Conceptverslag OZA 31.05.2023
Tekst van het document
Het lid WEHKAMP is blij dat het college in grote lijnen het advies volgt. In het voorstel wordt het college verzocht om in overleg met Amsterdamse middelbare scholen en mentale welzijnsorganisaties ervoor te zorgen dat elke middelbare scholier jaarlijks minimaal één les over mentale gezondheid krijgt. Het college geeft dan aan dat het aan de scholen zelf is of zij voorlichting aanbieden over mentale gezondheid. Het college zegt dat veel scholen het al doen. Uit onderzoek van UNICEF blijkt echter dat de helft van de jongeren tussen tien en achttien jaar in Nederland aangeeft dat er géén aandacht is voor mentale gezondheid op school, omdat ze niet weten óf hun school daar aandacht aan besteedt. Terwijl bijna alle jongeren zeggen er wel behoefte aan te hebben. Ook al zegt het college dat dit al op veel scholen gebeurt, blijkt uit het onderzoek van UNICEF het tegenovergestelde. Wil de wethouder kijken of dit inderdaad al op veel scholen gebeurt en in welke mate dat is? De urgentie van de situatie noopt namelijk tot inzicht in welke mate er daadwerkelijk aandacht voor is op school. Onderdeel van dit onderzoek kan de vraag zijn waarom scholen dit wel of niet doen. Vervolgens kan beter beleid gemaakt worden dat aansluit op de situatie bij scholen. Verder geeft het college aan dat men het onderzoek van OCW naar 600 studenten wil afwachten.
Het is goed dat minister Dijkgraaf in de tussentijd het bindend studieadvies naar dertig punten heeft verlaagd, om de stress te verminderen. Het is ook goed om aan de slag te gaan met het landelijk onderzoek. Tegelijkertijd kan de stad
32
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
hierop voorsorteren door de Amsterdamse situatie goed in kaart te brengen. Goede studentenpsychologen zijn belangrijk. Het blijkt dat er op de hele VU 9 studentenpsychologen zijn voor 32.000 studenten. Die verhouding is problematisch. Verder weet de student de studentenpsycholoog vaak niet te vinden. Het is goed dat het college werkt aan versterking van de zorgstructuur op school door het formuleren van gezamenlijke ambities met de samenwerkingsverbanden, passend onderwijs, schoolbesturen, OKT, zorgaanbieders en het buurtteam. Kan de raad over de ambities in de brief geïnformeerd worden? Met betrekking tot nazorg verwijst de wethouder naar het voortgezet onderwijs en het mbo. Hoe kijkt de wethouder naar het hbo en het wo? Het lid RUNDERKAMP hoorde mevrouw Wehkamp verwijzen naar het HBSConderzoek waaruit zou blijken dat sociale media geen impact zouden hebben op de gezondheid van de leerlingen. Hijzelf kent dat onderzoek niet. Gelooft mevrouw Wehkamp werkelijk dat de opkomst van sociale media geen invloed heeft gehad op de mentale gezondheid van studenten? Het lid WEHKAMP antwoordt dat zij vanuit een vorige functie betrokken was bij het onderzoek in kwestie. De geïnterviewde leerlingen zeiden dat een mobiele telefoon voor hen niet meer dan een gebruiksvoorwerp is. Het is een manier om bestaande sociale relaties te onderhouden.
De druk van buitenaf op scholieren bestond vroeger ook. Zij gaven in het onderzoek aan dat het een gebruiksvoorwerp is en meer niet. Het lid RUNDERKAMP heeft het specifiek over sociale media, niet over de opkomst van de mobiele telefoon. Natuurlijk was er vroeger ook druk, bijvoorbeeld wie de mooiste kleren aan had op school. Maar sociale media staan 24/7 aan, wat naar zijn idee een negatieve invloed heeft op de mentale gezondheid van studenten. Het lid WEHKAMP was ook verbaasd van de resultaten van het onderzoek. Zij raadt aan om het onderzoek van UNICEF ‘Geluk onder druk’ te lezen. Dat gaat er ook over. Het lid VON GERHARDT begrijpt dat het onderzoek is gedaan onder jonge mensen. Mogelijk zijn die niet anders gewend en zeggen dus dat het normaal is. Ziet mevrouw Wehkamp dat de snelheid waarmee dingen gaan en de hoeveelheid tijd dat de telefoon aan moet staan, namelijk 24/7, anders is dan voor de komst van de sociale media? Als je het vergelijkt met andere groepen kan dat dit ervoor hebben gezorgd dat relaties anders zijn en druk daarom anders wordt ervaren. Het lid WEHKAMP antwoordt dat zij niets kan veranderen aan de uitkomst van het onderzoek. Het lid DE JONG acht het mogelijk dat mevrouw Wehkamp studies uitzoekt die passen bij wat zij vindt. Er zijn een heleboel studies gedaan die juist uitwijzen dat de opkomst van sociale media zorgen voor meer depressie, angst etc.
Die studies stammen uit 2012. Al met al genoeg reden voor twijfel. Het lid RUNDERKAMP vraagt hoe de wethouder kijkt naar de impact van sociale media op het mentale welzijn van studenten. En hoe is dat geborgd in de aanpak van Thrive? Het lid VAN LAAKE merkt op dat de gemeente scholen al ondersteunt om les over mentale gezondheid aan te bieden, zo blijkt uit de reactie op het initiatiefvoorstel. Zij vraagt zich af of dat ook voor basisscholen geldt, of alleen voor vo-scholen. En als dat laatste het geval is, kan de gemeente basisscholen gaan ondersteunen in het aanbieden van lessen over mentale weerbaarheid?
33
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
Het lid VAN PIJPEN is blij dat het mbo aandacht krijgt in het voorstel en dat er oog is voor de preventieve aanpak. De belangrijkste preventie is het aanpakken van de omstandigheden. Het gaat in deze tijd ook over wonen, inkomen, arbeidsmarkt, en zeker ook de ggz. Ook vanwege de zwaarte van de mentale problematiek en de toename van de suïcides is de lijn naar de ggz belangrijk. Preventie is niet voldoende. Er is sprake van een puinhoop bij de ggz. Zij vraagt of dat punt, de omstandigheden en de doorgang naar de ggz in voldoende mate aan de orde komt in Thrive. Wethouder SCHOLTES dankt namens het college voor dit initiatiefvoorstel. Net is de Week van de Mentale Gezondheid achter de rug, waar ook Amsterdam aan meedeed. Daarbij werden jongvolwassenen opgeroepen over hun mentale gezondheid met anderen te praten. Dat zou de normaalste zaak van de wereld moeten worden. Hijzelf was op donderdagavond bij een avond in de nieuwe DeLaMar West waar een zaal vol jongeren van 18-25 jaar zal te luisteren naar heftige verhalen. Dat ging met een indrukwekkende openheid die hoop geeft voor de toekomst. Alle aandacht vanuit de raad voor mentale gezondheid kan daarbij helpen. Er loopt een landelijk onderzoek van OCW naar stressoren voor met name studenten. De uitkomsten worden verwacht voor de zomer van 2023.
Hij weet niet of het verstandig is om een Amsterdams onderzoek te houden; misschien is het verstandiger om per school of schoolbestuur te kijken naar de achterliggende problematiek. Hij wil het onderzoek graag met de commissie delen en bespreken wat er op lokaal niveau aan acties moeten volgen. Hij is het eens dat de ouders meegenomen moeten worden, hoewel een aparte actie niet verstandig lijkt. Het moet kunnen via de bestaande structuren. Schoolbesturen willen graag ouders meenemen in het gesprek over mentale gezondheid. Vanuit de Gezonde School kan er meer aandacht aan besteed worden. Wethouder Moorman is bezig met de samenwerking tussen schoolbesturen, OKT, zorgaanbieders en buurtteams. Zij zal na de zomer met meer informatie hierover komen. Hij antwoordt het lid Van Pijpen dat het inderdaad heel belangrijk is om aandacht te geven aan het mbo. Het bleek uit de Jong volwassenen monitor 2022 dat met name voen mbo-geschoolden minder vaak ergens terecht konden voor hulp dan hbo-wo. Er moest gekozen worden voor een focus. Wat betreft hbo-wo is er tot 18 jaar een zorgplicht, en daarna niet meer. Er wordt wel gekeken wat bovenwettelijk gedaan kan worden. Binnen Thrive zijn aanvullende acties, specifiek gericht op hbo en wo. Er kan bij de volgende vergadering, als het over Thrive gaat, verder bekeken worden wat meer kan gebeuren richting universiteit en hogescholen.
Studentenpsychologen behoren tot de verantwoordelijkheid van universiteiten en hogescholen. Het is duidelijk dat er aandacht moet zijn voor wat nodig is voor hbo- en wo-studenten. Daarom is er binnen Thrive een aantal acties specifiek op gericht. Hij antwoordt het lid Wehkamp dat het onderzoek van UNICEF een nationaal onderzoek is, dus misschien niet representatief voor Amsterdam. Op dit moment is er geen overzicht van hoeveel en welke scholen lesgeven over mentale gezondheid. De scholen geven er ook op verschillende manieren aandacht aan. Er moeten inderdaad nog veel meer scholen aandacht aan besteden. Daarop is Thrive ook gericht. Van daaruit kunnen scholen ondersteuning krijgen via de GGD en de Gezonde School-adviseurs. Het lid VON GERHARDT snapt dat de zorgplicht ophoudt met achttien jaar, maar de gemeente kan wel een aanjagende, faciliterende rol spelen. Daarbij denkt hij aan het samenbrengen van de reguliere ggz en de opleidingspsychologen, ook bij hbo en wo. Hoe ziet de wethouder dat? Ook kan de gemeente helpen bij het weer op gang helpen van mensen nadat ze hersteld zijn. Wethouder SCHOLTES antwoordt kan zich voorstellen dat de gemeente ook daarbij een rol pakt. Maar is de gemeente de juiste instantie om ook in de nazorg voor uitgevallen studenten een rol te nemen? Hij moet daarover nog nadenken en zal er snel op terugkomen.
Hij antwoordt de heer Runderkamp dat hij onderzoeken heeft gezien waaruit bleek dat jongeren die een pauze namen van sociale media zich binnen twee weken al beter gaan voelen. Hijzelf voelt zich mentaal ook beter als hij twee weken niet twittert. Wil je
34
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
jongeren echter bereiken, dan moet je daar zijn waar de jongeren zijn. Dat is vaak op sociale media. Scholen kunnen ook advies krijgen van de Gezonde School voor lessen in mediawijsheid. In het nationale programma voor mentale gezondheid is nog een vijfde lijn die specifiek aandacht geeft aan gezond online. Het is dus zeker een thema, dat de komende tijd meer aandacht behoeft. Daarom wordt ook MIND Us genoemd in Thrive. Hij antwoordt de Volt-fractie dat po-scholen wettelijk verplicht zijn om sociale veiligheid en sociaaleconomische ontwikkeling van leerlingen te volgen. Ze zetten ook veel in op sociaalemotionele vaardigheden tijdens de lessen. Ook vanuit de Gezonde School kan de GGD advies daarin bieden. Hij antwoordt het lid Van Pijpen dat je moet voorkomen dat alles in het kader van de aanpak mentale gezondheid gaat vallen. Je moet breder kijken naar alle terreinen, naar wat daar te doen is wat mensen vooruit helpt. Zo heeft wethouder Mbarki bekendgemaakt dat hij ieder jaar veertig speelplekken op gaat knappen of creëren. Bewegen levert binnen de Gezonde Omgeving ook een bijdrage. Op die manier zijn er meer terreinen die van invloed kunnen zijn op je mentale gesteld en gezondheid. Het lid VAN PIJPEN merkt op dat je ervoor moet zorgen dat de keten tussen preventie en behandeling echt open is. Zij vraagt of dat ook in Thrive aan de orde komt.
Wethouder SCHOLTES stelt voor daarover verder te spreken bij de behandeling van Thrive. Tweede termijn Het lid VON GERHARDT vraagt hoe hard de cijfers zijn. De wethouder geeft aan dat veel scholen al aandacht geven aan mentale gezondheid, maar tegelijkertijd blijkt uit de praktijk dat dit toch anders is. Welke stokken zijn er om scholen mee achter de broek te zitten?
Wethouder SCHOLTES antwoordt dat de cijfers niet hard zijn. Hij weet het aantal scholen niet precies. Wel is het duidelijk dat er meer moet gebeuren. Dat doet hij door via Thrive en de Gezonde School scholen te stimuleren om dat te doen. Scholen worden niet gedwongen. Het is uiteindelijk aan de scholen zelf om die keuze te maken. Het lid VON GERHARDT wil graag weten waar het wel en niet gebeurt. Zijn zorg is dat het bij scholen waar het allemaal goed gaat eerder gebeurt dan bij scholen waar het misschien wel het hardste nodig is. Hij krijgt graag meer informatie over waar het wel gebeurt, of dat in bepaalde gebieden gebeurt, of dat het in sommige gebieden helemaal niet gebeurt. Wethouder SCHOLTES antwoordt dat er bij Thrive en de GGD alle aandacht is voor het aan de orde stellen van mentale gezondheid in de kwetsbaarder gebieden of scholen. Hij vertrouwt in de ervaring van de GGD op dat punt. Het lid VON GERHARDT merkt op dat het voorstel aangepast zal worden op basis van de bestuurlijke reactie en de goede suggesties van zijn collega’s. Het kan daarna behandeld worden in de raad. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Het zal in aangepaste vorm geagendeerd worden voor de raad.
9. Instemmen met het initiatiefvoorstel ‘Pak Gokverslaving aan - zorg voor betere preventie en behandeling van gokverslaving in Amsterdam’ van de leden Van Pijpen en Yemane. (VN2023-010588)
35
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
De VOORZITTER licht toe dat dit initiatiefvoorstel is ingediend door de leden Van Pijpen en Yemane van GroenLinks. Het lid Van Pijpen krijgt drie minuten die niet van haar spreektijd afgaan om het plan toe te lichten. Daarna kunnen verhelderende vragen gesteld worden aan de indieners. Ten slotte volgt de reguliere behandeling. Het lid VAN PIJPEN merkt op dat gokken tot ernstige verslaving kan leiden. Niet iedereen raakt verslaafd, maar als het wel gebeurt zijn de gevolgen groot en ontwrichtend, zowel mentaal, financieel, sociaal als fysiek. Met dit initiatiefvoorstel wil haar fractie gokverslaving als serieus probleem aan de kaak stellen. De stad is verantwoordelijk voor publieke gezondheid, waarbij ook beleid hoort op het risico op gokverslaving. Haar fractie is sinds 2021 bezig met dit thema op de kaart te zetten. Bij de legalisering van de gokmarkt in 2021 vond men het belangrijker de vrije markt te beschermen dan de doelgroep die vatbaar is voor gokverslaving. Het gevolg is een vloed van reclame en normalisering van gokken. Dat is verbijsterend. Het is een crisis in wording. Gokken hoeft niet verboden te worden, maar het normaliseren en promoten ervan is het andere uiterste. Elke keer al zij de gokreclame ziet op de Ajaxshirts en in het stadion, krijgt haar Ajaxhart het nóg zwaarder te verduren dan dit seizoen al het geval was.
De gevolgen van dit landelijk beleid zullen lokaal opgelost moeten worden. Wat te doen met al die jongeren en volwassenen die gokken de normaalste zaak van de wereld vinden? Gemiddeld verliezen ze 153 euro per maand. Dat mag je niet normaal vinden. Dit initiatiefvoorstel gaat over actief aan de slag gaan met preventie en de kennis te vergroten bij professionals en handhaving van de aanbieders. Zij is blij dat het college adviseert om het voorstel over te nemen. Ook winst is dat het later nog met een plan zal komen voor een integrale aanpak van middelengebruik, inclusief gokken. Maar tegelijkertijd geeft de bestuurlijke reactie aan dat wat de initiatiefnemers voorstellen allemaal ondersteuning van het beleid is, en dat klopt gewoon niet. Gokken is helemaal nog geen onderdeel van het preventiebeleid. Als je zoekt op de GGD-site vindt je volop programma’s over alcohol en drugs. Op die ene hit over gokken wordt je doorverwezen naar de op zichzelf prima website van de Jellinek. Zij vraagt reëel in te gaan op het voorstel om de risico’s op gokverslaving op te nemen in het publieke gezondheidsbeleid. In haar eerste termijn zal zijn nog een aantal specifieke vragen daarover stellen.
Het lid RUNDERKAMP vond geen definitie van gokken terug in het initiatiefvoorstel. Hoe zit het bijvoorbeeld met investeren, beleggen, of de bitcoinhype? Het lid VAN PIJPEN vindt dat een terechte vraag. Waar ligt de grens? In de Wet op de kansspelen staat een grens aangegeven. Daarbij wordt wat in casino’s gebeurt echt onder gokken verstaan. Kansspelen en loterijen niet, en evenmin bitcoins of vormen van games die steeds meer gokelementen krijgen. Er is discussie over de vraag wanneer het een kansspel is en wanneer niet. Het lijkt verstandig om voor het moment uit te gaan van de definitie in de Wet kansspelen. Daarna kan verder gepraat worden over nieuwe vormen, zoals games en bitcoins.
Het lid RUNDERKAMP vraagt hoe men bij een onderzoek naar wie de gokkers zijn en waar ze zitten de privacy geborgd blijft. Het lid VAN PIJPEN heeft geen antwoord op die vraag, maar er zijn manieren voor gevonden in de monitors van alcohol- en drugsgebruik. Het staat buiten kijf dat de privacy essentieel is waarnaar goed gekeken moet worden.
36
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
Eerste termijn Het lid VAN PIJPEN leest in de bestuurlijke reactie dat het ondersteuning is van het beleid, maar volgens haar is er geen beleid, en kan het dus ook niet ondersteund worden. In de bestuurlijke reactie gaat men ook niet echt in op de deskundigheidsbevordering bij de buurtteams. Men verwijst naar een aanbod vanuit de Jellinek en andere aanbieders, maar het feit dat er een aanbod is, betekent nog niet dat het ook gebruikt wordt. Het lid WEHKAMP merkt op dat er al veel ligt bij de buurtteams. En moet het niet integraal, in plaats van weer een extra programma voor de buurtteams? Het lid VAN PIJPEN antwoordt dat zij niet wil zeggen dat het om een nieuw programma gaat voor de buurtteams. Het gaat erom dat er voldoende deskundigheid aanwezig is. Als mensen zich vervoegen bij het buurtteam, bijvoorbeeld voor schuldenproblematiek, moet gokken als mogelijke oorzaak in beeld komen. Het gaat erom dat de buurtteams kennis krijgen om hun werk nog beter te doen. De reactie van het college is haar wat te gemakkelijk. Het gaat te weinig in op de bedoeling, en daarmee beoogde verandering van beleid en aanpak. Ook als er integraal beleid komt, wat goed zou zijn, moet gokken daarin wel zichtbaar zijn. Zij vraagt wat de achtergrond is van deze bestuurlijke reactie.
Is de wethouder het met haar fractie eens dat gokken tot op dit moment alleen door een amendement van haar fractie op de nota Gezondheidsbeleid een herkenbare plek heeft in het beleid? Mag zij ervan uitgaan dat overname van dit voorstel wel bijdraagt aan een echte verandering van het beleid en aanpak? Zij vraagt de bestuurlijke reactie daarop nog eens door te lopen en eventueel aan te passen.
Het lid RUNDERKAMP sluit zich aan bij mevrouw Van Pijpen wat betreft het belang van dit onderwerp. Hij vraagt hoe de wethouder kijkt naar de definitie van gokken. Gaat het college uit van de definitie in de Wet op de kansspelen? Zijn collega Bastiaan Minderhoud was in februari in Oost en zag een tram voorbijkomen die in zijn geheel beplakt was met gokreclames. Hij begreep van de initiatiefnemers dat de wetswijziging per 1 januari zou ingaan, maar elders hoorde hij de datum 1 juli. Kan de wethouder duidelijkheid verschaffen? Het lid DE JONG denkt dat een deel van de gokverslaving zich online afspeelt. Als je dan op zoek gaat naar mensen die teveel geld uitgeven aan gokken, of er teveel tijd aan besteden, hoe krijg je dan een beeld van het online gokken? Het lid VAN PIJPEN vindt de vraag terecht die speelt bij veel sociale problematiek. Hoe kom je erachter? De legale kansspelaanbieders moeten het wel registreren, dus daar is bekend wie er gokt en of het problematisch is. Het zal voor de sociale hulpverlening op andere manieren ontdekt moeten worden. Dat kan als mensen in de schulden komen, bij hun huisarts komen omdat ze ziek worden, of omdat ze de post niet meer openmaken.
Wethouder SCHOLTES merkt op dat ook zijn Ajaxhart teleurgesteld is dit seizoen, ook door de keuze voor een bepaalde sponsor. Na herlezing van de bestuurlijke reactie kwam hij tot de conclusie dat die geen recht deed aan de inzet van GroenLinks en aan de verandering die deze teweegbrengt. Hij is bereid de bestuurlijke reactie zodanig aan te passen dat er meer recht aan wordt gedaan. GroenLinks heeft een discussienota geschreven, heeft een expertmeeting georganiseerd en heeft de nota Volksgezondheid geamendeerd. Dat heeft ertoe geleid dat het college nu met een integraal middelenpreventiebeleid komt, waarin gokverslaving structureel en herkenbaar zal worden betrokken. Als specifieke
37
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
interventie voor specifieke groepen nodig blijkt te zijn, zoals voor mensen met een gokverslaving, zal dat gebeuren. Het integrale programma zal nog worden besproken met partners en experts in de omgeving, waaronder ook de organisatie van de inspreker van vandaag. Vervolgens zal het college naar verwachting in Q4 naar de raad komen. Dan kan er nog verder op ingegaan worden. Men zal zien dat de punten uit het initiatiefvoorstel van GroenLinks in belangrijke mate een plek hebben gekregen. Voor de interventies is er de Jellinek, maar het gaat met name ook over de risico’s en de preventie van gokverslaving. Die beweging is in gang gezet en zal terugkomen in het nieuwe beleid. Hij zal aan de buurtteams gaan vragen of men bekend is met het aanbod van Jellinek, die trainingen aanbiedt aan eerste- en tweedelijnszorgverleners, maatschappelijke organisaties en buurtteams. Hij zal de buurtteams vragen of die bekend zijn met het aanbod en zo nee, wat de beste manier is om het beter onder de aandacht te brengen. Hij antwoordt de heer Runderkamp dat de definitie van gokken aansluit bij de definitie van de Wet kansspelen. Je zou voor het po en het vo ook kunnen kijken naar verantwoord gamen, een punt dat wellicht meegenomen wordt in het beleid. Het verbod op de gokreclames zal ingaan op 1 juli 2023.
Vanaf juli 2022 is het al verboden om voor jongeren interessante rolmodellen in te zetten voor gokreclame. De reclame op de tram zou dus momenteel nog mogen, maar niet met een bekende voetballer of artiest. Vanaf 1 juli 2024 zal het verbod ook gelden voor televisie en evenementen. Pas vanaf 1 juli 2025 wordt het verbod van kracht voor sportclubs, zoals voetbal. Het lid VAN PIJPEN voegt toe dat gerichte reclame online nog steeds mogelijk blijft, ook na alle verboden. Dat risico is er dus nog steeds. Zij hoopt dat de wethouder zijn bestuurlijke reactie nog aanpast. Als dat gebeurd is en daarover met haar fractie is afgestemd, kan het initiatiefvoorstel direct naar de raad. De VOORZITTER concludeert dat de commissie het onderwerp voldoende heeft besproken. Het kan in aangepaste vorm geagendeerd worden voor de tweede raadsvergadering vanaf nu.
10. Corona Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2022 (VN2023-011764) De VOORZITTER licht toe dat dit punt op de TKN-lijst stond van de vorige vergadering. Het is geagendeerd op verzoek van de leden Van Pijpen en Wehkamp. Het lid VAN PIJPEN merkt op dat je niet alleen pleisters moet plakken -ook niet op mentale gezondheid- en dat gokken hierbij ook een belangrijk punt is, dat er niet bij staat. Gokken heeft bij de coronapandemie zeker ook een rol gespeeld. Het lid WEHKAMP merkt op dat zes op de tien Amsterdamse jongvolwassenen psychische klachten hebben. 57% van die groep is heel vaak gestrest. 64% voelt zich eenzaam. Meer dan een kwart van de Amsterdamse jongeren voelt zich ‘ernstig eenzaam’. En een derde van de jongeren heeft wel eens, of vaker suïcidegedachten. Zij vond dat schokkend. Eerder kwam het HBSC-onderzoek ter sprake, waaruit bleek dat de situatie voor meisjes ernstig is verslechterd. Het is goed dat de gezondheidsmonitor voor jongvolwassenen een specifiek onderscheid maakt tussen mannen en vrouwen, en dus ook specifiek beleid kan maken. Opvallend is dat 62% van de ondervraagde meisjes te maken heeft gehad met geestelijke of lichamelijke mishandeling, of seksuele ervaring, tegenover 42% van de jongens. 35% van de vrouwen heeft te
38
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
maken gehad met uitgestelde zorg, tegenover 9% van de mannen. Waardoor dit laatste komt wordt niet duidelijk. Zij vraagt of daarover iets meer te zeggen valt. De mentale gezondheid is in de laatste jaren niet verbeterd. De achteruitgang van de mentale gezondheid verschilt significant tussen jongens en meisjes. Het is goed dat Amsterdam daarop blijft inzetten. De aanpak Thrive is naar de raad gestuurd, waarmee haar fractie blij is. Toch wordt daarin het verschil tussen jongens en meisjes niet meegenomen in de aanpak. Ziet de wethouder de noodzaak van gender mainstreaming, ook als het gaat om mentaal welzijn? Slechts 11% van de meisjes met een Marokkaanse of Turkse migratieachtergrond blijkt beschermd te zijn tegen kanker als gevolg van HPV. Dat is enorm laag. Kan daaraan iets gedaan worden? Zij las dat amper 20% van de jongvolwassenen die uitgenodigd waren voor de HPV-prik die ook werkelijk hebben gehaald. Dat is geen percentage om trots op te zijn. Het is belangrijk die RIVM-campagne goed onder de aandacht te brengen. Kan nog een extra push gegeven worden aan die campagne? Het lid RUNDERKAMP las in de coronamonitor dat de jongeren in Amsterdam op alle indicatoren van middelengebruik hoger scoren dan het landelijk gemiddelde.
Hij leest in de brief bij de Inzet preventie middelengebruik in Amsterdam dat ‘Met een programmatische aanpak om de preventie te verbeteren zet Amsterdam, samen met partners, in op het verlagen van de gezondheidsgraad als gevolg van het gebruik van de middelen.’ Dat lijkt hem onvolledig. Het college moet zich ervoor inzetten dat het middelengebruik zelf omlaaggaat. Hoe ziet de wethouder dat? Vorig jaar kwamen Utrechtse studenten in het nieuws met een campagne ‘Waar trek jij de lijn?’ om studenten bewust te maken van de gevolgen van het excessieve gebruik van harddrugs en alcohol. Mevrouw Abdi en de heer Boomsma hebben hierover schriftelijke vragen gesteld. Hoe staat het ermee voor? Wat is het beleid van het college? Worden in het Amsterdam ook studenten in het mbo-hbo en het wo bereikt met de campagne? Hij las in de Corona Gezondheidsmonitor dat 48% van de jongeren vijf of meer dagen per week niet minstens een halfuur beweegt. Hij is blij dat er een relatie gelegd wordt tussen het mentale welzijn en het bewegen. Het lid DE JONG plaatst vraagtekens bij de betrouwbaarheid van de getallen. Als je van 400 leerlingen wil weten of ze liever een langere of een kortere lesdag hebben, heb je voor 95% betrouwbaarheid 170 respondenten nodig. Er zijn 115.000 jongvolwassenen in Amsterdam en 2000 daarvan hebben de vragenlijst ingevuld, wat neerkomt op 1,7%.
De betrouwbaarheid van de uitslag is dus niet heel groot. Het kan lager zijn of hoger zijn, want je weet het met minder zekerheid. Volg je de lijn van deze data, en een op de drie jongeren heeft suïcidegedachten, dan lijkt dat grond voor behandeling, bij de ggz of bij de huisarts. Dat betekent dat er zo’n 38.000 nieuwe behandelingen moeten worden gestart in Amsterdam. Daar is geen capaciteit voor. Hij vraagt of men mensen wil opsporen om ze een behandeling aan te bieden die niet gegeven kan worden. Hoe interpreteert de wethouder deze getallen? Hij mist ook de demografie van de respondenten. In Bijlmer-Oost en Geuzenveld-Slotermeer komt bijna twee keer zoveel psychische problematiek voor als in Zuid of Centrum. Als er een bias in is geslopen, kan het zijn dat bijna 100% van de mensen in die wijken psychische problemen heeft, of bijvoorbeeld door de helft als er veel respondenten uit die wijken zijn geweest. Dat ontbreekt nog in de interpretatie. De definitie van ‘eenzaamheid’ vindt hij interessant. Thrive zei in 2019 dat 8% van de jongeren eenzaam is. Nu zou dat volgens deze monitor 64% zijn. Er is dus sprake van een enorme toename, terwijl de maatregelen verleden tijd zijn. Ook 80% van de respondenten zegt dat men zich weerbaar genoeg voelt. En slechts 18% heeft
39
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
van alle issues die zijn ontstaan nog steeds last. Dus hopelijk is het probleem kleiner dan gedacht. Hij vraagt een reactie. Stichting Alexander gaat nog kwalitatief onderzoek doen voor meer interpretatie van de data. Hij vraagt of het beleid gemaakt wordt op basis van de factsheet. In dat geval hoeft het kwalitatief onderzoek niet gedaan te worden. En als het kwalitatief onderzoek het beleid nog bijschaaft, hoeft het nu niet besproken te worden. Het lid VON GERHARDT merkt op dat het belangrijk is erop in te blijven zetten, en dat het belangrijk is de weerbaarheid te vergroten. Zoals het lid Van Pijpen zegt, moet je niet alleen pleisters plakken, maar ook de problemen oplossen. Dit is een landelijke coronagezondheidsmonitor. Hij vraagt of er een vervolg op komt, nu corona min of meer weg is. Komt er een soort landelijke gezondheidsmonitor? En mag een Amsterdamse versie verwacht worden? Hoe gaat die eruitzien? Veel jongeren geven aan dat de coronatijd een lastige periode was. Ze hebben veel op moeten offeren, en missen nog steeds iets van een bedankje, dat de samenleving laat zien dat het offer gewaardeerd wordt. Hoe ziet de wethouder dat? Het lid VAN PIJPEN vraagt hoe die steunbetuiging eruit zou moeten komen te zien. Verder vraagt zij of de doelgroep ouderen ook dat bedankje moet krijgen.
Het lid VON GERHARDT antwoordt dat hij specifiek de jongeren noemde, omdat die minder kans hadden om er ernstig ziek van te worden en wel veel op hebben moeten offeren. En ze leefden in een tijd waarin ze misschien net begonnen met studeren, waardoor ze misschien wat meer gemist hebben dan de ouderen. Misschien kan het gewoon zeggen dat de bijdrage gewaardeerd werd, al een stap zijn. Wethouder SCHOLTES merkt op dat er vaker een Amsterdamse gezondheidsmonitor is gedaan. De stijgende trend bij mentale klachten zette blijkens de trendanalyse al in tussen 2008 en 2020. Het is goed er aandacht aan te blijven besteden. Mentale gezondheid moet bespreekbaar zijn in deze stad. Hij antwoordt het lid Wehkamp dat de cijfers voor uitgestelde zorg specifiek golden voor de coronaperiode. In Amsterdam kwam uitgestelde zorg vaker voor dan landelijk: 29% tegenover 26%. De reden daarvoor is dat mensen vaak zelf die zorg hebben uitgesteld of afgezegd. Hij weet niet of er specifiek beleid op nodig is. Een gendersensitieve aanpak zou zeker de voorkeur hebben in de benadering van mentale gezondheid. Er is alleen weinig aanbod op dat vlak. Op dit moment wordt het onderscheid tussen jongens en meisjes niet specifiek gemaakt, maar je zou erover na kunnen denken. De GGD heeft veel aandacht voor het bij vaccinaties bereiken van een zo breed mogelijk publiek.
De vaccinatiegraad blijft bij bepaalde groepen achter. Dat geldt mensen in kwetsbare wijken, maar ook bijvoorbeeld jongvolwassenen van Turkse, Nederlandse of Marokkaans-Nederlandse herkomst. Er wordt online en offline communicatie ingezet om die groepen toch te bereiken. Men streeft ernaar om de vaccinaties dichtbij die doelgroep aan te bieden. Het lid WEHKAMP las vandaag in Het Parool dat maar 20% van de jongvolwassenen ingegaan is op de uitnodiging voor de HPV-vaccinatie. Daarom moet actie ondernomen worden. Je hebt twee prikken nodig en er moeten maanden tussen zitten. Dit is de laatste kans om nog een extra push te geven.
Wethouder SCHOLTES antwoordt dat volgende week extra communicatie ingezet wordt. Dat gebeurt via sociale media en via Instagram met feiten en fabels
40
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
over vaccinatie. De doelgroep in de buurt van de vaccinatielocatie krijgt online melding van de mogelijkheid om die vaccinatie te krijgen. Ook de stadsdelen hebben goede netwerkcontacten in de buurt, waarvan gebruikgemaakt zal worden. Er worden fysieke posters aangebracht rondom de vaccinatielocaties. Ook wordt extra aandacht gezocht via woordvoering en de pers. Hij antwoordt het lid Runderkamp dat de ambitie van het programma is dat de gezondheid van Amsterdammers niet wordt geschaad door het gebruik van alcohol en drugs, noch door gokspelen. Ook staat in het programma dat de ambitie is dat Amsterdammers zo laat mogelijk in hun leven, als ooit, hun eerste ervaring hebben met deze middelen. Als die ambitie gerealiseerd wordt, zal het middelengebruik ook dalen. Men zal tegelijkertijd ook realistisch moeten zijn. Er is een groot uitgaanscircuit en er zijn veel grote evenementen. Het is ook een studentenstad. De samenstelling van jongvolwassenen in Amsterdam zal mogelijk net iets anders zijn dan elders. Hij is het eens dat het niet alleen gaat over tegengaan van gezondheidsschade, maar ook om het zo laat mogelijk in iemands leven, als ooit, de eerste ervaring hebben met middelen. Hij is niet op de hoogte van de specifieke Amsterdamse campagne, in navolging van de Utrechtse UVSV.
Het kan zijn dat studentenverenigingen op eigeninitiatief dit soort initiatieven hebben gedeeld en aangeboden. In ieder geval zijn er vanuit drugspreventie verschillende inspanningen geweest op hbo en wo. Er is een online voorlichtingscampagne voor studenten, inclusief internationale studenten. De voorlichting is er ook tijdens de intreeweken. Verder is er nog deskundigheidsbevordering en voorlichting voor studieverenigingen en studentenverenigingen. Op het belang van bewegen komt hij nog terug in de behandeling van Thrive. Thrive is een programma om aan te jagen en de deskundigheid te bevorderen. Het stimuleren van beweging zit er zeker in. Ook het beter bekendmaken van al bestaand preventief aanbod hoort erbij. Er zal samengewerkt worden met aanbieders van het bewegingsaanbod om de mentale gezondheid van bewoners te verbeteren. Het lid DE JONG vraagt de visie van het college op de gereguleerde MDMAproeven die nog in de lucht hangen, om veiliger gebruik te onderzoeken. Aan de ene kant ontmoedigt men het middelengebruik, en aan de andere kant wordt onderzocht of die middelen goed aangeboden kunnen worden.
Wethouder SCHOLTES antwoordt dat het er primair om gaat gezondheidsschade zoveel mogelijk te voorkomen. Dat heeft ook te maken met de manier waarop die middelen gebruikt worden. De realiteit gebiedt te zeggen dat er in Amsterdam veel wordt gebruikt. De vraag is hoe je daarmee het beste om kunt gaan. Je moet rationeel kijken wat het beste werkt. Het lid VAN PIJPEN denkt dat het van belang is bij middelengebruik te allen tijden te kijken naar het gezondheidsrisico. Repressie is geen middel om de gezondheid te verbeteren. Het moet als een gezondheidskwestie behandeld worden, waarbij regulering ook hoort.
Wethouder SCHOLTES antwoordt de heer De Jong dat de betrouwbaarheid van de cijfers een interessante discussie kan zijn. Al jaren wordt de gezondheid van Amsterdammers onderzocht. De mentale gezondheid krijgt aandacht in het preventieve gezondheidsonderzoek van de GGD. Voor hem is het duidelijk dat mentale gezondheid een belangrijk onderdeel moet zijn van het gezondheidsbeleid. Over de wetenschappelijke onderbouwing van de cijfers kan nog een interessant debat gevoerd worden.
41
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding
OZA
Concept Raadscommissieverslag, 31 mei 2023
Hij antwoordt de heer Von Gerhardt dat hij uitkijkt naar een voorstel voor een steunbetuiging aan jongeren vanwege corona. Het zou zo moeten gebeuren dat jongeren er ook voor openstaan als het vanuit de gemeente komt. Waarover hij zijn twijfels heeft. Het idee vindt hij echter interessant. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken.
Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 21.06 uur.
42