Conceptverslag RO 19-05-2021
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie.
RO
Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
CONCEPT Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Ruimtelijke Ordening Woensdag 19 mei 2021 van 13.30 uur tot 17.45 uur digitaal Woensdag 9 juni 2021
Voorzitter: mevrouw Van Pijpen Portefeuillehouder: wethouder mevrouw Van Doorninck, wethouder Everhardt Commissiegriffier: de heer Willems Verslaglegging: de heer Van der Kroon Aanwezige commissieleden: de heer N.T. Bakker (SP), mevrouw Bakker (PvdD), mevrouw Berckenkamp (D66), mevrouw Bloemberg-Issa (PvdD), de heer Boomsma (CDA), mevrouw Bosman (D66), mevrouw De Bruine (CU), de heer Ernsting (GL), mevrouw De Fockert (GL), mevrouw Jager (D66), mevrouw Kılıç (DENK), de heer Leenders (PvdA), de heer Mangal (DENK), mevrouw Nadif (GL). de heer Nijssen (VVD), mevrouw Van Renssen (GL), de heer Van Schijndel (LCF), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Vroege (D66), de heer Warmerdam (D66) Afwezige commissieleden: Overige aanwezigen: de heer De Vries, portefeuillehouder, de heer Capel, stadsdeel Zuid, de heer Dutilh, commissie-ondersteuner
1 Algemeen a Opening De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder welkom. b Mededelingen Wethouder EVERHARDT herinnert aan zijn toezegging betreffende het organiseren van een technische sessie over het Zuidasdok. Die sessie staat gepland op 22 juni (19.30 – 20.30 uur). De uitnodiging zal in de dagmail van 20 mei te vinden zijn. Mevrouw DE BRUINE wil een technische sessie aanvragen over De Meervaart zodat er uitgebreider ingegaan kan worden op de kwestie van de locaties inclusief de financiële aspecten daarvan. Dit om de raad in staat te stellen bij de besluitvorming hieromtrent beslagen ten ijs te kunnen komen. Wethouder VAN DOORNINCK vindt het een prima idee om voor 9 juni (commissievergadering) deze technische sessie te organiseren. Zij gaat haar best doen om die sessie mogelijk te maken en zegt toe dat zij zo snel mogelijk zal laten weten wanneer de sessie kan plaatsvinden. Verder geeft zij aan dat er geen nieuwe stukken zullen worden toegevoegd. De stukken die in tweede tranche zijn toegezegd voor mei naar aanleiding van het WOBverzoek van AT5, komen eraan. Dit zal echter geen onderdeel uitmaken van de
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
beraadslagingen, want dat WOB-verzoek was geen verzoek van de commissie. Natuurlijk zal er wel op die stukken kunnen worden teruggegrepen. De heer BOOMSMA wijst erop dat morgen in de commissie FET de situatie op het ADM-terrein op de agenda staat. Dat onderwerp heeft echter ook raakvlakken met RO. De RO-leden zijn weliswaar niet uitgenodigd voor die vergadering, maar hij roept hen op toch bij die vergadering aanwezig te zijn of er in ieder geval kennis van te nemen. c Vaststellen agenda Op voorstel van mevrouw De Bruine wordt de behandeling van agendapunt 14 uitgesteld naar de commissievergadering van 9 juni a.s. Dat betekent dat er dan rekening gehouden moet worden met een avonddeel. d Conceptverslag van de openbare en besloten vergadering van de raadscommissie RO d.d. 14 april 2021 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e Termijnagenda, per portefeuille Er zijn meldingen. f TKN-lijst Er zijn twee verzoeken binnengekomen en de behandeling daarvan zal in de commissievergadering van 30 juni plaatsvinden. Mevrouw Van Renssen verzoekt de inhoudelijke behandeling van tkn-11 (openbaarheid adviezen SIRK) te doen agenderen. Ook tkn-9 (Integraal Raamwerk Haven-Stad) wil zijn behandeld zien.
De heer Leenders heeft verzocht om de inhoudelijke behandeling van tkn-4 (grondopbrengsten Osdorper Ban) plus tkn-19 (Halfjaarlijkse rapportage Zuidasdok) en tkn-20 (raadsinformatiebrief uitbreiding WTC). De heer Leenders vult alsnog aan tkn-11, tkn-18 en tkn-19 behandeld te willen zien. Aldus wordt besloten. g Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stukken binnengekomen. 2 Inhoudelijk deel a Opening inhoudelijk gedeelte b
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
Inspreekmoment Publiek Er zijn drie insprekers De heer Van Wier op persoonlijke titel over het project ‘School de Wereldburger’ en het handelen van het Projectmanagementbureau van de gemeente Amsterdam; De heer Kouwenberg van de Sportraad Amsterdam over de Omgevingsvisie/ Ontwikkelgebieden; Mevrouw Heyning op persoonlijke titel over erfpacht. De eerste inspreker is de heer Van Wier. De heer VAN WIER geeft een chronologisch overzicht van de gemaakte blunders. Zo is de brief met de informatie voor bewoners pas vier dagen voor aanvang ontvangen. Het blijkt dat werkzaamheden gebrekkig gepland zijn. Een vier meter brede stoep wordt vergroot tot zes meter zonder een logische onderbouwing. Parkeerproblemen worden niet opgelost e.d.m. Verwezen wordt naar de geleverde informatie. Mevrouw DE BRUINE wil weten of de heer Van Wier ook ingesproken heeft bij het stadsdeel. De heer VAN WIER is van mening dat het gaat om gebrekkige uitvoeringen van plannen door het projectbureau van de gemeente. Daarom lijkt het hem weinig zinvol om daarover het stadsdeel te benaderen. De heer ERNSTING heeft de door de heer Van Wier toegestuurde informatie met belangstelling gelezen en bekeken. Hij denkt dat mevrouw De Bruine gelijk heeft, omdat het stadsdeel opdrachtgever is. Het projectmanagementbureau is een soort uitvoeringsorganisatie.
Dus volgens hem is het stadsdeel wel de aangewezen plek voor de heer Van Wier. De heer MANGAL wil weten hoe de gemeente gereageerd heeft en wat zij heeft gesuggereerd om te doen. De heer VAN WIER heeft van de gemeente helemaal niets vernomen en heeft ervaren dat er keer op keer de andere kant op gekeken wordt, terwijl er van alles mis gaat. De volgende inspreker is de heer Kouwenberg. De heer KOUWENBERG vraagt aandacht voor de ontwikkeling van de nieuwe gebieden waar reeds geconstateerd is dat er daar een groot tekort heerst aan sport- en spelmogelijkheden. Het betreft dus niet alleen de formele sportbeoefening, maar ook de bewegingsmogelijkheden voor heel jonge kinderen en ouderen. In de Omgevingsvisie 2050 is sprake van ‘duurzaam bewegen’, maar dat blijkt alleen vertaald te worden in ‘fietsen en wandelen’. Hij spreekt zijn grote zorg uit over deze beperkte uitleg van ‘bewegen en sport’. Ook voor die elementen moet voldoende aandacht blijven, ook bij deze commissie RO. Hij roept de commissie op de kleine en grote plannen/projecten te beoordelen op hun sport- en spelmogelijkheden. De laatste inspreker is mevrouw Heyning Mevrouw HEYNING wijst erop dat het college in het kader van WOB-procedures 18 stukken over erfpacht geheim verklaard heeft.
Dat betekent dat tienduizenden burgers verstoken blijft van informatie die hun belangen direct raakt, met name ten aanzien van hun huis- en opstalwaarde. Over de toepassing van een aantal sub-redenen kan zij kort zijn. Het gaat haar vooral om sub g, het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling. Het gaat ook een beetje over de externe adviseurs, maar in hoofdzaak betreft het de gemeente zelf. Sub g wordt gebruikt om de onbeholpen uitwerking van de overstap te vereindelijken(?). Het wordt gebruikt om het financiële gewin van de gemeente te laten prevaleren en daarvoor juridische immuniteit te verwerven. Dat allemaal ten koste van
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
haar eigen burgers! Het college zit niet te wachten op rechtszaken die hen onevenredig zouden benadelen door de veel te hoge grondwaarden en veel te lage herbouwkosten niet ter discussie te stellen. Veel stukken wijzen op deze laakbare gedachtegang. De wethouders zijn meerdere keren gewaarschuwd voor de juridische risico’s hieromtrent. Volgens haar beogen de geheimhouding en sub g maar één ding: de financiële belangen van burgers ter zijde te schuiven om als gemeente te kunnen scoren op de grondwaarde. Dat is laakbaar en feite machtsmisbruik jegens erfpachters. Zij roept de raadsleden, en met name die van de oppositie, op alsnog niet in te stemmen en niet mee te gaan met de geheimhouding. Alle geheim gehouden documenten moeten direct gepubliceerd worden. c Actualiteiten Er zijn twee actualiteiten aangemeld en besloten wordt beide actualiteiten nu te behandelen. De eerste actualiteit is van het lid De Jager (D66) inzake de dreiging van een nieuwe bouwcrisis voor een onwerkbare megawet. De tweede actualiteit is van het lid Bakker (SP) inzake de transformatie van de voorkalige brandweerkazerne en nieuwbouw in de Van Ostadestraat.
Actualiteit 1 Mevrouw DE JAGER verklaart dat het haar gaat om de Omgevingswet en baseert zich op een artikel in de pers waarin staat dat stukken van de gemeente aangeven dat de woningbouwopgave en de gebiedsontwikkeling in gevaar komen door de nieuwe Omgevingswet. Zij hoort graag van de wethouder of die veronderstelling klopt. Is dat ook haar verwachting? Er geldt een grote woningbouwopgave in Amsterdam. Daarom lijkt het haar goed om te bespreken hoe voorkomen kan worden dat de nieuwe Omgevingswet de bouw in Amsterdam gaat vertragen. Zij hoort ook graag van de wethouder wanneer de raad verder geïnformeerd wordt over de uitvoering van de Omgevingswet. Hoe ver is de gemeente zelf met de nodige voorbereidingen inclusief de digitale infrastructuur die daarbij nodig is. Mevrouw DE BRUINE sluit zich aan bij de woorden van mevrouw De Jager. Gezien de problemen die de gemeente heeft bij simpele vergunningsverleningen, vraagt zij zich af hoe de wethouder deze concrete situatie van digitale systemen gaat oplossen. Bovendien gaat het om nog meer zaken, die opgelost moeten worden, voordat de Omgevingswet op een soepele manier kan worden ingevoerd. De heer LEENDERS is verbaasd over deze actualiteit. De Omgevingswet is niet nieuw. De grote opgave daarbij is ook niet nieuw.
Het gaat om de uitvoerbaarheid van de wet, maar dat is toch de verantwoordelijkheid van de minister die verantwoordelijk is voor deze wet! Zijn vraag is dus waar de actualiteitswaarde ligt van deze actualiteit. Mevrouw DE JAGER wijst op de bouwurgentie waar het de actualiteitswaarde van deze actualiteit betreft. De invoeringsdatum van de wet komt steeds dichterbij. Als dan uit interne stukken blijkt dat er problemen verwacht worden, dan is voor haar de urgentie van dit punt duidelijk. Het is daarom belangrijk dat de gemeenteraad weet hoe het er nu voorstaat. Heeft de heer Leenders het gevoel wel een goed beeld te hebben wat de Omgevingswet voor Amsterdam gaat betekenen? De heer LEENDERS wijst op het uitstel van de invoering van de Omgevingswet. Natuurlijk heeft Amsterdam een grote bouwopgave, maar die hangt niet alleen af van de implementatie van de Omgevingswet en alles wat daarbij komt kijken. De Omgevingswet is zeker een complexe aangelegenheid, maar hij heeft nog geen antwoord gehoord op zijn
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
vraag. De heer BOOMSMA vindt het wel belangrijk te weten ‘hoe het nu zit’. ICT is ook voor Amsterdam vaak een hoofdpijndossier. Daarom hoort hij graag de wethouder nader over het proefdraaien met de systemen. De heer BAKKER is het eens met de heer Leenders. Hij vindt het ongelooflijk dat deze actualiteit wordt ingediend. Dit terwijl D66 zich in dit college en in het vorige heeft ingezet voor een zo hoog mogelijke stedenbouw. [het geluid valt regelmatig weg, waardoor de essentie van het betoogde niet altijd te achterhalen valt]. Dat gaat nu op grond van de toekomstige, en grote vertraging oplopende Omgevingswet teniet gedaan worden zonder dat er sprake is van enige spoedeisendheid. Hij begrijpt daar niets van. Mevrouw DE JAGER vindt dat er over het proces gesproken moet worden. Dat zou voor haar ook in de vorm van een agendapunt kunnen gebeuren. Zij vindt het in ieder geval belangrijk dat er over de uitvoering gesproken gaat worden. Het gaat om een grote operatie die gaat landen in Amsterdam en het is belangrijk dat dat niet leidt tot een vertraging in de bouw. Zij roept op het over de inhoud te hebben. De heer BAKKER wijst erop dat er in deze commissie reeds tot uit den treuren gesproken is over de wijze waarop de Omgevingswet moet landen in Amsterdam. Daar wordt heel serieus over gesproken.
Daarom vindt hij het een beetje raar om een actualiteit in te dienen, die in het voorstadium zit van de Omgevingswet, waar nog steeds niets concreets over gezegd kan worden. De heer LEENDERS wil van de heer Bakker weten of deze het er ook niet mee eens is, dat als het om de inhoud van dit onderwerp gaat er bijvoorbeeld ook stukken bij zouden moeten zitten. De heer BAKKER is het daarmee eens. Mevrouw VAN RENSSEN is blij dat D66 dit punt aan de orde stelt en roept op het vooral over de inhoud te gaan hebben. Zij sluit zich geheel aan bij de woorden van mevrouw De Jager. ICT is inderdaad een probleem óók bij de Omgevingswet. Zij denkt dat het terecht is om de wethouder daarop te bevragen. De heer LEENDERS vraagt zich af of mevrouw Van Renssen het dan niet met hem eens is dat als het een ICT-probleem is, deze kwestie eerder in de commissie KDW besproken zou moeten worden. Mevrouw VAN RENSSEN vindt dat een uitstekend idee van de heer Leenders. Zij hoort graag van de wethouder of zij het van belang vindt de mogelijkheden van participatie hierbij de verbreden. Zij ziet ook meer mogelijkheden om de fysieke leefomgeving in den brede te reguleren. Zij ziet daarin voor Amsterdam meer mogelijkheden.
Ziet de wethouder daarom ook niet uit naar een spoedige invoering van deze wet? Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat Amsterdam al heel erg lang bezig is te bekijken hoe de wet het best ingevoerd kan worden en te bekijken hoe het gemeentelijke systeem zo moet worden ingericht dat die invoering op een goede manier verloopt en dat daarbij de voordelen van de Omgevingswet maximaal benut worden. Dan gaat het ook om participatie en het oog hebben voor de leefomgeving. Het gaat nu om de vaststelling dat een voorspoedige invoering van de Omgevingswet wenselijk is, maar haastige spoed is zelden goed. Uitstel is nodig, omdat duidelijk is dat het systeem daarvoor nog niet klaar is. Dat geldt met name voor de ICTkant van de zaak. Daarom heeft zij aan de bel getrokken en is erop gewezen dat als de wet nu zou worden ingevoerd ook Amsterdam in de problemen zou komen, want het gehele Rijks-ICT-systeem is er nog niet klaar voor. Voor de grote steden geldt dat met
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
name, omdat daar sprake is van grote gebiedsontwikkelingen. Aan de ene kant wordt de invoering van de Omgevingswet gewenst, maar aan de andere kant is er het besef dat dat pas moet gebeuren als men er helemaal klaar voor is. In die zin wordt daar met de minister over gesproken. Daarbij wordt ook gezocht naar wat mogelijke oplossingen zouden kunnen zijn en dat niet alleen op het niveau van Amsterdam. Er wordt ook gekeken naar mogelijke, tijdelijke maatregelen tegen de achtergrond van de vraag of het toch niet beter is te wachten tot alles klaar is voor de invoering van de wet. De minister heeft daarbij aangegeven te willen kijken naar wat in die context mogelijk is aan alternatieven. Zij verwacht op 26 mei hierover nadere informatie te krijgen van de minister. Op 27 mei worden de Kamer en de gemeenteraden hierover geïnformeerd. De neergelegde problemen gaan dus niet zo zeer over de Omgevingswet op zich, maar over wat daar allemaal voor nodig is. Dat zit hem voor een groot deel in dat ICT-systeem. Er zijn in het verleden een aantal technische sessies over de Omgevingswet georganiseerd.
Wellicht is het een goed idee om, nadat de minister op 26 mei gesproken heeft over de nieuwe invoeringsdatum, wederom een technische sessie te organiseren waarop nader ingegaan wordt op de vraag hoe de stad er nu voorstaat en wat er voor nodig is om die invoering zo goed mogelijk te laten verlopen. Mevrouw DE JAGER dankt de wethouder voor haar beantwoording en stelt voor inderdaad te wachten tot de minister op 26 mei heeft gesproken om daarna een technische sessie te organiseren. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan graag te horen welke specifieke punten de commissieleden graag in die technische sessie aan de orde willen hebben. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee in voldoende mate is behandeld. Actualiteit 2 De heer Damen spreekt op persoonlijke titel in op de actualiteit van het lid Bakker (SP) inzake de transformatie van de voormalige brandweerkazerne en nieuwbouw in de Van Ostadestraat. De heer DAMEN heeft drie aandachtspunten: transparantie, ontwikkeling in de buurt en de kazerne als object zelf. Het gebrek aan transparantie gaat actieve participatie door de buurt tegen. De bewoners verwachten meer van de gemeente en kijken aan de zijlijn mee naar wat woningcorporatie en gemeente aan het doen zijn. Zij krijgen alleen informatie als daar expliciet om gevraagd wordt. De ontwikkeling in de buurt wordt gefrustreerd door het opkopen, optoppen, onderkelderen e.d.
waardoor de leefbaarheid in de buurt achteruit gaat. De variatie van bewoners verdwijnt langzaam maar zeker uit de buurt. Kinderen, maar ook ambachten en maakindustrie verdwijnen uit de buurt. Creativiteit en cultuur nemen af. Ook de sociale diversiteit verdwijnt. Ook de dienstverlening, zoals fysiotherapie, psychologen, artsen zoeken hun heil elders. Een kazerne als object heeft een directe en zichtbare impact in de buurt. Dat aspect moet gehandhaafd blijven. Dat komt ook door het historische karakter van het gebouw. Het beleid van Eigen Haard zou van directe invloed en betekenis moeten zijn op de hele buurt. Het object van de kazerne had een maatschappelijke bestemming en zou moeten worden omgezet in een woonfunctie. Het object is nu nog eigendom van de gemeente. Volgende insprekers zullen ingaan op de mogelijkheden die deze plek biedt. De heer BAKKER vraagt de heer Damen aan te geven wat er nu precies gebeurt in de buurt qua optoppen, onderkeldering en leegstand. De heer DAMEN ziet allereerst dat er veel wordt opgekocht, verbouwd en verkaveld. In meerdere straten vindt tegelijkertijd optopping plaats. Het blijken vaak
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
dezelfde partijen te zijn die zich hiermee bezighouden. Verder vindt bijna in alle straten onderkeldering plaats. Grote panden rondom de kazerne staan gewoon leeg. Mevrouw VAN RENSSEN deelt de mening dat de kazerne en de omgeving een bijzondere plek vormen. Zij hoort graag van de heer Damen wat deze wil dat de gemeente concreet doet. De heer DAMEN benadrukt dat de bewoners vooral willen dat het gebouw een voor de buurt passende maatschappelijke bestemming krijgt. Er moet een directe bijdrage geleverd worden aan de buurt en de omgeving. De volgende inspreker is mevrouw Van Buuren Mevrouw VAN BUUREN vertelt in het verleden overvallen te zijn door de verkoopplannen van de gemeente van de kazerne aan Eigen Haard. Het vastgoed is karakteristiek voor De Pijp met een maatschappelijke functie, inclusief een parkeergarage. In de kazerne zouden sociale huurwoningen komen en studio’s voor jongeren met een beperking. Die plannen noemt zij zeer problematisch en dubieus. De locatie is volgens haar ongeschikt voor dit plan. Erfgoed wordt ernstig aangetast en zijramen in belendende panden worden dichtgemetseld. Het pand is een gemeentelijk monument dat hierdoor wordt gemutileerd. Er worden voorts moeilijk accepteerbare bouwkundige maatregelen getroffen.
Daartegen hebben de bewoners danig geprotesteerd, hetgeen leidde tot leugens, oneigenlijke argumenten, misleiding en intimidatie van de zijde van Eigen Haard en De Key. Dat leidde tot een juridisch conflict waarin de corporaties de ontbinding van het huurcontract van de zittende bewoners eisten wegens slecht huurderschap. Er bleek echter sprake van een dubbele agenda van Eigen Haard, waarin geplande studio’s werden samengevoegd ten gunste van twee vrijesectorwoningen. Het beleid van De Key noemt zij onwerkelijk en twijfelachtig. De gemeente wil met deze discutabele partijen in zee gaan. Het proces bevestigt dat de locatie ongeschikt is voor dit bouwplan, vanwaar anders die onacceptabele pressie!? De gemeente behoort haar burgers hiertegen te beschermen in plaats van Eigen Haard hiermee te laten wegkomen en zelfs te belonen middels de deal. De buurtbewoners hebben geïnvesteerd in artist impressions van de gerestaureerde kazerne. Deze artist impressions geven een verbluffend resultaat met een positieve uitstraling op de omgeving. De volgende inspreker is de heer Van Ophuijsen. De heer VAN OPHUIJSEN wijst erop dat een van de panden in overleg tussen de buurt en de gemeente de bestemming garage heeft gekregen. Het parkeren pakte in de jaren daarna teleurstellend uit. Ook in deze buurt wordt de behoefte aan woonruimte gevoeld.
De in de buurt opgegroeide jongeren worden verdrongen door beleggers. Men verwacht dat in een buurt als deze de gemeente in overleg treedt over de wenselijke ontwikkelingen. Dat is ook mogelijk, zelfs met verbetering van de eerder afgesproken functie. De kazerne kan zonder verminking worden gerestaureerd en dienen als gezondheidscentrum. De omgeving zou zeer gebaat zijn met een dergelijke voorziening. Dat alles kan met in standhouden van de huidige parkeervoorzieningen, die zelfs nog verdubbeld kunnen worden. Actieve bewoners kennen hun buurt. Door wat nu in de buurt dreigt te gebeuren wordt de goodwill van de bewoners verspeeld. Zij hadden van de politiek iets anders verwacht. Hij roept op de inbreng van de bewoners beter te gebruiken. Behandeling Voor deze behandeling is de heer Capel van stadsdeel Zuid ook aangeschoven. De heer BAKKER verklaart deze actualiteit te hebben aangemeld in verband met spoedeisendheid wegens een aangekondigde aanvraag voor een omgevingsvergunning. De inspraak heeft reeds duidelijk gemaakt dat er in de buurt heel veel vragen heersen.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
Het gaat er nu om de nodige participatie te mobiliseren ten behoeve van het vinden van de nodige oplossingen. In de rampen waarmee dit gebied wordt getroffen gaat het o.a. om het ontbreken van maatschappelijke functies, een actueel onderwerp in de gehele stad. Hij vindt het belangrijk met deze bewoners mee te denken. Het goede hierbij is dat de bewoners in gezamenlijkheid de buurt mooier willen maken. Daarbij is het echter zo dat die bewoners reeds vanaf 2015 door Eigen Haard, De Key en de gemeente gedwarsboomd worden door o.a. met juridische interventies iedere participatie onmogelijk te maken. Dat heeft er in dit geval toe geleid dat de mogelijkheid tot uitbreiding van maatschappelijke functies is weggenomen. Hij vindt dat die ontwikkeling gestopt moet worden en dat is de reden waarom hij zich nu tot de commissieleden wendt met de wens om samen met de buurt te gaan bewerkstelligen dat er maatschappelijke functies toegevoegd worden, waardoor bijvoorbeeld voorkomen wordt dat huisartsen hun heil elders buiten de stad gaan zoeken. Mevrouw DE BRUINE vraagt de heer Bakker duidelijk te maken wat hij in deze situatie onder maatschappelijke functies verstaat. In de plannen zijn wel degelijk mogelijkheden voor maatschappelijke functies opgenomen, zoals bijvoorbeeld begeleid wonen voor mensen met een beperking.
De heer BAKKER geeft aan aandacht te vragen voor dit punt, omdat de gewenste bestemming van het pand ‘maatschappelijk’ is. Dat is niet de bestemming die er nu nog voor geldt. Hij noemt het belangrijk om aan te sluiten op wat er in de buurt leeft, namelijk om het maatschappelijk belang dat het pand nu heeft, te respecteren en daar participatie op te krijgen. Het is belangrijk goed te kijken naar waar dit soort projecten uitgevoerd gaat worden. Dat moet samen met de buurt en de andere betrokken partijen gestalte gegeven worden. Die participatie krijgt nog steeds niet de kans die het verdient, namelijk dat de bewoners zelf aan de tekentafel zitten. Draagvlak is immers belangrijk. Wethouder VAN DOORNINCK stelt voor de heer Capel hiervoor het woord te geven. De heer CAPEL meent dat dit onderwerp op drie of vier punten nadere toelichting behoeft. Allereerst is er de vraag wat het doel is van deze transformatie. Vervolgens is er de vergunning. Het derde punt is de participatie. Het doel is allereerst uitbreiding van het aantal sociale huurwoningen. Een zestal studio’s voor jongeren met een verstandelijke beperking. De heer BAKKER wijst erop dat het nu om ruimtelijke-ordeningsaspecten gaat: participatie en het bestemmingsplan. De functie van het bestemmingsplan is ‘maatschappelijk’.
Dat betekent volgens hem dat dan eerst aan de buurt gevraagd wordt wat als maatschappelijke functie belangrijk gevonden worden. Daarop gaat het in deze stad heel vaak mis. De heer CAPEL vroeg reeds met welk doel getransformeerd wordt, dus waarom functies moeten veranderen. De heer BAKKER meent dat het doel duidelijk is, namelijk dat een functie wordt toegevoegd op grond van het huidige bestemmingsplan. Er moet vanuit de buurt gedacht worden en niet vanuit het stadsdeel. Het is de buurt die bepaalt! De heer CAPEL meent reeds aangegeven te hebben dat het doel is de vergunning en de participatie. Het doel is transformatie naar maatschappelijke bestemmingen, o.a. naar woningen voor jongeren met een beperking. Dat is van algemeen belang. Het stadsdeelbestuur vindt het een heel goed idee om hier die woningen te realiseren. De vergunning wordt getoetst aan het bestemmingsplan waarbij het zelfs zo is dat er meer wordt toegestaan dan formeel mogelijk is. Wat de participatie betreft stelt hij zich op een ander standpunt dan de heer Bakker. Het gaat om het individueel belang van de buurt versus het algemeen belang. Hij
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
is er trots op dat dit project midden in De Pijp gerealiseerd gaat worden. Daarom werkt het stadsdeelbestuur mee. De heer Bakker wil dit de buurt laten bepalen. Daarbij wil hij de heer Bakker wel voorhouden dat het eerste doel dat de buurt hier had een parkeergarage was. Na gesprekken zijn de buurtbewoners geswitcht en werd er gekozen voor huisartsen. De buurtbewoners zijn gaan werven onder huisartsen, maar daar is door geen huisarts op gereageerd. Er is bovendien in de buurt al een enorme huisartsen praktijk. De bewoners gedragen zich als ‘wij(!) bepalen wat hier moet komen en als het aan ons ligt, komt er een parkeergarage’. Als dat niet lukt dan maar die huisartsen, want alles beter dan de plannen van die stichting Rafael of van Eigen Haard. Dat is individueel buurtbelang versus algemeen belang. Mevrouw VAN RENSSEN wil weten welke garantie er is dat de bewoners van stichting Rafael daar feitelijk zullen wonen. Dus hoe lang zullen die woningen de bestemming ‘jongerenhuisvesting’ hebben? De heer CAPEL kan die informatie later leveren. [geluid valt een aantal keren uit]. Het gaat om mensen in een heel kwetsbare positie. Hij vindt het niet chique om de betrokken woningcorporaties te vergelijken met de Blackstones van deze wereld.
De heer BAKKER vindt het godgeklaagd dat vanuit een kwetsbare groep (de jongeren met een beperking) de belangen van een andere groep (de kwetsbare bewoners) worden aangetast. Het gaat in de participatie om het bereiken van draagvlak en dat draagvlak bepaalt wat er komt. In dit geval zijn de bewoners tegen de muur gedrukt door advocaten. De heer CAPEL benadrukt dat er door de betrokken partijen en de stadsdeelwethouder tot mooie plannen is gekomen. Hij vindt dat de buurt niet altijd als enige kan bepalen wat er komt. Dat is een ander standpunt dan dat van de heer Bakker, maar die zit ook in een andere positie. Het stadsdeel werkt graag mee om de huidige plannen te realiseren, maar dat laat onverlet dat er een vergunningstoets wordt gedaan. Hij is wel degelijk op de hoogte van de ideeën en klachten van de bewoners, want er zijn wel degelijk allerlei gesprekken geweest. Tweede termijn Mevrouw VAN RENSSEN zou het op prijs stellen als haar vraag nog kan worden beantwoord. Ook zou zij het op prijs stellen het positieve advies van de Welstandscommissie en ook … [geluid valt weg] … van de omgevingsvergunning nog te ontvangen. De heer CAPEL zegt die stukken toe en kan zich ook voorstellen dat mevrouw Van Renssen ook de afspraken over de sociale huurwoningen wil zien. Die stuurt hij ook toe. Vergunningaanvragen zijn gewoon openbaar. Maar daar bestaat in Amsterdam wel een proces voor.
De heer BAKKER geeft tot slot te kennen zich te gaan beraden op de vraag wat hij met dit agendapunt gaat doen. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee behandeld is. d Rondvraag Mevrouw DE JAGER heeft een vraag over Plek dat zij tot en met in ieder geval 2025 zekerheid wil bieden. Het blijkt dat Plek zelf geen zekerheid is geboden. Zij hoort graag van de wethouder waarom die zekerheid voor Plek er nog niet is. Kan zij ervoor zorgen dat Plek nu snel die zekerheid krijgt via een huurcontract?
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
Wethouder VAN DOORNINCK meldt dat zij op dit moment bezig is de allonge op de huurovereenkomst bij te stellen, zodat er verlenging is tot 2025. Binnenkort zal de kwestie afgehandeld worden en ter kennisname zijn in de commissievergadering van 30 juni a.s. BESPREEKPUNTEN Zuidas en Marineterrein 3 Vaststellen van het bestemmingsplan Zuidas-Vivaldi kavel 13, kavel voormalig Drentestaete fase 1ste en 2e partiële herziening (ZD2021-005070) Er zijn drie insprekers Mevrouw Koens-Bromet van bewonersvereniging De Mirandabuurt Mevrouw Cappendijk op persoonlijke titel Mevrouw Abuaf op persoonlijke titel De eerste inspreker is mevrouw Koens-Bromet Mevrouw KOENS-BROMET vertelt van het participatietraject in het recente verleden, dat o.a. resulteerde in afspraken betreffende kleinschaligheid. Recentelijk heeft een herziening van de plannen plaatsgevonden leidend tot plannen voor drie grootschalige voorzieningen. De buurtbewoners hebben twee alternatieven aangedragen. De zienswijze van de bewoners werd genegeerd met het argument dat Vivaldi geen woonbuurt is. Daardoor zou kavel 13 afvallen voor de 24-uursopvang. Echter, noch het strategisch huisvestingsplan noch enig ander beleidsdocument stelt die eis. Zij verzoekt de commissieleden alsnog de zienswijze van de bewoners in de overwegingen mee te nemen en de 24-uursopvang elders te bestemmen en niet op de Kop Zuidas.
Verder meldt zij dat er met betrekking tot het volgende agendapunt (4) een bespreking heeft plaatsgevonden met wethouder Everhardt, waarbij echter alle bezwaren zijn weggewuifd. Participatie kwam verder niet aan de orde. Verder was hij niet bereid om aan enige van de bewonerswensen tegemoet te komen. Wat is participatie dan nog waard? De volgende inspreker is mevrouw Cappendijk Mevrouw CAPPENDIJK citeert uit de brief van vandaag van de wethouder, waarin deze verklaart dat de gemeente verantwoordelijk is voor het realiseren van voldoende maatschappelijke ruimte in de stad. Daar is zij het mee eens en daarom is zij blij met al die maatschappelijke voorzieningen die zich al in de buurt bevinden. De bewoners hebben oog voor deze kwetsbare groepen. Zij is voor een evenwichtige spreiding van alle maatschappelijke voorzieningen op de Zuidas. Als de onderhavige woonvoorzieningen geen plek weten te vinden op de Zuidas, dan heeft de Zuidas naar haar mening veel steken laten vallen. Zij hoort nu dat er met de bewoners sprake is van een minimale wisselwerking. Zij vindt de gebruikte argumentatie onzin. Een verantwoordelijke burger houdt rekening met kwetsbare groepen in deze buurt. De laatste inspreker is mevrouw Abuaf. Mevrouw ABUAF vindt het mooi dat in Nederland sprake is van vertrouwen tussen overheid en inwoners. Zij heeft gezien dat het overleg in haar wijk tot 2018 goed verliepen.
Er verandert veel en altijd in afstemming. Maar na 2018 werd het stil. Het afgelopen jaar werden de bewoners geconfronteerd met nieuwe plannen en faits à complis. De bewoners stelden vragen, maar dat leidde niet tot veranderingen. Er kwam wel een informatiesessie, maar daar was geen mogelijkheid tot een dialoog. Het plan leek al in beton gegoten. Alternatieven van de bewoners werden van tafel geveegd. Wat is er mis mee om naar een goede spreiding in de buurt te kijken. Kavel 13 was zeker een optie. Maar het antwoord was dat kavel 13 geen woonbuurt is. Zij zou het betreuren als de bewoners over dit punt in een juridisch geschil terechtkomen. Het gaat hier om goed burgerschap en leefbaarheid. Zij roept op tot samenwerking omwille van het bereiken van het beste resultaat. Behandeling De heer LEENDERS heeft een vraag over de in Amsterdam gevestigde Europese Medicijnagentschappen (EMA). Zij hebben een zienswijze ingediend inzake veiligheid. Zij vragen het college een perspectief te schetsen inzake veiligheidskwesties die de EMA aangaan. Hij hoort
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
de wethouder daar graag nader over. Mevrouw DE FOCKERT heeft geconstateerd dat het aldaar om één groot kantoorpark gaat. Daarom zou zij daar geen woonvoorziening neer willen zetten. Haar vraag is of overwogen is op die kavel een woonprogramma neer te zetten. Op Vivaldi/Ravel komen toch voornamelijk vrije sector woningen, terwijl toch een gemengde wijk gewenst wordt. Zij vindt dat dit een mooie plek is om 40:40:20 te realiseren. Wethouder EVERHARDT heeft ook geconstateerd dat de beantwoording richting de EMA kort door de bocht is. Hij legt uit dat de contacten betreffende het veiligheidsaspect er zijn. Als de openbare selectie wordt neergezet, dan zal dat veiligheidsaspect zeker worden meegenomen. Hij is daarover met de EMA en het Rijksvastgoedbedrijf in goed overleg. Hij heeft de heer Leenders dus goed gehoord en dat veiligheidsaspect zal dus goed worden geborgd. Het is inderdaad een kantorenlocatie en daar gaat ook geen verandering in komen. Hij wil wel meegeven dat op de Zuidas het woonprogramma in de (?) te krijgen. Dus met die 40:40:20 is men zeker aan de slag en daar zijn allerlei andere plekken voor. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp voldoende besproken is en gehamerd zal worden in de eerste volgende raadsvergadering.
4 Beantwoording (d.d., 5 maart 2021) van het raadsadres van 11 januari 2021 van bewonersvereniging De Mirandabuurt over de voorgenomen herziening van het bestemmingsplan Zuidas Kop Zuidas 2018 (ZD2021-002301) De heer BOOMSMA kon onvoldoende volgen waarom er niet meer naar de bewonersvereniging is geluisterd in deze kwestie. Hij begrijpt niet waarom er niet aan hun wensen tegemoet gekomen wordt. Wethouder EVERHARDT wijst erop dat de beantwoording op het raadsadres aangeeft dat bepaalde voorzieningen in deze nieuwe ontwikkeling op een goede manier zou kunnen landen. Er kan geen andere plek voor worden gevonden. Vergeleken met het vorige bestemmingsplan gaat het niet om een vermindering, maar daarin waren meer kleinere korrels voorzien. In de desbetreffende bespreking is aangegeven waarom een andere oplossing niet mogelijk is. In de andere twee zaken is voorzien. Het gaat om een woonbuurt. Daarom durft hij dit zo voor te stellen en daar dan ook verder vorm aan te geven. Mevrouw BERCKENKAMP hoort de bewoners toch zeggen dat al die voorzieningen wel erg dicht op elkaar zitten. Is de wethouder het daarmee eens? Hoe is hij tot die keuze gekomen? Wethouder EVERHARDT legt uit dat dat te maken heeft met het besluit om stadsbreed met kleinere voorzieningen te gaan werken. Vervolgens is nagegaan waar die voorzieningen dan zouden kunnen landen.
Gezien het belang en de urgentie om dat soort voorzieningen te creëren, kwam hij niet anders uit dan aan deze kant van het plangebied te gaan kijken. Natuurlijk heeft hij daarbij ook gekeken naar de omgeving. Het gaat in dit geval om een kleinschalige voorziening waar mensen gebruik van zullen maken die eraan toe zijn om de stap terug in de maatschappij te gaan maken. Gezien de begeleiding daarbij verwacht hij dat die voorziening daar dan ook kan werken. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp voldoende besproken is. Grondzaken 5 Instemmen met het investeringsbesluit Ottho Heldringstraat 1-5 en het beschikbaar stellen van een uitvoeringskrediet. (ZD2021-006341) De heer LEENDERS betreffende de participatie bij de openbare ruimte. Hij wil weten of die participatie inmiddels gestart is en hoe dat verloopt. Mevrouw VAN RENSSEN wijst erop dat hier gekozen wordt voor een combinatie van 30:40:30 en voor vrije sector woningen. Het komt erop neer dat er voor 18% ‘sociaal’ wordt gerealiseerd. Vandaar haar vraag of hierbij overwogen is om af te wijken van 40:40:20 voor dat stadsdeel. Wat heeft daarbij de doorslag gegeven en welke onderdelen van de ontwikkeling kunnen
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
nu behouden blijven, doordat er zo veel middenhuur en vrije sector is gerealiseerd? Dan een vraag over het gemeentelijke monument. Er zou een ontmoetingsplek en een restaurant in moeten komen. Dat zou iets moeten worden dat door de buurt ook wordt gewaardeerd. Vandaar de vraag of Casa Sofia en de OBA daar kunnen blijven. Vervolgens heeft zij nog een vraag over de laagtemperatuurswarmte (LTW) die hier niet wordt toegepast, terwijl dat wel het uitgangspunt is voor nieuwbouw. Zij verwacht hier ook de toepassing van ‘comply or explain’. Welke bouwkosten vindt het college wél gerechtvaardigd om daarbij laagtemperatuurswarmte te eisen? Nu de gemeente eigenaar is van LTW moet ook bekeken worden of de aansluiting op stadswarmte wel zo wenselijk of noodzakelijk is. Zij hoort de wethouder daar graag nader over. In verband met de participatie wil zij ook graag tkn-8 hierbij betrekken. Zij wijst erop dat de bewoners pas op een laat moment met de ontwikkeling betrokken zijn. Vandaar haar vraag wat het college kan doen om initiatiefnemers van grondeigenaren ertoe te bewegen om participatie eerder in het proces plaats te laten vinden. Mevrouw DE JAGER vindt het fijn dat er op deze plek woningen worden toegevoegd, maar het is wel jammer dat er toch geen club komt. Dat was eerder wel het plan. Zij vraagt de wethouder aan te geven welke ruimte zij nog wel ziet.
Ten aanzien van Casa Sofia wijst zij op de grote functie hiervan voor de buurt. Zij ziet de functie graag terugkomen. Zij hoort graag of de wethouder die mening deelt. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat dit een ontwikkeling is, die op eigen initiatief van start is gegaan. Vandaar dat de gemeente hierbij niet altijd in the lead is en dan is het soms zoeken wat behaald kan worden. Richting mevrouw Van Renssen wijst zij erop dat het voor een groot deel gaat om activiteiten op eigen terrein en daar heeft de gemeente niets over te zeggen. Daar waar de gemeente wel invloed kan uitoefenen zou gezocht kunnen worden naar compensatie. Uiteindelijk is echter met de ontwikkelaar afgesproken om die compensatie vooral te richten op het gemeentelijk monument. Dat betekent dat dat monument openbaar gemaakt wordt. De geluidsvoorzieningen hebben geleid tot maatregelen waardoor er hoger gebouwd kan worden, waardoor de overlast voorkomen wordt en er een grotere verdichting kan plaatsvinden. De ontwikkelaar, die daarin moet investeren, is daar uiteindelijk akkoord mee gegaan. Het gemeentelijk monument is in eigendom van de ontwikkelaar. Er zijn nog geen concrete afspraken over gemaakt. Er zijn wel gesprekken gaande over de maatschappelijke invulling ervan. Daarbij geldt dat het een bijdrage moet leveren aan de buurt.
Casa Sofia en de bibliotheek zijn minstens voor één jaar in de centrale gehuisvest. Daarna wordt gekeken wat de definitieve functie zal worden. Op twee punten geldt nog een verplichting van aansluiting op warmtenetten. Zij wil een gesprek met de ontwikkelaar hebben over de vraag of het mogelijk is daar een ontheffing voor de krijgen. Deze ontwikkelaar heeft daar niet om gevraagd en wil het ook niet toestaan. De gemeente kan het niet afdwingen. Als nieuwe aandeelhouder Westpoort Warmte gaat de gemeente wel het gesprek aan over concessies die er nu zijn en hoe daar in de toekomst mee omgegaan kan worden. De gemeente vraagt ontwikkelaars altijd om op tijd met de participatie te beginnen. Dat kan de gemeente niet afdwingen. Wel wordt gekeken naar de Omgevingswet als dat helpt om aan te geven hoe participatie er in bepaalde gevallen uit zou moeten zien. De participatie met betrekking tot de openbare ruimte is natuurlijk wel een gemeentelijke aangelegenheid. Het was de bedoeling dat bij dit project de participatie in het eerste kwartaal digitaal gestart zou worden. Dat wordt nu eind van het tweede kwartaal. Richting mevrouw De Jager en de club waar zij naar vroeg, wijst zij op de moeite die de bewoners daarmee hadden. Zij weet niet wat er allemaal wel of niet mag binnen Horeca I.
Het is waarschijnlijk aan de ontwikkelaar of exploitant om te bepalen hoe die Horeca I gestalte gegeven wordt. De gemeente gaat daar niet over. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende besproken is en een korte bespreking zal krijgen in de raadsvergadering. Ruimtelijke ordening 6 Wijzigen artikel 8 Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen en crematoria en wijzigen tariefstelling Heffingsverordening begraafplaatsen en crematoria Amsterdam (ZD2021003076) De heer WARMERDAM heeft complimenten voor het college wegens de snelheid
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
waarmee deze voordracht is opgeleverd. Grafrust voor onbepaalde tijd voorziet in een behoefte. Dat geldt zowel religieuze als niet religieuze mensen. Hij vindt het belangrijk dat de gemeente meedenkt met Amsterdammers en luistert naar bewoners in al hun diversiteit. Voor D66 heeft grafrust te maken met de persoonlijke autonomie en keuzevrijheid. Hij weet niet hoe de wensen van Amsterdammers met betrekking tot grafrust zich gaan ontwikkelingen. Daarom is zijn fractie blij dat de gemeente dat proces gaat monitoren. Hij hoort graag van de wethouder hoe die monitoring er precies uit gaat zien. Hij roept eenieder op de vaak prachtige gegraafplaatsen te bezoeken: vol groen en cultureel erfgoed. De heer LEENDERS sluit zich aan bij de woorden van de heer Warmerdam. Hij hoort de wethouder graag nader over de gehanteerde tarieven. Mevrouw VAN RENSSEN is ook blij met deze voordracht. Zij sluit zich ook aan bij de woorden van de heer Warmerdam. Mevrouw KILIÇ is blij dat hiermee het eeuwigdurend begraven een stapje dichterbij komt. Voor veel Amsterdammers is het eeuwig begraven een belangrijk onderwerp. Ook zij wil graag begraven worden in de stad waarin zij is geboren. Anderen moeten vaak op zoek naar eeuwige grafrust in andere steden of in het land van herkomst. Zij is blij met deze ontwikkeling en met de wijziging van de tariefstelling.
Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de behoefte van een groot deel van de Amsterdammers. Dat stemt haar blij. Zij heeft een aantal vragen en opmerkingen van technische aard. Zo wil zij weten wat er gebeurt wanneer een begraafplaats op wens van de gemeente moet verdwijnen. Wordt er dan een nieuwe bestemming gezocht? Verdwijnt daarbij de afspraak van eeuwigdurende grafrust niet onder tafel? Zij neemt aan dat deze vraag is meegenomen in het overleg met de gesprekspartners. Zij hoort graag het antwoord op deze vraag. De formulering met betrekking tot het verwijderen van graven heeft tot verwarring gezorgd. Zij hoort de wethouder hier graag nader over. Zij zegt de berekening achter het kostenplaatje te begrijpen, maar vindt het wel een hoog bedrag. Zij vraagt zich af in welke vorm de gemeente mensen hierin eventueel financieel tegemoet komt. Met betrekking tot grafrechten en onderhoudskosten wil zij weten wat die kosten inhouden. Verder wil zij weten in hoeverre de gemeente religieuze organisaties betrekt bij het beheer. Gaat het hierbij om medebeheer van gemeentelijke begraafplaatsen of ook van particuliere initiatieven? Dan de monitoring. Als er in de toekomst meer behoefte blijkt te bestaan aan plaatsen voor eeuwigdurende grafrust, is uitbreiding daarvan dan gegarandeerd? Zij wijst op de wens van sommigen om het beheer van de graven in eigen handen te houden.
Zij verzoekt het college dit mogelijk te maken zoals de Wet Lijkbezorging ook voorschrijft. De heer NIJSSEN meldt dat zijn fractie van mening is dat dit geen overheidstaak is. Daarom is de VVD hier niet voor. Mevrouw KILIÇ wil weten wat de mening van de VVD zou zijn als het niet om een gemeentelijke, maar om een particulier initiatief ging. De heer NIJSSEN meent dat er sowieso al dergelijke voorzieningen worden aangeboden. De Grondwet regelt dit reeds en daar wordt verder geen plicht aan gekoppeld voor de overheid. Mevrouw KILIÇ vindt het vreemd dat de heer Nijssen hiermee de verantwoordelijkheid van de gemeente Amsterdam voor deze zaak ontkent. De mogelijkheid wordt door de wet geboden en daar moet men zich dan ook aan houden. De heer NIJSSEN antwoordt met ‘waarvan acte’. De heer WARMERDAM meent dat de heer Nijssen vreest dat er op den duur sprake zal zijn van ruimtegebrek. Het college deelt die zorg echter niet. Waar komt die vrees vandaan? De gemeente geeft bovendien aan te gaan monitoren. De heer NIJSSEN vindt er ook een principieel aspect aan zitten. Het gaat ook om het leggen van een claim op toekomstige generaties, die kosten moeten gaan dragen voor iets waar nu voor gekozen wordt. Dat is niet een keuze die de VVD maakt.
Bovendien blijkt uit de inspraak ook dat er veel mensen tegenstander zijn van deze ontwikkeling wegens het ruimtebeslag in een stad die aan het verdichten is. De heer WARMERDAM hoopt dat de VVD deze houding ook zal huldigen wanneer het
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
bijvoorbeeld gaat om de klimaatcrisis. De heer NIJSSEN antwoordt met ‘waarvan acte’. Mevrouw DE BRUINE spreekt van een mooi plan. Zij deelt de vrees van de heer Nijssen waar het het ruimtebeslag in de toekomst betreft. Zij hoort de wethouder hier graag nader over. Zij vraagt zich af of in deze behoefte aan eeuwigdurend begraven ook niet buiten Amsterdam, dus elders in de regio, voorzien kan worden. Zij kent voorbeelden waarin het gaat om begraven in eigen grond. Mevrouw KILIÇ wijst erop dat een begraafplaats onder de hoofdgroenstructuur valt. Dus er kan niet worden gebouwd op die plek. Als het gaat om begraven elders, zoals bijvoorbeeld bij de Duitse grens, dan is er niet veel verschil met begraven in het land van herkomst, want ook dan moet er een zekere afstand afgelegd worden. Het gaat er juist om een plek te bieden waar mensen geboren en getogen zijn. Mevrouw DE BRUINE vindt het ook belangrijk dat men zich kan laten begraven waar en op de manier waarop men dat wil. Er bestaan verschillende oplossingen voor, maar de vraag blijft toch waarom dat niet elders in de regio zou kunnen. Wethouder VAN DOORNINCK schetst het historische verloop in de behoefte aan begraven, waarin eerder sprake was van een toenemende wens gecremeerd te worden. Die wens kantelde richting het begraven. Dat zou in de toekomst weer kunnen veranderen.
Op dit moment is het zo dat er op heel veel begraafplaatsen nog veel plek over is, omdat er veel minder dan vroeger wordt begraven. Het zou kunnen betekenen dat dat beeld in de toekomst weer anders wordt, maar daarvan is op dit moment dus geen sprake. Mocht het wel veranderen, dan zal de verordening daar weer op aangepast moeten worden. En dat gebeurt alleen na een uitgebreide maatschappelijke discussie met de raad en maatschappelijke groeperingen. Zij denkt niet dat daarop vooruitgelopen moet worden. Er wordt op dit moment gewerkt aan het monitoringsvraagstuk. Dat voorstel kan men in juni tegemoet zien. Het gaat inderdaad om forse tarieven, maar toch wordt er niet heel erg afgeweken van andere grote gemeenten. De grond in Amsterdam is immers kostbaar. Op dit moment kent de gemeente geen betalingsregelingen en die is ook niet voorzien voor de service die de gemeente gaat verlenen. Er werd ook gevraagd wat er gedaan wordt als het graf verwaarloosd wordt. De nabestaande zijn verantwoordelijk voor de grafplaat of de omheining. Dus die verantwoordelijkheid heeft de gemeente niet. Als die verwaarlozing ernstig is, kan er voor gekozen worden het graf te ruimen en dat betreft dan niet het graf zelf, maar de verwaarloosde bedekking. Dat gebeurt nu ook al. Er is geen sprake van een stichting voor het verlengen van grafrechten, waarmee de kosten gespreid zou kunnen worden.
Religieuze organisaties hebben geen gebruik gemaakt van een dergelijke stichting, omdat men dat een indirecte manier van onbepaalde tijd vond. Ook in Amsterdam speelde de mogelijkheid om ook particulieren deze keuze te bieden. Dit vanuit het standpunt dat de gemeente Amsterdam geen grond verkoopt. Dat wordt aan niemand gedaan. Grond wordt hier in erfpacht uitgegeven. Dus er ligt geen eeuwigdurend recht op dit grond. Mevrouw KILIÇ herinnert aan de discussie hierover van twee jaar geleden, waarbij de wethouder toen aangaf hier niet positief tegenover te staan, maar dat zij wel mogelijkheden zou bieden op het moment het zou gaan om particuliere initiatieven. Nu zegt de wethouder dat dat in Amsterdam niet mogelijk is. Hoe verklaart de wethouder dit? Wethouder VAN DOORNINCK weet dat deze discussie vaker is gevoerd en de gemeente heeft gedurende die tijd haar mening herzien als gevolg van de veranderde maatschappelijke situatie, waarin corona een rol speelde en mensen niet gerepatrieerd konden worden. Het standpunt dat in Amsterdam grond niet te koop is, is niet veranderd. Als er op een gegeven moment voor dit soort begraven geen plek meer is, dan zal er opnieuw naar de beheerverordening gekeken moeten worden. Voor nu is het echter zo dat er voorlopig geen sprake zal zijn van ruimtegebrek. Begraafplaatsen als groene voorzieningen zullen niet snel geruimd worden.
Mocht dat toch gebeuren dan zijn er voorbeelden in het verleden dat er herbegraven wordt op een plaats elders. Zij gaat er echter vooralsnog niet vanuit. De VOORZITTER stelt vast dat die onderwerp hiermee voor nu voldoende besproken is en dat het een korte bespreking zal krijgen in de raadsvergadering.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
7 Kennisnemen van de reactie op motie 017.21 van de leden Van Renssen, N.T. Bakker, Kılıç, Ceder en Veldhuyzen inzake het afwegingskader Grondwaterneutrale Kelders Amsterdam (infomeren omwonenden). (ZD2021-003063) Mevrouw VAN RENSSEN heeft nog een aantal punten die zij het college voor zou willen leggen. In het afwegingskader zijn suggesties opgenomen over het beleid. Die beleidsmaatregelen zijn niet in beton gegoten. Voor mensen die boven of naast de bebouwing wonen moet inzichtelijk zijn wat de voorwaarden zijn, die de gemeente daaraan stelt. Als de gemeente zegt de bouw van kelders wel te willen toestaan, moeten de bewoners ook geïnformeerd worden over de daarbij geldende voorwaarden, die rechtszekerheid moeten bieden. Zij begrijpt dat er een beleidsregel is, die in september naar het college wordt gestuurd. Zij vraagt of dat ook gedeeld kan worden met de raadscommissie. Naast die beleidsregel zou het voor bewoners inzichtelijk moeten zijn welke oplossingen worden gekozen en welke experimenten worden gebruikt in een bepaald gebied of bij een bepaalde kelder. Hoe kunnen omwonenden daarover nader worden geïnformeerd? Zij zou ook graag zien dat de toepassingen van die verschillende oplossingen wordt gemonitord, zodat dat meegenomen kan worden in de evaluatie door VVH.
Kan men een evaluatie tegemoet zien van al die gekozen oplossingen? Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan dat de vragen van mevrouw Van Renssen haar technische kennis in dezen op sommige plekken te boven gaat. De beleidsregel die in september in het college komt, zal ook ter kennisneming naar de raad worden gestuurd. Er zijn verschillende methodes ingezet om bewoners beter te gaan informeren. Er zal ook voor gezorgd worden dat iedereen vanuit VVH en Bouw- en Woningtoezicht goed geïnformeerd is. Daar wordt nu druk aan gewerkt. Maar als de vraag van mevrouw Van Renssen is hoe die informatie nog specifieker kan worden gemaakt, dan kan zij daar staande deze vergadering geen antwoord op geven. Zij zal er schriftelijk op terugkomen. Wel kan zij al vertellen dat het ontwerp qua beheerbestemming op 2 juni ter inzage wordt gelegd. Informatie daarover zal zij vergezeld doen gaan van de zojuist gevraagde informatie over specifieke onderwerpen. Mevrouw VAN RENSSEN ziet die informatie over specifieke oplossingen gaarne tegemoet. De motie kan daarom nog niet als afgedaan worden beschouwd. Zij wacht het af. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voldoende is besproken en dat de motie nog niet als afgedaan beschouwd kan eeuwigdurende erfpacht.
8 Kennisnemen van de afdoening van een toezegging inzake vragen van de raadsleden Leenders en Naoum Néhmé met betrekking tot variantenstudies Fietsverbindingen Oost. (ZD2021005085) Dit onderwerp wordt behandeld in aanwezigheid van wethouder De Vries. Inspreker is de heer Van Dijk van Fietsverbinding Zeeburgereiland ja! De heer VAN DIJK refereert allereerst aan de reeds gevoerde discussie over dit onderwerp. Naar zijn mening werd het pas na lange tijd duidelijk wat de werkelijke reden is waarom er geen brug naar de Sluisbuurt komt. Dat zou komen omdat Rijkswaterstaat dwarslag. Uit de stukken blijkt dat dat niet het hele verhaal is. Er zijn allerlei varianten voorgesteld, ook door commissie d’Hooghe. Daarbij was het bezwaar in het geheel niet dat de plannen niet door konden gaan omdat Rijkswaterstaat dwars zou liggen. Via een citaat onderbouwt hij zijn stelling dat Rijkswaterstaat niet dwarsligt, maar dat de bezwaren vanuit de bestaande omgeving en de hoge maatschappelijke kosten de doorslag geven in de afwijzing van de brugverbinding. Hier komt dus de aap uit de mouw! Het is dus niet Rijkswaterstaat, maar het stadsbestuur dat zijn oren heeft laten hangen naar de geluiden vanuit de bewoners van Sporenburg. Hij roept op zich ook geen spelden op de mouw te laten spelden met andere variante plannen.
Er wordt gesteld dat er al op Cruquius zo veel gebouwd wordt, waardoor een fietsverbinding daar niet wenselijk is, maar bij bestudering blijkt dat dat wel degelijk mogelijk is. Ook een verkeersstudie levert geen argumenten tegen een alternatieve fietsverbinding. De vraag is of een paar honderd bewoners van Sporenburg meer gewicht in de schaal leggen dan duizenden bewoners van Zeeburgereiland en IJburg. Het ligt niet aan Rijkswaterstaat, maar aan het stadsbestuur dat niet voor zijn belangen wil
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 mei 2021
RO
uitkomen. Mevrouw BERCKENKAMP wil weten of de heer Van Dijk vindt dat de gemeente genoeg heeft gedaan voor de bewoners op Zeeburgereiland in dit dossier. Het antwoord van de heer VAN DIJK is ‘nee!’. De heer LEENDERS geeft richting de heer Van Dijk aan vragen te zullen stelen betreffende de bijlagen, waar deze ook reeds gebruik van maakte. Behandeling De heer VROEGE is blij weer de gelegenheid te krijgen over zijn geliefde fietsverbinding tussen het Oostelijk Havengebied en het Zeeburgereiland te kunnen spreken, want die verbinding is, anders dan het college wil, voor hem nog niet van tafel. Een van zijn vragen heeft te maken met de extra informatie die in 2019 aan de gemeente is verstrekt, namelijk waarom die informatie de raad destijds niet heeft bereikt. Het college heeft een actieve informatieplicht en wist dat de raad zeer betrokken is bij deze kwestie. Hij hoort de wethouder daar graag nader over. Zijn tweede vraag betreft de notitie over de brug, zoals deze oorspronkelijk is bedacht, en waaruit blijkt dat die brug nautisch veilig is. Het was dus niet Rijkswaterstaat of de commissie d’Hooghe die zeiden dat die brug niet kan, het is het college, wethouder Van Doorninck en wethouder De Vries die de bewoners van het Zeeburgereiland voorhouden dat zij die brug niet willen. Dat mag, dat is een politieke keuze, maar daar moet dan wel eerlijk over gedaan worden.
Een afweging van de daarbij spelende belangen moet echter door de raad gemaakt worden en die kans is de raad door deze gang van zaken ontnomen. Hij is van mening dat er voor dit dilemma een oplossing gevonden kan worden. Zijn eerste vraag betreft de flessenhals en de bruggen en schepen die daar in het Amsterdam-Rijnkanaal liggen en die voor een blokkade zorgen; een nautisch onveilige situatie. Gaat de gemeente, zoals professor d’Hooghe heeft aangeraden, in gesprek met de betrokken nautische partijen om een oplossing te vinden voor die gevaarlijke situatie? Als dat gebeurt, wat betekent dat dan weer voor de vervolgstappen? Zou dan die brug wel kunnen? Er is destijds per amendement een variant ingediend o.a. door spreker zelf, maar die variant is verder geheel niet doorgerekend. Hij vraagt de wethouder of zij bereid is die variant verder uit te gaan zoeken. Als zij dat niet wil toezeggen, gaat hij proberen om dat in de raad middels een motie af te dwingen. De heer LEENDERS heeft een aantal vervolgvragen. Allereerst over de varianten genoemd in bijlage 4 – 3a. Daar staat dat die varianten niet onderzocht zijn op hun gevoelswaarde. Hij hoort graag waarom dat zo is. Zijn tweede vraag betreft het plan van aanpak. De uitkomstem van het desbetreffende onderzoek zitten niet bij de stukken. Hij krijgt graag een toelichting op de vraag hoe hij dat moet interpreteren.
Tot slot een vraag over de pontverbindingen. Het denkt dat het belangrijk is om snel duidelijkheid te krijgen over het behoud van die pontverbindingen. Hij hoort graag wanneer die ponten mogelijk kunnen gaan varen. De heer ERNSTING dankt het college door de vele stukken en onderzoeken naar allerlei varianten. Het blijkt inderdaad dat de eis van Rijkswaterstaat met betrekking tot de brug tussen Sluisbuurt en Sporenburg is dat het een 300 meter vrije overspanning moet hebben en erg problematisch is. Vanuit bewoners wordt gesuggereerd dat een wat zuidelijkere variant, al dan niet langs Cruquius, wellicht een oplossing zou zijn. Hij heeft daar allerlei gedachten bij en zijn vraag aan het college is wat de vervoerswaarde is en de kosten zijn van zo’n zuidelijker gelegen brug, die scheert langs Cruquius en alsnog op Sporenburg uitkomt, Zijn tweede vraag betreft de pont tussen Sluisbuurt en Sporenburg. Hij las in de stukken dat er in april een vergunningaanvraag ingediend zou gaan worden bij Rijkswaterstaat. Hij hoort de wethouder graag nader over de vraag of en wanneer die pont zou kunnen gaan varen. De heer VROEGE wil van de heer Ernsting horen of deze die zuidelijke brug en de pontverbinding goed bestudeerd wil zien, zodat een oplossing in die richting serieus met elkaar geregeld zou kunnen worden.