CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag_en_beleidsevaluatie_VTH_2024.pdf

RAAD 8 oktober 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief en het Jaarverslag en beleidsevaluatie VTH Bouw & Gebruik 2024 (VN2025-012358)23.907 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024

VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Bestuurlijke samenvatting

Voor u ligt het ‘Jaarverslag en de beleidsevaluatie VTH Fysieke Leefomgeving 2024 van de gemeente Amsterdam. In dit jaarverslag wordt beschreven wat de inspanningen en resultaten zijn van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in 2024. Het gaat om alle VTH-taken voor bouwen en gebruik in de fysieke leefomgeving. Zoals de vergunningverlening, toezicht en handhaving op de staat van bestaande gebouwen en op het slopen, (ver)bouwen en het gebruik van gebouwen. Maar ook de vergunningverlening, toezicht en handhaving van onder meer exploitatievergunningen voor horeca, evenementen, ligplaatsen en huisvestingverordening. Deze taken zijn uitgevoerd door de stadsdelen, de directies Wonen, Ruimte & Duurzaamheid, Brandweer Amsterdam-Amstelland (BAA) en de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied.

• •

Beleidsevaluatie, trends en ontwikkelingen In deze bestuurlijke samenvatting zijn de meest in het oog springende trends en beleidsevaluatiepunten opgenomen. Voor het volledige overzicht wordt verwezen naar de inhoudelijke hoofdstukken. Daarnaast zijn er bevindingen en resultaten van de jaarevaluatie over 2024 die laten zien dat de gekozen beleidsstrategieën op onderdelen succesvol zijn en op andere punten aanscherping behoeven. Deze punten worden meegenomen bij de bijstelling van het VTH Beleid Fysieke Leefomgeving 2024. •

Naast de verslaglegging over de uitvoering van de VTH-taken in 2024, is in dit stuk ook de jaarlijkse evaluatie van het geldende VTH-beleid opgenomen. Aan de hand van gevoerde gesprekken zijn opvallende ontwikkelingen en de werking van beleidsstrategieën zichtbaar geworden. Dit maakt evaluatie van het beleid mogelijk. Per thema is onder het kopje ‘Duiding en evaluatie’ deze beleidsevaluatie opgenomen. Werkt een strategie uit het beleid goed? Of juist niet? Is er aanscherping nodig?

Bestuurlijke samenvatting

Relevante (beleids)documenten De kaders voor de uitvoering van de VTH-taken Bouw & Gebruik voor 2024 zijn vastgelegd in de onderstaande documenten: • VTH beleid Fysieke Leefomgeving (FLO) 2024 • VTH Uitvoeringsprogramma FLO 2024 • VTH-uitvoeringsprogramma gemeente Amsterdam van de OD NZKG 2024 • Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht Amsterdam • Aanpak Nulmeting Woonboten inclusief de Handhavingsstrategie Woonboten • Beleidsregels over het onderzoek en handhaving van de bestaande funderingen • Beleidsregel bestuurlijke boete, sluiting en beheerovername op grond van de Woningwet

3

Handhavingsstrategie Horeca en slijterijen (inclusief winkels) Drank en Horecawet Handhavingsstrategie Overtredingen Evenementen 2024

Amsterdam heeft zich intensief voorbereid op de komst van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB). Per 1 januari 2024 is het nieuwe stelsel in werking getreden. In de aanloop hiernaar toe hebben alle VTH-medewerkers cursussen en trainingen gehad. Er is een startteam ingericht waarin VTHmedewerkers uit de verschillende stadsdelen samen hebben gewerkt om deze grote wijzigingen goed voor te bereiden en daarmee onze bewoners en ondernemers zo goed mogelijk te kunnen bedienen. Zowel initiatiefnemers als medewerkers moesten nog wennen aan het nieuwe stelsel, waarbij aanvragen via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) moeten worden ingediend. Hierdoor zijn veel aanvragen ingediend die niet juist bleken te zijn (‘vergisaanvragen’). Dit heeft de medewerkers veel tijd gekost. Medewerkers van VTH besteden veel tijd aan het uitleggen van de regels aan (potentiële) aanvragers. Deze contacten die de nodige tijd vragen monden daarmee niet logischerwijs uit in verleende of geweigerde vergunningen bijvoorbeeld omdat de aanvraag wordt ingetrokken. In het 2e kwartaal van 2024 was er al een verbetering zichtbaar maar ook in 2025 zal dit nog zijn beslag krijgen.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

•

•

•

•

•

Het aantal aanvragen van grote bouwwerken (met een bouwsom boven de €1 miljoen) liet een behoorlijke daling zien van 168 in 2023 naar 60 in 2024. In de komende jaren zal moeten blijken of dit een incidentele daling is of dat er structureel minder aanvragen voor grote bouwprojecten binnenkomen. Mogelijke oorzaken zijn gestegen bouwkosten en andere externe factoren, zoals stijgende rente. Ten aanzien van woningkwaliteit is verduurzaming voor 2025 ook een belangrijk speerpunt. De resultaten van het project om de processen rond verduurzaming te stroomlijnen moeten in de periode 2025-2026 een uniforme en efficiënte werkwijze opleveren waarmee de isolatieopgave ook echt een impuls gaat krijgen en de woningvoorraad in Amsterdam verder verduurzaamd wordt. Na oplevering van de resultaten van het project kan worden bepaald of het VTH-beleid op dit punt verdere aanscherping of aanvulling behoeft. Het monumentale erfgoed bepaalt voor een groot deel de identiteit van Amsterdam. Uitdaging is om de kwaliteit en duurzaamheid van deze gebouwen op hedendaags niveau te brengen en daarbij de monumentale waarde en uitstraling te behouden. Stedelijk is ingezet om samen met ketenpartners als team Monumenten en Archeologie actief te zoeken naar mogelijkheden voor verduurzaming met behoud van de waarden. Dit heeft een positief en praktisch resultaat gehad.

Inmiddels zijn enkele mogelijkheden vastgelegd in handreikingen die zowel eigenaren als behandelaren helpen bij het vergunningsproces. De balans houden tussen het gebruik van de kades en het water blijft een continue uitdaging, waarbij veel dynamiek is. Op diverse plekken wordt gewoond op het water zonder de juiste vergunning, hierdoor ontstaat overlast. Continue aandacht hiervoor bij de stadsdelen bij het toezicht en handhaving is noodzakelijk. De complexiteit rondom vergunningverlening rond woonboten wordt alsmaar groter en zorgt voor de nodige vragen bij zowel vergunningverleners als bij de aanvragers. Bijvoorbeeld binnen stadsgebied Weesp, waar door de fusie met Amsterdam nieuwe

4

•

•

•

regels van kracht zijn. Daarnaast zien we dat eigenaren de grenzen opzoeken van het maximaal toegestane oppervlakte van de woonboot. Hierdoor ontstaan er in de praktijk excessen, waarbij de boot te diep is en hierdoor niet aan de eisen voldoet voor een ligplaatsvergunning. Tijdige informatieverstrekking en duidelijkheid over alle regels die voor woonboten gelden kunnen dit voorkomen. Om precedentwerking en onveilige situaties te voorkomen is het noodzakelijk om bij excessen direct op te kunnen treden. De afgelopen jaren is dit met het project nulmeting woonboten goed opgepakt. Nu dit project in 2025 eindigt, is het belangrijk om de aandacht hiervoor de komende jaren niet te laten verslappen. Toezicht en handhaving op de Label C verplichting conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht, zoals nader geconcretiseerd in het VTH Beleid FLO 2024 van Amsterdam, heeft het gewenste effect. Kantooreigenaren op wie geen uitzonderingsgrond van toepassing is gaan over tot het verduurzamen van het pand en daarmee daalt het energieverbruik en neemt de CO2/ uitstoot af. Ten aanzien van de regelgeving omtrent de hemelwaterberging is in 2025 nog wel structureel aandacht nodig om medewerkers te informeren en te trainen in de wijze waarop de regelgeving getoetst wordt en het gebruik van de in 2024 ontwikkelde checklist bij het toezicht op locatie.

Voor wat betreft de omgevingsvergunning kap is in 2024 veel aandacht gegeven aan het inleveren van fotomateriaal als bewijs van het voldoen aan de herplantplicht. Dit was als strategie opgenomen in het VTH Beleid FLO 2024 en is in 2024 ook daadwerkelijk geïmplementeerd. De voorwaarde is opgenomen in de vergunning en vergunninghouders worden actief gewezen op het voldoen aan de verplichting. Via direct klantcontact, worden belrondes georganiseerd om alle vergunninghouders te benaderen en te activeren om foto bewijzen aan te leveren binnen de gestelde termijn van 3 jaar. Vergunninghouders hebben dus nog de tijd om te voldoen aan de verplichting. Na verstrijken van deze termijn zal de strategie nader worden geëvalueerd

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

•

•

•

•

Vanaf de start van ETB is een grote slag gemaakt in het in stedelijk in beeld brengen van de brandveiligheid van alle meldingsplichtige panden. Bij het beheersen van deze risico´s speelt het menselijk aspect en gedrag vaak een grote rol. Zoals onbekendheid met de regelgeving van de pandeigenaar of de meldingsplichtige. Het blokkeren van vluchtroutes met obstakels door gebruikers. Een ander aandachtspunt is het beleggen van de verantwoordelijkheden om alle aspecten van brandveiligheid in de gaten te blijven houden. Uit de praktijk blijkt dat wanneer dat niet helder is, de voorschriften minder goed worden nageleefd. Dit maakt dat voorlichting een belangrijke component is in onze aanpak. De risicogerichte aanpak van brandveiligheid heeft een bredere reikwijdte dan de groep gebruiksmeldingplichtige panden. Ook bij o.a. woningen is een risicogerichte aanpak van brandveiligheid relevant; waarbij moet worden onderzocht bij welke (kwetsbare) groepen en woningen de risico’s het grootst zijn. In 2024 voerde het Expertise Team Brandveiligheid 3.082 controles brandveilig gebruik uit. Geconcludeerd kan worden dat in de overgrote meerderheid van de gevallen er voldaan wordt aan de regels maar dat er regelmatig herhaalcontroles en verbeterafspraken gemaakt moeten worden. Hierbij speelt ook mee dat er bij instellingen regelmatig sprake is van personele wisselingen.

Eigenaren, beheerders en gebruikers spelen een belangrijke rol in het brandveilig gebruiken van een gebouw. Het gedrag van gebruikers is daarbij essentieel, dat vereist continue aandacht. Het is daarom van belang dat er periodiek toezicht uitgevoerd blijft worden om te voorkomen dat de aandacht verslapt zodat de brandveiligheidsrisico’s zoveel mogelijk worden beperkt. Uit het nalevingsonderzoek dat door directie OOV is verricht en het toezicht dat stadsdeelcentrum op verschillende aspecten van de Alcoholwet heeft uitgevoerd, blijkt dat naleving van de Alcoholwet in de regel ondermaats. Het actief toezichthouden op de Alcoholwet wordt daarom in 2025 in alle stadsdelen verder uitgerold.

5

•

•

•

In 2024 is door VTH ingezet op versterking van de VTH-taken rondom evenementen. Zo zijn veiligheidsvoorschriften bij grote evenementen aangescherpt en is gericht toezicht uitgevoerd op de bezoekersveiligheid bij evenementen. Deze lijn wordt in 2025 verder voortgezet. Om adequaat te kunnen optreden tegen overtredingen bij evenementen wordt de Handhavingsstrategie overtredingen evenementen gevolgd. Door de juristen is een handelingsperspectief geschreven op verzoek van de toezichthouders waardoor de Handhavingsstrategie makkelijker toepasbaar wordt. Dit handelingsperspectief wordt geëvalueerd en ook stedelijk verder doorontwikkeld. De Amsterdamse aanpak zorgt voor meer zicht op de prostitutiebranche, zowel vergund als onvergund waardoor misstanden beter gezien worden. Een integrale samenwerking met ketenpartners in het veld, maakt dat kwetsbare sekswerkers beter bij hulpverlening terecht komen. Met het vergunningstelsel en de daarbij behorende toezicht en handhaving, werken we aan een veilige en schone vergunde branche. De samenwerking op het dossier prostitutie met in- en externe partners is verbeterd.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Versie: 24-07-2024

Inhoud

1.

2.

3.

Algemeen 1.1 Programmatische uitvoering VTH-taken 1.2 Prioriteitstelling VTH-opgaven  1.3 Uitvoering VTH-taken in 2024  1.4 VTH-uitvoeringsprogramma  1.5 Leeswijzer Opgaven in de fysieke leefomgeving  2.1 De bewoonde stad 2.2 De compacte stad  2.3 De drijvende stad 2.4 De duurzame stad  2.5 De groeiende stad 2.6 De leefbare stad 2.7 De veilige stad  2.8 De vitale stad  Gevolgen voor beleid en uitvoering Beleidsevaluatie, trends en ontwikkelingen 

9

9 9 10 11 11 13

13 16 19 22 25 29 31 34 45

45

Bijlage I: Specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel  48 Bijlage I: Kengetallen 56

7

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

1. Algemeen

Amsterdam voert een breed scala aan vergunning­ verlening, toezicht en handhavingstaken (VTH) uit. Het uitvoeren van deze VTH-taken draagt bij aan een veilige, duurzame, leefbare en gezonde fysieke leefomgeving voor Amsterdammers. We houden ons onder andere bezig met activiteiten die invloed hebben op de fysieke leefomgeving, zoals bouwen en bedrijvigheid. Met de komst van de Omgevingswet is het bestaande stelsel ingrijpend herzien. De Omgevingswet gaat uit van een integrale benadering van de fysieke leefomgeving, waarin de diverse belangen in onderlinge samenhang worden beschouwd. In het nieuwe VTH-beleid Fysieke Leefomgeving 2024 (FLO) is aangesloten bij de integrale benadering van de Omgevingswet.

Deel 1:

Algemeen

In dit jaarverslag wordt beschreven wat de inspanningen en resultaten zijn van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in 2024 in de gemeente Amsterdam op basis van de Omgevingswet en het nieuwe VTH Beleid Fysieke Leefomgeving. Het gaat om alle VTH-taken voor bouwen en gebruik. Zoals de vergunningverlening, toezicht en handhaving op de staat van bestaande gebouwen en op het slopen, (ver)bouwen en het gebruik van gebouwen. Maar ook de vergunningverlening, toezicht en handhaving van onder meer exploitatievergunningen voor horeca, evenementen, ligplaatsen voor woonboten en van de huisvestingsverordening. Deze taken zijn uitgevoerd door de stadsdelen, de gemeentelijke directies Wonen, Ruimte & Duurzaamheid, Brandweer Amsterdam-Amstelland (BAA) en de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied.

1.1 Programmatische uitvoering VTH-taken Professionele uitvoering van de VTH-taken vindt in Amsterdam programmatisch en cyclisch plaats. Dat betekent dat professionele uitvoering van de VTHtaken plaatsvindt op basis van inzichtelijke keuzes. In de wetgeving zijn hiervoor proceseisen opgenomen. Grondslag van de VTH-beleidscyclus is de Big 8 (zie figuur). De uitvoering is gericht op het bereiken van vooraf afgesproken resultaten. Het beleid wordt jaarlijks geëvalueerd en de resultaten worden gebruikt voor het (eventueel) bijstellen van prioriteiten, doelen, strategieën en concrete activiteiten.

9

Bewoners, Ondernemers, Bezoekers Gebiedsgericht werken

Uitvoeren

Voorbereiding en werkwijze

Opgave

Monitoren

Programmeren

Evaluatie en probleemanalyse

Opgave

Bepalen strategieën

Prioriteiten en doelen

1.2 Prioriteitstelling VTH-opgaven De capaciteit en de middelen waarover de gemeente beschikt zijn beperkt. Dit betekent dat we prioriteiten moeten stellen. Dit doen we op basis van een risicoanalyse. Per opgave is in het VTHBeleid FLO beoordeeld welk negatief effect op de fysieke veiligheid, sociale kwaliteit leefomgeving, natuurwaarde, omgevingskwaliteit, volksgezondheid en financieel economisch effect optreedt als de weten regelgeving niet nageleefd wordt. En hoe groot het effect is als het optreedt en hoe vaak dit effect gemiddeld genomen voorkomt. We hebben ook bepaald in welke mate het wel en goed oppakken van de opgave bijdraagt aan het Amsterdamse beleid op het gebied van duurzaamheid en ondermijning. De VTH-opgaven waar de gemeente voor staat binnen het domein van de fysieke leefomgeving zijn geïnventariseerd en gegroepeerd naar hoofdthema. Waar mogelijk is aangesloten bij de terminologie van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

De bewoonde stad (gebruik, kwaliteit en bescherming woningen). De compacte stad (aantrekkelijk, kwalitatief ). De drijvende stad (wonen en werken op het water). De duurzame stad (energie, klimaat). De groeiende stad (realisatie, ambitie, vernieuwing). De leefbare stad (flora, fauna, bodem). De veilige stad (gezondheid, fysieke veiligheid). De vitale stad (exploitatie, organisatie, bedrijvigheid).

1.3 Uitvoering VTH-taken in 2024 De aan de fysieke leefomgeving gerelateerde VTH-taken werden in 2024 door verschillende uitvoeringsorganisaties uitgevoerd: stadsdelen, de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) en een aantal directies. Uitvoeringorganisaties en ketenpartners weten elkaar te vinden.

Taakuitvoering door de directies en OD NZKG

1.4 VTH-uitvoeringsprogramma

1.5 Leeswijzer

Bij de uitvoering van de VTH-taken zijn naast de stadsdelen verschillende directies betrokken.

In het VTH-uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks de VTH-capaciteit geprogrammeerd naar concrete inzet en projecten. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt in verschillende soorten opgaven:

In de volgende hoofdstukken zijn per onderwerp de bevindingen en resultaten in 2024 beschreven. Daarbij zijn ook relevante ontwikkelingen benoemd. Door enkele uitvoeringsorganisaties wordt separaat gerapporteerd, zoals in paragraaf 1.3 is aangegeven. Waar relevant wordt in een onderwerp naar deze separate rapportages verwezen.

Wonen richt zich via een projectmatige aanpak op verschillende stedelijke opgaven binnen het thema woningkwaliteit en woonfraude. Afstemming met stadsdelen en stadsgebied Weesp op inzet en bijdrage vindt onder meer plaats via de verschillende programma’s en projectplannen. Over de programma’s wordt separaat gerapporteerd aan het bestuur. Monumenten en Archeologie maakt onderdeel uit van Ruimte & Duurzaamheid en is als gemeentelijk kenniscentrum het aanspreekpunt voor belanghebbenden en belangstellenden voor het Amsterdamse erfgoed. Bij de uitvoering van VTHtaken bij een monument worden zij betrokken als adviseur door de Commissie Omgevingskwaliteit en de stadsdelen.

Taakuitvoering door de stadsdelen Een belangrijk deel van de VTH-taken in de fysieke leefomgeving is gemandateerd aan het bestuur van de stadsdelen en stadsgebied Weesp. Het bestuur heeft de concrete uitvoering vervolgens onder gemandateerd en belegd bij de afdelingen VTH Bouw & Gebruik van de stadsdelen. Enkele taken zijn in centrale teams ondergebracht, zoals het toezicht op gebruiksvergunningen en –meldingen door het Expertiseteam Brandveiligheid (ETB). Tot slot zijn bepaalde stadsdeel overstijgende VTHtaken ondergebracht bij de afdeling Regie Advies en Projecten (RAP); denk hierbij aan de VTH-beleidscyclus, afhandeling stadsdeel overstijgende raadsvragen, stedelijke VTH-projecten, procesoptimalisatie, data en informatiesturing, etc. In 2024 is nagedacht over een doorontwikkeling van de huidige VTH-organisatie. Van een optelsom van zeven afdelingen binnen zeven stadsdelen naar een meer efficiënt aangestuurd organisatieonderdeel. Deze doorontwikkelgedachte zal in 2024 en 2025 verder worden uitgewerkt.

De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG) voert in opdracht van de gemeente alle milieu gerelateerde VTH-taken uit het basistakenpakket1 uit. Daarnaast heeft Amsterdam diverse ‘plustaken’ (onder andere bouwen, brandveiligheid, slopen, etc.) ondergebracht bij de OD NZKG. Deze plustaken zijn ingebracht ter ondersteuning van de stadsdelen en voor de uitvoering van de VTH-taken in de grootstedelijke gebieden. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied rapporteert in een eigen jaarverslag over de uitvoering van de VTH-taken die namens de gemeente Amsterdam zijn uitgevoerd (basis- en plustaken). Ruimte & Duurzaamheid is opdrachtgever vanuit gemeente Amsterdam aan de OD NZKG. Daarnaast adviseert Ruimte & Duurzaamheid op aanvragen die afwijken van de ruimtelijke regels. Ook voert zij beleidstaken uit op het gebied van (onder andere) ruimtelijke ordening, stedenbouw en duurzaamheid.

Basisopgaven De Amsterdammer neemt bij dit type opgave het initiatief. Denk aan aanvragen voor een vergunning, sloopmeldingen, starten met een bouwproject, toezicht op gebruik van nieuwe inrichtingen en bouwwerken, handhavingsverzoeken, klachten, etc. Dynamische opgaven Bij deze taken neemt de gemeente of de OD NZKG het initiatief. Denk aan de stadsbrede of gebiedsgerichte aanpak van illegaal wonen, slechte gebouwkwaliteit, vernielen monumenten en welstandsexcessen of het stimuleren van duurzaamheidsmaatregelen in bepaalde branches, etc. Ook het toezicht op het gebruik van bestaande inrichtingen en bouwwerken valt hieronder. Dynamische opgaven geven invulling aan een specifieke behoefte en hebben een concreet doel. We pakken dynamische opgaven vaak projectmatig op. Als de dynamische opgaven stadsdeel overstijgend zijn spreken we van ‘stedelijk dynamische opgaven’. Lokale dynamische opgaven Een deel van de beschikbare capaciteit wordt gereserveerd voor het uitvoeren van lokale dynamische opgaven binnen de stadsdelen of stadsgebied Weesp. Deze lokale dynamische opgaven voorzien in een lokale (stadsdeel/ gebieds-) prioriteit of behoefte. De stadsdelen en stadsgebied Weesp geven naar eigen inzicht/ behoefte invulling aan hun lokale dynamische opgaven.

De lokale dynamische opgaven die zijn uitgevoerd in 2024, zijn benoemd in Bijlage I, ‘specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel’.

Ieder hoofdstuk start met een inleiding op het thema, waarbij in een oranje kader het doel is beschreven. Vervolgens wordt een kwalitatief (beschrijvend) en kwantitatief (cijfermatig) overzicht gegeven van de inspanningen en resultaten op het thema in 2024. Hierna volgt een duiding en evaluatie per thema. Daarbij wordt vermeld of de voor dit thema in het ­VTHbeleid fysieke leefomgeving opgenomen strategieën effect hebben gehad of verdere aanscherping behoeven. Het jaarverslag wordt in hoofdstuk 3 afgesloten met een meer algemene beschouwing op wat de gevolgen zijn voor beleid en uitvoering van de VTH-taken in 2025 en verder. In ‘Bijlage I specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel’ zijn de specifieke bevindingen per stadsdeel/ stadsgebied Weesp gebundeld weergegeven. In ‘Bijlage II – Kengetallen’ worden de kengetallen (aantallen/ cijfers) over 2024 weergegeven voor de stadsdelen en stadsgebied Weesp.

1.De omzetting van het basistakenpakket onder de Wabo naar de Omgevingswet is grotendeels beleidsneutraal. Een volledige weergave van de activiteiten die onder het basistakenpakket vallen, staat in bijlage VI van het Omgevingsbesluit.

10

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

11

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

2. Opgaven in de fysieke leefomgeving

2.1 De bewoonde stad

Inspanningen en resultaten

Onder dit thema vallen de opgaven die betrekking hebben op de woningkwaliteit en het woninggebruik. Bij woningkwaliteit gaat het om het behoud en verbeteren van de woningkwaliteit en om het investeren in de bestaande woningvoorraad voor de toekomst. Bij woninggebruik ligt de nadruk op hoe woningen gebruikt worden. Gebruik van een woning voor andere doeleinden dan wonen is van invloed op beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen, maar ook op de leefbaarheid van wijken en de woningkwaliteit.

De VTH-taken op grond van de Huisvestingsverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, worden gezamenlijk uitgevoerd met de directie Wonen. De vergunningverlening ligt grotendeels bij de stadsdelen. Het toezicht en handhaving ligt bij de directie Wonen, met uitzondering van de splitsingsvergunning. Over de inzet en resultaten vanuit de directie Wonen is separaat gerapporteerd2.

Omgevingsanalyse In 2023 is de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV) vastgesteld. De AAV beschrijft de huidige volkshuisvestelijke opgaven en de ambities in Amsterdam. De AAV vormt de basis voor toekomstige beleidswijzigingen bijvoorbeeld voor de voorraadvergunningen. Door de schaarste aan woningen willen we de bestaande woningvoorraad zo veel mogelijk ­beschermen. Om die reden zijn bijvoorbeeld quota voor Bed & Breakfast vastgesteld en is er een maximum verbonden aan het aantal dagen vakantieverhuur. De Huisvestingsverordening regelt de vergunningen voor splitsen, vormen, samenvoegen, onttrekken of het omzetten van woningen.

Hoofddoel

Opgaven in de fysieke leefomgeving

We dragen bij aan de beschikbaarheid en eerlijke verdeling van woningen voor alle Amsterdammers, ongeacht inkomen, opleidingsniveau, leeftijd, levensfase of gezinssamenstelling. We zorgen er voor dat de bestaande woningvoorraad binnen Amsterdam daadwerkelijk als woonruimte wordt benut, voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen, comfortabel te bewonen is, duurzaam wordt verbeterd en toekomstbestendig is.

Splitsen Een splitsingsvergunning is nodig wanneer een eigenaar woningen in een gebouw, gebouwd voor 1940 en gelegen binnen het aangewezen gebied, met meerdere appartementen afzonderlijk wil verkopen. Het eigendom moet dan juridisch gesplitst worden in appartementsrechten of lidmaatschaps­ rechten. Aan een splitsingsvergunning zijn bouw­ kundige kwaliteitseisen verbonden. Een aantal stadsdelen hebben veel inspanningen geleverd op het beoordelen van de splitsingsaanvragen. De afgelopen jaren is sprake van een jaarlijkse stijging van het aantal aanvragen. In 2021 ging het nog om iets meer dan 200 aanvragen. In 2024 zijn er 492 vergunningen aangevraagd. Net als in eerdere jaren worden de meeste aanvragen in Zuid ingediend. In Zuid zijn 200 aanvragen ingediend, hierna volgen Centrum met 133, West met 115, Oost 37 en Noord met 7 aanvragen. In de niet genoemde stadsdelen is het splitsingsbeleid niet van toepassing. Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening neemt in de evaluatie van de Wet Betaalbare huur mee of de wetgeving mogelijk een effect heeft op een toename van de verkoop van huurwoningen. Verhuur kan door deze wetgeving minder rendabel zijn, waardoor eigenaren het pand kadastraal willen splitsen en verkopen als zelfstandige woningen. Mogelijk is dit een verklaring voor de toename van het aantal aanvragen splitsingsvergunningen.

2. Raadsinformatiebrief resultaten handhaving wonen d.d. 26 maart 2024

13

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Omzettingsvergunning Deze vergunning is nodig als een woning wordt verhuurd en bewoond door drie of meer personen die geen gezin vormen. Er moet dan een vergunning worden aangevraagd voor de omzetting van een zelfstandige woning naar (meerdere) onzelfstandige woningen. Om bij te dragen aan de leefbaarheid van de verschillende gebieden in de stad zijn op stedelijk niveau wijkquota bepaald voor het aantal toegestane omzettingsvergunningen. Per wijk is aangegeven in hoeveel woningen er kamers verhuurd mogen worden. Via een digitale kaart op de website van de gemeente Amsterdam kan ingezien worden of er in een stadsdeel nog quotum beschikbaar is. Het aantal aanvragen neemt de laatste jaren af. In 2022 waren het nog 399 aanvragen (waarvan er 313 verleend zijn) en in 2024 is dat afgenomen naar 151 aanvragen (waarvan er 108 verleend zijn). De aantallen zijn redelijk gelijk verdeeld over de verschillende stadsdelen. In Centrum komen de meeste aanvragen binnen (34), in Zuidoost de minste (15) en in Weesp zijn geen aanvragen ingediend. Met ingang van 1 januari 2025 is een plus-quotum ingesteld voor de omzettingsvergunningen naar 3 eenheden. Dat wil zeggen dat er per wijk meer ruimte beschikbaar is om door middel van een vergunning toestemming te krijgen voor kamerverhuur. Wellicht zal hierdoor het aantal aanvragen weer toenemen.

Bed & Breakfast vergunningen Een deel van een woning of woonboot kan worden gebruikt voor Bed & Breakfast (B&B). Hier is een vergunning voor vereist, mits er nog vergunningen beschikbaar zijn in een wijk. Om de leefbaarheid in de wijken te bewaken is ook voor het exploiteren van een B&B een maximaal aantal vergunningen beschikbaar per wijk. Naast een vergunning geldt tevens een registratieen meldingsplicht. De exploitant moet de B&B melden en een registratienummer aanvragen. Aangevraagde vergunningen voor B&B worden afgehandeld door één gecentraliseerd team dat is ondergebracht in stadsdeel Nieuw-West. In 2024 is gewerkt met een aangepast quotum voor B&B vergunningen. In alle wijken is het quotum met 30% verminderd, gezien de toegenomen schaarste aan woonruimte en om de leefbaarheid in wijken te behouden. Bij de beoordeling van de

14

aanvraag wordt een wijkquotum gehanteerd om te onderzoeken of er nog ruimte is voor een B&B. In 2024 zijn 124 nieuwe vergunningen en 119 wijzigingen aangevraagd.

Dynamische opgaven Gebouwkwaliteit woningen Een goede woning is een basisbehoefte voor bewoners en belangrijk voor de leefbaarheid in de stad. Dit is een van de doelen uit de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV). Wonen richt zich via een projectmatige aanpak op verschillende stedelijke opgaven binnen het thema woningkwaliteit en woonfraude. Gebouwkwaliteit is een stedelijk dynamische opgave. Meldingen en klachten over de kwaliteit van de woning worden door VTH-stadsdelen (in samenwerking en afstemming met directie Wonen) opgepakt. Daarnaast wordt periodiek op basis van een quickscan een oordeel gevormd over eventuele bouwkundige gebreken van panden in een wijk. Op basis van een schouw van de gevel en buitenkant wordt de staat van het metsel- en voegwerk plus het houtwerk beoordeeld. Achterstallig onderhoud, maar ook bouwkundige gebreken komen daarbij naar voren. In dat laatste geval wordt de eigenaar aangeschreven. Het onderdeel woningkwaliteit is ook opgenomen in de lokale meerjarenplannen van de stadsdelen: ‘Aanpak Noord’ en Masterplan ‘Samen Nieuw-West’. Masterplan ‘Aanpak Noord’ Een van de thema’s in het Masterplan ‘Aanpak Noord’ is de wens voor duurzame, kwalitatief goede woningen. De opgave is dat woningen met een bouwjaar van voor 1995 duurzaam en van goede kwaliteit zijn in het stadsdeel.

De afdeling VTH van stadsdeel Noord en de directie Wonen werken daar gezamenlijk aan. In 2024 is in 3 buurten een quikscan uitgevoerd. Daarbij is een aantal complexe casussen opgelost en wordt er overleg gevoerd met coöperaties, eigenaren en huurdersverenigingen. Samenwerkingsverbanden met diverse ketenpartners worden opgebouwd en verstevigd. Vaak is er sprake van een samenloop met bestaande projecten, zoals bijvoorbeeld de stedelijke aanpak vocht en schimmel met de corporaties.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Masterplan ‘Samen Nieuw- West ‘ Woningkwaliteit is ook een belangrijk thema in het Masterplan ‘Samen Nieuw-West’. De doelstelling is dat alle woningen met slechte kwaliteit gestart zijn met verbetering van de kwaliteit en duurzaamheid. Hier is aan gewerkt in 2024. Bij woningverbetering door woningcorporaties houdt VTH-stadsdelen contact met de directie Wonen. Meldingen over woningkwaliteit worden in afstemming met Wonen overgedragen aan de corporaties om verder op te pakken en op te lossen. Verduurzamen bestaande woningvoorraad De gemeente Amsterdam is gestart met een isolatie­ offensief voor alle woningen, zowel in de huurals koopsector. Doel is om verschillende groepen woningeigenaren en bewoners te ondersteunen om woningen snel en efficiënt te isoleren door het geven van advies en bijvoorbeeld door collectieve inkoopacties van zonnepanelen. Eén van de deelprojecten richt zich op het mogelijk maken van isolatie van monumenten en cultuurhistorisch, stedenbouwkundig en architectonisch waardevolle woongebouwen in Amsterdam. Doelstelling is om de processen rond de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor verduurzamingsmaatregelen te stroomlijnen zodat een aanvraag sneller afgehandeld kan worden. Ook is er een projectgroep gestart met deelname vanuit VTH-stadsdelen en de ­directie Wonen, die woningeigenaren begeleidt en ­adviseert over de regelgeving.

Het project is in 2024 gestart en loopt naar verwachting door tot en met 2027.

vergunningsaanvraag gegeven. Resultaat is dat op al ruim 100 woningen wel zonnepanelen kunnen worden gelegd waar dat eerst niet kon Duiding en evaluatie Voor de inwerkingtreding van de Wet betaalbare huur, per 1 juli 2024, was sprake van een stijging van het aantal aanvragen voor een splitsingsvergunning. Het aantal aanvragen voor een omzettingsvergunningen en voor een vergunning voor B&B neemt langzamerhand iets af. De in het VTH-beleid opgenomen strategie om de bouwkundige woningkwaliteit te verbeteren is gelet op de behaalde resultaten succesvol en behoeft vooralsnog geen aanpasing. Ten aanzien van woningkwaliteit is verduurzaming voor 2025 ook een belangrijk speerpunt. De resultaten van het project om de processen rond verduurzaming te stroomlijnen moeten in de periode 2025-2026 een uniforme en efficiënte werkwijze opleveren waarmee de isolatieopgave ook echt een impuls gaat krijgen en de woningvoorraad in Amsterdam verduurzaamd wordt. Na oplevering van de resultaten van het project kan worden bepaald of het VTH-beleid op dit punt verdere aanscherping of aanvulling behoeft.

Een specifiek voorbeeld van het mogelijk maken van het verduurzamen van monumenten is in stadsdeel Noord waar op diverse locaties sprake is van een beschermd stads- en dorpsgezicht. De ambitie om te vergroenen en zonnepanelen te plaatsen zorgt dan voor dilemma’s. Om te kijken wat wel mogelijk is, trekken VTH-stadsdelen, R&D en de Commissie Omgevingskwaliteit samen op. Bij afwijkingen wordt met de Commissie Omgevingskwaliteit Welstand contact opgenomen. Zonnepanelen met een rode kleur zijn onder bepaalde voorwaarden toegestaan op monumenten. De legplannen van panelen zijn voorgelegd aan de Commissie Omgevingskwaliteit. Er worden geen leges in rekening gebracht en binnen 4 weken wordt een beoordeling over de

15

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Inspanningen en resultaten Omgevingsvergunning voor een monumentenactiviteit Voor het veranderen, verbouwen, wijzigen van gebruik en het slopen van een rijks- of gemeentelijk monument is een omgevingsvergunning voor een monumentactiviteit noodzakelijk. Deze vergunning voor een (rijks)monumentenactiviteit, inclusief het houden van toezicht hierop is een taak van de afdelingen VTH van de stadsdelen. We willen bereiken dat aanvragen en verleende vergunningen volgens de regels worden getoetst en uitgevoerd, dat monumentale waarden behouden blijven, dat termijnen worden behaald en dat aanvragers zich bewust zijn van hun verantwoordelijkheden.

2.2 De compacte stad Onder dit thema vallen de opgaven die betrekking hebben op het behouden van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Kwaliteit vatten wij hierbij in brede zin op: ruimtelijke kwaliteit, fysieke kwaliteit, behoud van het stedelijk schoon en het gebouwde erfgoed, et cetera. Ook de opgaven die als doel hebben dat gebouwen en open terreinen geschikt zijn en blijven voor hun functie vallen onder dit thema. Binnen dit thema wordt samengewerkt tussen de stadsdelen en team Monumenten en Archeologie (MNA) van Ruimte en Duurzaamheid. Onder meer voor het adviseren in het kader van vergunningverlening middels de commissie ruimtelijke kwaliteit.

Omgevingsanalyse Binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam bevindt zich een grote hoeveelheid oudere en historische bebouwing. De kwaliteit van de bebouwing heeft grote invloed op de beleving van de stad, zowel in de woning als op straat en in de buurt. Het stedelijk schoon en het gebouwde erfgoed bepalen in hoge mate de identiteit

16

en de kwaliteit van Amsterdam. Daarnaast is de druk op de bestaande bebouwing en de beschikbare ruimte groot; grond en bebouwing zijn duur. Gebruikers zoeken vaak naar mogelijkheden om de beschikbare ruimte zo optimaal mogelijk te benutten. Een gevolg hiervan is dat er regelmatig bouwwerken en terreinen op een andere manier worden gebruikt dan waarvoor ze oorspronkelijk waren bedoeld. Dit levert soms strijd op met de geldende planologische visie.

Hoofddoel In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 staat dat Amsterdam een mooie, compacte stad wil zijn. Dat betekent dat ruimte in de stad slim benut wordt en het geheel ruimtelijke kwaliteit oplevert. Hierbij spelen de VTH-opgaven die onder dit thema vallen een grote rol. Het hoofddoel van het thema de compacte stad is: We dragen bij aan het behouden en verbeteren van de kwaliteit van de bebouwde omgeving en de geschiktheid van bouwwerken en open terreinen voor hun functie.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

In 2024 zijn 427 omgevingsvergunningen aangevraagd voor een rijksmonumentenactiviteit. Hiervan waren er maar liefst 341 in stadsdeel Centrum gelegen. Daarnaast zijn er 392 aanvragen gedaan voor een omgevingsplan activiteit voor een gemeentelijk monument. Hiervan waren er 138 afkomstig uit stadsdeel Centrum en 134 uit stadsdeel Zuid. Opvallend was dat veel aanvragen in december 2023 zijn ingediend, net voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Deze zijn behandeld onder de oude regelgeving. VTH-stadsdelen heeft een goede samenwerking met het adviserende expertiseteam Monumenten en Archeologie van de afdeling Ruimte en Duurzaamheid. Een expert van dit team gaat soms mee met een bouwinspecteur tijdens een inspectie van een monumentaal pand. Ook voor de adviserende afdeling van Monumenten en Archeologie was de Omgevingswet nieuw. Daardoor kostte het in het begin wat extra tijd om tot een goed advies te komen.

Omgevingsplanactiviteit: omgevingsvergunning sloop in een beschermd stads- of dorpsgezicht Deze vergunning is het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht. Oftewel voor het geheel of gedeeltelijk afbreken van een bouwwerk binnen het aangewezen beschermde gebied. In 2024 zijn er 44 aanvragen gedaan voor een sloopvergunning in een rijks beschermd stads- of dorpsgezicht of een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.

Dynamische opgaven Verduurzaming monumenten Bij monumenten wordt ook ingezet op verduurzaming. In de meeste gevallen gaat het om het plaatsen van zonnepanelen en isolatieglas. In de praktijk kan het verduurzamen van monumenten soms ingewikkeld zijn omdat er sprake is van tegenstrijdige belangen. Het college van B&W heeft in 2024 prioriteit gegeven aan de mogelijkheden voor verduurzaming van monumenten. Via de uitvoeringsagenda Duurzaam Erfgoed zet de gemeente in op minder regels, snellere procedures en meer begeleiding voor eigenaren via het Loket Duurzaam Erfgoed. In samenwerking met alle betrokken partners, zoals team Monumenten en Archeologie, worden mogelijkheden onderzocht en praktisch toegepast bij het adviseren rondom een aanvraag. Zo zijn er bijvoorbeeld handreikingen opgesteld waarin beleidsregels staan voor het plaatsen van zonnepanelen op monumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten. Knelpunt bij grotere verduurzamingswerkzaamheden is, dat deze vaak niet passen binnen het Omgevingsplan en de gewenste ruimtelijke kwaliteit. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van een warmtepomp. Opvallend is dat veel aanvragen voor de opbouw van een warmtepomp worden gedaan door deelnemingen van de gemeente Amsterdam, zoals NV Zeedijk, NV Stadsgoed en Stadsherstel.

Omgevingsvergunning voor een afwijkactiviteit Voor het binnenplans- of buitenplans afwijken van het omgevingsplan is een vergunning omgevingsplanactiviteit nodig. Er zijn 362 aanvragen in 2024 gedaan voor een Omgevingsplan activiteit om binnenplans af te wijken. Daarnaast zijn er 248 aanvragen gedaan om buitenplans af te wijken (BOPA).

17

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Actieve communicatie richting eigenaren monumenten Om beschadigingen van monumentale waarden te voorkomen is het van belang dat nieuwe eigenaren goed op de hoogte zijn van de regels. Door goede communicatie proberen we overtredingen te voor­ komen. Als aanvullende opgave is capaciteit gereser­ veerd om nieuwe eigenaren van monumenten proactief te informeren. Hierbij worden zij op de hoogte ge­ steld van de bijzondere status van hun pand en de verantwoordelijkheid die daarbij komt kijken. Stadsdeel Centrum verstuurt deze brieven voor de hele stad, circa 200 per maand, naar aanleiding van gegevens uit het Kadaster.

De huidige beleidsstrategie behoeft geen aanpassing. Nieuwe eigenaren van monumenten worden voldoende proactief geïnformeerd middels de brieven die stads­ deel Centrum verstuurd voor de hele stad. Verdere voorlichting en begeleiding van eigenaren bij het onderzoeken van mogelijkheden voor verduurzaming van monumenten wordt gegeven via het Loket Duurzaam Erfgoed.

Duiding en evaluatie Dit thema behoeft continue aandacht. Het monumentale erfgoed bepaalt voor een groot deel de identiteit van Amsterdam. Uitdaging is om de kwaliteit en duurzaamheid van deze gebouwen op hedendaags niveau te brengen en daarbij de monumentale waarde en uitstraling te behouden. Stedelijk is ingezet om samen met ketenpartners als team Monumenten en Archeologie actief te zoeken naar mogelijkheden voor verduurzaming met behoud van de waarden. Dit heeft een positief en praktisch resultaat gehad. Mogelijkheden inmiddels zijn vastgelegd in hand­ reikingen die zowel eigenaren als behandelaren helpen bij het vergunningsproces.

18

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

2.3 De drijvende stad

Hoofddoel

Onder dit thema vallen de VTH-opgaven die betrekking hebben op het wonen en werken op het water in Amsterdam. Er is een groot aantal bouwwerken, vaartuigen en objecten dat gebruik maakt van de Amsterdamse wateren.

Met de VTH-taken dragen we bij aan een veilige en gezonde woon- en werkomgeving op het water, een goede balans tussen het gebruik door Amsterdammers en een veilige en vlotte doorvaart.

Omgevingsanalyse

Inspanningen en resultaten

In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 is benoemd dat wonen en werken in of aan het water populair is. Eigenaren van woonboten willen graag uitbreiden, met een drijvend terras rondom de woonboot en ruimte voor bijvoorbeeld opslag op de oever. Cafés en restaurants willen graag een terras aan het water, op een steiger, of zich vestigen op een restaurantboot. Kantoren vinden uitzicht op het water een verrijking. Deze ontwikkelingen belemmeren wel steeds meer het vlotte en veilige scheepvaartverkeer, de waterkwaliteit en het vrije uitzicht op het water.

Er komen in Amsterdam bijna geen nieuwe ligplaatsen bij, omdat de ruimte aan en op het water schaars is. Als gevolg van een uitspraak van de Raad van State uit 2014 worden woonboten gezien als een (drijvend) bouwwerk. Hierdoor moeten de meeste woonboten en niet-varende bedrijfsvaartuigen voldoende aan de bouwtechnische regelgeving die bij bouwwerken hoort. Bijvoorbeeld regels over brandveiligheid, welstand en eisen aan verblijfruimtes. Omdat veel bestaande woonboten niet te vergelijken zijn met een woning op het land is op 1 januari 2018 de Wet verduidelijking voorschriften woonboten (Wvvw) in werking getreden.

19

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Ook het plaatsen van een woonboot of niet-varend bedrijfsvaartuig wordt gezien als bouwen, waarvoor vaak een omgevingsvergunning nodig is. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt getoetst aan het omgevingsplan, aan welstandseisen en aan het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. Verder is op grond van de Verordening op het Binnenwater ook een ligplaatsvergunning vereist. Deze is gebonden aan de houder, ligplaats en het vaartuig. Een aanvraag voor een ligplaatsvergunning wordt onder andere getoetst aan nautische regelgeving zoals het vlot en veilig scheepvaartverkeer, diepgang ten aanzien van het profiel van de vaarweg en veilig afmeren aan de kade. Alle ligplaatsvergunning die zijn afgegeven voor 2018 vallen onder het overgangsrecht en zijn van rechtswege overgegaan in een Omgevingsvergunning ligplaats. In 2024 zijn er 16 omgevingsvergunningen voor een (bouwtechnische) bouwactiviteit voor een drijvend bouwwerk verleend. Daarnaast zijn er 59 omgevingsvergunningen verleend voor bouwen zonder bouwtechnische component. Het kan daarbij gaan om een andere ligplaats, nieuwe eigenaar of een nieuwe woonboot. Voor een bedrijfsvaartuig zijn er in 2024 46 ligplaatsvergunningen verleend. Hiervan was een aanzienlijk deel in stadsdeel West, namelijk 24 ligplaatsvergunningen. Het grootste aantal ligplaatsvergunningen voor een woonboot in 2024 is verleend in stadsdeel Centrum, namelijk 59.

In Oost zijn er 37 ligplaatsvergunningen verleend, in Noord 24 en in Nieuw-West 4. Voor het aanbrengen van een object in, aan of boven openbaar water van de gemeente Amsterdam is een ontheffing vereist. Hierbij valt te denken aan dukdalven, meerpalen, toegangsvoorzieningen, warmtepompen, steigers en vlotten. In 2024 zijn er 15 ontheffingen verleend. Stadsdelen Centrum en Oost hebben een aantal kleine objecten aangewezen, die onder bepaalde voorwaarden zonder ontheffing mogen worden geplaatst.

20

Dynamische opgaven Uitvoering project Nulmeting woonboten Na een uitspraak van de Raad van State in 2014 moeten alle woonboten gezien worden als (drijvend) bouwwerk. Om zicht te krijgen op alle woonboten binnen Amsterdam en de juistheid van de Basis Administratie Gebouwen (BAG) registraties zijn alle woonboten binnen Amsterdam gecontroleerd op maatvoering en aanwezigheid van een ligplaatsvergunning. Hiervoor werd het stedelijk team Aanpak Nulmeting Woonboten opgericht. Uit het door het stedelijk team uitgevoerde onderzoek zijn diverse strijdige of onduidelijke situaties naar boven gekomen. Omdat sprake was van een groot aantal strijdigheden en illegale situaties heeft het college op 15 december 2020 de ‘Aanpak Nulmeting Woonboten’ inclusief de ‘Handhavingsstrategie Woonboten’ vastgesteld. Deze beleidsdocumenten bevatten onder andere regels voor de handhavingstaken voor drijvende bouwwerken: woonboten, varende en stationerende bedrijfsvaartuigen. Inmiddels zijn er binnen het Project Nulmeting Woonboten een aanzienlijk aantal overtredingen (onveilige onderhoudsstaat) beëindigd, veelal in overeenstemming met eigenaren en bewoners van de woonboten en incidenteel verplicht middels juridische handhaving.

Projectteam Nulmeting Woonboten heeft in 2024 tijdens de reguliere controles ook speciale aandacht gegeven aan illegale toeristische verhuur, langdurige leegstand en onrechtmatig gebruik van woonboten. Er is in 7 gevallen ook toezicht gehouden op basis van een melding illegale verhuur. Bij een mogelijk overtreding wordt het toezicht en de eventuele handhaving overgedragen aan de directie Wonen die toezicht houden op B&B. Verder is in 2024 is in stadsdeel West het traject rondom de reparatie vergunningen woonboten Houthavens afgerond. Alle woonboten in de Houthavens beschikken weer over een geldige lig- en omgevingsvergunning. Het stadsdeel heeft dit gezamenlijk opgepakt met het project Nulmeting woonboten.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Duiding en evaluatie De balans houden tussen het gebruik van de kades en het water blijft een continue uitdaging, waarbij veel dynamiek is. Op diverse plekken wordt gewoond op het water zonder de juiste vergunning, hierdoor ontstaat overlast. Continue aandacht hiervoor bij de stadsdelen bij het toezicht en handhaving is noodzakelijk. De complexiteit rondom vergunningverlening wordt alsmaar groter en zorgt voor de nodige vragen bij zowel vergunningverleners als bij de aanvragers. Bijvoorbeeld binnen stadsgebied Weesp, waar door de fusie met Amsterdam nieuwe regels van kracht zijn. Daarnaast zien we dat eigenaren de grenzen opzoeken van het maximaal toegestane oppervlakte van de woonboot. Hierdoor ontstaan er in de praktijk excessen, waarbij de boot te diep is en hierdoor niet aan de eisen voldoet voor een ligplaatsvergunning. Tijdige informatieverstrekking en duidelijkheid over alle regels die voor woonboten gelden kunnen dit voorkomen. Om precedentwerking en onveilige situaties te voorkomen is het noodzakelijk om bij excessen direct op te kunnen treden. De afgelopen jaren is dit met het project nul­ meting woonboten goed opgepakt. Nu dit project in 2025 eindigt, is het belangrijk om de aandacht hiervoor de komende jaren niet te laten verslappen.

Het uitvoeren van de (specifieke) beleidsstrategieën voor het thema De Drijvende Stad heeft ook in 2024 een belangrijke bijdrage geleverd aan het behalen van de gestelde doelen. De strategie is succesvol.

21

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Medewerkers van de afdelingen vergunning van de stadsdelen hebben begin 2024 een training gehad om de toets uit te kunnen voeren. In de praktijk blijkt deze toets echter nog steeds complex te zijn. Komende periode worden daarom aanvullende trainingen georganiseerd voor de vergunningverleners. Toezicht vindt onder andere plaats bij grote bouwprojecten.

Alle pandeigenaren hebben in 2024 een eerste brief ontvangen, waarin de regels voor Label C zijn uitgelegd. Er zijn in 2024 door de stadsdelen in totaal 23 voornemens verstuurd en 11 besluiten last onder dwangsom opgelegd. Inmiddels zijn 3 dwangsommen verbeurd. Voor het resterende deel van de panden die nog niet voldoen aan de Label C verplichting loopt de termijn voor het uitvoeren van het plan van aanpak nog.

Dynamische opgaven

2.4 De duurzame stad Amsterdam wil een duurzame stad zijn, voor nu en voor de generaties na ons. Duurzaamheid zit ook verweven in veel aspecten van VTH-taken die in andere thema’s voorbijkomen. Zoals het toezicht op de bouw en de inzet op kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Bij het thema duurzame stad gaan we in op energie­ besparende maatregelen en het opslaan van hemelwater.

Inspanningen en resultaten

Omgevingsanalyse

Hemelwaterberging Amsterdam wil klimaat adaptief bouwen en zorgen dat de stad beter zware regenbuien kan verdragen. Het is nodig om water op deze wijze op te kunnen vangen omdat het riool extreme hoosbuien, die steeds vaker voorkomen, niet in één keer kan afvoeren. De regels van de Hemelwaterverordening uit 2011 zijn in 2024 opgenomen in het Omgevingsplan. Met de komst van de Omgevingswet is het naleven van de voorwaarden van de hemelwaterberging een weigeringsgrond geworden. Nieuwe gebouwen, gebouwen die ingrijpend gerenoveerd worden en gebouwen waar een verdieping aan wordt toegevoegd moeten aan de eis voldoen om hemelwater te kunnen borgen en af te voeren. Tijdens de aanvraag wordt op basis van een rekentool getoetst of het ontwerp in de aanvraag voldoet aan deze normen.

Het veranderend klimaat heeft invloed op Amsterdam. Amsterdam zet erop in om die gevolgen zo klein mogelijk te houden én de impact van de stad zelf op het klimaat zo klein mogelijk te maken. We willen een stad zijn die goed omgaat met de effecten van klimaatverandering, zoals water-overlast, toenemende periodes van droogte en hitte en verandering van biodiversiteit.

Hoofddoel De inzet van VTH-taken draagt bij aan de doelstellingen rondom klimaatadaptatie en energietransitie. Wij dragen bij aan een duurzame stad waarin ruimte is voor wonen en bedrijvigheid, met aandacht voor bodem, grondwater, waterberging, constante energiebeschikbaarheid en energiebesparing.

22

De inspanningen en resultaten binnen dit thema zien niet zozeer op de afhandeling van specifieke vergunningen/ meldingen, maar op het meewegen van duurzaamheidsaspecten bij de toetsing en belangenafweging van reguliere vergunningen. Daarnaast worden binnen dit thema op project-matige basis dynamische opgaven uitgevoerd.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

Energiebesparing: onderzoek naar Label C kantoorpanden Vanaf 1 januari 2023 is voor panden met meer dan 99 m2 kantoorruimte minimaal een Energielabel C verplicht. Voor een deel van de kantoren geldt dat het pand verduurzaamd moet worden om te kunnen voldoen aan deze verplichting. Voordeel is dat daardoor de energiekosten lager worden en de CO2uitstoot verminderd. Amsterdam houdt toezicht en handhaven op deze verplichting conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Uitgangspunt van de strategie is dat kantooreigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor de verduurzaming. De gemeente biedt ondersteuning in de vorm van duurzaamheidsadvies en wijst de eigenaar op de verplichting. Als dat uiteindelijk niet tot de gewenste verduurzaming leidt dan gaat het handhavingstraject van start. Voor panden met een kantooroppervlak van 100 tot 800 m2 neemt VTH het toezicht en de handhaving voor haar rekening. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (hierna: Omgevingsdienst) doet dit voor kantoorpanden met meer dan 800m2 kantoorruimte. Het toezicht op deze verplichting is stedelijk project­ matig opgepakt. Na een eerste inventarisatie in de categorie 100 tot 800 m2 waren er voor VTH 419 panden. Hiervan bleken 101 panden in deze categorie om verschillende redenen niet Label C plichtig zijn.

De verplichting is bijvoorbeeld niet van toepassing als het een monument betreft, het gebruik als kantoor binnen 2 jaar beëindigd zal zijn of wanneer er minder dan 50% van deze oppervlakte wordt gebruikt als kantoor. Fysieke controle was alleen noodzakelijk wanneer uit de beschikbare informatie niet eenduidig was af te leiden hoe groot het feitelijk kantooroppervlak is.

23

Zo zijn bijvoorbeeld een aantal eigenaren nog in afwachting van een besluit op de aanvraag voor een Omgevingsvergunning, zijn er eigenaren die een beroep doen op de hardheidsclausule om gemotiveerd te mogen afwijken, of eindigt het gebruik als kantoor omdat het pand binnenkort wordt gesloopt of verbouwd wordt tot woning. Van de label plichtige panden voldoet eind 2024 inmiddels ruim 76% aan de wettelijke eisen. Toezicht en Handhaving Label C structureel In eerste instantie is de handhaving van Label C als projectopgave ingericht. Deze taak is echter wel structureel van aard, hoewel met een lage frequentie. De redenen daarvoor zijn: 1. Het energielabel heeft onder de huidige wetgeving een geldigheidstermijn van 10 jaar, 2. Het feitelijke gebruik van een pand is bepalend voor de verplichting. Dat gebruik kan uiteraard veranderen. In afstemming met de Omgevingsdienst wordt in het eerste kwartaal van 2025 een werkwijze ontwikkeld om deze handhavingstaak voor de toekomst te bestendigen.

Duiding en evaluatie Toezicht en handhaving op de Label C verplichting conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht, zoals nader geconcretiseerd in het VTH Beleid FLO 2024 van Amsterdam, heeft het gewenste effect. Kantooreigenaren op wie geen uitzonderingsgrond van toepassing is gaan over tot het verduurzamen van het pand en daarmee daalt het energieverbruik en neemt de CO2/

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

uitstoot af. De opgave was ingericht als stedelijk dynamische opgave. Gezien de geldigheidsduur van het energielabel en het veranderend gebruik van kantoorpanden bestaat de noodzaak om de taak structureel te beleggen. Hier wordt in 2025 een werkwijze voor ontwikkeld. Ten aanzien van de regelgeving omtrent de hemelwaterberging is in 2025 nog wel structureel aandacht nodig om medewerkers te informeren en te trainen in de wijze waarop de regelgeving getoetst wordt en het gebruik van de in 2024 ontwikkelde checklist bij het toezicht op locatie.

2.5 De groeiende stad

Hoofddoel

Onder dit thema vallen de opgaven die betrekking hebben op het bouwen, slopen en wijzigen van het gebruik van de fysieke leefomgeving binnen Amsterdam.

In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 wordt richting gegeven aan het bouwen aan een menselijke metropool: Amsterdam en de rest van de metropoolregio als plek waar mensen zich thuis kunnen voelen en zich kunnen ontwikkelen. Hierbij spelen de VTH-opgaven die onder dit thema vallen een grote rol. Het hoofddoel van het thema de groeiende stad is:

Omgevingsanalyse Amsterdam groeit en is in beweging. De druk op de Amsterdamse huizenmarkt is hoog, en de huizenprijzen stijgen. In zowel het voorgaande als het huidige coalitieakkoord wordt gekoerst op langjarige bouwproductie van woningen. Dit uit zich in een grote bouw dynamiek. De schaduw-zijde daarvan is dat het aantal klachten/meldingen over overlast tijdens de bouw stijgt. De GGD geeft aan dat de geluidsoverlast bij het bouwen in de top drie van overlastmeldingen staat. In de afgelopen jaren is het aantal (ver)bouwactiviteiten duidelijk toegenomen, waarbij voor een aantal grotere locaties ontheffing is gegeven om ook buiten de normale bouwwerktijden (7.00-19.00 uur) te bouwen, onder strengere voorwaarden. De ervaring leert dat omwonenden enige overlast accepteren, als ze op de hoogte worden gesteld van wat er wordt gedaan en hoelang de werkzaamheden duren.

24

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

25

We dragen bij aan de kwaliteit van de bouw en de inrichting van de openbare ruimte, met aandacht voor de omgeving en de menselijke maat.

Inspanningen en resultaten Implementatie Omgevingswet en WKB Amsterdam heeft zich intensief voorbereid op de komst van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB). Per 1 januari 2024 is het nieuwe stelsel in werking getreden. In de aanloop hiernaar toe hebben alle VTH-medewerkers cursussen en trainingen gehad. Er is een startteam ingericht waarin VTH-medewerkers uit de verschillende stadsdelen samen hebben gewerkt om deze grote wijzigingen goed voor te bereiden en daarmee onze bewoners en

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2024 | VTH Fysieke Leefomgeving, gemeente Amsterdam

in deze fase lastig voor bouwinspecteurs om een werkroutine op te bouwen op dit onderdeel.

Vergunnin gverlening voor bouwactiviteiten In 2024 moesten er zowel aanvragen onder de nieuw geïntroduceerde Omgevingswet worden behandeld als aanvragen die nog voor 1 januari 2024 waren ingediend en daarmee nog onder de Wabo vielen. Druk op de beschikbare capaciteit en gebrek aan ervaring bij zowel aanvrager als behandeld ambtenaar heeft soms het afhandelingsproces van de aanvraag vertraagd. Desondanks is het merendeel van de ingediende aanvragen binnen de nieuwe, -krappere- wettelijke termijnen afgehandeld. Er zijn 1479 omgevingsoverleggen gevoerd en er zijn 6600 vergunningaanvragen behandeld. Er zijn in totaal 3250 vergunningen (gedeeltelijk) verleend. In 984 gevallen is de aanvraag ingetrokken. Een totaal van 238 aanvragen is buiten behandeling gesteld, 155 aanvragen zijn geweigerd, bij 142 aanvragen bleek de aangevraagde activiteit uiteindelijk vergunningvrij. In die gevallen hoeft de aanvrager ook geen leges te voldoen en wordt de zaak gesloten.

Maatwerkvoorschrift geluid en werktijden Volgens artikel 7.23 van het Bbl kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld – dit is hetzelfde als wat in het Bouwbesluit 2012 een ontheffing werd genoemd -, waarbij de dagwaarden, blootstellingsduur, tijdstippen en perioden, kunnen worden versoepeld. De beoordeling vindt in Amsterdam plaats aan de hand van het ‘Afwegingskader bouwlawaai’. In 2024 zijn in totaal 17 maatwerkvoorschriften geluid opgelegd en 23 maatwerkvoorschriften werktijden. Hierop is ook toezicht gehouden. Opgemerkt wordt dat, ondanks het voorschrift waarbij voorwaarden kunnen worden versoepeld, nog steeds bij het verrichten van de werkzaamheden gebruik dient te worden gemaakt van de best beschikbare stille technieken.

Melding bouw Wet kwaliteitsborging Voor bouwactiviteiten die onder het stelsel van de Wet kwaliteitsborging (Wkb) vallen is geen omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit verplicht, maar kan worden volstaan met het indienen van een melding. De Wkb gold in 2024 nog slechts voor bouwwerken die vallen in ‘gevolgklasse 1’. Dit betreft (o.a.) nieuwbouw van grondgebonden woningen. Deze komen in Amsterdam beperkt voor daardoor is de omvang van deze activiteit relatief beperkt. In 2024 zijn minder dan 30 meldingen van een kwaliteitsborger ontvangen. Vanwege deze beperkte omvang is het

Sloopmelding In Amsterdam wordt relatief veel gesloopt. Een groot deel van de panden is van voor 1993. Amsterdam wil dat sloopactiviteiten veilig en deskundig worden uitgevoerd. Het is van belang dat sloopactiviteiten zorgvuldig gebeuren zodat gevaar, schade of hinder ervan wordt voorkomen. In 2024 zijn in totaal 773 sloopmeldingen ontvangen. In 595 gevallen is hier toezicht op gehouden.

Meldingen over (illegale) bouwactiviteiten Bij illegale bouwactiviteiten bestaat een verhoogd risico dat deze in strijd met de gestelde bouwregels worden uitgevoerd. Dit kan een risico voor de bouwtechnische staat van het gerealiseerde bouwwerk opleveren en daarmee ook een risico voor de gebruikers. Ook kan dit overlast voor omwonenden en mogelijk strijd met de planologische visie voor het gebied veroorzaken. Er is in 2024 door onze toezichthouders 1610 keer toezicht gehouden naar aanleiding van ‘SIG-meldingen’ van derden over bouwactiviteiten. Volledigheidshalve wordt hierbij opgemerkt dat het hier niet per definitie gaat om illegale bouw. De meldingen kunnen ook gaan over bouwprojecten waar wel een vergunning voor is verleend of waar wel overlast wordt ervaren maar er conform de regels wordt gewerkt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16033076/1