Onderzoek Tussen duurzaam denken en duurzaam doen.pdf
Tekst van het document
Hun gemiddelden liggen hoger dan 4 (neutraal). En voor een aantal groepen hoger dan 5 (een beetje eens). Hun gemiddelden liggen lager dan 4 (neutraal).
81
H ouding , gedrag en de rol van religie
Figuur 6.4 Samenhang tussen veranderbereidheid en christelijke denominatie (n = 900, modelgebaseerde gemiddelden)a,b,c
rooms-katholiek Protestantse Kerk in Nederland orthodox-gereformeerd baptisten-, pinkster- en evangelische gemeenten bevindelijk gereformeerd
scp.nl
anders
3,0
3,2
3,4
3,6
3,8
4,0
a Basis = respondenten van een christelijke denominatie (n = 900): Rooms-katholiek: n = 43, protestants (PKN, of niet nader gespecificeerd): n = 287, orthodox-gereformeerd: n = 72, baptisten-, pinkster- en evangelische gemeenten en internationale christelijke kerken: n = 48, bevindelijk gereformeerd: n = 34, anders: n = 20. b Modelgebaseerde gemiddelden met foutbalken (een standaardfout boven en onder het gemiddelde). Gecorrigeerd voor verschillen in sociaal-demografische kenmerken. c In dit model zijn leeftijd, geslacht, opleiding, gestandaardiseerd netto huishoudinkomen, stedelijkheid en huishoudenssamenstelling meegenomen als controlevariabelen. Bron: SCP/LISS (BoD’23)
Uit de resultaten blijkt geen verschil in veranderbereid tussen rooms-katholieke en protestantse christenen (zie figuur 6.3 en 6.4). Mensen zonder religieuze overtuiging hebben een significant lagere veranderbereidheid dan christenen, ook na controle voor verschillen in sociaal-demografische kenmerken. Moslims hebben eveneens een lagere veranderbereidheid dan christenen, maar dit verschil verdwijnt wanneer we rekening houden met verschillen in sociaal-demografische kenmerken. Verder inzoomend op protestants-christelijke denominaties zien we geen significante verschillen in veranderbereidheid tussen PKN’ers, orthodoxgereformeerden, bevindelijk gereformeerden en leden van baptisten-, pinkster- en evangelische gemeenten en internationale christelijke kerken (zie figuur 6.4). Ook zijn er verbanden tussen geloofsopvattingen en veranderbereidheid, in de voorspelde richting (zie figuur 6.5). Mensen die de mens sterker als rentmeester van de natuur zien, zijn meer bereid om zich in de toekomst duurzamer te gaan gedragen. Mensen die de mens sterker als heerser over de natuur zien, zijn juist minder bereid (zie figuur 6.9). Daarnaast zien we een marginaal significant positief verband tussen de geloofsopvatting dat mens en natuur intrinsiek verbonden zijn en de veranderbereidheid.
De veranderbereidheid hangt niet significant samen met de mate waarin mensen een verband leggen tussen klimaatverandering en de eindtijd.
82
H ouding , gedrag en de rol van religie
Figuur 6.5 Samenhang tussen veranderbereidheid en geloofsopvattingen, 2023 (n = 1097, schaal 1-6)a,b,c,d
verbondenheid met de natuur laag gemiddeld hoog rentmeesterschap laag gemiddeld hoog heerschappij laag gemiddeld hoog eindtijd laag gemiddeld
scp.nl
hoog
3,0
3,2
3,4
3,6
3,8
4,0
a Basis = respondenten die zichzelf tot een bepaalde religie of levensbeschouwing rekenen (n = 1097). b Modelgebaseerde gemiddelden met foutbalken (een standaardfout boven en onder het gemiddelde). c Laag = 1 standaarddeviatie onder de gemiddelde score op de geloofsopvatting, hoog = 1 standaarddeviatie boven de gemiddelde score op de geloofsopvatting. d In dit model zijn leeftijd, geslacht, opleiding, gestandaardiseerd netto huishoudinkomen, stedelijkheid en huishoudenssamenstelling meegenomen als controlevariabelen. Bron: SCP/LISS (BoD’23)
Uit een vervolganalyse blijkt dat er significante verschillen bestaan tussen mensen met en zonder religieuze overtuiging, en tussen rooms-katholieke en protestantse christenen en aanhangers van andere religies in hoe zij reageren op a) welke organisatie de oproep tot gedragsverandering doet (figuur 6.6), en b) wat mensen in de sociale omgeving vinden van het duurzame gedrag (figuur 6.7; zie bijlage A.6.2 voor de modelresultaten). Zo zijn mensen zonder religieuze overtuiging het meest geneigd hun gedrag te veranderen wanneer een oproep hiertoe gedaan wordt door wetenschappers en het minst wanneer kerken dat doen, al zijn de verschillen in absolute zin zeer klein (zie figuur 6.6). Rooms-katholieken en mensen met een religieuze overtuiging die geen (geïnstitutionaliseerde) religie aanhangen lijken iets meer geneigd hun gedrag aan te passen wanneer de overheid deze oproep doet dan wanneer maatschappelijke organisaties deze oproep doen; wetenschappers en kerken zitten tussen de overheid en maatschappelijke organisaties in.
83
H ouding , gedrag en de rol van religie
Figuur 6.6 Effect van type organisatie die oproep tot gedragsverandering doet op veranderbereidheid, naar religie, 2023 (n = 3342, schaal 1-6)a,b 4,0
3,8
3,6
3,4
scp.nl
3,2
3,0 niet religieus
religieus, geen religie
overheid
wetenschappers
christelijk, rooms-katholiek
christelijk, protestants of anders
maatschappelijke organisaties
islamitisch
andere religie
kerken
a Basis = alle respondenten (n = 3342). b Modelgebaseerde gemiddelden met foutbalken (een standaardfout boven en onder het gemiddelde). Bron: SCP/LISS (BoD’23)
Ook zijn er kleine verschillen in de mate waarin mensen met verschillende religieuze overtuigingen de houding van mensen in hun sociale omgeving laten meewegen in hun beslissingen om hun gedrag al dan niet te veranderen. De resultaten, weergegeven in figuur 6.7, suggereren dat protestantse christenen en mensen zonder religieuze overtuiging iets meer rekening houden met wat de sociale omgeving van het duurzame gedrag vindt dan andere groepen.
84
H ouding , gedrag en de rol van religie
Figuur 6.7 Veranderbereidheid sociale omgeving ten opzichte van duurzaam gedrag, naar religie, 2023 (n = 3342, schaal 1-6)a,b 4,0
3,8
3,6
3,4
scp.nl
3,2
3,0 niet religieus
negatief
religieus, geen religie
christelijk, rooms-katholiek
christelijk, protestants of anders
islamitisch
andere religie
positief
a Basis = alle respondenten (n =3342). b Modelgebaseerde gemiddelden met foutbalken (een standaardfout boven en onder het gemiddelde). Bron: SCP/LISS (BoD’23)
6.8 Conclusie Geloofsopvattingen en persoonlijke waarden doen ertoe De geloofsopvattingen die mensen hebben ten aanzien van de relatie tussen mens en natuur beïnvloeden de doelen die ze nastreven in het leven (persoonlijke waarden) en andersom. Daarbij hangen de geloofs overtuiging dat mens en natuur intrinsiek met elkaar verbonden zijn en biosferische waarden het sterkst met elkaar samen. De resultaten suggereren dat geloofsopvattingen en persoonlijke waarden zowel directe invloeden hebben op klimaatgerelateerde opvattingen en gedrag, als invloeden via elkaar, en dat de (unieke) invloeden van geloofsopvattingen en persoonlijke waarden van vergelijkbare sterkte zijn. Gelovigen met een sterkere opvatting van de mens als rentmeester van de natuur hebben een hogere mate van probleembesef en een hogere waargenomen uitkomst- en zelfeffectiviteit. Ze geven vaker aan zich duurzamer te gedragen en zijn minder bezorgd over klimaatmaatregelen. Voor gelovigen die de mens sterker als heerser over de natuur beschouwen, geldt juist het tegenovergestelde. Verder hebben gelovigen die mens en natuur als inherent verbonden zien, net als gelovigen die de mens als rentmeester zien, meer probleembesef en een hogere waargenomen zelfeffectiviteit. Deze geloofsopvatting (van mens en natuur verbonden) hangt echter niet samen met duurzamer gedrag.
Tot slot zagen we, in tegenstelling tot de verwachting, dat probleembesef en waargenomen zelfeffectiviteit toenemen naarmate mensen een duidelijker verband leggen tussen klimaatverandering en de eindtijd. Deze geloofsopvattingen zijn niet direct te koppelen aan specifieke religieuze groepen, maar komen verspreid voor. Dit maakt dat we een zwakke samenhang zien tussen houding en gedrag ten aanzien van klimaat en de specifieke religieuze groepen, maar wel een sterke samenhang tussen houding en gedrag, en de inhoud van het geloof. Dat geloof sturing geeft aan leefstijl wordt door een deel van de religieuze
85
H ouding , gedrag en de rol van religie
mensen ook bewust zo beleefd. Dit geldt gemiddeld genomen wel voor moslims, protestanten en religieuzen zonder institutionele religie, maar juist niet voor rooms-katholieken en mensen met een andere religie. Deze invloed vindt ook langs de lijn van het onbewuste plaats. Dit hebben we naar voren gehaald via vignettenonderzoek. Of het nu gaat om het risico op natuurrampen, om beleid of de sociale omgeving: religieus zijn maakt gevoeliger voor de invloed van deze factoren op (gedrags)afwegingen die raken aan klimaat. Mensen zonder religieuze overtuiging lijken minder bereid hun leefstijl aan te passen en lijken minder gevoelig voor deze invloeden dan protestanten, rooms-katholieken of moslims. Opnieuw zien we dat het vooral de inhoud van het geloof is dat verschil maakt in veranderbereidheid. Mensen zonder religieuze overtuiging lijken wel gevoeliger voor oproepen van wetenschappers. Voor rooms-katholieken geldt dit juist voor oproepen van de overheid en voor protestanten voor wat hun sociale omgeving van duurzaam gedrag vindt.
Intenties versus gedrag bij religieuze en niet-religieuze mensen Duurzame opvattingen impliceren nog geen duurzaam gedrag. Er is sprake van een intention-behaviour gap, in de context van duurzaamheid ook wel green gap genoemd. Dat wil zeggen dat de overtuiging dat klimaatverandering bestaat en dat men kan bijdragen aan het tegengaan ervan zich lang niet altijd vertaalt naar duurzaam gedrag (zie bv. Gleim en Lawson 2014). Binnen sommige groepen gaan meer probleembesef, een hogere waargenomen zelfeffectiviteit en meer duurzaam gedrag samen. Het gaat hierbij om ouderen (vs. jongeren), vrouwen (vs. mannen) en mensen die in meer (vs. minder) stedelijke gebieden wonen.37 In andere groepen zien we geen (sterke) relatie tussen opvattingen en gedrag. Zo lijken jongeren zich, net als ouderen, wel zorgen te maken over klimaatverandering, maar hebben zij minder het gevoel zelf iets te kunnen doen tegen klimaatverandering en gedragen zij zich ook minder duurzaam. Vergelijkbaar hiermee hebben hbo- en wo-opgeleiden, vergeleken met mensen met een andere opleiding, weliswaar meer probleembesef en (wel) een hogere waargenomen zelfeffectiviteit, maar vertaalt dit zich nauwelijks in duurzamer gedrag.
Binnen inkomensgroepen zien we zelfs een negatieve relatie tussen opvattingen en gedrag: een lager inkomen of meer moeite met rondkomen gaat over het algemeen samen met minder probleembesef en een lagere waargenomen zelfeffectiviteit, maar tegelijkertijd ook met duurzamer gedrag. Dit gedrag wordt vooral ingegeven door motieven van financiële aard. Opvallend is tot slot dat de groepen die zich nu al vaker duurzaam gedragen, namelijk ouderen, vrouwen, mensen met lage tot gemiddelde inkomens en mensen die in steden wonen, over het algemeen ook eerder bereid zijn hun gedrag te veranderen.
37
Zie de figuren A.6.4 tot en met A.6.9 in de bijlagen, waarin deze informatie is samengevat.
86
H ouding , gedrag en de rol van religie
Literatuur
Abumoghli, I. (2023). The Role of Religions, Values, Ethics, and Spiritual Responsibility in Environmental Governance and Achieving the Sustainable Development Agenda. In: Religion and Development, jg. 1, p. 1-11. Ajzen, I. (1991). The theory of planned behavior. In: Organizational behavior and human decision processes, jg. 50, nr. 2, p. 179-211. Arbuckle, M.B. en D.M. Konisky (2015). The role of religion in environmental attitudes. In: Social Science Quarterly, jg. 96, nr. 5, p. 1244-1263. Arli, D., P. van Esch en Y. Cui (2023). Who cares more about the environment, those with an intrinsic, an extrinsic, a quest, or an atheistic religious orientation? Investigating the effect of religious ad appeals on attitudes toward the environment. In: Journal of Business Ethics, jg. 185, nr. 2, p. 427-448. Armstrong, K. (2022). De heilige natuur: Hoe we de relatie met onze natuurlijke omgeving kunnen herstellen. Amsterdam: Het Getij, Querido Facto. Ateş, H. (2020). Merging theory of planned behavior and value identity personal norm model to explain pro-environmental behaviors. In: Sustainable Production and Consumption, jg. 24, p. 169-180. Bamberg, S. en G. Möser (2007). Twenty years after Hines, Hungerford, and Tomera: A new meta-analysis of psycho-social determinants of pro-environmental behaviour. In: Journal of Environmental Psychology, jg. 27, nr.1, p. 14-25. Barker, D.C. en D.H.
Bearce (2013). End-times theology, the shadow of the future, and public resistance to addressing global climate change. In: Political Research Quarterly, jg. 66, nr. 2, p. 267-279. Belk, R. (1988). Possessions and the extended self. In: Journal of Consumer Research, jg. 15, nr. 2, p. 139-168. Bernauer, T. en L.F. McGrath (2016). Simple reframing unlikely to boost Public Support for Climate Policy. In: Nature Climate Change, jg. 6, nr. 7, p. 680-683. Bigliardi, B., D. Campisi, G. Ferraro, S. Filippelli, F. Galati en A. Petroni (2020). The intention to purchase recycled products: Towards an integrative theoretical framework. In: Sustainability, jg. 12, nr. 22, p. 1-20. Bockarjova, M. en L. Steg (2014). Can Protection Motivation Theory predict pro-environmental behavior? Explaining the adoption of electric vehicles in the Netherlands. In: Global Environmental Change, jg. 28, p. 276-288. Bommel, M. van, J.W. van Prooijen, H. Elffers en P.A. van Lange (2012). Be aware to care: Public self-awareness leads to a reversal of the bystander effect. In: Journal of Experimental Social Psychology, jg. 48, nr. 4, p. 926-930. Boyd, H.H. (1999). Christianity and the environment in the American public. In: Journal for the Scientific Study of Religion, p. 36-44. CBS (2023). Klimaatverandering en energietransitie. Opvattingen en gedrag van Nederlanders in 2023.
Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek. Dalen, H. van en K. Henkens (2019). Het veranderde klimaat over klimaatverandering. In: Demos: bulletin over bevolking en samenleving, jg. 35, nr. 4, p. 1-4. Darley, J.M. en B. Latané (1968). Group Inhibition of Bystander Intervention in Emergencies. In: Journal of Personality and Social Psychology, jg. 10, nr. 3, p. 215-221. Devine-Wright, P. (2013). Think global, act local? The relevance of place attachments and place identities in a climate changed world. In: Global Environmental Change, jg. 23, nr.1, p. 61-69. Dominicis, S. de, P.W. Schultz en M. Bonaiuto (2017). Protecting the environment for self-interested reasons: Altruism is not the only pathway to sustainability. In: Frontiers in Psychology, jg. 8, art. 1065. Fawaka Nederland (2017). Inclusieve Duurzaamheid: Een Verkenning naar Duurzaam Gedrag bij Nederlands met en zonder Migratieachtergrond. Amsterdam: Fawaka Nederland. Geurkink, B. en E. Miltenburg (2023). Somber over de samenleving? Een studie naar verschillen in maatschappelijk onbehagen in Nederland. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Gifford, R. en A. Nilsson (2014). Personal and social factors that influence pro environmental concern and behaviour: A review. In: International Journal of Psychology, jg. 49, nr. 3, p. 141-157. Gkargkavouzi, A., G. Halkos en S. Matsiori (2019).
Environmental behavior in a private-sphere context: Integrating theories of planned behavior and value belief norm, self-identity and habit. In: Resources, Conservation and Recycling, jg. 148, p. 145-156. 87
L iteratuur
Gleim, M. en S. J. Lawson (2014). Spanning the gap: an examination of the factors leading to the green gap. In: Journal of Consumer Marketing, jg. 31, nr. 6/7, p. 503-514. Hansla, A., A. Gamble, A. Juliusson, T. Gärling (2008). The relationships between awareness of consequences, environmental concern, and value orientations. In: Journal of Environmental Psychology, jg. 28, nr.1, p. 1-9. Hayes, B.C. en M. Marangudakis (2000). Religion and environmental issues within Anglo-American democracies. In: Review of Religious Research, jg. 42, nr. 2, p. 159-174. Hense, E., T. Bernts en J. Kregting (2019). Groene activiteiten: Een impuls voor parochies en samenleving. Nijmegen: Radboud Universiteit. I&O Research (2022). Christenen en klimaat. Opinieonderzoek I&O Research i.o.v. Nederlands Dagblad en Groene Kerken. Amsterdam: I&O. IPCC (2022). Climate Change 2022: Impacts, Adaptation and Vulnerability. Contribution of Working Group II to the Sixth Assessment Report of the Intergovernmental Panel on Climate Change. Cambridge/New York: Cambridge University Press. IPCC (2023). Climate Change 2023: Synthesis Report, Summary for Policymakers. Cambridge/New York: Cambridge University Press. Johnson, E.W. en P. Schwadel (2019). It is not a cohort thing: interrogating the relationship between age, cohort, and support for the environment. In: Environment and Behavior, jg. 51, nr. 7, p. 879-901.
Johnson, K.A., R.L. Liu, E.A. Minton, D.E. Bartholomew, M. Peterson, A.B. Cohen en J. Kees (2017). US citizens’ representations of God and support for sustainability policies. In: Journal of Public Policy & Marketing, jg. 36, nr. 2, p. 362-378. Jones, R.E. en R.E. Dunlap (1992). The social bases of environmental concern: Have they changed over time? In: Rural Sociology, jg. 57, nr. 1, p. 28-47. Kalamas, M., M. Cleveland en M. Laroche (2014). Pro-environmental behaviors for thee but not for me: Green giants, green Gods, and external environmental locus of control. In: Journal of Business Research, jg. 67, nr. 2, p. 12-22. Kim, Y.G., E. Woo en J. Nam (2018). Sharing economy perspective on an integrative framework of the NAM and TPB. In: International Journal of Hospitality Management, jg. 72, p. 109-117. Kloosterman, R., M. Akkermans C. Reep, M. Wingen, H. Molnár-In ’t Veld en J. van Beuningen (2021). Klimaatverandering en energietransitie: opvattingen en gedrag van Nederlanders in 2020. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek. Kluizenaar, Y. de en P. Flore (2021). Klimaataanpak: Toekomstbepalende keuzes voor onze samenleving. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. KNMI (2023). VN-klimaatpanel IPCC: Aanpak klimaatverandering en beperken gevolgen urgenter dan ooit.
Geraadpleegd 20 februari 2024 via www.knmi.nl/over-het-knmi/nieuws/ vn-klimaatpanel-ipcc-aanpak-klimaatverandering-en-beperken-gevolgen-urgenter-dan-ooit. Kollmuss, A. en J. Agyeman (2002). Mind the Gap: Why do people act environmentally and what are the barriers to pro-environmental behavior? In: Environmental Education Research, jg. 8, nr. 3, p. 239-260. Konisky, D.M. (2018). The greening of Christianity? A study of environmental attitudes over time. In: Environmental Politics, jg. 27, nr. 2, p. 267-291. Leary, R.B., E.A. Minton en J.D. Mittelstaedt (2016). Thou shall not? The influence of religion on beliefs of stewardship and dominion, sustainable behaviors, and marketing systems. In: Journal of Macromarketing, jg. 36, nr. 4, p. 457-470. Levine, M. en S. Crowther (2008). The responsive bystander: How social group membership and group size can encourage as well as inhibit bystander intervention. In: Journal of Personality and Social Psychology, jg. 95, nr. 6, p. 1429-1439. Lindenberg, S. en L. Steg (2007). Normative, gain and hedonic goal frames guiding environmental behavior. Journal of Social Issues, jg. 63, nr. 1, p. 117-137. Lorenzini, J., G.A. Monsch en J. Rosset (2021). Challenging climate strikers’ youthfulness: The evolution of the generational gap in environmental attitudes since 1999. In: Frontiers in political science, jg. 3, p. 1-12. Meneau, L.K. en J.
Moorthy (2022). Struggling to make ends meet: can consumer financial behaviors improve? In: International Journal of Bank Marketing, jg. 40, nr. 2, p. 263-296. Middelkoop, M. van, S. van Polen, R. Holtkamp en F. Bonnerman (2018). Meten met twee maten. Een studie naar de betaalbaarheid van de energierekening van huishoudens. Den Haag: Planbureau voor de Leefomgeving.
88
L iteratuur
Milfont, T.L. en C.G. Sibley (2016). Empathic and social dominance orientations help explain gender differences in environmentalism: A one-year Bayesian mediation analysis. In: Personality and individual differences, jg. 90, p. 85-88. Milieu Centraal (z.d.). Klimaatklappers. Geraadpleegd 20 februari 2024 via www.milieucentraal.nl/klimaat-enaarde/klimaatverandering/klimaatklappers. Milieu Centraal (2023). Factsheet CO2-voetafdruk huishoudens. Geraadpleegd 20 februari 2024 via www.milieucentraal.nl/media/tqojovzu/factsheet-co2-voetafdruk-huishoudens.pdf. Minton, E.A., L.R. Kahle en C.H. Kim (2015). Religion and motives for sustainable behaviors: A cross-cultural comparison and contrast. In: Journal of Business Research, jg. 68, nr. 9, p. 1937-1944. Minton, E.A., H.J. Xie, E. Gurel Atay en L.R. Kahle (2018). Greening up because of god: The relations among religion, sustainable consumption and subjective well being. In: International Journal of Consumer Studies, jg. 42, nr. 6, p. 655-663. Morrison, M., R. Duncan en K. Parton (2015). Religion does matter for climate change attitudes and behavior. In: PLOS One, jg. 10, nr. 8, art. e0134868. Motivaction (2019). Duurzaamheid in Nederland: Houding, beleving en gedrag van verschillende doelgroepen. Onderzoek in opdracht van de Raad voor de leefomgeving en Infrastructuur. Den Haag: Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
Motivaction (2023). Flitspeiling jongeren over klimaat. Den Haag: Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Orellano, A., C. Valor en E. Chuvieco (2020). The influence of religion on sustainable consumption: A systematic review and future research agenda. In: Sustainability, jg. 12, nr. 19, p. 1-21. PBL (2023). Klimaat- en Energieverkenning 2023. Ramingen van broeikasgasemissies, hernieuwbare energie en energiebesparing op hoofdlijnen. Den Haag: Planbureau voor de Leefomgeving. Poortinga, W., L. Whitmarsh, L. Steg, G. Böhm en S. Fisher (2019). Climate change perceptions and their individual-level determinants: A cross-European analysis. In: Global environmental change, jg. 55, p. 25-35. Raad van Kerken in Nederland (1988). Een verbond voor het leven: een geloofsbrief over gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping. Amersfoort: De Horstink. Rijksoverheid (2024). Klimaatbeleid. Geraadpleegd 21 maart 2024 via www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/ klimaatverandering/klimaatbeleid. Rogers, R. W. (1983). Cognitive and physiological processes in fear appeals and attitude change: A revised theory of protection motivation. In: Social psychology: A source book, p. 153-176. Sachdeva, S. (2016). Religious identity, beliefs, and views about climate change. In: Oxford research encyclopedia of climate science (doi.org/10.1093/acrefore/9780190228620.013.335). Scholte, S., Y.
de Kluizenaar, T. de Wilde, A. Steenbekkers, C. Carabain (2020). Op weg naar aardgasvrij wonen. De energietransitie vanuit burgerperspectief. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Schwartz, S.H. (1977). Normative Influences on Altruism. In: Advances in Experimental Social Psychology, jg. 10, p. 221-279. Shin, F. en J.L. Preston (2021). Green as the gospel: The power of stewardship messages to improve climate change attitudes. In: Psychology of Religion and Spirituality, jg. 13, nr. 4, p. 437-447. Steentjes, K., H. te Molder en P. Hooimeijer (2018). Turning Crisis into Opportunity; Navigating and Negotiating towards an energy-sustainable future. In: Areo, jg. 50, nr. 1, p. 97-104. Steg, L., en J. de Groot (2010). Explaining prosocial intentions: Testing causal relationships in the norm activation model. In: British Journal of Social Psychology, jg. 49, nr. 4, p. 725-743. Steg, L. en A. Nordlund (2018). Theories to explain environmental behaviour. In: L. Steg en J.I.M. de Groot (red.), Environmental Psychology: an introduction (p. 217-227). Oxford: Wiley. Steg, L. en C. Vlek (2009). Encouraging pro-environmental behaviour: An integrative review and research agenda. In: Journal of Environmental Psychology, jg. 29, nr. 3, p. 309-317. Stern, P.C. (2000). New environmental theories: toward a coherent theory of environmentally significant behavior.
In: Journal of Social Issues, jg. 56, nr. 3, p. 407-424. Tarakeshwar, N., A.B. Swank, K.I. Pargament en A. Mahoney (2001). The sanctification of nature and theological conservatism: A study of opposing religious correlates of environmentalism. In: Review of Religious Research, p. 387-404. Taylor, A.L., S. Dessai en W.B. de Bruin (2014). Public perception of climate risk and adaptation in the UK: A review of the literature. In: Climate Risk Management, jg. 4, p. 1-16. TK (2021/2022). Kabinetsinzet burgerfora bij klimaat- en energiebeleid. Brief van de minister voor Klimaat en Energie van 4 juli 2022. Tweede Kamer, vergaderjaar 2021/2022, 32813, nr. 1084. 89
L iteratuur
TK (2022/2023). Appreciatie resultaten gedragsscan beleidsprogramma Klimaat. Brief van 11 november 2022 van de minister voor Economische Zaken en Klimaat aan Tweede Kamer. Tweede Kamer, vergaderjaar 2022/2023, 32813, nr. 1117. Tyler, T.R. (2006). Psychological Perspectives on Legitimacy and Legitimation. In: Annual Review of Psychology, jg. 57, p. 375-400. White, L. (1967). The historical roots of our ecologic crisis. In: Science, jg. 155, p. 1203-1207. Witt, S. de en H. Schmeets (2018). Milieu en duurzame energie: Opvattingen en gedrag. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek. WRR (2023). Rechtvaardigheid in klimaatbeleid. Over de verdeling van klimaatkosten. Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. WUR (z.d.). Dossier Vleesconsumptie. Wageningen: Wageningen University & Research. Geraadpleegd 15 april 2024 via www.wur.nl/nl/dossiers/dossier/vleesconsumptie.htm. Xiao, C., R.E. Dunlap en D. Hong (2019). Ecological worldview as the central component of environmental concern: Clarifying the role of the NEP. In: Society & Natural Resources, jg. 32, nr. 1, p. 53-72. Zelezny, L. C., P.P. Chua en C. Aldrich (2000). New ways of thinking about environmentalism: Elaborating on gender differences in environmentalism. In: Journal of Social issues, jg. 56, nr.3, p. 443-457. Ziel, T. van der (2021). Groene activiteiten. Een impuls voor kerken en samenleving.
Ede: Christelijke Hogeschool Ede.
90
L iteratuur
Dit is een uitgave van: Sociaal en Cultureel Planbureau Postbus 16164 2500 BD Den Haag www.scp.nl info@scp.nl
Protestantse Theologische Universiteit De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam www.pthu.nl communicatie@pthu.nl