CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Notitie Kansrijke Alternatieven N279 Veghel-Asten

Raadscommissie Ruimte 20 mei 2025, gemeente AstenBij agendapunt: Zienswijze tegen Notitie Reikwijdte en Detailniveau N279 Veghel-Asten (adviserend)40.759 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

N279 Veghel - Asten Notitie Kansrijke Alternatieven

Provincie Noord-Brabant 13 maart 2025

Project Opdrachtgever

Document Status Datum Referentie

Projectcode Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

N279 Veghel - Asten Provincie Noord-Brabant

Notitie Kansrijke Alternatieven Definitief 03 13 maart 2025 140010/25-003.980

140010 Ing. E.J.A. van Dijk Dr.ir. A.S. van Beinum

K. Kreunen MSc, ir. L.J. Volberda Ir. H.J. van Strijp-Harms Ing. E.J.A. van Dijk

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Stationsweg 5 Postbus 13465 4800 DL Breda +31 (0)76 523 33 33 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

SAMENVATTING

5

0.1

Proces totstandkoming alternatieven

5

0.2

Mogelijke kansrijke oplossingen (zeef 0)

5

0.3

Resultaten kansrijke oplossingen (zeef 1)

6

0.4

Beschrijving Kansrijke alternatieven

8

1

INLEIDING

12

1.1

Aanleiding voor de verkenning N279 Veghel-Asten

12

1.2

Proces en besluitvorming

14

1.3

Leeswijzer

15

1.4

Begrippenlijst

16

2

DOELSTELLING EN PROBLEEMANALYSE N279 VEGHEL - ASTEN

17

2.1

Opgave N279 Veghel - Asten

17

2.2

Doelstellingen

18

2.2.1

18

Projectdoelstellingen

2.3

Programmatische aanpak

19

2.4

Probleemanalyse op hoofdlijnen

20

3

PROCES ONTWIKKELEN KANSRIJKE ALTERNATIEVEN

23

3.1

Ontwikkelproces alternatieven op hoofdlijnen

23

3.2

Zeef 0 - nader te onderzoeken oplossingen

27

3.3

Zeef 1 - samenstellen kansrijke alternatieven

28

4

BESCHOUWDE OPLOSSINGEN: TRACÉ OVERKOEPELEND

32

4.1

Resultaten zeef 0 tracé overkoepelend

32

4.2

Resultaten zeef 1 tracé overkoepelend

33

4.2.1 4.2.2

33 34

4.3

Wegvakinrichting (1x2, 2x1 of 2x2) Multimodale bereikbaarheid

Flankerende maatregelen

37

4.4

Stikstofanalyse

39

5

BESCHOUWDE OPLOSSINGEN: DEELGEBIED 1 - VEGHEL

41

5.1

Resultaten zeef 0

41

5.2

Resultaten zeef 1

43

6

BESCHOUWDE OPLOSSINGEN: DEELGEBIED 2 - BEEK EN DONK

47

6.1

Resultaten zeef 0

47

6.2

Resultaten zeef 1

48

7

BESCHOUWDE OPLOSSINGEN: DEELGEBIED 3 - HELMOND

50

7.1

Resultaten zeef 0

50

7.2

Resultaten zeef 1

51

8

BESCHOUWDE OPLOSSINGEN: DEELGEBIED 4 - ASTEN

55

8.1

Resultaten zeef 0

55

8.2

Resultaten zeef 1

55

9

KANSRIJKE ALTERNATIEVEN

57

9.1

Samenstellingen alternatieven op basis van kansrijke oplossingen

57

9.2

Kansrijke alternatieven

59

9.2.1 9.2.2 9.2.3 9.2.4

Alternatief 1 Alternatief 2 Alternatief 3 Alternatief 4

61 62 64 66

9.3

Multimodale bereikbaarheid

68

9.4

Kosten kansrijke alternatieven en multimodale maatregelen

69

9.5

Aandachtspunten vervolg verkenning

71

Laatste pagina

71

Bijlage(n)

Aantal pagina's

I

Verwijzingen

1

II

Factsheets

51

SAMENVATTING Voor u ligt de Notitie Kansrijke Alternatieven (NKA) voor de verkenning N279 Veghel - Asten. De NKA beschrijft het doorlopen proces om te komen tot oplossingen om de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid op en rond de N279 tussen Veghel en Asten te verbeteren. Het resultaat van deze fase zijn 4 kansrijke alternatieven die naar verwachting voldoende oplossend vermogen bieden om de problematiek oplossen en die daarom nader worden onderzocht en afgewogen in het vervolg van de verkenning met onder andere een milieueffectrapportage. Het NKA is een onderbouwing op de notitie Reikwijdte en Detailniveau, en geeft onderbouwing voor de kansrijke alternatieven en de totstandkoming hiervan.

0.1

Proces totstandkoming alternatieven

De 4 kansrijke alternatieven voor de N279 zijn stapsgewijs ontwikkeld (afbeelding 0.1). Uit een brede inventarisatie zijn allerlei denkbare oplossingen geïnventariseerd door het projectteam, partners en het publiek. Hieruit is eerst een selectie gemaakt van mogelijk kansrijke oplossingen (zeef 0) die bijdragen aan de projectdoelen en scope van het project, passen binnen de financiële kaders en die uitvoerbaar en vergunbaar zijn. Deze zijn vervolgens nader onderzocht om een beter beeld te krijgen van de haalbaarheid en bijdrage aan de projectdoelen. De oplossingsrichtingen die op basis van deze globale analyse kansrijk bleken, zijn gecombineerd tot 4 samenhangende en duidelijk van elkaar te onderscheiden alternatieven.

Afbeelding 0.1 Schematische weergave van het trechteringsproces bij totstandkoming van de NRD N279

0.2

Mogelijke kansrijke oplossingen (zeef 0)

De eerste selectie uit de geïnventariseerde oplossingen vond plaats om te komen tot mogelijk kansrijke oplossingen om nader te onderzoeken. Het betrof hier het selecteren van oplossingen die naar verwachting een bijdrage leveren aan de projectdoelen en die haalbaar zijn binnen de kaders van het project N279. Oplossingen die niet passen binnen het projectkader, niet bijdragen aan het doelbereik, op basis van de eerste inzichten juridisch of technisch niet uitvoerbaar zijn, of afzonderlijk al niet passen binnen de financiële kaders, zijn afgevallen. Deze niet-realistische oplossingen of oplossingen die buiten de scope van het project vallen, zijn verder niet meer meegenomen.

5 | 71

De volgende oplossingsrichtingen zijn naar aanleiding van deze eerste analyse afgevallen en niet verder onderzocht: - een snelheidsverhoging naar 100 kilometer per uur: past niet bij de functie van de weg en vergroot knelpunten leefbaarheid; - een oostelijke omleiding Veghel: draagt onvoldoende bij aan het oplossen van de problematiek op de N279 omdat vanwege de extra lengte van de omleiding de route rechtdoor sneller blijft; - een tunnel of verdiepte ligging over een lengte van enkele kilometers: is vanuit kosten en ruimtelijke inpassing (met name in Veghel) en doelbereik (met name in Helmond) niet realistisch; - (nieuwe) oost-westverbindingen: niet passend bij de projectdoelen voor de N279; - aanpassingen aan kunstwerken over de Zuid-Willemsvaart: als deze niet benodigd zijn vanuit aanpassingen aan de wegenstructuur van de N279; - lopende parallelle projecten in de regio, waaronder afwaardering Kasteeltraverse en Zuidelijke Ontsluiting Helmond, Beeksebrug/N615, reconstructie Rembrandtlaan (Veghel), vernieuwingsopgave Erpsebrug, N272 en N270.

0.3

Resultaten kansrijke oplossingen (zeef 1)

De mogelijk kansrijke oplossingen uit zeef 0 zijn geordend en op hoofdlijnen nader uitgewerkt en onderzocht. Met verkeersmodellering zijn de effecten op de verkeerstromen in kaart gebracht. De oplossingen zijn beoordeeld op hun bijdrage aan de projectdoelen, uitvoerbaarheid en onderscheidende leefomgevingseffecten. Op basis van deze analyse bleken enkele oplossingen niet kansrijk. Bijvoorbeeld omdat ze te weinig bijdrage leveren aan de projectdoelen of omdat ze onevenredige impact hebben op de leefomgevingseffecten in relatie tot het doelbereik. Sommige oplossingsrichtingen bleken wel een positief effect te hebben op de omgeving, maar pasten niet binnen de scope en projectdoelen van de N279. Deze oplossingsrichtingen zijn gecategoriseerd als ‘aan het project’. Het zijn oplossingen die niet direct bijdragen aan de projectdoelen voor de N279, maar waarbij het vanuit belangen of inhoudelijke samenhang wenselijk is dat afstemming plaatsvindt. Deze worden niet verder uitgewerkt binnen de verkenning N279. Indien op een later moment blijkt dat synergie bereikt kan worden, kan besloten worden de aanpassingen (gedeeltelijk) te integreren. Locatiespecifieke oplossingsrichtingen Tabel 0.1 geeft de resultaten van de beoordeling op kansrijkheid voor de oplossingsrichtingen per deelgebied weer.

6 | 71

Tabel 0.1 Resultaten beoordeling mogelijke kansrijke oplossingen per deelgebied Deelgebied

Oplossingsrichting

Kansrijk

Deelgebied 1 - Veghel

omleiding Veghel

X

weefvak A50 tussen aansluiting 10 en aansluiting 11

Aan het project

X

parallelstructuur Veghel

X

gelijkvloers aanpassen van alle kruispunten ter hoogte van Veghel

X

ongelijkvloers aanpassen van alle kruispunten ter hoogte van Veghel

Deelgebied 2 - Beek en Donk

X

kruispunt aanpassen gelijkvloers Morgenstraat / Hool

X

kruispunt aanpassen ongelijkvloers Morgenstraat / Hool

X

rotonde Bosscheweg / Middenweg gelijkvloers aanpassen

X

rotonde Bosscheweg / Middenweg ongelijkvloers maken

X

rotonde Bosscheweg / Middenweg verplaatsen

X

rotonde N272 / N615 gelijkvloers aanpassen

X

rotonde N272 / N615 ongelijkvloers aanpassen

X

aansluiting Aarle Rixtel Deelgebied 3 Helmond

samenvoegen van een aantal kruispunten Wolfsputterbaan

X X

(on)gelijkvloers aanpassen kruispunten Wolfsputterbaan

X

rotonde N607 gelijkvloers aanpassen

X

rotonde N607 ongelijkvloers aanpassen

X

parallelstructuur Helmond

X

omleiding Helmond*

X

knoop N270

Deelgebied 4 - Asten

Afgevallen

X

gelijkvloers aanpassen rotonde Rochadeweg

X

ongelijkvloers aanpassen rotonde Rochadeweg

X

verplaatsen Deurneseweg en kruisingen aansluiting A67 gelijkvloers aanpassen

X

gelijkvloers optimaliseren kruispunten A67(zonder verplaatsing Deurneseweg

X

Het Ei van Ommel

X

Nadere toelichting over afvallen omleiding Dierdonk (Helmond) Een omleiding rondom Dierdonk (Helmond) was onderdeel van het voorkeursalternatief van het provinciaal inpassingsplan (PIP) uit 2019. Uit de analyse van voorliggende studie naar de totstandkoming van de kansrijke alternatieven blijkt dat een omleiding de bereikbaarheid en verkeersveiligheid kan verbeteren, maar gelijktijdig grote impact heeft op de leefomgeving rondom het nieuwe tracé. De omleiding Dierdonk leidt tot nieuwe locaties met milieugezondheidsrisico’s en brengt schade toe aan natuur-, agrarische- en cultuurhistorische waarden. Met een extra rijstrook met parallelstructuur bij Dierdonk worden dezelfde effecten op bereikbaarheid en verkeersveiligheid bereikt als met een omleiding. Een oplossing op het huidige tracé is daarmee een gelijkwaardig alternatief, met vergelijkbaar oplossend vermogen, maar zonder de negatieve effecten op de leefomgeving van een omleiding. Op basis hiervan is de omleiding als niet kansrijk beoordeeld.

7 | 71

Wegvakinrichting Naast de locatiespecifieke oplossingsrichtingen zijn ook oplossingsrichtingen voor de wegvakinrichting op het tracé onderzocht. Beoordeeld is op welke wegvakken een andere weginrichting met 1 rijstrook per rijrichting met een middenberm (2x1) of 2 rijstroken per rijstrook per rijrichting (2x2) kansrijk is. Op een aantal locaties heeft een ander wegprofiel positieve effecten op de verkeersveiligheid of verkeersafwikkeling in de spitsen. Zo is het op wegvakken met lange rechte stukken nog wenselijker om een middenberm aan te leggen dan op de overige wegvakken. Op basis van de analyse zijn de volgende conclusies getrokken met betrekking tot de wegvakinrichting voor de N279: - op alle wegvakken, behalve ter hoogte van Veghel, aansluiting A50 - Rembrandtlaan (Veghel), is een 2x1 wegprofiel kansrijk; - op het wegvak Rembrandtlaan (Veghel) - Middenweg/Bosscheweg (Beek en Donk) en het wegvak Rochadeweg - Deurneseweg is een 2x1 wegprofiel wenselijk om de verkeersveiligheid te verbeteren; - over het gehele tracé, met uitzonder van het wegvak Rochadeweg - aansluiting A67, is een 2x2 profiel kansrijk.

Ook bij een sterke verkeersaantrekkende werking blijven de intensiteiten op het zuidelijkste deel van de N279 dusdanig laag dat 1 rijstrook per rijrichting voldoende is; - ter hoogte van Veghel, aansluiting A50 - Rembrandtlaan (Veghel) liggen de intensiteiten dusdanig hoog dat 2 rijstroken per rijrichting (2x2) benodigd is. Met name ook om op een veilige manier het verkeer te kunnen afwikkelen over de kort op elkaar gelegen kruisingen; - op het wegvak Gemertsweg (N272/N615) - Rembrandtlaan (Helmond) is het aan te raden om een 2x2 wegprofiel aan te leggen vanwege de hoge spitsintensiteiten op dit deel van het tracé. Multimodale bereikbaarheid Vanwege de sterke auto afhankelijkheid in het gebied is naast infrastructurele oplossingen ook gekeken naar de effecten van maatregelen ter verbetering van de multimodale bereikbaarheid. Uit de analyse blijkt dat multimodale maatregelen onvoldoende oplossend vermogen bieden om de groei van het verkeer tegen te gaan en de noodzaak voor infrastructurele maatregelen weg te nemen. Een breder aanbod aan mobiliteit draagt wel bij aan een meer duurzame, toegankelijke en leefbare omgeving. Het advies is om aanvullend op de infrastructurele maatregelen ook in te zetten op het verbreden en versterken van de multimodale vervoerswijzen. De multimodale maatregelen kunnen als flankerende maatregelen worden ingezet bij alle kansrijke alternatieven.

Uit de analyse blijkt dat positieve effecten, met name op brede welvaart, kunnen worden bereikt met maatregelen op het gebied van: - openbaar vervoer (OV): busverbinding tussen ‘s-Hertogenbosch - Veghel - Helmond - Asten met infrastructurele maatregelen voor een vlotte doorstroming over het tracé; - fiets: hoogwaardige (door)fietsroute langs het tracé tussen Veghel - Beek en Donk - Helmond - Asten; - hubs: overstaplocaties langs het tracé met verschillende mobiliteitsvormen, zoals busverbinding, deelauto’s, -fietsen, - scooters of (carpool)parkeerplaatsen.

0.4

Beschrijving Kansrijke alternatieven

Op basis van analyse uit zeef 0 en zeef 1 is inzichtelijk gemaakt welke oplossingsrichtingen een positieve bijdrage kunnen leveren aan het bereiken van de projectdoelstellingen voor de N279. Deze oplossingen op verschillende locaties langs het tracé zijn samengevoegd tot 4 onderscheidende alternatieven. Deze kansrijke alternatieven bestaan elk uit samenhangende oplossingen voor de gehele N279, maar verschillen onderling zoveel mogelijk van elkaar. Op deze manier wordt in de volgende fase van de verkenning duidelijk waarin de alternatieven zich van elkaar onderscheiden en wat de voor- en nadelen zijn. Er zijn 4 alternatieven samengesteld om nader te onderzoeken:

Alternatief 1 vormt het Nulplusalternatief en legt de nadruk op beperken ruimtegebruik en vergroten van duurzaamheid en leefbaarheid door minimale aanpassingen. Kruispunten worden gelijkvloers aangepast, een middenberm wordt toegevoegd (2x1) op wegvakken met hoge verkeersveiligheidsrisico’s als gevolg van lange rechtstanden. En in Veghel wordt het profiel uitgebreid naar 2x2 rijstroken voor voldoende capaciteit

8 | 71

en het inpassen van de kruisingen. Dit is wat minimaal nodig is om de verkeersveiligheid en bereikbaarheid te verbeteren, met minimale impact op de leefbaarheid. Bij dit alternatief kunnen toekomstige spitsperiodes nog vertraging veroorzaken. Alternatief 2 legt meer nadruk op het verbeteren van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid door het aanbrengen van een middenberm over het gehele tracé en het uitbreiden van de capaciteit van de wegvakken met de hoogste spitsintensiteiten. Hiervoor is ter hoogte van Veghel een parallelstructuur voorzien en zijn er tussen Beek en Donk en Rembrandtlaan (Helmond) 2x2 rijstroken. De capaciteit van een aantal kruisingen wordt verder vergroot door het realiseren van een ongelijkvloerse kruisingen. In dit alternatief is de totale reistijd over het tracé naar verwachting lager dan alternatief 1. Er wordt een lichte toename van de milieugezondheidsrisico’s verwacht door enige verkeersaantrekkende werking. Ook vraagt dit alternatief ten opzichte van het nulplusalternatief op een aantal locaties een groter ruimtebeslag met impact op de leefomgevingseffecten. Alternatief 3 zet maximaal in op het vergroten van de capaciteit door het toevoegen van rijstroken (2x2-wegprofiel) en parallelstructuren bij Veghel en Helmond. Dit alternatief trekt meer doorgaand (vracht)verkeer aan, wat leidt tot een toename van de milieugezondheidsrisico’s.

Dit alternatief heeft een groter ruimtebeslag en mogelijke grotere leefomgevingseffecten. Gezien de mogelijke toekomstige ontwikkelingen vanuit de schaalsprong en Beethovendeal is het wenselijk deze variant met meer capaciteit op de wegvakken nader te onderzoeken. Alternatief 4 verkent verschillende varianten voor een omleiding rondom Veghel in combinatie met het afwaarderen van het bestaande tracé in Veghel. De inpassing van de oplossingen door Veghel is vanuit het beschikbare ruimtebeslag complex en kent hoge leefbaarheidseffecten. Daarom is het wenselijk om naast de oplossingen op het huidige tracé van de N279 ook te kijken naar een alternatief. Alternatief 4 wordt op de rest van het tracé gecombineerd met oplossingen uit alternatief 1. Dit betreft het gelijkvloers aanpassen van de kruisingen en een middenberm op wegvakken met lange rechtstanden vanuit verkeersveiligheid. Daarmee richt dit alternatief zich op het verbeteren van de leefbaarheid en blijft voldoende binnen de financiële kaders, vergelijkbaar met de andere alternatieven. Een omleiding verbetert de leefbaarheid langs het bestaande N279 in Veghel maximaal, maar heeft gelijktijdig nadelige effecten op de leefomgeving en leefbaarheid langs het nieuwe tracé.

De inpassing van een route voor het nieuwe tracé kent nog een groot aantal uitdagingen die nader onderzocht moeten worden om de gewenste route en haalbaarheid van een omleiding vast te stellen.

9 | 71

Kansrijk alternatief 1

10 | 71

Kansrijk alternatief 2

Kansrijk alternatief 3

11 | 71

Kansrijk alternatief 4

1 INLEIDING 1.1

Aanleiding voor de verkenning N279 Veghel-Asten

De N279 verbindt woon- en werklocaties tussen Veghel en Asten en is een belangrijke verkeersader in het oosten van Brabant. De snelle groei van verkeer in deze regio vraagt om een robuuste oplossing voor deze weg. De provincie Noord-Brabant (initiatiefnemer) werkt samen met de gemeenten Meierijstad, Helmond, Laarbeek, Gemert-Bakel, Asten en Deurne, Waterschap Aa en Maas en Rijkswaterstaat aan een plan om de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid op en rondom de N279 tussen Veghel en Asten te verbeteren. In afbeelding 1.1 is de bestaande ligging van de N279 van Veghel naar Asten weergegeven.

Afbeelding 1.1 Ligging van de N279 tussen Veghel en Asten

12 | 71

De opgave N279 Veghel-Asten De N279 speelt een cruciale rol in de bereikbaarheid en leefbaarheid van de regio Oost-Brabant. Vanwege de toename van het autogebruik, de groei van de Brainport regio en verstedelijking neemt het verkeer toe op deze weg als belangrijke, robuuste rand voor de regio. Dit leidt dagelijks tot files en verkeersopstoppingen in de ochtend- en avondspits en leidt tot overlast voor de omgeving. Onder andere door sluipverkeer en/of geluidshinder. Ook levert het gevaarlijke situaties op door bijvoorbeeld kop- en staartbotsingen. Provincie Noord-Brabant en regionale partners (gemeenten Meierijstad, Laarbeek, Gemert-Bakel, Helmond, Deurne, Asten, Waterschap Aa en Maas en Rijkswaterstaat) werken al langere tijd samen met partijen in de omgeving aan de opgave van de N279. Met het project N279 willen provincie en partners komen tot een oplossing van de genoemde problemen. Provincie Noord-Brabant heeft het voornemen een projectbesluit vast te stellen en daarbij een milieueffectrapportage (mer) te doorlopen. In het projectbesluit wordt de oplossing voor de opgave, verbeteren van de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid op en om de N279 tussen Veghel en Asten, vastgelegd. Doelstellingen N279 Het project N279 Veghel- Asten streeft naar een optimum in de acceptatie en draagvlak tussen de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid.

Daarbij staan de volgende doelstellingen centraal: - een goede bereikbaarheid van dit deel van de regio Oost-Brabant, als onderdeel van het totale mobiliteitssysteem, voor nu en in de toekomst; - een aangepaste N279 die (zoveel mogelijk) voldoet aan de uitgangspunten van duurzaam veilig, waarmee de verkeersveiligheid verbeterd wordt; - beperken van de hinder en overlast van de aangepaste N279 en het zoveel mogelijk verbeteren van de leefbaarheid. De provincie wil snel tot oplossingen komen. Tegelijkertijd is ook zorgvuldigheid van groot belang. Daarnaast moet de oplossing haalbaar, duurzaam en toekomstbestendig zijn. Participatieproces De provincie en haar bestuurlijke partners streven naar een gezamenlijk samengesteld pakket aan oplossingen dat zoveel mogelijk recht doet aan de belangen van alle betrokken partijen in het gebied. Deze verkenning wordt daarom in nauwe samenwerking met de omgeving uitgevoerd. Actieve betrokkenheid van bewoners, dorps- en wijkraden, (agrarische) ondernemers, natuurorganisaties, weggebruikers en gemeenten is cruciaal om samen tot de best mogelijke resultaten te komen. Het doel van participatie is om de omgeving (zoals bewoners, weggebruikers, bedrijven en organisaties) te betrekken bij de verkenning. Het participatieproces moet ruimte bieden voor initiatieven die bijdragen aan de projectdoelen.

De betrokkenheid van de omgeving verhoogt de kwaliteit van het besluitvormingsproces. In de verkenningsfase van het project N279 Veghel - Asten zijn diverse stappen gezet om de omgeving actief te betrekken. De omgeving heeft op verschillende momenten en manieren de gelegenheid gehad om informatie te ontvangen, mee te denken, mee te praten en kennis en informatie aan te dragen. Deze uitwisseling van informatie vond onder andere plaats tijdens de belangentafels, informatiebijeenkomsten, persoonlijke gesprekken en de projectwebsite N279 inclusief het online meedenkplatform. De inbreng van de omgeving speelt een belangrijke rol bij het ontwikkelen van oplossingen die rekening houden met de diverse belangen in het gebied. Het rapport participatie bevat een uitgebreide verantwoording van de participatie in de verkenningsfase. Doel van deze Notitie Kansrijke Alternatieven De notitie Kansrijke Alternatieven (NKA) beschrijft de kansrijke alternatieven en de totstandkoming hiervan. Kansrijke alternatieven zijn díe alternatieven die naar verwachting de problematiek oplossen en die daarom nader worden onderzocht en afgewogen in de verkenning met onder andere een milieueffectrapportage.

Deze notitie beschrijft het proces van de inventarisatie en uitwerking van oplossingsrichtingen voor de N279 en van het selecteren en beoordelen van de mogelijk kansrijke oplossingen om te komen tot samenstelling van kansrijke alternatieven. De factsheets (bijlage II) vormen integraal onderdeel van deze notitie. Hierin zijn

13 | 71

de mogelijke kansrijke oplossingen beschreven en beoordeeld. Belangrijke input voor de notitie is de rapportage mogelijke oplossingen (zeef 0), versie 27 november 2024. De keuze voor de kansrijke alternatieven is de eerste stap in het proces waarin toegewerkt wordt naar een projectbesluit van Gedeputeerde Staten. Deze NKA biedt input voor het hoofdstuk in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) over de kansrijke alternatieven. De Notitie Reikwijdte en Detail, versie 31 januari 2025, beschrijft de aanpak en het proces voor beoordeling van de kansrijke alternatieven in de mer. De NRD, NKA en het participatierapport vormen de eindproducten van de eerste fase van de verkennende studie naar de N279. Paragraaf 1.2 licht dit proces nader toe.

1.2

Proces en besluitvorming

Het project N279 wordt uitgevoerd via een projectprocedure, ondersteund door een milieueffectrapportage (mer). Hierin wordt in een aantal stappen toegewerkt naar een projectbesluit van Gedeputeerde Staten. Dit besluit bevat het plan waarmee de provincie aanpassingen aan de N279 wil realiseren, onderbouwd met een MER waarin staat hoe het milieubelang is betrokken in de keuzes. De verkenning van de N279 maakt gebruik van onderdelen van de MIRT-methodiek, die vaak bij projecten van de Rijksoverheid wordt toegepast, maar doorloopt geen formeel MIRT-proces omdat het een provinciaal project is. Afbeelding 1.2 toont de belangrijkste stappen in de projectprocedure.

Afbeelding 1.2 Projectprocedure N279 Veghel – Asten

14 | 71

Het project kent een lange voorgeschiedenis. In 2014 heeft de Tweede Kamer besloten om het project 'De Ruit van Eindhoven', waarin de N279 was opgenomen te beëindigen. Dit was de aanleiding om een separate studie naar de N279 te starten via het Provinciaal Inpassingplan. In 2018 is er door Provinciale Staten een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) vastgesteld voor het project N279 Veghel - Asten. In december 2021 is het PIP door de Raad van State vernietigd. Vervolgens is in mei 2024, met de publicatie van een kennisgeving voornemen en participatie, gestart met een nieuwe studie en besluitvormingsproces, met als eerste onderdeel de Verkenningsfase. De procedure valt nu onder het regime van de Omgevingswet. De verkenningsfase bestaat uit een nadere analyse van het probleem voor de N279 (zie notitie Probleemanalyse, versie 30 januari 2025) en het breed onderzoeken van oplossingen. Uit deze oplossingen worden in de NRD, op basis van deze NKA, een aantal kansrijke alternatieven geselecteerd voor nader onderzoek in een milieueffectrapport (stap 4). Uit de beoordeling van de kansrijke alternatieven en met input van het participatieproces wordt door Gedeputeerde Staten (GS) een zogeheten voorkeursalternatief (stap 5) gekozen.

In de planfase wordt het voorkeursalternatief nader uitgewerkt, afgestemd en onderzocht, tot een detailniveau waarmee ook vergunningen aangevraagd kunnen worden via een ontwerp-projectbesluit (stap 6). Na het doorlopen van de procedures en het verwerken van zienswijzen en adviezen wordt het projectbesluit vastgesteld (stap 7). De realisatiefase start zodra het projectbesluit N279 onherroepelijk is.

1.3

Leeswijzer

De leeswijzer, zie tabel 1.1, geeft een overzicht van de inhoud van de NKA.

Tabel 1.1 Leeswijzer Hoofdstuk

Beschrijving

0

Samenvatting

een beknopte samenvatting van het gehele document, waarin de belangrijkste punten, bevindingen en aanbevelingen worden uitgelicht

1

Inleiding

toelichting op de aanleiding, het proces en de besluitvorming rondom het project N279 Veghel-Asten, evenals de betrokkenheid van belanghebbenden en een leeswijzer voor het document

2

Doelstelling en probleemanalyse N279 Veghel - Asten

een beschrijving van de projectdoelen en probleemanalyse op het gebied van bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid

3

Proces ontwikkelen kansrijke alternatieven

verduidelijking van het proces dat is gehanteerd om te komen tot de kansrijke alternatieven

4

Beschouwde oplossingen: tracé overkoepelend

beoordeling en conclusies voor kansrijkheid van de oplossingen die van toepassing zijn op meerdere delen of het gehele tracé van de N279

5

Beschouwde oplossingen: deeltracé Veghel

beoordeling en conclusies voor kansrijkheid van de locatiespecifieke oplossingen binnen het deelgebied Veghel

6

Beschouwde oplossingen: deeltracé Beek en Donk

beoordeling en conclusies voor kansrijkheid van de locatiespecifieke oplossingen binnen het deelgebied Beek en Donk

7

Beschouwde oplossingen: deeltracé Helmond

beoordeling en conclusies voor kansrijkheid van de locatiespecifieke oplossingen binnen het deelgebied Helmond

15 | 71

Hoofdstuk

Beschrijving

8

Beschouwde oplossingen: deeltracé Asten

beoordeling en conclusies voor kansrijkheid van de locatiespecifieke oplossingen binnen het deelgebied Asten

9

Kansrijke alternatieven

beschrijving van de kansrijke alternatieven, de samenstellingen van kansrijke oplossingen over het gehele tracé

1.4

Begrippenlijst

Tabel 1.2 Begrippenlijst notitie kansrijke alternatieven Begrip

Toelichting

HWO bubeko

Handboek wegontwerp buiten de bebouwde kom

I/C-verhouding

De verhouding intensiteiten en capaciteit van wegvakken en geeft een indicatie van de wegvakbelasting

NNB-gebied

Natuur netwerk Brabant is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn

MMMP

Meerjarig multimodaal mobiliteitspakket. Het MMMP is een pakket mobiliteitsmaatregelen voor de korte termijn en een doorkijk naar de middellange en lange termijn.

V/C-verhouding

De verhouding tussen verkeersstromen en capaciteit van kruisigen en geeft een indicatie van de kruispuntbelasting

16 | 71

2 DOELSTELLING EN PROBLEEMANALYSE N279 VEGHEL - ASTEN 2.1

Opgave N279 Veghel - Asten

De N279 is een belangrijke noord-zuidverbinding in Oost-Brabant en Noord-Limburg. Hij loopt van de A2 bij Den Bosch in Noord-Brabant tot de N273 bij Horn in Limburg. Het totale traject bedraagt circa 70 km, waarvan circa 60 km in beheer bij de provincie Noord-Brabant en 10 km bij de provincie Limburg. Het noordelijke deel van Den Bosch tot aan Dierdonk in Helmond loopt direct naast de Zuid-Willemsvaart, met een boog iets van het kanaal af ter hoogte van Beek en Donk. Het onderzoeksgebied voor dit project betreft het deeltraject tussen de aansluiting met de A50 bij Veghel en de aansluiting met de A67 bij Asten, inclusief de aansluitingen op de A50 en A67. Aan de noordzijde sluit de N279 aan op de N279-Noord naar ’s-Hertogenbosch en aan de zuidzijde op de N279 ten zuiden van de A67. Het traject is circa 30 km. Het traject is uitgevoerd als een weg met 1x2 rijstroken (1 rijbaan met 1 rijstrook per rijrichting) en voornamelijk gelijkvloerse kruisingen. Het deeltraject tussen Den Bosch en Veghel is in 2017 gereconstrueerd tot een weg met 2x2 rijstroken (2 rijbanen gescheiden door een middenberm met 2 rijstroken per rijrichting) en voornamelijk ongelijkvloerse kruisingen. In 2022 is een reconstructie van de N279 tussen Asten en Meijel (Limburgse grens) afgerond, het wegprofiel is gelijk gebleven aan de oorspronkelijke situatie met 1x2 rijstroken.

De kruising bij de Buizerdweg is vervangen voor een rotonde en de verkeersveiligheid ter hoogte van koude oversteken is verbeterd. De N279 speelt een cruciale rol in de bereikbaarheid en leefbaarheid in de regio Oost-Brabant, en heeft een belangrijke ontsluitingsfunctie voor zowel lokaal als regionaal verkeer. De weg doorkruist de gemeenten Meierijstad, Laarbeek, Helmond, Deurne en Asten. De weg verbindt verschillende dorpen en steden, zoals Veghel, Erp, Keldonk, Aarle-Rixtel, Gemert, Bakel, Deurne, Beek en Donk, Helmond en Asten. De weg faciliteert verkeer tussen de kernen langs de N279 en heeft een aanzienlijke rol in het regionaal (vracht)verkeer en woon-werkverkeer, bijvoorbeeld naar Helmond, Veghel, Eindhoven en Den Bosch. Het landschap langs de N279 varieert van open natuurgebieden en agrarische gronden tot stedelijke omgevingen bij Veghel en Helmond. Vanwege de toename van het autogebruik, de groei van de Brainport Regio en de verstedelijking in de regio neemt het verkeer toe. Deze toename is ook zichtbaar op de N279, welke als robuuste rand een belangrijke rol vervult in het verkeersnetwerk van de regio. Dit leidt dagelijks tot files en verkeersopstoppingen in de ochtend- en avondspits en tot overlast voor de omgeving. Onder meer door sluipverkeer en geluidsoverlast.

Ook zorgt de huidige situatie op, en inrichting van, de weg voor gevaarlijke situaties door bijvoorbeeld kop- en staart- of frontale botsingen.

17 | 71

2.2

Doelstellingen

2.2.1

Projectdoelstellingen

Het project N279 Veghel-Asten streeft naar een optimum in de acceptatie en draagvlak tussen de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Daarbij staan de volgende doelstellingen centraal: - een goede bereikbaarheid van dit deel van de regio Oost-Brabant, als onderdeel van het totale mobiliteitssysteem, voor nu en in de toekomst; - een aangepaste N279 die (zoveel mogelijk) voldoet aan de uitgangspunten van duurzaam veilig, waarmee de verkeersveiligheid verbeterd wordt; - beperken van de hinder en overlast van de aangepaste N279 en het zoveel mogelijk verbeteren van de leefbaarheid.

Afbeelding 2.1 Projectdoelstellingen project N279 Veghel-Asten

Hieronder volgt een nadere toelichting op deze doelstellingen. Bereikbaarheid Versterken van de functie van de N279 als een robuuste rand (zie kader hieronder) voor het regionale verkeer als onderdeel van het mobiliteitssysteem van de regio Oost-Brabant. Een robuuste rand is een bovenregionaal verbindende weg die verkeer met herkomst of bestemming in de regio efficiënt laat reizen via het onderliggend wegennetwerk naar wegen van de ‘hoogste orde’, daarbij sluipverkeer via lokale wegen ontmoedigt, zonder extra doorgaand landelijk verkeer aan te trekken. Uitwerking van het doel: - verbeteren van de verkeersafwikkeling voor regionaal en lokaal verkeer, zodat het verkeer soepel afwikkelt, vanaf het onderliggend wegennetwerk, via de bundelroutes en inprikkers naar de N279; - niet stimuleren van het doorgaande personen- en vrachtverkeer; - bevorderen van de mobiliteitstransitie.

Robuuste Rand Provincie Noord-Brabant categoriseert de N279 als ‘Robuuste Rand’ tussen de autosnelwegen de A50 en de A67. Dit betekent dat de weg het regionaal verkeer in Oost-Brabant uit kernen langs de N279 dient af te wikkelen richting onder andere de A2, A50 of A67, maar geen doorgaand verkeer dient te faciliteren. Doorgaand verkeer is verkeer zonder herkomst en/of bestemming langs de N279. De N279 dient sneller te zijn dan lokale wegen en tegelijkertijd de kernen te ontsluiten. Op basis van de huidige weginrichting is de N279 te categoriseren als gebiedsontsluitingsweg.

18 | 71

Verkeersveiligheid Het verbeteren van de verkeersveiligheid op de N279. Het gaat daarbij om het verminderen of wegnemen van bestaande knelpunten (black spots), het verminderen of wegnemen van bestaande risico’s in het wegontwerp en het voorkomen van nieuwe risico’s in het wegontwerp door middel van het toepassen van richtlijnen zoals Duurzaam Veilig. Ook draagt het soepel afwikkelen van zoveel mogelijk regionaal verkeer via de robuuste rand N279 (in plaats van het onderliggende netwerk) bij aan het verbeteren van verkeersveiligheid. Uitwerking van het doel: - het verminderen van knelpunten en risico’s voor gemotoriseerd vracht- en personenverkeer; - het verminderen van knelpunten en risico’s voor fietsers en voetgangers. Leefbaarheid Het verbeteren van de leefbaarheid langs de N279 door het zoveel als mogelijk verlagen van milieugezondheidsrisico’s, verminderen van barrièrewerking voor mens en natuur en het verminderen van sluipverkeer. Uitwerking van het doel: Het zoveel mogelijk: - verlagen van milieugezondheidsrisico’s door luchtverontreiniging en geluid als gevolg van de N279; - verminderen van de barrièrewerking van de N279 voor voetgangers, fietsers en landbouwverkeer; - verminderen van de ecologische barrièrewerking van de N279; - verminderen van sluipverkeer.

Relatie met brede welvaart Naast deze projectdoelen heeft het project N279 de ambitie om in te spelen op brede welvaart. Naast materiële welvaart gaat het bij brede welvaart ook om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Het gaat zowel om de kwaliteit van leven in het ‘hier en nu’, als om de effecten van onze manier van leven op het welzijn van mensen op andere plekken en voor toekomstige generaties. In het beoordelingskader voor het MER wordt aandacht besteed aan thema’s als: - duurzaamheid: door energiebesparing, gebruik maken van duurzame bronnen en efficiënt gebruik maken van fossiele brandstoffen de CO2-uitstoot verminderen; - biodiversiteit wordt volwaardig betrokken in de onderzoeken en is ook mede onderdeel van het projectdoel leefbaarheid, waar naar een vermindering van de ecologische barrièrewerking van de weg wordt gekeken; - investeringen: doelmatige investeringen met specifiek oog voor de kosten en waarde over de gehele levensduur worden ook betrokken in de onderzoeken. De waarde van investeringen komt tot uitdrukking in de benadering van brede welvaart waarbij zoals niet alleen kosten en waarde hier en nu, maar ook kosten en waarde elders of later in de tijd worden betrokken.

Dit krijgt vorm door naast investeringskosten ook naar levenscycluskosten te kijken en in het MER aandacht te hebben voor milieueffecten over de gehele levensduur onder het aspect ‘duurzaamheid’.

2.3

Programmatische aanpak

De provincie en regionale partners werken via een programmatische aanpak met drie sporen aan de opgave voor de N279, waarbij de inzet van de mobiliteitstransitie, verkeerscijfers en omgevingsparticipatie steeds centraal staan. Spoor 1: Verkenning en planstudie voor de reconstructie N279 Voor de aanpassing van de provinciale weg N279 Veghel-Asten wordt toegewerkt naar een projectbesluit waarbij een proces met een milieueffectrapportage (mer) wordt doorlopen. Via deze mer-procedure krijgt het milieubelang, naast andere aspecten als uitvoerbaarheid, draagvlak en financiën een volwaardige rol in de besluitvorming. De Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) en het milieueffectrapport (MER) dragen bij

19 | 71

aan de (onderbouwing van) keuze van een voorkeursalternatief en uiteindelijk een Projectbesluit (beoogd 2028). In dit proces is ruimte voor participatie én formele inspraak. Spoor 2: Middellange termijn maatregelen Vooruitlopend op een onherroepelijk projectbesluit wordt, parallel aan de verkenning, gekeken waar mogelijk al eerder de verkeersveiligheid op de N279 verbeterd kan worden. Het gaat om maatregelen die de verkeersveiligheid direct verbeteren en waarvan de uitvoering mogelijk is zonder dat dit later nog te maken keuzes in de weg zit. Denk bijvoorbeeld aan het verbeteren van gevaarlijke oversteken en uitritten op de N279 waardoor er minder in- en uitvoegend verkeer is en de verkeersveiligheid wordt verbeterd. Deze middellange termijn maatregelen worden in het MER beschouwd als autonome ontwikkelingen en maken geen onderdeel uit van het doorlopen proces wat in de NRD en NKA is beschreven. Het gaat om de volgende vier oplossingen: - aankopen eetcafé De Sluis en het verwijderen van de aansluiting Sluisweg op N279: het truckerscafé de Sluis is door de Provincie Noord-Brabant aangekocht en de parkeerplaats is gesloten. Daarnaast is besloten de toegang van de Sluisweg op de N279 af te sluiten.

Het doel van deze oplossingen is het verminderen van het aantal op- en afritten direct op de provinciale weg, zodat het in- en uitvoegend verkeer op de N279 afneemt en de verkeersveiligheid verbetert; - opheffen inrit ter plaatse van Rijksweg bij Veghel: vooruitlopend op de reconstructie van de N279 wordt de inrit van het van bouwbedrijf en transportbedrijf ter plaatse van de Rijksweg bij Veghel opgeheven. Het doel van deze oplossing is het aantal in- en uitritten op de provinciale weg te verminderen. Dit zal leiden tot een afname van het in- en uitvoegend verkeer op de N279 en een verbetering van de verkeersveiligheid. Vanuit deze doelstelling is ook de Sluisweg afgesloten. Het kan zijn dat in de toekomst ook andere locaties in-en/of uitritten worden opgeheven; - opheffen koude oversteek Vlierdense Bosdijk / Rijntjesdijk: bij deze kruising met de N279, waarbij het verkeer de N279 mag oversteken, maar niet mag op- en afrijden, wordt gekeken naar mogelijkheden om de verkeersveiligheid te verbeteren; - opheffen koude oversteek Ooststappensedijk: idem als bij het vorige punt wordt bij deze kruising gekeken naar mogelijkheden om de verkeersveiligheid voor het overstekende verkeer te verbeteren. Spoor 3: Anders reizen maatregelen De Provincie Noord-Brabant zet in op een mobiliteitstransitie conform het Beleidskader Mobiliteit (Provincie Noord-Brabant, 2020).

Om de N279 toekomstbestendig te maken wordt daarom niet alleen gekeken naar een mogelijke reconstructie van de weg, maar ook naar andere vormen van mobiliteit (brede mobiliteitsmaatregelen). Dit spoor is gericht op het aanbieden, aantrekkelijk maken en stimuleren van duurzame alternatieven voor de automobilist. Denk bijvoorbeeld aan snelfietsroutes, (hoogwaardig) openbaar vervoer, locaties voor mobiliteitshubs en via werkgevers stimuleren van ander en/of duurzamer reisgedrag. Maatregelen die bijdragen aan de bereikbaarheid op of aan de N279, waarvan de effecten meetbaar zijn, worden opgenomen in het projectbesluit of mogelijk vooruitlopend op de reconstructie van de N279 al uitgevoerd.

2.4

Probleemanalyse op hoofdlijnen

De probleemanalyse voor de N279 tussen Veghel en Asten richt zich op de projectdoelen bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Deze paragraaf geeft een globale schets van de knelpunten op en langs de N279. In de factsheets (bijlage II) zijn de aandachtspunten per deelgebied opgenomen. Een volledige probleemanalyse is opgenomen in de rapportage Probleemanalyse, versie 31 januari 2025. Afbeelding 2.2 toont de belangrijkste knelpunten langs de N279. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen knelpunten die zijn ingebracht door stakeholders uit de omgeving (subjectieve knelpunten) en (geïdentificeerde) knelpunten die (ook) blijken uit analyses (objectieve knelpunten). Een toelichting op andere leefomgevingsaspecten (buiten de probleemanalyse) is opgenomen op de foto van de leefomgeving in hoofdstuk 3 van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau, versie 31 januari 2025.

20 | 71

Afbeelding 2.2 Knelpunten bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid N279 Veghel – Asten

Bereikbaarheid: probleem door slechte afwikkeling van kruispunten en weinig alternatieven voor de auto Het blijkt dat de bereikbaarheid van de regio voornamelijk beperkt wordt door de kruispunten op de N279. De kruispunten hebben onvoldoende capaciteit om het verkeer goed af te wikkelen. Dit zorgt voor

21 | 71

vertraging, filevorming en een verhoogde kans op ongevallen. Door de groei van de bevolking en arbeidsplaatsen, groeit ook het verkeer en nemen deze problemen richting 2040 verder toe. Dit is in het bijzonder het geval in Veghel waar de hoeveelheid (vracht)verkeer het hoogst is, er veel kruisingen op korte afstand tot elkaar liggen en ook de aansluiting van de N279 op de A50 een belangrijk knelpunt vormt. De wegvakken op het gehele tracé tussen de kruisingen op de N279 hebben voldoende capaciteit en vormen niet direct een belemmering voor de bereikbaarheid. De reistijd met het OV is aanzienlijk langer dan met de auto voor routes tussen verschillende kernen in het gebied. Het aanbod van deelmobiliteit is zeer beperkt en vormt nog onvoldoende een alternatief voor het autogebruik. Er ontbreekt een directe, comfortabele fietsverbinding in de noord-zuid richting langs de N279. Wandelen is vooral relevant binnen kernen en raakt minder aan de functie van de N279. De bereikbaarheid van hubs zoals P+R-terreinen, bushaltes en treinstations is cruciaal, waarbij grote loopafstanden naar bedrijventerreinen (als start/ eindbestemming voor veel reizigers) een knelpunt vormen.

Verkeersveiligheid: risico’s door het ontbreken van eenduidig wegbeeld en knelpunten bij kruispunten De N279 tussen Veghel en Asten kampt met diverse verkeersveiligheidsproblemen, die voornamelijk worden veroorzaakt door hoge snelheden, een hoog aandeel vrachtverkeer, variërende wegomgeving en een gebrek aan eenduidigheid in de weginrichting. Voor de N279 is het vinden van een balans tussen verkeersdoorstroming en veiligheid cruciaal. De weg voorziet in doorgaand regionaal verkeer, maar ontsluit ook lokaal (landbouw)verkeer, wat een eenduidige en veilige inrichting bemoeilijkt. De oversteekbaarheid van landbouw- en langzaam verkeer (met name fiets) vormt een knelpunt voor zowel de lokale bereikbaarheid als de verkeersveiligheid. Naast kruispunten vormen ook de lange rechtstanden tussen Veghel en Keldonk en tussen Asten en Helmond een verkeersveiligheidsrisico. Leefbaarheid: onder druk door gezondheidsknelpunten, barrièrewerking en sluipverkeer Het verkeer op de N279 zorgt voor geluid en uitstoot van luchtverontreinigende stoffen als stikstofdioxide en fijnstof. Op enkele locaties langs het tracé zorgen de effecten van de weg in combinatie met andere bronnen van geluid en luchtverontreiniging voor gezondheidsknelpunten.

De meeste stapeling van effecten vindt plaats in de wijken Bloemenwijk en Leest in Veghel, de woningen in het buurtschap Kruisschot in Helmond en de woningen aan de Zeelandhof in Rijpelberg, Helmond. De barrièrewerking van de N279 voor mens en natuur en het sluipverkeer in omliggende kernen vormen eveneens problemen.

22 | 71

3 PROCES ONTWIKKELEN KANSRIJKE ALTERNATIEVEN Dit hoofdstuk beschrijft het proces dat stapsgewijs is doorlopen om te komen tot de kansrijke alternatieven die nader onderzocht gaan worden. Paragraaf 3.1 beschrijft het proces op hoofdlijnen. In paragraaf 3.2 en 3.3 wordt vervolgens gericht ingegaan op aanpak van de trechtering in zeef 0 en zeef 1. In paragraaf 3.3 wordt ook ingegaan op de rekenpakketten die in zeef 1 zijn gemodelleerd om inzicht te krijgen in de verkeerskundige effecten van de oplossingsrichtingen. Paragraaf 3.4 laat tot slot zien welke deelgebieden zijn gehanteerd in de nadere uitwerking en afweging van de oplossingen.

3.1

Ontwikkelproces alternatieven op hoofdlijnen

Dit hoofdstuk beschrijft het proces dat heeft geleid tot de ontwikkeling van de kansrijke alternatieven voor de N279 Veghel-Asten. Er is stapsgewijs toegewerkt naar 4 kansrijke alternatieven die in de volgende fase van de verkenning in meer detail onderzocht worden. Dit proces wordt schematisch weergegeven in afbeelding 3.1.

Afbeelding 3.1 Schematische weergave van het trechteringsproces bij totstandkoming van de NRD N279

23 | 71

Er zijn diverse oplossingen geïnventariseerd door het projectteam, partners en het brede publiek. Hieruit is een selectie gemaakt van mogelijk kansrijke oplossingsrichtingen om nader te onderzoeken. Oplossingen die niet bijdroegen aan de projectdoelen of de scope van het project, onevenredig hoge kosten met zich meebrengen of waarvan duidelijk was dat ze niet uitvoerbaar zijn, zijn in deze eerste selectie (zeef 0) afgevallen. De mogelijk kansrijke oplossingen zijn geordend en op hoofdlijnen uitgewerkt (in viltstiftschetsen). Met verkeersmodellering zijn de effecten op de verkeersstromen in kaart gebracht. De oplossingen zijn beoordeeld op hun bijdrage aan de projectdoelen, uitvoerbaarheid, kosten en onderscheidende milieu-effecten. Aan de hand van de afweegcriteria uit het afweegkader van zeef 1 (tabel 3.2) is bepaald welke oplossingen kansrijk zijn, met het advies deze nader te onderzoeken in de volgende fase (MER) van het project. Vervolgens zijn de kansrijke alternatieven gevormd uit logische combinaties van de kansrijke oplossingen op de wegvakken, zoals aantal rijstroken, wel/geen middenberm of parallelstructuur en locatie specifieke oplossingen, zoals aanpassingen aan kruisingen of een omleiding. Elk combinatie bestaat uit bij elkaar passende oplossingen die samen sterk bijdragen aan de doelstellingen.

Analyses op hoog abstractieniveau De afweegkaders die gehanteerd zijn bij zeef 0 en zeef 1 worden in het vervolg van dit hoofdstuk nader beschreven. Daarbij geldt dat in deze verkennende fase altijd een relatief hoog abstractieniveau is gehanteerd, passend bij het detailniveau van deze planfase. In de volgende fase van de verkenning met het MER worden de kansrijke alternatieven in meer detail uitgewerkt en onderzocht, vaak aan de hand van een meer kwantitatieve methode. Algemene uitgangspunten N279 Veghel-Asten Voor het project N279 gelden de volgende algemene uitgangspunten: - functie, type en snelheid: de N279 is een Robuuste Rand (zie het kader in paragraaf 2.2.1 voor de definitie). Het uitgangspunt is dat de functie van de weg ongewijzigd blijft. Dit betekent een gebiedsontsluitingsweg (GOW) met een maximum snelheid van 80 km/h: · een stroomweg van 100 km/uur wordt niet onderzocht, omdat dit betekent dat de functie van de weg wijzigt naar een stroomweg. Op een stroomweg zijn geen lokale aansluitingen of kruispunten, conform Handboek Wegontwerp van het CROW. Het opheffen van lokale aansluitingen verslechtert de bereikbaarheid langs de N279 en sluit daarmee niet aan bij de doelstellingen.

Daarnaast heeft dit een verkeersaantrekkende werking voor (doorgaand) (vracht)verkeer; - bijdragen aan functioneren N279: oplossingen die niet of zeer beperkt bijdragen aan het oplossen van de problematiek op/door de N279 behoren niet tot het project. Daarbij kan het gaan om knelpunten in de bereikbaarheid of ontsluiting van aangrenzende kernen en gemeenten op het om- en onderliggende wegennet, in bijvoorbeeld de oost-west richting of om oplossingen voor leefbaarheids- of verkeersveiligheidsknelpunten veroorzaakt door bronnen anders dan de N279; - aanpassingen rijkswegen: aanpassingen aan rijkswegen zoals de A50 of de A67 of andere provinciale wegen zoals de N607, N615 en de N270 behoren niet tot dit project. Met uitzondering van de aansluitingen van de N279 met deze wegen. Voor de A67 en A50 geldt dat de oplossingsrichtingen op de aansluitingen en benodigde aanpassingen op de snelwegen ten behoeve van de N279 worden beschouwd. De daadwerkelijke aanpassingen aan de snelweg vallen buiten het project. Besluitvorming hierover vindt plaats in samenspraak met Rijkswaterstaat en het ministerie van IenW. Dit is met uitzondering van de oplossingsrichting voor een omleiding om Veghel waarbij ook gekeken wordt naar varianten waarbij het verkeer gedeeltelijk gebruik maakt van de A50.

Daarvoor zijn aanpassingen aan de A50 nodig die door het project in samenspraak met Rijkswaterstaat worden onderzocht en indien uitgevoerd opgepakt. Oplossingen die niet aansluiten bij de algemene uitgangspunten van het project, vallen af en zijn niet nader beschouwd in zeef 1.

24 | 71

Deelgebieden Het projectgebied is opgedeeld in 4 deelgebieden, zie afbeelding 3.2. Sommige onderzochte oplossingen kunnen over het gehele tracé worden toegepast, bijvoorbeeld weginrichting met aantal rijstroken en wel/niet een middenberm. Andere oplossingen zijn locatiespecifiek, zoals een andere kruispuntinrichting of omleiding. In de volgende hoofdstukken wordt eerst ingegaan op de tracé overkoepelende oplossingen. Daarna is per deelgebied beschreven welke oplossingen zijn onderzocht en wat de uitkomsten zijn. De kansrijke alternatieven, beschreven in hoofdstuk 9, bevatten oplossingen over het gehele tracé. Voor de herleidbaarheid is in de onderbouwing inzichtelijk gemaakt welke oplossingen in welk deelgebied worden onderzocht.

25 | 71

Afbeelding 3.2 Deelgebieden N279 Veghel - Asten

26 | 71

3.2

Zeef 0 - nader te onderzoeken oplossingen

Verzamelen oplossingen Bij de start van het project zijn zo breed mogelijk diverse denkbare oplossingen verzameld. In de kennisgeving participatie en voornemen is een ieder gevraagd aandachtspunten of suggesties te delen met de provincie. Van 23 mei 2024 tot en met 7 juli 2024 konden belanghebbenden suggesties voor oplossingen, specifieke gebiedsinformatie of toekomstige ontwikkelingen aandragen via een online platform, e-mail, post en bijeenkomsten. In totaal werden 349 reacties verzameld via het online meedenkplatform en via andere kanalen. Selectie van mogelijk kansrijke oplossingen Tijdens zeef 0 vond de eerste selectie plaats om te komen tot de mogelijk kansrijke oplossingen die vervolgens nader onderzocht zijn in de volgende stap (zeef 1) aan de hand van het afweegkader zeef 0 (tabel 3.1 en toelichting na de tabel). Het betrof hier het selecteren van de oplossingen die naar verwachting een bijdrage kunnen leveren en die haalbaar zijn binnen de kaders van het project. In zeef 0 zijn enkele oplossingen, op basis van een eerste analyse, als niet realistisch en/of haalbaar beschouwd. Dit is bepaald op basis van een inschatting van de bijdrage aan de projectdoelstellingen, kosten, en juridische en technische uitvoerbaarheid. De niet-realistische oplossingen of oplossingen die buiten de scope van het project vielen, zijn na zeef 0 niet verder meegenomen.

Tabel 3.1 Afweegkader zeef 0 Aspecten

Toelichting

Beoordelingsklassen

projectkader

valt de oplossingen in/aan/buiten het project?

in

aan

doelbereik

draagt het bij aan het oplossing van de opgaven op gebied van bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid?

ja

nee

juridische en technische uitvoerbaarheid

is er sprake van onoverkomelijke technische of juridische belemmeringen en/of zwaarwegende effecten, die kunnen leiden tot onvergunbaarheid of onacceptabele oplossingen?

uitvoerbaar

niet uitvoerbaar

betaalbaarheid

is de oplossing (in verhouding tot het oplossend vermogen en doelbereik) betaalbaar binnen het projectbudget?

redelijkerwijs betaalbaar

redelijkerwijs niet betaalbaar

buiten

Onderscheid tussen oplossingen in, aan of buiten de scope van het project N279 Niet alle oplossingen vormen een oplossing voor de opgaven voor de N279. Dat betekent niet dat de oplossingen niet waardevol of relevant zijn. Maar ze behoren dan niet direct tot de scope van het project N279. Om hier een helder onderscheid in te maken zijn oplossingen onderverdeeld in een drietal categorieën: in, aan of buiten het project N279. Deze categorisering is gebaseerd op de definitie uit het plan van aanpak (BMC Advies, 2022), welke als volgt is toe te lichten, zie ook afbeelding 3.3: 1 in het project: · dit zijn oplossingen die vallen binnen de scope van het project en onder verantwoordelijkheid van de provincie Noord-Brabant. Het gaat daarbij om oplossingen die als primair doel hebben om de doelstellingen van het project N279 te behalen (bijvoorbeeld fysieke aanpassingen aan de weg) of om de daarbij behorende verplichte mitigerende of compenserende maatregelen (bijvoorbeeld compensatie voor bomenkap of geluidsmaatregelen). Deze oplossingen vallen binnen het projectbudget en de projectorganisatie N279; 2 aan het project: · dit zijn oplossingen die niet direct bijdragen aan de projectdoelen voor de N279, maar waarbij het vanuit belangen of inhoudelijke samenhang wenselijk is dat afstemming plaatsvindt.

Bijvoorbeeld omdat ze fysiek aan de weg raken, een raakvlak met het project hebben of een kans voor synergie opleveren. Deze oplossingen vallen buiten het projectbudget en de projectorganisatie N279;

27 | 71

3

buiten het project: · dit zijn oplossingen die niet direct bijdragen aan de projectdoelen voor de N279 en waarbij er geen raakvlak is met het project N279. Deze oplossingen vallen buiten het projectbudget en de projectorganisatie N279.

Tot het projectkader van de verkennende studie behoren de oplossingen die gekenmerkt zijn als ‘in het project’. De projectorganisatie N279 houdt vanzelfsprekend oog voor de raakvlakken met de oplossingen en opgaven die gekenmerkt zijn als ‘aan’ of ‘buiten’ het project.

Afbeelding 3.3 Afbakening projectkader in, aan of buiten het project (bron: BMC Advies, 2022)

Doelbereik, uitvoerbaarheid en kosten Voor de oplossingsrichtingen ‘in het project’ is het doelbereik beoordeeld; er is bekeken of de oplossingen wel of niet bijdragen aan één van de projectdoelstellingen: bereikbaarheid, verkeersveiligheid of leefbaarheid, zie paragraaf 2.2.1. Daarnaast geldt dat alleen oplossingsrichtingen die redelijkerwijs uitvoerbaar zijn, meegenomen zijn om nader te onderzoeken in zeef 1. Oplossingsrichtingen met grote technische of juridische belemmeringen en/of zwaarwegende effecten die tot onvergunbaarheid of onacceptabele oplossingen leiden zijn eruit gefilterd. Denk hierbij aan oplossingen die technisch (proportioneel) niet maakbaar of inpasbaar zijn binnen de geldende wet- en regelgeving. Dit is gedaan op basis van een hoog abstractieniveau passend bij deze fase. In zeef 0 is ook gekeken naar de financierbaarheid. Voor oplossingsrichtingen die naar verwachting zeer hoge kosten, ver boven het beschikbare budget (€ 245 mln), met zich meebrengen is een kosteninschatting gemaakt. Omdat in deze vroege fase, met een hoog abstractieniveau, er nog veel onzekerheid bestaat over de uitwerking en kosten is in zeef 0 niet het projectbudget, maar een ruimere grens gehanteerd.

Selectie van in zeef 1 nader te onderzoeken oplossingen Na zeef 0 zijn de overgebleven oplossingsrichtingen gecategoriseerd naar mogelijke kansrijke oplossingen om nader te beschouwen richting zeef 1. De mogelijk kansrijke oplossingen zijn uitgewerkt in een aantal verkeerskundige rekenpakketten en ruimtelijke bouwstenen. Welke oplossingen in zeef 1 onderzocht zijn en de resultaten van de analyse, is beschreven in hoofdstuk 4 tot en met 8.

3.3

Zeef 1 - samenstellen kansrijke alternatieven

In zeef 1 zijn de mogelijk kansrijke oplossingsrichtingen nader uitgewerkt om meer inzicht te kunnen krijgen op het doelbereik, de mogelijke impact op de leefomgevingseffecten en uitvoerbaarheid. Doel van zeef 1 is het verder trechteren van de oplossingen naar de kansrijke oplossingen. De kansrijke oplossingen worden gebundeld in pakketten om te komen tot kansrijke alternatieven. De kansrijke alternatieven bevatten oplossingen over het gehele tracé die als geheel bijdragen aan het oplossen van de opgaven voor de N279. In tabel 3.2 is het afweegkader voor zeef 1 opgenomen.

28 | 71

Tabel 3.2 Afweegkader zeef 1 Aspect

Toelichting

Beoordelingsklassen

doelbereik bereikbaarheid

draagt de oplossing bij aan het: verbeteren van de verkeersafwikkeling via de robuuste rand voor lokaal en regionaal verkeer vanuit het onderliggend wegennetwerk, de bundelroutes, inprikkers en de kernen via de N279; niet stimuleren van het doorgaande personen- en vrachtverkeer; bevorderen van de mobiliteitstransitie

bijdrage

geen of nauwelijks bijdrage

negatieve bijdrage

doelbereik verkeersveiligheid

draagt de oplossing bij aan het: verminderen van knelpunten en risico’s voor gemotoriseerd vracht- en personenverkeer; verminderen van knelpunten en risico’s voor fietsers en voetgangers

bijdrage

geen of nauwelijks bijdrage

negatieve bijdrage

doelbereik leefbaarheid

draagt de oplossing bij aan het (zoveel mogelijk): verlagen van milieugezondheidsrisico’s door luchtverontreiniging en geluid als gevolg van de N279; verminderen van de barrièrewerking van de N279 voor voetgangers, fietsers en landbouwverkeer; verminderen van de ecologische barrièrewerking van de N279; verminderen van sluipverkeer

bijdrage

geen of nauwelijks bijdrage

negatieve bijdrage

uitvoerbaarheid

leidt de oplossing tot grote juridische of technische belemmeringen in vergunbaarheid, inpasbaarheid of maakbaarheid?

geen belemmeringen

aandachtspunten

belemmeringen

leefomgevingseffecten

wat zijn de onderscheidende effecten van de oplossing op: bodem en water; natuur; ruimtelijke kwaliteit; gezondheid en veiligheid; gebruiksfuncties (waaronder landbouw); duurzaamheid; uitvoeringshinder

positief effect

geen onderscheidend effect

negatief effect

Voor de beoordeling in zeef 1 is een QuickScan leefomgevingseffecten uitgevoerd. Deze geeft inzicht in de belangrijkste onderscheidende effecten die spelen bij een oplossingsrichting. Hiermee is het zoekgebied voor de oplossing nader afgebakend (bijvoorbeeld uitsluiting van gebieden met ontoelaatbare effecten), inzichtelijk gemaakt waar oplossingen tot grote impact leiden en in beeld gebracht welke aandachtspunten en onderzoeksvragen er zijn voor de volgende fase. In deze fase geeft de analyse nog geen inzicht in de benodigde mitigerende en compenserende maatregelen, dat is onderdeel van het MER in de volgende fase. Naast de aspecten in het afweegkader is in zeef 1 aandacht voor het draagvlak in de omgeving. Op basis van de participatie is inzicht verkregen in welke belangen in de omgeving spelen rondom een oplossing. Dit is beschrijvend opgenomen in de factsheets in bijlage II. De betaalbaarheid van de kansrijke alternatieven is inzichtelijk gemaakt met een SSK-raming. Het pakket aan oplossingen op het gehele tracé moet (in verhouding tot het oplossend vermogen van de oplossingen en doelbereik) betaalbaar zijn binnen het beschikbare budget voor het project.

Daarbij geldt het volgende voor de totale investeringskosten van het kansrijke alternatief (pakket aan oplossingen): - betaalbaar: < M€ 250; - betaalbaarheid aandachtspunt: M€ 250 - 300; - niet betaalbaar (budgetspanning): M€ > 300.

29 | 71

Rekenpakketten verkeersmodellering zeef 1 Deze paragraaf beschrijft de verkeerskundige rekenpakketten die zijn ingezet om de verkeerskundige effecten van de oplossingsrichtingen inzichtelijk te krijgen. Het uitwerkingsniveau van de verkeersanalyse is in deze fase van het project op een hoog abstractieniveau, passend bij het detailniveau van deze fase van de verkenning. Om het verkeerskundige doelbereik inzichtelijk te maken, zijn in zeef 0 drie modelberekeningen met enkele varianten uitgevoerd. De pakketten voor elk van deze drie berekeningen zijn zo samengesteld dat ze maximaal inzicht bieden in de meest onderscheidende oplossingen. Deze pakketten vertegenwoordigen uitersten, met als doel de bandbreedte van mogelijke oplossingen te onderzoeken en de rand van het speelveld in kaart te brengen. Door deze extreme pakketten te analyseren, zijn in zeef 1 de meer realistische en kansrijke alternatieven samengesteld. De pakketten voor elk van deze drie berekeningen zijn zo samengesteld dat ze maximaal inzicht bieden in de meest onderscheidende oplossingen. Indien op specifieke onderdelen nader inzicht nodig bleek te zijn voor een afweging van de kansrijkheid, zijn aanvullende modelberekeningen met lokale aanpassingen gedaan. Deze zijn verderop in deze paragraaf benoemd. In afbeelding 3.4 zijn de drie rekenpakketten visueel weergegeven en eronder nader toegelicht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=5818b24b-ae3e-4c15-8405-2f88646a622f