Cultuurbeleid Arnhem - STROOM (2012)
Tekst van het document
Wie beide stukken tot zich neemt, ontmoet belangwekkende uitgangspunten, feiten, lijnen en hier en daar een praktisch voorstel. We noemen: ‘vergeet de wijken niet’; ‘zorg voor een inspirerende verbinding tussen de Binnenstad en het Modekwartier’ en ‘een beetje meer lef en ambitie zijn richting toekomst zeker gewenst’. Het rapport van Dany en Ewan vat het op de laatste bladzijde samen in één stelling: ‘het moet allemaal gewoon meer bruisen’. Blijft open de vraag: hoe gaan we daar voor zorgen? We doen een voorzet: Investeer in ondernemende bruisende mensen! Want nota’s, beleidslijnen, onderzoeken, evaluaties en voornemens, je hebt ze tot op zekere hoogte nodig, maar ondernemen, dat doen ze niet. Organisaties, instellingen, netwerken, ketens, gebouwen en voorzieningen, ook daar kun je niet buiten, maar bruisen, dat doen ze niet. Het zijn mensen die ondernemen en bruisen, beter: die het kunnen laten groeien en bloeien. Vandaar nogmaals ons devies en advies: investeer in bruisende ondernemende mensen. Het werkveld van kunst en cultuur Arnhem heeft meerdere van deze voortrekkers welke de afgelopen jaren bewezen hebben zorg te dragen voor een succesvolle en inspirerende praktijk. Het is een divers gezelschap, maar een aantal kenmerken hebben ze gemeen.
Ze passen op de centjes, tonen initiatief, hebben het organisatorisch op orde, lopen over van ideeën, weten enthousiasme uit te dragen, ontwikkelen nieuwe plannen, brengen artistieke kwaliteit, hebben feeling met de samenleving, acteren pro-actief, experimenteren met social media, boren meerdere geldbronnen aan en creëren een breed draagvlak voor hun activiteit / projecten.
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Reacties cultuurdebatten (Cultuur Arnhem 2011-2015 en Manifest van de ruimte)
71
70
Bijlage 3
73
Wel het werkveld van kunst en cultuur Arnhem kent meerdere voortrekkers die bovenstaande uitgangspunten al jaren in praktijk brengen. Zij dienen dan ook het zesde en eerste criterium te zijn: behaalde resultaten in het verleden zijn geen garanties voor de toekomst, maar geven de betreffende personen / voortrekkers wel een dikke streep voor. Beste leden van de Arnhemse gemeenteraad, Wie wil investeren in bruisende en ondernemende mensen moet ruimte scheppen bij andere delen van het cultuurbeleid. Al tien jaar terug sprak het Arnhemse werkveld van kunst en cultuur zich op een drukbezochte bijeenkomst in Musis Sacrum uit voor minder geld in stenen en overhead. Meer budget richting inspiratie en activiteit s.v.p. luidde toen de boodschap. Nu staat de gemeente Arnhem op het punt een groot deel van de financiële ruimte voor de komende 25 jaar vast te leggen in het project Cultuur in Rijnboog: Kenniscluster – Kunstencluster. Is er nog een weg terug? Kan er nog eens goed naar deze plannen worden gekeken? Zijn ze, omdat het allemaal zo lang duurt, ondertussen niet achterhaald? Wellicht is één cluster met Kennis èn Kunsten een meer interessante optie. Wellicht is deze voorziening ook eerder financieel rond te krijgen. Die grond van het beoogd Kenniscluster raak je zo dicht bij het centrum heus wel weer kwijt. Liever ten 9/10de gekeerd, dan ten hele gedwaald.
Wellicht kunnen de uitgangspunten van Musis tien jaar terug, toch nog in praktijk gebracht. Een uitnodiging aldus, om in het komende debat te kiezen voor een bijzondere, unieke en vernieuwende invalshoek: investeer in bruisende en ondernemende (jonge) mensen. Voortrekkers met praktische plannen richting toekomst. Arnhem heeft ze. Het werkveld kunst en cultuur laat ze zien. Toon het lef om klip en klaar voor deze prioriteit te kiezen. Met vriendelijke groet, Op persoonlijke titel en in alfabetische volgorde: Conny van der Bijl, Meet my Street Marcellino van Callias, The Street Department Thijs Groenewegen, TK07 Carolijn Leisink, theatergroep Cactus Karin Terwisse, Sprookjesfestival Jan Verschure, stichting Beleven /Kunstbedrijf Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
In de uitgangspuntenbrief van het college van burgemeester en wethouders staan vijf criteria voor de kunstfinanciering richting toekomst: • bevorderen actieve participatie en talentontwikkeling; • bereiken voldoende publiek; • zijn aanvullend en versterkend ten opzichte van creatieve keten; • tonen cultureel ondernemerschap en generen eigen inkomsten; • werken samen binnen creatieve keten en met domeinen daarbuiten.
73
72
Een kleine specificatie van bovenstaande focus: investeer in jonge ondernemende mensen die bruisen. Wie vangt de hedendaagse jeugd met aansprekende kunst- en cultuurprojecten? Deze mensen verdienen het voor op het podium te komen. De jeugd heeft de toekomst. In een cultuurbeleid 2012 – 2015 mogen ze dan ook een flink aandeel krijgen.
74 75
74
Bijlage 4 1. 2.
Inleiding
p. 70
Cultuurmenu 2001 – 2005 – 2015
p. 71 p. 71
2.1
3.
De deelbudgetten 3.1 3.2
4.
Nota’s De beleidsvelden 3.2.1 Cultuureducatie en amateurkunst 3.2.3 Podiumkunsten 3.2.4 Beeldende kunst en vormgeving 3.2.5 Creatieve milieus
Terugblik cultuurbeleid in Arnhem 4.1
4.2
5.
Cultuurvisie: Het KAN-CAN-profiel
Kwantitatieve gegevens 4.1.1 Sociaaleconomische index 4.1.2 Woonaantrekkelijkheid 4.1.3 Ontwikkelingen in de creatieve sector 4.1.4 Cultuurbereik en aanbod Kwalitatieve gegevens 4.2.1 Evaluaties 4.2.2 Uitkomsten cultuurdebatten
Conclusies
p. 73 p. 73 p. 74 p. 74 p. 75 p. 77 p. 78 p. 79 p. 79 p. 79 p. 80 p. 80 p. 82 p. 92 p. 92 p. 94 p.97
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem Cultuurbeleid Arnhem
Evaluatie cultuurbel
Om tegemoet te komen aan de wens om te actuali seren en te focussen is het nodig om te weten waar de gemeente Arnhem staat met haar cultuurbeleid. Daarbij is antwoord gewenst op vragen als: • Wat waren de uitgangspunten uit de Cultuurvisie en welke doelstellingen kwamen daar uit voort? • In welke mate worden deze doelen bereikt en sluiten deze doelen en de uitgangspunten nog goed aan op de wensen voor de toekomst? In deze evaluatie worden vragen beantwoord met als achterliggende doelstelling: • Het verschaffen van inzicht in de doelen, activiteiten en resultaten van het huidige
2 Cultuurmenu 2001 – 2005 – 2015 cultuurbeleid en de afzonderlijke beleidsvelden (podiumkunsten, beeldende kunst en vorm geving, amateurkunst en cultuureducatie); • Het leveren van een onderbouwende bijdrage aan de nieuwe integrale kadernota Cultuur.
Het Cultuurmenu 2001 – 2005 – 2015 legde de gemeente Arnhem drie opties voor. Voor een goed begrip van wat het betekende om uiteindelijk te kiezen voor het KAN-CAN-profiel is het relevant alle keuzeopties – drie in totaal - bondig toe te lichten.
Werkwijze In deze evaluatie wordt de ontwikkeling van Arnhem gevolgd van 2002 - het jaar dat de Cultuur visie werd vastgesteld - tot en met 2010. De evaluatie is het resultaat van ambtelijke analyse op basis van documenten: onder meer de boven genoemde cultuurvisie, de verschillende beleids nota’s per beleidsonderdeel, een drietal evaluatie bijeenkomsten en drie cultuurdebatten die alle dit voorjaar plaatshadden. De cultuurdebatten zijn geïnitieerd door de gemeente en hadden tot doel de stad te laten reageren op de Uitgangspuntenbrief Cultuur, die in maart door de gemeenteraad was vastgesteld als opmaat naar de nieuwe integrale kadernota Cultuur.
Divertimento Kenmerken zijn een grote variatie op het gebied van veelal kleinschalige cultuurproductie en cul tuurpresentatie. Veel investeringen in activiteit en, productie en programma’s en nauwelijks in voorzieningen. Dit profiel staat voor een verhoogd budget voor flexibele subsidies voor met name kleine festivals en evenementen en semiflexibele subsidies voor de activiteiten van kleine instellingen. Het profiel beoogt te bewerkstelligen dat anno 2015 cultuur goed geïntegreerd is in het beleid voor maatschappelijke ontwikkeling en dat cultu rele activiteiten lokaal een groter en meer divers publiek bereiken. Het sociaal-culturele klimaat dat daarmee verbeterd wordt is belangrijker dan het belang van economie en stadsontwikkeling. De kosten van dit profiel worden geraamd op € 0,5 tot € 1 miljoen extra per jaar.
Het gaat daarmee om een zogenaamde metaevaluatie (een evaluatie van de evaluaties ten einde een oordeel te kunnen geven over het integrale cultuurbeleid). Om daar meer balans in aan te brengen is gebruik gemaakt van statistieken die een beeld geven van de huidige status van cultureel Arnhem: de Atlas voor gemeenten 2011 en het Statistisch Jaarboek van de gemeente Arnhem. Leeswijzer In hoofdstuk twee zal een toelichting worden gegeven op de opties die werden geboden in het Cultuurmenu 2001 – 2005 – 2015 en, meer diepgaand, de cultuurvisie en het gekozen KAN- CAN-profiel. Vervolgens wordt in hoofdstuk drie inzicht gegeven in de visie, ambities en output van de verschillende (deel)beleidsterreinen. In hoofdstuk vier zal aan de hand van ‘harde’ kwanti tatieve gegevens (onder andere de Atlas voor gemeenten 2011 en het statistisch jaarboek van de gemeente) en ‘zachte’, meer kwalitatieve uit komsten (evaluaties en cultuurdebatten) worden geanalyseerd welke ontwikkeling Arnhem op het gebied van cultuur en de creatieve economie heeft doorgemaakt tussen 2002 en 2010. In het vijfde hoofdstuk worden tot slot conclusies getrokken.
KAN-CAN-CULTUUR Als midden-profiel stelt dit profiel een hogere prioriteit aan cultuur dan Divertimento. KAN-CAN erkent het belang van cultuur voor zowel maat schappelijke als voor economische en stadsontwik keling. Ook KAN-CAN staat voor veel flexibele en, zij het in mindere mate, semiflexibele subsidies. Doordat er nadrukkelijk gekozen wordt voor samenwerking – en dus niet voor concurrentie – met Nijmegen zal dit profiel leiden tot gespreide vestiging van middelgrote en grote culturele voorzieningen over beide steden. Het profiel beoogt te bewerkstelligen dat anno 2015 in beide steden zowel nieuwe kleinschalige als grootschalige voorzieningen op het gebied van cultuurproductie en cultuurpresentatie zijn ont staan. De omvang en diversiteit van het publiek is toegenomen en er bestaat nationale en internatio nale aandacht voor enkele activiteiten. In het kader van bezuinigingen zal in dit profiel niet worden gekozen voor de zogeheten kaasschaaf, maar voor
bewuste keuzes en hier en daar gerichte investering met durfkapitaal. De kosten van dit profiel worden geraamd op zo’n € 1 miljoen – € 1,25 miljoen extra structureel op jaarbasis. CITY Dit profiel zet het meest krachtig in op cultuur als onderscheidend kenmerk voor de stad. Er wordt sterk geïnvesteerd in middelgrote en grote festivals middels semiflexibele subsidies voor instellingen. Er wordt toegewerkt naar extra voorzieningen zoals een tweede Kröller-Müller en een entertainment theater. In dit profiel wordt er een investeringsfonds opgericht voor cultuurhuisvesting waarin jaarlijks tussen de € 2,5 en € 4,5 miljoen wordt gestort. Het profiel heeft de ambitie dat anno 2015 Arnhem opvalt in de regio door culturele allure. De stad is aantrekkelijk voor bewoners en bedrijven en is een trekpleister voor dagjesmensen en internationaal toerisme. De stad bruist van culturele activiteiten en beschikt over een efficiënt communicatiesysteem dat iedere doelgroep voorziet van informatie-opmaat.
Bij het maken van de keuze tussen de drie opties was een aantal factoren relevant: • Het evenwicht tussen culturele activiteiten en voorzieningen; • Het wegwerken van achterstand op het niveau van basisvoorzieningen • De meerwaarde, kwaliteit en exclusiviteit van extra voorzieningen (ten opzichte van bestaande); • Het publieksbereik van voorzieningen: bezoekcijfers lokaal/regionaal en inter(nationaal); • De maatschappelijke functie en de meerwaarde van extra voorzieningen voor stedelijke ontwikkeling. 2.1 Cultuurvisie: Het KAN-CAN-profiel Het KAN-CAN-profiel zoals uitgewerkt in de Cultuurvisie 2001 – 2005 – 2015 vormt het meest recente kader voor het cultuurbeleid in Arnhem. Het houdt een basisvisie in op de rol en functie van cultuur en kunst in de stad en de wijze waarop de gemeente dit het beste kan subsidiëren. Zoals gezegd is de keuze gevallen op KAN-CAN na een
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Op 7 januari 2002 heeft de gemeenteraad van Arnhem de Cultuurvisie 2001-2005-2015 vast gesteld. Deze visie was gefundeerd op de resultaten van een discussie tussen de politiek, kunstenaren en culturele instellingen, externe deskundigen en belanghebbenden uit stad en regio. De Cultuur visie vloeide voort uit het Cultuurmenu Arnhem 2001-2005-2015, waarin drie profielen werden geschetst voor de culturele toekomst van Arnhem en de rol daarin van de overheid en meer specifiek de gemeente. De Cultuurvisie is de uitwerking van het door de raad geselecteerde profiel KAN-CAN. Op 20 september 2010 stemde de Arnhemse gemeenteraad in met het voornemen om te komen tot een nieuw, integraal kader voor het cultuur beleid van de stad. Dit nieuwe kader zal betrekking hebben op de Meerjarenprogrammabegroting vanaf 2012. Het uitgangspunt van het cultuurmenu en de cultuurvisie blijft overeind: voor de maat schappelijke en stedelijke ontwikkeling van Arnhem is het belangrijk om de positie van kunst en cultuur in de stad te steunen en te versterken. Er is echter wel behoefte aan actualisering en meer focus. De diverse beleidskaders waar nu op deelterreinen mee wordt gewerkt, zijn op sommige punten verouderd en sluiten niet altijd op elkaar aan.
Daar naast is geconstateerd dat de huidige subsidie verlening in de cultuursector weinig overzichtelijk is, deels overlap vertoont en dat voor een aantal subsidies de juiste juridische grondslag ontbreekt. Daarom wordt gekozen voor één integraal kader voor alle beleidsvelden, gekoppeld aan een nieuw subsidiesysteem.
77
76
1 Inleiding
Subsidiesysteem In het Cultuurmenu is vastgesteld dat de subsidies voor cultuur bestemd zijn voor financiering van cultuur voor zover de markt daar niet in voorziet. De gedachte daarachter is dat de overheid, in dit geval de gemeente Arnhem, niet hoeft te inter veniëren als initiatieven zichzelf kunnen redden, maar het is wel aan de gemeente om een gunstig klimaat te scheppen voor (amateur)kunst en
Het subsidiesysteem neemt een belangrijke positie in binnen het cultuurbeleid. Het Cultuurmenu beschrijft, zoals te zien in bovenstaande speer punten, de ambitie om subsidie vaker en op flexibele wijze in te zetten ten behoeve van activiteiten, ten koste van accommodaties. Deze subsidiemethode zou beter aansluiten op het algemene doel van het Cultuurbeleid, namelijk “het scheppen van een gunstig klimaat voor kunst en cultuur, met aandacht voor kwaliteit, innovatie, diversiteit, participatie en spreiding” (Cultuurvisie, 2002: pagina 16). Subsidieaanvragen worden bekeken in het licht van dit algemene doel en vervolgens geselecteerd aan de hand van die criteria. Hieronder vertaald als: • de mate waarin een culturele activiteit of instelling van hoge kwaliteit is; • innoverend is; • bijdraagt aan diversiteit; • een hogere participatie realiseert; • een betere (geografische) spreiding van kunst en cultuur bewerkstelligt. Daarnaast is het, volgens de in het Cultuurmenu beschreven subsidiemethode, de taak van de gemeente om subsidieaanvragers te beoordelen op hun achtergrond; eerdere prestaties en de mate waarin plannen overtuigen door originaliteit en realiseerbaarheid. In de volgende paragrafen zal worden ingegaan op de ambities, doelen, activiteiten en, indien mogelijk, op behaalde resultaten binnen de afzonderlijke beleidsvelden.
De indeling volgt de diverse beleidsvelden / deelbudgetten van de Cultuurvisie, te weten: • Cultuureducatie • Amateurkunst • Podiumkunsten • Beeldende kunst en vormgeving.
3 De deelbudgetten 3.1 Nota’s In de komende paragrafen wordt een overzicht gegeven van de aanwezige relevante beleidsnota’s en de visie en doelen die daarin gesteld werden. De tabel hieronder verschaft een overzicht van de geanalyseerde beleidsnota’s: Beleidskader
Titel nota
Periode
Cultuureducatie
‘De bakens verzetten’
2008 - 2012
Amateurkunst
‘De bakens verzetten’
2008 - 2012
Podiumkunsten
‘Podiumkunsten
2009 - 2012
Arnhem’ Beeldende kunst
‘Bronnen’
en vormgeving
(niet vastgesteld door de raad)
Creatieve milieus
‘Ruimte voor creatieve
2011 - 2014
2009 - 2014
milieus’
Onderstaande beleidsevaluaties zijn reeds door de gemeente Arnhem geproduceerd en aanwezig in het voor dit onderzoek benutte dossier: Beleidsevaluatie
Periode
Evaluatie beleidskader Cultuureducatie
2008 - 2010
Evaluatie beleidskader Amateurkunsten
2008 -2010
Evaluatie beleidskader Podiumkunsten
2009 - 2012
Geen evaluatie van beleidsnota
2012 vastgesteld door de Arnhemse gemeente raad. In De bakens verzetten wordt aangegeven hoe Arnhem invulling wil geven aan het beleid ten aanzien van cultuureducatie en de amateurkunst in de periode 2008 -2012. Ondanks overlap blijven het twee aparte beleidsvelden met een eigen finan cieringsstructuur en gescheiden evaluatie. Omdat het tussentijdse evaluaties betreffen, is de reikwijdte enigszins beperkt. In mei 2009 is na een lange voorgeschiedenis de kadernota Podiumkunsten Arnhem 2009-2012 vastgesteld door de Arnhemse gemeenteraad. In de nota wordt aangegeven hoe Arnhem nadere invulling wil geven aan de ontwikkeling van een aantrekkelijk en divers aanbod van podiumkunsten in de periode 2009-2012. In het bijbehorende financiële bestedingsplan wordt het beschikbare budget over de verschillende gezelschappen, instellingen en initiatieven verdeeld. Dit beste dingsplan geldt voor de jaren 2009 en 2010. In de kadernota wordt een tussentijdse evaluatie (eind 2010) aangekondigd. Dit zou de basis vormen voor een nieuwe subsidieregeling Podiumkunsten, op grond waarvan het budget podiumkunsten in de jaren 2011 en 2012 zou worden verdeeld. Hiervan werd in 2010 afgezien vanwege de bezuinigingstaakstelling en het voornemen binnen afzienbare tijd een nieuwe, integrale kadernota op te stellen.
De raad heeft bij de behandeling van de Meerjarenprogramma begroting 2011-2014 besloten om 2011 als overgangsjaar voor de (deel)budgetten Cultuur te beschouwen. Voor de podiumkunsten betekende dit voortzetting van het financiële bestedingsplan 2009-2010, met inbegrip uiteraard van de vast gestelde bezuinigingen voor 2011.
‘Bronnen’ aanwezig Geen evaluatie van beleidsnota ‘Creatieve milieus’ aanwezig
Tot 2002 waren de beleidsvelden cultuureducatie en amateurkunst beschreven in een aparte nota. Omdat er veel overlap is tussen de twee beleids velden zijn ze vanaf 2002 samen opgenomen in één integrale nota. In maart 2008 is na een intensief traject de kadernota De bakens verzetten - 2008-
De nota Bronnen voor de beeldende kunst en vormgeving is nooit vastgesteld door de gemeenteraad. Door het raadsbesluit om 2011 als overgangjaar voor de (deel)budgetten Cultuur te beschouwen in afwachting op de nieuwe, integrale kadernota Cultuur en haar looptijd (tot en met 2014), is deze nota niet geëvalueerd.
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
In de Cultuurvisie staat het begrip ‘culturele plano logie’ centraal: “Dit impliceert dat de waarde van kunst en cultuur als kapitaal voor de stad wordt onderkend, maar ook dat bij investeringen in culturele activiteiten en voorzieningen steeds een zorgvuldige afweging wordt gemaakt tussen het belang van die investeringen voor maatschap pelijke ontwikkeling enerzijds en voor stedelijke ontwikkeling anderzijds.” (Cultuurvisie 2001 – 2005 – 2015, pagina 4) In deze context is het cultuurbeleid erop gericht kunst en cultuur instrumentaal in te zetten, ener zijds met als doel de maatschappelijke verheffing van burgers / wijken, anderzijds om de stad een aantrekkelijker vestigingsplaats te maken voor zowel burger als bedrijf.
De speerpunten uit de cultuurvisie zijn dat de gemeente Arnhem: • Streeft naar versterking van zijn culturele infra structuur, waarbij een mix van kleine, middel grote en grote organisaties de voorkeur heeft; • toewerkt naar een grotere flexibiliteit in het subsidiesysteem en een beter evenwicht tussen investeringen in voorzieningen (accommodaties) en activiteiten; • investeringen in culturele voorzieningen en activiteiten steeds toetst aan het belang voor maatschappelijke en stedelijke ontwikkeling; • samenwerkt met de partners in het Knooppunt Arnhem – Nijmegen voor de ontwikkeling van cultuurbeleid en de keuzen voor nieuwe culturele voorzieningen; • dit regionale cultuurbeleid afstemt op het beleid van Oost-Nederland en het nationale cultuur beleid. Tevens is er een gerichte oriëntatie op mogelijkheden voor internationaal cultuurbeleid.
cultuur. Dat kan door inzet van het subsidieinstru ment maar ook door goede informatie en coördinatie te bevorderen. Informatie en coördi natie komen ook ten goede aan initiatieven die geen beroep doen op overheidssubsidies.
79
78
interactief proces en mag de nota daarmee rekenen op veel draagvlak onder belanghebbenden uit stad en regio.
3.2.1 Cultuureducatie en amateurkunst Waarom
Doelstellingen (wat)
Output (hoe)
Cultuureducatie geeft
• Het vraaggericht werken
1 Zes programma’s cultuureducatie:
toegang tot wat kunst en
en denken in verbinding
• Cultuur en school op Maat;
cultuur te bieden hebben
en: tussen onderwijs,
• Cultuurscholen;
voor persoonlijke ontwikke
wijken (vraag) en het
• Cultuur in de wijk;
ling en draagt bij om een
culturele veld (aanbod).
• Amateurkunst en cursusaanbod;
maatschappelijk en creatief
• In het verlengde hiervan
• Talentontwikkeling in Arnhem;
vaardig burger te worden.
een centrale flexibele
• Cultuureduactie in Rijnboog.
De vitaliteit en sociale func
netwerkorganisatie voor
2 Vormgeving netwerkorganisatie
tie van diverse activiteiten
cultuureducatie dat vraag
3 Inzet additionele middelen op de leest van de
binnen de amateurkunst
en aanbod op elkaar
leveren een wezenlijke bij
afstemt en tevens een
drage aan het leefklimaat.
brede bemiddelings en
Bovendien kan deelname
adviesfunctie vervult
aan amateurkunst mensen
(onderwijs, wijken,
ertoe aanzetten meer
werkveld, professionele
gebruik te maken van stede
kunsten en amateur
lijke culturele voorzieningen.
kadernota cultuureducatie.
speerpunt. Het voortgezet onderwijs kent twee cultuurprofielscholen: het Beekdallyceum en het Olympuscollege. • Op het terrein van talentontwikkeling wordt samengewerkt met het voortgezet onderwijs, het ROC Rijn IJssel en ArtEZ. Een convenant is in de maak. Kunstbedrijf heeft een coördinator talentontwikkeling en er zijn twee talentklassen. • Voor het programma cultuur in de wijk beschikken we (nog) niet over vergelijkbare kwantitatieve gegevens cultuurparticipatie. In paragraaf 4.1.4 is wel een overzicht opgenomen van activiteiten en projecten en de besteding van middelen. • Het cursusaanbod van Kunstbedrijf Arnhem wordt ook in wijken aangeboden. Tarieven volwassenen zijn grotendeels salariskostendekkend. Resultaat output 2 – Vormgeving netwerkorganisatie • Werkorganisatie Kunstbedrijf vanaf 1 september 2009 • Intentieovereenkomst fusie Het Domein - Stichting Beleven • Aangescherpt managementcontract 2011 voor Het Domein
Resultaat output 3 – Inzet additionele middelen op leest kadernota cultuureducatie • Participatieregeling Cultuur ingezet op cultuur educatie primair en voortgezet onderwijs en in het programma cultuur in de wijk. • Realisatie van 6 fte aan combinatiefuncties (€ 300.000,--) voor de programma’s cultuur educatie in het onderwijs en het programma cultuur in de wijk. • Vogelaargelden en GSO-III budgetten ingezet ( € 262.000,--) voor het programma cultuur in de wijk. Activiteiten en projecten zijn grotendeels door het stadsprogramma wijkgericht werken gesubsidieerd. • Participatiebudget IZ (de zgn. aboutalebgelden) ( € 154.000,--) om deelname aan cultuur te stimuleren voor kinderen en jongeren uit huis houdens met een minimuminkomen ingezet op buitenschoolse aanbod cultuureducatie. Verbin ding met aanbod onder schooltijd. Resultaat output 4 – amateurkunst • Het aantal nieuwe initiatieven dat deelneemt aan subsidieregeling amateurkunst is toegenomen.
4 Nieuwe subsidiesystematiek amateurkunst met ruimte voor nieuwe initiatieven.
3.2.3 Podiumkunsten Waarom
Doelstellingen (wat)
Output (hoe)
De gemeenteraad ziet en
• Het op een hoger plan
1 Extra inzet op de schakel Presentatie (basis- en niche
• De prioriteit ligt bij de
erkent de mogelijkheden die
trekken van de podium
podia, festivals) ter vergroting van de zichtbaarheid
jeugd en de wijken.
de podiumkunsten bieden
kunsten
van het aanbod. Er komt een nieuw budget voor
• Het cursusaanbod aan
om het culturele klimaat in
• Een sterke en levendige
volwassenen is kosten
Arnhem te versterken: de
infrastructuur voor de
dekkend.
podiumkunsten spelen een
podiumkunsten met
(talentontwikkeling): de productiehuisfunctie wordt
belangrijke rol in het verder
samenhang en evenwicht
onderdeel van de keten en er komt een nieuw
ontwikkelen van de culturele
tussen de functies educatie
infrastructuur en publieks
(ontwikkeling), productie
3 Schakel Productie: het producerend middensegment
trekkende activiteiten.
en presentatie, met oog
krijgt een extra impuls met het oog op doorgroei- en
kunst).
Resultaat output 1 – zes programma’s cultuureducatie: • 91% van de scholen voor het primair onderwijs neemt deel aan het programma cultuur en school op maat dat wordt aangestuurd door kunstbedrijf Arnhem. Het aanbod van kunstbedrijf Arnhem in het Voortgezet onderwijs richt zich voornamelijk op het VMBO. • Kunstbedrijf Arnhem bemiddelt tussen vraag en aanbod voor onderwijs en Arnhemse culturele
instellingen. De verhouding tussen het aanbod van Kunstbedrijf Arnhem en het aanbod van overige Arnhemse culturele instellingen is 1 op 2. In het voortgezet onderwijs vervult kunstbedrijf Arnhem (nog) geen bemiddelingsfuncties. Wel kunnen Arnhemse instellingen via de site van het kunstbedrijf hun aanbod plaatsen. • Verankering van cultuureducatie in het onderwijs curriculum: in het primair onderwijs scharen acht scholen zich onder het profiel: cultuureducatie als
voor talentontwikkeling.
‘ontwikkelfestivals’. 2 Extra inzet op de schakel Educatie
budget voor talentontwikkeling in de wijk
ontwikkelmogelijkheden.
• Zichtbare podiumkunsten
4 Keten in zijn geheel: verwezenlijking van de rol van
met een breed publieks
MSSA als kloppend hart en in de afstemming van
bereik (met aandacht voor
podia onderling. De rol van initiator van het
het bereiken van jongeren
algemene podiumkunstenoverleg ligt bij
en nieuwe publieks
Toneelgroep Oostpool.
groepen).
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Op de geboekte resultaten zal afzonderlijk worden ingegaan. De resultaten zijn in een enkel geval goed te koppelen aan de output in het beleidsveld. Echter, doordat de beleidsstukken verschillen in opzet, is deze koppeling niet altijd mogelijk. Ook is een één-op-één koppeling tussen gerealiseerde output en de doelstellingen niet in alle gevallen mogelijk.
81
80
3.2 De beleidsvelden De beleidsevaluaties betreffen enerzijds ambtelijke evaluaties, anderzijds de evaluatiebijeenkomsten cultuurbeleid, gehouden in maart 2011. De inde ling bestaat uit het waarom (waarom überhaupt beleid), wat (uitgangspunten, doelstellingen en ambities), hoe (output: activiteiten) en welke (outcome: beoogde effecten, resultaten). In de volgende paragrafen worden het ‘waarom’, ‘wat’ en ‘hoe’ steeds schematisch weergegeven.
Resultaat output 1 - Extra inzet op de schakel Presentatie: • Subsidieregeling ‘Ontwikkelfestivals’ opgesteld. Begin 2010 een aanvraagronde. Eind 2010 besluit de gemeenteraad in het kader van de bezuiniging op de cultuurgelden dit deelbudget te schrappen.
Resultaat output 3 – Extra impuls Productie: • Ambtelijke ondersteuning middensegment, soms adviserend, soms bemiddelend van aard (bijv. huisvesting Poehaa, doorstart Bosch, nieuwe organisatie Park Open). • De uitkoopregeling kleine zaal MSSA opgesteld in overleg met directie Schouwburg: 1 seizoen (2010-2011) van kracht geweest. Eind 2010 besluit de gemeenteraad in het kader van de bezuiniging op de cultuurgelden dit deelbudget te schrappen.
3.2.4 Beeldende kunst en vormgeving Waarom
Output (hoe)
Productie: • Het versterken en verder
1 Inzet flexibel Budget BKV op incidentele activiteiten en
geving kunnen op hun
professionaliseren van
kleinschalige evenementen op het gebied van de
eigen unieke wijze
het middensegment.
professionele beeldende kunst en vormgeving in het
beeldende kunst en vorm
bijdragen aan het leef
• Het duurzaam in stand
klimaat, het welbevinden,
houden van de huidige
het imago, de sociale
kwaliteit en kwantiteit
cohesie in en de
van het aanbod van het
sociaaleconomische
middensegment.
middensegment 2 Financieel ondersteunen netwerkorganisaties CASA, GBK, OPA en G.A.N.G. met ruimte voor professionaliseren van de organisatie 3 Ondersteunen doorontwikkelen transitiekaart
structuur van onze stad.
4 Inzet Interart bij ontwikkeling van instrumenten ter
Daarnaast hebben zij een
bevordering van de doorstroming van (moeilijke te
bijzondere meerwaarde als
bereiken) jong talent binnen de beeldende kunst en
exponenten van de creatieve verbeelding die de samenleving als geheel en het individu in het bijzonder kunnen stimuleren in de eigen
Resultaat output 4 – De keten in zijn geheel: • Nieuw, aangescherpt managementcontract MSSA begin 2011. • Rol initiator podiumkunstenoverleg Toneelgroep Oostpool tijdelijk in de ijskast vanwege financiële perikelen. In 2010 wordt Cultuur Netwerk Arnhem opgericht. Hieraan nemen bijna alle grote en middelgrote instellingen deel.
Doelstellingen (wat)
vormgeving 5 Ondersteunen Productiehuis Plaatsmaken (reor ganiseren en handhaven technische faciliteiten) 6 Inzetten SLAK bij het als actief portaal/intermediair tussen vraag en aanbod 7 Realiseren meer permanente werkruimten
ontwikkeling en het gebruik van verbeeldings
Presentatie:
kracht en kennis.
8 Realiseren van een zorgvuldige afwikkeling en opheffing stichting GBKG 9 Ondersteunen nichepodia Subwalk en Tape 10 Extra middelen voor museum Made in Arnhem 11 Inzetten MMKA als laboratorium voor nieuwe ideeën en inzichten; het museum als platform voor een inspirerende interactie tussen creativiteit, kennis en disciplines 12 Intensivering en professionalisering van het programma, deelname aan en bereik van festival Arnhem Modebiënnale 13 Het zo vroeg mogelijk betrekken van het creatieve en artistieke perspectief bij de ruimtelijke ontwikkelingen (nieuwbouw, sanering herinrichting). 14 Instellen adviescommissie BKV
De nota voor beeldende kunsten is niet door de Arnhemse gemeenteraad vastgesteld en er heeft geen evaluatie plaatsgevonden.
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Resultaten algemeen: • De gemeente is veel nieuwe subsidierelaties aangegaan. Vanaf zomer 2009 worden met middelgrote en grote instellingen (subsidie vanaf € 20.000) prestatieafspraken gemaakt (met ingang van 2010). Uitgangspunt daarbij is steeds het nieuwe beleidskader podiumkunsten en de positie (= gerelateerd aan functie in de keten) daarin van de betreffende instellingen. Jaarlijkse monitorgesprekken voor het bespreken en afstemmen van resultaten en verwachtingen. In één geval heeft dat proces geleid tot het be sluit de subsidierelatie af te bouwen (Stichting InterArt). • Er is tot nu toe geen aparte algemene subsidie regeling Podiumkunsten in het leven geroepen.
Resultaat output 2 – Extra inzet op de schakel Educatie / talentontwikkeling: • Subsidieregeling ‘Talentontwikkeling in de wijk’ opgesteld. Begin 2010 een aanvraagronde. Eind 2010 besluit de gemeenteraad in het kader van de bezuiniging op de cultuurgelden dit deelbudget te schrappen. • Regie op nieuwbouw GO / TO om productiehuis functie te verstevigen.
83
82
Resultaten De evaluatie van de podiumkunsten is uitgevoerd op outputniveau.
Doelstellingen (wat)
Output (hoe)
Een sterke culturele sector
• Stabilisatie van het aantal tijdelijke werkruimten op een
1 Projectleider Creatieve
draagt bij aan het leef
niveau van ca. 400 eenheden. Het op peil houden van
Milieus aangesteld in
klimaat, het welbevinden,
een tijdelijk bestand is dus een must. • Toename van het aantal permanente ruimten met ca.
sociaaleconomische
300 eenheden (150 atelierwoningen, 150 ateliers)
ontwikkelingen van de
deels ondergebracht in zgn. creatieve milieus.
stad. In dit kader wil de
Het aanbod van dergelijke ruimten moet groeien.
gemeente Arnhem de
• Streven naar doorstroming. Een goed evenwicht tussen
voorwaarden scheppen
tijdelijk en permanent aanbod moet de doorstroming
voor het organiseren van tijdelijke en permanente fysieke ruimten voor de functies produceren en presentatie.
2011 2 Plan van Aanpak Creatieve milieus 2011 3 Bijbehorend projectplan in de loop van 2011
van ondernemers van tijdelijk naar permanent • Uitbreiding met tenminste drie creatieve milieus met elk een podium/ presentatiefunctie voor BKV.
Om de resultaten en bewegingen zichtbaar te maken in de afgelopen jaren, zal in dit hoofdstuk gebruik gemaakt worden van zogenaamde ‘harde’ en ‘zachte’ gegevens. In de volgende paragraaf (4.1) zal eerst worden ingegaan op de kwantita tieve gegevens die voorhanden zijn, hoofdzakelijk ontleend aan Atlas voor gemeenten 2011 en het statistisch jaarboek van de gemeente (tot en met 2010). De zachte gegevens bestaan uit de belangrijkste conclusies getrokken uit de feedback vanuit de Arnhemse samenleving, zoals geuit tijdens de door de gemeente georganiseerde evaluatiegesprekken en drie cultuurdebatten die naar aanleiding van de Uitgangspuntenbrief Cultuur zijn gevoerd (4.2).
• Vorming van een stedelijke coalitie gericht op de ont wikkeling en realisatie van initiatieven op het terrein van creatieve milieus. • Verdere professionalisering van SLAK.
Begin 2009 verscheen de nota ‘Ruimte voor creatieve milieus’, gevolgd in 2011 door ‘Broeden in Arnhem’, een rapport van de Groen-Linksfractie. Op basis hiervan heeft de gemeenteraad in juli 2011 besloten een deel (€ 66.000) van de bestemmingsreserve BKV in te zetten voor de realisatie van een Plan van aanpak creatieve milieus.
Het doel van deze exercitie is niet het leggen van causale verbanden tussen specifieke beleidsin strumenten en effecten in de Arnhemse samen leving. Het gaat wel om het herkennen van belang wekkende trends en het verkrijgen van inzicht in de vraag of deze trends afwijken van de landelijke beweging. In unieke Arnhemse trends schuilen im mers ook effecten van lokaal beleid. 4.1 Kwantitatieve gegevens De Atlas voor gemeenten geeft een vergelijking tussen de vijftig grootste gemeenten van Neder land (G50). In de atlas worden gemeenten op veertig verschillende punten vergeleken en dit geeft een goede indicatie van de ontwikkeling die de gemeente in een periode doormaakt.
De Atlas voor gemeenten heeft dit jaar (2011) Arnhem benoemd tot grootste stijger van de afgelopen vijf jaar als het gaat om stijging op de sociaaleconomische index en woonaantrekkelijk heid. Het bijzondere aan deze prestatie is dat de combinatie van hogere scores op beide indices betekent dat Arnhem erin geslaagd is haar aantrek kingskracht te vergroten en tegelijkertijd daar ook minder kansrijke huishoudens van heeft weten te laten profiteren. De totaalscore zet Arnhem op de veertiende plek van de G50. De atlas legt hierbij een direct verband tussen cultuur (en dus cultuurbeleid) en de score op deze twee indices. Steden die rijk zijn aan kunst en cultuur zijn aantrekkelijk voor hoger opgeleiden en een groter aantal hoger opgeleiden leidt tot verbetering in sociaaleconomisch status van de stad. 4.1.1 Sociaaleconomische index De sociaaleconomische index bestaat uit onder meer het aantal inwoners in de bijstand, werkloos heidspercentage, het aantal banen en het percen tage lageropgeleiden. Arnhem maakte tussen 2002 en 2010 een verschuiving van plek 32 naar 29. Interessant is de volatiliteit die de ontwikkeling laat zien. Zo steeg Arnhem tussen 2006 en 2007 van plek 35 naar 22. Sinds die tijd is Arnhem in rangorde weer gedaald. Echter, het nettoresultaat in de afgelopen acht jaar is een stijging van drie plaatsen.
Sociaal-economische index
De sociaal-economische
Ranking
index bestaat uit:
Ranking gemeente op de index (1= hoogste positie, 50 = laagste positie) 1
bijstand
(45)
werkloosheid
(38)
arbeidsongeschiktheid
(33)
armoede
(42)
percentage laagopgeleiden
(16)
participatie vrouwen
(24)
banen
(9)
percentage groeisectoren
(10)
sociaal-economische index
(29)
29
10
20
30
40
50 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Waarom
de sociale cohesie in en de
85
84
4 Terugblik cultuurbeleid in Arnhem
3.2.5 Creatieve milieus
87
86
Kunsten en cultureel erfgoed
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
De verklaring voor de groei op deze index zit hem voornamelijk in het feit dat bevolkingsgroei van Arnhem, die sneller ging dan de G50 gemiddeld, tot gevolg had dat het percentage hoogopgeleiden in Arnhem toenam en dat het percentage lageropgeleiden daalde.
Aandeel banen in de sector kunsten en cultureel erfgoed 4%
Hoogopgeleiden 3%
Aantal hoogopgeleiden als percentage van de beroepsbevolking 60%
2%
50%
1%
40%
(7) G50
(7) G50
0% 2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
2008
2009
2010
30% Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
20%
10% 2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
2008
2009
2010
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
De algemene werkgelegenheid in Arnhem, die tussen 2002 en 2009 steevast onder het gemid delde van de G50 lag, kwam in 2010 precies op het gemiddelde te liggen. Hier heeft Arnhem dus duidelijk de inhaalslag succesvol gemaakt. 4.1.2 Woonaantrekkelijkheid Als het gaat om woonaantrekkelijkheid steeg Arnhem tussen 2002 en 2010 maar liefst van plek 18 naar plek 8. Indicators voor woonaantrekkelijk heid zijn onder andere het cultureel aanbod, veiligheid, de bereikbaarheid van banen, de nabij heid van natuurgebieden en het culinair aanbod. Arnhem heeft ook hier duidelijk haar concur rentiepositie ten opzichte van andere steden weten te verbeteren. Voornamelijk op de bereikbaarheid van banen per auto in de spits scoort Arnhem hoog.
4.1.3 Ontwikkelingen in de creatieve sector Creatieve werkgelegenheid Met creatieve werkgelegenheid wordt bedoeld het aantal banen in de creatieve bedrijfstakken, in de kunsten en cultureel erfgoed, in media en entertainment en in creatieve zakelijke dienstver lening als percentage van het totaal aantal banen in Arnhem. Het aantal banen in creatieve bedrijfstakken betreft in Arnhem zo’n vier procent en dit aantal is gelijk aan het percentage in 2002. In vergelijking met de G50 presteert Arnhem over alle jaren heen gemiddeld en neemt een tiende plek op de ranglijst in. Er is hier dus geen sprake van mogelijk herken baar beleidseffect in de zin dat de ontwikkeling in Arnhem een significant andere trend vertoont dan de rest van de G50. Hetzelfde geldt voor het aantal banen in media en entertainment (rang 11) en in de creatieve zakelijke dienstverlening (rang 17).
Het aantal banen in de kunsten en cultureel erfgoed (bovenstaande figuur) ligt in Arnhem boven het G50 gemiddelde. Arnhem neemt hier een zevende plek in op de ranglijst. Hierbij moet wel vermeld worden dat Arnhem al voor 2002 een bovengemiddeld aantal banen in de kunsten en cultureel erfgoed had. De groei over de jaren vertoont geen sterke afwijking met de trend in de G50 en er is dus geen sprake van een duidelijk herkenbaar beleidseffect.
Omvang creatieve klasse en kunstenaars De creatieve klasse en het aantal kunstenaars is in Arnhem (pr 2010) bovengemiddeld groot. In Arnhem behoort circa 28 procent van de totale beroepsbevolking tot de creatieve klasse versus 24 procent gemiddeld in de G50. Zij neemt hier de negende rang in. Voor wat betreft de kunstenaars neemt Arnhem zelfs een derde plek in. In Arnhem behoort ongeveer 2,6 procent van de beroepsbevolking tot de kunstenaars versus ongeveer 1,8 procent gemiddeld. Er zijn voor deze en volgende indicatoren geen tijdreeksen beschikbaar.
THEMA CULTUUR Creatieve klasse
Creatieve werknemers en kunstenaars als percentage van de beroepsbevolking 40% 35% 30% 25%
(9) G50
5%
20%
4%
15%
3%
10%
2%
5%
1%
0%
0% creatieve klasse
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
(3) G50
kunstenaars
89
88
Stadsschouwburg
Omdat de podiumkunsten en de beeldende kunsten ook aparte beleidsvelden zijn (vooralsnog) in het Arnhemse cultuurbeleid, wordt daar uitgebreider bij stilgestaan. De Atlas maakt geen expliciet onderscheid naar cultuureducatie en de amateurkunst, daarom zullen deze twee beleids velden alleen behandeld worden op basis van het statistisch jaarboek. De overige punten worden samenvattend benoemt.
500
400
aantal voorstellingen 300
gemiddeld aantal bezoekers
200
100
Podiumkunsten De podiumkunsten omvatten in de Atlas de kunst soorten theater, popmuziek en klassieke muziek. In Arnhem (op de 4e plaats) zijn er maar liefst meer dan 5 theatervoorstellingen per 1.000 inwoners per jaar, terwijl dat gemiddeld in G50 zo’n 3,5 waren. Arnhem zit dus zeer ruim bovengemiddeld. Wat betreft pop- en klassieke muziek scoort Arnhem daarentegen onder het gemiddelde.
0 02/03
03/04
04/05
05/06
06/07
07/08
08/09
Figuur 1. Ontwikkeling aantal voorstellingen en bezoekersaantallen Stadsschouwburg
Musis Sacrum
500
400
aantal voorstellingen
Podiumkunsten 300
Aantal uitvoeringen in de podiumkunsten, per 1000 inwoners per jaar gemiddeld aantal
200
bezoekers
8 7
7
6
6
3,0
5
2,5
4
2,0
3
3
1,5
2
2
1
1
5
(4)
4
G50
0
100
(17)
1,0
02/03
(10)
G50
03/04
04/05
05/06
06/07
07/08
08/09
Figuur 2. Ontwikkeling aantal voorstellingen en bezoekersaantallen Musis Sacrum
0,5
0 theater
G50
0
0,0 popmuziek
klassieke muziek
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
Wanneer het gaat om het bereik en aanbod van de podiumkunsten biedt het Statistisch jaarboek van de gemeente Arnhem een meer gedetailleerd beeld. Onderstaande tabellen geven de ontwikkeling weer in de seizoenen tussen 2002/2003 tot en met 2008/2009 met betrekking tot het aantal voorstellingen en het aantal bezoekers in absolute cijfers voor de Schouwburg Arnhem en Musis Sacrum.
Zoals bovenstaande figuren aantonen is het aantal voorstellingen en bezoekers in seizoen 2008/2009 ongeveer gelijk aan de aantallen in 2002/2003. De bezoekersaantallen van Musis Sacrum zijn hierop een uitzondering, deze lagen in 2008/2009 beduidend lager dan in 2002/2003. Wel lijkt er in geval van de schouwburg sinds 2006/2007 sprake te zijn van een trend waarbij het aantal voorstellingen daalt, maar er meer bezoekers op de voorstellingen afkomen. Bij Musis Sacrum doet deze trend zich ook voor, maar dan vanaf 2007/2008. Beide trends zijn te jong om iets over de duurzaamheid van de beweging te kunnen zeggen.
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
4.1.4 Cultuurbereik en aanbod De indicatoren voor het algemene bereik van cultuur zijn het aantal bezoeken aan theater en musea per inwoner van de stad. Voor wat betreft theaterbezoek scoort Arnhem met zo’n 3,4 bezoeken per inwoner licht onder het gemiddelde (3,6) en staat zij op de 17de plaats. Voor museum bezoek scoort Arnhem met zo’n 1,3 bezoeken per inwoner licht boven het gemiddelde (1,1) en staat zij op een 12de plaats. In deze paragraaf zal dieper worden ingegaan op zowel het aanbod als het bereik van verschillende culturele en kunstzinnige uitingen. Het aanbod van kunst en cultuur wordt in de Atlas onderverdeeld in: • Podiumkunsten; • Beeldende Kunsten; • Literatuur; • Erfgoed; • Film; • Evenementen.
Aantal musea voor beeldende kunst en galerieën, per 100.000 inwoners
Aantal cursisten Kunstbedrijf Arnhem / Het Domein van kunst en cultuur
50 4
40
3
30
2
20 (28) G50
1
10
0
Cursusjaar (21) G50
0 musea
Cultuureducatie en amateurkunst Cultuureducatie en amateurkunst zijn niet in de rangschikking van de Atlas opgenomen. Cijfers uit het Statistisch jaarboek tonen een daling van het totaal aantal cursisten van Kunstbedrijf Arnhem aan vanaf 2007/2008.
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
heeft Arnhem tien galeries per 100.000 inwoners, waar dit er in G50-verband 13 zijn.
Beeldende kunst
91
90
Beeldende kunsten De beeldende kunsten bevatten in de Atlas musea voor beeldende kunst, galeries en ateliers. Voor zowel het aanbod in musea als in galeries scoort Arnhem onder het gemiddelde. Zo heeft Arnhem circa 0,6 musea per 100.000 inwoners waar de G50 er gemiddeld één heeft (28e plaats). Daarnaast
galerieën
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
Onderstaand figuur geeft de ontwikkeling weer in de periode tussen 2004 en 2009 in het aantal galeries en ateliers in Arnhem als geheel. In vier jaar is het aantal ateliers gedaald van 651 in 2004 naar 628 in 2008. Het aantal galeries steeg van 25 naar 33 bij de laatste meting.
2005/2006
2006/2007
2007/2008
2008/2009
2009/2010
1.767
1.742
1.544
1.616
1.422
Beeldende Kunst
611
607
684
421
364
Muziektheater
396
429
456
401
373
Dans
507
487
432
590
683
Theater
319
317
290
266
260
Schrijverschool
66
78
59
46
31
CAPS/KOM
22
30
29
27
21
3.688
3.690
3.494
3.367
3.154
Muziek
TOTAAL
Bron: Kunstbedrijf Arnhem / Het Domein
Aantal galeries 700
Aantal ateliers
651
627
600
De onderstaande tabel toont het aantal gesubsidieerde amateurkunstinstellingen in Arnhem. Het aantal instellingen dat gesubsidieerd wordt, fluctueert.
628
500
50
400
40
300
30
200
20
100
10
0
0
2004
2006
2008
Aantal gesubsidideerde amateurkunstinstellingen in Arnhem
25
2004
33
27
2006
Cursusjaar
2008
Figuur 3. Ontwikkeling aantal galeries en ateliers
Onderstaand figuur toont de ontwikkeling in het aantal bezoekers van alle musea samen in Arnhem. Het aantal bezoekers van musea laat een stijgende lijn zien over de afgelopen jaren. Onderstaand figuur geeft de ontwikkeling weer van het totaal aantal bezoekers. Musea
aantal bezoekers
700.000
600.000
500.000
400.000
300.000 2002
2003
Figuur x. Ontwikkeling aantal bezoekers musea in Arnhem
2004
2005
2006
2007
2008
2009
2004/2005
2006/2007
2008/2009
2010/2011
Beeldend
1
1
0
0
Muziek
19
21
21
19
theater en dans
9
11
10
9
zang
13
16
20
18
overig
0
1
1
0
TOTAAL
42
50
52
46
Bron: dienst MO
93
92
Cultuur in de wijk Onderstaande tabel toont de budgetten die geoormerkt zijn voor het programma cultuur in de wijk. Specifiek geoormerkte budgetten Cultuur in de Wijk Aanbod Cultuur in de wijk 2011
DPS/Wijkgericht werken
Aanbod cultuureducatie Kunstbedrijf Arnhem
programma cultuur in de wijk
Cultuurbudget
Overig
€2 262.000
Cultuurparticipatie (rijksregeling via Fonds Cultuurparticipatie)
Schooljaar
2008/2009
2009/2010
2010/2011
14.000
€
86.000
€
75.000
€
90.000
combinatiefuncties
€
60.000
54
55
53
92%
93%
90%
10.777
10.126
9.752
totaal aantal leerlingen
combinatiefuncties
€
Vogelaargelden – bijdrage
59
aantal deelnemende scholen
deelname in %
cultuureducatie VO
•
totaal aantal scholen
aantal bereikte leerlingen
cultuureducatie PO
•
59
59
deelname in %
•
91%
84%
80%
11.865
12.111
12.230
Bron: Kunstbedrijf Arnhem
€ 147.206
Rijksimpuls combinatiefuncties
Subsidieregeling amateurkunst
€ 137.000
Podiumkunsten
€ 380.000
BKV
€
12.500
Aanbod cultuureducatie van Arnhemse kunst- en cultuurinstellingen € 154.000
Arnhem omarmt/IZ
jaartal
2008/2009
2009/2010
2010/2011
59
59
59
TOTAAL
totaal aantal scholen aantal deelnemende scholen deelname in % aantal bereikte leerlingen deelname in % totaal aantal leerlingen
Bron: Kunstbedrijf Arnhem
36
37
53
61%
63%
90%
15.069
12.216
15.683
127
101
130
11.865
12.111
12.230
Bron: dienst MO
€ 262.000
€ 690.706
€ 465.000
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuureducatie in het primair onderwijs Arnhem telt per 2010 12.230 leerlingen in het primair onderwijs. Kunstbedrijf Arnhem is aanbieder van cultuureducatie in het onderwijs en vervult een bemiddelingsfunctie tussen het onderwijs en Arnhemse culturele instellingen. Het aanbod van het Kunstbedrijf laat een daling zien. De verklaring hiervoor ligt in een toename aan projecten op maat voor het onderwijs. Deze projecten zijn toegesneden op een specifieke vraag en kunnen niet breed worden uitgezet. Het aantal scholen met aanbod van de overige Arnhemse culturele instellingen laat daarentegen een stijging zien.
ARNHEM NOORD
AANBOD CULTUUR IN DE WIJK
Financiering
ARNHEM ZUID
AANBOD CULTUUR IN DE WIJK
PROGRAMMA CULTUUR
2010 - 2011
IN DE WIJK
Programma Cultuur in de wijk: o.a. ondersteuning
DPS/Wijkgericht werken
Aandeel Cultuurbudget
Cultuur in de wijk
Arnhemse Broek Malburgen
Aandeel programma
€ 29.000
Programma Cultuur in de wijk: o.a.
DPS/Wijkgericht
ondersteuning bewonersinitiatieven en
werken
€ 25.500
culturele activiteiten en projecten
bewonersinitiatieven en culturele activiteiten en projecten
Cultuurscout
Combinatiefuncties
Cultuurscout
Combinatiefuncties
Amateuraanbod
Subs. regeling AK
Amateuraanbod
Subs. regeling AK
Programma Cultuur en School op Maat
Cultuureducatie PO
Programma Cultuur en School op Maat
Cultuureducatie PO
Urban arts / Hot spot in jongerencentrum
Arnhem omarmt
Urban arts / Hot spot in jongerencentrum the Fresh
Arnhem omarmt
de symfonie
Kunstclubs kinderen
Arnhem omarmt
Kunstclubs kinderen
Arnhem omarmt
Cursusaanbod Kunstbedrijf op locatie
Kunstbedrijf
Programma Cultuur in de wijk: o.a.
DPS/wijkgericht
ondersteuning bewonersinitiatieven en
werken
€ 60.000
Programma Cultuur in de wijk: o.a. ondersteuning
DPS/wijkgericht werken
bewonersinitiatieven en culturele activiteiten en
i.s.m.
projecten
woningbouwcorporaties
Vredenburg / Kronenburg
Cultuurscout
Combinatiefuncties
De Laar
Programma Cultuur en School op Maat
Cultuureducatie PO
Cultuurscout
Combinatiefuncties
Elderveld
Cultuureducatie Voortgezet Onderwijs
Cultuureducatie VO
Amateuraanbod
Cultuureducatie PO
Kunstclubs kinderen
Arnhem omarmt
Programma Cultuur en School op Maat
Cultuureducatie VO
Cursusaanbod Kunstbedrijf op locatie: De Laar,
Kunstbedrijf
Cultuureducatie Voortgezet Onderwijs
Arnhem omarmt
Kunstclubs kinderen
Arnhem omarmt
Cursusaanbod Kunstbedrijf op locatie
Budget Kunstbedrijf
Programma Cultuur in de wijk: o.a.
DPS/wijkgericht
ondersteuning bewonersinitiatieven en
werken Klarendal
Zuidwijken:
Geitenkamp
€ 35.000
culturele activiteiten/projecten incl. locatie
Elderveld, Rijkerswoerd en Schuytgraaf. € 89.000 Klarendal Bron: dienst MO
€ 37.000
culturele activiteiten en projecten Cultuurscout
Combinatiefuncties
Podiumkunstprogrammering met accent
Podiumkunsten
€ 159.000
Educatie- en Repetitieruimte Jacobiberg
Podiumkunsten
€ 201.000
Expositieruimte BKV/Tape
BKV
€
12.500
Programma Cultuur in de wijk: o.a.
DPS/wijkgericht
ondersteuning bewonersinitiatieven en
werken St. Marten
Cabaret KAB/Posttheater
St. Marten
€ 25.000
culturele activiteiten en projecten Cultuurscout
Combinatiefuncties
Programma Cultuur en School op Maat
Cultuureducatie PO
Cultuureducatie Voortgezet Onderwijs
Cultuureducatie VO
Urban arts / Hot spot in jongerencentrum
Arnhem omarmt
The Mix Kunstclubs kinderen
Arnhem omarmt
Danswerkplaats De Zaal
Podiumkunsten
€
10.000
Dansproducties GIFT
Podiumkunsten
€
10.000
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
2010 - 2011
95
94
Onderstaande tabellen geven het aanbod en budgetten weer van het programma cultuur in de wijk.
AANBOD CULTUUR IN DE WIJK
Financiering
Aandeel
Aandeel
programma
Cultuurbudget
Literatuur Arnhem scoort bovengemiddeld op het aantal boekwinkels, maar sterk onder het gemiddelde op het aantal antiquariaten en bibliotheken. Op basis van cijfers uit het statistisch jaarboek wordt duidelijk dat de ontwikkeling in het aantal leden van de bibliotheken in Arnhem tussen 2002 en 2009 redelijk stabiel is. In 2002 had de bibliotheek in totaal 37.505 leden, in 2009 35.428.
Cultuur in de wijk
Presikhaaf
Programma Cultuur in de wijk: o.a. onder
DPS/wijkgericht
steuning bewonersinitiatieven en culturele
werken
Overige
€ 50.500
activiteiten/projecten incl. locatie Spatie Cultuurscout
Literatuur
Programma Cultuur en School op Maat
Combinatiefuncties
Cultuureducatie onder schooltijd
Cultuureducatie PO
Voortgezt Onderwijs
Cultuureducatie VO
Aantal boekwinkels, antiquariaten en bibliotheken, per 100.000 inwoners
Amateuraanbod
20
10
10
Urban arts / Hot spot in jongerencentrum
Subs. regeling AK
18
9
9
Push
Arnhem omarmt
16
8
8
7
7
14
€ 173.000
€ 392.500
De cultuurparticipatie stedelijk (algemeen) en op wijkniveau is gemeten in 2010. Het aantal kinderen dat in de wijk deelneemt is drie maal hoger dan het algemene aanbod van culturele instellingen.
(13)
12
G50
6
10
5
8
4
6
3
4
2
2
1
0
0 boekwinkels
6 G50
5 G50
4 (41)
3 (36)
2 1 0
antiquariaten
bibliotheken
Cultuurparticipatie gemeten aan Arnhem Card / Arnhem omarmt stimuleringsmiddelen 2010 Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
Aantal
Budget
Kinderen Algemeen
442
Arnhem card
€
Wijkniveau
1379
Arnhem omarmt
€ 154.000
Volwassenen
1821
Arnhem card
€
Totaal
3642
72.701
63.548
€ 290.249
Erfgoed Arnhem scoort sterk bovengemiddeld op het aantal erfgoedmusea, maar sterk onder het gemiddelde voor wat betreft het aantal rijks- en archeologische monumenten. Erfgoed
Rijks- en archeologische monumenten en cultuurhistorische musea, per 100.000 inwoners 9
Bron: inwonerszaken
8 1.400
7
1.200
6
1.000
25
5
800
20
4
600
15
400 200
(5)
G50 (24)
0
G50
10 5
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
3 2
(7)
0 rijksmonumenten
G50
1 0
archeologie
musea
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
2010 - 2011
97
96
ARNHEM NOORD
Aantal filmdoeken (per 100.000 inwoners) en bioscoopstoelen (per 1000 inwoners) 14 12 10 8
25 20
(14)
6
15
G50
4
10
2
5
0
(12) G50
0 filmdoeken
bioscoopstoelen
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
Evenementen Als het gaat om het aantal evenementen per inwoner scoort Arnhem zeer ruim bovengemid deld. Zij heeft maar liefst bijna tweemaal zo vaak een cultureel evenement als de G50 gemiddeld (rang 3). Ook op de voetbalindex1 scoort Arnhem boven het G50 gemiddelde. Evenementen
Aantal culturele evenementen per 100.000 inwoners, en de voetbalindex 30
(3)
4.2.1 Evaluaties In maart 2011 heeft de gemeente Arnhem een drietal bijeenkomsten georganiseerd om het vigerende beleid te bespreken met subsidieont vangers uit de culturele sector. De bijeenkomst over het beleidsveld podiumkunsten werd in tweeën gesplitst (toneel/dans en muziek) en er vonden twee afzonderlijke bijeenkomsten plaats in het kader van de beleidsvelden cultuureducatie en amateurkunst. In deze paragraaf worden bondig de belangrijkste uitkomsten weergegeven. Daarnaast bevat deze rapportage een evaluatie van de pilot die eind 2010 plaatshad van de (eerste) Dag van de Arnhemse Geschiedenis (DAG). Het betreft een ambtelijke evaluatie, gebaseerd op een ‘eigen’ evaluatie van de instellingen die de DAG organiseerden. We voldoen hiermee aan de toezegging die in augustus 2009 bij beant woording van de motie ‘Dag van de Arnhemse Geschiedenis’ aan de raad is gedaan om deze pilot te evalueren.
25 20 15
200 G50
150
10
100
5
50
0
G50
0 evenementen
Bron: Atlas voor gemeenten, 2011
1
(10)
Indicator voor het aanbod aan grote sportevenementen in de gemeente. Het is een maatstaf gebaseerd op de aanwezigheid en prestaties van profvoetbalclubs. (zie ook: Atlas voor gemeenten, 2011, pagina 251)
voetbalindex
4.2.1.1 Podiumkunsten Arnhem culturele hoofdstad van het Oosten De positie die Arnhem ambieert als cultuurstad, zowel in het oosten als in de toekomstige landelijke basisinfrastructuur, wordt als zeer belangrijk ervaren. Deze ambitie brengt wel een verantwoordelijkheid met zich mee tot investeren in een volledige culturele keten van educatie,
productie en presentatie. Er moet daarom ook worden bekeken of er middelen uit andere budgetten dan de cultuurbudgetten benut kunnen worden om deze ambitie te steunen. Regionale samenwerking De ambitie culturele hoofdstad te worden lijkt strijdig met het streven naar meer regionale samen werking, op zijn minst in het KAN-gebied. Elke stad wil immers haar eigen keten hebben en behouden. Dit idee wordt gesterkt door de constatering dat het publiek en de culturele organisaties gehecht zijn aan de eigen identiteit en beperkt bereid zijn om te reizen. Er is onder de aanwezigen weinig vertrouwen in het behalen van ‘echte’ winst uit een gezamenlijke backoffice. Wel willen kleinere theatergezelschappen graag op onderdelen samenwerken, zoals bij de kaartverkoop, marketing en publiciteit. De creatieve keten De ambitie van de gemeente is om een volledige creatieve keten in stand te houden, onder andere door in de infrastructuur te blijven investeren. In Arnhem bevindt zich een volledige piramide aan zowel professionele als niet-professionele culturele instellingen en kunstenaren. Aandacht voor de top mag niet ten koste gaan van de basis, omdat dit de markt is waarop de culturele instellingen opereren. De wisselwerking en dynamiek binnen de piramide moeten leidraad zijn voor meer samenhang en evenwicht in de activiteiten in de stad en het gemeentelijke cultuurbeleid.
Hierbij dienen vernieuwing, spontaniteit en een blijvend creatieve omgeving doorslaggevend te zijn. Productie Subsidie heeft voor het producerend middensegment een financiële basis gelegd in de exploitatie. Echter, de subsidies bevorderen de groei (vergroten en verbreden van publieksbereik) niet oneindig en sommige organisaties zitten inmiddels aan de grenzen van de mogelijkheden om verder te groeien. Om deze reden is er behoefte aan basissubsidie met daarnaast ruimte voor incidentele projectgelden.
Presentatie De programmering van basis- en nichepodia wordt onderling goed op elkaar afgestemd. Op velerlei gebied wordt samengewerkt. Maar er is ook sprake van overlap in de programmering (met name cabaret/kleinkunst) en van meerdere afzonderlijke programmeringsinitiatieven, al dan niet gesubsidieerd (vooral kamermuziek). De samenwerking en afstemming - ook met de basispodia en in regionaal verband - kunnen hier worden verbeterd. De schakel presentatie kent geen highlight op het gebied van de presentatie van podiumkunsten, dat wil zeggen een toonaangevend, (inter)nationaal georiënteerd festival. Het algemene oordeel tijdens de bijeenkomst is dat hier geen rol voor de gemeente ligt. De profileringambitie van Arnhem mag niet leiden tot het opleggen van grote evenementen, maar deze dienen vanuit de stad op te borrelen. Afstemming tussen producerende en presenteren de instellingen is aanwezig. Wel wordt afstemming van aanbod en afname bemoeilijkt door het ontbreken van bestuurlijke afstemming tussen de verschillende overheden. Educatie/talentontwikkeling Er is blijvend aandacht nodig voor ondersteuning van starters binnen de keten. Jong talent moet zich in Arnhem – in de breedte – kunnen ontwikkelen. Dit betekent voldoende podia, repetitie/ oefenruimten en experimenteerruimte (niet fysiek).
Ook experimenten en kleinere initiatieven (zoals festivals) in de basis (zoals de wijken) zijn van belang. De productiehuisfunctie is van groot belang voor ondersteuning, doorstromen en aantrekken van talent in de podiumkunsten. Het vormt de schakel tussen HBO- en MBO-opleidingen mbt podiumkunsten of aanverwante opleidingen. Daarmee is de productiehuisfunctie tevens van belang voor de landelijke positie van Arnhem als podiumkunstenstad. Mogelijk is hier meer synergie te bereiken door te koppelen aan de productiefunctie (een groter producerend gezelschap) en eventueel de presentatiefunctie (Cultuur in Rijnboog).
Cultuurbeleid Arnhem
Cultuurbeleid Arnhem
Film
4.2 Kwalitatieve gegevens In het voorjaar van 2011 organiseerde de gemeente Arnhem een drietal evaluatiebijeenkomsten en drie cultuurdebatten. De evaluatiebijeenkomsten hadden tot doel om de belanghebbenden uit de culturele sector aan het woord te laten over het tot dan toe gevoerde beleid (vanaf 2009) op de terreinen podiumkunsten, cultuureducatie en amateurkunst. Met de daaropvolgende cultuurdebatten werd de stad (breder dan direct belanghebbenden) gevraagd te reageren op de Uitgangspuntenbrief Cultuur, die in maart door de gemeenteraad was vastgesteld als opmaat naar de nieuwe integrale kadernota Cultuur.
99
98
Film Arnhem heeft een bovengemiddeld aantal filmdoeken en aantal bioscoopstoelen in vergelijking met de G50.
Cultuureducatie en amateurkunst
Overzicht Samenhangend met het punt hierboven wordt in beide bijeenkomsten naar voren gebracht dat het ontbreekt aan (over)zicht op wie zorg draagt voor aansluiting, vervolgmogelijkheden en doorstroming van cultuur op wijk en op onderwijs. Er is behoefte aan een centrale voorziening voor informatie en overzicht van wie waar wat doet en wanneer. Bij amateurkunst speelt ook nog de behoefte aan ontmoeting en uitwisseling en gebruik kunnen maken van elkaars expertise. Fysieke voorzieningen voor kunst en cultuur in de wijk In beide bijeenkomsten wordt gewezen op het belang van goede voorzieningen op wijkniveau voor cultuur. In Arnhem Zuid ontbreekt een culturele infrastructuur. Deze voorzieningen 2
Gebaseerd op reacties van bezoekers, waarbij onder andere actief aan mensen is gevraagd wat ze ervan vonden. Ook zijn er twee medewerkers van de
Arnhem Card De Arnhem Card wordt gewaardeerd als middel om de toegang tot cultuur laagdrempeliger te maken. Men heeft behoefte aan een overzicht waar de Arnhem Card met name voor gebruikt wordt als het gaat om cultuur. Subsidieregeling amateurkunst In de evaluatie bijeenkomst amateurkunst wordt gevraagd om de termijn voor het indienen van de aanvraag naar 1 oktober te verschuiven, in plaats van 1 april. Daarnaast wordt verzocht om de criteria en beoordeling nog eens kritisch tegen het licht te houden, rekening houdend met het divers karakter van de verschillende amateurverenig ingen. 4.2.1.3 Dag van de Arnhemse geschiedenis Op 23 oktober 2010 vond een piloteditie van de Dag van de Arnhemse Geschiedenis (DAG) plaats. Dit was het gevolg van een motie van Pro Arnhem uit 2009. De DAG werd georganiseerd door een projectgroep van verschillende erfgoedpartners: Bibliotheek Arnhem, Gelders Archief, Volksuniversi teit, Historisch Museum Arnhem en Prodesse Conamur. De gemeente Arnhem ondersteunde met een bijdrage van € 5.000 uit het Fonds Cultuur. De eerste editie is begin 2011 door de projectgroep geëvalueerd. Algemeen oordeel luidt dat de eerste editie van de DAG succesvol was. Het evenement trok meer dan 1000 bezoekers, die volgens de projectgroep overwegend positief oordeelden2.