CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit2021-005bijl02 Onderzoeksrapport Jeugdhulp in Amsterdam inkoop

RAAD 20 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het rapport van de rekenkamer 'Jeugdhulp in Amsterdam: inkoop specialistische jeugdhulp' en de aanbevelingen overnemen. Nr. VN2020-03000938.541 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

97

REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM een weging van voor- en nadelen van de drie onderscheiden bekostigingsvormennnnnn, zijn we niet tegengekomen. Doorslaggevend voor de gemeente in de keuze voor taakgerichte bekostiging is de eenvoud.210 De gemeente stelt dat taakgerichte bekostiging eenvoudig is omdat het in eerste instantie alleen eisen stelt aan het minimale aantal cliënten dat binnen het vastgestelde budget moet worden behandeld211, facturatie per kernpartner maandelijks plaatsvindt op basis van een vooraf vastgesteld percentage van het jaarbudget en de financiële afrekening per kernpartner eens per jaar plaatsvindt op basis van de totaal geleverde jeugdhulp (zie ook paragraaf 5.4.2).212 Ook de literatuur stelt dat een taakgerichte bekostiging in potentie eenvoudig is, maar dat dit sterk afhangt van de keuzes die de gemeente maakt qua verplichte administratie, omgang met onderaannemers en verantwoordingsinformatie.213 In haar redenering lijkt de gemeente echter slechts de facturatiekant te wegen. De eisen die de gemeente stelt aan monitoring en doorontwikkeling (zie paragrafen 5.4.4 en 5.4.7) zijn hierin niet meegenomen, noch de contracterings- en monitoringsvereisten die vanuit de literatuur214 worden voorgesteld om risico's die voortkomen uit de lumpsum bekostiging te beheersen. Al deze zaken maken het stelsel naar alle waarschijnlijkheid in de praktijk minder eenvoudig.

Dit geldt voor de gemeente maar zeker ook voor aanbieders die aan alle vereisten moeten voldoen. De gemeente stelt daarnaast dat taakgerichte bekostiging bijdraagt aan betaalbaarheid. Met name door het budgetplafond waarbinnen een aanbieder de gevraagde zorg moet leveren215 en doordat budgetaanpassingen gedurende het jaar in principe niet aan de orde zijn.ooooo216 Tegelijkertijd realiseert de gemeente Amsterdam zich dat niet alle kosten beheerst kunnen worden en besparingen niet zonder meer bereikt worden. Enerzijds doordat de Jeugdwet een open-einderegeling is waarbinnen sturen op kostenbeheersing slechts beperkt mogelijk is217 en jurisprudentie aangeeft aan dat zorg betaald moet worden als de aanbieder aannemelijk maakt dat die nodig is.218 Dit is in lijn met de literatuur.219 Anderzijds speelt mee dat het merendeel van de cliënten zorg over de jaargrens heen ontvangt; deze cliënten zitten nu al in zorgtrajecten in het huidige stelsel, en deze trajecten lopen na 1 januari 2021 nog door. De ambtelijke organisatie schat in dat dit geldt voor zo'n 70% van het totaal aantal cliënten in de specialistische jeugdhulp.ppppp De prikkel tot

nnnnn Inspanningsgerichte bekostiging, resultaatbekostiging en taakgerichte bekostiging. In de

bijlage bij de Collegevoordracht Sturing, bekostiging en wijze van uitbesteding jeugd en Wmo staan met name nadelen van inspanningsgerichte bekostiging en resultaatbekostiging. En over taakgerichte bekostiging wordt gezegd dat deze, mits goed ingericht, veel perverse prikkels, en dus risico's, wegneemt. ooooo In uitzonderlijke gevallen kan de gemeente overwegen het budget bij te stellen (Inkoopstrategie specialistische jeugdhulp). ppppp Die cliënten blijven ofwel bij hun oude niet-gecontracteerde aanbieder (de trajecten die binnen 2021 afgerond kunnen worden) tegen het oude tarief, ofwel zijn ze al in zorg bij een van de gecontracteerde aanbieders.

98

JEUGDHULP IN AMSTERDAM –ONDERZOEKSRAPPORT efficiënter werken en het realiseren van besparingen - zo stelt de ambtelijke organisatie geldt dus met name voor de 30% van de cliënten die nieuw zal instromen.qqqqq Dit beperkt de bewegingsruimte van aanbieders220 en de besparingsruimte voor de gemeente aanzienlijk, en daarmee ook de mogelijke bijdrage aan het uitgangpunt betaalbaarheid. Een deel van deze nieuwe cliënten staat nu al op een wachtlijst als gevolg van cliëntenstops221, waarin het risico schuilt dat tijdens het wachten de zorgbehoefte van deze kinderen zwaarder wordt (zie paragraaf 6.1.3).222 Met betrekking tot de uitgangspunten voor bekostiging zegt de gemeente ten slotte de transformatie in het sociaal domein over de jaren te stimuleren door een aflopend lumpsum-budget.223 De redenering hierachter en op welke elementen van de transformatie de gemeente hier doelt, is ons niet duidelijk.rrrrr De keuze voor taakgerichte bekostiging is, ten slotte, gebaseerd op de ervaringen in de gemeenten Utrecht en Alphen aan den Rijn. In de gemeente Utrecht "had men goede ervaringen met lumpsum bekostiging".224 Welke ervaringen de gemeente Amsterdam precies aanspreken en een inschatting van hoe deze zich kunnen vertalen naar de Amsterdamse situatie, zijn wij niet tegengekomen. Wel zien we tussen de Utrechtse en Amsterdamse keuzes een aantal verschillen.

Zo zijn er in Utrecht twee consortia die jeugdhulp leveren, wordt er buurtgericht gewerkt met specialistische jeugdzorgteams (in aanvulling op buurtteams) en heeft men veel inzicht in de kostenontwikkeling en opbouw van tarieven.225 Of en hoe deze keuzes doorwerken in de Amsterdamse context, lijkt door de gemeente niet uitgewerkt te zijn. We constateerden in het voorgaande enkele tekortkomingen in de hierboven gepresenteerde redenering en onderbouwing van de gemeente. We plaatsen ook een kanttekening bij de verwachtingen die de gemeente Amsterdam lijkt te hebben van taakgerichte bekostiging. De gemeente stelt: "waar grote verschuivingen plaats moeten vinden van zwaar naar licht, innovatie en professionele afweging is taakgerichte bekostiging in de vorm van lumpsum de beste vorm van bekostiging."226 De gemeente lijkt ervan uit te gaan dat het vaste budget de aanbieders zonder meer aanzet tot doelmatiger en slimmer werken. De cruciale randvoorwaarde hiervoor, zo blijkt uit de literatuur en uit ervaringen van Utrecht, is een reëel budget waarin voldoende ruimte is voor de ondersteuning waar jeugdigen behoefte aan hebben maar ook voor innovatie en samenwerking.227 Uit documentatie van de gemeente blijkt echter dat in de budgetbepaling slechts rekening is gehouden met budget voor te verlenen zorg en er geen

qqqqq Dit zijn naar alle waarschijnlijkheid niet allemaal nieuwe cliënten. Een groot deel van die

'nieuwe' instroom zal in 2021 ook cliënten betreffen die al langdurige zorg ontvangen van nietgecontracteerde aanbieders en overgezet moeten worden naar de wel-gecontracteerde aanbieders of cliënten die nu al op de wachtlijst staan. rrrrr In het document Memo context verandering specialistische jeugdhulp 2021 (8 januari 2020) relateert de gemeente taakgerichte bekostiging aan het meer, minder of in dezelfde mate kunnen behalen van transformatiedoelen. Maar in dit document wordt geen relatie gelegd met een aflopend lumpsum-budget.

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9700613/1