CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag RO 30-06-2021

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 30 juni 2021, gemeente Amsterdam32.968 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Waarom wil de wethouder toch dat plan doorzetten? Zij zal voor de raadsvergadering daar een voorstel voor indienen. Zij deelt de zorgen voor de ver(?) die moet wijken. Is het college bereid daarnaar te kijken? Verder vindt zij de toename van het groen in de vorm van de aanleg van sportparken zorgwekkend. Waarom blijft het college kiezen voor kunstgras in parken. Zij zal daar ook een amendement over indienen. Zij begrijpt ook niet dat er op begraafplaatsen meer bezoekers moeten komen. Vindt het college niet dat de rust aldaar een meerwaarde heeft? Waarom dan horeca en een museum? De Omgevingsvisie geeft haar weinig vertrouwen in de toekomst en daarom wil zij dat er ook gekeken wordt naar de natuurbescherming, het creëren van een instrument om de groennorm te monitoren en de toekomstige bevoegdheden van het college om af te wijken van het bestemmingsplan. Ook daarover zal zij voorstellen indienen. De heer BAKKER meent dat het betoog van de PvdD inderdaad weinig vertrouwen geeft in de toekomst. Waar het in Haven-Stad gaat over de spanning tussen het bouwen van woningen en bedrijvengebieden, daar merkt hij niet dat mevrouw Bloemberg-Issa daarover een mening heeft. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA heeft geen antwoord. De heer NIJSSEN heeft als eerste vraag de binnenstedelijke transformatie die wordt voorgesteld.

Zijn fractie heeft als zorg dat dit een papieren realiteit zal blijven en dat er niet gecreëerd gaat worden wat men wel zegt te willen creëren. De VVD wil daarom graag de vinger aan de pols houden. Daarom is de vraag aan de wethouder te zorgen voor een jaarlijkse monitor. Daarbij ziet hij aandacht gegeven voor wat het met de banen doet en met de maakindustrie etc. Dan het verdwijnen van 150 ha aan bedrijvigheid. Daarover is reeds de motie in het vooruitzicht gesteld. Het is lastig om met de omliggende gemeenten afspraken te maken over waar die 150 ha heen moet. De gemeente Haarlemmermeer heeft de bebouwing van de Houtrakpolder onlangs onmogelijk gemaakt. Hij vraagt daarom de wethouder verder te gaan dan alleen een inspanningsverplichting en zich te committen aan een oplossing. Als het even kan hoort hij graag de oplossing die de wethouder hier voor ogen heeft. Als laatste punt merkt hij op het te betreuren hoe het punt van de windmolens in de nota wordt afgedaan.

35

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

De heer BAKKER hoort graag van de VVD wat men daar vindt van het feit dat GL vindt dat 150 ha moeten verdwijnen. De heer NIJSSEN noemt dat ‘ongekend’. De heer KREUGER leest in de Omgevingsvisie de beschrijving van hoe de stad er in 2050 uit zou zien als GroenLinks 30 jaar aan de macht zou blijven. Dat is dus een regelrechte hel! Wat er gaat gebeuren is namelijk dat er geen middenklasse meer overblijft. Er is een kaalslag gaande op normale mensen. Bovendien gaat er duidelijk minder gebouwd worden dan er nodig is. Mevrouw VAN RENSSEN vindt dat de heer Kreuger grote woorden in de mond neemt. Hij spreekt van ‘een hel’, terwijl het erom gaat een leefbare stad te creëren. Wat vindt hij precies de hel? Wat definieert de heer Kreuger vervolgens als ‘normale mensen’? De heer KREUGER denkt dan aan mensen die inspraak hebben. Er zijn mensen die geen dak boven hun hoofd hebben. Er moeten gewoon veel meer palen de grond in. Er staan nu 175.000 woningen in de planning. Er staat ook dat er 200.000 nodig zijn. Kan de wethouder hem garanderen dat in 2030 de woningnood zal zijn opgelost? Dit levert een generatie op die helemaal geen woning kan vinden en bovendien ook geen hypotheek zal kunnen afbetalen. De heer BAKKER wijst erop dat door dit en het vorige college getallen aan gebouwde huizen zijn neergezet die groter zijn dan ooit.

En nu wil de heer Kreuger zeggen dat er niet gebouwd is, waarbij hij refereert aan voormalige formatiestukken die in geen verhouding staan tot wat hier de afgelopen jaren is gepresteerd. Ook dat vindt hij bizar! De heer KREUGER wijst erop dat in die formatiestukken staat dat er 10.000 woningen per jaar gebouwd kunnen worden. Dat doet de SP niet en daarmee kiepert de heer Bakker een groot deel van zijn eigen kiezers in de goot. Hij zegt op zoek te zijn naar vier partijen die samen met hem een expertsessie willen organiseren over het behoud van de middenklasse. Daarbij kan dan gesproken worden over de nodige werkgelegenheid, het aantal huizen dat gebouwd moet worden etc. Mevrouw VAN SOEST vraagt zich af of de heer Kreuger weet voor wie al die woningen gebouwd gaan worden in Amsterdam. Dat is voor de vooral voor de middenklasse, aldus de heer KREUGER. Mevrouw VAN SOEST vraagt zich af of dat voor de Amsterdammers is die al vele jaren op een huis zitten te wachten of voor mensen van buiten de stad die zo graag in Amsterdam komen wonen. De heer KREUGER verwijst naar een eerder gevoerd debat met de heer Flintge, waarin hij aangaf dat hij aan het bekijken is hoe mensen die al een binding met de stad hebben voorrang gegeven kan worden. De heer BOOMSMA dankt voor alle gegeven bijval voor het belang van de schoonheid van de stad. Voor wat hem betreft is dat de belangrijkste doelstelling.

De visie kent voor hem veel goede zaken. Waar het de schaarste aan ruimte betreft, zou het CDA andere keuzes maken. Windturbines in deze regio vindt hij een slecht idee. Het is ook niet nodig. Hij vreest dat de gemeente te veel huizen binnen de gemeentegrenzen wil bouwen. Hij wil wel dat er veel voor de middenklasse gebouwd wordt, maar dat hoeft niet allemaal binnen de gemeentegrenzen. Er wordt gekozen voor regionale kernen, maar dat zou ook voor de woningbouw moeten gebeuren. Het CDA is dan ook niet voor alle ontwikkelingen

36

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

in Haven-Stad. Hij is het eens met mevrouw De Jager die erop wees niet te optimistisch te zijn over de combinatie van industrie en wonen. Hij is er ook voor dat de inspraak daar iets minder vrijblijvend zal zijn. De heer VAN SCHIJNDEL wil waarschuwen voor het denken in termen van ‘wij leven in een zich verdichtende stad’. Dat is geen natuurverschijnsel, maar daar kunnen allerlei keuzes in gemaakt worden. Naar zijn mening zou er begonnen moeten worden met het denken over het gebied meer westelijk van Haven-Stad. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het hier gaat om een langetermijnvisie tot 2050 over de ontwikkeling van de stad. De zoektocht heeft te maken met de schaarste aan ruimte. De visie wil laten zien welke keuzes daar gemaakt worden en dat zijn soms harde keuzes. Die keuzes leiden bijvoorbeeld tot een geheel andere plek voor de auto. Op de vraag hoe extra woningbouw en vergroening samengaan, wijst zij erop dat er vrij veel woningbouw plaatsvindt op plekken die nu versteend zijn, hetgeen impliceert dat die plekken daarmee meteen vergroenen. Er moet op een andere manier naar groen gekeken gaan worden. Dat vergt veel inzet. Dat gaat allemaal niet vanzelf en dat geldt voor alle keuzes die nu voorliggen. Ze zijn wezenlijk voor de richting die men wil gaan en waarin Amsterdam kan groeien.

Dat vergt ook dat iedereen de ruimte moet krijgen om mee te denken hoe dat allemaal het beste kan plaatsvinden. Daarvoor zijn de bedrijven in Amsterdam nodig, ook de Amsterdammers, maar ook de gehele regio. Groei is geen doel op zich, maar door als stad te groeien, worden veel functies binnen de stad gebracht, waardoor het groen rond de stad groen gelaten kan worden. Dat is ook voor de klimaatadaptatie van groot belang. Dat is voortdurend de zoektocht. In de visie geeft het college een aantal keuzes weer, maar dat is iets dat samen met de stad gedaan moet worden. Daarom is ook de tweejaarlijkse monitor ingezet. Zij denkt dat een jaarlijkse visie niet goed werkt voor een zo brede en langdurige visie. Maar als de raad dat wil, dan kan dat. Er moet voortdurend gekeken worden of nog voldaan wordt aan al die grote richtinggevende uitspraken, die met elkaar gemaakt zijn. Voorkomen moet worden dat er een disbalans ontstaat. Tegen de mensen die zeggen dat er nog meer gebouwd moet worden, zoals de heer Kreuger, zegt zij dat dat zal gebeuren waar dat kan, maar het gaat er ook om een complete stad te bouwen. Het gaat dus niet alleen om de snelheid van de bouwproductie, het gaat er ook om te bekijken hoe dat met vergroenen samen kan gaan en de investeringen die samen een complete stad maken. De heer KREUGER wil weten waar de mensen die op dat moment geen huis hebben, dan gaan wonen.

Wethouder VAN DOORNINCK antwoordt dat er 150.000 extra woningen gebouwd gaan worden! Daarnaast zijn er nog de regionale afspraken. In MRA-verband bestaan ook de afspraken dat er in alle stedelijke kernen een woningbouwopgave ligt. De heer KREUGER benadrukt dat dat allemaal te weinig is. Hij meent dat er voortdurend met excuses wordt gewerkt om maar niet het benodigde aantal woningen te hoeven bouwen. Er moeten gewoon palen in de grond! Is de wethouder het niet met hem eens dat er veel meer huizen gebouwd zouden moeten worden. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat Amsterdam nog nooit zo’n hoge bouwproductie heeft gehad. Zij denkt dat het heel goed is om flink in te zetten op extra woningen. Maar het college kiest er ook heel duidelijk voor om een complete stad te bouwen. De heer BAKKER meent dat GL op een gegeven moment met een goed voorstel gekomen is om asfalt vol te bouwen. Is dat iets wat al op korte termijn gerealiseerd zou kunnen worden? Hij zou daar een groot voorstander van zijn. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat er in de visie duidelijk voor de

37

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

afwaardering van de grote wegen in de stad (niet de A10) wordt gekozen, waardoor er veel dichter langs de weg gebouwd kan gaan worden. Dat leidt ook tot een heel ander milieu in de stad. De heer BAKKER wil weten of de wethouder dan ook gelooft in het hertoevoegen van groen bij het bouwen. Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat als er een rigoureuze keuze wordt gemaakt voor een andere plek van de auto in de stad, de combinatie van meer woningen en meer groen prima te doen is. Dat betekent dus niet dat het geen grote opgave zou zijn. Die beweging zal goed gemonitord moeten worden, want die balans moet goed in de gaten gehouden worden omwille van de leefbaarheid. Het gaat om een betaalbare en leefbare stad, zoals lid Verkerke benadrukte. Voorkomen moet worden dat de stad er alleen is voor bepaalde groepen. Daarom is bijvoorbeeld het middensegment ingezet in die 40:40:20-verhouding, die er vroeger nooit was. Er wordt daarbij ook naar de woningbouwcorporaties gekeken, die van belang zijn voor het in standhouden van een langdurige betaalbaarheid. Betaalbaarheid blijft een van de speerpunten. Het lid Verkerke wees ook op de mogelijkheid dat een volgend college hier weer helemaal anders mee omgaat. Een Omgevingsvisie is in principe voor de lange termijn en er is naar gestreefd om die visie een zo breed mogelijk draagvlak te geven.

Zij is het ermee eens om de uitgangspunten van Samen een Stad maken zo breed mogelijk in te zetten. Dat is zeker de wens van dit college. Het is mogelijk om in een grondexploitatie de grondopbrengsten in de buurt zelf te investeren. Er is het Vereveningsfonds waarbij het om het verevenen gaat, waarbij er voor gezorgd kan worden dat wat in de ene buurt verdiend wordt in de andere buurt geïnvesteerd kan worden. De visie beoogt ook echt een stad tot stand te brengen die er ook is voor de minderdraagkrachtigen. In een gewilde stad als Amsterdam zal er echter altijd op gelet moeten blijven worden of dat ook echt gebeurt. Zij is blij dat het mevrouw De Jager is opgevallen dat de bedrijvigheid meer ruimte heeft gekregen in deze versie. Maar de vraag hoe nog steviger neergezet kan worden dat bedrijven die moeten verdwijnen ook daadwerkelijk een nieuwe plek toegewezen kunnen krijgen, is iets dat ook in de regio besproken wordt. Ook dat moet echter in balans gebeuren. De regio moet niet het idee krijgen dat Amsterdam zijn eigen groen wil behouden om vervolgens alle bedrijven uit te plaatsen. De verstedelijkingsstrategie is daarom een goed handvat om hier gezamenlijk naar te gaan kijken. In MRA-verband wordt er ook gewerkt aan een economisch ontwikkelperspectief ten behoeve van het opstellen van een regionale strategie. Ook dat vergt een draagvlak dat uitstijgt boven Amsterdam.

Dat commitment is er, zoals ook die inspanningsverplichting. De resultaatverplichting is lastig, omdat dat de stad overstijgt. Dat moet ook gedaan worden in samenwerking met de regiogemeenten. De heer NIJSSEN blijft met de vraag zitten wat er gedaan kan worden als er geen plaats blijkt te zijn voor die 150 ha in de randgemeenten rondom Amsterdam. Wat gebeurt er dán? Wethouder VAN DOORNINCK gaat ervan uit dat, omdat het gemonitord wordt, het nooit zo ver komt. Transformatie is een langdurig proces, dus die problemen moeten niet van het ene op het andere jaar opgelost worden. Daarom is het niet nodig nu reeds heel veel te reserveren. Bovendien zullen ook bedrijventerreinen de opdracht van verdichting serieus moeten nemen. Zij denkt dat er op die manier nog veel te winnen valt. Zij roept op die plekken de ruimte te geven om te bewijzen dat dat kan. Zij wil ook nog wel kijken of zij een stapje verder kan zetten dan nu reeds het geval is. Zij wil daarbij de autonomie van de buurgemeenten wel hoog houden. Het gaat om een goede samenwerking en balans in de regio. De heer NIJSSEN hoort de bereidheid van de wethouder om een oplossing te vinden voor die 150 m2. Zijn zorg zit hem echter ook in de verplaatsbaarheid van een bedrijf. Hij voorziet dat sommige dingen op papier misschien makkelijker gaan dan in de

38

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

praktijk. Hij zal zich in de fractie beraden om hiervoor met een aantal ideeën te komen. Wethouder VAN DOORNINCK ziet die ideeën dan met belangstelling tegemoet. Mevrouw De Jager wees erop dat niet alles te mengen is, maar er kan wel gekeken worden naar wat wel te mengen valt. In het omgevingsplan kan daar rekening mee gehouden worden. Het is inderdaad ook goed om daarbij goed te informeren en te communiceren. Maar het is ook belangrijk om goede beleidskaders te maken, waarin aan alle milieuvereisten voldaan wordt. Daarnaast is het belangrijk dat er goede afspraken gemaakt worden over de huurprijzen. Nu is al duidelijk dat het in een aantal terreinen meer voor de hand ligt om woningen te bouwen dan om er bedrijven te vestigen. Het gaat ook vaak om maatwerk. Verder is het Westerpark en het fietspad en de ov-verbinding een aantal keren genoemd. In de nieuwe versie is duidelijk gemaakt dat het beeld dat in de praktijk ontstaan was, absoluut niet het reëel is. Het gaat om fietsververbindingen en die zullen onderzocht worden. Het is een visie tot 2050, dus het moet er wil in staan. Als het gaat om een ov-verbinding dan wordt dat pas na 2040 actueel. Ook dat moet nu reeds in zo’n visie opgenomen worden. Er zijn ook meer mogelijkheden te bedenken. Zij denkt dat het beeld dat nu geschetst wordt, niet hetgeen is dat de ontwikkelaars voor ogen staat.

Mevrouw De Bruine had het ook over dat dilemma van groen en veel bouwen. De oplossing zit hem echt in het anders omgaan met asfalt, de openbare ruimte. Mevrouw De Bruine wilde ook weten hoe bewoners nu verder meegenomen worden. Zij denkt dat met een Omgevingsvisie een stadsbestuur ook erg richting geeft aan waar men heen wil om vervolgens veel ruimte te geven voor de uitvoering. Daaraan wordt al gewerkt. Er komen ook conferenties waarbij nog veel laagdrempeliger kan worden geparticipeerd door mensen. Daar wil zij zo veel mogelijk Amsterdammers bij betrekken. Zij is het eens met de ruimteclaim van Schiphol, zoals mevrouw De Bruine dat schetste. Zij is het niet helemaal met haar eens als gezegd wordt dat het helemaal niet genoemd wordt in de Omgevingsvisie. Zij denkt niet dat er ooit een college in Amsterdam is geweest die zo duidelijk gezegd heeft grenzen te stellen aan de groei van Schiphol. In de verstedelijkingsstrategie van de MRA wil men ook het idee van een leefkwaliteit introduceren in relatie met Schiphol. Dan de zoekgebieden voor zonne-panelen. Dat is heel duidelijk een ‘néé, tenzij’gebied. Alleen is wegens een motie van de CU de Noorder IJplas een zoekgebied geworden. Dus alleen als alle andere mogelijkheden uitgeput zijn, dát het moment zou zijn dat er naar die locaties gekeken gaat worden.

Zij gaat ervan uit dat dat niet nodig zal zijn, omdat er mooie plannen zijn voor andere vormen van het opwekken van duurzame energie. Gesprekken over zonne-panelen op bijvoorbeeld de taluds van het OV worden reeds gevoerd. Zij is het eens met mevrouw Van Renssen en haar uitspraak dat de stad zichzelf ontwikkelt. Daarom is deze Omgevingsvisie ook geen blauwdruk. De zorg voor de binnentuinen is iets dat in het omgevingsplan terecht zou kunnen komen. De groenstructuur is als instrument niet vastgelegd in deze Omgevingsvisie, maar wordt wel uitgewerkt en komt eind van het jaar richting de raad. Er wordt gewerkt aan het integraal werkplan, maar zij heeft nog geen concrete datum waarop die verwacht kan worden. Richting mevrouw Bloemberg-Issa wijst zij erop dat in de Omgevingsvisie ook vaak aan de klimaatcrisis wordt gerefereerd. Het college is niet van mening dat groen wordt opgeofferd aan andere ambities. Zij gelooft dat verdichting en vergroening goed samen kunnen gaan. De groen- en rustgebieden hebben in deze versie van de Omgevingsvisie een nog steviger plek gekregen. Er heeft recentelijk een gesprek met de volkstuinders plaatsgevonden over het punt van de openstelling, waarbij men tot een gezamenlijk idee is kunnen komen en waarbij veel gezamenlijk enthousiasme bleek bij volkstuinders over het feit dan meer mensen van het prachtige groen aldaar kunnen gaan genieten.

De groennorm in Haven-Stad is een kwestie van aanpoten en zij is blij dat de raad haar daar zo scherp op houdt. Het is niet zo dat het huidige Westerpark daarin opgenomen wordt. De nieuwe toegevoegde stukken worden echter wel meegenomen. Zij gaat ervan uit dat de voetbalclub gewoon in Haven-Stad aanwezig blijft, maar

39

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

het is wel zoeken naar een andere locatie. Zij heeft kunnen vernemen dat de verzorgers van het arboretum in de Noorder Begraafplaats ontzettend blij zijn als er mensen komen genieten van het groen. Zij geven graag rondleidingen over de begraafplaats. Het is niet zo dat er evenementen op begraafplaatsen gehouden worden. Het zijn plekken waar van de rust genoten kan worden. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om buiten de huidige grenzen van Amsterdam te bouwen. Zij is het eens met de heer Van Schijndel, die erop wees dat een verdichtende stad een keuze is en geen natuurverschijnsel. De verdichting is een urgente opgave, want als men niet oplet dan dijt de stad alleen maar uit. De versnelling van Haven-Stad wordt zo snel als kan en zo zorgvuldig als nodig uitgevoerd. Als het gaat om nog verder het havengebied in te gaan en de bedrijvigheid, dan hoort zij dat velen in deze raad er voor zijn om zo veel mogelijk bedrijvigheid in de Amsterdamse haven te behouden. In de Omgevingsvisie is gezegd dat de A10 de scherpe grens is waar de stad eindigt en de haven begint. Daar kan zij achter staan. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende is besproken en het doorgaat naar de raadsvergadering voor een lange behandeling.

Grondzaken 21 ‘Erfpacht Amsterdam een Gordiaanse knoop’ (ZD2021-008503) Gevoegd te behandelen met 31 Kennisnemen van de bestuurlijke reactie van het college van B&W op het raadsonderzoek “Erfpacht in Amsterdam; een Gordiaanse knoop; Consumentenbescherming vanuit het oogpunt van goed bestuur” Nr. VN2021-016420 Insprekers zijn de heer De Lange van SEBA en Mevrouw Heyning op persoonlijke titel De heer DE LANGE dankt de raad allereerst voor het mogelijk maken van het [onverstaanbaar] en van de begeleidingscommissie die dat begeleid heeft. Er ligt een uitgebreid en degelijk rapport. Dit rechtvaardigt voor hem de vraag hoe het kan dat de gemeente de grondrechten van consumentenbescherming voor inwoners, huiseigenaren, niet op orde heeft; dat die rechten met voeten getreden worden; dat aan de grondrechten zoals vastgelegd in het eigen gedrag niet wordt voldaan. Hoe kan het dat de BSQ al vier jaar geheim wordt gehouden, terwijl daar geen enkele aanleiding voor is! Er zijn nu duizenden mensen gedwongen om een overstap te accepteren, terwijl zij niet hebben kunnen narekenen of de berekening klopt! En of de uitgangspunten kloppen! Hoe kan het dat het canonpercentage een risico-opslag bezit die niet aansluit op wat in de markt gebruikelijk is.

Er wordt meer dan 100%(?) extra rendement gehaald! Hoe kan het dat het hele erfpachtsysteem niet duidelijk, niet veilig en niet doelmatiger is? Hij wijst verder op de puinhoop in de uitvoering. Hij geeft een aantal schrijnende voorbeelden. Daarbij wil het college de ombudsman niet ontvankelijk verklaren. Dat kan allemaal omdat in het beleid de erfpachter niet centraal wordt gesteld. Nu stopt de uitvoering, dat wil zeggen dat er geen nieuwe aanbiedingen meer worden verstuurd, dat de deadline geschrapt wordt. De heer BOOMSMA hoorde de heer De Lange spreken van 530.000 euro verschil. Hoe zit dat? De heer DE LANGE vertelt dat iemand in West in 2024 een canonherziening einde tijdvak heeft en nu van de gemeente een nieuw aanbod heeft gekregen voor een nieuw canontijdvak van 50 jaar. Hij heeft ook een aanbod gekregen voor de afkoop van

40

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

eeuwigdurende erfpacht en het verschil van beide aanbiedingen is 530.000 euro. Dat is onvoorstelbaar als men bedenkt dat destijds is gezegd dat de overstap een vrije keuze is en er niks verandert. Het hele grondwaardebeleid is zo veranderd dat er een prijsopdrijving plaatsvindt, waardoor [onverstaanbaar]. Hij vindt dan ook dat hiervoor verantwoording moet worden afgelegd en dat er alsnog een raadsenquête moet komen en dat de verantwoordelijken voor dat systeem – het college – niet verder kunnen en hiervoor moet aftreden. De volgende inspreker is mevrouw Heyning. Mevrouw HEYNING benadrukt dat we af moeten van de huidige dure wisseling. Er moet een eenvoudige, bestendige oplossing komen. Wat twee jaar geleden al duidelijk was, is nu overduidelijk [geluid is slecht] dat woningtype en herbouwprijzen vooral in het nadeel zijn van complexere en duurdere bouwvormen binnen de ring zijn. De wethouder bekend met droge ogen dat nu alle vier (?) worden meegerekend in de herbouwkosten. Dat scheelt meer dan 30% van de oppervlakte. Dat geldt voor deze hele buurt. Hoe lang kan de wethouder haar boodschap van ‘wij rekenen anders’ nog uitzenden? De handmatige berekeningen deugen niet en zijn in feite pure diefstal. Maanden geleden zijn 40.000 stukken beloofd. Zij heeft nog niets gezien.

Gaan die stukken een nieuw licht werpen op de situatie of zijn ze vooral bedoeld als vertragingsactie om de erfpachtkwestie te verdoezelen. Net zoals de bespreking van het raadsonderzoek van Erfpacht van Amsterdam dat verplaatst is naar het najaar en dat kruipt ook dicht tegen de visie aan. Men heeft vast reeds de eerste reactie gelezen van het college. Zij heeft daar maar één Amsterdamse uitdrukking voor: een godspe. Hoe verhoudt zich dat vertragen tot agendapunt 12, de beloofde ambtelijke knel- en verbeterpunten van ten minste een kwart miljoen euro belastinggeld. Is dat een soort terugtrekken om na de verkiezingen verder te kunnen springen? Springen naar wat?! De toekomst is morgen en eenvoud is onuitputtelijk. Haar advies is gloednieuwe voorstellen, maar zij raadt de raad aan het initiatief te nemen en het college de volgende supereenvoudige oplossing aan te reiken, dat zij kunnen invoeren: Stop de huidige ingevoerde regeling; overweeg de simpele regel 2014: zonder vervaldatum: zonder stuwmeer van aanvragen, met als uitgangspunt ‘erfpachters kopen hun grond’; introduceer de [onverstaanbaar] Amsterdamse grond te kopen van 20% à 21%, gemeten over de hele stad; neem de afkoopsommen en de canonbepalingen weer terug naar de oude depreciatie van 40%. De waardevermeerdering van alle woningen in de stad komen vervolgens jaarlijks via de OZB de gemeenschap ten goede.

Behandeling De heer BOOMSMA licht desgevraagd toe dat het rapport is uitgevoerd door Berenschot in opdracht van de raad naar aanleiding van het WOB-initiatief van SEBA. Hij denkt dat het belangrijk is om te benadrukken dat aan het begin van het traject schriftelijk is vastgelegd dat de begeleidende commissie geen enkele zeggenschap of invloed heeft op de inhoud, bevindingen, conclusies of aanbevelingen van het rapport. Dat alles is geheel de verantwoordelijkheid van de onderzoekers en ook van de verschillende hoogleraren van naam en faam. Hij benadrukt dat het gaat om een politiek rapport. De rol van de begeleidende commissie heeft zich beperkt tot het formuleren van de onderzoeksopdracht, die ia aangenomen door de gemeenteraad. Hij start zijn betoog met Berenschot te danken voor het rapport, een heldere analyse. Hij denkt dat de conclusies heel duidelijk zijn: Erfpacht voldoet nu niet aan de elementaire beginselen van consumentenbescherming. Die beginselen dienen ter bescherming van consumenten tegen oneerlijke handelspraktijken. Erfpacht is op dit moment voor velen niet veilig, niet transparant, niet uitlegbaar en niet redelijk. Het CDA heeft dit reeds jaren betoogd en aangedrongen op oplossingen.

Berenschot concludeert dat het beleid tekortschiet op allerlei aspecten, hetgeen tot een schrijnende rechtsongelijkheid leidt in de stad, hetgeen natuurlijk in materiële zin bedoeld is. Voor erfpachters zijn de consequenties gewoon niet goed te overzien. Dat is wat de onderzoekers en hoogleraren constateren. Eeuwigdurende erfpacht heeft de problemen niet opgelost, maar voor veel

41

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

mensen juist verergerd. Hij roept daarom op nu dan ook echt een stap te gaan zetten. Consumentenbescherming is voor hem niet links of rechts. Het gaat gewoon om goed bestuur. De gemeenteraad kan volgens hem deze conclusies en aanbevelingen niet negeren. Er moet nu actie ondernomen gaan worden om het stelsel te verbeteren. Hij heeft reeds verschillende en uiteenlopende reacties gehoord vanuit de raad, maar daar kan hij nu niet op ingaan in verband met de tijd. Hij vraagt het college serieus in te gaan op alle bevindingen en aanbevelingen van het rapport en aan te geven hoe dat alles kan worden uitgevoerd. Hij is dan ook van plan een raadsvoordracht te maken om die bevindingen en aanbevelingen over te nemen. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wijst op de bevinding van Berenschot op pag. 68 en citeert (niet goed verstaanbaar). De heer BOOMSMA vindt dat die zin voor zich spreekt. Voor de vermogensrechtelijke uitkomsten van het erfpachtstelsel geldt dat deze om dezelfde redenen niet transparant en redelijk zijn. Dat wordt ook geconstateerd. Er wordt ook gezegd dat het eeuwigdurende erfpachtstelsel het probleem niet heeft opgelost. Hij roept op aan de slag te gaan met de aanbevelingen. Hij zal een raadsvoordracht maken. Hij stelt voor een geschillencommissie te formeren en de normen van de (?) te gaan toepassen. De beginselen van behoorlijk bestuur vormen ook een belangrijke aanbeveling.

Dus de vraag ‘waarom doen we dit nou?’ is ook van belang. De doelstelling van het erfpachtbeleid: is dit nou echt het meest effectieve en doelmatige middel om die doelen te bereiken? Als geld ophalen voor de gemeente toch een belangrijke doelstelling is, kan dat dan niet op een of andere manier opgelost worden? Hij roept de raad daarbij op nu niet te blijven hangen in een soort defensieve stellingnames, maar even een stap terug te zetten en zich af te vragen waarvoor dit allemaal gedaan wordt en hoe dit verbeterd kan worden? Hij denkt dat het op korte termijn mogelijk is om stappen te zetten en nog voor de zomer – nu Berenschot zo duidelijk aantoont dat het huidige stelsel te weinig bescherming biedt, omdat het voor erfpachters niet goed mogelijk is om de risico’s in te schatten – iedereen die geen aanvraag heeft gedaan onder de gunstige voorwaarden, alsnog die kans te geven. Daarmee wordt in ieder geval een deel van de rechtsongelijkheid opgeheven. En ten tweede: laten we nu de zgn. boze(?) knop verder indrukken, zodat er voor iedereen de druk eraf gehaald wordt en men de tijd krijgt om echt een goede beslissing te nemen, terwijl er nagedacht wordt over de verschillende vragen. De heer BAKKER begrijpt het betoog van de heer Boomsma, maar vraagt zich af wat de bedoeling daarvan is.

Volgens het coalitieakkoord zou er een commissie komen, die over de toekomst van het erfpachtstelsel zou nadenken. Wat heeft dit rapport nu voor toegevoegde waarde? De heer BOOMSMA wijst erop dat het rapport vol staat met heel zinnige aanbevelingen, bevindingen en conclusies, die de raad kan overnemen, waardoor het beleid alleen maar verbeterd kan worden. Hij roept op nu gezamenlijk naar goede oplossingen te gaan zoeken en naar beter bestuur. De heer BAKKER concludeert dat er met dit rapport hetzelfde werk gedaan wordt. Hij vindt dat een vorm van geld verspillen. Mevrouw DE JAGER dankt allereerst de onderzoekers voor het rapport, dat laat zien dat er sprake is van rechtsongelijkheid en dat de rechtszekerheid tekortschiet. Zij denkt dat de gemeente de constatering niet mag negeren dat dit beleid het wantrouwen tegen de gemeente kan voeden en dus schadelijk is. Daarom valt de bestuurlijke reactie haar tegen. Het lijkt erop dat de wethouder dit beleid keer op keer moet verdedigen en dat er geen ruimte meer is om open te staan voor inzichten en argumenten die niet passen bij de gevolgde lijn. De bestuurlijke reactie kiest af en toe de tegenaanval en valt de onderzoekers aan op, in haar ogen, bijzaken. Dat doet

42

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

geen recht aan dit rapport en aan de onvrede die er is onder Amsterdammers. Zij vindt dat het nodig blijft om naar de praktijk te kijken en het te erkennen als dingen niet goed gaan. Een van de vragen die de onderzoekers opriepen was welk maatschappelijk doel erfpacht dient. Het is op dit moment niet duidelijk welk politiek belang dit erfpachtstelsel dient. Voor een inkomstenbron voor de gemeente is dit beleid, volgens haar, een sub-optimaal instrument. Zij denkt dat iedereen dit vindt. Het kan niet zo zijn dat overtuigende politieke belangen hier het bestaansrecht geven. Daarover is het gesprek nodig met experts. Als erfpacht dan het beste blijkt om bepaalde politieke belangen te dienen, dan kan D66 dat volgen, maar het is dan wel noodzakelijk dat de doelen helder worden en dat is nu gewoon niet het geval. Zij verwacht dat het in het coalitieakkoord afgesproken onderzoek, dat nu gestart wordt, daar dieper op in zal gaan. Zij hoort graag wat volgens de wethouder die overtuigende politieke belangen zijn. Volgens de heer ERNSTING is een van de conclusies van het rapport dat die rechtsongelijkheid vooral het gevolg is van een opeenstapelingen van veranderingen. Elke keer een ander stelsel en dat leidde tot die rechtsongelijkheid.

Hoe ziet D66 dat? Mevrouw DE JAGER noemt dat een van de conclusies van het rapport, maar er is wel een wijziging mogelijk die een einde maakt aan alle toekomstige wijzigingen en die is dat je de grond onder je huis kan kopen! De heer ERNSTING vraagt zich af wat dat de erfpachter dan zou kosten, want dat is de onderliggende vraag. Mevrouw DE JAGER antwoordt dat dat nu juist de reden is dat er een gedegen en zorgvuldig onderzoek nodig is naar de mogelijkheid van die aankoop. Overigens zou er ook gezegd kunnen worden dat iedereen die nu afgekocht heeft, omgezet wordt naar eigendom. De heer ERNSTING wijst erop dat het eeuwigdurende erfpachtstelsel hier altijd is verkocht door de VVD als eigenlijk een vorm van koop: een economische overdracht van de waarde van de grond naar de erfpachter toe. Dat heeft dus niks opgelost! Mevrouw DE JAGER ontkent dat dat neerkomt op ‘koop’. De heer BAKKER zegt dat deze woorden van D66 hem wat bevreemden, omdat gezegd wordt dat er een gedegen onderzoek nodig is naar de effecten van erfpacht, maar is het dan niet merkwaardig het heel erg te beperken tot de consument? Hoe ziet D66 dat? Mevrouw DE JAGER zegt dat het haar gaat om onderzoek naar welk maatschappelijk doel dit systeem dan dient en niet naar de effecten van erfpacht. Bovendien is het onderzoek, dat het college gaat uitvoeren, ook breder dan alleen dit.

De heer BAKKER heeft dan als vervolgvraag waarom D66 ingestemd heeft met de motie om zo’n beperkt onderzoek te doen als er zoveel tegenonderzoek nodig is naar het maatschappelijk belang. Dan is dat toch gewoon geldverspilling! Mevrouw DE JAGER is van mening dat als de heer Bakker dit rapport geldverspilling noemt, hij dit rapport niet goed gelezen heeft en geen kennisgenomen heeft van de zorgen die er zijn. Het rapport bevestigt hetgeen D66 al langer vindt van erfpacht. D66 vindt dat de mogelijkheid geschapen moet worden om grond te huren of te kopen in plaats van te pachten. De onderzoekers zijn helder in hun advies: Het huidige erfpachtstelsel valt nauwelijks te verbeteren met nieuwe deelaanpassingen. Er zijn fundamentelere hervormingen nodig. Dat vergt een zorgvuldige uitwerking en dat kost tijd. Tot die tijd niets doen is voor D66 geen optie. Er zijn tenminste drie aanbevelingen waarmee direct aan de slag gegaan kan worden. Daarmee wordt de rechtszekerheid vergroot van huishoudens, de transparantie en extern toezicht op de uitvoering. Zij heeft

43

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

zojuist begrepen dat er een raadsvoordracht komt om dat over te nemen. Dat leidt wellicht tot enige versnelling. D66 vraagt het college het volgende te doen: - initieer die onafhankelijke geschillencommissie waar overstappers terecht kunnen. Nu wordt een laagdrempelige rechtsbescherming gemist. - schep mogelijkheden om bezwaar of beroep aan te tekenen tegen de aanbieding. - transparantie, daarop zullen anderen nog reageren. - laat het beleid regelmatig onderzoeken door een externe visitatiecommissie. De heer ERNSTING vond het rapport een feest van herkenning. Het VVD-stelsel van eeuwigdurende erfpacht gestuwd door een ideologie van private eigendom als hoogste goed was leidend en dat heeft het veel complexer gemaakt, maar beperkt problemen opgelost. Dat is in hoofdzaak wat dit rapport zegt. Bij de overgang naar eeuwigdurende erfpacht moet nog wel een keertje worden afgerekend. Mensen kunnen dat vaak niet zo maar opbrengen, met name in de duurdere delen van de stad. Dat alles heeft hij allemaal al gezegd in 2015, 2016 en 2017. Het is dus niet nieuw! Hij heeft het rapport politiek genoemd in de krant. Hij bedoelde niet partijpolitiek, maar wel omdat het rapport voorbij gaat aan de vraag of consumentenbescherming überhaupt uitspraken doet over het hele idee van erfpacht.

Het haalt burger, erfpachter en consument door elkaar en doet onvolledige uitspraken over waarden zoals rechtvaardigheid en billijkheid. Het is incompleet, want wat de belangenafweging zou moeten zijn, zoals dat in de raad zou moeten gebeuren, blijft onduidelijk en incompleet. Het laat niet-erfpachters nauwelijks aan het woord, want het is ook hun grond. De grond is het bezit van alle Amsterdammers en de gemeente beheert het slechts. Het rapport ontkent ook andere doelen van erfpacht en bagatelliseert zaken zoals zelfbeoordelingsplicht(?), blijvende middeldure huurwoningen, betaalbare koopwoningen, duurzame gebouwen en de transformatie van gebouwen en gebieden. Het doet alsof het enige doel waardevermeerdering is. Dat is niet zo. Verder vindt hij dat het rapport het essentiële karakter van de eeuwigdurende erfpacht ten opzichte van voortdurende erfpacht miskent. Eeuwigdurende erfpacht is ‘zo goed als koop’, zo is het letterlijk verkocht. Het is een overdracht van een collectief goed naar een privaat goed. De grond die, economisch gezien, van alle Amsterdammers is, wordt verkocht aan Amsterdammers. Juridisch ligt dat inderdaad anders. Die transitie heeft dus het karakter van een transactie en dan moet je dus nog een keer langs de kassa! Eeuwigdurende erfpacht was dus nooit een oplossing voor huidige erfpachters, alleen voor toekomstige erfpachters.

Het stemt hem diep teleur en vindt het ook wel verbijsterend hoeveel afstand de architecten van het stelsel, met name de VVD, er nu van nemen. Ze zeggen het te willen afschaffen, maar ook dan is er dus een transactie nodig. De VVD moet de mensen geen sprookjes vertellen; afschaffing of verkoop zal nooit gratis kunnen zijn. Immers, een huurder kan ook niet zo maar stoppen de huur te betalen en dan verwachten dat het huis van hem is, omdat hij al zo veel huur heeft betaald. Er zal de huurder ook geen geld in mindering worden gebracht, omdat hij al veel geld aan huur heeft betaald. De vraag of erfpacht een complex financieel product is, wordt door het rapport negatief beantwoord. Het rapport zegt dat de introductie van eeuwigdurende erfpacht de complexiteit verder heeft vergroot en het probleem niet heeft opgelost. De aanbevelingen bevreemden hem ook wel. De raad kan niet verrast zijn door een aantal van de conclusies. Een visitatiecommissie zal alleen op uitvoeringsniveau aanbevelingen kunnen doen. Dan het elimineren van de hefboomwerking. Eén ding kan men zeggen van eeuwigdurende erfpacht en dat is wat er namelijk gebeurt: de hefboom is het logische gevolg van de waardevermeerdering van de grond. Het probleem waren de grote canonsprongen op het moment dat mensen nog in hun huis woonden.

Dat was nou zo uniek aan het voorgestelde stelsel in 2013: afrekenen op het moment dat de grondwaarde zich ontwikkelt en effectueert, namelijk bij de koop van een huis. Dat was een veel minder lang tijdvak, waardoor de canonsprongen dus ook veel kleiner zijn. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wil weten wat de heer Ernsting precies bedoelde met

44

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

zijn uitspraak dat het rapport een politiek rapport is. De heer ERNSTING heeft dat zojuist verteld. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ meent dat dat zware beschuldigingen waren, die door de heer Ernsting in een paar seconden uitgelegd werden. Politiek rapport wil volgens haar zeggen dat iemand zich heeft bemoeid (???). Wie heeft dat gedaan? De heer ERNSTING wijst erop dat hij het niet had over partijpolitiek of over sturing, maar dat hij vond dat er normatieve uitspraken werden gedaan in een rapport dat beweert wetenschappelijk te zijn. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wil weten of de heer Ernsting het niet met haar eens is dat als het doel van het erfpachtstelsel niet helder is dat het dan logisch is dat dan de onderzoekers allerlei scenario’s willen onderzoeken, allerlei mogelijke doelstellingen van het rapport en daar uitspraken over te doen in relatie tot consumentenbescherming? De heer ERNSTING denkt dat mevrouw Naoum Néhmé zijn betoog nog even terug moet kijken, want hij heeft ook gezegd dat een aantal doelen van het erfpachtbeleid worden gebagatelliseerd door het rapport. Dan de Gordiaanse Knoop: een stelselwijziging nu zou bizar zijn! Het eeuwigdurende erfpachtstelsel is drie jaar oud en de kritiek was er vanaf het begin. Door een stelselwijziging wéér boven de markt te houden, zoals hij D66 net hoorde zeggen, zou de complexiteit nog verder vergroten.

Het zou bovendien ook een beetje een belediging zijn van al die erfpachters aan wie de VVD en de coalitie jarenlang heeft voorgehouden dat dit een fantastische oplossing zou zijn. Voor sommigen was het dat trouwens wel! Dat waren mensen die reuzeblij waren met al die kortingen die erbij kwamen. Hij weet nog dat erfpachters uit Zuidoost bij de SEBA smeekten om het refererend voorstel alsjeblieft geen doorgang te laten vinden. Die meningen komen in het rapport, wat hem betreft, te weinig voor. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ meldt dat de VVD blij is met het raadsonderzoek en dankt de SEBA voor het initiatief. Zij noemt het overall een goed en evenwichtig onderzoek (slecht verstaanbaar), hoewel het op onderdelen misschien wat sobertjes is. Zij heeft zojuist gelezen dat de onderzoekers echt wel aangeven dat (???). Tegelijkertijd constateert een aantal onderzoekers dat de onderzoekers zichzelf tegenspreken … Zij constateert ook dat het onderzoek op onderdelen gewoon pijnlijk is, omdat het zo waar en zo juist is. (Zij onderbouwt dit). Zij wil helder zijn. De VVD wil geen stelselwijziging. De VVD wil stelselafschaffing. Daarom is zij zo blij met het betoog van mevrouw De Jager, omdat het ook lastig en eenvoudig is, dat dingen niet meer AB op AB op AB te stapelen. De heer BAKKER heeft een gewetensvraag aan de VVD in dezen.

In hoeverre draagt dit betoog nu bij aan de Gordiaanse Knoop van dit erfpachtstelsel? Een van de VVD-wethouders was de grote ontwerper van deze stelselwijziging. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ gaat verder met erop te wijzen dat de VVD het stelsel wil afschaffen. Dat betekent dat erfpacht in economische zin gewoon ‘koop’ is. Juridisch kan men daar verschillend over denken, maar wat haar betreft hebben erfpachters die overgestapt zijn gewoon recht op koop. Volgens het college … VVD recht op koop of eeuwigdurende erfpacht gewoon moeten voortzetten en dat niet onder tijdsdruk een overstapregeling aanbieden, die met kortingen maar een paar maanden duurt, maar gewoon voor tien of twintig jaar een overstapregeling mogelijk moet maken. Zij stelt twee moties in het vooruitzicht, want het is die 30% van de Amsterdammers die eigenlijk de rekening betalen voor gemeenschappelijke voorzieningen, waar 100% van de Amsterdammers profijt van heeft. Dat lijkt haar bizar. Bovendien … Daarom is de reactie van het college op het rapport ook zo ontzettend misplaatst. Pagina 1 leest als het Communistisch Manifest en zeker omdat erfpacht wordt

45

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

vergeleken met … Zij sluit af met de wethouder te vragen ….. welke aanbevelingen gaat het college nu overnemen, want dat wordt in de bestuurlijke reactie opengelaten. Wat vindt de wethouder ervan om …. compliance te verklaren aan de WFP(?) …. Beginselen van goed bestuur, maar ook van …. De VOORZITTER wijst erop dat het een rapport is van de raad. De wethouder is daar dus niet verantwoordelijk voor. Haar kunnen alleen vragen gesteld worden. De heer KREUGER wijst erop dat het oorspronkelijke idee van erfpacht op zich best mooi is en hij weet niet of dat nou links of rechts is, namelijk dat je de waarde van de grond ten goede laat komen aan het collectief. Dat moet echter wel op een eerlijke en transparantie manier gebeuren. En dat is precies waar dit rapport van Bereschot gehakt van maakt! Hij vindt dat de gemeente zich opgesteld heeft als een woekerkapitalist. Als dit rapport was uitgekomen over een bank, dan zouden alle linkse mensen op hun achterste benen staan om te zeggen dat het allemaal niet goed was, consumentenbescherming, rechtsongelijkheid. Wat dat betreft kan hij zich vinden in de bevindingen. Ook is terecht wat mevrouw Naoum Néhmé zojuist aanhaalde, namelijk dat die rijke mensen aan de grachtengordel vrijwel niets hoeven bij te dragen aan het collectief, terwijl het in feite gewoon om een normale belasting gaat.

Soms kan erfpacht een gunstige rol spelen als het gaat om het sturen op bestemmingen, maar dat hoeft volgens hem niet de reden te zijn om het erfpachtstelsel in takt te laten. Dus waarom niet gewoon afschaffen?! Er zou bijvoorbeeld een verschuiving naar de OZB kunnen worden overwogen. Hij is erg benieuwd welke aanbevelingen uit het rapport zullen worden overgenomen. De heer VAN SCHIJNDEL vindt de eerste bladzijde van de reactie van het college een oppervlakkig verhaal. Het voorkomen van canonsprongen zou de ratio zijn, maar hij vindt dat het eeuwigdurende erfpachtsysteem niet gerechtvaardigd kan worden met dat voorkomen van canonsprongen, want de prijs is onbillijk. Het gaat om residueel rekenen en dat is principieel onjuist en onbillijk bij bestaande erfpachtrechten. “Alleen de Algemene Beginselen van Behoorlijk Bestuur moeten worden nageleefd”, vindt hij een onjuiste stelling. Goed bestuur omvat bijvoorbeeld ook de mensenrechten; een recht op een eerlijk proces. Dus een geheimverklaring van berekeningen e.d. is daarmee keihard in strijd. Het wordt vergeleken met de huur van grond in de reactie van het college. Dat is volgens hem bezijden de maatschappelijke realiteit, want wat is de tegenprestatie bij bestaande erfpachtrechten, die de gemeente levert? Het consumentenrecht is heel belangrijk. Er zijn ook andere aspecten, zoals het mededingingsrecht.

Mag de gemeente dit allemaal zo maar doen? Zijn gevoel verzet zich daar tegen, omdat de gemeente misbruik maakt van haar super dominante machtspositie. Hij heeft in het kader van een eventuele enquête of studie behoefte aan een rapport over aansprakelijkheden of de gemeente een keer nat gaat bij de rechter, want dat gaat een keer gebeuren. Die aansprakelijkheden moeten nu in kaart gebracht gaan worden. Dat moet door een gerenommeerd advocatenbureau gebeuren. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het college heeft laten weten dat er punten in het rapport zijn waar men kritisch op is. Er zijn echter ook aanbevelingen gedaan die het college graag meeneemt in het eigen onderzoek. Dit punt kan volgende week in de raad verder besproken worden. Mevrouw De Jager vroeg of het college verder kon ingaan op de voordelen zoals het college die ziet van het erfpachtstelsel. Zij wijst dan op transformaties, zoals het Slotervaart Ziekenhuis, waarbij eisen gesteld kunnen worden. Ook is het daardoor mogelijk om blijvend middeldure huur in te voeren of zelfbewoningsplicht, duurzaamheid en het onderkelderen(?) van koopwoningen. Het is dus prettig om een instrument te hebben om dat soort zaken te kunnen realiseren. Dus het is niet zo dat het college zich niet kan vinden in de stelling dat de doelstelling van erfpacht niet duidelijk is.

Mevrouw Naoum Néhmé vroeg nog dat als het huur was, waarom dat alleen geldt

46

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

voor degenen die op erfpachtgrond wonen. Dat is echter zoals het stelsel in elkaar zit en daar vallen niet alle huizen onder. Het is duidelijk welke beginselen het college overneemt. Als de raad van mening is dat naast behoorlijk bestuur de gemeente ook gebonden moet zijn aan goed bestuur, dan geldt dat daarbij het toetsen door de rechter veel minder hard is. Juist dat behoorlijk bestuur biedt rechtszekerheid voor de erfpachter en dat die ook breed geaccepteerd en bekend zijn. Vandaar dat het college refereert aan behoorlijk bestuur. Als de raad echter vindt dat goed bestuur daar ook in thuishoort dan kan dat als vraag worden meegegeven in het onderzoek van het college. Tweede termijn De heer VAN SCHIJNDEL informeert wanneer de wethouder denkt dat het rapport naar aanleiding van het collegeonderzoek er zal zijn. Wethouder VAN DOORNINCK antwoordt dat afgesproken is dat dat absoluut nog in deze periode moet gebeuren. Er is ook gezegd dat er gewacht zou worden op de uitkomsten van het raadsonderzoek, waardoor het college pas later is begonnen. Zij dacht dat rapport er in het vierde kwartaal of begin volgend jaar er kan zijn. De heer BOOMSMA zal met een voordracht voor de raad komen. Dan kan de raad gaan besluiten welke aanbevelingen overgenomen gaan worden. Hij denkt dat het dan goed is dat het college nog ingaat op de bevindingen van het rapport.

Het is wel een rapport van de raad, maar het gaat voor een groot deel over collegebevoegdheden. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het een raadsrapport is en veel van de aanbevelingen zijn aanbevelingen aan de raad en niet aan het college. Het is dus aan de raad om zelf te beslissen wat men met de aanbevelingen wil doen. Als er echter aanbevelingen zijn die de raad graag (per motie) opgenomen wil zien in het onderzoek van het college, dan zal daar graag gevolg aan gegeven worden. De heer KREUGER snapt dat de wethouder er nu op wijst dat het een rapport van de raad is, maar het lijkt hem geen probleem als de wethouder hier gewoon zegt wat zij vindt van bepaalde aanbevelingen. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan zojuist al duidelijk te hebben gemaakt hoe het college hiermee om wil gaan. De VOORZITTER stelt vast dat dit punt voor nu is besproken. De heer Boomsma maakt een voordracht en die komt in de raadsvergadering van september.

22 Kennis te nemen van Raadsinformatiegrief inzake het besluit van het college van B&W om de grondopbrengsten Osdorper Ban 1 t/m 33 te betrekken bij de toekomstige grondexploitatie (ZD2021-006204) Gehamerd, ook in de raadsvergadering 23 Kennisnemen van de beantwoording raadsadres inzake toepassing opstalwaardeberekeningen overstapregeling eeuwigdurende erfpacht (ZD2021-003768) Mevrouw KILIÇ meldt dat naar aanleiding van uitspraken van de Hoge Raad over de WOZ 2015 alle belanghebbenden opnieuw een beschikking 2015/2016 kunnen aanvragen. De eerste verwarring is dat mensen denken dat de waarde van peildatum 1 januari 2015 genomen mag worden, terwijl het natuurlijk de waarde is over 2014. Een

47

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

simpele toevoeging tussen haakjes haalt veel verwarring weg. Wegens de (?) die de gemeente heeft ingezet en de druk om over te stappen, wordt er nu een drempel opgeworpen om bezwaar aan te tekenen. De kosten van overstap die nu worden aangepast ten gunste van de erfpachter, moeten wel verrekend worden met de kosten van een nieuwe notariële akte. Na verrekening is de erfpachter dan ofwel voordeliger of duurder uit. Hoe maakt de gemeente dit nu duidelijk aan de erfpachter? Hoe wordt het risico duidelijk gemaakt aan de erfpachter? Kan hierbij nog wel gesproken worden van een betrouwbare overheid, die erfpachters eerst bang maakt om versneld over te stappen en erfpachters nog een keer op kosten jaagt als deze probeert iets recht te zetten? Wethouder VAN DOORNINCK hoorde niet veel specifieke vragen, maar het gaat er volgens haar meer om dat de fractie van DENK aangeeft dat men vindt dat de manier waarop mensen bezwaar kunnen maken tegen WOZ 2015 niet klopt. Maar volgens haar zat het grootste probleem in – men weet echter niet of dat klopt, want dat verschilt per erfpachter – de mogelijkheid dat de erfpachter een andere aanbieding krijgt, dan de notariskosten door twee worden gedeeld. Dat is een keuze die het college gemaakt heeft omdat, zowel de erfpachter als de gemeente ervan uitging dat de WOZ-waarde 2015 stopt.

Dat was door de rechter zowel als door de erfpachter als de gemeente niet voorzien. Vandaar dat besloten is dat die notariskosten door twee te delen. Mevrouw KILIÇ wijst erop dat het hierbij ook ging om de transparantie, want wat kunnen erfpachters verwachten? Wethouder VAN DOORNINCK legt uit dat iedereen die daar voor in aanmerking zou kunnen komen middels brieven (86.000) over geïnformeerd is. Daarbij is erfpachters ook verteld waar zij verdere informatie zouden kunnen vinden. Verder is het niet zo dat iedereen een nieuwe aanbieding kan krijgen. Dat is alleen voor degenen voor wie na onderzoek zou blijken dat er inderdaad sprake was van een verkeerde WOZ-waarde. Daarnaast is het ook zo dat er niet voor iedereen een nieuwe akte opgemaakt zou moeten worden. Het is dus niet zo dat het voor iedereen geldt en dat heeft niet met een gebrek aan transparantie te maken, maar ligt per geval verschillend. Tweede termijn Mevrouw KILIÇ geeft aan het gevoel te hebben niet op dezelfde lijn te zitten met de wethouder. Waar het om gaat is dat er duidelijkheid moet komen in hetgeen de erfpachter kan verwachten. Nu is het zo dat het lijkt alsof afkoop een soort loterij is en wat er eventueel moet worden terugbetaald. De erfpachter moet daarin helderheid verschaft worden.

Wethouder VAN DOORNINCK gelooft dat er nu zowel gesproken wordt over het bezwaar maken tegen de WOZ-2015 als ook over de overstap. Die overstap is nu juist in het overstapportaal op individuele basis na te berekenen. Dus daar zit die transparantie wel degelijk in. Zuidas en Marineterrein 24 Halfjaarlijkse rapportage Zuidashoek tweede helft 2020 en externe review kostenraming Zuidasdok Ook wethouder De Vries is bij de behandeling van dit punt aanwezig. De heer BOUTKAN refereert allereerst aan de technische sessie over de Zuidas, die hij heel helder vond. Het rapport van de commissie heeft zich vanuit het mobiliteitsperspectief positief uitgelaten over de resultaten van die commissie. Dat

48

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

betekent ‘geen scopewijziging, doorgaan met het project en nog een flink aantal zaken’. Dit is een belangrijk project voor Nederland, maar ook zeer belangrijk voor de metropoolregio. Zijn fractie vindt ook dat met de invulling van de commissie Dekker een goede invulling is gegeven aan een van de lessen van de NoordZuidlijn, namelijk bezint eer ge begint. De PvdA vindt het belangrijk dat er ingezet wordt op een aantrekkelijk stationsgebied dat geschikt is voor de HSL, zowel naar Zuid als naar Oost. Er moeten makkelijke transfers komen. Station Zuid is een van de snelst groeiende stations is van Nederland qua voorzieningen. Dus dat legt behoorlijk veel druk op de ambitie om met een nieuw station te komen. Het is goed dat er nu meer zicht is op de risico’s en het programma, dat drastisch is omgegooid. De heer BAKKER verbaast zich een beetje over de ‘tien geboden’ van de heer Boutkan: bezint eer ge begint. Naar zijn mening is dat toch juist hetgeen in dit project misgaat. Er is uiteindelijk toch een grotere kostenoverschrijding voor de gemeente. De heer BOUTKAN weet niet of de heer Bakker het rapport van de commissie Dekker wel helemaal heeft gelezen, want dat is nu juist een invulling van de vraag ‘bezint eer ge begint’. Er komt daardoor geen scopewijziging en er wordt een aantal serieuze aanbevelingen gedaan aangaande de programmaorganisatie.

Dus hij vindt dat er juist een goede invulling is gegeven aan de les van de NoordZuidlijn. Volgens hem is er ook heel goed naar de risico’s gekeken. Er is ook goed gekeken naar het organiseren van tegenspraak. Dus prima allemaal. Hij refereert vervolgens aan aanbeveling 8 dat een integrale sturing en governance vraagt. Als hij kijkt naar de rapportage, dan lijkt hem dat toch wel erg zwak ingevuld. Hij ziet de daarbij benodigde structurele inbedding van die partners niet zo terug. Hij krijgt daar graag een opheldering op van de wethouder. Een andere vraag gaat over de toekomst. Mobiliteit is zoals bekend in beweging en dat corona misschien ook een effect heeft op de vraag naar OV en mobiliteit. Verder wijst hij erop dat er in de toekomst overgeschakeld wordt naar het betalen voor mobiliteit, omdat iedereen in de toekomst elektrisch gaat reizen, waardoor er geen accijns meer geheven kan worden. Dat heeft waarschijnlijk ook invloed op de bestaande infrabehoefte. In hoeverre houdt het project rekening met dat soort toekomstige ontwikkelingen? Verder is er de bijdrage van Amsterdam, die gecapt wordt, want het lijkt hem niet de bedoeling dat de stad hier nog verder in de schulden komt te zitten. Verder leest hij in de rapportage over het risico in de besluitvorming tussen bestuurders, dat die te veel tijd gaat kosten. Hij vraagt de wethouder dat traject te schetsen.

Zijn laatste punt heeft te maken met de mogelijke vertraging van de bestuurlijke overeenstemming en de aanbesteding van de nieuwe OV-terminal niet snel genoeg kan starten. Wat betekent dat dan voor het project? De heer BAKKER is verbijsterd na het betoog van de heer Boutkan, want het aanhalen van de tien geboden van de NoordZuidlijn wordt hier toch wel met voeten getreden! Hij ziet overschrijdingen, oplopende kosten en de tekorten liegen er niet om! Het totaal tekort wordt nu geraamd op 1,2 miljard euro! De SP heeft destijds alleen kunnen instemmen met het project, omdat de risico’s grotendeels werden gedragen door het Rijk en dat de risico’s voor Amsterdam werden beperkt en ingekaderd. Als hij dan naar de tien geboden kijkt: hebt uw naasten lief gelijk uzelf, dan heeft hij het idee ‘dat we hier flink genaaid worden’ door het Rijk. Daarom vraagt hij het volgende aan de heer Everhardt. Aan wat voor bijdrage door Amsterdam moet hij denken? Dat zal toch gauw een bedrag zijn van enkele honderden miljoenen! Graag een toelichting. Hoe gaat voorkomen worden dat het Zuidasdok een nieuwe NoordZuidlijn wordt, waarbij het Rijk en Amsterdam uiteindelijk moeten bijdragen aan de extra kosten. Dan de techniek. Afgesproken is dat Amsterdam 25% van de risico’s draagt en het Rijk 75%. Er staat ook dat het risico voor Amsterdam is gemaximeerd op 62 miljoen euro.

De cap hangt echter niet samen met de risicoverdeling tussen gemeente en het Rijk. Hoe zit het met de afspraak over de kostenmaximering voor Amsterdam en wat betekent

49

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 30 juni 2021

RO

dit in de praktijk? Als hij hetgeen er verder nog staat over techniek, dan leest hij dat de kosten voor het Zuidasdok fors hoger uitvallen dan verwacht werd. In het verleden zijn afspraken gemaakt dat het Rijk het merendeel van de risico’s op zich neemt. Wat de SP betreft houdt Amsterdam vast aan die afspraken. Een nieuw NoordZuidlijn-scenario moet kosten wat het kost voorkomen worden! Wethouder EVERHARDT herinnert eraan dat een conclusie van het onderzoek door mevrouw Dekker was dat het project een meerwaarde in zich heeft om in zijn totaliteit uitgevoerd te gaan worden. Het advies is ook voor een eenmalige extra bijdrage om de opgelopen kosten te kunnen dekken. Dat is de kern van het rapport Dekker. Hij is het met de PvdA eens dat het een goede start is om uiteindelijk een keuze te maken en een besluit over te nemen. Dat besluit is aan de raad! Het is aan het college om met het Rijk de nodige voorbereidingen te treffen. Hij gaat daarbij niet in op de bedragen. Het gaat dus om een eenmalige bijdrage, waarna weer teruggekeerd wordt naar de oorspronkelijke afspraken, namelijk een verdeling 75% : 25% en een gecapte risicoreservering. Dit is het resultaat van goed nadenken in deze tussentijd van dit project. De vraag was ook hoe het project eruit ziet. Het Rijk is een belangrijke partner en die moet aangeven waaraan men denkt als het gaat om die bijdrage.

De situatie is wel dat het Rijk gezegd heeft dat daarover pas door het nieuwe Kabinet een uitspraak zal worden gedaan. Dat is dus een punt. Er bestaat op dit moment ook geen bestuurlijk overleg snel gepland. Hij vindt dat het Rijk zijn verantwoordelijkheid daarin moet nemen, omdat ook Amsterdam gevraagd wordt een extra bijdrage te leveren. De heer BAKKER is van mening dat zulke grote bedragen ook onderdeel zouden moeten zijn van de onderhandelingen die moeten leiden tot een nieuw Kabinet. Daarom vraagt hij zich af wat de relevantie is van dat argument van de wethouder. Wethouder EVERHARDT ontkent dat het zijn argument is, het is het argument dat hij hoort van de zijde van het Rijk, namelijk dat het onderwerp pas weer wordt opgepakt na de verkiezingen. Dat betekent wel dat de tijd voortgaat. Er zullen daarom keuzes worden gemaakt. De heer BAKKER vindt het steeds problematischer worden. Dus op het moment dat het Rijk communiceert aan de gemeente dat men voor of na de verkiezingen zit, dan wordt min of meer gezegd dat de afspraken die gemaakt zijn over 25% of 75% van de risico’s, onderhevig zijn aan politieke constellaties. Dat maakt het nog extra pikant. Dus eigenlijk betekent dit dat gezegd wordt dat dit soort bedragen onderhandeld kan worden. Dat bevestigt ook dat wat hij reeds betoogde, namelijk dat deze cap niet samenhangt met de risicoverdeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10512543/2