CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Toelichting bestemmingsplan ‘Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022’

Gemeenteraad 30 juni 2026, gemeente AstenBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022’ (bespreekstuk)27.139 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bestemmingsplan - Toelichting -

Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022 Gemeente Asten

BESTEMMINGSPLAN - Toelichting -

Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022 Gemeente Asten

IDN-nummer:

NL.IMRO.0743.BP02022004-VS01

Status:

vastgesteld

Datum:

juni 2024

Locatie Nijmegen Wijchenseweg 102 6538 SX Nijmegen 024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl

Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Aanleiding en doel

5

1.1 1.2 1.3 1.4

5 5 6 7

Aanleiding en doel Ligging en begrenzing plangebied Geldende bestemmingsplannen Leeswijzer

Hoofdstuk 2 Planvoornemen

9

2.1 2.2 2.3 2.4

9 9 15 18

Bestaande situatie Stedenbouwkundig plan Verkeer en Parkeren Natuurinclusieve inrichtingsmaatregelen

Hoofdstuk 3 Beleidskader

21

3.1 3.2 3.3

Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid

21 26 40

3.4

Gemeentelijk beleid

42

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten

47

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13

47 47 48 52 53 58 66 68 70 71 71 75 76

Inleiding Bodem Geluid Luchtkwaliteit Bedrijven en milieuzonering Geur Externe veiligheid Waterhuishouding Archeologie Cultuurhistorie Natuurbescherming Duurzaamheid Mer(beoordelings)plicht

Hoofdstuk 5 Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid

77

5.1 5.2

77 77

Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

3

Toelichting

4

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Hoofdstuk 1 1.1

Aanleiding en doel

Aanleiding en doel

Ten zuidwesten van de kern van Ommel (gemeente Asten) bestaat het voornemen om woningbouw te realiseren tussen de aldaar gesitueerde sportvelden, de kern Ommel en het recreatiepark Prinsenmeer. Het project bestaat uit de realisatie van 30 woningen.

Figuur 1

Omvang plangebied

Momenteel zijn binnen het plangebied voornamelijk agrarische en sportbestemmingen van kracht. Binnen deze bestemmingen is de ontwikkeling van de woningbouwlocatie niet mogelijk. Er is derhalve een bestemmingsplanherziening noodzakelijk om te kunnen voorzien in een planologisch - juridische borging van het planvoornemen. Voorliggend document vormt de plantoelichting voor dit nieuwe bestemmingsplan.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied ligt ingeklemd tussen de Kluisstraat, Kluizendries en Kranenvenweg. Binnen de directe omgeving van het plangebied zijn verschillende functies aanwezig. Aan de noordoostzijde omvat dit voornamelijk woonobjecten van de kern van Ommel, aan de zuidoost kant de sportvelden van de voetbalclub. Aan de noordwest- en zuidwestzijde gaat het hier respectievelijk om een recreatie/bungalowpark. De omgeving van het plangebied bestaat daarmee uit functies en activiteiten die de overgang naar het buitengebied vormen.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

5

Figuur 2

1.3

Plangebied in wijdere omgeving

Geldende bestemmingsplannen

Ter plaatse van het plangebied gelden de volgende bestemmingsplannen: Ommel komgebied (vastgesteld 22 november 2011, onherroepelijk); Buitengebied Asten 2016 (vastgesteld 7 augustus 2019, onherroepelijk); Asten Verzamelplan 2018-2 (vastgesteld 11 december 2018, onherroepelijk); Asten Verzamelplan 2019-1 (vastgesteld 25 juni 2019, onherroepelijk); Asten Verzamelplan 2019-2 (vastgesteld 13 februari 2020, onherroepelijk); Asten Parapluplan Wonen 2019 (vastgesteld 4 februari 2020, onherroepelijk). Asten Verzamelplan 2023-1 (vastgesteld 18 juni 2024, geheel in werking) De oostelijke gronden van het plangebied (de voormalige korfbalvelden) zijn in het bestemmingsplan Ommel komgebied voorzien van de bestemming Sport. Op grond van deze bestemming zijn recreatieve doeleinden op sportgebied toegestaan. Daarnaast is de dubbelbestemming Waarde- Archeologie opgenomen met een functieaanduiding specifieke vorm van waarde archeologie categorie 3/4. Daarnaast is het plangebied voorzien van de gebiedsaanduiding 'geluidzone- weg'. Als gevolg van deze aanduiding zijn ter plaatse geen nieuwe woningen toegestaan. Het bevoegd gezag kan hiervan afwijken, mits: de nieuwe woning is gelegen binnen de 53 dB contour; door geluidreducerende maatregelen de woning binnen de 48 dB of 53 dB contour komt te liggen; dit niet leidt tot uit milieuhygiënisch en/of veiligheidsoogpunt onaanvaardbare situaties.

Het westelijk deel van het plangebied is in het bestemmingsplan Buitengebied Asten voorzien van de bestemming Agrarisch. Deze gronden zijn bestemd voor agrarisch grondgebruik en extensief recreatief medegebruik. Ook in dit bestemmingsplan is een dubbelbestemming Waarde- Archeologie- 2 opgenomen.

6

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

De gronden zijn op basis van de dubbelbestemming Waarde Archeologie in zowel het bestemmingsplan Buitengebied Asten als in het bestemmingsplan Ommel komgebied mede bestemd voor instandhouding en bescherming van de in de grond aanwezige of te verwachten archeologische waarden. Bij bouwwerken met een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 40 cm dient een archeologisch rapport overlegd te worden. De beoogde ontwikkeling past derhalve niet binnen de vigerende bestemmingsplannen. Daarom dienen deze bestemmingsplannen te worden aangepast.

Figuur 3 Uitsnede verbeelding bestemmingsplannen Ommel Komgebied

Figuur 4 Uitsnede verbeelding bestemmingsplannen Asten buitengebied 2016

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk worden in Hoofdstuk 2 het plangebied, planvoornemen en stedenbouwkundig plan beschreven. Vervolgens wordt in Hoofdstuk 3 ingegaan op de relevante beleidskaders van het Rijk, de provincie en gemeente. Hoofdstuk 4 beschrijft vervolgens de milieu- en omgevingsaspecten. In Hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

7

8

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Hoofdstuk 2 2.1

Planvoornemen

Bestaande situatie

Het plangebied is momenteel grotendeels onbebouwd en in gebruik als weiland. Het oostelijk deel van het plangebied betreft het voormalige korfbalveld. De perceelafscheidingen van het plangebied worden gevormd door bomenrijen en laanbeplanting aan Kluisstraat en Kranenvenweg. Aan de oostzijde wordt de begrenzing gevormd door de sportvelden.

Figuur 5 Impressie van huidig gebruik plangebied.

2.2

Stedenbouwkundig plan

Het planvoornemen bestaat uit de realisatie van 30 woningen. Concreet ziet het programma er als volgt uit: 6 vrije kavel woningen (bouwhoogte maximaal 11,5m); 5 vrijstaand geschakelde woningen (bouwhoogte maximaal 11,5m); 10 rij/hoekwoningen (bouwhoogte maximaal 11,5m); 9 levensloopbestendige rij/hoekwoningen (bouwhoogte maximaal 8m). Onderstaand is de stedenbouwkundige schets afgebeeld met de beoogde indeling van het plangebied.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

9

Figuur 6 Stedenbouwkundig plan

Het plan is te verdelen in een aantal stedenbouwkundige structuren. Deze zijn in onderstaande afbeeldingen weergegeven. De zone in het oostelijk deel van het plangebied is bestemd voor vrijstaand geschakelde woningen die geringer van omvang zijn dan de vrije kavel woningen. Deze woningen sluiten aan op de bestaande structuur aan de Kluizendries, die daarmee als een ader doorloopt in het plangebied. De afronding van deze structuur wordt weer gevormd door twee vrijstaande woningen die haaks op deze rijwoningen zijn geplaatst om de afronding van het plangebied te accentueren.

10

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Figuur 7 Vrijstaande woningen oosten plangebied

In het middengebied is er ruimte voor geschakelde woningen. Daarmee wordt een gemêleerd woonaanbod gecreëerd. Dit deel vormt het hart van het plangebied en ter plaatse is sprake van een dichtere bebouwingsstructuur dan aan de randen van het plangebied. Negen van deze woningen worden uitgevoerd als levensloopbestendige woning. Dit betreffen de rijenwoningen aan de noordzijde van de interne ontsluitingsweg.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

11

Figuur 8

12

Levensloopbestendige woningen

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Figuur 9

Rijwoningen

De overige woningen bestaan uit de vrije kavels. De realisatie van de vrije kavel woningen langs de Kluisstraat zorgt ter plaatse voor een goede afbakening van het gebied. Bij de ontwikkeling wordt aangesloten op de bestaande architectuur en korrelgrootte van de Kluisstraat. Het plangebied krijgt daarmee een zekere grandeur. Daarnaast draagt de ontwikkeling bij aan de versterking van de entree van de kern Ommel. De verkeersstructuren in het plangebied volgen veelal de bestaande verkeerstructuren van de kern van Ommel. Dat wil zeggen dat de Kluizendries is doorgetrokken door het plangebied. Deze weg buigt af richting de Kluisstraat waardoor alle woningen ontsloten zijn. Binnen het plangebied is ook ruimte voor groen en water. Naast de stedenbouwkundige afrondingen vormen met name de groen- en waterstructuren afrondende elementen van het plangebied. De waterberging is beoogd op de hoek van de Kluisstraat en Kranenvenweg en tussen het plangebied en de sportvelden in de vorm van wadi's. Hierdoor krijgt het plangebied een zachte overgang naar de omliggende gebieden. Tegelijkertijd wordt op deze manier een goede verbinding gelegd met het aangrenzende buitengebied.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

13

Figuur 10

Situering waterberging

Het plangebied biedt daarnaast plaats voor diverse groenvoorzieningen. Uitgangspunt van het plan is om de bestaande groenstructuren zoveel mogelijk te behouden en te laten aansluiten op bestaande groenstructuren. De bestaande bomenrij tussen het hoekperceel aan de Kluisstraat/Kranenvenweg blijft met het planvoornemen behouden. Ook de aanwezige houtwal en bomen die in de huidige situatie de twee percelen scheiden, blijven in het plan zoveel mogelijk behouden. Hiermee ontstaan als het ware twee 'kamers' in het stedenbouwkundige plan die door de groenstructuur van elkaar gescheiden worden.

14

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Figuur 11

2.3

Groenelementen plangebied

Verkeer en Parkeren

2.3.1 Verkeer Ontsluiting De verkeersstructuur die met het planvoornemen wordt gerealiseerd, volgt de bestaande verkeersstructuur. Er wordt aangesloten op de Kluizendries, welke als een ader door het plangebied gaat lopen. Deze doorlopende woonstraat sluit aan de westzijde aan op de Kluisstraat. Het woongebied zal voor het gemotoriseerd verkeer niet rechtstreeks op de Kranenvenweg ontsloten worden. Via de Kluisstraat vindt de ontsluiting plaats richting de Kranenvenweg. Via de Marialaan/ Ommelse Bos is vervolgens de Deurneseweg makkelijk te bereiken. De Deurneseweg vormt de ontsluiting naar de N279 en de A67. Het plangebied is derhalve goed ontsloten op het wegennet.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

15

Figuur 12

Beoogde verkeersstructuur plangebied

Door de stedenbouwkundige afronding van het plangebied is de interne weg van nature geschikt voor bestemmingsverkeer. Het snelheidsregime zal conform deze structuur ook gelimiteerd zijn tot 30 km/uur. In het ontwerp is voorgesorteerd op een mogelijk uitbreiding van Ommel aan de overzijde van de Kluisstraat. Er bestaat de mogelijkheid hierop in te toekomst aan te sluiten.

Verkeersgeneratie Het totaal aantal verkeersbewegingen als gevolg van onderhavig planvoornemen wordt ingeschat op basis van de CROW-normen zoals opgenomen in de CROW-publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren en verkeersgeneratie'. De gemeente Asten is conform de demografische kencijfers van het CBS aan te merken als een weinig stedelijke gemeente. De locatie van het plan is gelegen in de stedelijke zone 'rest bebouwde kom'. In onderstaande tabel is de berekening van de verkeersgeneratie van het planvoornemen opgenomen, volgens de verkaveling van het stedenbouwkundig plan. Uitgaande van een maximale bandbreedte genereert het totale plan 243 verkeersbewegingen per weekdag.

functie

plan

koop/ 11 vrijstaand koop/ hoek- 19 tussen

16

verkeersgeneratie van het plan

eenheid

verkeersgeneratie per eenheid min. max.

min.

max.

gem.

1 woning

7,8

8,6

86

95

91

1 woning

7

7,8

133

148

141

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

De Kranenvenweg doet dienst als Erftoegangsweg type 1 buiten de bebouwde kom. Deze weg vormt een hoofdroute in het buitengebied en kent een maximum snelheid van 60 km/uur. De Kluisstraat is gelegen binnen de bebouwde kom en kent een snelheid van 30 km/uur. Deze weg is getypeerd als een erftoegangsweg type 2. Op basis van de milieuverkeerskaart van de gemeente Asten wordt verwacht dat de verkeersintensiteiten van zowel de Kluisstraat, Kluizendries als Kranenvenweg in 2031 (uitgaande van een planhorizon van 10 jaar en een autonome groei van 1%) maximaal 1.414 motorvoertuigen per etmaal zullen bedragen. Landelijk wordt als maatgevende verkeersintensiteit op een erftoegangsweg uitgegaan van maximaal 5000-6000 motorvoertuigen per etmaal. Dit aantal is gebaseerd op de verblijfsfunctie van dergelijke wegen. Deze intensiteitsgrens blijft met de ontwikkeling van het onderhavige plangebied ruimschoots onder de maatgevende verkeersintensiteit. Er kan derhalve geconcludeerd worden dat de ontwikkeling niet leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling. 2.3.2 Parkeren De nota Parkeernormen van de gemeente Asten reikt sinds 2016 een aantal normen aan voor parkeergelegenheden bij verschillende functies. De parkeernormen geven per type gebied aan hoeveel parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden bij nieuwbouw of uitbreiding van bestaande bouw.

De in de nota genoemde normen zijn gebaseerd op de kencijfers van het CROW. Het plangebied is aangeduid als gebiedstype 'rest bebouwde kom'. De parkeerbehoefte die gerealiseerd dient te worden voor de functie in dit gebied is afhankelijk van de typen woningen en de prijsklasse van de woningen. De parkeerbehoefte per woningtype is weergeven in onderstaande tabel.

koop vrijstaand

2,3

koop etage duur

2,1

koop twee onder een kap

2,2

huur etage midden/ goedkoop

1,4

koop tussen/ hoek

2,0

huur etage duur

1,9

koop etage goedkoop

1,6

huur sociale huur

1,6

koop etage midden

1,9

huur vrije sector

2,0

Dit planvoornemen maakt 30 grondgebonden woningen mogelijk. In het plan worden 11 vrijstaande woningen en 19 tussen-/ hoekwoningen gerealiseerd (waaronder 9 levensloopbestendige woningen). De bijbehorende parkeeropgave bedraagt daarmee afgerond 64 parkeerplaatsen (63,3) en is als volgt opgebouwd: 11 vrijstaande woningen * 2,3 = 25,3 parkeerplaatsen 19 tussen-/hoekwoningen * 2,0 = 38 parkeerplaatsen De gemeente Asten streeft ernaar om de parkeervraag zoveel mogelijk op eigen terrein op te vangen. Uitgangspunt in het planvoornemen is dat de vrijstaande woningen op eigen perceel voorzien in de parkeerbehoefte. De percelen van de woningen zijn ruim opgezet, waardoor een groot deel van de parkeerplaatsen op de kavels kan worden opgevangen. Op de kavels van de vrijstaande woningen worden 22 parkeerplaatsen gerealiseerd. Daarnaast worden op enkele percelen van de

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

17

rijwoningen/levensloopbestendige woningen 9 parkeerplaatsen gerealiseerd. Totaal bedraagt het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein daarmee 31. Er resteert daarmee een restopgave van 33 parkeerplaatsen die in de openbare ruimte gerealiseerd dienen te worden (64-31). Binnen het plangebied zijn daarvoor de volgende parkeerplaatsen voorzien: 22 parkeerplaatsen in parkeerhavens achter de levensloopbestendige woningen; 11 parkeerplaatsen langsparkeren langs de doorgaande straat; Er is daarmee sprake van een sluitende parkeerbalans. Navolgend figuur geeft deze parkeerplaatsen weer in een stedenbouwkundig plan.

Figuur 13

2.4

Stedenbouwkundig plan met parkeerplaatsen

Natuurinclusieve inrichtingsmaatregelen

Voor dit planvoornemen staat het “natuurinclusief” bouwen voorop. Dit betekent dat de natuur de basis vormt voor de inrichting van de wijk en dat het gebruik van de ruimte zich voegt naar de ontwerpregels van de natuur.

18

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

2.4.1 Gebouw- en perceelsgebonden maatregelen Er wordt gestreefd naar voldoende bomen (bes-dragend) struiken en struwelen aanplant tezamen met een mix van grassen en kruiden voor nestmateriaal. Voor de vlindersoorten is een mantelzoom vegetatie van belang. Voor de diverse zoogdieren is het van belang voldoende rustige plekken te creëren. Het niet toegankelijk maken van het bestaande bosschage voor mensen kan hieraan bijdragen. Het toepassen van een hogere plantdichtheid en gemengde brede hagen liefst met wintergroen draagt hieraan bij. Daarnaast aanplanten van inheemse grassen, kruidige planten en inheemse bomen. Struiken en struwelen kunnen in lijnen worden aangeplant waar mogelijk. Incidenteel kunnen er op strategische plekken takkenrillen worden geplaatst en op de overgang naar bos kan er gekozen worden voor korter natuurlijk grasland. Ook wordt gestreefd naar het aanplanten van inheemse grassen, kruiden, bloemenvelden, struiken en solitaire bomen. Bloeiende kruiden, struiken en bomen zijn van groot belang voor de insecten, vlinder en bijenstand binnen het plangebied. de inrichting van de uit te geven kavels en het ontwerp van de te bouwen woningen dienen te voldoen aan de ontwerpregels van de natuur: Toepassen van klimaat regulerende maatregelen als dakoverstekken en veranda's voor schaduwwerking. Stimuleren van het aanbrengen van dak- en gevelgroen.

Stimuleren van het zo min mogelijk toepassen van verharding in de voortuinen. Erfafscheidingen van natuurlijke materialen waarbij voorzieningen worden opgenomen voor huisvesting zoogdieren vogels en insecten. Bijvoorbeeld aanbrengen wilgentenen, houtschors korven e.d. Gebruik van natuurlijke bouwmaterialen, baksteen en hout. Het gebruik van gemetselde erfafscheidingen en schuttingen is onwenselijk en derhalve niet toegestaan. Om het leefgebied van grondgebonden zoogdieren te vergroten kunnen er erfafscheidingen worden toegepast welke een opening aan de grond hebben. Groene gevels en daken in en op gebouwen Nestgelegenheden voor vogels en vleermuizen in gebouwen Realiseren van Insectenhotels en takkenrillen Deze geformuleerde ontwerpregels zijn nader uitgewerkt in een puntensysteem Bijlage 1 Puntentelling natuurinclusief bouwen. Dit puntensysteem maakt onderdeel uit van de bouwregels, waarmee de gebouw- en perceelgebonden natuurinclusieve maatregelen planologisch zijn geborgd in de bouw- en gebruiksregels. Daarnaast geldt dat het stedenbouwkundig plan als bijlage onderdeel uitmaakt van de planregels en wordt in de regels geborgd dat de doelstelling en benoemde natuurinclusieve maatregelen voor de openbare ruimte zijn geborgd in het plan.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

19

20

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskader

Rijksbeleid

3.1.1 Structuurvisie infrastructuur en ruimte De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 13 maart 2012 vastgesteld en in werking getreden. De SVIR vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de Mobiliteitsaanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving en vervangt enkele ruimtelijke doelen en uitspraken uit andere documenten. In deze visie schetst het Rijk de ambities tot 2040 en de doelen, belangen en opgaven tot 2028. Daarmee moet Nederland concurrerend, bereikbaar en veilig worden. Anders dan in de Nota Ruimte gaat de structuurvisie uit van het adagium 'decentraal, tenzij'. Het rijk kiest voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Afspraken over verstedelijking, groene ruimte en landschap laat het Rijk over aan de provincies en gemeenten. Gemeenten krijgen ruimte voor kleinschalige natuurlijke groei en voor het bouwen van huizen die aansluiten bij de woonwensen van mensen. Bij het beheren en ontwikkelen van natuur krijgen boeren en particulieren in het landelijk gebied een grotere rol.

Gevolg planvoornemen Het plangebied is niet gelegen in een gebied waar door het Rijk een nationaal belang is aangewezen. Geconcludeerd wordt dat de SVIR geen consequenties heeft voor voorliggend plan.

3.1.2 Besluit en Regeling Algemene Regels Ruimtelijke Ordening Het Barro voorziet in de juridische borging van het nationale ruimtelijke beleid. Het bevat regels die de beleidsruimte van andere overheden ten aanzien van de inhoud van ruimtelijke plannen inperken, daar waar nationale belangen dat noodzakelijk maken. Hierin zijn in totaal 11 onderwerpen van nationaal belang opgenomen. Naast het Barro is ook de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) in werking getreden. In het Barro is bepaald dat bij ministeriële regeling verschillende militaire terreinen, gebieden, objecten en zones worden aangewezen, waar gemeenten bij de vaststelling van bestemmingsplannen rekening mee moeten houden. In de Rarro wordt daar uitvoering aan gegeven.

Gevolg planvoornemen Het planvoornemen heeft geen gevolgen voor aangewezen nationale belangen. Er zijn geen nationale belangen van toepassing op het plangebied. Derhalve hebben het Barro en de Rarro geen consequenties voor voorliggend plan. Het Barro en de Rarro vormen geen belemmering voor dit planvoornemen.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

21

3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking Op grond van artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening dienen overheden nieuwe stedelijke ontwikkelingen te motiveren (Ladder-onderbouwing). Per 1 juli 2017 zijn de drie treden van de Ladder losgelaten en geldt dat de toelichting bij een bestemmingsplan of ruimtelijke onderbouwing voor de aanvraag omgevingsvergunning die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving bevat van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan of de omgevingsvergunning die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaande stedelijk gebied, een motivatie waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Zoals gezegd is de Ladder-onderbouwing verplicht voor 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen'. Onder stedelijke ontwikkeling wordt de ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein, zeehaventerrein, kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen verstaan. Deze laatste categorie is in de handreiking bij de Ladder voor duurzame verstedelijking (ministerie van Infrastructuur en Milieu) nader gespecificeerd in accommodaties voor onderwijs, zorg, cultuur, bestuur en indoorsport en leisure. In de definitie voor stedelijke ontwikkeling (artikel 1.1.1 lid 1 sub i van het Bro) is geen ondergrens opgenomen.

Hieruit zou men kunnen concluderen dat iedere stedelijke ontwikkeling, hoe kleinschalig dan ook, valt binnen het toepassingsbereik van de Ladder. Echter, uit vaste jurisprudentie van de Afdeling blijkt dat er wel sprake kan zijn van een voorziene ontwikkeling die te kleinschalig is om als nieuwe stedelijke ontwikkeling te kunnen worden aangemerkt. Zo wordt de ontwikkeling van 11 woningen niet aangemerkt als stedelijke ontwikkeling (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). Met het planvoornemen is sprake van de realisatie van 30 woningen. Het plangebied is bovendien grotendeels niet gelegen binnen stedelijk gebied. Er zal dus dienen te worden aangetoond dat er behoefte bestaat voor de ontwikkeling en dat hierin niet binnen stedelijk gebied kan worden voorzien.

Gevolg planvoornemen Actuele regionale behoefte De gemeente Asten wil graag tegemoetkomen aan de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte. Daarbij is er uiteraard aandacht voor doelgroepen als senioren, statushouders of minder validen die ook goed moeten kunnen leven en werken in Asten. De woningvoorraad binnen de gemeente dient zowel kwantitatief als kwalitatief aan te sluiten bij de woonwensen van deze en andere doelgroepen binnen de gemeente en de regio waarin de gemeente is gelegen. In de provinciale 'Bevolkings- en woningbehoefteprognose Noord-Brabant, Actualisering 2020' wordt voor de gemeente Asten in de bevolkings- en woningbehoefteprognoses uitgegaan van een groei van de woningvoorraad met 545 woningen in de periode 2022-2031. In de bevolkings- en woningbehoefteprognoses van 2017 werd in diezelfde periode nog een groei van de woningvoorraad met 430 woningen voorzien. De nieuwe prognoses geven dus meer ruimte om extra bouwplannen te gaan realiseren in de gemeente Asten. De harde plancapaciteit binnen de gemeente Asten droogt echter in snel tempo op. Dit in combinatie met de geactualiseerde (hogere) woningbouwprognoses en het relatief beperkt aantal woningbouwprojecten in de pijplijn maken het versnellen van de woningbouwproductie noodzakelijk en urgent. Voorliggend planvoornemen draagt hieraan bij.

In het integraal dorpsontwikkelingsplan Ommel (IDOP) uit 2017 was daarnaast al gewezen op de noodzaak van de realisatie van woningbouw voor de kern met het oog op de leefbaarheid in de kern. De nieuwbouw is de afgelopen jaren gestagneerd in Ommel. Door een gespannen woningmarkt en weinig of te duur aanbod moeten met name starters veelvuldig uitwijken naar andere plaatsen. Woningbouw hangt sterkt samen met andere zaken, zoals het voorbestaan van de school, het verenigingsleven en voorzieningen. Bouwen in Ommel is daarom essentieel voor de leefbaarheid van de kern. Ook in de Toekomstagenda 2030 is vastgelegd dat het vitaal houden van de dorpen van cruciaal belang is (zie ook paragraaf 3.4.1 Toekomstagenda 2030). Voor

22

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Ommel specifiek is het resultaat in 2030 meer dan 1000 inwoners voor Ommel. Het is het initiatief van inwoners om de leefbaarheid in Ommel structureel en voortvarend aan te pakken door middel van substantiële nieuwbouw en het aantrekken van nieuwe inwoners. Vanuit deze maatschappelijke wens is het van belang om een woningbouwlocatie te hebben, waarbij ruimte wordt geboden aan een gedifferentieerd aanbod. Voorliggend initiatief heeft een gedifferentieerd aanbod en draagt derhalve in grote mate bij aan het leefbaar houden van de kern. De woningen die mogelijk worden gemaakt in dit bestemmingsplan dragen daarnaast bij aan het dekken van die actuele behoefte en passen ook binnen voornoemde regionaal afgestemde programmering en de gemeentelijke invulling daarvan in de 'Versnellingsagenda Woningbouw Asten' en 'Woningbouwmonitor gemeente Asten 2022-2031'. In de 'Versnellingsagenda Woningbouw Asten' zijn de meest urgente doelgroepen met betrekking tot woningbouw in kaart gebracht. Hier dient prioriteit aan te worden gegeven. Zo wordt er geconcludeerd: "Bij een aantal doelgroepen – met name de starters, eenpersoonshuishoudens, senioren en zelfbouwers – signaleren we grote problemen om een geschikte woning te vinden". Het planvoornemen voorziet onder andere in kavels voor zelfbouwers en levensloopbestendige woningen.

Hiermee wordt er aangesloten op de wensen van twee urgente doelgroepen. Daarnaast worden er woningen in het middensegment aangeboden, hetgeen doorstroommogelijkheden genereert. Voormalige starters kunnen zo doorstromen naar de in het planvoornemen gegenereerde middenwoningen waardoor er ruimte voor nieuwe starters ontstaat. Het plan voorziet daarmee in de kwalitatieve behoefte.

Daarnaast is het plan vernoemd in het coalitieakkoord 2022 -2026. Ook is het plan afgestemd in sub Regio de Peel. Het plan is noodzakelijk om de harde plancapaciteit in de kern Ommel op peil te houden.

Op grond van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat de woningen die binnen het plangebied mogelijk worden gemaakt zowel kwalitatief als kwantitatief aansluiten bij de actuele regionale behoefte.

Bestaand stedelijk gebied Uit het Besluit ruimtelijke ordening blijkt dat onder bestaand stedelijk gebied moet worden verstaan: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. Uit de parlementaire geschiedenis ten aanzien van de implementatie van 'de ladder' in het Besluit ruimtelijke ordening blijkt dat aan de hand van de feitelijke situatie moet worden beoordeeld of een bepaald gebied als stedelijk gebied wordt ervaren. De ter plaatse geldende bestemmingsplannen en provinciale verordeningen kunnen daarbij ondersteunend werken. Het plangebied is niet gelegen in het bestaand stedelijk gebied (met uitzondering van de woning naast Kluisstraat 45) op basis van de Interim Omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant, maar sluit wel aan op de bestaande dorpsstructuur van de kern Ommel. Gezien de omvang van de woningbouwopgave, voortvloeiende uit de Woningbouwmonitor, kan worden gesteld dat invulling van deze behoefte binnen bestaand stedelijk gebied voor Ommel niet mogelijk is. Daarvoor zijn de potentiële inbreidingslocaties te beperkt in omvang. Dat blijkt ook uit de harde plancapaciteit, waarbij er binnenstedelijk slechts enkele woningen zijn gerealiseerd.

Ook in de Toekomstagenda 2030 is vastgelegd dat het vitaal houden van de dorpen van cruciaal belang is (zie ook paragraaf 3.4.1 Toekomstagenda 2030). Daarin is vastgelegd dat er in iedere kern zal worden gebouwd om de leefbaarheid op peil te houden. Voor de kern Ommel moet er een inhaalslag gemaakt worden. Daarin voorziet dit plan.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

23

In Ommel zijn daarnaast op korte termijn geen andere locaties voor inbreiding en/of herstructurering beschikbaar op een schaal en met een differentiatie die vergelijkbaar is met de omvang van de beoogde locatie. Het is derhalve noodzakelijk om te kijken naar uitleglocaties. Vanuit de Provinciale verordening zijn deze locaties ('verstedelijking afweegbaar') voornamelijk gelegen aan de oostzijde van Ommel.

Figuur 14

Locaties waar verstedelijking afweegbaar is (gearceerde zone) o.b.v. Provinciale interim verordening

Het buitengebied ten oosten van Ommel wordt gekenmerkt door voornamelijk lintbebouwing. Deze stedenbouwkundige structuur maakt het minder wenselijk om middelgrote woningbouwprojecten te realiseren, maar zal eerder passend zijn voor meer kleinschaligere initiatieven. De voorliggende planlocatie daarentegen is in ruimtelijke zin een natuurlijke afronding van de kern. De bestaande kern heeft immers geen duidelijk afrondend karakter en ook de bestaande infrastructuur is niet van dergelijke aard. Daarnaast is ten oosten van de kern van Ommel wel een uitleglocatie voorzien, te weten 'Ommel Oost'. Deze planontwikkeling zal echter niet op relatief korte termijn gerealiseerd worden, waardoor het gerechtvaardigd is om een andere uitleglocatie in ontwikkeling te brengen om op korte termijn aan de woningbehoefte te kunnen voldoen.

24

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Figuur 15a

Bestaande situatie aan rand plangebied (Kluizendries), ontsluiting stuit relatief abrupt op buitengebied (sportveld)

Door de stedenbouwkundige vormgeving van het plangebied wordt een logische afronding van de kern van Ommel gerealiseerd. In de ontwerp omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant is er daarnaast meer aandacht gekomen voor maatwerk, in plaats van de gezoneerde gebieden voor potentiële verstedelijking. Uitgangspunt is daarbij de lagenbenadering waarbij de fysieke, functionele en stedenbouwkundige kenmerken van het gebied leidend zijn voor de afweging. De bovenstaande overwegingen sluiten daarbij goed aan. De planlocatie is namelijk zowel in fysieke en functionele zin een afronding van de kern van Ommel. In paragraaf 3.2.2 Interim Omgevingsverordening wordt dieper ingegaan op de lagenbenadering.

Conclusie Gezien het voorgaande is sprake van een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in het Bro, waaraan een actuele en regionaal afgestemde behoefte bestaat, die past binnen de actuele woningbouwprogrammering. Het bouwen buiten bestaand stedelijk gebied is daarnaast noodzakelijk omdat er binnen de kern Ommel geen binnenstedelijke locaties aanwezig zijn waar het woningbouwprogramma van voorliggend voornemen mogelijk gemaakt kan worden. Derhalve wordt geconcludeerd dat voldaan wordt aan de ladder voor duurzame verstedelijking uit het Bro. 3.1.4 Nationale Omgevingsvisie De nationale omgevingsvisie (NOVI) is op 11 september 2020 vastgesteld. Deze visie is door het rijk opgesteld in het kader van de nieuwe omgevingswet, die naar verwachting per 1 juli 2022 in werking zal treden. Aan de hand van een toekomstperspectief is hierin de langetermijnvisie in beeld gebracht. Op nationale belangen wil het Rijk (net als nu) sturen en richting geven. Hiervoor worden de volgende vier prioriteiten onderscheiden: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaat adaptatie. Duurzaam economisch groeipotentieel. Sterke en gezonde steden en regio's. Toekomstigbestendige ontwikkelingen van het landelijk gebied.

Om invulling te kunnen geven aan deze vier prioriteiten hanteert het rijk de volgende drie afwegingsprincipes: 1. 2. 3.

Combinaties van functies gaat voor enkelvoudige functies. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Afwentelen wordt voorkomen.

Met de NOVI wordt gebouwd aan sterke, aantrekkelijke en gezonde steden, waarbij wordt gestreefd naar de verdere ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. De wens is om daar naartoe te groeien en een goed bereikbaar netwerk van steden en regio's te realiseren. De grote actuele woningbehoefte vraagt tegelijkertijd om oplossingen op korte termijn. Het kabinet heeft voor de korte termijn daarom een pakket aan maatregelen voorgesteld om de woningbouw een nieuwe, stevige impuls te geven. De locaties bevinden zich in het Stedelijk Netwerk Nederland. Het planvoornemen vindt plaats in lijn met de ambities van de integrale verstedelijkingsstrategie, het versnellen van de noodzakelijke woningbouwopgave, klimaatbestendig en natuurinclusief. De opgave is daarbij om de veiligheid en gezondheid van onze leefomgeving zodanig te verbeteren dat in 2050 negatieve omgevingseffecten op onze gezondheid naar een verwaarloosbaar laag niveau zijn gebracht. Daarnaast streeft het kabinet ernaar om in 2030 te voldoen aan de huidige WHO-advieswaarden. Ook het tot een verwaarloosbaar niveau terugbrengen van omgevingsrisico's als gevolg van industriële activiteiten en

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

25

transport (omgevingsveiligheid) is onderdeel van de opgave.

Gevolg planvoornemen In dat kader wordt voortgeborduurd op de SVIR en voorziet het planvoornemen in de ontwikkeling van 30 grondgebonden, deels levensloopbestendige woningen aansluitend aan het bestaande bebouwd gebied van de kern van Ommel. Het plangebied wordt klimaatbestendig en duurzaam gerealiseerd, waarbij aandacht is voor het invullen van de woningbehoefte in de gemeente. Het planvoornemen draagt daarmee bij aan de ontwikkeling van een sterke, aantrekkelijke en gezonde gemeente.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1 Omgevingsvisie 'de kwaliteit van Brabant' Op 14 december 2018 hebben de Provinciale Staten de Omgevingsvisie 'De kwaliteit van Brabant' vastgesteld. Deze omgevingsvisie vervangt na het inwerking treden van de Omgevingswet de provinciale structuurvisie. Met de omgevingsvisie formuleert de provincie haar ambitie over hoe zij de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit wil laten zien. Daarbij stelt zij tussendoelen voor 2030, maar legt nu nog niet vast hoe zij die doelen wil bereiken. De provincie wil daarmee ruimte bieden voor inbreng vanuit partijen en disciplines. Om hiermee aan de slag te gaan is volgens de provincie een verdere uitwerking van de ambities nodig in de vorm van programma's. Met de visie geeft de provincie aan wat zij belangrijk vindt voor de verbetering en duurzame ontwikkeling van Brabant. Daarbij ligt de focus op vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn: werken aan energietransitie; een klimaatproof Brabant; de slimme netwerkstad, en een concurrerende duurzame economie. Deze vier hoofdopgaven staan ten dienste van de basis opgave: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Om te komen tot de slimme netwerkstad richt de provincie zich op duurzame verstedelijking. Zij wil daarin richting geven door middel van het bevorderen van regionale afspraken, het sturen op zorgvuldig ruimtegebruik en het periodiek opstellen van prognoses.

Verder wil zij een actieve rol spelen om beweging te stimuleren (o.a. door samen te werken bij gebiedsopgaven en bij het opstellen van uitvoeringsprogramma's) en gewenste ontwikkelingen mogelijk te maken.

Gevolg planvoornemen Met de vestiging van deze functies ziet het planvoornemen toe op een afronding van de kern van Ommel. In en rondom de kern van Ommel zijn er weinig tot geen alternatieven voor een dergelijk project. De gebieden ten oosten van de kern worden gekenmerkt door lintbebouwing met een afwijkende stedenbouwkundige en landschappelijke structuur en binnenstedelijk zijn er geen locaties om in de woningbouwbehoefte te voorzien. Door de voorziene invulling van dit perceel wordt dientengevolge aangesloten bij de reeds bestaande stedelijke structuur en infrastructuur, e.e.a. zoals in het stedenbouwkundig plan omschreven. De nieuwe woningen zullen tenslotte voldoen aan de BENG-eisen, waardoor de woonbehoefte duurzaam wordt

26

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

ingevuld. Daarbij zal ook aandacht worden besteed aan de best beschikbare technieken in het kader van energieverbruik. Het planvoornemen is gezien het bovenstaande in lijn met de omgevingsvisie.

3.2.2 Interim Omgevingsverordening Provinciale Staten hebben in augustus 2023 de Interim omgevingsverordening vastgesteld (geconsolideerde versie d.d. 8 december 2020). De Interim omgevingsverordening betreft een samenvoeging van verschillende regelingen op provinciaal niveau met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Dit betekent dat de regels betrekking hebben op milieu, natuur, ruimtelijke ordening, water, bodem en wegen. De Interim omgevingsverordening is daarbij een eerste stap op weg naar een definitieve omgevingsverordening, die op grond van de Omgevingswet wordt vastgesteld en die verplicht is voor provincies. De Interim omgevingsverordening vervangt een aantal provinciale verordeningen: provinciale milieuverordening; verordening natuurbescherming; verordening ontgrondingen; verordening ruimte; verordening water; verordening wegen. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid zoals de Omgevingsvisie. De beleidsneutrale omzetting betekent overigens niet dat er in het geheel geen wijzigingen ten opzichte van de huidige verordeningen zijn verwerkt. Belangrijke uitgangspunten vanuit de Omgevingsvisie zijn verwerkt.

De nieuwe manier van werken met diep, rond en breed kijken is opgenomen en er wordt vaker een koppeling gelegd met omgevingskwaliteit door bijvoorbeeld sanering van leegstaand vastgoed elders. De nadruk op omgevingskwaliteit komt ook tot uitdrukking bij de kwalitatieve benadering voor hergebruik van leegstaand vastgoed in het landelijk gebied en duurzame verstedelijking. De voorgenomen planontwikkeling ziet toe op het toevoegen van 30 grondgebonden woningen. Het plangebied is op basis van de interim omgevingsverordening gelegen in het landelijk gebied. De locatie is niet aangeduid als gebied waar 'Verstedelijking Afweegbaar' is. Een uitsnede van de verbeelding van de verordening is in figuur 15 weergegeven. In het navolgende worden de relevante regels uit de interim verordening, die van toepassing zijn op voorliggend voornemen, samengevat en vindt de toets aan de regels plaats.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

27

Figuur 15

Uitsnede verbeelding Interim omgevingsverordening

Basisprincipes Op basis van de Interim omgevingsverordening dient een aantal basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies gehanteerd te worden om invulling te kunnen geven aan een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving. Er dient rekening gehouden te worden met de volgende basisprincipes: 1. 2. 3.

zorgvuldig ruimtegebruik; de waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering; meerwaardecreatie.

AD 1 Zorgvuldig ruimtegebruik Zorgvuldig ruimtegebruik houdt in dat de toedeling van functies in beginsel plaatsvindt binnen bestaand ruimtebeslag voor bebouwing, behalve in de gevallen dat nieuwvestiging mogelijk is op grond van de interim verordening en er feitelijke of vanuit kwalitatieve overwegingen onvoldoende ruimte is en uitbreiding al dan niet gelijktijdig met de vestiging van een functie op grond van de interim verordening is toegestaan. Bij een stedelijke ontwikkeling moet daarnaast toepassing gegeven zijn aan artikel 3.1.6., tweede lid van het Besluit ruimtelijke ordening (ladder voor duurzame verstedelijking). AD 2 De lagenbenadering De lagenbenadering omvat de effecten op: de ondergrond, zoals de bodem, het grondwater en archeologische waarden; de netwerklaag, zoals infrastructuur, natuurnetwerk, energienetwerk, waterwegen waaronder een goede, multimodale afwikkeling van personen- en goederenvervoer; de bovenste laag zoals cultuurhistorische en landschappelijke waarden, de omvang van de functie en de bebouwing, de effecten op bestaande en toekomstige functies, de effecten op volksgezondheid, veiligheid en milieu. AD 3 Meerwaardecreatie Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken, waaronder:

28

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

de mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren waardoor er meerwaarde ontstaat; de bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn. Een bestemmingsplan dat een ruimtelijke ontwikkeling in Landelijk gebied mogelijk maakt, bepaalt daarnaast dat die ruimtelijke ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of omgeving. Het bestemmingsplan motiveert dat de verbetering past binnen de gewenste ontwikkeling van het gebied én op welke wijze de uitvoering is geborgd door dat: dit financieel, juridisch en feitelijk geborgd is in het plan; of de afspraken uit het regionaal overleg worden nagekomen. Stedelijke ontwikkelingen Op grond van artikel 3.42 van de interim verordening is de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen in beginsel uitsluitend toegestaan binnen Stedelijk gebied. In afwijking van artikel 3.42 kan een bestemmingsplan ter plaatse van de aanduiding 'Verstedelijking afweegbaar' voorzien in de nieuwvestiging van een duurzame stedelijke ontwikkeling als: 1. 2. 3. 4.

binnen stedelijk gebied feitelijk of vanuit kwalitatieve overwegingen onvoldoende ruimte beschikbaar is; transformatie van cultuurhistorisch waardevol of geschikt leegstaand vastgoed niet tot de mogelijkheden behoort; de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken; de stedenbouwkundige en landschappelijke inrichting rekening houdt met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving waaronder een duurzame afronding van het stedelijk gebied.

Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: 1. 2. 3. 4.

bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; 5. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; 6. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Daarnaast houdt de stedenbouwkundige en landschappelijke inrichting rekening met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving, waaronder een duurzame afronding van het stedelijk gebied.

Gevolg planvoornemen Zorgvuldig ruimtegebruik Binnenstedelijk in de kern Ommel zijn geen inbreidingslocaties voorhanden op een schaal en met een differentiatie die vergelijkbaar is met de omvang van de beoogde locatie. Uit de woninbouwmonitor Asten 2022-2031 volgt tevens dat binnen Ommel voor de komende periode binnenstedelijk geen locaties beschikbaar zijn, en dat het plangebied daarin als uitleglocatie is opgenomen. Het planvoornemen voorziet in een afronding van de kern van Ommel, maar is niet binnen stedelijk of stedelijk afweegbaar gebied gelegen. Het stedelijk afweegbaar gebied is gelegen aan de oostzijde van Ommel.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

29

Figuur 16

Locaties waar verstedelijking afweegbaar is (gearceerde zone) o.b.v. Provinciale interim verordening

Dit gebied wordt echter gekenmerkt door een schakering van agrarische objecten en voormalige agrarische objecten die momenteel in gebruik zijn als woonboerderij. Er is sprake van lintbebouwing met een verder open structuur.

Figuur 17

30

Impressie van de functionele en ruimtelijke structuur ter hoogte van de Jan van Havenstraat en Kennisstraat

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Figuur 18

Agrarische locatie aan de Jan van Havenstraat

Uit de ruimtelijke en functionele structuur in het gebied ten oosten van de kern van Ommel, hetgeen als 'verstedelijking afweegbaar' is aangeduid, volgt dat hier kleinschalige, landelijke wooninitiatieven kansrijk en passend zijn. Daarmee kan echter niet in volledigheid worden voorzien in de woningbouwopgave voor Ommel. Ook binnenstedelijk bestaat er geen capaciteit om hierin te voorzien. Het is derhalve noodzakelijk naar alternatieven te kijken. Door de voorziene invulling van het plangebied wordt aangesloten bij de reeds bestaande stedelijke structuur en infrastructuur. Daarmee vormt het planvoornemen een afronding van de kern van Ommel.

De waarden in een gebied met toepassing van de lagenbenadering De onderste laag De gemeente Asten is gelegen in de regio Peelrand. De regio Peelrand is een zwak golvend dekzandlandschap dat als een hoefijzer rond het voormalige veengebied van de Peel ligt. De Peelrand bestaat uit een ring van middeleeuwse dorpen op enige afstand van het voormalige veengebied van de Peel. Deze oude dorpen worden gekenmerkt door akkercomplexen, schaarse groenlanden en voormalige heidevelden. De heidevelden zijn in de negentiende en twintigste eeuw ontgonnen en grotendeels omgezet in landbouwgrond, waardoor er een waardevol mozaïek is ontstaan van jonge en oude ontginningen. Dragende structuren in de regio zijn de oude zandontginningen met akkercomplexen, beemden, broekgebieden. Door de Peelgemeenten en waterschap Aa en Maas is in 2021 het ruimtelijk afwegingskader De Peel opgesteld. Het ruimtelijk afwegingskader is een instrument voor het (onderling) afwegen, combineren en inpassen van ruimtelijke ontwikkelingen. Basis voor het afwegingskader zijn de vier (deel) landschappen van de Peelregio en de afweging op basis van de waarden van het landschap. Het plangebied van voorliggende ruimtelijke ontwikkeling is gelegen in het landschapstype 'oude zandontginningen landschap'. De dragers van dit landschap zijn essen, kampen, oude erven en weidegronden langs beken.

De kleinschalige grillige verkaveling (behalve op de essen) wordt deels omzoomd door houtwallen. Zowel beken als wegen kronkelen door dit landschap. (Agrarisch) bouwland is hogerop gelegen terwijl de weilanden juist bij de beken liggen. Daarnaast is er een afwisseling van coulissen (houtwal, bosjes en lanen) en open ruimten (o.a. essen) aanwezig. Ten slotte wordt het landschap gekenmerkt door een micro reliëf van essen en kampen.

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

31

De verstedelijkingsopgave in dit gebied vraagt om een zorgvuldige inpassing. Om vorm te geven aan deze inpassing dient uitbreiding bij de stads- en dorpsranden plaats te vinden, waarbij gebruik gemaakt wordt van natuurinclusieve of klimaatadaptieve buurten. Daarbij dient rekening gehouden te worden met de (versterking van de) fysieke kenmerken bij de inpassing van de opgave. Hiermee wordt bij onderhavige ontwikkeling sterk rekening gehouden door behoud en inpassing van de bestaande houtwal en groenstructuren in het stedenbouwkundig ontwerp. Hiermee ontstaan binnen het plangebied clusters van bebouwing langs de randen van het dorp die goed aansluiten bij de bestaande structuren en landschappelijke kwaliteiten. In het gebied rondom Ommel zijn geen cultuurhistorisch waardevolle landschappen gelegen waar rekening mee moet worden gehouden. Ten westen van het plangebied is het aardkundig waardevolle gebied Oostappensche heide gelegen. Dit gebied is van aardkundige betekenis door de aanwezigheid van hoge en lage landduinen in het heidegebied en een vrij natuurlijke, gave en markante overgang naar het beekdal van de Astensche Aa. De voorgenomen ontwikkeling heeft echter geen effect op de waarden van dit gebied. Archeologisch gezien heeft het gebied op basis van de IKAW een hoge trefkans. Daarom is archeologisch onderzoek uitgevoerd.

Op basis van het onderzoek (zie ook paragraaf 4.9 Archeologie) wordt de middelhoge verwachting voor zowel vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum als voor nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Volle Middeleeuwen (tot in de 13e eeuw) naar laag bijgesteld. De resultaten van het booronderzoek geven daarnaast aanleiding om de hoge verwachting voor resten uit de Late Middeleeuwen (vanaf de 13e eeuw) tot en met de Nieuwe tijd voor het noordwestelijke deel van het plangebied bij te stellen naar laag en de lage verwachting voor het overgrote deel van het plangebied te handhaven. Er worden derhalve op basis van het onderzoek geen negatieve effecten verwacht op de mogelijke archeologische waarden in het gebied. Tot slot is in 2020 is voor de gemeente Asten een klimaatstresstest uitgevoerd. Zo weet de gemeente welke plekken in de gemeente kwetsbaar zijn voor droogte, hitte en wateroverlast. Uit de klimaatstresstest blijkt dat het plangebied niet behoort tot een kwetsbare locatie in de gemeente voor wateroverlast, grondwateroverlast, hittestress en verdroging.

De netwerklaag Het plangebied wordt begrensd door de Kluisstraat aan de westzijde en de Kranenvenweg aan de zuidzijde. Dit zijn tevens de belangrijkste ontsluitingswegen van de kern Ommel aan de zuidzijde. Via de Kluisstraat is het dorp Ommel te bereiken. De Kranenvenweg is een belangrijke ontsluitingsweg in het buitengebied. Via de Marialaan/ Ommelse Bos is vervolgens de Deurneseweg makkelijk te bereiken. De Deurneseweg vormt de ontsluiting naar de N279, de A67 en Asten. Ook via de Beekstraat/Dijksstraat is Asten goed bereikbaar. Het plangebied is daarmee goed ontsloten op de infrastructuur binnen de gemeente. De Kranenvenweg is een historische geografielijn van redelijk hoge waarde. Deze weg maakt onderdeel uit van het wegenpatroon dat van oudsher door het landschap heen kronkelt. Deze lijn wordt met de ontwikkeling niet aangetast, omdat bestaande structuren en landschappelijke kwaliteiten worden gerespecteerd in het stedenbouwkundige plan. Qua natte infrastructuur zijn op basis van de legger oppervlaktewateren van het waterschap Aa en Maas geen watergangen in het plangebied gelegen. Ten zuiden van het plangebied ligt wel een droogliggende sloot, maar deze heeft geen status als A- of B- watergang en zal in de planvorming behouden blijven. In het plangebied zijn daarnaast geen planologisch relevante leidingen gelegen.

Het meest nabij gelegen Natura 2000 gebied is gelegen op circa 7 kilometer van het plangebied. Dit betreft het Natura 2000 gebied Stabrachtse Heide & Beuven. Als gevolg van de planontwikkeling treden geen negatieve effecten op de Natura 2000 gebieden op. Uit de kaart Natuurbeleidsplan op de website van de Provincie Noord- Brabant blijkt daarnaast dat het plangebied geen onderdeel uitmaakt van het NNB-rijksdeel en het NNB provinciaal deel. Het dichtstbij gelegen gebied dat deel uitmaakt van het NNB-rijksdeel ligt op circa 1,5 kilometer ten oosten van het plangebied. Het dichtstbijzijnde gebied dat deel uitmaakt van het

32

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

NNB-provinciaal deel ligt op circa 55 meter ten westen van het plangebied. Gezien de afstand tussen het plangebied en het NNB is het uit te sluiten dat de voorgenomen plannen een (significant) negatief effect hebben op de wezenlijke kenmerken van het NNB.

De bovenste laag Het plangebied zelf is van weinig landschappelijk belang. Als gevolg van andere ontwikkelingen de afgelopen jaren is dit gebied als het ware het laatste agrarische perceel dat ligt ingeklemd tussen de functies wonen, de sportvelden en ontsluitingswegen. Het plangebied bestaat uit twee ruige graslanden. Het westelijk gelegen grasland wordt begrensd door een haag in het noorden en bomen in het westen. Dit perceel wordt in de huidige situatie gedeeltelijk begraasd. Het oostelijk gelegen grasveld is een voormalig korfbalveld, dat grotendeels onbeheerd is gebleven. Het veld wordt omgeven door houtwallen, die in de nieuwe situatie grotendeels gehandhaafd worden. Met de voorgenomen ontwikkelingen gaan derhalve geen landschappelijke waarden in het gebied verloren. Ten noordwesten van het plangebied is, ingeklemd tussen de Kluisstraat en Kranenvenweg, hoger gelegen grond gelegen, dat kenmerkend is voor de regio. Karakteristiek is daarnaast de open ruimte tussen de Kranenvenweg en de A67. Deze open ruimte wordt omzoomd door bossen en is agrarisch in gebruik. De voorgenomen stedelijke ontwikkeling heeft echter geen invloed op deze landschappelijke waarden nabij het gebied. Deze landschappelijke waarden blijven voor de toekomst behouden. In het plangebied zijn geen cultuurhistorische waarden aanwezig. Wel is de woonboerderij aan de Kluisstraat 43-43a van belang.

Deze boerderij is aangeduid als cultuurhistorisch waardevol. Bij de realisatie van de woningen aan de Kluisstraat wordt de uitstraling van deze boerderij gerespecteerd. Bij de realisatie van de woningen zal daarnaast aangesloten worden bij de bouwmassa van deze boerderij. Cultuurhistorische aspecten worden met het planvoornemen derhalve niet aangetast. In de omgeving zijn daarnaast verschillende functies aanwezig. Aan de noord- en westzijde overheerst de functie wonen. Recent zijn aan de Kluizendries en Kluisstraat nieuwe woningen gebouwd. De voorgenomen ontwikkeling sluit aan bij deze ontwikkeling en draagt bij aan een zorgvuldige stedenbouwkundige afronding van de dorpskern. Aan de oostzijde zijn de sportvelden van de kern Ommel gelegen. Deze sportvelden worden met de voorgenomen ontwikkeling niet in het toekomstig functioneren belemmerd. Dit onderdeel is onderbouwd in paragraaf 4.5 Bedrijven en milieuzonering. Ten zuiden van de A67 is een tweetal intensieve veehouderijen gelegen. Op basis van onderzoek zoals opgenomen in paragraaf 4.6 Geur is onderbouwd dat ter plaatse van de ontwikkeling sprake is van een aanvaardbaar tot optimaal woon- en leefklimaat. Daarnaast is aangetoond dat de toekomstige bedrijfsvoering van de agrarische bedrijven niet wordt belemmerd door de voorgenomen ontwikkeling. Tot slot is ten westen van het plangebied het recreatiepark Prinsenmeer gelegen.

In paragraaf 4.5 Bedrijven en milieuzonering is onderbouwd dat de aanwezigheid van het park geen belemmering vormt voor de voorgenomen ontwikkeling. Op basis van de lagenbenadering kan derhalve geconcludeerd worden dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling op deze locatie voorstelbaar is.

Meerwaardecreatie Met het planvoornemen wordt voorzien in de aangetoonde vraag naar uitbreidingsmogelijkheden voor woningbouw. Voor kleine kernen is het belangrijk dat voldoende woningen gebouwd worden. Dit draagt er niet alleen aan bij dat inwoners in het dorp kunnen blijven wonen, maar draagt ook bij aan het op peil houden van het voorzieningenniveau in de kleine kernen en het gemeenschapsleven. Voor de leefbaarheid van de kern Ommel is het derhalve relevant dat er de komende jaren extra woningen gerealiseerd worden (zie ook de paragrafen 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking, 3.4.1 Toekomstagenda 2030 en 3.4.2 Omgevingsvisie Asten).

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

33

Daarnaast wordt er met het planvoornemen voorzien in een kwalitatieve stedenbouwkundige afronding van de kern van Ommel. Doordat de nieuwe bebouwing dient te voldoen aan de BENG-eisen, wordt zo deze vraag duurzaam ingevuld.

Eisen nieuwvestiging stedelijke ontwikkeling past binnen regionale afspraken In de bevolkings- en woningbehoefteprognose is per gemeente ook een indicatie (met bandbreedte) gegeven van de planningsruimte voor woningbouw in de komende jaren. Overeenkomstig de Interim Omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant is deze 'programma-indicatie' richtinggevend voor de (sub)regionale woningbouwplanning en -programmering en de hierover te maken regionale afspraken. Het planvoornemen en het woningbouwprogramma voor dit plangebied maakt onderdeel uit van de regionale woningbouwafspraken. Dit wordt nog nader toegelicht in paragraaf 3.3.2 Regionale Agenda Wonen.

Omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving, afronding stedelijk gebied Het planvoornemen voldoet ten slotte aan de eis dat de stedenbouwkundige inrichting rekening houdt met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en naaste omgeving, met name de duurzame afronding van het stedelijk gebied. Ten behoeve van de ontwikkeling is een stedenbouwkundig plan opgesteld dat invulling geeft aan een afronding van stedelijk gebied en aansluiting zoekt bij het naastgelegen agrarische gebied. De bestaande groenstructuren worden hierbij behouden en doorgetrokken en daarnaast worden nieuwe waterstructuren gerealiseerd. Hiermee is een stedelijke afronding en aansluiting op het naastgelegen gebied gewaarborgd. Zowel op gemeentelijk als provinciaal niveau wordt ruimte geboden aan ontwikkeling met oog voor zorgvuldig ruimtegebruik en kwaliteit. Op basis van provinciaal beleid is maatwerk mogelijk door het leveren van ruimtelijke kwaliteit. Ook in onderhavige ontwikkeling wordt gestreefd naar landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit.

Kwaliteitsverbetering landschap In de Interim Omgevingsverordening zijn de principes van zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit en kwaliteitsverbetering van het landschap verwoord. De uitgangspunten zijn verder uitgewerkt in de 'Handreiking Kwaliteitsverbetering van het landschap, de rood-met-groen koppeling' van de provincie Noord-Brabant. In deze handreiking is een voorstel uitgewerkt voor het bepalen van de mate van kwaliteitsverbetering in de vorm van een financiële bijdrage. Per ontwikkeling dient te worden bepaald wat de forfaitaire bijdrage is met als doel dat deze bedragen een instrument vormen om op eenduidige en effectieve manier de financiële inspanning te kunnen bepalen. De forfaitaire bijdrage dient te worden aangewend voor kwaliteitsmaatregelen. Op basis van het gemeentelijke rood-met-groenbeleid moet bij een stedelijke uitbreiding een bijdrage van € 2,- per bruto m2 plangebied worden gestort. Tevens dient minimaal 10% van het plangebied te worden aangewend voor landschap. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van circa 12.000 m2. Dit betekent dat ten behoeve van de kwaliteitsverbetering van het landschap een bedrag van 12.000 m2 x € 2,- = € 24.000,- dient te worden geïnvesteerd in ruimtelijke kwaliteitsmaatregelen.

Daartoe zal in overeenstemming met de afspraken uit de Landschapsinvesteringsregeling (LIR) van de gemeente Asten een bijdrage worden gestort in het gemeentelijke Fonds kwaliteitsverbetering van het landschap. Voor de groene landschappelijke en kwaliteitsmaatregelen geldt dat sprake is van een groene zone met maatregelen (circa 1.300 m2), De oppervlakte groene en landschappelijke kwaliteitsmaatregelen betreft daarmee de 10% oppervlakte-eis, minimaal 1.200 m2, voor aanwending voor landschap.

34

bestemmingsplan Ommel Kluizendries-Kluisstraat 2022

Conclusie Uit het bovenstaande kan worden afgeleid dat het planvoornemen in principe passend is binnen de voorwaarden die gesteld worden in artikel 3.4 t/m 3.9 van de Interim Omgevingsverordening en daarmee passend is in de geest van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. Om de ontwikkeling mogelijk te maken, is echter formeel een herbegrenzing noodzakelijk zodat de planlocatie op basis van de Interim omgevingsverordening komt te liggen in bestaand stedelijk gebied. Het verzoek tot herbegrenzing zal gelijktijdig met het vaststellen van bestemmingsplan worden gedaan. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing voorziet in de motivatie van het verzoek tot herbegrenzing.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=8eba46cd-8b41-44ef-9232-a93a83ccf229