CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Visie Diemerpark – inspraak versie.pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 7 april 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Concept Visie op het Diemerpark, natuurlijk recreatief landschap, vrijgeven voor inspraak en advies (ZD2022-003390)18.037 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Visie Diemerpark Noord/zuidlijn

Natuurlijk, recreatief landschap 30 Januari 2022

Colofon Uitgave Gemeente Amsterdam Stadsdeel Oost Gebiedsteam IJburg-Zeeburgereiland Projectgroep Vernieuwing Diemerpark Bestuurlijk team Vernieuwing Diemerpark Wethouder Sport Simone Kukenheim Wethouder Ruimtelijke Ordening Marieke van Doorninck Wethouder Verkeer & Vervoer Egbert de Vries Wethouders Openbare ruimte en Groen Jakob Wedemeijer Portefeuillehouder DB Oost Ivar Manuel Ambtelijk opdrachtgever Arjan Spit, gebiedsmanager IJburg-Zeeburgereiland

2

Ambtelijke stuurgroep Vernieuwing Diemerpark Laura van Walsem, Sport en Bos Dirk Sagius, Ruimte en Duurzaamheid Maikel de Gram, Grond en Ontwikkeling Projectroep Michiel Thunnissen - Projectmanager/PMB Marjolein Driessen - Assistent projectmanager/PMB Rik Siere - Communicatie adviseur Marjo Hoek - Technische projectleider/IB Jasper John - Planningsadviseur/IB Gaston Dolmans - Projectleider Nazorg Diemerzeedijk/G&O Berno Hartgers - Gebiedsbeheerder/Stadswerken Marjolein Mantel - Gebiedsmakelaar Stadsdeel Oost Hugo Hilgers - Adviseur sport/S&B Ward Rothuijsen - Parkeernormadvieseur/V&OR Uma Ho-Sam-Sooi - Stadsecoloog/R&D Robrecht Kleine Deters - Juridisch planoloog/R&D Menno Hes - Ingenieursbureau/Sweco Joep van Amelsvoort - Ontwerper openbare ruimte/R&D Floris Grondman - Senior ontwerper openbare ruimte/R&D

3

Luchtfoto Diemerpark, bron: siebeswart.photoshelter.com

Leeswijzer Inleiding en opgave Hoofdstuk 1 start met de aanleiding voor deze visie en verwoordt de algemeen gedeelde wens voor een nieuwe balans tussen natuur, infrastructuur, sport en recreatie in het Diemerpark. Een balans waarin elk van deze aspecten tot zijn recht komt en er zelfs op vooruitgaat.

Ruimtelijke context Hoofdstuk 2 geeft een terugblik op de ontstaanshistorie van het Diemerpark en schetst de ruimtelijke ontwikkelingen rond het park, in het licht van de stedelijke en regionale opgaven op het gebied van wonen, infrastructuur en natuur.

4

Analyse Voor een goed begrip van de huidige situatie geeft hoofdstuk 3 een analyse van de fysieke opbouw van het terrein, de vier basisstructuren in het landschap, aanwezige natuurwaarden, het gebruik door verschillende doelgroepen en het huidig beheer.

Visie Met die kennis in het achterhoofd beschrijft hoofdstuk 4 op hoofdlijnen een visie op de toekomst in drie thema’s: landschap als fundament, verbonden en toegankelijk, en recreatief landschapspark. Deze drie thema’s worden respectievelijk uitgediept in de hoofdstukken 5, 6 en 7. In hoofdstuk 5 worden natuurwaarde beschreven van vier landschappelijke structuren in het park, en wordt een landschappelijk-ecologisch streefbeeld geschetst voor de toekomst. Hoofdstuk 6 gaat in op de wens om de verkeersinfrastructuur (met name voor fiets) te verbeteren en de ruimte voor langzaam verkeer in het park te vergroten.

Hoofdstuk 7 zoomt in op alle vormen van recreatief gebruik in het park, verschillende zones van soorten recreatie en plannen om dat te verbeteren. In dit hoofdstuk wordt ook uitgebreid stilgestaan bij de inpassing van het te vernieuwen sportpark. Hoofdstuk 8 komt met een visie op verbetering van meubilair en informatieborden in het park. Hoofdstuk 9 is gewijd aan de noodzaak om te komen tot integraal beheer van het park, waarin taken van diverse beheerorganisaties beter worden afgestemd. Hoofdstuk 10 presenteert de totale visiekaart, waarin highlights uit de eerdere hoofdstukken zijn samengevat.

Planning Hoofdstuk 11 sluit de visie af met een doorkijk naar de volgende planfasen: het opstellen van Uitwerkingsplannen en beheerplannen voor alle deelgebieden in het park, met veel ruimte voor participatie.

Inhoudsopgave 1

Inleiding en opgave 1.1 Behoefte aan nieuwe visie 1.2 Bestuurlijke uitgangspunten 1.3 Afspraken met gebruikers

2

Ruimtelijke context 2.1 Korte historie 2.2 Diemerscheg 2.3 Stedelijke ontwikkelingen omgeving 2.4 Selectie beleidsdocumenten en bestemmingsplan

3

Analyse Diemerpark 3.1 Oorspronkelijke ontwerp 3.2 Basisstructuren van het Diemerpark 3.2.1 Het dijklichaam 3.2.2 Het moeras (ARK-zone) 3.2.3 Het park (vuilstort) 3.2.4 De lijst 3.3 Ecologische corridors 3.4 Verbindingen 3.5 Huidig gebruik 3.6 Kunst in het park 3.7 Beheer en onderhoud

4

Visie Diemerpark 4.1 Identiteit 4.2 Visie met drie thema's

5

Thema: landschap als fundament 5.1 Meer dan een stadspark 5.2 Vier landschappelijke structuren 5.2.1 Dijk – structuur 1 5.2.2 Moeras (ARK-zone) – structuur 2 5.2.3 Park – structuur 3 5.2.4 Lijst – structuur 4

6

Thema: verbonden en toegankelijk 6.1 Optimalisatie van bestaande routes 6.2 Aanleg van nieuwe routes

7

Thema: Recreatief landschapspark 7.1 Mogelijkheden in het park 7.2 Intensieve recreatie 7.3 Landschappelijke inpassing sportpark 7.4 Natuurbeleving en rust 7.5 Evenementen in het park 7.6 Kunst in het park

8

Meubilair en informatieborden

9

Visie verankeren in het beheer

10

Visiekaart

11

Planning uitwerkingsplannen

5

6

Inleiding en opgave

7

1. Inleiding en opgave

8

Hoe mooi de natuur zich ook ontwikkelde, de plannen voor IJburg met 40.000 mensen vlak naast de vuilstort, maakten het eind jaren ’90 noodzakelijk om de ernstig verontreinigde locatie ingrijpend aan te pakken. Allerlei manieren van saneren zijn toen de revue gepasseerd. Alles weghalen was praktisch en financieel volstrekt onhaalbaar daarom is er gekozen voor een isolatievariant. Het vervuilde gebied is hermetisch ‘ingepakt’ en geïsoleerd van de omgeving. De doorsnede van de vuilstort laat als het ware een omgekeerde ‘schoenendoos’ zien die over de stort heen is gezet. Rondom de vervuiling zijn diepe schermwanden geplaatst, de bovenkant werd afgedekt met een isolerende beschermlaag van folie of Trisoplast en ongeveer een meter schone grond. Boven en onder de beschermlaag zit een complex netwerk aan kabels, leidingen, drainages en sensoren. Binnen de schoenendoos heerst permanent onderdruk, zodat er niets van binnen naar buiten kan lekken. Om die isolatie niet te beschadigen gelden stringente eisen en beperkingen aan de inrichting, bebouwing en beplanting.

1.1

Behoefte aan nieuwe visie

Het Diemerpark is anders dan alle andere stadsparken in Amsterdam. De bekende parken zoals het Vondelpark, Westerpark en Oosterpark zijn ontworpen in de Engelse landschapsstijl als decor voor recreatie en natuurbeleving. Het Diemerpark echter is ontworpen als een landschapspark waar natuurlijke- en ecologische waarden de boventoon voeren. Dat is opmerkelijk omdat die natuurwaarden zijn ontstaan op een voormalige vuilstort. Het Diemerpark is daarnaast óók een sport- en recreatiepark, maar de natuurlijke kwaliteiten overheersen. Het bijzondere karakter van het Diemerpark staat echter al jaren onder druk en verdient extra de juiste aandacht. Deze visie vertelt hoe dat kan gebeuren. In de eerste twintig jaar van zijn bestaan heeft het park roem vergaard met diens grote biodiversiteit, de voor een stadspark bijzondere flora en fauna, verrassende landschap en voortdurend wisselende vegetatie. Met

zijn bijzondere en rijke flora en fauna vormt het gebied een belangrijke schakel in de ecologische structuur van Amsterdam en de regio. Daarnaast functioneert het park, als onderdeel van de Diemerscheg, ook als groene buffer tussen de verstedelijkte gebieden van Diemen, IJburg, de Indische Buurt en het Zeeburgereiland. Het park is een geliefde plek voor verschillende zeldzame diersoorten om te verblijven en te foerageren én voor IJburgers voor wie het een belangrijk groengebied is naast de relatief stenige woonbuurten. In de afgelopen decennia is de druk vanuit de omgeving op het park toegenomen. Dat is het meest zichtbaar in het noordwestelijk deel. Stap voor stap is daar een sportpark ontstaan dat nu bestaat uit zes voetbalen hockeyvelden. Maar ook andere delen van het park worden drukker bezocht, óók delen waar de natuurkwaliteit de boventoon voert en menselijke aanwezigheid minder gewenst is. Het park is daarnaast duidelijk aan slijtage onderhevig, mede doordat het dagelijks beheer tekortschiet. Er is behoefte aan een nieuwe visie op het beheer die past bij de bijzondere kwaliteiten van dit gebied. IJburg groeit en daarmee zal de druk op het Diemerpark verder toenemen. Niet alleen door het aantal bezoekers, maar ook door de veranderende wijze waarop zij het park willen gebruiken. Dit versterkt de noodzaak van het opstellen van een integrale visie op het park.

Een visie die duidelijk richting geeft aan de ontwikkeling, waarin een balans wordt gevonden tussen het versterken van de ecologische- en landschappelijke waarde enerzijds, en anderzijds meer ruimte geven aan recreatie en sport. In deze visie staat die balans centraal, met concrete voorstellen voor verbetering van alle delen van het park. De visie doet ook voorstellen voor integraal beheer, een vorm van beheer die alle kwaliteiten langjarig in stand houdt. Daarbij wordt voldoende ruimte geboden aan flexibiliteit, om in te kunnen spelen op toekomstige ontwikkelingen.

9

1.2

Bestuurlijke uitgangspunten

Het bestuurlijk team Vernieuwing Diemerpark gaf in december 2019 opdracht om een samenhangende identiteit van het park te formuleren, op hoofdlijnen een ontwerp te maken (inclusief ruimtelijke onderbouwing) en een plan van aanpak voor de herinrichting met een globale inschatting van kosten, planning en juridische stappen. Deze visie is daarvan het resultaat. Bij de genoemde opdracht gaf het bestuur de volgende uitgangspunten mee: •

10

De (her)inrichting van het park moet gebeuren volgens een natuurinclusief ontwerp, waarbij bestaande natuurwaarden worden versterkt en de beleving van het open landschap gerespecteerd.

•

Het sportpark wordt uitgebreid met twee hockeyvelden en twee voetbalvelden. Alle sportvelden in het park tezamen blijven binnen de 9 hectare van het bestemmingsplan, maar het is mogelijk om de buitencontour van het voor sport bestemde gebied aan te passen.

•

De (extra) sportvelden moeten goed bereikbaar zijn, maar de huidige forse knelpunten bij het aan- en wegrijden en parkeren dienen met grote zorgvuldigheid te worden opgelost.

•

Er komt één permanent clubhuis dat bij voorkeur ook een functie heeft voor het park als geheel, zoals een informatieplek met wc voor bezoekers van het park en het strandje. De vormgeving van het gebouw moet passen in de natuurlijke parkomgeving.

•

De ligging van de sportvelden op een gesaneerde vuilstortplaats brengt strikte eisen en randvoorwaarden met zich mee voor bebouwing, de aanleg en het beheer van de sportvelden.

•

Er moet een voorstel komen voor gebieden waar honden los mogen lopen, waar aangelijnd en waar ze helemaal niet mogen komen.

•

Het Diemerpark is van groot belang voor stedelijke beleidsdoelen over biodiversiteit, klimaatadaptatie, energietransitie, circulariteit, landbouwtransitie en gezonde leefomgeving. De herinrichting van het park moet daarom voldoen aan de doelstellingen van een duurzaam en toekomstbestendig landschap.

•

Er moet aandacht worden gegeven aan verkeersveiligheid in en rondom het park, de openbare verlichting (sociale veiligheid versus hinder van lichtmasten voor mens en natuur) en een bewonersinitiatief voor een natuurspeeltuin.

•

In oktober 2021 besloot het bestuurlijk team vernieuwing Diemerpark dat de uitbreiding van het sportpark gepaard gaat aan een beperkte uitbreiding van het parkeerterrein in het Diemerpark. De oppervlakte van het sportpark én het parkeerterrein blijven zo binnen de 9 hectare die in het bestemmingsplan is opgenomen.

11

Legenda Projectgrens

1.3 Afspraken met gebruikers Naar aanleiding van de wens het sportpark uit te breiden zijn in 2017 gesprekken gevoerd tussen stadsdeel Oost en een breed gezelschap aan belanghebbenden. Doel van de gesprekken was om een oplossing te vinden voor de lange wachtlijsten van de sportverenigingen, zonder daarbij de ecologie en de gebruiksbeleving van het park uit het oog te verliezen. Het resultaat was een gezamenlijk manifest met kernpunten op het gebied van sport, natuur en verkeersveiligheid: •

12

Ruimte voor natuur: kwaliteit staat voorop

Het Diemerpark heeft de grootste biodiversiteit van alle Amsterdamse parken. Door toenemend gebruik staan de natuur en natuurbeleving onder druk. Om dat tij te keren zijn ingrepen nodig. Zoals zorgvuldig parkbeheer voor de bescherming van planten en dieren, protectie van de AmsterdamRijnkanaalzone als exclusief natuurdomein, grotere en beter begrensde hondenlosloopgebieden, en maatregelen tegen het toenemend gebruik van drones. Maar ook meer faciliteiten voor recreatie (in balans met de natuur) en een behoedzame inpassing van sportvelden met zo min mogelijk overlast door verkeer, geluid en lichtmasten. •

Sportverenigingen: cruciaal voor de sociale structuur van IJburg

Bewoners op IJburg doen graag aan veldsport, maar er zijn te weinig velden. Op de wachtlijsten van de clubs in het Diemerpark staan in totaal circa 1.000 aspirant-leden. Ook de verhuur van velden aan anders georganiseerde vormen van sport is onmogelijk wegens gebrek aan capaciteit. Daarom is het noodzakelijk om het aantal velden in het Diemerpark uit te breiden. Dit moet gebeuren binnen de maximale ruimte van 9 hectare voor sport, zoals voorgeschreven in het bestemmingsplan IJburg eerste fase. Het ruimtegebruik van de huidige sportvelden is op dit moment minder dan 9 hectare, dus er is nog ruimte voor uitbreiding. De buitencontouren van de bestemming ’sport’ in het bestaande bestemmingsplan moeten

echter worden verlegd, zodanig dat het nog niet gebruikte metrage zo gunstig mogelijk wordt ingevuld. Tussen en rondom de sportvelden moet voldoende ruimte overblijven voor effectieve camouflerende maatregelen. Er wordt gewerkt met het maximum van15% verharding binnen de 9 hectare bestemd voor sport. De twee zittende sportverenigingen gaan in gesprek over een mogelijk gedeeld clubhuis, eventueel met een ruimte voor (sport) parkbeheer. Het aantal parkeerplaatsen wordt ook uitgebreid, mits maatregelen worden genomen om overbodig verkeer te voorkomen. Daarbij dient de huidige situatie rondom het parkeerterrein te verbeteren, omdat er veel problemen zijn met de toeleiding, het gebruik en de bediening van het parkeerterrein. •

Veiligheid: aanpak kruispunt Nesciobrug

Het verkeer in het Diemerpark bestaat vooral uit wandelaars en fietsers, gemotoriseerd verkeer is er ‘te gast’. Het drukke kruispunt bij de Nesciobrug wordt echter als onveilig ervaren en vraagt om aanpassing.

13

14

Ruimtelijke context

15

2. Ruimtelijke context Het Diemerpark kent een turbulente historie. Het begon ooit als smalle frontlijn tussen een ruwe Zuiderzee, oprukkende Spanjaarden en het Hollands achterland. Daarna kwam er een buitendijkse vuilstort en groeide dit buitendijks deel uit tot een ernstig verontreinigde saneringslocatie. Na de sanering veranderde dit verlaten gebied in een uniek landschapspark met een hoge natuurwaarde met daarbinnen een Sportpark. Na 20 jaar gebruik en een veranderende omgeving is er echter behoefte om de inrichting van het park opnieuw te bekijken.

2.1

16

Korte historie

De Diemerzeedijk loopt van Amsterdam tot even voorbij Muiden en werd in de 13e eeuw uit zeeklei opgetrokken om het achterland tegen de Zuiderzee te beschermen. Met wisselend succes, want in de loop der eeuwen is de zee meermaals doorgebroken waardoor delen van Amsterdam en Diemen onder water kwamen te staan - met het Nieuwe Diep en de Akkerswade als stille getuigen. Daarnaast was de dijk herhaaldelijk het toneel van oorlogshandelingen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog raakten de Geuzen en Spaanse troepen hier in 1573 slaags en in 1787 werd opnieuw slag geleverd toen Pruisische troepen optrokken naar Amsterdam. Eind 19e eeuw werd aan de dijk het fort Diemerdam met een batterij geschut gebouwd, als onderdeel van de Stelling van Amsterdam. De eerste afbeelding in de tijdlijn toont de grens tussen land en zee, met de toen nog slanke dijk als zeewering. Met de aanleg van het Merwedekanaal, later omgedoopt tot Amsterdam-Rijnkanaal (ARK), raakte de dijk en het gebied tussen de dijk en het kanaal in 1892 geïsoleerd van het achterland. In de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw was het buitendijks gebied in gebruik als stortplaats (tweede kaart) en brandplaats voor chemisch afval, waardoor een buitendijkse uitstulping is gegroeid dat we tegenwoordig kennen als het park.

Het park en de ARK zone tussen de Diemerzeedijk en het Amsterdam-Rijnkanaal werd mede door de aanleg van IJburg en de bouw van verschillende (fiets)bruggen integraal onderdeel van de groenstructuur van de stad.

Diemerzeedijk - buitenpolder 1850, bron: Topotijdreis.nl

Vuilstort 1980, bron: Topotijdreis.nl

Huidige situatie met IJburg 1e fase, bron: Topotijdreis.nl

Uitbreiding IJburg 2e fase, bron: Topotijdreis.nl

17

18

Vuilstort wordt landschapspark Onder het huidige park is een vuilstort gelegen. In het noordwestelijk deel van voornoemde vuilstort werd hoofdzakelijk huishoudafval gedumpt, in het middendeel bouwpuin en in het zuidoostelijk deel chemisch afval (deels gestort, deels verbrand). Hierdoor werd de voormalige stortplaats Diemerzeedijk één van de meest vervuilde gebieden van Nederland. De vuilstort werd in 1983 gesloten en ontoegankelijk gemaakt voor publiek. Daardoor kon de natuur jarenlang ongestoord haar gang gaan. Door de ophogingen van de vuilstort was deze locatie een gebied geworden met heuvels, dalen, waterstroompjes en een gevarieerde bodem. Op het afval was deels een afdeklaag aangebracht van ontgraven grond waar een grote variatie aan planten kon groeien; een mix van inheemse en uitheemse (tuin)planten en struweel. Zo ontstond een uniek, ruig gebied met een hoge natuurwaarde. Ecologen telden er meer dan 200 plantensoorten (waaronder zeldzame), 236 soorten vogels, maar ook vossen, vleermuizen, hermelijnen, reeën en ringslangen. Verstoorde natuur, vuilstort Diemerzeedijk

Afval verbranding Diemerpark, bron; plan amsterdam

Aanleg Diemerpark, bron: plan amsterdam 1999

Afval verbranding aan de Diemerzeedijk

Hoe mooi de natuur zich ook ontwikkelde, de plannen voor IJburg met 40.000 mensen vlak naast de vuilstort, maakten het eind jaren ’90 vorige eeuw noodzakelijk om de ernstig verontreinigde locatie ingrijpend aan te pakken. Allerlei varianten van saneren zijn toen de revue gepasseerd. Alles weghalen was praktisch en financieel volstrekt onhaalbaar daarom is er gekozen voor een isolatievariant. Het vervuilde gebied is hermetisch ‘ingepakt’ en geïsoleerd van de omgeving. De doorsnede van de vuilstort laat als het ware een omgekeerde schoenendoos zien die over de stort heen is gezet. Rondom de vervuiling zijn diepe schermwanden geplaatst, de bovenkant werd afgedekt met een isolerende beschermlaag van folie of Trisoplast en ongeveer een meter schone grond. Boven en onder de beschermlaag zit een complex netwerk aan kabels, leidingen, drains en sensoren. Binnen de schoenendoos heerst permanent onderdruk, zodat er niets van binnen naar buiten kan lekken. Om die isolatie niet te beschadigen gelden stringente eisen en beperkingen aan de inrichting, bebouwing en beplanting. Het systeem werkt al 20 jaar naar tevredenheid en gebruikers kunnen veilig genieten van het park.

Bloemenzee gegroeid in de tussentijd, bron: plan Amsterdam 1999

Legenda Diemerzeedijk Voormalige vuilstort Amsterdam-Rijnkanaal

19 IJmeer

Droog duinlandschap destijds al een karakterestiek, bron: plan Amsterdam 1999

2.2

Diemerscheg

Met het Diemerpark wordt vanaf hier het park, de Diemerzeedijk en de zone tussen het Amsterdam-Rijnkanaal en de Diemerzeedijk (ARK-zone) bedoeld. Een zorgvuldige visie op het Diemerpark dient ook te kijken naar de regionale betekenis van het gebied en ontwikkelingen in de directe omgeving.

Het Diemerpark is onderdeel van de ruimtelijke structuur van de Kop van de Diemerscheg. Deze Diemerscheg is één van de scheggen binnen de kaart de agglomeratie Amsterdam; een structuur van groene wiggen die diep in het stedelijk weefsel van de stad steken. Zij zorgen ervoor dat grote recreatieve groengebieden binnen handbereik liggen voor bewoners van elk stadsdeel. Daarnaast is het een onderdeel van een recreatief landschap dat van betekenis is voor de gehele regio. 20 De Amsterdamse scheggenstructuur is regionaal – en zelfs internationaal

Scheggen van Amsterdam

- een zeer gewaardeerd kenmerk. Onder de paraplu van de regionale Agenda Metropolitaan Landschap werd in 2020 een gebiedsgericht Ontwikkelperspectief Diemerscheg vastgesteld door de gemeenten Diemen, Weesp, Gooise Meren en Amsterdam, in samenwerking met Staatsbosbeheer, waterschap Amstel, Gooi en Vecht en Groengebied Amstelland. Het ontwikkelperspectief schetst een lange termijn ‘stip op de horizon’ voor dit gebied en functioneert als leidraad voor ontwikkelingen en beheer, een leidraad die de kwaliteiten van de Diemerscheg wil borgen en versterken. Deze visie op het Diemerpark past naadloos in dat streven. Kop Diemerscheg De kop van de Diemerscheg wordt gekenmerkt door lineaire dijkstructuren, grote watereenheden, waterrijke parken en infrastructurele doorsnijdingen. Daarbinnen is het Diemerpark een belangrijke schakel in een serie van ruime stadsrandparken in de oostelijke rand van Amsterdam. De relatief rustige stadsrandparken liggen dichtbij woongebieden en hebben de potentie om tot volle bloei te komen, bijvoorbeeld door meer stedelijke groenfuncties op te nemen en misschien zelfs stedelijke programma’s.

Landschappelijk-ecologische structuur Het Diemerpark behoort tot het dijklandschap van de Diemerzeedijk, die als centrale as door de kop van de scheg loopt. Daarnaast ligt het Diemerpark aan beide zijden ingesloten door water, met aan de ene kant het buitendijkse IJmeer en aan de andere kant het binnendijkse Amsterdam-Rijnkanaal met de ARK-zone. Deze ruige corridor is een landelijke ecologische verbinding en vormt samen met het Diemerpark een rijke habitat voor flora en fauna. Het Diemerpark is dan ook onderdeel van de hoofdgroenstructuur van de stad.

Ruimtelijke eenheden De facetkaart laat zien dat er in de kop van de Diemerscheg sprake is van uiteenlopende ruimtelijke eenheden, die met elkaar worden verbonden door de Diemerzeedijk als landschappelijke drager. Elke ruimtelijke eenheid heeft zijn eigen karakteristieke publieke toegankelijkheid, gebruiksintensiteit en identiteit.

21

Integrale analyse van de kop van de Diemerscheg

Ruimtelijke eenheden in de kop van de Diemerscheg

Verbindend netwerk Typisch kenmerk van de kop van de Diemerscheg zijn de vele infrastructurele doorsnijdingen. Naast diverse auto- en fietsroutes zorgt het waterrijke gebied voor tal van bruggen zoals de Amsterdamsebrug, de Nesciobrug over het kanaal en lokale fietsbruggen naar IJburg. De Diemerzeedijk is onderdeel van een lange regionale fiets- en wandelroute tussen stad en land. Binnen de kop van de scheg is het vooral de dijk die de verschillende gebieden aan elkaar koppelt. Ter plaatse van de doorsnijdingen ontstaan poort- of entreegebieden, bijvoorbeeld ter hoogte van de aanlandingen van bruggen in het Diemerpark. Komend uit stedelijke reuring en dichtheid ervaart men daar een abrupte opening naar landschappelijke ruimte en rust.

22

Recreatief netwerk in de kop van de scheg

2.3

Stedelijke ontwikkelingen omgeving

In de omringende gebieden zijn stedelijke ontwikkelingen met consequenties voor het Diemerpark, bijvoorbeeld toenemende recreatiedruk vanuit die gebieden. Zeeburgereiland Op het Zeeburgereiland is de ontwikkeling van de Sportheldenbuurt al grotendeels voltooid met woningen, scholen en andere functies. Voor de Sluisbuurt, een hoogstedelijke buurt met hoogbouw, worden op dit moment bouwplannen uitgewerkt en de eerste bewoners krijgen hier waarschijnlijk eind 2023 de sleutel. Daarnaast begint de gemeente met plannen voor de beide Baaibuurten. Over enkele jaren wonen op het Zeeburgereiland meer dan 10.000 mensen. Via de Zuider IJdijk hebben de bewoners toegang tot de Diemerzeedijk en het Diemerpark.

Ontwikkelingen rond de Diemerscheg

IJburg 1e en 2e fase IJburg is een grote uitbreidingslocatie in het IJmeer en ligt pal naast het Diemerpark. De wijk wordt in twee fasen aangelegd als een archipel van eilanden. De eerste fase met het Haveneiland, Steigereiland en de Rieteilanden is bijna voltooid, aan de tweede fase wordt nu gewerkt. De tweede fase zal bestaan uit het Centrumeiland, Strandeiland en Buiteneiland. Het Strandeiland krijgt een groot stadsstrand aan de IJburgbaai en aan de zuidzijde een ruige natuurrand met zand en groen. Na voltooiing wonen op IJburg ongeveer 40.000 mensen die allemaal makkelijk toegang hebben tot het Diemerpark. Sciencepark Amsterdam Sciencepark ligt aan de overkant van het Amsterdam-Rijnkanaal, maar wordt toch beschouwd als onderdeel van de Diemerscheg. Deze campus van bètawetenschappen en laboratoria wordt verder ontwikkeld tot een stedelijk en levendig gebied waarin wetenschap, residentieel verblijf, onderzoek en onderwijs samengaan met bedrijfsleven. De ‘groene buitenrand’ van de campus, onderdeel van de Diemerscheg, wordt daarbij versterkt met meer biodiversiteit en ruimte voor wandelaars. Daarnaast pleit de ontwikkelvisie van het Sciencepark voor sterkere verbindingen naar buiten, onder meer naar het Flevopark en de Diemerscheg.

23

2.4

Selectie beleidsdocumenten en bestemmingsplan

De voorliggende Visie Diemerpark past in het beleid van de gemeentelijke Structuurvisie Amsterdam 2040 en de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 die op 8 juli 2021 door de gemeenteraad werd vastgesteld. Daarnaast zijn er drie belangrijke stedelijke documenten met een directe invloed op de toekomst van het Diemerpark.

24

bron: Groenvisie 2020-2050 - Een leefbare stad voor mens en dier

Stedelijke Groenvisie In de gemeentelijke Groenvisie 2020-2050 (gemeenteraad, 21 december 2020) wordt nog eens aangehaald dat het Diemerpark deel uitmaakt van de hoofdgroenstructuur en ecologische hoofdstructuur van Amsterdam. De Groenvisie maakt een radicale keuze om de stad overal groener te maken, niet alleen met parken maar ook in de buurt of aan/op gebouwen. Op die manier ontstaat een structuur van verschillende type groen. Het Diemerpark valt in deze reeks onder ‘parkgebieden met een overgang van stedelijk groen naar landschap’. Het Diemerpark is bij uitstek een park dat deze twee werelden met elkaar verenigt; het stedelijk-recreatieve en het natuurlijk-landschappelijke zijn beide goed vertegenwoordigd. Wel vraagt de toenemende recreatieve druk om een balans waarin die twee werelden elkaar versterken.

Strategisch huisvestingsplan sport In hoofdstuk 1 werd al geconstateerd dat er voor de bewoners van IJburg in de nabije omgeving te weinig buitensportmogelijkheden zijn. De circa 1.000 aspirant-leden die op wachtlijsten staan voor clubs in het Diemerpark bevestigen dat beeld. Diezelfde conclusie trekt het Amsterdamse Strategisch Huisvestingsplan Sport (gemeenteraad, 23 januari 2019). Het plan vindt voldoende sportmogelijkheden een belangrijke voorwaarde voor een fysiek-, mentaal- en sociaal gezonde samenleving. Maar wat is voldoende? De gemeenteraad heeft daartoe per type woonmilieu een sportnorm vastgelegd. Voor IJburg 1e fase (groen/blauw woonmilieu) is de norm 9 m2 netto sportterrein per woning. Aangenomen dat er op IJburg 1e fase uiteindelijk 10.448 woningen staan, dan zou er volgens de norm 10.448 x 9 = 94.032 m2 oftewel 9,4 hectare sportveld in de nabijheid moeten liggen. Zoveel veldsport is er momenteel niet op of nabij IJburg 1e fase. Het bestaande tennispark op Rieteiland-Oost (10 banen) heeft een oppervlakte van 0,68 hectare en de 6 sportvelden in het Diemerpark beslaan netto 4,96 hectare. Opgeteld ligt er dus 0,68 + 4,96 = 5,64 hectare aan sportvelden, oftewel 60% van de gewenste norm. Toevoeging van meer sportvelden is dus ook vanuit de sportnorm noodzakelijk.

Sportopgave in Oost, bron: Strategisch Huisvestingsplan Sport 2020-2023.pdf

Netto versus bruto De Amsterdamse sportnorm van 9 m2 buitensport per woning doelt op netto sportterrein (inclusief uitloopstroken rond de velden). De norm doet dus geen uitspraken over (bruto) ruimte voor een clubgebouw, verkeersontsluiting, parkeren, groenstroken en andere voorzieningen. Voor een voetbalveld wordt een netto maat aangehouden van 108 x 72 meter = 7.776 m2 en voor een hockeyveld 59 x 99,40 m = 5.864,6 m2. In het Strategisch Huisvestingsplan Sport is een investeringsopgave opgenomen voor 4 extra velden in het Diemerpark (twee voor voetbal en twee voor hockey). Daardoor groeit het aantal velden van 6 naar 10. Zo wordt in de veldsportbehoefte van IJburg 1e fase voorzien en kunnen de clubs doorgroeien tot volwaardige verenigingen met een permanente accommodatie. Als vuistregel wordt wel gehanteerd dat één extra veld genoeg is voor ongeveer 300 leden, waarmee de wachtlijsten worden weggewerkt. Die investeringsopgave van het Strategisch Huisvestingsplan Sport is uitgangspunt voor de vernieuwing van het Diemerpark. De vraag hierbij was of de gewenste uitbreiding past in het bestaande bestemmingsplan. In het vernieuwde Diemerpark zouden straks 5 voetbalvelden (5 x 7.776 m2) en 5 hockeyvelden (5 x 5.864,6 m2) liggen met een totaal netto sportoppervlak van 68.203 m2. Hoeveel bruto voorzieningen daaromheen komen te liggen is nu nog niet precies bekend.

Maar een veilige aanname lijkt dat parkeren, gebouwtjes, verkeersvoorzieningen en erven circa 15% aan extra ruimte vergt. Dat leidt tot een totale (theoretische) bruto oppervlakte van 115% = 78.433 m2 oftewel 7,84 hectare. Met andere woorden, deze voorgestelde uitbreiding blijft binnen de 9 hectare die het bestemmingsplan als maximum voorschrijft.

25

Hoofdgroenstructuur In de stedelijke Hoofdgroenstructuur staan kaarten en teksten die laten zien welke onderdelen van Amsterdam tot de Hoofdgroenstructuur behoren. Daarbinnen zijn bepaalde ontwikkelingen (zoals bouwprojecten) gewenst of juist ongewenst. Het document bevat onder meer een toetskaart en een toetskader, waarmee een onafhankelijke toetscommissie beoordeelt of initiatieven in de Hoofdgroenstructuur gewenst zijn of ongewenst.

26

Het hele Diemerpark is in de Structuurvisie Amsterdam 2040 aangemerkt als Hoofdgroenstructuur, meer specifiek als Ruigtegebied/Struinnatuur en Sportpark. Een Ruigtegebied staat voor een ‘wild ogend gebied dat voor Amsterdam zeldzame planten en dieren bevat’. Hoewel kleine voorzieningen denkbaar of nodig zijn, ligt de kwaliteit van de beleving in het ongeplande karakter. Het beleid is er dan ook op gericht om het Ruigtegebied in het Diemerpark ruig te laten. Andersoortige groenfuncties zoals volkstuinen, sportparken en parken passen daar niet binnen dit groentype.

Hoofdgroenstructuur kaart met indicative ligging sportpark, bron: maps.amsterdam.nl

Daarentegen is Sportpark IJburg (zie gele vlak) in de Hoofdgroenstructuur aangemerkt als terrein voor intensieve sportbeoefening. De contour van het gele vlak en de sportcontour van het eerdergenoemde bestemmingsplan zijn niet precies hetzelfde, maar belangrijker is dat de Hoofdgroenstructuur op deze plek voorziet in een sportpark. Het beleid is wel dat zulke parken, naast sportbeoefening, ook groenbeleving en groene recreatie centraal zetten. Bebouwing dient zoveel mogelijk geclusterd te zijn en het sportpark moet naar de omgeving toe een open en openbaar karakter uitstralen. Groene recreatieve routes door het park verbinden het sportpark met de omgeving en ondersteunen ecologische doelen. Eind 2021 is de vernieuwde Hoofdgroenstructuur (inclusief nieuwe toetskaart) door het college van B&W vrijgegeven voor inspraak. Daarin wordt voorgesorteerd op de uitbreiding van Sportpark IJburg conform de voorstellen uit de voorliggende Visie Diemerpark. Op de nieuwe toetskaart staat het Diemerpark ingetekend als Natuurpark met daarbinnen een zone stadsnatuur en een vlak voor het sportpark. De benaming ‘stadsnatuur’ is nieuw, maar komt inhoudelijk overeen met de benaming ‘struinnatuur’ uit de huidige Hoofdgroenstructuur.

nieuwe toetskaart HGS, bron: concept beleidskader hoofdgroenstructuur inspraakversie

Bestemminsplan IJburg 1e fase Het Diemerpark is onderdeel van het bestemmingsplan IJburg 1e fase, dat op 21 mei 2014 onherroepelijk werd. Groen Het merendeel van het park heeft de bestemming Groen voor a. groenvoorzieningen, b. fiets- en/of voetpaden, c. natuur, d. recreatief medegebruik, e. speelvoorzieningen, f. water, waterstaats-doeleinden en oevervoorzieningen, g. nutsvoorzieningen en h. objecten van beeldende kunst. Ecologische waarde Een deel van het park heeft de bestemming ‘waarde ecologie’. Het gaat daarbij om gronden die door de provincie zijn aangewezen als Ecologische Hoofdstructuur, en gronden die worden ingericht als ecologische verbindingszone.

Nazorg locatie In het bestemmingsplan staat ook een 'milieuzonebodembeschermingsgebied' aangeduid. Zijn er in dat gebied initiatieven voor het veranderen van waterlopen, baggeren, beplanting van diepwortelende beplanting, het aanbrengen van ondergrondse infra, grondwerkzaamheden en wijzigen van de grondwaterstanden, dan moet daarvoor eerst een vergunning worden verleend. Dit om schade aan bodemsaneringsconstructies en drainagesystemen te voorkomen. Sport De gronden met de bestemming 'Sport' (9 hectare) mogen verhard worden voor sportuitoefening. Voor clubgebouwen, parkeren, toegangspaadjes en dergelijke mag maximaal 15% van het bestemmingsvlak worden verhard. Voor bebouwing geldt een maximum van 2.000 m2 en een maximale bouwhoogte van 7 meter. De Dijk De Diemerzeedijk is onderdeel van het UNESCO-werelderfgoed van de Stelling van Amsterdam. Het bestemmingsplan heeft de dijk daarom als landschappelijke structuur met die status opgenomen. Hoogspanningsmasten Tot slot zijn er ook gronden aangewezen als 'Leiding Hoogspanningsverbinding - 2'. Deze gronden zijn onder meer bestemd voor de aanleg, het herstel en de instandhouding van de 380.000 Volt hoogspanningsverbinding Oostzaan-Diemen.

Bestemmingsplan, bron: ruimtelijkeplannen.nl

27

28

Analyse

29

3. Analyse Diemerpark De bijzondere historie van het Diemerpark, met name als voormalige zeedijk en vuilstort verleent een unieke identiteit aan het park. Het Diemerpark dat in 2003 is opgeleverd heeft een sterk ontwerp verhaal waarin bewust is gekozen terughoudend en ingetogen te ontwerpen. Het Diemerpark heeft een identiteit waarin de turbulente geschiedenis nog steeds wordt weerspiegeld in het ongewone landschap.

3.1

30

Oorspronkelijk ontwerp

Het zichtbaar laten zijn van deze voormalig vuilstort is door de ontwerpers als belangrijk uitgangspunt aangehouden. Het grondlichaam van de met de door de stort ontstane hoogteverschillen is destijds zelfs geaccentueerd, waardoor verschillende ruimtelijke structuren het park op een landschappelijke en natuurlijke manier vormgeven. Tot op het kleine schaalniveau van putdeksels is het verhaal van de plek zichtbaar in het ontwerp. Inrichtingsschets Diemerpark

Het natuurlijke landschap dat men na de sluiting van de vuilstort aantrof met een enorme diversiteit aan flora en fauna, is inspiratie geweest voor het ontwerp. Na de sarnering en als onderdeel van het plan is een mozaïek van verschillende grondsoorten aangebracht. Dit heeft gezorgd voor een rijkdom, diversiteit en gelaagdheid aan beplanting. Daardoor is een open bloemrijk en schraal landschap ontstaan, vormgegeven met een mozaik aan kruidrijke mengsels die aansluiten op het palet van grondsoorten. Het park is opgebouwd uit robuuste structuren waarop groei van natuur zorgvuldig een plek heeft gekregen. De sarnering stelde voor het ontwerp een groot aantal eisen om de veiligheid te waarborgen. Veel van deze technische eisen hebben geleid tot bijzondere ontwerp ingrepen. Niet direct zichtbaar is bijvoorbeeld het watersysteem dat wordt beschreven op pagina 36. Een systeem dat het overtollige regenwater via kleigeulen en wadi's door het park leidt en zo de omstandigheden creëerde voor verschillende natte en droge natuurtypes. Ontwerpkaart

Op de afbeeldingen uit het plan Amsterdam 1999 zijn de destijds handmatig geaquarelleerde kaartlagen van het oorspronkelijke ontwerp te zien. De verschillende kaartlagen op deze pagina illustreren hoe het ontwerp is opgebouwd uit een palet van verschillende grondsoorten, gebruik makend van hoogteverschillen en klimatologische condities waarbinnen beplanting in het park zich verder kon ontwikkelen. In de analyse worden meer van deze lagen van het oorspronkelijk ontwerp toegelicht. De opbouw die het park hierdoor heeft gekregen laat ook zien hoe programma en gebruik aansluit op de verschillende zones in het park. In het ontwerp is te zien dat dit heeft geleid tot een logische overgang in type gebruik zoals verderop in analyse aan bod komt. Het Diemerpark is ontworpen met zorg en aandacht. De kracht van het ontwerp zit hem daarintegen ook in de afwezigheid van de ontwerper. Door te ontwerpen zonder zichtbare stijl voelt het park aan als een natuurlijk en organisch ontstaan stuk landschap. De kracht van het ontwerp is dan ook dat het de ruimte voor deze groei faciliteert.

Abiotische kaart

31 Globale principes zaaiplan

Streefbeeld kruidenlaag

De spannende combinatie van gebieden aan de Diemerzeedijk, deels gevormd aan de hand van voormalige zones van de vuilstort, heeft de inrichting, het gebruik en beheer van het Diemerpark al 20 jaar bepaald. Deze visie laat zich daardoor graag inspireren, maar er zijn ook onvolkomenheden en gedateerde elementen die om nieuwe ideeën en impulsen vragen. De vrijheid voor vernieuwing en verandering is beperkt, want een veilig beheer van de vuilstort stelt kritische eisen.

3.2

32

Basisstructuren van het Diemerpark

Binnen het Diemerpark zijn 4 basisstructuren duidelijk herkenbaar: Het dijklichaam (de dijk), het moeras (ARK-zone), het park (vuilstort) en wat we hier de ‘lijst’ (oeverzone) noemen. De oude Diemerzeedijk was oorspronkelijk de grens tussen zee en land, maar is hier nu vooral een verbindend element tussen stad en land. Het park is vrij open, met in het centrale deel lage, grazige vegetatie en her en der struweel. Aan de parkzijde van de dijk loopt een smalle afwateringssloot (de ‘slenk’) naar de centrale grote vijver. In het moeras zien we waterpartijen met flinke rietkragen, ruigte en wilgenbosjes. Het park wordt door een oeverzone met bomen omsloten. Elk van deze 4 basisstructuren vertegenwoordigt een bepaald landschapstype met eigen kenmerken. De 4 structuren samen vormen het bijzondere dijklandschap van het Diemerpark.

Legenda Diemerzeedijk Moeras Park Lijst Vier ruimtelijke onderdelen

3.2.1 De dijk De lange lijn van de Diemerzeedijk is een belangrijke landschappelijke drager en koppelt verschillende stedelijke en landschappelijke gebieden aan elkaar. De bermen en taluds van de dijk vormen een indrukwekkend lineair landschap. Aan de zuidkant wordt de dijk grotendeels begrensd door het langgerekte moerasbos van de ARK-zone. Aan de noordkant stuit het dijklichaam op het landschap van de slenk (afwateringssloot), met bloemrijk grasland aan de zijde van de Diemerzeedijk en struweel aan de zijde van de heuvel. In de berm van de dijk staan verspreid ook wat struiken en soms is er een doorkijkje naar de achterliggende vijvers en poelen in het park. Natuurwaarden van het gebied Het dijklichaam bestaat met name uit voedselrijke kleigrond die ook water kan vasthouden. In de berm richting de slenk wordt de dijk meer zandig, waar - naast bloemrijke en kruidenrijke vegetatie - ook bijzondere soorten voorkomen, zoals de gevlekte rietorchis. Slenken zijn een belangrijk waterelement in het Diemerpark vanwege hun weelderige flora en fauna. Het talud van de bloemrijke oevers bieden een geleidelijke gradiënt van droog naar nat en zijn een gewilde biotoop voor bijzondere soorten zoals orchideeën, ratelaars en tal van andere soorten die van vochtige voeten houden.

Alle waterelementen worden druk bezocht door libellen, juffers en andere watergebonden insecten en amfibieën, waaronder ook de rugstreeppad. Voor deze soorten is het een belangrijk voortplantingsgebied en voor de ringslang ook een potentieel foerageergebied.

33 De Dijk als onderdeel van de vier ruimtelijke onderdelen

3.2.2 Het moeras(ARK-zone) De ARK-zone (Amsterdam-Rijnkanaal zone) ligt tussen de Diemerzeedijk en het Thijs Hendriksepad en loopt langs de hele lengte van het Diemerpark. Vanaf de dijk en het Thijs Hendriksenpad is het gebied goed te bewonderen, maar alleen op afstand want het is vooral een rustgebied voor dieren. Het gebied heeft een hoge natuurwaarde en fungeert als verbindingszone binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN), met name als schakel tussen de Gooi- en Vechtstreek en Waterland.

34

Dergelijke zones zijn essentiële schakels in het netwerk van natuurgebieden. Dat netwerk kan worden gezien als de ruggengraat van de Nederlandse natuur. Het zijn niet alleen belangrijke leefgebieden, maar ze verbinden ook populaties flora en fauna met elkaar, ze voorkomen dat planten en dieren op geïsoleerde plekken uitsterven en dat natuurgebieden hun waarde verliezen. Natuurwaarden van het gebied De ARK-zone is een afwisselend moerasachtig gebied met bomen, heesters, ruigte, poelen, sloten, vijvers en greppels. Het meest oostelijke deel is een wilgenbroekbos/moerasbos. Het waterrijke gebied is een ideaal jachtgebied voor de ringslang, waterspitsmuis en meervleermuis, die in het provinciaal beleid als doelsoorten zijn aangewezen. Daarnaast kent de zone meerdere territoria voor ijsvogels en andere opvallende broedvogels zoals nachtegalen, ransuil en buizerd. Ook de beschermde rugstreeppad heeft hier een plek gekregen - een echte pionierssoort die houdt van open vlaktes, ondiepe en onbegroeide poelen. Er zijn ook wat hogere en drogere stukken met afwisselend ruigte, struiken en bomen. Dat zijn aantrekkelijke plekken voor (kleine) zoogdieren zoals marterachtigen en vossen.

Het moeras als onderdeel van de vier ruimtelijke onderdelen

3.2.3 Het park (vuilstort) Hoofdstuk 2.1 stond al even stil bij de turbulente historie van de Diemerzeedijk, waaronder diens jarenlange functie als vuilstortplaats met blijvende gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden van het Diemerpark. Met de saneringsoperatie eind jaren ’90 van de vorige eeuw is de hele vuilstort hermetisch ingepakt, maar het landschap onderhoudt nog steeds een relatie met wat er ooit is gebeurd.

Huishoudafval

Bijgaand kaartje laat zien dat de vuilstort indertijd in drie buitendijkse zones was verdeeld. Het lichtste gedeelte is hoofdzakelijk gebruikt voor huishoudelijk afval, het middelste deel voor puin en bouwafval en in het donkere gedeelte werd voornamelijk chemisch afval gestort of verbrand. Deze zones zijn nog steeds herkenbaar door hoogteverschillen, typen vegetatie, inrichting en bijbehorend gebruik: • • • • •

In de noordelijke zone (huishoudafval) ligt met name open vegetatie, met plekken voor sport en spel; In het middendeel (puin) lijkt het Diemerpark op een glooiend open duinlandschap met lage beplanting; De westflank van dit deel is ruiger met hogere en dichtere beplanting; Het strandje en de heuvel (hoogste punt van het park) worden intensief gebruikt en hier komen verschillende paden samen; De ondergrond in het zuidelijke (donkere) deel is het meest vervuild en niet geschikt voor intensieve recreatie. Struinen en ander gebruik wordt ontmoedigd, waardoor de natuur hier meer ruimte heeft. De centrale waterpartij scheidt dit deel van de rest van het park.

Puin

Brandplaats

35 Zonering vuilstort

Principe doorsnede Diemerpark, bron: Total Identity Amsterdam, Grond en Ontwikkeling

Ondergrondse systemen Als bodemsaneringslocatie is het Diemerpark een gereguleerd en ‘technisch’ landschap. Het terrein is doorregen met kabels, leidingen, onttrekkingsbronnen, onderhoudspaden, meetputten en andere technische objecten. Elke aanpassing in de bovengrond moet bovendien rekening houden met een instabiele ondergrond, funderingsvraagstukken, putdeksels, ondergrondse infra en stringente veiligheidseisen.

36

Daardoor heeft uitbreiding van de sportvelden en de bouw van accommodaties de nodige voeten in aarde. Het ondergrondse systeem van leidingen en sensoren moet worden aangepast en omgelegd. Tijdens de aanleg van de laatste sportvelden is het gebied te veel opgehoogd, waardoor het ondergrondse systeem van gasdrainage niet optimaal functioneert. Dat moet worden aangepast. In het middengebied, aan weerszijden van de sportvelden, wordt alle bestaande infra verwijderd. Dat biedt kansen voor een nieuw in te richten biotoop voor bijzondere flora en fauna.

Waterhuishouding Om te voorkomen dat bodemverontreiniging zich verspreid wordt de afwatering in het Diemerpark nauwkeurig gereguleerd. In de schone leeflaag ligt een fijn vertakt stelsel van drainagestrengen die regenwater afvoeren naar het IJmeer. Aan de parkzijde van de Diemerzeedijk stroomt regenwater via kleigeulen naar de slenk. Die heeft een variabel waterpeil en fungeert als waterbuffer zodat het water in de centrale vijver op peil blijft. Onder die vijver ligt één van de zuurteerpoelen. Deze is afgedekt met dikke folie en daar moet voldoende waterdruk op blijven staan. Zware regenval wordt vanuit de vijver via een uitlaat naar het IJmeer afgevoerd. Het bodemreliëf en gevarieerde watersysteem zorgt voor een verscheidenheid aan biotopen, zoals natte flora en fauna aan de slenk en droge natuur in de hoger gelegen delen.

Schematische weergave waterstysteem park

Drie gebruiksdelen Qua dagelijks gebruik valt het park eigenlijk beter op te delen in ‘kop, romp en staart’. De kop is het vlakke gebied ter hoogte van de sportvelden en wordt vooral gebruikt voor sport, spel en ontmoetingen. De romp is het savanne-achtig binnenduinlandschap in het midden met droge ruigtevegetatie, halfverharde paden en struweel. De staart wordt gevormd door de zuidoostelijk gelegen vijver, met omliggend struweel en de voormalige brandplek aan de dijk. Recreatie en ander gebruik in dit meest verontreinigde deel van de vuilstort wordt met de inrichting ontmoedigd. In de tabel hiernaast staat per gebruiksdeel het karakter, gebruik, inrichtingselementen, groenproducten (groentypen) en karakteristieke soorten planten. Deze tabel is indertijd gebruikt voor het uitvoeren van het oorspronkelijke parkontwerp.

37

Kop Romp

Staart

Schematische weergave uitgangspunt cultuur vs natuur

Ontwerpuitgangspunten: Tabel omschrijving deelgebieden Diemerpark

De kop De kop is het vlakke deel van het park tussen de Diemerzeedijk, het Dick Hilleniuspad en het Han Rensebrinkpad aan de batterij. Het sportpark ligt aan het Dick Hilleniuspad en heeft aan de randen accommodaties en faciliteiten voor fietsparkeren. De vlakte grenzend aan het sportpark is deels ingericht voor recreatie (ook de theaterheuvel ligt hier). Dit gebied is een uitstekende plek om elkaar te ontmoeten en biedt ruimte voor kleine evenementen zoals een schoolafsluiting, avondvierdaagse en informele sportevenementen.

38

Natuurwaarden van het gebied De ruimte om het sportpark heen – vooral het gebied tussen het Jan Beijerpad en de dijk – heeft betekenis voor inheemse plantensoorten die alleen voorkomen op schrale en droge grond. De grond is hier vooral zandig en bestaat deels uit Zuiderzeezand. Het kalkrijke zeezand is een ideale ondergrond voor een verscheidenheid aan zeldzame planten. Dergelijke bloemrijke graslanden vormen ook het leefgebied van diverse zoogdieren (bijvoorbeeld spitsmuis, konijn, haas en egel). Daarnaast trekt het veel insecten aan (zoals vlinders, zeker 20 soorten bijen, hommels, zweefvliegen, sprinkhanen en kevers), die op hun beurt weer insectenetende vogels aantrekken. De konijnen zijn hier een graag geziene gast die het landschap door hun graaf- en graasgedrag steeds veranderen, wat het geheel zeer dynamisch maakt.

De romp Het middendeel van het Diemerpark ligt een stuk hoger, met veel puin in de ondergrond en een toplaag van kalkrijk zee- en rivierzand. Dit schrale, bloemrijke landschap lijkt een beetje op een binnenduinrand met solitaire groepjes heesters - in deze context een uniek landschapstype. Het schrale terrein heeft een enorm drainerend vermogen, waarbij het water van de heuvel via kleigeulen afstroomt naar de slenk. Die kleigeulen liggen in de zuidwestelijke flank van de heuvelachtige romp, zijn voedselrijk en nat en hebben een dichtere beplanting van struweel. De romp heeft duidelijk een struinkarakter, met veel ruigte en mantel- en zoombeplanting. Natuurwaarden van het gebied Net als de kop van het Diemerpark is ook de romp te typeren als een zone met bloemrijk grasland. De grond bestaat vooral uit kalkrijk zand en biedt een ideale ondergrond voor inheemse plantensoorten die tegen droogte kunnen. De romp herbergt veel plantensoorten, waaronder ook kwetsbare en zeldzame soorten. Bloemrijke graslanden vormen het leefgebied van diverse zoogdieren (bijvoorbeeld spitsmuis, konijn, haas en egel). Daarnaast trekt het veel insecten aan (zoals vlinders, bijen, hommels, zweefvliegen, sprinkhanen en kevers), die op hun beurt weer insectenetende vogels aantrekken. Dichtbij water zijn deze graslanden een belangrijke landbiotoop voor amfibieën en ringslangen.

In het struweel, dat bestaat uit ruige mantelen zoombeplanting, verblijven allerlei soorten broedvogels zoals de nachtegaal, zwartkop en putter. Zoogdieren zoals de wezel en vos vinden hier voedsel. Daarnaast is het struweel een goede overwinteringsplek voor amfibieën en kleine zoogdieren.

De staart De staart was in de tijd van de vuilstort een brandplaats voor vaten met chemisch afval. In de ondergrond bevinden zich ook (afgedekte) zuurteerputten. Grote delen van de oorspronkelijke vuilverwerking zijn hier afgedekt met folie, met daarop een leeflaag van zand. Deze zone in het park is vrijwel uitsluitend bestemd voor de natuur en – omdat recreatie hier geen optie was – slechts afgedekt met een minimale leeflaag. De beplanting in deze zone bestaat voornamelijk uit struweel, de ruige mantel- en zoombeplanting die ook in de romp van het park aanwezig is. Natuurwaarden van het gebied In het struweel verblijven allerlei soorten broedvogels zoals de nachtegaal, zwartkop en putter. Zoogdieren zoals de wezel en vos vinden hier voedsel. Daarnaast is het struweel een goede overwinteringsplek voor amfibieën en kleine zoogdieren. De grote vijver is aan de randen ondiep en heeft een zandige bodem. Hierdoor is het een goed leefgebied voor de zeldzame rugstreeppad. Als de winter nadert graven zij zich in de bodem van het park en in het voorjaar komen zij naar de vijver om zich voort te planten. De oevers en het dijkje rondom de vijver zijn goede plekken voor gevarieerde planten en grondnestelende bijen. In de brede rietkragen rondom de vijver bouwen vogels hun nest. Zo ook de dodaars; een kleine fuut die het op visjes in de plas heeft gemunt.

Muggen en vliegjes boven de plas zijn voedsel voor vogels, vleermuizen en roofinsecten.

39

3.2.4 De lijst De ‘lijst’ is de gekozen benaming voor de oeverzone tegenover de Rieteilanden van IJburg, met deel kruidenrijke zones, met bomen beplante oevers van het park, en het rietland ter hoogte van de Batterij. Deze oeverzones zijn indertijd natuurvriendelijk ingericht en staan in directe wisselwerking met het IJmeer. De oevers zijn niet alleen belangrijk voor de waterkwaliteit maar ook voor rietvogels, het onderwaterleven en als infrastructuur voor migrerende dieren. De Batterij, een oorvormig overblijfsel van de Stelling van Amsterdam, bestaat voornamelijk uit oud waterriet omsloten door een dijk. Voor de aanleg van de Oeverzeggebrug werd dit plasdrasgebied deels opgehoogd. Het gebied is onbegaanbaar, maar vanaf de brug kan men genieten van het uitzicht en de zangvogels in het riet.

40

In de oeverzone bevindt zich ook de grens van de ‘omgekeerde schoenendoos’ (zie hoofdstuk 2.1) van de sanering. Onder de kruidenrijke zone langs de fietspaden bevinden zich bijvoorbeeld de diepe schermwanden die de vuilstort isoleren van de oever en het water van het IJmeer. In de oeverzone buiten de schermwand gelden geen beperkingen voor hoge diep wortelende bomen. Natuurwaarden van het gebied De oevers zijn een leef- en broedgebied van watervogels, rietvogels en de ringslang. Daarnaast foerageren hier diverse soorten vleermuizen. De Batterij is een leef- en foerageergebied voor ringslangen, vleermuizen en vogels zoals de kleine karekiet, rietgors en blauwborst. Dwergmuizen zijn echte rietspecialisten. Zij klimmen behendig in de stengels om het rietzaad te eten en bouwen hun bolvormige nesten hoog in het riet.

De lijst als onderdeel van de vier ruimtelijke onderdelen

3.3

Ecologische corridors

Zoals eerder toegelicht heeft het Diemerpark met ARK-zone een grote ecologische waarde, niet alleen in zichzelf maar ook als verbindend element tussen natuurgebieden in de regio. Zulke ecologische verbindingen bestaan lokaal ook binnen het Diemerpark zelf. De 4 landschappelijke structuren (zie 3.1) van dijk, moeras, park en lijst zijn onderling verbonden door ecologische corridors. Vanuit de ARK-Zone en vanaf de dijk lopen ecologische corridors door het park naar de oevers aan het IJmeer en visa versa.

41 Ecologische verbindingen tussen de vier ruimtelijke onderdelen

3.4

42

Verbindingen

Groei aantal fietsers Diemerpark Voor IJburg is het Diemerpark een belangrijke schakel in de fietsroute van en naar de centrale stad (Oost, Zuid en het centrum). Daarnaast is de Diemerzeedijk een belangrijke fietsverbinding van en naar de stad en het Gooi. De fietsroutes door het Diemerpark zijn comfortabele routes, omdat er weinig tot geen kruisend (auto)verkeer is. Een alternatieve route loopt via de Heermabrug, het drukke Zeeburgereiland en de Amsterdamsebrug. Het aantal fietsers zal flink groeien door de bouwprojecten op het Zeeburgereiland en IJburg 2e fase. Alleen al op IJburg 2e fase (Centrumeiland, Strandeiland en Buiteiland) worden komende 15 jaar 9.000 á 10.000 woningen gebouwd. In de prognoses van toekomstig fietsverkeer zien we dan ook een sterke groei van fietsers door het Diemerpark, en een minder grote groei op de route over de Heermabrug (zie figuur 1). In 2030 fietsen ongeveer 1,5 maal zoveel fietsers door het Diemerpark dan nu het geval. In 2040 loopt dat op tot 1,7 maal.

Struinen Door het park heen liggen tal van informele ‘struinroutes’. Het fijnmazig netwerk van struinpaden is ontstaan vanuit het natuurlijk gebruik, of vanuit het beheer van de bodemsanering, en is niet vooraf ontworpen of ingericht. Een kenmerkende kwaliteit van het Diemerpark dat in andere stadsparken veelal ontbreekt. Door het midden van het park loopt het ‘puttenpad’; een half verharde onderhoudsroute waarop men verschillende parkdelen kan ervaren. Op een enkele uitzondering na passen die routes probleemloos bij de gebruikskarakteristiek van de kop, de romp en de staart van het park. Toegankelijkheid minder validen De struinpaden zijn niet zo geschikt voor minder validen, maar via de asfaltpaden is het overgrote deel van het park wel goed voor iedereen bereikbaar. Met het oog op een betere toegankelijkheid zal gekeken moeten worden naar een mogelijke optimalisatie van het netwerk, zonder de charme van de struinpaden te verliezen.

Legenda Fietsroute Struinpaden Modelprognose fietsers gemiddeld etmaal, bron: mobiliteitsplan Zeeburgereiland en IJburg

3.5

Huidig gebruik

natuur

Uitgangspunt van het oorspronkelijk parkontwerp was dat de vorm van recreatie moest passen bij de ernst van de onderliggende bodemverontreiniging. Het destijds bedachte sportpark, strandje, evenemententerrein en theaterheuvel bevinden zich dan ook op het minst vervuilde deel. De ontoegankelijke ruige natuur bevind zich met name op de sterk vervuilde delen. Bijgaand kaartje laat die zonering goed zien: ter plaatse van de lichte blokjes heeft cultuur de overhand en ter plaatse van de donkere blokjes de natuur. Dit uitgangspunt blijft ook in deze visie onverkort van kracht. Wel is sprake van een spanningsveld tussen recreatiedruk en natuur dat met rust gelaten wil worden. Daarin moeten we voortdurend naar een goede balans zoeken. Bijvoorbeeld door natuur juist te herintroduceren in de delen met intensieve recreatie, door struinpaden toe te laten waarlangs mensen extensief van de natuur kunnen genieten, en door sommige delen strikt ontoegankelijk te houden (zoals de ARK-zone). Daardoor blijft het Diemerpark een uitzonderlijk park waarin mens, dier en plant in symbiose kunnen bestaan.

43

Schematische weergave van uitgangspunt in oorspronkelijk ontwerp "cultuur vs natuur"

Sportpark IJburg In het oorspronkelijk ontwerp is de vlakke kop van het Diemerpark vooral bedoeld voor sport en spel. Sportpark IJburg bestaat uit 6 velden met tijdelijke clubgebouwen en wordt vooral gebruikt door een hockeyclub en een voetbalclub. Deze functie is belangrijk voor bewoners in de directe omgeving. Ook scholen en ongeorganiseerde sporters maken er gebruik van. Voor niet-sporters heeft het sportpark echter niets te bieden. Het tamelijk kale complex wordt niet ervaren als onderdeel van het groene Diemerpark en - hoewel openbaar toegankelijk – nodigt het niet uit om erdoorheen te lopen. De indeling en landschappelijke inpassing van de sportvelden is niet optimaal. Dat uit zich in een zekere ‘verrommeling’ met onbruikbare en gebrekkig ingerichte restruimtes, met name aan de randen. Van buiten gezien bepalen lichtmasten, hekwerken en tijdelijke bouwsels het beeld.

44

Parkeren in de huidige situatie Momenteel heeft het Diemerpark 42 parkeerplaatsen, allemaal op het sportpark. Parkeren mag alleen tijdens competitiewedstrijden. Er wordt veelvuldig foutgeparkeerd en de verkeersveiligheid op de Oeverzeggebrug en het Dick Hilleniuspad laat te wensen over. Ondanks voldoende wegbreedte zijn er regelmatig conflicten tussen automobilisten en fietsers. Ook de slechte inrichting van het parkeerveld heeft een negatieve invloed op de beleving van de noordelijke entree van het park.

Entree van het sportpark, bron: eigen foto

Voetbalaccomodatie Parkeerveld Sportpark IJburg vanaf Dick Hilleniuspad, bron: eigen foto

vogelvlucht sportpark IJburg, bron: Google Earth

Parkeerplekken bij Sportpark IJburg, bron: eigen foto

Sportpark IJburg, vanaf hoger parkdeel, bron: eigen foto

Binnenwereld in Sportpark IJburg, bron: eigen foto

Sportpark IJburg, vanaf Jan Beijerpad, bron: eigen foto

45

Informeel Sport en spel Rondom het sportpark liggen drie plekken waar mensen in de buitenlucht kunnen fitnessen. Aan de voet van de theaterheuvel van het Diemerpark ligt het druk bezochte zwemstrandje. Door de jaren heen zijn de fitness faciliteiten versleten, maar ze worden goed gebruikt en zijn van waarde voor het park. Door het gebruik van natuurlijke materialen passen ze bij het karakter van de omgeving. Naast het sportpark ligt ook een weide voor ongeorganiseerd voetballen of andere buitensport. Die weide wordt echter nauwelijks gebruikt, omdat het veld niet met dat oogmerk wordt beheerd. Op de schrale ondergrond groeit een kruidenrijke vegetatie.

46

Wandelen en fietsen In het Diemerpark wordt veel gewandeld en gefietst, zowel recreatief als naar school of werk. De lange obstakelvrije asfaltpaden zijn populair bij skaters en wielrenners. De laatste jaren wordt er, door het succes van e-bikes, steeds harder gefietst. Daardoor is er een toename van conflicten en verkeersonveilige situaties. Daarnaast zijn er tal van struinpaden door de natuur die ook veel worden belopen.

Sporten in het Diemerpark, born: Amsterdam.nl

zwemstrandje, born: Amsterdam.nl

Bloemenzee gegroeid in de tussentijd, bron: eigen foto

bron, eigen foto

Honden uitlaten Het Diemerpark is één van de weinige gebieden waar veel ruimte is voor het uitlaten van honden. Veel hondenbezitters op IJburg komen daarom naar het park en laten hun hond bijna overal los. Dit type gebruik is momenteel niet goed gereguleerd en zorgt regelmatig voor conflictsituaties bij ingangen en op paden. Daarnaast verstoren honden op bepaalde plekken de natuur.

Natuurbeleving Het Diemerpark is uniek in Amsterdam: geen park kent zo'n grote biodiversiteit en verscheidenheid aan natuurlijke biotopen. Het zit vol met bijzondere (rode lijst) soorten en is een walhalla voor vogelspotters. Tal van georganiseerde natuurvrienden, zoals de Vogelwerkgroep Amsterdam, Natuurlijk IJburg en de Vereniging Vrienden van het Diemerpark, bekommeren zich intensief om het park. Mensen komen hier graag wandelen of picknicken om te genieten van de open groene ruimte en de gevarieerde natuur.

47

bron: amsterdam.nl

3.6

Kunst in het park

Door het Diemerpark heen ‘loopt’ het kunstwerk De Ontmoeting, in de vorm van 103 gietijzeren putdeksels. In de putdeksel zijn dichtregels van kunstenares Maria Barnas gefreesd. De deksels liggen niet in een vaste volgorde, dus voorbijgangers kunnen de dichtregels in willekeurige volgorde lezen. Op de deksels staan de gedachten van twee mensen die hebben afgesproken in het park, maar elkaar niet kunnen vinden. Daarin staat de liefde centraal, maar er zijn ook verwijzingen naar de bewogen historie van de Diemerzeedijk. Daarnaast kent het Diemerpark meer creatieve uitingen, bijvoorbeeld projecties op technische objecten (zie bijgaande foto).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11344464/1