Bijlage 1 - CONCEPT Programma beeldkwaliteit Centrum Asten d.d. 29-8-2024
Tekst van het document
van de essenties en kwaliteiten van historische gebouwtypen en stijlen. In het algemeen geldt dat een duidelijke keuze voor de historiserende uitwerking van herkenbare typologieën tot de gewenste beeldkwaliteit zal leiden.
wordt vermeden
Een verfijnde parcelering, geleding, detaillering en materialisering dragen
3. Afwisseling in goothoogte, gevelindeling,
bij aan beter afleesbare typologieën. Er zijn dus overkoepelende spelregels: •
gebouwen hebben een gevarieerde korrelgrootte met afwisselend
detaillering en kleur
grote en kleinere volumes. Eén ontwikkeling kan dus visueel uit meerdere verticaal geparceleerde eenhedne bestaan; •
4. Overwegend verticale gevelgeleding
in de bouwvolumes en de architectonische uitwerking wordt een compacte - centrumdorpse - sfeer nagestreefd;
•
5. Bouwhoogtes conform massa-opbouw
architectuur heeft een functionele uitstraling, is zorgvuldig gedetailleerd en bezit een vorm en materiaalkeuze die aansluit bij het (be-
Programma Centrumontwikkeling
scheiden) individuele karakter van de omgeving. Wel mag duidelijk zijn dat het gebouwen van deze tijd zijn.
6. Traditionele materialen en kleuren, met ruimte De architectuur is gebaseerd op deze uitgangspunten: een grote indivi-
voor innovaties
dualiteit tussen de percelen, een geparcelleerde opbouw met gevarieerde gevels, warme kleuren, diverse kappen en een aantrekkelijke begane grond
7. Gevelstoepjes, tuintjes en verzorgde
met mooie puien in duurzame materialen, accenten en leuke details zoals entrees, erkers, torentjes etc.. Dit verschil zit niet alleen in kleur- of materiaalgebruik, maar juist ook in de suggestie van een verschillende bouwstijlen.
erfafscheidingen 8. Kansen voor biodiversiteit, circulariteit en innovaties
Referenties voor de sfeer van de nieuwe bebouwing: een historiserend karakter door een herkenbare stijl of gebouwtype
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
28
6.2 Gevelopbouw
•
De gewenste identiteit komt mede tot uitdrukking in de gevelopbouw. Aan
•
Indien er op de begane grond een (winkel)pui of entreehal aanwezig zijn, dan zijn deze eveneens netjes uitgelijnd. Ook een winkelpui bevat een basement (ramen lopen dus niet tot op de grond door).
•
blok een bepaalde mate van individualiteit en afzonderlijke herkenbaarheid (pandsgewijze opbouw).
6.2.3 Accenten
De positie van een gebouw in de dorpsstructuur of in het bouwblok bepaalt mede de geleding van de gevel.
•
De verticale geleding wordt versterkt door een duidelijke architectonische scheiding aan te brengen tussen architectonische eenheden.
Spelregels •
Een begane grondgevel kan aan belang winnen door een stevige plint met hoge ramen (‘bel-etage’, al dan niet op een souterrain).
de Linten, Pleinen en Knopen kennen (ensembles van) panden in het bouw-
Een passende maat en schaal wordt verkregen door in een groot-
De massa-opbouw is gerelateerd aan de positie in de dorpsstructuur en/
schalige ontwikkeling verspringende goot- en noklijnen toe te passen.
of in het bouwblok. Waar dit stedenbouwkundig of vanuit de architectuur
Richtlijnen
wenselijk is kan een accent worden toegepast. Bij een accent-gebouw kan
•
Architectuur in het dorpscentrum kent in beginsel ‘platte’ gevels zon-
van het principe van een overwegende bouwhoogte of de voorgeschreven
der teveel uitkragende delen. Incidenteel zijn uitkragingen toegestaan
kap worden afgeweken.
(binnen de eigendomsgrens en alleen in overleg met de gemeente daarbuiten, afhankelijk van de situatie). Voor de geleding van de ge-
Spelregels
vel zijn risalieten en diepe negges wel een toegepast fenomeen.
Er is onderscheid tussen accenten van de 1e en 2e orde. Een 1e orde accent is stedenbouwkundig van aard, door middel van bouwhoogte of afwijking
6.2.1 Parcellering
in de rooilijn. Hier wordt terughoudend mee omgegaan. Accenten van de 2e orde zijn plaatselijke accenten en verbijzonderingen in de gevelopbouw.
Kenmerkend voor de compact dorpse architectuur is de parcellering van
Ook hier moet een stedenbouwkundige motivering aan ten grondslag liggen
panden. Panden zijn afzonderlijk herkenbaar.
(bijvoorbeeld accentueren zichtlijn, ‘blikvanger’ of verbijzondering van een si-
Spelregels
tuatie). Deze accenten zijn bescheidener van omvang dan het 1e orde accent.
•
Om bij eeen grootschalige ontwikkeling een dorpse parcellering te
Horizontale opbouw
bereiken is in het bouwblok sprake van meerdere individueel afleesbare volumes en gevelbeelden. •
Linten en Knopen: er is in het beeld afwisseling tussen smalle gevels en brede gevels met een meer robuuste bouwmassa. De overwegende (gemiddelde) gevelbreedte is maatgevend voor nieuwe panden.
•
Pleinen: een traditionele geparcelleerde opbouw van individueel herkenbare panden. Panden kunnen afwisselen breed of smal zijn om variatie aan te brengen. De korrelgrootte aan het Koningsplein is iets groter dan aan de Markt en de linten/knopen.
•
Park: de korrelgrootte rondom het park is vergelijkbaar met het Koningsplein, met dit verschil dat tussen de panden aan het park ruim groen aanwezig is. Bij vernieuwing van de parkzijde Burg. Frenckenstraat is sprake van een ‘complex’. De korrelgrootte daar-
Verticale opbouw
van is groter dan aan het Koningsplein. Richtlijnen •
De variatie in de gevels wordt verder uitgewerkt in de details, materialen en kleur.
6.2.2 Horizontale en verticale opbouw Doorgaans is de opbouw van gevels in het dorpscentrum te typeren als klassiek-traditioneel: een horizontale opbouw met een plint, een middendeel en een kap en vervolgens een verticale geleding met traveeën, staande ramen die netjes uitgelijnd zijn. Richtlijnen •
De horizontale opbouw bestaat uit een basement, een middendeel, een lijst en een dak. Het basement kan worden opgevat als een verbijzondering van de begane grondlaag. De hoogte van de plint kan variëren.
Een dorpse parcellering en het beeld van individuele gevels komen onder meer tot stand door een uitgebalanceerde horizontale en verticale opbouw
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
29
Wanneer een accent wordt aangebracht in de vorm van enige extra gevel-
•
Indien er een woonprogramma in de kap aanwezig is, bestaat ten
hoogte, is dit een architectonisch instrument en leidt dit niet tot een extra
minste 60% van het dakvlak uit een kap en maximaal 40% uit dakka-
bouwlaag.
pellen.
6.2.4 Hoeken
6.3.1 Dakkapellen
In de dorpsstructuur komen diverse hoeksituaties voor. Hoekpanden worden
Elementen in het dakvlak zijn ondergeschikt aan het dakvlak en vormen sa-
dan naar elke openbare zijde ontworpen als zijnde een voorgevel. Tweezijdig
men een afgewogen compositie. Deze afgewogen compositie wordt bereikt
bebouwde hoeken hebben het voordeel dat er een optimale sociale controle
door het uitlijnen van de verschillende elementen op het dakvlak en het uitlij-
op de hoek ontstaat.
nen van de elementen op het dakvlak met de onderliggende gevelcompositie.
Spelregels
Spelregels
•
In de massa en/of architectuur worden hoekaccenten aangebracht.
•
•
De plek van de entree is afhankelijk van de situatie. Bij voorkeur be-
staan, geen dakopbouwen of terrassen. Inpandige terrassen zijn wel
vindt deze zich gericht aan de openbare ruimte van een lint, een plein
toegestaan.
•
Zichtbaar vanuit de openbare ruimte zijn alleen dakkapellen toege-
of een knoop, of aan beide gevelhoeken.
Richtlijnen
De functionaliteit van een straat- en/of pleinhoek is zoveel mogelijk
•
Dakkapellen hebben een staande belijning en zijn voorzien van een
•
Dakkapellen staan op of net boven de goot.
kap of zijn platgedekt met kroonlijst.
voorzien van een publieksfunctie (winkel-, kantoor-, showroom- of verblijfsruimte aan de gevel). Anonieme functies zoals magazijnen, bergingen installatieruimten of slaapkamers bevinden zich zo weinig mogelijk aan de openbare ruimte. •
6.4 Plinten, uitbouwen, erkers, balkons, luifels
Bij de architectonische uitwerking wordt rekening gehouden met bestaande situaties.
6.3 Daklandschap
In het centrum van Asten komen voorzieningen en appartementen voor. De voorzieningen (commercieel en maatschappelijk) liggen aan de pleinen,
Het bouwprogramma bestaat naar verwachting uit voorzieningen en (over-
de linten en de knopen. Deze gebouwen hebben dan een plint, waarmee
wegend) appartementen. Omdat een kap hoort bij de centrum-dorpse uit-
de voorziening ‘architectonisch’ kenbaar wordt gemaakt. Voor de herken-
straling, wordt deze in beginsel voorgeschreven.
baarheid van de publieksgerichte voorzieningen en de (entreepartijen van)
Spelregels
appartementengebouwen gelden de volgende beeldkwaliteitscriteria.
•
Gebouwen met herkenbare kappen onderstrepen de individualiteit van de panden. In beginsel heeft elk pand een herkenbare kap (hellinghoek maximaal 70 graden gemeten vanuit de gevel(-s) aan de openbare ruimte);
•
Variatie en afwisseling in kapvorm/-richting: afhankelijk van de situering in de structuur. Bij hoeksituaties draagt de kap bij aan de hoekmarkering (bijvoorbeeld torendak of koepel);
Richtlijnen •
In overleg met de CRK kan op een andere wijze dan met een kap, vorm worden gegeven aan een markante hoek of het bereiken van variatie. Indien sprake is van een duidelijke setback (rekening hou-
Dakkappellen zijn staand belijnd en voorzien van een kap of platgedekt
dend met de 70°) ligt een platte afdekking voor de hand.
met kroonlijst
Accentuering door hoogte, een bijzondere kap of door
Accentuering van een hoek in centrumstraten: een hogere kap, een schuine hoek of een
massa-opbouw
architectonisch element
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
30
6.4.1 (Voorzieningen)plinten Elke (voorzieningen)plint wordt met voldoende ruimtelijke en architectonische kwaliteit uitgevoerd. Spelregels •
Elk pand staat duidelijk aan het maaiveld.
Richtlijnen • •
Er is sprake van een duidelijke eenheid tussen begane grond (plint) en verdieping.
De (voorzieningen)plint is afgestemd op de indeling en materialisatie van
Het materiaal- en kleurgebruik van de plint zijn afgestemd op die
de rest van de gevel.
van de rest van de gevel. •
Een plint kent doorgaans een (gemetseld) basement. Tot op de grond doorlopende raampartijen of winkelpuien worden zo mogelijk vermeden.
•
Er is zoveel mogelijk sprake van een kwalitatieve functie in de plint: entrees, balies, kantoor- en winkelruimten worden aan de gevel gesitueerd. Functies als bergingen, nutsruimten en magazijnen bevinden zich niet aan de plint. Dichtgeplakte plinten worden voorkomen door een weloverwogen indeling van de functies. Logistieke functies (losplaatsen, containerruimtes etc.) worden in de architectuur weg-
Gemetseld basement bij een functionele plint
gewerkt (zie ook paragraaf 5.3).
6.4.2 Uitbouwen en erkers Als de structuur daarvoor aanleiding geeft (bijvoorbeeld een accent) kan een verspringing in de gevel wenselijk zijn (bijvoorbeeld om verticaliteit te benadrukken en eentonige opbouw te voorkomen). Richtlijnen •
De verspringing (uitbouw of uitkraging) is substantieel (circa 1,0 m), zodat een bouwblok voldoende geleding krijgt. Ook uitbouwen en erkers zorgen voor een verbijzondering van de gevel of een entreepartij (circa 0,8-1,0 meter).
•
Op de begane grond altijd op eigen erf. Op de verdieping op eigen erf, tenzij een overkraging in overleg met de gemeente mag plaatsvinden over openbaar gebied.
•
De entree van appartementen kan doorlopen over meerdere verdiepingen, m.u.v. de kapverdieping. Dergelijke uitbouwen op de verdieping komen bij hoge uitzondering voor en nooit naast elkaar.
6.4.3 Balkons Spelregels •
Loggia’s voegen zich in het ritme
het gevelbeeld
en ontwerp van de gevel.
6.4.4 Luifels, zonnekappen en markiezen
Aangehangen balkons zijn buiten de voorgevel niet toegestaan. Alleen wanneer een individueel pand een accentuering nodig heeft,
•
Uitbouwen en erkers verlevendigen
kan dit in de vorm van een markant balkon.
Richtlijnen
Franse balkons en loggia’s zijn toegestaan. Deze voegen zich in het
•
ontwerp van de gevel.
ten en bij gemengde functies. Deze zijn afgestemd op de situatie en
Richtlijnen •
Horizontale luifels zijn toegestaan bij entreepartijen van appartemende beschikbare maat in de buitenruimte.
•
Voor woningen in een kap kunnen buitenruimten binnen de kaplijn worden gerealiseerd.
Luifels die zich boven de openbare ruimte bevinden zijn alleen in overleg met de gemeente toegestaan.
•
Luifels beslaan niet de gehele breedte van het perceel, zodat er geen ononderbroken en uniforme luifel ontstaat. De vormgeving is afgestemd op het individuele (geparcelleerde) gevelbeeld.
•
Markiezen en zonnekappen zijn toegestaan. Per pand wordt één type/kleur markies toegepast.
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
31
6.5 Reclamevoering Aan de Linten, Pleinen en Knopen zijn op de begane grond gemengde functies mogelijk (zowel commercieel als maatschappelijk). Daarbij kan sprake zijn van naamaanduidingen en/of reclame-uitingen aan of op de gevel.
Spelregels •
Reclame-uitingen worden gekenmerkt door een gebruik van traditionele middelen, materialen, vormen en kleuren. Voorbeelden van traditionele mid-
Losse belettering
delen zijn het uithangbord en het beletteren van kroonlijsten of luifels boven entree of etalage partijen.
Richtlijnen •
De reclame-aanduiding is op harmonieuze manier opgenomen in de architectuur.
•
Felle kleuren, grote ongelede vlakken met reclameboodschappen evenals lichtbakken zijn storend doordat zij onvoldoende passen in de karakteristiek.
•
Gebruik van traditionele middelen, materialen, vormen en kleuren.
•
Bescheiden (uithang)bord of los beletteren van kroonlijsten of luifels
•
Op de gevel toepassen van losse letters.
•
Gebruik van gedekte kleurstelling.
boven entree of etalage partijen.
•
Het aanlichten van gevelreclame is mogelijk, mits dit beperkt is en
Bescheiden uithangbord
geen overlast veroorzaakt voor de bovenliggende woningen. •
Geen lichtbakken.
Omlijste gevelopening met geglazuurde steen 1. Horizontale, wit gemetselde banden, aangezet bij de
Accentuering van de dakgoot, met een bakstenen kraal of houten omtim-
hoofdentree. 2. bijpassende
mering.
hanekap.
Gevel(openingen) in een de landelijke en
Subtiele gevelversiering
statelijk stijl van het Burg. Ploegmakerspark.
zonder in te leveren op kwa-
Duidelijke hiërarchie en plasticiteit in de gevel, door diepe negges en (bak-
liteit en samenahang.
steen)verspringing.
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
32
6.6 Materiaal en kleur
6.6.3 Dakvlakken Spelregels
6.6.1 Gevels: materialen
•
De kleuren worden afwisselend door het straatbeeld gebruikt en zijn afgestemd op de variatie die in de gevelwand wordt aangebracht.
Spelregels
Richtlijnen
•
De gevelmaterialen passen bij het dorpscentrum.
•
•
Het materiaal van de gevels bestaat voornamelijk uit baksteen of gelijkwaardig materiaal met voldoende reliëf/textuur en passend in
•
de context.
•
Richtlijnen •
Kappen worden hoogwaardig afgewerkt met traditionele materialen als gebakken, gesmoorde, pannen. Bij hoekaccenten kan ook zink, koper of leien worden gebruikt. Dakvlakken in het zicht van de openbare ruimte zijn antraciet of roodbruin/oranje van kleur.
Keim en/of stucwerk komt alleen voor als architectonisch noodzakelijke accentuering.
•
Als toegevoegd materiaal worden natuursteen, beton in hoog afwer-
•
Kozijnen, goten en lijsten worden uitgevoerd in hout of in materiaal
•
Indien op het dakvlak dat zichtbaar is vanaf de openbare ruimte zonnepanelen worden aangebracht, is de kleur van het dak antraciet.
kingsniveau, of hout voor versieringen e.d. toegepast.
6.7 Detaillering (richtlijnen)
met dezelfde beeldkwaliteit en duurzaamheid. Met name de naden, bevestiging en aansluitingen tussen verschillende elementen zijn •
daarbij een aandachtspunt.
Een rijke detaillering is het uitgangspunt en dit sluit in de basis aan op
In overleg met de CRK kan ten behoeve van bijzondere gebouwen,
gewenste hoogwaardige eindbeeld in het dorpscentrum. Materialen en
verticale parcellering, bij accenten of het realiseren van ambities op
kleuren zoals voor dakranden, balkons en galerijen, kozijnen en draaiende
het gebied van duurzaamheid, van het bovenstaande worden afge-
delen zijn hoogwaardig en dienen de architectuur te ondersteunen dan wel
weken.
te versterken.
6.6.2 Gevels: kleuren Om de individuele vormgeving te onderstrepen wordt een variëteit aan baksteenkleuren voorgesteld. Deze kleuren dienen aan te sluiten bij het dorpscentrum. Er is op voorhand geen aanleiding om het kleurenpallet per deelgebied te nuanceren. Daarvoor bestaat geen (historische of ruimtelijke) aanleiding.
Richtlijnen • •
Gevels hebben overwegend rood-bruine tinten, met enkele lichte gevels (gekeimd of zandkleurige baksteen) voor een accent in het gevelbeeld.
Geveltuinen en klimgroen zijn wenselijk, zonder het gevelbeeld te overheer-
Baksteenkleuren in de tinten wit, zwart of felgeel zijn niet toegestaan. Het
sen. Bij platte daken zorgt intensieve beplanting voor een groene dakrand.
is wel mogelijk om met afwijkende baksteenkleuren, bijvoorbeeld okergeel,
6.7.1
details in het metselwerk aan te brengen. •
•
Gevels
Voor de binnenzijde van de bouwblokken, die niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte, is een eenvormiger kleur- en materiaalgebruik
Versiering van de gevel met bij de architectuurstijl passende elementen is
toegestaan.
gewenst. Denk bijvoorbeeld aan omlijsting van gevelopeningen, risalieten,
In overleg met de CRK kan ten behoeve van bijzondere gebouwen,
kroonlijsten en onderverdelingen in de ramen.
verticale parcellering, bij accenten of het realiseren van ambities op
Om de individualiteit van panden te onderstrepen kunnen entrees en/of
het gebied van duurzaamheid, van het bovenstaande worden afge-
voordeur worden voorzien van een bordes en/of een omlijsting. De ramen
weken.
zijn voorzien van een onderverdeling die de verticaliteit benadrukt. De detailleringen en decoraties zijn een moderne interpretatie van de traditionele stijlelementen.
6.7.2
Deuren / entreehal
Elke deur en entreehal heeft een passende (klassieke) kwaliteit. Dit betreft de vormgeving van de pui in de gevel, de keuze van de deuren, ramen tot en met het bellenbord en brievenbussen. Een entreehal kent binnen en buiten een klassieke verlichting en is ‘s nachts verlicht.
Zorgvuldige detaillering en samenhang, ook in abstractere representaties van klassieke typologiën.
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
33
6.7.3
Daken en goten
6.9.1 Algemeen afwijkingscriterium
Dakgoten zorgen voor een bescheiden overstek en overgang tussen gevel
Wanneer een bouwplan afwijkt van de bestaande of toekomstige omgeving
en dak. De regenafvoer wordt zoveel als mogelijk aan de achter- of zijgevel
maar door bijzondere schoonheid wél aan redelijke eisen van welstand
aangebracht dan wel als architectonisch element verbijzonderd.
voldoet, kan worden teruggegrepen op algemene uitgangspunten zoals die zijn opgenomen in hoofdstuk 4. De CRK kan burgemeester en wethouders in zo’n geval gemotiveerd en schriftelijk adviseren af te wijken van de specifieke
6.8 Kansen voor biodiversiteit
criteria uit hoofdstuk 5 en/of 6. In praktijk betekent dit dat het betreffende plan alleen op grond van de algemene criteria wordt beoordeeld en dat de bijzondere schoonheid van het plan met deze criteria overtuigend kan worden aangetoond. Het niveau van ‘redelijke eisen van welstand’ ligt dan uiteraard hoog, het is immers redelijk dat er hogere eisen worden gesteld
Ook in het centrum van Asten krijgen klimaatadaptatie, duurzaamheid en
aan de zeggingskracht en het architectonisch vakmanschap naarmate een
natuurinclusiviteit de aandacht. De vertaling tussen deze onderwerpen in
bouwwerk zich sterker van zijn omgeving onderscheidt.
de vormgeving van gebouwen vraagt om specifieke kennis. Veel vogel- en vleermuissoorten voelen zich prima thuis in onze stedelijke
(conform artikel 4.1 welstandsbeleid Asten)
omgeving. Door in een vroeg stadium van het ontwerp van de architectuur na te denken over het integreren van elementen als bijvoorbeeld groene gevels en nestkasten in de gevel, dakpannen en schoorsteen wordt er bijgedragen aan het herstel van de biodiversiteit. Dit Programma Beeldkwaliteit Centrum stimuleert de integratie van maatregelen in de gebouwde omgeving, maar de specifieke wijze waarop is afhankelijk van de opgave. Het ligt voor de hand dat er een apart Programma Duurzaam bouwen wordt opgesteld.
6.9 Slotbepaling Bouwopgaven in het centrum van Asten zullen gedurende een langere periode plaatsvinden. En de omvang zal verschillen van een verbouwing van een enkel pand tot een transformatie van een complex. Gedurende de periode van verbeteren, verbouwen en transformeren kunnen inzichten en plannen in de loop van de tijd wijzigen. In de werkingsperiode van dit Programma Beeldkwaliteit (circa 10 jaar) kan of zal er wellicht het nodige veranderen. Het is dan de kunst om de essenties van de visie vast te houden en bij de realisatie van onderdelen ook het grotere geheel in ogenschouw te blijven houden. Om deze reden zijn in dit Programma Beeldkwaliteit niet alleen de ‘beeldregels’ opgenomen, maar ook de achterliggende gedachten. Die basisprincipes kunnen altijd als rode draad worden toegepast bij de planuitwerking. Dit is zeker geen vrijbrief om de opgenomen regels en richtlijnen te kunnen negeren, maar een uitnodiging om op een zinvolle manier de planuitwerking te stroomlijnen met de ambities om stapsgewijs een groen hart tot stand te brengen in het centrum van Asten.
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
34
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
35
7. Bijlagen 7.1 Bijlage 1: Analyse van de posters na eerste werksessie Gevelposter: •
Men reageert vooral op matige kwaliteit van sommige panden/complexen. Bij sleetse gebouwen en/of slecht onderhoud / uitstraling staan vaak rode bolletjes.
•
Verder valt op dat grootschaligheid in het centrum niet wordt gewaardeerd. Waar sprake is van grote complexen met een uniforme architectuur of veelvuldige herhaling is de waardering laag. Waar sprake is van vergelijkbare schaal, maar een meer ‘gelede’ architectuur is de waardering groter.
•
Er zijn weinig reacties die gaan over maat en schaal. Het lijkt erop dat men de ‘opschaling’ door grotere complexen wel accepteert. De zorg zit vooral in de kwaliteit.
•
Gevarieerdheid in hoogte-opbouw en gevelarchitectuur wordt gewaardeerd. Te veel herhaling in massa-opbouw en gevelarchitectuur of het wat dwangmatig ‘visueel verkleinen’ van grote complexen wordt juist matig gewaardeerd.
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
36
Rozen
straat
Lang
stra
at
Tulpstra
at
Frits de Bruijnstraat
8
Lelies
traat
4
5
Logtens
Bur
gem
ees
ter
Rut
tenp
lein
traat
stra
at
7
Lang den ens
traa
Bur
t
gem
eest
er
Wijn
enst
raat
straat
beld
Bernhard
Dub
Prins
r
Burge mees
3
ter Frenc kenst raat
Tuin
Mar kt
plein
neu
ings
seig
Kon
Mon
tstr
aat
Mark
Emm
1
raat
Mar
ktst
t
ne
raa
Klei
ast
Driehoeks
9
10
6
2
traat
Julia
nast
raat
Julia
Deke
n van
Pelt
hof
Deke
141202-T002-00.dwg
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
37
n
van
Pelt
hof
nas
traa
t
stra
at
Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten
Moodboards: •
Er is overwegend waardering voor de 2 posters met ‘historiserende’
Complexmatige opbouw met klassieke beeldkwaliteit
architectuur en de ‘institutionele complexen’. Wel is er oog voor nuances. Het is niet per definitie goed, want de kwaliteit van de gevelarchitectuur heeft wel degelijk invloed op de waardering. •
Het thema duurzaamheid wordt wel onderkend als zijnde belangrijk, maar de architectuur die dat soms oplevert wordt niet altijd gewaardeerd.
•
De gebouwen met een meer moderne uitstraling worden matig gewaardeerd. Alleen wanneer sprake is van een kleinschalig pand tussen een meer historische gevelopbouw is er waardering (dus als eigentijdse uitzondering).
Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten
Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten Datum Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten
Perceelsgewijs met klassieke beeldkwaliteit
Grote korrel/modern
Datum Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten
|Datum Beeldkwaliteitsplan Centrum Asten
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
38
7.2 Bijlage 2: Analyse van de posters na tweede werksessie
Staalkaart centrum Asten Geveldetails Dakgoten
Rollaag/latei
Beton (Asten)
Hanekam sluitsteen (Asten)
Boogvulling mozaïek (Asten)
Hanekam (Asten)
Hanekam kleuraccenten
Boogornament (Asten)
Open (zinken) dakgoot (Asten)
Afgetimmerde goot (Asten)
Staalkaart Bij de beide sessies vonden mensen het lastig een uitgesproken mening te
Koppenversiering
hebben bij de staalkaarten. Toch konden onderstaande trends opgemaakt worden: •
Er werd positief gereageerd op de geveldetails, met als kanttekening
Plinten
Geen koppenversiering
Geglazuurde baksteen
Gestuct/cement (Asten)
Steenverspringing
dat het financiëel haalbaar moet zijn; •
Groene gevels zijn in principe gewenst, met klimplanten en geveltuinen. Echter mag het niet overheersen in het beeld. De twee linker
Gevelplint cement (Asten)
Gevelplint hardsteen
Gevelplint baksteen (Asten)
afbeeldingen bij de groene gevels werden negatief beoordeeld. •
Gemetselde verdikking (Asten)
Geverfd / gestuct (Asten)
Staalkaart centrum Asten
Er is een voorkeur voor traditionele geveldetails. Moderne architecto-
Geveldetails
nische uitingen, die niet terug te leiden zijn naar traditionele Dakkapel
architectuur, werden negatief beoordeeld. Dit waren bijvoorbeeld het
Luiken
Siergevel
“modern wildverband” (siergevels), “hoekverdraaing” (diepte in gevel) en de “modern strakke deur”. •
Klassiek patroon Plat dak en omlijst (Asten)
Voorkeur naar toepassing van loggia’s, mits goed gedetailleerd (de loggia in het voorbeeld heeft geen hoogwaardige uitstraling). Niet te
Driehoekige sierlijst
Opvallende (punt)kap
Houten louvre luiken
Nep luiken buiten
Schoorsteen
Vouw- schuifluiken
Diepte in de gevel
veel uitstekende balkons. •
Modern ‘wildverband’
Voorkeur voor (zoveel mogelijk) gaaf dakvlak. Dakkapellen die de
Hoekverdraaiing Standaard (Asten)
goot doorbreken niet gewenst. •
Gevelreclame met subtiele letters op de gevel werden het meest
Als kopgevel accent
Opvallende afdekking
Horizontale banden (speklaag) Getrapte gevel en stenen luifel
positief beoordeeld. Neon/lichtreclame en verlichte borden niet
Afbeelding geglazuurd (Asten)
gewenst. Uitstekende natuursteen
Gekleurde steen (Asten)
Stuc/cement (Asten)
Beton (Asten)
Getrapte gevel (Asten)
Naam/woord geglazuurd
Staalkaart centrum Asten Gevelopeningen en toevoegingen Balkon / loggia
Balkon (Asten)
Deuren
Half balkon, half loggia (Asten)
Kaphelling en woonfunctie
Loggia (Asten)
Klassiek sober
Klassiek gekleurd
Modern strak
Modern hout
Raamoppervlak en -verhouding
Flauwe kap (tot 45o)- geen zelfstandige woning. Geen tot weinig dakkapellen (Asten) Groot en breed (Asten)
smal en dicht op elkaar (Asten)
smal in verticaal kader (Asten)
Vierkant raam, veel metselwerk Smal, veel metselwerk (Asten)
Roedeverdeling Flauwe kap (tot 45o)- zelfstandige woning. Veel dakkapellen (Asten)
Steile kap (boven de 45o)- zelfstandige woning. Veel dakkapellen (Asten)
Achtluik (Asten)
Staalkaart centrum Asten
hanekam sluitsteen (Asten)
boogvulling mozaïek (Asten)
hanekam (Asten)
hanekam
... (Asten)
mastgoot (Asten)
bakdakgoot (Asten)
Plinten
gevelplint hardsteen
gevelplint baksteen (Asten)
Geen roede (Asten)
Gevelreclame tegen de gevel
afgetimmerde goot (Asten)
Subtiel op raam
gemetselde verdikking (Asten)
geverfd / gestuct (Asten)
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
Opvallend op raam (Asten)
Relatie plint en verdieping
Koppenversiering
gevelplint cement (Asten)
Klein bovenlicht (Asten) Klein onderlicht (Asten)
Winkelpuien en gevelreclame Dakgoten
beton (Asten)
Kruis (Asten)
Staalkaart centrum Asten
Geveldetails Rollaag/latei
Verdeeld bovenlicht (Asten)
...
...
... (Asten)
...
39
Veel glas, niet in ritme gevel (Asten)
Veel glas, deels in ritme gevel (Asten)
Veel glas, wel in ritme gevel (Asten)
Minder glas, wel in ritme gevel (Asten)
Letters op gevel (Asten)
Volledig vlak op gevel (Asten)
Neon- / lichtreclame
Gevelreclame aan de gevel
Klassiek bord (Asten)
Modern bord (Asten)
Verlicht bord (Asten)
Zonnescherm
Markt - koopmanshuis
Moodboards per deelgebied
• •
Hoogte: tot 4 lagen incl. kap als basis
•
Wonen in de kap toegestaan
Algemeen
•
Accenten: dwarskap of 5 lagen incl. kap (geen zelfstandige woning in kap)
•
•
Er werd overwegend positief gereageerd op de regels en referentie-
Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
Overwegend historerend
•
afwisseling in goot- en bouwhoogte
•
Marktstraat tot 3 lagen incl. kap (geen zelfstandige woning in kap)
•
Kap verplicht
•
Duidelijk herkenbare naar de openbare ruimte gerichte ‘levendige plinten’
•
Detailleren op menselijke maat, met name in de plint
Referentiebeelden nieuwbouw
beelden, men kan zich er in vinden. •
Visie
Geparcelleerde gevelwand, kleine korrel
Men vraagt een nadere duiding van wat een (on)bewoonde kap inhoudt.
•
Men vraagt een nadere duiding van wat menselijke maat en leven-
Linten - individuele pandjes
Visie
dige plinten precies inhouden. De suggestie wordt gedaan of er niet
•
Geparcelleerde gevelwand en kleine korrel, met gaten in gevelwand
•
Overwegend historiserend
ook plek voor wonen in de plint moet zijn.
•
Bouwhoogte afstemmen op straatbreedte (uit te werken in BKP, ongeveer 1:1)
•
Accenten: dwarskap of 4 lagen incl. veprlichte kap (geen zelfstandige woning
•
Naar de openbare ruimte gerichte ‘levendige’ plinten
•
Per pand individueel herkenbare architectuur
•
Detaillering op menselijke maat
•
Meningen zijn verdeeld over toelaatbare bouwhoogte.
•
De suggestie wordt gedaan om ook ruimte te geven aan nieuwe ide-
•
Hoogte: tot 3 lagen (incl. kap) als basis
•
Wonen in kap toegestaan
Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
in kap)
Referentiebeelden nieuwbouw
ëen ipv alleen maar klassiek? •
Gevelgroen ook benoemen en in referentiebeelden laten zien. Knopen - lintbebouwing XL
Linten •
•
Linten verschillen onderling. Sommigen zijn al semi stedelijk, andere linten hebben nog de originele lintbebouwing. Hier onderscheid in
Iets grotere korrel en bouwhoogte dan Linten
•
Accentbebouwing in zichtlijnen
•
Hoogte: tot 4 lagen incl. kap
•
Wonen in kap toegestaan
•
Bouwhoogte afbouwend naar de zijkanten
•
Naar de openbare ruimte gerichte ‘levendige’ plinten
•
Per pand individueel herkenbare architectuur
•
Detaillering op menselijke maat, met name in de plint
Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
knoop
maken. Voorkomen dat alle linten zoals Burg. Wijnenstraat worden. •
Visie
Lintbebouwing met nuancering in bouwvolume
•
Referentiebeelden nieuwbouw
3 lagen incl kap is lager dan al is gebouwd in de Burg. Wijnenstraat. Beschrijf duidelijk hoe moet worden omgegaan met precendenten, die niet als referentie zouden moeten worden gezien.
•
Koningsplein - herenhuis aaneengesloten
Positieve reactie op af en toe platte daken in het Lint;
•
Hoogte: tot 4 lagen incl. kap als basis
•
Wonen in kap is toegestaan
•
Accenten: dwarskap of 5 lagen incl. kap (geen zelfstandige woning in kap)
•
Individueel vormgegeven panden, met een globale onderlinge samenhang
Visie Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
- vergelijkbaar gevelritme en gelaagdheid tussen panden
Knopen •
Korrelgrootte en volume is ontleend aan het ‘herenhuis’
•
- variërende vormgeving binnen architectonische familie
Helder beschrijven wat de toelaatbare bouwhoogten zijn in de kno-
•
Overwegend symmetrisch opbouw en duidelijke hoofdentree
•
Statige architectuur en rijke detaillering
Referentiebeelden nieuwbouw
pen. Geef ook aan waar zich eventueel locaties bevinden die van een accentuering kunnen worden voorzien (in hoogte of architectuur). Complexmatig •
Burgemeester Ploegmakerspark (randen) - herenhuis in een tuin
Complex aan park moet ook groen zijn en mag niet ten koste gaan
•
Korrelgrootte en volume is ontleend aan het ‘herenhuis’
•
Losse korrel, panden staan vrij tussen groene ruimte (tuinen)
•
Park wordt visueel tussen bebouwing doorgezet
•
van het park.
Visie Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
Hoogte: tot 3 lagen incl. kap (geen zelfstandige woning in kap)
•
Kap verplicht
•
Statige architectuur en rijke detaillering
Referentiebeelden nieuwbouw
Stegen en dwarsverbindingen - lintbebouwing S en M •
Geparcelleerde gevelwand en kleine korrel, met gaten in
•
Overwegend historiserend
•
Hoogte: tot 3 lagen incl. kap (geen zelfstandige woning in kap)
gevelwand
•
Op de 3e bouwlaag is de kap verplicht
•
Bouwhoogte afstemmen op straatbreedte (uit te werken in BKP,
•
Naar de openbare ruimte gerichte ‘levendige’ plinten
•
Per pand individueel herkenbare architectuur
•
Detaillering op menselijke maat
Visie Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
ongeveer 1:1)
Referentiebeelden nieuwbouw
Floraplein - duurzaam complexmatig •
Ligging buiten historisch centrum is aanleiding voor
•
Overwegend moderne complexmatige bebouwing
•
Grote korrel en complexmatig gebouw als een
moderne duurzame ontwikkelingen
Visie Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
samenhangend geheel • •
Hoogte voorzijde: tot 4 lagen met setback 5e laag Hoogte achterzijde: tot 3 lagen
•
Strakke detaillering
•
Groene gevels en daken
Referentiebeelden
Complexmatig - (hofvormig) complex •
Complexmatig gebouw als een samenhangend geheel
•
Grote korrel, met binnenruimte (hof/passage)
•
Hoogte: tot 4 lagen incl. kap, of 3 lagen met een setback op de 4e laag
•
Wonen in de kap toegestaan
•
Architectuur en bouwmassa afgestemd op context (lint, park etc) (uit te werken in BKP)
•
Bij herontwikkeling bestaande complexen als nieuw complex ontwerpen (bouwhoogte geldt in zowel straatwanden als intern hof)
•
Referentiebeelden
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
40
Overwegend historiserend
Visie Schrijf hier uw mening/opmerkingen/vragen
_ Programma beeldkwaliteit Centrum Asten
41