hieronder geven wij per thema de hoogste prioritering aan. De rode draad in het VTH-beleid is dat de inschatting van de risico’s voor de leefomgeving doorslaggevend is voor de prioriteiten die we stellen bij het stimuleren of afdwingen van het naleefgedrag. Uiteraard maken we hierbij ook keuzes. Deze keuzes worden gevormd door verschillende factoren. Als eerste is de Toekomstagenda Asten2030 bepalend. Hierin zijn onze kernopgaven opgenomen. Hierbij staan de wettelijke taken niet ter discussie maar zijn primair opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Zoals eerder valt te lezen, kiezen wij ook voor een bepaalde mate van eigen verantwoordelijkheid van de burgers. Het naleefgedrag is hierbij medebepalend voor de mate waarin verantwoordelijkheid wordt gegeven. Als laatste merken wij op dat, mede gelet op de wettelijke taken, ook keuzes gemaakt moeten worden. Er zal immers nooit voldoende capaciteit zijn om alle taken uitputtend uit te voeren. 1.
Woon- en leefomgeving
In dit thema staat de leefbaarheid van de wijk, de buurt en de straat centraal. Uit de risicomatrix komen de volgende drie prioriteiten naar voren: •
Milieuovertredingen en overlast buiten een inrichting
•
Slopen met asbest en slopen met vergunning
•
Sloopmelding en slopen asbest < 35m2
De prioriteiten binnen dit thema richten zich dus vooral op het voorkomen van en het optreden tegen overtredingen die schadelijk zijn voor het milieu en daardoor een impact kunnen hebben op onze leefomgeving. Daarnaast heeft het verwijderen van asbest, het slopen van grote werken en het toezicht daarop prioriteit. Deze gestelde prioritering draagt ook bij aan onze doelstellingen uit de Toekomstagenda, namelijk de transformatie van het buitengebied, vitale kernen en centrumontwikkeling.
2. Bedrijvigheid/Milieu In de ODZOB regio is een Regionaal Operationeel Kader (ROK) vastgesteld. Aan dit kader ligt ook een risico-analyse ten grondslag. Hieraan heeft ons college zich geconformeerd en op basis hiervan wordt door de ODZOB het uitvoeringsprogramma samengesteld. Hiervoor wordt derhalve in dit kader geen aparte afweging gemaakt.
3. Jeugd en horeca De toekomst van de gemeente ligt in handen van de jeugd. Zij moeten in een goede en veilige omgeving kunnen opgroeien. Hierbij is ook de koppeling gemaakt met het horecabezoek van jongeren en alcoholpreventie. Uit de risicomatrix komende de volgende prioriteiten naar voren:
18/54
•
Leeftijdsgrenzen horeca- alcoholpreventie
•
Exploitatie drank en horeca
•
Sluitingstijden horeca
•
Evenementen met vergunning
Alcoholpreventie onder jongeren heeft in de gemeente Asten en ook vanuit landelijk niveau prioriteit. Ook zien we dat toezicht op de exploitatie van horecagelegenheden, de sluitingstijden en evenementen die een vergunningen benodigd hebben, een hoge prioriteit hebben. Dit is wellicht mede door het feit dat de corona-maatregelen veelal zich het afgelopen jaar ook hebben gericht op de horeca- en evenementenbranche. Daarnaast draagt toezicht en handhaving op deze activiteiten bij aan onze doelstellingen uit de toekomstagenda, namelijk het realiseren van vitale kernen en centrumontwikkeling. Ook dragen we hierdoor bij aan de gestelde speerpunten uit het Beleidsplan Sociaal Domein en aan de gestelde prioriteiten van ons Integrale Veiligheidsbeleid. 4.
Fysieke kwaliteiten (brandveiligheid en gezondheid)
In het fysieke domein zijn de fysieke kwaliteiten van de verschillende activiteiten cruciaal. Voor diverse activiteiten is toetsing op constructieve veiligheid, brandveiligheid, volksgezondheid en de exploitatievergunning belangrijk. Binnen dit thema hebben de volgende drie activiteiten de hoogste prioriteit. •
Kamergewijze verhuur en huisvesting van arbeidsmigranten
•
Kampeerterreinen, vakantieparken
•
Gebouwen met nachtverblijffunctie < tien personen
•
Gebouwen met nachtverblijffunctie > tien personen
De gemeente Asten ziet een toename in het aantal arbeidsmigranten die zich vestigen in onze gemeente. Dit moet veilig gebeuren. Vanuit dit oogpunt moet er bij vergunningverlening en toezicht en handhaving goed getoetst en gecontroleerd worden op de veiligheidsaspecten rondom constructie, brandveiligheid en uiteraard volksgezondheid. Ook zal scherper worden toegezien op de exploitatievergunning die verplicht is voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Ook wordt het aspect mensenhandel/uitbuiting hierin meegenomen. In navolging van de landelijke trend om misstanden en verloederde vakantieparken/campings aan te pakken en tegen te gaan, wordt in Asten in 2022 verdere invulling gegeven aan deze landelijke aanpak. Dit doen we op projectbasis. De prioriteit ligt op het tegengaan van illegale bewoning en ondermijning op deze locaties. We willen een vitale recreatieve sector in Asten creëren en behouden. Daarnaast hebben gebouwen met een nachtverblijffunctie een hoge prioriteit. Deze prioritering draagt bij aan de vier beschreven doelen van onze Toekomstagenda, het beleidsplan Sociaal Domein en ons Integrale Veiligheidsbeleid. 5.
Integriteit en veiligheid
Onder dit thema vallen activiteiten die meer fundamenteel onze rechtsorde en veiligheid bedreigen. Aan de volgende drie onderwerpen werd de hoogste prioriteit gegeven: •
Drugs en drugsafval
•
Ondermijnende criminaliteit
•
Overlast leefbaarheid
19/54
De bestrijding van drugs en drugsafval heeft een hoge prioriteit, alsmede overlast die de leefbaarheid van de kernen aantast. Hierbij moet bijvoorbeeld gedacht worden aan verwarde personen op straat of hangjongeren die overlast veroorzaken. Het gaat aldus om vormen van overlast die de veiligheid van burgers verslechteren. Ondermijnende criminaliteit heeft ook een hoge prioriteit. Ondermijnende criminaliteit is een ruim begrip. Toezicht en handhaving richt zich vooral op het gebruik van objecten/panden voor andere doeleinden dan bestemd en op personen die misbruik maken van voorzieningen binnen de gemeente. Deze prioritering sluit naadloos aan prioriteiten uit ons Integraal Veiligheidsbeleid en voldoet ook aan de vier doelstellingen van onze Toekomstagenda en aan het coalitieakkoord. Ook draagt handhaving en toezicht op deze activiteiten bij aan de doelstellingen van ons beleidsplan Sociaal Domein.
20/54
5. Beleidskader: Strategieën In het voorgaande hoofdstuk hebben we onze prioritering voor het jaar 2022 bepaald. Op basis van deze prioritering willen wij onze doelstellingen behalen. In dit hoofdstuk komen we toe aan de vraag hoe wij dit gaan doen. Met andere woorden welke strategie(en) gaan wij toepassen om onze gewenste doelstellingen te bereiken. Aan de hand van onze beschikbare middelen en capaciteit wordt de juiste strategie bepaald. In dit hoofdstuk zullen we de verschillende strategieën voor de uitvoering kort uiteenzetten. 5.1.
Toetsingsstrategie
De toetsingsstrategie ziet op de wijze waarop wij aanvragen voor een omgevingsvergunning toetsen. In de risicoanalyse zijn verschillende activiteiten opgenomen die vergunningverlening betreffen. Aanvragen worden op verschillende niveaus getoetst. Een aanvraag omgevingsvergunning voor het plaatsen van een dakkapel wordt anders getoetst dan aan aanvraag omgevingsvergunning voor het realiseren van een woonhuis. Het niveau van toetsing is afhankelijk van het risico, de historie en de prioriteit. We werken met vier verschillende toetsingsniveaus, die gebaseerd zijn op de landelijke toetsmatrix Bouwbesluit 2012 (LTB 2012). In bijlage 6 wordt u een toelichting gegeven op de LTB 2012 en de vier verschillende toetsingsniveaus. De landelijke toetsmatrix wordt door vertaald in de toetsmatrix van Asten. Uitgangspunt is uiteraard de uitkomsten van de risicomatrix zoals verwoord in het voorgaande hoofdstuk. 5.2.
Preventiestrategie
Om regelgeving doeltreffend te laten werken, is het belangrijk dat burgers inzicht hebben in de achtergrond en doel van deze regelgeving en de effecten van niet-naleving. Dit verstrekt het naleefgedrag. Op basis van de lokale en landelijke ontwikkelingen, klachtmeldingen of systeemanalyse spelen we in op deze constateringen en handelen we preventief om overtredingen zoveel mogelijk te voorkomen. Dit bereiken we door actief te communiceren met burgers of bedrijven. Dit doen we door middel van onze social media accounts, website, voorlichtingsbijeenkomsten of in gesprek gaan met burgers of bedrijven. Bij dreiging van overtredingen binnen de prioriteiten treden we preventief op door het gesprek aan te gaan of door het opleggen van een preventieve bestuurlijke herstelmaatregel. Dit is afhankelijk van de ernst van de overtreding en de mogelijke gevolgen die het heeft als de overtreding uiteindelijk wel plaatsvindt. 5.3.
Toezichtstrategie
Toezicht op de naleving van de wet- en regelgeving is onmisbaar. We dienen namelijk te controleren of de regels worden nageleefd. Omdat we niet op alles toezicht kunnen houden, baseren we ons op onze prioritering. De prioritering bepaalt hoe vaak we gaan controleren en wat de diepgang is van deze controle en het vervolgtraject (zie hiervoor ook bijlage 7 – toezichtstrategie). Over het algemeen voeren onze toezichthouders de controles zelfstandig uit. De laatste jaren merken we dat integraal toezicht een belangrijk onderdeel is van bijvoorbeeld tegengaan van ondermijnende criminaliteit of andere misstanden in de praktijk. We werken dus steeds meer samen met onze partners ODZOB, VRBZO, brandweer en politie. Dit is ook noodzakelijk om onze taken goed uit te kunnen voeren en onze doelstellingen te kunnen bereiken.
21/54
We streven ernaar dat de toezichthouder bij een bepaald toezichtobject alle relevante beleidsvelden meeneemt in de controle. De toezichthouder die de relevante vakinhoudelijke kennis heeft, voert de controle uit en zorgt ervoor dat hij vooraf duidelijke instructies krijgt met betrekking tot de relevante wetgeving. Waar nodig en mogelijk voeren toezichthouders van de gemeente, VRBZO en ODZOB gezamenlijk controles uit. Bij het uitvoeren van toezicht hebben we een aantal randvoorwaarden opgesteld. Deze zijn: -
Maatwerk leveren;
-
Verantwoordelijkheid ligt bij bedrijven, instellingen en particulieren;
-
Als uitgangspunt van de handhaving geldt een strikte eenduidige lijn in het optreden tegen overtredingen. Op het moment dat een overtreding wordt geconstateerd, wordt niet gediscussieerd over de inhoud van de norm;
-
Doel is naleving van de regels, niet handhaving op zichzelf; en
-
De gemeente heeft een voorbeeldfunctie.
5.4.
Programmatische aanpak
Binnen de gemeente Asten wordt gewerkt met thema’s waarbij de programmatische aanpak wordt toegepast. Hierbij wordt het geheel integraal bekeken om effectief de verschillende bevoegdheden in te zetten. Dit kan een combinatie zijn van bijvoorbeeld preventief toezicht, interventies met het Peelland InterventieTeam (PIT) en/of inzet op leefbaarheid/openbare orde. Voorbeelden van deze aanpak zijn de aanpak vitalisering recreatieve locaties, interventies ondermijning PIT, Vrijkomende Agrarische Bebouwing, preventie leefbaarheid/verwarde personen en inzet op overlast hangjongeren. Hiervoor wordt intensief samengewerkt tussen toezicht en handhaving, politie, beleid, sociaal team en het PIT, zodat het toezicht en handhaving het meest effectief is. Wanneer een programmatische aanpak noodzakelijk is, wordt, voor zover de inzet uit het uitvoeringsprogramma onvoldoende is, een separaat voorstel gemaakt. 5.5.
Samenwerkingsstrategie
Binnen het VTH-taakveld wordt veel samengewerkt met interne en externe partijen/partners. Deze samenwerking en integrale afstemming is cruciaal voor het behalen van onze doelen. We zetten dan ook in op een doelmatige en effectieve samenwerking, waarbij we de gezamenlijke doelen nastreven. De uitwerking van onze samenwerkingsstrategie is te vinden in bijlage 8. 5.6.
Handhavingsstrategie
In onze handhavingsstrategie wordt vastgesteld op welk niveau, en op welke manier we handhavend optreden. Onze handhavingsstrategie stellen we jaarlijks vast bij het vaststellen van dit VTH-plan. Kortgezegd betekent dit dat we ons conformeren aan de Landelijke Handhavingsstrategie (hierna: LHS) waarin uitgewerkt is welke basisaanpak (bestuursrecht en/of strafrecht) we kiezen bij het constateren van een overtreding. De LHS wordt door de gemeente Asten voor alle toezicht- en handhavingstaken met betrekking tot de omgevingstaken vastgesteld. De tabel van de LHS vindt u in bijlage 9. Daarnaast bepalen we naar aanleiding van onze prioriteiten welke handhavingsinspanning wordt ingezet. We beschrijven deze uitgangspunten in bijlage 10 – uitwerking handhavingsstrategie. Wanneer het strafrecht van toepassing is wordt in het geval van milieuovertredingen het Regionaal Milieu Team (RMT) van de politie op de hoogte gebracht van de overtreding. Bij overige
22/54
overtredingen doet het gemeentebestuur aangifte bij de lokale basiseenheid. Zij zorgen voor afstemming met het openbaar ministerie. Een belangrijke verandering in de Omgevingswet ten opzichte van het geldende omgevingsrecht is, dat de bestuurlijke boete (veel) vaker kan worden toegepast. In de praktijk zal dat vooral gebeuren op het gebied van bouwen, monumentenzorg, natuurbescherming (vooral administratieve ‘CITES-feiten’) en milieu (emissiehandel en Brzo). Vooral voor gemeenten zal dat meer mogelijkheden geven. 5.6.1. Prioriteringsstrategie Indien er sprake is van een overtreding, treden we uiteraard op. Dit is een feitelijk gegeven in het bestuursrecht. Bestuursorganen hebben namelijk de beginselplicht tot handhaving bij de constatering van overtredingen. Alleen in bijzondere omstandigheden mogen we daarvan afwijken. Daarbij geldt de kanttekening dat we zoals hierboven beschreven bij toezicht, ook gebruik maken van de prioriteitstelling om onderscheid te maken in de wijze waarop we uitvoering geven aan een bepaalde handhavingstaak. Dit doen we om onze handhavingscapaciteit doelmatig in te zetten. De VTH-onderdelen waarvoor een hoge prioritering is gegeven, worden actief gehandhaafd. De onderdelen met een gemiddelde prioriteit worden in principe thematisch gehandhaafd of worden meegenomen in een integrale controle.
Buiten de gestelde prioriteiten treden we niet direct handhavend op. Dat betekent niet dat er niet op termijn tegen de geconstateerde laag geprioriteerde overtredingen kan worden opgetreden. Het blijft immers een overtreding. Voor een verdere uitleg hierover zie bijlage 10 -uitwerking Handhavingsstrategie. 5.6.2. Handhavingsverzoeken Een handhavingsverzoek is een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Op een aanvraag dient het bestuursorgaan altijd binnen een bepaalde wettelijke termijn een besluit te nemen. Een handhavingsverzoek nemen we op grond van de wettelijke bepalingen dus altijd in behandeling. Aan de hand van de prioriteitenlijst bepalen we of er wel of niet handhavend wordt opgetreden. Zie hiervoor ook bijlage 10 – uitwerking Handhavingsstrategie. 5.6.3. Meldingen/klachtenstrategie We controleren niet op basis van een anonieme of vage melding/klacht. Wanneer een melding of klacht wordt ingediend, waarbij een zekere bewijslast is toegevoegd, wordt contact opgenomen met de melder. De melder wordt geïnformeerd over de geldende regelgeving. Daarnaast wordt gekeken of de melder ook zelf een verantwoordelijkheid heeft en deze heeft genomen of nog kan nemen. Indien mogelijk wordt ook de mogelijkheid geboden voor buurtbemiddeling.