CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

De Beleidsonderzoekers - Eindrapport Evaluatie Sociaal werkkoepel

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 18 januari 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Evaluatie Sociaal Werkkoepel Nr. VN2022-04329813.221 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

debeleidsonderzoekers

Evaluatie Sociaal Werkkoepel Amsterdam

12 SEPTEMBER 2022 1

Projectnummer P0264 Onderzoek in opdracht van de gemeente Amsterdam Auteurs: Sonja van der Kemp, Mirjam Engelen (De Beleidsonderzoekers) © 12 september 2022 | De Beleidsonderzoekers | www.beleidsonderzoekers.nl Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt via druk, fotokopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.

2

Inhoud 1.

Inleiding

8

1.1

Doel en onderzoeksvragen

8

1.2

Onderzoeksopzet

10

2.

Opdracht en werkwijze

11

2.1

Doelen

11

2.2

Werkwijze

12

2.3

Positionering

13

2.4

Activiteiten

13

2.5

Context

21

3.

Prestatie indicatoren

23

3.1

Aantal Amsterdammers op sociaal werk

24

3.2

Aantal werkgevers voor de doelgroep

25

3.3

Sociaal inkopen en social return

25

3.4

Conclusies

26

4.

Ervaringen met de Sociaal Werkkoepel

27

4.1

Werkgevers

27

4.2

Gemeente Amsterdam

30

4.3

Maatschappelijke organisaties

33

5.

Conclusies

38

5.1

Functioneren Sociaal Werkkoepel

38

5.2

Toegevoegde waarde

39

5.3

Aandachtspunten

41

5.4

Suggesties van de onderzoekers

42

Bijlage 1: Respondentenoverzicht

44

Bijlage 2: Overige bijeenkomsten en webinars

46

3

Managementsamenvatting De Sociaal Werkkoepel heeft als opdracht bij te dragen aan de doelen ‘meer kandidaten naar werk’, ‘meer passend werk’ en ‘meer doorstroom’ door afspraken te maken met de interne en externe samenwerkingspartners zodat er gezamenlijk een toekomstig bestendig systeem wordt gebouwd waarin de mensen met een arbeidsbeperking centraal staan. Medio 2022 is deze kwalitatieve evaluatie uitgevoerd van de (ervaren) toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel. De werkwijze van de Sociaal Werkkoepel als netwerkorganisatie is geëvalueerd door middel van deskresearch en 27 interviews met in totaal 35 personen van interne en externe netwerkpartners (werkgevers, maatschappelijke organisaties en gemeentelijke afdelingen). Daarbij is ook aandacht geschonken aan de wijze waarop de Sociaal Werkkoepel is georganiseerd en gepositioneerd.

Functioneren Sociaal Werkkoepel Uit de gesprekken met de netwerkpartners komt een positief beeld naar voren over zowel de kwaliteit van het netwerk als over de kwaliteit van het programmateam. Het netwerk functioneert vrij goed. De betrokkenen zijn van mening dat de relevante partijen op het gebied van sociaal werk zijn aangesloten. De activiteiten van de Sociaal Werkkoepel worden door de netwerkpartners vaak bezocht en positief beoordeeld. Ook kunnen we constateren dat, alhoewel netwerkpartners zeggen dat er onduidelijkheid is over de precieze taakverdeling binnen de gemeente, de rol van de Sociaal Werkkoepel als verbinder, aanjager en vraagbaak bij

4

hen goed bekend is. Voor sommige partijen met veel ervaring en connecties in het sociaal werk, is de toegevoegde waarde van het netwerk minder duidelijk. Bij de netwerkpartners is er erkenning en waardering voor de kennis en kunde van het programmateam. Daarnaast is er veel waardering voor de toegankelijkheid, bereikbaarheid en de snelheid van handelen van de Sociaal Werkkoepel (het ‘aanpakken’). Ook ervaart men dat het programmateam volhoudend is, en doorgaat tot het resultaat is bereikt.

Toegevoegde waarde De netwerkpartners zien over het algemeen een toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel. De Sociaal Werkkoepel slaagt er in om ervaren knelpunten binnen de gemeentelijke organisatie (zoals intern gericht, hokjes-denken, onvoldoende meedenkend/flexibel) voor netwerkpartners in het sociaal werk te verminderen. De mate waarin dit daadwerkelijk leidt tot extra arbeidsplaatsen, instroom of doorstroom is niet vast te stellen. Wel is er sprake van een verbetering van de randvoorwaarden voor de netwerkpartners om hun rol te vervullen bij het realiseren van banen in het sociaal werk. Daarmee kan worden verondersteld dat de activiteiten van de Sociaal Werkkoepel hebben bijgedragen aan de behaalde resultaten. De belangrijkste toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel (ten opzichte van de reeds bestaande structuren) zit in (de combinatie van) de volgende vier kenmerken: 1.

Positie binnen de gemeente, met de blik naar buiten gericht

Doordat de projectmanagers werkzaam zijn bij de gemeente Amsterdam, en ook ruime werkervaring hebben binnen de gemeente, kennen zij de gemeentelijke organisatie goed. Dat stelt hen in staat de weg te vinden binnen deze grote, complexe organisatie. Daardoor kunnen zij werkgevers en maatschappelijke organisaties in contact brengen met de voor hen relevante contactpersonen binnen de gemeente. En daarnaast de knelpunten die werkgevers en maatschappelijke organisaties ervaren agenderen binnen de relevante afdelingen van de gemeente. 2.

Verbinder over domeinen heen

Het programmateam heeft contacten in de verschillende domeinen die van belang zijn voor de instroom in het sociaal werk, zoals zorg en onderwijs. Zowel binnen de gemeente als daarbuiten. Uit de evaluatie blijkt dat de Sociaal Werkkoepel bijdraagt aan het leggen van (nieuwe) contacten tussen netwerkpartners in deze domeinen en tussen afdelingen binnen de gemeente. De netwerkpartners zijn van mening dat het programmateam er goed in slaagt de relevante partijen bij elkaar te brengen, en de samenwerking op het gebied van sociaal werk aanjaagt. Het is te verwachten dat dit bijdraagt aan een verbetering van de ketensamenwerking. 3.

Ambassadeur voor sociaal werk

Zowel binnen als buiten de gemeente wordt het als meerwaarde ervaren dat het programmateam een focus heeft op sociaal werk. Veel netwerkpartners binnen en buiten de gemeente hebben andere primaire doelen en/of een bredere doelgroep. Daarmee bestaat het risico dat de doelgroep van sociaal werk onvoldoende aandacht krijgt. Terwijl het organiseren

5

van werk voor deze doelgroep volgens betrokkenen blijvende aandacht vraagt. Door de blijvende focus op sociaal werk vervult het programmateam binnen en buiten de gemeente een ambassadeursrol, door alle partijen aan te spreken op hun rol en hen te motiveren om meer te doen voor deze doelgroep. 4.

Laagdrempelig en toegankelijk voor werkgevers en maatschappelijke organisaties

De Sociaal Werkkoepel slaagt erin toegankelijk en laagdrempelig te zijn voor werkgevers en maatschappelijke organisaties, door goed bereikbaar te zijn en snel te handelen. De projectmanagers hebben de ruimte om flexibel in te spelen op de vragen en behoeftes van de netwerkpartners, en met hen mee te denken. De persoonlijke aandacht van de Sociaal Werkkoepel is voor werkgevers een belangrijke toegevoegde waarde.

Aandachtspunten Er zijn ook een aantal aandachtspunten voor het functioneren en de toekomst van de Sociaal Werkkoepel uit de evaluatie naar voren gekomen: 1.

Het netwerk is passief

In het uitvoeringsbesluit Sociaal werk is aangegeven dat de samenwerking in de koepel in de ontwikkelfase geregisseerd zou worden vanuit een gemeentelijk programmabureau. Daaruit klinkt een veronderstelling dat het netwerk gaandeweg voor zichzelf zou gaan werken. In de praktijk constateren de betrokkenen echter dat de netwerkpartners zich vrij passief opstellen en het netwerk sterk vanuit de gemeente wordt gestuurd. Het is de vraag of het mogelijk is dit te veranderen en of de gemeente bereid is de trekkersrol te blijven vervullen. 2.

Beperkte zichtbaarheid van de rol van de Sociaal Werkkoepel

De rol van het programmateam als verbinder en ‘smeerolie’, heeft tot gevolg dat de bijdrage aan initiatieven en resultaten voor de buitenwereld vaak weinig zichtbaar is. De direct betrokkenen waarderen deze rol doorgaans wel en zien de meerwaarde daarvan. De kracht is daarmee ook een zwakte. Doordat altijd wordt samengewerkt met andere afdelingen binnen de gemeente en/of externe netwerkpartners, komen de resultaten doorgaans op andermans conto. Het programmateam stelt zich in deze ook terughoudend op om te voorkomen dat anderen vinden dat de Sociaal Werkkoepel teveel op hun terrein komt of met de eer gaat strijken. Daarmee is het vergroten van de zichtbaarheid van de rol van de Sociaal Werkkoepel lastig. 3.

Positionering binnen de gemeente

Er is, bij werkgevers en maatschappelijke organisaties, soms onduidelijkheid over de taakverdeling tussen de Sociaal Werkkoepel en andere afdelingen van de gemeente, met name met het Werkgeversservicepunt. Sommigen ervaren dat als een knelpunt, doordat zij op verschillende manieren door de gemeente benaderd worden over ongeveer hetzelfde onderwerp. Voor de meeste netwerkpartners levert deze onduidelijkheid in de praktijk echter geen concrete knelpunten op, zolang het Werkgeversservicepunt en de Sociaal Werkkoepel naar elkaar doorverwijzen of samen optrekken als dat gezien de vraag of behoefte van de werkgever wenselijk is.

6

4.

Gebrek aan doorzettingsmacht

Enkele externe en interne netwerkpartners benoemen dat, alhoewel het programmateam knelpunten voor het realiseren van sociaal werk signaleert, het niet altijd lukt om oplossingen te realiseren of resultaten te bereiken. Dit hangt onder andere samen met het grote aantal afdelingen van de gemeente waar de verantwoordelijkheden voor eventuele veranderingen liggen. En daarnaast met de afhankelijkheid van de Sociaal Werkkoepel van de medewerking van die afdelingen, aangezien zij daarover geen zeggenschap hebben. Uiteraard zal daarbij ook een rol spelen dat binnen de gemeente verschillende belangen tegen elkaar worden afgewogen, en daarmee niet altijd keuzes worden gemaakt die het meest gunstig uitvallen voor de ontwikkeling van het sociaal werk in Amsterdam. 5.

Bereik Sociaal Werkkoepel / omvang van het netwerk

Alhoewel de geraadpleegde netwerkpartners van mening zijn dat de partijen die van belang zijn voor het sociaal werk in Amsterdam zijn aangesloten, benoemen sommigen dat verdere uitbreiding van het netwerk met meer (reguliere) werkgevers goed zou zijn. Door meer reclame te maken voor sociaal werk danwel meer te investeren in marketing en communicatie, zouden meer werkgevers geïnspireerd kunnen worden om plaats te bieden aan de doelgroep.

Suggesties van de onderzoekers Doelstellingen gerichter formuleren Het valt op dat de doelstelling voor sociaal werk in Amsterdam uit meerdere componenten bestaat. Het betreft de Wsw, beschut werk, het doelgroepregister en andere mensen uit de Participatiewet die met een loonkostensubsidie en/of jobcoach aan het werk gaan. Daarmee lijkt het alsof uitstroom uit de Wsw makkelijk te compenseren is door iemand uit de Participatiewet met een loonkostensubsidie aan het werk te krijgen, eventueel via beschut werk. Dit is echter niet eenvoudig. Als onderzoekers denken we dat het beter werkt de doelgroepen apart te monitoren. Daarnaast zou de Sociaal Werkkoepel zich kunnen beraden op andere uitkomstmaten, die meer inzicht geven in de daadwerkelijke meerwaarde. Interne en externe profilering De kracht van de Sociaal Werkkoepel is ook de zwakte. Verbinden van partijen en het fungeren als smeerolie tussen de partijen, maakt dat successen vaak afstralen op anderen. Bij verlenging van de Sociaal Werkkoepel zouden de activiteiten zich meer kunnen richten op uitbreiding van het netwerk en profilering van de rol, activiteiten en meerwaarde van de Sociaal Werkkoepel, om daarmee ook de inzet te legitimeren.

7

Inleiding

Amsterdam wil doorgroeien van 4.000 sociale werkplekken in 2018, naar 4.500 in 20221. De gemeente Amsterdam heeft daarvoor in maart 2018 de Sociaal Werkkoepel opgericht. Met de Sociaal Werkkoepel wordt de interne en externe samenwerking geoptimaliseerd.2

1.1

Doel en onderzoeksvragen Medio 2022 is een kwalitatieve evaluatie uitgevoerd van de (ervaren) toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel, van de wijze waarop de Sociaal Werkkoepel is georganiseerd en gepositioneerd met een programmateam, en evaluatie van de werkwijze van de Sociaal Werkkoepel als netwerkorganisatie. De evaluatie is een procesevaluatie die een verantwoordende functie heeft en inzicht geeft in de organisatie en positionering van de Sociaal Werkkoepel en de activiteiten die zijn uitgevoerd door het programmateam. De evaluatie heeft ook een lerend karakter en moet inzicht geven in

Met sociaal werk wordt in Amsterdam bedoeld: werken met een arbeidsovereenkomst en een salaris met inzet van subsidie en/of begeleiding via gemeentelijke regelingen. (Tussenrapportage voortgang Sociaal werkkoepel 2018/2019)

1

2

Opdrachtformulering Sociaal werkkoepel, 4 december 2018.

8

de werkzame elementen van de Sociaal Werkkoepel. Het gaat dan om de organisatie, positionering, aanpak en het werken in een netwerkorganisatie. De evaluatie brengt ten slotte op kwalitatieve wijze de ervaren opbrengsten en ervaren toegevoegde waarde in kaart. Voor de evaluatie zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: Proces 1.

In hoeverre is door het programmateam uitvoering gegeven aan de bestuurlijke opdracht? a.

Op welke wijze is de Sociaal Werkkoepel georganiseerd en gepositioneerd?

b.

Welke voorgenomen activiteiten zijn uitgevoerd?

c.

Welke resultaten zijn bereikt op de KPI’s?

d.

In hoeverre zijn de doelen behaald?

Werking 2.

Wat zijn de werkzame elementen van de Sociaal Werkkoepel? a.

Welke bijdrage hebben de concreet uitgevoerde activiteiten geleverd aan de realisatie van de doelstellingen?

b.

Welke bijdrage levert de aanpak/werkwijze van de Sociaal Werkkoepel (als netwerk van interne en externe partners) aan de realisatie van de doelstellingen?

c.

Welke bijdrage levert de wijze van organisatie en positionering van de Sociaal Werkkoepel (rol programmateam, positionering binnen en buiten de gemeente) aan de realisatie van de doelstellingen?

Toegevoegde waarde 3.

Welke toegevoegde waarde ervaren netwerkpartners van de Sociaal Werkkoepel?

4.

Wat is, concluderend op basis van de beantwoording van de vragen 1, 2 en 3, a.

de specifieke toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel bij de behaalde resultaten op sociaal werk (bedoelde opbrengsten)?

b.

de toegevoegde waarde van een dergelijk netwerk van interne en externe partners in brede zin (onbedoelde opbrengsten)?

5.

Welke behoefte bestaat er in het netwerk om de Sociaal Werkkoepel voort te zetten?

9

1.2

Onderzoeksopzet De onderzoeksaanpak bestond uit de uitvoering van deskresearch en interviews: •

Deskresearch Het programmateam heeft documenten aangeleverd waarin de doelen en werkwijze van de Sociaal Werkkoepel zijn beschreven, informatie over de uitgevoerde activiteiten en de kwantitatieve resultaten op het gebied van sociaal werk.

•

Interviews Er zijn 27 semigestructureerde interviews gevoerd met in totaal 35 personen. Dit zijn interne en externe netwerkpartners van de Sociaal Werkkoepel. De externe netwerkpartners zijn onder te verdelen in werkgevers en maatschappelijke organisaties. De lijst van geïnterviewde netwerkpartners is opgenomen in bijlage 1.

Op basis van de gesprekken en de aangeleverde informatie is dit rapport opgesteld.

10

Opdracht en werkwijze Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de doelen, werkwijze en positionering van de Sociaal Werkkoepel Amsterdam, alsmede van de concrete uitgevoerde activiteiten en de context waarbinnen deze activiteiten zijn uitgevoerd. Daarmee schetsen we een beeld van het proces: wat is het uitgangspunt geweest en wat is er – onder welke omstandigheden - ingezet om de gestelde doelen te bereiken?

2.1

Doelen In de opdrachtformulering van het programma Sociaal Werkkoepel (11 oktober 2018) is het beoogde resultaat als volgt omschreven: De Sociaal Werkkoepel draagt bij aan de onderstaande resultaten door afspraken te maken met de interne en externe samenwerkingspartners zodat we gezamenlijk een toekomstig bestendig systeem bouwen waarin de mensen met een arbeidsbeperking centraal staan.

11

•

Meer kandidaten naar werk Concreet is de ambitie uitgesproken om te groeien van 4.000 Amsterdammers3 in sociaal werk in 2018 naar 4.500 eind 2022.4

•

Meer passend werk Passend werk organiseren voor het toenemend aantal medewerkers in sociaal werk met specifiek aandacht voor de doelgroep beschut werk.

•

Meer doorstroom Inzetten op meer doorstroom van onbenut potentieel naar sociaal werk onder andere vanuit activering, zorg en onderwijs als belangrijkste vindplaats van kandidaten. En doorontwikkeling van kandidaten die herbemiddeld kunnen worden van sociaal werk naar sociaal werk en daardoor niet terugvallen in de bijstand.

Wat is het resultaat niet? •

De Sociaal Werkkoepel is niet verantwoordelijk voor de extra banen die de werkgevers en de gemeente moeten creëren voor de arbeidsbeperkten vanuit de banenafspraak. Wel zal de koepel de werkgevers en de gemeente faciliteren en ondersteunen bij het realiseren van de extra banen.

•

De Sociaal Werkkoepel is niet verantwoordelijk voor de te behalen resultaten van de interne organisatieonderdelen van gemeente Amsterdam, maar zal een bijdrage leveren door de ketensamenwerking efficiënter en effectiever te organiseren zodat er betere verbinding is tussen de verschillende organisatieonderdelen.

•

De Sociaal Werkkoepel is niet verantwoordelijk voor het bedrijfsresultaat en de governance van Pantar.

•

Ten slotte is de koepel niet verantwoordelijk voor het budget dat betrekking heeft op het realiseren van de plaatsingen en de begeleiding van de doelgroep.

2.2

Werkwijze De Sociaal Werkkoepel is een netwerkorganisatie die reguliere werkgevers, sociale firma’s en maatschappelijke organisaties faciliteert en ondersteunt bij het realiseren van meer banen voor Amsterdammers met een arbeidsbeperking. 5 De Sociaal Werkkoepel levert hieraan een bijdrage door afspraken te maken met (externe en interne) samenwerkingspartners en de ketensamenwerking efficiënter en effectiever te organiseren. De Sociaal Werkkoepel: •

zorgt voor inzicht in het systeem van sociaal werk en is een platform waar alle partners kennis vinden en met elkaar uitwisselen;

In 2018 werd ervan uitgegaan dat bijna 4.200 mensen werkzaam waren in sociaal werk in Amsterdam. Dit bleek na een correctie lager te zijn vanwege uitstroom uit de Wsw en een aantal mensen die wel werkzaam zijn bij Pantar maar niet in Amsterdam wonen.

3

4

Tussenrapportage voortgang Sociaal Werkkoepel 2018/2019. Gemeente Amsterdam

5

Detailontwerp Sociaal Werkkoepel 24 mei 2022.

12

•

•

• •

is vraagbaak en organiseert informatiesessies en netwerkbijeenkomsten voor werkgevers en andere partners. Informatie wordt ook ontsloten op de website en LinkedIn; heeft een aanjagers- en lobbyrol en initieert acties om het netwerk inzichtelijk en toegankelijk te maken voor alle partijen. Waar mogelijk en kansrijk wordt sociaal werk onder de aandacht gebracht, zowel binnen de gemeente als bij externe partners en worden partijen aan elkaar verbonden; signaleert knelpunten en zorgt dat deze op de juiste tafel worden belegd en waar mogelijk opgelost. maakt gebruik van de inzet van alle betrokken (uitvoerende) afdelingen van de gemeente, zoals het Werkgeversservicepunt, Werk & Re-integratie, Participatie, Bureau Social Return, Onderwijs Jeugd en Zorg, Economische Zaken, Facilitair Bureau etc., en maakt de verbinding op de opgave van sociaal werk in Amsterdam.

Het programmateam heeft bovendien de verantwoordelijkheid te sturen op de doelen en de ontwikkeling/innovatie rondom de ambitie om meer mensen aan het werk te krijgen. Om de resultaten van het uitvoeringsbesluit te monitoren en het effect van de Sociaal Werkkoepel inzichtelijk te maken, zijn een aantal KPI’s opgesteld. Dit komt nader aan de orde in hoofdstuk 3.

2.3

Positionering De gemeente Amsterdam heeft de Sociaal Werkkoepel in 2018 opgericht en faciliteert het netwerk onder meer met een programmateam. Het programmateam van de Sociaal Werkkoepel bestaat uit een programmamanager (0,2 fte), drie projectmanagers (2,9 fte) en een programmaondersteuner (0,7 fte).6 De Wethouder Sociale zaken van de gemeente Amsterdam is bestuurlijk opdrachtgever van de Sociaal Werkkoepel. De directie Werk, Participatie en Inkomen (WPI) is ambtelijk opdrachtgever, gedelegeerd door de stedelijk directeur Sociaal. In 2021/2022 heeft een reorganisatie plaatsgevonden van WPI, resulterend in de directie WPI 2.0. De Sociaal Werkkoepel hangt direct onder de directie WPI 2.0. 7 De positionering van de Sociaal Werkkoepel is met de reorganisatie niet veranderd.

2.4

Activiteiten In de periode 2018 tot heden heeft de Sociaal Werkkoepel diverse activiteiten ontwikkeld en georganiseerd. In deze paragraaf beschrijven we de activiteiten die in de periode 2018 t/m 2022 zijn uitgevoerd.

6

Jaaroverzicht Sociaal Werkkoepel 2021.

7

Jaaroverzicht Sociaal Werkkoepel 2021.

13

In onderstaande tabel vatten we de activiteiten samen. Activiteiten

Aantal gerealiseerd

Opbouw en onderhoud netwerk

115 netwerkpartners op website Periodiek overleg met diverse gemeentelijke afdelingen en maatschappelijke partners Convenant met VU Convenant HvA/UvA en Pantar

Website en sociale media

19 Nieuwsbrieven LinkedIn Website

Netwerk- en informatiebijeenkomsten

8 zomer-/winterevents 6 netwerkborrels 7 webinars 2 lunchtalks (mede)organisatie 9 overige conferenties/bijeenkomsten

Matchingsactiviteiten

Startbijeenkomst doorstroomsessies 30 doorstroomsessies 3 reguliere pitch & match dagen 2 branche-/bedrijfsgerichte pitch & matchbijeenkomsten

Harrie trainingen

8 trainingen in 2022

Mbo praktijkleren met praktijkverklaring Hoofdzaak}Werk

100 kandidaten, 28 praktijkverklaringen Jaarlijks worden met GGZ-partners meer dan 60 kandidaten met een grote psychische kwetsbaarheid naar werk begeleid

2.4.1

Opbouw en onderhoud netwerk Het aantal netwerkpartners van de Sociaal Werkkoepel is sinds 2019 gestegen van 50 naar 115 (zie figuur 2.1).

Figuur 2.1 140 120 100 80 60 40 20 0

Aantal netwerkpartners

100

115

50

2020

2021

2022 (t/m juni)

Buiten de netwerkpartners (die zijn vermeld op de website), heeft het programmateam contact

14

met meer organisaties binnen en buiten Amsterdam. Tot en met juni 2022 waren er contacten met 1.620 personen van 506 organisaties, zo blijkt uit het relatiebestand. Convenant Hogeschool van Amsterdam (HvA), Universiteit van Amsterdam (UvA) en Pantar Op 18 september 2019 hebben Gemeente Amsterdam, Pantar, Hogeschool van Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam een samenwerkingsovereenkomst gesloten voor een periode van vijf jaar. De organisaties willen zich samen inzetten om invulling te geven aan de doelen van HvA-UvA rondom de Banenafspraak en de Quotumwet en zoveel mogelijk mensen uit de doelgroep sociaal werk laten groeien naar een reguliere baan op de arbeidsmarkt. Mensen komen bij Pantar in dienst, worden door Pantar begeleidt en opgeleid en ingezet bij HvA-UvA op basis van groepsdetachering. HvA-UvA biedt hen werk aan in diverse disciplines. Partijen spannen zich gezamenlijk in voor de doorstroom van de deelnemers aan deze leer/werktrajecten naar de reguliere arbeidsmarkt in en om Amsterdam, danwel doorstroom naar een vervolgopleiding. Convenant Vrije Universiteit (VU) Als een van de grotere werkgevers in Amsterdam wil en moet de VU een belangrijke bijdrage leveren aan de banenafspraak.

Om daar werk van te maken is de VU samen met gemeente, Sociaal Werkkoepel Amsterdam (SWK) en Werkgeversservicepunt Groot-Amsterdam (WSP) op 9 december 2020 een samenwerking aangegaan om voor 2025 163 banen voor mensen met een arbeidsbeperking te creëren en duurzaam te behouden.8 Het aantal participatiebanen stond eind 2020 op 45 fte. Eind 2021 was dit toegenomen tot 63 fte. Klankbordgroep met gemeentelijke directeuren Om de Amsterdamse ambitie op sociaal werk onder de aandacht te brengen binnen de gemeente is eind 2018 in het Gemeentelijk Management Team (GMT) besloten om een klankbordgroep te starten. De leden van de klankbordgroep denken mee over het behalen van de doelstelling voor meer gemeentelijk sociaal werk, meer Amsterdammers naar sociaal werk en fungeren als ambassadeur voor sociaal werk. De klankbordgroep bestaat uit een vertegenwoordiging van directeuren uit alle clusters en een stadsdeelsecretaris en komt circa 2 keer per jaar bij elkaar.

2.4.2

Website en sociale media De Sociaal Werkkoepel heeft sinds 2019 een website met informatie over het netwerk en de activiteiten: https://sociaalwerkkoepelamsterdam.nl. Op de website staat een overzicht van alle netwerkpartners van de Sociaal Werkkoepel. Aan een aanmelding als partner zijn voor de deelnemende organisaties geen kosten verbonden. Ook is de Sociaal Werkkoepel actief op LinkedIn en verzendt nieuwsbrieven over hun activiteiten. Sinds 2019 zijn er 19 nieuwsbrieven verspreid. In onderstaande figuren is het bereik hiervan weergegeven.

8

https://sociaalwerkkoepelamsterdam.nl/1-jaar-na-het-convenant-met-de-vu/

15

Figuur 2.2

Aantal LinkedIn volgers en nieuwsbriefabonnees

1.400 1.311

1.200 1.000 800

862

2021

2022 (t/m juni)

510

600 400 200

1.028 762

450 275

0 2019

2020 LinkedIn volgers

Nieuwsbrief abonnees

Hieruit kunnen we concluderen dat de Sociaal Werkkoepel erin slaagt om het netwerk en de contacten jaarlijks uit te breiden. Het aantal volgers op LinkedIn kunnen we vergelijken met het aantal volgers van andere gemeentelijke afdelingen en netwerkpartners in Amsterdam (zie figuur 2.3). Uiteraard zijn er grote verschillen tussen deze organisaties en afdelingen in bestaansduur, aantal medewerkers en doelgroep waardoor geen zuivere vergelijking mogelijk is. Wel geeft het de mogelijkheid de omvang van het bereik op LinkedIn iets meer te duiden.

Figuur 2.3 Vergelijking van het aantal volgers op LinkedIn met netwerkpartners

Pantar

4.589

Bureau Social Return

4.030

Amsterdam Impact

2.433

Werkgeversservicepunt Groot-Amsterdam

2.273

Sociaal werkkoepel Amsterdam

1.322

Regionaal werkcentrum Groot-Amsterdam

733

Stichting De Omslag

377 0

1.000

2.000

3.000

4.000

5.000

Uit de vergelijking blijkt dat er onder de netwerkpartners partijen zijn met meer en met minder volgers op LinkedIn. Gezien de specifieke doelgroep waar de Sociaal Werkkoepel zich voor inzet, lijkt het bereik via LinkedIn redelijk goed te zijn, zeker ook gezien het feit dat de Sociaal Werkkoepel nog maar relatief kort bestaat en zich alleen op de stad Amsterdam richt.

16

2.4.3

Netwerk- en informatiebijeenkomsten In de periode 2018 t/m 2022 heeft het programmateam diverse netwerk- en informatiebijeenkomsten georganiseerd. Naast de zomer- en winterevents (zie figuur 2.4), is de Sociaal Werkkoepel in 2021 gestart met het organiseren van digitale netwerkborrels. In 2021 zijn vier digitale netwerkborrels georganiseerd met in totaal 60 gasten. In 2022 zijn twee digitale netwerkborrels georganiseerd met in totaal 21 gasten. Een uitgebreider overzicht van overige activiteiten van de Sociaal Werkkoepel, waar netwerken vaak ook onderdeel van uitmaakt, is te vinden in bijlage 2.

Figuur 2.4

Aantal deelnemers (bij benadering) zomer- en winterevents 0

20

40

60

80

Zomerevent 2018 Winterevent 2018

100

120

140

70 60

Zomerevent 2019

100

Winterevent 2020

120

Zomerevent 2020 (digitaal)

90

Winterevent 2021 (digitaal)

80

Zomerevent 2021 (digitaal)

80

Zomerevent 2022

80

Hiernaast zijn jaarlijks diverse andere bijeenkomsten en webinars georganiseerd, gemiddeld ongeveer vier per jaar. Een overzicht van deze bijeenkomsten is opgenomen in bijlage 2. In 2020 en 2021 vonden de meeste netwerk- en informatiebijeenkomsten digitaal plaats in verband met de coronapandemie.

2.4.4

Matchingsactiviteiten De Sociaal Werkkoepel organiseert een aantal activiteiten die gericht zijn op het matchen van werkzoekenden en werkgevers, namelijk de pitch & match markt (jaarlijks) en in- en doorstroomsessies (maandelijks). Pitch en match markt De Pitch en match markt is een jaarlijkse bijeenkomst waar kandidaten en werkgevers zich vrijblijvend aan elkaar kunnen presenteren. Deze bijeenkomst wordt door maatschappelijke organisaties, GGZ en de Sociaal Werkkoepel samen georganiseerd. De deelnemers zijn vaak nog in begeleiding via de Wmo of bij de GGZ. De werkzoekenden krijgen vooraf een pitchtraining aangeboden. De Pitch & match markt (ook meet & match of mix & match genoemd) heeft plaatsgevonden in 2019 (120 werkzoekenden en werkgevers), 2020 (meer dan 160 werkzoekenden en werkgevers)

17

en 2021 (circa 60 kandidaten en 21 werkgevers9). In 2020 en 2021 heeft deze markt digitaal plaatsgevonden. Daarnaast is een pitch & match bijeenkomst georganiseerd gericht op ICTwerkgevers (2019) en bij de KNAW10 (2021). In- en doorstroomsessies Bij de maandelijkse doorstroomsessies ontmoeten verschillende netwerkpartners elkaar. Bij deze sessies matchen werkgevers werknemers waarvan het contract afloopt met potentiële nieuwe werkplekken bij andere werkgevers. Het gaat om werkzoekenden die een doelgroepindicatie hebben of daar via de praktijkroute voor in aanmerking komen. In april 2022 is dit concept aangepast naar in- en doorstroomsessies. De doorstroomsessies waren succesvol, totdat er op een gegeven moment geen kandidaten meer werden aangeboden en er nog wel vraag was vanuit de netwerkpartners. Daarom koos de Sociaal Werkkoepel voor een maandelijkse in- en doorstroomsessie. Het verschil met de doorstroomsessies is, dat hierbij ook jobhunters kandidaten aanbieden die op dit moment geen baan hebben en op zoek zijn naar passende werkplekken.11 Na de startbijeenkomst in 2019 zijn tot medio 2022 30 doorstroomsessies georganiseerd, waar telkens circa 15 werkgevers aan deelnamen.12

2.4.5

Harrie trainingen De eendaagse Harrie helpt trainingen worden sinds 2022 aangeboden aan werkgevers in samenwerking met het Werkgeversservicepunt en CNV Jongeren. Deze training wordt kosteloos aangeboden voor collega’s (begeleiders) van medewerkers met een doelgroepindicatie die woonachtig zijn in Amsterdam. De collega’s krijgen hiermee handvatten voor de begeleiding. Harrie is een collega die Hulpvaardig, Alert, Realistisch, Rustig, Instruerend en Eerlijk is. Tot medio 2022 hebben drie digitale trainingen en vijf live trainingen plaatsgevonden. In totaal hebben 76 personen hieraan deelgenomen.

2.4.6

Overige activiteiten In samenwerking met maatschappelijke organisaties heeft de Sociaal Werkkoepel enkele projecten (mede) opgezet of ondersteund. Hieronder worden deze activiteiten kort beschreven. De Sociaal Werkkoepel werkt daarbij altijd samen met andere partijen. Een uitgebreider overzicht van overige activiteiten is opgenomen in bijlage 2. Mbo praktijkleren met praktijkverklaring De regio Groot Amsterdam doet sinds 2019 mee aan de landelijke pilot ‘Praktijkleren met een praktijkverklaring’ in het mbo. Mbo praktijkleren is voor werkzoekenden en werkenden zonder startkwalificatie. Dat wil zeggen, voor wie het behalen van een volledig mbo-diploma of certificaat vooralsnog niet haalbaar lijkt. Het is een combinatie van werken en het doen van een

9

https://sociaalwerkkoepelamsterdam.nl/category/bijeenkomsten/

10

Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

11

https://sociaalwerkkoepelamsterdam.nl/in-en-doorstroomsessie-nieuwe-stijl/

12

3 bijeenkomsten in 2019, 10 bijeenkomsten in 2020, 10 bijeenkomsten in 2021 en 7 bijeenkomsten in 2022 (t/m juni).

18

(deel van een) mbo-opleiding. De pilot biedt kansen voor burgers om vakvaardigheden in de praktijk te leren en via een praktijkverklaring mbo een onderwijs-erkenning met civielrechtelijk waarde te behalen. De verwachting is dat ze hiermee betere kansen hebben om in of door te stromen op de arbeidsmarkt. De Sociaal Werkkoepel heeft een rol vervuld in het starten van de pilot en het organiseren en faciliteren van de samenwerking tussen onderwijs, leerwerkbedrijven en werkgevers.13 In 2020 zijn 38 kandidaten gestart. Op 10 maart 2021 vond de uitreiking plaats van de eerste twee praktijkverklaringen. In 2021 waren er 80 kandidaten en 10 praktijkverklaringen. In de eerste helft van 2022 is dit gegroeid naar 100 kandidaten en 28 praktijkverklaringen. Sinds 1 januari 2022 is de pilot Mbo Praktijkleren omgezet naar een vast instrument met de naam “Praktijkleren met de Praktijkverklaring”.14 Oriëntatiestage Voor jongeren met een grote begeleidingsbehoefte die gaan uitstromen van het VSO/Praktijkschool werkt de Sociaal Werkkoepel nauw samen met onderwijs, dagbesteding, sociaal ontwikkelbedrijf en sociale firma’s. De nieuwste ontwikkeling hierin is dat Cordaan en Pantar (respectievelijk aanbieders van arbeidsmatige dagbesteding en beschut werk) de oriëntatiestage hebben opgezet.

In een gezamenlijk traject van Cordaan en Pantar kan de jongere in een oriëntatieperiode van 20 weken onderzoeken welke plek bij Pantar of Cordaan (of een plek uit het netwerk van beide organisaties en de Sociaal Werkkoepel) het beste bij ze past. De gemeente financiert de stageperiode. Er wordt gemonitord welk instrument het best passend is waardoor vooruitlopend aan de daadwerkelijke uitstroom van het onderwijs de juiste plek kan worden geregeld met de bijbehorende begeleiding, voorzieningen en financiering. Het gaat jaarlijks om een kleine groep leerlingen (ca. 20). Voor deze jongeren en hun netwerk is het belangrijk om in samenhang te onderzoeken welke stap het best passend is. Van de keuze voor de vervolgstap na de opleiding hangt ook de keuze voor Wajong/Wlz/Pgb of inkomen uit beschut werk aangevuld met bijstand van af. De voorwaarden van deze regelingen verschillen, waardoor de keuze invloed heeft op de inkomenszekerheid.15 Met de inzet van de oriëntatiestage wordt het achterliggende probleem van de lastige keuze voor deze jongeren en hun toekomst niet opgelost, maar wordt wel bijgedragen aan een zo goed mogelijke keuze. Investeren in sociale firma’s Sinds 2019 wordt het beleid sociale firma’s vanuit de Sociaal Werkkoepel gemonitord.

In de raadsbrief ‘Versterken positie sociale firma’s in Amsterdam’ van 17 december 2019 is een aantal acties opgenomen waarmee het college werkt aan de versterking van sociale firma’s. Het betreft acties op het gebied van doorlichting van het inkoopproces en promotie, bevordering van instroom en het versterken van het partnerschap. Aan deze acties wordt samengewerkt door Sociaal Werkkoepel (coördinatie/verbinden van de betrokken partijen), bureau Social Return, Concern Inkoop, Amsterdam Impact en Onderwijs Jeugd en Zorg/Dagbesteding. Een aantal acties is in samenwerking met De Omslag opgepakt.

13

Tussenrapportage voortgang Sociaal werkkoepel 2018/2019.

14

https://sociaalwerkkoepelamsterdam.nl/praktijkleren-met-praktijkverklaring/

De waarborgen qua inkomenszekerheid die bij de Wajong van toepassing zijn gelden (nog) niet bij de bijstand. Naast inkomen uit de Wajong kan het netwerk aanvullend financiële steun voor bijvoorbeeld vakantie of mobiliteit bieden, bij de bijstand niet.

15

19

Het onderwerp sociale firma’s en in het bijzonder het versterken van de positie van sociale firma’s via de gemeentelijke inkoop heeft ook veel belangstelling van de Amsterdamse gemeenteraad. De raad heeft de wens geuit om concrete doelstellingen op sociaal inkopen af te spreken16. Om richting te geven aan de beantwoording van deze motie is duiding gewenst wat de gemeente precies onder ‘sociaal inkopen’ verstaat: inkopen bij erkende Amsterdamse sociale firma’s of wellicht breder. En welke mogelijkheden er zijn om te sturen op de resultaten van sociaal inkopen. De resultaten van dit onderzoek worden voorgelegd aan de gemeenteraad, zodat hierover het debat gevoerd kan worden en een raadsbesluit kan worden genomen. Dit onderzoek wordt in 2022 uitgevoerd in opdracht van Bureau Social Return. De Sociaal Werkkoepel is hierbij betrokken als lid van de klankbordgroep. Hoofdzaak}Werk Mensen met een ernstige psychische aandoening die behandeling en/of begeleiding krijgen en aan het werk willen, kunnen hiervoor begeleiding krijgen met de methode Individuele Plaatsing en Steun (IPS). Een IPS-trajectbegeleider helpt dan met werk zoeken, vinden en behouden. Het landelijk project Hoofdzaak}Werk heeft als doel om voor meer mensen met een psychische kwetsbaarheid betaald werk mogelijk te maken.

De Sociaal Werkkoepel is kwartiermaker in de arbeidsmarktregio Groot Amsterdam voor deelname aan het landelijk project met als doel jaarlijks meer dan 100 kandidaten naar werk te begeleiden en het versterken van de samenwerking in de regio tussen alle GGZ-partners en gemeenten. Voorschakel beschut werk Bij het zoeken naar een geschikte beschutte werkplek, moet gekeken worden of werkgever en de kandidaat bij elkaar passen. Daar is een voortraject voor nodig, waar de werkgever in moet investeren. Bij daadwerkelijke plaatsing van een kandidaat krijgt de werkgever een vergoeding, maar het voortraject vraagt juist een investering. De Sociaal Werkkoepel heeft mede gezorgd voor een begeleidingsvergoeding in het voortraject, omdat hier vanuit werkgevers een behoefte aan was. Dienstverbanden bij de gemeente Amsterdam Vanuit de SW (begeleid werken) waren er circa 60 personen gedetacheerd bij de gemeente Amsterdam. De Sociaal Werkkoepel heeft de betreffende afdelingen opgeroepen deze mensen over te nemen als medewerker van de gemeente Amsterdam en niet meer gedetacheerd vanuit de SW te laten zijn. Daarvoor is gesproken met diverse directies. De Sociaal Werkkoepel monitort of dit daadwerkelijk gebeurt.

Meewerken plus Samen met de afdeling OJZ en de maatschappelijke organisaties wordt door de Sociaal Werkkoepel gewerkt aan een nieuw product binnen de dagbesteding, met de titel ‘meewerken plus’. Dit is een product dat lijkt op arbeidsmatige dagbesteding, maar waar expliciet de focus ligt op doorstroom. Dit product is nog in ontwikkeling.

16

Motie 660 (El Ksaihi) Sturen op resultaten.

20

2.5

Context Naast het functioneren van de Sociaal Werkkoepel zelf, zijn er externe factoren die van invloed zijn geweest op de uitvoering van activiteiten en de realisatie van de gestelde doelen. Deze zijn van belang voor het interpreteren van de gerealiseerde activiteiten en mate waarin de doelstellingen zijn behaald. De volgende contextfactoren zijn volgens betrokkenen van invloed geweest: •

De Sociaal Werkkoepel als nieuwe organisatie binnen de gemeente In 2018 werd de Sociaal Werkkoepel als nieuwe organisatie naast de bestaande afdelingen opgericht. In de beginfase heeft het programmateam daarmee een positie moeten verwerven. Met verschillende afdelingen binnen de gemeente kwam de Sociaal Werkkoepel in botsing over de verdeling van taken en rollen. Gaandeweg is daar een weg in gevonden en de betrokken interne netwerkpartners zijn nu grotendeels tevreden over de samenwerking.

•

Coronapandemie In de jaren 2018/2019 was de groei van het aantal Amsterdammers op sociaal werk hoger dan de doelstelling.17 Na het begin van de coronapandemie (begin 2020) is het aantal werkenden in sociaal werk gestabiliseerd, wat betekent dat sindsdien alleen de uitstroom uit de WSW is gecompenseerd. De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt door corona hebben ervoor gezorgd dat minder banen beschikbaar waren bij reguliere bedrijven en sociale firma’s. Dit is voor een deel opgevangen doordat meer mensen in dienst zijn gekomen bij Pantar.18 Na beëindiging van de coronamaatregelen is er in 2022 sprake van personeelstekorten in veel sectoren. Naar verwachting heeft dit een positief effect op de inzet van de doelgroep op de arbeidsmarkt. De coronapandemie heeft ook invloed gehad op de mogelijkheden van de Sociaal Werkkoepel om mensen met elkaar te verbinden. In 2020 en 2021 hebben veel bijeenkomsten wel doorgang gevonden, maar in een digitale vorm. Het digitale werken heeft desalniettemin een belemmering gevormd voor de mogelijkheden om te netwerken. In 2022 zijn de fysieke bijeenkomsten weer opgepakt.

•

Reorganisatie afdeling WPI In 2021/2022 heeft er een reorganisatie binnen de afdeling WPI plaatsgevonden. De belangrijkste wijziging voor sociaal werk is dat er multidisciplinair gewerkt wordt en er een aparte afdeling Sociaal Werk is gekomen. Dit is een zogenoemde instrumentenafdeling. Amsterdammers komen eerst bij een multidisciplinair team terecht (werk en participatie samen in een team/ georganiseerd per gebied). De klantbegeleider heeft de regie en kan de Amsterdammer aanmelden bij de afdeling Sociaal werk als hij/zij vermoed dat het gaat om iemand voor wie LKS/ jobcoaching/beschut werk aan de orde is. Sociaal werk wordt dan ingezet als instrument om naar werk te komen.

17

Tussenrapportage Voortgang Sociaal werkkoepel 2018/2019.

18

Factsheet resultaten en ontwikkelingen Sociaal Werk, peildatum 1 januari 2022. Sociaal Werkkoepel, 2022.

21

De reorganisatie heeft eind 2021 / begin 2022 mogelijk belemmerend gewerkt op het realiseren van plaatsingen bij werkgevers, doordat de aandacht uitging naar de reorganisatie en interne ontwikkelingen. Het creëren van een afdeling sociaal werk roept bij sommige betrokkenen de vraag op waarom er dan ook nog een aparte Sociaal Werkkoepel nodig is en hoe de taken zijn verdeeld. •

Banenafspraak Landelijk is met de invoering van de Participatiewet in 2015 ook de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten ingevoerd. Doel van deze wet is een stijging van het aantal banen voor mensen met een arbeidsbeperking. In de Memorie van toelichting bij de wet is het doel verwoord: "Het moet normaal worden dat mensen met een arbeidsbeperking deelnemen aan het arbeidsproces". Uit de jaarlijkse monitor voor de resultaten van de banenafspraak blijkt dat de afgesproken aantallen tot en met 2018 zijn gehaald. In totaal gaat het om bijna 52.000 extra banen. Op grond van de evaluatie van de wet, uitgevoerd in 201919 blijkt dat de groei van het aantal banen gepaard gaat met een stijging van de kansen op het vinden van werk voor met name de mensen in de Participatiewet en mensen met een achtergrond in het voortgezet speciaal onderwijs (vso) en praktijkonderwijs (pro). Uit dit evaluatieonderzoek blijkt dat de Wet banenafspraak een positieve impuls heeft gegeven aan het maatschappelijk debat om iemand met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Uit het onderzoek blijkt verder dat de conjunctuur een grote invloed op de resultaten heeft gehad. De Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten heeft waarschijnlijk ook in Amsterdam een positief effect gehad op werkgevers om mensen uit het doelgroepregister in dienst te nemen.

P. Fris, A. Witkamp en G. Walz (2019). Meer kansen voor mensen met een arbeidsbeperking? Evaluatie Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten.

19

22

Prestatie indicatoren Voor de monitoring van de resultaten op het gebied van sociaal werk in Amsterdam zijn een aantal KPI’s geformuleerd. De Sociaal Werkkoepel verzamelt zelf de gegevens over de ontwikkelingen op de KPI’s. In dit hoofdstuk presenteren we deze cijfers op hoofdlijnen, zodat deze meegenomen kunnen worden in de conclusies over de toegevoegde waarde van de Sociaal Werkkoepel. In het uitvoeringsbesluit is benoemd dat de Sociaal Werkkoepel de volgende kpi’s zal monitoren: •

Totaal aantal Amsterdammers met een arbeidsbeperking aan het werk.

•

Het aantal bedrijven en sociale firma’s waar werkplekken voor de doelgroep worden gerealiseerd.

•

Jaarlijks gerealiseerde gemeentelijke omzet bij sociale firma’s.

•

Opbrengst vanuit Social return voor sociale firma’s

De informatie in dit hoofdstuk is afkomstig uit de ‘Factsheet Resultaten en Ontwikkelingen Sociaal Werk, Peildatum 1 juli 2022’ die is opgesteld door de Sociaal Werkkoepel.

23

3.1

Aantal Amsterdammers op sociaal werk Begin 2018 heeft de gemeente Amsterdam de ambitie geformuleerd om te groeien van 4.000 werknemers in sociaal werk in 2018, naar 4.500 werknemers eind 2022, in een zo regulier mogelijke setting. Om deze doelstelling te bereiken moest een forse groei gerealiseerd worden in het aantal Amsterdammers dat in het kader van de Participatiewet werkt bij reguliere bedrijven en sociale firma’s. Temeer omdat het aantal Amsterdammers in de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) met ongeveer 5 tot 6% per jaar afneemt. De Sociaal Werkkoepel is opgericht om deze transitie te ondersteunen en de groei te helpen realiseren. Figuur 3.1

Aantal Amsterdammers op sociaal werk

Op 1 juli 2022 zijn er 4.172 Amsterdammers aan het werk in sociaal werk. Ondanks de groei van het aantal Amsterdammers dat werkt in het kader van de Participatiewet is het totale aantal Amsterdammers in sociaal werk de afgelopen twee jaar niet toegenomen. In 2020 was de groei door de coronacrisis niet toereikend om de uitstroom uit de Sociale Werkvoorziening te compenseren. In 2021 was de groei in de Participatiewet weer voldoende om de uitstroom uit de Wsw te compenseren.

Aantal Amsterdammers aan het werk met de instrumenten van de Participatiewet Op 1 juli 2022 zijn 1.616 Amsterdammers aan het werk met de instrumenten van de Participatiewet (loonwaardesubsidie, jobcoaching of beschut werk). Dit is een stijging met bijna 35% ten opzichte van eind 2019. In 2021 was de groei groter dan in 2020. Vooral in de 2e helft van 2021 zijn er veel nieuwe banen bijgekomen. De groei is wel nog steeds minder groot dan voor de coronacrisis.

24

Figuur 3.2

Aantal Amsterdammers aan het werk met inzet van instrumenten van de P-wet

De totale groep Amsterdammers die aan het werk is met instrumenten van de P-wet is verder onder te verdelen in twee subgroepen. Op 1 juli 2022 werkten: •

1.294 Amsterdammers met loonwaardesubsidie en/of jobcoaching;

•

322 Amsterdammers op Beschut Werk.

De groei van het aantal werknemers in Beschut Werk is naar verhouding groter dan de groei van werknemers met loonwaardesubsidie en/of jobcoaching.

Uitstroom naar regulier werk In 2022 stroomden tot 1 juli 66 Amsterdammers vanuit Sociaal Werk uit naar regulier werk zonder subsidie en/of jobcoaching. In 2021 waren dit er 84, in 2020 68 en in 2019 58. Deze mensen staan nog steeds in het doelgroepregister en kunnen bij een eventuele terugval opnieuw gebruik maken van de ondersteuning van de gemeente.

3.2

Aantal werkgevers voor de doelgroep In totaal bieden 653 werkgevers werkplekken voor sociaal werk (oude en nieuwe regelingen). Het betreft 621 reguliere werkgevers, Pantar en 31 overige sociale firma’s. Ten opzichte van 1 januari 2020 is het aantal werkgevers voor sociaal werk met 91 werkgevers toegenomen, waarvan 90 reguliere werkgevers en 1 sociale firma.

3.3

Sociaal inkopen en social return In 2021 nam de gemeentelijke inkoop bij erkende sociale firma’s toe naar € 2.660.000 (2020: € 1.352.000; 2019: € 934.000 ). Er is ingekocht bij 24 sociale firma’s. Het betrof veel kleine en enkele middelgrote opdrachten onder de aanbestedingsgrens en ook enkele opdrachten boven de aanbestedingsgrens. De inkoop in het kader van social return door contractpartners van de gemeente bij sociale firma’s steeg naar € 837.000 (2020: € 454.000, 2019: € 1.088.000). Het betrof 92 opdrachtnemers die hebben ingekocht bij 40 sociale firma’s.

25

Bij Pantar nam in 2021 de gemeentelijke inkoop toe van € 14,5 miljoen in 2020 naar € 15,4 miljoen (2019: € 17 miljoen). De gemeentelijke opdrachten bij Pantar lijken zich daarmee weer te herstellen richting het niveau van voor de Coronacrisis. Ook steeg de bij Pantar gerealiseerde social return naar € 1.065.000 (2020: € 189.000, 2019: € 367.000). We kunnen concluderen dat de negatieve effecten van de coronacrisis in 2021 op het gebied van social return niet meer aanwezig zijn en er zelfs een stijging heeft plaatsgevonden.

3.4

Conclusies Gezien de huidige ontwikkeling in de cijfers, lijkt het erop dat de hoofddoelstelling van 4.500 Amsterdammers aan het werk in sociaal werk niet gehaald zal worden per 31 december 2022. Wel is er een positieve ontwikkeling te zien in het aantal werkenden met inzet van instrumenten van de P-wet, waarmee grotendeels compensatie plaatsvindt van de afname van het aantal Amsterdammers in de WSW. Ook het realiseren van deze compensatie is geen vanzelfsprekendheid en vraagt inzet van de betrokkenen. Gezien de bijzondere omstandigheden als gevolg van de coronapandemie, die een remmend effect hadden op de arbeidsplaatsen in sociaal werk, lijkt dit daarom geen slecht resultaat. Bij het realiseren van deze doelstelling zijn veel partijen betrokken, waardoor het resultaat (of gebrek daaraan) niet specifiek kan worden toegeschreven. Daarnaast is er een gunstige ontwikkeling in het aantal werkgevers die werk bieden aan Amsterdammers die werken met inzet van instrumenten van de Participatiewet.

26

Ervaringen met de Sociaal Werkkoepel De netwerkpartners zijn te verdelen in drie groepen: werkgevers die plaatsen voor sociaal werk bieden, maatschappelijke organisaties in onderwijs en zorg en afdelingen binnen de gemeente Amsterdam. In het kader van dit onderzoek is met deze netwerkpartners van de Sociaal Werkkoepel gesproken. In dit hoofdstuk zijn de ervaringen van deze drie doelgroepen met de Sociaal Werkkoepel beschreven.

4.1

Werkgevers De Sociaal Werkkoepel heeft als taak om werkgevers (sociale firma’s en regulier bedrijven) in Amsterdam te faciliteren en te ondersteunen bij het realiseren van extra banen voor sociaal werk. De ondersteuning van werkgevers richt zich vooral op het realiseren van meer arbeidsplaatsen voor sociaal werk, en tevens op de duurzaamheid en passendheid van werk. De aanpak van de Sociaal Werkkoepel bestaat richting werkgevers uit de volgende elementen: •

Vraagbaak / kenniscentrum voor sociaal werk.

•

Netwerk- en informatiebijeenkomsten

•

Pitch en match markten

•

In- en doorstroomsessies

•

Harrie helpt trainingen

27

Toegevoegde waarde Verschillende werkgevers benoemen dat ze andere werkgevers die iets met sociaal werk willen zouden adviseren eerst contact op te nemen met de Sociaal Werkkoepel. Uit de interviews blijkt dat werkgevers zich ondersteund voelen door de volgende activiteiten van de Sociaal Werkkoepel: •

Het wegwijs maken binnen de gemeente: Verschillende werkgevers benoemen dat de gemeente een complexe organisatie is, waar het voor werkgevers soms moeilijk is om gehoor te krijgen. De Sociaal Werkkoepel kan uitleg geven en de juiste contacten leggen. In situaties waar eerste contacten van werkgevers met de gemeente of Pantar moeizaam verliepen, wist de Sociaal Werkkoepel de werkgever verder te helpen door informatie te geven, mee te denken, contacten te leggen en soms een bemiddelende rol te spelen. Daaruit zijn goede samenwerkingen voortgekomen, waardoor deze organisaties hun rol als sociaal werkgever hebben kunnen oppakken of uitbouwen.

“Er zijn veel mensen met dit onderwerp bezig bij de gemeente. De werkkoepel heeft voor ons één contactpersoon geregeld, die ook goed bij ons past. Ze kunnen je vertellen wie je moet hebben en hoe het werkt.” “Ze maken je wegwijs in de sociale sector. Het is de eerste stap in sociaal ondernemen.” •

De rol als vraagbaak: Het programmateam heeft veel kennis in huis, is goed bereikbaar, altijd bereid om mee te denken, en brengt goede ideeën in. Er is brede waardering voor deze rol, waarbij het programmateam flexibel kan inspelen op de vragen van werkgevers. Diverse werkgevers benoemen dat het programmateam weet van aanpakken en zich niet laat afschepen. Ook denkt het programmateam goed mee met de werkgevers, dat heeft meerwaarde ten opzichte van andere contacten bij de gemeente.

“Direct in gesprek, mouwen opstropen en gaan.” “Met vragen kun je bij hen terecht. Als ze de vraag zelf niet kunnen beantwoorden, kunnen ze je wel verwijzen naar de juiste persoon.” •

Het leggen van verbindingen, uitbreiden van het netwerk. Voor veel werkgevers heeft de Sociaal Werkkoepel bijgedragen aan het leggen van nieuwe contacten en/of bij het onderhouden van bestaande contacten. Daarbij gaat het om contacten binnen de gemeente, contacten met andere werkgevers en soms ook contacten met andere organisaties. Wel benoemt één van de werkgevers dat het lastig is om tot concrete samenwerking te komen met andere werkgevers om samen meer te bereiken voor de doelgroep.

28

“Wat fijn is, is dat je een beetje kunt sparren. (…) Je haalt goede ideeën bij anderen.” •

Het samenbrengen van vraag en aanbod door pitch & match bijeenkomsten en doorstroomsessies. De Sociaal Werkkoepel vervult hierin een actieve rol. Veel van de geïnterviewde werkgevers hebben aan deze bijeenkomsten deelgenomen en hebben daar positieve ervaringen mee. Ze zien het als een snelle manier om in contact te komen met kandidaten en een goede manier om hun eigen bedrijf meer bekendheid te geven bij werknemers. Een grote werkgever benoemt dat deze sessies waardevol zijn door het directe contact tussen werkgevers, en het een gemis is dat deze niet overal in Nederland georganiseerd worden. Doordat in deze sessies concrete medewerkers worden voorgesteld, kan de werkgever ook waardevolle kandidaten in beeld krijgen waar nog geen concrete vacature voor geformuleerd is.

•

Het aanbod van Harrie trainingen: de netwerkpartners die gebruik hebben gemaakt van de Harrie-trainingen vinden dat dit nuttige handvatten biedt voor het begeleiden van werknemers. Deze trainingen zijn vooral nuttig voor werkgevers die nog relatief kort actief zijn in het aanbieden van sociaal werk.

•

Ambassadeursrol: Verschillende werkgevers benoemen het belang van de ambassadeursrol van de Sociaal Werkkoepel door het (blijven) vragen van aandacht voor sociaal werk binnen de gemeente en daarbuiten. De rol van de Sociaal Werkkoepel is volgens hen goed voor de positionering van het sociaal werkgeverschap in de gemeente Amsterdam.

“Doordat de Sociaal werkkoepel er is, maak je sociaal werk zichtbaar en belangrijk.” Ervaren knelpunten De geïnterviewde werkgevers zien weinig knelpunten in de rol van de Sociaal Werkkoepel. Wel benoemen ze dat er enige onduidelijkheid is over de taakverdeling met het Werkgeversservicepunt en dat de activiteiten op sommige onderdelen overlappen. Ook bij De Omslag en Social Enterprise NL signaleert men een zekere mate van overlap in het netwerk. Voor sommige werkgevers die al lang actief zijn in het sociaal werk heeft het netwerk beperkte toegevoegde waarde. Vaak hebben zij al goede contacten bij de gemeente, weten hoe het systeem werkt en hebben bovendien voldoende connecties in het sociaal werk. Ten slotte benoemen enkele werkgevers de tijd die het participeren in het netwerk kost als knelpunt.

Wensen en verbetersuggesties Alhoewel werkgevers overwegend tevreden zijn over de ondersteuning door de Sociaal Werkkoepel, benoemen zij nog wel enkele wensen en verbetersuggesties. De belangrijkste hiervan zijn:

29

•

Het actiever en gerichter verbinding maken tussen organisaties. De Sociaal Werkkoepel stimuleert de verbinding tot nu toe op vrijblijvende wijze en is vooral faciliterend. Verschillende werkgevers vinden dat er meer regie mag worden gevoerd op de samenwerking, door bijvoorbeeld werkgevers in kleinere groepen met elkaar in contact te brengen of op basis van behoeftes partijen gericht aan elkaar te verbinden.

•

Meer reclame maken voor sociaal werk / marketing en communicatie. Enkele werkgevers zouden willen dat de Sociaal Werkkoepel meer doet om meer bedrijven te enthousiasmeren en inspireren voor sociaal werk. Ze denken dat meer reclame voor sociaal werk, meer aandacht voor marketing en communicatie daaraan bij kan dragen. Vanuit de veronderstelling dat werkgevers wel willen bijdragen, maar een duwtje in de rug nodig hebben.

•

Duidelijk maken waar de Sociaal Werkkoepel wel/niet voor is. Voor werkgevers is het niet altijd geheel duidelijk wat de rol van de Sociaal Werkkoepel is (en wat niet). Sommige werkgevers hebben behoefte aan meer duidelijkheid over de afbakening van de rol van de Sociaal Werkkoepel.

Daarnaast noemen werkgevers nog de volgende wensen: •

Een jaarlijks evaluatiemoment / koffie drinken bij werkgevers om knelpunten nog beter te signaleren.

•

Zorgen dat de werkconsulenten goed op de hoogte zijn van de plaatsingsmogelijkheden bij bedrijven.

•

Het opnemen van social return als gunningscriterium bij aanbestedingen.

•

Meer politieke lobby.

•

Ondersteuning in samenwerking met UWV.

Conclusie Werkgevers voelen zich ondersteund door de Sociaal Werkkoepel bij het aanbieden van arbeidsplaatsen voor sociaal werk. De ondersteuning maakt het voor werkgevers makkelijker om op te starten met het sociaal werk. Door werkgevers ervaren knelpunten worden door de Sociaal werkkoepel geagendeerd bij de gemeente. Een concrete koppeling met effecten op het aantal plaatsen of de kwaliteit van de plaatsingen kunnen werkgevers niet maken. Wel lijkt het aannemelijk dat de inzet van de Sociaal Werkkoepel processen versnelt, bijdraagt aan een positieve ervaring met de gemeente en daarmee mogelijk ook voorkomt dat werkgevers afhaken.

4.2

Gemeente Amsterdam Binnen de gemeente Amsterdam werkt de Sociaal Werkkoepel vooral samen met de volgende afdelingen: Werk, Participatie en Inkomen (WPI), Werkgeversservicepunt, Onderwijs, Jeugd en Zorg (OJZ), Bureau social return, Inkoop, Amsterdam Impact. De Sociaal Werkkoepel heeft als taak de gemeente te faciliteren en ondersteunen bij het realiseren van de extra banen in sociaal werk. En daarnaast ook om de ketensamenwerking te stimuleren, en daartoe verbindingen te leggen tussen de verschillende organisatieonderdelen binnen de gemeente.

30

De Sociaal Werkkoepel richt zich in de praktijk vooral op het vergroten van de aandacht voor sociaal werk binnen alle relevante afdelingen en het verbinden van de verschillende domeinen. Om sociaal inkopen door de gemeente te stimuleren, en daarmee het aantal beschikbare arbeidsplaatsen voor sociaal werk, wordt samengewerkt met Bureau Social Return.

Toegevoegde waarde De netwerkpartners binnen de gemeente hebben op verschillende manieren te maken met de Sociaal Werkkoepel. De respondenten waarderen de inhoudelijke kennis van het programmateam, en zien een toegevoegde waarde voor de gemeente van het werkgeversnetwerk dat door hen wordt onderhouden en de rechtstreekse contacten bij maatschappelijke organisaties. De continuïteit hierin is ook een toegevoegde waarde, alsmede de mogelijkheid die de gemeente heeft om richting te geven aan het netwerk. De betrokkenen binnen de gemeente Amsterdam ervaren de volgende meerwaarde van de Sociaal Werkkoepel: Inbrengen van kennis van de praktijk bij beleid Doordat de Sociaal Werkkoepel het werkgeversnetwerk heeft opgezet en onderhoudt, beschikken zij over veel kennis van de praktijk van het sociaal werk. Deze kennis wordt ingezet bij het formuleren van het beleid, door het programmateam structureel te betrekken bij besprekingen over het beleid. Zonder de inzet van de Sociaal Werkkoepel zou het niet mogelijk zijn om dit netwerk te onderhouden vanuit de gemeente. De ervaringen van werkgevers die via de Sociaal Werkkoepel worden ingebracht bij de gemeente, geven de gemeente inzicht in verbetermogelijkheden. De monitoring van het sociaal werk door de Sociaal Werkkoepel is een goed instrument om knelpunten te signaleren en bespreekbaar te maken.

Hiermee kan de Sociaal Werkkoepel snel inspelen op veranderingen. Ambassadeur en aanjager van sociaal werk Verschillende respondenten benoemen de rol als aanjager en ambassadeur van sociaal werk als meerwaarde van de Sociaal Werkkoepel. De projectmanagers vragen met veel enthousiasme aandacht voor sociaal werk. De betrokkenen binnen de gemeente zijn van mening dat de aanjagende rol van belang is om te zorgen dat er aandacht blijft voor deze doelgroep. Eén respondent plaatst daarbij wel de kanttekening dat de specifieke focus op sociaal werk ook een beperking is, aangezien veel werkgevers zich op een bredere doelgroep richten.

“Wat ze goed doen is het belang steeds onderstrepen van laten zien: waar staan we nu, iedereen meenemen in de doelstellingen, mensen op ideeën brengen. Ze zijn wel een motor.” “De Sociaal Werkkoepel verbindt dingen met elkaar en is een middel om de aandacht vast te houden.” “De Sociaal Werkkoepel vervult een belangrijke rol om de motor op gang te krijgen en te houden. Te faciliteren dat het loopt. Dat doen ze goed. En ze hebben gezorgd dat sociaal werk op de kaart staat. Dat er continu aandacht voor is en dat de samenwerking loopt.” 31

Het bijeenbrengen van afdelingen en externe organisaties De Sociaal Werkkoepel is een netwerkorganisatie die zorgt voor de juiste contacten en verbindingen. Ze brengen organisaties en personen met elkaar in gesprek. De betrokkenen binnen de gemeente ervaren vooral dat de Sociaal Werkkoepel helpt bij het leggen van verbindingen rond sociaal werk en het soepel laten lopen van contacten. Doordat verschillende werelden bij elkaar komen, zoals onderwijs en zorg, is het bovendien prettig om een intermediair te hebben zodat makkelijker de aansluiting wordt gemaakt.

“Ze fungeren als goede oliemannetjes, om de contacten soepel te laten lopen.” “Het is een mooi netwerk dat informeert en faciliteert.” Monitoren voortgang sociaal werk De monitoring van en rapportage over de resultaten op het gebied van sociaal werk, en het informeren van de raad daarover heeft volgens sommige respondenten een meerwaarde. Dit maakt het mogelijk te signaleren wanneer bijsturing wenselijk is en de betrokken partijen daarop aan te spreken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12236812/1