CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Tevredenheidsonderzoek Loting Matching 2024 (Dialogic).pdf

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 4 december 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Raadsinformatiebrief Terug- en vooruitblik centrale loting en matching (VN2024-016552)17.909 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Tevredenheidsonderzoek centrale loting en matching van de Amsterdamse Kernprocedure 2024

dr. Timon de Boer, Sonja Kleter, Sophia Stone, Evie Tossaint Opdrachtgever: Stichting ELK

Publicatienummer: 2024.051-2424

Datum: Utrecht, 18 juli 2024

Auteurs: dr. Timon de Boer, ir. Sonja Kleter, Sophia Stone Msc., ir. Evie Tossaint. Citeren als: Dialogic, de Boer, T., Kleter, S., Stone, S., Tossaint, E., (2024). Tevredenheidsonderzoek centrale loting en matching van de Amsterdamse Kernprocedure 2024. Stichting ELK, Amsterdam.

Dialogic innovatie ● interactie

1

Inhoudsopgave 1

Introductie .......................................................................................... 4 1.1 1.2 1.3

2

Amsterdamse Kernprocedure 2024 ..................................................... 6 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

3

Aanleiding................................................................................................. 4 Methode ................................................................................................... 4 Leeswijzer ................................................................................................ 5

Stap 1: Basisschooladvies ........................................................................... 6 Stap 2: Schoolkeuze .................................................................................. 6 Stap 3: Doorstroomtoets ............................................................................ 6 Stap 4: Aanmelden .................................................................................... 7 Stap 5: Plaatsing ....................................................................................... 8

Wenselijkheid en algemene ervaringen centrale loting en matching. 10 3.1 3.2

Wenselijkheid centrale loting en matching is goed uit te leggen ..................... 10 Algemene ervaringen in het po en vo met centrale loting en matching zijn positief 11 3.3 De centrale loting en matching is niet significant verbeterd of verslechterd t.o.v. voorgaande jaren ................................................................................................ 12

4

Informatievoorziening ...................................................................... 13 4.1 4.2 4.3

5

Aanmelding ....................................................................................... 23 5.1 5.2 5.3

6

Opstellen voorkeurslijst blijkt moeilijk ........................................................ 23 Voldoende tijd in centrale aanmeldingsperiode ............................................ 25 Digitale aanmelding voor meesten gemakkelijk ........................................... 27

Plaatsing ........................................................................................... 29 6.1 6.2

7

Informatiebronnen worden positief beoordeeld ............................................ 13 Duidelijkheid informatievoorziening varieert ................................................ 15 Open dagen zijn belangrijk en worden niet door iedereen voldoende bezocht .. 20

Grote tevredenheid plaatsingsaanbod ......................................................... 29 Enkele vragen en weinig bezwaren rondom plaatsingsaanbod........................ 29

Conclusies en aanbevelingen ............................................................ 31 7.1 7.2

Conclusies .............................................................................................. 31 Aanbevelingen ......................................................................................... 32

Bijlage 1.

Overzicht interviewrespondenten ....................................... 33

Bijlage 2.

Respons vragenlijsten ........................................................ 34

Bijlage 3.

Additionele enquêteresultaten ............................................ 37

7.3 7.4 7.5 7.6

Resultaten volledige vragenlijst ouders ....................................................... 37 Resultaten volledige vragenlijst leerlingen ................................................... 48 Resultaten volledige vragenlijst betrokkenen uit het po ................................ 53 Resultaten volledige vragenlijst betrokkenen uit het vo ................................ 57

Bijlage 4.

Uitleg correlatiematrix achtergrondkenmerken ouders ...... 60

Bijlage 5.

Correlatiematrix ................................................................. 61

2

Dialogic innovatie ● interactie

Dialogic innovatie ● interactie

3

1 Introductie 1.1 Aanleiding Sinds 2015 wordt de plaatsing van leerlingen op middelbare scholen in Amsterdam centraal georganiseerd met de centrale loting en matching. Het systeem van loting en matching is niet zozeer een oplossing voor de mismatch in schoolvoorkeur (dat is vooral een kwestie van vraag en aanbod), maar een methode om tot plaatsing te komen. In navolging van voorgaande jaren (2016 t/m 2023) heeft Dialogic een tevredenheidsmeting over de centrale loting en matching uitgevoerd onder ouders, leerlingen en betrokkenen uit het po en vo.

1.2 Methode 1.2.1 Online enquête onder ouders, leerlingen en betrokkenen uit po en vo Dit onderzoek leunt in grote mate op een enquête onder ouders, leerlingen, betrokkenen uit het po en betrokkenen uit het vo. Deze groepen enquêterespondenten is gevraagd een online vragenlijst in te vullen. -

In totaal zijn 8.037 ouders benaderd, waarvan 1.040 (13%) de enquête hebben ingevuld. In totaal zijn 8.037 kinderen benaderd, waarvan 650 (8%) de enquête hebben ingevuld. In totaal zijn 1.220 betrokkenen uit het po benaderd, waarvan 276 (23%) de enquête hebben ingevuld. In totaal zijn 476 betrokkenen uit het vo benaderd, waarvan 107 (22%) de enquête hebben ingevuld.

Het aantal ouders (en daarmee leerlingen) dat is benaderd om de vragenlijst in te vullen komt niet overeen met het aantal deelnemers aan de centrale loting en matching. Wij hebben 8.037 ouders benaderd, terwijl er 7.6761 leerlingen hebben deelgenomen aan de centrale loting en matching in het schooljaar 2023-2024. Dit verschil komt door het volgende: Sinds dit schooljaar melden leerlingen die naar een tussenvoorziening of naar het praktijkonderwijs gaan zich ook aan via het ouderportaal van ELK. Zij hebben niet deelgenomen aan de loting. De respons is hoger of even hoog als de laatste keer dat de doelgroep bevraagd is voor een tevredenheidsonderzoek. Bijlage 2 geeft een uitgebreid overzicht van de respons weer. In de enquête zijn ook achtergrondkenmerken van respondenten bevraagd, om zo via correlaties significante groepsverschillen tussen antwoorden op vragen te achterhalen. De uitleg van deze analyse zijn te vinden in Bijlage 4, en de bijbehorende resultaten in Bijlage 5.

1.2.2 Interviews met ouders, betrokkenen uit het po en vo en overige betrokkenen Daarnaast hebben we voor dit onderzoek negen interviews uitgevoerd. In Bijlage 1 staat een volledig overzicht met interviewrespondenten. Interviewrespondenten konden in de online vragenlijst aangeven mee te willen werken aan het interview. Uit de lijst geïnteresseerden hebben we een willekeurige steekproef getrokken, waarbij wel gezorgd is voor spreiding op relevante achtergrondkenmerken, zoals het schooladvies van het kind van de ouder, en de

1

4

240417-PERSBERICHT.pdf (verenigingosvo.nl)

Dialogic innovatie ● interactie

functie van het po/vo-betrokkene. Daarnaast heeft Dialogic een aantal contactgegevens ontvangen van Stichting ELK. De interviews zijn semigestructureerd gehouden. Dit houdt in voor de interviews een gespreksleidraad is opgesteld, maar dat er in het gesprek ruimte was voor doorvragen om zo nieuwe inzichten op te doen. Van alle interviews is een verslag gemaakt, dat ter validatie is voorgelegd aan de gesprekspartners.

1.3 Leeswijzer De rest van dit rapport is als volgt opgebouwd: in hoofdstuk 2 leggen we de Amsterdamse centrale loting en matching anno 2024 uit. In hoofdstuk 3 bespreken we onze resultaten met betrekking tot de wenselijkheid van en algemene ervaringen met de centrale loting en matching. Daarna bespreken we in volgende hoofdstuk specifieke elementen in meer detail. In hoofdstuk 4 komt de informatievoorziening aanbod, in hoofdstuk 5 de aanmelding en in hoofdstuk 6 de plaatsing. We eindigen in hoofdstuk 7 met conclusies en aanbevelingen.

Dialogic innovatie ● interactie

5

2 Amsterdamse Kernprocedure 2024 In de procedure rondom de centrale loting en matching kunnen vijf stappen worden onderscheiden, namelijk: 1. 2. 3. 4. 5.

Basisschooladvies Schoolkeuze Doorstroomtoets Aanmelding Plaatsing

Dit hoofdstuk bespreekt de verschillende stappen die zijn doorlopen in 2024, met specifieke aandacht voor de wijzigingen die dit jaar zijn doorgevoerd in de centrale loting en matching. Het gaat om de volgende wijzigingen: •

•

•

In de centrale loting en matching van 2024 is een deel van de voorrangsregels komen te vervallen. Dit gaat om leerlingen die voorrang kregen bij bepaalde scholen op basis van een specifiek onderwijsconcept. Landelijk is de eindtoets vervangen door de doorstroomtoets. De doorstroomtoets wordt eerder in het schooljaar afgenomen. Hierdoor zijn de resultaten al bekend voor de aanmeldingsperiode binnen de centrale loting en matching. Er is door het ministerie van OCW een centrale aanmeldweek ingevoerd. OCW heeft toestemming gegeven om aan de voorkant uit te breiden. Samenwerkingspartners in Amsterdam hebben besloten gebruik te maken van de uitbreiding. Dit betekent dat aanmelden mogelijk was vanaf 20 maart tot 31 maart 2024, mits er al een definitief advies bekend was in het ELK-systeem.

2.1 Stap 1: Basisschooladvies Eind januari ontvangen de leerlingen uit groep 8 een voorlopig basisschooladvies. Dit advies wordt door de basisschool ingevoerd in het Elektronisch Loket Kernprocedure (ELK). ELK is de beveiligde webapplicatie die het logistieke proces van de centrale loting en matching voor alle scholen ondersteunt. Basisscholen en middelbare scholen wisselen via ELK informatie uit over het basisschooladvies, het onderbouwend onderwijskundig document (oki-doc) en de uitkomst van de doorstroomtoets.

2.2 Stap 2: Schoolkeuze Op basis van het voorlopig advies kunnen ouders en leerlingen zich oriënteren op bijpassende middelbare scholen, bijvoorbeeld door het lezen van de Amsterdamse Keuzegids, het bezoeken van de ScholenArenA en open dagen en via andere informatiekanalen. Ouders die op grond van persoonlijke omstandigheden van mening zijn dat voor hun kind plaatsing op één specifieke middelbare school noodzakelijk is, kunnen een beroep doen op de hardheidsclausule. Hiervoor moeten ouders een verzoek indienen bij Vereniging OSVO. Voorheen moesten ouders dit verzoek indienen bij de middelbare school, maar dit gebeurt nu digitaal via het centraal loket hardheidsclausule.

2.3 Stap 3: Doorstroomtoets Een grote wijziging ten opzichte van voorgaande jaren is de landelijke overstap van de eindtoets naar de doorstroomtoets. De doorstroomtoets moet eerder inzicht bieden in het schooladvies en wordt daarom al in februari afgenomen, ten opzichte van de eindtoets die

6

Dialogic innovatie ● interactie

normaliter in april/mei plaatsvond.2 Voorheen werd de eindtoets na de loting en matching afgenomen, terwijl de leerlingen al geplaatst waren op een middelbare school. Naar aanleiding van deze toets wordt het basisschooladvies vastgesteld of aangepast. Als de uitslag van de doorstroomtoets hoger is dan het eerder afgegeven voorlopig advies, dan geeft de school een hoger definitief advies af. Alleen als het in het belang van de leerling is, kan de school besluiten het advies niet of maar deels te verhogen. De school moet dat dan motiveren.

2.4 Stap 4: Aanmelden 2.4.1 Opstellen voorkeurslijst Leerlingen met een advies voor regulier voortgezet onderwijs nemen deel aan de centrale loting en matching, en stellen een voorkeurslijst op.3 Leerlingen met ISK, Kopklas, VSO, praktijkonderwijs of tussenvoorziening advies doen dit niet. Sinds 2018 geldt een plaatsingsgarantie wanneer leerlingen een minimaal aantal scholen op de voorkeurslijst invullen. Middels de digitale aanmelding zijn leerlingen verplicht om een volledige voorkeurslijst in te dienen, en geldt voor alle leerlingen die deelnemen aan de centrale loting en matching een plaatsingsgarantie. Een volledige voorkeurslijst houdt in: •

Vmbo-b, vmbo-b/k, vmbo-k: 4 middelbare scholen op de voorkeurslijst.

•

Vmbo-t, vmbo-t/havo: 6 middelbare scholen op de voorkeurslijst.

•

Havo, havo/vwo en vwo: 12 middelbare scholen op de voorkeurslijst.

Leerlingen die na de basisschool naar een praktijkschool of tussenvoorziening gaan, nemen deel aan de oriëntatiefase. Deze leerlingen melden zich gelijktijdig met andere leerlingen aan tijdens de centrale aanmeldingsperiode en worden – indien ze door de middelbare school plaatsbaar worden gevonden – geplaatst op hun gekozen school. Alleen wanneer er sprake is van over aanmelding, wordt er intern geloot. Bij eventuele uitloting, kan de setting worden omgezet naar regulier, zodat deze leerlingen mee kunnen doen met de centrale loting en matching. Leerlingen met een dubbeladvies hebben de mogelijkheid een vinkje te plaatsen waarmee ze de wens uitspreken op het hoogste niveau van het dubbeladvies geplaatst te willen worden. Dit heet een kansrijke klas. Het is alsnog aan de middelbare school die beslist of er een kansrijke klas geformeerd kan worden.

2.4.2 Digitale aanmelding De aanmeldingsprocedure is volledig digitaal. Dit schooljaar (2024) vindt de aanmelding voor het eerst plaats tijdens de centrale aanmeldingsperiode. Ouders ontvangen voor deze aanmeldingsperiode via de basisschool een email vanuit ELK met daarin het ELK-nummer van hun kind en een link om in te loggen in het ouderportaal. Ouders dienen te controleren of de

2

De doorstroomtoets is afgenomen op 5 t/m 9 februari 2024 en de uitslag was uiterlijk 15 maart 2024 bekend bij de basisschool.

3 Met ingang van het schooljaar 2024-2025.

Dialogic innovatie ● interactie

7

vooraf ingevulde informatie correct is en vullen samen met de leerling de digitale voorkeurslijst in.4 5 Ook leerlingen die buiten de gemeente Amsterdam op een basisschool zittenen naar een middelbare school in Amsterdam willen, kunnen meedoen aan de centrale loting en matching. Deze leerlingen zijn vooraf niet geregistreerd bij ELK en moeten zichzelf registreren door een email te sturen aan de Servicedesk van ELK. Na het voltooien van de registratie ontvangen de ouders van de leerling een email met daarin een link om in te kunnen loggen in het ouderportaal in ELK. Daarna volgen zij de reguliere procedure.

2.5 Stap 5: Plaatsing Voor de daadwerkelijke centrale loting en matching plaatsvindt, wordt er een proefmatching uitgevoerd. Het doel hiervan is om te controleren of het (computer)systeem naar behoren werkt en om een eerste versie van de resultaten van de loting en matching te genereren. Op basis hiervan kijken middelbare scholen of het mogelijk is om een verbeterd resultaat ten gunste van de leerlingen te bewerkstelligen, door middel van herverdeling van capaciteit binnen limieten van de maximale capaciteit per school. Na de proefmatching vindt de daadwerkelijke centrale loting en matching plaats. De uitkomst van de centrale loting en matching wordt centraal bekend gemaakt via het ouderportaal in ELK.6 Daarnaast kunnen ze ook hun lotnummer en eventueel hun posities op de reservelijst bekijken. Basisscholen kunnen vanaf dat moment ook de uitkomst van de centrale loting en matching in ELK vinden. Leerlingen die niet op de school van hun eerste keus maar op een lagere voorkeur zijn geplaatst, ontvangen een plaats op de reservelijst bij de middelbare scholen van hun hogere voorkeur. Na de eerste ronde krijgt elke leerling, mits ze de voorkeurslijst op tijd hebben ingeleverd, een plaatsingsaanbod op één van de scholen van hun voorkeurslijst.

Leerlingen die zich niet, of te laat hebben aangemeld, kunnen deelnemen aan de tweede ronde van de centrale loting en matching, samen met de leerlingen die afstand doen van het plaatsingsaanbod van de eerste ronde, door digitaal een nieuwe voorkeurslijst in te dienen met middelbare scholen die dan nog plek hebben.7 Leerlingen krijgen in de tweede ronde een nieuw lotnummer. Verder verloopt de centrale loting en matching via dezelfde stappen als de eerste ronde. Bezwaarprocedure Ouders kunnen, indien zij vragen hebben over het proces van de digitale aanmelding en de uitslag van de centrale loting en matching, terecht bij verschillende servicedesks van ELK. Met vragen, opmerkingen of klachten over (de uitvoering van) de centrale loting en matching kunnen ouders terecht bij Vereniging OSVO. Indien ouders bezwaar willen aantekenen tegen het plaatsingsaanbod kunnen zij deze richten aan de middelbare school van eerste voorkeur.

4 De centrale aanmeldingsperiode liep van 20 tot 31 maart 2024. 5 Ouders waarbij de hardheidsclausule is gehonoreerd dienen wél een volledige voorkeurslijst in te vul-

len. 6

De uitkomsten van de centrale loting en matching werd bekend gemaakt op 17 april 2024.

7

Dit jaar was dat mogelijk van 17 tot 22 april 2024. Vanaf 24 april 2024 konden de ouders wederom in het ouderportaal zien op welke middelbare school hun kind is geplaatst.

8

Dialogic innovatie ● interactie

Het bezwaar over de plaatsingsuitkomst wordt behandeld door de onafhankelijke toetsingscommissie.

Dialogic innovatie ● interactie

9

3 Wenselijkheid en algemene ervaringen centrale loting en matching In dit hoofdstuk staan we stil bij de algemene ervaringen van respondenten met de centrale loting en matching. Een belangrijk onderdeel hiervan is de mate waarin loting en matching überhaupt wenselijk en uit te leggen is. Ten slotte bespreken we in hoeverre de procedure is verbeterd ten opzichte van voorgaande jaren.

3.1 Wenselijkheid centrale loting en matching is goed uit te leggen Uit de interviews blijkt dat het bestaan van de centrale loting en matching goed uit te leggen is. Alle respondenten zien de noodzaak van de centrale loting en matching, en zijn van mening dat het goed is dat de overstap van het primair onderwijs naar het middelbaar onderwijs in Amsterdam centraal georganiseerd en begeleid wordt. De reden die respondenten hiervoor aandragen is dat er volgens hun een schaarste in kwalitatief aanbod is. Respondenten menen dat sommige scholen in Amsterdam relatief aantrekkelijk zijn, ook vanwege positieve onafhankelijke kwaliteitsstempels van de Inspectie van het Onderwijs8. Hierdoor kan niet elke leerling naar de school van hun eerste keus, en krijgen sommige scholen meer aanmeldingen dan ze plekken hebben. Er is dus een manier nodig om de in ogen van de respondenten kwalitatief schaarse plekken te verdelen, en loting is volgens respondenten hiervoor een eerlijke manier, waarbij leerlingen relatief gelijke kansen hebben. Respondenten zien risico’s op kansengelijkheid bij een alternatief verdeelsysteem, waarbij scholen bijvoorbeeld hun eigen toelatingsprocedures kunnen kiezen. Respondenten zijn het erover eens dat dit onwenselijk is. Hier hoort echter de kanttekening bij de ‘eerlijkheid’ van loting op meerdere manieren uit te leggen is.

Aan de ene kant heeft, zeker in theorie, elke leerling evenveel kans om op de school van hun eerste voorkeur te worden geplaatst. Aan de andere kant merken respondenten ook op dat het juist niet eerlijk is als het lot beslist over de toekomst van een kind. Idealiter heeft volgens hun een kind invloed over schoolkeuze, en kunnen zij hun eigen intrinsieke wensen volgen. Dit is in een centrale lotingsprocedure juist niet mogelijk. Ouders denken invloed te kunnen uitoefenen op de uitslag van de centrale loting en matching, door de voorkeurslijst op een bepaalde manier in te vullen. Daarbij hebben ze het idee dat ze hierdoor meer kans maken om hun kind op hun eerste keuze uit te laten komen. Een belangrijk onderdeel van de context van de centrale loting en matching is het feit dat kansenongelijkheid in het onderwijs, in de hele maatschappij, steeds groter wordt waardoor schoolkeuze steeds belangrijker wordt (gevonden). Dit is niet per sé iets waar Stichting ELK veel invloed op heeft, maar zorgt er wel voor dat alle betrokken partijen een steeds grotere druk ervaren door de lotingsprocedure. Ten slotte merken we op dat interviewrespondenten sommige aspecten van de centrale loting en matching niet goed uit te leggen vinden, ook als ze het bestaan van die procedure an sich wel toejuichen. Hier gaan we in hoofdstuk 4, 5 en 6 nader op in.

8

Dit geldt overigens ook voor andere steden dan Amsterdam.

10

Dialogic innovatie ● interactie

3.2 Algemene ervaringen in het po en vo met centrale loting en matching zijn positief We hebben po- en vo-respondenten gevraagd naar hoe zij kijken naar de inrichting en duidelijkheid van de centrale loting en matching. De enquête laat zien dat betrokkenen uit het po en het vo over het algemeen positief zijn over de informatievoorziening en hun begrip van de centrale loting en matching. Het merendeel van de po- en vo-respondenten vonden het proces van de centrale loting en matching transparant, zie Figuur 1. 3% po

vo

14%

42%

7%

26%

45%

0%

20%

14%

26%

40%

60%

8%

6%

2%

8%

80%

100%

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

Mee oneens

Zeer mee oneens

N.v.t. / geen mening

Figuur 1 Het proces van centrale loting en matching is transparant (po n=276 en vo n=106)

Uit Figuur 2 blijkt dat het merendeel van de po-respondenten zeer positief zijn over het algemene proces van de centrale loting en matching. Ze vinden de procedure duidelijk, zijn goed geïnformeerd, en hebben het gevoel ouders en leerlingen voldoende te kunnen voorlichten. 4% 1% Onze school heeft voldoende informatie over de overstap naar het voortgezet onderwijs om ouders en leerlingen voldoende te kunnen voorlichten.

38%

49%

7%

1%

1% De loting en matchingsprocedure was voorafgaand aan de aanmeldingsperiode volledig duidelijk.

32%

51%

9% 6%

1%

3% Onze school is goed geïnformeerd over de centrale loting en matching.

38%

0% Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

Mee oneens

20%

51%

40%

60%

Zeer mee oneens

7%

80%

1%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 2 Algemene visie duidelijkheid centrale loting en matching (po n=276)

Ook de vo-respondenten zijn grotendeels tevreden met hoe de centrale loting en matching is ingericht, zie Figuur 3. Wel geeft ten opzichte van po-respondenten een groter percentage aan niet te begrijpen hoe de procedure dit jaar was ingericht. In de open antwoorden in de enquête geven sommige vo-respondenten aan dat ze de werking van de reservelijsten niet helder vinden. Ouders vinden het onrechtvaardig dat leerlingen die laag op hun voorkeurslijst worden geplaatst ook laag op een reservelijst staan. Daarnaast vinden zij het jammer dat reservelijsten niet in te zien zijn.

Dialogic innovatie ● interactie

11

2%

Onze school heeft voldoende informatie over de overstap naar het voortgezet onderwijs om ouders en leerlingen te kunnen voorlichten.

23%

59%

8% 6%

3%

1% Onze school begreep voorafgaand aan de procedure hoe deze dit schooljaar was ingericht.

26%

52%

8% 11%

2%

1% Onze school ontving voldoende informatie rondom de Kernprocedure.

23%

0%

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

55%

20%

Mee oneens

40%

10% 8%

60%

Zeer mee oneens

80%

3%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 3 Algemene visie duidelijkheid centrale loting en matching vo (vo n=106)

Stichting ELK stuurt aan het po en vo een maandelijkse nieuwsbrief uit. Beide groepen respondenten zijn gevraagd of ze de nieuwsbrief van ELK waardeerden. In het po (n=276) gaf 83% aan de nieuwsbrief te waarderen, en bij het vo (n=89) gaf 79% aan de nieuwsbrief te waarderen. Ook in interviews met po- en vo-respondenten werd aangegeven dat de nieuwsbrief van ELK werd gewaardeerd. Respondenten gaven hierbij aan dat de nieuwsbrief voldoende informatie bevatte die ze nodig hadden om ouders te informeren. Een vo-respondent gaf aan te waarderen wanneer ELK reminders stuurde over belangrijk data.

3.3 De centrale loting en matching is niet significant verbeterd of verslechterd t.o.v. voorgaande jaren Ruim een derde van de ouders geeft aan dat zij de centrale loting en matching in een eerder schooljaar hebben doorlopen, waarvan het grootste deel (79%) in de drie voorgaande schooljaren. Meer dan de helft van de ouders geeft aan neutraal te zijn over of het aanmeldingsproces is verbeterd (54%) en of de loting en matching is verbeterd (57%) ten opzichte van de vorige keer dat zij dit hebben doorlopen, zie

Figuur 4.

De loting en matching is verbeterd ten opzichte van de vorige keer/keren dat ik het heb doorlopen

3% 13%

54%

15%

8% 7%

Het aanmeldproces is verbeterd ten opzichte van de vorige keer/keren dat ik het heb doorlopen

2% 12%

57%

16%

5% 8%

80%

90% 100%

0% Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

10%

Mee oneens

20%

30%

40%

Zeer mee oneens

50%

60%

70%

N.v.t. / geen mening

Figuur 4 Het sentiment van ouders omtrent de centrale loting en matching vergelijken met voorgaande schooljaren (ouders n=345)

12

Dialogic innovatie ● interactie

4 Informatievoorziening We hebben ouders, leerlingen, basis- en middelbare scholen vragen gesteld over de informatiebronnen die zij hebben gebruikt om zich te oriënteren op de verschillende middelbare scholen in Amsterdam, en specifiek over de informatievoorziening vanuit Stichting ELK. In dit hoofdstuk bespreken we de resultaten van de vragenlijsten en de interviews over deze onderwerpen.

4.1 Informatiebronnen worden positief beoordeeld Uit de enquête en interviews blijkt dat ouders en leerlingen positief zijn over de gebruikte informatiebronnen. Specifiek worden de Keuzegids en de website Schoolkeuze.020 als nuttig beoordeeld. De ScholenArenA wordt door ouders het minst positief beoordeeld, onder andere vanwege de ervaren drukte tijdens het evenement.

4.1.1 Ouders en leerlingen zijn tevreden over informatiebronnen Er zijn voor ouders en leerlingen diverse informatiebronnen beschikbaar om zich te oriënteren op de schoolkeuze, waaronder Keuzegids, de website schoolkeuze020.nl, de ScholenArenA, de vogids.nl, sociale media, Vereniging OSVO of oudergeledingen. Uit de resultaten (Figuur 5) blijkt dat ouders erg positief zijn over de diverse informatiebronnen. In de open antwoorden gaven respondenten daarnaast aan dat ze informatie verzamelden door open dagen te bezoeken, met familie of andere ouders te praten of al eerder het proces hadden doorgelopen met een ouder kind. 8,5

8,3

7,9

8,0 7,5

7,5

7,4

7,2

7,6

7,6

7,9

7,9

7,9

8,0

7,7

7,4

7,2

7,0 7,0

6,5

6,0

Figuur 5 Gemiddeld gebruik en rapportcijfer (1 t/m 10) informatiebronnen (ouders n=1.031)

Dialogic innovatie ● interactie

13

Ook leerlingen zijn tevreden over de gebruikte informatiebronnen, zie Figuur 6. De leerlingen zijn, in vergelijking met de ouders, zelfs meer tevreden. In de open antwoorden gaven leerlingen aan ook informatie te vergaren door vragen te stellen aan klasgenoten of vrienden. 8,6 8,4 8,4 8,2

8,2

8,2

8,5

8,3

8,1 8,0 7,8

7,8

7,8

7,9

7,9

7,7

7,6 7,4

7,2

Figuur 6 Gemiddeld gebruik en rapportcijfer informatiebronnen (leerlingen n=649)

4.1.2 Invloed op samenstelling voorkeurslijst Omdat Stichting ELK betrokken is bij de informatievoorziening in de Keuzegids, de website Schoolkeuze.020 en de ScholenArenA, hebben we deze informatiebronnen extra bevraagd. We hebben aan ouders en leerlingen gevraagd die aangaven deze informatiebronnen te hebben gebruikt, in hoeverre ze bijdroegen aan het opstellen van de voorkeurslijst. Uit de resultaten (Figuur 7) blijkt dat de ouders positief zijn over de mate waarin de ScholenArenA, de website Schoolkeuze020.nl en de Keuzegids bijdroegen aan het opstellen van de voorkeurslijst. De Keuzegids werd daarbij het meeste gewaardeerd (69% [zeer] mee eens). Dit getal ligt echter iets lager dan vorig jaar (78%). Een verklaring die we in interviews horen is het relatief lage gehalte feitelijke informatie dat de Keuzegids bevatte in vergelijking met eerdere jaren. Bij het bezoeken van de ScholenArenA geven 19% van de respondenten aan dat het bezoek niet heeft bijgedragen aan het opstellen van de voorkeurslijst. Uit de interviews blijkt dat ouders de ScholenArenA vaak overweldigend en luid vonden, waarbij ze niet vonden dat ze daadwerkelijk een goede indruk van de scholen kregen. Enkele ouders hebben ook aangegeven dat ze bewust niet zijn gegaan, omdat ze niet dachten dat het zou helpen bij het opstellen van de voorkeurslijst.

14

Dialogic innovatie ● interactie

Het bezoeken van de ScholenArenA heeft ons geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst.

14%

39%

20%

19%

6%

De website van Schoolkeuze020.nl heeft ons geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst.

20%

47%

19%

9%

2%

De Keuzegids 2024: op naar de middelbare heeft ons geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst.

20%

49%

19%

9%

2%

0%

Zeer mee eens

Mee eens

20%

Neutraal

40%

Mee oneens

60%

80%

100%

Zeer mee oneens

Figuur 7 Mate waarin de ScholenArenA, de website Schoolkeuze020.nl en de Keuzegids 2024 bij hebben gedragen aan het samenstellen van de voorkeurslijst (ouders n=771, 520, 591)

De leerlingen vonden dat de Keuzegids – net als de ouders – het meeste heeft geholpen met het samenstellen van de voorkeurslijst (67% [zeer] mee eens), zie Figuur 8. Het bezoeken van de ScholenArenA en de website Schoolkeuze020.nl werd evenveel gewaardeerd (61% [zeer] mee eens). Maar een klein percentage (tussen de 10% en 15%) gaf aan het [zeer] oneens te zijn met de mate waarin deze informatiebronnen bijdroegen aan het opstellen van de voorkeurslijst. De leerlingen konden hun antwoorden in een open vraag toelichten. Daaruit blijkt dat ze, net als de ouders, de ScholenArenA soms erg druk en overweldigend vonden. Wel gaven leerlingen aan dat ze daar de mogelijkheid hadden om vragen aan de verschillende scholen te stellen, en dit waardeerden.

Het bezoeken van de ScholenArenA heeft mij geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst

18%

De website van Schoolkeuze020.nl heeft mij geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst

12%

De Keuzegids 2024: Op naar de middelbare heeft mij geholpen bij het samenstellen van de voorkeurslijst

16%

0%

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

43%

23%

49%

25%

51%

20%

40%

Mee oneens

21%

60%

80%

11%

4%

11% 1%

9%

1%

100%

Zeer mee oneens

Figuur 8 Mate waarin de ScholenArenA, de website Schoolkeuze020.nl en de Keuzegids 2024 bijdroegen aan het samenstellen van de voorkeurslijst (leerlingen n=280, 122, 192)

4.2 Duidelijkheid informatievoorziening varieert In deze paragraaf bespreken we in welke mate de informatievoorziening duidelijk was, wat de respondenten vinden van de hardheidsclausule, de inrichting van uitzonderingssituaties en de informatieoverdracht tussen het po en het vo. De informatievoorziening wordt over het algemeen positief beoordeeld door ouders, het po en het vo. De inrichting van uitzonderingssituaties, waaronder de hardheidsclausule, werd negatiever beoordeeld. Tot slot beoordeelde het po de informatieoverdracht naar het vo positiever dan het vo zelf.

Dialogic innovatie ● interactie

15

4.2.1 Ouders en leerlingen vinden de informatievoorziening duidelijk Uit Figuur 9 blijkt dat het grootste deel van de ouders de communicatie en de informatie over de centrale loting en matching duidelijk vonden (tussen de 71% en 78% is het [zeer] mee eens). Het is voor ouders grotendeels duidelijk wat het doel, en de te nemen stappen van de centrale loting en matching zijn. Slechts een klein percentage geeft aan het er [zeer] mee oneens dat de communicatie en de informatie duidelijk is (tussen de 8% en de 12%). Uit de interviews met ouders bleek dat het verschilde in welke mate ze de informatie gemakkelijk konden vinden en begrijpen. Sommige ouders hebben relatief meer tijd besteed aan het verzamelen van de beschikbare informatie. Velen gaven aan het gevoel te hebben dat ze niet alle informatie hadden kunnen vinden. Niet alle basisschool leerkrachten waren even bekend met middelbare scholen, waardoor enkele ouders aangaven de verantwoordelijkheid van de informatieverzameling bij henzelf te vinden liggen.

Er was voldoende informatie en communicatie over de te nemen stappen van de centrale loting en matching.

24%

51%

13%

De informatie en communicatie over de te nemen stappen van de centrale loting en matching was duidelijk.

25%

53%

13% 6% 2%

Er was voldoende informatie en communicatie over het doel van de centrale loting en matching.

21%

50%

16%

9%

3%

De informatie en communicatie over het doel van de centrale loting en matching was duidelijk.

22%

51%

15%

8%

2%

0% Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

20% Mee oneens

40%

60%

80%

7%

2%

100%

Zeer mee oneens

Figuur 9 Duidelijkheid informatie en communicatie over de centrale loting en matching (ouders n=1.009)

We hebben aan leerlingen gevraagd in hoeverre ze begrepen hoe de centrale loting en matching werkt, zie Figuur 10. Meer dan de helft (57%) van de leerlingen geven aan dat ze begrijpen hoe de centrale loting en matching werkt, 39% geeft aan het een beetje te begrijpen, en een kleine groep (5%) geeft aan niet te begrijpen hoe het werkt. In vergelijking met 2023, komen de percentages bijna volledig overeen. In 2023 begreep 56% van de leerlingen hoe de centrale loting en matching werkte, en 35% een beetje.

16

Dialogic innovatie ● interactie

5%

39% 57%

Ja

Een beetje

Nee

Figuur 10 Begrip onder leerlingen over de werking van de centrale loting en matching (n=649)

4.2.2 Ouders zijn relatief onbekend met de hardheidsclausule We hebben aan ouders, het po en het vo gevraagd in hoeverre ze bekend zijn met de hardheidsclausule, en hoe ze de communicatie erover, en de implementatie ervan, beoordelen. Uit de resultaten in Figuur 11 blijkt dat het vo verreweg het meest positief is over de communicatie over de hardheidsclausule (67% [zeer] goed), t.o.v. ouders (22% [zeer] goed) en het po (44% [zeer] goed). Ouders zijn het minst bekend met de werking van de hardheidsclausule (18% matig, 9% slecht). Een verklaring hiervoor is dat maar een kleine groep ouders gebruik maakt van de hardheidsclausule, omdat het simpelweg voor de meesten niet van toepassing is. Daarnaast moet het vo de uiteindelijke hardheidsclausule aanvragen beoordelen, en is daarom beter bekend is met de werking ervan. Uit de interviews met betrokkenen uit het vo blijkt dat het goed is dat de hardheidsclausule bestaat, maar dat de beoordeling ervan veel werk oplevert. Daarnaast wordt er ook aangegeven dat ouders in sommige gevallen misbruik proberen te maken van de hardheidsclausule, om daarmee de loting te omzeilen en hun kind op de eerste keuze te plaatsen. Dit wordt door zowel po- als vo-betrokkenen als lastig ervaren. 2% Ouders

20%

po

32%

14%

18%

34%

9%

21%

17%

19%

3%

10% 1%

vo

18%

0%

10% Zeer goed

49%

20% Goed

30%

14%

11%

40%

50%

60%

70%

Neutraal

Matig

Slecht

N.v.t. / geen mening

80%

90%

7%

100%

Figuur 11 Beoordeling communicatie over de hardheidsclausule (n ouders=449, n po=276, n vo=106)9

9

Aan po- en vo-respondenten is hier de volgende vraag voorgelegd: Onze school is goed geïnformeerd over de werking van de hardheidsclausule. De antwoordopties waren ‘zeer mee eens’, ‘mee eens’,

Dialogic innovatie ● interactie

17

4.2.3 Inrichting niet-reguliere trajecten is een lastig onderdeel van de centrale loting en matching De centrale loting en matching kent enkele ‘niet-reguliere trajecten’, waarbij een kind behoefte heeft aan een bepaalde soort school, klas, regeling of ondersteuning. Uit de enquête blijkt dat het po en het vo over het algemeen positief zijn over de inrichting van de centrale loting en matching, maar minder tevreden zijn over deze niet-reguliere trajecten. Dit wordt onderschreven in interviews met zowel ouders als leerkrachten in het po en het vo. Zo geven respondenten het voorbeeld dat er voor autistische kinderen minder voorzieningen zijn dan nodig. Daarnaast vinden zowel ouders als betrokkenen uit het po en vo het wenselijk dat er onderscheid gemaakt kan worden tussen vwo en gymnasium. Praktijkonderwijs, tussenvoorziening, tweetalig onderwijs, SBO en Kopklas zijn voorbeelden van dergelijke alternatieven op het regulier onderwijs. Respondenten uit het po geven in gelijke mate aan dat de inrichting van het proces rondom de praktijk- of tussenvoorziening, en de werking van de voorrangsregels voor SBO en Kopklas, goed te begrijpen zijn (zie Figuur 12).

3% Onze school is voldoende op de hoogte van het proces om leerlingen naar de praktijk- of tussenvoorziening te laten doorstromen.

17%

46%

17%

9%

8%

3% Onze school is goed geïnformeerd over de werking van de voorrangsregels voor SBO/Kopklas.

17%

0% Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

Mee oneens

43%

20%

40%

Zeer mee oneens

17%

60%

12%

80%

9%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 12 Informatievoorziening aan basisscholen rondom de praktijk- en tussenvoorziening en voorrangsregels voor SBO/Kopklas (po n=276)

Het vo hebben we gevraagd in welke mate ze het eens zijn met de stellingen over de afhandeling van reservelijsten, en over de werking van voorrangsregels voor SBO en/of Kopklas (zie Figuur 13). Het vo geeft t.o.v. de po aan minder goed geïnformeerd te zijn over de werking van de voorrangsregels voor SBO en/of Kopklas. Uit de open antwoorden blijkt dat respondenten de voorrangsregel van het SBO niet duidelijk vinden. Met betrekking tot de afhandeling van de reservelijsten geeft het vo aan hier goed over te zijn geïnformeerd (60%). In de open vragen geven respondenten echter ook aan dat de werking van de reservelijst niet transparant is, iets dat ook werd genoemd in interviews met vo-betrokkenen.

‘neutraal’, ‘mee oneens’ en ‘zeer mee oneens’. Voor de leesbaarheid van de figuur hebben we de antwoord categorieën van de ouders gebruikt, namelijk ‘zeer goed’, ‘goed’, ‘neutraal’, ‘slecht’ en ‘n.v.t. / geen mening’.

18

Dialogic innovatie ● interactie

2% Onze school is goed geïnformeerd over de afhandeling van de reservelijsten.

14%

46%

18%

13%

7%

4% Onze school is goed geïnformeerd over de werking van de voorrangsregels voor SBO/Kopklas.

8%

31%

0% Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

20%

Mee oneens

21%

40%

Zeer mee oneens

14%

60%

23%

80%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 13 Informatievoorziening aan middelbare scholen rondom de praktijk- en tussenvoorziening en voorrangsregels voor SBO/Kopklas (vo n=106)

4.2.4 Wisselende visie op het aanbieden van kansrijke klassen Betrokkenen uit het vo zijn gevraagd of hun school komend schooljaar kansrijke klassen aanbiedt. Daarvan gaf 41% aan dit wel te doen, 40% van niet en 20% van de respondenten wist het niet. Aanvullend zijn zowel betrokkenen uit het po als het vo gevraagd naar de wenselijkheid van het aanbieden van kansrijke klassen in de toekomst. Het vo staat hier aanzienlijk minder positief tegenover dan het po (Figuur 14). Respondenten uit het vo zijn kritisch op kansrijke klassen en geven de voorkeur aan gemengde brugklassen. Aanvullend geven betrokkenen uit het po in de open antwoordmogelijkheden aan dat het belangrijk is dat leerlingen met een dubbeladvies enkel geplaatst kunnen worden op scholen waar beide adviezen worden aangeboden. Dit verkleint de druk op leerlingen op te presteren op een zeker niveau, met het risico om anders van school te moeten wisselen.

po

83,0%

vo

39,6%

0%

20%

3,6%

20,8%

40% Ja

39,6%

60% Nee

13,4%

80%

100%

Weet ik niet

Figuur 14 Wenselijkheid van het aanbieden van kansrijke klassen (po n =276, vo n =106)

4.2.5 Po en vo oordelen zeer verschillend over kwaliteit van hun informatievoorziening Wanneer een kind naar het voortgezet onderwijs gaat, vindt er een informatieoverdracht plaats tussen de basisschool en de middelbare school. We hebben zowel het po als het vo gevraagd wat zij vinden van de informatieoverdracht. De enquête (zie Figuur 15) toont aan dat het po in het algemeen positiever is (65%) over de informatieoverdracht van de basisschool naar het de middelbare school, dan het vo (33%). Po-respondenten geven aan positiever te zijn over de informatieoverdracht van ondersteuningsbehoeften via oki-docs (69%) t.o.v. het vo (29%). Een mogelijke verklaring hiervoor ligt bij de verwerking van oki-docs. Betrokkenen uit het vo geven tijdens interviews aan dat het verwerken van oki-docs relatief veel tijd kost. Echter geven betrokkenen uit het po bij de open antwoord mogelijkheden in de vragenlijst aan dat het opstellen van de oki-docs voor

Dialogic innovatie ● interactie

19

hen ook veel werk oplevert en het systeem omslachtig is. Aanvullend geven zij aan dat het gevoel leeft dat middelbare scholen beperkt gebruik maakt van de aangeleverde oki-docs. 4%

3% po

11%

54%

18%

2%

vo

2%

20%

35%

40%

18%

60%

14%

55%

15%

100%

11%

2%

2%

vo

11%

80%

po

1%

3% 31%

0%

11%

28%

0%

26%

20%

40%

32%

60%

10%

80%

100%

Zeer mee eens

Mee eens

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

Mee oneens

Neutraal

Mee oneens

Zeer mee oneens

N.v.t. / geen mening

Zeer mee oneens

N.v.t. / geen mening

Figuur 15 Tevredenheid over de informatieoverdracht over ondersteuningsbehoeften van het po naar vo in het algemeen (links) en specifiek via oki-docs (rechts) (po n=276, vo n=106)

Het vo heeft daarnaast een extra vraag beantwoord, namelijk over de mate waarin het vo vanuit basisscholen genoeg aanvullende informatie ontvangt om het basisschooladvies van leerlingen te ondersteunen (oki-doc). Het vo is hierover opvallend negatief: 30% geeft aan dat ze vinden niet genoeg aanvullende informatie te ontvangen vanuit basisscholen. Betrokkenen uit het vo geven in interviews aan dat niet alle oki-docs even uitgebreid worden ingevuld, en ze daarom niet altijd dezelfde hoeveelheid informatie hebben over alle leerlingen. Betrokkenen uit het po geven aan dat het oki-doc korter is geworden en de vragen te beantwoorden zijn met een vijfpuntsschaal. Wel kan er in een open vraag extra informatie worden toegevoegd, wat een verklaring biedt voor de verschillende mate aan informatie in de oki-docs.

Onze school krijgt vanuit basisscholen genoeg aanvullende informatie om het basisschooladvies van leerlingen te ondersteunen (oki-doc).

6%

0%

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

35%

20%

Mee oneens

19%

40%

Zeer mee oneens

30%

60%

7%

80%

4%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 16 Tevredenheid vo over aanvullende informatie om het basisschooladvies van leerlingen te ondersteunen (oki-doc) (vo n=106)

Ten slotte geven middelbare scholen aan dat het wenselijk is dat de informatieoverdracht voor leerlingen die op een basisschool hebben gezeten buiten de gemeente Amsterdam, en die naar een middelbare school gaan binnen de gemeente Amsterdam ook plaats kan vinden via oki-docs.

4.3 Open dagen zijn belangrijk en worden niet door iedereen voldoende bezocht Open dagen bezoeken is voor veel leerlingen en ouders een manier om te beoordelen wat ze van een middelbare school vinden. We hebben aan ouders en leerlingen gevraagd hoeveel middelbare scholen ze hebben bezocht. We hebben gekeken hoeveel scholen ouders en

20

Dialogic innovatie ● interactie

leerlingen moesten bezoeken t.o.v. het aantal scholen dat ze op hun voorkeurslijst moesten plaatsen. Vervolgens hebben we gekeken of mensen minder, hetzelfde of meer dan de nodige scholen hebben bezocht t.o.v. deze lijst. Uit Figuur 17 blijkt dat de ouders die kinderen hebben die 12 middelbare scholen op hun voorkeurslijst moeten zetten, het vaakst (45%) meer dan 12 open dagen bezoeken. Ouders geven in interviews aan dat ze de voorkeurslijst zo goed mogelijk wilden invullen, waarbij het bezoeken van open dagen als de beste manier werd gezien om een indruk te krijgen van de school. Ouders geven daarnaast aan de open dagen vaak als stressvol en druk te ervaren, omdat deze allemaal plaatsvinden in een kort tijdsbestek. 10 Dit maakt het voor ouders lastig om alle scholen te kunnen bezoeken die ze willen zien, ook omdat er overlap tussen de open dagen zit. Ouders geven aan dat het fijn zou zijn als de planning van de open dagen centraal geregeld kan worden en over een langer tijdsbestek verspreid kan plaatsvinden. Aanvullend stellen ouders dat het definitieve schooladvies eerder bekend zou kunnen worden gemaakt zodat er voldoende tijd is om open dagen van scholen te bezoeken die het relevante schoolniveau aanbieden.11

4 middelbare scholen

28%

16%

6 middelbare scholen

36%

12 middelbare scholen

34%

0%

20%

34%

10%

42%

18%

40%

22%

12%

45%

60%

Minder open dagen bezocht

Even veel open dagen bezocht

Meer open dagen bezocht

Weet ik niet meer

80%

3%

100%

Figuur 17 Het aantal bezochte open dagen door ouders gegroepeerd naar het aantal scholen dat op de voorkeurslijst geplaatst moeten worden (ouders n=1.006)

In Figuur 18 staan de resultaten voor dezelfde vraag, maar met de antwoorden van de leerlingen. Ook hier blijkt dat leerlingen die 12 scholen op de voorkeurslijst moeten plaatsen, meer dan 12 scholen bezoeken tijdens open dagen (48%). De resultaten zijn redelijk vergelijkbaar met de resultaten van de ouders. Ook hier gaan ongeveer een derde van de leerlingen naar minder scholen dan op de voorkeurslijst ingevuld moeten worden om aan de plaatsingsgarantie te kunnen voldoen.

10

Deze data zijn door het ministerie van OCW vastgelegd.

11

Ook hier geldt dat dit is vastgelegd door het ministerie van OCW.

Dialogic innovatie ● interactie

21

4 middelbare scholen

34%

6 middelbare scholen

38%

12 middelbare scholen

34%

0%

20%

12%

28%

7%

43%

14%

40%

26%

12%

48%

60%

Minder open dagen bezocht

Evenveel open dagen bezocht

Meer open dagen bezocht

Weet ik niet meer

5%

80%

100%

Figuur 18 Het aantal bezochte open dagen door leerlingen gegroepeerd naar het aantal scholen dat op de voorkeurslijst geplaatst moeten worden (n=649)

22

Dialogic innovatie ● interactie

5 Aanmelding Ouders, leerlingen, basisscholen en middelbare scholen zijn vragen gesteld over de aanmelding in ELK, waaronder het opstellen van de voorkeurslijst, de centrale aanmeldingsperiode en de daadwerkelijke digitale aanmelding. Dit hoofdstuk zal de resultaten van de vragenlijsten en interviews op deze onderwerpen bespreken.

5.1 Opstellen voorkeurslijst blijkt moeilijk Het opstellen van de voorkeurslijst wordt door de helft van de ouders en 40% van de leerlingen als moeilijk ervaren (zie Figuur 19). Maar ongeveer een kwart van zowel de leerlingen als ouders geeft aan dat het opstellen van de voorkeurslijst [heel] gemakkelijk is.

3% Leerlingen

5%

19%

33%

29%

11%

2% Ouders

5%

21%

0%

20%

22%

40%

35%

60%

15%

80%

Heel makkelijk

Makkelijk

Niet moeilijk/niet makkelijk

Moeilijk

Heel moeilijk

Weet ik niet/geen mening

100%

Figuur 19 Gemak van het opstellen van de voorkeurslijst (leerlingen n=649, ouders n=1.009)

Als we dit voor leerlingen uitsplitsen naar het aantal scholen dat ze op hun voorkeurslijst moeten plaatsen (4, 6 of 12), zien we dat het percentage dat het opstellen van de voorkeurslijst moeilijk vindt groter wordt naarmate er meer scholen op de lijst moeten worden geplaatst (21% [heel] moeilijk bij 4 scholen, 33% bij 6 scholen en 45% bij 12 scholen), zie Figuur 20. De interviews en open vragen van de vragenlijst bevestigen dat ouders en leerlingen 12 scholen op een voorkeurslijst te veel vinden. Zo geeft 62% van de leerlingen in de vragenlijst aan niet genoeg scholen leuk te vinden. Daarnaast geven ouders aan dat ze te weinig scholen geschikt vinden voor hun kind (37%) en dat er te weinig scholen op geschikte afstand zijn (28%). Verder wordt in de interviews met ouders genoemd dat de laatste scholen op de voorkeurslijst niet echt meer voorkeursscholen zijn voor leerlingen, zeker voor de lange lijst bij havo/vwo. Dit resulteert in het feit dat ouders het idee hebben dat ze de voorkeurslijst “strategisch” kunnen invullen, en daarmee invloed hebben op de uitslag van de loting. Hierbij vullen ouders hele populaire scholen in op de lagere plekken van de lijst, waardoor ze (denken) er bijna verzekerd van te zijn dat deze scholen vol zitten en hun kind hoger op de voorkeurslijst wordt geplaatst.

Niet alle ouders zijn op de hoogte van deze methode en ook niet alle ouders vinden het eerlijk om op deze manier de lijst in te vullen. Leerlingen geven in de vragenlijst aan dat ze het moeilijk vonden om de volgorde van de scholen op de voorkeurslijst te bepalen. In de interviews komt ook naar voren dat veel ouders en leerlingen beïnvloed worden door de meningen van andere ouders en leerlingen. Ouders kijken mogelijk te veel naar de meningen van anderen en te weinig naar de kwaliteit van een school. Dit heeft ook een effect op de voorkeurslijst en het resultaat van de plaatsing. Deze zorg wordt door zowel ouders als scholen gedeeld.

Dialogic innovatie ● interactie

23

2% 4 scholen

9%

6 scholen

11%

12 scholen 3%

41%

26%

20%

16%

0% Heel makkelijk

19%

32%

22%

34%

11%

32%

20%

40%

Makkelijk

Niet moeilijk/niet makkelijk

60%

3%

5%

13%

2%

80%

Moeilijk

Heel moeilijk

100% Weet ik niet

Figuur 20 Gemak van het opstellen van de voorkeurslijst voor leerlingen naar het aantal scholen dat op de voorkeurslijst geplaatst moeten worden (n=649)

Het bezoeken van open dagen is heel belangrijk voor het opstellen van de voorkeurslijst. Zowel leerlingen (89% [zeer] mee eens, zie Figuur 21) als ouders (81% [zeer] mee eens) benoemen in grote mate dat open dagen hebben bijgedragen aan het opstellen van de voorkeurslijst.

3% Leerlingen

42%

47%

4%

3% 1% 2%

Ouders

45%

0% Zeer mee eens

36%

20% Mee eens

40% Neutraal

Mee oneens

7%

60%

80%

Zeer mee oneens

7%

3%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 21 In hoeverre de open dagen bijdragen aan het opstellen van de voorkeurslijst (leerlingen n=632, ouders n= 1.014)

Figuur 22 geeft de redenen weer waarom leerlingen een school op nummer één hebben geplaatst. Omdat respondenten meer dan één antwoord konden invullen, noemen we de aantal keren dat een antwoordoptie is aangevinkt. De twee belangrijkste factoren zijn een goede sfeer (401) en een leuke open dag (364). Leerlingen noemen in verhouding tot deze factoren minder vaak als reden dat hun broer of zus al op de school zit (54) en dat de bassischool het de beste school vond (36). Andere antwoorden van leerlingen die het meeste voorkomen op open vragen vanuit de vragenlijst op deze vraag zijn dat de school een specifiek onderwijsconcept heeft, de school specifieke ondersteuning aanbiedt en vanwege persoonlijke omstandigheden van de leerling.

24

Dialogic innovatie ● interactie

Omdat er een goede sfeer hangt

401

Omdat ik de open dag heel leuk vond

364

Omdat ze hier extra lessen aanbieden (sport, kunst, of tweetalig onderwijs)

231

Omdat deze school dicht bij mijn huis is

187

Omdat mijn ouders/familie/broer/zus hebben gezegd dat het een leuke school is

127

Omdat mijn vrienden/vriendinnen deze school ook op nummer 1 hebben gezet

69

Omdat mijn broer of zus al op deze school zit

54

Omdat de basisschool dit voor mij de beste school vond

36

Anders

73 0

50

100

150

200

250

300

350

400

450

Figuur 22 Redenen van leerlingen om een school bovenaan de voorkeurslijst te plaatsen (n=649)

Vrijwel alle ouders (90%) en leerlingen (92%) geven aan dat zij wisten dat een leerling op alle scholen van de voorkeurslijst konden worden geplaatst, zie Figuur 23. 14% van de ouders geeft aan dat zij hierover niet zijn voorgelicht door de basisschool, terwijl slechts 1% van de basisscholen aangeeft dat ze ouders hierover niet uitgebreid hebben geïnformeerd. Desondanks zijn ouders toch goed geïnformeerd en lijkt dit dus aan te geven dat ouders deze informatie ook via andere kanalen ontvangen.

Leerlingen

92%

8%

Ouders

90%

6% 4%

0%

20%

40% Ja

Nee

60%

80%

100%

Weet ik niet (meer)

Figuur 23 Bewustzijn onder ouders en leerlingen over de mogelijkheid dat een leerling op alle plaatsen van de voorkeurslijst geplaatst kan worden (leerlingen n=649, ouders n=1.009)

5.2 Voldoende tijd in centrale aanmeldingsperiode Ouders vinden dat er voldoende tijd is in de centrale aanmeldingsperiode om de digitale aanmelding te voltooien (70% [zeer] mee eens, zie Figuur 24). Ook zijn de meeste ouders het erover eens dat de periode tussen de bekendmaking van het schooladvies en de centrale aanmeldingsperiode lang genoeg was (50% [zeer] mee eens, zie Figuur 24). In de open antwoordmogelijkheden geven sommige respondenten aan dat ze de periode tussen de bekendmaking van het schooladvies en de centrale aanmeldweek korter zou mogen duren. De ouders en leerlingen willen minder lang in spanning zitten over de school waar de leerling uiteindelijk geplaatst wordt. Een belangrijk aandachtspunt volgens ouders en betrokkenen uit het po en vo, vanuit zowel interviews als de vragenlijst, is dat het niet wenselijk is dat de deadline van de

Dialogic innovatie ● interactie

25

aanmeldingsperiode op een zondag/vrije dag valt.12 De basisschool en Stichting ELK zijn dan niet bereikbaar voor eventuele vragen en ondersteuning. 4% 1% De centrale aanmeldingsperiode (12 dagen) duurde voldoende lang om de digitale aanmelding van mijn kind te voltooien.

De periode tussen de bekendmaking van het schooladvies en de centrale aanmeldingsperiode was lang genoeg.

26%

Mee eens

Neutraal

14%

2%

4% 13%

0% Zeer mee eens

54%

47%

20%

Mee oneens

22%

40% Zeer mee oneens

60%

10%

80%

4%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 24 Oordeel van ouders over de lengte van de bekendmaking van het schooladvies tot de centrale aanmeldingsperiode (n=1.009)

Bijna één derde van de ouders geeft aan gebruik te hebben gemaakt van een of meerdere vraagloketten van ELK (29%). De vraagloketten worden positief beoordeeld door ouders, met een gemiddeld rapportcijfer tussen de 7.0 (gemeentelijk informatienummer) en 8.4 (basisschool). Ouders zijn overwegend positief over de drie Servicedesks van ELK (standaard, Digitaal Aanmelden, en Loting en Matching). Ouders benoemen voornamelijk dat bij de standaard en Digitaal Aanmelden Servicedesks vragen duidelijk en snel worden beantwoord. De interviews met basisscholen en middelbare scholen bevestigen deze positieve beoordeling over het contact met ELK. Over de Servicedesk Loting en Matching waren ouders overwegend negatiever. Zo geven ouders aan dat de servicedesk beperkt bereikbaar was en dat ELK niet alle (juiste) informatie kon aanleveren waar ouders om hebben gevraagd. De resultaten doen echter vermoeden dat deze negatievere beoordelingen mogelijk ook zijn veroorzaakt door teleurstellende resultaten van de loting en matching. Basisscholen geven aan voldoende in staat te zijn om vragen van ouders over de aanmeldprocedure te beantwoorden tijdens de centrale aanmeldingsperiode (86% [zeer] mee eens, zie Figuur 25). Ook geven de meeste basisscholen aan voldoende tijd te hebben om deze vragen te beantwoorden (79% [zeer] mee eens).

Basisscholen zijn niet eenduidig over of de invoering van de centrale aanmeldingsprocedure het proces van de centrale loting en matching heeft verbeterd. Hoewel 35% aangeeft dat de centrale aanmeldingsprocedure het proces heeft verbeterd, geeft een even groot deel aan dat er geen verschil is (32%) en bijna een kwart van de respondenten (23%) zegt hierover geen mening te hebben.

12

Deze data zijn door het ministerie van OCW vastgelegd. Hier heeft Stichting ELK geen invloed op.

26

Dialogic innovatie ● interactie

1%

Tijdens de centrale aanmeldingsperiode was uw school voldoende in staat om vragen van ouders te beantwoorden over de aanmeldprocedure

24%

Tijdens de centrale aanmeldingsperiode heeft uw school voldoende tijd gehad om de vragen van ouders over de aanmeldprocedure te beantwoorden

Mee eens

Neutraal

6%6% 1%

1% 19%

0% Zeer mee eens

62%

60%

20%

Mee oneens

40%

12% 7%

60%

Zeer mee oneens

80%

1%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 25 Ondersteuning vanuit basisscholen tijdens de centrale aanmeldingsperiode (n=276)

5.3 Digitale aanmelding voor meesten gemakkelijk De digitale aanmelding was helder en makkelijk voor veel ouders en leerlingen. Slechts 8% van ouders en 3% van de leerlingen geeft aan moeite te hebben gehad met de digitale aanmelding, zie Figuur 26. Ouders zijn bij veel van de aanmeldingen betrokken, ofwel samen met hun kind (67% volgens leerlingen; 42% volgens ouders), of zonder de hulp van hun kind (24% volgens leerlingen; 51% volgens ouders). Desondanks geven basisscholen en ook ouders aan dat de digitale aanmelding niet voor iedereen als gemakkelijk wordt ervaren. Dit komt door de taligheid van de procedure en het feit dat de aanmelding volledig digitaal is. Zo geven betrokkenen uit het po zowel in de vragenlijst als in de interviews aan dat het niet wenselijk is dat leerlingen die naar het praktijkonderwijs of naar een tussenvoorziening gaan zich digitaal via ELK moeten aanmelden. De digitale aanmelding is voor veel van de ouders van deze leerlingen een uitdaging, waardoor er vaak ondersteuning vanuit de basisschool nodig is. Daarnaast zien betrokkenen uit het po deze digitale aanmelding als onnodig vanwege de aanmelding voor de oriëntatielijst die ouders ook bij de vo-school moeten indienen. 2% 1% Leerlingen

16%

54%

22%

4%

2% Ouders

33%

0% Heel makkelijk

20% Makkelijk

47%

40% Niet makkelijk/niet moeilijk

60% Moeilijk

11%

80% Heel moeilijk

6%

1%

100% Weet ik niet

Figuur 26 Gemak van de digitale aanmelding tijdens de aanmeldingsperiode (leerlingen n=482, ouders n=965)

De ondersteuning vanuit de basisschool bij de digitale aanmelding wordt redelijk positief beoordeeld. Veel van de ouders (65%) geven aan voldoende te zijn geïnformeerd over de wijze van digitaal aanmelden. Slechts 15% is hier niet positief over, zie Figuur 27. Daarnaast zijn er weinig ouders negatief over de ondersteuning vanuit de basisschool bij de digitale aanmelding (8% [zeer] mee oneens).

Dialogic innovatie ● interactie

27

4%

Ik ben door de basisschool voldoende geïnformeerd over de wijze van digitaal aanmelden

22%

12%

0% Mee eens

Neutraal

18%

11%

3%

3%

Ik kon bij de basisschool van mijn kind terecht voor ondersteuning bij de digitale aanmelding voor de centrale loting en matching

Zeer mee eens

43%

26%

20%

Mee oneens

26%

40%

5%

60%

Zeer mee oneens

29%

80%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 27 Ondersteuning en informatievoorziening omtrent de digitale aanmelding door basisscholen beoordeeld door ouders (ouders n=1.031)

Het verschilt sterk per basisschool of zij veel ouders hebben moeten begeleiden met de digitale aanmelding. 34% van de basisscholen geeft aan dat zij veel ouders hebben begeleid, terwijl 37% van de basisscholen dit niet te hebben gedaan, zie Figuur 28. Uit interviews met betrokkenen uit het po bleek dat het voorkwam dat de leerkracht voor een aantal leerlingen die praktijkonderwijs gaan volgen, bijna de gehele digitale aanmelding had gedaan, omdat het voor de ouders en leerlingen te moeilijk was. Ook middelbare scholen spelen een rol in de ondersteuning van de digitale aanmelding, maar dit speelt in mindere mate ten opzichte van basisscholen.

Onze school heeft veel ouders moeten helpen/begeleider met de digitale aanmelding van hun kind

12%

0%

Zeer mee eens

Mee eens

Neutraal

22%

20%

Mee oneens

26%

40%

Zeer mee oneens

29%

60%

8%

80%

100%

N.v.t. / geen mening

Figuur 28 Ondersteuning door de basisschool bij de digitale aanmelding beoordeeld door basisscholen (po n=276)

28

Dialogic innovatie ● interactie

3%

6 Plaatsing Ouders en leerlingen zijn vragen gesteld over het plaatsingsaanbod dat zij hebben ontvangen na de centrale loting en matching. In dit hoofdstuk zullen we de resultaten van de vragenlijsten en interviews op dit onderwerp bespreken.

6.1 Grote tevredenheid plaatsingsaanbod De algemene tevredenheid met het plaatsingsaanbod is groot, en onveranderd ten opzichte van vorig jaar. Voor beide groepen geldt dat ongeveer 80% van de respondenten aangeeft (zeer) tevreden te zijn, zie Figuur 29 en Figuur 30. De tevredenheid is daarmee nagenoeg onveranderd ten opzichte van vorig jaar, toen 82% van de ouders en 84% van de leerlingen (zeer) tevreden was met het plaatsingsaanbod. Daarnaast komt dit aandeel overeen met het aandeel van de respondenten dat aangeeft een plaatsingsaanbod te hebben ontvangen van een middelbare school in de top 3 van de voorkeurslijst (81%). Interviews bevestigen het beeld dat veel ouders tevreden zijn met de plaatsing van hun kind. Echter geven zowel ouders als betrokkenen uit het po aan dat het wenselijk zou zijn dat leerlingen die op elkaars eerste voorkeur zijn geplaatst onderling kunnen wisselen.

Ouders

58%

0%

20%

25%

40%

60%

7% 5% 5% 1%

80%

100%

Zeer tevreden

Tevreden

Neutraal

Ontevreden

Zeer ontevreden

Niet van toepassing

Figuur 29 Tevredenheid van ouders met het plaatsingsaanbod voor hun kind na de eerste plaatsingsronde (ouders n=1.009)

Leerlingen

81%

0%

20%

Tevreden

40%

Een beetje tevreden

11%

60% Niet tevreden

80%

6%

2%

100%

Weet ik niet

Figuur 30 Tevredenheid van leerlingen met de middelbare school waar zij na de zomer naartoe gaan (leerlingen n=649)

6.2 Enkele vragen en weinig bezwaren rondom plaatsingsaanbod De helft van de betrokkenen uit het vo geeft aan enkele vragen te hebben ontvangen van ouders/verzorgers over de plaatsing van hun kind op een middelbare school, zowel voor als na bekendmaking van het plaatsingsaanbod (zie Figuur 31). In een opvolgende vraag gaf slechts 5% van de respondenten aan dat de middelbare school niet in staat was om alle vragen te beantwoorden.

Dialogic innovatie ● interactie

29

60% 51% 50%

50%

40% 27%

30% 21% 20% 10%

10% 11%

8%

9% 8%

3%

0% Geen vragen

Enkele vragen

Veel vragen

Voor bekendmaking plaatsingsaanbod

Zeer veel vragen

Weet ik niet

Na bekendmaking plaatsingsaanbod

Figuur 31 De verdeling van het aantal vragen dat middelbare scholen hebben ontvangen voor en na bekendmaking van het plaatsingsaanbod (n=106)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14847562/1