Bundel met technische vragen en antwoorden Perspectiefnota 2025 en Jaarstukken 2023 - Versie 22 mei 19.00 uur
Tekst van het document
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
VVD-11 17 Er wordt geld gereserveerd voor onderhoud historische kelders. Waar komen deze bedragen vandaan? Hoe werd dit andere jaren gedaan? En waarom valt dit onder economie? Al een tijd gelden (ruim 20 jaar) is besloten dat dit onder economie valt vanuit het economisch belang binnenstad. Daarnaast is er ook een groot erfgoedbelang. Een deel van de kosten wordt nu gedekt binnen de begroting economie en verder uit incidentele budgetten van vastgoed. Hierbij merken we volledigheidshalve op dat de gemeente van de meeste kelders geen eigenaar is, maar dat deze langjarig gepacht worden. De kelders worden op dit moment beschouwd als ‘tijdelijk vastgoed’ met het daarbij behorende onderhoudsniveau.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Bob Roelofs Liesbeth Hoek 16-05
VVD-12 22 Odra Er wordt gesproken over een knelpunt van 106.000 structureel met de reeds ingeplande stijging van uurtarief. Hier is nog geen rekening gehouden met mogelijke stijging van de kosten nav Rekenkamerrapport? Dat klopt. In het Algemeen bestuur ODRA is nog geen besluit genomen over maatregelen nav het Rekenkamerrapport
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Maurits van de Geijn Yvonne van der Graaf/Alwin Kuijper 16-05
Marco van der Wel Maarten Lenis 16-05
VVD-13 25 Lachgascilinder Het betrekken van 800.000 in de kosten van afvalstoffenheffing, leidt dit tot een extra stijging van de
21
Antwoord:
kosten per huishouden? Of is dit verwerkt in de reeds geplande verhoging? Wat gaat de stijging van de tarieven voor afvalstoffenheffing worden? Graag een berekening. De kosten voor lachgascilinders zijn voor het jaar 2024 niet opgenomen in de afvalstoffenheffing. Deze is reeds vastgesteld en kan niet achteraf bijgesteld worden. Voor 2025 zullen de kosten voor lachgascilinders opgenomen worden in de afvalbegroting op basis waarvan de afvalstoffenheffing berekend wordt. Meer kosten betekent in theorie een stijging van de afvalstoffenheffing. Op basis van de huidige begroting zouden de kosten voor lachgascilinders een stijging van 3,5% van de afvalstoffenheffing tot gevolg hebben. Echter wordt de ontwikkeling van het tarief bepaald door de toerekening van heel veel diverse kosten waardoor het daadwerkelijke tarief af zal wijken van de genoemde 3,5%. Op dit moment lopen een aantal aanbestedingsprocessen voor de verwerking van GFT en restafval. De prijs per ton die uit de aanbesteding komt, kan leiden tot lagere of hogere verwerkingskosten; dat weten we op dit moment niet. Maar ook de kosten en opbrengsten van PBD en papier in 2025 kunnen nu nog niet geraamd worden (en zijn volatiel). Alles bij elkaar is de hoogte van de heffing dus afhankelijk van de totale kosten en opbrengsten.
De extra kosten voor lachgas worden wellicht gedempt door bijvoorbeeld een hogere opbrengst voor papier. De daadwerkelijke tarieven voor 2025 worden, zover mogelijk, gelijktijdig met de begroting 2025 vastgesteld. Op dit moment is het niet mogelijk om een absolute of procentuele stijging of daling van de afvalstoffenheffing 2025 af te geven.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
VVD-14 25 Klimaatadaptatie investeringskrediet Rioolheffing Rioolheffing gaat omhoog vanwege de stijging van de kapitaallasten door de investeringen in klimaatadaptatie. 1. Hoeveel gaat dit zijn? Graag een onderbouwde berekening. 2. Waarom gaat dit niet via de bestemmingsreserve klimaatadaptatie/ duurzaamheid? Welke criteria zijn gebruikt om te komen tot deze lijst van mogelijke bezuinigingsopties? 1. Op basis van de huidige begroting hebben de kapitaallasten van circa €22.000, behorende bij een investeringskrediet van €800.000, een stijging van 0,12% van de rioolheffing tot gevolg. Echter wordt de ontwikkeling van het tarief van de rioolheffing bepaald door de toerekening van diverse kosten waardoor het daadwerkelijke tarief af zal wijken van de genoemde 0,12%. De daadwerkelijke tarieven voor 2025 worden, zoveel mogelijk, gelijktijdig met de begroting 2025 vastgesteld. 2. Een deel van de maatregelen voor klimaatadaptatie betreffen het tegengaan van wateroverlast en daarmee het ontlasten van de riolering. Daarom is ervoor gekozen om specifiek deze kosten via het investeringskrediet rioolheffing te dekken.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Bob Roelofs Pieter Altena 16-05
Cathelijne Bouwman Pieter Altena 16-05
VVD-15 5 Lobby richting Rijk “De lobby zullen we gezamenlijk moeten oppakken – vanuit de raad”: hoe zien we dat voor ons en heeft Arnhem geen lobbyist die hier een plan voor aan het maken is? Samen met en binnen onze organisatie en netwerken (waaronder G40, VNG, Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, provincie) werken we hard om de Arnhemse belangen richting het Rijk te behartigen. Intussen zijn wij ook bezig met het vormen van een (deels) nieuw team Public Affairs dat past bij de ambities van onze stad. Vacatures binnen dat team worden de komende periode ingevuld.
22
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
VVD-16 29 reëel ramen loonkosten – wordt genoemd als bezuinigingsoptie, maar dit is toch begrotingstechniek in plaats een bezuiniging? Er wordt niets bezuinigd op de daadwerkelijke loonkosten door dit te doen, je schept alleen een reëler beeld van tevoren? De omschrijving “reëel ramen loonsom” bevestigt de constatering in de vraagstelling dat het gaat om het anders begroten van de loonsom. Tegelijkertijd gaat hiermee feitelijk wel het financieel kader (en daarmee de ruimte voor personele inzet) van de ambtelijke organisatie omlaag en is in de begroting van de gemeente Arnhem sprake van lagere lasten in vergelijking met de huidige begroting 2024.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Maurits van de Geijn Ron Verheijen 16-05
VVD-18 (mondeling gesteld op 15-05) Schuldhulpverlening: totale omvang budget schuldhulpverleners Voor reguliere schuldhulpverlening bedraagt het structurele budget € 2 mln per jaar. Daarnaast hebben we ook budgetten voor preventie, vroegsignalering, schuldhulpverlening aan jongeren en ondernemers.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina:
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
VVD-17 32 Capaciteit art213a laten vervallen – was opdracht van de raad, is wettelijke taak. Kan toch niet zomaar? Artikel 213a van de gemeentewet verplicht het college periodiek onderzoek te doen naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde bestuur. In raadsbrief d.d. 14 september 2021, zaaknummer 601157, heeft het college aangegeven jaarlijks één of twee art. 213a onderzoeken te willen uitvoeren, naast alle andere onderzoeken die regulier al worden gedaan en vaak ook als art. 213a onderzoek kwalificeren of elementen hiervan bevatten. Vanaf dat moment is ook € 50.000 structureel per jaar hiervoor gereserveerd in de begroting. De ervaring leert dat nog altijd diverse onderzoeken plaatsvinden die, geheel of gedeeltelijk, kwalificeren als 213a zonder dat dit altijd expliciet wordt gemaakt en zonder dat genoemd budget hiervoor wordt aangesproken. Het budget kan worden bespaard zonder dat de wettelijke verplichting van het periodiek onderzoek doen naar doeltreffendheid en doelmatigheid van gevoerd bestuur in het geding komt.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Ahmed Marcouch Jinny Bissot
Mark Lauriks Dennis Janssen 15-05
VVD-19
23
Vraag: Antwoord:
Welke specifieke onderdelen van het landelijke coalitieakkoord hebben directe financiële gevolgen voor gemeenten, en hoe vertaalt zich dat naar de begroting van Arnhem? Via bijgaande link is het document te raadplegen dat door de VNG is opgesteld https://vng.nl/sites/default/files/2024-05/20240517-eerste-analyse-van-het-hoofdlijnenakkoord-voorgemeenten.pdf. Daarin is een vertaling gemaakt van de inhoudelijke gevolgen op alle beleidsterreinen voor gemeenten van het onderhandelingsakkoord. De directe financiële gevolgen voor gemeenten zijn te vinden op pagina 29 en dit zijn de volgende: • Voortbouwen op het bestaande budgettaire kader uit de Voorjaarsnota, dus geen correctie op het lager vaststellen van het gemeentefonds vanaf 2026: De financiële positie van gemeenten verbetert niet. Vanaf boekjaar 2026 zullen gemeenten moeten gaan bezuinigen om tot een meerjarig sluitende begroting te komen. De impact voor burgers hangt af van de keuzes per gemeente, maar in zijn algemeenheid zal dit betekenen dat het niveau van voorzieningen en dienstverlening omlaag zal gaan.
• Afschaffen van alle specifieke uitkeringen vanaf 2026 (met uitzondering van de BUIG) en de middelen na aftrek van 10% efficiencykorting aan het gemeentefonds toevoegen: Het afschaffen van de specifieke uitkeringen zou kunnen betekenen dat gemeenten meer ruimte krijgen voor eigen beleidskeuzes, meer integrale aanpak, minder administratieve lasten en met een jaarlijkse indexering. Aandachtspunt is dat de besparing al wel verwerkt wordt in de rijksbegroting, maar er nog geen zicht is op daadwerkelijke overheveling van specifieke uitkeringen. Dit laatste vraagt besluitvorming binnen het rijk en mogelijk aanpassing van wet- en regelgeving. Bovendien is de besparing gebaseerd op de omvang van de spuks in 2022. Mogelijk is de omvang in 2026 kleiner of gaat maar een beperkt deel over. Als de besparing bij Miljoenennota wordt verwerkt in de gemeentefondsbegroting betekent dit een verdere verslechtering van het financiële beeld vanaf 2026. Het is echter ook mogelijk dat de besparing neer zal slaan op de departementale begrotingen. In alle gevallen is het voor gemeenten van belang dat er alleen over het bedrag dat daadwerkelijk wordt overgeheveld naar het gemeentefonds een korting wordt gerealiseerd.
• Twee nieuwe belastingen introduceren waarvan de opbrengsten (uitsluitend) ten goede komen aan woningbouw en infra in betreffende gemeente: een planbatenheffing en een (onbebouwde) grondheffing: De nieuwe belastingen kunnen beide een bijdrage leveren aan het versnellen van woningbouw en bijbehorende infrastructuur en de bekostiging ervan. Belangrijk aandachtspunt is de exacte vormgeving en de uitvoerbaarheid. Omdat waardeontwikkeling van de grond niet met terugwerkende kracht belast kan worden en er voor beide belastingen wetgeving nodig is zullen de extra inkomsten zich pas over enige jaren voordoen • Afspraken maken met gemeenten om de woonlasten (OZB) te maximeren: Het maximeren van OZB beperkt gemeenten in hun mogelijkheid om extra eigen inkomsten te verwerven. De financiële situatie van gemeenten vanaf 2026 vraagt eigenlijk wel om die mogelijkheid. De tekst in het hoofdlijnenakkoord spreekt expliciet over afspraken met gemeenten en laat ruimte voor interpretatie en uitwerking. Onderdeel daarvan kan zijn om als gemeenten gecompenseerd te worden voor een beperking van deze mogelijkheid. • De extra bezuiniging op de Jeugdzorg van € 511 miljoen vervalt: De extra bezuiniging op Jeugdzorg van €511 miljoen wordt geschrapt. Omdat gemeenten nu al geen rekening hoefden te houden met deze extra bezuiniging verandert dit niets aan het financiële beeld.
• Er komen extra middelen voor woningbouw en infrastructuur: Onduidelijk is nog hoe deze beschikbaar worden gesteld (integraal voor alle of specifiek voor bepaalde gemeenten) en hoe de praktische uitwerking hiervan zal uitvallen?
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Paul Smeulders Ron Verheijen 17-05
VVD-20 Hoeveel extra inkomsten of bezuinigingen worden er verwacht voor de gemeente Arnhem als gevolg van het coalitieakkoord? Zie het antwoord onder VVD-19. Ten opzichte van het beeld dat in de Perspectiefnota is opgenomen is, is er nu geen directe aanleiding om aanpassingen door te voeren, omdat er ofwel geen directe
24
financiële gevolgen voor Arnhem ontstaan, ofwel er eerst nog nadere uitwerking zal moeten plaatsvinden. Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
VVD-21 Zijn er specifieke beleidsmaatregelen in het coalitieakkoord die aanzienlijke kosten met zich meebrengen of juist besparingen opleveren voor de gemeente Arnhem? De voorgenomen besparing op de MDT (inzet subsidie maatschappelijke diensttijd) die in de Perspectiefnota is opgenomen in de jaren 2026 en 2027 (beide € 1,5 miljoen) komt te vervallen, aangezien het landelijke budget voor MDT in het onderhandelingsakkoord komt te vervallen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Antwoord:
Paul Smeulders Ron Verheijen 17-05
VVD-22 Welke verplichtingen legt het coalitieakkoord op aan gemeenten, en wat zijn de financiële consequenties daarvan voor Arnhem? Een mogelijke verplichting ontstaat als gevolg van afspraken over het maximeren van de woonlasten (OZB), maar ook deze maatregel vergt nog nadere uitwerking en zal voor 2025 naar verwachting niet aan de orde zijn.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Paul Smeulders Ron Verheijen 17-05
Paul Smeulders Ron Verheijen 17-05
VVD-23 Wat is de verwachte impact van landelijke belastinghervormingen op de inkomsten van de gemeente Arnhem? Zie antwoord bij vraag VVD-22. Daarbij komen de mogelijke invoering van twee nieuwe belastingen, die nader uitgewerkt moeten worden.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Paul Smeulders Ron Verheijen 17-05
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
25
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
26
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Arnhem Centraal Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Arnhem Centraal (mondeling gesteld op 15-05) 28 Toegankelijk maken omgeving Stadstheater 1. Waaruit bestaat het toegankelijk maken van de omgeving? 2. Zitten deze kosten niet reeds in de begroting van de nieuwbouw verwerkt? 3. Is dit gebruikelijk? 1. Het is belangrijk ook de openbare ruimte aan te passen aan het ontwerp van het Stadstheater, zodat dit goed toegankelijk is voor alle gebruikers. Complexiteit daarbij is dat er in het gebied sprake is van hoogteverschillen waar we rekening mee moeten houden. We passen de bestaande situatie aan voor voetgangers bij de monumentale hoofdentree, zodat ze niet op het fietspad stappen als ze de trap afkomen. Dit verhoogt de verkeersveiligheid en de verblijfskwaliteit. Ook aan de andere zijden zijn aanpassingen nodig in de openbare ruimte. 2.
Nee, in de begroting van de nieuwbouw zijn alleen kosten voor het gebouw en voor het bouwrijp maken (uitbreiding footprint) begroot, zoals ook is vermeld in het raadsvoorstel Investeringskrediet vernieuwing Stadstheater. Kosten voor het woonrijp maken (toegankelijkheid gebouw door aanpassing openbare ruimte) zitten hier niet in.
3.
Het schetsontwerp van de openbare ruimte en de vernieuwing van het Stadstheater zijn twee losstaande projecten, die met elkaar verbonden zijn. Het schetsontwerp is pas na het raadsvoorstel Investeringskrediet vernieuwing Stadstheater tot stand gekomen en daarmee zijn de kosten in beeld.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Cathelijne Bouwkamp Yvonne van der Graaf 15-05
Arnhem Centraal-2 (mondeling gesteld op 15-05) 36 waarom stoppen we met OZO als het werkt? Geldt dit voor alle doelgroepen? OZO wordt ingezet voor de doelgroep 0-18 jaar en de doelgroep 18+. Voor de doelgroep 18+ zijn positieve ervaringen. Veel inwoners maken gebruik van de mogelijkheid van OZO. Daarnaast zijn voor deze doelgroep ook de betrokken partijen (zoals huisartsen, wijkverpleging, mantelzorgers, zorgaanbieders) aangesloten bij OZO. Dit maakt dat OZO optimaal gebruikt kan worden en dit ook positief werkt voor de inwoners. Voor de doelgroep jeugd zijn de ervaringen anders. Weinig jeugdigen/ouders maken gebruik van de mogelijkheden van OZO, in 2023 ongeveer 10 jeugdigen. Bij de doelgroep jeugd zijn weinig partijen die gebruik maken van OZO waardoor er geen totaal beeld ontstaat van de totale zorg en communicatie tussen deze partijen. Zo doen bijvoorbeeld de kinderopvang, het onderwijs, peuterspeelzaal ect niet mee. Met name bij complexe vraagstukken heeft OZO bij jeugd meerwaarde, daar is echter vaak ook minder vertrouwen van ouders in hulpverlening waardoor zij geen toestemming willen geven, ondanks dat zij zelf altijd kunnen zien welke informatie gedeeld wordt. Ook doet een beperkt deel van de zorgaanbieders en de verwijzers mee. De Jeugdbescherming gaat niet starten met gezinnen vanuit gedwongen kader. Hierdoor mis je bij jeugd belangrijke partijen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag:
Bob Roelofs Elke Zeijl 15-05
27
Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Arnhem Centraal-3 (mondeling gesteld op 15-05) Is de kwaliteit oppervlaktewater (nog steeds) goed gezien de toenemende verzuring? Is er PFAS gevonden in ons oppervlaktewater en wordt dit onderzocht? Waterkwaliteit is onderdeel van het Plan Gezonde Leefomgeving. Door de toevoer van grondwater vanuit de Veluwe is de waterkwaliteit in Arnhem nog steeds redelijk tot goed te noemen. Aandachtspunten blijven, zeker in stedelijk gebied, altijd aanwezig. Maar van verzuring van het oppervlaktewater is nog geen sprake. PFAS wordt tegenwoordig (bijna) overal aangetroffen, ook in oppervlaktewater en de bronnen zijn niet altijd bekend. Daarbij komt dat een wettelijke verplichting op het meten van PFAS in oppervlaktewater niet bestaat en dus ook niet standaard plaats vindt. Daarmee is een met gegevens onderbouwd antwoord niet mogelijk. Maar gezien het landelijke beeld zou het bijzonder zijn als in het oppervlaktewater in Arnhem geen PFAS aanwezig is. Wat we wel weten is dat als de Rijn Nederland binnenstroomt, PFAS al in het water aanwezig is. Dit rivierwater verdeelt zich via de riviertakken Waal, Neder-Rijn en IJssel over Nederland en met het inlaten van rivierwater in de polders, zoals de Betuwe, zal PFAS zich verder verspreiden. Bij baggerwerkzaamheden van het waterschap wordt nu op projectbasis wel gecontroleerd op PFAS; dat geeft wel inzicht, maar geeft geen gebiedsdekkend beeld.
In Arnhem-Zuid is de bagger grotendeels lokaal verwerkt en dat betekent dat het aan de geldende normen moet voldoen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Marco van der Wel Carlien Bakker 15-05
Arnhem Centraal-4 (mondeling gesteld op 15-05) Wat zijn de jaarlijkse opbrengsten van de historische kelders voor evenementen en bijeenkomsten? De opbrengsten van bezoekers en incidentele bijeenkomsten zijn heel beperkt en bedragen een paar duizend euro per jaar.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Bob Roelofs Liesbeth Hoek 15-05
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
28
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
29
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
30
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Partij voor de Dieren Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvD-1 (mondeling gesteld op 15-05) 25 Informatieveiligheid en privacy Baseline 2.0: wat wordt er precies gedaan? Waarom zetten we de stappen volgend jaar als de wet dit jaar ingaat? En gaat het lukken? In 2021/2022 is vastgesteld dat we niet voldoen aan wet- en regelgeving op gebied van privacy- en informatieveiligheid, de BIO 1.0 valt hier ook onder. Sindsdien worden er stappen gezet om de achterstanden in te lopen. Vanaf 2023 is hier ook extra budget voor beschikbaar gesteld. Eind 2023 is een driejarig programma opgesteld met als doel duurzaam te voldoen aan geldende wet- en regelgeving. Ondertussen is dat niet alleen BIO 1.0 maar ook BIO 2.0. Het programma is daarmee ook gebaseerd op de BIO2.0. Ook in 2025 zullen we nog bezig zijn om onze achterstanden in te lopen. De verwachting is dat we met het programma de noodzakelijke stappen zetten in het verhogen van het volwassenheidsniveau.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Maurits van de Geijn Annemieke Splithof 15-05
Fractie: Pagina: Vraag:
PvD-2 (mondeling gesteld op 15-05) 26 Digitale inclusie Welke maatregelen zijn er al en in welke mate zijn ze onvoldoende?
Antwoord:
In de afgelopen jaren zijn er projectmatig verbetermaatregelen genomen op de gemeentelijke websites en apps om onze digitale toegankelijkheid, een wettelijke verplichting, te borgen binnen de gemeente Arnhem. Met een raadsbrief van 20 februari 2024 bent u geïnformeerd over de stand van zaken: Document Arnhem - Raadsbrief stand van zaken digitale toegankelijkheid * iBabs Publieksportaal (bestuurlijkeinformatie.nl)
31
Daarnaast is er de afgelopen jaren veel inzet gedaan om de gehanteerde teksten op de websites (en andere vormen van communicatie) meer leesbaar te maken waarbij het B1 niveau als uitgangspunt wordt gehanteerd. Ambtenaren worden hierop voortdurend geschoold. Arnhem beschikt in de Rozet over een Informatiepunt Digitale Overheid (IDO). Een IDO biedt laagdrempelig, gratis en voor iedereen toegankelijke ondersteuning bij vragen over het gebruik van de digitale overheid. Het IDO is er in principe voor iedereen die het lastig vindt om (online) zaken te doen met de overheid. Voornamelijk ouderen maken gebruik van de Informatiepunten. De meeste vragen gaan over DigiD aanvragen en activeren en de DigiD-app installeren. Maar het IDO biedt ook veel hulp bij praktische computervragen, zoals het installeren van apps en het aanmaken van accounts. Dankzij het IDO kunnen mensen op een laagdrempelige manier terecht voor hulp en informatie over de (digitale) overheid. De verder toenemende digitalisering van onze samenleving en de afspraken op Europees niveau vragen mogelijk om aanvullende maatregelen om het niveau van vaardigheden te kunnen handhaven of zelfs te verhogen en de weerbaarheid van mensen te verhogen (waarmee veiligheid en privacy meer gewaarborgd wordt).
Hierbij valt te denken aan een verdere vereenvoudiging/verbetering van de digitale dienstverlening en het versterken van de digitale vaardigheden en de digitale weerbaarheid (veiligheid) van doelgroepen. In het onderzoek zullen we aansluiten bij de kennis en kunde van lokale en landelijke koepelorganisaties (zoals APCG en Stichting Lezen en Schrijven).
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvD-3 (mondeling gesteld 15-05) 25 Ruimen van fietsen € 80.000 structureel vanaf 2024: waar zitten deze kosten in en staan er geen inkomsten tegenover? Het ruimen van fietsen wordt uitgevoerd door de partij die de dienstverlening en handhaving op het gebied van parkeren voor ons verzorgt. Er komt dan een permanente ploeg fietsruimers met voertuig die dagelijks (werkdagen) fietsen gaat ruimen. Door uitbreiden van deze inzet zal 2Switch per jaar 8000 fietsen moeten kunnen verwerken. Extra inzet fietsruimers en capaciteitsuitbreiding 2 Switch kost €80.000,- structureel per jaar. De afvalstoffenheffing voor 2024 is reeds vastgesteld en kan niet achteraf bijgesteld worden. Voor 2025 zullen deze kosten opgenomen worden in de afvalbegroting op basis waarvan de afvalstoffenheffing berekend wordt.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Maurits van de Geijn Carel Eltingh 15-05
Bob Roelofs Pieter Altena 15-05
PvD-4 (mondeling gesteld op 15-05) Energie/Bedrijfsvoering ICT: Is er beeld van de energie die nodig is voor de dataopslag van de gemeente? Hoe ziet dat eruit en welk deel is lokaal en wat op wereldwijde servers? Die beelden zijn er helaas niet. Dit geldt zowel voor het energieverbruik voor de lokale als voor de globale opslag van data. Conform afgesproken beleid zal bij een heraanbesteding van de dataopslaglocaties aandacht besteed gaan worden aan dit specifieke vraagstuk zodat ons gezamenlijk streven, onze CO2-footprint kleiner te maken, ook daadwerkelijk meetbaar en bestuurbaar wordt. Binnen de huidige overeenkomsten is dat vraagstuk nooit geadresseerd en is dit 32
ook achteraf helaas niet meer aan te passen. Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvD-5 (mondeling afgestemd op 15-05) 23 Wat is de opbouw van energiekosten/verbruik van de gemeente, en welke maatregelen worden per gebied genomen? Hieronder treft u een tabel aan met het totaalverbruik elektra, gas en stadswarmte op bedrijfsonderdeel. Voor de maatregelen en aanpak verwijzen we u naar het antwoord op vraag D6630.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Maurits van de Geijn Caner Duman 15-05
Maurits van de Geijn Bram Gelissen 15-05
PvD-6 (mondeling gesteld op 15-05) Reclamebelasting: welke scenario's zijn mogelijk? Wat zijn de kosten en opbrengsten? Reclamebelasting is een gemeentelijke belasting die wordt geheven van de gebruiker van een pand (persoon of bedrijf) waarop een openbare aankondiging (reclame-uiting) is aangebracht, die zichtbaar is vanaf de openbare weg. Deze reclame-uiting kan zich ook op particuliere grond bevinden. Reclamebelasting kan onder andere geheven worden voor gevelreclames, uithangborden, raamreclames, abri's, vlaggen, sandwichborden, naamplaten, logo’s, lichtbakken, muurschildering met daarnaast een logo van een bedrijf of een op het bedrijf betrekking hebbende tekst, neonreclames. Vrijstellingen De reclamebelasting is een objectieve belasting. Dat houdt onder andere in dat in beginsel alle openbare aankondigingen in de reclamebelasting moeten worden betrokken. Om de heffing in de praktijk uitvoerbaar te houden kunnen vrijstellingen worden opgenomen. Een vrijstelling moet objectief zijn om te voorkomen dat toepassing van de vrijstelling leidt tot strijdigheid met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het gelijkheidsbeginsel. Verder mogen vrijstellingen er niet toe leiden dat de belasting afhankelijk wordt gesteld van inkomen, winst of vermogen. Scenario’s: Alle openbare aankondigingen kunnen worden opgenomen in de reclamebelasting.
Het is ook mogelijk om met vrijstelling te werken door bijvoorbeeld alleen permanente reclame-uitingen te belasten of bijvoorbeeld alleen instellingen en ondernemers te belasten die een pand (persoon of bedrijf) gebruiken voor een reclame-uiting die zichtbaar is vanaf de openbare weg. Een uitzondering wordt dan gemaakt voor natuurlijke personen die geen ondernemer zijn. Reclamebelasting heffen in een beperkt gebied is ook een scenario. Dit wordt vaak toegepast in centrumgebieden of binnensteden. Heffing van reclamebelasting in een beperkt gebied van de gemeente is toegestaan, mits daarvoor een objectieve en redelijke rechtvaardiging is. Die afweging/rechtvaardiging moet wel beargumenteerd vastgelegd worden in de toelichting of in een raadsnota om stand te houden in eventuele procedures.
33
Scenario’s tarieven De heffingsmaatstaf is vrij. Er mag een vast tarief per openbare aankondiging gehanteerd worden, zonder daarbij onderscheid te maken naar grootte of type van de openbare aankondiging of de drager daarvan. In de praktijk wordt vaak gekozen voor een tarief per oppervlakte, soms ook voor een tarief gebaseerd op de WOZ-waarde. Differentiatie van tarieven mag, maar mag niet leiden tot strijdigheid met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Voorbeelden van toegestane differentiatie: - de oppervlakte (grootte) van een aankondiging; - het aantal strekkende meters van een aankondiging (lengte); - de duur van aanwezigheid van een aankondiging (dag, week, maand); - de locatie van de aankondiging (centrum, buitengebied); - de aard van de aankondiging (foto, logo, tekst); - de wijze waarop wordt aangekondigd (verlicht, onverlicht). Kosten en baten NB: onderstaande kostenraming is indicatief en onder voorbehoud. De reële kosten kunnen hoger uitvallen. Kosten Incidenteel Beleidskeuzes en opstellen verordening IT Opleiding en training Opbouw basisbestand Communicatie Totaal incidenteel
€ 6.000 € 15.000 € 10.000 € 6.000 € 3.000
€ 40.000
Kosten structureel op jaarbasis Controles € 5.000 Heffen, innen, klantencontact en bezwaar en beroep. € 25.000 Bijdrage controle-applicatie € 1.000 Advisering JZ en F&C € 4.000 Totaal structureel
€ 35.000
Toelichting De uitvoeringskosten van de reclamebelasting zijn relatief hoog, omdat er jaarlijks controles nodig zijn. Daarnaast worden heffing- en inningskosten gemaakt en kosten voor klantencontact en bezwaar en beroep. Gedurende de invoeringsfase zal er onder andere een basisbestand moeten worden opgebouwd en dient het belastingsysteem te worden ingericht. De hoogte van de uitvoeringskosten hangt mede af van de complexiteit van de gekozen heffingsmaatstaven. Een vast tarief per object is bijvoorbeeld eenvoudiger te controleren (en in te richten), dan een tarief dat gebaseerd wordt op de oppervlakte. Bij de reclamebelasting kunnen de uitvoeringskosten worden beperkt door de heffing te beperken tot een deel van de gemeente (gemeenten die ervoor kiezen reclamebelasting te heffen doen dat veelal alleen in het centrumgebied/ de binnenstad), of tot bijvoorbeeld permanent aanwezige aankondigingen. Baten: begrote opbrengsten reclamebelasting 2022 van enkele G-40 gemeenten De opbrengsten zijn gerelateerd aan de keuzes met betrekking tot het belasten van reclame die gemaakt zijn door de gemeenteraden in deze steden. We hebben niet onderzocht welke keuzes gemaakt zijn, dus onderstaande cijfers zijn als indicatie te gebruiken. Apeldoorn Enschede
€ 428.000 € 200.000
34
Nijmegen
€ 200.000 (bedrag uit definitieve begroting 2021; bedrag 2022 niet bekend).
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvD-7 (mondeling gesteld op 15-05) Wat zijn de jaarlijkse bedragen die naar city marketing en Tvan gaan? De subsidie aan de Stichting Citymarketing Arnhem is €325.000 per jaar. De subsidie aan TVAN wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van inwoneraantal en het prijsindexcijfer van het CBS. In 2024 bedraagt de subsidie €366.800
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina:
Vraag:
Nermina Kundic Nicole Eerden 15-05
Nermina Kundic Liesbeth Hoek 15-05
PvdD-8 In perspectiefnota staat het volgende: Wij gaan ervanuit dat het circulair bouwen voor de helft leidt tot een verhoging van de kosten en voor de helft worden terugverdiend. De voor het IHP in het financiële beeld opgenomen middelen zijn hierop aangepast. Op welk moment is dit aangepast? Was dit voor of tijdens of na de behandeling van het Integraal huisvestingsplan? Of bedoelen jullie dat we van plan zijn om het te gaan aanpassen? Wat is nu het bedrag aan financiële middelen voor circulair bouwen/wat was het bedrag aan financiële middelen voor circulair bouwen?
Antwoord:
Misschien dat ik het verkeerd begrijp dat jullie bijvoorbeeld gaan kijken in hoeverre de baten van circulair bouwen meegenomen kan worden. Jullie verwachting van de huidige meerkosten en de te verwachte financiële voordelen. Begrijp ik hem zo goed? En zijn er nog andere aspecten die meegenomen kunnen worden in de aanbestedingen? Bijvoorbeeld kosten voor materiaal en vervoer zwaarder laten wegen dan kosten voor personeel. In het IHP wordt rekening gehouden met extra stichtingskostenbudget (dit gaat om realisatiekosten voor het voorbereiden en bouwen van een school) voor het stimuleren van circulair bouwen. Daarvoor wordt gerekend met een verhoging van de VNG-norm met gemiddeld 10% (15% voor nieuwbouw, 5% voor renovatie). Bij het opstellen van de perspectiefnota is uitgewerkt op welke manier de kosten van het IHP in het financiële beeld van de begroting worden opgenomen, zodat steeds voldoende dekking aanwezig is om het IHP uit te kunnen voeren. Daarbij is toen (dus ná de behandeling van het IHP, zoals ook aangegeven in het raadsvoorstel IHP) het uitgangspunt gehanteerd dat de helft van de extra kosten van circulair bouwen wordt terugverdiend. De manier waarop dit terugverdienen vorm zal krijgen werken we verder uit.
Het te behalen financiële voordeel kan betrekking hebben op een lager investeringsbedrag bij de bouw en/of een (verwachte) restwaarde van materialen aan het einde van de levensduur.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina:
Nermina Kundic Anna Jüngen 20-05
PvdD-9 In perspectiefnota staat:
35
Vraag:
Antwoord:
Wij gaan ervanuit dat het circulair bouwen voor de helft leidt tot een verhoging van de kosten en voor de helft worden terugverdiend. Betekent dit nu ook dat er minder geïnvesteerd kan worden in circulaire bouw dan voor de aanpassing? Is het circulair bouwen ook goedkoper geworden? Dat wat terugverdiend wordt, wordt dat weer gebruikt voor circulair bouwen? En betekent het ook dat er minder terugverdiend wordt, omdat er minder geïnvesteerd wordt aan de voorkant in circulair bouwen? Zie ook het antwoord op vraag PvdD-8. Dit betekent niet op voorhand dat er minder geïnvesteerd kan worden of dat circulair bouwen goedkoper is. De manier waarop het terugverdienen vorm krijgt werken we verder uit. Het te behalen financiële voordeel kan betrekking hebben op een lager investeringsbedrag bij de bouw en/of een (verwachte) restwaarde van materialen aan het einde van de levensduur.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Nermina Kundic Anna Jüngen 20-05
PvdA Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvdA-1 9 “Met deze uitgangspositie hebben we het nieuwe financiële perspectief voor de jaren 2024 tot en met 2028 opgemaakt. We constateren dat de hiervoor geschetste landelijke ontwikkelingen ook het financieel meerjarenbeeld in Arnhem onder druk zetten. Naast de korting van € 3 miljard die in Arnhem al verwerkt is, verwachten we in onze nieuwe begroting in de komende jaren tekorten te zien ontstaan. Op de eerste plaats door de invoering van het nieuwe verdeelmodel Beschermd Wonen dat vanaf 2026 aanstaande is, maar ook door de hiervoor geschetste stijgende kosten op meerdere terreinen, zonder dat daarvoor afdoende compensatie vanuit het Rijk wordt gerealiseerd.” Is het (verwachte) tekort als gevolg van het nieuwe verdeelmodel beschermd wonen toegenomen ten opzichte van de Begroting 2024? Of is de toename van het structurele verwachte tekort het gevolg van andere ontwikkelingen, zoals met name in het sociaal domein? Nee, het tekort als gevolg van het nieuwe verdeelmodel beschermd wonen is niet toegenomen ten opzichte van de begroting 2024. De toename van het structurele verwachte tekort ontstaat als gevolg van andere ontwikkelingen, bijvoorbeeld in het sociaal domein, maar ook diverse autonome ontwikkelingen. Zie de totale tabel op pagina’s 10 tot en met 12.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Paul Smeulders Ron Verheijen 16-05
PvdA-2 17 Met ingang van 1 juli 2023 is de overeengekomen tijdelijke huurkorting van het Stadskantoor geëindigd. Waar kwam deze huurkorting uit voort en waarom is deze geëindigd? Is er een visie op de huisvesting van de organisatie na 2025 (einde huurcontract stadskantoor) De betreffende huurkorting is een contractuele afspraak met de verhuurder ontstaan vanuit de vorige contractonderhandelingen. Verhuurder heeft een korting op de huurprijs gegeven indien Gemeente Arnhem (als huurder) geen gebruik zou maken van een eerdere beëindigingsdatum. De huurkorting is verstrekt voor een bepaalde periode, tot en met 30 juni 2023. De contractuele korting op de 36
huurprijs is na deze datum verlopen. Er wordt gewerkt aan een huisvestingsvisie voor de gemeentelijke organisatie. De raadsbrief van mei ’23 (‘Raadsbrief Uitgangspunten Huisvestingsplan Stadhuis’) geven de uitgangspunten voor deze uitwerking. Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvdA-3 17 Waarvoor dient het voorbereidingskrediet voor ‘centrale huisvesting’? De geraamde kosten bestaan voor een groot deel uit de inzet van expertise die niet binnen gemeente Arnhem beschikbaar is. Hierbij moet worden gedacht aan het inwinnen van extern advies van bijvoorbeeld een architect, installatieadviseur en constructeur. Daarnaast voorziet het voorstel in dekking voor inzet van de projectorganisatie (projectleider e.d.) De aanvraag van het voorbereidingskrediet is bedoeld voor de verdere voortgang van het project in 2025. Wanneer er in 2025 een (conform de opdracht budgetneutraal) investeringsvoorstel wordt gedaan, dan zal dit voorbereidingskrediet daar onderdeel van uitmaken.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Antwoord:
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
PvdA-4 17 “Daarnaast is voor het realiseren van centrale huisvesting een voor- bereidingskrediet noodzakelijk voor de voortgang van het project.” Gaat dit om toekomstige huisvesting van de organisatie? Wat is de laatste stand van zaken hierop? Dit gaat inderdaad over de huisvesting van de organisatie en de bediening van inwoners en ondernemers vanuit onze locaties. Er wordt gewerkt aan een huisvestingsvisie voor de gemeentelijke organisatie. De raadsbrief van mei ’23 (‘Raadsbrief Uitgangspunten Huisvestingsplan Stadhuis’) geven de uitgangspunten voor deze uitwerking. Er zijn diverse zaken die onderzocht moeten worden alvorens er een integraal voorstel met financiële uitwerking kan volgen, naar verwachting zal dit in Q4 van 2024 gereed zijn.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
PvdA-5 22 Inschatting van kosten voor dagelijks onderhoud openbare ruimte CSA. Aanbesteding is mislukt en bedragen liggen fors hoger dan het budget. Dit is dus een verrassing vanwege een verkeerde inschatting voor de prijs waarop dit in de markt kan worden uitgezet. Hoe is deze inschatting geweest en waarom zijn er zo weinig inschrijvingen geweest? De inschatting is gemaakt door het bedrag van de vorige aanbesteding te vermeerderen met de CBS-index over de gehele periode van die aanbesteding tot 2024. In 2022 hebben we voor het gebied CSA een integraal bestek op de markt gezet, echter toen ontvingen wij geen enkele inschrijving. Daarom hebben we toen een marktverkenning uitgevoerd. Partijen gaven daarbij aan terughoudend te zijn gezien de grootte en complexiteit van de opdracht (met ook substantieel weekendwerk), maar wel interesse te hebben in delen van het werk. Daarop hebben we het werk opgedeeld in 4 percelen. Op twee percelen zijn er meerdere inschrijvingen
37
geweest en op de andere twee percelen slechts 1 inschrijver. Enerzijds kunnen we concluderen dat de aanpak heeft gewerkt omdat er nu wel is ingeschreven op percelen; anderzijds zien we dat de markt niet meer dik bezaaid is met bedrijven die deze werkzaamheden (voor een deel 7 dagen in de week dus ook op zondag) willen doen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvdA-6 23 “(…) maar intussen alternatieve manieren van uitvoering te onderzoeken en voor te bereiden. Invoering daarvan vanaf 2027 leidt mogelijk tot een daling van het kostenniveau. In het risico- profiel nemen we een risico op voor het geval dit niet (volledig) leidt tot de verwachte verlaging van de kosten.“ Wat voor alternatieven zijn er voor de uitvoering van het onderhoud die kostendalend werken? Tot nu toe wordt dit werk uitgevoerd door aannemers die we contracteren via (Europese) aanbestedingen. We verkennen of een andere manier van organiseren van dit werk voor ons interessant zou zijn, bv door deelname aan een samenwerkingsverband of uitvoering van deze taken door een overheidsbedrijf. Die verkenning doen we niet alleen voor het dagelijks onderhoud, maar ook voor afvalinzameling. Verder verkennen we op inhoud of er kostenbesparende maatregelen zijn, bv. kosten (nog) meer in rekening brengen bij de vervuiler of kijken of we het (dure) zondagwerk terug kunnen dringen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Bob Roelofs Pieter Altena 16-06
PvdA-7 25 Er wordt een nadeel van 800k structureel geraamd vanwege de verwerking van lachgascilinders. Tot 1 maart 2024 werd er een inleverpremie verstrekt wanneer men cilinders inleverde bij een afvalbrengstation. Waarom is deze inleverpremie niet verlengd en welke ervaringen zijn opgedaan met de verschillende maatregelen om lachgascilinders uit het (rest)afval te weren? De inleverpremie is een maatregel om de bewustwording van inwoners te verhogen dat lachgascilinders niet in de afvalcontainers of in de openbare ruimte horen en gedumpt mogen worden. Samen met de stickers op alle afvalcontainers, communicatie in geschreven en online media en persoonlijke communicatie door bijvoorbeeld buurtcoaches en een aantal jongerenwerkers, maakte de inleverpremie deel uit van het totaalpakket aan communicatiemaatregelen. De inleverpremie is ingezet voor een bepaalde periode om te bekijken of deze maatregel efficiënt is. De maatregel wordt op dit moment in samenhang met het hele pakket aan maatregelen geëvalueerd en vervolgacties worden uitgezet. U ontvangt hier binnenkort een raadsbrief over. Echter is wel duidelijk geworden dat het hele pakket aan maatregelen tot nog toe niet heeft geleid tot een afdoende oplossing. Daarmee blijft de noodzaak tot het nemen van mitigerende maatregelen (sortering van al ons restafval) onverminderd.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie:
Bob Roelofs Pieter Altena 16-06
Bob Roelofs Pieter Altena 16-06
PvdA-8
38
Pagina: Vraag:
Antwoord:
27 “Daarnaast zijn we voornemens om de panden die we in dit gebied verwerven, zoveel als mogelijk rendabel te verhuren, tot het moment dat ze gesloopt worden voor herontwikkeling. De huurinkomsten hiervan zetten we ook in om de onrendabele top af te dekken.” Wordt bij verhuur rekening gehouden met een redelijke huur die mogelijk niet zo hoog is als marktconform, maar wel bijdraagt aan betaalbaarheid van woningen en bedrijfsruimten? We hebben op dit moment nog geen concrete invulling of afspraken voor ogen om de panden tijdelijk te verhuren. Het zou kunnen gaan om verschillende functies, zoals opvang, wonen en/of werken. Het aspect betaalbaarheid betrekken wij bij onze afweging voor de tijdelijke invulling.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvdA-9 28 Het voorstel is om de ambtelijke organisatie niet meer te begroten op basis van het maximum van de salarisschaal, maar op basis van het maximum van de salarisschaal minus één periodiek. Wat zijn gevolgen voor inzetbaarheid/flexibiliteit/aantrekkelijkheid als wordt gekozen voor het maximum van de salarisschaal minus twee of drie periodieken? Wat is gebruikelijk voor de raming van de loonsom bij andere gemeenten? Het voorstel is om de ambtelijke organisatie niet meer te begroten op basis van het maximum van de salarisschaal, maar op basis van het maximum van de salarisschaal minus één periodiek. Wat zijn gevolgen voor inzetbaarheid/flexibiliteit/aantrekkelijkheid als wordt gekozen voor het maximum van de salarisschaal minus twee of drie periodieken? Wat is gebruikelijk voor de raming van de loonsom bij andere gemeenten? Met het begroten van de loonsom op basis van het maximum van de salarisschaal minus één periodiek wordt het financieel kader (en daarmee de ruimte voor personele inzet) van de ambtelijke organisatie verlaagd. Daarmee boeten we niet in aan aantrekkelijkheid maar wel aan flexibiliteit waarmee ook de vervanging van ziekte door inhuur wordt beperkt.
De geprognosticeerde besteding van de loonsom in voorliggende Perspectiefnota biedt, vanuit het oogpunt van bedrijfscontinuïteit, onvoldoende ruimte om de begroting aan te passen naar het maximum minus twee of drie periodieken. In de P&C-cyclus monitoren we de ontwikkeling van loonsom in relatie tot de begroting. Indien gewenst kunnen we onderzoeken hoe de raming bij andere gemeenten tot stand komt.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Paul Smeulders Maarten Lenis 16-05
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
PvdA-10 37 Dit houdt in dat plantvakken minder intensief worden onderhouden en gazons minder vaak gemaaid. Bijzondere plekken die we nu nog op een hoog niveau onderhouden (Binnenstad, winkelcentra, station Velperpoort) gaan we op een lager niveau onderhouden. Effect hiervan is dat het stedelijk groen een wilder karakter krijgt. Is het mogelijk om de kwaliteitsniveaus nog verder naar beneden te brengen op plekken waar dit geen negatieve gevolgen heeft voor de leefomgeving voor mensen en dieren? Het genoemde bedrag is een verzameling van diverse kosten zonder al precies in beeld te hebben waar we wat willen doen. Uiteraard proberen we, daar waar we de werkzaamheden niet of minder gaan doen, de negatieve gevolgen zo klein mogelijk te laten zijn. Geen gevolgen zal echter op voorhand niet mogelijk zijn.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd:
Cathelijne Bouwkamp Pieter Altena 39
Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
16-05
PvdA-11 39 “Er is een trend ingezet naar meer groen en minder asfalt in de stad. Dit wordt onder andere ingevuld met het duurzaam mobiliteitsplan. Hiermee kan ook een bezuiniging op het onderhoud van wegen worden gerealiseerd van € xxx.” Wat is de verwachte bezuiniging? Deze tekst staat ten onrechte opgenomen in programma S12 Wonen en Leefomgeving aangezien dit onderdeel uitmaakt van programma S2 Bereikbaarheid. Zowel de juiste tekst als het financieel effect is in programma Bereikbaarheid opgenomen, zie pagina 33 van de Perspectiefnota. Tekstuele toelichting in S2: We verminderen het budget voor wegenonderhoud structureel met € 50.000 per jaar omdat we door vergroening minder verharding onderhouden. Daarnaast besparen we incidenteel, oplopend naar € 450.000 in 2028, op het onderhoud wegen door het onderhoud waar mogelijk tijdelijk uit te stellen (zie tabel onder S2, pagina 29). Vanaf 2029 zal dan het reguliere budget weer nodig zijn om direct in te kunnen grijpen op de meest kritische plekken zodat kapitaalvernietiging zo veel mogelijk wordt voorkomen.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvdA-12 39 Verhogen parkeertarieven. Geldt deze verhoging ook voor de tarieven in wijken buiten de binnenstad (laag tarief voor straatparkeren) en het avondtarief voor de garages? Ja, de verhoging geldt voor alle gebieden en ook voor het avondtarief. We werken nog nader uit wat de exacte verhoging van de verschillende tarieven wordt (waarbij de totale opbrengsten wel gelijk blijven).
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Nermina Kundic Bram de Ruiter 16-05
PvdA-13 39 Versneld uitbreiden betaald parkeren. Op welke begroting is de berekening in de tabel op p. 31 gebaseerd? Om welke wijken/gebieden gaat dit? Er is hierbij gerekend met een opbrengst per extra betaald parkeren plek van €500 per parkeerplaats. Qua volgorde gaat het als eerst om de gebieden rondom het centrum (zuid Sint Marten, Lombok, de Boterdijk, en Nieuwe Kade) en het gebied rondom het ziekenhuis.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Bob Roelofs Pieter Altena 16-05
Nermina Kundic Bram de Ruiter 16-05
PvdA-14 45 Wat wordt het financieel beeld als de beleidsrijke toevoeging van het IHP wordt geschrapt? Het financieel beeld in- en exclusief beleidsrijke toevoegingen is als volgt: 40
2025
2026
2027
2028
I/S
IHP inclusief beleidsrijke toevoegingen (conform pagina 10 PPN)
- 1.130
- 2.260
- 3.390
- 4.520
S
IHP zonder beleidsrijke toevoegingen
- 920
- 1.840
- 2.760
- 3.680
S
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Nermina Kundic Anna Jüngen 16-05
PvdA-15 55 In de tabel worden effecten in beeld gebracht van verhoging van de opbrengsten OZB. Kan voor deze scenario’s in beeld gebracht worden wat de jaarlijkse kostenstijging in euro’s is voor verschillende typen woningen/huishoudens (OZB-waardes)? De stijging van de OZB van de verschillende typen woningen/huishoudens is mede afhankelijk van waardeontwikkeling van de woningen. De actuele waarde ontwikkeling waarmee gerekend wordt voor de OZB tarieven 2025 is momenteel nog niet bekend waardoor het per type woning/huishouden nu nog niet exact kan worden weergegeven. Indicatief zien de jaarlijkse stijgingen van de scenario’s voor huishoudens met OZB waarde 300.000 en OZB waarde 600.000 in de als volgt uit: Meerpersoonshuishouden koopwoning
2024
2025
2026
2027
2028
5% stijging
€ 323
€ 339
€ 356
€ 374
€ 393
4% stijging
€ 323
€ 336
€ 349
€ 363
€ 378
6% stijging
€ 323
€ 342
€ 363
€ 385
€ 408
7,5% stijging
€ 323
€ 347
€ 373
€ 401
€ 431
7,5% stijging in 2025 en 2026, daarna weer 5%
€ 323
€ 347
€ 373
€ 392
€ 412
5% stijging
€ 646
€ 679
€ 713
€ 748
€ 786
4% stijging
€ 646
€ 672
€ 699
€ 727
€ 756
6% stijging
€ 646
€ 685
€ 726
€ 769
€ 816
7,5% stijging
€ 646
€ 694
€ 747
€ 803
€ 863
7,5% stijging in 2025 en 2026, daarna weer 5%
€ 646
€ 694
€ 747
€ 784
€ 823
Eigenaar niet-woning
2024
2025
2026
2027
2028
€ 2.810
€ 2.951 € 3.098 € 3.253 € 3.416
WOZ-waarde € 300.000 (2024)
WOZ-waarde € 600.000 (2024)
WOZ-waarde € 400.000 (2024) 5% stijging 4% stijging
€ 2.922 € 3.039 € 3.161 € 3.287
6% stijging
€ 2.979 € 3.157 € 3.347 € 3.548
7,5% stijging
€ 3.021 € 3.247 € 3.491 € 3.753
41
7,5% stijging in 2025 en 2026, daarna weer 5%
€ 3.021 € 3.247 € 3.410 € 3.580
WOZ-waarde € 800.000 (2024) 5% stijging
Antwoord:
€ 5.846 € 6.080 € 6.323 € 6.576
6% stijging
€ 5.958 € 6.316 € 6.695 € 7.096
7,5% stijging
€ 6.043 € 6.496 € 6.983 € 7.507
7,5% stijging in 2025 en 2026, daarna weer 5%
€ 6.043 € 6.496 € 6.821 € 7.162
Wat is het percentage externe inhuur van de totale formatie en de loonsom? Hoeveel kosten worden er gemaakt voor externe inhuur? In de jaarstukken is op pagina 59 de volgende tabel opgenomen ten aanzien van de BBVindicatoren.
Antwoord:
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
PvdA-17 Wat is de formatie van de gemeentepool? De wervingsstrategie van de eerste lichting deelnemers is begin 2024 gestart waarbij ambitie is om 15 nieuwe collega’s te werven. Totaalambitie is ongeveer de helft van het totale aantal vacatures op jaarbasis vanuit de gemeentepool in te vullen. Stapsgewijs zal evaluatie en eventueel vervolg invulling plaatsvinden.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
Paul Smeulders Nicole Eerden 16-05
PvdA-16
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
€ 5.902 € 6.197 € 6.507 € 6.832
4% stijging
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag:
€ 5.621
Maurits van de Geijn Caner Duman 16-05
PvdA-18 Hoeveel bezwaren OZB/WOZ-waarde zijn er? Wat kost het niet op tijd behandelen van de bezwaren? Bijgaand de actuele stand van zaken van het aantal WOZ-bezwaren op objectniveau tot 15 mei 2024. Dit betreffen de bezwaren tegen WOZ-beschikkingen met een dagtekening in 2024.
42
Gemeente Gemeente Arnhem
Aantal bezwaren op objectniveau 4930
Indien de bezwaren in het lopende jaar afgehandeld worden, is er geen sprake van extra kosten. Over het jaar 2023 is dit gelukt en er is geen aanleiding om in te schatten dat dit voor 2024 niet zou lukken. Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Paul Smeulders Nicole Eerden 16-05
PvdA-19 Wat worden de kosten van respectievelijk de afvalstoffenheffing en rioolheffing voor huishoudens in 2025 op basis van deze Perspectiefnota? De kosten van de afvalstoffenheffing en rioolheffing stijgen op basis van deze Perspectiefnota met € 1.080.000 respectievelijk € 22.000. Op basis van de huidige begroting zou dit voor huishoudens een stijging van 4,7% van de afvalstoffenheffing en 0,12% van de rioolheffing tot gevolg hebben. Echter wordt de ontwikkeling van het tarief bepaald door de toerekening van heel veel diverse kosten waardoor het daadwerkelijke tarief 2025 af zal wijken van de genoemde percentages. De daadwerkelijke tarieven voor 2025 worden, zover mogelijk, gelijktijdig met de begroting 2025 vastgesteld. Op dit moment is het niet mogelijk om een absolute of procentuele stijging of daling van de afvalstoffenheffing en rioolheffing 2025 af te geven.
Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie:
Paul Smeulders Nicole Eerden 16-05
SP Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord :
SP-1 Wat is de jaarlijkse bijdrage van de gemeente Arnhem aan de verschillende ‘verbonden partijen’? Hoe hebben deze bijdragen zich ontwikkeld in de afgelopen drie jaar? Verbonden partij
2023
2022
2021
Scalabor BV1
n.v.t.
Sportbedrijf Arnhem
€ 19.475.639
€ 17.969.698
€ 17.729.767
BNG bank2
n.v.t.
Economic board regio Arnhem Nijmegen
€ 163.964
€ 162.477
€ 162.000
BVO de Connectie BVO Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen
€ 38.991.000
€ 34.983.000
€ 33.683.000
€ 3.862.222
€ 3.857.922
€ 4.564.264
Euregio RijnWaal GR Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen4
€ 27.850
€ 27.800
€ 27.775
€ 1.392.193
€ 1.107.261
€ 280.303
Lingezegen MGR Sociaal Domein Centraal Gelderland
€ 267.399
€ 255.268
€ 243.750
€ 34.150.890
€ 27.704.000
€ 31.670.499
43
Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) Regionaal Historisch Centrum Gelders Archief Veiligheids- en Gezondsheidsregio Gelderland-Midden
€ 6.731.998
€ 6.248.203
€ 5.714.874
€ 1.276.011
€ 1.123.333
€ 1.099.346
€ 18.333.731
€ 17.441.550
€ 16.729.000
Recreatieschap Overbetuwe3
n.v.t.
Totaal
€ 124.672.897
€ 110.880.512
€ 111.904.578
1 Met Scalabor heeft gemeente Arnhem een DVO, dit betreft in technische zin inkoop en geen verstrekte bijdrage. Scalabor loopt ook niet mee in de indexatie voor Gemeenschappelijke Regelingen zoals benoemd in de Perspectiefnota 2025. 2 Gemeente Arnhem levert geen financiële bijdrage een BNG, we ontvangen dividend 3 Gemeente Arnhem heeft geen rechtstreekse financiële relatie met Recreatieschap Overbetuwe: het Recreatieschap Overbetuwe beschikt niet over vermogen (Eigen vermogen en vreemd vermogen liggen bij de B.V. Recreatiemaatschappij Rivierenland) 4 Dit is de opvolger van Gemeenschappelijk Orgaan regio Arnhem-Nijmegen Portefeuillehouder: Cluster-/programmamanager/afdelingshoofd: Datum indiening vraag: Datum aanlevering antwoord griffie: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
SP-2 Draagt de gemeente Arnhem bij aan Stichting Samenwerkingsverband Passend Onderwijs V(S)O? Wat is momenteel de financiële reserve van dit samenwerkingsverband? In onze gemeente zijn twee samenwerkingsverbanden onderwijs, één voor het primair onderwijs (PO) genaamd Samenwerkingsverband Passend Wijs en één voor het voortgezet onderwijs (VO) genaamd Samenwerkingsverband de Verbinding. De samenwerkingsverbanden worden bekostiging door de Rijksoverheid. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) verstrekt jaarlijks een budget aan de samenwerkingsverbanden. Dit budget is gebaseerd op het aantal leerlingen binnen het samenwerkingsverband. De gemeente Arnhem draagt niet bij aan de financiering van de samenwerkingsverbanden. Wij verstrekken i.h.k.v. de aanpak vroegtijdig schoolverlaten wel enkele subsidies voor projecten waarvan het samenwerkingsverband VO de penvoerder is. De samenwerkingsverbanden leggen in hun jaarrekening verantwoording af voor de inzet van middelen en bereikte resultaten. Deze worden jaarlijks openbaar gemaakt.