CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeente Amsterdam_speelautomaten_eindrapport_BEA_pdf_12jun20.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 28 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van brief over stand van zaken beleid speelautomatenhallen (ZD2020-014022)30.439 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Als een overgangstermijn van 15 jaar voor een deel van de speelhallen bij het huidige kostenniveau niet voldoende is om investeringen terug te verdienen en er geen aanleiding is te veronderstellen dat zij extra omzet kunnen genereren, dan moeten zij hun kosten aanpassen om de bedrijfseconomische situatie te verbeteren. Als zij dit niet doen of als dit niet mogelijk is (omdat kosten voor een groot deel ‘vaste kosten’ zijn), zijn zij op de langere termijn niet le-

74

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

BEA

4. Voor wat betreft bezoekersregistratie (p. 36, tabel) constateren meerdere ondernemers dat de automatenhallen geen voordeel hebben ten opzichte van Holland Casino. Sommige ondernemers kennen al het systeem van de ‘witte lijsten’ en die constatering wordt gemist in het rapport.

5. Voor wat betreft de verplichte heffing voor het verslavingsfonds (p. 39, 3e bullit)) merken de ondernemers op dat die volgens de planning zal worden ingesteld op 1 januari 2021 en niet per 1 juli 2021, zoals BEA veronderstelt. Ook daar krijgen de ondernemers op korte termijn te maken met meer kosten. Er is dus geen voordeliger positie ten opzichte van Holland Casino. 6. Meerdere ondernemers delen niet het, in het voorwoord opgenomen, uitgangspunt dat de 'vergunningen voor onbepaalde tijd’ moeten worden vervangen door ‘vergunningen voor bepaalde tijd’. Alhoewel BEA zich daar niet over heeft uitgesproken delen meerdere ondernemers niet dit uitgangspunt van de gemeente. 7. (p. 11, 4e bullit) hier wordt opgemerkt dat een deel van de speelautomatenhallen geldt dat indien de optelsom van nettowinst en afschrijvingen negatief uitkomt, er niet wordt terugverdiend. Deze speelautomatenhallen zijn buiten beschouwing gelaten bij de onderbouwing van een passende overgangsperiode’.

vensvatbaar. Wat BEA betreft is op dit punt geen aanpassing van het rapport vereist. BEA zal de waarneming dat sommige exploitanten al een systeem kennen van ‘witte lijsten’ overnemen in het rapport. BEA heeft in het onderzoek geen toelichting van exploitanten ontvangen waaruit blijkt dat daarom voor deze exploitanten geen investeringen nodig zijn in implementatie van CRUKS. De op te nemen opmerking heeft daarmee wat ons betreft dus geen invloed op de wijze waarop de kosten van CRUKS in het rapport zijn verwerkt in de exploitatie van exploitanten. BEA stelt voor deze opmerking over te nemen en de tekst daarop aan te passen.

Geen aanpassing van rapport vereist.

Als de optelsom van nettowinst en afschrijvingen (i.c. de vrije kasstroom) negatief is, dan wordt er niet terugverdiend. BEA heeft de speelhallen waarvoor dit nu of na verwerking van voor speelhallen negatieve trends (met name volledig rookverbod en legalisering online kansspelmarkt) geldt, niet buiten beschouwing gelaten in het onderzoek. De tekst kan op dit punt worden aangescherpt. Het is naar onze mening wel zo dat voor deze speelhallen geldt dat zij op langere termijn niet levensvatbaar zijn (tenzij zij hun exploitatie aanpassen, zie hiervoor punt 3).

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

75

BEA De gemeente kan haar keuzes ten aanzien van een te hanteren overgangstermijn naar onze mening niet baseren op de speelhallen die niet terugverdienen op hun investeringen. Meerdere ondernemers kunnen zich niet vinden in het uitgangspunt van BEA dat een speelautomatenhal met een negatief bedrijfsresultaat niet wordt meegerekend in het geheel. Als BEA dergelijke hallen wel had meegerekend zou dat kunnen leiden tot andere bestuurlijke keuzes. 8. Een aantal ondernemers vragen zich af of de geadviseerde overgangsperiode van 15 jaar een minimum uitgangspunt is, wat bij tegenvallende bedrijfsresultaten tot een langere overgangsperiode zou kunnen leiden.

9. Enkele ondernemers vragen aandacht voor de sociale functie die speelautomatenhallen hebben voor oudere bezoekers. Het gaat niet enkel en alleen om verantwoord speelgedrag, maar juist ook om plezier en ontspanning. Meerdere ondernemers storen zich aan politieke opvattingen

76

BEA heeft verder speelhallen met een negatief bedrijfsresultaat wel betrokken bij het onderbouwen van een passende overgangstermijn (voor zover er dan wel sprake is van een positieve vrije kasstroom en er dus wordt terugverdiend). Deze opmerking geeft wat ons betreft dus geen aanleiding tot aanpassingen in het rapport. BEA heeft in het onderzoek geïnventariseerd welke afschrijvingstermijnen exploitanten hanteren. Het beeld is dat voor de meeste vaste activa geldt, dat die na 15 jaar volledig afgeschreven zijn. Daarmee kan een periode van 15 jaar naar onze mening praktisch gezien worden als een maximum voor een te hanteren passende overgangstermijn. Als t.z.t. blijkt dat door tegenvallers exploitanten aan 15 jaar alsnog niet genoeg hebben om investeringen terug te verdienen, dan is dat op zich geen reden om de overgangsperiode alsdan te verlengen. Tegenvallers behoren tot het normale bedrijfsrisico van ondernemers. Verlenging van de overgangstermijn zou dan alleen aan de orde kunnen zijn indien de reden van de tegenvaller direct te maken heeft met door de gemeente gaandeweg de overgangstermijn te maken beleidsmatige keuzes die direct raken aan de exploitatie van speelautomatenhallen. Geen aanpassing van rapport vereist.

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

BEA die een branche willen ondergraven die al meer dan 40 jaar bestaat. Naar hun oordeel zou er een objectieve waardering van het BEA rapport plaats moeten vinden. 10. Een ondernemer is van mening dat bepaalde passages in de rapportage herleidbaar zijn naar zijn onderneming. Tevens is deze ondernemer van mening dat er KvK informatie is gebruikt waaraan onjuiste conclusies zijn verbonden. Afrondend komen wij tot de conclusie dat dit rapport van BEA ruimte en mogelijkheden biedt om goed beleid te formuleren, voordat wordt overgegaan tot het wijzigen van de verordening. Ook het Rijk (de afdeling kansspelen van het ministerie van Justitie en Veiligheid) dringt aan op het vooraf formuleren van gemeentelijk beleid (rekening houdende met de landelijke uitgangspunten van het kansspelbeleid). Wij zien een uitnodiging tot nader overleg op ambtelijk en politiek niveau dan ook graag tegemoet. Het draagvlak voor het wijzigen van de Verordening kan door deze gesprekken naar ons oordeel aanzienlijk worden vergroot. Wij zouden ons kunnen voorstellen dat er een extra informatieronde wordt ingelast om de ondernemers nader te informeren. Wij wachten de nadere berichten van de gemeente af.

BEA heeft via Fred Teeven en Niels Kooijman gecheckt op welke onderneming dit betrekking heeft en op welke passages in de tekst. De betreffende passage is aangepast. Geen aanpassing van rapport vereist.

Geen aanpassing van rapport vereist.

***

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

77

BEA Bijlage IV: vragenlijst voor caseonderzoeken exploitanten De informatiebehoefte richt zich zoals aangegeven met name op: 1. De terugverdientijd van in speelautomatenhallen door exploitanten gepleegde (of te plegen) investeringen. 2. De mate waarin exploitanten meerjarige verplichtingen zijn aangegaan (of moeten aangaan) voor het exploiteren van een speelautomatenhal en of voortijdige beëindiging van deze verplichtingen met kosten gepaard gaat en zo ja in welke mate. Daarnaast (3) stellen wij u enkele vragen ten behoeve van een in het onderzoek opgenomen algemene marktscan. Ad 1 . Terugverdientijd De terugverdientijd is gebaseerd op het door exploitanten in vaste activa geïnvesteerde vermogen enerzijds en de afschrijvingen op deze activa en de nettowinst anderzijds. Graag ontvangen wij de volgende informatie (zo mogelijk per speelautomatenhal in Amsterdam als u eigenaar bent van meerdere speelautomatenhallen:  Ontwikkeling van vaste activa voor de jaren 2014 t/m 2018.  Ontwikkeling van nettowinst (idem).  Ontwikkeling van de afschrijvingen (idem). Onder vaste activa van een bedrijf worden de bezittingen verstaan waarvan het daarvoor benodigde vermogen voor een periode langer dan een jaar is vastgelegd. Voorbeelden hiervan zijn de gebouwen, inventaris, de machines en installaties, en de transportmiddelen.

Ook immateriële zaken zoals merknaam, licenties en goodwill kunnen tot de vaste activa behoren. Gevraagde informatie: Tabel 1. Activa-administratie , bij

2 0 14

2 0 15

2 0 16

voorkeur per speelautomatenhal (in €, boekwaarde) Vastgoed (speelhal in eigendom) Speelautomaten Interieurinrichting en inventaris Kantoorapparatuur Software e.d. Immateriële vaste activa ……… Totaal : boekwaarde vaste activa

78

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

2 0 17

2 0 18

BEA Gevraagde informatie: Tabel 2. Activa-administratie , bij

Aanschaf-

Aan-

Afschrij-

Actuele

Geschatte

voorkeur per speelautomatenhal

datum

schafprijs

vingsduur

boek-

actuele

waarde

marktwaarde

Vastgoed (speelhal in eigendom) Speelautomaten Interieurinrichting en inventaris Kantoorapparatuur Software e.d. Immateriële vaste activa ……… Toelichting:  Het kan zijn dat de exploitant geen inzicht heeft in de geschatte actuele marktwaarde van de verschillende soorten activa of niet van alle soorten activa. Dit kan dan gewoon worden aangegeven.  Het kan zijn dat er niet één aanschafdatum is voor een bepaalde soort activa maar dat jaarlijks een deel van de activa wordt vervangen (bijvoorbeeld bij speelautomaten). Indien dit zo is, wordt de exploitant gevraagd het patroon van in de afgelopen jaren gepleegde investeringen in de betreffende activa toe te lichten en het van toepassing zijnde afschrijvingspatroon.  Voor immateriële vaste activa kan gelden dat deze niet is ‘aangeschaft’ (bijvoorbeeld voor de goodwill).  Als de actuele boekwaarde overeen komt met de in het jaarverslag over 2018 gerapporteerde boekwaarde, dan kan voor deze kolom worden verwezen naar Gevraagde informatie: Tabel 3. Administratie , bij voor-

2 0 14

2 0 15

2 0 16

2 0 17

2 0 18

keur per speelautomatenhal (in €, boekwaarde) Totale boekwaarde vaste activa Nettowinst Totale afschrijvingen Indien de informatie niet beschikbaar is op het niveau van afzonderlijke speelautomatenhallen, dan graag informatie voor het totaal van de Amsterdamse speelautomatenhallen invullen (en dit aangeven).

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

79

BEA Ad 2 . Meerjarige verplichtingen Voor het bepalen van de overgangsperiode naar het nieuwe verdeelsysteem is het van belang inzicht te krijgen in de mate waarin exploitanten ‘vast’ zitten aan gepleegde investeringen. Voor de investeringen in vaste activa dekken tabel 1 t/m 3 de informatiebehoefte. Deze tabellen geven een goed inzicht in het tempo van afschrijvingen en hoe lang deze afschrijvingen nog doorlopen. Daarnaast zijn ook doorlopende verplichtingen op het vlak van huur, leasecontracten of personele contracten van belang. Gevraagde informatie ten aanzien van huur- en leasecontracten (BEA wil graag inzage in deze contracten): Tabel 4. Overzicht van langlo-

Ingangsdatum con-

pende huur- en leaseverplich-

tract

Looptijd contract

Jaarlijkse verplichting

tingen e.d. Huurcontract pand Leasecontract speelautomaten ……… Gevraagde informatie ten aanzien van personele contracten (BEA wil graag inzage in deze contracten): Tabel 5. Overzicht van meerjari-

Formatie in personen

Formatie in fte

Totale loonsom of

ge personele verplichtingen

anderszins overeen-

(huidige situatie i.c. boekjaar

gekomen jaarlijkse

2018 of 2019)

vergoedingen

Vaste arbeidscontracten Overige meerjarige arbeidscontracten Managementcontracten Het karakter van familiebedrijven kan inhouden dat bedrijven zich sterk gecommitteerd voelen aan hun werknemers en dat zij daarom mensen in dienst houden ook als dit zakelijk wellicht niet volledig uit kan. Ten aanzien van de hiervoor geïnventariseerde soorten meerjarige verplichtingen, is verder van belang tegen welke kosten deze verplichtingen kunnen worden beëindigd.

80

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

BEA Gevraagde informatie: Tabel 6. Overzicht van meerjari-

Verwachte kosten van onmiddel-

Verwachte mogelijkheden om

ge verplichtingen in relatie tot

lijke beëindiging (indicatief, zijn er

beëindigingskosten te beperken

mogelijkheden deze snel en

bijvoorbeeld boeteclausules

of te voorkomen

kosteloos te beëindigen

o.i.d.?)

Huurcontract pand Leasecontract speelautomaten Vaste arbeidscontracten Overige meerjarige arbeidscontracten Managementcontracten Ad 3 . Relevante marktontwikkelingen en trends die van invloed zijn op winstniveau en terugverdientijd Graag leggen wij u de volgende vragen voor om een goed beeld te krijgen van de verwachte ontwikkeling van de Amsterdamse markt voor speelautomatenhallen: Tabel 7 . Vragen over trends en ontwikkelingen op de markt voor exploitatie van speelautomatenhallen 1.

Wat zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen op de markt voor speelautomatenhallen die van invloed (kunnen) zijn op het verdienvermogen van exploitanten van speelautomatenhallen in Amsterdam?

2.

Welke invloed op het toekomstige winstniveau en de terugverdientijd voor investeringen verwacht u van deze trends en ontwikkelingen?

3.

In welke mate is er sprake van toetredingsdrempels tot de Amsterdamse markt voor speelautomatenhallen?

4.

Indien er naar uw mening sprake is van toetredingsdrempels, leiden die dan tot langere terugverdientijden voor nieuwkomers op deze markt?

5.

Welke lokale, nationale en internationale partijen zouden interesse kunnen hebben in toetreding tot de Amsterdamse markt voor de exploitatie van speelautomatenhallen?

6.

Is het gegeven dat een deel van de in Amsterdam actieve speelautomatenhallen behoort tot familiebedrijven, van invloed op de bedrijfsvoering en marktpositie van deze exploitanten en zo ja hoe en verandert dit naar verwachting in de komende jaren?

***

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

81

BEA Bijlage V: behandeling gegevens van exploitanten Het is in het onderzoek van groot belang dat zorgvuldig wordt omgegaan met van de exploitanten te ontvangen gegevens, met name voor zover deze een vertrouwelijk karakter hebben. Het is verder van belang dat een rapport wordt opgeleverd dat door de gemeente onbeperkt openbaar gemaakt kan worden. Om recht te doen aan beide uitgangspunten (vertrouwelijk karakter van te ontvangen gegevens en openbaar eindrapport), heeft BEA in afstemming met de gemeente Amsterdam gekozen voor de volgende werkwijze:  BEA spreekt alle exploitanten in principe twee keer. De eerste keer om kennis te maken, het onderzoek nader toe te lichten en een eerste inventarisatie te plegen van aanwezige gegevens en overige relevante inzichten en een tweede keer om relevante gegevens en inzichten te toetsen en (ter plekke of daarna) door de exploitant te laten verifiëren.  Deze tweefasen-aanpak, bestaande uit een inventarisatieronde en een verificatieronde bij alle exploitanten, resulteert in caseverslagen per exploitant die naar de aard van de daarin op te nemen gegevens vertrouwelijk zijn. We leggen het conceptcaseverslag voor aan de exploitant voor commentaar.  Deze caseverslagen zullen door BEA niet worden toegezonden aan de opdrachtgever i.c. de begeleidingscommissie. Zij vormen ook geen bijlagen bij het op te stellen rapport dat t.z.t.

openbaar gemaakt dient te worden. In het rapport zal ook niet op het niveau van individuele exploitanten worden gerapporteerd over vertrouwelijke gegevens en vertrouwelijke gegevens zullen ook niet herleidbaar zijn individuele exploitanten.  BEA zal aan de begeleidingscommissie mondeling toelichten op de bij de exploitanten verzamelde gegevens en één of twee leden van de begeleidingscommissie de gelegenheid geven om de opgestelde caseverslagen op basis van vertrouwelijkheid in te zien. De begeleidingscommissie krijgt zo de gelegenheid de feitenbasis van het onderzoek wat betreft de door de exploitanten verstrekte informatie te beoordelen en hierover vragen te stellen.  Zo nodig zal BEA vragen van de begeleidingscommissie doorgeleiden naar de exploitant. Ook de op deze vragen te verkrijgen antwoorden zijn in beginsel vertrouwelijk c.q. deze informatie wordt op dezelfde wijze behandeld als de informatie die al verkregen was van de exploitanten. De aanvullende vragen en daarop ontvangen antwoorden worden toegevoegd aan het caseverslag.  BEA bewaart deze caseverslagen zorgvuldig en vernietigt deze uiteindelijk op het moment dat alle eventuele bezwaar- en beroepsprocedures aan de zijde van de gemeente en eventuele juridische rechtsgangen zijn afgerond.

Tot slot: het op te stellen, volledig openbare, rapport bevat dus geen vertrouwelijke informatie op het niveau van individuele exploitanten. Bij twijfel wordt aan de betreffende exploitant voorgelegd of informatie vertrouwelijk is of niet en hoe een en ander dan kan worden opgenomen in een openbaar eindrapport.

82

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

BEA Bijlage VI: inventarisatie impact rookverbod buiten Nederland Zowel de noodzakelijke overgangstermijn als de passende looptijd van de nieuwe vergunningen voor bepaalde tijd zijn in belangrijke mate afhankelijk van het effect van twee ingrijpende ontwikkelingen die op korte termijn op de speelautomatenhallen in Amsterdam (en heel Nederland) afkomen. Het gaat om de invoering van een volledig rookverbod, per 2020, en om de opening van de online-kansspelmarkt (per 1 januari 2021). In het buitenland zijn diverse voorbeelden van landen (of staten van de Verenigde Staten) waar al eerder een (al dan niet volledig) rookverbod is ingevoerd. Navolgend een globaal overzicht van de effecten waarmee deze ontwikkeling daar gepaard is gegaan. Het overzicht wordt aangevuld en de opgenomen waarnemingen worden nader getoetst op de vraag waar gesignaleerde omzetdalingen betrekking op hebben: op een algeheel rookverbod of op een rookverbod waarbij in speelhallen en casino’s nog wel rokersgedeelten toegestaan zijn. De inventarisatie is voor nu vooral bedoeld om de heftigheid van de mogelijke impact van rookverboden op de omzet ontwikkeling van speelhallen te illustreren: Casus

Beschrijving impact

België, invoering rook-

Er is een sterke daling waarneembaar van de omzet van de

verbod per juli 2011

speelhallen. Weliswaar is de totale omzet van de speelhallen gestegen als 2014 wordt vergeleken met 2010 (laatste jaar voor rookverbod), maar dit is te danken aan de online-omzet van speelhallen. Landbased daalde de omzet. In 2010 werd landbased nog 168,5 miljoen euro omgezet tegen 152 miljoen in 2014. Dit komt neer op een daling van circa 10 procent33. In het eerste jaar na de invoering van het rookverbod noteerde de marktleider van casino’s in België een daling van de omzet van minstens 25 procent34.

Zwitserland, invoering rookverbod in 2007 in de kantons Tessin, St. Gallen en Graubünden Frankrijk, invoering rookverbod in 2007

De omzet in 2012 van de casino’s in Zwitserland bedroeg 757 miljoen Zwitserse franc tegenover 1.020 miljoen in 2007. De daling van ruim 25 procent is mede het gevolg van het na 2007 ingevoerde rookverbod35. De marktleider op de markt voor casino’s in Frankrijk zag de omzet dalen met 10,6 tot 19 procent36 na invoering van een

33 Zie: https://www.casinosbelgie.be/jaarverslag-kansspelcommissie-belangrijkste-punten/. 34 Ronald Meeusw, artikel in De Morgen, “Rookverbod weg, of einde van sector”. Zie: www.demorgen.be/nieuws/rookverbod-weg-of-einde-van-sector~bc701204/. 35 Franziska Engelhardt, “Schweiz -- Casinos laufen die Zocker davon”. Zie: https://www.srf.ch/news/schweiz/casinos-laufen-die-zocker-davon. 36 Artikel in Le Parisien, “Les casinos francais dans une mauvaise passe”. Zie: http://www.leparisien.fr/economie/les-casinos-francais-dans-une-mauvaise-passe-21-09-2008242238.php.

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

83

BEA rookverbod in 2007. De omzetdaling wordt toegeschreven aan enerzijds het rookverbod in publieke ruimten in Frankrijk en anderzijds striktere identiteitscontroles. Duitsland, invoering rookverbod in 2007 in enkele deelstaten (daarna zijn andere deelstaten gevolgd)

Speelhallen en casino’s in Hamburg, Nedersaksen en SleeswijkHolstein zagen hun omzet in de eerste maand van 2008 dalen met circa 25 tot 30 procent. De Duitse branchevereniging Desia geeft aan dat een groot deel van de rokers na invoering van het rookverbod de speelhallen en casino’s niet meer bezoekt en als zij wel komen, minder lang blijven37. Afhankelijk van de deelstaat, mogen casino’s en speelautomatenhallen wel rookruimtes inrichten, al dan niet met daarin geplaatste speelautomaten.

In België is sinds juli 2011 een rookverbod ingevoerd voor onder meer casino’s en speelautomatenhallen. Wel was er de mogelijkheid om zogenoemde rookkamers in te richten. Een aantal casino’s en speelautomatenhallen heeft in deze rookkamers vervolgens spelautomaten geplaatst, maar zij ontvingen soms processen-verbaal vanwege het overtreden van het rookverbod. Door de Kansspelcommissie (de Belgische Kansspelautoriteit) is bepleit dat het toegestaan zou moeten zijn voor casino’s en speelautomatenhallen om speelautomaten op te stellen in de rookkamers en dat opgestelde processen-verbaal ongrondwettelijk zijn. Een belangrijk argument voor toestaan van speelautomaten in rookkamers is volgens de Kansspelcommissie dat door een volledig verbod rokers uitwijken richting illegale speelhallen, het internet en speelhallen in onder andere Nederland (waar toen nog geen volledig rookverbod van kracht was), waardoor de doelstellingen van de Kansspelcommissie op het gebied van kanalisering (inzet op een beperkt maar strikt gecontroleerd aanbod) in het gedrang komen38. De Kansspelcommissie constateert in 2012 dat casino’s en speelautomatenhallen die een rookkamer hadden ingericht met daarin speelautomaten, de omzet in de eerste helft van 2012 zagen toenemen met 9,4 procent ten opzichte van de eerste helft van 2011.

Voor de casino’s en speelautomatenhallen waar het algemeen rookverbod werd toegepast zonder inrichting van een rookkamer met speelautomaten werd daarentegen een omzetdaling geconstateerd van 16,1 procent. De minister van Volksgezondheid heeft op 22 november 2013 laten weten aan de Kansspelcommissie, dat het rookverbod desalniettemin restrictief moet worden geïnterpreteerd.

37 Artikel in Wirtschafts Woche, “Rauchverbot - Umsatzeinbruch in Kasinos und Spielhallen”. Zie: https://www.wiwo.de/unternehmen/rauchverbot-umsatzeinbruch-in-kasinos-undspielhallen/5349412.html. 38 Persbureau Belga, Kansspelcommissie: "Casino's mogen speelautomaten zetten in een rookkamer", in Knack, 14 september 2012; en Kansspelcommissie, Nota rookverbod, 5 september 2012.

84

Onderzoek speelautomatenhallen Amsterdam – eindrapport

BEA economische argumentatie

Bureau voor Economische Argumentatie Stad van Cahen, Muurhuizen 104 3811 EL Amersfoort t 06 - 43 03 51 16 e info@bea.nl i www.bea.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9639452/1