CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Politieke Avond 1 februari 2023, gemeente Arnhem19.122 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Niet alleen het woningproduct maar ook de woonomgeving bepaalt de kwaliteit van wonen en leven in Schaapsdrift; nu en in de toekomst. Aandachtspunten bij de gebiedsontwikkeling zijn daarbij: • Richt de openbare ruimte groen, klimaatadaptief en aantrekkelijk in voor verschillende doelgroepen & leeftijdscategorieën. • Zorg voor een levendige plint met diversiteit aan functies bij gebouwd programma in de buurt van het station en HAN-terrein. • Borg een gezonde fysieke leefomgeving.

Borg het aandeel betaalbare woningen in Schaapsdrift: • Uitgangspunt is om in de nieuwbouw 66% betaalbare woningen te realiseren, waarvan: • Minimaal 30% in de sociale huur (in premium partnership met de corporaties). • Bereikbare koop tot 355.000 euro. Waarbij betaalbare koop tot 250.000 euro heel gewenst is, maar moeilijk haalbaar.

Bouw voor de verschillende doelgroepen: • Bouw voor starters, studenten, ouderen en gezinnen, biedt een brede range aan van type en grootte woningen en/of appartementen. • Kleine woningen (25-50 m²) voor studenten en/of zorgwoningen zijn alleen mogelijk bij zeer hoge kwaliteit gemeenschappelijke voorzieningen en omgeving/ buitenruimte (groen, autoluw, looproutes, ontmoetingsplekken etc).

Opgave en onderzoeksvragen De ontwikkeling van Schaapsdrift biedt kansen voor een versterking van de bestaande wijk met een toekomstbestendig woonprogramma, waarbij mensen zich met deze plek verbonden voelen. Toekomstbestendig betekent dat voor zowel bestaande als nieuwe bewoners een lange wooncarrière in de eigen wijk mogelijk is, dan wel doorstroming naar omliggende gebieden . En toekomstbestendig betekent ook een stadswijk waarin werk is gemaakt van een gezonde fysieke leefomgeving, een autoluwe zone, flexibele woonvormen en -concepten. De uitwerking in de gebiedsvisie en stedenbouwkundig plan moet inzichtelijk maken welke doelgroepen, typen en aantallen woningen gerealiseerd kunnen worden in een woonomgeving die daarbij past Aanvullend onderzoek naar doelgroepen en bijbehorende woonconcepten is hiervoor nodig. Datzelfde geldt voor het gewenste serviceniveau van de wijk. Deze moet passen bij de bestaande en gewenste doelgroepen en ruimtelijke mogelijkheden.

4.2 Werken & voorzieningen Als wonen, werken en voorzieningen elkaar goed aanvullen, ontstaat ruimte voor dynamiek, levendigheid en ontmoeting, kan Schaapsdrift zich onderscheiden van omliggende wijken. Werkgelegenheid creëren rond OV-knooppunten sluit aan bij de uitgangspunten. De nabijheid van de kenniscampus en de combinatie met onderwijsfaciliteiten bieden kansen voor (nieuwe) bedrijvigheid.

Ziegler | Branderhorst

44

Beleidskader

Opgaven en onderzoeksvragen

De Concept Kantorennota 2022-2030 (november 2022) stelt dat er vooral behoefte is aan kwalitatieve meters op toekomstbestendige locaties. OV-locaties worden voor kantoorgebruikers steeds belangrijker. Er is in Arnhem een overaanbod aan kantoren, maar er is een tekort aan toekomstbestendige locaties. In de Kantorennota is het programma rondom station Arnhem Presikhaaf niet opgenomen, maar in nota staat wel dat het toevoegen van (kleinschalige) kantoorconcepten (op de OVlocaties station Presikhaaf/Schaapsdrift) kan worden verkend.

Hoe kan de gewenste mix van wonen, werken en voorzieningen in de Schaapsdrift een plek krijgen? • Onderzoek op welke wijze het streven naar werk- en voorzieningenprogramma, met uitgangspunt een-baan-per-een-woning, binnen het plangebied ontwikkeld kan worden in de gewenste mix en stapeling met wonen. • Onderzoeken van mogelijkheden en ruimtebehoefte voor bedrijvigheid (inclusief maatschappelijke voorzieningen en onderwijsfaciliteiten) op basis van het uitgangspunt verdichting rondom OVlocaties uit de verstedelijkingstrategie én rekening houdend met de stadsbrede werkgelegenheidsopgave. Dit uitwerken in een werk- en voorzieningenprogramma passend bij de economische werkgelegenheidsdoelstelling van de stad om een-baan-per-een-woning realiseren in een groeiende stad. • Onderzoeken of een bouwmarkt, in de vorm van een city-concept gemengd met andere functies, kan terugkeren in het plangebied of elders in Arnhem. • Onderzoek in het kader van de wijkeconomie of er draagvlak is voor een gemakswinkel/ kleine supermarkt in de nabijheid van het station.

Uitgangspunten • Breng het gebied in balans door voor elke toegevoegde woning te streven naar een extra baan. • Wonen, werken en voorzieningen moeten zowel ruimtelijk als qua programma slim gemixt worden en elkaar aanvullen om zodoende een aantrekkelijke wijk te vormen. • Houd er rekening mee dat het programma geen concurrentie mag vormen met winkelcentrum Presikhaaf en buurtstrip Vrij Nederlandstraat. De ontwikkeling rondom Schaapsdrift is te klein om een extra buurtstrip te legitimeren. • Er is beperkt ruimte voor horeca, voornamelijk wijkhoreca. • Het gebied rondom station Arnhem Presikhaaf biedt kansen voor kantoren, met name door de nabijheid van de kenniscampus en in combinatie met onderwijsfaciliteiten.

4.3 Mobiliteit Station Arnhem Presikhaaf is een knooppunt in de ontwikkeling van een groeiend stadsdeel Arnhem-Oost. De woonontwikkelingen in Arnhem-Oost versterken het belang van dit station. Daarnaast is de Kenniscampus regio Arnhem een belangrijke bestemmingen nabij het station. Het station is daarmee een middelpunt van wonen, werken, reizen en onderwijs.

Ziegler | Branderhorst

46

Beleidskader De volgende beleidsdocumenten zijn van toepassing op de locatie: Accentnota Fiets : zet in op goede fietsverbindingen van en naar stations en goede en voldoende fietsparkeerfaciliteiten. Toekomstbeeld Stedelijk OV ArnhemNijmegen: Arnhem Presikhaaf blijft een HOVhalte binnen het openbaar vervoersysteem van Arnhem en de regio. Momenteel wordt gewerkt aan een Duurzaam Mobiliteitsplan en Parkeerbeleid.

Uitgangspunten • Opwaardering station Arnhem Presikhaaf is noodzakelijk. Dit moet samen met alle partners zoals Rijk, NS en ProRail worden uitgewerkt. • Het station is nu onvoldoende toegankelijk. De gemeente is in gesprek met ProRail om dit te verbeteren. • Ontwikkelen dichtbij het station biedt kansen voor een waardig alternatief voor de auto. Het toepassen van het ontwerpprincipe ‘STOMP’ helpt bij het creëren van een autoluwe omgeving, met meer ruimte voor lopen en fietsen. • Het spoor- en plangebied dient bereikbaar te zijn voor hulpdiensten. • Met de herontwikkeling streven we naar centraal parkeren mogelijk te maken. Dit biedt mogelijkheden voor een combinatie met andere modaliteiten. Hierdoor ontstaat voldoende parkeergelegenheid voor bewoners. • Het verbeteren van de fiets- en voetgangersverbinding tussen de noord- en zuidkant van het spoor, door middel van tunnels onder het spoor.

• Station Arnhem Presikhaaf blijft een HOVhalte binnen het openbaar vervoersysteem van Arnhem en de regio. De bereikbaarheid per (HOV-)bus moet dus worden gewaarborgd. • De HAN (en de KennisCampus) is een belangrijke bestemming voor reizigers in het gebied. Het verbeteren van de toegang van en naar de HAN is een belangrijk uitgangspunt. De verbeteringen kunnen worden gezocht op en nabij het station, maar bijvoorbeeld ook met een of meerdere tunnels onder het spoor.

De ambities en opgaven voor mobiliteit op de kaart geprojecteerd met de huidige OV-verbindingen Ziegler | Branderhorst

48

Opgaven en onderzoeksvragen • Creëer een autoluwe omgeving vanuit het ontwerpprincipe STOMP. Onderzoek hoe centraal parkeren hieraan bijdraagt, of dit de vorm kan krijgen van centraal parkeren waarbij parkeren door buurtbewoners de voornaamste functie is, en hoe deze eruit zou moeten zien.Onderzoek daarbij de toegankelijkheid en consequenties voor servicediensten, zoals vuilniswagens, hulpdiensten enzovoort. • Onderzoek welke parkeernorm met en zonder regulering mogelijk is. Onderzoek de verkeerskundige gevolgen van het toevoegen van programma voor de (auto) mobiliteit. Bekijk daarbij ook de afwaardering van de Wichard van Pontlaan/Laan van Presikhaaf van 50km/u naar 30 km/u. Om dit te beoordelen in het netwerk is het noodzakelijk om ook de verkeersstructuur rondom de Wichard van Pontlaan mee te nemen. Daarnaast zijn in de omgeving meerdere ruimtelijke ontwikkelingen die hun weerslag hebben op de infrastructuur. Deze projecten moeten worden meegenomen in het onderzoek. Wegen en straten die moeten worden onderzocht zijn: Wichard van Pontlaan, Laan van Presikhaaf, IJssellaan, Lange Water, Velperweg.

• Onderzoek de gewenste opwaardering van station Presikhaaf: wat zijn de gevolgen van de ruimtelijke ontwikkelingen in ArnhemOost voor het gebruik van het station? Wat is de verwachte studentengroei van de HANcampus? Welke autonome ontwikkeling ziet de NS? Door deze drie vragen te beantwoorden is inzichtelijk wat de inzet moet zijn voor het station.

4.4 Stadsklimaat & groen Schaapsdrift en omgeving liggen op de onderste rand van de Veluwestuwwal en nabij de overgang naar de voormalige uiterwaarden van de IJssel. Met het Beekdal op de Paasberg, het park Sacré Coeur en park Presikhaaf maakt het onderdeel uit van een groter geheel van landgoederen en groengebieden in dit deel van de stad. Deze groengebieden vormen dan ook een waardevol leefgebied voor flora en fauna. Alhoewel Schaapsdrift aan deze groengebieden ligt is het gebied zelf niet groen. Bomen, speelplekken en buurtgroen ontbreken. Niet alleen kan dat snel leiden tot wateroverlast, ook in warme perioden (hittegolven) zal het gebied snel opwarmen en slecht afkoelen waardoor het een minder aangenaam verblijfsgebied wordt waar hittestress wordt ervaren. Hoewel het plangebied aan bijna drie zijden begrensd wordt door koele parken, kleurt op de hittekaart het gebied oranje tot rood. Ten aanzien van water is het gebied gevoelig voor wateroverlast (o.a. Velperweg tussen de Huijghenslaan en de Esperantolaan en de tunnelbak bij station Arnhem Presikhaaf). Door het plangebied stroomt de Beek op de Paasberg, vanaf de Velperweg nog een klein stukje bovengronds, maar al snel gaat de beek ondergronds en is deze niet meer zichtbaar. De beek is pas in de heemtuin in park Presikhaaf weer zichtbaar.

Vanuit klimaatadaptatie, water- en groenkwaliteit en een aantrekkelijke woon- en leefomgeving een gemiste kans die verzilverd moet worden passend bij de historie van dit gebied. Ziegler | Branderhorst

50

Beleidskader Beleidskaders voor stadsklimaat en groen zijn verankerd in de Groenvisie , Bomenplan en de Strategie klimaatadaptatie. Ook geeft het huidige coalitieakkoord richting aan de uitgangspunten voor Schaapsdrift.

Uitgangspunten Ecologie:

• Versterk de ecologische, landschappelijke en recreatieve verbinding tussen de parken. Bijvoorbeeld met verbindingen onder de spoorlijn door. Daarbij mag geen verstoring door verlichting in het park en omgeving plaatsvinden. • Behoud de Heemtuin, boerderij en erf en weides als educatieve stadsboerderij (Natuurcentrum), als kwaliteit vanuit educatie, stadslandbouw en natuur. • De parken hebben een groenbestemming. • Vergroot parken en ecozones langs het spoor en zet deze in voor het verbinden van natuur. Ecozones zijn 40m breed. Versterk het leefgebied van aanwezige soorten en nieuwe stadssoorten (o.a. vleermuis, huismus, gierzwaluw, vlinders en wilde bijen).

Natuurinclusief bouwen, inrichten (omgeving) en beheren (Puntensysteem): • Duurzaam behoud van bestaand groen en bomen en uitbreiden. • Hanteer de 3-30-300 regel voor bomen (zicht op 3 bomen vanuit je huis, 30% bladerdek en ieder huis ligt 300 meter af van een park). Hierbij is boominclusief ontwerpen het uitgangspunt met behulp van een Boomafwegingsrapportage. Let op de toegankelijkheid van de openbare ruimte en eventueel aan te leggen speelplek(ken).

Water en klimaatadaptatie: • Een klimaatadaptieve buurt ontwikkelen/ herinrichten betekent dat het aspect klimaatadaptatie (water en hitte) in alle onderdelen van het proces een plek moet krijgen. De basis vormt het verwijderen van overbodige verharding (min. 10%). Voor hitte kan dat ook betekenen dat het naast de ruimtelijke inpassing ook een plek moet krijgen in het beeldkwaliteitsplan omdat het kan gaan over materialen, kleuren en externe maatregelen aan gebouwen. • Aandachtspunt is de ligging van het transportriool (ei 1200/1800 mm) uit 1930.

Opgaven en onderzoeksvragen • Gebruik de geomorfologie / bodem en watersysteem als kader voor het ontwerp. Het gebied ligt op de grens van stuwwal en polder, met de daarbij behorende ondergrond. Stroomgebied en ligging van bestaande en nieuwe beken zijn elementen om hierin mee te nemen. Leemlagen zijn aanwezig in het noordelijk deel van dit gebied. Het is niet toegestaan deze te beschadigen. • Houd water zoveel mogelijk vast (natuurlijk groen) en zichtbaar om water te bufferen en de afstroom te vertragen. Onderzoek hoe de beek bovengronds gehaald kan worden en ruimtelijk een plek kan krijgen in de gebiedsontwikkeling. Houd rekening met de opvang van (regen-)water binnen het gebied, de gevoeligheid voor wateroverlast en mogelijke overloop vanaf de Velperweg. • Laat met het landschap en beplanting in de openbare ruimte (bomen, struiken en water) zien waar je bent, met bijvoorbeeld andere soorten groen op de stuwwal en in de polder. Ontwerp het gebied natuur-, klimaat- en bomeninclusief, en maak gebruik van het Klimaattoets en natuurinclusief bouwen puntensysteem. Neem hierbij ruimte voor spelen en ontmoeten mee (ca 10 % voor kinderen en jeugd).

De belangrijkste uitgangspunten en huidige (hinder)contouren voor stadsklimaat en groen geprojecteerd op de kaart Ziegler | Branderhorst

52

4.5 Energie & circulariteit In Arnhem streven we naar een duurzame stad en een circulaire economie. In deze gebiedsontwikkeling passen we dit beleid toe op energie en duurzaam bouwen.

Ziegler | Branderhorst

54

Beleidskader

Opgave en onderzoeksvragen

Het beleidskader voor energie & circulariteit is verankerd in de Woondeal regio ArnhemNijmegen van 4 maart 2020 en New energy made in Arnhem 2020 – 2030, ‘De Arnhemse aanpak van de wijkgerichte energietransitie’. Dit geeft input voor de uitgangspunten.

Onderzoek naar mogelijkheden om het gebied en de omgeving aardgasvrij maken . Voor wat betreft de warmteoplossing wordt gevraagd verder te gaan dan alleen hun eigen ontwikkeling en onderzoek te doen naar de mogelijkheden om een deel van de omliggende gebouwde omgeving tevens van het aardgas af te halen. Het doel is om het momentum van de ruimtelijke ontwikkeling te benutten om ook (een deel van de) omliggende bestaande bebouwing van het aardgas af te halen.

Uitgangspunten

Bouw met circulaire bouwmaterialen: • Voor sociale woningbouw geldt het uitgangspunt minimaal 25% gebruik van circulaire bouwmaterialen voor projecten tussen 2020-2030. Voor 2030-2050 geldt 50% en na 2050 geldt het gebruik van 100% circulaire bouwmaterialen. • Het percentage circulaire bouwmaterialen toetsen in de eenheid kilogram. De circulaire impactladder is beschikbaar voor het toetsen van het percentage circulariteit in projecten. Deze impactladder maakt het mogelijk de mate van circulariteit in een woningbouwplan te meten. • Ontwerp toekomstbestendig: zorg ervoor dat componenten in de toekomst kunnen worden gedemonteerd zodat ze opnieuw te gebruiken zijn en zorg dat er materiaalpaspoorten en/of een gebouwpaspoort is waardoor informatie hierover te ontsluiten is. Nieuwbouw en energie: • Bij nieuwbouw wordt alleen lage temperatuur verwarming toegestaan. Individueel dan wel collectief. Hieronder verstaan we: 35 tot 50 graden Celsius. Deze vereiste is in de Transitievisie Warmte opgenomen, die op 17 februari 2022 is vastgesteld door de gemeenteraad. • Energieneutraliteit is het streven.

4.6 Milieu & bodem In Arnhem streven we naar een gezonde fysieke leefomgeving, rekening houdend met de ondergrond, bovengrond en de milieuhinder aspecten.

De uitgangspunten en huidige (hinder)contouren voor milieu en bodem geprojecteerd op de kaart Ziegler | Branderhorst

56

Beleidskader Wet bodembescherming, Besluit bodemkwaliteit, Beleidsnota bodem (2012) Provincie Gelderland Arnhem- Nijmegen, Bodembeheernota 2011; Milieu Regio Arnhem (MRA), Verordening Kabels en Leidingen gemeente Arnhem (2013), Beleidsplan geluid (2008), Nota uitvoeringsbeleid hogere grenswaarde gemeente Arnhem (2007), Beleidsplan geur (2010), Beleidsplan externe veiligheid (2005) met verlenging (2015), Handleiding ”omgaan met conventionele explosieven uit de 2e WO binnen de gemeente Arnhem” tijdens grondroerende werkzaamheden (2016).

Uitgangspunten • Het creëren van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. • Houd rekening met geluidshinder van wegen Wichard van Pontlaan, Oude Velperweg en Velperweg. • Houd rekening met geluid, trillingen en externe veiligheid (transport van gevaarlijke stoffen) van het spoor. • Houd rekening met de aanwezige bodemverontreiniging in het gebied. Sanering in het gebied loopt • Leemlagen zijn aanwezig in het noordelijk deel van dit gebied. Het is niet toegestaan deze te beschadigen (zie kaart leemlagen). • In de ondergrond van Schaapsdrift ligt een belangrijk transportriool (ei 1200/1800 mm) uit 1930 (zie kaartje riolering).

Opgaven en onderzoeksvragen Bodem:

• Onderzoek welke bodemkwaliteit (klasse wonen, stedelijk wonen of zelfs industrie) gewenst is om te zorgen voor een gezonde fysiek leefomgeving. • Onderzoek of de lopende sanering reeds toereikend is. Mogelijk is het doel van de beoogde bodemkwaliteit al bereikt. Mocht dit niet voldoende zijn dan onderzoeken wat nodig is om de boogde bodemkwaliteit te bereiken.

Milieu: Zorg voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving binnen het plangebied Schaapsdrift, rekening houdend met de hinder door wegen en het spoor. In de ontwerpfase kan dit worden onderzocht door: • Geluidsrapport opstellen door extern bureau waarbij de maatregelen (opties) worden aangegeven op basis van de geluidssterkte op de bron en de ontvanger voor geluidsgevoelige functies. • Onderzoek hoe de stedenbouwkundige opzet kan bijdragen aan de bovenstaande opgave, bijvoorbeeld door middel van afschermende bebouwing, afstand te creëren tussen de bron en bebouwing, bebouwing die bestand is tegen trillingen van het spoor. • Neemt de geluidshinder af wanneer de Wichard van Pontlaan wordt afgewaardeerd naar 30km/u? Neemt de geluidshinder toe wanneer treinen frequenter stoppen op station Presikhaaf ?

4.7 Integrale ambitie- en opgavenkaart De startnotitie brengt de kaders, uitgangspunten en opgaven voor Schaapsdrift en omgeving in beeld en vertaalt deze naar de integrale ambitie- en opgavenkaart. Voor Schaapsdrift staat betaalbaar wonen, menging van wonen en werken, bereikbaarheid en vergroening voorop. Daarnaast moet de gebiedsontwikkeling bijdragen aan de vier gestelde doelen voor het gebied: Verbonden, Energiek, Nieuwe Arnhemse Mix en Trots op Oost. Er zijn zestien opgaven geformuleerd die de vier doelen versterken.

Ziegler | Branderhorst

58

Verbonden 1. Gebiedsontwikkeling Schaapsdrift aan laten sluiten op de omliggende wijken en rekening houden met de historische kwaliteiten, eigen signatuur en de ligging nabij het station. 2. De wijken Plattenburg en Schaapsdrift (hernieuwd) verbinden met park Sacré Coeur door nieuwe routes en verbindingen en door een samenhangende uitstraling en sfeer te creëren. 3. Opwaardering station Arnhem Presikhaaf; door een functionele verbetering en een kwaliteitsimpuls van station en stationsomgeving in balans met de direct woon- en leefomgeving. 4. Creëer een autoluwe omgeving vanuit het ontwerpprincipe STOMP en onderzoek welke reductie ten aanzien van de parkeernorm mogelijk is gezien de nabijheid van het station Presikhaaf.

Nieuwe Arnhemse Mix 5. Wonen, werken en voorzieningen gemengd om zo een aantrekkelijke stadswijk te creëren als aanvulling op omliggende wijken. 6. Natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen in combinatie met het toepassen van het 3-30-300 principe voor een groene duurzame stadswijk. 7. Kans om stedelijke ambitie te versmelten met het kleinschalige karakter van Schaapsdrift en omgeving. 8. Waarbij we tussen de 500 en 1000 woningen willen toevoegen ten bate van een (hoger) stedelijk woonmilieu, passend bij de kwalitatieve woondoelstellingen in Schaapsdrift. 9. Uitwerken van het werk- en voorzieningenprogramma passend bij het aantal woningen met een bandbreedte van 500-1000 woningen én passend bij de economische werkgelegenheidsdoelstelling

om voldoende banen te houden/realiseren passend bij een groeiende stad. In deze bandbreedte zitten ook functies zoals hoger onderwijsfaciliteiten.

Energiek 10. Koppel de ontwikkelopgave aan de energieen circulariteitsopgave (bouw circulair, gasloos, energieneutraal). 11. Vergroot het innovatieklimaat en ondernemerschap. Door de HAN-campus te laten floreren met het toevoegen van hoger onderwijsfaciliteiten in het gebied rondom het station Presikhaaf.

Trots op Oost 12. Versterken en verbinden van de ketting van stadsparken en groengebieden middels het slechten van barrières en het verbinden van groen, water en routes (fiets/voet) met meer ruimte voor ontmoeting, gezond gedrag en biodiversiteit. 13. Ambitie is te komen tot een gezonde groene en veilige woonwijk waarbij voetgangers en fietsers (autoluw) voorrang hebben. Mobiliteitstransitie inzetten met het benutten van de ligging nabij station Presikhaaf en het onderzoeken van de haalbaarheid van een buurthub. 14. Ecologische verbinding langs het spoor richting Zutphen verenigen met de kwaliteitsimpuls op en rondom station Presikhaaf en de HAN-campus met behoud en versterken van de Heemtuin. 15. Herstellen/zichtbaar makent van de voormalige beek in Schaapsdrift. Onderzoeken waar de beekloop gerealiseerd kan worden in relatie met de klimaatopgave in en om het gebied. 16. Een toekomstbestendige stadswijk waarin huidige en nieuwe bewoners zich thuis en verbonden voelen met hun leefomgeving.

Integrale ambitie- en opgavenkaart

Inzoom integrale verstedelijkingsstrategie Schaapsdrift

De integrale ambitie- en opgavenkaart Ziegler | Branderhorst

60

5. Vervolg 5.1 Vervolgstap Deze startnotie vormt het kader en de opgave voor het opstellen van de gebiedsvisie. De gebiedsvisie schetst een toekomstbeeld voor Schaapsdrift dat zo breed mogelijk wordt gedragen.

Gebiedsvisie en Stedenbouwkundig plan We starten vanaf januari de planvorming voor de gebiedsvisie en aansluitend het stedenbouwkundig plan. De gebiedsvisie en stedenbouwkundig plan zijn naar verwachting in 2023 gereed.

Bestemmingsplan traject 2024 2024 staat in het teken van het doorlopen van de ruimtelijke procedures zodat er uiterlijk 31 mei 2025 (3 jaar na vestiging van het voorkeursrecht) een door uw raad vastgesteld bestemmingsplan of omgevingsplan ligt. In onderstaande planning is het proces weergegeven.

Ziegler | Branderhorst

62

5.2 Financiële haalbaarheid Schaapsdrift maakt onderdeel uit van Spoorzone Arnhem-Oost. De haalbaarheid van de ontwikkeling van Schaapsdrift moet dan ook bezien worden in het grotere geheel van Spoorzone Arnhem-Oost. Zoals in de Omgevingsvisie Arnhem 2040 al aangehaald, kennen grote binnenstedelijke herontwikkelingen zoals Schaapsdrift, een (publiek) onrendabele top. Hiervoor is de inzet van subsidies en eigen middelen nodig. Een ontwikkelstrategie opstellen, waarbij aandacht is voor financiering van de gebiedsontwikkeling maakt onderdeel uit van de haalbaarheid. Daarnaast moet in de planvorming ook ruimte zijn voor voldoende verschillende opties/ varianten/faseringen waar in de verdere planuitwerking mee gerekend en getekend kan worden om de locatie Schaapsdrift te ontwikkelen en haalbaar te maken. Bij het vaststellen van een stedenbouwkundig plan / ter inzage leggen van een omgevingsplan moet duidelijk zijn dat de gebiedsontwikkeling financieel haalbaar is.

5.3 Participatie Participatie is in de eerste plaats bedoeld om – met inbreng en ideeën van betrokkenen – het best mogelijke plan te maken voor de stad. Ieders inbreng is daarbij welkom, uiteraard is niemands inbreng verplicht. Het college heeft aangegeven begrip te hebben voor bewoners die niet willen participeren vanwege de Wvg. Dat neemt niet weg dat het college het als haar taak ziet om juist de betrokkenen bij de Wvg goed te informeren over elke stap in het proces. Daarbij blijft voor hen de deur altijd open staan om aan te sluiten bij het participatieproces of onderdelen daarvan. Het communicatie- en participatieplan Schaapsdrift, dat als aparte bijlage bij deze startnotitie is gevoegd, benoemt de doelen informeren en participeren daarom bewust apart: mensen hoeven niet te participeren om goed geïnformeerd te zijn. Het participatieproces vindt gefaseerd plaats: van startnotitie naar gebiedsvisie, van gebiedsvisie naar stedenbouwkundig plan, en kan ook daarna vervolgd worden in de fase van stedenbouwkundig plan naar omgevingsplan. Voor deze participatierondes worden niet alleen de direct betrokkenen uitgenodigd, maar worden ook in breder opzicht belangen, ideeën, meningen, kennis en creativiteit opgehaald. Denk bijvoorbeeld aan woningzoekenden, studenten, gebruikers van het station en omwonenden in omliggende buurten en wijken.

Elke participatieronde werkt van breed naar smal, en gaat uit van de participatieniveaus informeren, raadplegen en adviseren. Van elke participatieronde wordt een verslag gemaakt dat dient als input voor de besluitvorming en terugkoppeling naar de deelnemers en betrokkenen.

Ziegler | Branderhorst

64

Colofon Deze startnotitie van 18 januari 2023 is opgesteld door Ziegler|Branderhorst stedenbouw en architectuur, te Rotterdam. In opdracht van de gemeente Arnhem.

Ziegler | Branderhorst

66

1 Bijlage 2 - Communicatie- en participatieplan Schaapsdrift

Communicatie- en participatieplan Schaapsdrift e.o. Spoorzone Arnhem-Oost - gemeente Arnhem

Inhoud 1

Inleiding ............................................................................................................................................................ 2

2

Doel en afbakening ......................................................................................................................................... 3

3

Communicatie met betrokkenen bij de Wvg............................................................................................... 4

4

3.1

Waar gaat het om? ................................................................................................................................. 4

3.2

Om wie gaat het? ................................................................................................................................... 4

3.3

Uitgangspunten communicatieaanpak .............................................................................................. 4

Participatie over de planvorming ................................................................................................................. 5 4.1

Waar gaat het om? ................................................................................................................................. 5

4.2

Om wie gaat het? ................................................................................................................................... 5

4.3

Uitgangspunten voor de participatieaanpak ..................................................................................... 6

Arnhemse randvoorwaarden voor participatie .......................................................................................... 6 Uitgangspunten voor de participatieaanpak Schaapsdrift e.o. ................................................................ 7 4.4 5

6

Wat doen we met de uitkomsten? ....................................................................................................... 9

Communicatiekalender ................................................................................................................................ 10 5.1

Uitwerking participatie- en communicatiemomenten.................................................................... 11

5.2

Ondersteunende communicatie........................................................................................................ 13

Vervolg ............................................................................................................................................................ 13

1 Inleiding Na het raadsbesluit in juni 2022 over het vestigen van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) zijn de eerste stappen gezet in de planvorming voor de Schaapsdrift en omgeving. De raad heeft met de aangenomen motie 22M93 ‘Startnotie ruimtelijke ontwikkelingen’ aangegeven dat zij kaders voor de ruimtelijke ontwikkeling wil bepalen voordat gestart kan worden met participatie over de inhoudelijke planvorming. Het vaststellen van de startnotitie is daarmee het startpunt van het participatietraject om tot een gebiedsvisie en vervolgens een stedenbouwkundig plan te komen. In opdracht van de gemeente Arnhem heeft Beck Communicatie hiervoor een communicatie- en participatieaanpak uitgewerkt. Gelet op de impact die de Wvg heeft op bewoners van Schaapsdrift e.o., blijkt participatie geen eenvoudige opgave. De inzet van het college is erop gericht bewoners de komende tijd zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over de toekomst van hun wijk. De maanden na het raadsbesluit van juni 2022 zijn benut om inzicht te krijgen in de wensen rondom participatie bij de bewoners en omwonenden van Schaapsdrift e.o. In een enquête, een klankbordgesprek en een bewonersbijeenkomst is met deelnemers besproken hoe zij betrokken willen worden in het planproces. Naar aanleiding van de enquête hebben tot dusver acht mensen zich aangemeld voor een klankbordgroep van bewoners en omwonenden.

In een verslag van de participatie- en communicatieactiviteiten tussen juni en oktober, als bijlage bij een raadsbrief van 2 november jl., zijn de uitkomsten hiervan toegelicht. Uit de gesprekken blijkt dat aanwezigen mogelijkheden zien voor ontwikkeling op het bedrijventerrein. Ook zien zij de noodzaak en mogelijkheden om de wijk beter te maken en woningen toe te voegen. Hierover wil men graag meepraten en ideeën inbrengen, maar zij geven ook aan dat zij dat niet willen zolang er een voorkeursrecht op hun woning is gevestigd. Het college schrijft hierover in de raadsbrief: “Wij zijn ons er terdege van bewust hoe moeilijk dat voor de eigenaren en bewoners in het gebied is en snappen daarom goed dat deze groep in overgrote meerderheid aangeeft dat het voorkeursrecht hen in de weg staat om te kunnen participeren. Daarom willen wij zo snel mogelijk duidelijkheid aan de eigenaren en bewoners geven over de visie voor het gebied.” Waarom participatie, waarom communicatie? Participatie is in de eerste plaats bedoeld om – met inbreng en ideeën van betrokkenen – het best mogelijke plan te maken voor de stad. Ieders inbreng is daarbij welkom, uiteraard is niemands inbreng verplicht.

Hoewel het college begrip heeft voor de wens van bewoners om niet te willen participeren, ontslaat dat de gemeente niet van de taak om juíst de betrokken bij de Wvg goed te informeren over elke stap in het proces. Daarbij blijft de deur altijd open staan om aan te sluiten bij het participatieproces of onderdelen daarvan. In het communicatie- en participatieplan benoemen we de communicatie- en participatieaanpak daarom bewust apart: betrokkenen hoeven niet te participeren om goed geïnformeerd te zijn. Gefaseerde aanpak Het participatieproces vindt gefaseerd plaats: van startnotitie naar gebiedsvisie, van gebiedsvisie naar stedenbouwkundig plan, en kan ook daarna vervolgd worden in de fase van stedenbouwkundig plan

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 2

naar omgevingsplan. Voor deze participatierondes nodigen we1 niet alleen de direct betrokkenen uit, maar willen we ook in breder opzicht belangen, ideeën, meningen, kennis en creativiteit ophalen. Denk bijvoorbeeld aan woningzoekenden, studenten, gebruikers van het station en omwonenden in omliggende buurten en wijken. We werken van breed naar smal, waarbij elke participatieronde uitgaat van de participatieniveaus informeren, raadplegen en adviseren. Van elke participatieronde wordt een verslag gemaakt dat dient als input voor de besluitvorming en terugkoppeling naar de deelnemers en betrokkenen.

2 Doel en afbakening Deze communicatie- en participatieaanpak kent twee belangrijke doelen: 1. Direct betrokkenen bij de Wvg voelen zich goed en tijdig geïnformeerd over het proces van de planontwikkeling Schaapsdrift e.o., waarbij de gemeente ernaar streeft zo snel mogelijk duidelijkheid te geven aan de betrokkenen over de toekomst van hun wijk. 2. We nodigen behalve de direct betrokkenen ook de bredere omgeving uit om mee te denken bij het maken van het toekomstplan voor het stadsdeel Schaapsdrift e.o., als onderdeel van de Spoorzone Arnhem-Oost. Het doel daarvan is dat belangen, meningen, kennis en creativiteit op tafel komen, waarmee we het plan beter maken. Een goed en zorgvuldig participatieproces draagt bij aan een zo soepel mogelijk proces van plan tot realisatie. Dit zijn twee verschillende doelen die vragen om een eigen aanpak en uitwerking, maar die wel met elkaar in verbinding staan. In dit communicatie- en participatieplan zijn beide sporen apart uitgewerkt: • •

Communicatie en informatie over het vervolgproces, met direct betrokkenen bij de vestiging van de Wet voorkeursrecht gemeenten. Participatie over de planvorming voor Schaapsdrift e.o. met zowel stakeholders van Schaapsdrift e.o. als een brede groep betrokkenen bij en belangstellenden voor de Spoorzone Arnhem-Oost.

Dit communicatie- en participatieplan is gericht op de ontwerpfase, ofwel: de periode tussen het aanbieden van de startnotitie aan de gemeenteraad tot en met het vaststellen van het stedenbouwkundig plan, en beslaat daarmee heel 2023. De participatieaanpak zoals die in dit stuk is beschreven geeft een beeld van de aanpak, maar is niet in beton gegoten. Als wij gaandeweg nieuwe kansen of betere mogelijkheden zien om beter met elkaar in gesprek te komen, zullen we het niet nalaten die te benutten. De reguliere communicatie met (o.a. overheids)partners in het project is in deze aanpak buiten beschouwing gelaten. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om bestuurlijke en ambtelijke overleggen met de provincie, het waterschap, de betrokken ministeries, ProRail, woningcorporaties en de Groene metropoolregio Arnhem Nijmegen.

1

‘Wij’ en ‘we’ verwijst in dit stuk naar de gemeente Arnhem. Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 3

3 Communicatie met betrokkenen bij de Wvg 3.1 Waar gaat het om? Het vertrouwen bij de bewoners van de Schaapsdrift e.o. is in de voorgaande periode geschaad. De oorzaak daarvoor ligt zowel bij het proces als bij de inhoud. Inhoudelijk is de Wvg een zwaar instrument dat onzekerheid met zich meebrengt voor de betrokken bewoners. Want hoewel de Wvg hen niet verplicht om de woning te verkopen, vragen veel bewoners zich af of zij op de lange termijn in hun woning kunnen blijven wonen. De communicatie rond de besluitvorming over de Wvg kwam laat op gang en de initiële brief was formeel van aard en niet voor iedere lezer begrijpelijk. Het college van B en W heeft hiervoor spijt betuigd en beterschap toegezegd. Ook de raad riep hiertoe op in een aangenomen motie over begrijpelijke communicatie en een aangenomen motie over een zorgvuldig vervolgproces bij het raadsbesluit. Een aantal bewoners heeft aangegeven dat het voorkeursrecht hen in de weg staat om te kunnen participeren in de planontwikkeling over Schaapsdrift e.o.. Het college heeft begrip voor dit standpunt en wil de betrokken bewoners zo spoedig mogelijk duidelijkheid bieden over de toekomst van hun wijk. Tot die duidelijkheid er is moeten de direct betrokkenen kunnen rekenen op tijdige en zorgvuldige informatie over het gehele proces rondom de planontwikkeling. Oók als zij niet willen participeren.

Waarbij er altijd gelegenheid moet zijn om vragen te stellen of in gesprek te gaan.

3.2 Om wie gaat het? • • • •

Huurders en eigenaren van woningen waarop de Wvg is gevestigd. Ondernemers (huurders en eigenaren) van bedrijfspanden waarop de Wvg is gevestigd. Klankbordgroep Schaapsdrift e.o. Vereniging tot behoud van de Schaapsdrift e.o.

3.3 Uitgangspunten communicatieaanpak • •

•

•

• •

Betrokkenen worden bij elke stap in het proces vroegtijdig geïnformeerd over inhoud en proces, gelijktijdig of zo snel mogelijk na het informeren van de gemeenteraad . Betrokkenen worden eveneens op de hoogte gehouden van de planning en uitkomsten van het participatietraject en kunnen bij elk participatiemoment opnieuw bepalen of zij al dan niet deelnemen. Wij zullen hen daar steeds voor uitnodigen. Informatie wordt in principe online schriftelijk gedeeld met de direct betrokkenen (via de online nieuwsbrief van Schaapsdrift e.o. of website arnhem.nl/schaapsdrift). Betrokkenen kunnen zich aanmelden voor de nieuwsbrief of de website raadplegen: www.arnhem.nl/schaapsdrift. Direct betrokkenen die geen toegang hebben tot de digitale middelen kunnen dit telefonisch of schriftelijk bij de gemeente aangeven. Zij ontvangen de online nieuwsbrieven dan (wel één tot enkele werkdagen later) per post. Nieuwsbrieven en andere communicatie voor de betrokkenen worden in begrijpelijke taal geschreven, in het Nederlands, op B1-niveau. Rond de belangrijke mijlpalen in het proces organiseert de gemeente bewonersavonden voor de groep bewoners die direct is betrokken bij het vestigen van de Wvg. Daarin licht de gemeente de stand van zaken toe en is er ruim gelegenheid tot het stellen van vragen.

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 4

•

Het is altijd mogelijk om vragen te stellen of een afspraak te maken voor een gesprek. Het projectteam van de gemeente Arnhem is bereikbaar via schaapsdrift@arnhem.nl. Dit geldt zowel voor bewoners als bedrijven.

In hoofdstuk 5 wordt de communicatieaanpak concreet uitgewerkt in een kalender met mijlpalen en middelen.

4 Participatie over de planvorming 4.1 Waar gaat het om? De startnotitie die in februari 2023 aan de gemeenteraad wordt voorgelegd is een belangrijke eerste stap in de ontwikkeling van Schaapsdrift e.o., één van de eerste deelprojecten van de Spoorzone Arnhem-Oost die tot ontwikkeling komt. De ambities voor de Spoorzone zijn hoog, zeker in totaliteit bezien gaat het om een grootschalige wijziging in de stad, met meerdere functies en infrastructurele wijzigingen. Voor de Schaapsdrift e.o. geldt dat het om een herontwikkeling van een gebied gaat dat meerdere kavels, gebouwen en functies betreft. Behalve transformatie, sloop en nieuwbouw van gebouwen, spelen ook aanpassingen in de openbare ruimte een rol. Denk bijvoorbeeld aan de infrastructuur, de inrichting van groen en water, maar ook grote voorzieningen zoals het station Presikhaaf en de stationsomgeving. Het te ontwikkelen plan draagt bij aan meerdere opgaven en ambities in de stad, zoals geformuleerd in de startnotitie. Kortom: de ontwikkeling van Schaapsdrift e.o. heeft een forse impact op de omgeving, zowel voor de huidige bewoners en gebruikers van het gebied als de toekomstige. Dat pleit dan ook voor een stevige participatieaanpak waarin kennis, ervaringen, perspectieven, belangen en creativiteit van inwoners en andere betrokkenen bij elkaar worden gebracht.

Het doel van participatie is ook om inzicht te krijgen in belangen en wensen van betrokkenen, inzicht in de mogelijkheden om tegemoet te komen aan die wensen of belangen en om (ervarings)deskundigheid te betrekken, om tot het best mogelijke plan te komen.

4.2 Om wie gaat het? Voor het participatietraject nodigen we zowel (stads)breed als gericht uit. Het participatietraject is voor iedereen toegankelijk en sluit niemand uit. Onderstaande lijst is dan ook niet een uitputtende of exclusieve opsomming. Huidige bewoners (en hun vertegenwoordigers) • • • •

Huurders en eigenaren van woningen aan de Schaapsdrift e.o. Ondernemers (huurders en eigenaren) in en rond Schaapsdrift e.o. Klankbordgroep Schaapsdrift e.o. Vereniging tot behoud van de Schaapsdrift e.o.

Omwonenden (en hun vertegenwoordigers) • • •

Direct omwonenden Schaapsdrift e.o. Bewoners en bewonersgroep Plattenburg Bewoners omliggende wijken (Angerenstein, Presikhaaf)

Gebruikers van het gebied •

Reizigers NS / gebruikers van het station Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 5

• •

Studenten HAN Bezoekers/klanten

Potentiële toekomstige bewoners •

Woningzoekenden (jongeren/studenten, doorstromers, etc.)

Professionele belanghebbenden in het gebied • • • • • • • • • • •

NS ProRail HAN Innoforte (Vreedenhof) Woningcorporatie Vivare Eigenaar park Sacré Coeur Eigenaar Heemtuin Waterschap Rijn en IJssel Groenforum (samenwerking van natuur en milieuorganisaties) Boomkwaliteitsteam (benoemd door college) Natuurcentrum Arnhem (stadsboerderij Presikhaaf)

4.3 Uitgangspunten voor de participatieaanpak Arnhemse randvoorwaarden voor participatie Het door de raad vastgestelde Arnhems stappenplan voor participatie biedt houvast om de participatie rond Schaapsdrift e.o. vorm en inhoud te geven. Bijvoorbeeld door invulling te geven aan de vier randvoorwaarden voor participatie die in het stappenplan beschreven staan: 1. Er is ruimte voor participatie Met het vaststellen van de startnotitie stelt de gemeenteraad van Arnhem onderzoeksvragen en ruimtelijke kaders vast voor de (gedeeltelijke) herontwikkeling van Schaapsdrift e.o.. Binnen deze kaders, en ook als er straks een gebiedsvisie ligt, is er nog veel ruimte voor uiteenlopende opties en alternatieven waarvoor de deelnemers aan het participatietraject inbreng kunnen leveren. Voor elk participatiemoment en elke fase geldt wel dat een heldere participatievraag geformuleerd dient te worden. 2. Het onderwerp is van belang voor inwoners Het onderwerp is voor verschillende groepen inwoners van belang. Dat geldt in de eerste plaats voor de bewoners van Schaapsdrift e.o.. Maar ook potentiële toekomstige bewoners, ondernemers, woningzoekenden, omwonenden van de wijk Plattenburg en omliggende wijken, treinreizigers, studenten en andere groepen betrokken inwoners spelen een rol. Dat vraagt om brede participatie die begrijpelijk en uitnodigend is.

Om brede en diverse groepen inwoners, waaronder het

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 6

zogenoemde ‘stille midden’ (niet-georganiseerde groepen) te bereiken, zetten we laagdrempelige, vernieuwende participatievormen in. 3. Er is voldoende tijd te creëren Participatie neemt tijd in beslag. Tijd is in dit project een kritieke factor. De gemeenteraad en het college hebben aangegeven dat zij snel duidelijkheid willen bieden aan bewoners in het kader van de Wvg. Tegelijkertijd wil het gemeentebestuur – zeker in projecten als deze, met een grote maatschappelijke impact – een zorgvuldig en transparant planontwikkelproces doorlopen met veel ruimte voor inbreng van betrokkenen. Aan beide doelen proberen we tegemoet te komen met een compact, maar intensief participatietraject dat zowel de breedte als de diepte opzoekt. 4. Er is voldoende capaciteit en budget Dit traject vraagt om voldoende ambtelijke capaciteit bij de verschillende betrokken afdelingen en de afdeling communicatie. Daarnaast is budget nodig om de verschillende participatiemomenten en bijbehorende communicatiemiddelen te realiseren.

Uitgangspunten voor de participatieaanpak Schaapsdrift e.o. Voor de participatie zijn verder de volgende uitgangspunten van belang: 1. We zetten een mix in van participatie-instrumenten Lang niet iedereen die een belang heeft, laat ook zijn mening horen. Het betrekken van het ‘stille midden’ geeft vaak een completer beeld. Dat vraagt wel extra inspanning, want juist deze groep komt niet snel vanuit interesse voor het onderwerp naar bijeenkomsten of activiteiten. Het invullen van een online vragenlijst is dan vaak een aantrekkelijk alternatief: dit kan eenvoudig thuis, op een zelfgekozen moment. Het vraagt wél extra ondersteunende communicatie om mensen te stimuleren de vragenlijst in te vullen, bijvoorbeeld door hen te benaderen via sociale media of door hen op te zoeken op logische plekken (bijvoorbeeld op straat, de campus van de HAN, of het station). Door informatiebijeenkomsten niet alleen fysiek voor direct betrokkenen te organiseren, maar ook digitaal (met terugkijkmogelijkheid), kunnen mensen zich bovendien gemakkelijk op een zelfgekozen moment laten informeren. 2. We halen breed én diep op We zetten verschillende vormen van participatie in waarmee we ons zowel richten op kwantiteit (een brede groep deelnemers en zo veel mogelijk inbreng ophalen) als op kwaliteit (een inhoudelijk gesprek voeren over relevante thema’s binnen het plan).

Dit doen we door in elke participatieronde eerst breed op te halen met een brede online raadpleging. En door vervolgens – met de uitkomsten van de online raadpleging als input – in kleinschalige sessies, waarin de diverse belangen zoveel als mogelijk zijn vertegenwoordigd, het verdiepend gesprek aan te gaan. De uitkomsten daarvan worden weer breed teruggekoppeld. 3. Participatie is een middel om tot het best mogelijke plan te komen Participatie is niet bedoeld als een representatief draagvlakonderzoek voor een plan. Participatie is bedoeld om – met inbreng en ideeën van betrokkenen – het best mogelijke plan te maken voor de stad. Ieders inbreng is daarbij welkom, maar niemands inbreng is verplicht. 4. Oog voor gemeenschappelijk en individueel belang We hebben oog voor mensen die willen meedenken vanuit het gemeenschappelijke belang en participanten die staan voor een individueel belang. Beide hebben recht van spreken en moeten ruimte krijgen om hun inbreng te doen. We variëren in participatievormen om hieraan recht te doen. Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 7

5. Partijen hoeven het niet met elkaar eens te worden Door de groei van de stad zal Arnhem er anders uit gaan zien. Soms is dat gunstig, omdat er bijvoorbeeld meer woningen en voorzieningen komen. Anderen zullen ingrepen in hun omgeving juist nadelig vinden. Doel van de werksessies is dan ook niet dat iedereen het met elkaar eens is, maar dat alle belangen, meningen, kennis en creativiteit tijdig op tafel komen. Dat vraagt een goed onafhankelijk voorzitterschap én goede verslaglegging waaruit ook dilemma’s kunnen blijken. We maken onderscheid in waarover iedereen het eens is en waarover men van mening verschilt. 6. Transparantie en onafhankelijkheid waarborgen Voor de online raadplegingen dragen we zorg voor een afgewogen objectieve vraagstelling en we maken een feitelijk verslag van de uitkomsten en alle inbreng, dat onderdeel zal vormen van het (tussentijds) participatieverslag. Voor de werksessies geldt dat we streven naar een vorm die objectief, gebalanceerd en praktisch werkbaar is en waarin betrokkenen eigen verantwoordelijkheid dragen. Dat betekent dat: • • •

• •

•

de gesprekken worden geleid door een onafhankelijke gespreksleider die het vertrouwen krijgt van de deelnemers; de gespreksleider vooraf duidelijke spelregels stelt voor de dialoog, met ruimte voor hoor en wederhoor; de sessies voor iedereen toegankelijk zijn, zowel deelnemers als toehoorders. Het aantal en de samenstelling van deelnemers kan per bijeenkomst variëren, zo is het mogelijk voor specifieke thema’s in- of externe deskundigen in te schakelen, en staat het deelnemers vrij aan bepaalde bijeenkomsten wel of niet deel te nemen. Tegelijk is het streven dat de aanwezige belanghebbenden gelijkwaardig en gebalanceerd ruimte krijgen om inbreng te leveren. Het is aan de gespreksleider om hierover afspraken te maken met de deelnemers en de juiste werkvorm te bepalen. er een eigen verantwoordelijkheid ligt voor deelnemers om, indien zij een achterban vertegenwoordigen, input op te halen en resultaten terug te koppelen. het conceptverslag van de werksessies ter goedkeuring aan de deelnemers wordt voorgelegd. De definitieve verslagen van de werksessies zijn openbaar en maken onderdeel uit van het participatieverslag. we regelmatig bij deelnemers toetsen hoe ze het proces hebben beleefd en of ze voldoende inbreng hebben gehad.

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 8

4.4 Wat doen we met de uitkomsten? De raad heeft een Arnhemse beslisboom ontwikkeld om afwegingen rond participatie te maken. Deze beslisboom geeft inzicht in de te kiezen participatievorm. De mate waarin de uitkomsten van het participatieproces meewegen bepaalt het participatieniveau. Door duidelijk te zijn over het participatieniveau scheppen we duidelijke verwachtingen richting deelnemers en bestuurders. In de participatieaanpak voor Schaapsdrift e.o. gaan we uit van het participatieniveau raadplegen en adviseren. In de participatiekalender is aangegeven op welke momenten hier sprake van is en van welke vorm. Meningen, ervaringen en ideeën worden geïnventariseerd en gebundeld in het participatieverslag dat na elke participatieronde wordt opgesteld. De uitkomsten van de online vragenlijsten worden zo mogelijk ook ingebracht in de werksessies, bijvoorbeeld om de gespreksthema’s te bepalen. Waar mogelijk worden de uitkomsten benut in de planuitwerking, maar ze zijn voor de gemeente niet bindend. De uitkomsten van de werksessies kunnen zowel raadplegend als adviserend van aard zijn. Wanneer de deelnemers aan de werksessies het – onder leiding van de onafhankelijk voorzitter – eens worden over bepaalde ideeën, richtingen of voorkeuren, worden die in de vorm van een advies voorgelegd aan het gemeentebestuur. Zij kunnen hier bij de besluitvorming van afwijken.

Voor ideeën, meningen en reacties waarover geen overeenstemming bestaat geldt de werkwijze van raadplegen.

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 9

5 Communicatiekalender

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 10

5.1 Uitwerking participatie- en communicatiemomenten De communicatiekalender op de vorige pagina geeft een globaal overzicht van de beoogde mijlpalen, de bijbehorende communicatie- en participatiemomenten. Grosso modo is het traject verdeeld in twee cycli van informeren-raadplegen-adviseren-informeren. In dit hoofdstuk lichten we de genoemde communicatie en participatiemomenten kort toe. In de kolom ‘voor wie’ wordt verwezen naar groep 1, 2 en 3. Dit zijn: 1. Direct betrokkenen bij Wvg 2. Stakeholders Schaapsdrift e.o. 3. Stadsbrede betrokkenen en belangstellenden (bijv. woningzoekenden, reizigers, bewoners omliggende wijken) Groep 1 maakt uiteraard deel uit van groep 2, groep 2 maakt deel uit van groep 3.

3 2 1

Volgorde

Wanneer

Voor wie*

Wat gaan we doen

1

Jan ‘23

1

Bewonersbijeenkomst bij publicatie startnotitie (informeren) Z.s.m. nadat de startnotitie door het college aan de raad is aangeboden ontvangen abonnees een online nieuwsbrief. De direct betrokkenen bij de Wvg nodigen we uit voor een bewonersbijeenkomst. Daarin geven we toelichting op de startnotitie, het vervolgproces en de wijze waarop belangstellenden kunnen meedoen aan het participatietraject.

Jan/feb ‘23

1

2

Feb ‘23

1,2,3

3

Mrt ‘23

1,2,3

Bezoek aan bedrijven in Schaapsdrift e.o. door contactfunctionaris. Onderwerp van gesprek is hoe de bedrijven betrokken en op de hoogte willen blijven. Start participatieronde 1 Online informatiebijeenkomst (informeren) Als de raad de startnotitie heeft vastgesteld kan het participatietraject beginnen. Als aftrap organiseren we een online informatiebijeenkomst (webinar) voor alle betrokkenen en belangstellenden (breed). De bijeenkomst is ervoor bedoeld dat iedereen over de benodigde informatie beschikt om deel te nemen aan het participatietraject, in welke vorm dan ook. Inhoud: toelichting op de ambitie voor het gebied, de ruimtelijke analyse, de kaders die de raad heeft gesteld en de mogelijkheden om mee te denken en praten over het plan. Uiteraard kan met behulp van polls al gereageerd worden op vragen en stellingen. De opnamen van de bijeenkomst zijn later terug te kijken. Brede online raadpleging in samenhang met andere opgaven (raadplegen) Deze raadpleging (via meedenken.arnhem.nl) gaat niet alleen over de Schaapsdrift e.o., maar in feite over het hele vraagstuk van wonen, werken, leven in de Spoorzone van Arnhem: wat voor woningzoekenden zouden zich daar straks willen vestigen? Wat hebben zij nodig om zich thuis te voelen? Wat verwachten zij van hun

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 11

4

Mrt/april

leefomgeving, welke voorzieningen horen daarbij, en welke niet? Wat vinden zij belangrijk als het om groen en mobiliteit gaat? Idealiter vindt deze online raadpleging breed plaats (Spoorzone, mogelijk gecombineerd met input woonvisie, mobiliteitsvisie etc.). Als dit in de tijd niet matcht organiseren we een eigen proces. Verkenningssessies + stadswandeling met een brede werkgroep (raadplegen/adviseren) Met deelnemers die zich daarvoor aanmelden gaan we, tijdens één of twee werksessies en een stadswandeling met de stedenbouwkundige, onder leiding van een onafhankelijke gespreksleider, in gesprek over elementen voor de gebiedsvisie: welke grote thema’s zien we, welke mogelijke ontwikkelrichtingen zijn denkbaar, welke dilemma’s en te maken keuzes levert dat op. Zie ook doelgroepen onder 4.2 en de randvoorwaarden en uitgangspunten in hoofdstuk 4.3.

1,2

Participatieverslag ronde 1 + Evaluatie en zo nodig bijstellen participatieplan 5

April/mei

1

6

Mei ‘23

1,2,3

7

Mei/juni ‘23

1,2,3

8

Juni-okt ‘23

1,2

Bewonersbijeenkomst na besluit B en W gebiedsvisie (informeren) Nadat de gebiedsvisie is vastgesteld ontvangen bewoners/abonnees een online nieuwsbrief. De direct betrokkenen bij de Wvg nodigen we uit voor een bewonersbijeenkomst. Daarin geven we toelichting op de gebiedsvisie, het participatieverslag, het vervolgproces en de wijze waarop belangstellenden kunnen meedoen aan de volgende ronde in het participatietraject. Terugkoppeling / Start participatieronde 2 Online informatiebijeenkomst (informeren) Tijdens een tweede brede online informatiebijeenkomst koppelen we terug wat de opbrengst is van de eerste participatieronde en hoe de opbrengst daarvan is verwerkt in de gebiedsvisie. De gebiedsvisie wordt toegelicht, maar ook het vervolgproces en de wijze waarop men in de tweede participatieronde kan meedoen. De opnamen van de bijeenkomst zijn later terug te kijken. Brede online raadpleging, verdiepend (raadplegen) Deze tweede raadpleging gaat specifieker over Schaapsdrift e.o., met het doel input op te halen voor de vertaling van de gebiedsvisie naar het stedenbouwkundig plan. Via meedenken.arnhem.nl leggen we vragen en opties voor aan belangstellenden, die daarmee hun voorkeuren kunnen aangeven voor bijvoorbeeld de beeldkwaliteit, ruimtelijke keuzes, functies en voorzieningen in het plangebied.

Verdiepingssessies + stadswandeling met de brede werkgroep (raadplegen/adviseren) Met deelnemers die zich daarvoor aanmelden gaan we opnieuw in gesprek tijdens een aantal werksessies en een stadwandeling met de stedenbouwkundige. De gesprekken zijn bedoeld om de belangrijke thema’s in het stedenbouwkundig plan gezamenlijk door te denken en daarvoor input en ideeën op te halen. Per thema nodigen we specifieke expertise uit. Zie ook doelgroepen onder 4.2 en de randvoorwaarden en uitgangspunten in hoofdstuk 4.3.

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 12

Participatieverslag ronde 2 + Evaluatie en zo nodig bijstellen participatieplan 9

Nov-dec ’23

1

Bewonersbijeenkomst na besluit B en W stedenbouwkundig plan (informeren) Z.s.m. nadat het stedenbouwkundig plan door het college aan de raad is aangeboden ontvangen bewoners/abonnees een online nieuwsbrief. De direct betrokkenen bij de Wvg nodigen we uit voor een bewonersbijeenkomst. Daarin geven we toelichting op het stedenbouwkundig plan, het participatieverslag, het vervolgproces en de wijze waarop belangstellenden kunnen meedoen aan de volgende ronde in het participatietraject in aanloop naar het bestemmingsplan.

10

Jan ‘24

1,2,3

Terugkoppeling (en mogelijk tevens start participatieronde 3) Online informatiebijeenkomst (informeren) Tijdens een derde brede online informatiebijeenkomst koppelen we terug wat de opbrengst is van de tweede participatieronde en hoe de opbrengst daarvan is verwerkt in het stedenbouwkundig plan. Het plan wordt toegelicht, maar ook het vervolgproces en de wijze waarop men in de volgende participatieronde kan meedoen. De opnamen van de bijeenkomst zijn later terug te kijken.

5.2 Ondersteunende communicatie Het gehele communicatie- en participatietraject wordt uiteraard ondersteund met de inzet van diverse ondersteunende communicatiemiddelen, met als doel de betrokkenen op de hoogte te brengen van de inhoudelijke plannen en de mogelijkheden om te participeren. Denk hierbij aan: •

De projectwebsites van Schaapsdrift en Spoorzone Arnhem Oost op Arnhem.nl

•

De online nieuwsbrief Schaapsdrift e.o.

•

Reguliere gemeentelijke kanalen, zoals ArnhemMail, Arnhemse Koerier, social mediakanalen, persbericht

•

Campagnematige middelen (bijv. betaalde social mediaposts, flyers/posters/borden en eventuele andere creatieve acties om inwoners te motiveren bijvoorbeeld de online vragenlijsten in te vullen).

6 Vervolg Dit communicatie- en participatieplan strekt tot de vaststelling van het stedenbouwkundig plan door de gemeenteraad, voorzien eind 2023. Als het stedenbouwkundig plan vastgesteld is, volgt de doorvertaling in een bestemmingsplan dat ook formeel ter inzage wordt gelegd. Het is goed denkbaar om tijdens die terinzagelegging een derde participatieronde te organiseren met een vergelijkbare opzet (derde cyclus van informeren-raadplegen-adviseren-informeren).

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 13

Colofon Dit communicatie- en participatieplan is in november en december 2022 opgesteld door Beck Communicatie B.V., in opdracht van de gemeente Arnhem.

Januari 2023

Communicatie- en participatieaanpak Schaapsdrift e.o., Spoorzone Arnhem-Oost - 14

1 Lijst van deelnemers rondetafelgesprek

Lijst van deelnemers rondetafelgesprek bij de behandeling van het raadsvoorstel ‘Startnotitie Schaapsdrift’ d.d. 1 februari 2023

1. 2. 3. 4.

Charlotte Bink Remco van der Wekken Loes Bonekamp Ronnie Rouwenhorst

5.

Liesbeth Kruijsen

Vereniging tot behoud van Schaapsdrift e.o. Vereniging tot behoud van Schaapsdrift e.o.

1 Raadsvoorstel "Afhandeling bezwaarschriften Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o."

Aan de gemeenteraad Zaaknummer

644509

Onderwerp:

Afhandelen bezwaarschriften Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o.

Kernboodschap Het nemen van een beslissing op de ingediende bezwaarschriften op het raadsbesluit tot vestigen van het voorkeursrecht voor de locatie Schaapsdrift e.o.

a Voorstel 1. Kennis te nemen van het advies van de algemene bezwaarschriftencommissie. 2. Het advies over te nemen en met de in dit voorstel opgenomen nadere motivering aan dit besluit ten grondslag te leggen. 3. Het raadsbesluit d.d. 1 juni 2022 in stand te laten. 4. De bezwaarschriften zoals opgenomen in de bijlage “Overzicht bezwaarmakers Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o. conform het bepaalde in deze bijlage niet ontvankelijk te verklaren dan wel ontvankelijk, maar met inachtneming van de nadere motivering in dit raadsvoorstel ongegrond te verklaren. 5. De beslissingen over de ingekomen ingebrekestellingen naar aanleiding van de bezwaarschriftenprocedure tegen de vestiging van de Wvg Schaapsdrift e.o. te mandateren aan de raadsgriffier. Inleiding Op 1 juni 2022 heeft uw raad besloten tot het vestigen van een voorkeursrecht op de gronden gelegen tussen de Wichard van Pontlaan, (Oude) Velperweg, Esperantolaan en het spoor in Arnhem en globaal aangegeven op onderstaande kaart:

1

Het voorkeursrecht is gevestigd op grond van artikel 5 Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) en werd vooraf gegaan door een voorlopige vestiging door burgemeester en wethouders op 8 maart 2022 op grond van artikel 6 Wvg. Het besluit heeft vanaf 4 juni tot en met 15 juli 2022 ter inzage gelegen. In deze periode konden belanghebbenden een bezwaarschrift indienen. Eerder ingediende bezwaarschriften tegen het collegebesluit van 8 maart 2022 worden op grond van artikel 6 lid 3 Wvg geacht mede te zijn gericht tegen het raadsbesluit. In dit voorstel leggen wij u de bezwaarschriften en de adviezen van de bezwaarschriftencommissie ter besluitvorming voor. Tevens doen wij u een voorstel hoe om te gaan met de opmerking van de bezwaarschriftencommissie over de nadere motivering. Beoogd effect Een beslissing te nemen op de ingediende bezwaarschriften en afhandeling van de ingebrekestellingen te delegeren aan het college. Argumenten 1.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=dde0d2b2-6903-47f6-9b4d-968057f8f6e5