Raadsbesluit 2023-191A Projectnota Marineterrein
Tekst van het document
2023
37
3.3 Gebouwen * Korrelgrootte: zie voor een toelichting hierop de Nota van Uitgangspunten Marineterrein hoofdstuk 4.2 Gebouwen op pag. 58.
De stroken bestaan uit of kunnen worden bebouwd met verschillende gebouwen die individueel kunnen worden ontwikkeld. Om te zorgen voor een gevarieerd straatbeeld en voor optimale klimatologische omstandigheden in de openbare ruimte verschillen deze gebouwen in grootte, hoogte en gevelbreedte. Tegelijkertijd zijn ze zo generiek en flexibel mogelijk, zodat ze ruimte kunnen bieden aan diverse functies. Verschillen in korrelgrootte* vergroten de kans op diversiteit in functies. De hoogte van de gebouwen varieert overwegend tussen de 20 en 30 meter. Op een aantal plekken is het ruimtelijk en programmatisch wenselijk om hoogteaccenten aan te brengen. Deze accenten worden maximaal 40 meter hoog en hebben een zeer beperkte invloed op het beschermd stadsgezicht. De voorgestelde bouwhoogtes stemmen overeen met de uitgangspunten voor hoogbouw uit de Hoogbouwvisie, in 2011 opgesteld als uitwerking van de ‘Structuurvisie Amsterdam 2040’. De bouwhoogtes volgen het advies en de aanbevelingen van de hoogbouwadviescommissie.
Generieke gebouwen
Architectonische kwaliteit
In het raamwerk is gekozen voor generieke gebouwen die toekomstbestendig zijn doordat ze maximaal adaptief en circulair zijn. Gebouwen die zo gemaakt zijn dat ze geschikt zijn voor veel verschillende activiteiten en waar functie-uitwisseling mogelijk is.
De ambitie is om een hoogwaardig architectonisch beeld te verkrijgen dat bijdraagt aan de uitstraling van het Marineterrein. De gebouwen zijn individueel ontworpen, maar vormen een samenhangend ensemble. Door de architectonische kwaliteit en flexibiliteit zijn de gebouwen heel duurzaam; ze laten zich immers gemakkelijk hergebruiken. Variatie in de bouwhoogte draagt bij aan een afwisselend en gevarieerd straatbeeld.
Plinten en daken * Plint: het deel van een gebouw dat op ooghoogte zichtbaar is (en bepalend is voor de beleving op straat)
Flexibiliteit en overmaat in constructie vergroot de gebruiksmogelijkheden van gebouwen en maakt de uitwisseling van functies mogelijk
38
Het functioneren en de vormgeving van de plinten* is essentieel voor de interactie die we wensen. De plint maakt altijd contact met de openbare ruimte en heeft bij voorkeur geen gesloten gevel. De plint kan variëren in hoogte, maar is in principe minimaal 4,5 meter. De vormgeving moet van hoge kwaliteit zijn en maximaal aanpasbaar aan functieverandering. Alle afzonderlijke gebouwen hebben duidelijke entrees in de plint. In de plinten kunnen ook informele doorgangen worden gemaakt die de (groene) openbare ruimtes en straten met elkaar verbinden. Er zullen op het Marineterrein heel wat meer gebouwen komen, dan nu het geval is. Reden te meer om de daken te gebruiken, bijvoorbeeld voor daktuinen, energie, waterberging of gezamenlijk gebruik.
GEMEENTE AMSTERDAM
Het ontwikkelen en realiseren van adaptieve gebouwen vraagt om een integrale afweging. Innovatieve constructies, de toepassing van experimentele en vernieuwende materialen zullen worden beoordeeld met een ruime blik en gedegen expertise. Maar dit soort innovaties moet ook qua regelgeving mogelijk zijn. Onderzocht wordt hoe innovatieve oplossingen zich verhouden tot bijvoorbeeld de geldende (bouw) regelgeving.
Monumentale muur Een bijzonder element is de historische monumentale muur tussen het Marineterrein en de Kattenburgerstraat. De muur bestaat uit drie onderdelen: het rijksmonumentale Poortgebouw, het tussenstuk dat bestaat uit restanten van historische gebouwen en een later opgerichte terreinafscheiding. De twee laatstgenoemde delen zijn aangewezen als gemeentelijk monument. Als de erfgoedwaarde gerespecteerd wordt, dan zijn aanpassingen mogelijk, met name aan de twee laatstgenoemde delen van de muur. Hier komt in ieder geval een extra opening voor de gecombineerde auto/fiets/ voetgangerstoegang tot het terrein en voor de ontsluiting van de kazerne.
Variatie in de bouwhoogte Bouwhoogten van het raamwerk en de omgeving
Transformatie van de historische muur Met respect voor de erfgoedwaarde kunnen dichtgezette delen van de muur worden heropend voor een betere toegankelijkheid van het terrein PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
39
3.4 Openbare ruimte Door grotere delen van het terrein open te stellen en de komst van nieuwe publieke voorzieningen zullen steeds meer mensen gebruikmaken van het gebied. Daardoor groeit de behoeft aan openbare ontmoetingsplekken. Daarom bestaat het merendeel van het Dok en het Stadspark uit openbare ruimte. Deze zal robuust en waar nodig aanpasbaar worden ingericht. Tegelijkertijd wordt recht gedaan aan het bijzondere (historische) karakter van het gebied. Bij iedere stap in de ontwikkeling moeten nieuwe ontwerpbeslissingen genomen worden die gebaseerd zijn op, en getoetst worden aan vooraf bepaalde kwalitatieve en functionele uitgangspunten.
Het Dok en het Stadspark
Stadspark aan het water biedt ruimte voor groen, ontspanning, ontmoeting, experimenten en kleinschalige evenementen.
Het Dok en het Stadspark bestaan gezamenlijk straks voor circa 70 procent uit onbebouwde en overwegend openbare ruimte – voor iedereen toegankelijk om te ontmoeten, te ontspannen, te recreëren en te sporten. In het Stadspark is deze ruimte grotendeels groen, in het Dok is het half verhard half groen. In de Groenvisie 2020 – 2050, Een leefbare stad voor mens en dier (vastgesteld door de Gemeenteraad op 21 december 2020) wordt het belang van groen benadrukt. De ambitie is om meer groen te maken en het bestaande groen beter te benutten. Het groen in het stedenbouwkundig raamwerk voldoet aan de referentienorm. Door de ligging aan het binnen-IJ, en doordat de doorgaande parkroute er langsloopt, krijgt het Stadspark straks het meest openbare karakter. De straten van het Dok zijn ook openbaar, maar zullen waarschijnlijk wat meer door bewoners, gebruikers en bezoekers van het Dok
40
GEMEENTE AMSTERDAM
gebruikt worden. De kazerne van Defensie blijft, met uitzondering van het sportveld, niet-openbaar gebied.
Water en groen De ligging aan het water van het binnen-IJ maakt het Marineterrein een unieke plek. Er zijn veel mogelijkheden om het water en de kades te benutten voor recreatie, vervoer en logistiek. De bestaande bomen en boomgroepen bepalen het unieke karakter van het terrein en dragen in hoge mate bij aan een robuust ecosysteem en leefklimaat. Een groot deel van de bestaande bomen wordt behouden of verplant. Voor bomen die niet behouden of verplant kunnen worden komen er nieuwe bomen op het terrein. Zo vormen bestaande en nieuwe bomen een integraal onderdeel van het raamwerk.
Groenstructuur binnen het raamwerk Aaneengesloten groen van het Stadsdpark en de straten Het Dok openbare straten en pleinen
Bestaande bomen
Parkroute
Nieuwe en verplantte bomen
Werkroute
Stadspark gazon
Informele route
Stadspark sierbeplanting
Logistiek maaiveld
Ruimtelijke reservering brug
Hek defensie
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
41
Hoofdstructuur openbare ruimte De openbare ruimte van het Marineterrein krijgt een heldere opzet. Het bestaat uit een zonering van park, stratenpatroon, kades en pleinruimten. Het groen heeft een verbindende functie. Aaneengesloten groene delen vormen een ecologisch interessant en natuurlijk tegenwicht voor de nieuwe bebouwingsstructuur.
Variatie in de openbare ruimte Op de kaart zijn belangrijke ingrediënten van de toekomstige openbare ruimte aangegeven.
42
GEMEENTE AMSTERDAM
Het Stadspark De gehele zuidwestzijde van het terrein is straks Stadspark. De Voorwerf, het groengebied tussen het Poortgebouw en de binnenhaven, wordt uitgebreid met een nieuw parkdeel aan de noordwestzijde van de binnenhaven. Dit parkdeel loopt door tot aan de brug over de Dijksgracht. Samen met de binnenhaven vormen deze twee parkdelen een nieuw openbaar park in de historische binnenstad van Amsterdam. Tussen Dok en Stadspark komt een doorgaande wandel- en fietsroute die het terrein verbindt met de Oostelijke Eilanden, het Oosterdok en het Centraal Station.
Groene straten Ook het Dok krijgt een groene inrichting. Het soort groen verschilt per straat of plein en is afhankelijk van de breedte en de functie. Elke straat en elk plein krijgt een eigen gezicht. Er komen twee typen groene straten: Parkstraten: de breedste straten in het Dok, circa 18 tot 28 meter breed, met ruimte voor bomen. Tuinstraten: circa 12 tot 15 meter breed.
Specifieke straten en routes Het Marineterrein krijgt een duidelijke hoofdstructuur met logische doorgaande routes voor verschillende functies.:
Parkroute: De parkroute ligt tussen het Dok en het Stadspark. Werkroute: Deze route loopt door het Dok. Dijksgrachtkade: De openbare kade, aan de noordkant van het terrein. Logistieke straat: Deze straat ligt langs het depot van Het Scheepvaartmuseum. Informele wandelroutes: Door het Dok en het Stadspark lopen routes om door het gebied te dwalen.
Ontmoetingsplekken Ook de ontmoetingsplekken in het Dok verschillen van inrichting, afhankelijk van de omvang en de functie. In het raamwerk zijn deze opgenomen als: Het Dokplein. Dit is het grootste plein binnen het Dok. Het wordt ingericht als (groene) ruimte voor experiment en ontmoeting. Parkplein. Dit groene plein is gelegen tussen de gebouwen aan de kop van het Dok richting de brug over de Dijksgracht. Pocketparks. Dit zijn de kleinere ruimtes tussen de gebouwen.
Sportveld Het sportveld van Defensie is een mooi voorbeeld van samenwerking. Het komt tussen de toekomstige kazernegebouwen en de overige bebouwing in te liggen en zowel Defensie als de bewoners kunnen het gebruiken. Er moeten ook helikopters kunnen landen. De bijzondere combinatie van militair en burgerlijk gebruik vraagt om innovatieve oplossingen voor de inrichting van het sportveld.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
43
3.5 Verkeer, vervoer en logistiek Het autoverkeer voor Defensie zal niet afnemen, maar het openbare deel van het gebied – het Dok en het Stadspark – wordt nagenoeg autovrij. Nood- en hulpdiensten kunnen overal komen. Verder kunnen alleen gebruikers van de parkeergarage en logistiek verkeer op het openbare deel van het terrein komen in de zone die grenst aan de Kattenburgerstraat. Een goede ontsluiting voor fietsers en voldoende stallingsplek voor fietsen is dan ook essentieel. Vervoer voor bijvoorbeeld distributie moet goed gescheiden worden van verblijfsfuncties of gevoelige functies zoals speelplekken of de kazerne. Dit is een complexe puzzel die vraagt om een nadere studie. Nieuwe vormen van transport kunnen hier een bijdrage aan leveren. Daarvoor moet de openbare ruimte worden aangepast. Dit sluit aan op het doel van Amsterdam Aantrekkelijk en Bereikbaar en de Agenda Amsterdam Autoluw (vastgesteld door de gemeenteraad op 23 januari 2020), die erop gericht is om Amsterdammers en bezoekers van de stad te laten kiezen voor een alternatieven voor de auto om de beperkte openbare ruimte optimaal te gebruiken.
Ontsluiting Het Marineterrein wordt goed aangesloten op het netwerk van straten en fiets- en wandelroutes in de omgeving. Het Marineterrein krijgt meerdere entrees vanaf de Kattenburgerstraat. Er komt een permanente brug voor langzaam verkeer met de Dijksgracht, in plaats van de huidige tijdelijke brug. Daarnaast sluiten we een langzaamverkeer verbinding tussen het Marineterrein en de IJtunnelpier/NEMO, als daar in de toekomst vanuit het ontwikkelde Marineterrein behoefte aan is, niet uit.
Auto- en fietsparkeren Fietsparkeren in inpandige fietsparkeervoorzieningen
De auto heeft in een autovrij gebied in principe geen toegang en wordt alleen bij uitzondering toegestaan. Toch moeten auto’s er wel kunnen parkeren om de
parkeerbehoefte niet af te wentelen op de omgeving. Defensie heeft voor de kazerne circa 200 parkeerplaatsen nodig, ongeveer net zoveel als in de huidige situatie. 50 daarvan komen op het maaiveld van het kazerneterrein. De overige 150 plekken komen in een verdiepte parkeergarage onder het sportveld. Deze parkeergarage krijgt maximaal 350 parkeerplaatsen. De ongeveer 200 plekken die Defensie niet gebruikt, komen beschikbaar voor vergunninghouders en bezoekers van het Marineterrein. Dit komt overeen met de geldende parkeernormen, conform de Nota Parkeernormen Auto (vastgesteld door de gemeenteraad op 8 juni 2017). Door het autogebruik te ontmoedigen en de ontsluiting voor fietsers en voetgangers te verbeteren, is de toename van het autoverkeer in de Kattenburgerstraat beperkt. Bewoners en de gebruikers van de bedrijfsruimtes kunnen hun fietsen stallen in inpandige fietsparkeervoorzieningen. Daarnaast moeten er voor bezoekers goede, openbare (inpandige) fietsparkeervoorzieningen komen, in de buurt van de hoofdentrees van het gebied. Dit is conform de Nota Parkeernormen Fiets en Scooter, 19 maart 2018.
Logistiek De kazerne van Defensie heeft een eigen logistiek systeem. Voor de logistiek en distributie op het autovrije deel van het Marineterrein geldt dat goederen van of naar elders op een zeer beperkt aantal plekken/adressen aan de rand van het terrein afgeleverd of opgehaald kunnen worden. Hiervoor komt een micro-hub op 44
GEMEENTE AMSTERDAM
het Marineterrein, in de zone grenzend aan de Kattenburgerstraat. De overlast van het vrachtvervoer moet tot een minimum worden beperkt. De Hubvisie Amsterdam (vastgesteld door B&W op 21 september 2021) benadrukt het belang van hubs om ruimte beter te benutten in een steeds verder verdichtende stad. Verder vindt de logistiek en distributie zoveel mogelijk over water plaats. Daarvoor komen op de kades een of meer laad- en losvoorzieningen. Hoewel het accent komt te
liggen op distributie over water, zal – zeker in de eerstkomende jaren – een deel van de logistiek en distributie per (vracht)auto of bestelbus plaatsvinden. Ook hiervoor wordt een microhub op het Marineterrein gerealiseerd, in de zone grenzend aan de Kattenburgerstraat. De overlast van het vrachtvervoer moet tot een minimum worden beperkt. De ambitie is om ook het afval primair via het water te laten afvoeren, zoals dat nu al gebeurt op bijvoorbeeld de Wallen, met een afvalboot. LEGENDA
Ontsluiting bestaande situatie
Ontsluiting toekomstige situatie LEGENDA
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
45
3.6 Duurzaamheid en klimaat Het Marineterrein moet bijdragen aan een gezonde en leefbare stad. Dat betekent onder meer dat het gebied duurzaam zal zijn, zowel tijdens de ontwikkeling als in het gebruik. Duurzaamheid heeft veel gezichten. In dit hoofdstuk hebben we het over de milieutechnische duurzaamheid van het Marineterrein. Dit heeft betrekking op de energiehuishouding, de klimaatadaptatie, de circulariteit en de ecologie en natuurinclusiviteit. De milieutechnische duurzaamheid gaat nadrukkelijk samen met maatschappelijke, economische, stedenbouwkundige en architectonische duurzaamheid, zodat ook volgende generaties het terrein en de gebouwen kunnen en willen gebruiken.
Energie De energiehuishouding op het Marineterrein is op de langere termijn klimaatneutraal. De nieuwe bebouwing is gasloos. Het streven is ook de bestaande bebouwing (ook die van Defensie) gasloos te maken. De duurzame energie-infrastructuur wordt geschikt gemaakt voor verschillende bronnen van elektriciteit en warmtekoude. Deze doelstellingen volgen de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 (vastgesteld door het college van B&W op 3 maart 2020). Dit ambitiedocument bevat een langetermijnvisie op de Amsterdamse energietransitie met acties voor de korte termijn.
Water
Inzet op biobased bouwen Cross laminated timber is een moderne houttoepassing in de bouw
Waternet controleert of de plannen voldoen aan de regels van het waterschap die zijn beschreven in de Keur Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2019. In een nieuw te ontwikkelen gebied moet voldoende ruimte zijn voor water. Nieuwe gebouwen en gebouwen die
ingrijpend worden veranderd, moeten volgens de Hemelwaterverordening 2021 per vierkante meter nieuwe (of gerenoveerde) bebouwing minimaal 60 (70 na beleidswijziging) liter hemelwater kunnen bergen en dit hemelwater in de volgende 60 uur kunnen afvoeren. Op een aantal plekken in de stad leidt onderkelderen (of ondergronds bouwen) tot problemen met het grondwater. Daarom heeft Amsterdam regels voor het aanleggen van een kelder. Deze staan in het bestemmingsplan Grondwaterneutrale kelders 2021. De waterhuishouding van het Marineterrein wordt klimaatneutraal. Dit betekent dat zoveel mogelijk water opgevangen en vertraagd afgevoerd wordt. De bodem en de daken moeten voldoende capaciteit hebben voor de buffering van overtollig hemelwater, nu én rekening houdend met weersextremen in de toekomst.
Circulair De stromen van afval (en grondstoffen) verlopen straks circulair. Op korte termijn is het uitgangspunt: hergebruik na afvalscheiding. Het aantal verkeersbewegingen dat daarvoor nodig is moet afnemen om de CO2-uitstoot te verminderen. De nieuw- en verbouw op het Marineterrein zal zoveel mogelijk op circulaire wijze plaatsvinden. We streven naar zoveel mogelijk hergebruik van bestaande materialen uit de gebouwen en de infrastructuur, en naar een minimale milieulast van de gebouwen en infrastructuur. Dit is een belangrijke pijler van de strategie Amsterdam Circulair 2020-2025, opgesteld in 2020.
Ecologie en natuurinclusiviteit De Groenvisie 2020-2050 heeft als uitgangspunt om de stad natuurinclusief aan te leggen en te beheren. Bij de herontwikkeling van het Marineterrein staan 46
GEMEENTE AMSTERDAM
ecologie en natuurinclusiviteit hoog in het vaandel. Ze dragen in belangrijke mate bij aan een duurzame omgeving. De stapsgewijze herontwikkeling van het Marineterrein biedt volop kansen om ecologie integraal mee te nemen in het ontwerp van gebouwen en openbare ruimte. We kunnen in ieder stadium van de herontwikkeling reageren op de dan ontstane ‘tijdelijke’ situatie. Het eindbeeld is daarbij niet het enige doel. Het Marineterrein biedt tal van mogelijkheden om de ecologische diversiteit en de natuurinclusiviteit te behouden en substantieel te vergroten, zonder dat daar ingewikkelde ingrepen voor nodig zijn. Het Marineterrein leent zich goed voor het aanleggen van waterbronnen voor zowel vogels als insecten. Verder worden bestaande bomen en boomgroepen zoveel mogelijk behouden of, als dat mogelijk is herplant.
Onder- en bovengrond: naar een 3D model De bodem van het Marineterrein vormt letterlijk en figuurlijk het fundament voor de herontwikkeling van het gebied. De bodem vervult talloze, onontbeerlijke functies. De wereld onder het maaiveld is niet alleen de ruimte voor heipalen, kabels, leidingen, kelders enzovoorts, maar is ook de basis voor de ecologische structuur. Ook voor boomwortels en vele kleinere en grotere dieren is het woekeren met de schaarse ondergrond. Bovendien hebben we te maken met waterstaatkundige aspecten, zoals de kwaliteit en het peil van het grondwater. Boven- en ondergrond zijn dus nauw met elkaar verweven. Daar moet rekening mee gehouden worden bij de uitwerking van de plannen. Daarom is een integrale benadering
nodig. Hiervoor maken we gebruik van een 3D-model.
Klimaatstudies Een prettig verblijfsklimaat is van cruciaal belang voor het succes van een innovatiemilieu, omdat het ontmoetingen bevordert, zowel in de buitenlucht als in de gebouwen. Daarom is een windstudie en een bezonningsstudie gedaan. Ook is in beeld gebracht hoe de schaduwwerking op de omgeving is, uitgaande van de maximaal mogelijke bouwhoogtes binnen het raamwerk.
Tuinieren met oog voor de biodiversiteit De randen van het grasveld op het Marineterrein zijn omgetoverd in ‘insectenrestaurants’, een zee van kleurige bloemen die insectvriendelijk zijn
De conclusie van de windstudie is dat verblijfsklimaat met de beoogde straatbomen acceptabel is. In de zonstudie is onderzocht of de samenstelling van straten, gebouwen en bomen volgens het stedenbouwkundig raamwerk voldoende (afwisselend) zon en schaduw biedt. Door de klimaatverandering neemt hittestress in de stad toe. Daarom zijn schaduwrijke plekken steeds belangrijker. Ook hebben we bekeken of het raamwerk genoeg gelegenheid biedt om woningen te bouwen met voldoende zonlichturen, ook de woningen op de begane grond en de eerste verdieping. Het stedenbouwkundig raamwerk geeft wat betreft bezonning en schaduw op het Marineterrein een gunstig en afwisselend beeld.
Schaduwwerking op omgeving We hebben ook de schaduwwerking van de beoogde bebouwing op de omgeving onderzocht. De beoogde bebouwing van met name de kazerne heeft vooral in de avonduren beperkte consequenties voor de bezonning van de bestaande woningen. Zie pagina 119 tot en met 121 van de NvU voor afbeeldingen en een uitgebreide toelichting.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
47
3.7 Kabels en leidingen Het is cruciaal dat de gebouwen in het plangebied tijdens de werkzaamheden bereikbaar blijven. Dit zorgt ervoor dat het dagelijkse leven en de bedrijfsvoering van de (toekomstige) bewoners en bedrijven in het gebied zo min mogelijk worden verstoord. Dit geldt ook voor de overige gebruikers van het terrein, of ze er nu komen recreëren of op doorreis zijn. Het vroegtijdig in kaart brengen van de te nemen stappen is een randvoorwaarde voor het op de juiste wijze omgaan met alle stakeholders. Het door het Rijk te verkopen deel van het terrein gaat van een private naar een publieke beheersituatie. Het huidige ondergrondse kabel- en leidingenstelsel op het Marineterrein wordt niet door de reguliere nutsaanbieders beheerd. Als voorbereiding op de toekomstige ontwikkelingen moet de ondergrond stapsgewijs vrijgemaakt worden van de bestaande kabels en leidingen. Op de schematische weergave in afbeeldingen hiernaast is te zien welke stappen doorlopen moeten worden om van de bestaande naar de nieuwe situatie te gaan. Het is onvermijdelijk dat er een periode is dat Ondergronds Ruimte vrijmaken voor bestaand en nieuw netwerk op het terrein aanwezig is. Hiervoor is afstemming met alle nieuwe kabels en belanghebbenden nodig. leidingen
Bestaande kabels en leidingen worden niet door reguliere nutsaanbieders beheerd
48
GEMEENTE AMSTERDAM
Een van de ambities voor het terrein is de aanleg van een collectief WKO-net (Warmte Koude Opslag). De onder- en bovengrondse ruimte die hiervoor nodig is moet goed afgestemd worden. Om goed te werken is de afstand tussen de positie van de warmte- en koudebron bijvoorbeeld belangrijk. De schematische uitleg over de positie van deze bronnen en het bijbehorende netwerk, is te zien op de afbeelding hiernaast. Dit is een concept, onderhevig aan mutaties. Vanuit de adaptieve ontwikkelstrategie volgt de gedachte dat het WKO-net modulair wordt aangelegd, teneinde het groeiende aantal gebruikers onafgebroken aangesloten te houden op dit warmtenet.
Stap 1 Na het verwijderen van het sportveld en het gebouw 030 ontstaat een vrije baan richting het hart van het terrein. Dit wordt de ruggengraat van de ondergrondse infrastructuur.
Stap 2 Na het aanleggen van deze ruggengraat wordt de rest van het terrein gefaseerd aangesloten op het nieuwe K&L netwerk. De ondergrondse infrastructuur gaat vóór de ontwikkeling van de kavels uit.
Stap 3 De te handhaven bebouwing kan gedurende de transformatie van het terrein gebruik maken van bestaande NUTS-voorzieningen. Als het nieuwe stelsel is gerealiseerd wordt het oude net verwijderd en wordt de bestaande bebouwing aangesloten op het nieuwe netwerk van K&L.
WKO Met het verwijderen van bestaande kabels en
leidingen in het gebied van de blauw-rood gemarkeerde lijn ontstaat ruimte in de ondergrond voor de realisatie van een WKO-systeem. Bestaande WKO systemen van het Scheepvaartmuseum en de kazerne kunnen hierop worden aangesloten. PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
49
50
GEMEENTE AMSTERDAM
4 Onderzoeken Uit de verschillende onderzoeken blijkt dat er tot nu toe geen aspecten zijn die de haalbaarheid van het project in de weg staan. De onderzoeken zelf zijn als bijlage aan deze projectnota toegevoegd. Per onderzoek is in dit hoofdstuk een beknopte conclusie weergegeven. Bij de uitvoering van de plannen moeten wel nadere onderzoeken gedaan worden. Deze worden uitgevoerd in overleg met het Rijksvastgoedbedrijf.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
51
Archeologie
Bomen
Uit het archeologisch bureauonderzoek (zie bijlage 3.a) blijkt dat er materiële overblijfselen te verwachten zijn die samenhangen met de gebruiksgeschiedenis. Dit staat de haalbaarheid van het project niet in de weg. In het vervolg van de planvorming moet er inventariserend proefsleuvenonderzoek gedaan worden bij een aantal bouwlocaties (in de geel gemarkeerde zone in afbeelding hieronder).
Er is een bomeninventarisatie gedaan (bijlage 3.d), inclusief een veiligheidscontrole en een opname van boomgegevens. De bomen op het Marineterrein leveren niet alleen een bijdrage aan het verfraaien en veraangenamen van de leefomgeving, maar dragen ook bij aan het afvangen van luchtverontreinigende stoffen, het opslaan van koolstof, het opvangen en verdampen van hemelwater. Omdat bomen kwaliteit geven aan het plan en de groene baten aanzienlijk zijn, willen we de bestaande bomen zoveel mogelijk inpassen of verplanten en nieuwe bomen aanplanten.
Archeologie Archeologisch bureauonderzoek
Externe veiligheid
Vrijstelling Beleidsvariant 11 50 / 0.5 Beleidsvariant 2 10.000 / 5 Beleidsvariant 10 2500 / 5 Beleidsvariant 10 500 / 0.7 Beleidsvariant 4 2500 / Waterbodem
Bodem 0m
40m
100m
Bij onderzoek naar de milieuhygiënische bodemkwaliteit en de waterbodem (bijlagen 3.b en 3.c) zijn op verschillende plekken verontreinigingen gevonden, die samenhangen met de historische activiteiten op het terrein. Deze staan de haalbaarheid van het project niet in de weg. In het vervolg van de planvorming is er een saneringsplan nodig voor alle aangetoonde verontreinigingen. Daarnaast moet er na het verwijderen van de verhardingen en funderingen, nog nader onderzoek worden uitgevoerd naar de sterke verontreiniging met PAK (Polycyclische aromatische koolwaterstoffen) in het grondwater nabij het ketelhuis. Vrijkomende slib van de waterbodem moet worden afgevoerd naar een erkende verwerker.
Bodem Onderzoek naar de milieu hygiënische bodemkwaliteit Deellocatie C Teerloods Deellocatie C Werf Deellocatie D Verontreinigingen
Geluid Uit het globale akoestisch onderzoek (bijlage 3.e) blijkt dat de geluidsbelasting tot nu toe geen belemmering vormt voor de haalbaarheid van het project. Er wordt voldaan aan de grenswaarden voor spoorweg- en wegverkeerslawaai. Voor een deel van het projectgebied zal, in het geval van woningbouw, een besluit tot hogere geluidwaarden moeten worden genomen. Deze woningen moeten dan behalve een geluidbelaste zijde ook een geluidluwe zijde hebben. Het spoorweg- en verkeerslawaai op de omgeving is gering en niet waarneembaar. We moeten nader onderzoek doen naar helikoptergeluid. Als er woningen naast de helikopterlandplaats komen, dan moeten ze dove gevels hebben. De verwachting is dat de impact van de helikopter voor de omgeving vergelijkbaar is met de huidige situatie. Voor het geluid van het sportveld wordt geadviseerd om te onderzoeken of aan de zijde van Dijksgracht, een geluidafschermende voorziening nodig is.
Lichthinder
Deellocatie E Puinfundering
Uit onderzoek naar de mate van lichthinder door het sportveld (bijlage 3.e) blijkt dat dit de haalbaarheid van het project niet in de weg staat. Ook is er geen risico op lichthinder voor de woonboten in de Dijksgracht. Het
Deellocatie F Tank
0m
52
Uit een QuickScan externe veiligheid (bijlage 3.e) blijkt dat dit de haalbaarheid van het project niet in de weg staat. De noordelijke zone van het Marineterrein ligt in het explosieaandachtsgebied (vanwege het spoor). In het vervolg van de planvorming moet er een verantwoording komen van de risico’s die samenhangen met de explosie- en brand- aandachtsgebieden. Er moet rekening gehouden worden met mogelijke maatregelen en de hiermee gepaard gaande kosten (bijvoorbeeld scherfwerend glas in geval van woningbouw).
40m
100m
GEMEENTE AMSTERDAM
sportveld heeft wel effect op lichtgevoelige functies (wonen) op de onderste 1 of 2 lagen van de gebouwen langs het sportveld. Met name de plint van die gebouwen heeft risico op lichthinder. Daar moet in de verdere planvorming rekening mee worden houden.
Luchtkwaliteit Uit onderzoek naar de luchtkwaliteit (bijlage 3.e) volgt dat er geen overschrijding van de grenswaarden voor luchtkwaliteit dreigt. We voldoen ook aan de Amsterdamse Richtlijn gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit.
Natuur Uit een QuickScan natuur (bijlage 3.d) blijkt dat de natuurwaarden geen belemmering vormen voor het project. Er zijn geen negatieve effecten op beschermde gebieden. Er is aanvullend onderzoek nodig naar de aanwezigheid van vaatplanten, vleermuizen en vogels (huismus, gierzwaluw). Er zijn ook kansen om aanwezige natuur op het terrein verder te ontwikkelen. Daarom wordt bij de verdere planvorming rekening gehouden met de aanbevelingen uit het onderzoek hiervoor.
Stikstof Uit berekeningen naar de stikstofdepositie in omliggende Natura 2000-gebieden (bijlage 3.e) blijkt dat er voor de gebruiksfase geen effect optreedt. Tot voor kort was het niet verplicht om onderzoek te doen naar stikstofdepositie in de bouwfase. Inmiddels is die bouwvrijstelling van tafel. Maar er kan nu nog niet aangegeven worden hoe die bouwfase eruit komt te zien en met welke fasering deze zal worden uitgevoerd. De berekening van
de stikstofdepositie in de bouwfase vindt dan ook in de volgende fase van de planvorming plaats. Met de huidige kennis en stand van zaken is te verwachten dat stikstof geen beletsel vormt voor het project.
Verkeer Uit verkeersonderzoek (bijlage 3.f) blijkt dat er geen belemmeringen zijn voor de haalbaarheid van het project. Het totale aantal verkeersbewegingen neemt tijdens de ontwikkeling wel fors toe, maar de toename van het autoverkeer is beperkt. Op de Kattenburgerstraat neemt het autoverkeer toe met 4 procent na realisatie van het hele project. Dat heeft nauwelijks gevolgen voor de doorstroming. Bewoners en bedrijven/ werknemers krijgen geen parkeervergunning om op straat (buiten de poorten van het Marineterrein) te parkeren. De verwachting is daarom dat bewoners en werknemers niet snel op straat zullen parkeren.
Water Uit een verkenning naar de gevolgen voor de waterhuishouding is gebleken dat dit de haalbaarheid van het project niet in de weg staat. Wel moeten we in de verdere planvorming nader onderzoek doen naar de mogelijkheden van watercompensatie op het Marineterrein of elders in het boezemwatersysteem van AmsterdamRijnkanaal/ Noordzeekanaal/ grachten Amsterdam bij realisatie van ondergrondse bebouwing (zoals de parkeergarage). Hierbij onderzoeken we, samen met het Rijk, ook de mogelijkheden van waterberging onder en/of rond het sportveld. In volgende fases toetsen we de plannen aan het bestemmingsplan Grondwater neutrale kelders. Bestaande bomen Deze worden zoveel mogelijk ingepast of verplant en er worden nieuwe bomen aangeplant.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
53
54
GEMEENTE AMSTERDAM
5 Ontwikkelstrategie De uitwerking van de ontwikkelstrategie is – in tegenstelling tot het ruimtelijk kader – niet samen met het Rijk opgesteld. De beschreven ontwikkelstrategie is de Amsterdamse insteek (of aanpak) voor de ontwikkeling van het Marineterrein. Voor de beschrijving van de ontwikkelstrategie is de bestaande en toekomstige grond- en vastgoedpositie relevant. Cruciaal is de vraag of de gemeente bereid is om het vrijkomende deel van het Marineterrein te verwerven van het Rijk of niet. Dat is nog geen zekerheid en begint met een besluit van de Gemeenteraad over de projectnota, en onder welke voorwaarden verwerving door de gemeente wenselijk wordt gevonden. Het besluit van de gemeenteraad zal dan aan het Rijksvastgoedbedrijf worden voorgelegd, zodat de gesprekken over de mogelijkheid van verwerving kunnen worden opgestart.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
55
5.1 Bestaande gronden opstalposities op het Marineterrein Het Rijk is eigenaar van het gehele Marineterrein (circa 13 hectare) en het bestaande vastgoed inclusief het Depot van het Scheepvaartmuseum. Het openbaar toegankelijke deel van het Marineterrein en het bestaande vastgoed daarop wordt sinds 2013 door het Projectbureau Marineterrein in opdracht van de gemeente en het Rijk onderhouden, beheerd en geëxploiteerd. Vanaf dat moment heeft Defensie haar bedrijfsvoering geconcentreerd op een afgesloten en bewaakt gedeelte van het Marineterrein. 2. Verkoop door Rijk aan derde partij
Twee ontwikkelscenario’s De ontwikkelstrategie kent (op dit moment) twee scenario’s:
1. Verkoop door Rijk aan gemeente Een scenario waarbij de gemeente het vrijgekomen deel van het Marineterrein actief verwerft van het Rijk en bij uitgifte van dat deel van het terrein inzet op een adaptieve ontwikkelingsstrategie. Op zo’n manier dat het al lerend en samen met de community kan doorgroeien tot een uniek innovatiedistrict met behoud van bestaande waarden die het gebied al zo onderscheiden. Dit scenario is uitgewerkt in deze projectnota. Hiermee lopen we vooruit op het besluit in de gemeenteraad over de projectnota en de wens tot verwerving.
Daarnaast is er het scenario dat de gemeente en Rijk geen overeenstemming bereiken over de verwerving. Het Rijk zal dan, volgens hun beleid, het Marineterrein openbaar verkopen aan een derde partij. De invloed van de gemeente is dan beperkt tot het leveren van input voor het verkoopproces en deelname aan de beoordelingscommissie voor de verkoop door het Rijk. Daarnaast vertalen we het ruimtelijk kader (Nota van Uitgangspunten) in juridisch-planologische toetsingskaders: een omgevingsplan en een beeldkwaliteitsplan. In dit scenario maken gemeente en Rijk nadere afspraken over het verhalen van de kosten van de grondexploitatie in een (concept) anterieure overeenkomst of Exploitatieplan. Dit scenario wordt niet verder uitgewerkt in deze projectnota.
Bestaande situatie Eigendommen binnen het plangebied Plangebied Eigendom van de Staat (Rijksvastgoedbedrijf)
3774
3773 4420
0m
56
80m
GEMEENTE AMSTERDAM
200m
4421
5.2 Toekomstige situatie, bij oplevering van alle gebouwen De eigendomssituatie volgens scenario 1, waarin de gemeente het Marineterrein verwerft en die de basis is voor herontwikkeling, is op de kaart weergegeven. Het Depot van het Scheepvaartmuseum is een uitzondering. Dat blijft in eigendom van het Rijk. Ook de nieuwe kazerne en het sportveld blijven eigendom van het Rijk.
Voorkeursscenario gemeente: verkoop door het Rijk aan de gemeente Om het Marineterrein tot ontwikkeling te brengen op de door de gemeente beoogde manier, is aankoop van het door het Rijk te verkopen deel van het terrein door de gemeente essentieel. De gemeente wil hierover, na het projectbesluit, de gesprekken starten ten behoeve van de onderhandelingen met het Rijksvastgoedbedrijf (RVB). De gemeente koopt het niet om zelf vastgoed te ontwikkelen, maar zal na aankoop openbaar en transparant partijen selecteren die invulling kunnen geven aan dit innovatiedistrict. De grond wordt uitgegeven in erfpacht. Op deze wijze heeft de gemeente meer regie op het realiseren van de ambities
voor het Marineterrein dan in het scenario waarin het Rijk verkoopt aan een derde partij. In de gesprekken met het Rijk zullen we, naast afspraken over het principe van aankoop en het aankoopbedrag, ook nadere afspraken maken over voorwaarden, zoals bijvoorbeeld: Mogelijkheden om gronden en gebouwen gefaseerd te leveren en te betalen. Dit is een wens van de gemeente, terwijl het Rijk de wens heeft uitgesproken gronden en gebouwen aan één partij te willen verkopen en in één keer te leveren en betaling te ontvangen; Randvoorwaarden voor het gezamenlijk gebruik van de nieuwe parkeergarage en het sportveld van Defensie.
Toekomstige situatie Eigendommen binnen het plangebied Plangebied Blijft in eigendom bij de Staat (Rijksvastgoedbedrijf) Aan te kopen gebied
0m
80m
200m
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
57
5.3 Adaptieve ontwikkelstrategie en curatorschap De ontwikkeling van het Marineterrein heeft twee met elkaar verbonden fundamentele uitgangspunten: een adaptieve ontwikkelstrategie en curatorschap. Hierbij staat de gemeente een ontwikkelstrategie voor waarbij gefaseerd en in de tijd aanpasbaar wordt ontwikkeld. Het Rijk staat ook een adaptieve ontwikkelstrategie voor, maar met een meer gebruikelijke, niet in de tijd gefaseerde werkwijze.
Adaptieve ontwikkelstrategie Een belangrijk uitgangspunt in de ontwikkelstrategie is dat de ontwikkeling geleidelijk gaat en dat we kunnen leren van elke stap in de ontwikkeling. Het credo ‘bedenken, testen, toepassen’ geldt ook voor de ontwikkeling van het Marineterrein zelf. Dat betekent dat we gaan faseren. We willen voortbouwen op het karakter en de functies die nu aanwezig zijn op het Marineterrein en geen ‘schone lei’ creëren, zoals weleens voorkomt in gebiedsontwikkeling. Het Marineterrein blijft functioneren als er nieuwe gebouwen bijkomen. Tal van bestaande gebouwen zijn immers tijdelijk in gebruik en dagelijks komen veel bezoekers en passanten in het gebied. Dus er wordt gesloopt in de volgorde van ontwikkeling van deelgebieden. Bestaande gebouwen die op termijn gesloopt worden, kunnen in gebruik blijven totdat er nieuwbouw gerealiseerd is. Voor het bouw- en woonrijp maken, zijn er veel activiteiten, zoals de aanleg van een * nieuw hoofdnet voor kabels en leidingen, Plaberum is een afkorting van Plan- en de aanleg van bouwwegen en werkterreinen die worden verhuurd en gebruikt. Sloop van besluitvormingsbestaande gebouwen gebeurt pas als het proces ruimtelijke echt nodig is. Dit is een ingewikkelde (bouw) maatregelen logistieke puzzel. Het Marineterrein, inclusief de kades en het omliggende water, is vanaf de gedeeltelijke opening van het terrein al een testgebied.
Hier worden oplossingen voor stedelijke vraagstukken bedacht, getest en toegepast. Het gaat hierbij niet alleen om oplossingen voor fysieke en sociale vraagstukken, maar ook om minder zichtbare maar misschien net zo belangrijke vraagstukken rond bijvoorbeeld regelgeving, processen en ontwikkelvormen. Zo’n testgebied vraagt om andere oplossingen voor de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. Bijvoorbeeld door delen (tijdelijk) in beheer te geven bij een initiatiefnemer. De gemeente zal dit samen met de omgeving en stakeholders
58
GEMEENTE AMSTERDAM
Een belangrijk uitgangspunt in de ontwikkelstrategie is dat de ontwikkeling geleidelijk gaat en dat we kunnen leren van elke stap in de ontwikkeling. vorm moeten geven (bijvoorbeeld met randvoorwaarden). Om de principes van de adaptieve ontwikkeling te kunnen toepassen, is het nodig om de gebiedsontwikkeling te faseren in deelgebieden. In elk deelgebied kunnen meerdere bouwenveloppen worden opgenomen zodat er logische ontwikkeleenheden ontstaan met een mix aan functies zoals in de Nota van Uitgangspunten is vastgelegd. Bij het investeringsbesluit, het volgende besluit in het Plaberum* na het projectbesluit, wordt een ontwikkel- en tenderstrategie uitgewerkt. Wat is een logische omvang van een deelgebied, wat zijn de vragen aan de vastgoedmarkt en welke specifieke kennis moet de markt inbrengen? Uitgifte per kavel lijkt geen voor de hand liggende keuze, omdat daarmee veel verschillende vastgoedeigenaren met een verschillende achtergrond en belangen op het terrein komen. Hierdoor wordt het sturen op de ambities voor het Marineterrein zeer complex. Logischer lijkt een ontwikkeling in drie à vier deelgebieden, al dan niet in de tijd te ontwikkelen door een of meerdere ontwikkelcombinaties. Wat wel of niet werkt bij het ene deelgebied wordt meegenomen bij de strategie en bouwenvelop voor een volgend deel.
Vanzelfsprekend zijn de kaders voor de wijze van evalueren van de eerste deelgebied ook een essentiële opdracht voor het vervolg.
Curatorschap
(bewoners, bedrijven en instellingen op het Marineterrein en in de omgeving), in ieder Centraal bij curatorschap staat het sturen geval de onderstaande activiteiten uit: op en bewaken van het karakter van het Positionering en profilering; Marineterrein als innovatiedistrict met een Het stimuleren, begeleiden en focus op stedelijke vraagstukken. In de beoordelen van ontwikkelinitiatieven; huidige situatie, waarbij het opengestelde Sturing op programmatische, deel van het terrein en gebouwen in maatschappelijke en economische eigendom zijn van het Rijk, is Bureau meerwaarde en ruimtelijke en Marineterrein hiervoor verantwoordelijk. Door architectonische kwaliteiten; de herontwikkeling ontstaat er een nieuwe Netwerk versterken en samenbrengen eigendomssituatie met een aanzienlijk van de gemeenschap; grotere community van nieuwe organisaties, Sturing op ruimtelijke kwaliteit die hand bewoners en gebruikers. Dat vraagt om een in hand gaat met de programmatische andere manier van curatorschap. invulling. Het is daarom van belang om alle processen, Het curatorschap wordt georganiseerd voor kennis en ervaring die Bureau Marineterrein de duur van de herontwikkeling van het al heeft opgedaan, te borgen en verder uit te Marineterrein. Het uitgangspunt is dat de werken, passend bij de nieuwe situatie.
gemeenschap op en rond het Marineterrein Om het Marineterrein als innovatiedistrict na afronding van de herontwikkeling deze te behouden en te versterken is een nieuw activiteiten overneemt indien daar behoefte organisatiemodel onmisbaar: gedeeld aan is. eigenaarschap, beheer en exploitatie die verder gaan dan vastgoed- en Selectie van passende organisaties omgevingskwaliteit in een meer traditionele Een van de kerntaken van het curatorschap gebiedsontwikkeling. De kaders voor de is het selecteren van nieuwe bedrijven en ontwikkeling tot innovatiedistrict kunnen instellingen die passen bij en bijdragen aan publiekrechtelijk en privaatrechtelijk de ambitie voor het innovatiedistrict als worden verankerd. Bijvoorbeeld in het testgebied voor stedelijke vraagstukken. omgevingsplan, via de vergunningverlening, Voor het selecteren daarvan zullen criteria door de overheid vastgesteld beleid (zoals gehanteerd worden op het gebied van de Nota van Uitgangspunten), contractuele duurzaamheid (sociaal, economisch, afspraken en criteria in tenders en milieutechnisch), het (blijvend) innoverende prijsvragen.
karakter, de mate waarin zij zich kunnen Aan wie het terrein uiteindelijk door het aanpassen aan veranderingen, maar ook Rijk verkocht wordt is bepalend voor de bereidheid om actief bij te dragen aan de wijze waarop de publiekrechtelijke de community en de verbinding met de en privaatrechtelijke borging van het omgeving en de stad. Marineterrein als innovatiedistrict vormgegeven zal worden. Die borging moet in ieder geval bepaald zijn voordat het Investeringsbesluit wordt genomen. Het curatorschap is niet alleen formeel georganiseerd, maar ontwikkelt zich ook intrinsiek. De gemeenschap op en om het Marineterrein werkt samen aan het realiseren van de ambities in het gebied. Voor het vastleggen van gemeenschappelijke ambities met alle partijen zijn, naast de instrumentele borging, verschillende andere vormen van organisatie denkbaar. Bijvoorbeeld een bedrijveninvesteringszone (BIZ), huurdersvereniging, stichting, community of benefits of coöperatie.
Curatorschap activiteiten Om de ambitie in het gebied te borgen zijn er onderwerpen die voor het hele gebied geregeld moeten worden. Hiervoor voert een curator(team), in samenwerking met de nieuwe eigenaren en de gemeenschap
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
59
60
GEMEENTE AMSTERDAM
6 Consultatie, participatie en communicatie Amsterdam wil bij de ontwikkeling van het Marineterrein omwonenden, bezoekers, bedrijven en instellingen zo goed mogelijk betrekken. We volgen daarbij het beleidskader Participatie van 1 juni 2021. Participatie bij gebiedsontwikkeling maakt de belangen en wensen van alle stakeholders inzichtelijker en draagt bij aan betere plannen. Bovendien kan het zorgen voor meer begrip voor de keuzes die we maken. Deze belangen en wensen worden meegenomen, maar kunnen niet altijd in de plannen worden opgenomen – soms zijn de belangen tegengesteld of om andere redenen niet haalbaar of realiseerbaar. De manier en de mate van participatie kan per product of per fase verschillen. Het is afhankelijk van allerlei factoren, zoals hoeveel ruimte er is om iets te doen met de opbrengst, het doel of de vraag. Deze paragraaf gaat over de participatie die voorafging aan het projectbesluit over het Marineterrein in de periode 2017-2022 (haalbaarheidsfase) en over de manier waarop we de participatie vormgeven in de eerste vijf jaar na het nog te nemen projectbesluit (ontwerpfase).
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
61
6.1 Participatie in de haalbaarheidsfase (2017-2022)
In de haalbaarheidsfase hebben we de betrokkenen zo helder en zo breed mogelijk geïnformeerd over de plannen. Met twee uitgebreide en stadsbrede maatschappelijke informatie- en consultatierondes hebben we een zo breed mogelijk spectrum van belangen, standpunten, wensen, zorgen en ideeën over de toekomst van het Marineterrein in kaart gebracht. We deden dit in 2017 na het principebesluit en ook voor de formele inspraakperiode (16 november 2021-17 januari 2022) op de concept-Nota van Uitgangspunten. De opbrengst van beide consultatierondes, zijn meegenomen bij de totstandkoming van de concept Nota van Uitgangspunten. Zie bijlagen 4 en 5 om de eindverslagen van de consultatie te lezen. Ter ondersteuning van de consultatie werkten we met een klankbordgroep van bewoners en betrokken ondernemers op en rond het Marineterrein. De klankbordgroep bewaakte het proces van de consultatie en adviseerde hoe en waarover direct omwonenden/gebruikers werden geïnformeerd.
Tijdens de inspraakperiode op de concept-Nota van Uitgangspunten zijn 329 inspraakreacties ingediend door zowel individuele insprekers als organisaties. De reacties en de antwoorden hebben we verwerkt in de Nota van Beantwoording (NvB) Marineterrein (bijlage 2 bij de Projectnota). Hierin staan ook de wijzigingen die zijn doorgevoerd in de Nota van Uitgangspunten naar aanleiding van de inspraakreacties. Een uitgebreid overzicht van alle activiteiten, bijeenkomsten, middelen en participatieopbrengsten tijdens de haalbaarheidsfase is te vinden op de projectwebsite Marineterrein.
Eerste informatie- en consultatie ronde 2017
62
GEMEENTE AMSTERDAM
Praat mee over de toekomst van het Marineterrein! Lees deze krant en geef u op voor een buurtgesprek.
November 2020
Informatiekrant verspreid in 2020
Inhoud
Infokrant Marineterrein Praat m
ee!
Toen en nu
• Ontstaansgeschiedenis
en huidig gebruik van het Marineterrein
2
Straks: een buitenkans
• Een toelichting op de
FOTO: SIEB E S WA R T
ontwikkeling
Bouwstenen stedenbouwkundig raamwerk
3 4/5
Wat kan er veran deren, wat blijft?
• De huidige en mogelijk
toekomstige situatie, in beeld en in cijfers
6/7
Waar staan we nu?
• Wat hebben we al van u
gehoord? • Wat staat nu vast? • Tijdlijn consultatieproces
8/9
Waar gaan we het over hebben?
• Onderwerpen tijdens
de buurtgesprekken
10
Innovatie op het Marineterrein
• Een aantal projecten
toegelicht
11
• Wethouder Everhardt:
“Het moet een mooie mix worden.” • Domweg gelukkig op het Marineterrein
Beste buurtgenoot, Via deze krant informeert de gemeente u over de ontwikkeling van de plannen voor het Marineterrein, en hoe u over deze ontwikkeling kunt meepraten. Laat weten wat u vindt van de ideeën die er nu zijn en van het stedenbouw kundig raamwerk. Vertel wat ú belangrijk vindt voor de toekomst van het Marineterrein! Het Marineterrein heeft een rijke geschiedenis, maar is als terrein van Defensie eeuwenlang een gesloten gebied geweest. Vanaf 2015 is het terrein langzamer hand opengesteld. Inmiddels ontdekken steeds meer Amsterdammers het gebied om te wandelen, te werken, te leren, te zwemmen of te recreëren. De komst van innovatieve bedrijven en instellingen hebben het terrein een nieuw gezicht gegeven. Geleidelijk transformeert het van een gesloten, onbekend gebied naar een open, stedelijk deel van de stad waar innovatie hoog in het vaandel staat en geleerd, gewerkt en gewoond gaat worden.
Nieuwe afspraken In 2019 heeft Defensie besloten om met een kazerne op het Marineterrein te blijven. In 2020 zijn tussen Rijk en gemeente nieuwe afspraken gemaakt over de toekomstige ontwikkeling van het terrein, inclusief een compacte nieuwe kazerne. De kazerne krijgt een groot sportveld, waar – buiten defensieuren – straks ook Amsterdammers gebruik van mogen maken. De defensiefuncties zitten nu nog verspreid over het terrein. Zodra ze zijn verhuisd naar de nieuwe kazerne, komt er geleidelijk steeds meer ruimte vrij om te ontwik kelen. De verwachting is dat de nieuwbouw op z’n vroegst in 2026 kan beginnen. Als kader voor de nieuwe ontwikkelingen stelt de gemeente samen met het Rijk een projectnota op. Belangrijk onderdeel van de projectnota is de nota van uitgangspunten: hierin staan de uitgangs punten voor de toekomstige inrichting en het gebruik van het terrein op hoofdlijnen. Daarover gaan we graag met u in gesprek.
12
Hoe kunt u meedoen? Buurtgenoten zijn deskundig als het gaat om hun eigen buurt. Om die reden vindt verant woordelijk wethouder Victor Everhardt het belangrijk dat buurtbewoners en gebruikers van het Marineterrein betrokken worden bij de nieuwe ontwikkelingen. Hij nodigt u van harte uit om met ons in gesprek te gaan. In verband met de coronamaatregelen is het helaas niet mogelijk om die gesprekken op locatie te laten plaatsvinden. We organiseren daarom online bijeenkomsten in beperkte groepsgroottes per buurt. De buurtgesprek ken vinden plaats tussen 7 en 18 december. U kunt zich voor uw eigen buurt aanmelden via: amsterdam.nl/marineterrein
Praat mee over de toekomst van het Marineterrein. Dit najaar start de inspraak over de conceptnota van uitgangspunten.
September 2021
Informatiekrant verspreid in 2021
Inhoud
Infokrant Marineterrein Praat m
ee!
Reacties en meningen • Alle reacties uit de
• Zie alle aanpassingen FOTO: SIEB E S WA R T
in beeld.
De conceptnota van uitgangspunten in het kort • Een samenvatting van
de belangrijkste punten.
Wat gebeurt er nú op het Marineterrein? • Lees hier de recente
ontwikkelingen.
25 H
consultatie op een rij, bewoners en betrokkenen aan het woord.
Wat is er gedaan met de reacties uit de consultatieronde?
67
89
1011
Proces en inspraak • Wat is geweest en hoe
verder?
2020
2021
12
Let op: commissievergadering op woensdag 8 september! De koers van de conceptnota wordt – onder voorbehoud – besproken tijdens de commissievergadering Ruimtelijke Ordening op woensdag 8 september 2021. Deze is te volgen via: amsterdam.raadsinformatie.nl SEPT
8
Steeds meer (en steeds jongere) Amsterdammers hebben het Marineterrein ontdekt.
Beste buurtgenoot, Het afgelopen jaar is de gemeente in gesprek geweest met omwonenden en betrokkenen over de toekomst van het Marineterrein. De consultatie was bedoeld om alle wensen, belangen, kennis en ambities in beeld te brengen en deze zo goed mogelijk te verenigen in de nota van uitgangspunten. In deze krant leest u de reacties uit deze consultatieronde – en welke van invloed zijn geweest. Aan de oproep om aan de consultatie mee te doen, is uitgebreid gehoor gegeven. Aan de vijftien onlinebuurtgesprekken deden 120 geïnteresseerden mee. Er zijn bijna 90 online reacties binnengekomen. Aanvullend hierop zijn er gesprekken gevoerd met zes verschillen de (buurt)organisaties op en rond het Marine terrein. Tot slot heeft de wethouder gesproken met een delegatie van bewoners.
Herontwikkeling Wat blijkt, is dat vele Amsterdammers het gebied hebben ontdekt, nadat het in 2015 steeds verder werd opengesteld in aanloop
naar de herontwikkeling. De komst van inno vatieve bedrijven en instellingen hebben het terrein een nieuw gezicht gegeven. In de toekomst wordt het terrein verder ontwikkeld tot een innovatiegebied waar gewerkt, geleerd én gewoond wordt. Als kader voor de nieuwe ontwikkelingen stelt de gemeente – samen met het Rijk – een projectnota op. Belangrijk onderdeel van de projectnota is de nota van uitgangspunten: hierin staan op hoofdlijnen de ruimtelijke en programmatische uitgangs punten voor de toekomstige inrichting en het gebruik van het gebied.
Een dynamisch & innovatief gebied Het Marineterrein wordt ontwikkeld tot een gebied waar innovatie hoog in het vaandel staat. Er wordt samengewerkt aan oplossingen voor vraagstukken waar de stad mee te maken krijgt. Ontmoeting en ideeënuitwisseling vormen een uitgangspunt; op pagina 6 en 7 leest u een samenvatting van de voorgestelde uitgangspunten voor de toekomstige ontwikkelingen. De koers van de conceptnota van uitgangspunten is te downloaden via www.amsterdam.nl/marineterrein.nl
Woord van wethouder Everhardt Samen met het Rijk is er de afgelopen tijd hard gewerkt aan de nota van uitgangspunten voor het Marineterrein. Het concept ligt er nu en is samengevat in deze krant. De gesprekken met buurtbewoners, ondernemers en betrokkenen hebben veel waardevolle ideeën, menin gen en informatie opgeleverd. Duidelijk is dat het Marineterrein in zijn huidige tussenvorm een plek heeft veroverd in de harten van veel omwonenden. Het unieke karakter van het terrein, met zijn historische structuren en het groen, wordt zeer gewaardeerd. De zorg bij een groep omwonenden is dat dit karakter met de ontwikkeling van het terrein verloren gaat, dat het te vol wordt. Hierover ben ik zelf met een vertegen woordiging van de bewoners in gesprek gegaan. Het bleek een ingewikkelde opgave om alle verschillende belangen en wensen van de omgeving, gemeente en het Rijk voor deze bijzondere plek af te wegen en met elkaar te verenigen. Maar met deze conceptnota van uitgangspunten lijkt dat gelukt.
Flyer informatieavond verspreid in 2022
Upload foto
Tip: vul eerst het titelvlak voordat je het icoon toevoegt.
Informatieavond Marineterrein Dinsdag 29 november 2022 Meld u aan via amsterdam.nl/marineterrein AMS-121486-nl-NL-1122-1 1
14-11-2022 12:21:52
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
63
6.2 Consultatie, participatie en communicatie na het projectbesluit Met een besluit over de projectnota ligt het kader voor de toekomstige ontwikkeling vast en start de ontwerpfase. Zolang het Rijk nog eigenaar is van het terrein, zijn zowel het Rijk als de gemeente betrokken bij de ontwikkeling van het terrein. De wens van de gemeente om het terrein (exclusief kazerne) aan te kopen is de basis voor de in deze paragraaf beschreven aanpak, maar beide partijen blijven de komende vijf jaar in gesprek over de tijdige en toekomstige ontwikkelingen met de huidige en toekomstige ondernemers, gebruikers van het Marineterrein (de community), omwonenden, bewoners en organisaties en instellingen van de stad.
Plan van aanpak participatie De eerste stap na het projectbesluit is het opstellen van een plan van aanpak participatie. Daarvoor zoeken we de samenwerking met de huidige en toekomstige gebruikers en belanghebbenden van het Marineterrein. We onderzoeken welke participatievormen passen bij de verschillende onderwerpen die ruimte bieden voor participatie, en werken die uit. Dat kan zijn over wat het Marineterrein nu en in de toekomst nodig heeft, maar ook over de (maatschappelijke) vraagstukken waar het innovatiegebied zich mee bezig houdt. Het projectteam Marineterrein stelt het plan
van aanpak op, in afstemming met Defensie, de gebiedsmakelaars van stadsdeel Centrum, Projectbureau Marineterrein en (stadsbrede) stakeholders die nader worden bepaald. De verantwoordelijke wethouder stelt het plan van aanpak vast.
Doel van de participatie Het doel van de participatie in de periode 2023-2028 is om gebruikers en belanghebbenden in Amsterdam te betrekken bij wat er gebeurt en gaat gebeuren op het Marineterrein. We doen dit om ervoor te zorgen dat de plannen zo goed mogelijk aansluiten bij de ambitie voor het Marineterrein én de behoeften en wensen van de huidige en toekomstige gebruikers, bewoners en belanghebbenden.
De uitgangspunten voor de participatie
Informatieavond NvU 2022
64
GEMEENTE AMSTERDAM
De gemeente blijft in gesprek met de huidige en toekomstige gebruikers en belanghebbenden van het Marineterrein. We betrekken de relevante belanghebbenden bij de verschillende onderwerpen en maken daarbij gebruik van hun kennis en expertise. Met het plan van aanpak voor de participatie leggen we een basis voor de komende jaren, maar het is wel een adaptief product: de looptijd van het plan van aanpak voor de participatie is gekoppeld aan de verkoop van het terrein door het Rijk en de mogelijke verwerving door de gemeente. Naar verwachting is dat ongeveer 5 jaar. We willen voortdurend kunnen inspelen op nieuwe (onvoorziene) omstandigheden en stakeholders. Daarom kijken we steeds opnieuw of bijvoorbeeld de onderwerpen nog relevant zijn, de
juiste partijen nog betrokken zijn en of de participatie nog wel de juiste vorm heeft. Hoe we dat evalueren is onderdeel van het plan. Het plan van aanpak zal bestuurlijk worden vastgesteld. We maken een gedegen afweging tussen het algemeen belang en de verschillende belangen van stakeholders. Daarom blijven we in gesprek met een brede doelgroep met verschillende belangen. Zo houden we goed in beeld waar de belangen, de ideeën, de zorgen en de kansen liggen. We blijven helder, begrijpelijk en transparant communiceren over waar de participatieruimte wel of niet zit, wat de verwachtingen zijn en wat er wordt gedaan met de input van de betrokkenen.
gaat Defensie over), over parkeren, monumenten, verkeersbewegingen en evenementen georganiseerd door externe partijen.
De stedenbouwkundige uitwerking wordt onderwerp van participatie als besloten is het Marineterrein aan te willen kopen. De participatieruimte en het niveau voor dit onderwerp zal dan nader worden bepaald.
Participatieniveau van verschillende onderwerpen Voor iedereen moet duidelijk zijn hoe de participatie bij elk onderwerp is georganiseerd. In de ontwerpfase zal de participatie variëren tussen informeren, meedenken en samenwerken. Voor de looptijd van het plan van aanpak zijn vooralsnog de volgende onderwerpen voor participatie benoemd: Op het niveau van samenwerken kan men denken aan onderwerpen als de inrichting en de programmering van het sportveld, experimenten in het groen en in de openbare ruimte, evenementen en activiteiten uit de community en/ of de stad. Er kunnen activiteiten worden georganiseerd door en voor ondernemers, bewoners en gebruikers en er zijn allerlei workshops over de stedelijke opgaven waar men aan kan meedoen. Er liggen kansen om de methode en de vormen van participatie te innoveren en te testen. Op het niveau van meedenken kan men denken aan onderwerpen als: de tijdelijke programmering en het gebruik van het opengestelde deel van het terrein (exclusief kazerne), de impact van bouwactiviteiten van de kazerne, vraagstukken rond maatschappelijke en/ of stedelijke opgaven, het kader voor de openbare ruimte en beeldkwaliteit. We informeren over de uitgangspunten en het stedenbouwkundig raamwerk die met het projectbesluit zijn vastgelegd. We informeren over het ontwerp van gebouwen, de bouwhoogte.
We infomeren over de impact van bouwactiviteiten in het algemeen, waaronder die van de kazerne (hier
Plannen moeten zo goed mogelijk aansluiten bij de ambitie voor het Marineterrein én de behoeften en wensen van de huidige en toekomstige gebruikers, bewoners en belanghebbenden.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
65
66
GEMEENTE AMSTERDAM
7 Organisatie en financiën Met deze projectnota leggen we het projectbesluit aan het gemeentebestuur voor, waarmee de haalbaarheidsfase wordt afgerond. Daarna start de ontwerpfase. Daarin wordt door de gemeente gewerkt aan een investeringsnota, een beeldkwaliteitsplan en een omgevingsplan. Hoe de organisatie daarvoor wordt ingericht en wie waarvoor verantwoordelijk is, wordt in dit hoofdstuk beschreven. De gemeente blijft, ook in deze fase, de samenwerking opzoeken met het Rijk waar de opgaven voor de ontwikkeling van het terrein en de kazerne voor Defensie elkaar raken. Tegelijkertijd met de projectnota vragen we het gemeentebestuur ook te besluiten de gesprekken te starten met het Rijk om het Marineterrein aan te kunnen kopen. Onder financiën is beschreven welke uitgangspunten daarvoor gelden, met als belangrijkste uitgangspunt dat de aankoopsom terugverdiend kan worden door de gronduitgifte aan ontwikkelende partijen.
PROJECTNOTA MARINETERREIN
2023
67
7.1 Planning en proces Na het projectbesluit zal er tegelijkertijd aan verschillende producten gewerkt worden.