CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept verslag RO 15.12.2021.docx

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 19 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie RO d.d. 15 december 202118.483 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Mevrouw Van Renssen vroeg naar de kosten bij het openbaar maken van de entrees en het onderhoud daarvan, hetgeen uit de pot (?) moet komen. Die pot kan worden ingezet, omdat andere potjes al zijn gebruikt. Die entrees worden groen voor veel meer Amsterdammers. Het meer toegankelijk maken van dat groen past goed in het Strategisch Huisvestingsplan. Dan de vraag van mevrouw Van Renssen waarom Gemeentelijk Vastgoed die bijdrage van 35.000 euro niet als een soort van teruggave betaalt. Gemeentelijk Vastgoed heeft heel veel vragen meegekregen, die vaak te maken hebben met het beschikbaar houden van heel veel vastgoed in deze stad. Dus daar moeten keuzes gemaakt worden. Er zullen vragen komen richting de raad hoe de volgende jaren dekking gevonden moet worden. Dan kan de overweging gemaakt worden wat de beste mix is. Dat brengt haar op de vraag van de heer Turkkol en de inspreker over het geld dat voor volgend jaar te krap is om aan de gestelde opgaven te voldoen. Zij begrijpt die vraag. Het bedrag is in laatste instantie nog iets opgehoogd. Zij denkt daarom dat die coördinatie door ambtenaren de eerste twee jaar ingezet zou moeten worden. Daarna zou het kunnen zijn dat het structureel niet meer zo nodig is. Op dit moment is het echter niet mogelijk om daar nog meer geld voor beschikbaar te stellen.

Op de vraag of men het hiermee allemaal gaat redden kan pas beantwoord worden als dit beleid nu vastgesteld wordt. Dan kan ermee aan de slag gegaan worden. Zij geeft een technische uiteenzetting van al hetgeen zij zich voorstelt dat er moet gaan gebeuren. Zij en de tuinders denken dat het hierbij om een haalbare kaart gaat. De steun aan de parken zit hem dus in de te leveren coördinatie gedurende de komende jaren. Zij zet daarbij uiteen dat ook de stadsdelen een stukje van de begeleiding op zich nemen. Zij is verheugd over de positieve kritiek van mevrouw Bloemberg-Issa, want dat is iets dat zij niet altijd meemaakt. Haar punt over de toegangstijden geldt vooral in de zomer. In de winter zal dat minder zijn. Voor die openheid van de parken zullen ook in

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

gezamenlijkheid plannen gemaakt gaan worden. Het is zeker niet zo dat die openingstijden heel erg afgestemd gaan worden op feesten en barbecueën. Er zijn echter parken die reeds vanuit het verleden feestjes organiseren. Het is mogelijk dat op die manier de volkstuinparken een mooie maatschappelijke functie kunnen hebben. De nachtopenstelling stamt uit de tijd toen er nog van uitgegaan werd dat stukken van de parken openbaar zouden worden. Dat speelt dus niet meer. Het invullen van die horecafunctie zal in samenspraak met de tuinders moeten gebeuren. Zij kan zich voorstellen dat daarbij een link gelegd wordt naar de verenigingsgebouwen die er al zijn en dat het een kleine inkomstenbron voor de parken zou kunnen zijn. Sommige parken doen dit al. Het is aan de tuinparken te bepalen hoe zij vorm gaan geven aan vragen vanuit bijvoorbeeld kinderdagverblijven om te kunnen bouwen in een volkstuinpark. Er is natuurlijk het beleid dat er in de hoofdgroenstructuur niet mag worden gebouwd. Dat lijkt haar ook voor volkstuinen te gelden. Dan de vraag waarom er niet meer volkstuinen komen in een groeiende stad. Zij staat open voor het idee van niet een traditioneel volkstuinpark, maar van een vorm van gezamenlijk tuinieren dat onderdeel is van de tuinders. Daarvoor zijn heel veel plannen in de stad.

Richting mevrouw Bloemberg-Issa benadrukt zij dat zij een uitbreiding met traditionele volkstuinparken in een sterk verdichtende stad niet zo ziet zitten. Zij is dus meer voor gezamenlijk tuinieren in de stad, in een openbare ruimte die voor iedereen toegankelijk is. De gegeven kwalificatie van de structuurvisie van Ouder-Amstel laat zij aan mevrouw Bloemberg-Issa. Zij is blij dat er woningen gerealiseerd kunnen gaan worden. Zij is ook blij dat daarvoor een plan gemaakt kan worden samen met de volkstuinen in de Nieuwe Kern wat een veel groter gebied beslaat dan in 2017 werd afgesproken. Zij gaat nu graag snel weer met de tuinders in gesprek om dit verder vorm te geven. Zij heeft in ieder geval de tuinders het aanbod gedaan om samen met de mensen die de stedenbouwkundige visie hebben gemaakt nog eens helemaal door het plan te gaan om te kijken wat de mogelijkheden zijn. Het is haar grote hoop dat ook hier in samenwerking met de tuinders tot een mooie co-creatie gekomen kan worden. Tweede termijn Mevrouw BLOEMBERG-ISSA herinnert aan haar vraag over het tuinpark De Vrijbuiters. Dat is een tuinpark dat niet op gemeentegrond ligt. Inmiddels zitten de tuinders daar niet meer, omdat de grondspeculant het gebied heeft gekocht van de provincie. De gemeente heeft dit laten gebeuren. Nu zijn die tuinders hun plek kwijtgeraakt. Het tuinpark wordt nog wel genoemd in de voordracht.

Zij vraagt zich af waarom dat gebeurd is, omdat het tuinpark niet meer als zodanig bestaat. Zij wil de wethouder nogmaals vragen te bekijken of er toch nog een nieuwe locatie kan worden gevonden voor deze tuinders. Dat zou bijvoorbeeld op het dak van de Gaaspertunnel kunnen zijn. Verder geeft zij aan dit punt graag in de raadsvergadering te willen bespreken, want zij heeft ideeën voor enkele moties. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan dat het gebied van De Vrijbuiter een gebied is met een bestemming, die een tuinpark mogelijk maakt. Daarom valt het gebied onder het beleid. Het is geen onderdeel van het huurconflict dat er gespeeld heeft en de daarop volgende ontruiming. De ontwikkeling zou het gebied weer kunnen gaan verhuren als tuinpark. De verhuurder heeft deze maatregelen genomen wegens een huurconflict, dus niet wegens een mogelijke bestemmingsplanwijziging. Wat de Gaaspertunnel betreft, roept zij op vooral veel tuinieren aan de stad toe te voegen, maar dat niet door middel van de privatisering van de openbare ruimte te doen. Dat is bij volkstuinparken helaas wel het geval. Zij denkt dat het groen juist in verschillende vormen en waarbij veel mensen recreëren bij voorkeur openbaar groen is. Zij ziet de moties met belangstelling tegemoet. De VOORZITTER stelt vast dat dit agendapunt hiermee voldoende is besproken

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

en dat het een middellange bespreking zal krijgen in de raadsvergadering.

4 Vaststellen van het bestemmingsplan Amstelkwartier derde fase West (ZD2021014767) De heer LEENDERS heeft twee vragen. Hij constateert dat er grote behoefte is aan betaalbare woningen en wil weten waarom die categorie woningen niet als laatste wordt neergezet in dit bestemmingsplan en dat middeldure woningen wel als eerste neergezet worden. Zijn tweede vraag gaat over het middensegment. Hij vraagt de wethouder erop in te zetten om hier middenhuur te maken dan wel om hier een antispeculatiebeding te treffen en dat in te zetten bij de gronddekking. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het hier een transformatiegebied betreft. Daarbij kan niet altijd de gemeentelijke planning gevolgd worden. De woningbouw, inclusief de sociale woningbouw, gaat gespreid over het hele gebied plaatsvinden. Ook in tijd is er sprake van spreiding. Als de heer Leenders vraagt eerst met de sociale woningbouw te beginnen, moet zij toch zeggen dat in deze fase de voorzieningen voor gaan. In de volgende fase wordt er gekeken naar woningbouwcorporaties, die sociale huur moeten gaan bouwen. De corporaties zitten in alle fases. Dan de vraag over eeuwigdurende middeldure huur. Hiervoor geldt dat het beleid met betrekking tot middeldure huur gemaakt is, nadat deze afspraken gemaakt zijn. Dus het eeuwigdurende segment zit er nog niet in en dat kan ook niet worden afgedwongen.

De VOORZITTER stelt vast dat dit agendapunt een hamerstuk zal zijn in de raadsvergadering.

5 Het treffen van een regeling voor stadsdeel Oost (ZD2021-014048) Gehamerd, ook in de raad.

6 Vaststellen bestemmingsplan Havenstraatterrein (ZD2021-014414) Gevoegd te behandelen met Grondzaken 7 Instemmen met het de herziening van de grondexploitatie Havenstraatterrein en vaststellen van het investeringsbesluit en beschikbaar stellen van een krediet voor het realiseren van een tramloods voor het stallen van historische trams. (ZD2021-015909) En 8 Vaststellen dat het verhuren van een tramloods op het Havenstraatterrein, voor het stallen van historische trams, wordt aangewezen als activiteit die plaatsvindt in het algemeen belang als bedoeld in artikel 25h Mededingingswet. (ZD2021-015911) En 12 Beantwoording schriftelijke vragen van het lid Kuiper inzake de geheimhoudingsverklaring opgelegd aan het bestuur van het Trammuseum op het Havenstraatterrein. (ZD2021-016106) Aan de behandeling van deze agendapunten neemt ook de heer Capel deel namens het DB van stadsdeel Zuid. Mevrouw DE BRUINE begint met complimenten voor het college voor het

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

voorliggende resultaat. Er is de afgelopen maanden door ambtenaren hieraan hard gewerkt. Haar fractie is blij met het resultaat: het behoud van het bedrijventerrein voor de stad. Er zal in de komende tijd nog veel moeten worden uitgewerkt. Zij gaat er hierbij van uit dat de positieve opstelling van zowel de gemeente als de tramorganisaties leidt tot een prachtige remise voor de stad. Zij heeft een paar vragen over het bestemmingsplan en wil weten of de wethouder kan aangeven dat het voorliggende bestemmingsplan op dit punt helemaal goed is ingericht. Verder is er door verschillende partijen de afgelopen tijd aangegeven dat zij niet zijn gehoord en niet zijn betrokken bij dit herziene bestemmingsplan. Kan de wethouder aangeven of deze signalen kloppen? Dan het punt van de (?) Zij wijst erop dat de burgemeester in oktober de volgende uitspraak heeft gedaan: Uit angst voor precedentwerking zegt de gemeente dat men de regels moet beschermen tegen inwoners. Dat is niet de bedoeling, de regels moeten dienstbaar zijn aan de inwoners. Men gaat nu de juridische functie van de gemeente tegen het licht houden. In de komende tijd moet men bekijken of men de juridificering kan verminderen en het gevoel bij burgers dat zij tegenover een enorm apparaat staan. Deze uitspraak komt in deze situatie als geroepen.

Een geheimhoudingsverklaring als deze, die ondertekend is door tramorganisaties, is een voorbeeld van een overheid waarbij alle registers worden opengetrokken. Op zich is het doel duidelijk: zorg dat de bepaalde informatie niet op straat komt te liggen. Bij de tramorganisaties is de geheimhoudingsverklaring echter heel algemeen geformuleerd en ook zonder een einddatum te verstrekken. Uit de antwoorden op vragen over dit onderwerp blijkt dat in gelijksoortige situaties zo’n verklaring niet ondertekend wordt. Zij geeft het voorbeeld van de nieuwe Meervaart en OBA Next en vraagt of de wethouder dit kan stoppen en deze wijze van juridificering kan ombuigen naar een constructieve samenwerking. Mevrouw VAN RENSSEN heeft ook complimenten voor het feit dat er nu een bestemmingsplan ligt. Zij zou het ook fijn vinden als er snel voortgang gemaakt kan worden en de bouw van de 500 woningen niet te lang opgehouden wordt. Het is ook heel goed dat de gemeente er met de tramorganisaties uit is gekomen. Zij begrijpt dat dat geen makkelijk proces was, maar zij vraagt zich toch af of, nu twee jaar na de uitspraak van de Raad van State, het niet sneller had gekund. Zij hoopt dat de activiteiten snel van start kunnen gaan, maar de kosten uit de grondexploitatie zijn wel hoog met 14,4 miljoen euro. Haar vraag betreft het investeringsbesluit, dat nu op verschillende punten wordt herzien.

Een aantal woningen wordt nu kleiner. Daarom vraagt zij zich af of men het woningprogramma niet verder had moeten herzien en toch had moeten uitgaan van 40:40:20, omdat het kennelijk mogelijk is om de grondexploitatie aan te passen. Dan geldt volgens haar de spelregel dat uitzonderingen zijn toegestaan en dat alle besluiten worden afgerond in de bouwplannen die veel vertraging kennen. Dat is in dit geval niet gebeurd, omdat er nieuwe afspraken gemaakt worden. Haar vraag aan de wethouder en ook aan de DB’er van het stadsdeel is of het niet mogelijk is om 200 sociale woningen toe te voegen in plaats van 150. Zij realiseert zich dat de opbrengst dan eventueel minder zal zijn. Verder vindt zij het een goede zaak dat er openbaar groen wordt gemaakt en dat er een verbinding wordt gemaakt met het Vondelpark en het Amsterdamse Bos. Zij maakt zich wel zorgen om het verkeer met name wegens de school die er komt, maar ook door de British School. Zij wil weten wat er gedaan kan worden dat ouders hun kinderen vooral met de fiets komen brengen en halen. En kan dat ook in de toekomst in de gaten gehouden worden? Mevrouw BERCKENKAMP herinnert eraan dat D66 zich al jaren inzet dat er volop wordt ingezet op het middensegment om ook voor deze categorie mensen een plekje in de stad te creëren.

Daarom is zij blij dat er 50% meer middeldure woningen worden bijgebouwd bij de herontwikkeling van de Havenstraat. Bovendien zijn de woningen groot genoeg voor een stadsgezin. Zij heeft dezelfde vragen als mevrouw Van Renssen: de verkeerssituatie ook in verband met de British School. Zij vraagt de wethouder een toelichting te geven op die verkeerssituatie.

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

Wethouder VAN DOORNINCK dankt voor de complimenten en geeft toe dat dit steeds het doel was waarnaar gestreefd werd. Dat leek eerst gewoon niet te lukken, waardoor er een bestemmingsplan moest worden vastgesteld, waarbij geen bevoegdheid was ingebracht, zodat dat achteraf eventueel nog zou kunnen. Nu is ervoor gezorgd dat het bestemmingsplan samen met de tramorganisaties gerealiseerd kan gaan worden. Daar is inderdaad het een en ander voor nodig. Daar is een speciale regelgeving voor aangesproken, omdat dit in het algemeen belang is. De gemeente heeft daarbij flink de portemonnee moeten trekken. Dat alles vergde een fikse inspanning vanuit de tramorganisaties en de gemeente. Daarom is zij blij dat er nu een heel mooi resultaat ligt. Zij kan mevrouw De Bruine geruststellen dat er inderdaad sprake zal zijn van een voortzetting van de constructieve samenwerking. Mevrouw De Bruine vroeg zich af of het nu wel goed zit met het bestemmingsplan, dat eerst vernietigd was. De vernietiging vond plaats met het argument dat er te weinig rekening werd gehouden met de belangen van de tramvereniging. Die belangen zijn nu goed geborgd. Zij gaat er daarom van uit dat dit bestemmingsplan de toets van de rechter zal doorstaan, ook al is het zo dat niet iedereen zich daarin kan vinden. Er zijn meerdere momenten geweest dat de bewoners hierover geïnformeerd zijn.

Dit óók over het feit dat er niet een nieuwe inspraakprocedure gehouden zou worden, omdat het belangrijkste struikelblok, de inpassing van de tramloods, was opgelost. De andere aanpassing was dat er woontorens lager gemaakt zijn, waarvan zij zich niet kon voorstellen dat bewoners daarop tegen zouden zijn. Mevrouw Van Renssen vroeg zich af of de 40:40:20-regel niet in het bestemmingsplan toegepast had kunnen worden. Zij gaf zojuist aan dat het een fikse klus is om zo’n bestemmingsplan in twee jaar klaar te krijgen. De 40:40:20-regel zou met zich hebben meegebracht dat er nieuwe financiële afspraken met ontwikkelaars gemaakt zouden moeten worden. Voor die weg is niet gekozen. Men heeft zich gehouden aan de plannen die het stadsdeel steeds op het oogvlies had en er is steeds gezocht naar de manier waarop de remise er zo snel mogelijk ingepast zou kunnen worden. Dus er is niet voor gekozen om de plannen totaal op de schop te nemen. Mevrouw VAN RENSSEN ontkent ervoor gepleit te hebben om de plannen geheel overhoop te halen. Zij wilde alleen vaststellen dat er geen afspraken gemaakt zijn met de ontwikkelaar. Het 40:40:20-beleid is in 2017 ingevoerd en zij vroeg zich af of die regel ook niet op dit gebouw van toepassing kon zijn.

Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat het een stadsdeelproject was en is en dat er niet voor gekozen is om tot nieuwe financiële afspraken te komen met de ontwikkelaar. Zij stelt voor dat de heer Capel straks wat dieper zal ingaan op de vragen die gesteld zijn over de verkeerssituatie. De berekeningen wijzen in ieder geval uit dat de voorgestelde plannen reëel zijn. De British School zit inderdaad op een druk verkeerspunt. Het is een school met een regionaal verzorgingsgebied, waardoor het gebruikelijk is dat de leerlingen met de auto gebracht en gehaald worden. Zij denkt dat dit niet tot problemen zal leiden en dit geldt ook voor de nieuwbouw, waarvoor een lage parkeergraad geldt. Toch moet de situatie bij de British School goed gemonitord worden. Er worden daar verkeersregelaars ingezet. Dan komt zij terug op het punt van mevrouw De Bruine over de geheimhoudingsverklaring. Zij zou het niet als zodanig willen zien. De burgemeester komt binnenkort met een idee over die juridificering en over hoe daar anders mee omgegaan zou kunnen worden. Zij ziet dit veel meer in de sfeer van financiële belangen, waardoor die verklaring gevraagd is. Zij denkt niet dat men hier kan spreken van willekeur. Zij heeft ook geen tegenwerking ervaren door de tramorganisaties tegen die geheimhoudingsverklaring. Ze hebben zelfs meegeschreven aan de verklaring.

Mevrouw DE BRUINE vraagt zich af of in het geval van de Meervaart het niet ook om financiële belangen ging, die ook zo’n verklaring rechtvaardigde. [slecht verstaanbaar]

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

Wethouder VAN DOORNINCK zegt dat niet precies te weten. Zij weet niet welke afspraken daar toen gemaakt zijn. Zij raadt mevrouw De Bruine aan voorzichtig met dit soort zaken om te gaan om te voorkomen dat zo’n verklaring in al dat soort gevallen nodig gaat zijn. Dan belandt men juist in de valkuil waar de burgemeester nu juist zo graag een eind aan zou maken. Mevrouw DE BRUINE benadrukt geen voorstander te zijn van het vragen van een dergelijke verklaring. Maar zij is van mening dat het hier nu bij de ene organisatie wel wordt gevraagd en bij een andere niet. Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat zodra men gezamenlijk zo’n geheimhoudingsverklaring opstelt dat duidelijk maakt dat het niet gaat om wantrouwen, maar om het borgen van het vertrouwen. Zij is er geen voorstander van een situatie te scheppen dat het bij de een wel gevraagd wordt en bij de ander niet, want dan loopt men het risico dat er een regel komt die voorschrijft dat het bij iedereen standaard gebeurt zonder dat zo’n verklaring gezamenlijk wordt opgesteld. Er gaat dan met een format gewerkt worden. Het is juist de bedoeling dat er in gezamenlijkheid zo’n verklaring wordt opgesteld.

Mevrouw DE BRUINE [niet duidelijk genoeg verstaanbaar voor een consistente weergave van het punt dat zij wil maken] Wethouder VAN DOORNINCK legt uit dat er een concept gemaakt is waar de tramorganisaties op konden reageren, waarna de gemeente die reacties heeft overgenomen. Daar zit een zekere gezamenlijkheid in. Er werd meteen benadrukt dat er een concepttekst werd voorgelegd. Zij hoort mevrouw De Bruine suggereren dat het om een bepaalde organisatie ging die wel of niet vertrouwd werd, maar het gaat om een specifiek project met een specifieke situatie. Het beeld dat mevrouw De Bruine oproept is namelijk dat sommige partijen wel getekend hebben, maar anderen niet. Voor sommige projecten, in sommige situaties is het goed om zo’n verklaring te hebben, terwijl dat in andere projecten of situaties minder nodig is. Zij denkt dat dat meer recht doet aan de waarheid dan aan het beeld dat zij sommige organisaties minder zou vertrouwen. Er wordt 14 miljoen euro extra uitgegeven om ervoor te zorgen dat deze tramorganisaties hier kunnen blijven bestaan. Daar spreekt volgens haar een gigantisch vertrouwen uit dat de gemeente heeft in een toekomstige mooie tramremise en de toekomst van de organisaties. De heer CAPEL zet allereerst uiteen dat het gaat om een programma dat in 2014 tot stand is gekomen.

Er is voortgeborduurd op de besluitvorming van destijds en daarbij is uitgekomen op de bouw in het middensegment en op sociale bouw met een verhouding 30:25. Er is geen ruimte meer om extra woningen toe te voegen. Dus als er extra sociale huur bijgebouwd zou moeten worden, zoals mevrouw Van Renssen wil, dat zal dat ten koste gaan van de ruimte voor middeldure woningen. Mevrouw VAN RENSSEN begrijpt dat het om een oud plan gaat en dat de heer Capel refereert aan de besluitvorming in de deelraad van 2014. Zij wist alleen niet dat dat ook de reden is dat er afgeweken is van de regel 40:40:20. Wat haar betreft mag de uitbreiding van de sociale sector ten kosten gaan van extra opbrengsten voor de gemeente. Zij hoort graag hoe de heer Capel dat ziet. De heer CAPEL refereert aan de besluitvorming van destijds. Het gaat om een democratisch besluit dat genomen werd door een gremium dat daar toen in 2014 bevoegd toe was. Mevrouw VAN RENSEN is van mening dat het erom gaat dat nu het woningbouwbeleid wordt uitgevoerd met de afspraak van 40:40:20. Zij zal het plan hier echter niet door tegenhouden, want daar is het te belangrijk voor. Zij vindt alleen dat er

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

heel zorgvuldig omgegaan moet worden met uitzonderingen op die 40:40:20-regel. Eigenlijk wil zij geen plannen meer zien waarin een uitzondering zonder meer wordt aangenomen. Dat is een opmerking die zij in zijn algemeenheid maakt. Het is geen vraag aan de heer Capel. De heer CAPEL gaat vervolgens in op de verkeerssituatie en legt uit dat in dat kader ook met de British School gesproken is. Er wordt nog voortdurend gewerkt aan het oplossen van de verkeerspuzzel aldaar. In het contact met de British School is de wenselijkheid benadrukt dat mensen op de fiets komen, maar zij kunnen daar natuurlijk niet toe gedwongen worden. Dan de participatie. Het gaat om een omvangrijk project en hij begrijpt volledig dat bewoners zich zorgen maken. Als het om klachten gaat waarbij mensen klagen daarop niets meer gehoord te hebben, dan is dat lastig. Eenieder heeft zijn eigen beleving van die participatie. Bewoners zijn echter voortdurend up-to-date gehouden middels bijvoorbeeld een bewonersbrief. Daarop zijn geen reacties binnengekomen. Ook dat is lastig. Met de trampartijen is hecht samengewerkt met een duidelijk voorbeeld van co-creatie als resultaat. Hij begrijpt dat mensen hun omgeving plotseling zien veranderen en zich zorgen maken. Nu is door het nieuwe bestemmingsplan een nieuwe fase ontstaan en daarbij wordt opnieuw bekeken hoe de participatie ingericht moet worden.

De bewoners worden daar natuurlijk bij betrokken. Waar verbeteringen mogelijk zijn, worden die natuurlijk ook gerealiseerd. De VOORZITTER inventariseert hoe met deze drie raadsvoordrachten omgegaan moet worden in de raadsvergadering. Zij stelt vast dat de commissieleden dit onderwerp kort willen bespreken in de raadsvergadering.

9 Vaststellen van de Investeringsnota Lodewijk van Deysselbuurt en het beschikbaar stellen van een krediet. (ZD2021-014380) Dit agendapunt wordt behandeld in aanwezigheid van wethouder Wedemeijer en stadsdeelbestuurder Mauer van stadsdeel Nieuw-West. De heer LEENDERS heeft twee vragen, waarvan de eerste het parkeren betreft wegens de komst van vreemdparkeerders in dit gebied en de opvang daarvan wat de extra parkeergelegenheid betreft. Hij hoort graag nader hoe die problematiek wordt opgelost. Zijn tweede vraag betreft het afschermen van de groene loper. Hij hoort daar graag nader over. De heer ERNSTING wijst er richting de heer Leenders op dat wat het parkeren betreft er in de vorige raadsvergadering een motie is aangenomen van GL en D66 die wil dat er in Nieuw-West meer parkeerregulering toegepast gaat worden juist om het probleem van vreemdparkeren tegen te gaan. Tot zijn verbazing heeft de PvdA daar tegen gestemd. Kan de heer Leenders daar een uitleg bij geven, zo is zijn vraag. De heer LEENDERS antwoordt dat dat onderwerp in een andere commissie thuishoort en dat hij daar dus geen antwoord op kan geven, want het is niet zijn expertise. De heer ERNSTING wijst erop dat het hier nu gaat om de stedenbouwkundige consequenties van het vreemdparkeren. Er wordt wel vaker geconstateerd dat er in Nieuw-West sprake is van een gebrek aan parkeerruimte en parkeerregulering.

Hij raadt de heer Leenders daarom aan daar toch eens aandacht aan te besteden. Mevrouw VAN SOEST wijst erop dat uiterlijk 1 januari 2023 een concrete oplossing wordt besproken. Klaarblijkelijk heeft men iets in gedachte. Zij is daar reuze benieuwd naar. Samen met de corporaties wordt gekeken naar een oplossing. Zij vraagt

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

de wethouder of zij daar iets meer over kan vertellen. Wethouder VAN DOORNINCK vraagt mevrouw Van Soest aan te geven aan de oplossing van welk probleem zij denkt. Het gaat hier om een heel groot plan. Mevrouw VAN SOEST refereert aan punt 23. De heer ERNSTING spreekt van een bijzonder project waarbij het gaat om renovatie en nieuwbouw. Dus het verbeteren van de woningen van heel veel mensen in één keer. Zo’n project heeft veel consequenties voor de bewoners, die zich natuurlijk zorgen maken over hun situatie. Voor GL is het belangrijk dat mensen kunnen terugkeren in hun huidige woningen. Er is sprake van een terugkeergarantie met name in situaties waarbij bewoners langere tijd moeten wachten, voordat ze terug kunnen keren. Een tweede belangrijk punt voor GL is dat er geen mensen gedwongen worden (?). Dat betekent iets voor de woningvoorraad. Hij vindt het goed om te lezen dat er geen sociale woningen verloren gaan, maar dat er zelfs sociale woningen bijkomen. Voor een klein deel zullen dat woningen in de vrije sector zijn. Hij denkt dat het belangrijk is dat de buurt goed betrokken wordt bij het vervolgtraject en bij de invulling van een en ander. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de invulling van de plint in de Lodewijk van Deysselstraat. Hij heeft daar wat zorgen over. Tot slot vraagt hij zich af hoe andere organisaties betrokken kunnen worden in de rest van het project.

Dit in relatie met de structuurvisie en het Samen Stad Maken en de groepen die daarbij betrokken zijn. De heer FLENTGE memoreert dat het hierbij gaat om het oplossen van reeds lang bestaande problemen, zoals achterstallig onderhoud. In de eerste plannen van Rochdale was er nog sprake van een afname met een klein aantal sociale huurwoningen. Hij heeft toen contact opgenomen met de woningbouwcorporaties en dat heeft geleid tot een aanpassing van de plannen. Hij wil echter zeker weten dat het aantal toe te voegen sociale huurwoningen niet in de min terechtkomt. Het gaat ook om een terugkeergarantie en hij benadrukt het belang dat alle bewoners daar gebruik van kunnen maken. Verder worden er woningen voor jongeren gemaakt, maar dat zijn jongeren met vaak een tijdelijk huurcontract. Hij ziet het gevaar dat die jongeren na vijf jaar niet in staat zijn om zelfstandig een wooncarrière te starten en terug zullen vallen in hun oorspronkelijke situatie. Hij pleit daarom voor maatregelen die er voor zorgen dat die jongeren bij voorrang in die buurt wel een wooncarrière kunnen starten. Het gaat in de Lodewijk van Deysselstraat om 60 sociale gezinswoningen en bedrijfsruimten. Hij weet dat bedrijfsruimten niet altijd benut worden en dus leeg staan. Dat zou in dit geval kunnen betekenen dat het gebruikers van buiten gaat aantrekken.

Als het daardoor een drukke straat gaat worden heeft dat gevolgen voor de parkeerbehoefte. Hij ziet allerlei ontwikkelingen in de straat, die hem ertoe brengen ervoor te waarschuwen dat de straat geen barrière moet worden in de buurt. Hij begrijpt de zorgen hierover van de bewoners in de straat. Hij hoort daarom graag een reactie van het college hierop. De bewoners wijzen voorts op het grote aantal mantelzorgers en het familiebezoek waar zij afhankelijk van zijn. Op het moment dat die mensen in de nieuwe situatie met inpandig parkeren te maken krijgen, neemt wellicht hun financiële problematiek toe en moeten zij zorg afstoten met een groter isolement van dien. Hij pleit ervoor om die problematiek ook mee te nemen in de overwegingen rondom het oplossen van de parkeerproblematiek. Hij denkt dat het belangrijk is dat als er straks gebouwd wordt in dit gigantische project, er gezocht gaat worden naar manieren waarop partijen, zoals aannemers, opleidingskansen kunnen bieden voor de jongeren in de wijk. Op die manier wordt er ook iets goeds gedaan voor de wijk. Ook hierover hoort hij graag het college nader. De heer TURKKOL meldt dat zijn fractie ook heel blij is met de plannen voor deze straat. Hij ziet ook dat de bewoners hier positief tegenover staan. Hij refereert aan het advies van het DB van Nieuw-West betreffende de terugkeergarantie en de positie daarbij

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

van inwonende kinderen. Hij pleit voor het toegankelijk maken van de Groene Loper. En richting de heer Flentge stelt hij voor om naast de door deze genoemde partijen ook de ondernemers in de buurt te betrekken. Hij hoort ook graag hoe de wethouder aankijkt tegen de adviezen van de regering. Wethouder VAN DOORNINCK erkent dat het hierbij gaat om een lang verwachte ontwikkeling waar de bewoners al sinds lange tijd naar uitkijken. De plannen zijn enigszins aangepast. Waar het eerst ging om nieuwbouw, gaat het nu om de combinatie van renovatie en sloop/nieuwbouw. Zij denkt dat dat de buurt goed zal doen. Het betekent ook dat er dingen gaan veranderen. Belangrijk is dat bewoners vanaf den beginne hierin betrokken zijn. Stadsdeelbestuurder, de heer Mauer, zal hierop straks nader ingaan. Er is intensief opgetrokken met de bewoners, maar dat betekent niet dat iedereen betrokken is kunnen worden. Naast de punten waarop partijen elkaar gevonden hebben, zijn er ook punten overgebleven waarop dat niet het geval is. De inspreker heeft daar duidelijk gewag van gemaakt. Een van die punten is het parkeerbeleid. Het gaat om een van de wijken die oorspronkelijk voor de auto gebouwd zijn, maar waar fietsers en voetgangers een steeds belangrijkere rol gaan spelen in het verkeer en dat gaat ten kosten van de ruimte die er oorspronkelijk was voor de auto.

Een parkeerregime is dan een goede methode om deze ontwikkeling te reguleren. Wat er nu gedaan kan worden is dat op het moment er een stedelijk besluit genomen is, er gewerkt wordt aan een openbaar ruimteplan. De concrete resultaten hiervan in dit gebied kunnen in 2025 verwacht worden. Voor die tijd zal er een voorstel worden uitgewerkt voor parkeerregulering van de Van Deysselbuurt. Zolang daarvan nog geen sprake is, gaat het om handhaving binnen de bestaande regels. Wellicht dat er in andere commissies nog andere manieren gevonden gaan worden om hierin wat te doen, totdat er een betaaldparkerenregime wordt geïntroduceerd. Wat de publieke toegankelijkheid van de Groene Loper betreft en waar de heer Leenders om vroeg, dat zal in de deelplannen van het stedenbouwkundig plan verder worden uitgewerkt. Dat gebeurt in samenspraak met Rochdale en de bewoners. De heer FLENTGE wijst nog op zijn punt van het inpandig parkeren en de mantelzorgers, waardoor bewoners voor extra kosten kunnen komen te staan. Niet alleen de mantelzorgers zouden dan wegblijven, maar ook het familiebezoek zou afnemen. Wethouder VAN DOORNINCK wijst wat die parkeerproblematiek betreft op het bestaan van bezoekerskaarten. Verder schiet haar kennis over de precieze gemeentelijke regels voor het parkeren van mantelzorgers iets te kort. Zij kan daar volgende week in de raadsvergadering op terugkomen.

Het is niet helemaal haar terrein. Wat de verkeersproblematiek betreft, wordt bekeken of de afwaardering van zowel de Burgemeester Röellstraat als van de Burgemeester van Leeuwenlaan helpt bij het verminderen van de drukte. Het is een problematiek die niet helemaal de hare is. Dus indien nodig komt zij daar graag volgende week in de raadsvergadering op terug. Zij denkt in ieder geval dat met een 30 km-zone een deel van de problematiek wordt opgelost. In de Van Deysselbuurt zal ook een blauwe zone helpen. Dit alles zal onderdeel zijn van het uitwerkingsplan. Het betekent ook dat er goed zal moeten worden gehandhaafd. De heer FLENTGE wijst op de straten waar volgens hem het probleem schuilt. Wethouder VAN DOORNINCK zegt toe daar volgende week op terug te komen als het onderwerp in de raad besproken wordt. Voor de vragen van de heer Leenders, mevrouw Van Soest en de heer Flentge over de sociale woningbouw en die voor jongeren laat zij graag collega Wedemeijer aan het woord als wethouder Wonen. Hij zal ook ingaan op de terugkeergarantie waar de heer Ernsting vragen over had. Wat de participatie door de buurt betreft is er het buurtplatform dat veel heeft meegesproken en dat het niet altijd eens was met de gemeente. Daarnaast is er ook breder onder de bewoners geïnformeerd, want het platform is slechts een afvaardiging.

Van 1400 huishoudens stond 50% zeer positief tegenover de plannen. 17% van de

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

bewoners was daar negatief over. Zij is het eens met de heer Ernsting dat men er hiermee nog niet is met de samenwerking, want men staat nog maar aan het begin. Er zal zeker geprobeerd worden om die samenwerking met de bewoners goed vast te houden. Zij heeft de opmerking van de heer Flentge en Turkkol over het meenemen van betrokken organisaties goed gehoord. Zowel de heer Ernsting als de heer Flentge hadden vragen over de voorzieningen. Ook hier speelt het feit dat het buurtplatform een meer uitgesproken mening heeft dan de rest van de bewoners. Het is duidelijk de bedoeling dat de voorzieningen in de Lodewijk van Deysselstraat heel erg buurt gericht zijn. Er is nog wel wat discussie over de vraag in hoeverre het Community Center buurtgericht is. Het buurtplatform vindt dat het een veel bredere uitstraling heeft. Zij denkt dat dat Center een versterkende werking kan hebben in de buurt. Het gaat in ieder geval niet om bedrijven die om zes uur de rolluiken dicht doen, zoals de inspreker vreesde. De heer FLENTGE meent dat de sociale huurwoningen die omgezet worden naar bedrijfsruimten geen punten zijn met een sterke brede uitwerking. Hij pleit ervoor om in deze buurt de combinatie tussen wonen en bedrijfsruimten goed te bewaken.

Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat de meningen van het college, het DB en de bewoners wat dichter bij elkaar liggen dan de zwart/wit-tekening die er nu van geschetst wordt. Het gaat om laagdrempelige voorzieningen waarin lokaal ondernemerschap plaats kan vinden, maar het zijn zeker ook voorzieningen voor de buurt. Portefeuillehouder Mauer zal er wellicht wat verder op ingaan. Als vorm van horeca ziet zij vormen van informele ontmoeting voor zich. Dit zijn allemaal voorzieningen die niet bedoeld zijn voor heel Nieuw-West. Het wordt dus in die zin niet een heel drukke straat, zoals de bewoners vrezen. Er was nog een vraag over hoogbouw. Er is naar gekeken hoe dit plan zo goed mogelijk tot extra woningen kan leiden. Daarbij is men op die bouw in zeven lagen gekomen. Als er lager gebouwd moet worden, dan betekent dat ook dat er breder gebouwd moet worden met alle claims op de openbare ruimte en het groen van dien. Die puzzel heeft tot het voorliggende voorstel geleid. Het idee van die social return vormt sowieso een onderdeel van het project, maar het lijkt haar een zeer goede zaak om daar nog meer aandacht aan te geven. Een eventueel voorstel vanuit de SP kan daarbij helpen. Wethouder WEDEMEIJER zal in verband met de tijd de vragen van mevrouw Van Soest, de heren Ernsting, Flentge en Turkkol gezamenlijk trachten te beantwoorden.

Allereerst de vraag of hetzelfde aantal sociale huurwoningen terugkomt. Het antwoord daarop is ‘ja’. Dat antwoord staat ook in de stukken en hij kan dat hierbij bevestigen. De tweede vraag is die naar de terugkeergarantie. Het is een woord dat door het college niet gebruikt wordt. Hij wil de Amsterdamse kadergesprekken van 2020 in herinnering brengen. Tegen die achtergrond zal elke wijkbewoner een redelijk aanbod tot terugkeer worden gedaan. Daarbij wordt er gekeken naar de inkomenssituatie en naar de gezinssituatie. Dat is toch net iets anders dan een terugkeergarantie. Het is de bedoeling dat iedereen die wil terugkeren, kán terugkeren. Dan de jongerenwoningen en het jongerencontract. Het is niet de eerste keuze van deze wethouder om een vijfjarig huurcontract af te sluiten. Die zijn er wel. Hij is in gesprek met de woningbouwcorporaties over deze jongerencontracten. In 2022 hoopt hij met een evaluatie te komen over de vraag of men met dit instituut moet doorgaan. Het is wel zo dat dit fenomeen gegarandeerd is door het Burgerlijk Wetboek. Het betreft een landelijke regeling waar woningbouwcorporaties gebruik van kunnen maken. Dan de leeftijdscategorie 18 tot 23 jaar. Het college erkent dat hier een probleem ligt en is in overleg met de woningbouwcorporaties en hoopt uiterlijk in januari 2023 een algemene regeling te hebben getroffen voor alle woningbouwcorporaties.

Zover is het dus nog niet. Voor dit specifieke project is toegezegd maatwerk te gaan verrichten. Er gaat dus per jongere tot 23 jaar getracht worden een oplossing te vinden. Jongeren vanaf 23 jaar krijgen een stadsvernieuwingsurgentie.

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

Mevrouw VAN SOEST wil weten hoeveel (?)-woningen daar nog bij zitten. Wethouder WEDEMEIJER weet dat niet uit zijn hoofd en komt daarop terug. Het klopt dat die algemene afspraak er is. Portefeuillehouder MAUER gaat desgevraagd in op de participatie met betrekking tot de ‘voorzieningenstraat’. Die participatie heeft een lange voorgeschiedenis en speelde al in 2016. Er is tot het platform besloten om te voorkomen dat de participatie per straat georganiseerd moest worden. Op die manier kon er toch gewerkt worden aan een totaalplan voor de buurt. Dat plan is voorgelegd aan de buurt en in drie digitale sessies besproken. Daarbij gaven de bewoners aan iets in de buurt te gaan doen en met de woningen en de omgeving aan de slag te gaan. Er bleek ook zorg voor de openbare ruimte en de voorzieningen. Het buurtplatform heeft als vertegenwoordiger van de buurt – hetgeen misschien niet helemaal terecht was – de gesprekken gevoerd. Uiteindelijk is daaruit gekomen dat er een viertal punten was waarop het buurtplatform toch grote zorgen had. Dat betrof o.a. de terugkeergarantie, hetgeen inhoudt dat iedereen die er recht op heeft, terug kan keren in de buurt. Hij heeft samen met het buurtplatform uitgebreid de buurt bezocht. Er is een algemene enquête gehouden met betrekking tot die vier punten. Daarop is door 400 bewoners gereageerd.

Daaruit bleek dat de geënquêteerden veel positiever zijn over die vier punten dan het buurtplatform dat is. Er is met het buurtplatform intensief gesproken over de invulling van de Lodewijk van Deysselstraat. Op dit moment zijn er nog heel wat bedrijfswoningen die als woning te boek staan, maar daarbij gaat het om een combinatie van wonen en werken. Het is niet de bedoeling dat de Lodewijk van Deysselstraat een tweede Javastraat wordt. Wellicht dat de horeca, snackbars en de bedrijven die er nu al zitten, naar de Burgemeester Röellstraat gaan, want daar komen voorzieningen die gebaseerd zijn op initiatieven vanuit de buurt of te maken hebben met werkgelegenheid: jongeren aan werk helpen. Hij geeft het voorbeeld van een kinderopvang. Het is absoluut niet de bedoeling dat het een commerciële of winkelstraat wordt. Dat betekent waarschijnlijk dat de verkeersintensiteit in de Lodewijk van Deysselstraat zal afnemen. Wellicht dat de straat geherprofileerd wordt. Het is de bedoeling dat voorzieningen die voor de buurt zijn daar voorrang krijgen. De VOORZITTER vraagt wethouder Wedemeijer nog antwoord te geven op de vraag van de heer Flentge of het mogelijk is om jongeren voorrang te verlenen in geval van een jongerenwoning. Wethouder WEDEMEIJER geeft aan daar nu geen antwoord op te kunnen geven anders dan dat hij toezegt dit met de woningbouwcorporatie op te gaan nemen.

Hij vermoedt dat dit onderdeel is van het maatwerk dat verricht gaat worden voor jongeren tot 23 jaar. [vervolgens valt het geluid even uit] De VOORZITTER constateert dat mevrouw Van Soest tevreden is met het [onhoorbare] antwoord van de wethouder en dat deze raadsvoordracht middellange bespreking zal krijgen in de raadsvergadering.

10 Actualisatie Meerjarenperspectief Grondexploitaties 2021. (ZD2021-012565) De heer Leenders geeft aan dat zijn fractie om twee redenen wil reageren. Allereerst wil men meer zicht krijgen op de vermogens- en onderhandelingspositie van Amsterdam ten aanzien van dat meerjarenperspectief. Het is zijn fractie niet helder hoe het zit met een mogelijke landelijke bijstand. Zijn tweede vraag betreft het overnemen van extra proceskosten van de gemeente Amsterdam voor het project ‘Meesterstraat (?) 2022 en verder’. Hij geeft vervolgens een technische uiteenzetting. De vraag daarbij is welk deel van de proceskosten daarbij ‘sociaal’ zijn. Hij vraagt of de wethouder zich maximaal kan

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

inspannen om dit verder te trekken. Hij heeft ook nog een vraag naar aanleiding van de inspraak door de heer De Boer. Hij wil met betrekking tot de opgave die er ligt met betrekking tot het Vereveningsfonds van de wethouder horen waarom dat het geval is. Wethouder VAN DOORNINCK kan ervoor zorgen dat de heer Leenders via de griffie in contact gebracht wordt met de ambtenaar die de autorisatie heeft opgesteld. Zij denkt dat de verwarring van de heer Leenders te maken heeft met de vraag wat nu leidt tot positieve of negatieve grondexploitaties en in hoeverre de afkoop van erfpacht daar een rol in speelt. De afkoop van de erfpacht laat zich natuurlijk niet zien in een meerjarenperspectief. Het heeft ook geen invloed op hetgeen er uiteindelijk in het Vereveningsfonds terechtkomt. Het lijkt haar echter het handigst dat de heer Leenders zich in verbinding stelt met de opsteller van het stuk. Dan zijn volgende vraag. Zij benadrukt dat dit een andere grondontwikkeling is, die jaren geleden is ingezet en dat Amsterdam gereed is om dat te doen, omdat de grond hier verkocht is aan ontwikkelaars en de gemeente hier dus een andere rol in speelt. Amsterdam is dit niet gewend, omdat men normaliter veel sturender is. Zij legt de verdere technische consequenties verder uit.

Zij denkt dat het goed is dat als de fusie een feit is er uitgebreid teruggekomen wordt op de mogelijkheden die de heer Leenders schetst. De heer LEENDERS vraagt zich af wat er gebeurt als de gemeente die proceskosten niet gaat vragen. Verder wil hij weten wanneer dat programma van toelichting dan wel helder wordt. Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat er op dit moment nog geen sprake is van een fusie. Het is wel zo dat er vanuit de gemeente Amsterdam hierin mee wordt gewerkt en een positie hierin heeft overgenomen in de samenwerkingsafspraken. Er is een enterieure overeenkomst getekend over de manier waarop de gemeente zich verhoudt tot de ontwikkelende partijen. Daar kan de gemeente zich als opvolger van de gemeente Weesp niet aan onttrekken. De kosten die gemaakt zijn, zijn lager wegens het simpele feit dat de gemeente geen proceskosten heeft in haar manier van werken. De gemeente heeft te maken met gemaakte afspraken door Weesp en de ontwikkelaars. De grond is verkocht en zij snapt de verwarring, omdat Amsterdam gewend is op een andere manier te werken. De heer LEENDERS zegt nog steeds niet helder te hebben dat aan de ene kant de proceskosten hoger zijn en aan de andere kant de fusie nog niet gereed is en er wel afspraken liggen. Hij begrijpt dat niet.

Wethouder VAN DOORNINCK denkt dat het goed is als de heer Leenders daar opheldering over krijgt in het aangeboden gesprek met de opsteller van het plan. Zij zei reeds dat Amsterdam een positie heeft ingenomen en dat Amsterdam het straks helemaal heeft. Zij hoopt tot aanvullende afspraken te kunnen komen naast de afspraken die er al zijn. Daar moet nog wat extra’s voor gedaan worden en daaraan wordt gewerkt. Dat is de reden waarom er extra kosten gemaakt moeten gaan worden. De heer LEENDERS vraagt de wethouder nog nader in te gaan op de afspraken waar de inspreker op doelde. Wethouder VAN DOORNINCK weet niet precies waar de inspreker op doelde, maar zij weet wel dat er in het kader van het coalitieakkoord geld uit het Vereveningsfonds gehaald is voor ontwikkelbuurten. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hierbij voldoende besproken is.

11 Nieuwe Kans voor woningerfpachters om een overstapaanvraag te doen onder de

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

overstapvoorwaarden van 2019 (ZD2021-015369) De heer BOOMSMA benadrukt dat hier jarenlang voor gepleit is met verschillende moties. Het college zei steeds dat het niet nodig is en dat het niet kan. Nu ligt er dan toch deze regeling, waarbij ‘spijtoptantenregeling’ het verkeerde woord is, want het gaat om een herstelregeling. Het is jammer dat zowel Bereschot als de ACM e.a. nodig waren om het college uiteindelijk tot inzicht te brengen. Dit is weer een klein stapje, maar nog wel steeds veel te weinig, want natuurlijk moet deze mogelijkheid op zijn minst worden aangeboden aan mensen, die om welke reden dan ook een procedure zijn begonnen, maar die niet hebben afgemaakt. Die groep kan niet uitgesloten worden, omdat er anders weer nieuwe rechtszaken komen. Er moet dus nu een specifiek aanbod gedaan gaan worden. Volgens hem is de enige manier om dit zorgvuldig te doen een specifieke brief te sturen, een herstelbrief, met wel goede informatie over de hefboom en over het gevolg van het niet overstappen. Als er dan toch gecorrigeerd gaat worden, dan moet ook gecorrigeerd worden dat die afkoopsom met 4,5% per jaar stijgt. Op de site staat dat nu verkeerd. Dan zijn er ook gevallen van mensen die hun huis verkocht hebben terwijl zij waren overgestapt onder voorwaarde van (?).

Daardoor hebben zij 50.000 euro minder gekregen voor hun huis, omdat er nog een hoge erfpachtlast rustte op de woning. Dus dat moet hersteld gaan worden. Hoe gaat het college dat doen? Heeft de gemeente daar een inventarisatie van gemaakt? Hij verzoekt dat in de volgende raad te doen. Het heeft allemaal haast om het college een aantal richtlijnen mee te geven. Vervolgens wijst hij erop dat er een nieuw rapport is over de indexeringen. Dat rapport wijst op zeer ernstige fouten in de vaststelling van de BSQ en dat pakt allemaal weer uit ten nadele van de erfpachter. Hij roept het college op te reageren op dit rapport, want ook dat zal hersteld moeten worden. Hij refereert aan de inspraak van de heer Lochtenberg, die wees op een aantal documenten die jarenlang ten onrechte niet openbaar gemaakt zijn. Het blijkt dat vorige colleges de raad verkeerd hebben geïnformeerd. Dat heeft ervoor gezorgd dat die enorme prijsopdrijving van het stelsel heeft kunnen plaatsvinden, omdat mensen niet goed geïnformeerd waren. Dat is nogal wat. Hij zal hier sowieso op terugkomen. Hij wil de wethouder alvast meegeven dat dit dus speelt. Er is daardoor met de verkeerde cijfers gerekend en daardoor is de raad op het verkeerde been gezet. Hij komt hier dus nog op terug, maar als de wethouder hier nu reeds op wil reageren, dan is dat natuurlijk ook mogelijk.

De volgende inspreker zou de heer Ernsting zijn, maar er wordt aangegeven dat GroenLinks afziet van een bijdrage. Wethouder VAN DOORNINCK hoort de heer Boomsma een groot aantal punten naar voren brengen, waarvan hij zegt dat die nog besproken moeten worden. Zij refereert aan het onderzoek van het college, dat samen met het Bereschotrapport voor januari geagendeerd zal worden in de raadsvergadering. Dat is wellicht een goed moment om op een aantal punten terug te komen. Zij zegt daarbij toe dat er een reactie zal komen op het nieuwe rapport van de heren De Wildt en De Reus. Richting de heer Boomsma benadrukt zij dat er wel steeds nieuwe verzoeken bijkomen, waarop de afdeling Erfpacht moet reageren, maar zij wil ook graag dat mensen aanbiedingen krijgen. Er wordt soms gehint dat er niet snel genoeg gereageerd wordt, maar er liggen ook heel veel verzoeken. Soms moeten er daardoor prioriteiten gesteld worden. Dat betreft zowel verzoeken tot openbaar maken als het doen van aanbiedingen richting de erfpachters. Zij denkt dat de volgende raad een goed moment is om al die dingen bij elkaar te nemen. Mevrouw VAN SOEST steunt het betoog van de heer Boomsma, maar als het gaat om het doen van aanbiedingen, dan zullen volgens haar toch eerst de problemen opgelost moeten worden, voordat met de reguliere werkzaamheden voortgegaan kan worden.

Men kan toch niet nu gewoon doorgaan met de erfpacht, terwijl er zoveel vragen liggen?

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat de aanbiedingen gedaan worden naar aanleiding van de aanvragen door erfpachters die willen overstappen. Dat is geen complexe situatie. Zij denkt daarom niet dat de aanbiedingen nu stopgezet moeten worden. Zij denkt ook niet dat dat iets is wat erfpachters wensen. Zij wilde benadrukken dat er veel gevraagd wordt van de afdeling Erfpacht, waarmee zij richting de heer Boomsma wilde verklaren waarom er zo lang gedaan is over het beantwoorden van het raadsadres. Zij vroeg enige clementie door de grote hoeveelheid werk. Mevrouw VAN SOEST zegt wel begrip te hebben voor de problemen, maar uit het rapport Bereschot komt dat er verkeerde keuzes zijn gemaakt. Hoe gaat men dan om met nieuwe gevallen? Wethouder VAN DOORNINCK zet uiteen dat men in januari met elkaar in gesprek gaat naar aanleiding van de aanbevelingen van Bereschot, maar ook naar aanleiding van het onderzoek dat het college zelf heeft doen uitvoeren met een aantal voorstellen, zoals dat door de raad ook is gevraagd in het coalitieakkoord ter verbetering van het stelsel. Zij zet haar betoog voort en stelt voor dat zij in de commissievergadering van januari terugkomt op hetgeen door de heer Boomsma naar voren werd gebracht en dat meer stellingen waren dan vragen, waarop zij nu in zou kunnen gaan. Zij zal dan ook reageren op het nieuwe rapport van de heren De Wildt en De Reus.

Dan is er wellicht ook nadere informatie over de hefboom, waarin gezegd wordt dat iedereen eigenlijk ongelooflijk goed geïnformeerd was, maar dat het gevaar van prijsstijgingen daarbij niet erg was meegenomen. Door haar voorganger is erop aangedrongen bij de erfpachters nú over te stappen, omdat het straks duurder zou worden. Dat was een kijkje in de toekomst die niet helemaal te voorspellen was. Tweede termijn De heer BOOMSMA hoort de wethouder zeggen dat er geprioriteerd moet worden. Hij wijst erop dat hoe eerder de aanbevelingen van rapporten behandeld worden, hoe eerder de uitvoering van het eigenlijke werk hersteld kan worden. Het gaat om honderdduizenden Amsterdammers en gigantische bedragen. De wethouder wil in januari ingaan op de verbetering van het stelsel. Hij hoopt dat zij dan ook een reactie heeft op het rapport van De Wildt en De Reus. Hij heeft een aantal vragen en punten over die spijtoptantenregeling, die herstelregeling moet heten. Dat is wel urgent, want er zijn nu allerlei mensen die niet weten hoe het zit. Dat is een groot probleem. Hij is het ermee eens dat dit in de raad behandeld moet worden. Hij wil het Presidium verzoeken dit naar de eerstkomende raadsvergadering (van volgende week) door te geleiden. Wethouder VAN DOORNINCK is het eens met de heer Boomsma dat de spijtoptantenregeling goed moet worden ingevoerd.

Dat betekent dat dat op de goede manier moet gebeuren door alle belanghebbenden hierbij te betrekken. Dat betekent ook dat er met de belangenverenigingen in gesprek gegaan moet worden over hoe de regeling eruit moet zien. Dat vergt nog het nodige uitzoekwerk. Daardoor is zij bang dat zij niet zal kunnen voldoen aan de haast die de heer Boomsma hierachter wil zetten. Een goede regeling vergt ook hier de nodige zorgvuldigheid. Er zullen gesprekken gevoerd moeten gaan worden met diverse partijen, daardoor ziet zij niet in waarom reeds volgende week de zaak in de raad behandeld moet worden. Zij kan nu niet zeggen wanneer die spijtoptantenregeling er wel is. Zij wil dit in een goed proces neerzetten. De heer VOORZITTER sluit hiermee dit punt af en constateert dat de heer Boomsma diens verzoek handhaaft en dat de rest van de vergadering het ermee eens is het Presidium te verzoeken dit onderwerp in de raadsvergadering van volgende week te doen agenderen. Het onderwerp komt dus ofwel terug in de raadsvergadering van december dan wel in die van januari.

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 15 december 2021

RO

12 Beantwoording schriftelijke vragen van het lid Kuiper inzake de geheimhoudingsverklaring opgelegd aan het bestuur van het Trammuseum op het Havenstraatterrein. (ZD2021-016106) Dit agendapunt is gevoegd behandeld met o.a. agendapunt 6. Zie aldaar.

13 Kennisnemen van de beantwoording van raadsadres Kanttekeningen bij indexering van opstalwaarden door de gemeente Amsterdam (ZD2021-015214) Mevrouw VAN SOEST is de enige nog met spreektijd. Zij verzoekt dit agendapunt door te schuiven naar de volgende vergadering. De VOORZITTER constateert dat de commissie het ermee eens is dit agendapunt door te schuiven naar de volgende vergadering.

Ruimtelijke Ordening 14 Bespreken raadsadres van Amstel uitvaarten inzake de zoektocht naar een fysieke 24-uurs afscheidslocatie voorafgaand aan de uitvaart (ZD2021-016108) Dit agendapunt is op verzoek van D66 doorgeschoven naar de volgende commissievergadering in januari 2022. Dan beschikt men namelijk ook over een bestuursreactie.

De VOORZITTER sluit deze vergadering om 18.05 uur.

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10975359/1