CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV).pdf

Raadscommissie Woningbouw en Volkshuisvesting 27 november 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV) (VN2024-015976)21.630 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Doel 3

< 3 maanden

Doelgroepen

Doel 2

Statushouders

De woningen voor het PHKG (30% van de totale jaarlijkse sociale verhuringen) worden via directe bemiddeling verdeeld over drie doelgroepen naar rato van de huidige wachtlijsten. Binnen die groepen worden de best passende matches gemaakt naar gezinsgrootte en woonbehoefteprofiel. In 2023 zijn 1.976 woningen toegewezen aan deelnemers van het PHKG. De verdeling ziet er als volgt uit:

Doel 1

Voor alle doelgroepen geldt dat de wachttijd korter lijkt dan dat deze in werkelijkheid is. Zo worden statushouders gekoppeld aan de gemeente door het COA, waar zij al een tijd in een asielzoekerscentrum verblijven, en staan huishoudens die vallen onder ‘Wonen met begeleiding’ eerst op een wachtlijst bij een zorgaanbieder. Er is dus een wachttijd voor het verkrijgen van een urgentie voor een woning en de wachttijd na het verkrijgen van een urgentie.

Wonen zonder begeleiding

Wat we doen

Samenvatting

In 2023 is 26% van het aanbod van de sociale huurwoningen van corporaties toegewezen aan de doelgroepen van het Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen. Hoelang de verschillende doelgroepen moeten wachten op een woning na het verstrekken van urgentie varieert. 87% van de statushouders kreeg binnen 3 maanden een woning toegewezen. Personen die wonen met begeleiding kregen in 71% van de gevallen binnen 3 maanden een woning. Personen die wonen zonder begeleiding moeten het langst wachten op een woning. In 24% van de gevallen kregen zij binnen 3 maanden een woning toegewezen. Meer dan 40% van hen moest meer dan 6 maanden wachten. Dit komt vooral omdat er op de wachtlijst veel grote gezinnen staan die een gelijkvloerse woning nodig hebben en deze woningen zijn schaars. Meer informatie over de resultaten van het PHKG in 2023 staan in deze Raadsinformatiebrief.

Figuur 10. Wachttijd na het verstrekken van urgentie voor de verschillende doelgroepen PHKG, 2023 (%)

Voorwoord

Gerichte toewijzing van woningen aan de meest kwetsbaren

In de Woondeal MRA staat de doelstelling dat alle gemeenten in de MRA moeten toegroeien naar minimaal 30% sociale voorraad (fair share).

De gemeente, woningcorporaties en zorgaanbieders hebben een succesvolle samenwerking opgezet met het Programma Huisvesting Kwetsbare Groepen (PHKG). Gezamenlijk zetten we ons in voor het ontwikkelen van alternatieve woonvormen voor mensen in een kwetsbare situatie die al dan niet (intensieve) begeleiding nodig hebben. In de volgende AAV monitor wordt hierover gerapporteerd.

Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Indicatoren

28

Doel 7

In samenwerking met de woningcorporaties zetten we vol in op vroegsignalering, waardoor het aantal uitzettingen minimaal is. Vanaf 2024 worden bij deze samenwerking ook de zorgaanbieders aangehaakt, dit loopt via het PHKG.

Doel 6

Wat we doen

Amsterdam omarmt de doelstelling van het kabinet om meer regie te voeren op volkshuisvesting en ziet dit als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van Rijk, provincies en gemeenten. Inzet is dat de essentie van het wetsvoorstel overeind blijft. Dat houdt in dat elke gemeente een redelijk aandeel neemt in de bouwopgave van sociale huur en dat de huisvesting van aandachtsgroepen evenwichtiger wordt verdeeld en niet langer op de schouders van een beperkt aantal gemeenten rust.

Doel 5

In 2023 zijn er 35 corporatiewoningen ontruimd om financiële redenen. Dat is vergelijkbaar met eerdere jaren (zie Jaarbericht AFWC 2024). We hebben geen zicht op huisuitzettingen wegens betaalachterstanden in de particuliere huursector.

Daarnaast komt het kabinet met een voorstel voor de Wet versterking regie volkshuisvesting. Deze wet moet ervoor zorgen dat de rijksoverheid meer dan de regie kan voeren op waar en voor wie er wordt gebouwd. In het regeerakkoord wordt de nieuwbouwambitie van twee derde betaalbaar, waarvan 30% sociale huur onderschreven. Het is onduidelijk hoeveel ruimte gemeenten krijgen om af te wijken van deze verdeling.

Doel 4

Wat we doen

Doel 3

Wat we doen

Doel 2

Er zijn verschillende redenen waardoor mensen dak ofthuisloos worden. Naar schatting zijn er 15.731 personen dak- of thuisloos of dreigend dakloos in AmsterdamAmstelland. Daarnaast zitten 3.543 personen in de langdurige opvang. Dit blijkt uit een recente inventarisatie van de gemeente. We hebben echter niet iedereen in beeld en niet al deze (dreigend) daklozen wachten op een woning in Amsterdam. Het werkelijke aantal dak- en thuislozen is dan ook hoger. Dak- en thuisloosheid wordt veroorzaakt door verschillende redenen. Meer details over verschillende soorten dakloosheid zijn te vinden in de factsheet Dakthuisloosheid in beeld Q1 2024. In 2025 maakt Amsterdam samen met acht andere regio´s deel uit van een uitgebreid onderzoek naar dak- en thuisloosheid in Nederland.

Doel 1

Realiseren van alternatieve woonoplossingen

Samenvatting

Harde regionale en landelijke afspraken over voldoende sociale huisvesting per gemeente op basis van fair share

Voorwoord

Geen dakloosheid door huisuitzettingen in Amsterdam veroorzaakt door financiële problemen

Voorwoord

Passender wonen

Samenvatting

Doel 4

Doel 1 Doel 2 Doel 6 Doel 7 Indicatoren Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Doel 5

29

Een steeds groter deel van de Amsterdamse bevolking zal door deze vergrijzing een woning nodig hebben die geschikt is om oud in te worden, doordat deze bijvoorbeeld gelijkvloers is. Omdat ouderen langer zelfstandig moeten wonen en de zorgvraag door de vergrijzing toeneemt, moet de woning ook geschikt zijn om zorg in te ontvangen. Hierdoor is de opgave voor geclusterde ouderenwoningen met een ontmoetingsruimte groot. Aan de andere kant is het voor jonge gezinnen juist moeilijk een geschikte gezinswoning te vinden in Amsterdam.

Doel 4

Amsterdammers wonen lang niet allemaal in een woning die past bij hun levensfase of zorgvraag. De komende jaren zullen steeds meer Amsterdammers op leeftijd zijn. Het aantal Amsterdammers van 65+ en ouder neemt naar verwachting toe van 123.200 op 1 januari 2023 naar 190.500 in 2050 (zie bevolkings­ prognoses O&S). Dat is een toename van ruim 67.300. Hoe ouder mensen zijn, hoe meer hulp en zorg zij nodig hebben. Volgens de laatste Amsterdamse bevolkingsprognoses zal de grootste toename plaatsvinden binnen de leeftijdscategorie 75 - 84 jaar. Ook het aantal 85-plussers, de oudste categorie met de grootste zorgvraag, zal toenemen.

Doel 3

Passend wonen in Amsterdam

Voorwoord

Passendheid en verhuiswensen

Doel 2 Doel 3 Doel 4

Wanneer een woning vrijkomt, komt er een verhuisketen op gang. Het huishouden dat naar deze woning verhuist, laat mogelijk een andere woning achter, die weer vrijkomt voor een andere woningzoekende. Bij een lange verhuisketen komen er meerdere woningen vrij en is er een grotere kans dat huishoudens doorstromen naar een meer passende woning. Lange verhuisketens komen over het algemeen op gang wanneer een grote woning vrij komt. Maar uit het onderzoeksrapport blijkt dat met name huishoudens die krap wonen willen verhuizen. De verhuisgeneigdheid onder ruimwonende huishoudens is daarentegen een stuk kleiner. Omdat deze groep toch te bewegen is ‘Samen werken aan doorstroming’ daarom ook één van de doelen om te zorgen voor meer passende woningen.

Doel 1 Doel 5 Doel 6

Uit het onderzoeksrapport ‘Doorstroming op de woningmarkt: Passendheid in perspectief’ blijkt dat iets minder dan 10% van de huishoudens krap woont. Daarbij is passendheid gemeten aan de hand van het gebruiksoppervlak van een woning en hoe dat in verhouding staat tot het aantal mensen in het huishouden. Het percentage huishoudens dat zelf vindt dat het te klein woont is met 13% iets groter (zie figuur 11). Volgens dit onderzoek woont daarnaast iets meer dan de helft van de huishoudens ruim. Terwijl maar 14% van de huishoudens zelf aangeeft (te) ruim te wonen. Dit geeft aan dat huishoudens een voorkeur hebben voor relatief grote woningen. Het is dan ook niet verrassend dat een van de meest genoemde reden om te willen verhuizen is dat huishoudens groter willen wonen. Dit is voor bijna de helft van de huishoudens die aangeven te willen verhuizen het geval. Daarentegen geeft nog geen 5% aan kleiner te willen wonen.

Gezinnen vinden vaker dat ze te klein wonen dan alleenstaanden. Uit het onderzoeksrapport blijkt ook dat grotere huishoudens vaker krap wonen. Stellen met kinderen geven dan ook het vaakst aan groter te willen wonen als ze zouden verhuizen.

Samenvatting

Om ervoor te zorgen dat meer mensen passend wonen moet de woningmarkt in beweging komen. Veel Amsterdammers willen verhuizen. Zo geeft 34% van de Amsterdamse huishoudens aan zeker binnen twee jaar te willen verhuizen. Nog eens 30% wil dit misschien. Het grootste deel wil graag in Amsterdam blijven wonen en bijna driekwart wil binnen de stad verhuizen. Uit daadwerkelijke verhuisbewegingen blijkt dat de meeste verhuizingen inderdaad plaatsvinden binnen Amsterdam.

Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

30

Voorwoord

Verhaal uit de stad

Doel 2 Doel 3 Doel 4 Doel 5

Het voortouw is genomen door Omnibus, Stichting Bewonersparticipatie Osdorperhof, woningcorporatie en eigenaar Rochdale, zorgorganisatie Cordaan, zorgverzekeraar Zilveren Kruis en de gemeente. Ook is welzijns­ organisatie Stichting Combiwel erbij betrokken. In het complex bevindt zich een huisartsenpraktijk en er is een ruimte voor fysiotherapie. Daarnaast bezit het gebouw een grote ontmoetingsruimte met restaurant en er is dagbesteding in het gebouw.

“De gemeente heeft diverse rollen binnen het project”, vertelt beleidsadviseur Marian die namens de directie Wonen deelneemt aan het projectteam Osdorperhof. “Als gemeente ondersteunen we het project van de Lang Leven Thuisflats financieel, zodat er meer Lang Leven Thuisflats ontstaan. Ook proberen we belemmeringen waar je bij de realisatie van zo’n project tegen aanloopt, zo snel mogelijk op te lossen. Daarnaast zoeken we actief mee naar andere locaties in de stad die in de toekomst geschikt zijn om tot Lang Leven Thuisflats te ontwikkelen. Ik ervaar het als ontzettend fijn en waardevol om hieraan mee te mogen werken”.

Doel 1

In Amsterdam hebben woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties en de gemeente de handen ineengeslagen in het project Lang Leven Thuisflats. Samen met bewoners veranderen zij bestaande corporatiecomplexen in veilige en prettige woongemeenschappen voor ouderen, ook als er een (zware) zorgvraag ontstaat. Dit alles met als doel dat ouderen langer zelfstandig thuis kunnen wonen. Er wordt voor de bewoners die dat willen, een vast zorgteam opgericht om te zorgen dat er dagelijks vaste gezichten aan zorgprofessionals naar de flat rijden om zorg te verlenen.

Samenvatting

Lang Leven Thuisflat De Osdorperhof

Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

31

Voorwoord

Alle Amsterdammers hebben in 2040 een woning die past bij hun zorgvraag en levensfase.

Figuur 13: 65+ huishoudens, naar toegankelijkheid woning, 2023 (%) 10

Op de korte termijn zijn er voor de periode 2023-2027 drie doelen geformuleerd om dit te realiseren. Per doel lichten we toe wat we doen om het doel te bereiken en hoe het er op dit moment voor staat.

Doel 1

20 39

Gelijkvloers, geen externe trap

Gelijkvloers, externe trap

Niet gelijkvloers, geen externe trap

Niet gelijkvloers, externe trap

Bron: Wonen in Amsterdam 2023

Figuur 14: 65+ huishoudens, is de woning geschikt om oud in te worden, 2023 (%)

Doel 5

ee n hu pe ish rso ou on de sst el n z ki on nd d er er en st ee el n me ki t nd tw ee ki ste nd l m er et en dr ie st ki el ee nde me re t n m oud n et e ee rg e m e et en n ki zin tw ou nd e ee e k der in ge no ud de zin r e dr rg en ie ez ki in nd m er et en

31

Doel 4

100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

Doel 7

55 24

Ja

ja, na enige aanpassingen aan de woning

Nee

Indicatoren

Naast gezinnen zijn ook ouderen een belangrijke doelgroep als het gaat om passend wonen. Circa 60% van de huishoudens met één of meer ouderen (65+) woont in een woning die niet volledig gelijkvloers is. Toch denkt meer dan de helft dat de huidige woning geschikt is om oud in te worden. 20% vindt de woning ongeschikt en een kwart denkt dat met enige aanpassingen de woning geschikt is te maken.

Doel 6

20

Bron: Doorstroming op de woningmarkt: Passendheid in perspectief.

Doel 3

Uit het onderzoek ‘Doorstroming op de woningmarkt: Passendheid in perspectief’ blijkt dat van alle huishoudens in Amsterdam ongeveer 91% passend of ruim woont. Dit percentage is lager voor huishoudens met kinderen. Hoe groter het gezin, hoe vaker het niet passend woont. Zo woont een stel met één kind in 90% van de gevallen passend of ruim, maar daalt dit tot ongeveer 80% voor stellen met twee kinderen. Eenoudergezinnen wonen vaker niet passend. Zo woont nog geen 70% van de eenoudergezinnen met twee kinderen passend of ruim.

Figuur 12. Percentage huishoudens dat passend of ruim woont naar huishoudenssamenstelling, 2023 (%)

Doel 2

Meer passende woningen voor alle doelgroepen

Samenvatting

Streven 2040 en subdoelen 2023-2027

Bron: Wonen in Amsterdam 2023

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

32

Voorwoord

Wat we doen

2023

2023

sociale geclusterde woningen

jongerenwoningen

+ 112

+ 843 2023

zelfstandige sociale huurwoningen

studentenwoningen

+ 38

+ 428

Doel 4

Eerste helft 2024

Doel 3

In 2023 zijn 843 jongeren woningen en 428 studenten­ woningen in aanbouw genomen. In de eerste helft van 2024 zijn geen jongeren- of studentenwoningen in aanbouw genomen. Voor de tweede helft van 2024 staan nog 356 jongeren- en studentenwoningen (permanent en zelfstandig) in de planvoorraad en 311 jongerenwoningen (tijdelijke woningen).

Studenten en -jongerenwoningen

Doel 2 Doel 5 Doel 6

2023

rolstoelwoningen

Bron: Woningbouwplan 2022-2028: Jaarrapportage 2023,

Indicatoren

+6

Doel 7

Voor het bouwen van de ‘goede mix’ is gewerkt aan een nieuwe werkwijze voor het gebiedsgericht programmeren en prioriteren van woningen voor doelgroepen. Een belangrijk hulpmiddel hierbij is het werken met gebieds­ profielen en doelgroepprofielen. Hierin wordt op gebiedsniveau inzichtelijk gemaakt hoe de toe te voegen nieuwbouwwoningen zich verhouden tot de al aanwezige woningvoorraad. Dit gebeurt op basis van data over de plancapaciteit en bestaande voorraad. Dit geeft een beeld van de verhoudingen in het gebied. Eind 2024 zijn de gebieds- en doelgroepprofielen gereed.

In 2023 is er door corporaties gestart met de bouw van 122 sociale geclusterde ouderenwoningen. In de eerste helft van 2024 is de bouw gestart van nog eens 38 zelfstandige sociale huurwoningen voor ouderen en voor de tweede helft van dit jaar staat de start bouw van 136 geclusterde ouderenwoningen gepland.

Woningen voor ouderen

Doel 1

In de nieuwbouw worden zoveel mogelijk passende woningen voor verschillende doelgroepen gerealiseerd. Hierbij gaat het om de woningen voor doelgroepen met specifieke bouwvormen die in het woningbouwplan 2022-2028 benoemd worden: geclusterde ouderenwoningen, jongeren- en studentenwoningen en rolstoelwoningen. De overige doelgroepen, zoals gezinnen en maatschappelijke beroepen kunnen terecht in de reguliere nieuwbouw. Voor gezinnen geldt uiteraard wel dat de woning groot genoeg moet zijn voor het huishouden.

Prioritering en afweging tussen doelgroepen zal – net als nu – op basis van het doorlopen van de stappen in het planen besluitvormingsproces ruimtelijke maatregelen (Plaberum). Via de rapportages over het Woningbouwplan 2022-2028 wordt over de voortgang van de bouwproductie van geclusterde ouderenwoningen, jongeren- en studentenwoningen en rolstoelwoningen gerapporteerd.

Samenvatting

In de prestatieafspraken 2024-2027 is afgesproken dat verkoop, splitsing of liberalisatie van grote woningen (> 100 m2) in de sociale woningvoorraad van woningcorporaties niet mogelijk is (nee, tenzij). Hiervoor is een afwegingskader opgesteld. Om rolstoelwoningen in de bestaande woningvoorraad te houden is een vergelijkbare afspraak in de prestatieafspraken vastgelegd: verkoop, splitsing of liberalisatie van rolstoelwoningen in de sociale woningvoorraad van woningcorporaties is niet mogelijk, evenals de verkoop of splitsing van rolstoelwoningen in het midden of vrije segment.

Halfjaarrapportage 2024

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

33

Totaal 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

< 40m²

40-55m²

55-70m²

70-90m²

>= 90M²

Bron: Basisregistratie Adressen en gebouwen (BAG)

1423 84

2598

25

0-40 m2

40-60 m2

60-80 m2

80-100 m2

Bron: Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC)

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

34

>100m2

Indicatoren

Woningen

Doel 7

3510

Doel 6

Ten slotte zijn we, samen met De Alliantie, gestart met een pilot voor een modelwoning. Deze modelwoning biedt senioren de mogelijkheid om op hun eigen tempo en meerdere keren een seniorenwoning te bezichtigen voordat zij besluiten te verhuizen naar een geschikte woning. Hiermee stellen we de behoefte van de Amsterdammer centraal en hanteren we een benadering die vanuit de buurt denkt. Deze manier van denken nemen we mee in de verdere ontwikkeling van de Aanpak Doorstroming.

Doel 5

Figuur 16: Aantal vrijkomende sociale huurwoningen van corporaties per oppervlakteklasse, 2023

Koop

Doel 4

Dure huur

Doel 3

Middeldure huur

Doel 2

Met name het vrijkomen van grote woningen brengt lange verhuisketens, en daarmee doorstroming, op gang. Alleen binnen de corporatievoorraad kunnen we monitoren hoe groot woningen zijn die vrijkomen. Het grootste deel van de woningen dat in 2023 is vrijgekomen is kleiner dan 60m2. Er zijn 84 woningen vrijgekomen tussen 80-100 m2, en 25 woningen groter dan 100m2.

Sociale huur

In Amsterdam werken we al meer dan 20 jaar met de verhuisregelingen ‘Van Groot naar Beter’ en ‘Van Hoog naar Laag’. Deze regelingen stimuleren Amsterdammers om te verhuizen naar een woning die beter past bij hun huidige situatie, waardoor grotere woningen beschikbaar komen voor gezinnen. In 2024 zijn deze verhuisregelingen geëvalueerd en deze worden verder uitgewerkt om ze efficiënter en effectiever te benutten. Daarnaast zijn de bewonerscoaches van de Wildemanbuurt ook in andere wijken ingezet, zoals in de Ruys van Beerenbrouckbuurt, om de doorstroming op de woningmarkt te bevorderen.

Doel 1

Figuur 15: Woningdifferentiatie van in aanbouw genomen woningen, 2023 (%)

Ruim 60% van de op WoningNet geadverteerde woningen die in 2023 verhuurd zijn is aangeboden met voorrang voor Van Groot naar Beter en/of Van Hoog naar Laag. Deze regelingen hebben als doel om ouderen passender te laten wonen, en daarmee tegelijkertijd doorstroming op gang te laten komen. Uiteindelijk is slechts 6% van deze aangeboden woningen verhuurd aan een kandidaat met voorrang via deze regelingen. Dat komt neer op 82 woningen die verhuurd zijn aan kandidaten met Van Groot naar Beter en 70 aan kandidaten met Van Hoog naar Laag (Jaarbericht AFWC 2024).

Om beter inzicht te krijgen in doorstroming is er onderzoek gedaan naar kansen voor doorstroming in Amsterdam, waarin centraal staat wat passende huisvesting is, in welke mate Amsterdamse huishoudens passend wonen en welke verhuisketens het meest kansrijk zijn om op gang te laten komen. De uitkomsten van het onderzoek staan beschreven in het rapport ‘Doorstroming op de woningmarkt: Passendheid in perspectief’ en worden meegenomen in de aanpak doorstroming.

Samenvatting

De gemiddelde grootte van nieuwbouwwoningen was ca. 63 m² in 2023. Woningen met een oppervlakte geschikt voor gezinnen worden in 2023 vooral gebouwd in het koop- en dure huursegment. In de koopsector is 60% van de in 2023 in aanbouw genomen woningen groter dan 70 m2 en 45% is groter dan 90 m2. In de sociale huur is dit percentage ongeveer 10%. De sociale huur in 2023 bestaat voor bijna de helft uit jongeren- en studentenwoningen.

Wat we doen

Voorwoord

Samen werken aan doorstroming

Doel 4 Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Lang Leven Thuisflats is een initiatief om in grote complexen van corporaties met veel ouderen, een zorgteam op te zetten met als doel ook langer thuis wonen met (zware) zorg mogelijk te maken als ook welzijnsactiviteiten toe te voegen. In een Lang Leven Thuisflat en/of - buurt werken een woningcorporatie, een zorgpartij, een welzijnsorganisatie samen om een flat of buurt flat ‘seniorproof’ te maken. Samen met de bewoners kijken zij waar de oudere bewoners tegenaan lopen bij het dagelijks leven en wat hen helpt om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen blijven wonen. Voor elf locaties zijn er inmiddels concrete plannen. Het gaat daarbij om zo’n 1.600 woningen. Deels met subsidie van het Rijk is in de tweede helft van 2024 het aantal Lang Leven Thuisflats uitgebreid naar 20 flats.

In de Uitvoeringsagenda Ouderenhuisvesting 2024-2027, staat in detail beschreven welke maatregelen de komende periode worden uitgevoerd. Medio 2025 wordt via de voortgangsrapportage ouderenhuisvesting gerapporteerd over de resultaten. Dit zal jaarlijks gebeuren.

Doel 3

1 (ruim onvoldoende) tot 10 (ruim voldoende)

Via de aanpak routekaart Zorghuisvesting zijn we in 2023 gezamenlijk met het zorgkantoor, corporaties en zorgaanbieders een verkenning gestart naar de plannen voor behoud en transformatie van de bestaande 60 verpleeghuizen in de stad en te bekijken waar verdichting met (zorggeschikte) geclusterde woningen voor ouderen mogelijk is. Dit heeft geresulteerd in een interactieve kaart ouderenhuisvesting met informatie over spreiding, contextfactoren, gebruik, zorg, fysieke staat (duurzaamheid) en geplande of gewenste ontwikkelingen. De kaart geeft inzicht in de bestaande verpleeghuiscapaciteit en de potentie van een locatie tot uitbreiding met geclusterde ouderenwoningen en mogelijke doorontwikkeling tot woonzorgcirkel.

Niet alle ouderen met een zorgvraag willen geclusterd wonen. Daarom is de ambitie om tot 2027 ook minimaal zes woonzorgcirkels voor ouderen te realiseren. Een woonzorgcirkel houdt in dat rond een 24-uurs zorgvoorziening, zoals bijvoorbeeld een verpleeghuis of Lang Leven Thuisflat (LLTF), woningen gerealiseerd worden die geschikt zijn voor ouderen meteen zorgvraag. Eind 2023 zijn, in de masterplangebieden, de eerste drie pilots met woonzorgcirkels voor ouderen van start gegaan.

Doel 2

3,8 tot 5,5 5,5 tot 6 6 tot 6,5 6,5 tot 7 7 tot 7,6

Via diverse initiatieven werken we aan het realiseren van huisvesting voor ouderen, waarbij de combinatie gemaakt wordt met zorg en welzijnsactiviteiten. Deze initiatieven dragen eraan bij dat ouderen langer zelfstandig kunnen wonen, de zorgvraag uitgesteld wordt en dat zorg efficiënter geleverd kan worden door meer clustering.

Doel 1

Figuur 17. Tevredenheid met aanbod aan zorgvoorzieningen in de buurt (65+), 2023

Wat we doen

Samenvatting

Het aantal ouderen in Amsterdam neemt toe (zie ook Doel 4 ‘Passender wonen’). Steeds meer ouderen wonen daarnaast langer thuis. Zorg wordt daarom steeds vaker aan huis of in de buurt geleverd. Gemiddeld geven 65+ers een rapportcijfer 6,7 voor het aanbod aan zorgvoorzieningen in de buurt. In 2017 was dit nog een 7,4. Ouderen lijken dus iets minder tevreden te zijn geworden. Er zijn duidelijke verschillen tussen wijken in de tevredenheid met het aanbod aan zorgvoorzieningen in de buurt. In Aetsveld/ Oostelijke Vechtoever, Geuzenveld, Burgwallen, Chassebuurt, Haarlemmerbuurt, Omval/Overamstel, Betondorp, Tuindorp Oostzaan, Noordelijke Ij-oevers west, Volewijck, Nellestijn en Driemond zijn bewoners relatief ontevreden over het aanbod aan zorgvoorzieningen.

Voorwoord

Wonen met zorg nabij

Bron: Wonen in Amsterdam 2023

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

35

Samenvatting Doel 1 Doel 2

Duurzame woningen van goede kwaliteit

Voorwoord

Doel 5

Doel 3 Doel 5 Doel 6 Doel 7

Een veilige, gezonde en toekomstbestendige woning is een basisbehoefte voor bewoners en belangrijk voor de leefbaarheid in de stad. In het WiA onderzoek is gevraagd naar de staat van het onderhoud van de woning. Het meest genoemde aspect om de woning te verbeteren is dat er maatregelen nodig zijn tegen warmteverlies bij kou. Dit wordt gevolgd door maatregelen tegen lawaai tussen woningen en maatregelen tegen hitte.

Doel 4

Grote verduurzamingsopgave

Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

36

Doel 2

Er is een sterke samenhang tussen gebrekkige energiezuinigheid en achterstallig onderhoud. In de praktijk kan de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad niet volledig worden losgekoppeld van andere aspecten van woningkwaliteit, zoals de algemene staat van onderhoud, het inspelen op nieuwe inzichten over gezondheid en veiligheid, en het zorgen voor isolatiemaatregelen die de bestaande bouwkwaliteit niet aantasten (bijv. goede ventilatie).

Doel 1 Doel 3

Uitgangspunt van het isolatieoffensief is ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ waarmee het college toewerkt naar een meer klimaatrechtvaardigheid in de energietransitie. De gemeente zet extra middelen in om isolatiemaatregelen te nemen in slecht geïsoleerde woningen in buurten waar de bewoners dit het hardst nodig hebben. Er zijn 165 buurten waar veel of grote sociaal maatschappelijke opgaven zijn. Veel van deze buurten liggen in Zuidoost, Nieuw-West en Noord. In de overige buurten van de stad stimuleert de gemeente eigenaren door in te zetten op een basisaanbod met goede informatievoorziening. Deze en andere acties en resultaten staan verder toegelicht in de Raadsinformatiebrief ´Voortgang van het Isolatieoffensief 2023-2024’.

Relatie duurzaamheid en andere woning-kwalitatieve aspecten

Samenvatting

Om de woningvoorraad van Amsterdam te verduurzamen ondersteunt het college, met het Amsterdamse isolatieoffensief, woningeigenaren en bewoners van Amsterdam om energie te besparen door het aanpassen van de woning aan de eisen van deze tijd. In oktober 2023 is het uitvoeringsplan voor het isolatieoffensief gepubliceerd.

Voorwoord

Amsterdam staat voor een grote verduurzamingsopgave van de woningvoorraad. Niet alleen om de kwaliteit en wooncomfort van woningen te verbeteren, maar ook om energieverbruik omlaag te brengen. In slecht geïsoleerde woningen kunnen de energiekosten hoog oplopen. In 2022 zijn de prijzen van energie gestegen. Ruim 4 op de 5 huishoudens in Amsterdam geeft dan ook aan dat hun energierekening sindsdien gestegen is. Om energiekosten te drukken is het belangrijk om woningen te verduurzamen. Ongeveer 75% van de huishoudens geeft aan dat ze hun woning op een manier willen (laten) verduurzamen. 10% heeft geen behoefte aan betere verduurzaming en 14% geeft aan de woning al duurzaam genoeg te vinden. De meest genoemde manier om de woning te willen verduurzamen is het (laten) installeren van zonnepanelen, gevolgd door het plaatsen van beter glas en het overstappen van gas naar elektriciteit. Uit onderzoek van TNO en het CBS blijkt echter dat in 2023 ongeveer 17% van de huishoudens in Amsterdam een woning heeft met een lage energetische kwaliteit maar daarnaast ook weinig mogelijkheden om te investeren in verduurzaming.

Doel 4 Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

37

Voorwoord

Verhaal uit de stad

Doel 3 Doel 4

De vve’s zijn vergevorderd in het proces. Zij staan op het punt om samen met de aannemer de bedragen vast te stellen. Als dit is gedaan, toetst een kostendeskundige de prijzen om ervoor te zorgen dat ze marktconform zijn. Synopel bespreekt dan de laatste details van het project met het projectteam. Hierin zitten de aannemer, het bestuur en een procesmanager. We verwachten dat de vve’s in november een definitieve keuze maken. Dan kunnen de vve’s de leningen en de subsidies aanvragen. Halverwege 2025 worden de werkzaamheden uitgevoerd.

Doel 2 Doel 5 Doel 6

Het haalbaarheidsonderzoek voor deze vve’s is uitgevoerd door Architecten­ bureau Synopel en was gericht op de verbetering van gevel, dak en vloer. Synopel heeft het energieverbruik van de vve’s in kaart gebracht en beoordeelt of de installaties van de gebouwen aan vervanging of verbetering toe waren. Daarnaast heeft Synopel een cursus verzorgd voor de bestuurs­ leden van de vve’s. Deze cursus is verplicht voor vve’s die een haalbaarheids­ onderzoek krijgen toegewezen via ons team vve-aanpak. In drie cursusdelen worden vve-leden op weg geholpen naar een goed plan voor verduurzaming van het gebouw en het motiveren van de medebewoners.

Team vve-aanpak heeft het bestuur van de vve’s apart voorlichting gegeven over de impact die verduurzaming op het bestuur gaat hebben, subsidies, het proces en hoe voor draagvlak van zoveel mogelijk vve-leden te zorgen.

Doel 1

Het begon met een ventilatieprobleem dat leidde tot vocht- en schimmelplekken. Dit was voor vve Venser blok 5 en vve Venser blok 6 in de Venserpolder in Amsterdam Zuidoost aanleiding om aan de slag te gaan met verduurzaming. Het vve-bestuur nam het initiatief en vroeg via de website van de gemeente een haalbaarheidsonderzoek aan. Vve’s in 170 voorrangsbuurten kunnen dit gratis aanvragen. Het gaat om buurten waar onderhoud van vve-gebouwen en woningen hard nodig is. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een onafhankelijk adviseur in nauwe samenwerking met team vve-aanpak. De kosten van de adviseur nemen wij voor onze rekening.

Samenvatting

Van vochtplekken naar verduurzaming: twee vve’s stomen zich klaar voor de toekomst

Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

38

Voorwoord Samenvatting

Streven 2040 en subdoelen 2023-2027 We streven ernaar dat in 2040 Amsterdamse woningen duurzaam en van goede kwaliteit zijn en een gezond leefmilieu bieden. Op de korte termijn zijn er voor de periode 2023-2027 vijf doelen geformuleerd om te realiseren. Per doel lichten we toe wat we doen om het doel te bereiken en hoe het er op dit moment voor staat.

Gebied

23

*

Centrum

17

27

*

West

12

24

*

Nieuw-West

18

18

Zuid

11

27

*

Oost

12

19

*

Noord

13

22

*

Zuidoost

9

25

*

* significant verschil t.o.v. 2012 (p<0.05) Bron: Factsheet Gezondheid en leefomgeving in Amsterdam 2020

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

39

Indicatoren

13

Doel 7

Amsterdam

Doel 6

2020

Doel 5

2012

Doel 4

Figuur 18. Percentage Amsterdammers van 18-64 jaar met vocht- en/of schimmelplekken in de woon- of slaapkamer in 2012 en 2020, naar stadsdeel (%)

De subsidieregeling Sanering Verkeerslawaai geldt voor woningen die zijn gebouwd vóór 1 maart 1986. Er zijn in totaal ongeveer 13.300 woningen waarvoor op basis van de Wet geluidhinder in Nederland een Voorlopige Beschikking Toekenning (VBT) is verkregen om maatregelen te subsidiëren om de geluidsoverlast te beperken. Bijvoorbeeld door het plaatsen van geluidswerende voorzieningen zoals nieuwe ramen met dubbelglas en het installeren van ventilatiesystemen (suskasten). Er blijven nog totaal naar schatting 7.000 woningen over waar maatregelen nodig kunnen zijn. Dit getal kan lager worden, als uit nader onderzoek blijkt dat panden toch al voldoen.

Doel 3

De gemeente Amsterdam heeft onderzoek gedaan naar het voorspellen van de aanwezigheid van loden waterleidingen in woningen met behulp van machine learning (een technologie die data gebruikt om patronen te herkennen). Woningcorporaties hebben hiervoor data verstrekt over de aanwezigheid van lood in hun woningen, verkregen uit hun controles. Uit de resultaten blijkt dat het algoritme effectief is en een voorspelling over lood kan doen voor zowel de particuliere huur- als koopsector. Op adresniveau voorspelt het algoritme de aanwezigheid van loden waterleidingen in 10% van de koopwoningen en 14% van de particuliere huurwoningen.

In 2020 had volgens onderzoek van de GGD 23% van de Amsterdammers van 18-64 jaar last van vocht- en/of schimmelplekken in de woon-of slaapkamer. Ook gaf 25% van de huishoudens in het Wonen in Amsterdam 2023 onderzoek aan dat er maatregelen nodig zijn in hun woning tegen vocht en schimmel.

Doel 2

In 2023 zijn 142 woningen door de gemeente aangeschreven vanwege onvoldoende woningkwaliteit als gevolg van achterstallig onderhoud en gebreken. Daarbij is er 53 keer een last onder dwangsom opgelegd aan eigenaren die niet op eerste aanzegging de door de gemeente geëiste verbeteringen hadden uitgevoerd. In de bijlage bij Raadsinformatiebrief Resultaten handhaving 2023 staan meer details over handhavings­resultaten en de bewustwordingscampagnes met betrekking tot de woningkwaliteit.

Doel 1

Wonen in Amsterdam is veiliger, gezonder en duurzamer geworden

Voorwoord

Wat we doen

Doel 4 Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Doel 3

40

In de prestatieafspraken 2024-2027 tussen de gemeente, woningcorporaties en huurderkoepels zijn afspraken gemaakt over woningkwaliteit van corporatiewoningen. Corporaties investeren fors meer in de bestaande woningvoorraad, 1,5 keer zoveel als in de periode 20202023. De afspraken omvatten onder meer het verbeteren van de kwaliteit en duurzaamheid van 30.000 bestaande sociale huurwoningen. De gemeente heeft in samenwerking met woningcorporaties in 2023 daarnaast een gezamenlijke aanpak ontwikkeld om vocht- en schimmelproblemen in woningen sneller en effectiever aan te pakken. Hierover valt meer te lezen in de Raadsinformatiebrief Aanpak schimmelwoningen en afspraken woningcorporaties.

Doel 2

Amsterdam zet zich ook al jarenlang volop in voor de sanering van loden leidingen, omdat lood in drinkwater ongezond is. Dankzij deze aanpak zijn nu veel woningen en alle kindlocaties, zoals scholen, kinderdagverblijven en die van gastouders, vrij van loden leidingen. Woningcorporaties hebben hun woningen gecontroleerd en de loden leidingen verwijderd. Bewoners en verhuurders van woningen van voor 1960 zijn op verschillende manieren bewust gemaakt van de risico’s. Als een eigenaar niet vrijwillig overgaat tot loodsanering, start het stedelijke handhavingsteam Woningkwaliteit een handhavingsprocedure. Meer informatie is te vinden in de Raadsinformatiebrief over de stand van zaken van lood in woningen.

In de 30 km/u-gebieden worden eveneens omvangrijke projecten uitgevoerd, zoals de overige woningen aan de Admiraal de Ruijterweg, Zuid en West, met startdata tussen 2023 en 2027. De oplevering van deze projecten loopt door tot in de jaren 2030. Grotere projecten in de wijken Centrum, Oost/Zuidoost en Noord omvatten duizenden woningen, waarvan de aanpak tot in 2037 zal duren. De fasering van deze projecten zorgt ervoor dat de meest urgente situaties als eerste worden aangepakt, terwijl de rest wordt uitgevoerd na afronding van voorbereidend onderzoek en geluidmetingen.

De evaluatie van de gezamenlijke schimmelaanpak toont aan dat de er sinds 2023 grote voortgang is geboekt. Zo hebben de gezamenlijke inspanningen tot en met mei 2024 geleid tot het oppakken van alle 7.700 schimmelmeldingen van bewoners. De samenwerking geeft steeds meer inzicht in oorzaken en oplossingen, wat waardevolle lessen biedt voor verdere verbetering. Ondanks de geboekte resultaten is duidelijk dat extra maatregelen nodig zijn om de schimmelproblematiek structureel en effectief aan te pakken. Daarom zijn er aanvullende afspraken gemaakt met de corporaties om de aanpak verder te versterken.

Doel 1

Er zijn daarnaast themaprojecten die bijdragen aan betere woningkwaliteit. Woongebreken die worden geconstateerd bij bezoeken van de Energie Bespaar Service (project uit het isolatieoffensief) worden aangepakt. Daarnaast worden in een pilot de mogelijkheden onderzocht om eigenaren van huurwoningen te verplichten tot het nemen van energetische maatregelen.

De gemeente voert de subsidieregeling Sanering Verkeers­ lawaai van het Rijk uit. Door middel van gevelsanering wordt de geluidsoverlast teruggedrongen voor woningen die blootstaan aan een te hoge geluidsbelasting. De verlaging naar de 30km/u in grote delen van de stad, de toepassing van geluidschermen en stille wegdekken dragen ook bij aan het terugdringen van geluidsoverlast in woningen. De prioriteit ligt bij de projecten voor 50 km/uwegen. Voor project Admiraal de Ruijterweg zijn reeds 10 woningen opgeleverd en voor 72 woningen worden nu maatregelen getroffen door een uitvoerende partij. Ook grote projecten in Nieuw-West, Noord en rond het Europaplein worden voorbereid, met startdata tussen 2025 en 2027 en oplevering rond 2029.

Samenvatting

De gemeente (stadsdelen) houdt toezicht op de wettelijke minimale woningkwaliteit en handhaaft hierop wanneer dat nodig is. Dit gebeurt op basis van constateringen en meldingen via onder andere het Meldpunt Woningonderhoud. Vanuit de AAV zetten we in op een kwaliteitsimpuls in de bestaande voorraad. Dit doen we onder andere door het versterken van de samenwerking in de uitvoering met de stadsdelen, het aanpakken van complexe handhavingszaken en het starten van stadsbrede themaprojecten zoals loden leidingen en vocht- en schimmel. Bovendien richt deze aanpak zich op het vergroten van bewustwording over woningkwaliteit via voorlichting en thematische websites, met als doel het voorkomen van verslechtering van woningen en het stimuleren van extra kwaliteitsverbeteringen. Stichting !WOON ondersteunt met subsidie van de gemeente bewoners bij het indienen van klachten en begeleidt hen bij procedures bij de Huurcommissie, wat bijdraagt aan het effectief aanpakken van woninggebreken.

Doel 4 Doel 5 Doel 6

Corporatie

Doel 3

Figuur 19. Definitieve energielabels per eigendomssituatie (inclusief onbekend), medio 2024.

Doel 2

In januari 2024 is daarnaast een nieuwe voucheractie gelanceerd voor stadpashouders. Zij kunnen een voucher van € 70 aanvragen en die aan energiebesparende maatregelen uitgeven bij lokale winkels of webwinkels. Ook wordt er een nieuwe witgoedregeling opengesteld. Hiermee kunnen 7.600 huishoudens een cadeaubon aanvragen om hun koelkast of wasmachine te vervangen. Deze cadeaubon is ter waarde van € 275. Naast de focus op de energiebespaarservice en extra ondersteuning van stadspashouders gaan we door met energie-coaching op aanvraag, aangeboden door stichting !WOON. De aanpak energiearmoede is onderdeel van het isolatieoffensief. Hierover wordt jaarlijks gerapporteerd aan de raad.

De energiezuinigheid van een woning wordt uitgedrukt in het energielabel van een woning. Minder slechte energie­ labels kunnen daarom betekenen dat er minder energie verbruikt wordt in woningen. Energielabels geven op dit moment echter nog geen volledig beeld van de mate waarin energie wordt bespaard. Zoals figuur 19 laat zien, hebben veel woningen nog geen geregistreerd energielabel. Er worden ook veel woningen verbeterd, zonder dat het verbeterde label direct wordt geregistreerd. Het label wordt vaak pas bekend als de woning opnieuw wordt verhuurd of verkocht. De komende jaren worden steeds meer energie­ labels geregistreerd. Dit gaat daarom mogelijk eerst gepaard met een toename van het aantal bekende E, F en G labels. Maar voor de corporatiesector is op basis van bekende energielabels duidelijk dat meer dan 70% van de woningen een A-D label heeft. Uit cijfers inclusief voorlopige energielabels lijken slechte energielabels EFG relatief het meest voor te komen in de particuliere huursector en in koopwoningen.

Doel 1

Met de energiebespaarservice worden bij mensen thuis kleine energiebesparende maatregelen getroffen om het energieverbruik te laten afnemen. In 2022 en 2023 zijn er 35.282 Amsterdammers geholpen met het verlagen van hun energieverbruik door simpele energiebesparende maatregelen te installeren. In januari 2024 is de nieuwe energie­bespaarservice van start gegaan. Hiermee worden nog eens 14.000 Amsterdamse huishoudens geholpen bij het besparen van energie.

Woningen in Amsterdam worden geïsoleerd en verduurzaamd

Samenvatting

Energiekosten zijn de laatste jaren flink gestegen, waardoor een deel van de Amsterdammers in de financiële problemen is gekomen. Ongeveer 1 op de 6 Amsterdamse huishoudens is minstens 10% van het inkomen kwijt aan energiekosten. Van deze groep van wie het energielabel bekend is, woont ongeveer 17% in een woning met energielabel EFG. Ter vergelijking: Bij huishoudens die minder dan 10% van hun inkomen betalen aan energiekosten, woont ongeveer 13% in een woning met een energielabel EFG. Huishoudens in energiearmoede lijken dus vaker in slecht geïsoleerde woningen te wonen.

Wat we doen

Voorwoord

In alle woningen van of voor de laagste inkomens zijn energiebesparende producten geïnstalleerd en is energieadvies gegeven

Doel 7

Particulier

Eigenaarbewoner

A of beter

41

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

C

D

E

F

G

Onbekend

Bronnen

Bron: EP-Online

B

Indicatoren

0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

Figuur 21. Jaarlijks oppervlakte isolatiemaatregelen ISDE-, SEEH-, SVOH-, SVVE in m2, 2023

Voorwoord

Figuur 20. Energielabels per eigendomssituatie (inclusief voorlopig), medio 2024.

Figuur 23. Jaarlijks totaal aan leningen Warmtefonds

Samenvatting

vve´s Corporatie

vve´s

Particulier

Particulier

Particulier

Doel 1

Totaal

Eigenaarbewoner

F

G

Onbekend

Bron: Regionale klimaatmonitor

00 .0

.0

00

00

.0 30 €

€

25

.0

00 .0

2024 (t/m Q2)

0

00 .0

00 20 €

.0

00

.0

00 15 €

.0 €

10

5. €

2023 Bron: Warmtefonds

Doel 4

Figuur 22. Jaarlijks aantal toekenningen Warmtefonds

vve´s

Doel 5

Er zijn meerdere Rijksregelingen voor verduurzaming die aangevraagd kunnen worden door verschillende doelgroepen. In 2023 hebben particulieren voor 98.843 m2 oppervlakte aan isolatiemaatregelen laten subsidiëren. Voor vve’s is dit 33.329 m2. Daarnaast zijn er in 2023 in totaal 252 leningen toegekend via het Warmtefonds aan Particulieren en vve’s met een totale waarde van € 6.697.000. In de eerste helft van 2024 alleen al is € 24.435.000 aan leningen verstrekt.

.0 00

0. 00

00 14

00

00 00 12

00

0 10

00 80

Vierkante meters

Doel 3

Bron: EP-Online, Overmorgen

00

€ A of beter

0

E

90 100

00

D

80

60

C

70

0

B

60

00

50

40

40

0

30

00

20

20

10

0

0

Doel 2

00

0

0

Totaal

Doel 6

Particulier

Totaal 50

Bron: Warmtefonds

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

2024 (t/m Q2)

200

250

300

Bronnen

42

150

Indicatoren

2023

100

Doel 7

0

Voorwoord

Wat we doen

Doel 3 Doel 4

Er is een Extra Isolatie Subsidie Amsterdam gepubliceerd. Amsterdammers kunnen hiermee € 2.500 subsidie aanvragen voor het uitvoeren van isolatiemaatregelen, mits daar een energieadvies aan vooraf is gegaan. De subsidie is voor woning­eigenaren in slecht geïsoleerde woningen die een woning met een WOZ-waarde van minder dan € 370.000 bezitten (peiljaar 2021). Daarmee maken vooral mensen met een lager- of midden inkomen aanspraak op de subsidie.

Doel 2

De vve-aanpak is in volle gang. Er worden adviezen gegeven aan vve’s die willen verduurzamen en er wordt gewerkt aan het uitbreiden van de dienstverlening aan

Aan eigenaar-bewoners van eengezinswoningen wordt maatwerkadvies aangeboden. De gemeente trekt actief voorrangsbuurten in waar veel slechte woningen staan om dit advies aan de man te brengen.

Doel 1

In de nieuwe prestatieafspraken zijn duurzaamheid en woningkwaliteit een van de belangrijkste thema’s waarop afspraken zijn gemaakt. In de periode 2024-2027 verbeteren en verduurzamen (waaronder isoleren) corporaties 27.000 tot 33.000 woningen, waarvan 13.500 tot 16.500 woningen met een EFG-label. Hierover wordt jaarlijks gerapporteerd in de monitor samenwerkingsafspraken.

vve’s. Zoals het opzetten van een activatieteam zodat slapende vve leden geënthousiasmeerd worden. Of een planvormingssubsidie zodat adviezen uitgewerkt kunnen tot realiseerbare plannen. Bovendien is de gemeente steeds actiever in buurten om de dienstverlening onder de aandacht te brengen.

Samenvatting

Vanaf 2023 zijn er verschillende projecten en acties geweest om verschillende doelgroepen zo veel mogelijk te ondersteunen bij de verduurzamingsopgave (zie ook hoofdstuk 1 in de Monitor Uitvoering Energietransitie 2024 en de Raadsinformatiebrief over de voortgang van het isolatieoffensief 2023-2024). Hieronder een aantal voorbeelden van de inzet die de gemeente pleegt om dit doel te bereiken.

Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

43

Voorwoord Doel 1 Doel 2

Betere positie huurders en woningzoekenden

Samenvatting

Doel 6

Doel 3 Doel 6 Doel 7

inzet nodig om misstanden op de huurmarkt tegen te gaan. Dit blijkt ook uit het aantal meldingen dat het Meldpunt Ongewenst Verhuurgedrag van stichting !WOON kreeg in 2023: 545 meldingen over ernstige problemen met de verhuurder (98% hiervan kwam uit Amsterdam).

Doel 5

De betaalbaarheid, beschikbaarheid en toegankelijkheid van passende woningen in Amsterdam zijn zeer bepalend voor de positie van huurders en woning­zoekenden in Amsterdam. Door de inzet bij doelen 1 tot en met 5, dragen we dan ook bij aan een betere positie van bewoners en woningzoekenden. Er is echter ook extra

Doel 4

Situatie van huurders en woningzoekenden in Amsterdam

Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

44

Doel 1 Doel 2 Doel 3 Doel 4

Het inwerking treden van de Wet betaalbare huur, de Wet goed verhuurderschap en de Wet vaste huurcontracten zorgt voor meer rechten van huurders op het gebied van betaalbaarheid, zekerheid en positie ten opzichte van de verhuurder. Deze wetten geven gemeenten de mogelijkheid om te handhaven als er sprake is van slecht verhuurderschap. Op die manier kan de gemeente de positie van huurders en woningzoekenden in Amsterdam verstevigen.

Samenvatting

Ook signaleert !WOON dat huurders met een tijdelijk huurcontract bang zijn om gebruik te maken van hun rechten. Ze durven vaak geen actie te ondernemen tegen gebrekkig onderhoud en te hoge huurprijzen of servicekosten.

Voorwoord

Klachten en vragen die stichting !WOON behandelt gaan vaak over vocht en schimmel in de woning. In 2023 had stichting !WOON hierover 7.024 contacten met huurders. Dat is 37% meer dan in 2022. Een ander onderwerp waar !WOON veel klachten over krijgt zijn te hoge servicekosten en bijkomende kosten, vooral uit complexen voor starters en jongeren.

Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

45

Doel 3 Doel 4 Doel 5 Doel 6 Doel 7

Gert Jan van stichting !WOON: “Wij zijn heel tevreden dat de gemeente nu onder andere ook de misstanden aan de Duivendrechtsekade aanpakt. Wij kennen nog honderden andere verhuurders die de wet niet naleven. In de komende jaren werken we dan ook graag verder met de gemeente om de strijd tegen die verhuurders verder samen te voeren”.

Doel 2

Na onderzoek van meldingen door huurders bij het gemeentelijke meldpunt bleek er van alles mis: huurders moesten veel te hoge waarborgsommen betalen die ook niet op tijd werden terugbetaald bij vertrek uit de studentenkamer. Daarnaast bleek de verhuurder het verplicht verstrekken van informatie over terugbetalingstermijnen en de Wet goed verhuurderschap aan de huurders niet na te komen. De verhuurder kreeg van de gemeente in mei 2024 een last onder dwangsom opgelegd. Om boetes van in totaal €175.000,te voorkomen, moest de verhuurder de overtredingen direct stoppen en herstellen.

Doel 1

Een verhuurder van twee complexen met studentenkamers aan de Duivendrechtsekade nam het niet zo nauw met de Wet goed verhuurderschap. Deze wet geeft gemeenten meer mogelijkheden om ongewenst verhuurgedrag, zoals woondiscriminatie, intimidatie, onredelijke servicekosten en een te hoge borg tegen te gaan.

Samenvatting

Gemeente en stichting !WOON helpen huurders als verhuurders zich niet aan de regels houden

Voorwoord

Verhaal uit de stad

Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

46

Voorwoord Samenvatting

Streven 2040 en subdoelen 2023-2027 Onze inspanningen hebben er toe geleid dat Amsterdammers zich vrij en veilig voelen om goed geïnformeerd keuzes te maken. Ze melden misstanden over hun woonsituatie zonder dat dit risico’s met zich meebrengt.

Doel 7 Indicatoren Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Doel 6

47

Op verzoek van de gemeenteraad is een publieks­vriendelijke versie van de huisvestingsverordening gemaakt. Per thema worden de regels op eenvoudige wijze toegelicht en waar relevant doorverwezen naar webpagina’s. We hebben net als in voorgaande jaren ook in 2024 stichting !WOON als steunpunt voor alle Amsterdammers met een woonvraag gesubsidieerd. Stichting !WOON is een hele belangrijke partner bij het informeren, adviseren en ondersteunen van bewoners bij al hun woonvragen. Ook heeft stichting !WOON voor de gemeente een belangrijke signalerende functie.

Doel 5

De gemeente informeert de Amsterdammer over de procedure na het doen van een melding en geeft uitleg over de procedure. Daarnaast geeft de gemeente aan of er reden is om te handhaven of niet en waar de Amsterdammer eventueel terecht kan met diens vraag.

Wat we doen

Doel 4

De Wet goed verhuurderschap is per 1 juli 2023 in werking getreden. De gemeente heeft zich in eerste instantie gericht op voorlichting over de wettelijke verplichtingen van verhuurders. Het oprichten en promoten van een meldpunt waar mensen zich kunnen melden als verhuurders zich niet aan de regels houden, is hiervan een van de belangrijkste resultaten. Samen met stichting !WOON wil de gemeente het meldpunt bij inwoners onder de aandacht brengen zodat zij beter geïnformeerd worden over hun rechten en mogelijkheden. Dit doet de gemeente bijvoorbeeld door er informatie over te delen op sociale media.

De Wet betaalbare huur is per 1 juli 2024 in werking getreden en per 1 januari 2025 kunnen huurders het ook melden als de verhuurder zich niet aan de Wet betaalbare huur houdt. Zie voor de verdere uitwerking van de Wet betaalbare huur, doel 2 ‘Betaalbaarder wonen’.

Door onze eigen informatievoorziening te verbeteren en bewoners te ondersteunen kunnen woningzoekenden de informatie krijgen die zij nodig hebben.

Doel 3

Wat we doen

In de eerste helft van 2024 zijn er bij handhaving van de wet 4 dwangsommen opgelegd en 1 bestuurlijke boete. In deze dossiers was er sprake van overtreding van de regels van de Wet goed verhuurderschap: onder andere de intimidatie van een huurder, een waarborgsom die hoger was dan wettelijk toegestaan en het verzuimen in de informatieplicht naar de huurder.

Doel 2

Rechten van huurders worden beter beschermd door invoering en handhaving van de Wet goed verhuurderschap

Doel 1

Op de korte termijn zijn er voor de periode 2023-2027 drie doelen geformuleerd om te realiseren. Per doel lichten we toe wat we doen om het doel te bereiken en hoe het er op dit moment voor staat.

Wat we doen

Doel 2 Doel 3 Doel 4

Totaal

Doel 5

Recente bewoners 0%

Doel 1

Figuur 24. Type huurcontract bewoners in de particuliere huursector (totaal en recente bewoners), 2023 (%)

Samenvatting

Voor de invoering van de Wet vaste huurcontracten, had in 2023 28% van alle recente bewoners van particuliere huurwoningen een tijdelijk huurcontract in Amsterdam. Deze contracten zijn op enkele uitzonderingen na per 1 juli 2024 niet meer toegestaan. Daarnaast had 6% van de recente huurders in de particuliere sector een campuscontract of een jongerencontract, die ook tijdelijk zijn. Op de totale particuliere huurvoorraad heeft 16% een tijdelijk huurcontract voor een reguliere huurwoning en 5% een campuscontract of een jongerencontract voor bepaalde tijd. Corporaties verhuren vrijwel geen woningen met een tijdelijk contract, met uitzondering van studenten- en jongerenwoningen.

Per 1 juli 2024 is de Wet vaste huurcontracten van kracht. Nieuwe huurcontracten zijn vanaf dat moment voor onbepaalde tijd. Voor een aantal specifieke groepen huurders, zoals studenten of urgent woningzoekenden, geldt een uitzondering. Zij kunnen wel nog een huurcontract voor bepaalde tijd krijgen; vanaf 1 juli 2024 voor maximaal twee jaar. Ook blijven enkele bestaande situaties, zoals huren onder de Leegstandswet, mogelijk na invoering van de Wet vaste huurcontracten. Tijdelijk verhuren bij proefsamenwonen, mag maar één keer gebeuren. Alleen wat betreft proefsamenwonen heeft de gemeente een rol om dit te controleren. Inwoners kunnen hiervoor terecht bij het meldpunt van de Wet goed verhuurderschap. Voor de overige situaties waarin tijdelijk huren toegestaan is loopt de Wet vaste huurcontracten enkel via het privaatrecht en is de gemeente geen partij.

Voorwoord

Tijdelijke huurcontracten zijn niet meer de norm

20%

40%

60%

80%

100%

Doel 6

Huurcontract voor onbepaalde tijd voor de hele woning Campuscontract (studenten) Jongerencontract (5 jaar)

Overig

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

48

Indicatoren

Bron: Wonen in Amsterdam 2023

Doel 7

Tijdelijk huurcontract voor de hele woning (bijv 1 jaar) Huurcontract voor deel van de woning

Voorwoord Doel 1 Doel 2

Leefbare en veerkrachtige wijken

Samenvatting

Doel 7

Doel 3 Doel 6 Doel 7

verschillen tussen stadsdelen en hierbinnen tussen wijken. Zo is men in Nieuw-West het minst tevreden, en in Weesp het meest. In de factsheet Wonen in Amsterdam 2023: Leefbaarheid staat in detail beschreven hoe Amsterdammers de leefbaarheid van de stad ervaren met betrekking tot verschillende kenmerken.

Doel 5

Veiligheid, schone straten en stoepen en een prettige omgang bepalen in hoge mate de leefbaarheid van buurten. De algemene tevredenheid over de buurt is een goede indicator voor deze leefbaarheid. Uit onderzoek blijken Amsterdammers gemiddeld genomen tevreden met de buurt waarin ze wonen. Het rapportcijfer dat Amsterdammers geven schommelt al jaren rond de 7,5. Maar er zijn wel duidelijke

Doel 4

Hoe leefbaar en veerkrachtig zijn Amsterdamse wijken?

Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

49

Figuur 25. Het aandeel meest kwetsbare bewoners op de bevolking, 2021 (%)

Figuur 26. Tevredenheid met eigen buurt, 2023

Voorwoord Samenvatting Doel 1 Doel 2

Er zijn buurten waar de leefbaarheid onder druk staat: de buurt wordt als onveilig ervaren, er is veel vuil op straat en/of mensen voelen zich er niet prettig. In buurten met een sterke sociale cohesie, actieve bewoners en goed functionerende organisaties, kortom buurten met veerkracht, kan leefbaarheidsproblematie worden aangepakt en leefbaarheid worden verbeterd. In kwetsbare buurten is de veerkracht beperkter. Deze wijken scoren vaak slechter op een aantal sociale en fysieke leefbaar­ heidsindicatoren. Juist deze wijken vragen extra inzet en aandacht. Veel wijken met een groot aantal kwetsbare huishoudens liggen in Zuidoost en Nieuw-West. Maar ook in Noord en Oost zijn kwetsbare inwoners in een aantal wijken geconcentreerd.

7,0 tot 7,5 7,5 tot 8,0 8,0 tot 8,5

1 (zeer ontevreden) tot 10 (zeer tevreden) Bron: Wonen in Amsterdam 2023

8,5 tot 9,0

Doel 4

rond het stedelijk gemiddelde 9,0 - 15% slechter dan gemiddeld 15,1 - 18% veel slechter dan gemiddeld > 18%

5,5 tot 6,0 6,0 tot 6,5 6,5 tot 7,0

Doel 3

veel beter dan gemiddeld < 5,9% beter dan gemiddeld 6,0 - 8,9%

stedelijk gemiddelde 12% Doel 5

Bron: BBGA, Onderzoek & Statistiek.

Doel 6 Doel 7 Indicatoren

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Bronnen

50

Voorwoord

Verhaal uit de stad

Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Doel 4

51

Doel 3

“De eerste bijeenkomst was gericht op het maken van afspraken over het delen van data. Toen we die data gingen analyseren, kwamen we erachter dat we nog informatie misten. Ik heb toen interviews gehouden met huisartsen en praktijkondersteuners in de buurt. Een omslagpunt was het moment dat we al die data combineerden op een grote kaart. Dat was echt heel waardevol en leidde tot nieuwe inzichten.”

“Het stevige netwerk van Buurtbalans blijft bestaan. Ik ben echt trots en dankbaar hoe alle partners ruimte hebben gemaakt om dit te doen.”

Doel 2

“In Zuid wilden we graag beter begrijpen waar de problemen in de buurt vandaan komen. We hebben daarom Buurtbalans ingezet. Met Buurtbalans kun je buurten waar de veerkracht en leefbaarheid onder druk staat, beter in balans krijgen. Tijdens Buurtbalans kom je een paar keer met andere professionals samen en doorloop je 6 stappen. Stap 1 is de voorbereiding op de start. Tijdens stap 2 tot en met 4 werk je aan een analyse. Bij stap 5 bepaal je samen de gewenste resultaten. Stap 6 is de evaluatie van wat er is bereikt en je kijkt vooruit. In het stappenplan staat voor elke stap duidelijk het doel, de vorm en de benodigdheden beschreven.”

“We dachten dat burenoverlast vooral plaatsvond bij omklapwoningen. Mensen wonen dan zelfstandig met ambulante begeleiding in een woning op naam van een zorgorganisatie. Als het goed gaat, krijgen ze daarna het huurcontract op eigen naam. Uit de Buurtbalans-sessie beek dat de grootste problemen juist spelen bij zorgmijders. Mensen die soms kort in beeld komen bij noodgevallen, maar daarna weer achter de voordeur verdwijnen.”

Doel 1

De laatste jaren zijn er veel problemen in de Rivierenbuurt. Manon is gebiedsmakelaar van verschillende buurten in stadsdeel Zuid en vertelt over haar ervaringen met de werkwijze Buurtbalans. Bij Buurtbalans is het delen van kwantitatieve informatie en ervaringskennis over de buurt een belangrijk onderdeel. Het idee is dat samenwerkingspartners in de buurt deze informatie bespreken en betekenis geven. Zo ontstaat een gedeeld beeld over de situatie in de buurt. Het resultaat daarvan is dat beter besproken wordt wat de buurt nodig heeft. De betrokken organisaties maken betere afwegingen en werken goed samen. Dit leidt tot gerichtere uitvoering en effectiever werken. Manon vertelt over haar ervaring met Buurtbalans in de wijk.

Samenvatting

‘We dachten dat overlast vooral plaatsvond bij omklapwoningen’

Voorwoord Samenvatting

Streven 2040 en subdoelen 2023-2027 Amsterdamse wijken en buurten zijn leefbaar, veerkrachtig en ongedeeld. Een thuishaven voor alle bewoners, in alle levensfasen, of zij nu hier geboren zijn of ergens anders vandaan komen.

Doel 1

Op de korte termijn zijn er voor de periode 2023-2027 drie doelen geformuleerd om te realiseren. Per doel lichten we toe wat we doen om het doel te bereiken en hoe het er op dit moment voor staat.

Figuur 27. Samenstelling wijken naar prijssegment, 2023

Figuur 28. Samenstelling wijken naar inkomen, 2023

Doel 3

• Gebiedsgerichte programmering en prioritering voor doelgroepen gericht op doorstroming en verhuis­bewegingen. Het college komt met een nieuwe werkwijze.

Bron: Wonen in Amsterdam 2023

laag inkomen (> 60% lage inkomens) hoog inkomen (> 60% hoge inkomens) gemengd (> 20% lage inkomens; > 20% midden inkomens; > 20% hoge inkomens) lage en midden inkomens (20-60% laag inkomen; 20-60% midden inkomens; < 20% hoog inkomen) lage en hoge inkomens (20-60% laag inkomen; < 20% midden inkomen; 20-60% hoog inkomen) Bron: Wonen in Amsterdam 2023

Indicatoren

goedkoop (> 60% sociale huur) duur (> 60% dure huur en koop) gemengd (> 20% sociale huur; > 20% middelduur; > 20% duur) goedkoop en middelduur (20-60% sociale huur; 20‑60% middelduur; < 20% duur) goedkoop en duur (20-60% goedkoop; < 20% middelduur; 20-60% duur)

Doel 7 Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Doel 6

52

Doel 5

Net als de samenstelling van de woningvoorraad bestaat de samenstelling van veel wijken naar inkomen uit twee toppen. Het beeld is zelfs nog iets scherper dan bij de woning­voorraad: in bijna twee derde van de wijken is de combinatie van lage inkomens én hoge inkomensgroepen dominant. De meeste wijken waar de bevolking wordt gedomineerd door lage en hoge inkomensgroepen zijn eveneens wijken met een duale, ofwel een goedkope en dure, woningvoorraad.

Doel 4

• Huidige bewoners voelen zich gezien en gekend bij stedelijke vernieuwing (stads-deelvoorrang en medezeggenschap). Op het niveau van wijken is Amsterdam nog steeds relatief gemengd van samenstelling. Er zijn geen grote delen van de stad die een homogene inkomenssamenstelling en/of samenstelling van de woningvoorraad kennen. Er zijn echter ook niet veel wijken in Amsterdam die helemaal gemengd zijn qua prijs (ongeveer gelijke aandelen goedkoop, midden en duur). In de meeste wijken bestaat de woningvoorraad uit woningen die hoofdzakelijk vallen in het goedkope (sociale huur) en in het dure segment, met maar weinig woningen in het middensegment.

Doel 2

Veerkrachtige wijken

Meer details over leefbaarheid in Amsterdam en verschillen tussen wijken zijn te vinden in de factsheet Wonen in Amsterdam 2023: Leefbaarheid.

Doel 5 Doel 6 Doel 7 Indicatoren Bronnen

Monitor Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting 2024

Verhuur van woningen aan toeristen komt met name voor in het centrum en de ring daaromheen. Bijna 20% van de Amsterdamse huishoudens ervaart in meer of mindere mate overlast door de verhuur van woningen aan toeristen in de directe woonomgeving. De verschillen binnen de stad zijn groot. De overlast is vooral in wijken in het centrum van de stad groot. Binnen stadsdeel Centrum wordt vooral in Jordaan, Burgwallen Oude-Zijde en De Weteringschans veel overlast ervaren. Aan de rand van het centrum, in de Da Costabuurt en Oude Pijp, ervaren ook veel bewoners overlast. Wel is deze vorm van overlast in veel wijken afgenomen in vergelijking met 2019.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14818247/1