AZC21.06.03A 10 Concept Jaarstukken van Veiligheidsregio Brabant Zuidoost.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2020 Jaarverslag en jaarrekening Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost
Jaarstukken 2020
Colofon Plaats en datum Eindhoven, 7 juli 2021 Opdrachtgever Dagelijks Bestuur van Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost Auteur(s) Dhr Y. Aoujil Dhr R.P.A. Ceelen Dhr P.A.M. Cools Eindredactie Directie VRBZO
Jaarstukken 2020
Voorwoord
3
Jaarstukken 2020
Inleiding Algemeen Het jaar 2020 stond wereldwijd grotendeels in het teken van Covid-19. Ook voor Veiligheidsregio BrabantZuidoost (VRBZO) kenmerkte het jaar zich enerzijds door onzekerheid en continu bijsturen; enkele weken na de start van het jaar werd de uitvoering van veel plannen onzeker. Anderzijds bleven ook veel reguliere taken doorlopen. Ook hadden veiligheidsregio’s in Nederland een belangrijke rol in het bestrijden in de effecten van de coronacrisis. Naast het uitvoeren van de primaire taken is gewerkt aan het uitwerken van een strategische koers (visie) tot 2025. Deze jaarstukken geven inzicht in wat we in 2020 hebben bereikt en wat dit heeft gekost. Leeswijzer De jaarstukken bestaan uit de onderdelen jaarverslag en jaarrekening. In het jaarverslag staat de inhoudelijke verantwoording van VRBZO over de beleidsuitvoering door de organisatie. In de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over het in 2020 gevoerde financiële beleid en beheer van VRBZO.
4
Jaarstukken 2020
Inhoudsopgave Voorwoord ............................................................................................. 3 Inleiding ................................................................................................. 4 Jaarverslag ............................................................................................ 7 1.
Bestuurlijk relevante ontwikkelingen 2020 ................................. 8
2.
Prestaties veiligheidsregio ........................................................ 12
2.1
Programma Brandweerzorg .................................................................................................................. 12
2.2
Programma Veiligheid............................................................................................................................ 20
2.3
Programma Zorg..................................................................................................................................... 25
2.4
Programma Ondersteuning organisatie (OO) ...................................................................................... 26
3. 3.1
4.
Strategische beleidsagenda ...................................................... 27 Voortgang uitvoering beleidsplan......................................................................................................... 27
Verplichte paragrafen ................................................................. 33
4.1
Risicomanagement en weerstandsvermogen ...................................................................................... 33
4.2
Financiering ............................................................................................................................................ 35
4.3
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................ 37
4.4
Verbonden partijen ................................................................................................................................. 38
4.5
Bedrijfsvoering ....................................................................................................................................... 38
4.6
Covid-19 .................................................................................................................................................. 38
Jaarrekening........................................................................................ 39 1.
Begroting 2020 ............................................................................ 40
1.1
Primitieve begroting 2020 ...................................................................................................................... 40
1.2
Begrotingswijzigingen 2020 .................................................................................................................. 40
2. 2.1
3. 3.1
Resultaat jaarrekening 2020....................................................... 43 Analyse van het resultaat 2020 ............................................................................................................. 43
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ................ 46 Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening ....................................................... 46
5
Jaarstukken 2020
4.
Balans per 31 december 2020 .................................................... 49
4.1
Toelichting op de balans ....................................................................................................................... 50
4.2
Niet uit de balans blijkende rechten en plichten.................................................................................. 59
5.
Overzicht baten en lasten 2020.................................................. 61
5.1
Overzicht baten en lasten 2020 ............................................................................................................. 61
5.2
Toelichting op overzicht baten en lasten ............................................................................................. 61
5.3
Overzicht incidentele baten en lasten per programma ....................................................................... 68
5.4
Overzicht aanwending van bedrag onvoorzien ................................................................................... 69
5.5
Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves ........................................................ 69
6.
Wet Normering Topfunctionarissen verantwoording ............... 70
7.
SiSa verantwoording .................................................................. 72
8.
Controleverklaring accountant .................................................. 73
9.
Vaststelling en ondertekening bestuur ..................................... 74
10. Bijlagen........................................................................................ 75 10.1
Staat van investeringen 2020 ............................................................................................................ 76
10.2
Staat van gemeentelijke bijdragen 2020 .......................................................................................... 77
10.3
Taakvelden ......................................................................................................................................... 78
6
Jaarstukken 2020
Jaarverslag In het jaarverslag staat de inhoudelijke verantwoording van VRBZO over de beleidsuitvoering door de organisatie. Ook in 2020 stond de missie ‘Zorg voor veiligheid’ centraal. VRBZO doet dit door uitvoering te geven aan de volgende programma’s: •
Brandweerzorg: producten risicobeheersing en incidentbestrijding;
•
Veiligheid: producten crisisbeheersing, GHOR, bevolkingszorg en gemeenschappelijke meldkamer (exclusief MKA)
•
Zorg: producten meldkamer ambulance (MKA) en ambulancezorg;
•
Financiering: bijdragen gemeenten en bijdragen Rijk;
•
Reserves.
In hoofdstuk 1 worden enkele relevante bestuurlijke ontwikkelingen benoemd die invloed hadden of hebben op de organisatie. De programmaverantwoording over de prestaties van de organisatie staat in hoofdstuk 2. De eerste 3 programma’s gaan over de kern van de organisatie, het primaire operationele proces. De overige programma’s hebben voornamelijk een financieel technisch en bedrijfsondersteunend karakter en zijn verplicht vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). In hoofdstuk 3 worden de resultaten van de strategische beleidsagenda toegelicht. Het jaarverslag volgt daarmee de lijn van de periodieke bestuursrapportages die gedurende het jaar zijn aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Tot slot zijn in hoofdstuk 4 de verplichte paragrafen voor het jaarverslag opgenomen. In deze paragrafen is informatie opgenomen over risicomanagement en weerstandsvermogen, bedrijfsvoering, verbonden partijen, financiering en onderhoud kapitaalgoederen.
7
Jaarstukken 2020
1. Bestuurlijk relevante ontwikkelingen 2020 Coronacrisis (Covid-19) Begin 2020 werd Nederland en de rest van de wereld getroffen door de uitbraak van een nieuw coronavirus dat zich ontwikkelde tot een pandemie van ongekende omvang. Naast de medische gevolgen had (en heeft) het virus een enorme impact op de economie en het sociaal-maatschappelijke leven. Samen met de GGD had de veiligheidsregio een belangrijke rol in de bestrijding van (de effecten van) Covid-19. Zeker in de eerste acute fase van de crisis was de druk op de veiligheidsregio groot. Diverse vraagstukken en belangen van burgers, bedrijven, bestuurders en brancheorganisaties passeerden de revue. De dilemma’s spitsen zich toe op wat medisch, maatschappelijk en economisch toelaatbaar is. VRBZO had een coördinerende en uitvoerende rol in de behandeling van de vraagstukken. Kort voor het begin zomer leek de coronacrisis zich te stabiliseren. Het aantal besmettingen daalde, de druk op de zorg nam af en de economie en het sociaal-maatschappelijke leven werd weer wat ‘lucht’ geboden door het kabinet. Helaas stegen de besmettingen en werden de maatregelen stapsgewijs verder aangescherpt. Initieel werd hiervoor het instrument van noodverordeningen via de bevoegdheden van de voorzitter veiligheidsregio voor ingezet.
Vanaf december is de tijdelijke wet maatregelen Covid-19 (Twm) van kracht waarmee het kabinet de maatregelen borgt in een democratisch proces via de Tweede Kamer. De wet geldt 3 maanden, met de mogelijkheid deze eerder buiten werking te verklaren of met telkens 3 maanden te verlengen. De crisisorganisatie Covid-19 van VRBZO heeft de zomermaanden tevens gebruikt om een tussentijds verslag voor te bereiden namens de voorzitter voor de gemeenteraden. Het verslag had betrekking op de regionale aanpak van de bestrijding van de coronacrisis in de periode januari tot begin augustus 2020. Het tussentijds verslag Covid-19 is eind september aangeboden aan de raden. In oktober was er ruimte voor de gemeenteraadsfracties en -commissies om inhoudelijke vragen te stellen. Medio november ging de voorzitter in gesprek met de 21 gemeenteraden over de aanpak van de coronacrisis in onze regio. Tijdens de bijeenkomst zijn de raden ook van meer informatie voorzien over de ontwikkelingen en inhoud van de Twm. Gezien de bijzondere omstandigheden van deze crisis gebeurde dit digitaal. Per 1 december is de Twm in werking getreden en ligt de primaire besluitvorming en verantwoording van de coronamaatregelen bij het kabinet en de Tweede Kamer. In december is namens de voorzitter VRBZO het eindverslag opgesteld, dit is begin 2021 aangeboden aan de gemeenteraden.
Hoe de crisis zich in 2021 ontwikkelt laat zich moeilijk voorspellen, maar de professionaliteit, flexibiliteit en verantwoordelijkheid binnen de organisatie toont aan dat gemeenten, burgers en bedrijven kunnen vertrouwen op VRBZO. Ook voor de rest van de organisatie is de impact (zoals bij iedereen) groot; er zijn speciale coronaprotocollen voor een veilige uitruk, trainingen en oefeningen worden in aangepaste vorm gegeven of zijn digitaal, kantoorpersoneel werkt zo veel mogelijk thuis en de meeste bijeenkomsten zijn digitaal. Om deze zaken te faciliteren zijn een aantal ontwikkelingen in 2020 versneld uitgevoerd. Hierbij valt te denken aan de uitrol van ICT voorzieningen en het aanbieden van middelen om thuis te werken. Tot voor kort werden deze ontwikkelingen in dit tempo als onmogelijk gehouden, nu is zichtbaar dat veel van de reguliere werkzaamheden toch vrij soepel door kunnen gaan. Ook dat is een reden om trots te zijn op alle medewerkers!
8
Jaarstukken 2020 Grootste natuurbrand van Nederland ooit in de Deurnese Peel In april 2020 woedde in het natuurgebied de Deurnese Peel een enorme brand. De brand kon zich door de lastige omstandigheden (moeilijk begaanbaar gebied, droogte en veel wind) ontwikkelen tot de grootste natuurbrand ooit in Nederland. Ongeveer 710 hectare veen- en natuurgebied ging in vlammen op. Diverse woningen in de dorpen Liessel, Helenaveen (gemeente Deurne) en Griendtsveen (gemeente Horst aan de Maas (L)) werden bedreigd door het vuur en dieren werden verjaagd uit hun leefgebied. Veel mensen (en dieren) zaten dagen in onzekerheid over hun thuis. Daarbij waren naast Deurne ook gemeenten als Asten, Someren en Heeze-Leende en delen van de snelweg A67 dagenlang gevangen in de rook. Het incident is door de hulpdiensten en de gemeente Deurne gezamenlijk bestreden, onder leiding en coördinatie van VRBZO. De grootschalige inzet werd vanuit een multidisciplinaire GRIP-3 crisisstructuur geleid. Brandweer Brabant-Zuidoost werd ondersteund door natuurbeheerder Staatsbosbeheer, brandweereenheden uit o.a. Overijssel, Gelderland en Utrecht en blushelikopters van Defensie. Ook Veiligheidsregio Limburg-Noord was nauw betrokken, omdat de brand vlak bij de provinciegrens woedde.
Na ruim 5 dagen en de inzet van in totaal ruim 400 brandweerlieden is de brand was de brand op dat moment onder controle en is het gebied en het nablussen overgedragen aan Staatsbosbeheer. VRBZO en de gemeente Deurne startten ondertussen met de voorbereidingen van een brede evaluatie van het incident. Na de brand is in overleg tussen Provincie Noord-Brabant, gemeente Deurne en VRBZO besloten om d3 onderzoeken uit te laten voeren: •
Team brandonderzoek VRBZO, Brandweer Nederland en het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) deden onderzoek naar het ontstaan en verloop van de brand.
•
Een onafhankelijke onderzoekscommissie onderzocht de (bestuurlijke) samenwerking om een onbeheersbare natuurbrand te voorkomen.
•
Wageningen University & Research werd ingeschakeld voor een onderzoek naar de relatie tussen brandveiligheid en natuurbeheer.
De rapportages van de onderzoeken zijn op 19 november aan de opdrachtgevers gepresenteerd en aangeboden. Nederland zal zich, mede gelet op de klimaatverandering, moeten voorbereiden op een groter natuurbrandrisico. Daarbij wordt benadrukt dat dit enkel kan als de betrokken partijen beter met elkaar samenwerken. Zowel in de voorbereiding op, als tijdens een dergelijke brand. Specifiek voor de Deurnese Peel zullen de aanbevelingen, in samenspraak met Staatsbosbeheer en gemeente Deurne, vertaald worden naar een preventieplan. De aanbeveling om op landelijk niveau te innoveren op het gebied van natuurbrandbestrijding wordt overgenomen en de prioritering van brandveiligheid bij de inrichting en het beheer van de natuur komt op de landelijke agenda. Visie 2025 Na de regionalisering in 2014 en het vormingsproces van de organisatie breekt nu een nieuwe fase aan voor veiligheidsregio’s. Ook onze organisatie is toe aan een nieuwe ontwikkelfase om een hoogwaardige advies- en dienstverleningsorganisatie op het gebied van fysieke veiligheid en crisisbeheersing te worden. Risicogericht, flexibel,
professioneel
en
verbindend
zijn
daarin
belangrijke
begrippen.
VRBZO
wil
investeren
in
netwerkmanagement, business intelligence en de professionaliteit van onze medewerkers om toegevoegde waarde te blijven leveren in een veeleisende maatschappij. De nieuwe visie laat de thema’s en het pad zien aan de hand waarvan we deze volgende fase inzetten.
9
Jaarstukken 2020 Het proces rondom de Visie 2025 werd door de focus op de coronacrisis vertraagd. Het traject is voor de zomer ambtelijk grotendeels afgerond, waarna het bestuurlijk is besproken. De bestuurlijke klankbordgroep, de adviescommissie F&B en alle BVO’s (bestuurlijke vooroverleggen) zijn geconsulteerd en het algemeen bestuur is in december meegenomen in de beweging. In het eerste kwartaal van 2021 worden de burgemeesters in de gelegenheid gesteld om de visie met hun gemeenteraden te bespreken. De definitieve Visie 2025 staat in april op de agenda voor bestuurlijke vaststelling. Vervolgtraject denktank rechtspositie brandweervrijwilligers Het huidige brandweerstelsel is gebaseerd op een mix van vrijwilligheid en beroepsbrandweer. Hierin hebben alle brandweermensen in principe dezelfde taken en opleidingsvereisten. Door Europese en internationale regelgeving blijkt dat we deze manier van werken moeten aanpassen. Een landelijke bestuurlijke denktank heeft een denkrichting uitgewerkt, waarbij het systeem van vrijwilligheid behouden blijft. De denkrichting gaat uit van een onderscheid tussen beroeps en vrijwilligers, die geen afbreuk doet aan het niveau en de kwaliteit van de brandweerzorg. Onderscheid wordt gemaakt op basis van differentiatie van verplichte beschikbaarheid, werkinhoud en volume en opleiding. De voorgestelde oplossingsrichting bestaat uit 4 bouwstenen: •
Bouwsteen I: Verplicht en niet verplicht als onderscheid
•
Bouwsteen II: Voor repressieve taken onderscheid tussen basis, specialistisch en aanvullend
•
Bouwsteen III: Taken beroepsmedewerker breder dan alleen repressieve taken
•
Bouwsteen IV: Opleidingsduur verschilt
Het Veiligheidsberaad heeft alle veiligheidsregio’s verzocht om de consequenties van de bestuurlijke koers inzichtelijk te maken en in gesprek te gaan met betrokken partners (waaronder vrijwilligers). Onder andere op basis van het landelijke beeld en de resultaten van de (landelijke) digitale opiniepeiling heeft de denktank de denkrichting op bepaalde punten nog wat aangescherpt. De aangescherpte versie komt in februari 2021 op de agenda van het overleg tussen het Veiligheidsberaad en de minister van J&V. De voorgestelde oplossingsrichting lijkt uitvoerbaar, maar heeft voor de brandweer in Nederland stevige consequenties en kan in sommige regio’s tot hoge kosten leiden. Dit moet eerst verder uitgezocht worden, voordat er een definitief besluit wordt genomen. Daarom heeft het Veiligheidsraad de denktank opdracht gegeven om de implementatie van de denkrichting verder vorm te geven in een uitwerkingsplan, zodat op basis daarvan naar een definitief besluit kan worden genomen. Naar verwachting gebeurt dit na de kabinetsformatie. Evaluatie Wet veiligheidsregio’s In de zomer van 2019 heeft de ministerraad ingestemd met de instelling van de evaluatiecommissie Wet veiligheidsregio’s (Wvr). De evaluatie was van belang om zicht te krijgen op het functioneren van het stelsel zoals beschreven in de Wvr, zowel ten aanzien van de bestuurlijke als operationele componenten.
Het gaat daarbij om de realisatie van efficiënte en kwalitatief hoogwaardige brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening, bevolkingszorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing onder bestuurlijke regie. De evaluatiecommissie heeft tot taak de doeltreffendheid en de effecten van de Wvr en onderliggende regelgeving in de praktijk te onderzoeken en daarbij ook te bezien of de huidige wet bruikbaar is in het licht van actuele en toekomstige dreigingen, maatschappelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen in de crisisbeheersing. In december heeft de commissie haar eindrapport opgeleverd.
10
Jaarstukken 2020 De conclusie van het rapport van de commissie is dat de veiligheidsregio’s goed functioneren als het gaat om regionale branden, incidenten en crises. Tegelijk ziet de commissie dat crises vaker ingrijpender, omvangrijker, grensoverschrijdender en meer divers van aard zijn. Naast branden en ontploffingen is sprake van grotere en complexe crises zoals cyberaanvallen, grootschalige protesten, terrorisme of pandemieën. Rampen en crises worden dan ook steeds professioneler bestreden. Ook de brandweerzorg is verbeterd sinds de huidige Wet veiligheidsregio’s tien jaar geleden is ingevoerd. Omdat crises ingewikkelder worden en regionale grenzen overschrijden, is meer samenwerking nodig; tussen veiligheidsregio’s, met crisispartners en met het Rijk. De commissie vindt de wet op dit moment te ingewikkeld, soms onvolledig of juist te gedetailleerd en mede daardoor niet geschikt voor de toekomst. Daarom moet er een nieuwe wet komen die daarvoor zorgt. Bij crisisbestrijding dient voortaan sprake te zijn van één crisisorganisatie in plaats van 25 regionale crisisorganisaties. Als er onverhoopt problemen zijn in de samenwerking, moet de burgemeester, de voorzitter van de veiligheidsregio of de minister kunnen ingrijpen. Zij zijn verantwoordelijk voor de regie op de crisisbeheersing maar krijgen tevens bevoegdheden om andere partijen tot medewerking te dwingen.
Bij het herschrijven van de wet moet de brandweerzorg een nadrukkelijke rol krijgen. Negentig procent van het werk van de veiligheidsregio bestaat immers uit reguliere brandweertaken. Naast het werk dat de brandweer doet tijdens crisisbeheersing moet ook aandacht zijn voor het vak brandweer en de rol van brandweer bij preventie en brandveiligheid. De minister van JenV heeft het eindrapport in ontvangst genomen. Het is aan het nieuwe kabinet om een standpunt in te nemen ten aanzien van de conclusies en aanbevelingen van de commissie.
11
Jaarstukken 2020
2. Prestaties veiligheidsregio De meeste capaciteit en middelen van de organisatie zitten vanzelfsprekend in de uitvoering van de reguliere taken op het gebied van brandweerzorg, multidisciplinaire crisisbeheersing, GHOR en bevolkingszorg. Deze taken worden uitgevoerd vanuit de begrotingsprogramma’s Brandweerzorg en Veiligheid. De programma’s Zorg, Ondersteuning organisatie en Financiering hebben vooral een technisch karakter.
2.1
Programma Brandweerzorg
Het programma Brandweerzorg omvat in de begroting van VRBZO de producten Risicobeheersing en Incidentbestrijding. 2.1.1
Risicobeheersing
Het product Risicobeheersing is erop gericht om incidenten en rampen te voorkomen, of de kans erop zo klein mogelijk te houden. VRBZO adviseert gemeenten en bedrijven hoe ze fysieke veiligheidsrisico’s kunnen beperken en informeert over de mogelijke gevolgen als de preventie niet op orde is. De prestaties van dit programmaproduct worden toegelicht aan de hand van onderstaande indicatoren. A.
Advisering brandveiligheid Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
1.530 adviezen over
1.588 adviezen over
1.755 adviezen over
brandveiligheid
brandveiligheid
brandveiligheid
Advisering brandveiligheid
VRBZO verleent adviezen over brandveiligheid op een breed scala van gebieden op het domein van fysieke veiligheid. Het aantal adviesaanvragen gerelateerd aan bouwplannen bleef nagenoeg gelijk in 2020. Als gevolg van Corona zijn er bijna geen adviezen gegeven over vuurwerkontbrandingen. Deze vinden veelal plaats tijdens evenementen. Ook de voorlichtingen brandveilig leven hebben zeer beperkt doorgang kunnen vinden, omdat dit fysieke bijeenkomsten zijn. Het nieuwe lespakket voor de basisschool is veel minder dan verwacht afgenomen. Scholen beperken zich vanwege thuisonderwijs en de impact van corona meer tot de basislesstof. B.
Advisering evenementenveiligheid Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
375 adviezen over veiligheid
212 adviezen over veiligheid
530 adviezen over veiligheid
bij evenementen
bij evenementen
bij evenementen
Advisering evenementen
12
Jaarstukken 2020 Door Covid-19 waren er veel minder evenementen in 2020. Vanaf maart lagen alle evenementen(aanvragen) stil. Vanaf dat moment is adviescapaciteit ingezet om samen met de andere Brabantse veiligheidsregio’s te komen tot gezamenlijke kaders voor bevoegd gezag op het gebied van evenementen in coronatijd. In de maanden augustus, september en oktober werden enkele kleinschalige evenementen georganiseerd. Belangrijke elementen in dit advies waren randvoorwaarden van GHOR/GGD voor een coronaveilig evenement en goede afstemming met handhaving (politie en gemeenten). C.
Advisering binnen afgesproken termijnen Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
90% binnen afgesproken
89,9% binnen afgesproken
81% binnen afgesproken
termijnen
termijnen
termijnen
Advisering binnen normtijd
VRBZO heeft met gemeenten afspraken gemaakt over dienstverleningstermijnen voor adviesaanvragen. We streven hierbij om minimaal 90% van de aanvragen binnen de tijd te verwerken. Advisering over evenementen had afgelopen jaren een grote invloed op het behalen van de adviestermijnen. Dit kwam enerzijds door de relatief korte termijnen die aan dit type advies zijn verbonden. Daarnaast steeg het aantal evenementen waarvoor een vergunning nodig was jaarlijks flink. Deze factoren legden een groot beslag op de beschikbare adviescapaciteit, omdat dezelfde medewerkers ook worden ingezet voor andere adviezen op het gebied van brandveiligheid. In 2020 waren er veel minder evenementen wat direct een positief effect heeft op de doorlooptermijnen. D.
Controles op brandveiligheid Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
1.875 controles op
930 controles op
1.590 controles op
brandveiligheid
brandveiligheid
brandveiligheid
Controles brandveiligheid
VRBZO voert in opdracht van gemeenten controles uit op het gebied van brandveiligheid. Vanwege Covid-19 is het aantal brandveiligheidscontroles vanaf maart fors teruggebracht om risico’s op besmetting te minimaliseren. Enkel controles waarbij vooraf een hoog risico werd ingeschat zijn uitgevoerd. De beschikbare capaciteit is vervolgens waar mogelijk slim ingezet voor de coronacrisis zoals bij ondersteuning GHOR en GGD, gezondheidschecks bij Eindhoven Airport en ondersteuning van gemeentelijke handhavers. Daarnaast is ook de specifieke expertise (brandveiligheid) ingebracht bij het inventariseren van cohortlocaties.
13
Jaarstukken 2020
E.
Onregelmatigheden bij BRZO (BRZO monitor) 38
38 29
30 21
23 19 14
2018
16
2019 2020
Geconstateerde overtredingen
Gemelde ongewone voorvallen
Incidenten met uitruk
In 2020 waren er in onze regio 12 bedrijven die vallen onder de werking van het Besluit Risico’s Zware Ongevallen 2015 (BRZO-2015 / Seveso III). Bij deze ‘BRZO-bedrijven’ zijn hoeveelheden gevaarlijke stoffen aanwezig boven een bepaalde drempelwaarde. VRBZO voert onder gezag van de provincie inspecties uit bij deze bedrijven. Wanneer overtredingen worden geconstateerd melden we dit aan het bedrijf en aan de Provincie, het bedrijf krijgt, afhankelijk van de ernst van de overtreding een bepaalde tijd de mogelijkheid om het probleem op te lossen. Daarnaast zijn BRZO-bedrijven verplicht om ongewone veiligheidsvoorvallen te melden. Het aantal onregelmatigheden bij BRZO-bedrijven is de afgelopen periode vrij stabiel en in lijn met vorig jaren. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Overhead verrekeningen Overige verrekeningen Totaal lasten
€ 4.940.290 € 34.623 € 1.140.843 -€ 516.927 € 289.092 € 5.887.921
€ 4.896.062 € 34.624 € 999.706 -€ 489.676 € 198.856 € 5.639.570
€ 44.228 -€ 1 € 141.137 -€ 27.251 € 90.237 € 248.351
Overige baten Totaal baten
-€ 773.700 -€ 773.700
-€ 609.309 -€ 609.309
-€ 164.391 -€ 164.391
Saldo lasten en baten
€ 5.114.221
€ 5.030.261
€ 83.960
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
14
Jaarstukken 2020 2.1.2
Incidentbestrijding
Naast het voorkomen en beperken van brand en andere incidenten, richt de brandweer zich op het bestrijden ervan. Onder het product ‘Incidentbestrijding’ verricht de brandweer de volgende kerntaken: brand bestrijden, technische hulpverlening, ongevallen met gevaarlijke stoffen bestrijden en hulp verlenen bij waterongevallen. Dit doet VRBZO met als doel het beperken van slachtoffers en het beperken van schade. De prestaties van dit programmaproduct worden toegelicht aan de hand van onderstaande indicatoren. A.
Incidenten (uitrukken) Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
4.890 uitrukken
5.555 uitrukken
5.294 uitrukken
Hieronder staat een toelichting per categorie Aantal uitrukken
Ten opzicht van 2019 is een forse stijging zichtbaar in het aantal uitrukken, vooral op het gebied van brandbestrijding. Vooral in het voorjaar waren er meer branden dan normaal; in april en mei ruim 65% meer uitrukken dan het meerjarig gemiddelde. Deze maanden waren droog waardoor er vooral veel natuurbranden waren. Ook in november (+53%) en december (+25%) waren er meer uitrukken dan andere jaren. Dit is met name toe te schrijven aan het aantal uitrukken in de aanloop naar oudjaarsavond. De avond en nacht zelf verliep rustiger. In 2020 waren er diverse branden die regionaal in het oog sprongen, zoals de industriebranden in Helmond en Hapert en natuurlijk de natuurbrand in de Deurnese Peel. Meer informatie over de natuurbrand in de Deurnese Peel is opgenomen in hoofdstuk 1 over relevante bestuurlijke ontwikkelingen.
15
Jaarstukken 2020
Het aantal uitrukken voor ongevallen is en blijft stabiel. Wel zien we dat incidenten vaak complexer worden door de betrokken voertuigen en de techniek die zich in de voertuigen bevindt. Door moderne hulpmiddelen zoals een crash recovery systeem en door bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden met de automotive campus zijn we wel in staat om deze ontwikkelingen bij te houden en op die manier veilig en efficiënt hulp te verlenen bij een ongeval. Door corona is het significant rustiger op de weg. Desondanks valt op dat het aantal uitrukken voor ongevallen relatief stabiel is ten opzichte van vorige jaren.
Het aantal uitrukken voor automatische alarmen neemt verder af. Dit heeft met name te maken met de nieuwe werkwijze die landelijk wordt toegepast. Hiermee blijkt de gerichte aanpak richting aangesloten organisaties, door na een alarm eerst contact op te nemen alvorens te alarmeren, nog steeds goed te werken.
16
Jaarstukken 2020
Meer inzetten voor overige hulpverleningsverzoeken Onder de categorie overig vallen onder andere uitrukken voor reanimaties, dienstverlening bij storm, liftopsluitingen en metingen voor koolmonoxide. De afgelopen periode valt vooral het aantal uitrukken voor dienstverlening bij extreem weer (storm) op. In februari en juni 2020 veroorzaakte het weer behoorlijke overlast in de regio. Ook wordt de brandweer steeds vaker ingezet bij (ondersteuning van) reanimaties.
B.
Behaalde opkomsttijden Prognose 2020
Realisatie 2020
Realisatie 2019
>70% uitrukken voldoet aan
77,2% uitrukken voldoet
70,7% uitrukken voldoet
opkomstnormen uit bestuurlijk
aan opkomstnormen uit
aan opkomstnormen uit
dekkingsplan 2019
bestuurlijk dekkingsplan
bestuurlijk dekkingsplan
Opkomsttijd brandweer
De opkomsttijd is de tijd tussen het moment dat een incident wordt gemeld bij de meldkamer brandweer en het moment dat de eerste brandweereenheid ter plaatse is. Deze tijd wordt theoretisch berekend door specifieke software, onder andere aan de hand van historische data van uitruktijden. Dit
rekenprogramma
houdt
verder
rekening met tal van variabelen, zoals locatie van gebouwen ten opzichte van de brandweerpost, verkeerslichten, rijsnelheid en overige verkeer belemmerende maatregelen. De uitkomst is een prognose van de opkomsttijd op objectniveau, die door het Algemeen Bestuur als opkomstnorm is vastgesteld. Bij een daadwerkelijk prio 1 incident wordt de gerealiseerde opkomsttijd getoetst aan de afgesproken bestuurlijke opkomstnorm. De afgelopen jaren is via het paraatheidsysteem onderbezetting van een eenheid eerder in beeld. Hierop wordt geanticipeerd, wat een positief effect heeft op de gerealiseerde opkomsttijd. Verder heeft het thuiswerk maatregel een positief effect op de beschikbaarheid van eenheden, omdat veel vrijwilligers thuiswerken.
17
Jaarstukken 2020 C.
Paraatheid eenheden Toelichting
De coronacrisis heeft op de paraatheid van onze eenheden een positief effect. Veel mensen kunnen thuiswerken en zijn daarbij dus beschikbaar voor de uitruk. VRBZO is in onlangs gestart met een nieuwe ronde werving- en selectie van nieuwe vrijwilligers. Voor de werving van nieuwe Paraatheid
vrijwilligers voor de meest urgente posten wordt actief de samenwerking gezocht met de betreffende gemeenten.
Voor de langere termijn zien we hotspots wat betreft verminderde paraatheid in posten. Hier kijken we samen met gemeenten naar oplossingen. Een voorbeeld is de start van een project voor de zuidwesten van Eindhoven, waarbij samen met de gemeenten Waalre, Veldhoven, Helmond, Eindhoven en de TU/e wordt onderzocht hoe te komen tot optimalere dekking, spreiding en paraatheid van onze eenheden. Inrichten van randvoorwaarden: werven nieuwe vrijwilligers We ervaren een toenemende druk bij het werven van nieuwe medewerkers om de paraatheid in met name de dorpen op peil te houden. Verloop en vergrijzing bij de vrijwilligers zorgt voor druk op de werving van nieuwe medewerkers en vraagt om een flexibele opleidingscapaciteit. Na een intensieve wervingscampagne eind 2019 zijn in 2020 6 nieuwe opleidingsklassen voor manschappen gestart, waarmee we na de 2-jarige brandweeropleiding 50-60 nieuwe krachten hopen te verwelkomen. In het najaar van 2020 is een nieuwe regionale campagne gestart om mensen te interesseren voor het brandweervak en zich aan te melden voor een opleiding tot brandweerman / -vrouw. Inrichten van randvoorwaarden: zorgen voor voldoende bluswater Bij paraatheid hoort ook het prepareren van eenheden op omstandigheden en randvoorwaarden voor een veilige en effectieve inzet. De aanpassing van de Drinkwaterwet zorgt ervoor dat het waterleidingnet de komende jaren verandert.
Er komen dunnere waterleidingen en minder brandkranen. Dat betekent voor de brandweer een verminderde bluswaterdekking. Het afgelopen jaar zijn concrete stappen gezet om daarop voorbereid te zijn. •
Inventarisatie van de bluswatervoorzieningen en knelpunten van alle bedrijventerreinen in de regio. De knelpunten hebben we gedeeld met de gemeenten te ondersteunen in het vinden van een passende oplossing.
•
Op strategische punten in de regio zijn meerdere voertuigen met watercontainers geplaatst.
•
Een nieuw watertransportsysteem is deels gerealiseerd. Deze voertuigen hebben een 400 meter slangensysteem dat rijdend uitgerold kan worden vanaf een brandkraan, open water of een waterbassin. Van de 6 voertuigen die gepland zijn, zijn er in 2020 2 geleverd.
D.
Vakbekwaamheid functionarissen Toelichting
Het brandweervak vraagt om specifieke kennis en hoogwaardige (technische) vaardigheden. Het vak is daarbij ook niet zonder gevaar, zowel voor het individu als voor de omgeving. Om een veilige en effectieve inzet te garanderen, is vakbekwaamheid -een goede opleiding en Vakbekwaamheid
regelmatig trainen en oefenen- essentieel. Door de beperkingen van de coronamaatregelen hebben we in 2020 niet alle doelen kunnen realiseren.
18
Jaarstukken 2020 Regelmatig trainen en oefenen Door de coronamaatregelen is het opleidings- en oefenprogramma ingrijpend aangepast. In 2020 zijn nagenoeg alle bijscholings- en trainingsprogramma’s vanaf maart stil komen te liggen. In overleg met de posten worden op kleine schaal basisvaardigheden en specialismes beoefend om op die manier vaardigheden op peil te houden. Opleiden nieuwe functionarissen Eind 2019 werd uit intern onderzoek duidelijk dat de organisatie voor brandweeropleidingen voor nieuwe brandweercollega’s niet meer aan de gestelde eisen en behoeften voldeed: het aantal opleidingen voor nieuwe functionarissen dat werd aangeboden was te weinig gelet op de operationele behoefte. Er was een tekort aan instructeurs en de inhoud van de opleiding was op onderdelen achterhaald. Op basis van de constateringen is een meerjarig beleidsplan opgesteld om hierin verbetering aan te brengen. In oktober 2020 heeft het IFV een audit gehouden bij het opleidingsinstituut VRBZO aan de hand van het landelijke waarderingskader KAB (Kwaliteit Aanbieder Brandweeropleidingen). Op basis van een documentenstudie, observaties en gesprekken is de commissie tot het oordeel ‘onvoldoende’ gekomen. Omdat veel aspecten ook zijn opgenomen in het uitvoeringsplan heeft het IFV extra tijd gegeven om aan het beoogde niveau te kunnen voldoen.
Het traject is er op gericht dat we een gecertificeerd opleider blijven die brandweeropleidingen en examens kan blijven organiseren. In lijn met het plan is er in 2020 flink geïnvesteerd in instructeurs. Er zijn 26 nieuwe instructeurs geworven, die eind 2020 inzetbaar werden en komende jaren nog aanvullende specialistische trainingen doorlopen. Hiermee wordt zowel de kwantiteit als de kwaliteit van de opleidingen verhoogd. Daarbij worden deze instructeurs ook ingezet voor training van de bestaande groep medewerkers. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
€ 19.268.045 € 4.055.906 € 8.875.012 € 68.400 -€ 1.211.190 -€ 310.462 € 30.745.711
€ 18.936.562 € 3.554.219 € 9.472.896 € 70.058 -€ 1.028.006 -€ 182.740 € 30.822.989
€ 331.483 € 501.687 -€ 597.884 -€ 1.658 -€ 183.184 -€ 127.722 -€ 77.278
Overige baten Totaal baten
-€ 403.869 -€ 403.869
-€ 761.470 -€ 761.470
€ 357.601 € 357.601
FLO lasten FLO baten Saldo FLO
€ 2.463.608 -€ 527.500 € 1.936.108
€ 3.413.694 -€ 1.477.586 € 1.936.108
-€ 950.086 € 950.086 €0
Saldo lasten en baten
€ 32.277.950
€ 31.997.627
€ 280.323
Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Reserveringen Overhead verrekeningen Overige verrekeningen Totaal lasten
Afwijking
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
19
Jaarstukken 2020 2.2
Programma Veiligheid
Het programma Veiligheid omvat in de begroting de producten crisisbeheersing, GHOR, bevolkingszorg en de gemeenschappelijke meldkamer (GMK) (exclusief meldkamer ambulancezorg). Voor de eerste 3 producten stond 2020 vooral in het teken van de bestrijding van de effecten van de coronacrisis. Coronacrisis De coronacrisis vergt veel capaciteit en flexibiliteit van de (crisis)organisatie, met name van crisisbeheersing, GHOR en bevolkingszorg. De veiligheidsregio is samen met partners zoals gemeenten, GGD en politie betrokken bij het bestrijden van de effecten van de maatregelen in de crisis, met als doel de continuïteit van de zorg en de maatschappij te borgen. Sinds maart 2020 is GRIP-4 van kracht en in de piek van de 1e golf (maart - mei) waren ongeveer 45-50 FTE werkzaam in de crisisorganisatie Covid-19. Het was mogelijk om de personele capaciteit veelal binnen de eigen organisatie op te vangen. Dit kon door een beroep te doen op de flexibiliteit van piketfunctionarissen, reguliere werkzaamheden waar mogelijk af te schalen en de inzet van collega’s waar de werklast door Covid-19 lager was. In deze fase waren er diverse acute knelpunten waar coördinatie, samenwerking en nauwe samenwerking tussen partners nodig was. Door GHOR, Bevolkingszorg en multidisciplinaire crisisbeheersing is het afgelopen jaar hard gewerkt om de dossiers in goede banen leiden.
Het gaat hierbij bijvoorbeeld om: •
Noodinkoop en distributie van persoonlijke beschermingsmiddelen (mondkapjes, spatbrillen etc). Tijdens de eerste golf ontstond een nijpend tekort aan persoonlijke beschermingsmiddelen bij zorginstellingen. De veiligheidsregio heeft in deze fase het voortouw genomen om deze middelen in te kopen en verspreiden onder Brabantse zorginstellingen. Ook hebben diverse bedrijven in de regio een belangrijke bijdrage geleverd door schenkingen of het beschikbaar stellen van hun netwerk.
•
Voorbereiden en inrichten cohortverpleging van Covid-19 patiënten door GHOR en Bevolkingszorg. Deze zogenaamde ‘zorghotels’ hadden een belangrijk rol in de opvang van corona patiënten zonder acute zorg indicatie op het moment dat de zorgcapaciteit onvoldoende werd. Gelukkig is het in onze regio niet dermate nijpend geworden dat deze locaties op grote schaal moesten worden ingezet.
•
Consultancy rondom juridische documenten, zoals noodverordening, handhavingskader, last onder dwangsom en diverse andere juridische formats/brieven. In totaal zijn 17 noodverordeningen door de voorzitter afgegeven om de maatregelen voor de bestrijding van Covid-19 te borgen. Daarnaast had de veiligheidsregio primair een coördinerende rol in juridische vraagstukken om uniformiteit in de regio te borgen. Hierbij werd nauw afgestemd met onze buurregio’s.
•
Het proces crisiscommunicatie, gecoördineerd en ondersteund door de afdeling communicatie van VRBZO, adviseerde gemeenten over 'corona-communicatie' en was schakel tussen regio en rijk.
•
Leiding en coördinatie (bestuurlijk, juridisch en operationeel) bij de bestrijding van een Covid-19 besmettingshaard bij een vleesverwerker in Helmond. Het bedrijf werd gesloten na afstemming met Nederlandse voedsel- en waren autoriteit (NVWA), inspectie sociale zaken en werkgelegenheid (ISZW)
•
Met dit dossier werd ook de opvang van besmette arbeidsmigranten zonder goede huisvesting urgent. Door de Bevolkingszorg is alternatieve noodopvang georganiseerd voor getroffen personen.
•
Verslaglegging over de bestrijding van de crisis namens de voorzitter van de veiligheidsregio aan de gemeenteraden in de regio.
20
Jaarstukken 2020 Sinds het najaar 2020 zijn ongeveer 10-15 FTE werkzaam in de crisisorganisatie Covid-19, voornamelijk bij Crisisbeheersing, GHOR en Bevolkingszorg. Het gaat hierbij om het coördineren van werkzaamheden, faciliteren (bestuurlijke) besluitvorming, actuele monitoring van effecten, afstemmen en borgen uniformiteit op regionale thema’s met gemeenten en GGD, behandelen van inhoudelijke (juridische) vraagstukken, afwikkelen van persvragen en WOB-verzoeken, beantwoorden vragen van burgers, bedrijven en instellingen, uitwerken juridische documentatie, adviesverlening over praktische toepassing van de juridische documentatie en ondersteuning GGD op specifieke thema’s. 2.2.1
Crisisbeheersing
Crisisbeheersing organiseert de leiding en coördinatie bij de bestrijding van complexe incidenten, waarbij vaak meerdere hulpdiensten en de gemeente zijn betrokken. In sommige gevallen gebeurt dit vanuit de GRIP structuur (gecoördineerde regionale incidentbestrijdingsprocedure). Samen wordt ervoor gezorgd dat de situatie zo snel mogelijk stabiel en veilig is, zodat de dagelijkse gang van zaken kan worden hervat. Om te leren van ons handelen wordt na het incident geëvalueerd om leerpunten op te halen. In de ‘normale’ situatie implementeren we de leerpunten in planfiguren (bijvoorbeeld regionaal risicoprofiel, regionaal crisisplan en rampbestrijdingsplannen) en worden functionarissen opgeleid en getraind. A.
Bestrijding GRIP incidenten GRIP
2019
2020
GRIP 1
5
5
GRIP 2
2
0
-
GRIP 3
0
1
Natuurbrand Deurnese Peel
GRIP 4
0
1
Covid-19
GRIP
Incidenten in 2020
▪ ▪ ▪ ▪
2 industriebranden in Helmond Industriebrand in Hapert Onbeheerd object Eindhoven Airport Rookoverlast omgeving Deurnese Peel en A67 na natuurbrand
Leerpunten uit GRIP- evaluaties Bij evaluaties na GRIP incidenten en multidisciplinaire oefeningen worden per onderwerp leerpunten verzameld; wat willen we behouden / koesteren, en wat willen we verbeteren? In 2020 zijn diverse evaluaties gestart van grootschalige incidenten, bijvoorbeeld de natuurbrand in de Deurnese Peel en de industriebrand in Hapert. Ook de uitvoering van deze evaluaties heeft gevolgen voor de reguliere (‘koude’) werkzaamheden op het gebied van crisisbeheersing zoals hiervoor al beschreven. Door capaciteitsgebrek als gevolg van de inzet op COVID-19 zijn alleen de quick wins van uit deze evaluaties opgepakt. Hetzelfde geldt voor de implementatie van de nog openstaande leerpunten uit 2019. B.
Wettelijke planfiguren Toelichting
De capaciteit van medewerkers Crisisbeheersing is in 2020 nagenoeg volledig ingezet voor de aanpak van Covid-19 en de afwikkeling van andere GRIP incidenten. Bij planvorming is alleen gefocust op de wettelijk verplichte planfiguren die voor actualisatie voor 2020 op de planning Planvorming met netwerkpartners
stonden. Dit betekende dat er geen ruimte was voor beleidsvorming en -voorbereiding, zoals een tussentijdse evaluatie van het regionaal risicoprofiel en het beleidsplan ‘vakbekwaamheid multicrisisfunctionarissen’. Ook de testfase van het nieuwe crisisplan heeft stilgelegen en wordt in de 2e helft van 2021 hervat.
21
Jaarstukken 2020 C.
Vakbekwame crisisfunctionarissen Toelichting
Door de coronamaatregelen is niet het geplande opleidings- en oefenplan doorlopen. Diverse trainingen / oefeningen en simulaties (waaronder de systeemoefening) zijn geannuleerd of zijn herzien qua opzet (digitale training / oefening). Dit vergde naast flexibiliteit van de functionarissen Vakbekwaam-
ook van de organisatie veel capaciteit en inventiviteit om trainingen en oefeningen om te zetten
heid
zodat deze binnen de coronamaatregelen passen. De belangrijkste oefeningen zijn op deze manier toch (digitaal) aangeboden. Ondanks terughoudendheid in de beginfase is de feedback op deze trainingen overwegend positief. Een deel van het opleiding-, trainings- en oefenprogramma (OTO) zal dan ook in de toekomst digitaal worden aangeboden. In landelijk verband is met de Inspectie Justitie en Veiligheid afgesproken dat er in 2020 geen systeemtest wordt uitgevoerd. Hiervoor in de plaats wordt begin 2021 een zelfevaluatie uitgevoerd op een aantal crisisbeheersing gerelateerde thema’s die door de inspectie zijn aangedragen.
Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Overhead verrekeningen Overige verrekeningen Totaal lasten Overige baten Totaal baten Saldo lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
€ 845.984 € 2.740 € 504.323 -€ 101.161 -€ 61.000 € 1.190.886
€ 921.564 € 2.740 € 529.049 -€ 108.841 -€ 12.787 € 1.331.725
-€ 75.580 €0 -€ 24.726 € 7.680 -€ 48.213 -€ 140.839
-€ 14.500 -€ 14.500
-€ 57.408 -€ 57.408
€ 42.908 € 42.908
€ 1.176.386
€ 1.274.317
-€ 97.931
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
2.2.2 GHOR en Bevolkingszorg GHOR en Bevolkingszorg hebben in een crisisfase een belangrijke coördinerende regiefunctie. Zij faciliteren de samenwerking tussen zorginstellingen (GHOR), gemeenten en maatschappij (Bevolkingszorg) bij grootschalige incidenten. Zo ook in de coronacrisis, bij uitstek een crisis die zorg- en gemeentelijke processen raakt. Praktisch alle personele capaciteit is ingezet voor het bestrijden van de effecten van deze crisis. Hierbij werd ook gebruik gemaakt van capaciteit van andere afdelingen van VRBZO en natuurlijk van het netwerk vanuit gemeenten voor de ondersteuning op gemeentelijke processen en crisiscommunicatie. De langdurigheid van de coronacrisis en de golven waarin het over de samenleving heen komt, met telkens wijzigingen in het maatregelenpakket, gaf een constante druk op de medewerkers. Door tussentijdse evaluaties worden ‘lessons learned’ toegepast, maar door de werkzaamheden die deze crises met zich meebrengt zijn vooraf opgestelde jaarplannen gepauzeerd.
22
Jaarstukken 2020 A.
Beleid- en planvorming Toelichting
In 2020 zijn, met de uitbraak van de coronapandemie, bestaande plannen in de praktijk getoetst. Tijdens de coronacrisis organiseerde de GHOR samen met de GGD overzicht en coördinatie rondom ziekenhuizen en de VVT sector (verpleeg- / verzorgingstehuizen en thuiszorg). In Brabant Planvorming met netwerkpartners
is hiervoor een regionaal overleg niet-acute zorg (RONAZ) opgezet waarbij analoog aan de acute zorg een patiëntenstromen coördinatiecentrum is ingericht voor cohorten (verpleegclusters). Deze Brabant brede samenwerking heeft ertoe geleidt dat alle Brabantse zorginstellingen gezamenlijk cohorten konden inrichten en opschaling naar noodopvang niet nodig bleek. De GHOR heeft in deze ontwikkelingen een belangrijke rol gespeeld.
Bevolkingszorg heeft in de regionale-lokale maatschappelijke zorg een spilfunctie. In de zomerperiode zorgde de versoepeling van de maatregelen voor veel werk bij Bevolkingszorg; diffuse richtlijnen door de versoepelingen zorgden voor veel werk. Zo bleek bijvoorbeeld evenementenadvisering in coronatijd uiterst ingewikkeld. Daarbij heeft de combinatie met de inzet voor de Peelbrand, waarvan de nafase voor Bevolkingszorg nog lang doorliep, veel van de medewerkers gevraagd. Dit betekent dat werkzaamheden gericht op verdere regionalisering van de taak van bevolkingszorg vertraging hebben oplopen.
B.
Vakbekwame crisisfunctionarissen Toelichting
Door de coronamaatregelen is niet het geplande opleidings- en oefenplan voor functionarissen doorlopen. Wel zijn diverse evaluaties uitgevoerd gericht op verhogen van vakbekwaamheid en verbeteren van de samenwerking in de zorgketen. In de zomer is een Brabantbrede evaluatie Vakbekwaam-
uitgevoerd door een extern bureau. De aanbevelingen zijn in het najaar opgepakt en
heid
geïmplementeerd. Er is een leertafel geweest tussen GGD en GHOR gericht op de onderlinge samenwerking.
Gerealiseerde baten en lasten
GHOR Lasten en baten Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Overhead verrekeningen Totaal lasten Overige baten Totaal baten Saldo lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
€ 912.985 € 7.643 € 182.853 -€ 118.412 € 985.069
€ 1.040.207 € 3.424 € 163.697 -€ 140.006 € 1.067.322
-€ 127.222 € 4.219 € 19.156 € 21.594 -€ 82.253
€0 €0
-€ 24.783 -€ 24.783
€ 24.783 € 24.783
€ 985.069
€ 1.042.539
-€ 57.470
23
Jaarstukken 2020
Bevolkingszorg Lasten en baten Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Totaal lasten Totaal baten Saldo lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
€ 268.159 € 11.962 € 166.892 € 447.013
€ 290.646 € 5.969 € 194.405 € 491.019
-€ 22.487 € 5.993 -€ 27.513 -€ 44.006
€0
€0
€0
€ 447.013
€ 491.019
-€ 44.006
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van producten GHOR en Bevolkingszorg. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
2.2.3 Gemeenschappelijke meldkamer De Gemeenschappelijke Meldkamer is volledig overgedragen aan de Landelijke Meldkamer Organisatie (LMO). De inhoudelijke verantwoording van de gemeenschappelijke verloopt sinds 1 januari 2020 via de Meldkamer Oost Brabant. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
Loonkosten Overige lasten Totaal lasten
€0 €0 €0
€ 147.021 € 12.664 € 159.684
-€ 147.021 -€ 12.664 -€ 159.684
Overige baten Totaal baten
€0 €0
-€ 114.532 -€ 114.532
€ 114.532 € 114.532
Saldo lasten en baten
€0
€ 45.152
-€ 45.152
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
24
Jaarstukken 2020 2.3
Programma Zorg
Het programma ‘Zorg’ kent de producten Ambulancezorg en Meldkamer Ambulancezorg. Het bestuur van VRBZO is vergunninghouder van de ambulancezorg in de regio en ontvangt hiervoor vanuit de zorgverzekeraars de financiering. De uitvoering en inhoudelijke verantwoording van de programma’s gebeurt door de GGD. 2.3.1
Ambulancezorg
GGD Brabant-Zuidoost voert voor VRBZO de ambulancezorg uit. VRBZO verantwoordt de financiering voor de ambulancezorg die wordt ontvangen van de zorgverzekeraars. De jaarplannen, beleidsmatige opvolging hiervan en operationele prestaties evenals de financiële besteding worden via de jaarstukken van de GGD verantwoord aan het Algemeen Bestuur van VRBZO. Vanaf 2021 is de vergunning van de ambulancezorg naar de GGD gegaan. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Overige lasten Overige verrekeningen Totaal lasten
€ 23.508.139 € 84.500 € 23.592.639
€ 24.635.872 € 41.400 € 24.677.272
-€ 1.127.733 € 43.100 -€ 1.084.633
Overige baten Totaal baten
-€ 23.670.226 -€ 23.670.226
-€ 24.677.272 -€ 24.677.272
€ 1.007.046 € 1.007.046
-€ 77.587
€0
-€ 77.587
Saldo lasten en baten
Afwijking
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2). 2.3.2
Meldkamer Ambulancezorg
De inhoudelijke voortgang op gestelde doelstellingen wordt via dezelfde verantwoordingslijn vormgegeven als bij het programmaproduct Ambulancezorg en verloopt via de directeur RAV verantwoord richting het Algemeen Bestuur van VRBZO. De verwachte financiële resultaten en operationele prestaties worden in de jaarrekening VRBZO wel benoemd, aangezien de verantwoordelijkheden hiervoor nog belegd zijn bij VRBZO. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Overige lasten Totaal lasten
€ 77.587 € 77.587
€ 37.000 € 37.000
€ 40.587 € 40.587
Totaal baten
€0
€0
€0
€ 77.587
€ 37.000
€ 40.587
Saldo lasten en baten
Afwijking
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten van het product. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
25
Jaarstukken 2020 2.4
Programma Ondersteuning organisatie (OO)
Bedrijfsvoering ondersteunt de organisatie op het gebied van financiën, informatie & automatisering, HRM, communicatie en bestuursondersteuning. Een uitgebreide financiële toelichting is opgenomen in de jaarrekening. A.
Ziekteverzuim Realisatie 2020
Realisatie 2019
Benchmark 2020
Percentage ziekteverzuim
Percentage ziekteverzuim
Percentage ziekteverzuim 'Overheid
VRBZO: 3,2%
VRBZO: 4,1%
& Openbaar Bestuur': 5,1% (bron: CBS, voorlopige cijfers 2020)
Ziekteverzuim
In de primaire processen was het ziekteverzuim laag, ondanks Covid-19. Hierdoor zijn de operationele processen niet in gevaar gekomen. Kantoorpersoneel kan overwegend thuiswerken waardoor (verdenkingen van) corona in die zin weinig effect heeft op het verzuim. Daarnaast was zichtbaar dat corona effect had op de opname van verlof door medewerkers. Veel medewerkers hebben verlof in het voorjaar uitgesteld door de toen geldende maatregelen. Tegelijk hebben veel medewerkers overuren gemaakt in deze periode door hun inzet voor de coronacrisis en/of Peelbrand. Medewerkers zijn gestimuleerd om in de zomer en het najaar hun rust te pakken, zodat niet op een later moment de gevolgen worden ervaren. Daarnaast zijn initiatieven geïnitieerd om medewerkers in deze bijzonder tijd fysiek en mentaal gezond en fit te houden. B.
Bezetting – formatie Doel 2020
2020
2019
90% - 100%
91,6%
96%
Bezetting-formatie
Bezettingsgraad bevindt zich binnen de gewenste kaders. Als gevolg van een reorganisatie bij de sector Incidentbestrijding zijn enkele vacatures in 2020 niet ingevuld in afwachting van het plaatsingsplan en sollicitatieprocedures. Deze formatieruimte wordt in 2021 ingevuld. Gerealiseerde baten en lasten Lasten en baten Loonkosten Kapitaalslasten Overige lasten Overhead verrekeningen Overige verrekeningen Totaal lasten Overige baten Totaal baten Saldo lasten en baten
Begroting 2020
Realisatie 2020
Afwijking
€ 4.535.244 € 446.276 € 2.305.765 € 1.947.690 -€ 13.730 € 9.221.245
€ 4.647.066 € 433.753 € 2.817.870 € 1.766.530 -€ 44.728 € 9.620.491
-€ 111.822 € 12.523 -€ 512.105 € 181.160 € 30.998 -€ 399.246
€0 €0
-€ 157.401 -€ 157.401
€ 157.401 € 157.401
€ 9.221.245
€ 9.463.090
-€ 241.845
In bovenstaand overzicht staan de gerealiseerde baten en lasten. Een toelichting hierop is opgenomen in de jaarrekening (paragraaf 5.2).
26
Jaarstukken 2020
3. Strategische beleidsagenda In het regionaal beleidsplan staan de meerjarige beleidsdoelen van de organisatie. In 2015 heeft het Algemeen Bestuur het regionaal beleidsplan voor de periode 2015 – 2019 vastgesteld. Gekoppeld aan de Visie 2025 is VRBZO bezig met een nieuwe strategische beleidsagenda voor de periode tot 2025. Voor 2020 zijn de openstaande doelstellingen afgerond. In dit onderdeel van het jaarverslag geeft VRBZO inzicht in de behaalde resultaten op de doelstellingen.
3.1
Voortgang uitvoering beleidsplan
In het regionaal beleidsplan 2015 - 2019 stonden in totaal 34 strategische beleidsdoelstellingen. Tot 2020 waren er 23 doelstellingen afgerond; 20 beleidsdoelen zijn behaald, 3 beleidsdoelen (worden) niet behaald. In 2020 heeft VRBZO gewerkt aan de laatste 10 beleidsdoelen, en aan een bestuurlijke visie en beleidsplan. Doelstelling beleidsplan
Product
1.
VRBZO werkt risicogericht
Risicobeheersing
2.
VRBZO ontwikkelt en implementeert producten voor Brandveilig Leven
Risicobeheersing
3.
VRBZO voert het beleidsplan risicocommunicatie Brabant uit
Risicobeheersing
Status Achter op schema Gereed
Achter op schema
4.
VRBZO realiseert multidisciplinaire samenhang in beleid en uitvoering door
Achter op schema Risicobeheersing
integrale advisering 5.
VRBZO vernieuwt de brandweerorganisatie op basis van kwaliteit, capaciteit
Gereed Incidentbestrijding
& continuïteit 6.
VRBZO maakt afspraken met zorginstellingen over de voorbereiding op
Achter op schema GHOR
crisissituaties Achter op schema 7.
VRBZO organiseert Bevolkingszorg vanuit collectieve taak
Bevolkingszorg
8.
VRBZO kan prestaties verantwoorden en sturen op prestaties
Bedrijfsvoering (OO)
9.
VRBZO bespaart op huisvestingskosten
Bedrijfsvoering (OO)
10.
VRBZO ontwikkelt personeelsbeleid richting HRD1
Bedrijfsvoering (OO)
11.
VRBZO ontwikkelt een nieuwe bestuurlijke toekomstvisie (Visie 2025)
N.v.t.
Gereed
Achter op schema
Op schema
Op schema
1 Gecombineerd met de doelstelling ‘VRBZO stuurt op vakbekwaamheid medewerkers’
27
Jaarstukken 2020
Doelstelling jaarplan 2020
Wat wilden we bereiken en wat gingen we daarvoor doen?
Status
Toelichting
VRBZO werkt risicogericht
Er is steeds vaker sprake van een terugtredende overheid, die inzet op
Achter op
In 2020 hadden we diverse opleidingen gepland voor medewerkers gericht
deregulering en daarbij een beroep doet op de inzet en
schema
op kennisverbreding en ontwikkeling van vaardigheden op het gebied van
(zelf)redzaamheid van de maatschappij. Dit verlangt van VRBZO dat zij
risicogericht adviseren. Er is een afweging gemaakt of deze opleidingen
zich als faciliterend samenwerkingspartner opstelt, en handelt vanuit de
digitaal gevolgd kunnen worden of dat fysiek training gewenst is. Gelet op
aanwezige specialistische kennis gecombineerd met oplossend en
het belang van de kennis en vooral (praktische) vaardigheden is gekozen om
samenwerkend vermogen. Dit in plaats van strikt de regels toepassen.
de opleiding fysiek te doen, wanneer dit mogelijk is binnen de coronaregels.
Daarmee wordt deze doelstelling niet binnen het tijdsframe van het beleidsplan behaald. Het is een belangrijke uitdaging en voornaam onderdeel (zo niet de kern!) van de Visie 2025.
VRBZO ontwikkelt en
Na de evaluatie Toekomstvisie Brandweerzorg in 2019, gaf het bestuur
implementeert producten
de opdracht om:
gespecialiseerd bedrijf een strategie uitgewerkt om burgers en bedrijven te
voor Brandveilig Leven
-
stimuleren om na te denken over brandveiligheid.
Een plan te formuleren om gemeenten te stimuleren om meer
Gereed
Op basis van de opdracht voor Brandveilig Leven is een met een
producten van Brandveilig Leven (BVL) af te nemen. -
Samen met gemeenten te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn
De resultaten, conclusies en aanbevelingen zijn besproken in het AB en
om de doelgroepen ‘bedrijven’ en ‘natuurbeheerders’ toe te voegen
conform besloten. De realisatie van de aanbevelingen is in de uitvoering van
aan het programma BVL.
de activiteiten van Brandveilig Leven geborgd. Daarmee is de doelstelling van dit beleidsplan afgerond.
28
Jaarstukken 2020 Doelstelling jaarplan 2020
Wat wilden we bereiken en wat gingen we daarvoor doen?
Status
Toelichting
VRBZO voert het beleidsplan
In 2016 is een Brabant-breed beleidsplan risicocommunicatie
Achter op
De belangrijkste conclusies uit de evaluatie zijn:
risicocommunicatie Brabant
vastgesteld. Dit plan is de afgelopen jaren uitgevoerd, met als doel het
schema
1. Gemeenten onderschrijven de uitgangspunten die in het beleidsplan
uit
verbeteren van de risicocommunicatie richting de burger op prioritaire risico’s in de provincie. Begin 2020 is een evaluatie opgeleverd in hoeverre de resultaten van het beleidsplan voldoen aan de verwachtingen van gemeenten.
risicocommunicatie staan nog steeds. Het huidige beleidsplan vormt een goede basis voor het nieuwe beleidsplan risicocommunicatie. 2. De thema’s die gemeenten terug willen zien in het nieuwe beleidsplan: klimaatverandering/extreem weer, natuurbranden, luchtvaartongeval, prioritaire risico’s uit regionaal risicoprofiel
De focus voor 2020: -
-
3. De rolverdeling tussen gemeenten en VRBZO bij de inzet van risico-
Een herijkt bestuurlijk vastgesteld beleidsplan voor de periode
communicatie moet nader onderzocht worden. Het ontbreekt
2021 – 2024, waarin de aanbevelingen van de evaluatie en
gemeenten aan prioriteit en capaciteit om risicocommunicatie op een
verkenning risicocommunicatie zijn verwerkt.
proactieve manier in te zetten. Wanneer er bij gemeenten ‘vanuit de
Bij voorkeur is het een Brabant-breed beleidsplan, om de
inhoud’ geen concrete aanleiding is om risicocommunicatie in te zetten,
integrale aanpak te continueren en de krachten en middelen
gebeurt dit over het algemeen niet of reactief. Om goede
te bundelen.
risicocommunicatie te realiseren, is het noodzakelijk om hierbij zowel communicatieprofessionals als inhoudelijke collega’s te betrekken op gebied van integrale veiligheid. 5. De samenwerking tussen VRBZO en gemeenten wordt over het algemeen als goed beschouwd. Veiligheidsregio’s Brabant-Noord en Midden- West Brabant gaven aan geen behoefte te hebben aan een Brabant breed beleidsplan. Dat betekent dat VRBZO hier zelfstandig met gemeenten mee aan de slag gaat.