CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Adviesrapport OpenEmbassy – Meedoen vanaf dag 1 in Arnhem, advies voor een doorlopende lijn

Politieke Avond 28 januari 2026, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: 'Arnhem, gastvrije stad’, het Arnhemse beleidskader voor opvang, meedoen en wonen van mensen die gevlucht zijn 2025-203513.083 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Meedoen vanaf dag één in de gemeente Arnhem Advies voor een doorlopende lijn

Sandrine Lafay Jolien de Vries Renée Frissen Anna Bilenka Femke Brand

Inhoudsopgave​ ​

Managementsamenvatting​

​

​

​

​

​

​

​

2

Inleiding ​

​

​

​

​

​

​

​

8​

​

​

​

​

​

​

11​

​

​

​

20​

​

​

​

Context en achtergrond van de opdracht.​ Ambitie van de gemeente Arnhem.​ Leeswijzer voor het rapport.

Kerninzichten en adviezen​

​

De rol van randvoorwaarden en meedoen-indicatoren.​ Uitdagingen voor het organiseren van een doorgaande lijn.​ Belangrijkste aanbevelingen voor een doorgaande lijn en roadmap.​ Onbeantwoorde vragen en uitdagingen.

Focusgebieden meedoen vanaf dag één​

​

​

Rechten en verantwoordelijkheden: Toegang tot informatie en een warm welkom.​ Een stabiele en veilige basis: Stabiliteit als basis voor meedoen. ​ Toegang tot transport: Reizen door en rondom Arnhem.​ Toegang tot zorg: Gezondheid en passende (mentale) gezondheidszorg.​ Werk en inkomen: Obstakels en aanbevelingen.​ Taal: Formeel taalaanbod vanaf dag één en mogelijkheden voor informeel taalcontact.​ Sociale bruggen: Organiseer gelijkwaardige ontmoetingen via gedeelde activiteiten.

Praktische uitwerking van een doorgaande lijn​

​

​

​

​

30​

Integrale aanpak die uitgaat van persoonlijke behoeften​ Organisatie van startgesprekken​ Een duidelijk aanspreekpunt voor meedoen​ De zachte landing

Conclusie​

​

​

​

​

​

​

​

35​

​

​

​

​

​

​

​

36​

Bijlage B: Andere groepen nieuwkomers​

​

​

​

​

​

41​

​

​

​

Bijlage A: Onderzoeksopzet ​ ​

1

Managementsamenvatting De Arnhemse ambitie is dat alle nieuwkomers, ongeacht de (kansrijkheid van) hun status, vanaf dag één volwaardig mee kunnen doen in de samenleving. De gemeente Arnhem heeft om deze ambitie te realiseren afspraken gemaakt met het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA), waarin bepaald is dat de gemeente de regie zal voeren op het meedoen gedeelte. Vanaf dag één meedoen vanuit een doorlopende lijn heeft als doel dat Arnhemse nieuwkomers volwaardig en gelijkwaardig deelnemen aan de lokale samenleving, zich thuis voelen in de gemeente, zich verbonden voelen met andere Arnhemmers, indien mogelijk meedoen via (betaald) werk en in staat zijn om zelf-en samenredzaam samen te leven. Om dit waar te maken, is een aanpak nodig waarin het meedoen-aanbod in een doorlopende lijn georganiseerd is, op een manier die aansluit bij het perspectief en de behoeften van Arnhemse nieuwkomers zelf. Tot slot is het belangrijk dat de aanpak iteratief ingestoken is en tussentijds geëvalueerd wordt met de Arnhemse nieuwkomers en stakeholders.

Randvoorwaarden voor meedoen In de ambitie van de gemeente Arnhem ligt de nadruk op meedoen. Het is belangrijk om gelijktijdig in de gaten te houden of er binnen de gemeente de juiste randvoorwaarden aanwezig zijn om meedoen mogelijk te maken. Uit gesprekken met de gemeente, stakeholders en Arnhemse nieuwkomers, is een vijftal randvoorwaarden geïdentificeerd: 1.​ Toegang tot de juiste informatie en een duidelijk overzicht van het aanbod. ​ Uit het onderzoek in Arnhem blijkt dat de gemeente, stakeholders uit het veld en Arnhemse nieuwkomers behoefte hebben aan een duidelijk(er) overzicht van het bestaande aanbod in Arnhem en informatieverstrekking hierover. ➔​ Zorg dat informatie aansluit bij de leefwereld van nieuwkomers. ➔​ Zet sleutelpersonen of informele community leiders in om informatie over te brengen op een manier die aansluit bij de leefwereld van nieuwkomers. ➔​ Stel informatie op meerdere momenten (indien mogelijk doorlopend) beschikbaar. ➔​ Stel informatie op wijkniveau beschikbaar op bestaande ontmoetingsplekken, zoals opvanglocaties en wijkcentra. 2.​ Een stabiele en veilige basis. Stabiliteit en veiligheid zijn randvoorwaardelijk voor een zachte landing en meedoen. ➔​ Een deel van de factoren die instabiliteit veroorzaken, ligt buiten de controle van de gemeente Arnhem. Zoals informatie over de statusverlening en verhuizingen. Hier is

2

het zaak om binnen de onzekerheid die er is, toch een basis te creëren die zo stabiel mogelijk is. Door extra onzekere factoren te beperken en heldere informatie te delen. 3.​ Opvang die georganiseerd is op een manier die ondersteunend is aan meedoen. De manier waarop iemand woont, heeft een grote invloed op hoe deze persoon het leven in de gemeente ervaart. Woonomstandigheden hebben impact op het gevoel van veiligheid en stabiliteit, op de mogelijkheden om sociale verbindingen te leggen en op de toegang tot gezondheidszorg, onderwijs en werk. ➔​ De manier waarop opvanglocaties gemanaged worden kan meedoen faciliteren of tegenwerken. Het is daarom belangrijk om je af te vragen of de voorzieningen en organisatie binnen de opvanglocatie meedoen faciliteren, bijvoorbeeld: ◆​ Hoe en wanneer wordt er gegeten? Is dit nog steeds toegankelijk voor mensen die werken? ◆​ Wat zijn de openingstijden en wanneer is er begeleiding aanwezig? ◆​ Wordt er in de manier waarop de kamers worden ingedeeld rekening gehouden met of mensen werken? We kennen voorbeelden van opvanglocaties waar mensen die werken op dezelfde kamers geplaatst worden, omdat zij hetzelfde dagritme volgen. Terwijl het veel voorkomt dat mensen die nog niet werken juist in de nacht actief bellen en video’s kijken.

​

4.​ Gezondheid en toegang tot de (mentale) gezondheidszorg. Gezond zijn en toegang hebben tot passende (mentale) gezondheidszorg zijn voorwaarden om mee te kunnen doen. ➔​ Zorg voor een goede inbedding van de stap van zorg via GezondheidsZorg Asielzoekers (GZA) naar het reguliere zorgsysteem en de lokale zorgpartners. ➔​ Werk samen met organisaties die op een cultuursensitieve manier (bijvoorbeeld door de inzet van sleutelpersonen) de brug kunnen slaan tussen het zorgsysteem en mensen die nieuw zijn. ➔​ Investeer in preventieve mentale gezondheidszorg, zoals stressmanagement en groepsondersteuning. ➔​ Organiseer toegang tot zorg zo dicht mogelijk bij mensen, het liefst op wijkniveau. Omdat toegang tot zorg een van de randvoorwaarden voor volwaardig meedoen is, is het belangrijk dat dit zo laagdrempelig mogelijk georganiseerd is. Laagdrempeligheid wordt hierbij gekenmerkt als: in de buurt (nabijheid), vrij toegankelijk (zonder afspraak binnen kunnen lopen) en in de eigen taal (cultuursensitief).

3

5.​ Toegang tot passend transport om je door Arnhem en de regio te verplaatsen. De beperkte toegang tot openbaar vervoer (vanwege de kosten) wordt door Arnhemse nieuwkomers die nog bezig zijn met de asielprocedure benoemd als belangrijk obstakel om mee te kunnen doen. Aanbod moet niet alleen toegankelijk en bekend zijn, maar ook bereikbaar. ➔​ Het beschikbaar maken van de Gelrepas voor mensen die nog geen status hebben gekregen. ➔​ Voor mensen die aan Arnhem gekoppeld zijn is er een regeling die hen fietsen ter beschikking stelt. Dit zou uitgebreid kunnen worden naar mensen die (nog) niet aan Arnhem gekoppeld zijn om onafhankelijkheid en mobiliteit ook bij deze groep te stimuleren.

Meedoen-indicatoren In aanvulling op het organiseren van toegang tot de randvoorwaarden zijn er drie meedoen-indicatoren waar de gemeente Arnhem op in kan zetten om meedoen vanaf dag één vorm te geven. 1.​ Werk en inkomen: meedoen door werk of vrijwilligerswerk. ➔​ Organiseer passende begeleiding bij het aanvragen van een Tewerkstellingsvergunning (TWV), zowel voor nieuwkomers als voor werkgevers. ➔​ Bouw een lokaal werkgeversnetwerk dat bereid is om nieuwkomers kansen te bieden op de arbeidsmarkt. ➔​ Zorg voor een goede matcher (bijvoorbeeld bij de meedoenbalie); iemand die zowel de leefwereld van nieuwkomers als van werkgevers begrijpt. ➔​ Zorg voor een aanspreekpunt dat werkgevers ondersteunt bij vragen en uitdagingen met betrekking tot het werk bieden aan nieuwkomers. ➔​ Wanneer nieuwkomers al vroeg beginnen met werken, heeft dit gevolgen voor hun inburgeringstraject. Het is cruciaal dat het inburgeringsaanbod toegankelijk blijft voor mensen die al een baan hebben. Bijvoorbeeld door taallessen in de avonduren aan te bieden en het faciliteren van online taalcursussen die flexibel te volgen zijn. 2.​ Taal: de mogelijkheid om Nederlands te leren en te oefenen in de praktijk. ➔​ Bied vanaf dag één toegang tot het formele taalaanbod, aangepast aan het niveau en de situatie van de nieuwkomer.

➔​ Combineer formeel taalaanbod met praktijkgerichte activiteiten waarin de taal geoefend kan worden, zoals buddyprogramma’s of werkplektrainingen.1 1

Zie Uitkomsten 2023 - 2024 Onderzoek perspectief inburgeraars.

4

➔​ Zorg dat de locatie van de taalles, de manier waarop iemand meedoet, ondersteunt. Voor iemand die nog niet werkt, kan een taalles in het centrum een goede manier zijn om de stad te leren kennen. Voor iemand die al meedoet via betaald werk, werkt het juist ondersteunend om geen extra reistijd te hebben voor de taalles. ➔​ De connectie tussen taal en participatie is belangrijk: laat het leren van de taal de keuze voor participatie volgen. Bijvoorbeeld: gaat iemand werken, zorg dan voor taalondersteuning in die context, in plaats van taal te zien als een geïsoleerd doel. 3.​ Sociale bruggen: verbinding en ontmoeting met andere Arnhemmers. Er is behoefte aan meer verbinding, ontmoeting en contact. Op dit moment vindt veel contact tussen Arnhemse nieuwkomers en andere Arnhemmers plaats binnen bepaalde scripts, zoals contact met een vrijwilliger, een buddy of een taalmaatje. De uitdaging ligt in het organiseren van gelijkwaardige ontmoetingen die buiten deze bestaande scripts bestaan. ➔​ Faciliteer gelijkwaardige ontmoetingen door (vrijetijds)activiteiten te organiseren met een gezamenlijk doel. ➔​ Organiseer gezamenlijke activiteiten in wijkcentra en buurthuizen, dit zijn belangrijke ontmoetingsplekken in Arnhem. ➔​ Zet culturele en historische evenementen in voor verbinding, zoals de jaarlijkse herdenking van de Slag om Arnhem.

Belangrijkste adviezen voor de organisatie van een doorlopende lijn Drie uitgangspunten voor de organisatie van een doorgaande lijn Een effectieve doorgaande lijn is georganiseerd op basis van drie uitgangspunten:​ 1.​ Het perspectief van de nieuwkomer staat centraal. ➔​ Neem het perspectief van de Arnhemse nieuwkomer zelf als uitgangspunt in het ontwikkelen, uitvoeren en evalueren van de aanpak.​ 2.​ Er is een doorgaande lijn vanaf dag één. ➔​ Zet in op een goed op elkaar afgestemde samenwerking tussen de gemeente Arnhem (waaronder Bureau Nieuwkomers), COA en de intake partner. ➔​ Organiseer een gesprek met COA en gemeente Arnhem over de praktische uitwerking van de samenwerkingsovereenkomst. ➔​ Werk het meedoen-aanbod verder uit in een duidelijk overzicht.

5

➔​ Organiseer een warme overdracht van dossiers van bewoners van het COA naar de gemeente Arnhem (specifiek Bureau Nieuwkomers) wanneer zij een verblijfsvergunning krijgen. ➔​ Maak gebruik van de in Arnhem al aanwezige kracht en aanbod van buurthuizen en wijkcentra door bestaande activiteiten toegankelijk te maken en te zien als kans om mensen samen te brengen. 3.​ Het is een iteratieve en lerende aanpak. ➔​ Steek de aanpak iteratief en lerend in, met voldoende tijd om tussentijds te evalueren en bij te sturen. Ontwikkel de aanpak stap voor stap en bouw voldoende ruimte in om tussentijdse lessen te verwerken, in plaats van vooraf een heel systeem op te tuigen. ➔​ Een iteratieve aanpak kan vorm krijgen door te starten met een pilot, vervolgens tussentijdse lessen te implementeren en de aanpak stap voor stap uit te breiden naar andere groepen nieuwkomers. Samenvatting belangrijkste adviezen voor de organisatie van een doorgaande lijn ➔​ Zet de ambitie om naar een duidelijk beleidskader. Dat maakt het mogelijk om meer opgavegericht te werken en het vele aanbod dat al bestaat meer te stroomlijnen richting het gezamenlijke doel. ➔​ Herzie de timing van het aanbod vanuit de kennis over wat er nodig is om direct mee te doen.

Voor de programmeur die verantwoordelijk gaat worden voor het organiseren van het aanbod, zou het goed zijn om de volgende vraag mee te nemen: is het bestaande aanbod nu toegankelijk op een tijd die passend is bij de reis die nieuwkomers afleggen binnen de gemeente? ➔​ Organiseer het aanbod (en de financiering daarvan) op basis van behoeften in plaats van juridische status en maak het zo breed mogelijk toegankelijk voor alle doelgroepen, voor zover mogelijk binnen bestaande wettelijke kaders. Aanbod dat nu met name beschikbaar is voor statushouders, kan ook relevant zijn voor asielzoekers, mensen uit Oekraïne en mensen die ongedocumenteerd zijn. ➔​ Besteed extra aandacht aan de stap van het azc naar de stad. Zet buddies in die begeleiden bij het verkennen van de stad of organiseer gezamenlijke activiteiten die vanuit het azc richting de rest van de stad gaan. ➔​ Het is belangrijk om de inzichten vanuit de praktijkervaring met de doorlopende lijn en vroege start, ook mee te nemen in het evalueren van het inburgeringsaanbod en de verplichtingen die hierbij horen, met het doel om de inburgering deel te laten zijn van de doorlopende lijn. ➔​ Kies strategische locaties voor het aanbod. Organiseer randvoorwaardelijk aanbod, zoals de toegang tot zorg en de juiste informatie zo dicht mogelijk bij de 6

mensen (op wijkniveau). Organiseer het meedoen-aanbod op verschillende plekken in de stad waar mensen makkelijk naar toe kunnen komen zodat zij de stad leren kennen.

Een uitgewerkte aanpak voor Arnhemse nieuwkomers Een doorgaande lijn vraagt de gemeente Arnhem om toegang tot het meedoen-aanbod, de arbeidsmarkt en de lokale samenleving zo vroeg mogelijk te organiseren en mensen hier op een manier die voor hen passend is doorheen te begeleiden. Dat betekent zo snel mogelijk nadat mensen in de gemeente aankomen de tijd nemen om mensen goed te leren kennen: hun behoeften, wat zij nodig hebben, hun wensen en ambities. Om vervolgens echt naast mensen te kunnen gaan staan, informatie over het meedoen-aanbod en de mogelijkheden in de stad te ontsluiten en mensen hier, met de mogelijkheid om te versnellen of te vertragen wanneer dat voor hen werkt, door heen te laten bewegen. Deze persoonsgerichte aanpak kan er in de praktijk als volgt uitzien. Startgesprek, een duidelijk aanspreekpunt voor meedoen en passende ondersteuning Met elke nieuwkomer die in de gemeente komt wonen wordt een startgesprek uitgevoerd waarin een check wordt gedaan op de randvoorwaarden voor meedoen en de behoeften en interesses rondom meedoen worden besproken. Waar wil iemand naar toe werken? En welke stappen kan diegene zetten om daar te komen? Mensen hebben een duidelijk aanspreekpunt om naartoe te komen voor nieuwe vragen of aanvullende ondersteuning om het meedoen-aanbod te navigeren wanneer zij dat nodig hebben.

Ondersteuning wordt op zo’n manier georganiseerd dat het past bij de persoonlijke behoeften. Zachte landing en onboarding programma Er wordt ingezet op een zachte landing waarin de tijd wordt genomen om vertrouwen op te bouwen en mensen goed te leren kennen. Als onderdeel van de zachte landing wordt waar nodig en mogelijk ondersteund in het creëren van een stabiele basis (bijvoorbeeld: toegang tot de juiste informatie en toegang tot zorg). Ook vindt er een onboarding programma plaats waarin de nieuwkomer Arnhem leert kennen, eerste sociale contacten opbouwt, begint met het leren van de taal en meedoet via (vrijwilligers)werk.

7

Inleiding De Arnhemse ambitie is dat alle nieuwkomers vanaf dag één volwaardig mee kunnen doen in de samenleving. Dit rapport biedt een advies voor het organiseren van doorlopende lijn. Met het doel dat mensen zo snel mogelijk volwaardig en gelijkwaardig meedoen in de lokale samenleving, zich thuis voelen, zich verbonden voelen met andere inwoners van de gemeenten en zelf- en samenredzaam kunnen samenleven. Het advies in dit rapport is in de kern een iteratieve aanpak gebaseerd op een stevige samenwerking tussen de gemeente Arnhem, het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) en andere stakeholders. In deze aanpak staat het perspectief van nieuwkomers zelf centraal: mensen kunnen vanuit hun mogelijkheden en ambities op hun eigen tempo door het meedoen-aanbod bewegen, met de juiste ondersteuning.

Context en achtergrond van de opdracht​ Verreweg het grootste deel van mensen dat asiel aanvraagt, wil en kan zo snel mogelijk meedoen in Nederland. Daarvoor is toegang nodig: toegang tot de arbeidsmarkt, toegang tot Nederlandse mensen, toegang tot taal op de werkvloer en in de samenleving. De gemeente Arnhem heeft zichzelf gepositioneerd als een gastvrije stad die mensen die gevlucht zijn, ongeacht hun status, ruimhartig opvangt en hen een toekomstperspectief biedt. Ondanks onzekerheid over de Spreidingswet kiest de gemeente Arnhem voor een toekomstbestendige asielopvang. Zo maakte de gemeente afspraken met het COA voor 1.700 permanente opvangplekken en zal de gemeente zelf nog eens 300 plekken organiseren. Het doel is dat de nieuwe inwoners die hier opgevangen gaan worden, vanaf dag één mee kunnen doen in de Arnhemse samenleving. De gemeente voert hierop de regie. Om deze ambitie te realiseren, is een doorgaande lijn essentieel. Dit houdt in dat er vanaf de eerste dag een geïntegreerd proces van integratie, participatie en opvang wordt geborgd. Daarbij wordt rekening gehouden met de behoeften van zowel nieuwkomers als andere Arnhemmers. De aanpak vereist nauwe samenwerking tussen de gemeente (waaronder Bureau Nieuwkomers), ketenpartners zoals het COA en andere stakeholders. Dit rapport biedt handvatten om de ambitie te vertalen naar een concrete en werkbare aanpak.

Het advies is gebaseerd op inzichten uit onderzoek en praktijkervaringen2, houdt rekening met het al aanwezige aanbod in de stad en geeft richting aan hoe Arnhem een voorlopersrol kan vervullen in het realiseren van ‘meedoen vanaf dag één’. 2

Voor een uitgebreide toelichting op de onderzoeksmethodiek en het analytische framework, zie bijlage A.

8

Ambitie van de gemeente Arnhem De ambitie van de gemeente Arnhem luidt: Arnhem is een gastvrije stad die vluchtelingen, ongeacht de status, ruimhartig opvangt en aan hen een toekomstperspectief biedt. Nieuwkomers in de gemeente Arnhem kunnen vanaf dag één volwaardig meedoen in de gemeente.3 ​ Daarbij is kenmerkend voor de Arnhemse ambitie dat: ●​ het Arnhemse beleid gastvrij, ruimhartig en toekomstbestendig is. ●​ de gemeente regie heeft om mensen die gevlucht zijn vanaf de eerste dag mee te laten meedoen in de Arnhemse samenleving. ●​ de gemeente ervoor zorgt dat er een doorgaande lijn geborgd wordt van het proces van integratie, participatie tot huisvesting in Arnhem en de inburgering. ●​ er effectief samengewerkt wordt met ketenpartners. ●​ er rekening wordt gehouden met de behoeften van de wijk. ●​ er ingezet wordt op zelf- en samenredzaam zijn. Dit alles wordt samengevat met de drie pijlers: samen wonen, samen leren en samen leven.​ De context die Arnhem heeft gecreëerd is kansrijk. Zo zien we dat het draagvlak voor de Arnhemse ambitie en de uitvoering hiervan groot is. Er zijn sterke banden met Arnhemse stakeholders die zich betrokken voelen bij de Arnhemse ambitie en gericht zijn op samenwerking. De ambitie wordt gezien als een gezamenlijke uitdaging.

Ook de samenwerking tussen de gemeente Arnhem en het COA en de overeenkomst die is gesloten als startpunt om samen aan de ambitie te kunnen werken, schept een kansrijke context. Op dit moment zet de gemeente al veel verschillende stappen die bijdragen aan het verwezenlijken van de ambitie. Er is in Arnhem al volop beweging en energie. Voorbeelden van bestaande ontwikkelingen zijn:​ ●​ Een pilot voor toeleiding naar werk vanuit het azc. ●​ Een programmeur die verantwoordelijk wordt voor de organisatie en toegankelijkheid van het aanbod vanaf dag één. ●​ Een intake partner die kort na aankomst in de gemeente intakegesprekken gaat voeren met mensen die nieuw zijn. ●​ Een centrale ontmoetingsplek in de stad voor het verzamelen van meedoen-aanbod en het actief betrekken van bestaande ontmoetingsplekken op wijkniveau. 3

De ambitie van de gemeente Arnhem geldt voor alle groepen nieuwkomers. In dit onderzoek en deze advisering hebben wij ons gericht op asielzoekers en statushouders. In bijlage B zijn een aantal extra inzichten opgenomen specifiek voor Oekraïense ontheemden en mensen die ongedocumenteerd zijn.

9

Leeswijzer Dit adviesrapport is als volgt opgebouwd: ●​ We starten met een weergave van de belangrijkste kerninzichten en adviezen. Hierbij presenteren we een praktische roadmap met stappen die gezet kunnen worden om de aanpak iteratief en met tussentijdse evaluatie, door zowel nieuwkomers als stakeholders, vorm te geven. ●​ Vervolgens gaan we dieper in op zeven focusgebieden die in de Arnhemse context belangrijk zijn om direct meedoen te kunnen realiseren. We kleuren deze focusgebieden in met opbrengsten vanuit onze gesprekken met Arnhemse nieuwkomers en stakeholders en combineren deze met praktische adviezen. ●​ Tot slot presenteren we een uitwerking van een aanpak voor de organisatie van het Arnhemse aanbod in een doorlopende lijn. Hierin ligt de focus op meedoen op een manier die passend is voor het individu en het organiseren van een zachte landing. ●​ In bijlage A geven we een uitgebreide toelichting op de onderzoeksopzet, de onderzoeksmethoden en het analytisch framework dat in dit onderzoek gebruikt is. ●​ In bijlage B presenteren we eerste inzichten voor twee groepen die voor nu buiten de scope van het onderzoek vielen, maar waarvoor de ambitie van de gemeente Arnhem wel geldt: Oekraïense ontheemden en mensen die ongedocumenteerd zijn.

10

1.​ Kerninzichten en adviezen Voor het organiseren van meedoen vanaf dag één is het zinvol om een onderscheid te maken tussen randvoorwaarden voor meedoen en meedoen-indicatoren.4 Randvoorwaarden zoals stabiliteit, veiligheid, toegang tot zorg en duidelijke informatie vormen de basis. Meedoen-indicatoren zoals werk, taal en sociale contacten bouwen hierop voort. De inzichten uit dit hoofdstuk zijn gebaseerd op gesprekken met nieuwkomers, beleidsmakers en stakeholders, aangevuld met praktische voorbeelden uit Arnhem. De belangrijkste aanbeveling is om een flexibele, iteratieve aanpak uit te werken die aansluit op de behoeften van nieuwkomers zelf en gebaseerd is op een integrale samenwerking tussen gemeente, COA en andere stakeholders.

De rol van randvoorwaarden en meedoen-indicatoren Randvoorwaarden voor meedoen In de ambitie van de gemeente Arnhem ligt de nadruk op meedoen. Het is belangrijk om gelijktijdig in de gaten te houden of er binnen de gemeente de juiste randvoorwaarden aanwezig zijn om meedoen mogelijk te maken. Uit gesprekken met de gemeente, stakeholders en Arnhemse nieuwkomers, is een vijftal randvoorwaarden geïdentificeerd: 1.​ Toegang tot de juiste informatie en een duidelijk overzicht van het aanbod. 2.​ Een stabiele en veilige basis. 3.​ Opvang die georganiseerd is op een manier die ondersteunend is aan meedoen. 4.​ Gezondheid en toegang tot de (mentale) gezondheidszorg. 5.​ Toegang tot passend transport om je door Arnhem en de regio te verplaatsen. Meedoen indicatoren In aanvulling op de randvoorwaarden, zijn er vijf leefgebieden die door de gemeente, stakeholders en nieuwkomers zelf het meest genoemd worden om antwoord te geven op de vraag: wat betekent het om mee te doen? We verwijzen naar deze leefgebieden als meedoen-indicatoren. 1.​ Werk en inkomen: meedoen door werk of vrijwilligerswerk. 2.​ Onderwijs: de mogelijkheid om passend onderwijs te volgen. 3.​ Vrije tijd: toegang tot vrijetijdsactiviteiten zoals sport of culturele activiteiten. 4.​ Taal: de mogelijkheid om Nederlands te leren en te oefenen in de praktijk. 5.​ Sociale bruggen: verbinding en ontmoeting met andere Arnhemmers.

4

Voor een uitgebreidere toelichting op het gebruikte model bij het analyseren van de data en het onderscheiden van verschillende indicatoren zie: het 14 indicatoren model en de toelichting in Bijlage A.

11

Aanbevelingen voor de organisatie van het aanbod Inzicht in de randvoorwaardelijke behoeften en meedoen-indicatoren, werkt op de volgende manieren door in de organisatie van het aanbod: ➔​ Realiseer de randvoorwaarden voor meedoen door het ontsluiten van bestaand aanbod, bijvoorbeeld als het gaat om laagdrempelige toegang tot gezondheidszorg. ➔​ Zorg voor een warm welkom en een zachte landing. De manier waarop mensen ontvangen, begeleid en gezien worden vanaf het begin biedt een gevoel van stabiliteit en veiligheid. Hierdoor weten mensen dat ze goed in beeld zijn en het snel duidelijk is als er iets nodig is. ➔​ Realiseer randvoorwaarden door het toegankelijk maken van de juiste informatie. Dit helpt mensen om de stad, het aanbod en de mogelijke begeleiding te navigeren. ➔​ Randvoorwaarden gelden niet specifiek voor mensen die nieuw zijn, maar gaan vaak over basisbehoeften die binnen de gehele lokale samenleving bestaan. Leg bij het organiseren van het aanbod daarom de link met andere beleidsafdelingen binnen de gemeente die dit aanbod organiseren voor kwetsbare groepen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan ambulante begeleiding bij het realiseren van toegang tot de juiste zorg. ➔​ Onthoud daarbij wel dat er soms een extra stap nodig is om regulier aanbod toegankelijk te maken voor mensen die nieuw zijn.

Bijvoorbeeld door het inzetten van sleutelpersonen, cultuursensitieve informatievoorziening en de mogelijkheid om het verhaal in de eigen taal te doen. De gemeente kan hier niet altijd invloed op uitoefenen (bijvoorbeeld de werkpraktijk van een huisarts), maar kan wel samenwerken met maatschappelijke organisaties die kennis hebben over het zorgsysteem en dit op een cultuursensitieve, laagdrempelige manier kunnen delen. ➔​ Kies strategische locaties voor het aanbod. Organiseer randvoorwaardelijk aanbod, zoals de toegang tot zorg en de juiste informatie zo dicht mogelijk bij de mensen (bijvoorbeeld op wijkniveau). Organiseer het meedoen-aanbod op verschillende plekken in de stad waar mensen makkelijk naar toe kunnen komen, zodat zij de stad leren kennen. ​

12

Uitdagingen voor de organisatie van de doorlopende lijn Vanuit het onderzoek identificeren we een zestal uitdagingen voor het organiseren van meedoen in een doorgaande lijn in Arnhem. Deze combineren we in deze sectie met concrete aanbevelingen per uitdaging. 1.​ Er is heel veel aanbod, maar dit kan meer gestroomlijnd worden. In Arnhem wordt op bijna elke indicator die relevant is om mee te kunnen doen aanbod georganiseerd. Er valt veel te winnen in het stroomlijnen van dit aanbod. Zowel bij de gemeente zelf als bij stakeholders en Arnhemse nieuwkomers, bestaat de behoefte aan een duidelijk overzicht van het Arnhemse aanbod: wie doet wat en wanneer? Aanbevelingen en kansen ➔​ Zet de ambitie om naar een duidelijk beleidskader. Dat maakt het mogelijk om opgavegericht te werken en het aanbod en losse projecten meer te stroomlijnen richting het gezamenlijke doel. ➔​ De gemeente speelt al in op de behoefte aan overzicht, door het uitwerken van een sociale kaart en een klantreis. ➔​ De gemeente brengt Arnhemse stakeholders al regelmatig samen. Een concreet beleidskader en uitvoeringsplan kunnen dienen als leidraad voor de stakeholder bijeenkomsten om steeds gezamenlijk te evalueren waar zij staan ten opzichte van het gestelde doel. 2.​ Herzie de timing van het aanbod vanuit de kennis over wat er nodig is om direct mee te doen.

Uit het onderzoek komen een aantal voorbeelden naar voren van aanbod dat op dit moment pas beschikbaar is als mensen een verblijfsstatus hebben. Het zou kansrijk zijn om dit al vanaf dag één beschikbaar te maken om meedoen te bevorderen. Bijvoorbeeld: ❖​ Activiteiten gericht op het leren kennen Arnhemse wijken ❖​ Toegang tot het formele taalaanbod. ❖​ Delen van de maatschappelijke begeleiding van VluchtelingenWerk Nederland (VWN), die gericht zijn op het opbouwen van een sociaal netwerk en vrijetijdsactiviteiten. ❖​ Ambulante begeleiding bij zorgvragen om de toegang tot zorg te realiseren. Aanbevelingen en kansen ➔​ Voor de programmeur die verantwoordelijk gaat worden voor het organiseren van het aanbod, zou het goed zijn om de volgende vraag mee te nemen: is het bestaande aanbod nu toegankelijk op een tijd die passend is bij de reis die nieuwkomers afleggen binnen de gemeente? 13

3.​ Het doorbreken van schotten Op dit moment heeft niet altijd iedereen toegang tot het op dat moment meest passende aanbod, door de manier waarop dit aanbod gefinancierd wordt. Een voorbeeld is iemand die binnen de Z-route inburgert en het bijbehorende participatieprogramma volgt, maar eigenlijk al richting activerend werk zou kunnen voor snellere toetreding tot de arbeidsmarkt. Op dit moment kan dat pas zodra het ingekochte participatieprogramma is afgerond, omdat de begeleiding anders vanuit twee verschillende bronnen betaald wordt. Aanbevelingen en kansen ➔​ Organiseer het aanbod (en de financiering daarvan) op basis van behoeften in plaats van juridische status en maak het zo breed mogelijk toegankelijk voor alle doelgroepen, voor zover mogelijk binnen bestaande wettelijke kaders. 4.​ Uitbreiding van aanbod naar andere groepen Naast het doorbreken van schotten is het ook interessant om na te gaan welk bestaand aanbod uitgebreid kan worden naar andere groepen. Kijkend naar het aanbod valt op, dat de partners die aanbod organiseren voor inburgeraars, weinig actief zijn voor mensen die nog bezig zijn met de asielprocedure, terwijl dit aanbod voor hen al wel relevant zou kunnen zijn (zie: timing van aanbod).

Dit geldt ook voor het toegankelijk maken van bestaand aanbod voor mensen uit Oekraïne en mensen die ongedocumenteerd zijn.5 Aanbevelingen en kansen ➔​ Uit de gesprekken met stakeholders blijkt dat zij erg bereid zijn om hun aanbod uit te breiden naar andere groepen. ➔​ Het in kaart brengen van welk aanbod wanneer en voor wie beschikbaar zou moeten zijn en wat dit betekent voor de uitbreiding van het aanbod van verschillende stakeholders die hier een rol in kunnen spelen, zou een goed onderwerp zijn voor een volgende stakeholderbijeenkomst. 5.​ De stap van het azc naar de stad Uit gesprekken met stakeholders in de stad, het COA en Arnhemse nieuwkomers blijkt dat de stap van meedoen in en rondom de opvang naar meedoen in andere delen van de stad, als een uitdaging wordt ervaren voor een deel van de mensen dat op de opvang woont.

In bijlage B presenteren we eerste inzichten voor twee groepen die voor nu buiten de scope van het onderzoek vielen, maar waarvoor de ambitie van de gemeente Arnhem wel geldt: Oekraïense ontheemden en mensen die ongedocumenteerd zijn. 5

14

Aanbevelingen en kansen ➔​ Zet buddies in die begeleiden bij het verkennen van de stad of organiseer gezamenlijke activiteiten die vanuit het azc richting de rest van de stad gaan. ➔​ De ontwikkelingen rondom het aanstellen van een intake partner en een programmeur, zijn grote kansen om deze stap te faciliteren en minder groot te maken. ➔​ Zet voor mensen in het azc al actiever in op het opbouwen van gelijkwaardige sociale contacten met gevestigde Arnhemmers. Bijvoorbeeld door activiteiten op wijkniveau te organiseren waar mensen samengebracht worden met een gedeeld doel, zoals samen sporten, een taal leren of een culturele activiteit ondernemen. ➔​ Maak het meedoen-aanbod ook op wijkniveau, dicht bij de mensen, toegankelijk. Vanuit een vertrouwde plek dichtbij, wordt het gemakkelijker om (gezamenlijk) een stap naar nog onbekende plekken te maken. ➔​ In Arnhem wordt er rondom de opvanglocaties aan de Rijnkade veel georganiseerd, zoals het community café en de sportboulevard. Dit soort meedoen-aanbod dicht bij de locatie, wordt door mensen als positief ervaren en kan ook dienen als “springplank” naar het aanbod in de stad.

6.​ Wat betekent direct meedoen voor de verplichtingen tijdens de inburgering? Als mensen vanaf dag één mee gaan doen, ook voordat zij een status hebben, roept dit de vraag op of de verplichtingen binnen de inburgering nog op eenzelfde manier toegevoegde waarde hebben, bijvoorbeeld als het gaat om participatie en het leren kennen van de lokale samenleving. Aanbevelingen en kansen ➔​ Het is belangrijk om de inzichten vanuit de praktijkervaring met de doorlopende lijn en vroege start, ook mee te nemen in het evalueren van het inburgeringsaanbod en de verplichtingen die hierbij horen, met het doel om de inburgering deel te laten zijn van de doorlopende lijn.

Belangrijkste aanbevelingen voor de organisatie van een doorlopende lijn Wij adviseren om direct meedoen vanaf dag één te organiseren vanuit drie uitgangspunten: 1.​ Het perspectief van de nieuwkomer staat centraal 2.​ Er is een doorgaande lijn vanaf dag één 3.​ Het is een iteratieve en lerende aanpak

15

1.​ Het perspectief van Arnhemse nieuwkomers staat centraal Neem het perspectief van nieuwkomers zelf als uitgangspunt in het proces rondom de inrichting van de aanpak maar ook in de inhoud: ➔​ De behoefte van mensen zelf is leidend in het doorlopen van de doorgaande lijn: mensen bepalen hun eigen tempo en kunnen versnellen of vertragen waar nodig. ➔​ Mensen die nieuw zijn weten zelf wat het beste voor hen werkt. We adviseren daarom om de aanpak voor de doorlopende lijn in cocreatie met nieuwkomers verder uit te werken en ook tussentijds met nieuwkomers zelf te evalueren. Dit zou bijvoorbeeld ingebouwd kunnen worden door het instellen van een expertpool (zie tekstblok) die met gemeente Arnhem en stakeholders meedenkt of door andere vormen van medezeggenschap te organiseren. Tekstblok: De expertpool Een expertpool is een participatieve onderzoeksmethode waarbij mensen met ervaring met een bepaald thema (de experts) op een narratieve, inhoudelijke en cultuursensitieve manier hun eigen ervaringen en die van hun gemeenschap kunnen delen. Om een expertpool op een goede manier te (kunnen blijven ) inzetten zijn er een paar randvoorwaarden: ●​ Er moet iemand zijn vanuit de gemeente die de verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van de expertpool. Deze persoon wordt getraind in de methodiek en moet hier ook tijd en ruimte voor hebben in de dagelijkse werkzaamheden.

●​ Experts ontvangen een financiële vergoeding voor hun tijd. Dat kan verschillende vormen aannemen zoals een vrijwilligersvergoeding of cadeaubonnen. ●​ Community building is een belangrijk aspect van de expertpoolmethodiek, wij organiseren dit onder andere door met elkaar te eten voor of na expertpoolsessies. ●​ Het is belangrijk dat het duidelijk is wat voor rol de expertpool speelt in de processen waar zij aan deelnemen en dat er verantwoording wordt afgelegd over wat er met de opbrengsten vanuit de expertpool gebeurt.

2.​ Doorgaande lijn vanaf dag één De volgende concrete adviezen kunnen ingezet worden om de aanpak voor een doorgaande lijn vanaf dag één te realiseren. ➔​ De ambitie en specifiek het doel dat de gemeente Arnhem verbindt aan het meedoen vanaf dag één, uitwerken in een helder beleidskader om hier daarna een meetbaar uitvoeringsplan onder te kunnen hangen. Een duidelijk beleidskader met de visie van de gemeente Arnhem, waar mensen binnen de gemeenten maar ook stakeholders op terug kunnen vallen, draagt bij aan meer overeenstemming over

16

hetgeen waar gezamenlijk naartoe gewerkt wordt en maakt het mogelijk om opgavegericht te werken. ➔​ Een goed op elkaar afgestemde samenwerking tussen de gemeente Arnhem (waaronder Bureau Nieuwkomers), COA en de intake partner. ➔​ Gesprek met COA en gemeente Arnhem over de praktische uitwerking van de samenwerkingsovereenkomst. Er is een check nodig op het gedeelde beeld van wat meedoen betekent en wie hiervoor welke verantwoordelijkheden draagt. ➔​ Verdere uitwerking van het meedoen-aanbod, waarbij de inzichten van wat er nodig is om mee te doen (randvoorwaarden en meedoen-indicatoren) meegenomen worden. ➔​ Een warme overdracht van dossiers van bewoners van het COA naar de gemeente Arnhem (specifiek Bureau Nieuwkomers) wanneer zij een verblijfsvergunning krijgen. ➔​ Maak gebruik van de in Arnhem al aanwezige kracht en aanbod van buurthuizen en wijkcentra door bestaande activiteiten toegankelijk te maken en te zien als kans om mensen samen te brengen. ➔​ Voor het aanbod voor de randvoorwaarden van meedoen, zoals de toegang tot zorg, is het belangrijk dat dit zo dicht mogelijk bij de mensen georganiseerd wordt. Voor meedoen-aanbod kan het voor sommige mensen juist goed werken om naar een centrale plek in de stad te moeten komen, omdat dit hen uitnodigt om de stad beter te leren kennen.

Voor mensen waarvoor de stap van het azc naar de rest van de gemeente nog als groot voelt, is het echter een goed idee om het meedoen-aanbod ook op wijkniveau aanwezig te laten zijn, zodat mensen die dit nodig hebben begeleid kunnen worden bij het maken van deze stap. 3.​ Iteratieve en lerende aanpak Met de uitvoering van deze ambitie gaat de gemeente dingen doen die nieuw zijn. Het belangrijkste advies is daarom: ➔​ Steek de aanpak iteratief en lerend in, met voldoende tijd om tussentijds te evalueren en bij te sturen. In plaats van vooraf een heel systeem op te tuigen, raden wij aan om de aanpak stap voor stap te ontwikkelen en voldoende ruimte in te bouwen om tussentijdse lessen te verwerken. De aanpak kan iteratief ingestoken worden door te beginnen met een pilot, waarbij bijvoorbeeld 60 mensen vanuit het azc, geselecteerd met aandacht voor diversiteit in behoeften (zoals variatie in genderidentiteit, leeftijdsverschillen en mensen die theoretisch opgeleid zijn en mensen die praktisch opgeleid zijn) begeleid worden door de doorgaande lijn.

17

➔​ Resultaten worden regelmatig gemonitord en er wordt gezamenlijk (met nieuwkomers zelf en met stakeholders) geleerd van ervaringen om de aanpak bij te stellen. Een van de manieren om dit gezamenlijk leren vorm te geven is door het starten van een Community of Practice (zie tekstblok). ➔​ Nadat eerste lessen geleerd zijn, kan de aanpak ook uitgeprobeerd worden met andere groepen, zoals mensen die ongedocumenteerd zijn en mensen uit Oekraïne. Ook kan er een inhaalslag gemaakt worden door deze begeleiding ook in te zetten voor mensen die al langer in het azc wonen. Tekstblok 4: Community of Practice (CoP) Een CoP is een effectieve werkwijze om samen met een groep individuen of vertegenwoordigers van organisaties te leren en ontwikkelen. Dit is bij uitstek fijn in een context waarin de weg naar een doel nog onduidelijk is, waar innovatie nodig is, en waar je elkaar nodig hebt om een resultaat te bereiken. Wij stellen daarom voor om een CoP op te richten met partners die nodig zijn voor een doorgaande lijn vanaf dag één. Een plek waar je eens in de zoveel tijd (bijvoorbeeld elke 8 weken) samenkomt om concrete vraagstukken uit de praktijk te ontleden, bespreken en na te denken welke vervolgacties nodig zijn om het gezamenlijke doel te bereiken.

Dit zou een manier kunnen zijn om de al bestaande periodieke stakeholderbijeenkomsten die vanuit de gemeente georganiseerd worden, op een lerende manier vorm te geven. De ontwerpsessie die als onderdeel van dit onderzoek georganiseerd is, zou gezien kunnen worden als startpunt van de CoP. Iemand vanuit de gemeente zou de verantwoordelijkheid kunnen dragen voor de CoP en getraind kunnen worden in de rol van facilitator. Je kunt ook overwegen om een extern iemand aan te trekken als facilitator, met oog op onafhankelijkheid.

Een roadmap van een iteratieve aanpak in Arnhem zou er als volgt uit kunnen zien:

18

Onbeantwoorde vragen en uitdagingen Er zijn een aantal onbeantwoorde vragen en uitdagingen die belangrijk zijn om hier te benoemen als kanttekening en als uitnodiging om verder te onderzoeken: 1.​ Capaciteit van het aanbod: Hoewel de meeste aanbieders die wij hebben gesproken aangeven dat ze hun aanbod graag zouden uitbreiden naar andere groepen, hebben we nog geen duidelijk beeld van hoeveel mensen de aanbieders daadwerkelijk kunnen ondersteunen. 2.​ Budgetverdeling: Hoe verdeel je het budget over verschillende typen aanbod, bijvoorbeeld onder het aanbod gericht op stabilisatie en randvoorwaarden (de zachte landing) en het meedoen-aanbod? Er zal, nadat de aanpak een paar keer is geprobeerd, een duidelijker beeld ontstaan van wat er nodig is gebaseerd op de eerdere ervaringen. 3.​ Bekostiging van aanbieders: Een uitdaging in het realiseren van een aanpak waarbij mensen zelf leidend zijn, in wat zij nodig hebben en het tempo waarin zij dit doorlopen, is hoe de bekostiging van de aanbieders het best geregeld kan worden op een manier waarbij het voor aanbieders ook haalbaar blijft om hun aanbod te organiseren.

Een vraag die hierbij gesteld kan worden is: worden aanbieders betaald per persoon, activiteit of klas? 4.​ Verblijf in Arnhem: Het is op dit moment nog onduidelijk wat de verhouding is tussen nieuwkomers die in Arnhem blijven wonen en degenen die doorstromen naar andere gemeenten. Dit is een interessante vraag om verder te onderzoeken.

19

2.​Focusgebieden meedoen vanaf dag één Dit hoofdstuk gaat dieper in op vijf met de gemeente uitgekozen focusgebieden: rechten en verantwoordelijkheden, de toegang tot zorg, werk en inkomen, taal en sociale bruggen. In een ontwerpsessie met Arnhemse stakeholders, zijn voor deze focusgebieden eerste concrete ideeën uitgewerkt. Wij voegen hier nog twee thema’s aan toe die vanuit gesprekken met stakeholders en nieuwkomers als randvoorwaardelijk voor meedoen zijn aangemerkt: toegang tot transport en een stabiele en veilige basis. Per thema worden de huidige situatie, uitdagingen en concrete aanbevelingen besproken. Ook benoemen we per thema het idee dat uit de ontwerpsessie naar voren kwam en de manier waarop het thema aansluit bij de al bestaande ontwikkelingen in Arnhem.

Rechten en verantwoordelijkheden Om mee te kunnen doen, hebben mensen toegang nodig tot de juiste informatie over hun rechten en verantwoordelijkheden en een duidelijk overzicht van het aanbod: wat wordt waar en voor wie aangeboden? Goede, op vertrouwen gebaseerde verbindingen tussen nieuwkomers en de gemeente, het COA en andere betrokken stakeholders is hiervoor essentieel. Belangrijkste obstakels ●​ Uit het onderzoek in Arnhem blijkt dat de gemeente, stakeholders uit het veld en Arnhemse nieuwkomers behoefte hebben aan een duidelijk(er) overzicht van het bestaande aanbod in Arnhem en informatieverstrekking hierover. Aanbevelingen: ➔​ Zorg dat informatie aansluit bij de leefwereld van nieuwkomers. Dit kan bijvoorbeeld met een co-creatieproces waarbij nieuwkomers actief betrokken zijn in het ontwerpen van informatie en voorlichtingsmateriaal. ➔​ Zet sleutelpersonen of informele community leiders in om informatie over te brengen op een manier die aansluit bij de leefwereld van nieuwkomers. ➔​ Stel informatie op meerdere momenten (indien mogelijk doorlopend) beschikbaar en breng deze op verschillende momenten onder de aandacht (timing). ➔​ Stel informatie op wijkniveau beschikbaar op bestaande ontmoetingsplekken, zoals opvanglocaties en wijkcentra. Idee uit de ontwerpsessie: Meedoen-app.

Ontwikkel een digitale tool waar mensen het aanbod in de gemeente kunnen inzien en zich ook voor activiteiten kunnen aanmelden. ​

20

Sluit aan bij de volgende bestaande ontwikkelingen in Arnhem: ●​ Maken sociale kaart ●​ Maken klantreis ●​ Nadenken over het organiseren van een warm welkom ●​ Fysieke ontmoetingsplekken op centraal niveau en op wijkniveau​

Een stabiele en veilige basis Mensen hebben baat bij een gevoel van stabiliteit in hun leven, zoals een stabiele routine in hun werk, opleiding, leefomstandigheden en toegang tot diensten. Dingen die bijdragen aan een stabiele basis zijn het krijgen van een permanente verblijfsstatus, weten dat je langer op dezelfde plek kunt blijven wonen of het krijgen van een vast arbeidscontract. Stabiliteit en veiligheid zijn randvoorwaardelijk voor meedoen. De volgende quote uit de gesprekken met nieuwkomers is hierbij illustrerend: “Je moet stabiliteit voelen en voelen dat je veilig bent. Je hebt een plek nodig waar je veilig en stabiel kan zijn. Als je dat voelt, kun je vanuit daar alles doen. Stabiliteit betekent alles voor mij, omdat het echt de basis is. De reden dat veel mensen hun land hebben verlaten is, omdat ze deze stabiliteit niet voelen. Vanuit een positie van instabiliteit kun je geen dingen starten.” Belangrijkste obstakels: ​ ●​ Veranderingen zoals verhuizingen van het ene naar het andere azc, het veranderen van de school van de kinderen en onzekerheid over het toekomstperspectief zijn dingen die een gevoel van instabiliteit veroorzaken, dat meedoen lastiger maakt Aanbevelingen ​ ➔​ Het lastige aan stabiliteit als randvoorwaarde is dat een deel van de factoren die instabiliteit veroorzaken buiten de macht van de gemeente Arnhem liggen.

Zoals informatie over de statusverlening en verhuizingen. Hier is het zaak om binnen de onzekerheid die er is, toch een basis te creëren die zo stabiel mogelijk is, door extra onzekere factoren te beperken en heldere informatie te delen. ➔​ Het gevoel van stabiliteit hangt in veel gevallen ook samen met toegang tot de juiste informatie. Zo geven Arnhemse nieuwkomers aan dat de ondoorzichtigheid van het huisvestingsproces (wie krijgt wanneer een woning toegewezen), bijdraagt aan een gevoel van instabiliteit. Dit obstakel gaat niet over het krijgen van een huis binnen een bepaalde tijd, maar over de onduidelijkheid over het proces dat leidt tot een gevoel van instabiliteit. De oplossing ligt in informatievoorziening.

21

➔​ Het is belangrijk om behalve praktische veiligheid, zoals brandveiligheid en het voorkomen van incidenten, ook na te denken over sociale veiligheid. Inzetten op het opbouwen van sociale netwerken kan hieraan bijdragen, zowel voor mensen die nog in de opvang wonen als mensen die al een woning hebben. Voor specifieke groepen zoals vrouwen, mensen vanuit de LHBTIQ+ gemeenschap en jongeren, is sociale veiligheid een belangrijk thema. Voor deze groepen blijkt dat sterke verbindingen met mensen met een gedeelde identiteit bijdragen aan hun gevoel van veiligheid. In onze gesprekken met nieuwkomers, gaf een aantal vrouwen bijvoorbeeld aan graag meer specifiek aanbod te willen zien om te connecten met andere vrouwen. Idee uit de ontwerpsessie: Dit onderwerp is niet besproken in de ontwerpsessie. Sluit aan bij: ●​ Het organiseren van een warm welkom.

Toegang tot passend transport Transport en de mogelijkheid om je door de stad en regio te bewegen, wordt door Arnhemse nieuwkomers aangemerkt als randvoorwaarde voor meedoen. Toegang tot passend transport draagt bij aan de mogelijkheid om connecties te maken, maar ook aan de mogelijkheid om zelf op zoek te gaan naar werk en daarvoor plekken te bezoeken. Een van de mensen die wij spraken geeft hierbij een voorbeeld: “Ons wekelijkse budget is 14 euro, dit is een beperking, omdat je middelen nodig hebt om je te verplaatsen. Ik kan niet betalen voor de bus om vrienden te zien of ergens anders heen te gaan. Alleen als je een afspraak hebt met de IND, een advocaat of het ziekenhuis worden transportkosten vergoed. Hoe kan ik communiceren en vrienden maken als ik niet kan reizen?” Belangrijkste obstakels ●​ De beperkte toegang tot openbaar vervoer (vanwege de kosten) wordt door de deelnemers die nog bezig zijn met de asielprocedure benoemd als belangrijk obstakel om mee te kunnen doen. Aanbevelingen​ ➔​ Aanbod moet niet alleen toegankelijk en bekend zijn, maar ook bereikbaar. Twee manieren om mensen hierin te ondersteunen in de Arnhemse context: ◆​ Het beschikbaar maken van de Gelrepas voor mensen die nog geen status hebben gekregen.

22

◆​ Voor mensen die aan Arnhem gekoppeld zijn is er een regeling die hen fietsen ter beschikking stelt. Dit zou uitgebreid kunnen worden naar mensen die (nog) niet aan Arnhem gekoppeld zijn om onafhankelijkheid en mobiliteit ook bij deze groep te stimuleren. Idee uit de ontwerpsessie: Dit onderwerp is niet besproken in de ontwerpsessie. Sluit aan bij: ●​ Fysieke ontmoetingsplekken op wijkniveau om informatie en aanbod laagdrempeliger toegankelijk te maken.

Toegang tot zorg Nieuwkomers ervaren moeilijkheden bij het toegang krijgen tot zorg, zoals lange wachttijden, moeite bij het maken van een afspraak met de huisarts en een gebrek aan cultuursensitieve ondersteuning. Mentale gezondheidszorg en activiteiten die inzetten op de preventie van mentale problemen, zijn vaak niet laagdrempelig genoeg beschikbaar. Dit blijkt uit zowel ervaringen van nieuwkomers die we in de context van dit onderzoek gesproken hebben, als uit gesprekken met stakeholders. ​ Belangrijkste obstakels​ ●​ Mensen moeten soms lang wachten voordat ze bij een huisarts terecht kunnen en voelen zich niet altijd serieus genomen door de doktersassistent of bij de GZA. ●​ Mensen missen soms de kennis over het Nederlandse zorgsysteem waardoor verwachtingen (zoals: direct met een specialist kunnen spreken) niet aansluiten bij de realiteit. Hierdoor raken mensen ontmoedigd en teleurgesteld. ●​ Er is bij huisartsen en andere zorgaanbieders niet altijd kennis over de mogelijkheid van het inzetten van een kosteloze tolkentelefoon. ●​ Beperkte financiële middelen maken dat mensen die nog in de opvang wonen niet kiezen voor preventieve zorgartikelen (zoals vitaminen of oogdruppels). ●​ Stakeholders identificeren een gat in het aanbod als het gaat om laagdrempelige mentale gezondheidszorg.

Dit geldt voor alle groepen nieuwkomers, en in het bijzonder voor mensen die ongedocumenteerd zijn. De GGZ geeft hier bijvoorbeeld aan dat zij kunnen inspringen bij acute zorgproblemen, maar dat er een gat valt voor mensen die niet acuut in de problemen zijn en zorg die meer op preventie gericht is.

23

Aanbevelingen​ ➔​ Zorg voor een goede inbedding van de stap van zorg via het GZA naar het reguliere zorgsysteem en de lokale zorgpartners. Informeer mensen tijdig over hun eigen rol hierin voor een warme overdracht (zoals het zelf opvragen van patiëntendossiers). ➔​ Werk samen met organisaties die op een cultuursensitieve manier (bijvoorbeeld door de inzet van sleutelpersonen) de brug kunnen slaan tussen het zorgsysteem en mensen die nieuw zijn. Dit zijn mensen die behalve kunnen tolken, ook een culturele vertaalslag kunnen maken, waardoor informatie over het zorgsysteem beter kan landen en gesprekken over passende ondersteuning met meer vertrouwen en begrip gevoerd kunnen worden. ➔​ Investeer in preventieve mentale gezondheidszorg, zoals stressmanagement en groepsondersteuning. Een van de nieuwkomers die wij spraken, reist vanuit Arnhem naar een andere gemeente voor deze ondersteuning: "Als ik daarheen ga, delen we ervaringen in een groep. Ik vind het leuk omdat je altijd iets leert; het is altijd goed en nuttig. We spraken over veel dingen, zoals hoe je met mensen communiceert, wat je doet als je 's ochtends wakker wordt, welke slechte dingen er die dag zijn gebeurd en drie goede dingen van de dag. Ze helpen je te ontspannen en motivatie te krijgen." ➔​ Train zorgverleners in het gebruik van tolken en het bieden van cultuursensitieve zorg.

➔​ Organiseer toegang tot zorg zo dicht mogelijk bij mensen, het liefst op wijkniveau. Omdat toegang tot zorg een van de randvoorwaarden voor volwaardig meedoen is, is het belangrijk dat dit zo laagdrempelig mogelijk georganiseerd is. Laagdrempeligheid wordt hierbij gekenmerkt als: in de buurt (nabijheid), vrij toegankelijk (zonder afspraak binnen kunnen lopen) en in de eigen taal (cultuursensitief). ​ Idee uit de ontwerpsessie: Laagdrempelige zorgcafés op wijkniveau, waar mensen op een open spreekuur terechtkunnen met hun vragen en voor doorverwijzing. ​ Sluit aan bij de volgende bestaande ontwikkelingen in Arnhem: ●​ Nadenken over het organiseren van een warm welkom ●​ Fysieke ontmoetingsplekken centraal niveau en wijkniveau

24

Werk en inkomen De meeste nieuwkomers willen graag zo snel mogelijk werken om zelfstandig in hun levensonderhoud te voorzien en mee te doen. Belangrijkste obstakels ●​ Wachttijden voor het burgerservicenummer (BSN). ●​ Onzekerheid over verhuizingen: Werkgevers aarzelen om mensen uit een azc aan te nemen vanwege het risico dat deze personen plotseling naar een andere gemeente moeten verhuizen. De inspanningsverplichting die door het COA is aangegaan in de samenwerkingsovereenkomst met de gemeente, die erop gericht is om mensen die gevlucht zijn en in Arnhem opgevangen worden zo veel mogelijk aan Arnhem te koppelen bij de huisvestingstaakstelling, kan dit probleem helpen verminderen. Het is belangrijk om werkgevers hierover goed te informeren en vertrouwen op te bouwen. ●​ Behoefte aan bewustzijn over de Tewerkstellingsvergunning (TWV): Uit gesprekken met Arnhemse nieuwkomers blijkt dat werkgevers vaak onvoldoende weten hoe de TWV werkt. Dit vormt een drempel om mensen vanuit een azc in dienst te nemen. Arnhemse nieuwkomers geven aan dat deze informatie effectiever wordt geaccepteerd wanneer deze gedeeld wordt door een formele partij, zoals de gemeente of een organisatie, dan als zij deze zelf met werkgevers delen.

Aanbevelingen ➔​ Organiseer passende begeleiding bij aanvragen van een TWV, zowel voor nieuwkomers als voor werkgevers.6 ➔​ Bouw een lokaal werkgeversnetwerk dat bereid is om nieuwkomers kansen te bieden op de arbeidsmarkt. Zet een lokale coalitie van werkgevers op die zich specifiek inzet voor het bieden van werk aan bewoners van het azc, hiervoor kan samengewerkt worden met het COA en het Werkgeversservicepunt (WSP). ➔​ De juiste contactpersonen bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekering (UWV) en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) kunnen bepaalde processen versnellen. ➔​ Faciliteer de randvoorwaarde transport zodat mensen naar hun werk kunnen reizen. ➔​ Richt een opvanglocatie zo in dat dit betaald werk faciliteert. Behalve de stenen werkelijkheid van de opvanglocatie (zoals: dichtbij of ver weg van de bewoonde wereld) hebben we gezien dat ook de manier waarop opvanglocaties gemanaged worden (betaald) werk kan faciliteren of tegenwerken. Het is daarom belangrijk om je Zie bijvoorbeeld de handreiking die geschreven is n.a.v. het evaluatieonderzoek naar een pilot toeleiding naar werk van Gemeente Almere, Randstad en het COA voor aanvullende aanbevelingen. 6

25

af te vragen of de voorzieningen en organisatie binnen de opvanglocatie meedoen faciliteert, bijvoorbeeld: ◆​ Hoe en wanneer wordt er gegeten? Is dit nog steeds toegankelijk voor mensen die werken? ◆​ Wat zijn de openingstijden en wanneer is er begeleiding aanwezig? ◆​ Wordt er in de manier waarop de kamers worden ingedeeld rekening gehouden met of mensen werken?7 ➔​ Zorg voor een goede matcher (bijvoorbeeld bij de meedoenbalie); iemand die zowel de leefwereld van nieuwkomers als van werkgevers begrijpt. Soms kan dit met één persoon, soms kan deze functie in tweeën gesplitst worden. ➔​ Zorg voor een aanspreekpunt dat werkgevers ondersteunt bij vragen en uitdagingen met betrekking tot het werk bieden aan nieuwkomers.8 ➔​ Wanneer nieuwkomers al vroeg beginnen met werken, heeft dit gevolgen voor hun inburgeringstraject. Het is cruciaal dat het inburgeringsaanbod toegankelijk blijft voor mensen die al een baan hebben. Voorbeelden van hoe dit kan worden gerealiseerd zijn: ◆​ Het aanbieden van taallessen in de avonduren. ◆​ Het faciliteren van online taalcursussen die flexibel te volgen zijn.​ ➔​ Idee uit de ontwerpsessie: Toeleidingsstructuur vanuit een centraal punt: samen met partners het aanbod rondom toeleiding naar werk beter in beeld krijgen.

Sluit aan bij de volgende bestaande ontwikkelingen in Arnhem: ●​ Pilot toeleiding naar werk vanuit het azc ●​ intake partner ●​ Fysieke ontmoetingsplekken op centraal niveau en wijkniveau ​

Taal Taal wordt door zowel nieuwkomers en stakeholders die wij in het kader van dit onderzoek gesproken hebben als door de gemeente, gezien als een cruciaal middel voor participatie. Een uitspraak van een van de Arnhemse nieuwkomers die wij spraken illustreert dit als We kennen voorbeelden van opvanglocaties waar mensen die werken op dezelfde kamers geplaatst worden, omdat zij hetzelfde dagritme volgen. Terwijl het veel voorkomt dat mensen die nog niet werken juist in de nacht actief bellen en video’s kijken. 8 Een voorbeeld is gemeente Meierijstad die het zo geregeld hebben dat werkgevers waar mensen vanuit hun opvanglocaties aan de slag zijn, altijd terecht kunnen bij de gemeente/opvang als er iets niet lekker loopt met de medewerker of er specifieke vragen zijn. Zo is er bijvoorbeeld altijd iemand aanwezig op de opvanglocatie tot 22:00, als contactpersoon voor werkgevers. Ze houden de lijntjes kort en denken na vanuit de behoeften van werkgevers. 7

26

volgt: “Voor mij is taal het belangrijkst, omdat het een middel is om de verbinding met andere mensen te leggen en elkaar te leren kennen- hiermee opent het spreken van de taal deuren.” Belangrijkste obstakels ●​ De toegang tot formeel taalaanbod is voor mensen die nog geen status hebben beperkt en niet altijd goed afgestemd op hun behoeften. ●​ Uit andere onderzoeken9 weten we dat het voor het leren van de taal belangrijk is om zowel formeel taalonderwijs (taalles) als taalcontact (mogelijkheden om de taal in de praktijk te oefenen, bijvoorbeeld via een buddy of met vrijwillige taalcoaches) te hebben. We zien vanuit de gesprekken met Arnhemse nieuwkomers dat de taal oefenen met buddies door mensen die al formele taallessen binnen de (voor)inburgering volgen erg gewaardeerd wordt. Voor mensen die op dit moment alleen toegang hebben tot informeel taalonderwijs, voelt dat als onvoldoende om de taal goed en snel te kunnen leren. Ook taalpartners die we gesproken hebben, geven aan dat het aanbod voor mensen die nog bezig zijn met de asielprocedure op dit moment ontoereikend is. Aanbevelingen ➔​ Bied vanaf dag één toegang tot het formele taalaanbod, aangepast aan het niveau en de situatie van de nieuwkomer. Uit de gesprekken met Arnhemse nieuwkomers komt ook naar voren dat de kwaliteit van de taallessen als ontoereikend wordt ervaren.

Hierbij wordt vooral aangegeven dat de mensen die de taalles geven vrijwilligers zijn en geen professionele docenten en dat het niveau te laag ligt. ➔​ Combineer formeel taalaanbod met praktijkgerichte activiteiten zoals buddyprogramma’s of werkplektrainingen die het mogelijk maken om de taal in de praktijk te oefenen. ➔​ Zorg dat de locatie van de taalles de manier waarop iemand meedoet, ondersteunt, door verschillende mogelijkheden in te bouwen. Voor iemand die nog niet werkt, kan een taalles in het centrum een goede manier zijn om de stad te leren kennen. Voor iemand die al meedoet via betaald werk, werkt het juist ondersteunend om geen extra reistijd te hebben voor de taalles. ➔​ De connectie tussen taal en participatie is belangrijk. Laat het leren van de taal de keuze voor participatie volgen. Dus bijvoorbeeld: gaat iemand werken, zorg dan voor taalondersteuning in die context, in plaats van taal te zien als een geïsoleerd doel. 9

Zie Uitkomsten 2023 - 2024 Onderzoek perspectief inburgeraars.

27

Idee uit de ontwerpsessie: Regionale afspraken waarbij het budget voor taalonderwijs de persoon volgt, zodat mensen ook als ze in een azc buiten Arnhem wonen, maar al wel aan Arnhem gekoppeld zijn zo snel mogelijk kunnen beginnen. En zodat de gemeente Arnhem ook budget heeft voor mensen die in de opvang in Arnhem wonen, maar aan een andere gemeente gekoppeld zijn. Sluit aan bij: ●​ intake partner ●​ Programmeur ●​ Fysieke ontmoetingsplekken op centraal niveau en wijkniveau​

Sociale bruggen In een landelijk onderzoek in opdracht van het COA, gaf 75% van de nieuwkomers aan dat ze graag mensen van buiten het azc willen leren kennen.10 Ook door Arnhemse nieuwkomers wordt dit als belangrijk thema naar voren gebracht, zoals geïllustreerd door dit voorbeeld van een van de mensen die wij spraken:​ "Ik heb sportactiviteiten gedaan zoals zwemmen, boksen en naar de sportschool gaan. Ik heb ook deelgenomen aan activiteiten van COA; zij hebben zwemlessen georganiseerd. Maar wat ik miste, was dat het alleen met andere vluchtelingen was. Ik had niet het gevoel dat ik de taal oefende. Ik wil iets doen waar ik van houd, samen met de lokale bevolking." Het inzetten op sociale bruggen, sluit aan bij de ambitie van de gemeente Arnhem om omwonenden actief te betrekken bij opvanglocaties en in te zetten op verbinding en ontmoetingen tussen nieuwkomers en mensen die al langer in Arnhem wonen. Belangrijkste obstakels ●​ Er is behoefte aan meer verbinding, ontmoeting en contact. Op dit moment vindt veel contact tussen Arnhemse nieuwkomers en andere Arnhemmers plaats binnen bepaalde scripts, zoals contact met een vrijwilliger, een buddy of een taalmaatje. De uitdaging ligt in het organiseren van gelijkwaardige ontmoetingen die buiten deze bestaande scripts bestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=23e8a3cc-e37c-45ab-9f14-5c1b965a08fa