CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag RO 19 01 2022

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 19 januari 2022, gemeente Amsterdam32.369 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

zijn, dat inderdaad een verregaande “vergroening” vereist en het radicaal stoppen met een nadruk op economische groei en een heel andere blik op waarde. Niet de financiele waarde moet centraal staan maar de leefwaarden. Welke waarde een leefbare regio heeft voor de inwoners en voor de mensen die er werken. Met het oog op een toekomst voor een ieder die hier leeft. Er moet een eind gemaakt worden aan het neoklassieke economisch denken dat heerst, een hoop bedrijven omvormen en een aantal eruit schoppen eenvoudigweg. Omdat ze vooral kwaad doen. Als de MRA van ganser harte het donutmodel van Kate Raworth omhelst en ter harte neemt, dan is er een mooi begin. Dat ziet spreker hier echter niet gauw gebeuren. Term noch naam komen voor in het document. Dan vraagt hij zich af of de gemeente wel echt overtuigd is dat het die kant op moet en of de andere gemeentes dat wel vinden. En zo nee: hoe gaat men dan uit deze shit komen? Dit zijn geen retorische vragen. Dus BIJ1 wil graag dat de wethouder hierop reflecteert. Nog een woordje over die internationalisering van de MRA en van de economie tout court. Dat betekent vooral weer dat meer geld naar een handjevol grootgeldbezitters vloeit. Dat de 1% rijker wordt. Dus dat lijkt BIJ1 een heel slecht idee.

Zij kiezen eerder voor versterken van de lokale economie, zoveel mogelijk kleinschalige en lokale productie en dienstverlening die ten dienste staat van de mensen die wonen en werken in de regio. Tot slot een opmerking over de vaagheid die het concept laat over vrijgekomen slots van Schiphol. Dat kan niet, Schiphol moet fors krimpen met vluchten willen we overleven als mensheid. BIJ1 gaat er ook van uit dat Amsterdam als aandeelhouder ook hierop zal staan. Prima dat er meer railverkeer komt, maar vrijgekomen luchtslots moeten gewoon verdwijnen. En als het college daar niet op aandringt, verzaakt het zijn plicht aan de Amsterdammers, de Nederlanders en breder de mensheid. Mevrouw DE BRUINE had graag wat meer tijd gehad om commissiebreed stil te staan bij dit document dat belangrijk is voor de verstedelijkingsopgave voor de metropoolregio voor de komende 30 jaar. In het document wordt onomwonden aangegeven dat Schiphol zorgt voor veel vervuiling en geluidsoverlast voor inwoners van de regio. Daarmee belemmert Schiphol de bouwopgave in deze regio. In haar eerdere reactie bij de omgevingsvisie heeft zij aandacht gevraagd voor een visie op de toekomst van Schiphol. Er wordt aangegeven dat het hier hapert. Daarmee wordt deze kwestie doorgeschoven naar toekomstige generaties.

Betekent dit dat er de komende 30 jaar helemaal niets gedaan wordt aan Schiphol?! De CU twijfelt aan de heldere visie op Schiphol vanuit de MRA. Zij hoort graag wat het standpunt is van het college over de positie van Schiphol in dit kader. De heer BOOMSMA vindt het heel goed dat er afspraken worden gemaakt op regionaal niveau betreffende de ruimtelijke opgave, want dat kan de stad niet alleen. Hij vindt het een goede zaak dat geconstateerd wordt dat er geen huizen worden gebouwd, maar steden. Een belangrijk aspect daarbij – en daarvan wordt geen melding gemaakt – is schoonheid. De schoonheid die er is moet behouden blijven en zo mogelijk versterkt worden. Wel wordt ingegaan op de versnelling van de bouw van Haven-Stad. Hem is echter niet precies duidelijk wat daarmee bedoeld wordt. Hij hoort het college hier graag nader over. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ sluit zich aan bij de heer Boomsma. Het is goed dat deze afspraken worden gemaakt. Ook zij heeft de vraag wat er bedoeld wordt met de versnelling van Haven-Stad. De heer ERNSTING leest in de stukken dat uitbreiding essentieel is voor de woningbouwopgave o.a. bij Haven-Stad. Hij is benieuwd of er met het nieuwe Kabinet afspraken zijn gemaakt hierover waar het gaat om de zwaarte van de woningbouwopgave. Verder heeft hij een vraag bij de verlenging van de NoordZuidlijn richting Schiphol. Dit is van groot regionaal belang, m.n.

voor de woningbouw.

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Mevrouw VAN SOEST wil van de wethouder horen in hoeverre de plannen voor Haven-Stad reëel zijn. Vanuit de provincie hoort zij bedenkingen met betrekking tot deze plannen. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het voorliggende een concept is en onderdeel uitmaakt van de versnellingsstrategie. Dat verklaart voor een deel de door sommigen geconstateerde vaagheid. Vanuit dit concept wordt er gewerkt richting de versnellingsagenda en de verstedelijkingsstrategie. Dan wordt het een stuk concreter. Dan zal de slagvaardigheid ook duidelijker naar voren komen. Het belang van het concept is dat daarbij alle MRA-partners hun handtekening gezet hebben onder de intenties betreffende hoe e.e.a. vormgegeven moet gaan worden. Uniek is dat daarbij voor het eerst de nadruk wordt gelegd op de leefomgeving en niet alleen op het bouwen van huizen. Zij denkt dat hierbij nu grote stappen zijn gezet. Ook het Rijk onderschrijft dit concept. Dat geeft een goede uitgangspositie om straks over de investeringsstrategie te gaan praten. Dan – zegt zij richting de heer Leenders – gaan er ook meer spijkers met koppen geslagen worden. Dat zal een interne discussie zijn met het Rijk. Daarbij zal het ook gaan om prioriteitstellingen, waarbij keuzes gemaakt moeten worden die soms moeilijk te accepteren zijn.

Hoe wordt het zuurs en het zoets verdeeld? Daarom is het goed dat het gesprek in gezamenlijkheid met alle betrokken partijen wordt gevoerd. Mevrouw VAN SOEST komt terug op het punt van compact bouwen in Amsterdam. Zij wijst op gebieden in Haven-Stad waar zonnepanelen mogen liggen voor 25 jaar. Zij denkt dat het mogelijk is daar ruimte voor te vinden in de weilanden. Die suggestie geeft zij graag mee aan de wethouder. Wethouder VAN DOORNINCK kent de verleiding om in de weilanden te gaan bouwen. Er is echter voor gekozen om dat niet te doen, omdat het groen rondom de stad zo ontzettend hard nodig is voor zaken als waterberging, klimaatadaptatie, hittestress, recreatie, biodiversiteit enz. De heer Leenders vroeg hoe het zit met de grote ring die ingetekend is. Dat komt omdat dit concept een verzameling van wensen is zonder prioriteiten. Lid Verkerke benadrukt dat het om een leefbare regio moet gaan. Zij heeft zojuist aangegeven blij te zijn dat er met alle partners afspraken gemaakt gaan worden betreffende hoe de verstedelijking er uit moet gaan zien. Zij weet niet of de overige colleges in de regio van mening zijn dat de economie de toekomst is. De diversiteit in de regio is groot en daar wordt verschillende over gedacht. De zoektocht is elkaar te vinden op de punten waarover men het eens is. Dat is al een heel stuk meer het geval dan een aantal jaren geleden.

Daarom vindt zij dat we onze zegeningen moeten tellen dat dit gesprek nu zo op deze manier met de regio gevoerd wordt. In ieder geval is het zo dat Amsterdam niet tracht zijn mening op te dringen aan de regio, maar er wordt geprobeerd om tot een gezamenlijk verhaal te komen. Dan Schiphol. In de verstedelijkingsstrategie wordt heel duidelijk gekeken naar gebiedsuitbreiding op de Zuidflank. Dat betekent dat ook met het Rijk het gesprek moet worden gevoerd over de gevolgen van Schiphol. Dit college heeft gesteld geen uitbreiding van het aantal vluchten te willen. Waar het om gebieden gaat die dichter bij Schiphol liggen, spelen zaken als geluidsoverlast een rol en de vraag of de normen woningbouw wel of niet mogelijk maken. Het gaat dus om de vraag of woningbouw voorrang moet krijgen of dat Schiphol kan vasthouden aan zijn positie. Dat is een goede discussie waard met de Rijkspartners. Mevrouw DE BRUINE hoort de wethouder refereren aan het door Schiphol vasthouden aan zijn positie. Zij wil weten of er bewegingen te bespeuren vallen in die opstelling van Schiphol. Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt dat die bewegingen er op dit moment niet zijn. Zij denkt dat de verstedelijkingsstrategie vooral laat zien dat de regio

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

beperkingen ziet door Schiphol voor de leefbaarheid van de omgeving en de woningbouw in met name de Zuidflank. Dat betekent wel dat dat gesprek gevoerd moet worden. De verstedelijkingsstrategie geeft niet een antwoord op alle vragen, want het gaat om het gesprek met het Rijk en niet alleen om het verhaal hier vanuit de regio. De heer Boomsma wijst op de afspraken. Dit is een concept dat gezamenlijk met het Rijk tot stand is gekomen. Op het moment dat er met het Rijk gesproken wordt op basis van het verstedelijkingsprogramma zal het meer richting langere afspraken gaan. Het voorliggende is niet meer dan een beeld van hoe de regio- en Rijkspartners denken dat de MRA de verstedelijking op de beste manier kan invoeren en de leefbaarheid daarvan denkt te realiseren en hoe de infrastructuur daartoe in te zetten. Dus het is een totaalconcept. De heer Ernsting vroeg zich af of er gesprekken zijn met het nieuwe Kabinet over het sluiten van de kleine ring. Zij probeert zo snel mogelijk met het nieuwe Kabinet in gesprek te komen, maar daarin is zij niet alleen. Het is haar nog niet gelukt om een afspraak te maken met de nieuwe minister van Verkeer en Waterstaat. Wel heeft men kunnen zien dat er voor de regio in de infrastructuur geld is uitgetrokken. Dus dat gesprek gaat er wel snel komen. Dat gesprek wordt niet alleen door Amsterdam als belangrijk gezien, maar ook door de regio.

Het is inderdaad zo dat het sluiten van de NoordZuidlijn een veel breder effect sorteert dan alleen maar de bereikbaarheid van Schiphol. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wijst erop dat een van de argumenten waarmee de financiering is afgewezen voor het sluiten van de kleine ring is dat Amsterdam met een gebrekkige onderbouwing is komen aanzetten. Zij hoort de wethouder daar graag nader over. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan die afwijzing anders te hebben gelezen als mevrouw Naoum Néhmé blijkbaar heeft gedaan. Wat zij jammer vindt in de afwijzing is dat er naar de vervoerswaarde werd gekeken en niet naar het aandeel van het aantrekken van woningbouw. Daarom is zij blij dat nu bij de gesprekken met de nieuwe regering er gebieden zijn aangewezen waar extra aandacht voor is en dan met name aandacht voor woningbouw in combinatie met infrastructuur. Dat aspect is in de weigering helaas weggelaten. Infra leg je aan om gebieden met elkaar te verbinden. Dat kan binnenstedelijk zijn om ervoor te zorgen dat er een heel nieuwe stad aangelegd kan worden. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ informeert op welke punten het college bereid is om concessies te doen richting het Rijk. Is de gemeente bereid om te zeggen meer voor de middeninkomens te gaan bouwen om uit de opbrengsten meer te kunnen bijdragen aan de gewenste infrastructuur, zodat er een minder groot appel gedaan hoeft te worden op de belastingbetaler.

Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat het raar zou zijn om te zeggen dat Amsterdam een heel nieuwe stad gaat gebouwen bestaande uit middeldure huur, omdat daar het nodige geld mee verdiend kan worden. Dat is een richting die zij niet op zou willen gaan. Volgens haar laat de verstedelijkingsstrategie zien dat een visie nodig is op de ontwikkeling van een gebied. Daar hoort niet bij dat omwille van het verdienen er dan maar een ander soort woningen wordt gebouwd. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ meent dat het vasthouden 40:40:20 ook niet echt een visie is. Wethouder VAN DOORNINCK antwoordt dat volgens haar het hebben van een visie niet gelijk is aan het dogmatisch vasthouden aan een standpunt. Het gaat om een visie op welk soort stad men wil gaan maken. Dat kent verschillende facetten en een daarvan is dat het een stad is die toegankelijk is voor iedereen. Daar hoort het bouwen van sociale woningbouw absoluut bij. Zij zet haar betoog voort met de vraag van de heer Boomsma naar schoonheid

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

van de stad. Schoonheid is echter een subjectief begrip, waarover de meningen uiteen kunnen lopen. Zij denkt dat het belangrijkste punt is dat men wil dat het inpasbaar is. Dan gaat het om termen als kwaliteit. Er wordt bekeken hoe het sluiten van de kleine ring gerealiseerd kan worden om ervoor te zorgen dat op het moment dat er ook in andere gebieden gebouwd kan gaan worden, de randvoorwaarden daartoe gecreëerd zijn. Dat is de manier waarop zij de versnelling van Haven-Stad ziet, namelijk de randvoorwaarden creëren zodanig dat op het moment dat de uitbreiding nodig is, daar snel mee aan de slag gegaan kan worden. Daaraan wordt in geval van Haven-Stad heel hard gewerkt en zij verwijst daarbij naar Sloterdijk. Dan de opmerking van mevrouw Van Soest over de scepsis in de provincie ten aanzien van Haven-Stad. Bekend is dat iedereen op een verschillende manier naar Haven-Stad kijkt. Het feit dat het nu deze plek heeft gekregen in de verstedelijkingsstrategie van de MRA laat zien dat er steeds meer oog is voor het feit dat de bouw van Haven-Stad van groot belang is voor de gehele regio. De heer LEENDERS herinnert aan zijn vraag met betrekking tot de termijnen waarop de gesprekken met het Rijk plaatsvinden. Wethouder VAN DOORNINCK moet nakijken of daar inderdaad een termijn voor staat.

Zij weet wel dat er een moment is in april, waarop er mogelijk weer een gesprek is met het ministerie. Zij hoopt nog tijdens deze vergadering hierop nader terug te kunnen komen. De VOORZITTER constateert dat dit onderwerp hiermee nu voldoende besproken is en dat het een korte behandeling zal krijgen in de raadsvergadering.

6 Vaststellen besluit welstandskader Schinkelkwartier (voluit: Wijzigingsbesluit Welstandsnota De Schoonheid van Amsterdam, welstandskader Schinkelkwartier) (ZD2021-015510) Gevoegd te behandelen met Grondzaken 7 Kennisnemen van de projectnota Schinkelkwartier en vaststellen van de voorbereidingsgrondexploitatie Schinkelkwartier (ZD2021-015510) De heer LEENDERS (onverstaanbaar) Mevrouw BERCKENKAMP meent dat men trots kan zijn op de plannen voor het Schinkelkwartier, waarmee een poging wordt gedaan om geen stenen te bouwen maar om een stad te creëren. D66 heeft complimenten hiervoor richting het college. D66 is blij met de vele woningen die in het Schinkelkwartier gebouwd gaan worden. Iedereen weet echter dat dit de wooncrisis niet gaat oplossen. Daarom is het belangrijk als er voor creatieve oplossingen wordt gekozen. In de nota van beantwoording staat dat er ruimte is voor 300 starterswoningen. Die woningen kunnen in het talud van de A4 en A10 gebouwd worden als geluidsbarrière voor de rest van de wijk. De woningen zijn voor starters en een- of tweepersoonshuishoudens in het middeldure segment. Dit soort bouwinitiatieven zijn iets om verder over na te denken voor de stad. Zij heeft in de afgelopen tijd gemerkt dat deze optie niet verder onderzocht is op gemeentelijke grond, omdat de gemeente niet zelf huizen bezit.

Voor D66 is dit denken in problemen en niet in termen van oplossingen. Daarom heeft zij wat vragen aan de wethouder. Zij wil weten of de wethouder bekend is met de startblokken van fabriekswoningen. Zo ja, kan zij dan aangeven in hoeverre dat een optie is voor Amsterdam? Denkt zij dat de woningbouwcorporaties gezamenlijk dat soort woningen zouden wil inkopen om de woningnood te bestrijden. Kent zij het standpunt van de Amsterdamse woningbouwcorporaties in dezen? Het Rijk heeft extra gelden beschikbaar gesteld

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

voor fabriekswoningen en alternatieve woonvormen. In hoeverre wil het college gebruik maken van deze gelden om de woningcrisis in Amsterdam te bestrijden en die gelden ook inderdaad voor dit type woningen gebruiken? Op 21 oktober 2021 heeft de MRA en de gemeente Amsterdam een (?) getekend waarin staat dat een op de vijf woningen van de MRA van hout gemaakt zal zijn. Volgens haar zou het Schinkelkwartier een goede plek zijn om aan deze afspraak te voldoen. Als dat niet het geval is, kan de wethouder dan uitleggen waarom het voorstel van (?) niet voldoende was? Mevrouw VAN RENSSEN is blij dat men met deze projectnota weer een stap verder is met de ontwikkeling van dit deel van de stad en de toevoeging van 11.000 woningen. Het doet haar deugd dat het groen en m.n. het rustgebied in dit stukje stad behouden kan worden. Zij gaat daarom uit van een goede inpassing en het behoud van de bestaande woonruimte in dit park Schinkelhoeve. Zij hoort de wethouder daar graag nader over. Zij juicht de uitbreiding toe van de groenstructuur met het park en de groene zone langs de spoorlijn naar het Riekerpark. Zij is blij met de verbindingen die er komen en dat het dus niet alleen gaat om woningen. Zij maakt zich enigszins zorgen over de geluidsbelasting in het gebied. Zij begrijpt dat dit gemonitord wordt en dat het college in gesprek is hierover met het Rijk.

Maar wat kan er nog meer gedaan worden om de regels verder te veranderen ten gunste van het bestrijden van de geluidsoverlast? Een andere vraag is hoe Schiphol gedwongen kan worden tot een andere bedrijfsvoering om de invloed op mogelijke bebouwing verder te beperken. Wat GL betreft kan het doortrekken van de NoordZuidlijn niet plaatsvinden zonder dat eerst de kleine ring is gesloten. Het gaat hierbij om een langdurige ontwikkeling, daarom vraagt zij zich af of er sprake kan zijn van tijdelijke woningen in het gebied. Verder is er nu een klein gebiedje waarop getuinierd wordt door bewoners. Haar vraag is of het mogelijk is om deze ‘spijtoptuin’ te behouden. Dan heeft zij nog vragen over de participatie. Zij wil weten of er in het vervolg van het proces ruimte gemaakt kan worden om met de bestaande bewoners en de andere stakeholders uit Zuid om de tekentafel te gaan zitten om gezamenlijk die openbare ruimte vorm te geven. Dat is dus meer dan louter informeren. De heer BOOMSMA heeft een vraag betreffende de binnentuin en de bouwhoogte. Hij vraagt zich af in hoeverre de groene daken daar worden gestimuleerd. Zijn daar bepaalde normen voor gesteld? Dan Huis te Vraag. Hij is voor een bescherming van dat huis en wil weten hoe dat zo goed mogelijk kan gebeuren. Hoe kunnen de zorgen van de bewoners daaromtrent weggenomen worden? Dat geldt ook voor die spijtoptuinen.

Hij vindt ook dat die invloed van de bewoners het best tot zijn recht komt als zij mee aan de tekentafel worden genood. Wethouder VAN DOORNINCK dankt voor het enthousiasme voor dit plan en de complimenten die daarvoor zijn uitgedeeld. Zij geeft dat graag door aan de ambtenaren die daaraan gewerkt hebben. Het is inderdaad een spannend traject. Daarom is het ook goed om zich te realiseren wat het belang van dit gebied is. Het is een transformatiegebied dat in de komende jaren verder ontwikkeld gaat worden. Daarom is het belangrijk dat men in alle fases in gesprek blijft met de bewoners die er nu al zijn, maar ook met die van de toekomst. De inzet is om die participatie goed te regelen. Zaken als de verbindingen zijn zaken, waarbij het belangrijk is dat de bewoners aan de tekentafel worden meegenomen in het ontwerp. Het moet allemaal zo goed mogelijk worden ingepast. Dat geldt ook voor Huis te Vraag. Het streven is om de cultuurhistorische en ecologische waarde van het weiland te beschermen. Het blijft een plek van rust en stilte. De weilanden rondom Huis te Vraag komen als ecologische verbindingsgebieden in de hoofdgroenstructuur. Richting de PvdA en de risico’s die voorzien zijn, geldt dat de gemeente in een transformatiegebied afhankelijk is van eigenaren en ontwikkelaars. Daar is op andere

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

plekken al de nodige ervaring mee opgedaan, maar het blijft zaak om daarbij de vinger goed aan de pols te houden. Te zien valt dat de interesse van de erfpachters er absoluut is om te gaan transformeren. Er worden reeds afspraken gemaakt met erfpachters. Er is voldoende fysieke capaciteit en kwaliteit om aan de eisen die deze aanpak biedt gestalte te geven. Er wordt elk jaar een werkplan gemaakt, zodat precies bekend is welke capaciteit op welk moment ingezet moet kunnen worden. Dat betekent wel dat niet alles tegelijk aangepakt kan worden, maar dat er gefaseerd te werk gegaan moet worden. Er wordt begonnen met de gebieden Schinkelraad, Nieuwe Meer Oost en Plantijn. D66 wilde weten waarom men hier niet met die startblokken aan de gang wil gaan. Dat is niet gebeurd omdat men op dat moment nog niet direct bezig was met het invullen van de plannen. Het idee was om een geluidswal te bouwen. Wel is het zo dat er sinds kort een afspraak is gemaakt met de Amsterdamse Federatie van woningbouwcorporaties voor 250 van dat soort tijdelijke woningen in het (?)-park. Samen met De Key gaat er gekeken worden wat de innovatieve mogelijkheden zijn rondom circulair bouwen. Zij hoopt mevrouw Van Renssen gerust te hebben gesteld waar het de zorg voor het weilandje betreft. Zij wilde ook weten hoe er omgegaan wordt met de nieuwe rekenregels over het geluid van Schiphol.

Zij verwacht dat het nieuwe Kabinet dit jaar hierover gaat besluiten. Dat betekent dat Amsterdam de lobby hiervoor gaat opvoeren, want de kwestie is zeer belangrijk wegens de mogelijke woningbouw. Schiphol kan niet gedwongen worden om maatregelen te nemen ter bestrijding van de geluidsoverlast. Dat is een kwestie van lobbyen richting het Rijk. De initiatieven zijn in dit gebied belangrijk gezien de gefaseerde aanpak en het feit dat het om een transitiegebied gaat. Daardoor kan er gewerkt worden met tijdelijke initiatieven, die soms wel en soms niet een blijvend karakter kunnen krijgen. Begonnen wordt met die 250 tijdelijke woningen. Zij is laatst op bezoek geweest bij de mensen die de spijtoptuinen onderhouden. Het is een prachtig buurtinitiatief. Zij zegt absoluut gecommitteerd te zijn om samen met de bewoners te bekijken of de tuinen op een andere plek geplaatst kunnen worden. Zij kan echter niets beloven. Ingaande op de vraag van de heer Boomsma, namelijk hoe ervoor gezorgd wordt dat er echt samengewerkt wordt, benadrukt zij dat die samenwerking absoluut de bedoeling is. Dat begint al met de aanlanding van die brug. Bekeken zal dus worden hoe dat het best in samenwerking met de buurt gedaan kan worden. Verder had de heer Boomsma een vraag over het aanleggen van groene daken. Zij zegt na te moeten gaan of die groene daken al in de plannen zijn opgenomen.

Wel weet zij dat er 40 ha extra groen wordt toegevoegd aan dit gebied. Zij weet niet of de tuinen van de gesloten woonblokken daar bij zitten. Zij kijkt dat na. Wat de groene daken in de binnenterreinen betreft, krijgt zij van haar ambtenaren door dat die in de ontwikkelregels zijn opgenomen. Op 25% van het binnenterrein worden die groene daken gerealiseerd. Tweede termijn Mevrouw VAN RENSSEN is blij om te horen dat het weiland in de stadsnatuur is opgenomen. Haar vervolgvraag betreft Huis te Vraag en of de aanvraag als monument al is ingediend. Een volgende vraag betreft de werkprocessen samen met de bewoners. Zij wil weten of dat ook geldt voor de ontsluiting van het doelgebied Schinkelhaven. Mevrouw BERCKENKAMP zegt gekeken te hebben naar die woningen van het (?)-park. Volgens haar klopt het dat ze bestemd worden voor studenten en statushouders. Haar vraag is of er meer gedaan kan worden voor mensen in de middenhuur die daar gebruik van willen maken. Daarom vraagt zij zich af of het geen goed idee is om met deze partijen in gesprek te gaan. Zij stelt voor de optie die de wethouder zojuist aangaf voor sport en groen versus woningen aan de raad voor te leggen, zodat gezamenlijk die beslissing genomen kan worden.

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Wethouder VAN DOORNINCK antwoordt allereerst richting mevrouw Van Renssen dat de aanvraag voor de aanwijzing van Huis te Vraag als monument door het stadsdeel nog niet in werking is gesteld. Het gezamenlijk ontwerp van het Aalsmeerplein vergt nog enige studie, omdat daar strengere regels gelden gezien de verkeerssituatie. Het is nog niet bekend in hoeverre dat een gezamenlijke activiteit kan worden. Zij zal daar wel op aandringen. Mevrouw Berckenkamp vroeg haar in gesprek te gaan met die partijen over middenhuur op deze plek. Dat vindt zij, eerlijk gezegd, een lastige vraag, want die vraag komt neer op het opgeven van de plannen voor groen en sport ten behoeve van die woningen. Het groen moet ergens gerealiseerd worden. Daarom zou het volgen van de suggestie van mevrouw Berckenkamp niet haar eerst keuze zijn. Mevrouw BERCKENKAMP geeft aan dat dat niet hetgeen is wat zij vroeg. Zij stelde voor het in de raad aan de orde te stellen, zodat er een gewogen beslissing gemaakt kan worden tussen die twee opties. Zij weet niet hoeveel ruimtebeslag dat in dat gebied zou betekenen. Haar vraag blijft om dat aan de raad voor te leggen. Wethouder VAN DOORNINCK snapt de vraag, maar het gesprek is gevoerd en het college heeft een andere keuze gemaakt. Dus als de raad dit wil, dan denkt zij dat de raad hierbij met een voorstel moet komen.

De VOORZITTER constateert dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is en dat het in de raadsvergadering een korte bespreking zal krijgen.

8 Vaststellen van de Investeringsnota IJdoornschoollocatie en het beschikbaar stellen van een krediet (ZD2021-015569) De heer LEENDERS (zeer slecht verstaanbaar) refereert aan afspraken die ooit gemaakt zijn. Het is nu 16 jaar verder. Hij vraagt de wethouder dit plan nu met gezwinde spoed op te pakken. Wethouder VAN DOORNINCK zegt de aansporing van de heer Leenders niet nodig te hebben, omdat zij heel blij is dat er eindelijk met dit plan aan de slag gegaan kan worden. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is en dat het in de raad gehamerd zal worden.

9 Vaststellen van de Investeringsnota Centrum Reigersbos (ZD2021-015939) Dit agendapunt wordt behandeld in aanwezigheid van stadsdeelbestuurder de heer De Jager. De heer LEENDERS wijst op de inbreng van de inspreker en het feit dat dat de participatie in dit project duidelijk niet goed is gegaan. Het is niet voor het eerst dat die participatie niet goed is gegaan. Hij vraagt de wethouder te reflecteren op het participatieproces. Ook de mevrouw DE BRUINE heeft vragen bij de participatie, die verre van goed is verlopen. Het advies van de stadsdeelcommissie vindt zij opvallend hierin. Als ook zo’n advies aangeeft dat de participatie niet goed is gegaan, dan maakt zij zich zorgen. Zij hoorde dat de participatie door verschillende organisaties heeft plaatsgevonden, maar de leiding daarin ontbrak. Zo zijn er meer oorzaken waarom de partici-

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

patie hierbij niet goed is verlopen. Zij maakt zich zorgen om de buurt. Zij heeft ook zorgen bij de ontwikkeling op het gebied van groen, dat door de plannen afneemt van 6,2 ha naar 5,3 ha. Zij maakt zich zorgen om die achteruitgang. Hoe gaat dit gewijzigd worden in het hele plan? Verder stelt zij ten aanzien van het poortgebouw bij winkelcentrum Reigersbos voor om te bezien of het mogelijk is dit gebouw, dat leeg staat, in gebruik te laten nemen door organisaties in de buurt die naar ruimte zoeken. Vandaar haar vraag of dit gebouw toegevoegd kan worden aan de investeringsnota. Hoe kan dit poortgebouw betrokken worden bij de buurt? Mevrouw VAN RENSSEN spreekt van een ambitieus verdichtingsplan dat past in het streven om de stad verder te verdichten en compacter te maken. Een deel van woningen wordt nu gebouwd op parkeerplaatsen. Dat moet op een goede manier gebeuren, want het gaat om een metrohalte in de omgeving. De kritiek vanuit de buurt richt zich ook op het aantal te bouwen woningen. Zij vraagt de wethouder daar iets meer over te zeggen. Zoals zij het nu ziet gaat het om een plan waar men zeker mee verder kan. Zij denkt dat het belangrijk is dat ook hier nieuwe woningen worden toegevoegd en dan met name wat grotere woningen. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA vindt het opvallend dat de bewoners positief zijn over dit plan, maar dat de stadsdeelcommissie hier negatief over is.

Er is veel opgemerkt over participatie. Kan de wethouder daarop reageren? Zij heeft ook gezien dat een deel van de 120 inspraakreacties gaat over het groen in de buurt. De bewoners willen het groene karakter van hun buurt graag behouden. Toch vermindert het groen van 6,2 ha naar 5,3 ha. Een achteruitgang dus en dat stelt haar teleur. Zij ziet ook graag dat de tientallen jaren oude bomen behouden worden. Bovendien vraagt zij meer bomen te planten. De heer BOOMSMA vestigt de aandacht op hetgeen is opgemerkt over de participatie. Hij wil het bij die opmerking houden. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ vraag zich met betrekking tot participatie ook af hoe het ‘in hemelsnaam’ zo ver heeft kunnen komen dat bewoners een WOB-verzoek moeten indienen om na te kunnen gaan wie zogenaamd de bewoners waren die de petitie tekenden. Hoe kan het dat de inspreekster, mevrouw Kruik, aangaf dat er wel voorlichting is gegeven, maar niet aan de mensen die het direct betrof. Er lijkt dus iets grondig mis te zijn gegaan. Zij hoort graag de reactie van de wethouder, maar ook die van de dagelijks bestuurder. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat wanneer het gaat om de compacte stad er natuurlijk plekken zijn, die wel enigszins (?). Reigersbos is daar een van. De 700 toe te voegen woningen zijn er minder dan de bedoeling was. De originele plannen zijn aangepast.

27% van de woningen is bedoeld voor woningzoekenden in Zuidoost. Daar is een grote vraag naar. Dat betekent wel dat een woongebied verandert. Dat is soms lastig voor zittende bewoners. Daarover is in dit geval getracht het gesprek mee te voeren. Daar is men niet altijd op dezelfde manier in geslaagd. De plannen zijn naar aanleiding van de inspraak op veel punten aangepast. En die punten werden niet alleen door de bewoners ingebracht maar ook door de stadsdeelcommissie. Zij vraagt de voorzitter de heer De Jager, stadsdeelbestuurder, het woord te geven om duidelijk te maken hoe het participatieproces precies gelopen is. Verder meldt zij nog dat er geëvalueerd gaat worden wat hier gebeurd is, want de bedoeling is wel dat de participatie in het vervolgtraject goed gebeurt. Zij wil nog ingaan op het punt van mevrouw Naoum Néhmé, omdat zij dat als een fikse beschuldiging ervaart, namelijk het punt dat er een WOB-verzoek ingediend moet worden om erachter te komen wie er heeft geparticipeerd. Als gemeente kan men niet zo maar namen en data van mensen verstrekken. Daar moet ook rekening mee gehouden worden. Het streven is wel om alles op een transparante manier te delen.

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Mevrouw NAOUM NÉHMÉ verwijst naar het college, dat aangeeft dat er met de mensen uit de buurt is gesproken, maar dat de inspreekster aangaf dat de bewoners geen idee hebben wie dat zijn geweest. Daarom zagen de bewoners zich genoodzaakt om een WOB-verzoek in te dienen. Wethouder VAN DOORNINCK zegt die situatie te begrijpen, maar zij had het niet over de situatie van de bewoners maar over de woorden van mevrouw Naoum Néhmé, die vanuit een heel andere positie haar vragen stelt. De heer Leenders vroeg haar te reflecteren op het participatieproces. De heer De Jager zal die vraag beantwoorden. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ vroeg de wethouder naar de stand van zaken, gezien de overeenkomst met de Meervaart. Bij haar fractie bestaat er scepsis over deelnemerslijsten. Wethouder VAN DOORNINCK zegt niet te begrijpen waarom o.a. de VVD een enorm spektakel maakt over het feit dat er bij een van de bijeenkomsten personen op strategisch plekken neergezet zouden zijn, terwijl het gewoon over de notulist ging. Zij denkt dat mevrouw Naoum Néhmé hiermee alleen maar het wantrouwen in de overheid voedt. Mevrouw DE BRUINE wil de wethouder hier corrigeren. Het gaat hier niet over de Meervaart of de positie van een notulist. Het gaat erom dat uit stukken van de Meervaart is gebleken dat er mensen opgevoerd worden. Wethouder VAN DOORNINCK lijkt het goed om hier niet nogmaals op terug te komen.

Volgens haar is dat uitgebreid besproken. Mevrouw De Bruine wees er in haar bijdrage op dat er groen verdwijnt. Het is helaas zo dat ondanks dat er ook groen wordt toegevoegd, het groen in dit geval iets afneemt. Wel is het zo dat Gaasplas een groenoppervlak heeft van 350 ha. Met de vermindering van het groen in dit gebied wordt daardoor ruimschoots binnen de norm gebleven. Daarnaast vindt er wel een absolute investering in de kwaliteit van het groen plaats. Het poortgebouw is een markant gebouw. Zij kent geen plannen betreffende een hotelfunctie. Als er een heel bijzonder concept wordt ingediend hiervoor, zou het in overweging genomen moeten worden, maar er is geen sprake van dergelijke voorstellen. In deze investeringsnota is er ook geen ruimte voor een hotelontwikkeling. Vanuit bewoners is voorgesteld om woningen mogelijk te maken in het poortgebouw. Dat kan echter niet wegens de trillingen van de metro. Voor de eventuele herontwikkeling van het gebouw is de gemeente afhankelijk van de eigenaar van het poortgebouw. Als die eigenaar zich met dergelijk plannen zou melden, dan zou daar natuurlijk naar gekeken worden. Een maatschappelijke functie zou mooi zijn. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA wijst erop dat de bewoners aangeven dat zij zich prettig voelen in deze groene buurten. Zij vraagt de wethouder waarom er in Gein en Holendrecht groene gebieden bebouwd worden.

Waarom moet dat groen verdwijnen. Wethouder VAN DOORNINCK wil niet speculeren over heel andere gebieden. Het gaat nu om Gaasperplas waar inderdaad een verdichtingsopgave ligt, die zo goed mogelijk groen wordt ingevuld en waarbij de groennorm ruimschoots gehaald wordt, maar waar inderdaad het oppervlakte groen enigszins verdwijnt, maar waardoor wel 700 woningen gerealiseerd kunnen worden. Het is het goed recht van de PvdD om niet te kiezen voor verdichting binnen de stad en geen woningen te willen toevoegen. Het gros van de gemeente maakt echter een andere keuze. Mevrouw Bloemberg-Issa wil corrigeren dat de PvdD niet voor woningen kiest. De partij kiest niet voor woningen als dat ten koste gaat van groen.

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Wethouder VAN DOORNINCK meent dat ook waar extra woningen niet ten koste gaan van het groen bij de PvdD op onwil stuiten. Misschien dat zij het iets te scherp stelde. Dat neemt zij dan terug. De woningbouw staat in ieder geval niet bovenaan het lijstje van de PvdD. Mevrouw VAN SOEST wijst erop dat mevrouw Van Doorninck woningbouw wel ten kosten van groen laat gaan als zij kijkt naar het aantal bomen die geschrapt zijn in Amsterdam-Noord. Dat zijn er meer dan 2000! Verder wijst zij erop dat op de velden waar zonnepanelen geplaatst worden ook tijdelijke woningen gebouwd zouden kunnen worden. Zij vraagt of de wethouder bereid is te overwegen tijdelijke woningen te bouwen op de plek waar nu zonnepanelen gepland zijn? Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat Amsterdam er niet voor gekozen heeft om zonnepanelen in weilanden te plaatsen. Dus er moet plek gezocht worden voor zonnepaneelvelden binnen de stad. Het groen rondom de stad moet behouden blijven. Zij brengt in herinneringen dat de plannen voor Elzenhage-Zuid en het ontwikkelen van woningen daar een stuk ouder zijn dan het zittende college. Zij denkt dat dat niet in verhouding staat tot de bijzonder kleine afname van het groen in het gebied dat nu aan de orde is. Mevrouw Bloemberg-Issa ging ook nog specifiek in op de bomen. Er gaan natuurlijk zo veel mogelijk bomen gehandhaafd worden en nieuw gepland worden waar dat kan.

Als het echt niet anders kan worden die bomen buiten het plangebied gecompenseerd. Men kan precies nagaan om welke plekken het gaat. Zij legt de technische details van de herplantplannen verder uit. De heer DE JAGER gaat in op de problematiek rondom de participatie. Hij benadrukt dat er op een zorgvuldige manier gehandeld moet worden, omdat het gaat om het inpassen van de nieuwbouwplannen in een bestaande wijk. Het participatietraject moest uitgevoerd worden in de tijd dat corona aan de orde was. Dat maakte het extra ingewikkeld. Er is op verschillende manieren geprobeerd om zo veel mogelijk bewoners te bereiken. In het participatietraject zijn 800 bewoners bereikt. Dat is op verschillende manieren gebeurd. Het bleek dat een bepaald deel van de buurt zich gepasseerd voelde. Dat signaal heeft hij opgepakt als bestuurder. Hij is als bestuurder drie maal in de buurt geweest. Daarbij heeft hij ook met die bewoners gesproken. Hij heeft ook door de buurt gewandeld. Hij heeft ook bewoners gesproken die zeer enthousiast waren over de plannen. Het stukje buurt dat kennelijk niet bezocht is bij het flyeren, is gecompenseerd nadat dat bekend werd. Dit gebeurde middels het verspreiden van een nieuwe folder aldaar. Er is ook een samenvatting gemaakt voor mensen met een lage geletterdheid in het stadsdeel. Dus voor hen is een speciale folder gemaakt en verspreid.

Dus er is op verschillende manieren geprobeerd te participeren. De bewoners hebben aangegeven verder actief betrokken te willen worden in het participatieproces. Toegezegd is dat in de diverse stadia van de bouw de bewoners betrokken zullen worden bij het opstellen van het programma van eisen. Wat hem betreft kan daarbij ook gebruik gemaakt worden van een burgerjury. Het DB was niet op de hoogte van de wens van bewoners te horen welke bewoners daadwerkelijk bij de participatie betrokken zijn geweest. Dat WOB-verzoek is direct ingediend, terwijl als men had overlegd dat niet nodig was geweest. Die informatie had gewoon verstrekt kunnen worden. De participatie heeft geleid tot aanpassing van de bouwplannen. Er zijn woningen voor jongeren en ouderen toegevoegd. Toen hij hoorde dat mensen zich toch zorgen maakten over de participatie, heeft hij gezorgd voor een evaluatie door een externe partij, zodat het DB kon horen wat er wel en niet is goed gegaan en wat er voor de toekomst te leren was. Op de website kan men zien wat de uitkomsten van die evaluatie waren en welke maatregelen zijn genomen om de participatie te verbeteren. De heer LEENDERS dankt voor de verhelderende toelichting. Hij hoort graag

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

wat er in de flyer stond. Verder wil hij weten of de lessen van de evaluatie kunnen worden meegenomen in het vervolgtraject. De heer DE JAGER geeft aan dat de inhoud van de flyer als ook die van het onderzoek gedeeld kunnen worden. Die tussentijdse evaluatie is gedaan om de resultaten daarvan mee te nemen in de vervolgstappen ter verbetering. Hij zegt niet dat alles goed gegaan is, maar er moet wel getracht worden om dingen te verbeteren. Daarover is hij met de buurt ook in gesprek. Mevrouw DE BRUINE wil weten waarom er niet gekozen wordt voor het opnieuw uitvoeren van de participatie. De heer DE JAGER wijst erop dat er betrokken bewoners zijn, waarvan een deel heeft aangegeven zich overvallen te hebben gevoeld of te hebben ervaren dat dingen niet goed zijn gegaan. Zijn beeld als bestuurder is dat er veel mensen zijn bereikt. Er zijn verschillende reacties binnengekomen. Bewoners die niet tevreden waren heeft hij bewust opgezocht om te weten te komen wat de zorgen van deze mensen waren. Hij heeft het gevoel dat wel degelijk alle informatie opgehaald is en dat die informatie een rol gespeeld heeft in de afwegingen. Hij benadrukt dat in zijn optiek de participatie afdoende is geweest en dat er vooral geleerd moet worden van het proces. Daarom is het volgens hem niet nodig om de participatie over te doen.

Mevrouw VAN SOEST hoorde de heer De Jager zeggen dat er geleerd moet worden van het proces. Vandaar haar suggestie om de participatie wel een keer over te doen. Waarom is de heer De Jager daar niet toe bereid? Waar is hij bang voor? De heer DE JAGER herhaalt zijn antwoord van zojuist, namelijk dat in zijn optiek de mensen die hun mening wilde geven, die mening ook hebben kunnen geven. Die inbreng is zorgvuldig gewogen. Om die reden vindt hij dat de participatie voldoende is geweest. Van de tussentijdse evaluatie moet geleerd worden om het participatieproces te kunnen verbeteren. Het is niet zo dat mensen die gehoord moesten worden hun zegje niet hebben kunnen doen. Dat is uiteindelijk wel gebeurd. Tweede termijn Volgens mevrouw DE BRUINE komt hetgeen zij nu gehoord heeft van de heer De Jager neer op het voornemen om te leren van alle fouten die gemaakt zijn tijdens de participatie. Dat streven steunt zij van harte, maar ergens moet een grens getrokken worden. Op een gegeven moment moet er genoeg geleerd zijn. Het gaat om het belang van de bewoners. Naar haar mening is de participatie in deze kwetsbare wijk niet voldoende geweest. Mevrouw VAN RENSSEN benadrukt het belang van het meenemen van de informatie van bewoners in het participatieproces.

Ook van belang is dat het hier om een investeringsnota gaat en dat de bestemmingsplannen worden aangepast en er vervolgens een Omgevingsvergunning moet komen en dat ook dan met de gemeente in gesprek gegaan kan worden. Er zijn in dit proces dus nog meerdere stappen te zetten. Wat haar betreft kan men op deze voet zo doorgaan. Mevrouw DE BRUINE weet, richting mevrouw Van Renssen, dat er zaken verder moeten worden uitgewerkt. Het gaat echter om de vraag wat het ervaren effect van de plannen is op de omgeving. Mevrouw VAN RENSSEN hoort wat mevrouw De Bruine zegt en zij is het er ook mee eens dat men de bewoners mee moet laten praten. Zij denkt dat er op dit moment heel veel participatie heeft plaatsgevonden en dat dat proces nog niet ten einde is.

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

De heer LEENDERS is benieuwd te weten wat het overdoen van de participatie zou betekenen. Het effect daarvan is hem niet duidelijk. Wethouder VAN DOORNINCK moet voor het antwoord op die vraag afwachten welk deel van de participatie dan overgedaan zou moeten worden. Er is uitgebreid gereageerd op de inspraak. Er is wel degelijk ingegaan op een deel van de zorgen. Daardoor zijn de plannen ook aangepast. Dus zij zou niet weten wat er de facto zou veranderen. In de volgende fase zal het stadsdeel zich maximaal inzetten om dat samen met de bewoners te doen. De VOORZITTER concludeert dat dit onderwerp voor nu voldoende besproken is en dat het in de raadsvergadering een middellange behandeling zal krijgen.

10 Instemmen met de Ontwikkelingsstrategie ArenAPoort 2030, inclusief het Ruimtelijke Kwaliteitskader voor de Transformatie van ArenAPoort en het beschikbaar stellen van een krediet. (ZD2021-016413) De heer TURKKOL (moeilijk verstaanbaar) vindt dat de plannen er goed uitzien. Hij vraagt zich af of het mogelijk is om in het kader van het middensegment afspraken te maken met ontwikkelaars ten behoeve van bepaalde doelgroepen, zoals leraren en politiemensen. Hij vindt het belangrijk dat ook koopwoningen voor deze doelgroepen beschikbaar komen. Hij wil daarom weten of de wethouder van plan is om een percentage middeldure koopwoningen toe te wijzen aan leraren en andere doelgroepen in de ArenAPoort. Als dat het geval is, hoe groot is dan dat percentage. Als dat niet zo is, wil hij weten wat de beweegredenen van de wethouder zijn om dit niet te doen. De heer LEENDERS stelt voor dat D66 deze kwestie in de commissie Woningbouw aan de orde stelt. De heer TURKKOL geeft aan dat het hem erom gaat te bekijken of aan deze maatschappelijke doelgroepen een bepaald percentage van de woningen toegewezen kan worden. Het lid VERKERKE ziet de verdichting van het Arenapoortgebied op zich wel als belangrijk, maar als BIJ1 heeft toch zeker ook een aantal belangrijke vragen. Om te beginnen horen zij uit de buurt dat de woningen nog steeds geen oplossing vormen voor een fors deel van de mensen.

De huren zijn hoog en worden hoger de koopwoningen zijn duur, ook voor wie het zou kunnen betalen. Voor BIJ1 is het van de zotte om dure woningen te bouwen, terwijl er nog zoveel mensen op straat moeten leven en niet eens opvang hebben. Daarom de concrete vraag: komen er Housing First woningen onder de sociale huurwoningen? Zo ja hoeveel, zo nee waarom niet? Moeten die niet overal komen? Een algemene zorg die BIJ1 heeft is dat niet alleen vele woningen duur zijn of worden, maar dat de vernieuwing alles duurder maakt. Ontwikkelen kost geld, ontwikkelaars kunnen relatief weinig doen de laatste tijd en willen dus hun portemonnee weer snel gevuld hebben. Het is algemeen bekend wie daarvoor de prijs betaalt en dat dit niet goed is voor de diversiteit van winkelcentra. Er staat in het plan dat de winkelcentra zelf ook diverser worden met meer verschillende types aanbod. Het worden meer en meer vermaakscentra, zoals in het centrum ook zichtbaar is. Daar wil de fractie toch een kanttekening bij zetten. Er is niets tegen vermaak, maar vermaak om meer kopers te trekken en meer consumptie te organiseren, zo plat ligt het uiteindelijk, vinden zij niet echt een aanlokkelijk perspectief. Men moet juist in het algemeen minder en beter consumeren. De wereld gaat aan overproductie ten onder.

BIJ1 pleit er nadrukkelijk voor dat alle winkels die zich willen vestigen een goed werkend circulair beleid hebben

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

en dat er geen prullenwinkels a la Primark of H&M komen, met hun fast fashion. De XL winkels mogen van hen ook wel weg, als product en aanjager van consumentisme. Dus als er een zaak leeg komt: opsplitsen in kleinere winkels. Dat past ook veel beter in de gemeentelijke strategie van circulariteit en afval voorkomen. Daarom ook de expliciete vraag: let u daarop? Misschien is het nog wat vroeg in het proces voor deze vraag maar anderzijds kan later erg laat zijn. BIJ1 onderschrijft tenslotte het belang van veel maatschappelijke voorzieningen en staat voor het vermaatschappelijken van alles wat om geld draait. Wethouder VAN DOORNINCK vindt het een spannende ontwikkeling die hier plaats gaat vinden. Dit is een gebied dat uit evenementen en winkels bestaat en waaraan maatschappelijke woningen en erg veel groen toegevoegd gaan worden. Dit is weer een verdere bijdrage in het streven een complete stad te maken. Op de vraag van D66 of er afspraken gemaakt kunnen worden met ontwikkelaars betrekking tot het middensegment ten behoeve van speciale doelgroepen, wijst zij op de bestaande afspraken, namelijk om 25% van de nieuwbouw toe te wijzen aan bewoners van Zuidoost. Er bestaat daar een grote behoefte bij mensen om in de eigen buurt te blijven. Het gaat echter om een langdurige transformatie, waarbij meerdere afspraken gemaakt gaan worden.

Zij vindt het een goed idee om over de suggestie van D66 ook het gesprek met de ontwikkelaars te voeren. Dat is echter wel iets voor de langere termijn. Zij stelt zich voor dat dat samen met het stadsdeel bekeken gaat worden. Het lid Verkerke maakt zich zorgen over de betaalbaarheid van de woningen. Zij legt uit dat 80% van de nieuwbouw bestaat uit sociale woningbouw en 20% bestaat uit middeldure huurwoningen. Zij weet niet of Housing First aan de orde is. Zij zegt toe te zullen bekijken of dat hier al in zit. Zij zal ook bekijken of het specifiek toewijzen van woningen aan leraren en andere speciale doelgroepen al mogelijk is. Richting lid Verkerke legt zij uit dat het karakter van het gebied niet zal veranderen. Het entertainment element blijft karakteristiek voor het gebied. Er wordt wel bekeken of er bijvoorbeeld winkels met een kleinere schaal toegevoegd kunnen worden. Het lid VERKERKE geeft aan dat het zijn fractie niet gaat om het transformatieproces, maar om de verminderen van het concentraat van winkels en evenementen ten gunste van een woonbuurt. Wethouder VAN DOORNINCK zet uiteen dat voor de transformatie van een winkelcentrum naar een woonbuurt ook de kleinschalige economie moet worden bevorderd. De heer DE JAGER is gevraagd nader in te gaan op de kwestie van het aanjagen van de meer lokale economie.

Hij wijst op het belang van de ontwikkeling van de Amsterdamse Poort. De winkels, horeca en cultuur komt voor een belangrijk deel uit Zuidoost. De Superhal gaat terugkomen en wel op een duurzame manier. Daar wordt samen met de ondernemers aan gewerkt. Het moet een winkelcentrum zijn dat de sfeer van Zuidoost uitstraalt. Dat neemt niet weg dat er ook grote bedrijven aanwezig blijven. Er is contact met de ontwikkelaar om ervoor te zorgen dat er huurprijzen gevraagd gaan worden die opgebracht kunnen worden door juist die kleine ondernemers. Dus er wordt voor gezorgd dat die ondernemers kunnen blijven. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is en in de raadsvergadering gehamerd zal worden. AVONDDEEL De voorzitter opent dit deel van de vergadering op 19.30 uur. Begonnen wordt met het erfpacht deel van de agenda. De agendapunten 14 en 15 worden doorgeschoven naar de volgende commissievergadering. De overige agendapunten zullen na het

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

erfpachtdeel behandeld worden. 11 ‘Erfpacht in Amsterdam: een Gordiaanse knoop’ (ZD2021-008503) Gevoegd te behandelen met 12 Kennis te nemen van het besluit van het college van burgemeester en wethouders over het vaststellen van de eindrapportage met verbetersuggesties met betrekking tot het knel- en verbeterpuntenonderzoek naar de toekomst van het erfpachtstelsel (ZD2021-01667) en 13 Kennisnemen van de beantwoording van raadsadres Kanttekeningen bij indexering van opstalwaarden door de gemeente Amsterdam (ZD2021-015214) en 20 Erfpachtstelsel advies prof. Mr. G.A. van der Veen. Nr. VN2022-001273 De heer BOOMSMA wil allereerst een aantal vragen stellen over de ACM en de opgevraagde communicatie daarvan. De ACM constateert dat er sprake is van een mogelijke misleidende omissie in de gemeentelijke communicatie. Het CDA heeft er nog zo op gehamerd om dat te voorkomen, het netjes over te nemen en het te melden. Het college probeert zelfs de woorden van de ACM te verdraaien en te manipuleren. Dat moet dan ook door de ACM worden gecorrigeerd. Hij vindt dat bijzonder kwalijk. Hij wil daarom graag dat de wethouder daarop reageert. Hij hoort graag wat het college vindt van deze constatering van het ACM. Is het college het daarmee eens? Voor hem is het in ieder geval een reden te meer om die spijtoptantenregeling te herstellen.

De heer ERNSTING hoort de heer Boomsma een zware beschuldiging uiten, maar kan de heer Boomsma misschien toelichten waar het precies over gaat? De heer BOOMSMA is het opgevallen dat het college een brief heeft gekregen van de Autoriteit Consument en Markt. De ACM heeft onderzoek gedaan en naar aanleiding daarvan er bij de gemeente op aangedrongen om iets doen. Dat heeft o.a. geleid tot die spijtoptantenregeling. Vervolgens heeft hij de communicatie opgevraagd van de ACM en daaruit blijkt dat een deel van wat het ACM constateert niet is overgenomen in de communicatie van het college, namelijk dat er mogelijk sprake is van een misleidende omissie. Hij vindt het kwalijk dat dat niet is overgenomen in de communicatie van het college daarover aan de raad. Daar heeft hij het nu over. De heer ERNSTING vindt de beschuldigingen nogal wat. Volgens hem (niet verstaanbaar). De heer BOOMSMA vindt het ook nogal wat. Dat dat dus is weggelaten is buitengewoon kwalijk. Het kan ook in de beroepsstukken teruggelezen worden. Hij wijst erop dat het gaat om een herstelregeling, die sowieso uitgebreid moet worden met de mensen die al geregistreerd zijn, maar ook met de eerdere mensen, want ook die mensen zijn niet goed geïnformeerd. De heer VAN DANTZIG vindt de opmerkingen van de heer Boomsma wat moeilijk te volgen, zoals ook de heer Ernsting reeds aangaf.

Hij heeft de stukken van de ACM niet gelezen, maar hij wijst erop dat het college de zaak na het gesprek heeft aangepast. De heer BOOMSMA zegt met alle plezier de stukken de volgende keer te agenderen, maar de heer Van Dantzig kan de stukken ook zelf lezen zonder dat hij die op de agenda zet. Zijn bezwaar is dat er iets is weggelaten dat fundamenteel is, namelijk dat de ACM constateert dat er sprake is van een ernstige omissie en daarmee van

31

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

een schending van het consumentenrecht. Hij vindt dat dat gecommuniceerd moet worden en dat dat niet moet worden weggelaten. Hij wil daarom dat de wethouder daarop reflecteert en dat toelicht. Om dat te voorkomen is, wat het CDA betreft, het belangrijk de voorwaarden voor de overstap vast te zetten. Verder moet iedereen een aangetekende, persoonlijke brief krijgen, waarin zij worden geïnformeerd over de consequenties van het overstappen zonder (???), want anders blijft dezelfde fout herhaald worden. Het moet natuurlijk opgelost worden. Hij dringt erop aan om de aanbevelingen van Berenschot over te nemen. Het stelsel kan gewoon op deze manier niet zo doorgaan. De heer ERNSTING stelt voor zijn eigen duidelijkheid dat er dus een overstapregeling was, waarbij mensen voor een bepaalde datum konden reageren en dan tegen een bepaalde grondwaardedaling zouden kunnen instappen. Hij meent dat het bezwaar van de heer Boomsma is dat er met een lagere waardedaling wordt gerekend. Het bezwaar daartegen is dat die waarde is toegenomen met als gevolg dat die mensen wat meer moeten gaan betalen. Klopt het zo? De heer BOOMSMA benadrukt dat daardoor niet alleen de waarde toeneemt, maar dat er een hefboom in zit. Het gaat daarbij wel om bedragen van 80.000 euro! Hij vindt dat de gemeente dat niet kan maken en dat dat hersteld moet worden.

Dat alles had voorkomen kunnen worden als er een fatsoenlijk normenkader van toepassing was geweest op erfpacht. Hij vindt dat dat er alsnog moet komen. Het college stelt dan dat dat alleen vereist is als het gaat om een complex financieel product. Volgens hem is het feitelijk wel een complex financieel product. Als GL of D66 dat normenkader niet willen, welk normenkader willen zij dan wel? De heer ERNSTING wijst erop dat het niet hanteren van een normenkader in het stelsel, wel een besluit geweest is van de gemeenteraad. De heer BOOMSMA benadrukt dat het erfpachtsysteem, zoals dat nu bestaat, een hefboom heeft. Dat betekent dat het voor mensen van buiten ingewikkeld is om te begrijpen. Dat wordt bevestigd in alle onderzoeken en in alle discussie die daarbij gevoerd is en nu ook voor de ACM. Het is gewoon niet goed te begrijpen voor mensen. Het is ook niet goed uitgelegd. De gemeente heeft verkeerd geïnformeerd. De gemeente heeft namelijk gezegd, dat ‘als je niets doet er niets verandert’. Dat is niet waar, want de kosten nemen explosief toe. Als er sprake was geweest van een normenkader, zoals bij complexe financiële producten het geval is, dan zou men daar veel eerder op zijn gewezen. Dan zou ook duidelijk zijn geweest dat het onverstandig is en dat je zoiets niet kunt maken en dat je zoiets dus moet voorkomen. De heer ERNSTING vindt dit niet een antwoord op zijn vraag.

Het is volgens hem zo dat de grondwaardestijging een waardestijging is waar, kort gezegd, die hefboom bij hoort. Daar heeft de gemeenteraad toe besloten. Dat wil zeggen, niet GroenLinks, maar wel de VVD, D66 en de SP. Dus hij ziet niet in dat een normenkader wat zou toevoegen aan de besluitvorming daaromtrent. De heer BOOMSMA is van mening dat een normenkader binnen de gemeentelijke organisatie juist zou zijn, omdat slechts in een voetnoot van een bijlage heeft gestaan dat er sprake is van een hefboom. Dat is verder geen onderdeel geweest van de politieke discussie, omdat het zo’n complexe materie is. Een normenkader is een onderdeel van de consumentenbescherming. Dát is wat er nu moet komen. Volgens hem is dat niet links of rechts, want iedereen is het erover eens dat er sprake moet zijn van een consumentenbescherming. Dat is waartoe men nu moet besluiten. Dat is een kwestie van verantwoordelijkheid nemen. Hij vindt het jammer dat er in deze hele periode tegen deze problemen wordt aangelopen. Het is inderdaad zo dat de boel in de vorige periode is opgetuigd. En tot nu toe hebben alle politieke partijen de vrijheid om verantwoordelijkheid te nemen en

32

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Defintief Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

de fouten te herstellen. Mevrouw VAN SOEST wijst er de heer Boomsma op niet in de val van de coalitie te lopen, want op deze manier wordt getracht hem zijn spreektijd te ontnemen. Zij wil weten of de heer Boomsma het met haar eens is dat de coalitiepartijen die zelf hadden kunnen lezen en zich hadden moeten informeren. De heer BOOMSMA antwoordt zich niet voor te kunnen stellen dat de coalitiepartijen inclusief de VVD hier geen oplossing voor willen vinden en niet een systeem willen voortzetten dat evident de meeste mensen in deze stad niet willen. Verder refereert hij aan de door hem gestelde schriftelijke vragen, waarvan hij hoopt dat de wethouder die nog gaat beantwoorden. Verder vindt hij dat er heel veel wordt miskent, afgeschoven en wordt verdraaid. Ook wordt miskent, wat volgens het CDA nu juist zo hard nodig is en dat ook door Berenschot wordt voorgesteld, namelijk dat het nodig is om de consumentenbescherming beter te borgen. Daartoe roept hij alsnog op. De heer VAN SCHIJNDEL wijst erop dat het erfpachtsysteem, zoals dat opgetuigd is door de vorige coalitie, voorzag in een deadline. Die deadline is uiteindelijk 8 januari 2020 geworden. De dag daarna veranderde bijvoorbeeld de afkoopsom van erfpachtwoningen in Zuidoost van 10.000 euro naar 60.000 euro.

Zelfs in de kapitalistische spoedmarkt komen dat soort prijsschommelingen op één dag niet voor! Hij wil dit gezegd hebben als opbouwende kritiek. De heer VAN DANTZIG geeft aan dat het zijn bedoeling is er een discussie op de inhoud van te maken zonder meteen in ‘coalitie versus oppositie’ te verzeilen. Hij wil beginnen met de heer Boomsma zijn complimenten te maken voor diens kennis van het erfpacht stelsel. Politiek gezien is hij het echter fundamenteel met hem oneens. Verder wil hij kwijt te hebben gezien dat wethouder voortdurend alles gedaan heeft om het stelsel steeds zo aan te passen dat Amsterdammers daarmee goed geholpen zijn. Hij verwijst bij wijze van voorbeeld naar de spijtoptantenregeling. Mevrouw VAN SOEST wijst erop dat D66 samen met de VVD in het vorige college zat en dat door dat college de voorstellen zijn gedaan waarvan nu de scherpe kanten gehaald worden. Hoe reageert de heer Van Dantzig op de heer Boomsma, zo vraagt zij zich af. Wat vindt hij van wat de heer Boomsma voorstelt? De heer VAN DANTZIG was nog niet toe aan zijn politieke uitlatingen en heeft nog niet meer dan inleidende zinnen uitgesproken, maar hij zal mevrouw Van Soest bedienen. Hij is het ermee eens dat de vorige wethouder Grondzaken, de heer Van der Brug, er een janboel van gemaakt heeft. Hij is van mening dat dat goed gecorrigeerd is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11168205/1