overzicht bijlagen bij reactienota bestuurlijk stelsel v2
Tekst van het document
• Een door de stadsdeelcommissie gekozen dagelijks bestuur. • In onze ogen is het versterken van de relatie tussen de raad en de sdc’s voor nu (naast de borging van de adviezen) de belangrijkste prioriteit. In het voorstel van de wethouder wordt dit niet concreet uitgewerkt. Wij adviseren daarom om een werkgroep samen te stellen van sdc-leden van de verschillende stadsdelen (en partijen) en leden van de commissie KDD, om ook hiervoor voor het zomerreces met een voorstel te komen. Als werkwijze willen we daarvoor het volgende voorstellen: De werkgroep komt met een voorstel, vervolgens gaat dit langs de stadsdelen ter adviseren, dan kan het naar de commissie KDD die de besluitvorming in de gemeenteraad hierover voorbereid en vervolgens kan de raad hier dan een beslissing over nemen. • Participatie kan niet in plaats van representatie, daarom voorzien wij problemen met het loten van sdc-leden. Daarom adviseren we om voor het aanstellen van sdc-leden niet tot loting over te gaan.De SDC moet ons inziens alleen bestaan uit gekozen leden. Het structureel aan haken van gelote participanten met dezelfde bevoegdheden als de gekozen leden vinden wij minder geslaagd. Deze door loting aangewezen deelnemers zullen een andere status moeten krijgen dan de gekozenen, bijvoorbeeld als buurtcomités.
Loting kan wel een prima instrument zijn om leden te benoemen voor doelgroep of thema commissies die vanuit expertise kunnen adviseren en overleggen met de SDC. Een loting om op gebiedsniveau bewonerspanels aan te stellen zien wij wel als een hele positieve ontwikkeling. Je zou naast de reguliere SDC-vergaderingen dan 1 keer per maand een gebiedsoverleg kunnen hebben met SDC-leden en de gelote leden van het panel. Loting zorgt voor het
betrekken van andere bewoners, daarnaast blijven we natuurlijk in gesprek met al bestaande bewonerspanels en blijven we ons voeden met de expertise en kennis van deze bewoners die al jarenlang actief zijn. • Samenstelling SDC: verkiezingen gaan hoogstwaarschijnlijk plaatsvinden op stadsdeelniveau. Om juist de gebiedsgerichte aanpak te borgen en versterken zou het goed zijn als er ook een verkiezing blijft op gebiedsniveau. Daarbij zou je kunnen denken aan aantal leden gekozen op basis van stadsdeellijsten en een aantal per gebied. Daarbij zou het goed zijn om de verdeling net iets hoger uit te laten vallen op stadsdeelniveau. Verder zou het goed zijn om op een oneven aantal leden uit te kunnen komen, dan kunnen de stemmen niet meer staken bij gelijke uitslag. De precieze invulling van de aantallen laten we voor nu open. • Het lijkt procesmatig handiger om eerst te bepalen wat voor SDC’s er moeten komen en daarna pas te bepalen wat de faciliteiten zijn. • Een adviesrecht over bepaalde lokale budgetten past binnen een SDC+-model. Onderzocht moet worden of een lokale, directe verantwoordelijkheid voor lokale budgetten mogelijk is.
• De mogelijkheid om een vergaand advies uit te brengen over plannen die voor een stadsdeel van groot belang zijn, waaronder eventueel bestemmingsplannen, moet worden onderzocht en zo mogelijk bij de verantwoordelijkheden van de SDC worden ondergebracht. • De SDC moet ons inziens alleen bestaan uit gekozen leden. Het structureel aanhaken van gelote participanten met dezelfde bevoegdheden als de gekozen leden vinden wij minder geslaagd. Deze door loting aangewezen deelnemers zullen een andere status moeten krijgen dan de gekozenen, bijvoorbeeld als buurtcomités. (Ingetrokken en gecombineerd met een advies van Groen Links) • Stedelijke diensten moeten beter gaan samen werken met de DB’s en op de DB’s rust de dan de taak hierover goed met de SDC’s te communiceren. • Gebiedsgericht werken dient in een samen werkingsmodel met de SDC’s als structurele partners, te worden gegoten.
Definitief advies DB Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders …
N Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Zuidoost Invullen door directie:
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 55
Onderwerp adviesaanvraag:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Portefeuille:
Democratisering en bestuurlijk stelsel
Directie:
BMA
Datum behandeling college:
6 april 2021
Datum adviesaanvraag:
7 april 2021
Deadline ontvangst advies:
29 april 2021
Advies mailen naar:
r.dijkhuizen@amsterdam.nl
Meegestuurde stukken:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
Stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies hebben in januari en februari van dit jaar wensen en suggesties mee kunnen geven naar aanleiding van het rapport Evaluatie Bestuurlijk Stelsel van Necker van Naem en Tilburg University. Van deze gelegenheid is door de meeste van hen gebruik gemaakt.
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel:
Zuidoost
Procesbegeleider:
Stadsdeelcommissie zelf
Datum weekstart/staf:
…
Datum stadsdeelcommissie:
15 april 2021 / 29 april 2021 / 12 mei 2021
Datum dagelijks bestuur:
…
Registratienr. (optioneel):
…
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel. Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Adviesvraag Hierbij zend ik u namens het college de voorgenomen hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. In het voorgenomen besluit wordt aangegeven welke voorstellen het college doet voor verbeteringen in het huidige stelsel en voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Het college ziet graag uw advies op deze voorgenomen hoofdlijnen en deze voorstellen tegemoet.
Achtergrond en toelichting Op 27 november 2020 hebben het onderzoeksbureau Necker van Naem en Tilburg University hun rapport opgeleverd over de evaluatie van het bestuurlijk stelsel in Amsterdam. Het college herkent de knelpunten die uit het evaluatierapport naar voren komen over de werking van het bestuurlijk stelsel. Het college wil daarom een duidelijker mandaat voor het lokaal bestuur. Ook wil het college de mogelijkheden voor inwoners om mee te denken, mee te doen en mee te beslissen vergroten. Dit vraagt om verbeteringen in het bestuurlijk stelsel zelf, maar ook in de mogelijkheden voor participatie, ambtelijke organisatie en cultuur. Het college stelt daarom in de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022 de volgende veranderingen voor: • Een duidelijke opdracht en stevig mandaat op een aantal helder omschreven taken aan benoemde stadsdeelbestuurders die zich hierover verantwoorden aan gekozen stadsdeelcommissies.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 56
• Versterken van de relatie tussen de kiezers en de stadsdeelcommissie. Met een duidelijke opdracht aan de stadsdeelcommissie: zij sturen op de te stellen kaders en controleren het dagelijks bestuur, ook in de uitvoering van participatie. Zo kunnen zij het lokale belang beter vertegenwoordigen. • Om de betrokkenheid van bewoners te vergroten wil het college als proef een stadsdeelpanel instellen dat de stadsdeelcommissie vier keer per jaar adviseert over bepaalde onderwerpen die het stadsdeel betreffen. Dit stadsdeelpanel gaat uit gelote burgers bestaan. Aanvullend daarop wil het college nader onderzoek doen naar de mogelijkheid en wenselijkheid om de stadsdeelcommissie voor een deel uit gelote burgers te laten bestaan. • Versterken van de relatie tussen de gekozen stadsdeelcommissies en de raad. • Vergroten van de invloed van de bewoners door het versterken van de participatie en door het lokaal bestuur een stevige positie en duidelijker rol in de participatie te geven. • Vanaf 16 jaar kunnen Amsterdammers kiezen of zich verkiesbaar stellen en Amsterdammers van buiten de EU met een geldige verblijfsvergunning krijgen deze rechten al nadat zij twee jaar in Nederland wonen. • Voor de korte termijn wil het college inzetten op verbetering van de adviesprocedure voor stadsdeelcommissies en versterking van de ondersteuning van stadsdeelcommissies.
In de hoofdlijnen zijn de wensen en suggesties van raad, stadsdeelbesturen, stadsdeelcommissies en Amsterdammers betrokken. Planning Het voorstel van het college betreft in deze fase nog een voorgenomen besluit. Ter voorbereiding van het definitief besluit worden wensen en suggesties met de raadscommissie besproken op 28 april. Ook wordt de input van Amsterdammers, stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies van 7 april tot 20 mei opgehaald. De reacties van de gemeenteraad, stadsdeelcommissies, stadsdeelbesturen en Amsterdammers op de voorgenomen hoofdlijnen worden vervolgens verwerkt in het definitief voorstel aan de raad voor de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Hierover besluit het college op 1 juni waarna het wordt voorgelegd aan de commissie KDD op 23 juni en aan de gemeenteraad op 7/8 juli 2021.
Na de vaststelling door de gemeenteraad van de hoofdlijnen voor het stelsel vanaf 2022, zullen de betreffende verordeningen in september worden voorgelegd voor besluitvorming. In de planning is rekening gehouden met het feit dat kandidaten en bureau Verkiezingen voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 zoveel mogelijk de tijd hebben om zich hierop voor te bereiden. Zij kunnen hun voorbereiding pas starten als de raad over de hoofdlijnen en de verordeningen heeft besloten.
Conceptadvies DB Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies Het dagelijks bestuur kan zich vinden in de hoofdlijnen zoals het college van B&W deze – met input van bewoners, de dagelijks besturen en stadsdeelcommissies van de stadsdelen – heeft opgesteld.
Advies stadsdeelcommissie Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB Willen we verbetering van de adviesprocedure zal er gezocht moeten worden naar methoden die bruikbaar zijn om de participatie van bewoners te bevorderen en transparantie over het proces van besluitvorming vergroten. Daarnaast is het nodig dat de stadsdeelcommissie beter wordt ondersteund bij het verkrijgen van kennis en informatie om haar advieswerk te verbeteren en te upgraden. Aanpassing van het stelsel vraagt om urgentie omdat anders het stelsel ten onder gaat aan geloofwaardigheid als representatieve democratie. Het gaat zowel om het bestuurlijk stelsel te verbeteren en om de participatie van bewoners en de ambtelijke organisatie en cultuur te verbeteren. De vraag te kunnen beantwoorden wat gedelegeerd en wat gemandateerd dient te worden is afhankelijk van de taken en de bevoegdheden. Een duidelijke opsomming van taken en bevoegdheden zal het voor burgers makkelijker maken om te weten wie kunnen aanspreken. SDC’s moeten maatwerk voor hun stadsdeel kunnen leveren. Daarvoor moeten zij over voldoende financiële middelen, ambtelijke ondersteuning en beleidsvrijheid kunnen beschikken. Het is onvoldoende duidelijk dat gebiedsgericht werken onder het gezag plaatsvindt van het dagelijks bestuur als bestuurscommissie.
De onderzoeken naar het bestuur van Amsterdam concludeerden dat Amsterdam een te gesloten bestuurscultuur heeft. Dit nieuwe stelsel moet
daarom bijdragen aan meer transparantie, bewoners moeten weten waar zij terecht kunnen. Informatievoorziening op lokaal niveau moet worden verbeterd. Het duurt helaas vaak lang (soms wel langer dan een jaar!) om antwoord te krijgen. Op centraal niveau duurde antwoord krijgen nog geen week. Dit komt niet door onwil, maar ook door beperkte capaciteit van de ambtelijke ondersteuning. Er wordt vaak tegengeworpen dat we als stadsdeelcommissie geen controlefunctie hebben, maar we hebben wel een informatiefunctie. Daarnaast is het van belang om de stadsdelen ook meer budgetten te geven. Immers, als je geen budget hebt heb je weinig invloed op de buurt.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 57
Mensen in Zuidoost hebben het minst vertrouwen in de politiek en overheid. Het blijft wijzen op het belang van het verhogen van de opkomst tijdens verkiezingen, bijvoorbeeld door het plaatsen van extra stembureaus. Hoe kan het nieuwe stelsel het vertrouwen in de politiek van Zuidoost vergroten? Staatscommissie Parlementair Stelsel Remkes heeft eerder al aangeraden om meer stembureaus te plaatsen en ook om early voting toe te staan. Bij een aantal leden is een duidelijke voorkeur voor model C, een lokaal bestuur op stadsdeelniveau met een bestuurscommissie bestaande uit een gekozen stadsdeelcommissie die uit haar midden een dagelijks bestuur kiest. Voor dit model zijn: de drie PvdA leden, een GL-lid, het SP lid en het 50-Pluslid (6 totaal). Een aantal van hen bepleit tevens de mogelijkheid het dagelijks bestuur te kiezen uit kandidaten buiten de gekozen stadsdeelcommissie. Model C wordt door hen gezien als het model dat het sterkst tegemoet komt aan een democratisch gekozen lokaal bestuur. Het democratisch gehalte en de transparantie van het stelsel zou sterk toenemen met een dergelijk monistische relatie tussen SDC en de bestuurders van het stadsdeel.
Voor model B of D zijn 5 leden (twee GL-leden (1x B, 1x D), twee VVD-leden (1x B, 1x D), eenmaal D66-lid (B of D)) Bij model B wordt genoemd dat hier een meer controlerende/verifiërende rol voor de SDC is weggelegd, om te verifiëren wat er daadwerkelijk in de buurt is gebeurd. Zo is er meer invloed en controle over het DB. De stadsdeelcommissie kan het college of raad adviseren over te gaan tot het ontslag van een DB-lid. Dit is mede afhankelijk van de uitwerking van de twee voorstellen.
De volgende punten kunnen rekenen op een democratische meerderheid: 1. Klik-gesprek Kwaliteit en beschikbaarheid van DB leden zijn erg belangrijk voor een stadsdeel. We begrijpen de wens dat er vanuit het democratische hart, de gekozen leden, dat vanuit dat midden DB leden gekozen worden. Het allerbelangrijkste is dat de bestuurders lokaal goed bekend zijn en ook de verbinding vormen met het centrale bestuur in de stad. Indien een eis is dat de bestuurder op ‘de lijst’ moet hebben gestaan, is onnodig beperkend. Wel moet de lokale DB ‘gedragen’ worden door de SDC leden. Hiervoor stellen we een ‘klik-gesprek’ voor waarbij de SDC – indien er een kandidaat is gepresenteerd die niet passend wordt geacht in het lokale profiel – negatief kan adviseren. Dit in lijn met de wens om ook een controlerende rol te hebben. Als een SDC die functie heeft dan moet de SDC ook invloed hebben op de benoeming. De SDC adviseert om een ‘klik-gesprek’ in te stellen voor de te benoemen DB leden, waarbij de SDC positief dient in te stemmen. 2. Budget(advies)recht Het college stelt dat het budgetrecht niet kan worden gedelegeerd. Een afgeleide variant (budgetadviesrecht) wel. Het college suggereert de buurtbudgetten. De ‘bewegingsruimte’ die SDC’s hebben t.a.v. de buurtbudgetten waar het college naar verwijst is zeer beperkt.
Zonder een vorm van budgetrecht bestaat er geen betekenisvolle afhankelijkheidsrelatie tussen het uitvoerend bestuur en het controlerende orgaan. Geadviseerd wordt om SDC-bestuurscommissie budgetadviesrecht toe te kennen binnen ‘het vrije deel’ van hun opdracht & taakstelling. Bijvoorbeeld binnen de gebiedsbudgetten en wellicht de Sociale Basis. Beide terreinen dienen een invulling en uitvoering te krijgen conform de lokale behoefte. De SDC, zoals het nu in de huidige vorm werkt, geeft gevraagd en ongevraagd advies maar kan niet zondermeer verwachten dat voor elk plan budget is. De SDC zou dus ook moeten beseffen dat elke euro maar eenmaal kan worden uitgegeven. De SDC adviseert om een budgetadviesrecht in te stellen binnen het vrije gedeelte van de opdracht & taakstelling. 3. Bestemmingsplannen Het college is voornemens om te onderzoeken of de nadruk van de voorbereidingsprocedure
van bestemmingsplannen weer bij de stadsdelen gelegd kan worden. Dat betekent feitelijk dat de wettelijk verplichtte inspraakprocedure uitgevoerd wordt door de stadsdelen en bewoners daar komen inspreken. Dat is geen zinnige toevoeging aan het huidige stelsel. Waarin Dagelijks Bestuurders in de praktijk het initiatief tot wijziging nemen en er al inspraak bestaat in (de niet wettelijk verplichtte) voorontwerpprocedure. Het is onwaarschijnlijk en (zeer) onwenselijk dat de raad af ziet van inhoudelijke besprekingen van de bestemmingsplannen als zij deze vaststellen, waardoor er ook op dat niveau mogelijkheid tot inspraak moet zijn. M.a.w. de inspraak van burgers dient gehouden te worden op de plek waar de beslissingen genomen worden!
legitimatie en verkiezingsprogramma) ‘waardevoller’ dan die van een geloot lid? Krijgen we met gelote leden geen ‘spek- en bonenleden’? Het is al met al een ingewikkeld experiment om te ondernemen in een stelsel dat al gemankeerd en kwetsbaar is. De voltallige commissie, m.u.v. D66 (1 zetel), is tegen gelote leden. Hieronder de bespiegelingen van D66: Deze vernieuwing is juist van belang om bewoners beter te betrekken bij de lokale politiek. D66 Zuidoost staat hier positief tegenover. De ingewikkelde discussie over de praktische invoering gaan wij graag aan, als dit het vertrouwen in de overheid kan vergroten. De SDC adviseert om af te zien van gelote leden.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 58
De SDC adviseert om de inspraak van burgers daar te houden op de plek waar de beslissingen genomen worden. 4. Rechtspositie SDC In het huidig stelsel hebben SDC-leden recht op een vergoeding op grond van aanwezigheid tijdens door het Dagelijks Bestuur uitgeschreven vergaderingen. SDC-leden worden geacht hun werkzaamheden grotendeels buiten vergaderingen om uit te voeren, de systematiek vereist echter dat SDC leden de meeste van hun werkzame tijd doorbrengen in de door de DB uitgeschreven vergaderingen. Zij kunnen deze niet missen aangezien dit directe consequenties heeft voor de vergoeding. De positie van de SDC is zwak: het DB kan een vergadering ook weer intrekken mocht dat ‘uitkomen’. In Zuidoost hebben we dit niet meegemaakt maar waarom geen vertrouwen uitspreken en autonomie op dit punt bij de SDC neer te leggen. In het nieuwe stelsel moet de vergoeding, de positie en de onafhankelijkheid/ zelfstandigheid van de SDC-bestuurscommissie gewaarborgd zijn. Hierbij geven we aan dat de hoogte van de vergoeding/totale kosten voor de SDC in beginsel niet zomaar mag toenemen. De SDC adviseert dat de SDC zelf haar vergaderingen mag uitschrijven om de rechtspositie te borgen. De SDC adviseert om de vergoedingen voor de SDC niet uitsluitend toe te kennen op basis van de aanwezigheid bij overlegvergaderingen. Enige mate van zelfsturing t.a.v. tijdsbesteding is gewenst. 5.
Gelote en gekozen leden Het college is voornemens om te onderzoeken of gelote leden onderdeel kunnen vormen van de bestuurscommissie. Dat roept complexe staatsrechtelijke vragen op. Hoe verhouden de gekozen en gelote leden zich tot elkaar? Is de inbreng van een gekozen lid (met achterban, democratische
6. Gebiedsgericht werken Het college constateert dat het gebiedsgericht werken niet altijd ‘efficiënt en effectief’ gebeurt. Breng de SDC op de gebiedsagenda/gebiedsplannen meer in positie en baken af (takenlijst en bevoegdhedenregister) op welke onderdelen ook de SDC kan beslissen in de volgende domeinen: ruimtelijk domein, sociaal domein en participatie. Op sommige onderdelen is volgens college sprake van dubbele sturing waar op andere onderdelen sprake is van (te) weinig (integrale) sturing. In de praktijk betekent dit dat stadsdeelorganisaties niet de mogelijkheden hebben om hun eigen focusopgaves aan te pakken, omdat de stedelijke lijn leidend is. Capaciteit van stadsdelen wordt gevorderd om stedelijke vraagstukken (zoals beheer sportaccommodaties) aan te pakken. Tegelijkertijd is er richting de stedelijke diensten geen sturing vanuit de stadsdeelbesturen waardoor een integrale aanpak onmogelijk is. Er wordt dubbel werk gedaan of er wordt een stedelijk project uitgevoerd dat geen aansluiting heeft met de lokale opgaven. Belangrijk bij de voorgestelde herziening is om te waarborgen dat de door stadsdeel opgestelde focusopgaven ook gelegitimeerd en gevormd zijn door lokale inbreng van de vertegenwoordiging (SDC), bewoners, ondernemers en andere stakeholders. Momenteel is de rol van SDC in focusopgaven/ gebiedsagenda’s/gebiedsplannen zeer beperkt.
Het vertrouwen in de politiek wordt ten slotte vergroot door inzichtelijk te maken wat de gemeente in de gebieden daadwerkelijk doet. Een integrale aanpak is nodig, maar ook een overzichtelijke begroting en een evaluatie van de gebiedsplannen, zoals nu ook al in andere gemeenten het geval is.
De SDC adviseert om concreet af te bakenen op welk gebied de SDC kan beslissen binnen het gebiedsgericht werken, inclusief het budgetadviesrecht hierover.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 59
7. Ambtelijke ondersteuning Het college acht verbeteringen in de ambtelijke organisatie en cultuur plus verstrekking van de ambtelijke ondersteuning gewenst. Naast deze verbeteringen zal wellicht ook uitbreiding nodig zijn. Inmiddels hebben we mogen vernemen dat, gezien de financiële taakstelling, er geen ambtenaren bij komen. Dit zou met zich kunnen meebrengen dat op basis van de verschillen in zwaarte van de lokale opgaven per stadsdeel herschikking binnen de ambtelijke organisatie. Ambtelijke ondersteuning is vooral centraal geregeld. SDC en bestuurders zullen over een eigen ambtenarenapparaat moeten kunnen beschikken, dat in eerste instantie verantwoording aflegt op gebiedsniveau. Anders krijgen we bestuurders met bevoegdheden, maar geen mogelijkheden daar iets mee te doen. De SDC adviseert om een herschikking van de ambtelijke capaciteit tussen de centrale stad en het stadsdeel op basis van de lokale opdracht. Een uitgewerkte verdeling tussen SDC en DB moet onderdeel zijn van de lokale opdracht. Op verzoek van Sandra Grep (Groen-Links) is nog toegevoegd:
en niet zozeer ‘het aantal stembussen’. Ik heb dit duidelijk benoemd in de afgelopen vergadering. Bewoners worden vaak niet gehoord en gebruikt als (schijn) participatie materiaal of stemvee! Participatie trajecten hebben zelden of nooit het gewenste resultaat opgeleverd en hierdoor zijn bewoners het vertrouwen kwijtgeraakt. Bewoners voelen zich niet serieus genomen en zaken worden niet met hen maar over hun hoofden beslist. Recent voorbeeld is de nieuwe bestemming van buurthuis Anansi. (Totaal niet inclusief!). Vervolgens heb ik nergens in het document gelezen, dat er gerefereerd wordt naar de hervormde versie van de ‘Verordening van de SDC’. Wat is de rol van de huidige pioniers hierin. Ik verwijs inherent aan verordening naar de vraag in dit document om betere faciliteiten en ondersteuning als het gaat om het verstrekken van informatie aan de SDC. Een belangrijk gegeven, die stevig in de Verorde ning van de SDC moet staan! Daarnaast moet de rol van de ondersteuning ook duidelijk benoemd worden. Het vervolgtraject t.a.v. de keuze voor een van de stelsels. Wat is onze rol daarin. Wat gaat er met dit advies gebeuren en wanneer binnen welk tijdsbestek is er een terugkoppeling van het verloop van dit traject. Dit was mijn bijdrage. Met vriendelijke groet, Sandra Grep
Definitief advies DB Beste allen, Ik heb de inhoud gelezen en kan mij voor een groot deel in vinden. Ik vind het wel belangrijk dat ook het, ‘integriteitsprobleem’, hier in dit stadsdeel ‘een onderdeel is van een lage verkiezingsopkomst’
Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders …
O Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur West Invullen door directie:
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 60
Onderwerp adviesaanvraag:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Portefeuille:
Democratisering en bestuurlijk stelsel
Directie:
BMA
Datum behandeling college:
6 april 2021
Datum adviesaanvraag:
7 april 2021
Deadline ontvangst advies:
19 mei 2021
Advies mailen naar:
r.dijkhuizen@amsterdam.nl
Meegestuurde stukken:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
Stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies hebben in januari en februari van dit jaar wensen en suggesties mee kunnen geven naar aanleiding van het rapport Evaluatie Bestuurlijk Stelsel van Necker van Naem en Tilburg University. Van deze gelegenheid is door de meeste van hen gebruik gemaakt.
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel:
West
Procesbegeleider:
Lieke van der Westen
Datum weekstart/staf:
26 april 2021
Datum stadsdeelcommissie:
11 mei (oordeelsvormend) en 18 mei 2021 (besluitvormend)
Datum dagelijks bestuur:
29 april (conceptadvies) en na behandeling SDC definitief advies
Registratienr. (optioneel):
…
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel. Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Adviesvraag Hierbij zend ik u namens het college de voorgenomen hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. In het voorgenomen besluit wordt aangegeven welke voorstellen het college doet voor verbeteringen in het huidige stelsel en voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Het college ziet graag uw advies op deze voorgenomen hoofdlijnen en deze voorstellen tegemoet.
Achtergrond en toelichting Op 27 november 2020 hebben het onderzoeksbureau Necker van Naem en Tilburg University hun rapport opgeleverd over de evaluatie van het bestuurlijk stelsel in Amsterdam. Het college herkent de knelpunten die uit het evaluatierapport naar voren komen over de werking van het bestuurlijk stelsel. Het college wil daarom een duidelijker mandaat voor het lokaal bestuur. Ook wil het college de mogelijkheden voor inwoners om mee te denken, mee te doen en mee te beslissen vergroten. Dit vraagt om verbeteringen in het bestuurlijk stelsel zelf, maar ook in de mogelijkheden voor participatie, ambtelijke organisatie en cultuur. Het college stelt daarom in de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022 de volgende veranderingen voor: • Een duidelijke opdracht en stevig mandaat op een aantal helder omschreven taken aan benoemde stadsdeelbestuurders die zich hierover verantwoorden aan gekozen stadsdeelcommissies.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 61
• Versterken van de relatie tussen de kiezers en de stadsdeelcommissie. Met een duidelijke opdracht aan de stadsdeelcommissie: zij sturen op de te stellen kaders en controleren het dagelijks bestuur, ook in de uitvoering van participatie. Zo kunnen zij het lokale belang beter vertegenwoordigen. • Om de betrokkenheid van bewoners te vergroten wil het college als proef een stadsdeelpanel instellen dat de stadsdeelcommissie vier keer per jaar adviseert over bepaalde onderwerpen die het stadsdeel betreffen. Dit stadsdeelpanel gaat uit gelote burgers bestaan. Aanvullend daarop wil het college nader onderzoek doen naar de mogelijkheid en wenselijkheid om de stadsdeelcommissie voor een deel uit gelote burgers te laten bestaan. • Versterken van de relatie tussen de gekozen stadsdeelcommissies en de raad. • Vergroten van de invloed van de bewoners door het versterken van de participatie en door het lokaal bestuur een stevige positie en duidelijker rol in de participatie te geven. • Vanaf 16 jaar kunnen Amsterdammers kiezen of zich verkiesbaar stellen en Amsterdammers van buiten de EU met een geldige verblijfsvergunning krijgen deze rechten al nadat zij twee jaar in Nederland wonen. • Voor de korte termijn wil het college inzetten op verbetering van de adviesprocedure voor stadsdeelcommissies en versterking van de ondersteuning van stadsdeelcommissies.
In de hoofdlijnen zijn de wensen en suggesties van raad, stadsdeelbesturen, stadsdeelcommissies en Amsterdammers betrokken. Planning Het voorstel van het college betreft in deze fase nog een voorgenomen besluit. Ter voorbereiding van het definitief besluit worden wensen en suggesties met de raadscommissie besproken op 28 april. Ook wordt de input van Amsterdammers, stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies van 7 april tot 20 mei opgehaald. De reacties van de gemeenteraad, stadsdeelcommissies, stadsdeelbesturen en Amsterdammers op de voorgenomen hoofdlijnen worden vervolgens verwerkt in het definitief voorstel aan de raad voor de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Hierover besluit het college op 1 juni waarna het wordt voorgelegd aan de commissie KDD op 23 juni en aan de gemeenteraad op 7/8 juli 2021.
Na de vaststelling door de gemeenteraad van de hoofdlijnen voor het stelsel vanaf 2022, zullen de betreffende verordeningen in september worden voorgelegd voor besluitvorming. In de planning is rekening gehouden met het feit dat kandidaten en bureau Verkiezingen voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 zoveel mogelijk de tijd hebben om zich hierop voor te bereiden. Zij kunnen hun voorbereiding pas starten als de raad over de hoofdlijnen en de verordeningen heeft besloten.
Conceptadvies DB Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies Het dagelijks bestuur van stadsdeel West onderschrijft het breed gedragen bestuurlijk draagvlak voor meer zeggenschap van het lokaal bestuur (inclusief budget), duidelijke bevoegdheden, goede sturingsmogelijkheden, controle en tegenspraak op stadsdeelniveau en verbeterde invloed van de bewoners. Vanuit de gedachte dat dit bijdraagt aan democratische legitimatie op stedelijk én lokaal niveau en we op deze manier beter in positie zijn om invulling te geven aan de lokale opgave. Effectiviteit en responsiviteit zijn daarbij belangrijke waarden voor het dagelijks bestuur van West: willen onze taken naar behoren kunnen uitvoeren en kunnen inspelen op wat er leeft onder bewoners en nodig is in buurten. Daarbij is het eveneens belangrijk dat we onze werkwijze en keuzes goed kunnen uitleggen. Het dagelijks bestuur ondersteunt de voorstellen van het college in de hoofdlijnen dan ook van harte.
Ten behoeve van de uitwerking van de voorstellen dan wel in aanvulling op de hoofdlijnen van het college, adviseert het dagelijks bestuur van stadsdeel West het volgende: 1. Maak sturing op de ambtelijke organisatie en budgetten onderdeel van de heldere opdracht en takenpakket lokaal bestuur: Het college wil binnen de stedelijke kaderstelling de komende periode een heldere opdracht aan het lokaal bestuur nader uitwerken, met heldere verantwoordelijkheden en goede ambtelijke ondersteuning om die opdracht waar te kunnen maken en daartoe de benodigde taken en bevoegdheden helder af te bakenen. Het college noemt daarbij een aantal specifieke domeinen: – Het ruimtelijk domein (openbare ruimte en groen, Wabo-vergunningen, bestemmingsplannen en de nieuwe Omgevingswet); – Het sociaal domein (welzijn en zorg); – Gebiedsgericht werken; – De uitvoering van participatie met bijbeho-
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 62
rend (buurt)budget. Het dagelijks bestuur van West onderstreept het belang van heldere afspraken op deze domeinen, waarbij onze aandacht in het bijzonder uitgaat naar de sociale basis, de VTH-keten en de afval-keten. Ook benadrukt het dagelijks bestuur het belang van de mogelijkheid om te sturen op budgetten en om sturing te geven aan zowel de decentrale als centrale ambtelijke organisatie. Onderdeel daarvan is een passende invulling van bestuursondersteuning. 2. Kijk ook naar integrale gebiedsopgaven buiten de masterplannen bij de verbetering van de bestuurlijke sturing: Het college stelt o.a. voor om nieuwe praktijken voor gebiedsgericht werken te ontwikkelen door een aantal opgaven zoals de drie bestaande masterplannen (Zuidoost, Nieuw-West en centrum) onder de loep te nemen. Het dagelijks bestuur stelt voor om daarbij ook te kijken naar wat er nodig is voor de aansturing van integrale gebiedsopgaven in buurten zoals de Kolenkit Noord in West, de Dapperbuurt in Oost en de Diamantbuurt en de Marathonbuurt in Zuid. We kunnen ons voorstellen dat er gelijksoortige lessen te trekken zijn uit de masterplan-aanpakken en de aanpak van overige integrale gebiedsopgaven, maar ook dat er specifieke aandachtspunten naar voren zullen komen.
Bijvoorbeeld ten aanzien van verdeling van bestuurlijke verantwoordelijkheden, plan- en besluitvormingsprocessen en incidentele en structurele inzet van directies. 3. Model B heeft de voorkeur voor het bestuursmodel: Het college stelt voor om 2 kansrijke varianten nader te onderzoeken. Te weten: – Een lokaal bestuur op stadsdeelniveau met twee bestuurscommissies waarvan een commissie bestaat uit een door college of raad benoemd dagelijks bestuur en daarnaast een door de bewoners van het stadsdeel gekozen stadsdeelcommissie als bestuurscommissie (model B). – Een lokaal bestuur op stadsdeelniveau met één bestuurscommissie bestaande uit een gekozen stadsdeelcommissie en daarbinnen een door college of raad benoemd dagelijks bestuur (model D). Het dagelijks bestuur van stadsdeel West vindt dat het bestuursmodel volgend moet zijn op de nieuwe invulling van taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur (duidelijke mandaten en bevoegdheden, meer slagkracht) en de stadsdeelcommissie (controle en tegenspraak). In de ogen van het dagelijks bestuur past daarbij een duaal stelsel, met een scheiding in samenstelling, functies en bevoegdheden van het dagelijks bestuur aan de
ene kant en de stadsdeelcommissie aan de andere kant. Model B sluit daarbij het beste aan. Voor het functioneren van het gekozen bestuursmodel is het essentieel om taken, bevoegdheden en verhoudingen duidelijk uit te werken en vast te leggen in een verordening. Hoe de benoeming en het ontslag van het dagelijks bestuur wordt vormgegeven acht het dagelijks bestuur van West daarbij van secundair belang. 4. Versterken van de positie van de stadsdeelcommissie: Het dagelijks bestuur is net als het college van mening dat de positie van de stadsdeelcommissie versterking behoeft. Het gaat daarbij volgens het dagelijks bestuur om: – Een versterking van de ambtelijke ondersteuning van de stadsdeelcommissie. Daarbij zal ook onderzocht moeten worden wat een passende ambtelijke ondersteuning van het DB is. – Een verhoging van de vergoeding van de stadsdeelcommissie om hen beter in staat te stellen hun werk goed te doen. We vragen het college de vergoeding van de stadsdeelcommissieleden mee te nemen in het voorstel voor de volgende bestuursperiode. 5. Bouw eerst aan een nieuw stelstel en laat stadsdelen beslissen hoe de lokale democratie verder versterkt kan worden, al dan niet met loting van stadsdeelcommissieleden: het college onderzoekt de komende periode de mogelijkheid en wenselijkheid voor een gemengd samengestelde stadsdeelcommissie met gekozen en gelote leden.
Gelote leden van de stadsdeelcommissies kunnen dan voor een bepaalde periode aan de stadsdeelcommissie worden toegevoegd, waarna opnieuw geloot wordt. Het dagelijks bestuur van West heeft twijfels of de aard van het werk van de stadsdeelcommissie zich leent voor tijdelijk gelote leden en of loting bijdraagt aan een sterkere representatieve democratie. Bovendien vinden we het te kwetsbaar om parallel aan een nieuw stelsel aan de slag te gaan met gelote stadsdeelcommissieleden. We stellen daarom voor om eerst de nieuwe taak- en rolinvulling van de stadsdeelcommissies in de praktijk te brengen en te bouwen aan een sterke basis. Laat het vervolgens aan de stadsdelen om een vorm te kiezen om de betrokkenheid van bewoners bij de stadsdeelcommissie te vergroten, die aansluit bij de lokale situatie. Een geloot stadsdeelpanel dat de stadsdeelcommissie vier keer per jaar adviseert over specifieke onderwerpen die voor het stadsdeel van belang zijn ziet het dagelijks bestuur mogelijk wel als een goede aanvulling op het stelsel. We wachten de
resultaten van de pilot dan ook met belangstelling af. Tot slot benadrukt het dagelijks bestuur dat de doorvertaling van de voorstellen naar de praktijk en de samenwerkingscultuur uiteindelijk van doorslaggevend belang zijn voor het functioneren van het bestuurlijk stelsel. Het dagelijks bestuur kijkt uit naar de verdere uitwerking van de voorstellen en blijft graag betrokken om hier een bijdrage aan te leveren.
Advies stadsdeelcommissie Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 63
Het advies van de stadsdeelcommissie bestaat uit 3 delen (hieronder A, B en C): A. Bestuurlijk stelsel vanaf 2022, reactie op voorstel wethouder Groot Wassink Inleiding: De stadsdeelcommissie West geeft in meerderheid van de voorkeur aan een bestuurlijk stelsel dat uitgaat van het behoud van de nauwe samenwerking tussen College en stadsdeelbesturen op basis van collegialiteit, wederzijds respect en ondersteuning en de vorm heeft van een volksvertegenwoordiging met een bestuur dat daar aan verantwoording aflegt, zodat het sterk lijkt op dat van de hogere lagen van ons totale bestuurlijke stelsel – gemeente, provincie en Rijk - opdat de stadsdeelcommissie met haar dagelijks bestuur voor de burger begrijpelijk is. Dit valt grotendeels samen met het voorstel van de wethouder, met inachtneming van de hier onderstaande verbijzonderingen. Advies: 1. Een zodanige positionering van het dagelijks bestuur van een stadsdeel dat het zowel fungeert als verlengd bestuur van het College met haar verantwoordelijkheid voor de hele stad, én als bestuur dat de belangen van de bewoners van haar eigen stadsdeel behartigt. 2. Het mandateren van een stadsdeelbestuur tot het nemen van besluiten over en besteden van overgedragen budgetten voor onderdelen van portefeuilles, met name: a. Openbare ruimte en groen: voor die delen die niet behoren tot de hoofdnetten en hoofdstructuren.
*Daarbij wel een taak voor de leden van het DB als verlengd bestuur voor het opzetten en leiden van de participatieprocessen voor die hoofdnetten en hoofdstructuren.
b. Vergunningen, toezicht en handhaving. c. Reiniging en afvalinzameling d. Sociaal Domein: het lokale welzijnswerk (buurthuis-, jongerenwerk) voor zover zich dat richt op versterking van sociale cohesie en zelfredzaamheid bij de stadsdelen. e. Ruimtelijke ordening: bestemmingsplannen tenzij een zwaarwegend stedelijk belang, een uitbreiding of een (bijzondere) inrichting in het geding is. Indien deze overdracht stuit op wettelijke bezwaren zijn de stadsdelen in ieder geval verantwoordelijk voor de voorbereiding en participatie. 3. Organisatie: de overdracht van bevoegdheden en mandaten, inclusief die van het gebiedsgerichte werken, impliceert ook overdracht van expertise op die onderdelen. Zodat een eigen integraal functionerend, multidisciplinair ambtelijk team gevormd kan worden, dat deels aangehaakt blijft bij de centrale diensten en directies. 4. De stadsdeelcommissie bestaat uit een volksvertegenwoordiging en een dagelijks bestuur. 5. De benoeming van de leden van het dagelijks bestuur kan of door de stadsdeelcommissie zelf, of door de gemeenteraad. In een separaat advies spreekt de meerderheid van de stadsdeelcommissie West haar voorkeur uit.
6. Het agenderen van de vergaderingen van de stadsdeelcommissie ruimer formuleren in termen van een jaarlijkse frequentie van 24 bijeenkomsten per jaar waarvan er 4 door het Dagelijks Bestuur worden georganiseerd in het kader van kwartaalrapportages over voortgang gebiedsplannen, benevens de financiële jaarcyclus met begroting en rekening zoals die past bij een financieel mandaat. 7. Ondersteuning van de stadsdeelcommissie: bij toename van taken en mandaten moet de ondersteuning en facilitering van de stadsdeelcommissies worden uitgebreid opdat deze hun rol naar behoren kunnen vervullen. 8. Wij onderschrijven met klem de urgentie om de (rechts)positie van de stadsdeelcommissie te versterken. Geef ze meer controle over invulling van de agenda, type werkzaamheden en vormgeven van vergaderingen. Voer verplichte ‘verantwoordingsvergaderingen’ in per kwartaal waardoor voor bewoners en politici helder is wanneer verantwoording wordt afgelegd. Verhoog de SDC vergoeding wanneer de taken en werklast toeneemt. Neem Rotterdam als uitgangspunt. 9. Voer een budgetadviesrecht in voor SDC’s binnen het gebiedsbudget zodat SDC’s zelf accenten kunnen aanbrengen. 10. Geef meer aandacht voor de inbreng van bewo-
ners en SDC leden bij de formulering en invulling van gebiedsgericht werken en lokale opgaven.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 64
Afwijzingen: Enkele voorstellen en suggesties van de wethouder wijzen wij af: 1. Het instellen van een adviespanel van gelote burgers Op zich onderschrijft de ruime meerderheid van de stadsdeelcommissie West een vorm van klankbord vanuit burgers. Echter willen wij het terugbrengen tot een inspanningsverplichting om een vorm van klankbord te organiseren en stellen we voor de vorm vrij te laten. Daarbij kan een combinatie ontwikkeld worden van online en offline raadplegen van stadsdeelbewoners en ondernemers in het stadsdeel. 2. De suggestie van toevoegen van tijdelijke gelote leden aan de stadsdeelcommissie wijzen we af. Hierdoor ontstaan een verwarrende mix van participatieve en representatieve democratie. Voor het overige steunen we de voorstellen van de wethouder. Dit advies is met 14 stemmen voor, unaniem aangenomen.
A. De stadsdeelcommissie zoekt zelf kandidaten binnen en buiten de stadsdeelcommissie en benoemt die in een bestuur B. Het college zoekt geschikte kandidaten, met inachtneming van de sfeer en cultuur van de betreffende stadsdelen, en stellen die voor aan de stadsdeelcommissie die daarover een positief advies uitbrengt waarna de gemeenteraad overgaat tot benoeming. – In het eerste geval (a) kan een stadsdeelcommissie leden in een DB kan benoemen die stedelijk geen deel uit maken van een coalitie. Het is vrijwel niet te voorkomen dat dergelijke bestuurders volkomen klem komen te zitten tussen enerzijds hun verwachte loyaliteit aan het college en anderzijds hun loyaliteit aan zijn partij die daartegen oppositie voert. Advies: Ten behoeve van het vormen van de dagelijkse besturen van de gekozen stadsdeelcommissies stelt het College te benoemen kandidaten voor aan de stadsdeelcommissies die op basis van een verkennend gesprek een advies uitbrengen aan de gemeenteraad voordat deze overgaat tot benoeming van de kandidaten.
B. Benoeming dagelijks bestuur Inleiding: Wij achten de invloed van de burger van essentieel belang, maar in een stad als Amsterdam met zijn gelaagde bestuurlijke structuur loop je dan op tegen enkele dilemma’s met een risico op een patstelling tussen een stadsdeel en het stadsbestuur. Dat is wel het láátste wat de kiezer wil. Het is van belang de context van die gelaagdheid goed te onderkennen: • De kiezers kiezen een stedelijke volksvertegenwoordiging die het bestuur van de stad gaat vormen. • Een groot deel van de kiezers kiest daarnaast, of beter daarín, nog een volksvertegenwoordiging, voor het eigen stadsdeel. Om de zaken te regelen die zich dicht bij huis afspelen, zoals buurthuizen, groen en herprofilering van woonstraten. Om die reden is afbakening van taken en bevoegdheden van essentieel belang. • Die twee lagen moeten opereren als communicerende vaten. – De vraag is hoe je vanuit die context komt tot een bestuur op dat laagste niveau. In West resteren er na een eerste debat nog twee smaken:
Dit advies is aangenomen bij meerderheid van stemmen (9 voor, 5 tegen) C. Code goede bestuurlijke samenwerking Inleiding: Het is evident dat een vlotte en collegiale samenwerking tussen College en stadsdelen van groot belang is voor de stad. Uiteraard is een essentieel element van besturen het afwegen van belangen. Het laten prevaleren van het smalle ‘eigen’ belang van elke bestuurslaag kan die relatie ondermijnen en tot zand in de machine leiden. Uiteraard zijn grootstedelijke opgaven als woningbouw en de energietransitie bijzonder urgent. Maar te weinig ruimte voor lokaal maatwerk kan tot bezwaarprocedures leiden of tot politieke weerstand die contraproductief is. Om die reden stellen wij voor deze Amsterdamse situatie een gedragscode voor die leidend moet zijn voor het collegiaal besturen, en geen papieren tijger mag worden. Elementen hierin zijn minstens: • De bestuurders spreken uit zich te houden aan de uitgangspunten van collegiaal bestuur en respect voor het domein van de collega’s en onderschrijven expliciet deze code. • Dit houdt tevens in dat de bestuurders erop toe
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 65
zien dat ambtenaren vanuit die zelfde attitude samenwerken en de wil tot samenwerken vastgelegd wordt in functieprofielen. • Adviezen aan stadsdeelcommissies worden tijdig gevraagd en gebundeld aangeboden aan de gemeenteraad danwel College. • Adviezen van stadsdeelbesturen idem. • Stadsdeelbesturen zijn bij participatieprocessen in de stadsdelen waar het de belangen van burgers raakt leidend in het proces. • Bij het uniformeren van stedelijk beleid wordt voldoende bandbreedte ingebouwd voor lokaal maatwerk. • Op verzoek van stadsdeelcommissies komen wethouders verantwoording afleggen over genomen besluiten die gevoelig liggen en op maatschappelijke weerstand stuiten. • Adviezen van stadsdeelcommissies en van stadsdeelbesturen worden te allen tijde beantwoord, met beargumenteerde van een eventuele afwijzing.
Advies: Wij stellen het College voor om een code te ontwikkelen die de goede bestuurlijke samenwerking tussen het stadsbestuur en de stadsdeelbesturen kan borgen. Dit advies is aangenomen bij meerderheid van stemmen (12 voor, 2 blanc0)
Definitief advies DB Advies van het dagelijks bestuur aan het college van burgemeester en wethouders Het dagelijks bestuur en de stadsdeelcommissie kiezen ervoor om elk een eigen advies uit te brengen. Het definitief advies van het dagelijks bestuur is dan ook conform het hierboven beschreven conceptadvies.
P Stemverklaring / toevoeging aan agendapunt 6a Van: Schreuder, Sander Verzonden: woensdag 12 mei 2021 20:56 Aan: Bestuursondersteuning SDZO Onderwerp: Stemverklaring / toevoeging aan agendapunt 6a Beste bestuur ondersteuning, Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 66
Hierbij mijn stemverklaring/ toevoeging van agendapunt 6a, die mee kan worden gestuurd met het gezamenlijke document: Beste mensen, Hierbij onze toevoeging aan het document van de Stadsdeelcommissie Zuidoost: Democratischer en meer vertrouwen in de overheid? • Kijk dan naar wat er al is, aan participeren, meedoen, meedenken, etc. er al is. • Maak inzichtelijk wat er mee gebeurt, maak het zinvol om bewoners te vragen om hun tijd hieraan te besteden. • Schrap (schijn) participatie, waar het niet zinvol is, bijv. aan het einde van een proces waar de inbreng onmogelijk nog kan worden verwerkt of waar al voorgekookt/ bedacht is wie/ wat/ hoe, communiceer dat gewoon. • Breng het meedoen/ de adviesvraag helemaal naar voren in het proces. • Maak de voorwaarden helder en transparant, zodat bewoners/ organisaties, weten waar ze aan toe zijn. • Zorg ervoor dat voorwaarden niet achteraf kunnen worden aangepast, zodat bewoners/ organisaties kunnen worden afgewezen/ hun inbreng niet wordt meegenomen. • Maak inzichtelijk wie waarvoor verantwoordelijk is, ook voor een bepaalde service gerichtheid, waarbij bewoners nog zelden worden doorgestuurd. • te STOPPEN met de onnodige (en bijna perverse) drang, naar ‘iedereen’ te betrekken. Alsof het dan pas eerlijk is. En alsof dan pas bewoners gehoord hoeven te worden.
STOP • met steeds weer naar nieuwe ‘betrokken’ mensen te zoeken. • met mensen die vaker komen als ‘usual suspects’ ofwel de ‘gebruikelijke verdachten’ niet serieus te nemen. • ga eerst zorgen dat de al aanwezige betrokken bewoners ‘eerlijk’ gehoord worden, ga serieus in op hun zorgen, bedenkingen, boosheid, ideeën, en geef ook aan wat er mee gebeurd. • ideeën (op)pikken, betekent niet dat het idee dan draagvlak heeft. • draagvlak ‘creeëren/ zoeken. Het zegt niets over hoe goed, leuk of mooi een idee of initiatief is, al helemaal niet wat het resultaat is. VERANDER • kijk naar de resultaten, daadkracht, die zouden leidend moeten worden en niet (gecreëerde beeldvorming van) draagvlak • maak het simpel, is er iemand die het wil doen, past het binnen het beleid, heeft die een cv/ portfolio / reviews van wat die gedaan heeft en is er geld voor. Ga langs, vraag rond en kijk naar de resultaten. • voer ideeën in gezamenlijkheid uit, wees dienstbaar en faciliteer, als er om gevraagd wordt. • betrokken bewoners komen vanzelf wel op je af, als ze de kennis, kunde en tijd hebben (of een beetje van alles). • kijk ook hoe daar ambtenaren en de bewoners beter op elkaar ingewerkt kunnen worden. Ook binnen de organisatie is vaak nog onduidelijk wie waar over gaat, omdat de thema’s van de leefwereld, niet dezelfde zijn als de beleidswereld.
Veiligheid is in de buurt hetzelfde als de buurt leuker, gezelliger en mooier maken. • waardeer kennis en expertise, voor je eenmaal weet hoe het werkt en weet waar het beter kan, ben je 4 jaar verder. Bespiegeling van GL over Loting • waardeer kennis en expertise, voor je eenmaal weet hoe het werkt en weet waar het beter kan, ben je 4 jaar verder. Loting draagt hier niet aan bij. • Loting draagt 0 bij aan dienstbaar zijn aan de
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 67
burger en het herstellen van het vertrouwen in de politiek/ overheid. Eerder het tegenovergestelde. Het zorgt voor meer verwachtingen, meer verwarring, meer complexiteit, meer bureaucratie en meer teleurstelling. • Een ‘advies commissie proef’, met random mensen, die de stadsdeelcommissie gaat adviseren, hoe te adviseren? Wat is het doel, wat wordt de toegevoegde waarde? • Het logge (maar machtige) systeem lijkt op zoek te zijn naar een werkwijze, verpakt in het idee van ‘verbetering’, om in te kunnen gedijen. Het zou een misvatting zijn dat het ‘niet goed functioneren’ zo eerlijk en rechtmatig mogelijk moet worden gemaakt, want het veranderd niets aan het ‘niet goed functioneren’ maar houdt het juist in stand.
Ofwel er gebeurt niets, maar dat is wel zo afgesproken. Het functioneert niet, precies zoals is vastgesteld. Dus iedereen en dus niemand die er op aangesproken kan worden, want er gaat niets fout, waarbij er niets wordt geleerd en niets veranderd. Waardeer kennis en expertise, voor je eenmaal weet hoe het werkt en weet waar het beter kan, ben je 4 jaar verder. Succes! Met vriendelijke groet, Sander Schreuder Stadsdeelcommissie Zuidoost Bewoner Bijlmer Oost Lid van GroenLinks
Q Stemverklaring Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022 - VVD Fractie
Van: Jol, Arnoud Verzonden: woensdag 12 mei 2021 20:37 Aan: Bestuursondersteuning Onderwerp: FW: stemverklaring Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022 - VVD Fractie
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 68
De VVD Fractie stemt in met het advies inzake: Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022 Onze fractie is echter van mening dat de bijdrage van de Groenlinks fractie bij monde van mevrouw Grep opgenomen had moeten worden als stem verklaring en geen onderdeel is van dit advies. Wij hadden ook tegen dit advies kunnen stemmen op basis van deze gronden. Wij zijn echter van
mening dat het belangrijk is om als stadsdeelcommissie te adviseren op dit belangrijke thema met een breed draagvlak. Met deze reden hebben wij als fractie positief gestemd ten aanzien van dit advies maar nemen wij afstand van deze laatste alinea in het advies (bijdrage mevrouw Grep, Groenlinks). Deze bijdrage bevat naar ons inzicht een te weinig feitelijk onderbouwing en vrij veel opvattingen cq. gevoelens. Vooral termen als ‘integriteitsprobleem’ en ‘Stemvee’ vinden wij ongelukkig gekozen en verdienen een nadere uitleg. Arnoud Jol Wim van der Kamp Namens de VVD Amsterdam Zuidoost
R Adviesaanvraag B&W aan stadsdeelbestuur Zuid Invullen door directie:
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 69
Onderwerp adviesaanvraag:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Portefeuille:
Democratisering en bestuurlijk stelsel
Directie:
BMA
Datum behandeling college:
6 april 2021
Datum adviesaanvraag:
7 april 2021
Deadline ontvangst advies:
19 mei 2021
Advies mailen naar:
r.dijkhuizen@amsterdam.nl
Meegestuurde stukken:
Voorgenomen hoofdlijnen bestuurlijk stelsel vanaf 2022
Heeft er consultatie vooraf plaatsgevonden?
Stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies hebben in januari en februari van dit jaar wensen en suggesties mee kunnen geven naar aanleiding van het rapport Evaluatie Bestuurlijk Stelsel van Necker van Naem en Tilburg University. Van deze gelegenheid is door de meeste van hen gebruik gemaakt.
Invullen door stadsdeel: Stadsdeel:
Zuid
Procesbegeleider:
Mandy Hoepel (BMO) en Magda Jablonski (IAV)
Datum weekstart/staf:
10 mei 2021
Datum stadsdeelcommissie:
21 april 2021
Datum dagelijks bestuur:
11 mei 2021
Registratienr. (optioneel):
…
Over gevraagde adviezen: conform art. 12 van de verordening op het lokaal bestuur vraagt B&W advies aan een DB over besluiten die (lid 1) betrekking hebben op de taken en bevoegdheden van het DB of (lid 2) op de belangen van het stadsdeel. Het DB legt deze adviezen voor aan de stadsdeelcommissie (art. 19). Het DB neemt het advies van de stadsdeelcommissie over indien het is vastgesteld met een meerderheid van stemmen en binnen de budgettaire kader past (art. 19 lid 5). Afwijkingen van het advies motiveert het DB.
Adviesvraag B&W Adviesvraag Hierbij zend ik u namens het college de voorgenomen hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. In het voorgenomen besluit wordt aangegeven welke voorstellen het college doet voor verbeteringen in het huidige stelsel en voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Het college ziet graag uw advies op deze voorgenomen hoofdlijnen en deze voorstellen tegemoet.
Achtergrond en toelichting Op 27 november 2020 hebben het onderzoeksbureau Necker van Naem en Tilburg University hun rapport opgeleverd over de evaluatie van het bestuurlijk stelsel in Amsterdam. Het college herkent de knelpunten die uit het evaluatierapport naar voren komen over de werking van het bestuurlijk stelsel. Het college wil daarom een duidelijker mandaat voor het lokaal bestuur. Ook wil het college de mogelijkheden voor inwoners om mee te denken, mee te doen en mee te beslissen vergroten. Dit vraagt om verbeteringen in het bestuurlijk stelsel zelf, maar ook in de mogelijkheden voor participatie, ambtelijke organisatie en cultuur. Het college stelt daarom in de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022 de volgende veranderingen voor: • Een duidelijke opdracht en stevig mandaat op een aantal helder omschreven taken aan benoemde stadsdeelbestuurders die zich hierover verantwoorden aan gekozen stadsdeelcommissies.
Bijlagen bij uitkomsten inspraak en participatie voorgenomen hoofdlijnen Bestuurlijk Stelsel vanaf 2022 70
• Versterken van de relatie tussen de kiezers en de stadsdeelcommissie. Met een duidelijke opdracht aan de stadsdeelcommissie: zij sturen op de te stellen kaders en controleren het dagelijks bestuur, ook in de uitvoering van participatie. Zo kunnen zij het lokale belang beter vertegenwoordigen. • Om de betrokkenheid van bewoners te vergroten wil het college als proef een stadsdeelpanel instellen dat de stadsdeelcommissie vier keer per jaar adviseert over bepaalde onderwerpen die het stadsdeel betreffen. Dit stadsdeelpanel gaat uit gelote burgers bestaan. Aanvullend daarop wil het college nader onderzoek doen naar de mogelijkheid en wenselijkheid om de stadsdeelcommissie voor een deel uit gelote burgers te laten bestaan. • Versterken van de relatie tussen de gekozen stadsdeelcommissies en de raad. • Vergroten van de invloed van de bewoners door het versterken van de participatie en door het lokaal bestuur een stevige positie en duidelijker rol in de participatie te geven. • Vanaf 16 jaar kunnen Amsterdammers kiezen of zich verkiesbaar stellen en Amsterdammers van buiten de EU met een geldige verblijfsvergunning krijgen deze rechten al nadat zij twee jaar in Nederland wonen. • Voor de korte termijn wil het college inzetten op verbetering van de adviesprocedure voor stadsdeelcommissies en versterking van de ondersteuning van stadsdeelcommissies.
In de hoofdlijnen zijn de wensen en suggesties van raad, stadsdeelbesturen, stadsdeelcommissies en Amsterdammers betrokken. Planning Het voorstel van het college betreft in deze fase nog een voorgenomen besluit. Ter voorbereiding van het definitief besluit worden wensen en suggesties met de raadscommissie besproken op 28 april. Ook wordt de input van Amsterdammers, stadsdeelbesturen en stadsdeelcommissies van 7 april tot 20 mei opgehaald. De reacties van de gemeenteraad, stadsdeelcommissies, stadsdeelbesturen en Amsterdammers op de voorgenomen hoofdlijnen worden vervolgens verwerkt in het definitief voorstel aan de raad voor de hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Hierover besluit het college op 1 juni waarna het wordt voorgelegd aan de commissie KDD op 23 juni en aan de gemeenteraad op 7/8 juli 2021.
Na de vaststelling door de gemeenteraad van de hoofdlijnen voor het stelsel vanaf 2022, zullen de betreffende verordeningen in september worden voorgelegd voor besluitvorming. In de planning is rekening gehouden met het feit dat kandidaten en bureau Verkiezingen voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 zoveel mogelijk de tijd hebben om zich hierop voor te bereiden. Zij kunnen hun voorbereiding pas starten als de raad over de hoofdlijnen en de verordeningen heeft besloten.
Conceptadvies DB Het dagelijks bestuur formuleert hier t.b.v. de stadsdeelcommissievergadering een conceptadvies Het dagelijks bestuur heeft geen conceptadvies uitgebracht. Stadsdeelcommissieleden hebben meegewerkt aan de evaluatie en hebben daarin een bijdrage gegeven vanuit een eigen perspectief. Het dagelijks bestuur hecht er waarde aan dat in dit proces de stadsdeelcommissie onafhankelijk advies uitbrengt.
Advies stadsdeelcommissie Advies van de stadsdeelcommissie aan het DB De uitgangspunten voor het bestuurlijk stelsel dat per 2014 werd ingesteld luidden: 1. De maatschappelijke opgave staat centraal 2. Eén Amsterdam met differentiatie in beleid en uitvoering 3. Democratische legitimatie op stedelijk en lokaal niveau 4. Toegankelijk en afrekenbaar bestuur 5. Een compacte ambtelijke organisatie die snel, flexibel, daadkrachtig en efficiënt handelt Deze uitgangspunten bleven van belang bij de invoering van het nieuwe bestuurlijk stelsel per 2018, maar zijn aangevuld met een vijftal verbeterpunten. Deze verbeterpunten vormen daarmee een aanvulling op – en deels aanscherping van – de bestaande uitgangspunten. De verbeterpunten zijn: 1. Meer ruimte voor participatieve democratie 2. Beter uitlegbaar voor inwoners 3. Beter aansluiten tussen gebied en beleid 4. Betere samenwerking 5. Bestuursstijl die naar buiten is gericht Gezamenlijk vormen deze tien punten de meetlat waarlangs het huidige bestuurlijk stelsel door het onderzoeksbureau Necker en van Naem is gewaardeerd. Het zijn ook de punten waarlangs de voorstellen voor het aanpassen van het bestuurlijk stelsel gelegd moeten worden.