Conceptverslag raadscommissie Algemene Zaken 03-07-2025.pdf
Tekst van het document
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
het lid Wijnants zich bij een volgend geweldsincident aan zijn eigen morele grens zal houden en niet de ochtend erna opnieuw een integratiecrisis uitroept. Uit de onderzoeken blijkt dat de gebeurtenissen niet voorkomen hadden kunnen worden. Dat is goed nieuws omdat dat betekent dat het stadsbestuur niet tekort is geschoten. Het is ook slecht nieuws omdat het betekent dat er geen zekerheid is dat zoiets niet opnieuw kan gebeuren. Dit vraagt om moed en zelfkritiek. Hij denkt dat mensen begrijpen dat je bij iets zo ingrijpends dat nog niet eerder is gebeurd nooit alles goed kunt doen. Je hoeft dus ook niet het beeld omhoog te houden dat je helemaal niets beter had kunnen doen. De burgemeester verwijst steevast naar twee onafhankelijke onderzoeken maar daarin wordt ook kritiek geuit over de communicatie en daar plaatst de burgemeester kanttekeningen bij. Tegelijkertijd is zeggen ‘we weten dit nog niet’ ook een vorm van communiceren. Hij vindt het van kracht getuigen als er kanttekeningen worden geplaatst bij een positief oordeel, maar het is ook goed om bij kritiek ruiterlijk toe te geven dat het moeilijk is maar dat het zeker beter kan. De strafvorderlijke keuzes die gemaakt zijn hangen samen met de openbare orde en de maatschappelijke onrust. Daarom vraagt hij of het niet-ingrijpen bij de leuzen een operationele reden had of dat er gewoon niet aan gedacht is.
Daarnaast wil hij weten waarom de driehoek niemand heeft aangehouden toen vlaggen van een muur werden getrokken. Dat zou een signaal geweest zijn dat er wordt ingegrepen door de politie en dan hadden anderen misschien niet de behoefte gehad om in te grijpen. Als derde wijst hij op de onduidelijkheid rond de GVB-beelden. Het Openbaar Ministerie heeft verklaard dat de beelden geen geluid hebben en niet als bewijs hadden geholpen maar hij denkt dat ze wel hadden kunnen helpen om aan te tonen dat een verdachte zich in de metro bevond. Vanwege de onrust over deze kwestie is hij van mening dat dit volledig opgehelderd moet worden. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts Het lid ALBERTS heeft bij het spoeddebat een aantal vragen gesteld die toen niet zijn beantwoord omdat er rapporten van de onderzoeken zouden komen. Ze heeft deze rapporten gelezen en wil nu haar vragen herhalen. Ze vraagt waarom er niet is gekozen voor een hoogrisicowedstrijd waarbij de uitclub kon worden geweerd. Daarnaast vraagt ze waar het advies van de NCTV op was gebaseerd, aangezien de NCTV had aangegeven dat er geen aanwijzingen waren voor terroristische acties maar wel voorzorgsmaatregelen heeft aanbevolen. De derde vraag is waarom de burgemeester niet vanuit haar gut feeling heeft gehandeld.
Ze heeft begrepen dat er in de driehoek uitgebreid is gesproken over de gevoeligheid rond Kristallnacht en vraagt waarom dat gevoel niet is doorgezet met eventueel een juridische kwestie achteraf. Als de driehoek had gekozen voor risicouitsluiting in plaats van risicobeheersing hadden problemen voorkomen kunnen worden. De rapporten gaan alleen in op de gevolgen van het besluit en niet op hoe dat besluit tot stand is gekomen. Haar betoog was dat de supporters die er niet zijn ook geen rottigheid kunnen uithalen. Dat ziet ze niet terug in de rapporten. Wel leest ze dat zowel de voetbalbond als de NCTV een houding had van zoek het zelf maar uit en de verantwoording terugduwde. Het was al eerder bekend hoe deze supporters zich bij andere gelegenheden hebben gedragen maar dat werd weggewimpeld. Het onderzoeksrapport is heel positief. Er zijn 1.200 agenten op pad gestuurd voor een bijna onmogelijke taak. Ze wil weten of bij het overleg de vraag is gesteld of al die agenten echt nodig waren aangezien er ook vaak wordt gezegd dat er onvoldoende capaciteit is. Het verhaal over de tolken vindt ze onbegrijpelijk omdat die gasten overduidelijk geen kinderliedjes zongen op straat en op de Dam. Dit was bekend en er is aangegeven dat zij dit gedrag ook in andere steden hebben vertoond.
Ze noemt het een klap in het gezicht van Palestijnen en hun sympathisanten die dit moesten aanhoren zonder dat er is ingegrepen. Dat heeft haar zeer teleurgesteld.
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid BROERSEN geeft aan dat het geweld van die avond veel Amsterdammers heeft geraakt, in het bijzonder Joodse en Palestijnse Amsterdammers. Angst, woede, verdriet en afkeer zijn voelbaar in de stad en dat klinkt ook door bij de insprekers. De spanningen staan op scherp en de verbinding die in tijden van internationale onrust zo wordt gezocht lijkt bijna onherstelbaar te zijn aangetast. Ze herinnert eraan dat tijdens het spoeddebat is gevraagd waarom supporters niet werden geweerd van de wedstrijd. Uit het onderzoek en eerdere antwoorden blijkt dat deze afweging zorgvuldig is gemaakt, dat de clubs een vriendelijke band hadden en dat de spanningen in de stad zijn meegewogen. Toch voelt dit wrang en het blijft ingewikkeld dat in een tijd van toegenomen demonstraties, er gevoelens zijn van onveiligheid rond de opening van het Holocaustmuseum en er veel pijn is bij verschillende groepen in de stad. Het lijkt alsof die pijn onvoldoende is meegenomen in de afweging om supporters toe te laten. Ze benadrukt dat het stellen van vragen over de komst van de supporters geen vergoelijking is voor het wangedrag van sommige mensen. Ze merkt op dat het onderzoek zich nauwelijks richt op de nasleep van de incidenten terwijl was afgesproken dat het bureau expertise over polarisatie en spanningen zou meenemen.
Het is jammer dat alleen hoge ambtenaren en bestuurders zijn bevraagd en dat lokale veiligheidsambtenaren, jongerenwerkers, netwerkspecialisten, politie en maatschappelijke sleutelfiguren ontbreken omdat zij in de maatschappelijke nasleep een belangrijke verantwoordelijkheid hebben. Ze weet dat het college uitvoering geeft aan de motie Amsterdam zet zich in op vrede, maar ze mist gerichte gesprekken met jongeren. Ze vraagt of de burgemeester kan toelichten hoe deze maatschappelijke dimensie en de gevoelens en ervaringen van jongeren in de toekomst alsnog worden meegenomen. Ze heeft een kritische noot bij de terughoudendheid van de driehoek over de communicatie. Terughoudendheid is verstandig maar het volledig ontbreken van communicatie kan tot meer onrust leiden. Ze vindt het jammer hoe het debat is verlopen omdat de politiek een grote rol speelt in de onrust en daar draagt dit debat aan bij. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kabamba. Het lid KABAMBA herinnert eraan dat zij en het lid Khan al voor de rellen zorgen hebben geuit over de angst en spanning die toen al voelbaar waren in de stad. Daarna landde wereldwijd allemaal misinformatie over Amsterdam waarbij het ging over geweld, wegkijken, politieke framing en diepe wonden die insloegen in de stad.
Ze betuigt haar respect voor de insprekers die een risico nemen door zich uit te spreken en daarom heeft ze erop gewezen dat de commissie een veilige omgeving moet zijn voor burgers die komen inspreken. De pijn is nog vers en het vertrouwen is geschonden. Tegen iedere collega die het nodig vond om te doen alsof mensen antisemitisch zijn, zegt ze dat volksvertegenwoordigers verwoorden wat er gevoeld wordt in de stad. Uit de inspectie blijkt dat de GVB-beelden binnen de bewaartermijn beschikbaar waren maar dat ze niet zijn opgevraagd. Ze vraagt waarom er geen gebruik wordt gemaakt van beelden van burgers die massaal beschikbaar zijn via telefoons, e-mail en YouTube. Daarmee kan gereconstrueerd worden wie de schoften zijn die strafbare feiten hebben gepleegd omdat ze schijt hadden aan de veiligheid in deze stad. Ze vraagt of er binnen 48 uur proactief slachtofferhulp is aangeboden aan alle mensen die zich hebben gemeld. Ze wil weten of er op dit moment onafhankelijk naar het rapport kan worden gekeken, bijvoorbeeld via een audit met betrokken burgers zoals Palestijnse en Joodse Amsterdammers.
Ze wil weten of er gebroken wordt met bedrijven die medeplichtig zijn aan of profiteren van mensenrechtenschendingen en ze wil dat er binnen een maand een openbaar tijdspad komt voor het herstel van vertrouwen omdat niemand met een keffiyeh, een keppel of met een andere overtuiging zich zou moeten verbergen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Schijndel.
19
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid VAN SCHIJNDEL noemt de twee lijvige rapporten van de rijksinspectie en het COT bestuurlijk zwaar maar operationeel vrij zwak. Uit de rapporten blijkt dat er in de nacht voor de wedstrijd om 3.58 uur een bericht verscheen dat opriep tot Jodenjacht en hij vraagt of dit bericht dat duidt op een gecoördineerd en georganiseerd gebeuren door de politie is gedetecteerd en op waarde is geschat. De volgende dag werden de WhatsApp- en Telegramoproepen gemonitord en hij wil weten of voor het lezen en interpreteren van de tienduizenden berichten dataanalyseprogramma’s zijn ingezet om patronen in het berichtenverkeer te herkennen. Verder stelt hij dat uit het filmpje van Bender blijkt dat er op het Stationsplein praktisch geen politie aanwezig was terwijl dat de belangrijkste risicolocatie was. Deze operationele fout van de hoofdcommissaris wordt in beide rapporten niet benoemd en hij vraagt of de burgemeester erkent dat het hier om een enorme operationele fout gaat waarvoor zij verantwoordelijkheid draagt. Tot slot vraagt hij of er door gebrekkige informatievergaring en het niet boven water halen van belangrijke data door de politie-eenheid Amsterdam zowel Israëliërs als mensen die voor Joden werden aangezien vogelvrij waren en vraagt hij wat het factuurbedrag van het COT is en of dat bedrag inmiddels is betaald. De VOORZITTER schorst de vergadering voor vijf minuten.
De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording. Burgemeester HALSEMA merkt op dat er op verzoek van de raad onafhankelijk onderzoek is gedaan en dat de onderzoeksopdracht ter kennisname naar de raad is gestuurd. De raad had eventuele bezwaren tegen de scope van het onderzoek kunnen melden. Ze voelde een kleine opluchting bij ontvangst van de rapporten omdat ze vanwege de gruwelijkheid van die nacht bezorgd was over de beoordeling van haar functioneren. Het onderzoeksbureau COT heeft vastgesteld dat er een zeer grondige voorbereiding was, er sterk is samengewerkt met partners en dat de genomen beslissingen invoelbaar en overtuigend waren. Daarnaast concludeert de inspectie dat de politie professioneel en daadkrachtig heeft opgetreden. Ze benadrukt hoe zwaar die dagen en nachten voor de politie zijn geweest omdat de ze zich verantwoordelijk voelen om geweld te voorkomen en in te grijpen. De hit-and-runacties hebben de politie overvallen en er is geweld gebruikt met woorden als Jodenjacht die op geen enkele manier gerelativeerd kunnen worden. En ook al was het misschien gericht tegen de Israëlische Maccabi-supporters, dat doet niets af aan het gruwelijk antisemitisch taalgebruik. De onderzoekers concluderen dat het geweld niet voorkomen had kunnen worden en dat is zorgwekkend.
Om de risico’s te verkleinen is de belangrijkste aanbeveling dat er stappen moeten worden gezet in de wijze waarop data verzameld en geselecteerd worden. De snelheid waarmee social media om zich heen grijpt en de verveelvoudiging van het berichtenverkeer zetten de politie voor grote uitdagingen. Dat is een landelijke opgave waarbij het ministerie moet nagaan hoe er in een wirwar van tienduizenden berichten een onderscheid gemaakt kan worden tussen berichten die een concreet gevaar opleveren en berichten die door toetsenbordridders worden verstuurd en geen gevaar opleveren. Ze hoopt dat de oorlog in Gaza en Palestina zich niet vertaalt naar lelijkheid in de raad. Tot nu toe is het gelukt om de pijn te benoemen zonder elkaar verwijten te maken. Ze erkent dat ze bij Nieuwsuur ook de Palestijnen had moeten noemen. Direct na de Maccabi-rellen is gesproken met de Palestijnse gemeenschap. De pijn was alomtegenwoordig en toen het debat in Den Haag de vorm van een integratiedebat aannam, verspreidde de pijn zich nog verder naar de Marokkaanse een islamitische Amsterdammers. Het is een open wond die begon bij de Joodse gemeenschap die een verschrikkelijke nacht heeft doorgemaakt. Ze is heel precies geweest met het woord
20
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
pogrom omdat ze zich kon voorstellen dat het herinneringen opriep. Toen duidelijk werd hoe dat woord in het landelijke en internationale debat gebruikt werd om anderen te kwetsen heeft ze het genuanceerd. In eerdere debatten en in de media heeft ze uitgelegd waarom Maccabi Tel Aviv niet werd gezien als hoogrisicoclub. Er is navraag gedaan bij de UEFA, de KNVB en de eigen politieliaisons en met uitzondering van een fragment uit Malta waren er geen aanwijzingen van grootscheepse acties van Maccabi-supporters tegen de gewone bevolking. Daarbij was de relatie tussen Ajax en Maccabi vriendschappelijk. Vanwege de geopolitieke situatie en het samenvallen met de herdenking van Kristallnacht zijn er extra voorbereidingen getroffen. Er is van tevoren uitgebreid gesproken met organisaties die wilden demonstreren op de Dam en rond het ArenA-gebied. Deze demonstraties konden plaatsvinden op grotere afstand zodat confrontaties vermeden konden worden. De Maccabi-supporters hadden slechts geweigerd kunnen worden om de enkelvoudige reden dat zij uit Israël komen. Ze vond dat ook gezien het standpunt van de Nederlandse regering ten aanzien van Israël onverantwoord. Mocht Maccabi opnieuw spelen in Amsterdam, dan zijn de toestanden van vorig jaar aanleiding om de wedstrijd in te schatten als hoog risico en dan kan er serieus worden overwogen om de supporters niet toe te laten.
Ze wijst erop dat Israël een algemene dienstplicht kent en dat iedereen met een Israëlisch paspoort een IDF’er is. De opmerking dat er toegang is gegeven aan genocideuitvoerders doet geen recht aan de situatie in Israël waar elke jongere in dienst moet. Het lid KHAN legt uit dat niet alle Israëliërs geweerd moeten worden. In zijn bijdrage heeft hij duidelijk gezegd dat zich onder de Maccabi-supporters soldaten bevinden die zijn teruggekomen uit Gaza en op verlof naar Amsterdam zijn gegaan. Er bestaan interviews waarin deze supporters letterlijk zeggen, ik kom net uit Gaza, ik ben hier even op vakantie om te ontspannen. Deze mensen zouden opgepakt moeten worden en overgebracht naar Den Haag in een cel bij het Internationaal Strafhof. We zouden het immers ook niet accepteren als Russische soldaten die betrokken zijn bij de oorlog in Oekraïne hier vakantie zouden vieren en we zouden het ook niet accepteren van Hamasstrijders. Burgemeester HALSEMA begrijpt wat het lid Khan zegt maar hij moet zich realiseren dat de Amsterdamse driehoek niet gaat over politieke beslissingen die in Den Haag of internationaal genomen kunnen worden over het toelaten van Israëli's in Nederland. Er worden geen identiteitscontroles uitgevoerd op mensen die naar Amsterdam komen Dat kan het lid Khan niet van de driehoek verwachten en die bevoegdheid heeft de driehoek niet.
De nacht was buitengewoon hectisch en het was ingewikkeld om greep te krijgen op de golf van informatie. Een voorbeeld dat pleit tegen nachtelijke communicatie is dat het tot negen uur onduidelijk was of er ontvoeringen waren aangezien dat ook een bericht was dat rondging. Daarvoor moest worden vastgesteld of er mensen vermist werden en dat is niet het moment waarop geruststellende communicatie kan worden gegeven. Het is belangrijk om dicht bij de feiten te blijven en daarom is om negen uur gezegd dat het beeld van de feiten niet compleet was. In de persconferentie van twaalf uur heeft hoofdcommissaris Holla een melding gemaakt van agressief gedrag van Maccabisupporters en is herhaald hoe belangrijk het is om met een completer feitenrelaas te komen. Dat feitenrelaas is maandagavond aan de raad gepresenteerd waarbij ook uitgebreider is ingegaan op het geweld dat onder Maccabi-supporters heeft plaatsgevonden. Er was inderdaad veel misinformatie en propaganda maar het kost nu eenmaal tijd om feiten te verzamelen. Binnen de driehoek is het de gewoonte is om bij operaties pas informatie naar buiten te brengen wanneer dat bijdraagt aan de rust in de stad en daar was op dat moment onvoldoende aanleiding voor. Er is ook overleg geweest met de regering om af te stemmen en om zeker te zijn van de informatie die naar buiten werd gebracht.
Het was vervelend dat het daaromheen gonsde van geruchten maar de informatie vanuit de driehoek heeft een ander gezag.
21
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid HOFLAND vindt dat de driehoek er ook voor kan kiezen om te laten weten dat de feiten bij het gezag nog niet bekend zijn. Burgemeester HALSEMA is het daarmee eens en daarom zijn er woordvoerders aan de driehoek verbonden die gedurende operaties informatie naar buiten kunnen brengen. Op dat moment vond ze het niet verstandig, maar dat betekent niet dat het nooit gebeurt. Terugkijkend op die nacht blijft ze bij dat oordeel en dat is het enige waarover zij en de onderzoekers van mening verschillen. Op zichzelf is het naar buiten brengen dat er is geen informatie is mogelijk, maar dan moet wel de inschatting zijn dat het een bijdrage levert aan de maatschappelijke rust en dat het niet leidt tot discussies. De afwezigheid van de tolken heeft te maken met de aard van het optreden op dat moment. Bij demonstraties zijn meestal tolken aanwezig om na te gaan of uitspraken strafbaar zijn. Hier waren de inspanningen erop gericht om de verzameling Maccabisupporters op de Dam zo snel mogelijk te verplaatsen naar het stadion om geweld en rellen te voorkomen. De inspanning was daarom minder gericht op het gedrag van individuele supporters. Het lid NADIF wijst op eerdere incidenten die ook een politieke laag hadden en vraagt waarom er niet is overwogen om toch tolken in te zetten.
Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij pas de volgende dag hebben gehoord wat er is geroepen tijdens de tocht over het Damrak. Als ze het eerder hadden geweten dan hadden ze wellicht opgetreden. Ze legt uit dat het meelopen van Israëlische agenten een gewone procedure is bij voetbalwedstrijden waarbij het gaat om voetballiaisons die zich richten op het verplaatsen van de fan walk naar het stadion. Mocht er opnieuw een club komen die vreselijke slurs kan uiten in een vreemde taal, dan zal de inzet van tolken overwogen worden. Het lid NADIF vindt het verwonderlijk dat de Israëlische liaisons op geen enkel moment de politie op de hoogte hebben gebracht van de expliciete, racistische en gewelddadige leuzen. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat dat aan de Israëlische liaisons is. Het lid HOFLAND merkt op dat dit niet de eerste keer was dat deze supportersgroep dit soort leuzen heeft geuit. Hij vraagt of het inzetten van tolken geen onderdeel had moeten zijn in een poging om het te voorkomen. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij, noch de politie, noch de KNVB, noch de UEFA op de hoogte was van grote groepen supporters van Maccabi die dergelijke slurs uiten. Later zijn er enkele voorbeelden naar voren gekomen waarin dat wel is gebeurd maar zij is daar van tevoren niet van op de hoogte gebracht.
Het lid HOFLAND merkt op dat een van de rapporten aangeeft dat de rollen duidelijker moeten worden zodat de NCTV, de politie en burgemeester van elkaar weten wie welk punt oppakt. Hij vraagt van welke van de betrokken organisaties de burgemeester in het vervolg verwacht dat ze de scherpte hebben om wel op de hoogte te zijn van dit soort gevoelige zaken. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat voetbalorganisaties een eigen verantwoordelijkheid hierin hebben en misschien ook sterker mogen optreden. Het lid NADIF geeft aan dat veel mensen gedurende de nacht al wisten wat er werd gezegd. Ze vindt het gek dat er niet meteen een punt van is gemaakt.
22
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het pas de volgende dag bekend is geworden bij haar en de politie. De volgende keer mogen mensen haar bellen op het moment dat ze het horen. Het lid NADIF vindt het een beetje gek dat er zo wordt gereageerd. Ze probeert te verhelderen wanneer bekend werd dat die leuzen geuit werden. Burgemeester HALSEMA zegt dat ze die vraag al twee keer heeft beantwoord, namelijk dat het bij hen pas de dag daarna bekend is geworden en dat de Israëlische liaison de politie daar niet over heeft geïnformeerd. Ze begrijpt de achterdocht over de camerabeelden en begrijpt ook dat men wil dat er vervolgd wordt als mensen in een metro geïntimideerd en geslagen worden. Er is geen verschil van mening tussen het GVB en het Openbaar Ministerie en zij hebben hierover een gezamenlijk bericht uitgebracht. Er is op 14 november aangifte gedaan en het Openbaar Ministerie kan pas na aangifte beelden opvragen. Ze hebben direct na de aangifte de politie verzocht om de beelden op te vragen en toen bleek dat het GVB de beelden al had vernietigd. Ze bestrijdt de veronderstelling dat hier een bedoeling achter zit of dat er sprake is van een dubbele maatstaf waarbij men niet zou willen opsporen en vervolgen als Palestijnse Amsterdammers het slachtoffer zijn. Ze weet dat het Openbaar Ministerie dit heel graag had willen opsporen en vervolgen.
De Amsterdamse politie wil onbevooroordeeld opereren. Het is een gemengd korps dat vele emoties kent en vele overtuigingen, ook als het gaat om Palestina en Gaza. Ze begrijpt hoeveel zorgen er leven bij de insprekers en ze verzekert hen dat zij in Amsterdam niet benadeeld mogen worden. Ze had gehoopt dat er aanbevelingen worden gedaan die zouden kunnen helpen om herhaling in de toekomst te voorkomen. Het is een treurige conclusie dat het niet voorkomen had kunnen worden. Er zijn twee aanbevelingen waarover discussie is geweest. De eerste gaat over de omgang met risico’s. Het COT geeft aan dat de feiten steeds minder relevant worden en dat men steeds meer op risico’s moet opereren. Er is geprobeerd zoveel mogelijk aan risico-inschatting te doen door scenario’s te maken en risico’s in te calculeren. Tegelijkertijd is het belangrijk dat het handelen op feitelijke waarnemingen gebaseerd blijft omdat anders het gevaar ontstaat dat het preventief handelen ten nadele van de vrijheid van inwoners kan uitvallen. Anders dan de UEFA en anderen adviseerden is er gekozen voor een hoogrisicowedstrijd en er zijn geen NCTV-adviezen genegeerd. Er is extra advies van de NCTV gevraagd, waarvan de inspectie nu zegt dat er misschien overvraagd is. Ze hebben veel extra stappen gezet en daarmee vanuit hun gut feeling gehandeld.
In het verhaal van het lid Alberts lopen de analyses uit het COT-rapport over risicobeheersing en risicouitsluiting door elkaar. Het COT zegt dat risico-uitsluiting bij grote, ingewikkelde situaties in de openbare orde fictie is en ook in deze situatie niet reëel was. Het lid Alberts verbindt het hoog risico aan de Maccabi-supporters maar het gaat om twee verschillende zaken. Ze hebben het beoordeeld als een hoogrisicowedstrijd en daarom zijn er extra stappen gezet maar de driehoek kent niet de algemene strategie van risico-uitsluiting omdat dat een valse verwachting over veiligheid creëert. Het lid ALBERTS legt uit dat ze met hoogrisicowedstrijd bedoelt dat het uitpubliek kan worden geweerd en dat daarmee het risico wordt uitgesloten. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij al uitgebreid heeft uitgelegd waarom ze de supporters niet konden weren. Het lid BROERSEN herhaalt haar vraag over het meer betrekken van jongeren bij het bespreken van de maatschappelijke onrust. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het niet de bedoeling was dat de onderzoekscommissie een groot maatschappelijk onderzoek zou doen. De
23
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
onderzoeksopdracht liep tot en met de ochtend en niet voor de weken daarna. Dat neemt niet weg dat zijzelf en het Amsterdamse bestuur heel veel gesprekken hebben gevoerd met jongeren over de spanningen in de stad en over wat het geweld in Gaza doet met de inwoners. Ze weet niet wat het lid Kabamba bedoelt met een openbaar tijdspad maar wil wel zeggen dat ze de uitspraak dat men ‘schijt aan onze veiligheid heeft’ beneden elk peil vindt. Het lid KABAMBA legt uit dat ze met een tijdspad bedoelt dat de stad getraumatiseerd is en op een bepaalde manier moet teruggaan naar vertrouwen. De gemeente kan dat doen door erkenning van wat er is gebeurd, maar ook van de pijn die nog steeds leeft. Als het gaat om het schijt hebben aan veiligheid bedoelt zij de hooligans die mensen uit auto’s hebben getrokken, tegen deuren hebben geschopt, de leuzen en het geweld. Als je op bezoek bent en dat is jouw gedrag op straat, dan ben je niet geïnteresseerd in de veiligheid van anderen. Daar blijft ze bij. Ze vindt dat niet beneden peil, het is haar verwoording van wat ze zelf op camera heeft gezien. Burgemeester HALSEMA dacht dat de woorden zich richtten naar de driehoek die veiligheid niet zou willen waarborgen. Ze herinnert eraan dat ook Israëliërs slachtoffer zijn geworden van gruwelijk geweld en dat het goed is om dat in balans te houden.
Voor het openbare tijdspad verwijst ze gemakshalve naar de vele initiatieven in de stad, met name de uitwerking van het initiatief van lid Khan en Garmy voor dialoogbijeenkomsten die worden uitgevoerd door wethouder Meliani. De factuur van COT was 28.000 euro exclusief btw en het is betaald. De aanwezigheid van politie op het Stationsplein is onderzocht. De beslissing wordt door het COT navolgbaar genoemd. Er was sprake van verplaatsing van politietroepen vanuit het ArenA-gebied naar het centrum. Er waren heel snel politiewagens aanwezig en dat heeft geleid tot het vormen van een cordon om Maccabisupporters op het Spui. De VOORZITTER geeft het woord aan plaatsvervangend politiechef Man. Plaatsvervangend politiechef MAN kan zich als geboren en getogen Amsterdammer en politieman goed voorstellen dat de ongeregeldheden een diepe indruk hebben gemaakt op iedereen in de stad. Het goed is dat er grondig onderzoek is gedaan en het is goed om te lezen dat het optreden in zowel de voorbereiding als de uitvoering zorgvuldig is gedaan, met grote inzet, flexibiliteit en professionaliteit binnen een ingewikkelde context. Veel Amsterdammers hebben een gevoel van onveiligheid ervaren. Van de politie mag worden verwacht dat zij van elke situatie leert en daarom omarmen zij de aanbevelingen van de onderzoekers. De politie is er voor iedereen en ze moeten de dialoog blijven voeren.
De politie is van betekenis als het gaat om bescherming van iedereen en het begrenzen van kwaadwillenden die iets verkeerds dreigen te doen. De politie is bezig met het ontwikkelen van nieuwe tactieken waarbij wel rekening gehouden moet worden met de kracht van het groepsoptreden. Daarnaast moeten ze rekening houden met de veiligheid van de collega's. De politie werkt al langere tijd met technologie om sneller informatie te kunnen duiden maar ze kan dat niet zonder juridische grondslag. De politie mag niet zomaar in de besloten of open groepen meekijken, daar hebben ze altijd toestemming van het Openbaar Ministerie voor nodig. Het filmpje van Bender laat niet alles zien. De politie was op alle strategische punten robuust aanwezig en dat blijkt ook uit de onderzoeken. Het bericht waar het lid Van Schijndel naar verwijst, is niet in het informatieproces of in het SGBO terechtgekomen. Het lid HEINHUIS vraagt wat de gemeenteraad kan bijdragen om de dialoog met de politie gaande te houden.
24
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Plaatsvervangend politiechef MAN antwoordt dat er binnen de politie veel ruimte is waarbinnen iedereen zich kan uitspreken. Hij vindt het belangrijk dat er vanuit de politiek geen olie op het vuur gegooid wordt. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken. Op verzoek van het lid Khan wordt het voor een middellange bespreking geagendeerd voor de raadsvergadering. Financiën 4. Kennisnemen van de Voorjaarsnota 2025 en vaststellen van de daarin voorgestelde begrotingswijzigingen van de Begroting 2025 VN2025-008522 Dit agendapunt wordt niet inhoudelijk besproken. De VOORZITTER schorst de vergadering voor vijf minuten. Algemene Zaken 10. Bespreken van eenheid van collegebeleid en -uitingen wethouders over Nederlands buitenlands beleid VN2025-009447 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants. Het lid WIJNANTS vraagt zich af of het in het belang van Amsterdam en de Amsterdammers is dat een vertegenwoordiger van het stadsbestuur zich op Instagram mengt in een ingewikkelde, pijnlijke en tweespalt zaaiende landelijke discussie over wapenleveranties aan Israël die op geen enkele manier raakt aan haar bevoegdheden of portefeuilles.
Hij vraagt of het in het belang van Amsterdam is dat zij, nadat de burgemeester een begrijpelijke poging had gedaan om de gevoelens van zoveel mogelijk Amsterdammers te verwoorden over de situatie in het Midden-Oosten, daar vrolijk doorheen fietst en het alsnog als een genocide bestempelt. Tot slot vraagt hij of de burgemeester hierover een gesprek met de wethouder heeft gevoerd. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kreuger. Het lid KREUGER wijst erop dat het college altijd met één mond spreekt zodat de Amsterdammers erop kunnen vertrouwen dat de stad collegiaal en professioneel bestuurd wordt en zij niet opgescheept worden met wethouders die allemaal individuele en partijpolitieke belangen hebben die ze vanuit hun functie zomaar rondspuien. Volgens hem is er de laatste tijd bij GroenLinks-wethouder Pels een patroon ontstaan dat daarvan afwijkt. Zij post geregeld zaken over het conflict in Israël-Gaza en recentelijk heeft zij steun betuigd voor de motie-Piri die gaat over het leveren van wapens aan Israël voor de zelfverdediging van dat land. Het lid HEINHUIS vraagt het lid Kreuger welke individuele belangen een wethouder heeft als zij zich uit over de landelijke politiek of de internationale politiek. Het lid KREUGER antwoordt dat dat het politieke profiel van de wethouder is.
Het lid HEINHUIS vindt het bijzonder dat JA21 van mening is dat politici en bestuurders geen vrijheid van meningsuiting hebben.
25
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid KREUGER antwoordt dat een wethouder alles mag roepen zolang het overeenkomt met het collegestandpunt. Maar het kan niet zo zijn dat een hele rits aan bestuurders lukraak wat kunnen roepen. Hij wil dat daar eenheid in en daar stelt hij nu vragen over. Eerst was het genocidaal en daarna werd het in één keer genocide. Welke van de twee is het? JA21 vraagt zich sowieso af of het verstandig is om zich voortdurend als college te willen mengen in internationale conflicten die ver buiten de cirkel van invloed zijn van dit college en of het college denkt dat het bijdraagt aan het bij elkaar houden van de stad. Tot slot vraagt hij waarom wethouder Pels zich via haar college-account uitspreekt voor de motie-Piri en of dat ook het standpunt van het college is Het lid ALBERTS vraagt welke uitspraken de leden Wijnants en Kreuger wel goedkeuren en over welke uitspraken ze een debat gaan aanvragen. Het lid KREUGER antwoordt dat het gaat over de motie-Piri en de vraag of het genocide of genocidaal is. Het lid ALBERTS wijst erop dat wethouders vaker uitspraken doen. Ze vraagt of het alleen gaat om uitspraken waar de leden Wijnants en Kreuger het niet mee eens zijn. Het lid KREUGER antwoordt dat hem dat vaker is opgevallen maar hij vond het nu tijd om er wat van te zeggen. Het lid ALBERTS vraagt of het lid Kreuger spijt heeft van het aanvragen van dit debat.
Het lid KREUGER antwoordt dat hij daadwerkelijk geïnteresseerd is in de antwoorden van de burgemeester. Het lid HOFLAND denkt dat iemand gelijktijdig lijsttrekker en wethouder kan zijn maar dan moet je duidelijk maken vanuit welke rol je spreekt. Hij vraagt met de motie-Piri als voorbeeld of het lid Kreuger denkt dat Amsterdammers massaal nu denken dat het standpunt van het stadsbestuur is dat Kati Piri president moet worden van Nederland. Het lid KREUGER leidt die vraag door naar de burgemeester omdat hij ook benieuwd is naar hoe het zit. Het lid BAKKER vindt het een mallotig debat. Ze vraagt of het lid Kreuger in de campagnestand staat of dat hij echt zo dom is als dat hij nu lijkt. Het lid NADIF vindt het een kinderachtige vertoning. Het is campagnetijd, er is iemand partijleider voor GroenLinks en er komt een verkiezingsprogramma met standpunten die niet in het coalitieakkoord staan. Dat moet de lijsttrekker verdedigen. Ze vraagt of JA21 en VVD bij elke uitspraak gaan klagen over wat wethouder Pels heeft gezegd. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het collegestandpunt ten aanzien van Gaza is verwoord op 14 mei 2025. Het lid Wijnants zal zich nog kunnen herinneren dat een VVD-lijsttrekker die tevens wethouder was ook weleens politieke uitspraken deed. Dat hoort er nu eenmaal bij.
Ze wil zich er verder niet over uitlaten om niet in politiek vaarwater te komen. Daarnaast merkt ze op dat het lid Kreuger een gedateerde versie van het Instagramaccount van wethouder Pels heeft, inmiddels staat er dat zij lijsttrekker is voor GroenLinks.
26
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid WIJNANTS merkt op dat wethouder Pels op 15 mei op Instagram heeft gesproken over genocide terwijl ze pas op 16 juni is benoemd als lijsttrekker. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij slechts heeft gezegd dat het collegestandpunt is geuit op 14 mei 2025 en dat dat het collegestandpunt is. Het lid WIJNANTS herhaalt dat wethouder Pels geen lijsttrekker was op het moment dat zij inging tegen het collegestandpunt door op Instagram te spreken van genocide. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat ze niet is aangesteld om wethouders te becommentariëren. Zij is voorzitter van het college en verantwoordelijk voor een goed verloop van het overleg. Ze legt uit dat de wethouders namens hun politieke partijen in het college zitten en hun eigen verantwoordelijkheid hebben. Ze herhaalt nogmaals dat het collegestandpunt is verwoord op 14 mei 2025. Het lid WIJNANTS vraagt of er een gesprek over dit onderwerp is geweest tussen de burgemeester en wethouder Pels. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat in het college talrijke gesprekken worden gevoerd. Het lid KREUGER vraagt of er een gesprek is gevoerd met wethouder Pels over haar bewoording. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat er in het college over van alles wordt gepraat en dat er met enige regelmaat wethouders zijn die via Instagram of X uiting geven aan veel emoties.
Daar wordt soms over gesproken en dan wordt opnieuw vastgesteld wat het gezamenlijke standpunt van het college is. Het lid KREUGER meent dat de burgemeester de tijdlijn niet scherp heeft. Wethouder Pels heeft op het moment dat ze geen lijsttrekker was het woord genocide gebruikt terwijl de burgemeester heel bewust het woord genocidaal gebruikt. Daar is goed over nagedacht maar een dag later gooit iemand olie op het vuur. De burgemeester doet alsof er niets aan de hand is en hij wil weten waarom deze burgemeester de wethouder de hand boven het hoofd houdt. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het de eenheid van collegebeleid zou schaden als zij uitspraken doet over gesprekken die in het college plaatsvinden. Suggesties over de hand boven het hoofd houden zijn politiek gemotiveerd en het lid Kreuger zal daar een campagnebelang mee hebben. Maar dat gaat in dit geval niet op omdat zij geen uitspraken doet over het handelen van wethouders. Het lid KREUGER vindt dat de burgemeester nu zelf toegeeft dat het hier gaat over de eenheid van het college en dat daar toch spanning op zit. Tegelijkertijd doet iedereen in de zaal alsof het heel raar is dat hierover een debat wordt aangevraagd. Hij wil weten wat er besproken is en of de burgemeester blij is met de uitspraak van de wethouder. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat er geen spanning op het college zit en dat heeft ze ook niet gezegd.
Er is eenheid van collegebeleid en dat geldt ook voor de gesprekken binnen het college waar zij niet over naar buiten treedt. Wat betreft het collegestandpunt geldt het statement dat ze heeft afgegeven op 14 mei 2025. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kreuger in tweede termijn.
27
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid KREUGER vindt het flauw dat de burgemeester hen verwijt dat ze een oude versie van het Instagramaccount hebben gezien. Hij heeft het gecheckt en het document is gisteravond aangepast. Ze hebben meteen overal screenshots van gemaakt. Hij vindt dat er rare paden worden genomen om hen als gekkies neer te zetten die het niet goed zien. Volgens hem spreekt het college niet met één mond en vindt het college dat helemaal prima. Het lid AHMADI merkt op dat zij het op 15 mei expliciet gevraagd heeft en dat de burgemeester toen heeft gezegd dat het college zich schaart achter twee experts die zowel van genocidaal geweld spreken al van genocide. Burgemeester HALSEMA begrijpt niet waarom het lid Kreuger zo boven zijn theewater raakt. Ze heeft alleen maar gezegd dat hij een gedateerde versie van het Instagramaccount had. Zij heeft de recente versie en het wordt goed vermeld. De discussie wordt gesloten. Openbare Orde en Veiligheid 15. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over het stoppen met beboeten van dak- en thuislozen voor buitenslapen De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Krom. Het lid KROM is blij met het besluit om te stoppen met boetes voor buitenslapen. Het gaat om een groep kwetsbare mensen die vaak buiten hun eigen schuld op straat zijn beland en buiten moet slapen.
Ze hoopt dat er altijd empathie blijft voor deze mensen die zelf ook liever in een veilig, warm bed zouden liggen. Ze begrijpt dat handhaving en politie willen optreden tegen overlast maar boetes duwen mensen verder in de penarie en lossen geen problemen op. Het is geen boete op overlast maar een boete op geen dak boven je hoofd hebben. Boetes werden soms ingezet om mensen in een juridisch traject te krijgen maar er zijn ook andere manieren om hulp te bieden, zoals registratie. Het is goed dat een sociaalpsychiatrisch verpleegkundige van de GGD mee kan lopen en ze vraagt of de burgemeester kan laten weten hoe dat uitpakt. Daarnaast vraagt ze aandacht voor andere boetes die niet direct met overlast te maken hebben, zoals boetes voor het ophouden in de openbare ruimte of het niet bij zich hebben van een geldig ID. Ze stelt voor om ook hiernaar te kijken omdat ook deze boetes mensen verder in de problemen brengen. Tot slot verzoekt ze de burgemeester om de problematiek rondom het beboeten van dakloze mensen actief onder de aandacht te brengen binnen de VNG en in gesprek te gaan met Merel van Rooy, de auteur van De Boetefabriek. Ze is benieuw hoe het nu verdergaat aangezien er in de brief van de burgemeester nog open eindjes staan, bijvoorbeeld over het handelingskader.
Het lid HOFLAND vraagt hoe de werkwijze ingericht moet worden zodat er nog wel handelend opgetreden kan worden als een bewoner meldt dat er iemand in zijn portiek slaapt en daar poept en plast. Het lid KROM antwoordt dat er heel veel andere dingen zijn die je kunt doen voordat je overgaat tot het uitdelen van een boete. Op het moment dat iemand poept en plast in je portiek is het een kwestie van overlast en daar kun gewoon tegen optreden. Ze pleit niet voor het afschaffen van alle boetes. Het lid HOFLAND vindt dat er wel een titel in de APV moet staan om ervoor te zorgen dat iemand verplaatst wordt van een plek waar het onwenselijk is.
28
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Het lid KROM antwoordt dat ze niet goed begrijpt waarom daar iets speciaals voor nodig zou zijn. Het gaat om mensen die op straat slapen en als iemand op een onhandige plek ligt kun je met die persoon in overleg gaan en je kunt vragen om een stukje op te schuiven. Dat is een vorm van medemenselijkheid. Als zij zelf iets verkeerd neerzet op straat wordt er ook eerst overlegd en wordt er niet meteen een boete uitgedeeld. Het lid HOFLAND geeft aan dat de uitvoering zich zorgen maakt omdat zij geen titel meer hebben om tegen iemand te zeggen dat hij weg moet. Het lid KROM antwoordt dat dit moet worden besproken met de uitvoering om samen te kijken naar oplossingen. Als het handelingsperspectief voor hen niet toereikend is dan moet er iets nieuws worden bedacht. Ze wil in ieder geval niet dat mensen verder in de problemen komen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS is het eens met het lid Krom en vindt het een goede maatregel. Het lid BROERSEN is blij is dat het beboeten wordt stopgezet. Ze kan zich volledig vinden in de uitleg van het lid Krom. Ze is ook erg blij dat er nu gewerkt wordt aan een meldings- en registratiesysteem omdat het belangrijk is dat mensen in beeld blijven en dat daar een kader voor bestaat. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Abdi. Het lid ABDI bedankt het lid Krom met wie ze samen is opgetrokken.
Het is een belangrijke principekwestie omdat het gaat om medemenselijkheid. Ze legt uit dat de APV verschillende artikelen kent als het gaat over hinderlijk gedrag in gebouwen en dat het vraagt om een cultuurverandering bij de handhaving. Daarnaast kan de inzet van veldwerk effectief zijn in de bejegening van mensen die daardoor beter worden geholpen met sociale voorzieningen of de weg terug naar huis. Deze aanpak wordt gefinancierd vanuit de Aanpak Binnenstad en de aanpak rond straatdealersproblematiek. Dat is de weg voorwaarts voor de kleine groep mensen voor wie het moeilijk is om hulp te vinden. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Hofland. Het lid HOFLAND geeft aan dat D66 achter het besluit staat om niet meer te beboeten maar er ontbreken nu wel een aantal titels om bewoners en mensen die buiten slapen te helpen. Het lid ABDI wijst op artikel 2.18 dat breed ingezet kan worden en zo zijn er nog twintig meer in de APV. Het is belangrijk omdat het gaat over iets waar je niets aan kunt doen, namelijk dat je dakloos bent. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester voor de beantwoording. Burgemeester HALSEMA is het lid Krom dankbaar voor het indringend agenderen van dit onderwerp omdat zij zelf ook erg geschrokken is van de cijfers over de boetes op buiten slapen en die in strijd zijn met de intenties die zij jaren geleden heeft geformuleerd.
Het stopzetten van het beboeten is een noodzakelijke stap omdat boetes leiden tot verdere verloedering van mensen. Buiten slapen is iets waar daklozen niets aan kunnen doen. Ze staat ervoor open om te kijken of er andere gedragingen zijn die mogelijk ook uit het boetesysteem gehaald kunnen worden maar waarschuwt dat dit ingewikkeld kan worden vanwege het gelijkheidsbeginsel. Sommige gedragingen, zoals
29
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
het niet bij zich hebben van een kopie van een ID, worden namelijk ook door anderen vertoond en dan kun je op het punt terechtkomen dat er te weinig mogelijkheden zijn om nog op te treden tegen een bepaald gedrag. Ze berijpt de zorgen van het lid Hofland maar van handhaving en de politie heeft ze teruggekregen dat men de wijziging begrijpt en dat er geen zorgen zijn over het niet meer kunnen optreden tegen ander gedrag. Uit ervaring weten ze dat bij 80 procent van de gevallen waarin mensen in portieken slapen een gesprek voldoende is en dat mensen dan vertrekken, al komt een kleine groep soms terug omdat mensen hun eten geven. Mocht ze signalen krijgen dat er behoefte is om andere artikelen in de APV te beoordelen of dat er instrumenten ontbreken, dan zal ze daarop bij de raad terugkomen. Het lid KROM herhaalt haar vragen over het handelingskader en het proactiever communiceren binnen de VNG. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het handelingskader wordt aangepast en dat ze de update met de raad zal delen voor de verkiezingen. Daarnaast zal ze ervoor zorgen dat de VNG op de hoogte is van welke stappen er in Amsterdam gezet worden. De discussie wordt gesloten. 12. Bespreken preventie en zorg bij vrouwelijke genitale verminking in Amsterdam VN2025-008624 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Nadif.
Het lid NADIF geeft aan dat genitale verminking niet in Nederland plaatsvindt maar in de landen van herkomst waar ook veel activisten, overheden, instanties en klinieken zich inzetten voor preventie. Ze vindt het belangrijk dat er een link met deze partijen is zodat er geleerd kan worden hoe het hier beter kan, maar ook zodat slachtoffers informatie krijgen over waar ze in het land van herkomst terechtkunnen. Ze wil kijken naar de mogelijkheden om de internationale samenwerking te verbeteren omdat ze denkt dat emancipatie en vooruitgang vanuit de gemeenschap zelf moeten komen. Uit onderzoek blijkt dat dat het beste werkt en daar wil ze meer op inzetten. Het lid ABDI wijst op vertrouwenspersonen die ouders kunnen informeren over de implicaties bij genitale verminking. De GGD heeft aangegeven dat een gesprek met een vertrouwenspersoon al heel erg kan helpen als er een vermoeden is bij een gezin. Ze vraagt hoe die gesprekken gestimuleerd kunnen worden in de cruciale periode voor de zomervakantie. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Moeskops. Het lid MOESKOPS bedankt namens collega Wehkamp het lid Nadif voor het voortouw nemen, het organiseren van een netwerk en de aanpak hierop. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Berkel.
Het lid VAN BERKEL wijst erop dat in Amsterdam 28.000 minderjarige meisjes wonen met een herkomst uit prevalentielanden van wie duizenden het risico lopen besneden en daarmee voor het leven verminkt te worden. In 2018 ging het naar schatting om 41.000 vrouwen in Nederland van wie de meesten in Amsterdam wonen. Het is geen nieuw fenomeen en komt vooral voor binnen bepaalde religieuze stromingen. Sinds het verbod op vrouwelijke genitale verminking is er nog nooit iemand voor veroordeeld en het aantal gevallen in Amsterdam stijgt onacceptabel. De meisjes hebben geen keuze en zijn overgeleverd aan hun omgeving als er niet op tijd wordt ingegrepen. De lichamelijke en geestelijke schade die zij oplopen door genitale verminking is zeer
30
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
ernstig. Het is een mensenrechtenschending, seksueel geweld en pure kindermishandeling. Hij vindt dat er alles aan gedaan moet worden om deze barbaarse praktijk te bestrijden en vindt praten alleen onvoldoende om deze diepgewortelde traditie te doorbreken. Daarom vraagt hij wat er gedaan kan worden. Hij wijst op Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk waar periodieke medische controles worden uitgevoerd bij meisjes uit risicolanden en stelt dat dit een kwestie is van beter voorkomen dan genezen. Hij pleit ervoor om te onderzoeken of het mogelijk is om minderjarige meisjes uit risicolanden bij de GGD of het OKT hierop te controleren tijdens reguliere gezondheidsonderzoeken. Het lid NADIF vindt het schandelijk dat wordt voorgesteld om op basis van afkomst bij jonge meisjes gynaecologische onderzoeken te doen. Artsen en de GGD hebben aangegeven dat dit schadelijk is en averechts werkt. Ze benadrukt dat het gaat om lichamelijke integriteit en ze hoopt dat het lid Van Berkel beseft wat hij eigenlijk vraagt. Het lid VAN BERKEL verzoekt de burgemeester onderzoek te doen naar maatregelen die in andere landen gangbaar zijn. Hij wijst erop dat het hierbij gaat om professionals en verpleegkundigen die daartoe bevoegd zijn. In het Verenigd Koninkrijk wordt een uitreisverbod opgelegd aan meisjes die risico lopen om in het buitenland verminkt te worden.
Uit de beantwoording van zijn schriftelijke vragen blijkt dat dit ook in Nederland mogelijk is. Hij vraagt de burgemeester waarom dit in Nederland nog niet is gebeurd. Gezien de zorgwekkende cijfers in Amsterdam verzoekt hij de burgemeester om de maatregelen die in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk worden genomen te onderzoeken en haar bevindingen terug te koppelen naar de raad. Daarnaast merkt hij op dat uit de beantwoording blijkt dat steeds meer religieuze leiders afstand nemen van vrouwenbesnijdenis. Toch worden op dit moment geen gesprekken gevoerd met religieuze organisaties in de stad over vrouwelijke genitale verminking. Hij vraagt waarom de burgemeester dit gesprek nog niet heeft geïnitieerd en of zij bereid is dit alsnog te doen en de raad te informeren over de uitkomsten. Tot slot wijst hij erop dat de Nederlandse wetgeving mogelijkheden biedt tot voortijdig ingrijpen, bijvoorbeeld via ondertoezichtstelling, maar dat dit nog nooit is toegepast. Hij vraagt de burgemeester hoe deze wettelijke mogelijkheden in de praktijk kunnen bijdragen aan de bescherming van de vele meisjes in Amsterdam die het risico lopen op genitale verminking. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS heeft bij de expertmeeting gehoord dat er ondanks alle inspanningen ook moeders zijn die ontkennen dat besnijdenis een verkeerde keuze is.
Sommige vrouwen zeggen dat het bij henzelf fout is gegaan maar dat er verder niets mis mee is. Ze vraagt zich af of er nog kansen zijn voor de gemeente om die mindset te veranderen, of dat het simpelweg een kwestie is van volhouden en stug doorgaan op de ingeslagen weg. Ze vindt het ernstig dat zelfs vrouwen die zelf verminkt zijn en medische gevolgen daarvan ondervinden toch nog zeggen dat er niets aan de hand is. Ze vindt dat daar extra aandacht aan besteed zou moeten worden. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording. Burgemeester HALSEMA heeft zich gedurende haar hele politieke carrière regelmatig beziggehouden met vrouwenbesnijdenis omdat zij dit een van de meest gruwelijke delicten vindt die zij kent. Het is niet alleen gekwalificeerde kindermishandeling met blijvend letsel maar ook diep misogyn omdat het tot doel heeft vrouwen en meisjes hun seksualiteit te ontnemen. Het is een wijdverbreid verschijnsel met soms religieuze en soms culturele motieven dat in veel landen voorkomt en via migratie ook in Nederland is terechtgekomen. Ze erkent dat het zich moeilijk laat uitbannen.
31
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
Op de vraag van het lid Nadif over contact met organisaties en overheden in andere landen die zich inzetten tegen genitale verminking verwijst ze naar een motie van GroenLinks uit 2019 in de Tweede Kamer waarbij de rijksoverheid 2 miljoen euro heeft vrijgemaakt ter ondersteuning van met name organisaties in ontwikkelingslanden die zich inzetten tegen genitale verminking. Ze hoopt dat dat geld in stand is gebleven bij de bezuinigingsronde op ontwikkelingssamenwerking. De focus in de stad ligt op de doelgroepen die zich in Nederland bevinden maar vanzelfsprekend is er contact met organisaties zoals Plan International, Amref en KIT om kennis te kunnen delen over de bestrijding van vrouwenbesnijdenis. Het lid NADIF denkt dat zulke organisaties ondersteunend kunnen zijn als mensen in het land van herkomst of binnen hun eigen kring vragen hebben en anderen proberen te overtuigen. Ze vraagt hoe ervoor gezorgd kan worden dat deze informatie beschikbaar is en toegankelijk wordt gemaakt als iemand daarom vraagt zodat zij ook een bijdrage kunnen leveren. Burgemeester HALSEMA zal die vraag doorgeleiden naar wethouder Scholtes, evenals de vraag van het lid Abdi over het stimuleren van gesprekken met vertrouwenspersonen. Dat is een buitengewoon goed idee maar daar kan wethouder Scholtes verder op ingaan.
Ze deelt het oordeel van het lid Van Berkel dat het ontbreken van veroordelingen een van de grootste frustraties is omdat strafrechtelijke veroordelingen een belangrijk generaal preventief effect hebben. Mensen verkeren soms in de veronderstelling dat wat zij doen geoorloofd is en dan helpen veroordelingen om duidelijke normen te stellen die zich ook binnen gemeenschappen verspreiden. Het grote probleem ligt bij de ingewikkelde bewijslast omdat daarvoor de medewerking van ouders en kinderen nodig is en de gemeente kan nooit een minderjarig meisje dwingen tot een vaginaal onderzoek omdat de gemeente die bevoegdheid niet heeft en omdat het in strijd is met de lichamelijke integriteit. De Nederlandse wet biedt mogelijkheden voor voortijdig ingrijpen. De kinderrechter kan in het uiterste geval besluiten tot zwaardere kinderbeschermingsmaatregelen zoals een uithuisplaatsing maar dat kan alleen via de rechter en niet via een bestuurlijk besluit. Ten aanzien van een uitreisverbod geeft ze aan dat dit landelijke wetgeving betreft en ze verzoekt het lid Van Berkel dit via zijn landelijke fractie te agenderen zodat bekeken kan worden of dit op nationaal niveau kan worden geregeld. Het lid VAN BERKEL merkt op dat in de beantwoording van zijn schriftelijke vragen staat dat een uitreisverbod mogelijk is.
Burgemeester HALSEMA antwoordt dat een uitreisverbod via een rechterlijk oordeel zal verlopen en dat zij als lokaal bestuurder zo’n verbod niet kan opleggen. Als er behoefte aan is dan is ze bereid om uit te zoeken en na te gaan hoe zo’n procedure precies verloopt en wie daarin handelingsbevoegd is. Ze denkt dat het belangrijk is om niet alleen met religieuze organisaties maar ook met culturele organisaties in gesprek te gaan. De GGD en de direct betrokken organisaties voeren op dit moment geen gesprekken met religieuze organisaties maar men is wel bereid om te bekijken of dat mogelijk is. Als hierin vervolgstappen worden gezet dan zal ze de raad daarover worden geïnformeerd door de wethouder Zorg. Het lid VAN BERKEL vraagt bij welke areligieuze gemeenschappen genitale verminking voorkomt. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij in Congo dokter Mukwege heeft ontmoet, winnaar van Nobelprijs voor de Vrede, die in zijn kliniek vrouwen behandelt die slachtoffer zijn van verkrachting als oorlogswapen maar waar ook vrouwen met verminkingen worden geholpen. Ze kent veel landen, met name in Sub-Sahara Afrika,
32
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht
AZ
Concept-raadscommissieverslag, 3 juli 2025
waar geen islam aanwezig is maar waar genitale verminking toch een diep verankerd cultureel verschijnsel is. Soms maakt het deel uit van oude natuurgodsdiensten, soms gebeurt het als oud islamitisch ritueel, maar het is vaak met elkaar vermengd. Ze benadrukt dat het zeker niet uitsluitend een islamitisch gebruik is zoals vaak wordt beweerd. Zo wordt in sommige Maghreb-landen die wel een islamitische traditie kennen vrouwenbesnijdenis juist streng veroordeeld, ook door de staat. Het probleem beperkt zich niet tot islamitische rituelen en tradities, de oorsprong ligt vaak in oude culturele rituelen waarin men denkt dat het een vrouw zuiver houdt of hygiënischer maakt, maar in wezen gaat het om het wegnemen van lust en om prereligieuze vormen van vrouwenonderdrukking waarvoor geen geloof nodig is. Het lid VAN BERKEL denkt niet dat er ergens in de wereld plekken zijn waar areligieuze of atheïstische stromingen zijn waar dit fenomeen uit voortkomt. Culturele en religieuze beweegredenen smelten samen waardoor het een cultureel fenomeen genoemd kan worden maar er is altijd een religieuze factor. Daarom pleit hij ervoor dat de burgemeester goed contact houdt met religieuze organisaties in de stad om te bekijken wat mogelijk is om dit fenomeen te beoordelen. Hij benadrukt daarbij dat hij niet alleen islamitische organisaties bedoelt.
Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij dat niet bestrijdt maar eraan toevoegt dat religies vaak en dankbaar gebruikmaken van ongelijke verhoudingen tussen man en vrouw en die versterken en bestendigen. Ze kent veel vormen van verminking in veel landen waar geen religie aan te pas komt om vrouwen fysiek te onderdrukken. Maar als de vraag is om contact te leggen met alle mogelijke organisaties die relaties onderhouden met prevalentielanden waar het voorkomt, dan doet ze dat graag want ze wil niets uitsluiten. De vraag van het lid Alberts raakt een belangrijk onderdeel van preventie. Ze weet van Pharos en andere organisaties die zich er intensief mee bezighouden dat dit ook het gesprek is dat gevoerd moet worden omdat er een beeld achter schuilgaat dat zich ook bij vrouwen heeft genesteld, namelijk dat ze onrein zijn en niet van seksualiteit mogen genieten omdat seksualiteit alleen voor voortplanting dient waarvoor ze een keer opengemaakt moeten worden. Dat is gruwelijk en het betekent inderdaad een verandering in de mindset van generaties vrouwen en mannen. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken. Het wordt op verzoek van het lid Van Berkel geagendeerd voor de raadsvergadering van 17 en 18 september. 13.
Voortgang programma tegen seksuele intimidatie en seksueel geweld 2024 VN2025-008626 Het lid MOESKOPS heeft met een onderzoeker van de Universiteit van Amsterdam gesproken die met een groep studenten alle beleidsstukken heeft doorgespit en daarin de woorden gender, vrouw en sekse heeft geteld. Op het fysiek domein waren die woorden op twee handen te tellen, op het sociaal domein waren het er ongeveer duizend. Gelukkig gaat het programma SISG hierop in. Ze noemt het initiatiefvoorstel Gastvrije openbare ruimte waarin pilots worden ingericht waarbij vanuit een vrouwelijke blik straten worden ingericht om preventief omgevingen te creëren tegen intimidatie en seksueel geweld. Haar ervaring is dat ze bij domeinoverstijgende voorstellen er bovenop moet zitten en ze hoopt dat de burgemeester kan bevestigen dat dit programma betrokken is bij het inrichten van de fysieke pilots. Ze denkt dat de kennis en netwerken die met jonge vrouwen zijn opgedaan daar letterlijk van levensbelang zijn. Daarnaast wijst ze op de piramide van geweld die uitlegt hoe ogenschijnlijk kleine, onschuldige opmerkingen de bodem vormen waar geweld kan gedijen en hoe professionals kunnen interveniëren. Ze vindt een zwaar argument voor preventie en de