CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

RU21.04.07BB Ruimtelijk afwegingskader De Peel 5-2-2021.pdf

Raadscommissie Ruimte 28 april 2021, gemeente AstenBij agendapunt: Stukken ter kennisneming aan de commissie12.589 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Samenvattend

recreatief netwerk

to e

ko m s t p e r s p

ec

ef

ti

natte landbouw vennen en wateropvang herenboerderijen herstel wijstgronden Bron icoontjes bij gebruikswaarde: PBL, WUR, CICES 2014, bewerking MUST.

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 49

Beekdalen

Oude zandontginningen

Jonge zandontginningen

Peelrandontginningen & Peelkern

Inspiratie Het boeren van de toekomst

Voedselbos Herenboeren

- kringlopen sluiten - circulair - natuurinclusief - regenereren van de bodem - waterretentie - aantrekkelijk landschap - leefbaarheid - betrokken burger - educatie - nieuwe ecologische verbindingen - verdienmodel

Bron: Herenboerderijk in Boxtel (fotograaf xxx)

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 50

4. Inspiratie In dit hoofdstuk worden voorbeelden getoond waarin meerdere opgave met elkaar zijn gecombineerd.

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 51

KO RTE TER MIJN ( 12 .0 0 0 H A - 2 0 3 0 )

NU

V E RRE TOE KOM ST (5 0.0 0 0 H A - 2 0 7 0 )

dschap biedt srand en

aterstand kt voor van loofbos k voor CLT

Twente ng tussen chap voor et spoor woners rijkomen oekomst dschap en wordt er door er als

es en zoekt st hout voor weging, wijnen. n bomen out en aanvulling aast em van natuurlijke

(+12%)3 ctie levert ale ruimte kan utproductie oor 12% van kan er op

Titel: De Peel Een narratief van een gebied in transitie Naam: Studio Marco Vermeulen Bron: www.marcovermeulen.eu

Droogste zandgronden worden droger

Houtproductie op de droogste percelen (4.400 ha)

Coulisselandschap is monofunctioneel met weinige ecologische diversiteit

Verdichting van houtsingels langs wegen en percelen op ca. 5-10% van oppervlak (3.400ha).

Titel: Voedselbos, Naam: Herenboeren Bron: https://www.herenboeren.nl

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 52

Een aantal open plekken in het bos

Afwisseling tussen Agroforestry en gemengd melkveebedrijf in het casco van het coulissenlandschap

Titel: Houtbaar landschap Naam: IMOSS Bron: www.imoss.nl

Titel: Drentse energielandschappen, april 2017 Naam: HNS landschapsarchitecten Bron: www.provincie.drenthe.nl

Titel: Stadsbuiten Naam: Synchroon, DELVA Landscape Architecture & Urbanism en Houben / Van Mierlo architecten in samenwerking met Staatsbosbeheer Bron: https://stadsbuiten.nl

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 53

KO RTE TER MIJN ( 12 .0 0 0 H A - 2 0 3 0 )

NU

V E RRE TOE KOM ST (5 0.0 0 0 H A - 2 0 7 0 )

dschap biedt srand en

aterstand kt voor van loofbos k voor CLT

Twente ng tussen chap voor et spoor woners rijkomen oekomst dschap en wordt er door er als

es en zoekt st hout voor weging, wijnen. n bomen out en aanvulling aast em van natuurlijke

(+12%)3 ctie levert ale ruimte kan utproductie oor 12% van kan er op

Titel: Stadspark Waterakkers, Breda Naam: Arcadis Landschapsarchitectuur Bron: https://www.landscape-architects.nl/nl/projects/waterzuiveringspark_waterakkers

Droogste zandgronden worden droger

Houtproductie op de droogste percelen (4.400 ha)

Coulisselandschap is monofunctioneel met weinige ecologische diversiteit

Verdichting van houtsingels langs wegen en percelen op ca. 5-10% van oppervlak (3.400ha). Titel: Stadsbuiten Naam: Synchroon, DELVA Landscape Architecture & Urbanism en Houben / Van Mierlo architecten in samenwerking met Staatsbosbeheer Bron: https://stadsbuiten.nl

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 54

Een aantal open plekken in het bos

Afwisseling tussen Agroforestry en gemengd melkveebedrijf in het casco van het coulissenlandschap

Titel: EXPERIMENT – PROVINCIE NOORD BRABANT Naam: Plant E Bron: https://www.plant-e. com/experiment-provincie-noord-brabant

Titel: proeftuin zonnepark met gewassen en bloemen Naam: Engie Bron: https://www.gelderlander.nl/nijmegen/mega-zonnepark-bij-a73-daaronder-teelt-van-gewassen-en-bloemen~ad168a29

Titel:BOMEN EERST, De openbare ruimtes van de bosstad Naam: Jean-François Gauthier Bron: https://www.bouwkunst. ahk.nl/lichting/2019/student/ jean-francois-gauthier

Titel: Ringpark utrecht Naam: nohik Bron: https://nohnik.nl/projecten/ringpark-utrecht

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 55

aanplant 30.000 hectare bos

piek CO2 opname door groei bomen

1a 1b 1c 1d 1e 1f

2 2a 2b 2c 2d

3

Grondstoffenwinning Locaties voor aanplant bossen en bosbouw Groei bomen Duurzame houtkap in aangeplant bos na 20 jaar Veehouderijen Slachterij Productie melaminelijm/hechtmiddel

3a 3b 3c 3d

4 4a

Productie constructief hout Opslag stamhout bij zagerij De ontschorsing van stamhout Het zagen van stamhout tot constructief hout Constructief hout

4b 4c 4d

1

5

Productie CLT elementen Opslag constructief hout bij fabriek Het drogen van constructief hout Verbinden constructief hout d.m.v. vingerlassen Schaven van het constructief hout

5a 5b 5c 5d 5e

Productie prefab CLT elementen Aanbrengen hechtmiddel Opbouw CLT paneel Samenpersen CLT paneel Zagen en opbouw prefab bouwonderdeel

5f

6 6a 6b 6c 6d

In 2020 wordt gestart met de eerste CLT fabriek. wordt afgebouwd met het laagwaardig, huidige, van stamhout. Er wordt nog voornamelijk gebou traditionele materialen. Rond 2030 wordt de helft van alle woningen geb 2 massieve houtbouw. Van de 50.000 huizen per ja aanvullende houtproductie uit nieuw geplant bos dus 25.000 huizen met massieve houtbouw gere 3 Rond 2035 is door de groei van massief houtbou houtproductie uit bestaande bossen onvoldoend aangeplante bossen zijn nog niet volgroeid en le dus nog geen hout. Hier zal het importeren van h oplossing bieden.

Prefab woningbouw Montage prefab bouwelementen Afwerking woningen Woonwijk, lange levensduur van gebruik Aanpassingen en hergebruik woningen 100% traditionele productie Demontage CLT elementen Direct hergebruik CLT voor hetzelfde doeleinde Hergebruik CLT elementen Cascaderen CLT element tot fineer Cascaderen CLT element tot spaanplaat Cascaderen CLT element tot isolatieplaat Verbranden CLT element tot energie huidig (laagwaardig) gebruik van stamhout

2

50.000 woningen per jaar >

1

Roadmap houtbouw

nieuw bos gereed voor duurzame bosbouw

Bouwstroom massieve houtbouw

1

3

100% circulaire woningbouwproductie

cellulose als grondstof voor de biobased economie

1 < opgeslagen CO2

opgeslagen in massieve houtbouw tot 2040 opgeslagen in aangeplante bossen tot 2040

2 Bouw eerste CLT fabriek

Import hout 500.000 woningen tot 2030 1 50% wordt gebouwd met biobased materialen

1.000.000 woningen tot 2040 Alle woningen worden in 2040 gebouwd met biobased materialen

5

5

2 4 Roadmap houtbouwstrategie voor de Nederlandse woningbouwopgave

Bouwstroom massieve houtbouw 1 1a 1b 1c 1d 1e 1f

2 2a 2b 2c 2d

3

Grondstoffenwinning Locaties voor aanplant bossen en bosbouw Groei bomen Duurzame houtkap in aangeplant bos na 20 jaar Veehouderijen Slachterij Productie melaminelijm/hechtmiddel

3a 3b 3c 3d

4 4a

Productie constructief hout Opslag stamhout bij zagerij De ontschorsing van stamhout Het zagen van stamhout tot constructief hout Constructief hout

4b 4c 4d

1

Productie CLT elementen Opslag constructief hout bij fabriek Het drogen van constructief hout Verbinden constructief hout d.m.v. vingerlassen Schaven van het constructief hout

5 5a 5b 5c 5d 5e

Productie prefab CLT elementen Aanbrengen hechtmiddel Opbouw CLT paneel Samenpersen CLT paneel Zagen en opbouw prefab bouwonderdeel

5f

6 6a 6b 6c 6d

Prefab woningbouw Montage prefab bouwelementen Afwerking woningen Woonwijk, lange levensduur van gebruik Aanpassingen en hergebruik woningen Demontage CLT elementen Direct hergebruik CLT voor hetzelfde doeleinde

2

3

3

Hergebruik CLT elementen Cascaderen CLT element tot fineer Cascaderen CLT element tot spaanplaat Cascaderen CLT element tot isolatieplaat Verbranden CLT element tot energie

2

4

1

6 1

3

1

2

Landbouwperceel als proeftuin voor de Populier Op een populierenperceel in natuurgebied de Geelders wordt geëxperimenteerd met verschillende klonen Populier. Door het aanleggen van cultuurhistorisch waardevolle rabattenbossen met populieren versterken we de ecologische waarde van het gebied. De voorgestelde uitbreiding van het NNB in het Groene Woud zal veelal langs natte beekdalen plaatsvinden, geschikte condities voor bepaalde klonen van de populier.

4

In 2020 wordt gestart met de eerste CLT fabriek. Geleidelijk wordt afgebouwd met het laagwaardig, huidige, gebruik van stamhout. Er wordt nog voornamelijk gebouwd met traditionele materialen. Rond 2030 wordt de helft van alle woningen gebouwd met massieve houtbouw. Van de 50.000 huizen per jaar worden dus 25.000 huizen met massieve houtbouw gerealiseerd. Rond 2035 is door de groei van massief houtbouw de houtproductie uit bestaande bossen onvoldoende. De aangeplante bossen zijn nog niet volgroeid en leveren dus nog geen hout. Hier zal het importeren van hout de oplossing bieden.

1

Educatiecentrum Populierenhout

2

Het selectief kappen van populierenbomen

3

Het bos biedt ruimte voor recreatie

4

Meer CO2 opname en geen oxidatie door hoge grondwaterstand

5

Combinatie met agroforestry mogelijk

6

Rabattenstructuur voor bosbouw op natte gronden

5

3

In 2040 zijn de aangeplante bossen, 30.000 hectare in totaal, kaprijp en zal het benodigde extra stamhout, 240.000 m3 per jaar, produceren. In 2040 zullen alle nieuw te bouwen woningen, met biobased materialen worden gebouwd. De traditionele bouw is nu dus volledig uitgefaseerd. Vanaf 2040 zijn de 1.000.000 woningen gerealiseerd en is er minder hout nodig voor de woningbouw. De houtproductie uit bestaande en aangeplante bossen kan worden gebruikt in de biobased economy. Uit hout kan bijvoorbeeld lignine, hemicellulose en cellulose gewonnen worden, belangrijke grondstoffen voor bio-raffinage.

6

6

Tot 2040 wordt in de Nederlandse woningbouw totaal 24 Mton CO2 opgeslagen, gemiddeld 1,2 Mton CO2 per jaar. Evenveel als de uitstoot van de ENGIE Maximacentrale of Shell Moerdijk. Door de aanplant van 30.000 hectare bos wordt aanvullend 6,3 Mton CO2 opgeslagen. Gebruik traditionele bouwmaterialen Huidig gebruik stamhout uit bestaande bossen Stamhout uit bestaande bossen voor woningbouw Importeren stamhout voor woningbouwopgave Houtproductie uit nieuw aangeplante bossen CO2 opgeslagen in massieve houtbouw CO2 opgeslagen in nieuw aangeplante bossen

CLT fabriek aan de Dommel Brabant heeft te kampen met een krimpend aantal agrarische ondernemers. Vrijgekomen agrarische bebouwing (VABs) kan een rol spelen in de circulaire houtbouweconomie en dienen als stammendepot voor het drogen van hout. Het plaatsen van een CLT fabriek langs de Dommel heeft als voordeel dat, net zoals de historische houtvlotterij, stamhout via het water getransporteerd kan worden. Volgroeide (populieren)bossen kunnen als uitloop dienen voor de stad.

1

VABs voor stammenopslag

2

CLT fabriek voor prefab elementen

3

Transport hout via de Dommel

4

Collectie van andere gewassen voor de biobased economy

5

(Tijdelijke) recreatiehuizen in aangeplante bossen

6

Verbetering bodemkwaliteit door vallend strooisel uit bos

3

2 1 1

5

5

2 4

2

3

3

3 4

6

4

1

Landbouwperceel als proeftuin voor de Populier Op een populierenperceel in natuurgebied de Geelders wordt geëxperimenteerd met verschillende klonen Populier. Door het aanleggen van cultuurhistorisch waardevolle rabattenbossen met populieren versterken we de ecologische waarde van het gebied. De voorgestelde uitbreiding van het NNB in het Groene Woud zal veelal langs natte beekdalen plaatsvinden, geschikte condities voor bepaalde klonen van de populier.

1

Educatiecentrum Populierenhout

2

Het selectief kappen van populierenbomen

3

Het bos biedt ruimte voor recreatie

4

Meer CO2 opname en geen oxidatie door hoge grondwaterstand

5

Combinatie met agroforestry mogelijk

6

Rabattenstructuur voor bosbouw op natte gronden

2

6

3

CLT fabriek aan de Dommel Brabant heeft te kampen met een krimpend aantal agrarische ondernemers. Vrijgekomen agrarische bebouwing (VABs) kan een rol spelen in de circulaire houtbouweconomie en dienen als stammendepot voor het drogen van hout. Het plaatsen van een CLT fabriek langs de Dommel heeft als voordeel dat, net zoals de historische houtvlotterij, stamhout via het water getransporteerd kan worden. Volgroeide (populieren)bossen kunnen als uitloop dienen voor de stad.

1

VABs voor stammenopslag

2

CLT fabriek voor prefab elementen

3

Transport hout via de Dommel

4

Collectie van andere gewassen voor de biobased economy

5

(Tijdelijke) recreatiehuizen in aangeplante bossen

6

Verbetering bodemkwaliteit door vallend strooisel uit bos

Titel: Combineren biomassateelt met wateropgaven goed voor het klimaat Naam: Stichting Probos Bron: https://edepot.wur.nl/452931

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 56

Gezonde woonlandschappen Het aanplanten van 11.000 hectare bos biedt een uitstekende aanleiding om woningbouw te combineren met bosbouw. In de overgangszone van stad naar land kan met CLT een aantrekkelijk en gezond woonlandschap ontworpen worden die goed verbonden is met de omliggende steden met het openbaar vervoer. Voor de steden ’s-Hertogenbosch, Eindhoven en Tilburg kunnen deze OV verbindingen op hun beurt zorgen voor een betere relatie tussen de stedeling en het ommeland.

1

CLT woningbouw in aangeplante bossen

2

Hoogwaardig openbaar vervoer

3

Selectieve houtkap

4

Gezonde woonomgeving – blue zone

Titel: PRODUCTIEF PEPPELLAND, Meierijstad, Noord-Brabant Naam: StudioMarcoVermeulen en Peppelhout Bron: https://www.prijsvraagbroodenspelen.nl/inzendingen/productief+peppelland

Gezon

Het aanplan aanleiding o overgangsz en gezond w is met de om steden ’s-He verbindinge stedeling en

Bijlage 1. Inventarisatie landschappen 2. Methodiek op basis van drie soorten waarden 3. Inventarisatie opgaven op tijdlijn

Bronvermelding

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 57

Bijlage 1: Inventarisatie landschappen De landschapsindeling die in dit rapport wordt aangehouden is gebaseerd op een combinatie van de gebiedspaspoorten (2010) en de bodemkundige hoofdeenheden en geomorfologische kaart van de provincie Noord-Brabant. Dit is gedaan omdat het gebruik van een enkele bron tot ongewenste gebiedsindelingen leidde. De afbakening van het oude en jonge zandontginningsgebied is gebaseerd op de Gebiedspaspoorten (2010). Vervolgens zijn deze gebieden samengevat aan de hand van de ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven. Dit omdat deze indeling een heldere gebiedstypering en afbakening biedt. Deze indeling is vervolgens n.a.v. overleg aangescherpt waar nodig.

De Peelrandontginnningen & Peelkern landschappen zijn gebaseerd op een versimpelde indeling van de Geomorfologische kaart (2007). Dit is gedaan omdat deze indeling het beste aansluit bij de beleving van het landschap op het maaiveld. Het Peelkernlandschap is beperkt tot Natura 2000-gebieden en veenrestanten. Uiteindelijk resulteert dit in de indeling: jonge zandontginning, oude zandontginning, peelrandontginningen + peelkern.

De afbakening van het beekdal en de Peelrandontginningen & Peelkern is gebaseerd op bodemkundige hoofdeenheden Provincie Noord-Brabant (g.d.) en Geomorfologie Provincie Noord-Brabant (2007). RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 58

Bijlage 2: methodiek op basis van drie soorten waarden

Historisch karakter Hierbij gaat het niet alleen om oude dingen, maar om het hele tijdsbeeld, met name het evenwicht tussen behoud van oude waarden en vernieuwing. Aspecten: snelheid van ontwikkeling, de omvang van veranderingen en de schaal- of maatverhouding tussen oud en nieuw, samengaan van oud en nieuw, verhouding tussen behoud en ontwikkeling, zorg voor het oude, onderhoud en beheer van historische elementen.

Belevingswaarde Het landschap heeft voor de mens een bepaalde belevingswaarde. Dit is meer dan alleen ‘mooi’ of ‘lelijk’. Om hier houvast aan te geven gebruiken we de indeling van “Een meetinstrument voor de belevingswaarde van landschappen” (J.F.Coeterier, 1995). Meting van de belevingswaarde van het landschap volgens de methodiek van Couterier en toegepast in het ruimtelijk afwegingskader kan beschouwd worden als een eerste, oppervlakkige peiling. Uit de ijkingsgesprekken van het onderzoek van Couterier bleek dat betekenistoekenning aan het landschap plaatsvindt vanuit een referentiekader. Daarin spelen meerdere factoren een rol die sterk lokaal van aard zijn - de beleving van landschappen speelt zich af op een schaalniveau van 1:1. Om dit kader te achterhalen, en daarmee de achtergronden van en de

motieven voor de beleving, zijn nog steeds diepte-interviews nodig, of een andere vorm van kwalitatief onderzoek, bij een beperkte groep en in een beperkte regio. Dit kan bijv. gebeuren als in een gebied veranderingen worden gepland (meting vooraf), of een sterke achteruitgang in belevingswaarde wordt geconstateerd (meting achteraf). (J.F.Coeterier, 1995)

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 59

Natuurlijkheid Dit is niet alleen flora en fauna, maar vooral of een omgeving op een natuurlijke wijze gegroeid is, met als contra-indicaties de afname van de vrije bewegingsruimte en de dingen die het landschap steeds kunstmatiger maken. Aspecten: hoeveelheid en soort natuur, variatie in natuur, ook over de seizoenen, vrije ruimte, groenonderhoud. Ruimtelijkheid Dit is de hele ruimtelijke indruk van een landschap. Deze wordt niet alleen bepaald door het aantal vierkante meters open ruimte, maar door een

veelheid van aspecten. Aspecten: mate van openheid, ruimtelijk patroon, aard van de begrenzing en van de ‘vulling’ van de ruimte, hoogteverschillen en ruimtelijke verschillen gedurende de seizoenen, ruimtebezetting. Zintuigelijke indrukken Het gaat hierbij om alle zintuigen, niet alleen het oog, dus niet alleen beeldaspecten. Ook geuren, geluiden, het voelen van wind of regen op je huid of mul zand onder je voeten horen hierbij. Vooral belangrijk onder normale omstandigheden zijn kleuren, onder abnormale omstandigheden stank, lawaai, kunstlicht ‘s nachts. Een deel van deze indrukken is tijdelijk, zoals lichtval.

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 60

Gebruikswaarde Het landschap en de natuur hebben een gebruikswaarde; ze vormen ons natuurlijk kapitaal. Het natuurlijk kapitaal bestaat uit diensten en voorraden die de natuur ons levert. Deze ecosysteemdiensten en voorraden hebben verschillende functies, zoals voedselproductie of verkoeling in de stad. De diensten hebben ook een onderlinge samenhang. Meer info is te vinden op: www.atlasnatuurlijkkapitaal.nl/natuurlijk-kapitaal of op themasites.pbl.nl/natuurlijk-kapitaal-nederland Het natuurlijk kapitaal draagt bij aan het welzijn en de welvaart van de mens. Zo is schone lucht bijvoorbeeld belangrijk ter preventie van luchtwegaandoeningen en een groene omgeving zal stimuleren om meer te bewegen. Naast gunstige effecten op de gezondheid dient het behoud van natuurlijk kapitaal ook een economisch belang. Het kan opbrengsten opleveren zoals de verkoop van hout en vis of een meerwaarde creëren voor toerisme en de huizenmarkt. Natuur kan ook zorgen voor RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 61

kostenbesparing, zoals de bestuiving van gewassen door bijen en natuurlijke plaagbestrijding door insecten. De ecosysteemdiensten zijn onder te verdelen in abiotische bronnen, culturele diensten, productiediensten en regulerende diensten. Niet alle deelaspecten zullen even relevant zijn, omdat ze niet voorkomen in de Peelregio, juist te generiek zijn of niet relevant op regionaal schaalniveau. De gebruikswaarde van de vijf onderscheiden landschappen van de Peel is ondergebracht in drie categorieën: • levert ecosysteemdienst; • levert, maar onder druk; • opgave.

Indeling gebruikswaarden volgens indeling van ecosysteemdiensten (PBL, WUR, CICES, 2014) Abiotische bronnen Hernieuwbare bronnen Met hernieuwbare energiebronnen bedoelen we energie afkomstig van natuurlijke energiebronnen die constant worden aangevuld. Denk aan energie uit wind, waterkracht, zon, bodem, buitenluchtwarmte en biomassa. Deze energiebronnen zijn onuitputtelijk, in tegenstelling tot fossiele brandstoffen die niet hernieuwbaar zijn. Minerale bronnen Minerale bronnen zijn producten die de natuur levert. Bijvoorbeeld zand, schelpen, grind, klei, kalksteen en zout. Wij gebruiken deze producten als brandstof, bouwmateriaal, grondstof of als voedingsmiddel. Deze producten worden ook wel delfstoffen genoemd.

Niet-hernieuwbare bronnen Fossiele brandstoffen zijn een vorm van niet-hernieuwbare energie. Ze zijn ontstaan doordat dierlijke- en plantaardige resten miljoenen jaren diep onder de grond zijn samengedrukt. Deze resten bevatten samengeperste koolstofverbindingen. Bij de verbranding ervan komt veel energie vrij. De meest voorkomende fossiele brandstoffen zijn gas, olie en kolen. Culturele diensten Groene recreatie Groene recreatie beslaat alle vormen van recreatie in een groene omgeving, van sporten in de buitenlucht tot een natuurwandeling maken. Natuurlijk erfgoed Natuurlijk erfgoed is de erfenis van natuurlijke, niet door de mens gemaakte plaatsen, objecten en ontastbare kenmerken. Deze kunnen het platteland en de natuurlijke omgeving omvatten, met inbegrip van flora en fauna. Wanneer een plaats een opmerkelijk natuurlijk belang heeft 62

voor het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid, kan het een van de sites zijn die behoort tot het natuurlijk erfgoed van UNESCO. Zoals bijzondere voorbeelden van belangrijke fases van de geschiedenis van de aarde: fossielen, belangrijke lopende geologische processen in de ontwikkeling van aardvormen of belangrijke geomorfe of fysiografische kenmerken. Denk aan fossielen van planten en dieren, bodemlagen of pollen in de bodem die begroeiingen in het verleden weerspiegelen. Symbolische waarde Een symbool staat voor een waarneembaar teken of voorwerp dat iets abstracts uitbeeldt. Een symbool krijgt waarde als men een bepaalde betekenis verbindt of gevoel krijgt bij het teken of voorwerp. Deze betekenis is geheel afhankelijk van de sociaal-culturele achtergrond van een persoon. Zo kunnen natuurlijke bronnen, monumenten uit lang voorbije tijden of natuurlijke formaties een spirituele of religieuze waarde

hebben voor mensen. Wetenschap en educatie De natuur zelf vormt bij uitstek de plek voor natuureducatie. In de natuur kunnen mensen ervaren wat natuur echt is, welke dieren en planten er leven en welk nut het heeft voor onze economie, gezondheid en welzijn. Met natuureducatie kun je ook laten zien waar ons voedsel nu echt vandaan komt en welke weg voedsel aflegt voordat het belandt in de schappen van de supermarkt. Productiediensten Biomassa voor energie Biomassa is organisch materiaal afkomstig van alle plantaardige en dierlijke grondstoffen. Biomassa kan dienen als alternatieve brandstof voor fossiele energie (kolen en gas) en helpt daarmee de transitie naar duurzame energie. Biomassa groeit snel weer aan en wordt als CO2 neutraal gezien vanwege de korte koolstofcyclus. Biomassa wordt op verschillende wijzen geproduceerd. De natuur brengt biomassa

voort in de vorm van hout (snoeihout, riet, houtplantages). De landbouw produceert biomassa in de vorm van gewasresten en mest. Maar ook de voedselindustrie produceert biomassa; denk aan aardappelschillen, koffiedik en frituurolie. En ook in je eigen huis wordt biomassa gevonden, zoals GFT-afval, oud papier, maar ook ontlasting. Drinkwater Drinkwater wordt gewonnen uit oppervlakte- en grondwater. De levering van grond- en oppervlaktewater wordt gezien als ecosysteemdienst. Hout, vezels en genetische bronnen Bossen en natuurgebieden leveren hout en vezels en zijn de bewaarplaats van genetische bronnen. Hout en vezels kunnen direct worden gebruikt voor hoogwaardige gebruiksproducten, zoals fineer en bouwmateriaal. Hout, gras, planten en algen worden ook steeds meer geraffineerd tot grondstoffen voor biochemische en medicinale toepassingen. Genetisch materiaal (DNA) van planten en dieren is 63

van onvoorspelbaar belang voor toepassingen, zoals verrijkingsprogramma’s in de land- en tuinbouw, maar ook voor de biochemische en farmaceutische industrie. (Bij de ecosysteemdiensten Biomassa voor energie wordt nader ingegaan op de toepassing voor energie.) Voedsel Landbouwgronden, de zee, oppervlakte wateren en ook natuurgebieden, hebben van zichzelf een bepaalde capaciteit om voedsel te leveren voor menselijke consumptie. Water voor overig gebruik Oppervlakte- en grondwater dat niet als drinkwater wordt gebruikt, wordt gedefinieerd als water voor overig gebruik. Denk bijvoorbeeld aan doeleinden zoals irrigatie van gewassen, proceswater voor industrie, koelwater voor energiecentrales en warmte-koudeopslag (WKO).

Regulerende diensten Absorptie geluid, wind en visuele verstoring Absorptie van geluid, wind en visuele verstoringen is een ecosysteemdienst waar iedereen dagelijks onopgemerkt mee in aanraking komt. Van bomen die als geluidsscherm dienen naast drukke wegen en spoorlijnen, tot groene parken die een stad visueel aantrekkelijker maken. Bestuiving Bestuiving gaat over de bevruchting van (landbouw)gewassen door bijen of door andere insectensoorten, zoals wilde bijen, zweefvliegen, hommels en vlinders. Tegengaan bodemerosie Bodemerosie is het wegwaaien of wegspoelen van de bovenste bodemlaag (toplaag) door wind of (regen)water. Dit gebeurt meestal als de bodem onbegroeid is. Akkerbouwgebieden zijn kwetsbaar voor erosie net nadat een gewas is gezaaid of geoogst.

Bodemvruchtbaarheid Bodemvruchtbaarheid is het vermogen van de bodem om een gewas van voedingsstoffen te voorzien. De bodemvruchtbaarheid wordt bepaald door de chemische, fysische en biologische eigenschappen van de bodem. Koolstofvastlegging Ecosystemen kunnen een belangrijke rol spelen bij het vastleggen van broeikasgas (koolstofdioxide (CO2)) in de bodem en begroeiing als koolstof. Daarnaast reguleren ecosystemen de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer en leveren daarmee een bijdrage aan een meer stabiel klimaat. Bossen hebben bij het vastleggen van CO2 een vooraanstaande rol, omdat zij CO2 als koolstof vastleggen in het hout en daarmee een meerjarige voorraad aanleggen. In veengebieden is in het verleden een grote hoeveelheid koolstof vastgelegd. Dit kan als een in het verleden geleverde ecosysteemdienst worden beschouwd. Een deel van de veengebieden zijn sinds de middeleeuwen ontgonnen en droog64

gelegd en ook nu nog worden voor de landbouw de grondwaterpeilen actief verlaagd. Hierdoor oxideert (reactie op zuurstof) het veen waarbij veel CO2 vrijkomt. Levenscyclus bescherming Met de levenscyclus van planten en dieren wordt de cyclus bedoeld die planten en dieren doorlopen in hun bestaan. Zo heeft een groot deel van (wilde) planten en dieren verschillende typen leefgebied (habitat) nodig in hun leven. Door deze leefgebieden te beschermen, is de kans groter dat deze planten en dieren blijven voortbestaan. Dat wordt bedoeld met de levenscyclus bescherming. In deze leefgebieden kunnen de voorwaarden voor bestuiving en zaadverplaatsing beschermd worden of kan worden gezorgd dat genetische bronnen worden behouden. Plaagonderdrukking Insecten die nodig zijn voor natuurlijke plaagonderdrukking zijn sterk

afhankelijk van groene infrastructuur en natuurgebieden in de directe omgeving van akkers. Behalve de plaagsoorten in de akkers die als voedsel dienen, hebben insecten bloemrijke vegetaties nodig voor het verzamelen van nectar, pollen en andere prooidieren. Reinigend vermogen bodem, water, lucht Het reinigend vermogen van ecosystemen draagt bij aan een schone leefomgeving voor de mens en is daarmee belangrijk voor de volksgezondheid. Fijnstof wordt afgevangen door vegetatie, vooral door (naald) bomen. Bossen en bomenrijen kunnen bijdragen aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Micro-organismen breken stoffen af in afvalwater, terwijl riet en biezen en andere helofyten afvalstoffen opnemen en daarmee de waterkwaliteit verbeteren. In de bovenste laag van de bodem zorgen bacteriën en schimmels voor een zelfreinigende werking.

Verkoeling Groen, water en luchtstromingen hebben een verkoelend effect op het stedelijke leefklimaat. In de hete zomermaanden kan het in binnensteden door het zogenaamde ‘hitte eiland-effect’ tot zeven graden warmer zijn dan het omliggende landelijke gebied. Waterberging Waterberging is het tijdelijk opvangen van (regen)water in de bodem, sloten, beekjes rivieren, meren, plassen en overige waterbergingsgebieden. Bij een onverharde bodem kan het water in de bodem sijpelen. Dit zakt geleidelijk uit naar het grondwater. Vanuit daar vindt het water zijn weg naar bronnen, beken en rivieren.

65

Toekomstwaarde Voor de toekomstwaarde van het landschap in de Peelregio grijpen we naar de zeven opgaven. We gaan uit van de situatie op dit moment: Wat is de toekomstwaarde van delen van het landschap in het licht van de zeven opgaven? 1. Klimaatadaptatie: klimaatrobuuste leefomgeving 2. Energie: produceren, transporteren en opslaan van duurzame energie t.b.v. de energietransitie 3. Landbouw: faciliteren omschakeling naar kringlooplandbouw

4. Mobiliteit: transitie naar een duurzaam, robuust, veilig en slim systeem 5. Vrije tijd: aantrekkelijk maken gehele gebied 6. Verstedelijking: accommoderen van de woningbouwopgave en ruimte voor bedrijvigheid 7. Landschap: vergroten biodiversiteit, verbinden en robuust maken Vervolgens kunnen we waarderen of de specifieke opgave een kwestie is van inpassing, aanpassing of transformatie van het landschap:

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 66

• •

•

Inpassing betreft kleine schaal met behoud van het huidige landschap. Aanpassing gaat over de koppeling met andere opgaves en zo de landschappelijke structuur te versterken. Transformatie stelt een (ver)nieuw(d) e identiteit en landschapsstructuur voor geënt op de kwaliteiten die de opgaven met zich mee kunnen brengen.

Bijlage 3: Eerste inventarisatie opgaven en mogelijke maatregelen (indicatief)

67

Bronnen inventarisatie

RUIMTELIJK AFWEGINGSKADER DE PEEL 68

MUST in opdracht van Waterschap Aa en Maas en de samenwerkende gemeenten in de Peelregio: Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek en Someren. 5 februari 2021 www.must.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=2901725b-664d-4265-ba64-3708643ae203