Agendabundel
Tekst van het document
Voor Arnhem gaat het om ruim 8.000 woningen. Het Rijk, de provincie Gelderland en de gemeenten uit de regio Arnhem-Nijmegen hebben gezamenlijk een woondeal gesloten. In de woondeal wordt aangegeven dat de regio te maken heeft met een autonome groeiopgave, een bestaand woningtekort en een hoge binnenkomende migratie uit binnen- en buitenland. Geconstateerd wordt dat tot 2025 een minimale bouwproductie van 15.000 nieuwe woningen nodig is, waarbij de ambitie is om te komen tot een versnelling van 20.000 nieuwe woningen. Dit komt 18
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
neer op een productie van gemiddeld 4.000 nieuwe woningen per jaar. Er is in Arnhem een behoefte aan betaalbare huur- en koopwoningen. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt voorzien in minimaal 40% sociale huur. Het plan voorziet in een kwantitatieve en kwalitatieve behoefte. Bestaandstedelijk gebied De locatie maakt deel uit van een woonwijk in het noorden van Arnhem. Het realiseren van woningen sluit aan bij de functies in de nabijheid van het plangebied en het karakter van de wijk. De beoogde ontwikkeling vindt plaats in bestaand stedelijk gebied.
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
19
Chw Bronbeeklaan 66
20
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Hoofdstuk 5 5.1
Milieu- en omgevingsaspecten
Inleiding
Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. In dit hoofdstuk worden de verschillende milieu- en omgevingsaspecten onderbouwd. Het gaat om de transformatie van een bestaand gebouw van Maatschappelijk naar Wonen. Deze transformatie is een beperkte wijziging ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan. Vanwege deze beperkte wijziging zijn niet alle beleidsaspecten van toepassing. Per milieu- en omgevingsaspect wordt aangegeven waarom dit aspect geen belemmering vormt voor het plan.
5.2
Toetsing milieu- en omgevingsaspecten
Geluid De Wet geluidhinder heeft tot doel de mens te beschermen tegen geluidhinder. Dit is in de wet uitgewerkt in een normenstelsel voor de toelaatbare geluidbelasting in de woonomgeving. Alleen planologisch nieuwe situaties worden getoetst aan de wet. Daarbij moet er akoestisch onderzoek plaatsvinden naar de gevolgen daarvan voor geluidgevoelige objecten. Naast woningen zijn er nog een aantal andere geluidgevoelige objecten aangewezen zoals scholen en zorginstellingen. Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. Bij deze functiewijziging worden geen nieuwe geluidsgevoelige objecten toegevoegd. Akoestisch onderzoek is niet noodzakelijk. Luchtkwaliteit De Europese richtlijnen voor luchtkwaliteit zijn geïmplementeerd in titel 5.2 van de Wet Milieubeheer. Het doel van deze wetgeving is het beschermen van mens en milieu tegen de negatieve effecten van luchtverontreiniging. De wet is primair gericht op het voorkomen van negatieve effecten op de gezondheid van de mens. Daarnaast zijn er voor de stoffen zwaveldioxide en stikstofoxiden ook normen opgenomen ter bescherming van ecosystemen. Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. De functiewijziging heeft 'niet in betekende mate' invloed op de luchtkwaliteit ter plaatse en een onderzoek is niet noodzakelijk.
Hinder In het kader van bedrijven en milieuzonering dienen de effecten van inrichtingen op hun omgeving (gevoelige bestemmingen, waaronder eventueel nieuw te ontwikkelen woningen) in beeld gebracht te worden. In de omgeving van het pand Bornbeeklaan 66 liggen geen bedrijven. Het dichtstbijzijnde bedrijf is de basissschool 'De Witte School' en deze ligt op een afstand van ca 135 meter. Een school heeft een richtafstand van 30 meter dus de afstand tussen de woningen en de school is ruim voldoende. Een onderzoek is niet noodzakelijk. Externe veiligheid Met externe veiligheid wordt bedoeld de kans op overlijden van mensen buiten de grenzen van een bedrijf of transportmedium, als rechtstreeks gevolg van een ongeval met (gevaarlijke) stoffen binnen de grenzen van het bedrijf dan wel het transportmedium. In de externe veiligheid worden twee risicobegrippen gehanteerd het PR (Plaatsgebonden Risico) en het GR (Groepsrisico). Het pand heeft nu een maatschappelijke bestemming en dat laat ook geluidgevoelige functies toe. Met de functiewijziging wordt geen nieuw (beperkt) kwetsbaar object toegevoegd. Een onderzoek naar externe veiligheid is niet noodzakelijk. Groen en ecologie "Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
21
Chw Bronbeeklaan 66
De Wet natuurbescherming (Wnb) vervangt sinds 2017 het wettelijke stelsel voor de natuurbescherming zoals dat was neergelegd in de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet, door één integraal en vereenvoudigd kader. De Wnb neemt de Europese regelgeving als uitgangspunt. Waar dat noodzakelijk is voor een adequate bescherming van natuurwaarden waarvoor geen specifieke bescherming is voorzien in Europese regelgeving worden aanvullende nationale beschermingsvoorschriften verankerd. De wet gaat over de bescherming van de kernnatuurwaarden en de houtopstanden, als onderdeel van een groter maatregelenpakket gericht op de bescherming van natuurwaarden en het tegengaan van biodiversiteitsverlies. De Groenvisie 2017-2035 gaat over het Groen-blauw raamwerk, de stedelijke hoofdgroenstructuur, vertaald in doelen, ambities en ontwikkelopgaven. Dit Groen-blauw raamwerk van de stad bepaalt het gezicht van de stad en de aantrekkelijkheid van uiteenlopende woon- en recreatiemilieus. Het gaat daarbij om de waarden vanuit landschap, cultuurhistorie, ecologie, water en recreatief gebruik op gemeente en op particuliere terreinen. De visie zorgt voor een actualisatie van de Arnhemse regels met betrekking tot groencompensatie. In de Groenvisie zijn nu de actuele Arnhemse regels groencompensatie 2017 opgenomen.
Uitgangspunt blijft dat de totale groenbalans in de stad neutraal moet blijven of toeneemt. Moet er toch groen verdwijnen, dan wordt dat gecompenseerd. Eerst kwantitatief, dan kwalitatief en als laatste financieel. Bij financiële compensatie wordt de waarde van het groen en de boomopstanden gestort in het Groenfonds. Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. Het pand wordt niet gesloopt en er worden geen wijzigingen doorgevoerd in het openbaar gebied. Verder maakt het perceel geen onderdeel van een Natura 2000-gebied of Natuurnetwerk. De transformatie ziet op de wijziging van 74 zorg-appartementen naar maximaal 54 woningen. Het aantal appartementen wordt verminderd. Er is een Aerius-bereking uitgevoerd. Uit de berekeningen volgt dat zowel in de bouw- als gebruiksfase geen toename ontstaat van de stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie. Daarmee kan geconcludeerd worden dat significant negatieve effecten voor het plan op voorhand zijn uit te sluiten. Door de vermindering van het aantal appartementen gaat de uitstoot bij het gebruik van de appartementen ook naar beneden. Bij de interne verbouwing zal het pand beter geïsoleerd worden, waardoor er ook sprake is van een duurzamer gebruik. Bij verduurzamen (isolatie van spouw en dak) moet getoetst worden aan de Wet natuurbescherming.
Daarnaast wordt het puntensysteem voor Natuurinclusief bouwen gehanteerd. Groencompensatie is niet van toepassing. Er ligt geen groenbestemming op het perceel. De totale groenbalans blijft neutraal. Water In de Waterwet (22 december 2009) zijn onder meer de gemeentelijke watertaken opgenomen: de zorgplicht voor hemelwater indien de eigenaar van het terrein het hemelwater in alle redelijkheid niet op eigen terrein kan verwerken en de regierol van gemeenten bij de grondwaterzorgplicht. In het gemeentelijke rioleringsplan geven gemeenten aan hoe zij invulling geven aan die zorgplichten. In de NOVI worden 4 prioriteiten gesteld: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie, Duurzaam economisch groeipotentieel, Sterke en gezonde steden en regio's en Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Daarnaast zijn 3 afwegingsprincipes vastgelegd. Uitgangspunt in het huidige beleid van gemeente, waterschap en provincie is dat planontwikkeling moet aansluiten bij een duurzaam integraal waterbeheer.
Dit betekent dat: negatieve verstoring van de grondwaterstanden en -stromingen niet toegestaan zijn om grondwateroverlast en/of verdroging op de locatie en het boven- en benedenstrooms gelegen gebied te voorkomen; maatregelen getroffen moeten worden ter voorkoming van (grond)watervervuiling; bij nieuwbouw het regenwater binnen het plangebied afgekoppeld moet worden van de riolering en worden verwerkt op eigen terrein; 22
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
voldoende oppervlaktewater aanwezig is en op de goede locatie; het verhard oppervlak zoveel mogelijk beperkt wordt; het gebruik van uitloogbare materialen en chemische bestrijdingsmiddelen niet is toegestaan; ontwikkelingen moeten bijdragen aan het verminderen of beperken van wateroverlast; ontwikkelingen en herinrichtingen moeten klimaatbestendig en waterrobuust ingericht worden Het gaat om een functiewijziging van het bestaande pand. Het bestemmingsplan maakt niet meer bebouwing/verharding mogelijk. Het aspect water en klimaatadaptatie vormen geen belemmering voor dit bestemmingsplan. Bodem en archeologie Voor deze ontwikkellocatie is getoetst of de bodemkwaliteit (inclusief grondwater) de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen toelaat. Ook is getoetst of een eventuele bodemverontreiniging gevolgen heeft voor de financiële uitvoerbaarheid van de ontwikkeling. Als toetskader wordt gebruik gemaakt van de volgende bodemregelgeving: Wet Bodembescherming; Beleidsnota bodem 2012, Provincie Gelderland, gemeente Arnhem en gemeente Nijmegen, 1 december 2012; Besluit Bodemkwaliteit; Nota Bodembeheer, september 2011 Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. In de toekomstige situatie worden de gronden voorzien van een woonbestemming. De gronden zullen in de toekomstige situatie, net als in de huidige situatie, bewoond worden.
Hiermee vindt er feitelijk gezien geen verandering in het bodemgebruik plaats. Daarnaast vinden er met voorliggend initiatief geen werkzaamheden plaats waarbij de grond geroerd wordt. Het uitvoeren van een bodemonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Er worden geen werkzaamheden in de grond uitgevoerd. De archeologische verwachting blijft op de verbeelding/regels. Cultuurhistorie Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. Het pand betreft geen gemeentelijk of rijksmonument. Het pand zal van functie veranderen. Dit heeft geen gevolgen voor de (eventueel) aanwezige cultuurhistorische waarden. Stadsklimaat In de Structuurvisie 2020-2040 (vastgesteld december 2012) en de Strategie Klimaatadaptatie (2021) is de gemeentelijke ambitie verwoord om Arnhem klimaatbestendig te maken onder alle weersomstandigheden. Voor nu en in de toekomst, onder invloed van de klimaatverandering, wordt tenminste gestreefd naar prettig toeven binnen- en buitenshuis en het vermijden van ongewenste gezondheidsrisico's. Voor hitte ligt de nadruk op de toename in de toekomst van het aantal zomerse en zelfs tropische dagen.
In het realiseren van een prettig stadsklimaat wil de gemeente optimaal gebruik maken van de (huidige) gunstige uitgangssituatie van natuurlijke luchtstromen die van de hoger gelegen stadsranden en vanuit de rivierzone de stad in stromen en zorgen voor koeling en tevens een goede luchtkwaliteit. Ook het groene karakter van de stad draagt daaraan in grote mate bij. De ambitie is om klimaatadaptief te renoveren. Dat betekent in dit geval aandacht voor de binnentemperatuur. De positie van het gebouw levert in de zomer veel instralende warmte op, die vervolgens zorgt voor (te) warme woningen. Zeker als de flat goed geïsoleerd gaat worden en bijv. energielabel A of B gaat krijgen. Dan kan bij hittegolven een te warm binnenklimaat ontstaan. Dit willen we niet opgelost zien met airco's. Zeker in waar het beekdal juist voor verkoeling op stadsniveau zorgt. Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. Het bestemmingsplan maakt niet meer bebouwing/verharding mogelijk. De aspecten water en klimaatadaptatie vormen geen belemmering voor dit bestemmingsplan. Duurzaamheid "Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
23
Chw Bronbeeklaan 66
Nieuwe gebouwen en woningen moeten volgens landelijke regelgeving voldoen aan het Bouwbesluit. In het bouwbesluit worden de energieprestaties voor nieuwe gebouwen en woningen fasegewijs aangescherpt Het plan voorziet in een functiewijziging van Maatschappelijk naar Wonen. Er wordt niet voorzien in nieuwe bebouwingsmogelijkheden.
5.3
M.e.r. - beoordeling
5.3.1
Algemeen
Het bestemmingsplan maakt een transformatie van een bestaand pand mogelijk. Een dergelijk bouwproject kan worden gezien als stedelijk ontwikkelingsproject zoals bedoeld in categorie D11.2 van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). De omvang van het project ligt echter ver onder de drempelwaarde, waarbij er sprake is van m.e.r.-beoordelingsplicht. Deze drempelwaarde is echter indicatief. Dit houdt concreet in dat het bevoegd gezag op grond van artikel 2, lid 5 van het Besluit m.e.r. dient na te gaan of de beoogde activiteit daadwerkelijk geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Indien dit niet kan worden uitgesloten, is het alsnog nodig een milieuffectrapport op te stellen. De toets of er, ondanks het feit dat de omvang onder de drempelwaarde uit het Besluit m.e.r. blijft, sprake kan zijn van belangrijke nadelige milieugevolgen wordt aangeduid als een 'm.e.r.-beoordeling' of m.e.r.-toets. Op basis van deze beoordeling dient het bevoegd gezag, het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad expliciet te besluiten of er al dan niet een m.e.r.-procedure wordt gevolgd De voorliggende paragraaf betreft deze m.e.r.-beoordeling. Bij de m.e.r.-beoordeling worden getoetst aan de criteria van Bijlage III van de Europese richtlijn milieueffectbeoordeling (richtlijn 85/337/EEG).
Deze criteria hebben, samengevat, betrekking op: de kenmerken van het voornemen (onder meer omvang, kans op hinder, mogelijke cumulatie met effecten van andere activiteiten); de plaats (onder meer ligging ten opzichte van gevoelige gebieden); de kenmerken van de effecten, mede gelet op de aard van het voornemen en de plaats. Criteria De criteria in Bijlage III bij de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling zijn als uitgangspunt genomen. De hoofdcriteria zijn reeds genoemd. Hieronder volgt een overzicht van de criteria. 1. Kenmerken van de projecten Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: de omvang van het project; de cumulatie met andere projecten; het gebruik van natuurlijke hulpbronnen; de productie van afvalstoffen; verontreiniging en hinder; risico van ongevallen, met name gelet op de gebruikte stoffen of technologieën. 2. Plaats van de projecten Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: het bestaande grondgebruik; de relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied; 24
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: 1. wetlands, 2. kustgebieden, 3. berg- en bosgebieden, 4. reservaten- en natuurparken, 5. gebieden die in de wetgeving van lidstaten zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; speciale beschermingszonen door de lidstaten aangewezen op grond van de Vogel-en/of habitatrichtlijn, 6. gebieden waarin de bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden, 7. gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid, 8. landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang. 3. Kenmerken van het potentiële effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten 1 en 2 in het bijzonder in overweging worden genomen: het bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking); het grensoverschrijdende karakter van het effect; de orde van grootte en de complexiteit van het effect; de waarschijnlijkheid van het effect; de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect. 5.3.2
Situatie plangebied
Beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling is gebaseerd op de beschrijving van het plan en de ten behoeve van de ontwikkeling uitgevoerde onderzoeken. 1. Kenmerken van het project Het project voorziet in de wijziging van een bestaand gebouw van Maatschappelijk naar Wonen. De 74 zorgwoningen worden getransformeerd naar woningen. De huidige zorgwoningen hebben een gebruiksoppervlakte van 15-25m2. Het plan voorziet in een minimum van 40% sociale huurwoningen, waarbij de kleinste sociale huurwoningen een minimum gebruiksoppervlakte hebben van 42m2. De overige woningen hebben een minimum gebruiksoppervlakte van 50m2. Dit zal een vermindering van het aantal appartementen opleveren. Het plan voorziet in maximaal 54 zelfstandige woningen. 2. Plaats van het project Het project vindt plaats in een woonwijk, nabij de A12 en het Natura 2000-gebied de Veluwe. 3. Effecten van het project Het project voorziet in een transformatie, waarbij er sprake is van bewoning door minder personen. Het aantal woningen wordt teruggebracht van 74 zorgwoningen, naar een kleiner aantal woningen zonder zorgfunctie. Deze functiewijziging leidt niet tot negatieve effecten op het milieu. Nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten. Dit is nader uitgewerkt in paragraaf 5.2 Toetsing milieu- en omgevingsaspecten.
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
25
Chw Bronbeeklaan 66
26
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Hoofdstuk 6 6.1
Planbeschrijving en -verantwoording
Inleiding
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de bestaande situatie, het relevante beleid en de milieuen omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het opstellen van het bestemmingsplan: de verbeelding (plankaart) en de regels. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de opzet van dit bestemmingsplan. Daarnaast worden de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels verantwoord. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom bepaalde bestemmingen zijn aangewezen en waarom bepaalde bebouwing acceptabel is.
6.2
Opzet van de regels
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De Standaard voor vergelijkbare bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012) is verplicht. De Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 maakt het mogelijk bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld. Vergelijkbare bestemmingsplannen leiden tot een betere dienstverlening en tot een effectievere en efficiëntere overheid. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende plankaart waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze plankaart kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De plankaart en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. Inleidende regels (begripsbepalingen en wijze van meten); 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels (o.a. afwijkingen); 4. Overgangs- en slotregels. 6.2.1
Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: 1. Artikel 1 Begrippen In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen, voor een eenduidige interpretatie van deze begrippen. 2. Artikel 2 Wijze van meten Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. Op de plankaart zijn bouwhoogten en soms bebouwingspercentages aangegeven. Als er geen percentages zijn aangegeven, mag het hele bouwvlak worden bebouwd. De aangegeven bouwhoogte wordt gemeten vanaf peil tot het hoogste punt (exclusief elementen zoals een schoorsteen, liftopbouw en dergelijke). Uitgangspunt is dat alleen gebouwd mag worden binnen de bouwgrenzen. 6.2.2
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de verschillende bestemmingen die voorkomen in het plangebied. Voor ieder gebied op de plankaart is de bestemming aangegeven. Deze bestemmingen zijn in de regels onderverdeeld in o.a.: 1. Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan (wonen, bedrijvigheid etc.); 2. Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bebouwingshoogte, bebouwingspercentage etc.); 3. Afwijken van de gebruiks- en bouwregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven bestemmingen en bouwregels; 4. Verboden gebruik: welke vormen van gebruik zijn uitgesloten. In paragraaf 6.3 worden de verschillende bestemmingen toegelicht en wordt ook per bestemming "Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
27
Chw Bronbeeklaan 66
aangegeven waarom voor bepaalde gronden voor deze is gekozen. Daarnaast wordt, indien gekozen wordt af te wijken van de bestemming uit het geldende bestemmingsplan, aangeven waarom daarvoor is gekozen. 6.2.3
Algemene regels
Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: 1. Artikel 7 Anti-dubbeltelregel Deze regel bepaalt dat er niet twee keer voor eenzelfde locatie een bouwplan kan worden ingediend. 2. Artikel 8 Algemene bouwregels Hierin zijn de algemene bouwregels opgenomen zoals de verplichting tot het bouwen binnen het bouwvlak en de uitleg van het bebouwingspercentage. 3. Artikel 9 Algemene gebruiksregels In dit artikel zijn algemene regels mert betrekking tot het gebruik van de gronden en opstallen in het plangebied opgenomen. Hierin is aangegeven welke functies in ieder geval in strijd zijn met het bestemmingsplan. 4. Artikel 10 Algemene afwijkingsregels In dit artikel worden de voorwaarden beschreven waaronder kan worden afgeweken van een bestemmingsregel. Deze afwijkingen kunnen worden toegepast op alle bestemmingen in het bestemmingsplan. De afwijkingen die uitsluitend gelden voor een bepaalde bestemming zijn in het betreffende artikel van die bestemming opgenomen. 6.2.4
Overgangs- en slotbepalingen
In hoofdstuk 4 staan de overgangs- en slotbepalingen. In de overgangsbepalingen is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan.
6.3
Verantwoording van de regels
In dit bestemmingsplan wordt voorzien in een specifiek woonprogramma. Dit programma is omschreven in paragraaf 4.3 Programma. Het woonprogramma is vastgelegd in artikel 3 Wonen van de regels. Wonen is uitsluitend toegestaan in de vorm van zelfstandige woningen, met een maximum van 54 woningen. Bijzondere woonvormen zijn uitgesloten. Daarnaast gelden de volgende regels: Minimaal 40% van de woningen dient sociale huur te betreffen. Voor de definitie van sociale huur wordt aangesloten bij de wettelijke definitie uit artikel 1.1.1, eerste lid, onder d van het Besluit ruimtelijke ordening. De woningen, niet zijnde sociale huurwoningen, dienen een minimum gebruiksoppervlakte van 50m2 te hebben. Sociale huurwoningen dienen een dienen een minimum gebruiksoppervlakte van 42m2 te hebben.De gebruiksoppervlakte is de vloeroppervlakte binnen de bouwmuren bepaalt volgens NEN 2580 met dien verstande dat daarbij aangebouwde bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld. (NEN 2580 is de Nederlandse norm voor het bepalen van de oppervlakte en inhoud van een gebouw. Ook het Bouwbesluit en de Woningwet refereert naar deze norm.) Daarnaast moeten de woningen per woning voorzien zijn van een berging en buitenruimte. Een berging dient een oppervlak van ten minste 5m2 per woning te hebben.
De berging maakt geen deel uit van het gebruiksoppervlakte van de woning. Het begrip buitenruimte is niet nader gedefinieerd in de begripsbepalingen om flexibiliteit te behouden bij de mogelijke invulling. Er zijn geen aan- en bijgebouwen toegestaan. Deze regels zorgen ervoor dat een voldoende woon- en leefklimaat gegarandeerd wordt.
6.4
Handhaving
Het bestemmingsplan is bindend voor overheid en burger. Het bestemmingsplan biedt het juridisch kader waaruit de bouw- en gebruiksmogelijkheden per locatie kunnen worden afgeleid. Tegelijkertijd kan de gemeente naleving van het bestemmingsplan afdwingen door handhavend op te treden tegen strijdig gebruik en/ of illegale bebouwing. 28
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
De raad bepaalt ieder jaar in de begroting waar de handhavingsprioriteiten liggen. Op grond van de hoofddoelstelling uit het gemeentelijke 'Handhavingsplan Fysieke Leefomgeving 2011-2014'':'het zorgdragen voor een aantrekkelijke, leefbare en veilige leefomgeving' is onze inzet gericht op het toezicht en de handhaving van de regels die betrekking hebben op de bescherming van de veiligheid en kwaliteit van de leefomgeving. Handhaving is daarbij geen doel op zich, maar een van de instrumenten om een leefbare en veilige leefomgeving te creëren. Door toe te zien op de naleving van regelgeving wordt een bijdrage geleverd aan de verschillende doelen van de gemeente op het gebied van de veiligheid en leefbaarheid. De gemeente is in beginsel verplicht om te handhaven. De gemeente mag wel prioriteiten stellen, maar als er een handhavingsverzoek wordt ingediend dan moet de gemeente handhaven. De gemeente kan alleen in bijzondere gevallen van handhaving afzien, als de handhaving onevenredig is. Bijvoorbeeld als vaststaat dat de overtreding op heel korte termijn gelegaliseerd wordt.
6.5
Exploitatie
De gemeente maakt kosten om de ontwikkeling mogelijk te maken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de kosten van een bestemmingsplanprocedure. Deze kosten moet de gemeente volgens de wet (afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening) verhalen op de initiatiefnemer. Hierin staat dat, als het kostenverhaal niet anderszins verzekerd is (bijvoorbeeld via een privaatrechtelijke overeenkomst), de gemeente een exploitatieplan moet vaststellen Er is geen privaatrechtelijke overeenkomst gesloten. Daarom wordt een exploitatieplan vastgesteld.
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
29
Chw Bronbeeklaan 66
30
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Hoofdstuk 7 7.1
Procedure
Vooroverleg
Artikel 3.1.1 Bro overleg In het kader van artikel 3.1.1 Bro is het concept-bestemmingsplan opgestuurd naar het Waterschap. Publicatie voornemen ontwikkeling Volgens artikel 1.3.1 lid 1 van het Besluit ruimtelijke ordening moet het voornemen tot een op ontwikkeling gericht bestemmingsplan worden gepubliceerd.
7.2
Terinzagelegging (ontwerp-bestemmingsplan)
Het ontwerpbestemmingsplan heeft 6 weken ter inzage gelegen.
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
31
Chw Bronbeeklaan 66
32
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Bijlagen Bijlage 1 Stikstofberekening
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
33
Projectberekening
0
0
0
2
Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura -gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Gemeente Arnhem , Arnhem
Omschrijving Toelichting
Bronbeeklaan Bouwfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RNt6E2xzzas8 13 december 2022, 09:42 Wnb-rekengrid
Berekening
Totale emissie
Referentie - Referentie Bouwfase - Beoogd
Resultaten
Referentie - Referentie Bouwfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste depositie
Hexagon
Gebied
2022 2023
2.891,33 mol/ha/j 2.891,26 mol/ha/j 0,00 ha 127,36 ha 0,00 mol/ha/j 0,55 mol/ha/j
0,2 kg/j 1,5 kg/j
4259286 4259286
42,4 kg/j 38,6 kg/j Veluwe Veluwe
2/9
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 3 Anders... | Anders... | Werktuigen Verkeersnetwerk Gebouwen 1 Gebouw 1
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
1,5 kg/j 30,4 g/j
37,5 kg/j 1,1 kg/j
Rekenmaat (LxBxH, oriëntatie)
87,7 m x 32,1 m x 18,0 m, 178 °
3/9
Projectberekening
Referentie (Referentie), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 3 Wonen en Werken | Woningen | Stookinstallatie Verkeersnetwerk Gebouwen 1 Gebouw 1
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,2 kg/j
40,0 kg/j 2,4 kg/j
Rekenmaat (LxBxH, oriëntatie)
87,7 m x 32,1 m x 18,0 m, 178 °
4/9
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
5/9
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
127,36
Per gebied
Berekend (ha gekarteerd)
Veluwe (57)
127,36
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
2.891,10
0,00
0,00
127,36
0,55
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
2.891,10
0,00
0,00
127,36
0,55
6/9
Projectberekening
Bouwfase, Rekenjaar 2023
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
fi
Naam Werktuigen Gebouw Wijze van ventilatie Niet geforceerd Uittreedhoogte Temporele variatie Standaard Pro el Warmteinhoud Industrie
Gebouw 1 4,0 m 0,000 MW
4 Wegverkeer | Weg Naam Verkeersaantrekkende werking Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j Type scherm - NO₂ 23,7 g/j Hoogte - NH₃ 9,1 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Anders... | Anders...
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
2500 p/jaar 0 p/jaar 800 p/jaar 0 p/jaar
In le fi
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
2 Wegverkeer | Weg Naam Route 2 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
3
Voertuigen
2500 p/jaar 0 p/jaar 800 p/jaar 0 p/jaar
NOₓ NH₃
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j Type scherm - NO₂ 19,5 g/j Hoogte - NH₃ 7,5 g/j Afstand tot de weg - -
37,5 kg/j 1,5 kg/j
Links Rechts NOₓ 0,5 kg/j Type scherm - NO₂ 35,7 g/j Hoogte - NH₃ 13,8 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
5000 p/jaar 0 p/jaar 1600 p/jaar 0 p/jaar
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
1 Wegverkeer | Weg Naam Route 1 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
7/9
Projectberekening
Referentie, Rekenjaar 2022
3
Naam Stookinstallatie Gebouw Locatie 193534, 445999 Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele variatie Continue Emissie
Gebouw 1 18,0 m 0,000 MW
4 Wegverkeer | Weg Naam Verkeersaantrekkende werking Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ 0,7 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 53,9 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Wonen en Werken | Woningen
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
90.7 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le fi
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
2 Wegverkeer | Weg Naam Route 2 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Voertuigen
90.7 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
NOₓ
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 0,6 kg/j Type scherm - NO₂ 0,1 kg/j Hoogte - NH₃ 44,4 g/j Afstand tot de weg - -
40,0 kg/j
Links Rechts NOₓ 1,1 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 81,2 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
181.3 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
1 Wegverkeer | Weg Naam Route 1 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
8/9
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221004_3d4bf05159 Database versie 2021.2_3d4bf05159 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RNt6E2xzzas8 (13 december 2022)
9/9
Projectberekening
0
0
0
2
Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura -gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Gemeente Arnhem , Arnhem
Omschrijving Toelichting
Bronbeeklaan Gebruiksfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Rw8wRCHrSRWN 09 december 2022, 10:04 Wnb-rekengrid
Berekening
Totale emissie
Referentie - Referentie Gebruiksfase - Beoogd
Resultaten
Referentie - Referentie Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste depositie
Hexagon
Gebied
2022 2023
2.891,33 mol/ha/j 2.891,29 mol/ha/j 0,00 ha 108,64 ha 0,00 mol/ha/j 0,27 mol/ha/j
0,2 kg/j 0,2 kg/j
4259286 4259286
42,4 kg/j 33,1 kg/j Veluwe Veluwe
2/9
Projectberekening
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 3 Wonen en Werken | Woningen | Stookinstallatie Verkeersnetwerk Gebouwen 1 Gebouw 1
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,2 kg/j
29,8 kg/j 3,3 kg/j
Rekenmaat (LxBxH, oriëntatie)
87,7 m x 32,1 m x 18,0 m, 178 °
3/9
Projectberekening
Referentie (Referentie), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 3 Wonen en Werken | Woningen | Stookinstallatie Verkeersnetwerk Gebouwen 1 Gebouw 1
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,2 kg/j
40,0 kg/j 2,4 kg/j
Rekenmaat (LxBxH, oriëntatie)
87,7 m x 32,1 m x 18,0 m, 178 °
4/9
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
5/9
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
108,64
Per gebied
Berekend (ha gekarteerd)
Veluwe (57)
108,64
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
2.891,13
0,00
0,00
108,64
0,27
Hoogste totale Met toename (ha Grootste toename Met afname (ha Grootste afname depositie (mol gekarteerd) (mol N/ha/jr) gekarteerd) (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
2.891,13
0,00
0,00
108,64
0,27
6/9
Projectberekening
Gebruiksfase, Rekenjaar 2023
2 Wegverkeer | Weg Naam Route 2 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren 3
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Wonen en Werken | Woningen
Naam Stookinstallatie Gebouw Locatie 193534, 445999 Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele variatie Continue Emissie
Gebouw 1 18,0 m 0,000 MW
4 Wegverkeer | Weg Naam Verkeersaantrekkende werking Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
129.2 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Voertuigen
Links Rechts NOₓ 1,0 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 72,0 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
129.2 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
NOₓ
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 0,8 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 59,2 g/j Afstand tot de weg - -
29,8 kg/j
Links Rechts NOₓ 1,5 kg/j Type scherm - NO₂ 0,3 kg/j Hoogte - NH₃ 0,1 kg/j Afstand tot de weg - Voertuigen
258.4 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
1 Wegverkeer | Weg Naam Route 1 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
7/9
Projectberekening
Referentie, Rekenjaar 2022
3
Naam Stookinstallatie Gebouw Locatie 193534, 445999 Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele variatie Continue Emissie
Gebouw 1 18,0 m 0,000 MW
4 Wegverkeer | Weg Naam Verkeersaantrekkende werking Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ 0,7 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 53,9 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Wonen en Werken | Woningen
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
90.7 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le fi
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
2 Wegverkeer | Weg Naam Route 2 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Voertuigen
90.7 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
NOₓ
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 0,6 kg/j Type scherm - NO₂ 0,1 kg/j Hoogte - NH₃ 44,4 g/j Afstand tot de weg - -
40,0 kg/j
Links Rechts NOₓ 1,1 kg/j Type scherm - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - NH₃ 81,2 g/j Afstand tot de weg - Voertuigen
181.3 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
In le
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 % fi
1 Wegverkeer | Weg Naam Route 1 Wegtype Binnen bebouwde kom (doorstromend) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogte ligging Normaal Weghoogte 0m Beschrijving Voertuigtype/euroklasse
8/9
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2021.2_20221004_3d4bf05159 Database versie 2021.2_3d4bf05159 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
Rw8wRCHrSRWN (09 december 2022)
9/9
Chw Bronbeeklaan 66
52
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Regels van het bestemmingsplan Chw Bronbeeklaan 66 (plannummer: NL.IMRO.0202.1018-0301)
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
53
Chw Bronbeeklaan 66
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels Begrippen
1.1 plan Het bestemmingsplan Chw Bronbeeklaan 66 met identificatienummer NL.IMRO.0202.1018-0301 van de gemeente Arnhem. 1.2 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik of het bebouwen van deze gronden. 1.4 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 aaneengebouwde woning Een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van minimaal drie woningen waarvan de hoofdmassa aan elkaar gebouwd / verbonden is. 1.6 administratief kantoor Een in beginsel niet voor het publiek openstaand kantoor. 1.7 bebouwing Eén of meer gebouwen of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.8 bebouwingspercentage Een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage dat de grootte van een gedeelte van een bestemmingsvlak of gedeelte van een bouwvlak aangeeft dat ten hoogste mag worden bebouwd. 1.9 bed and breakfast Overnachtingsaccomodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een kortdurend verblijf met het serveren van een ontbijt in een woning, gedreven door de bewoner van die woning.
1.10 bedrijf Een onderneming of gedeelte van een onderneming, die een organisatorisch zelfstandige eenheid vormt en is gericht op de productie of de afzet van goederen of de verlening van diensten, hieronder begrepen ondernemingen of gedeelten van ondernemingen, die door of vanwege de overheid worden geleid. 1.11 bedrijfswoning / dienstwoning Een woning in of bij een gebouw of op een terrein, bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of terrein noodzakelijk is. 1.12
beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem
De 'Beleidsregels Parkeren Arnhem 2022', dan wel zoals deze regels komen te luiden na wijziging van deze regels. 1.13 beroep aan huis Een (para)medisch, juridisch, administratief, therapeutisch, verzorgend, ontwerptechnisch, kunstzinnig of daarmee gelijk te stellen beroep of bedrijf dat in een woning wordt uitgeoefend. 1.14 bestaand(e) a. bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van de ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan en bouwwerken die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; b. bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan dat na de inwerkingtreding van het plan niet langer onderbroken is dan een jaar.
54
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
1.15 bestaande bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde en niet zijnde een tijdelijk toegestaan bouwwerk, die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan volgens het geldende recht aanwezig of in uitvoering zijn dan wel na dat tijdstip zijn of mogen worden opgericht krachtens een omgevingsvergunning, die vóór dat tijdstip is aangevraagd. 1.16 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.17 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.18 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.19 bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aan gebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.20 bijgebouw Een zelfstandig bouwwerk dat niet in directe verbinding staat met het hoofdgebouw. Het bijgebouw wordt via een aparte toegangsdeur bereikt en kan tegen een hoofdgebouw worden aangebouwd. Voorbeelden van een bijgebouw zijn een garage of een schuur. 1.21 bijzondere woonvorm Een woonvorm waar bewoners nagenoeg zelfstandig wonen met (voorzieningen voor) verzorging en begeleiding (ook 24-uurs begeleiding) en daar niet verblijven met het doel om therapeutisch behandeld te worden.
1.22 bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.23 bouwgrens De grens van een bouwvlak. 1.24 bouwlaag Een geheel van voor personen toegankelijke ruimten, waarbinnen de vloerhoogte niet meer dan 1,20 meter varieert, met uitsluiting van onderbouw en zolder of vliering casu quo kapruimte. 1.25 bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.26 bouwperceelgrens Een grens van een bouwperceel. 1.27 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.28 bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.29 brutovloeroppervlak: De oppervlakte van een ruimte of een groep van ruimten, gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingswanden, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimtes omhullen, waarbij de oppervlakte van delen van vloeren, waarboven de netto hoogte kleiner is dan 1,5 meter niet worden meegerekend.
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
55
Chw Bronbeeklaan 66
1.30 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen het uitstallen ten verkoop, het verkopen of leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; dienstverlening door een horecabedrijf, internetverkoop en bezorgservices of bezorgdiensten zoals dark stores worden hieronder niet begrepen. 1.31 dienstverlenend bedrijf Bedrijven met een uitsluitend of in hoofdzaak dienstverlenende of verzorgende taak, die naar aard, verschijningsvorm en gevolgen voor de omgeving als verwant aan detailhandel kunnen worden aangemerkt, zoals een reis- of uitzendbureau, kap- of schoonheidssalon, zonnestudio, hypotheekwinkel, baliefunctie van banken en van andere kantoren, alsmede andere vormen van dienstverlening met een overwegende baliefunctie. Horeca, detailhandel, bezorgservices of bezorgdiensten zoals dark stores, seksinrichting en garagebedrijven worden hieronder niet begrepen. 1.32 dunning Velling welke uitsluitend is bedoeld als een verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende bo(o)m(en), bos of houtopstand.
1.33 evenment Een tijdelijke activiteit in de openlucht of in een tijdelijk onderkomen, gericht op het bereiken van publiek voor commerciële, educatieve, culturele, sportieve, levensbeschouwelijke of daarmee gelijk te stellen doeleinden, al dan niet met versterkt geluid door middel van één of meerdere muziek- en/of omroepinstallaties. 1.34 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.35 gebruiksoppervlakte De vloeroppervlakte binnen de bouwmuren bepaald volgens NEN 2580 met dien verstande dat daarbij aangebouwde bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld. 1.36 gezondheids- en welzijnszorg Geneeskundige verzorging en verpleging zoals ziekenhuizen; medische, tandheelkundige en paramedische praktijken; apotheken; verpleeg- en verzorgingshuizen; dag- en nachtvoorzieningen voor gehandicapten, psychiatrische patiënten, jongeren en maatschappelijke opvang met (therapeutische) behandeling inclusief overnachting; maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting: dienstverlening gericht op ouderen en gehandicapten, kinderopvang en buitenschoolse opvang, jeugdzorg, maatschappelijk werk en dergelijke.
1.37 grondgebonden woning Een gebouw, dat een vrijstaande woning of meerdere aaneengebouwde, uitsluitend naast elkaar en niet boven elkaar gelegen, woningen omvat. 1.38 hoeksituatie Een perceel dat met minimaal twee aaneengesloten zijden grenst aan een weg of elkaar kruisende wegen. 1.39 hoofdgebouw Eén of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.
56
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
1.40 horeca - 1 Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van etenswaren, niet zijnde maaltijden, en het schenken van (zwak-alcoholische) dranken, met openingstijden overwegend tijdens de dagperiode, zoals lunchrooms, broodjeszaken, koffiezaken, juicebars, ijssalons. 1.41 horeca - 2 Een horecabedrijf gericht op het overwegend via counterverkoop verstrekken van etenswaren, zoals fastfood, niet zijnde maaltijden, en (zwak-alcoholische) dranken met openingstijden tijden dag- en avondperiode, zoals cafetaria's, snackbars, grill-rooms, shoarmaroom, pizzeria, fastfood restaurants en afhaalcentra. 1.42 horeca - 3 Een horecabedrijf gericht op het serveren van maaltijden en dranken in een restaurant-setting met openingstijden tijdens de namiddag en vroege avond, zoals restaurants, bistro, fastcasual concepten, grand-cafés en café-restaurants. 1.43 horeca - 4 Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van (niet)-alcoholische drank als hoofdfunctie met daaraan ondersteunend het verstrekken van etenswaren met openingstijden zowel tijdens de dag- als avond- en nachtperiode, zoals cafés, cocktail-bars, wijnbars en shisha-lounges.
1.44 horeca - 5 Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van dranken en eventueel etenswaren in combinatie met (live) entertainment of harde/elektronisch versterkte muziek, met openingstijden tijdens de avond- en nachtperiode, zoals discotheken, (nacht)clubs en andere uitgaansconcepten. 1.45 horeca - 6 Een horecabedrijf gericht op het bieden van nachtverblijf met openingstijden in de regel dagrond, al dan niet met een nachtportier of een onbemande receptie, zoals hotels, B&B met meer dan 4 slaapplaatsen, hostels en pensions. 1.46 horecabedrijf Een bedrijf of instelling gericht op het verstrekken van logies, van maaltijden en spijzen of van dranken, alsmede het exploiteren van zaalaccommodatie; detailhandel wordt hier niet onder begrepen. 1.47 hospes/hospita De 100% economisch en juridisch eigenaar die zélf daadwerkelijk in het gebouw woont en minimaal 50% van de gebruiksoppervlakte van het gebouw gebruikt voor zijn eigen huishouden en maximaal 2 onzelfstandige wooneenheden verhuurt. Kenmerkend voor de hospes/hospita is dat de huurder van een wooneenheid de toiletruimte, badruimte en de keuken deelt met de eigenaar van de woning. De onzelfstandige wooneenheden mogen niet beschikken over eigen voorzieningen, als badgelegenheid, keuken en/of toilet. 1.48 internetverkoop Detailhandel zonder showroom, waarvan de handel voornamelijk via internet en andere media verloopt.
1.49 kamergewijze bewoning Een gebouw waarin zich 3 onzelfstandige wooneenheden of meer bevinden. 1.50 kantoor Een ruimte, of bij elkaar horende ruimten, die bestemd zijn om voornamelijk te worden gebruikt voor administratieve werkzaamheden of dienstverlening. 1.51
kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten (externe veiligheid)
kwetsbare objecten: 1. woningen, met uitzondering van: a. verspreid liggende vrijstaande woningen van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen per ha; b. dienst- en bedrijfswoningen behorende van derden;
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
57
Chw Bronbeeklaan 66
2. gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: a. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; b. b. scholen; c. c. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; 3. gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, zoals: a. kantoorgebouwen en hotels met een bedrijfsvloeroppervlak van meer dan 1500 m2 per object; b. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk bedrijfsvloeroppervlak meer dan 1000 m2 bedraagt en winkels met een totaal bedrijfsvloeroppervlak van meer dan 2000 m2 per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; 4. kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen. beperkt kwetsbare objecten: 1. verspreid liggende woningen van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen per hectare; 2. dienst- en bedrijfswoningen van derden; 3. kantoorgebouwen, voor zover zij niet onder kwetsbare objecten vallen; 4. hotels en restaurants, voor zover zij niet onder kwetsbare objecten vallen; 5. winkels, voor zover zij niet onder kwetsbare objecten vallen; 6. sporthallen, zwembaden en speeltuinen; 7.
sport- en kampeerterreinen en terreinen bestemd voor recreatieve doeleinden, voor zover zij niet onder kwetsbare objecten vallen; 8. bedrijfsgebouwen, voor zover zij niet onder kwetsbare objecten vallen; 9. objecten die met de onder 1 tot en met 5 en 7 genoemde gelijkgesteld kunnen worden uit hoofde van de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven, het aantal personen daar verblijven, het aantal personen dat daarin doorgaans aanwezig is en de mogelijkheden voor zelfredzaamheid bij een ongeval, voor zover die objecten geen kwetsbare objecten zijn; 10. objecten met een hoge infrastructurele waarde, zoals een telefoon- of elektriciteitscentrale of een gebouw met vluchtleidingsapparatuur, voor zover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen de gevolgen van dat ongeval. 1.52 normaal onderhoud, gebruik en beheer Gebruik gericht op het in zodanige conditie houden van objecten of de terreingesteldheid dat het voortbestaan van deze objecten of de terreingesteldheid op ten minste het bestaande kwaliteitsniveau wordt gehouden. Onder normaal onderhoud, gebruik en beheer wordt ook dunning van beplanting begrepen. 1.53 nutsbedrijven Bedrijven die uitsluitend of in hoofdzaak zijn gericht op a. de levering van elektriciteit, gas, water en warmte; b. de verzorging van telecommunicatie; c.
de afvoer en verwerking van afvalstoffen. 1.54 onderbouw Een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer, waarvan de bovenkant minder dan 1,20 meter boven peil is gelegen. 1.55 onderwijs Georganiseerde communicatie van niet-incidentele aard met als doel overdracht van kennis, vermeerdering van inzicht en/of aanleren van vaardigheden zoals primair en speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar (beroeps)onderwijs en educatie, tertiair onderwijs en overig onderwijs en bij onderwijs behorende sportvoorzieningen. 1.56 onzelfstandige wooneenheid Een onzelfstandig gedeelte van een gebouw bedoeld voor de huisvesting van één huishouden. 58
"Chw Bronbeeklaan 66" (vastgesteld)
Chw Bronbeeklaan 66
Kenmerkend voor de wooneenheid is het gezamenlijk gebruik (met andere wooneenheden) van een toiletruimte, badruimte en/of een keuken. Een wooneenheid kan uit meerdere ruimten bestaan. 1.57 openbare dienstverlening Openbaar bestuur en overheidsdiensten zoals een politiebureau, gemeentehuis, gerechtsgebouw, brandweerkazerne, bibliotheek en penitentiaire inrichting; uitvaartverzorging, crematoria en begraafplaatsen. 1.58 overig bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.59 pand De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig- constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. 1.60 peil 1. Voor een gebouw , waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg of pad grenst: de hoogte van die weg of dat pad ter plaatse van de hoofdtoegang; 2. voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; 3. voor een ander bouwwerk: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse bij voltooiing van de bouw; 4. voor zover als zodanig aangegeven in de bestemmingsregels: Normaal Amsterdams Peil (N.A.P.).
1.61 productiegebonden detailhandel detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie. 1.62 prostitutie Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.63 prostitué(e) Degene, die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.64 publiekgericht kantoor Een kantoor ten behoeve van technische, administratieve of persoonlijke dienstverlening, (hieronder niet begrepen detailhandel of horeca-activiteiten), met een publiekaantrekkend karakter, dan wel met een baliefunctie. 1.65 raamprostitutie Een vorm van prostitutie waarbij de werving van klanten geschiedt door een prostitué(e) die door houding, gebaren, kleding of anderszins, vanuit een vitrine de aandacht op zich vestigt en waarbij de seksuele handelingen in een voor het publiek besloten ruimte plaatsvinden. 1.66 seksinrichting Een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte (hieronder wordt mede begrepen een voer- of vaartuig) waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van pornografische aard plaatsvinden.