CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

AI 29-05-2024 Matrix zienswijzen ontwerpbegrotingen 2025 GGD ODZOB MRE VRBZO versie 29052024

Raadscommissie Samenleving en Bestuur 5 juni 2024, gemeente AstenBij agendapunt: Aanvullende informatie n.a.v. vragen, toezeggingen of insprekers14.643 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

MATRIX (CONCEPT)ZIENSWIJZEN ONTWERPBEGROTINGEN GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN ZUIDOOST BRABANT Versie 29 mei 2024 Wijzigingen ten opzichte van de versie van 9 mei zijn geel gearceerd.

Omgevingsdienst Zuidoost Brabant Gemeente

Zienswijze

Asten

Nog geen zienswijze beschikbaar.

Bergeijk

1.In de ontwerpbegroting 2025 is eenmalig een bedrag van € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij verzoeken de ODZOB te overwegen het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken door het jaarrekeningresultaat 2023 hiervoor in te zetten, en dus achterwege te laten in de begroting. 2.In de ontwerpbegroting 2025 is een bedrag van € 0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen naar aanleiding van het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBP-versterking VTH). Onderdeel van het versterken van het VTH-stelsel is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een benodigd innovatiebudget en voldoende opleidingsbudget. Het opnemen van middelen in de begroting voor dit traject wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld; daar werd dat nog niet voor de hand liggend geacht. Een onderbouwing van die geraamde structurele / incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. Wel geeft de ODZOB in de begroting aan dat in december 2024 een verbeteraanpak wordt voorgelegd aan het Algemeen Bestuur (AB) van de ODZOB. Het budget wordt ingezet na akkoord van het AB van de ODZOB.

a) Wij verzoeken de ODZOB te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is naar aanleiding van het IBP-versterking VTH. b) Wij verzoeken de ODZOB het structurele deel van dit bedrag op te nemen in de ontwerpbegroting 2025. Nog geen zienswijze beschikbaar.

Best Bladel

Cranendonck

Geamendeerd raadsbesluit: 1. Er is eenmalig € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij verzoeken u te overwegen het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken door het jaarrekening-resultaat 2023 hiervoor in te zetten, en dus achterwege te laten in de begroting. 2. In de ontwerpbegroting 2025 is € 0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen n.a.v. het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBPversterking VTH). Onderdeel van het versterken van het VTH-stelsel is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Pagina 2 van 2 Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een benodigd innovatiebudget en voldoende opleidingsbudget. Dat hiervoor nu middelen zijn opgenomen in de begroting wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld; daar werd dat nog niet voor de hand liggend geacht. Een onderbouwing van die geraamde structurele / incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. Wel geeft u in de begroting aan dat in december 2024 een verbeteraanpak wordt voorgelegd aan het AB. Het budget wordt ingezet na akkoord van het AB. a) Wij verzoeken u te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is n.a.v. het IBP.

b) Wij verzoeken u het structurele deel daarvan op te nemen in de ontwerpbegroting 2025. 3. Vanaf 2026 kunnen de gemeentelijke bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen onder druk komen te staan door de ‘ravijnjaren’. Daarom verzoeken wij de Omgevingsdienst Zuidoost Brabant om hier alvast op in te spelen, en de wijze waarop zij dit doet specifiek te verwerken in de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028.” Wij uiten onze zorgen over de impact van de ontwerpbegroting 2025 op de gemeentelijke begroting voor de periode 2025-2028 in combinatie met het naderende alom bekende “ravijnjaar” 2026. De Taskforce Taken en Middelen adviseert gemeenten, via de VNG, alle mogelijke scenario’s voor nu voor te bereiden voor het geval dat het ravijnjaar werkelijkheid wordt. Bij dat advies wordt nadrukkelijk het voorstel gedaan als eerste naar de besparingsmogelijkheden te kijken bij de zogenaamde medebewindstaken. Bij die taken horen ook de werkzaamheden van de Omgevingsdienst Zuidoost Brabant. In dat kader vinden wij de in de begroting 2025 opgenomen € 0,8 mln Ontwikkelbudget niet passend. Natuurlijke zijn alle, in de samenwerking ODZOB, deelnemende gemeenten gebaat bij een robuuste omgevingsdienst. Uw in 2024 uit te voeren plan Fitte Organisatie, waarvan u de kosten dekt uit de daarbij horende bestemmingsreserve, helpt u daarbij zeker goed op weg.

Tegelijkertijd is de vraag om een additioneel ontwikkelbudget voor onze gemeente erg voorbarig. In uw paragraaf bedrijfsvoering geeft u als bestedingsdoelen voor dat budget aan: “….kan worden gedacht aan…innovatiebudget”, “Het kan ook gaan om incidentele impulsen of structurele inzet….” en “…. Kan ook gezien worden als buffer….gevolgen Omgevingswet of krappe arbeidsmarkt” . Daarbij komt het onderliggende plan naar uw verwachting pas

Deurne

Eersel

Eindhoven

gereed eind 2024. Vanwege deze onduidelijkheid over de besteding van een ontwikkelbudget van € 0,8mln gekoppeld aan de financiële onzekerheden voor ons als gemeente verzoeken wij u dit onderdeel uit uw ontwerpbegroting te schrappen. Versterken weerstandsvermogen In de ontwerpbegroting is eenmalig €0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van €1,2 miljoen naar €1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij verzoeken de ODZOB te overwegen het weerstandsvermogen (€0,3 miljoen) te versterken door het jaarrekening-resultaat 2023 hiervoor in te zetten, en dus achterwege te laten in de begroting. Hierdoor kan het uurtarief naar beneden worden bijgesteld. Maatregelen Interbestuurlijk Programma versterking VTH In de ontwerpbegroting 2025 is €0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen naar aanleiding van het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBP-versterking VTH). Dat hiervoor nu middelen zijn opgenomen in de begroting wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld. Een onderbouwing van die geraamde structurele/ incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. Wij verzoeken de ODZOB te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is n.a.v. het IBP en het structurele deel daarvan op te nemen in de begroting 2025.

De zienswijze is specifiek gericht op de financiële ontwikkelingen vanaf 2026. De gemeente Eersel staat voor grote financiële uitdagingen, net als veel andere gemeenten. Ook voor de gemeente Eersel geldt 2026 als ‘het ravijnjaar’. Op 1 maart 2024 heeft de VNG een begrotingsadvies uitgebracht. Wij vragen de ODZOB dit advies ook in ogenschouw te nemen. Dat betekent in het kort: - Bereid ombuigingen voor indien de korting van € 3 miljard vanaf 2026 niet wordt teruggedraaid of verzacht. Breng deze zo goed mogelijk in kaart, maar zet ze nog niet in gang. - Presenteer deze gevolgen financieel én inhoudelijk zo scherp mogelijk. - Betrek daarbij het advies van de Taskforce Taken en Middelen, die aangeven vooral te focussen op taken in medebewind. - Beschrijf in ieder geval de vijf meest significante ombuigingsmaatregelen, hun consequenties en het taakveld dat daarmee geraakt wordt. We verwachten dat onze verbonden partijen, net als de gemeente Eersel, dit advies opvolgen. Dat de ODZOB hiermee haar budgetten kritisch beoordeeld en waar nodig in de toekomst gaat bezuinigen om bij te dragen aan het sluitend maken van de begrotingen van de diverse gemeenten.

Robuuste omgevingsdienst Ten aanzien van het reserveren van het ontwikkelbudget om te komen tot een robuuste omgevingsdienst verzoeken wij u om de gemeente(n) actief en tijdig te informeren over de voortgang (inhoudelijk en financieel) van het transitietraject naar een robuuste omgevingsdienst. De raad van Eindhoven heeft geconstateerd dat in de ontwerpbegroting 2025 ODZOB: • het gemiddeld uurtarief (€ 124,68), lager ligt dan in de vastgestelde Kaderbrief 2025 (€ 126,31). Dit als gevolg van het beperken van de inhuur van externen en afgenomen kosten voor het personeel; • de declarabiliteit in 2025 daalt naar 1.299 uur per fte (Kadernota 2025: 1.306 uur). De doorwerking van de recent gesloten cao ligt hieraan ten grondslag; • de totale structurele kosten vanaf 2025 vrijwel gelijk blijven (Eindhoven: + €34.882) ten opzichte van begroting 2024. Gezien de in de afgelopen jaren sterk gestegen kosten verwacht de raad van uw organisatie actief te blijven sturen op een efficiënte uitvoering van de opgedragen taken en de organisatiekosten te bewaken, te beheersen en waar mogelijk omlaag te brengen; • het percentage inhuur daalt van 22% naar 18% wat er voor zorgt dat de stijging van de kosten van personeel kleiner is dan de daling van de kosten van externe inhuur.

Per saldo levert dit een voordelig effect op van €219.000; • er in de ontwerpbegroting een bedrag is gereserveerd voor het aanvullen van de algemene reserve, terwijl het beter zou zijn om hier het jaarrekeningresultaat van 2023 ter grootte van vrijwel hetzelfde bedrag voor te gebruiken; • in de begroting 2025, in tegenstelling tot de aanbiedingsbrief en het plan van aanpak robuustheid, zeer beperkt een relatie gelegd wordt met de integrale verbeteraanpak. In de ontwerpbegroting wordt daarentegen wel een relatie gelegd met een te vormen innovatieaanpak wat ongewenst is. Hiermee missen wij in de begroting 2025 de integrale aanpak die niet alleen ziet op de robuustheidcriteria, maar juist gericht is op het verbeteren van het inhoudelijk functioneren van de ODZOB. Dit sluit onder meer aan bij de zienswijze door Eindhoven ingediende zienswijze op de ontwerpbegroting 2024 waarin we vragen om verbeteringen op het gebied van zicht op zowel output als outcome van de acties van ODZOB en de verbetering op het gebied van de administratie en verslaglegging. Over deze integrale verbeteraanpak vindt op dit moment ook constructief overleg plaats tussen ODZOB en gemeente Eindhoven. • Het opgenomen ontwikkelbudget gekoppeld wordt aan het vormen van een innovatiebudget waarvan Eindhoven bij de behandeling van de Kaderbrief 2025 reeds heeft aangegeven dat dit onwenselijk is.

Het DB heeft hiervan destijds ook aangegeven dat dit niet voor de hand ligt en dit niet zondermeer op te zullen nemen in de begroting. Dat blijkt nu echter toch het geval. De raad van Eindhoven: 1. vindt het belangrijk dat ODZOB de taken ook de komende jaren robuust en met kwaliteit kan blijven uitvoeren en zich richt op een integrale verbeteraanpak zoals onder meer omschreven in het plan van aanpak robuustheid;

2. vindt het hoge ziekteverzuim nog steeds zorgelijk en hecht veel waarde aan het correct en proactief verder oppakken van acties volgend uit het medewerkersonderzoek. De raad vraagt om aandacht voor de medewerkers, het bieden van een goede en veilige werkomgeving en de juiste randvoorwaarden voor medewerkers om hun werk kwalitatief goed en plezierig te kunnen doen en op die manier ook het percentage inhuur verder terug te dringen; 3. onderschrijft het directe voordelige effect door het beperken van de inhuur door ODZOB en vraagt om ook in de opvolgende jaren hierop concrete acties uit te zetten om nog een verdere beperking van de inhuur te kunnen bewerkstelligen; 4. dringt er bij ODZOB op aan om actief te blijven sturen op een efficiënte uitvoering van de aan haar opgedragen taken en de organisatiekosten te beheersen en te bewaken, hiervoor indicatoren en doelstellingen vast te leggen, onder meer gebaseerd op de Meerjarenvisie 2023-2027 en hierover periodiek te rapporteren en nieuwe maatregelen te aangrijpen wanneer dit niet tot voldoende resultaat leidt; 5. vraagt om het overschot op de begroting 2025 ad €300.000 niet te gebruiken voor het aanvullen van de algemene reserve, maar hier het jaarrekeningresultaat 2023 voor te benutten. Hiermee kan het uurtarief in de begroting 2025 verder naar beneden worden gebracht met €1,22; 6.

vraagt om het overschot op de begroting 2025 ad €800.000 dat voor nu ‘geparkeerd’ staat als ontwikkelbudget, voor besluitvorming van het AB ODZOB in december 2024, direct te koppelen aan de integrale en inhoudelijke verbeteraanpak zoals deze aan het AB is gepresenteerd en in het plan van aanpak robuustheid is verwoord. Enkel een koppeling met de robuustheidscriteria is onvoldoende; 7. Vraagt in de begroting de koppeling tussen het ontwikkelbudget en het innovatiebudget los te laten aangezien het vormen van een separaat innovatiebudget nu niet voor de hand ligt; 8. vraagt om het overschot op de begroting ad €800.000 niet structureel in de meerjarenbegroting 2026-2028 op te nemen, zonder onderbouwing waarom dit plaats dient te vinden. Wij verwachten van de gemeenschappelijke regelingen goede onderlinge synergie in de bijdrage aan de opgaven van de Omgevingswet en het bereiken van resultaat op de door gemeente Eindhoven in de Omgevingsvisie (juni 2020) vastgestelde doelen ‘Gezonde en toekomstbestendige stad’ en ‘Sociaal en inclusief’. Met blijvende aandacht voor optimalisering van efficiency, en de raad te informeren over wat daartoe is gedaan en wordt bereikt. Geldrop-Mierlo Er wordt geen zienswijze ingediend. Gemert-Bakel

Heeze-Leende

De gemeente Gemert-Bakel kan niet instemmen met de ontwerpbegroting 2025 met meerjarenraming 2026 – 2028 ODZOB. Met betrekking tot het weerstandsvermogen: Wij zijn van mening dat om het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken, het jaarrekeningresultaat 2023 hiervoor ingezet kan worden, en dus achterwege te laten in de begroting. Ravijnjaren: Vanaf 2026 worden alle gemeenten zwaar gekort op het gemeentefonds, ook wel ravijnjaren genoemd. Recent is het Rijk in hun Voorjaarsnota gemeente financieel enigszins tegemoet gekomen, maar de korting blijft fors. Als het ravijn niet gedicht wordt dan zijn ombuigingen op een gegeven moment noodzakelijk. De gemeente staat dan voor financieel lastige keuzes, die links- of rechtsom de inwoners zullen raken. Gemeenschappelijke regelingen vormen een substantieel deel van onze begroting. Wij willen van deze zienswijze gebruik maken om aan te kondigen dat in het geval van ombuigingen wij een evenredige bijdrage van gemeenschappelijke regelingen daarin zullen vragen. Bekend is dat de gemeentebegroting in de toekomst fors onder druk komt te staan. Daarom wordt ook van de ODZOB, net als van de andere Gemeenschappelijke regelingen, gevraagd om nu al mee te denken met de toekomstige bezuinigingsopgave en deze te verwerken in de begroting.

We adviseren daarbij om minstens drie significante besparingsmaatregelen uit te werken en die scenario’s toe te voegen aan de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. In de ontwerpbegroting 2025 is € 0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen n.a.v. het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBP-versterking VTH). Onderdeel van het versterken van het VTH-stelsel is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Conform uw ontwerpbegroting gaat het hierbij bijvoorbeeld om een benodigd innovatiebudget en voldoende opleidingsbudget. De hiervoor opgenomen middelen in de begroting wijken af van wat in de kadernota staat vermeld; daar werd deze middelen nog niet voor de hand liggend geacht. Een onderbouwing van die geraamde structurele en incidentele kosten is in de ontwerpbegroting niet opgenomen. Wel geeft u in de begroting aan dat in december 2024 een verbeteraanpak wordt voorgelegd aan het AB. Het budget wordt ingezet na akkoord van het AB. Zienswijzen: 1. De gemeentebegroting komt in de komende jaren fors onder druk te staan. Wij verwachten ook van de ODZOB dat zij zich voorbereidt op het scenario waarin besparingen nodig zijn. We adviseren daarbij om minstens drie significante besparingsmaatregelen uit te werken in die scenario’s en die toe te voegen aan de begroting 2025 – 2028. 2. Wij verzoeken u te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is n.a.v.

het IBP. Gevraagd wordt om dit ontwikkelbudget eveneens te betrekken in de afweging bij de hiervoor gevraagde besparingen. 3. Wij verzoeken u het structurele deel daarvan op te nemen in de ontwerpbegroting 2025.

Helmond

Laarbeek

Het uurtarief stijgt minder hard dan voorzien. In de kadernota 2025 werd uitgegaan van een gemiddeld uurtarief van € 126,31, gebaseerd op indexatie uit de Macro Economische Verkenning (MEV). Het uurtarief in de begroting 2025 komt uit op € 124,68. Dat is lager dan verwacht op basis van de kadernota 2025. Oorzaak hiervan ligt volgens de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant hoofdzakelijk bij de afbouw van inhuur, maar ook de kosten van vast personeel blijken lager dan eerder gedacht. Het is fijn om te zien dat de maatregelen die al genomen zijn om weer te komen tot een fitte organisatie hun vruchten afwerpen. Zo is het verzuim en de verzuimfrequentie in de tweede helft van 2023 verder gedaald naar 6,5% (inclusief zwangerschap en bevalling). Er is een ontwikkelbudget opgenomen van € 0,8 miljoen. De afgelopen jaren bleek uit diverse onderzoeken dat veel omgevingsdiensten nog niet functioneren zoals het zou moeten. Onder de naam Interbestuurlijk Programma Versterking stelsel Vergunningen Toezicht en Handhaving (IBP VTH) is een programma gestart dat uitvoering geeft aan de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen. Onderdeel van het programma is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Dat hiervoor € 0,8 miljoen is opgenomen in de ontwerpbegroting 2025 wijkt af van wat in de kadernota 2025 staat vermeld.

Daarin is gesteld dat gezien alle onzekerheden die er op dit moment nog zijn, het niet voor de hand ligt om hiervoor middelen op te nemen in de kadernota 2025 en de ontwerpbegroting 2025. Wij onderschrijven het belang van een ontwikkelbudget om de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant robuuster te maken, en kunnen instemmen met het voorstel om het ontwikkelbudget van € 0,8 miljoen te bevriezen totdat met de eerste begrotingswijziging 2025 op 19 december 2024 door het algemeen bestuur hieraan een bestemming is gegeven. Het ontwikkelbudget kan pas worden ingezet na expliciete besluitvorming door het algemeen bestuur. Wel vragen wij het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant om in de loop van 2024 met een financieel onderbouwd voorstel te komen. De algemene reserve wordt met € 0,3 miljoen verhoogd. Het totaal van baten en lasten in de ontwerpbegroting 2025 ligt boven de € 30 miljoen. Dit leidt ertoe dat de streefwaarde van de algemene reserve verschuift naar minimaal € 1,5 miljoen om de gekwantificeerde risico’s volledig af te kunnen dekken. Tot en met 2023 was een streefwaarde van minimaal € 1,2 miljoen van toepassing. In de ontwerpbegroting 2025 is eenmalig € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen.

Gezien het (voorlopige) positieve jaarrekeningresultaat 2023 is er voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij verzoeken de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant om de algemene reserve met € 0,3 miljoen te verhogen door gebruik te maken van het jaarrekeningresultaat 2023, zodat het bedrag niet uit de lopende middelen van 2025 hoeft te komen. Dit heeft een positief effect op het gemiddelde uurtarief. Het gemiddelde uurtarief kan daarmee met ca. € 1,22 dalen. Uitvoering werkzaamheden De Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant levert een belangrijke bijdrage aan het realiseren van de gemeentelijke doelstellingen vastgelegd in het coalitieakkoord. Onze zorg is dat wij nog onvoldoende resultaat zien rond de geuroverlast in de wijk Brouwhuis. Daarnaast vinden wij het erg belangrijk dat het toezicht en de vergunningverlening bij inrichtingen waar (mogelijk) met zeer zorgwekkende stoffen zoals PFAS wordt gewerkt, alsmede de aanpak van verontreinigingen met zeer zorgwekkende stoffen, goed met de ketenpartners zoals het Waterschap Aa en Maas en provincie Noord-Brabant wordt afgestemd. Het college wil alles op alles zetten om in samenspraak met de provincie Noord-Brabant, Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant, omwonenden en bedrijven de stankoverlast maximaal te verminderen.

Concluderend stemt de gemeenteraad van Helmond in met de voorliggende ontwerpbegroting 2025 en verzoekt het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant om actief te blijven sturen op een efficiënte uitvoering van de aan haar opgedragen taken en de organisatiekosten te beheersen en te bewaken, en hierover periodiek te rapporteren De gemeente Laarbeek stemt onder voorwaarden in met de ontwerpbegroting 2025 met meerjarenraming 2026 – 2028 ODZOB. Met betrekking tot het weerstandsvermogen: Er is eenmalig € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij stellen uw dagelijks bestuur voor om het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken door gebruik te maken van het jaarrekeningresultaat 2023. Met betrekking tot het traject IBP-VTH: In de ontwerpbegroting 2025 is € 0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen n.a.v. het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBP-versterking VTH). Onderdeel van het versterken van het VTH-stelsel is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een benodigd innovatiebudget en voldoende opleidingsbudget.

Dat hiervoor nu middelen zijn opgenomen in de begroting wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld; daar werd dat nog niet voor de hand liggend geacht. Een onderbouwing van die geraamde structurele / incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. Wel geeft de ODZOB aan dat in december 2024 een verbeteraanpak wordt voorgelegd aan het AB. Het budget wordt ingezet na akkoord van het AB. Wij verzoeken u om te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is n.a.v. het IBP-VTH en daaraan gekoppeld om het structurele deel daarvan op te nemen in de ontwerpbegroting 2025. Ravijnjaar 2026 Indien de voorspelde bezuinigingen door het Rijk in het gemeentefonds gaan plaats vinden (de zogenaamde ravijnjaren), dan kan de gemeente deze niet alleen opvangen. Doordat een deel van onze gemeentelijke taken bij verbonden partijen zijn ondergebracht betekent dit dat alle verbonden partijen zullen moeten meedelen in de bezuinigingen van het Rijk. De verbonden partijen worden dan ook dringend verzocht om in hun begrotingen rekening te houden met het vooruitzicht dat, vanaf 2026, zij geen stijgende kosten kunnen doorberekenen of zelfs moeten bezuinigen, omdat de gemeentelijke bijdrage naar beneden bijgesteld zal (moeten) worden. Alleen met dit voorbehoud kan er ingestemd worden met de meerjarenbegroting voor de jaren 2026 en verder.

Nuenen c.a.

Versterken weerstandsvermogen door inzetten jaarrekeningresultaat 2023 Er is eenmalig € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te behalen. De ODZOB wordt verzocht te overwegen het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken door het jaarrekeningresultaat 2023 hiervoor in te zetten en dus achterwege te laten in de begroting. De besluitvorming hierover kan pas plaatsvinden als de jaarrekening wordt vastgesteld en het AB in juli een besluit neemt over het eventuele overschot. Onderbouwing ontwikkelbudget € 0,8 miljoen Er wordt een structureel ontwikkelbudget van € 0,8 miljoen geïntroduceerd waarover aan het AB in december 2024 een nader besluit wordt voorgelegd op basis van een dan beschikbare samenhangende verbeteraanpak. Bij deze verbeteraanpak wordt niet alleen ingestoken op het voldoen aan de robuustheidscriteria uit het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel (IBP-versterking VTH) per 1 april 2026, maar wordt ook een vervolg gegeven aan het gehouden medewerkersonderzoek, de aanbevelingen van de archiefinspectie en de inventarisatie van de kwaliteitscriteria. Dat hiervoor nu middelen zijn opgenomen in de begroting, wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld.

Een onderbouwing van die geraamde structurele/incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. De ODZOB wordt verzocht te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is naar aanleiding van het IBP-versterking VTH en wordt verzocht het structurele deel daarvan op te nemen in de ontwerpbegroting 2025. Dit verdient tevens aandacht omdat in de loop van 2024 meer inzicht bestaat in de ontwikkelingen in het Gemeente- en Provinciefonds en de mate waarin 2026 zich als “ravijnjaar” gaat manifesteren.

Oirschot Reusel-De Mierden Someren

Er wordt geen zienswijze ingediend.

Valkenswaard

1. Er is eenmalig € 0,3 miljoen opgenomen om het weerstandsvermogen te versterken van € 1,2 miljoen naar € 1,5 miljoen. Gezien het positieve jaarrekeningresultaat is voldoende geld beschikbaar om dit uit het jaarrekeningresultaat te betalen. Wij verzoeken u te overwegen het weerstandsvermogen (€ 0,3 miljoen) te versterken door het jaarrekening-resultaat 2023 hiervoor in te zetten, en dus achterwege te laten in de begroting. 2. In de ontwerpbegroting 2025 is € 0,8 miljoen opgenomen voor maatregelen n.a.v. het landelijke traject van het Interbestuurlijk Programma (IBP-versterking VTH). Onderdeel van het versterken van het VTHstelsel is het robuuster maken van omgevingsdiensten. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een benodigd innovatiebudget en voldoende opleidingsbudget. Dat hiervoor nu middelen zijn opgenomen in de begroting wijkt af van wat in de kadernota staat vermeld; daar werd dat nog niet voor de hand liggend geacht. Een onderbouwing van die geraamde structurele / incidentele kosten is in de begroting niet opgenomen. Wel geeft u in de begroting aan dat in december 2024 een verbeteraanpak wordt voorgelegd aan het AB. Het budget wordt ingezet na akkoord van het AB. a) Wij verzoeken u te onderbouwen welk bedrag daadwerkelijk noodzakelijk is n.a.v. het IBP. b) Wij verzoeken u het structurele deel daarvan op te nemen in de ontwerpbegroting 2025.

Algemeen Wij zijn verheugd dat deze begroting minder conservatief is opgesteld, dit juichen wij toe. Tegelijk zien wij dat uw organisatie voor een aantal flinke uitdagingen staat. Den hierbij aan de robuustheidscriteria, personele knelpunten en onderzoeken. Wij vinden het belangrijk dat de ODZOB een efficiënte organisatie is die kwalitatief goede (robuuste) diensten levert, Hier hoort bij dat de ODZOB voldoende medewerkers heeft met voldoende kennis en ervaring. Wij vragen u om ons op de hoogte te houden van de ontwikkelingen. En natuurlijk wensen wij u alle succes toe met de uitvoering. Financieel-technisch In uw begroting zijn de volgende bijstellingen opgenomen waar wij wat anders tegenaan kijken dan u. - U begroot een investering van € 613.000 in 2O25 voor huisvesting. De onderbouwing en uitleg hierbij is nogal mager. Wij verzoeken u dit in de definitieve versie beter te onderbouwen.

Zienswijze 1 robuuste organisatie: Het reserveren van het bedrag van € 0,8 mil. voor het ontwikkelen naar een robuuste organisatie kan onze instemming krijgen, voor wat betreft het begrotingsjaar 2025. Niet zondermeer voor de jaren daarna. Voor de komende periode willen wij actief meegenomen worden in dit traject, zodat de onderbouwing in december 2024 geen verassingen gaat opleveren. Zienswijze 2 ophogen algemene reserve: Voor 2025 kunnen wij niet instemmen met het verhogen van het weerstandsvermogen op de voorgestelde wijze. Dit gezien het positieve jaarrekeningresultaat wat voldoende hoog is om te benutten voor het op peil brengen van het weerstandsvermogen. Mocht er in opvolgende jaren wederom budget nodig zijn, dan zal op dat moment een voorstel moeten worden gedaan in de daarbij behorende begroting. Zienswijze 3 ravijnjaar: Vanaf 2026 zullen gemeentes moeten bezuinigen, omdat zij flink gekort worden op de Algemene Uitkering van het Rijk. Het uit te voeren takenpakket vanuit het Rijk blijft echter ongewijzigd. Wij verzoeken de Gemeenschappelijke Regelingen hier rekening mee te houden bij hun wensen en een bijdrage te leveren aan mogelijke bezuinigingen. Verder gaan wij ervan uit dat de gehanteerde indexering van de GR niet hoger is dan de prijsindexering die gemeentes gaan ontvangen van het Rijk. Son en Breugel Er wordt geen zienswijze ingediend.

Veldhoven

- Via het uurtarief op de declarabele uren wilt u € 300,000 ophalen om de reserve aan te vullen en € 800.000 voor een ontwikkelbudget. Wij zijn het er niet mee eens dat dergelijke vaste bedragen via het uurtarief worden opgehaald. Omdat het aantal declarabele uren kan afwijken van de begroting kunt u teveel of te weinig ophalen. Het resultaat over 2023laat een bestemming van € 300,000 naar de algemene reserve makkelijk toe. Wij verzoeken u dan ook om de algemene reserve niet via het uurtarief aan te vullen maar via de resultaatbestemming van het resultaat van 2023. Dit betekent ook dat het uurtarief daalt. En voor het ontwikkelbudget verzoeken wij om dit te incasseren via een verdeelsleutel en niet via het uurtarief.

Waalre

Veiligheidsregio Zuidoost Brabant Gemeente

Zienswijze

Asten

Bergeijk

Er wordt geen zienswijze ingediend. Geen zienswijze in te dienen op de Ontwerpbegroting 2025 VRBZO. Dit echter wel onder voorbehoud dat de gehanteerde indexering van de Gemeenschappelijke Regeling VRBZO niet hoger is dan de prijsindexering die de gemeente gaat ontvangen vanuit het Rijk. Er wordt geen zienswijze ingediend.

Best

Nog geen zienswijze beschikbaar.

Bladel

Geamendeerd raadsbesluit: De gemeenteraad van Bladel verzoekt de Veiligheidsregio Brabant Zuidoost om er rekening mee te houden dat de gemeentelijke bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen onder druk kunnen komen te staan door de ‘ravijnjaren’ vanaf 2026. Wij verzoeken u daar alvast op in te spelen en specifiek in de Programmabegroting 2025 te verwerken hoe u dit doet, zonder dat dit ten koste gaat van de primaire taken. Daarnaast verzoekt de gemeenteraad u tijdig alle deelnemende gemeenteraden te informeren over de bijkomende kosten door de extra investeringen zoals beschreven in uw brief van 5 april 2024. Vanuit de gemeente Cranendonck hebben we kennisgenomen van de boodschap dat er de komende jaren extra uitdagingen op de VRBZO afkomen die mogelijk om extra investeringen zullen vragen, desondanks verwachten we ook van de VRBZO dat zij zich voorbereidt op het scenario waarin besparingen als gevolg van de korting van € 3 miljard op het gemeentefonds nodig zijn. Er wordt geadviseerd om minstens drie mogelijke besparingsmaatregelen uit te werken in die scenario’s en deze toe te voegen aan de begroting 2025. Het is duidelijk dat deze begroting met veel zorg is opgesteld, waarvoor onze dank. Er wordt geen zienswijze ingediend.

Cranendonck

Deurne Eersel

Specifiek is de zienswijze gericht op de financiële ontwikkeling vanaf 2026. De gemeente Eersel staat voor grote financiële uitdagingen, net als veel andere gemeenten. Ook voor de gemeente Eersel geldt 2026 als “het ravijnjaar”. Op 1 maart 2024 heeft de VNG een begrotingsadvies uitgebracht. Wij vragen de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost dit advies ook in ogenschouw te nemen. Het advies houdt in: - Bereid ombuigingen voor indien de korting van € 3 miljard vanaf 2026 niet wordt teruggedraaid of verzacht. Breng deze zo goed mogelijk in kaart, maar zet ze nog niet in gang. - Presenteer deze gevolgen financieel én inhoudelijk zo scherp mogelijk. - Betrek daarbij het advies van de Taskforce Taken en Middelen. Deze geeft aan vooral te focussen op taken in medebewind. - Beschrijf in ieder geval de vijf meest significante ombuigingsmaatregelen, hun consequenties en het taakveld dat daarmee wordt geraakt. We verwachten dat onze verbonden partijen, net als de gemeente Eersel, dit advies opvolgen, dat de Veiligheidsregio hiermee haar budgetten kritisch beoordeelt en waar nodig in de toekomst gaat bezuinigen om bij te dragen aan het sluitend maken van de begrotingen van de diverse gemeenten.

Eindhoven

Geldrop-Mierlo

Gemert-Bakel

Heeze-Leende

Helmond

Laarbeek

In algemene zin verwachten wij van de gemeenschappelijke regelingen goede onderlinge synergie in de bijdrage aan de opgaven van de Omgevingswet en het bereiken van resultaat op de door gemeente Eindhoven in de Omgevingsvisie (juni 2020) vastgestelde doelen ‘Gezonde en toekomstbestendige stad’ en ‘Sociaal en inclusief’. Met blijvende aandacht voor optimalisering van efficiency, en de raad te informeren over wat daartoe is gedaan en wordt bereikt. Daarnaast stemmen wij in met de verhoging van de gemeentelijke bijdrage, als gevolg van de effecten van de inflatie. Wij stemmen in met de structurele verhoging van de bijdrage van de gemeente Eindhoven vanaf 2025 met €973.933 als gevolg van indexatie (5,50%). Daarnaast noemt u in uw Ontwerpbegroting 2025 een aantal ontwikkelingen met financiële onzekerheid. Conform vorig jaar verzoeken wij u daarom ook om de huidige ontwikkelingen van kosten te blijven monitoren en bij toekomstige additionele kostenstijgingen deze te voorzien van een advies en daarbij ook te kijken naar de mogelijkheden van een eigen bijdrage c.q. bezuinigingsvoorstel. Realisatie veiligheidsdoelstellingen Wij verwachten dat de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost in staat is, in samenwerking met partners, om de veiligheidsvraagstukken aan te pakken en dat daarmee wordt bijgedragen aan de te realiseren veiligheidsdoelstellingen de komende jaren.

Wij zien dat de ontwerpbegroting 2025 is opgesteld op basis van de Visie 2025 VRBZO en dat de aandacht voor een toekomstbestendige brandweerorganisatie wordt voortgezet. De verhoging van de gemeentelijke bijdrage is conform de afgesproken indexering. Op 10 april 2024 stuurde het Algemeen Bestuur VRBZO ons in aanvulling op de ontwerpbegroting 2025 een brief met een signaal dat het wellicht nodig is dat investeringen in de veiligheidsregio eerder aan de orde moeten zijn dan in het begrotingsjaar 2026. Onder voorbehoud van besluitvorming in het Algemeen Bestuur kan er sprake zijn van aanvullende begrotingsvoorstellen voor het begrotingsjaar 2025, zo geeft het Algemeen Bestuur aan. Wij hechten er aan u op voorhand te laten weten dat het bij begrotingswijziging toekennen van extra budget voor 2025 voor de gemeente -gezien de slechte financiële vooruitzichten voor de gemeente niet acceptabel is. Wij gaan er van uit dat u bij de opstelling van de benodigde extra budgetten wel de gelden van de brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR) die de Minister van Justitie en Veiligheid aan veiligheidsregio’s heeft toegekend, meeneemt. In de voorliggende concept-begroting 2025 VRBZO geeft u aan dat u deze bedragen hierin nog niet heeft kunnen verwerken omdat de bedragen vanaf 2025 nog niet bekend zijn.

Ook tekent u aan dat er landelijk overeengekomen thema’s zijn voor besteding van deze gelden. Wij geven u mee dat wij er vanuit gaan dat de nog te besteden BDURgelden door VRBZO worden ingezet om eenmalig de extra bijdrage voor 2025 te bekostigen. Mocht er daarna desondanks nog sprake zijn van een voorgenomen begrotingswijziging, dan zal onze raad de daarvoor aangeleverde onderbouwing in de op te starten zienswijze procedure -met inachtneming van de op dat moment bekende financiële situatie en uitgangspunten voor de gemeente Geldrop-Mierlo- in behandeling nemen. Gemeenten moeten de komende jaren de tering naar de nering zetten. We verwachten van Gemeenschappelijke Regelingen dat zij datzelfde doen. De voorliggende ontwerpbegroting 2025 betreft een doorvertaling van de geïndexeerde begroting 2024. We kunnen hier mee instemmen met inachtneming van onderstaande aandachtspunten. We delen de zorgen die u uit over de grote uitdagingen waar de veiligheidsregio in de komende jaren voor staat. We vragen u de volgende aandachtspunten mee te nemen in het opmaken van de definitieve begroting. Financiële mogelijkheden zijn begrensd In de brief van 5 april jl. wordt aangekondigd dat er hogere kosten aan komen. We begrijpen de grote uitdagingen waar de Veiligheidsregio in de komende jaren voor staat.

Vanaf 2026 worden alle gemeenten zwaar gekort op het gemeentefonds, ook wel ravijnjaren genoemd. Recent is het Rijk in hun Voorjaarsnota gemeente financieel enigszins tegemoet gekomen, maar de korting blijft fors. Als het ravijn niet gedicht wordt dan zijn ombuigingen op een gegeven moment noodzakelijk. De gemeente staat dan voor financieel lastige keuzes, die links- of rechtsom de inwoners zullen raken. Gemeenschappelijke regelingen vormen een substantieel deel van onze begroting. Wij willen van deze zienswijze gebruik maken om aan te kondigen dat in het geval van ombuigingen wij een evenredige bijdrage van gemeenschappelijke regelingen daarin zullen vragen. Het verzoek aan het bestuur is om erkenning te geven aan de problematiek en dit mee te nemen in de prioritering. Tijdig informeren Het bevreemd ons dat er in de brief van 5 april jl. een mogelijke begrotingswijziging 2025 wordt aangekondigd. We willen u vragen om de ontwikkelingen zoveel mogelijk mee te nemen in de kadernota 2026, Grote zorgen hebben wij bij uw aankondiging van komende begrotingswijzigingen. Wij begrijpen uw wens om de organisatie te versterken, maar in onze gemeentelijke begroting zit geen ruimte om verdere kostenstijgingen op te vangen.

Op basis van de gemeentefonds uitkeringen volgens de decembercirculaire 2023 staan wij voor grote ombuigingen en wij verwachten (conform advies van de VNG) dat ook alle gemeenschappelijke regelingen waar wij in deelnemen daar een bijdrage in leveren. Wij vragen u dan ook om ook voor uw begroting met ombuigingsvoorstellen te komen. De mate waarin deze voorstellen in uitvoering genomen moeten worden zal sterk afhangen van wat de mei- en septembercirculaires voor de gemeenten gaan betekenen. Wij verzoeken u ons college en onze ambtenaren intensief bij verdere begrotingsontwikkelingen te betrekken. Wij hebben door de ontwerpbegroting een inzicht verkregen in de plannen en ontwikkelingen voor 2025. De Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost zal in 2024, samen met het bestuur, met de ontwikkeling van het meerjarenperspectief tot 2030 starten. Dit is een belangrijk proces waarvan wij de uiteindelijke keuzes vertaald van zullen zien in de kadernota 2026. De voorliggende ontwerp begroting 2025 VRBZO beoordelen wij als positief. Wij verzoeken u ons regelmatig op de hoogte te stellen van de vorderingen die u maakt met de verdere uitvoering van de begroting 2025 en de ontwikkeling van de koers tot 2030. Mochten er zich in 2025 ontwikkelingen voor doen die effect hebben op de begroting 2025 dan vragen wij u ons hier tijdig over te informeren. Er wordt geen zienswijze ingediend.

Nuenen c.a. Oirschot Reusel-De Mierden Someren

Er wordt geen zienswijze ingediend. Er wordt geen zienswijze ingediend. Nog geen zienswijze beschikbaar.

Son en Breugel

Er wordt geen zienswijze ingediend.

Valkenswaard Veldhoven

De gemeenteraad van Valkenswaard dient een positieve zienswijze in. Er wordt geen zienswijze ingediend.

Waalre

Metropoolregio Eindhoven Gemeente

Zienswijze

Asten

Nog geen zienswijze beschikbaar.

Bergeijk

De raad dient wel een zienswijze in op de extra bijdrage voor Stichting Brainport. We willen bij de verhoging van de inwonerbijdrage voor Stichting Brainport extra aandacht vragen voor: Zeggenschap: als de (regio)gemeenten worden gevraagd om meer te betalen, is het logisch dat de regiogemeenten meer meebepalen. Regionale werking: de extra inspanningen vanuit het hogere budget moeten in alle regiogemeenten, ook kleinere gemeenten landen en niet alleen in het stedelijk gebied. Het is nu niet duidelijk wat gemeenten terugzien vanuit de hogere ambitie. Nog geen zienswijze beschikbaar. Geamendeerd raadsbesluit: “De gemeenteraad stemt in met de verhoging van de inwonerbijdrage als gevolg van de indexering, de uitbreiding van de basisorganisatie van de MRE en de meerjarenstrategie 2025-2032 “Brainport in balans”. Wel verwacht de gemeenteraad dat de door de verhoging van de inwonerbijdrage mogelijk gemaakte inspanningen rondom deze zeven extra prioriteiten ook in de deelregio’s en de kleinere dorpen en kernen landen. Verwacht wordt dat de MRE in 2024 komt met een rapportage waaruit blijkt en is uitgewerkt op welke wijze ook de kleinere dorpen en kernen (kunnen) meeprofiteren van de schaalsprong en hoe de beschikbaar gestelde gelden worden ingezet in de diverse deelregio’s om de schaalsprong mogelijk te maken.

Ook verzoekt de gemeenteraad de MRE om er rekening mee te houden dat de gemeentelijke bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen onder druk kunnen komen te staan door de ‘ravijnjaren’ vanaf 2026. Wij verzoeken u daar alvast op in te spelen en de wijze waarop u dit doet specifiek te verwerken in de Programmabegroting 2025. Tot slot heeft het bestuur van de MRE het besluit genomen om de werkorganisaties MRE en RHCe niet te ontvlechten. De gemeenteraad vindt het niet duidelijk wat hiervan de (financiële) gevolgen zijn. De gemeenteraad verzoekt daarom dit specifieker te omschrijven in de Programmabegroting 2025.” Ravijnjaar 2026 Voor de gemeente is het een hele opgave een reëel en structureel sluitende begroting voor de periode 2025 – 2028 op te stellen die voldoet aan het toetsingskader van onze toezichthouder. Dat komt mede door het alom bekende “ravijnjaar” 2026 door de korting van € 3 miljard op het gemeentefonds. De Taskforce Taken en Middelen adviseert ons, via de VNG, alle mogelijke scenario’s nu voor te bereiden voor het geval dat het ravijnjaar werkelijkheid wordt. Wij verwachten ook van de MRE dat zij zich in algemene zin voorbereidt op het scenario waarin besparingen nodig zijn.

Best Bladel

Cranendonck

Goede samenwerking van vitaal belang

Wij onderschrijven het belang van de samenwerking tussen de 21 gemeenten en we herkennen de bovengemeentelijke opgaven die u schetst. We kunnen ons dan ook nog steeds goed vinden in de ambities die we gezamenlijk hebben gesteld in het Samenwerkingsakkoord 2023-2026. We geven u graag de volgende aandachtspunten mee voor het opmaken van de definitieve begroting. In de conceptbegroting onderscheiden wij twee zaken waarvoor extra middelen worden gevraagd in de vorm van een verhoging van de inwonerbijdrage: Noodzakelijke versterking van de basisorganisatie van de MRE, en het finaliseren van de opbouw van de in het Samenwerkingsakkoord afgesproken programmabureaus om de zwaardere ambities uit dit akkoord mee na te streven. Hiervoor vraagt u een verhoging van de inwonerbijdrage van €0,22. De versterking van Brainport Development voor innovatie, talentontwikkeling en het doorontwikkelen van partnerschappen. Hiervoor vraagt u een verhoging van de inwonerbijdrage van €0,87. Voor de gemeente Cranendonck zijn de ambities uit het Samenwerkingsakkoord leidend, en van groot belang voor de toekomst van onze regio. Een goede begeleiding door de MRE-organisatie van alle ontwikkelingen die bij de o.a. regionale schaalsprong komen kijken, vinden wij van vitaal belang voor de toekomst van onze regio.

Alleen door samenwerking kunnen wij bijdragen aan de brede welvaart van onze inwoners, juist in tijden van schaarste. We ondersteunen daarom de versterking van de organisatie van de MRE. Kritisch op de opbrengsten voor Cranendonck Net als alle andere gemeenten staat er echter een periode van ernstige schaarste voor de boeg. Daarom moeten we ook kritisch kijken naar de besteding van Cranendoncks gemeenschapsgeld. In dat licht zijn we kritisch op de gevraagde verhoging van de inwonerbijdrage ten behoeve van de versterking Brainport Development. We onderschrijven dat de regio als geheel beter wordt van de samenwerking in Brainport Development. We zijn echter ook van mening dat de gevraagde verhoging van de inwonerbijdrage niet in verhouding staat tot het profijt dat een kransgemeente als Cranendonck eraan ontleent. We vragen u daarom om: • beter te kijken naar de mogelijkheden van economische spin-off voor het kransland rondom het stedelijk gebied en deze te vergroten, • óf de inwonerbijdrage voor kransgemeenten in lijn te brengen met de lagere economische spin-off. Deurne Eersel

Eindhoven

Geldrop-Mierlo

Er wordt geen zienswijze ingediend. De gemeenteraad Eersel stemt in met de verhoging van de inwonerbijdrage als gevolg van de indexering, de uitbreiding van de basisorganisatie van de MRE en de meerjarenstrategie 2025-2032 ‘Brainport in Balans’. De gemeenteraad verwacht daarbij wel dat de door de verhoging van de inwonerbijdrage mogelijk gemaakte inspanningen rondom de zeven extra prioriteiten van Brainport Development niet alleen in het stedelijk gebied, maar ook in de deelregio’s en de kleine dorpen en kernen landen. Daarbij moet aandacht zijn voor balans tussen (economische) groei en behoud van het dorps karakter van de kleinere gemeenten, zoals Eersel. Daarnaast staat de gemeente Eersel voor grote financiële uitdagingen, net als veel andere gemeenten. Ook voor de gemeente Eersel geldt 2026 als ‘het ravijnjaar’. Op 1 maart 2024 heeft de VNG een begrotingsadvies uitgebracht. Wij vragen de MRE dit advies ook in ogenschouw te nemen. Dat betekent in het kort: - Bereid ombuigingen voor indien de korting van €3 miljard vanaf 2026 niet wordt teruggedraaid of verzacht. Breng deze zo goed mogelijk in kaart, maar zet ze nog niet in gang. - Presenteer deze gevolgen financieel én inhoudelijk zo scherp mogelijk. - Betrek daarbij het advies van de Taskforce Taken en Middelen, die aangeven vooral te focussen op taken in medebewind.

- Beschrijf in ieder geval de vijf meest significante ombuigingsmaatregelen, hun consequenties en het taakveld dat daarmee geraakt wordt. We verwachten dat onze verbonden partijen, net als de gemeente Eersel, dit advies opvolgen. Dat de MRE hiermee haar budgetten kritisch beoordeelt en waar nodig in de toekomst gaat bezuinigen om bij te dragen aan het sluitend maken van de begrotingen van de diverse gemeenten. Wij hebben geen inhoudelijke opmerkingen bij uw conceptbegroting 2025 en de daarin opgenomen inwonerbijdrage meerjarenfinanciering Brainport Development 2025-2032. Wel vragen wij uw specifieke aandacht voor de tijdelijkheid van de financiële dekking voor een deel van de personele capaciteit in de MRE-organisatie. We vragen u om in de loop van dit jaar voorstellen voor een structurele oplossing te ontwikkelen. Mede in dat kader zien wij de evaluatie, c.q. herijking van het stimuleringsfonds met belangstelling tegemoet. Financiële mogelijkheden zijn begrensd Binnen de gemeenten piept en kraakt het. Naast de bovengemeentelijke opgaven zijn de lokale opgaven ook omvangrijk. De gemeentelijke financiën komen de komende jaren onder druk te staan, met als gevolg sterke begrenzingen van de financiële middelen. De begroting MRE 2025 is opgesteld op basis van een zeer hoog tempo in het realiseren van de ambities.

Een tempo dat ons noodzaakt om meer financiële middelen vrij te maken. We begrijpen dat er druk staat op het realiseren van de ambities, gezien de knelpunten die we ervaren op brede welvaart, wonen, werklocaties, mobiliteit en duurzaamheid. Tegelijkertijd is ook duidelijk dat op de gemeenten de noodzaak afkomt om te schrappen in wat we doen en dus om te prioriteren. Kort gezegd: we willen met elkaar meer dan dat we kunnen. We kunnen niet anders dan de tering naar de nering zetten. Dit betekent dat wij de hogere bijdrage boven de prijsindexcijfers (voor zowel de regionale opgaven als de bijdrage vanuit de MRE aan Brainport) niet kunnen opnemen in onze

begroting 2025-2028. Ons dringende verzoek aan het dagelijks bestuur is om erkenning te geven aan deze problematiek en in het jaarprogramma 2025 recht te doen aan wat we daadwerkelijk kunnen. Hiervoor is het nodig om te temporiseren binnen de verschillende programma’s. Dat doet niets af aan onze gezamenlijke ambities; het grijpt wel in op de doorlooptijden van ontwikkelingen. Capaciteitsmogelijkheden zijn begrensd De financiële begrenzingen waar we als gemeenten tegenaan moeten werken hebben ook tot gevolg dat er geen ruimte is om de capaciteit uit te breiden. Iets dat wel nodig is om het MRE-jaarprogramma uit te kunnen voeren. Eerder heeft u de programmabureaus opgestart en hiervoor heeft u de formatie van de MRE-organisatie uitgebreid. Zoals al eerder door ons opgemerkt, heeft dat alleen zin als er ook een bijpassende capaciteit is binnen de gemeenten. In plaats van verder uitbreiden van de formatie van de MRE-organisatie, hechten wij aan een pas op de plaats door nog niet ingevulde functies te bevriezen. We pleiten voor ‘samen trap op en trap af’. Als we inderdaad het tempo naar beneden bijstellen, levert het niet invullen van die functies geen problemen op. Los van dat de programmabureaus dan beter zijn afgestemd op het tempo dat we hanteren, speelt u hiermee ruimte vrij om binnen de reeds beschikbare formatie te voorzien in de basisfuncties die u wilt uitbreiden.

Gemert-Bakel

Uitvoeringskracht in de subregio’s In uw aanbiedingsbrief geeft u aan dat u hecht aan rolzuiverheid tussen de MRE en Brainport. Eenzelfde rolzuiverheid zou wat ons betreft moeten gelden voor de samenwerking tussen de MRE en subregio’s. U laat een kijk hierop achterwege. We zijn nog steeds van mening dat binnen de MRE-samenwerking de nadruk moet liggen op het strategische en dus op het met elkaar bepalen van overkoepelende lijnen en op de contacten met het Rijk en de provincie. Tactische keuzes en uitvoeringszaken zien wij eerder op een kleinere schaal tot hun recht komen, vooral met het oog op realisatiekracht. We begrijpen dat niet in alle subregio’s eenzelfde uitvoeringskracht is georganiseerd als binnen het Stedelijk Gebied Eindhoven, maar het lijkt ons beter dat dáár in wordt geïnvesteerd en dat er samenwerking tussen subregio’s plaatsvindt, dan dat we de tactische keuzes en uitvoering naar de schaal van de MRE trekken. Om als regio als geheel succesvol te kunnen zijn, is realisatiekracht op de kleinere schaal van de subregio’s nodig. In het verlengde van deze denklijn ligt het voor de hand om te kiezen voor compacte programmabureaus binnen de MRE. Wij hebben met belangstelling kennis genomen van de inhoud en informeren u graag over onze zienswijze op de door u voorgestelde concept programmabegroting 2025.

De begroting doet recht aan het nieuwe samenwerkingsakkoord en de urgente opgaven die we als regio samen op willen en moeten pakken. We zien dat door nieuwe governancestructuren én door het toevoegen van de opgave Wonen en Ruimte een uitbreiding van formatieplaatsen binnen de MRE nodig is en waarom het gewenst is de bijdrage voor Brainport Development te verhogen. De concept programmabegroting en uw aanbiedingsbrief geven inzicht in hoe de financiering daarvoor wordt voorgesteld. En we constateren dat de inwonersbijdrage conform afspraken wordt geïndexeerd. Toch willen wij u een paar aandachtspunten meegeven voor het opmaken van de definitieve begroting. - De ambities uit het samenwerkingsakkoord leiden nu tot uitbreiding van de MRE-organisatie. Dit vraagt ook om bijpassende capaciteit binnen de gemeenten. Nu de gemeentelijke financiën onder druk komen te staan schuurt het daar. We willen met elkaar meer dan dat we kunnen. Om hiervoor een oplossing te bieden kan bijvoorbeeld het tempo naar beneden bijgesteld worden. Ons verzoek is om goed te kijken naar deze problematiek, die ongetwijfeld niet alleen in Gemert-Bakel speelt. Waar nodig verzoeken wij u in samenspraak met de gemeenten het jaarprogramma 2025 bij te stellen. - Vanaf 2026 worden alle gemeenten zwaar gekort op het gemeentefonds, ook wel ravijnjaren genoemd.

Recent is het Rijk in hun Voorjaarsnota gemeenten financieel enigszins tegemoet gekomen, maar de korting blijft fors. Als het ravijn niet gedicht wordt dan zijn ombuigingen op een gegeven moment noodzakelijk. De gemeente staat dan voor financieel lastige keuzes, die links- of rechtsom de inwoners zullen raken. Gemeenschappelijke regelingen vormen een substantieel deel van onze begroting. Wij willen van deze zienswijze gebruik maken om aan te kondigen dat in het geval van ombuigingen wij een evenredige bijdrage van gemeenschappelijke regelingen daarin zullen vragen.

Heeze-Leende Helmond

Impact ‘Operatie Beethoven’ Op 28 maart 2024 werden de afspraken bekend die Rijk, provincie en regio met elkaar gemaakt hebben voor een extra impuls voor de regio op het gebied van mobiliteit, woningbouw en onderwijs (‘Operatie Beethoven’). Deze extra impuls is noodzakelijk om het economische ecosysteem waar de regio in belangrijke mate haar welvaart aan ontleent, te bestendigen. Tevens zijn de afspraken ook een bevestiging van het belang van onze regionale economie voor Brabant en Nederland. Uiteraard werd de concept- begroting vrijgegeven voorafgaand aan deze afspraken. Wij verwachten evenwel dat de afspraken beleidsmatig impact gaan hebben op de activiteiten van de MRE in 2025. Wij verzoeken u dan ook in de definitieve begroting in te gaan op deze impact. Zo is bijvoorbeeld een actualisatie van het MIRT onderzoek uit 2020 afgesproken. Deze afspraak zal ongetwijfeld gaan leiden tot intensivering van de inzet op het thema ‘Regionale samenwerking en strategie’. In de uitwerking van de regionale ontwikkelstrategie die genoemd wordt bij ‘Ruimte en Wonen’ verwachten wij ook dat aandacht wordt besteed aan de gevolgen van ‘Beethoven’, bijvoorbeeld ook de afgesproken versnelling in de woningbouwopgave.

Bijzondere aandacht vragen wij daarbij voor de gebiedsontwikkeling ‘Centrum-plus’ in Helmond en de afspraken rond de zuidelijke ontsluiting welke wij overeenkomstig het met het Rijk, provincie en regio gesloten Verstedelijkingsakkoord uitrollen. Informeren en betrekken van de raden Bij de uitwerking van de afspraken uit ‘Beethoven’ verzoeken wij de gehele regio te betrekken. Niet alleen de gemeenten die in formele zin de gemaakte afspraken nog moeten bekrachtigen, maar alle 21 gemeenten. Wij waarderen de toegenomen frequentie van bijeenkomsten waar raadsleden worden bijgepraat over ontwikkelingen. Een positieve ontwikkeling die in 2025 zeker voortgezet moet worden. We

vragen uw bestuur ook gemeenten in de regio te betrekken wanneer met gemeenten van buiten de regio wordt gesproken over een mogelijke samenwerking. Dit moet leiden tot win-win uitkomsten. Wij denken bijvoorbeeld voor Helmond aan contacten met Meijerijstad, onder andere relevant vanwege de agrofoodsector. Landgoed Gulbergen Gulbergen heeft voor Helmond als aangrenzende gemeente een belangrijke functie als groen recreatiegebied. Ook ecologisch gezien is Gulbergen een belangrijke verbinding die onder andere Strabrechtse heide, Stiphoutse bossen en Mosbulten met elkaar verbindt. Gebiedsontwikkeling stopt niet bij de gemeentegrens; wij vragen om vanwege bovenstaande belangen Helmond nauwer te betrekken bij de programmatische ontwikkeling van het Landgoed Gulbergen. Wij lezen in de begroting nu vooral wat het afgelopen jaar is gebeurd en nog te weinig wat het vervolg hierop in 2025 wordt. Wij vragen u hier dieper op in te gaan. Mobiliteit Bij ‘Mobiliteit’ gaat het onder meer om het agenderen van de regionale opgaven bij provincie en rijk. Wij vragen daarbij met name aandacht voor de bereikbaarheidsopgaven aan de oostkant van de regio. Energietransitie Bij dit thema hoort het oplossen van de huidige knelpunten in het netwerk wat ons betreft ‘met stip op 1’ te staan.

Landelijk Gebied Vanuit dit thema is onze regio bestuurlijk vertegenwoordigd in de governance van NOVEX de Peel en levert de MRE ook ambtelijke ondersteuning. Recent is het ontwikkelperspectief voor NOVEX de Peel beschikbaar gekomen. De nog vast te stellen uitvoerings- en investeringsagenda gaat waarschijnlijk een stevige impuls geven aan de transformaties in de Peel. Wij missen aandacht voor de betrokkenheid van MRE bij NOVEX de Peel in de beschrijving van activiteiten voor 2025. Het afgelopen jaar lag met provinciale uitwerking van het Nationaal Programma Landelijk Gebied de focus vooral op Natura 2000 / GGAgebieden. Juist de integrale gebiedsontwikkelingen, en het hierbij nader uitwerken van thema brede welvaart zorgt voor behoud van leefbaarheid in stad en platteland. Blijvende afstemming tussen opgaven en ambities vastgelegd en benoemd in BPLG/NOVEX blijft noodzakelijk. Wij ondersteunen het voornemen tot een uitvoeringsstrategie bio-based bouwen. Dit biedt kansen voor verduurzaming / omschakeling van de agrarische sector in samenwerking met de bouwsector. Economie – Brainport Development en Stimuleringsfonds Wij ondersteunen de gevraagde extra verhoging van de inwonersbijdrage als component van de subsidie aan Brainport Development vanwege de belangrijke rol die deze organisatie speelt in de bestendiging van ons regionale economische eco-systeem.

Wij hebben ook ingestemd met continuering van onze aandeelhouders bijdrage. Wat betreft het Stimuleringsfonds hebben wij begrip voor de verschuiving in budget om de versterking van de MRE organisatie te financieren. Wij hechten zeer aan de bewezen multiplier die het Stimuleringsfonds genereert. Wij begrijpen dat het algemeen bestuur heeft besloten de gewenste inzet en omvang van dit fonds te onderzoeken. Wij vragen nadrukkelijk om dit fonds in te zetten voor het stimuleren van de Brede Welvaart in de regio, in lijn met en over de volle breedte van het Samenwerkingsakkoord. Conclusie Met inachtneming van bovenstaande aandachtspunten oordelen wij positief over de begroting en de voorgestelde verhoging van de bijdragen Laarbeek

Wij ondersteunen de ontwikkeling en koers die de MRE heeft ingezet. De voorgestelde concept begroting 2025 is een uitvloeisel van afspraken die reeds eerder zijn gemaakt of ontwikkelingen die zijn ingezet. Waaronder de methodiek voor indexering, de formatie uitbreiding bij de MRE en Brainport development NV, als mede de financiering van het RHCE. Onze zienswijze op de conceptbegroting 2025 is daarmee ook positief. Wel dienen wij een zienswijze in voor de jaren 2026 en verder. Indien de voorspelde bezuinigingen door het Rijk in het gemeentefonds gaan plaats vinden (de zogenaamde ravijnjaren), dan kan de gemeente deze niet alleen opvangen. Doordat een deel van onze gemeentelijke taken bij verbonden partijen zijn ondergebracht betekent dit dat alle verbonden partijen zullen moeten meedelen in de bezuinigingen van het Rijk. De verbonden partijen worden dan ook dringend verzocht om in hun begrotingen rekening te houden met het vooruitzicht dat, vanaf 2026, zij geen stijgende kosten kunnen doorberekenen of zelfs moeten bezuinigen, omdat de gemeentelijke bijdrage naar beneden bijgesteld zal (moeten) worden. Alleen met dit voorbehoud kan er ingestemd worden met (positieve zienswijze op) de meerjarenbegroting voor de jaren 2026 en verder.

Nuenen c.a.

Samenwerking binnen de regio Wij onderschrijven het belang van de samenwerking tussen de 21 gemeenten en herkennen de bovengemeentelijke opgaven die u schetst. De samenwerking binnen de regio heeft ons gebracht waar we nu staan en de erkenning van het Rijk met de mainport-status. De regio kent een enorme groei. De gezamenlijke ambitie is om deze groei in goede banen te leiden met oog voor brede welvaart en leefbaarheid. Dit biedt kansen en tegelijkertijd hebben wij zorgen of we hierin zullen slagen. Financiële mogelijkheden zijn begrensd Binnen de gemeenten piept en kraakt het. Naast de bovengemeentelijke opgaven zijn de lokale opgaven ook omvangrijk. De gemeentelijke financiën komen de komende jaren onder druk te staan, met als gevolg sterke begrenzingen van de financiële middelen. De begroting 2025 MRE is opgesteld op basis van een zeer hoog tempo in het realiseren van de ambities. Een tempo dat ons noodzaakt om meer financiële middelen vrij te maken voor de samenwerking. We begrijpen dat er druk staat op het realiseren van de ambities, gezien de knelpunten die we ervaren op wonen, werklocaties, mobiliteit en duurzaamheid. Tegelijkertijd is ook duidelijk dat op de gemeenten de noodzaak afkomt om kritisch te kijken naar wat wel en niet opgepakt wordt en om te prioriteren. Ook onze gemeente ontkomt hier niet aan.

Ons dringende verzoek aan het Dagelijks Bestuur is om erkenning te geven aan deze problematiek en in het jaarprogramma 2025 recht te doen aan wat we gezamenlijk daadwerkelijk kunnen. Hiervoor is het nodig om te

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=5e2a939a-d3c7-4086-9333-d064eb30c935