Conceptverslag WIO 02.12.2020.docx
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Raadscommissieverslag, 2 december 2020
Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
CONCEPT VERSLAG Openbare digitale vergadering van de Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs (WIO) Woensdag 2 december 2020, van 9.00 tot 12.35 uur Woensdag 6 januari 2021 Voorzitter: mevrouw Bakker Portefeuillehouders: wethouders de heer Groot Wassink en mevrouw Moorman Commissiegriffier: mevrouw Meijer Verslaglegging: de heer Timmermans (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: de heer Blom (GL), de heer Ceder (CU), mevrouw De Fockert (GL), mevrouw Heinhuis (PvdA), mevrouw El Ksaihi (D66), de heer Khan (DENK), mevrouw Martens (VVD), mevrouw Marttin (VVD), de heer Miedema (PvdA), vrouw Rooderkerk (D66), mevrouw Roosma (GL), mevrouw Schipper (CDA), mevrouw Van Soest (PvdO), mevrouw Timman (D66), de heer Veldhuyzen (BIJ1), de heer Yilmaz (DENK) Afwezig: SP, LC, FvD, PvdD Overige aanwezigen: Algemeen 1. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER controleert of alle leden die zich aangemeld hebben digitaal aanwezig zijn en opent daarna de vergadering om 9.05 uur. 2. Mededelingen Wethouder GROOT WASSINK meldt naar aanleiding van een eerdere vraag van de heer Khan mee dat met ingang van volgend jaar wordt bijgehouden hoe vaak wordt afgeweken van de kostendelersnorm. Hij stelt voor in mei de eerste rapportage naar de raad te sturen en dan met elkaar te bezien welke frequentie het meest wenselijk is voor rapportages nadien.
Naar aanleiding van TKN 2 wijst hij de leden op de technische sessie van 15 december om 17.00 uur over het bijstandsexperiment. Verder meldt hij dat hij afgelopen maandag met diverse instanties een regionaal intentieverklaring heeft ondertekend voor de regionale crisisdienstverlening waarin het gaat om het regionaal aandeel van het steunpakket van 1,4 miljard euro. De regio Amsterdam is met de regio’s Utrecht en Tilburg aangewezen als pilotgebied. Dat betekent dat er een mobiliteitsteam gaat komen en een ontschot budget voor de extra toeleiding naar werk. Deze mededeling zou ook in de coronabrief hebben moeten worden opgenomen, maar dat is tot zijn spijt achterwege gebleven, vandaar deze mondelinge mededeling.. Wethouder MOORMAN deelt in antwoord op een eerdere vraag van mevrouw Schipper over de doorstroming van het hbo naar het wo mee dat de gemeente wel de overgang van het vmbo naar het mbo monitort, maar dat de overgang van het hbo naar het wo een Rijksaangelegenheid is, waarover wethouder Kukenheim wel contacten heeft met het ministerie.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
3. Vaststelling agenda De agendapunten 20 en 21 worden gevoegd behandeld. Op voorstel van mevrouw El Ksaihi worden agendapunten 15 en 19 van de agenda gehaald. Punt 15 is volgens haar verouderd en in agendapunt 16 komen nieuwe ontwikkelingen ook al aan de orde. Over punt 19 wordt de commissie al regulier op de hoogte gehouden, zodat men daar dan vragen kan stellen over nieuwe ontwikkelingen. Degenen die zich gemeld hadden om het woord te voeren over deze punten, hebben geen bezwaar tegen het afvoeren van deze punten. Op verzoek van wethouder Groot Wassink wordt agendapunt 16 behandeld na 13. Er zijn geen aanvullende agendapunten ingediend. Aldus wordt de agenda vastgesteld. 4. Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie WIO d.d. 11 november 2020 en van de besloten vergadering van 10 november 2020 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. 5. Termijnagenda, per portefeuille Mevrouw SCHIPPER vraagt hoe het staat met de voor november toegezegde beantwoording van haar vragen over ventilatie op scholen. Wethouder MOORMAN zet dat in de planning een voortgangsrapportage voor het eerste kwartaal van 2021 is voorzien. Zoals eerder gezegd is de situatie op Amsterdamse scholen betere dan in de rest van het land dankzij het eigen programma op dit gebied. Van de PO-scholen is de ventilatie nu bij 85% op orde.
In de voortgangsrapportage zal een goed overzicht van de stand van zaken worden opgenomen. 6. TKN-lijst Op verzoek van mevrouw ROOSMA wordt TKN1 geagendeerd omdat ze het wil hebben over nieuwe instrumenten en maatregelen. Op verzoek van de heer VELDHUYZEN worden TKN2 en TKN6 geagendeerd vanwege respectievelijk signalen over problemen bij doorstroming en vragen over de ondersteuning van scholen rond veiligheid. De heer Miedema sluit zich aan bij het verzoek tot agendering van TKN2. Mevrouw Heinhuis bij de agendering van TKN6. Op verzoek van mevrouw DE FOCKERT worden TKN3 vanwege vragen over de effecten van corona op statushouders – en 11 – vanwege vragen over preventie en voorlichting - geagendeerd. Op verzoek van de voorzitter zal zij haar vragen over TKN3 eerst schriftelijk stellen en na de beantwoording beoordelen of agendering nog nodig is. Op verzoek van mevrouw VAN SOEST wordt TKN13 geagendeerd om de beklemde positie van veel huurders in Amsterdam onder de aandacht te brengen van de raad. De VOORZITTER merkt op dat de agenda van 6 januari nu wel erg vol raakt. Zij verzoekt de leden te bezien of zij hun vragen schriftelijk kunnen (laten) afhandelen. 7. Opening inhoudelijke gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.24 uur.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
8. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. 9. Rondvraag Mevrouw SCHIPPER vraagt naar aanleiding van de CDA-motie om samen met scholen stadsgesprekken te gaan organiseren over het belang van de vrijheid van meningsuiting - dit naar aanleiding van de moord op de leraar in Frankrijk – hoe de gesprekken van de wethouder met scholen over dit punt tot nu toe zijn verlopen en of scholen en leerkrachten hebben aangegeven waar zij in dit verband behoefte aan hebben. Wethouder MOORMAN zegt dat de burgemeester en zij vrijwel direct na die moord hebben gesproeken met verschillende leerkrachten en scholen. Zoals de burgemeester ook al in de gemeenteraad heeft gezegd is de moord bij Amsterdamse scholen als een schok aangekomen, maar lijkt het onderwerp in de klas goed bespreekbaar te zijn. Zij heeft zelf ook lessen bijgewoond op het Caland en Mundus College en is onder de indruk hoe leraren daar zaken aan de orde stellen. Zij merkt wel dat jongeren meer bezig zijn met thema’s als racisme, rivaliteit tussen groepen, veiligheid op school en de verharding van de samenleving.. Daar zal de komende tijd veel inzet op nodig zijn en zij weet zich daarin gesteund door de raad. De heer YILMAZ vraagt welke terugkoppelingen er komen van scholen over het toenemende aantal coronabesmettingen met name in de bovenbouw en over het ontstaan van brandhaarden op scholen.
Verder is hij benieuwd of signalen daarover gedeeld worden met het ministerie en hoe daarop gereageerd wordt. Wethouder MOORMAN zegt dat zij sinds het uitbreken van de crisis elke woensdag om 8.00 uur beraad heeft met schoolbesturen van het VO en nu ook het PO. Daar worden deze zaken doorgenomen. De GGD weet te melden dat er nog steeds geen sprake is van besmetting van docenten door leerlingen. Soms komt het voor dat klassen of in zeldzame gevallen hele scholen gesloten moeten worden omdat er te veel leerkrachten thuiszitten vanwege ziekteverschijnselen en in afwachting van testen. Tot op heden lijkt alles redelijk goed te gaan, zeker als men bedenkt dat er sprake is van een pandemie. Het overleg loopt goed, ook met het ministerie zijn de contacten in deze periode zeer nauw. Financiën 10. Begroting 2021 Nr. BD2020-00416 De VOORZITTER merkt op dat het nu gaat om de tweede termijn waarvoor zich drie leden vooraf gemeld hebben voor een inbreng. Mevrouw DE FOCKERT zegt dat zij zich overvallen voelde over de overheveling van het budget voor informeel taalonderwijs naar de stadsdelen. Zij maakt zich vooral zorgen over het mogelijk wegvallen van de financiering van de centrale ondersteuning van vrijwilligers die in de stadsdelen dat informeel taalonderwijs verzorgen.
Daarom kondigt zij een motie aan die vraagt goed in beeld te brengen om welke organisaties het gaat en te monitoren of die organisaties hun vrijwilligers voldoende ondersteuning kunnen blijven bieden. De motie vraagt verder daarover te rapporteren in de jaarlijkse rapportages van het taalbeleid.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
De heer KHAN zegt dat hij de reactie van het college op zijn motie over een bonus voor vitale vrijwilligers kan begrijpen omdat er immers geen formele relatie is met de gemeente. Toch vindt hij dat deze mensen die vanaf het begin hebben klaargestaan in de informele voedselvoorziening een blijk van waardering van de gemeente verdienen. Hij vraagt of dat dan niet kan in de vorm van een cadeaubon. Hij kan zich ook vinden in de reactie van het college op zijn voorstel voor een voedselparagraaf. Het college wil niet te veel informatie stoppen in de begroting. Maar hij wil wel eerder informatie over de voedsel strategie dan de maand juni waar het college over rept. Hij wil eerder de vinger aan de pols kunnen houden over de bestrijding van voedselverspilling aan de ene kant en het zorgen dat zo veel mogelijk voedsel terecht komt op de plekken waar dat nodig is aan de andere kant. Hij vraagt de wethouder of het mogelijk is de raad tweejaarlijks een overzicht te bezorgen zodat die de ontwikkelingen kan volgen en waar nodig kan bijsturen. De heer MIEDEMA bedankt de wethouder voor de antwoorden in eerste termijn waarin hij bestaanszekerheid de kern van zijn beleid noemt. De PvdA is erg benieuwd naar het toegezegde plan van aanpak voor het banenplan en dan vooral naar hoe de governance daarin geregeld wordt.
Volgens het Duisenbergrapport is het immers erg belangrijk aan te wijzen wei verantwoordelijk is voor de middelen en voor elk deel van de aanpak. Ten tweede vraagt hij of hij uit de opmerking van de wethouder dat het initiatief van Boutkan c.s. is afgehandeld, kan concluderen dat het al dan niet kunnen krijgen van een VOG geen belemmeringen meer oplevert voor deelname aan banenmotoren en andere programma’s om de motor van de Amsterdamse economie weer te laten draaien. De heer VELDHUYZEN vraagt naar de gevolgen van de versobering op de niet wettelijk voorgeschreven armoederegelingen. Verder is het hem opgevallen dat het college de motie over een hoger minimumloon wel positief beoordeeld, maar verzuimt daarbij het in de motie genoemde bedrag van 14 euro te noemen. Hij vraagt of dit met opzet gebeurd is, of het college alsnog dat bedrag wil overnemen en, zo nee, wat het college dan tegenhoudt dit of een ander bedrag te noemen. Naar aanleiding van de motie over de kostendelersnorm vraagt hij of het college mogelijkheden ziet die niet toe te passen voor jongeren tot 27 jaar tenzij het gezin in aantoonbaar goede doen verkeert. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat een uitgewerkt plan voor de banenmotors aan de raad zal worden voorgelegd. De resultaten zullen ook gedeeld worden.
Hij was juist erg tevreden met het Duisenbergrapport omdat daarin werd gezegd dat wat dat betreft WPI de zaken goed op orde heeft. Hij zegt toe daar met dezelfde toewijding aan te zullen blijven werken. Het initiatiefvoorstel van Boutkan c.s. is inderdaad uitgevoerd en daarom heeft het college dan ook een negatief preadvies uitgebracht over de ingediende motie omdat die overbodig is. Het al dan niet hebben van een VOG is van zo min mogelijk belang voor deelname aan deze plannen. Hij zegt aan van plan te zijn zo vroeg mogelijk in het nieuwe jaar de commissie een uitgebreid plan aan te bieden specifiek over de aanpak voor jongeren vanwege de gedeelde zorg. Hij zegt zelf meer waarde te hechten aan een generieke verhoging van het minimumloon dan aan het fixeren daarvan op een bedrag. Maar het college heeft bij verschillende gelegenheden, onder meer bij de aanbieding van de FNV-petitie, wel dat bedrag van 14 euro uitdrukkelijk gesteund. Op dat punt kan hij de heer Veldhuyzen geruststellen, al vindt hij persoonlijk dat een hoger bedrag gerechtvaardigd is. Hij bewondert diens vasthoudendheid en creativiteit rond de kostendelersnorm, maar stelt dat hij niet generiek kan afwijken van die norm, dus ook niet voor de groep tot 27 jaar. Hij is zelf voorstander van afschaffing van die kostendelersnorm.
Het kabinet heeft wijzigingen rond die norm aangekondigd en die zal hij te zijner tijd graag met de commissie bespreken. DE heer VELDHUYZEN merkt op dat de staatsecretaris al heeft laten weten dat vanaf 1 juli voor jongeren generiek de sollicitatieplicht en de zoektermijn van vier weken niet meer in acht genomen hoeven te worden. Hij vraagt of daar de kostendelersnorm niet
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
in kan worden meegenomen en of de wethouder daar in Den Haag dan niet voor zou willen pleiten. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat hij daar al bij herhaling voor pleit. Er is nu echter geen wettelijke grondslag voor enige generieke ontheffing. Dat was bij de ziektermijn wel mogelijk. Als de staatssecretaris de wettelijke ruimte zou gaan bieden, zal hij daar gretig gebruik van maken, maar vooralsnog is hij gebonden aan wat wettelijk mogelijk is. Intussen kan er in specifieke gevallen wel maatwerk toegepast worden. Wethouder MOORMAN kan zich vinden in de vraag van mevrouw De Fockert over het monitoren van ontwikkelingen bij organisaties voor volwasseneneducatie die conform een besluit van twee jaar geleden overgeheveld worden naar de sociale basis en dus naar de stadsdelen. Het lijkt ook haar inderdaad verstandig die ontwikkelingen goed in de gaten te blijven houden. Dat betekent dus een positief advies over de motie. De vraag over de voedselparagraaf is er volgens haar een voor wethouder Ivens, de vraag over de vrijwilligers bij wethouder Kukenheim. Ze vraagt de heer Khan zijn vragen op de geëigende plaats te stellen. Desgevraagd zegt zij alleen dezelfde antwoorden te kunnen geven als die twee omdat het college immers met een mond spreekt. Zij bestrijdt dat er bij armoedevoorzieningen sprake is van bezuinigingen.
Er gaat weliswaar 0,5 miljoen euro af vanwege het vervallen van nieuwe voorstellen, maar er komt in deze begroting ook 6 miljoen bij omdat het college in deze moeilijke tijden een groter beroep op de bestaande voorzieningen voorziet. Desgevraagd zegt ze dat er enerzijds structureel een korting is doorgevoerd op eerder voorgenomen plannen, maar dat die wordt gecompenseerd door die incidentele verhoging. Zij hoopt wel dat bij de komende verkiezingen partijen zullen aangeven meer te willen investeren in armoedebestrijding en programma’s om mensen uit de armoede te helpen. De VOORZITTER concludeert dat de begroting in deze commissie nu voldoende besproken is.
Onderwijs 11. Pilot omgaan met tekort Nr. BD2020-004412 Mevrouw HEINHUIS verwelkomt deze maatregel uit het noodplan. Die komt nu voort uit de uitzonderlijke omstandigheden, maar zij kan zich voorstellen dat die een impuls biedt om ook na die noodsituatie mensen van buiten het onderwijs in te schakelen op scholen. Zij vraagt dat element mee te nemen in de evaluatie. Verder is \zij benieuwd of de onlangs gerapporteerde afname van het lerarentekort invloed heeft op deze pilot. Mevrouw ROODERKERK vindt het een goed idee om extra middelen beschikbaar stellen aan het BBO voor het hanteren van kwaliteitscriteria en het inhuren van externe professionals voor het matching platform. Dat platform kan een uitkomst bieden om het aanbod dat de culturele sector toch al wil bieden aan het onderwijs echt beschikbaar te maken voor scholen. Zij is benieuwd of de externe professionals die scholen nu al vaak inhuren voor de kansenaanpak nu ook expliciet worden opgenomen in dat platform. Wethouder MOORMAN zegt dat deze pilot ook inzichten zal opleveren hoe kinderen die van huis uit weinig kennismaken met de culturele sector, via de school geholpen kunnen worden hun talenten te ontdekken en te ontwikkelen. Zij benadrukt echter dat het hier gaat om een noodplan en niet om een aanzet tot een revolutionaire verandering in het onderwijs om van vijf naar vier schooldagen te komen.
Nieuwe inzichten zijn mooi meegenomen, maar zij zou liever zien dat de vijf dagen behouden blijven en dat dit aanbod erbij zou komen. Bij haar werkbezoek aan Nellestein waar de woensdag nu een talentendag is, heeft zij echter ook gemerkt dat die ene dag de docenten de ruimte en rust geeft om de overige dagen goed voor te bereiden. Daaruit valt dus de les te trekken dat
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
leerkrachten ook ontwikkeltijd nodig hebben. Maar zie zou dan bij voorkeur gevonden moeten worden door meer leerkrachten beschikbaar te hebben. Want een onderwijsbevoegdheid blijft belangrijk en wordt niet voor niets gevraagd. Het gaat om een vak waar men goed in geschoold moet zijn. Door het teruglopen van het lerarentekort doen nu minder scholen een beroep op het noodplan en dat ziet zij als een positieve ontwikkeling, want dat betekent dat meer scholen hun zaken op orde hebben. Talentontwikkeling wordt dan een goede toevoeging in plaats van een noodmaatregel. .Het matching platform is precies bedoeld om externe professionals die kinderen kunnen leren hun talenten te ontdekken, te koppelen aan scholen die daarmee wegvallende lessen zo goed mogelijk kunnen invullen. De VOORZITTER concludeert dat het punt nu voldoende besproken is en voor een korte behandeling kan worden doorgeleid naar de raad. 12. Onderwijshuisvestingsprogramma 2021 PO, VO en (V)SO Nr. BD2020-004406 Mevrouw SCHIPPER vraagt of leerlingen van alle schoolniveaus gebruik kunnen gaan maken van de faciliteiten op de techniekschool zodat verschillende niveaus elkaar daar ook kunnen ontmoeten. De scholen vallen immers onder besturen die ook brede schoolgemeenschappen onder hun hoede hebben.
Verder is zij benieuwd of de flexibele capaciteit ook ingezet kan worden om extra klassen te creëren als bij de komende matching blijkt dat er meer vraag is naar bepaalde scholen. Dan zouden immers meer kinderen op hun voorkeursschool geplaatst kunnen worden. Mevrouw TIMMAN bedankt de wethouder voor de uitwerking van de motie De Jager en Hammelburg (TKN 8). D66 is verheugd met de voorgenomen investeringen van 134 miljoen euro in duurzame schoolgebouwen. In het plan ziet zij veel mooie dingen verstopt, die zij niet onopgemerkt wil laten passen. Zoals de komst van de Techschool waar het CDA het ook al over had. Ook is zij verheugd dat de Narcis Queridoschool gaat beginnen met een proef met inclusief onderwijs waarin ook een volwaardige plaats is voor kinderen die anders naar het speciaal onderwijs verwezen zouden worden. Dat is een initiatief waar D66 al jaren voor pleit. Dat is een punt waar veel scholen de tanden op stukbijten. Zij is benieuwd of er signalen zijn dat als de proef slaagt, er meer scholen dit voorbeeld willen gaan volgen. Zij vraagt of er al iets meer bekend is over een nieuwe school in het Amstel-IIIkwartier in Zuidoost. Zij is benieuwd of de gezien de wachtlijsten broodnodige investeringen in het basisonderwijs in Noord ook daadwerkelijk gaan leiden tot het verdwijnen van die lijsten.
Verder vraagt zij waarom de Zaangroep geen recht heeft op de extra gymcapaciteit die ze aangevraagd had. Wethouder MOORMAN bedankt de commissie voor de zorgvuldige lezing van dit document waarin veel moois en nieuws verwerkt is, al zal dat soms niet meteen zichtbaar zijn. De techschool is een vmbo-school, maar ook leerlingen van het mbo, zowel in de techniek als in de zorg – kunnen er vakken volgen. Daarnaast bestaan er de technasia voor andere opleidingsniveaus. Zij is verklaard voorstander van breed onderwijs en zou het dus toejuichen als er meer ontmoetingen over en weer zouden ontstaan. Zij vindt het een goede ontwikkeling dat schoolbesturen er een gezamenlijk belang in zien meer leerlingen te interesseren voor een opleiding in de techniek en denkt dat deze gedeelde techschool daar een belangrijke bijdrage aan kan leveren, zeker ook gezien de samenwerking met het bedrijfsleven. In het programma is de nodige flexibiliteit ingebouwd om te kunnen inspelen op ontwikkelingen van groei en krimp bij scholen. Het is echter een complexe zaak om die toekomst goed in te schatten. Evenmin kan het de bedoeling zijn gebouwen neer te zetten om nieuwe leegstand te scheppen. Het is dus de kunst daar de juiste balans in te vinden.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
In dat opzicht vindt zij het belangrijk juist IKC-gebouwen te realiseren waar men binnen het gebouw flexibel het gebruik kan aanpassen aan ontwikkelingen. Zij is zelf ook enthousiast over het initiatief van De Roos en Narcis-Querido. Het gaat om een complexe materie waar al eerder scholen over zijn gestruikeld, bijvoorbeeld de Wereldboom. Er liggen nu goede plannen waar zij veel vertrouwen in heeft. Zij hoopt dat het bij succes navolging zal vinden, maar het blijft allemaal spannend. Bij de Zaangroep is de school, zoals gebruikelijk is, gewezen op beschikbare gymfaciliteiten in de directe omgeving. Dit past in het beleid om leegstand tegen te gaan. Bij de school in het Amstel-III-kwartier speelden de eisen die aan grond voor scholen gesteld zijn, een complicerende rol. Men is daar echter goed uitgekomen. Zij biedt aan daar desgevraagd buiten de vergadering nadere informatie over te verstrekken aan mevrouw Timman. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is en voor een korte behandeling kan worden doorgeleid naar de raadsvergadering van 16 december. 13. Voortgangsbrief 'Amsterdammerschap in het onderwijs' Nr. BD2020-004225 Mevrouw SCHIIPPER is blij met dit programma en het overzicht van de activiteiten in dit kader stemt haar tevreden. Met het oog op het belang van de leerkrachten en leerlingen heeft zij wel enkele vragen.
Ten eerste is zij benieuwd welk aandeel de gemeente heeft in dit programma, omdat de gemeente immers – gelukkig in haar ogen – niet over het curriculum van scholen gaat. Ten tweede is zij benieuwd hoe de wethouder dit programma denkt te gaan evalueren, naast de wettelijke taak die de inspectie heeft om effecten van lesprogramma’s te beoordelen. Ten derde is zij benieuwd welke obstakels scholen en leerkrachten ondervinden om dit programma goed uit te voeren en welke steun de gemeente hierbij kan bieden. Mevrouw ROODERKERK is het met haar eens dat de gemeente zich gelukkig niet mag bemoeien met het curriculum, maar vraagt wat zij dan wil met de betrokkenheid van de gemeente: wil ze die dan vergroten of verkleinen. Mevrouw SCHIIPPER zegt dat pas te kunnen beoordelen als ze een antwoord heeft op haar vragen. Wat haar betreft is de rol van de gemeente vooral faciliterend. Mevrouw MARTTIN bedankt de weethouder voor haar inzet om burgerschap en Amsterdammerschap bij leerlingen te stimuleren. Spreekster vindt dat het dan vooral moet gaan om veiligheid, omgaan met diversiteit, tolerantie en inclusiviteit. Elkaar ontmoeten is dan in haar ogen het startpunt, zoals de brief van de wethouder ook stelt. Zij verwijst naar een motie van haar en de heer Boomsma over ontmoetingen via sport en spel.
Zij is blij dat daar nu aandacht voor is, net als voor de historie van Amsterdam en het gezamenlijk herdenken van het oorlogsverleden waar zij ooit een initiatiefvoorstel voor heeft ingediend met mevrouw De Graaf. Zij vindt het heuglijk dat 25 nieuwe scholen zich gemeld hebben voor de adoptie van een oorlogsmonument. Dat ziet zij als kleine successen. Haar grootste zorg blijft de veiligheid op school die naar haar mening een basisvoorwaarde is voor dit alles. Daarover gaat het de volgende vergadering weer en er is een technische sessie over geweest. Op dat gebied valt nog veel te doen en zij is benieuwd naar de prioriteiten die de wethouder daarin stelt. Mevrouw HENHUIS stalt dat iedereen hier het belang van Amsterdammerschap, in haar ogen een van de leukste dingen die er zijn, onderschrijft. Zij hoopt dat alle leden het eerste deel van de serie Klassen hebben gezien die een goed beeld geeft van de uitdagingen waar het onderwijs in Amsterdam voor staat als het gaat om de vorming van toekomstige Amsterdammers. Daar spelen kwesties van segregatie en kansenongelijkheid. Die blijvende aandacht vragen. Als men wil bevorderen dat alle kinderen elkaar op school kunnen ontmoeten, acht zij het van groot belang dat er een maximum gesteld wordt aan de ouderbijdragen die scholen van ouders vragen. In de Scholengids die in november
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
verschenen is, valt het haar daarom extra op hoe verschillend scholen omgaan met de invulling onder het kopje ‘kosten’. Veel scholen melden niet eens dat de ouderbijdrage vrijwillig is. Dat kan de indruk wekken voor aspirant-ouders dat zij die vaak hoge bijdrage moeten betalen en daarmee een drempel opwerpen voor de betreffende school. Andere scholen melden juist wel dat het om een vrijwillige bijdrage gaat. Zij vraagt of de wethouder bereid is dit punt aan de orde te stellen bij het OSVO, de uitgever van die jaarlijkse gids, zodat het alsnog aangepast kan worden en volstrekt duidelijk is dat het bij alle scholen gaat om een vrijwillige bijdrage. De heer YILMAZ merkt op dat in de Nederlandse en Amsterdamse canon en in het programma ‘Aankomst in mijn buurt’ de komst van de gastarbeiders ten ene male ontbreekt, terwijl die volgens hem toch van wezenlijk belang is voor de recente geschiedenis. Hij vraagt de wethouder te pleiten voor opname van dat aspect in de canon en in dat programma. De heer VELDHUYZEN meldt dat BIJ1 positief is over de initiatieven en activiteiten. Hij merkt op dat er helaas maar zes scholen meedoen aan het programma ‘Gesprek op School’ en dat ook de deelname van twintig docenten aan het lesprogramma Inclusief Onderwijs tegenvalt. BIJ1 zou graag een bredere uitrol binnen het Amsterdamse onderwijs zien.
Daarom wil hij graag meer inzicht in het selectieproces voor dit soort programma’s. Hij is bang dat scholen waar veel sprake is van onderadvisering of juist van weinig diversiteit, zich niet geroepen voelen aan deze programma’s mee te doen. Hij is benieuwd naar de ideeën van het college om deze projecten breder uit te rollen. Mevrouw ROODERKERK complimenteert met deze uitwerking van haar initiatief in een breed aanbod voor Amsterdamse scholen. Er is de laatste tijd veel discussie geweest, onder meer na de moord op de docent in Frankrijk, over diversiteit in het onderwijs en het bespreken van maatschappelijke conflicten en verschillen. Daarom vindt zij het belangrijk scholen te voorzien van methodes om leerlingen te leren omgaan met dit soort thema’s en mensenrechten. Er ligt nu een divers aanbod met scholing in inclusief onderwijs, gesprekken in de klas en voorbeelden van lokale democratie. Waar het nu om gaat is scholen goed inzicht te geven in dat aanbod en daarvoor heeft zij een jaar geleden al een motie ingediend voor de vorming van een kennisplatform burgerschapsvorming. Dat zou docenten kunnen helpen die na de recente gebeurtenissen hebben aangegeven het lastig te vinden sommige onderwerpen te bespreken met hun leerlingen. Via dat platform zou uitwisseling van ervaringen en lesbrieven bevorderd kunnen worden.
Zij is benieuwd hoe het staat met de uitwerking van haar motie. De heer BLOM zegt dat voor hem de geschiedenis van Amsterdam hoort te gaan over de geschiedenis van alle groepen en dat het dus een noodzakelijkheid is dat in het onderwijs goed te verwerken. Dat vraagt competenties van leerkrachten die daarbij wat GroenLinks betreft ondersteuning moeten kunnen krijgen. Hij hoort uit het veld dat leerkrachten het aanbod van de gemeente op prijs stellen. De polarisatie in de samenleving en de angst die daarvan het gevolg is, tonen volgens hem aan dat actie geboden is, te beginnen in het onderwijs met aandacht voor Amsterdammerschap. Hij vraagt in dit verband hoe het staat met de werving van biculturele leerkrachten. Hij vraagt wanneer daar een evaluatie van te verwachten valt. Hij mist in het overzicht de streefcijfers om die te kunnen afmeten tegen de werkelijke cijfers. Hij wil daarmee een beter beeld krijgen van de mate waarin doelstellingen gehaald worden. Wethouder MOORMAN is blij dat Amsterdam met dit programma vooruitloopt op de komende eisen van het Rijk rond burgerschapsvorming. Daar wilde Amsterdam niet op wachten omdat men zelf het belang van Amsterdammerschap maar al te goed voelt. Maar het is waar dat de gemeente geen invloed heeft op het curriculum van scholen.
Zij begrijpt de wens van raadsleden om daar meer in te kunnen sturen, maar men dient zich te realiseren dat wat hier ligt al uniek is en veel extra’s toevoegt buiten de wettelijke taken van de gemeente. Zij vindt het belangrijk dat de raad zich van deze context bewust is, ook al heeft zij volledig begrip voor de aandrang om nog meer positiefs aan dit programma toe te
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
voegen. Formeel heeft de gemeente geen enkele invloed op of machtsmiddelen rond lesprogramma’s van scholen. De gemeente kan via subsidies scholen wel verleiden om deel te nemen aan projecten en programma’s. Scholen maken gelukkig ook veel gebruik van dat aanbod. Dat wijst tevens op een grote behoefte binnen het onderwijs om deze thema’s aan te kaarten in de klas. Bij elke aanvraag moet een school aangeven hoe ze het subsidiebedrag willen inzetten en dat wordt ook zo goed mogelijk gemonitord, in sommige gevallen ook zoor wetenschappelijke onderzoekers. Desgewenst kan ze de commissie daar apart over informeren. In de vier pijlers staat aangegeven wat onder het abstract begrip Amsterdammerschap wordt verstaan. De prioriteiten waar mevrouw Marttin naar vraagt zitten eigenlijk binnen deze vier pijlers besloten. Een aspect daarvan is of men als Amsterdammer overal terecht kan en dat heeft bijvoorbeeld ook weer veel te maken met de ouderbijdrage die scholen vragen. Dat geeft dus aan dat het hier om een heel breed terrein gaat. Goed onderwijs moet volgens haar en alle fracties gratis en toegankelijk zijn voor iedereen en daarom ergert zij zich er ook aan dat niet alle scholen in de gids vermelden dat de ouderbijdrage vrijwillig is, zoals het ook in de wet staat.
Die ouderbijdrage wordt weliswaar vaak als een drempel ervaren, maar door niet te vermelden dat die vrijwillig is, wordt die drempel alleen maar hoger. Met het BBO is zij al vrij ver gevorderd op dat gebied, maar ook bij het OSVO stuurt zij aan op die vermelding en bovendien op verlaging van het gevraagde bedrag. Zij zal de commissie op de hoogte houden van de ontwikkelingen op dat gebied. Zij zal de observaties van mevrouw Heinhuis over het verschil van vermeldingen in de Scholengids nog deze middag in haar overleg met het OSVO doorgeven. De vraag van de heer Yilmaz verwijst zij door naar Den Haag omdat daar beslist wordt over de canon. Zij zou net als BIJ1 graag meer scholen en leerkrachten zien deelnemen aan de programma’s. De cursus Inclusief Onderwijs wordt met een dubbel budget voortgezet. Bij onderadvisering acht zij het van het grootste belang om het gesprek met het onderwijsveld te blijven voeren over het voorkomen en de – vaak onbewuste – motieven achter het afgeven van een lager advies dan gepast zou zijn. Mede door de aandacht van de raad neemt de belangstelling voor dit onderwerp toe. Bij een recent onderzoek naar onder- en overadvisering bleken die beide meer voor te komen dan verwacht en werd ook de schade aangetoond.
Door de voortdurende agendering raakt het onderwijsveld doordrongen van het belang, wat onder meer tot uitdrukking komt door het eigen onderzoek van het schoolbestuur AMOS. Er zijn dus volop ontwikkelingen en de gemeente vindt het belangrijk die naar vermogen te faciliteren. De uitwisseling van kennis en ervaringen is inderdaad erg belangrijk en vindt ook veelvuldig plaats via diverse programma’s zoals Gesprek op School, het Stadslab, de leergemeenschap rondom de transformatieve school, en meer. Op die manier wordt uitwisseling van opgehaalde kennis bevorderd. Zij zou willen dat iedere school deelneemt en dat lijkt haar een belangrijker doel dan het benoemen van vrij willekeurige streefcijfers. Mevrouw ROODERKERK zegt geen antwoord gekregen te hebben o[p haar vraag over de uitwerking van een motie die de gemeente vroeg een kennisplatform burgerschap op te richten waar docenten hun ervaringen kunnen doorgeven en waar voor scholen een compleet overzicht komt van het aanbod aan methoden en projecten voor burgerschapsvorming. Ten tweede vraagt zij of de wethouder bereid is scholen (financieel) te stimuleren om de evaluatietool burgerschap voor het PO en VO die de UVA heeft ontwikkeld, te gebruiken om het effect van burgerschapsvorming bij hun leerlingen te meten.
Dat kan de raad helpen zicht te krijgen de effecten van dit beleid en bij het formuleren van betekenisvolle streefcijfers. Wethouder MOORMAN zegt te hebben willen aangeven op hoeveel verschillen de manieren invulling wordt gegeven aan de motie. Er zijn veel plekken waar docenten bij elkaar komen om kennis en ervaringen uit te wisselen, in deze tijden veelal digitaal Er is ook de dialooggroep die is voortgekomen uit een motie uit de vorige periode. De motie van mevrouw Rooderkerk heeft volgens haar nogmaals het belang van kennisdeling benadrukt. Dat blijft zij stimuleren en faciliteren. Het platform Amsterdamse Klas vindt zij daar ook een
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
goed uitvloeisel van. Zij houdt de raad graag op de hoogte van wat er op dit gebied allemaal gebeurt. De heer YILMAZ zegt dat hij met zijn partijgenoten in de weer is over de nationale canon. Maar hij is benieuwd wat de wethouder vindt van de Amsterdamse canon en het ontbreken van gastarbeiders daarin en of zij invloed wil uitoefenen op ‘Aankomst in mijn Buurt’ waar de gemeente wel partner in is. Wethouder MOORMAN zegt dat deze brief niet gaat over de canon, maar over de bevordering van burgerschapsonderwijs. Zij erkent het belang van de komst van gastarbeiders naar Amsterdam, zoals er nog wel meer onderwerpen te bedenken zijn die daarvoor van belang zijn, maar de vraag is volgens haar nu niet op zijn plek. De heer YILMAZ bestrijdt dit en zegt dat de komst van gastarbeiders en hun nazaten een belangrijk onderdeel vormen van de geschiedenis en dus van de canon van Amsterdam. Onderwijs in deze stad moet volgens hem ook aandacht schenken aan de demografische ontwikkelingen en biculturele groepen. Dat hoort volgens hem bij vorming van Amsterdammerschap. Hij is benieuwd of de wethouder bereid is de opname in de nationale canon te bepleiten bij de minister. Wethouder MOORMAN zegt dat belang niet te willen ontkennen en dat dit element ook zeker aan de orde komt bij inclusiviteit. Maar de vraag over opname in de Nederlandse canon is volgens haar nu aan het verkeerde adres gericht.
Zij ziet geen inhoudelijke tegenstelling met de heer Yilmaz over het belang van dit onderwerp. Zij kent het evaluatie-instrument van de UVA niet, maar benadrukt dat alles wat Amsterdam nu doet, vooruitloopt op de nieuwe wet. Het meetinstrument lijkt haar eerder iets voor het ministerie om te kunnen vaststellen of de wet goed wordt uitgevoerd. Uiteindelijk is de Onderwijsinspectie het bevoegd orgaan om te beoordelen of wordt voldaan aan de wettelijke eisen. Elke interventie van de gemeente en elke subsidie wordt gemonitord en de aanvragers moeten aangeven wat ze beogen. Zij wil er echter voor waken als gemeente de rol over te nemen van een instantie wier taak het is. De heer BLOM begrijpt de ambities van de wethouder, maar voor GroenLinks is het bijvoorbeeld ook belangrijk zaken als racisme binnen het onderwijs te meten en bespreekbaar te maken. Hij vindt twintig deelnemers aan die cursus niet veel en acht streefcijfers nodig om dat bij een volgende bespreking gedegen te beoordelen. Daarom vraagt hij of de wethouder kans ziet om een volgende keer streefcijfers op te nemen. Wethouder MOORMAN zegt daarover te moeten nadenken. Haar streven is 100% deelname, maar zij weet ook dat de middelen daarvoor niet toereikend zijn. Zij merkt op dat twintig wel een enorme toename is ten opzichte van nul wat het voorheen was.
Ze kan streefcijfers geven, inzicht in de middelen en mogelijkheden en vervolgens kan men daarover uitgebreid met elkaar in discussie gaan. Maar zij weet niet wat men daarmee zou bereiken. Zij is wel bereid aan te geven hoeveel middelen er beschikbaar zijn en hoeveel cursussen daarmee gegeven kunnen worden. Zij vermoedt dat GroenLinks dan om m eer middelen zal vragen en haar vraag zal dan zijn waar men die vandaan denkt te halen. De VOORZITTER constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn en dat het onderwerp nu dus voldoende besproken is. Op verzoek van de heer Yilmaz wordt het gepiept naar de raadsvergadering van 20 januari 2021. 14. Voortgangsbrief Tegengaan Kansenongelijkheid Nr. BD2020-004467 De commissies ZJS en KDD zijn hierbij uitgenodigd. De heer VELDHUYZEN waardeert de inzet van de gemeente en de G4 op dit gebied en vindt dat men niet altijd hoeft te wachten totdat Den Haag zaken geregeld heeft. Hij constateert dat zaken niet per leerling bijgehouden worden zodat het kan lijken of er
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
vooruitgang is terwijl een individuele leerling daar niet van merkt. Hij vraagt daarom hoe scholen weten om welke doelgroepleerlingen het gaat en hoe de selectie op een school dan verloopt om voor een leerling een interventie in te zetten. Dat is wellicht lastig vanwege privacybescherming, maar volgens hem is het beleid tegen kansenongelijkheid juist gebaat bij gerichte interventies. Hij waardeert de inzet van de schoolbesturen van Esprit en Nieuw-West om vroegtijdige selectie te voorkomen via Spring High. Hij vraagt of er een rol weggelegd is voor de gemeente om dit ten voorbeeld te stellen aan andere schoolbesturen. Hij geeft nu al aan dat hij deze brief wil piepen naar de raad. Mevrouw MARTTIN vindt het schrijnend dat het nog steeds verschil uitmaakt op welke plek je geboren wordt als het gaat om kansen die bepalend zijn voor de hele levensloop van kinderen. Daarom is zij voorstander van het bestrijden van kansenongelijkheid in het onderwijs. Uit de mooie brief van de wethouder blijkt dat er veel geïnvesteerd wordt, maar dat er nog niet voldoende wordt bereikt, waarbij corona ook nog eens een extra complicerende factor is. Zij is het eens met het beleid van ongelijk investeren en een integrale buurtaanpak. Zij hoort in haar woonomgeving in Zuidoost veel positieve signalen over het masterplan en hoopt dat andere stadsdelen zullen profiteren van de ervaringen.
Zij zou de effecten van alle inspanningen graag meetbaar willen maken. Zij begrijpt dat dit lastig is, maar vraagt in hoeverre de wethouder dit al doet om de raad de resultaten te kunnen laten beoordelen. Zij wil graag een overzicht van alle interventies die zichzelf bewezen hebben zodat die meer gedeeld kunnen worden. Zij verder benieuwd hoe bevorderd wordt dat de stadsdelen meer leren van elkaars ervaringen. Zij vermoedt dat daar nog winst te behalen is. De heer BLOM is blij met de ontwikkeling van het bewustzijn over ongelijkheid en de oorzaken daarvan in het systeem. Hij vindt het voor veranderingen op systeemniveau echt nodig dat het dominante witte karakter van de gemeente verandert om de Amsterdamse problemen met meer sensitiviteit aan te pakken. Hij vindt verder dat moet worden afgestapt van de natuurlijke reflex om samenwerking te zoeken met formele organisaties en dat men juist meer het oor te luisteren gelegd moet worden bij informele organisaties, zelforganisaties en platforms met hun betere contacten met burgers die voor de gemeente onbereikbaar zijn. Dat moet volgens hem ook formeel gestalte krijgen, financieel en in beleid als het masterplan. Hij spreekt verder de hoop uit dat High Dosage Tutoring naar heel Amsterdam uitgebreid wordt omdat deze methode volgens hem heel goede resultaten laat zien.
De heer KHAN vraagt of de gemeente, net als de staatsecretaris enkele weken geleden, bereid is streefcijfers te bepalen voor het percentage kinderen in armoede. De staatsecretaris kwam uit op 4,6%. Spreker is benieuwd hoe dit college daar vorm aan wil gaan geven. Hij constateert verder dat in Zuidoost het percentage huishoudens op of onder het minimum het hoogst is van heel Amsterdam. Het aantal stadspashouders loopt daar echter niet mee in de pas. Hij is benieuwd of en hoe de wethouder wil gaan bevorderen dat het wel meer in de pas gaat lopen. Tot slot merkt hij op dat de gemeente met haar streven naar inclusiviteit zich zou dienen te onthouden van het gebruik van de termen westers en niet-westers als het gaat om migranten. Volgens de WRR zouden die termen immers een uitsluitende en onderdrukkende werking hebben. Hij vraagt de wethouder te kijken naar de meer inclusieve opties die de WRR in plaats daarvan voorstelt en daarna termen wil gaan gebruiken die meer passen bij de bestrijding van uitsluiting. Wethouder MOORMAN merkt op dat de heer Veldhuyzen gelijk heeft dat gemiddelden een verkeerd beeld kunnen geven, maar verwijst hem naar de Staat van het Onderwijs die juist uitgaat van individuele gegevens.
Die laat bijvoorbeeld zien dat de prestaties van alle leerlingen achteruit zijn gegaan door de coronasluiting van scholen, maar dat leerlingen uit kwetsbare milieus daar veel meer last van hebben. Dat bevestigt de noodzaak van ongelijk investeren voor gelijke kansen. Het bevestigt het feit dat er verschillen zijn en dat daar dus iets aan gedaan moet worden.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
Naast Spring High zijn er meer initiatieven tegen vroegtijdige selectie. Voorbeelden zijn de brede brugklassen waarvoor zij gemeente ter stimulering de bonus in het leven geroepen heeft. Dankzij die middelen kunnen scholen dan hun onderwijs zo aanpassen dat het voor alle niveaus interessant blijft. Er is bijvoorbeeld ook Spinoza20first waarin de eerste drie klassen gecombineerd blijven. Er zijn steeds meer scholen die het nadeel van vroegselectie zien in het licht van kansengelijkheid. De brief laat volgens haar de ambitie van het college zien en war er allemaal op de rails gezet is. Amsterdam is daarin veelal pionier met bijvoorbeeld de bredebrugklasbonus, de kansenaanpak en high dosage tutoring. De resultaten worden goed in de gaten gehouden en ervaringen worden gedeeld. Daarvoor is ook het kenniscentrum opgericht. Het laat zien hoe goed er wordt samengewerkt en hoe voorkomen wordt dat zaken beperkt blijven tot één koker of pijler. Er staan de nemen van vier wethouders onder deze brief en dat alleen al laat zien dat het streven breed gedragen wordt. Het probleem vraagt ook om een integrale en intersectionele aanpak. Zij vindt elke streefwaarde voor het percentage kinderen in armoede dat boven de nul ligt, volstrekt cynisch.
Zij kan niet ontkennen dat er kinderen in armoede verkeren, maar ziet dat juist als een extra stimulans om alles op alles te zetten om deze kinderen een perspectief te bieden door onder meer het kinderpakket en investeringen in goed onderwijs. Ook de Stadspas past in dat beleid en hoewel het aantal deelnemers in Zuidoost gestegen is, blijft zij ernaar streven dat iedereen die daar recht op heeft, er ook een heeft en gebruik van maakt. Het bereik is hoog, maar het kan altijd beter. Het flying squad is er om mensen in hun eigen taal daarover voor te lichten op plekken waar zij veel komen. Zij begrijpt de opmerkingen over de termen westers en niet-westers, maar wijst aan de andere kant op de noodzaak om juist vanwege de noodzaak van ongelijk investeren zicht te hebben op de plekken waar dit het meest nodig is. Dat moet gebeuren zonder stigmatisering en opdelen in hokjes en dat leidt wel eens tot dilemma’s. Zij weet dat er op dit moment wordt gekeken naar die definities en alternatieven om het onderzoekstechnisch toch mogelijk te blijven maken om de juiste plekken te identificeren. Het onderscheid westers en niet-westers is ook eigenlijk te grof en doet geen recht aan wat men eigenlijk wil weten. Zodra er een betere methodiek is zal zij dat laten weten. Wethouder GROOT WASSINK merkt op dat systeem barrières vooral op het terrein van werk en inkomen wezenlijke factoren zijn.
Bij de doorgeslagen flexibilisering en de toegang tot sociale zekerheid doen zich systematische verschillen voor die aangepakt moeten worden. De aanpak door de gemeente en de G4 vergt een lange adem. Hij verwijst naar het rapport van de commissie Borstlap waarvan hij hoopt dat het ook nog eens terdege in deze commissie besproken wordt. Hij hoopt dat daar in de komende kabinetsformatie zaken over worden afgesproken. Het college is al druk bezig met het aanknopen van contacten met informele organisaties, maar dat is ingewikkeld omdat het niet aangaat die te formaliseren omdat ze dan juist hun functie zouden verliezen. Het is dus een zoektocht, maar er zijn zeker wel contacten. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp voor dit moment voldoende besproken is en op verzoek van de heer Veldhuyzen weer aan de orde komt in de raadsvergadering van 20 januari 2021. Armoede en Schuldhulpverlening 15. Armoedemonitor 2019 en de aanpak van armoede en schulden in de coronacrisis Nr. BD2020-004226 Dit punt is op voorstel van de aanvraagster mevrouw El Ksaihi van de agenda gehaald. 16.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
Brief schuldenrust (TA2019-00613) Nr. BD2020-004468 (dit punt is besproken na punt 13) Mevrouw VAN SOEST merkt dat de coalitie voor drie lijnen kiest: voorkomen van schulden, klein houden van schulden en oplossen van schulden. Zij kent echter veel gevallen die opgezadeld dreigen te worden met schulden en dus aangewezen zullen raken op schuldhulpverlening. Bijvoorbeeld iemand wiens beide benen zijn afgezet en die na terugkomst uit het ziekenhuis aanslagen voor gemeentebelastingen krijgt. In mei wordt zijn vakantiegeld gestort op zijn rekening en daarop verklaart een ambtenaar doodleuk dat hij dus voldoende saldo heeft om die aanslagen te betalen en zijn bezwaarschriften af te wijzen. Die man zal dus in de schulden raken. Zij vraagt de wethouder eens een uur voor haar vrij te maken zodat zij meer van zulke gevallen met haar kan doornemen. Zij heeft dit punt nu geagendeerd om alvast enkele alarmsignalen af te geven. Ook ondernemers zonder bedrijf buitenshuis raken in de problemen Zij hebben geen recht op tegemoetkoming of overbrugginsregeling om hun doorlopende bedrijfskosten op te vangen. Veel ondernemers die naast de TOZO ook recht hadden op een overbruggingskrediet, krijgen na drie maanden te horen dat ze daar alsnog geen recht op hadden en het binnen twee weken moten terugbetalen. Ook die gaan richting afgrond.
Zij vraagt zich af waarom deze mensen geen recht krijgen op vrijstelling van gemeenteheffingen. Vaak wordt gewezen op de overwaarde van hun koophuis, maar daar kan men geen eten van betalen. Zij vindt de voorwaarden voor vrijstelling niet fair. Bovendien worden dan ook nog eens veel gemeentelijke heffingen stevig verhoogd, bijvoorbeeld de heffing op woonboten. Ook dat zou zij graag allemaal in dat uurtje met de wethouder willen toelichten. Mevrouw DE FOCKERT bedankt de wethouder voor deze brief die ingaat op kwesties die een jaar geleden met de ombudsman besproken zijn. Het ging er toen vooral om dat de Rijksbelastingen niet in het convenant opgenomen waren. Dat is nu hersteld en dat alleen al verdient volgens haar applaus In haar contacten met schuldhulpverleners voor jongeren die allemaal het effect van schuldenstress en het grote belang van een schuldenpauze benadrukken. Zij vraagt hoe de voorliggende pilot zich verhoudt tot de pilot voor een schuldenvrije start voor jongeren. Is het zo dat jongeren die niet in aanmerking komen voor die pilot, wel in aanmerking komen voor deze? Van schuldhulpverleners hoort zij ook klachten dat jongeren al vanaf 16 jaar boetes van het CIJB ontvangen, maar pas op hun 18e in aanmerking komen voor hulp. Zij vraagt of er binnen deze pilot ruimte kan komen voor deze groep onder de 18 jaar.
Zij vraagt of het klopt dat slachtoffers van de toeslagenaffaire niet in aanmerking komen voor deze pilot en waarom dat dan is. Ook daarover bereiken haar signalen. Zij vindt de plannen in deze brief prachtig, maar mist indicatoren om te bepalen wanneer deze proef een succes genoemd mag worden. Zij mist bijvoorbeeld op hoeveel deelnemers gerekend wordt. Mevrouw EL KSAIHI deelt complimenten uit voor deze aanpak om mensen uit schulden te helpen. Zij deelt de vraag naar indicatoren en kaders voor deze proef en is benieuwd wanneer de raad er weer iets over te horen krijgt. De raad moet kunnen bepalen waar men aan toe is met deze proef. Mevrouw HENHUIS is blij met dit plan voor een pauzeknop om te voorkomen dat schuldensituaties volkomen uit de hand lopen door schulden die zich opstapelen door allerlei naheffingen die vaak meer bedragen dan de oorspronkelijke boete. Zij is benieuwd hoeveel mensen eraan gaan meedoen en wanneer de raad een eerste rapportage kan verwachten. De heer CEDER vindt preventie en vroegsignalering de beste remedies om schuldenproblemen te voorkomen. Hij is blij met de brief, met het onlangs afgesloten convenant met diverse instanties en met de pauzeknop. Hij ziet nog wel mogelijkheden om de aanpak nog beter te maken en heeft daar ook moties voor in gedachten.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
Hij is benieuwd wat er gebeurt als woningcorporaties geen gebruik maken van de verruimde mogelijkheid om al na een maand huurachterstanden te melden. Hij vraagt of niet gewoond de afspraak te maken met alle corporaties dat ze dat al na een maand zullen doen, zodat daar een uniforme lijn getrokken wordt. Uit zijn ervaring als advocaat weet hij dat de schuldhulpverlening in eerste instantie aanstuurt op stabilisatie van schulden. Maar hij vraagt zich af waarom er ook niet meteen gekeken wordt of schulden niet kunstmatig opgeklopt zijn door onrechtmatige boetes of .incassokosten. Hij weet uit zijn ervaring dat zulke schuldpakketten vaak integraal worden opgenomen in de schuldsanering. Dat gaat bovendien ten koste van rechtmatige schuldeisers die daardoor een kleiner deel van hun schuld zien worden afgelost. Het uitzoeken van de rechtmatigheid van schulden door een advocaat of sociaal raadsman zou meer prioriteit dienen te krijgen en niet mogen leiden tot stopzetting van het traject. Hij denkt dan vooral aan woekerrentes die niet stroken met de wettelijk toegestane rentes. Controle zou in veel gevallen leiden tot een lager schuldbedrag. Hij is benieuwd of de wethouder dit beeld herkent. Spreker is van plan een motie voor een simultaan traject in te dienen.
Hij signaleert dat er in het veld nog steeds veel discussie plaatsvindt over de AVG en de gegevens die instanties al dan niet met elkaar mogen delen over cliënten. Hij erkent dat dit een ingewikkelde materie is, maar signaleert ook veel koudwatervrees om aan elkaar door te geven dat iemand schulden heeft. Hij ziet daar een fraaie regierol voor de gemeente om partners een eenduidig inzicht te geven over de mogelijkheden van gegevensdeling. Ook daarover overweegt hij een motie in te dienen. Hij is benieuwd of de wethouder wil meedenken over manieren om processen AVG-bestendig te maken, zodat ook signalen kunnen binnekomen over mensen die nu buiten beeld blijven. Tot slot spreekt hij zijn zorgen uit over de 9% rente die mensen met een inkomen van 130% van het minimum verschuldigd worden aan de gemeentelijke kredietbank. Hij vreest dat dit kan uitmonden in oplopenede kredietschulden. Hij ziet in de brief nergens een melding over mogelijkheden van vrijstelling van rente of zelfs kwijtschelding van schulden bij die bank. Ook daarover overweegt hij een motie in te dienen. Hij is benieuwd hoe de wethouder dat risico op rentestapeling ziet. Wethouder MOORMAN erkent met mevrouw Van Soest het belang van preventie, maar wijst erop dat de gemeente gehouden is aan wettelijke regelgeving.
Zij is er zelf voorstander van kwijtschelding mogelijk te maken voor mensen met een inkomen boven de 100% van het minimum en ook voor het buiten beschouwing laten van een klein vermogen. Vooral voor ouderen is dat vaak de enige buffer om defecte huishoudelijke apparaten te vervangen. Zij zou het op prijs stellen als de fracties in de raad haar lobby op dit punt naar Den Haag zou willen steunen. Daar worden immers de regels gemaakt waar zij zich hier in Amsterdam aan te houden heeft. Er is in de Kamer onlangs met een nipte meerderheid van één stem een motie verworpen om die vermogenstoets aan te passen. Die toets staat tot haar frustratie haaks op het streven naar zelfredzaamheid. De pauzeknop gaat vooraf aan het programma Jongeren Schuldenvrij. Op het moment dat jongeren zich melden, gaat de pauzeknop in en als ze eenmaal in een saneringsprogramma zitten wordt bekeken welke oplossingen gevonden kunnen worden. Het CIJB heeft sinds kort een eigen noodstopprocedure die in gang treedt zodra men zich daar meldt. Daardoor worden extra boetes en verhogingen tijdelijk gestopt. Dat kan dus een uitkomst bieden. Het is zeker niet de bedoeling dat slachtoffers van de toeslagenaffaire geen gebruik zouden mogen maken van deze pauzeknopregeling.
De indicator waar verschillende fracties om vragen, ziet zij vooral in de rust die mensen met schulden gaan ervaren in de periode dat uitgezocht wordt hoe het precies ervoor staat met hun schulden in aanloop naar een saneringstraject. Het moet ook helpen mensen de schuldhulpverlening vooral te ervaren als steun in de rug en niet als controleapparaat. Dat laatste wil nog wel eens leiden tot een veel te late gang naar schuldhulp. De indicator kan afgemeten worden aan de reactie van de cliënten zelf, maar ook aan die van schuldeisers. Dat laatste is nog spannend want Amsterdam is de eerste gemeente die deze weg inslaat en het hele land kijkt mee hoe dat uitpakt in de pilot met vijftig deelnemers. De vraag blijft of alle schuldeisers bereid zijn zaken tijdelijk stop te zetten. Niets doen lijkt haar echter geen optie. Zij is bereid er ten volle haar schouders onder te zetten, ook in de wetenschap dat het de bedoeling is tot een landelijke uitrol te
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 2 december 2020
komen. Zij zal de raad informeren over de mate waarin deze aanpak de beoogde rust brengt. Zij is blij dat toekomstig kamerlid de heer Ceder met al zijn ervaring wil meedenken over deze aanpak. Zij verwacht dat hij ook in zijn toekomstige positie zal blijven meedenken. Met de corporaties is afgesproken dat zij bij huurders die normaal gesproken altijd op tijd hun huur betalen,. Altijd al na één maand zullen doorgeven als er sprake is van huurachterstand. Juist bij zulke trouwe betalers is het immers een alarmerend signaal als zij opeens hun huur niet overmaken. De NVVK is op dit moment bezig alle schuldeisers per schuldenaar in beeld te brengen, terwijl gelijktijdig de schuldhulp in gang is gezet. Daardoor moet voorkomen worden dat boetes en woekerrentes zich blijven opstapelen. De gemeente heeft hierover veelvuldig overleg met de NVVK. De AVG is inderdaad een lastig ding omdat strikt naar de letter van die wet eigenlijk nauwelijks meer gegevensuitwisseling mogelijk is. Het is de vraag of cliënten daarmee geholpen zijn. De gemeente maakt zich bijvoorbeeld boos over het feit dat de Belastingdienst met een beroep op de AVG weigert aan de gemeente door te geven wie het slachtoffer geworden is van de toeslagenaffaire. Tegelijkertijd geeft die dienst wel gegevens door aan de corporaties over inkomens van bewoners om daar de huur op aan te passen.
Men kan die wet kennelijk op veel manieren interpreteren en daar heeft zij ook gesprekken over met de staatssecretaris. Het is volgens haar aan het Rijk en niet aan de gemeente om uit te leggen wat er volgens die wet wel en niet mogelijk is. De AVG was bedoeld om mensen te beschermen, maar pakt nu soms in het tegendeel uit door mensen af te houden van schuldhulpverlening. Zij is niet bereid tot een eigen uitleg van de AVG, maar wel tot het zoveel mogelijk verlagen van drempels via Madi’s op scholen en financiële spreekuren. Dat zijn manieren om te zorgen dat mensen de hulp weten te vinden. Daarnaast hoopt zij dat alle partijen zich zullen inzetten om te zorgen dat er eenduidige informatie komt vanuit her Rijk over die AVG. De rente voor kleine sociale kredieten is bij de Sociale Kredietbank is op nul gezet, juist om grote problemen te voorkomen. Dat vindt zij al een enorme stap vooruit. Als raadsleden daar nog meer wensen over hebben, hoort zij dat wel. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp nu voldoende behandeld is. Sociale Zaken 17. Initiatiefvoorstel d.d. 29 juni 2020 van de leden Grooten (GroenLinks) en De Heer (PvdA) getiteld ‘Van buurtwerk naar betaald werk’ Nr. BD2020-004233 gevoegd behandeld met: 18. Bestuurlijke reactie op het initiatiefvoorstel 'Van buurtwerk naar betaald werk' van de raadsleden Grooten (GL) en De Heer (PvdA) Nr.
BD2020-004521 Inspreker Mevrouw KORTHALS ALTES spreekt namens stichting Wikistad. Zij is initiatiefnemer en coach van de buurtbanen in West. Zij herkent zich in het initiatiefvoorstel dat voortkomt uit de praktijk. Dankzij de bestuurlijke reactie kunnen er nu stappen gezet worden. De doelstelling van buurtbanen is het tegen betaling inzetten van actieve buurtbewoners om moeilijk bereikbare groepen toch te bereiken. De eerste stappen in 2017 Hadden veel voeten in aarde, maar het voorstel om hun ervaring met deze groepen nu tegen betaling in te zetten is een hele grote stap. Die betekent ook dat de buurten en de formele organisaties hebben meebewogen om deze ruimte te bieden. De buurtbaners zijn zelf ook weer coach geworden van nieuwe buurtbaners. Bij doorstroming naar formele organisaties blijven zij betrokken bij de beweging waar ze uit voortkomen en helpen die verder uitbouwen. Zij blijven mensen enthousiasmeren voor dit traject. Voor de buurt voelt het niet als het zoveelste opgelegde traject, maar als iets van de buurt zelf. Als het programma in andere stadsdelen wordt overgenomen is het wel zaak de ervaringen van