Concept Handhavingsstrategie voor horeca (APV) en de Alcoholwet.pdf
Tekst van het document
Concept Handhavingsstrategie voor horeca (APV) en de Alcoholwet 2024 Handhavingstappenplannen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) 2008, hoofdstuk 3 Horeca, en de Alcoholwet
Inhoudsopgave Inleiding .................................................................................................................. 3 Hoofdstuk 1 Doel en uitgangspunten ...................................................................... 5 Hoofdstuk 2 Toelichting systematiek ....................................................................... 7 Overtredingen en stappenplannen.............................................................................................7 Verschillende stappen..................................................................................................................7 De waarschuwing (stap 0) wordt in de volgende gevallen overgeslagen ............................ 11 Maatwerk ..................................................................................................................................... 11 Verjaringstermijn.........................................................................................................................
13 Maatregelen toepassen: per ondernemer, niet per onderneming ........................................14 Overgangsrecht bij coulance en verjaringstermijn ..................................................................14 Hoofdstuk 3 Horeca en slijterijen: stappenplannen en toelichting overtredingen en maatregelen ........................................................................................................ 15 Stappenplan categorie I: lichte overtredingen ....................................................................... 15 Toelichting overtredingen categorie I ...................................................................................... 17 Stappenplan categorie II: ernstige overtredingen ................................................................ 20 Toelichting overtredingen categorie II ....................................................................................21 Stappenplan categorie III: zware overtredingen ................................................................... 25 Toelichting overtredingen categorie III .................................................................................. 26 Hoofdstuk 4 Artikel 18 lid 2 Alcoholwet en overige inrichtingen: stappenplannen en toelichting overtredingen en maatregelen.....................................................
31 Stappenplan overtredingen inrichtingen artikel 18 lid 2 Alcoholwet.................................... 31 Toelichting overtredingen inrichtingen artikel 18 lid 2 Alcoholwet ......................................32 Stappenplan overtredingen overige inrichtingen ................................................................... 33 Toelichting overtredingen overige inrichtingen ......................................................................34
2
Inleiding Overtredingen horeca en slijterijen Deze stedelijke handhavingsstrategie geeft aan welke maatregel volgt nadat een overtreding is geconstateerd bij: - Horeca en slijterijen die verplicht een exploitatievergunning en/of een alcoholwetvergunning hebben. - Inrichtingen of winkels die zonder alcoholwetvergunning zwak-alcoholhoudende dranken mogen verstrekken voor gebruik elders dan ter plaatse. - Inrichtingen of winkels die helemaal geen (zwak-)alcoholhoudende dranken mogen verstrekken. Het gaat om de maatregelen bij overtredingen van voorschriften voor horecabedrijven, zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en om overtredingen van de Alcoholwet. Stappenplannen In deze strategie zijn voor verschillende overtredingen stappenplannen gemaakt. In een stappenplan staan de maatregelen die achtereenvolgens kunnen worden opgelegd als er een overtreding is geconstateerd. De zwaarte van de maatregel, de stap, is afgestemd op het type en de ernst van de overtreding. Leeswijzer Hoofdstuk 1. Doel en uitgangspunten Hoofdstuk 2. Toelichting op de systematiek Hoofdstuk 3. Horeca en slijterijen: stappenplannen en toelichting overtredingen en maatregelen Hoofdstuk 4.
Artikel 18 lid 2 Alcoholwet en overige inrichtingen: stappenplannen en toelichting overtredingen en maatregelen Aanpassingen beleid na evaluatie 2020/2023 Met dit document is de handhavingsstrategie geactualiseerd. In 2020 en 2023 is de bestaande handhavingsstrategie die in 2013 werd vastgesteld, intern geëvalueerd. Daarnaast is in 2023 gesproken met de branchevereniging Koninklijke Horeca Nederland. De belangrijkste aanpassingen zijn: - Meer nadruk op het toepassen van maatwerk. Uit de evaluatie blijkt dat er meer behoefte is aan het toepassen van maatwerk. Ook recente jurisprudentie noopt hiertoe. Zie hoofdstuk 2. - Het schrappen van de coulanceregeling. Uit de evaluatie blijkt dat een dergelijk maatregel geen toegevoegde waarde heeft en eerder vertragend werkt. Indien nodig kan maatwerk worden toegepast. Zie hoofdstuk 2. - Aanpassen van de verjaringstermijn bij een waarschuwing (stap 0): van één jaar naar twee jaar. Zie hoofdstuk 2. - Verduidelijking hoe de preventieve last onder bestuursdwang zich verhoudt tot de last onder bestuursdwang. Zie hoofdstuk 2. - Een eigen stappenplan voor onvergund terras bij categorie I-overtredingen in hoofdstuk 3.
3
-
Het toevoegen van hoofdstuk 4. In dit hoofdstuk wordt het handhaven op de Alcoholwet uitgebreid beschreven. Het toevoegen van stappenplannen naar aanleiding van overtredingen van nieuwe bepalingen die sinds 2013 zijn opgenomen in de APV. Zie hoofdstuk 3.
Relatie met ander beleid - Op 14-11-2023 is de Handhavingsstrategie horeca voor het Wallengebied gewijzigd (Gemeenteblad 2023, 482254). Deze uitzondering voor het Wallengebied vervalt als de onderhavige Handhavingsstrategie in werking treedt. - Het schrappen van de coulanceregeling en het verlengen van de verjaringstermijn bij een waarschuwing wordt stedelijk doorgevoerd. De handhavingsstrategie muziekgeluid horeca 2018 wordt op dit punt aangepast. - Door de komst van de Omgevingswet, het omgevingsplan en het nieuwe stedelijke horecabeleid zal de juridische grondslag van diverse overtredingen wijzigen. De uitgangspunten en de wijze van handhaving die beschreven zijn in deze handhavingsstrategie horeca blijven echter hetzelfde. Horecaondernemers worden gewezen op de handhavingsstrategie via de exploitatievergunning en via www.amsterdam.nl/horeca.
4
Hoofdstuk 1 Doel en uitgangspunten Doel Deze handhavingsstrategie heeft tot doel het creëren van een rechtvaardig, uniform en eenduidig handhavingsbeleid voor horecazaken, slijterijen en alcoholverkopende winkels voor de hele stad. De gemeente streeft naar duidelijkheid voor bewoners, ondernemers en bezoekers van Amsterdam. Uitgangspunten
Stappenplan en maatwerk Uitgangspunt is handhaven op grond van de in deze handhavingsstrategie opgenomen stappenplannen. In een stappenplan staat welke maatregelen opgelegd kunnen worden als er een overtreding is geconstateerd. Echter, niet alle overtredingen hebben een stappenplan. Gekozen is voor de meest voorkomende overtredingen. Bij het ontbreken van een stappenplan wordt in die gevallen maatwerk toegepast. Daarnaast blijft maatwerk in bijzondere gevallen ook mogelijk bij overtredingen die wel een stappenplan hebben. In zo’n geval kan maatwerk leiden tot een strengere of een minder strenge maatregel. Dit is in lijn met jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op 2 februari 2022 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak een uitspraak gedaan over de uitleg en de toets aan het evenredigheidsbeginsel zoals bedoeld in artikel 3:4 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak is bekend als ‘de Harderwijk uitspraak’ (ECLI:NL:RVS:2022:285). De Harderwijk uitspraak staat niet op zichzelf, maar moet geplaatst worden in een bredere ontwikkeling van het bestuursrecht, waarbij er sprake is van een toenemende roep om betere rechtsbescherming, meer maatwerk en een toenemende aandacht voor een rechtvaardige in plaats van een zuivere rechtmatige uitkomst van procedures. In deze handhavingsstrategie is aan maatwerk daarom meer aandacht besteed.
In hoofdstuk 2 wordt maatwerk verder toegelicht.
Indeling van typen overtredingen De handhavingsstrategie is ingedeeld per type overtreding. Bij sommige overtredingen is een financiële maatregel het meest effectief om herhaling van de overtreding te voorkomen. In andere gevallen is een beperkende maatregel het meest effectief, zoals een tijdelijke schorsing of intrekking van de vergunning of tijdelijke beperkingen met betrekking tot de exploitatie. Bij het opleggen van een beperkende maatregel is de zichtbaarheid voor omwonenden en bezoekers van de horeca-inrichting bovendien groter, wat de effectiviteit van de maatregel ook kan bevorderen. Voor vergelijkbare typen overtredingen gelden vergelijkbare maatregelen en geldt er een eenduidige verjaringstermijn. In een aantal situaties kan zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk worden opgetreden. In het verleden is gebleken dat over het algemeen strafrechtelijke handhaving van economische delicten in de horeca onvoldoende effect sorteert, aangezien de hoogte van de transacties niet de gewenste prikkel oplevert. Bovendien staat niet vast of het OM een strafrechtelijk traject opstart. Daarom is ervoor gekozen om in deze handhavingsstrategie alleen bestuursrechtelijke maatregelen op te 5
nemen. Hetgeen overigens niet uitsluit dat daarnaast ook strafrechtelijk opgetreden kan worden, maar dat zal uitzondering zijn.
Coulanceregeling niet meer van toepassing Met het schrappen van de coulanceregel, wordt één lijn gehanteerd voor ondernemers in de hele stad. Door het schrappen telt het exploitatieverleden van de ondernemer in principe niet meer mee. Echter, als de situatie daar om vraagt is maatwerk mogelijk. Dat de coulanceregeling is afgeschaft betekent niet dat in veel gevallen de overtredende ondernemer direct een maatregel krijgt opgelegd. In de meeste gevallen krijgt de ondernemer eerst een bestuurlijke waarschuwing. Na de verjaringstermijn van de waarschuwing, twee jaar na overtreding, begint de exploitant weer vooraan in het stappenplan met, in de meeste gevallen, een bestuurlijke waarschuwing. Daarbij is de systematiek zo bedoeld dat elk type overtreding zijn eigen stappenplan volgt. In uitzonderlijke gevallen kan worden besloten om typen overtredingen bij elkaar op te tellen. Dit vergt maatwerk.
6
Hoofdstuk 2 Toelichting systematiek In dit hoofdstuk wordt de werkwijze van de handhavingsstrategie toegelicht.
Overtredingen en stappenplannen In de handhavingsstrategie staan meerdere stappenplannen. In een stappenplan staan de maatregelen die achtereenvolgens kunnen worden opgelegd als er een overtreding is geconstateerd. De zwaarte van maatregel, de stap, is afgestemd op het type en de ernst van de overtreding. De lijst met overtredingen is niet limitatief. Er is voor gekozen om voor de meest voorkomende overtredingen een stappenplan op te nemen. Overtredingen bij vergunningplichtige horeca en slijterijen zijn naar zwaarte ingedeeld in drie categorieën. - Categorie I: lichte overtredingen - Categorie II: ernstige overtredingen - Categorie III: zware overtredingen Voor elke categorie zijn passende stappenplannen gemaakt, te vinden in hoofdstuk 3. Overtredingen van de Alcoholwet bij niet-vergunningplichtige inrichtingen zijn ingedeeld in twee groepen. - Groep I: Inrichtingen die volgens artikel 18 lid 2 Alcoholwet zonder Alcoholwetvergunning zwak-alcoholhoudende dranken mogen verstrekken voor gebruik elders dan ter plaatse. - Groep II: Inrichtingen die helemaal geen alcohol mogen verstrekken. Voor beide groepen zijn voor verschillende overtredingen aparte stappenplannen gemaakt, te vinden in hoofdstuk 4. Ook hier is de lijst met overtredingen niet limitatief.
Vanwege rechtsgelijkheid en proportionaliteit is ervoor gekozen om vergelijkbare typen overtredingen volgens een vergelijkbaar handhavingsstramien te behandelen. Afwijken van een stappenplan is mogelijk als de specifieke situatie daarom vraagt. In dat geval wordt maatwerk toegepast. Maatwerk wordt ook toegepast als er voor een bepaalde overtreding geen eigen stappenplan in de handhavingsstrategie is opgenomen. Verderop in dit hoofdstuk wordt maatwerk verder toegelicht.
Verschillende stappen In deze paragraaf worden de stappen uit het stappenplan toegelicht. Het betreft hier geen volledige weergave van de wettelijke regels die bij de uitvoering daarvan toegepast moeten worden. De Algemene wet bestuursrecht regelt uitvoerig de toepassing en 7
uitvoering van de (preventieve) last onder dwangsom, de (preventieve) last onder bestuursdwang en de bestuurlijke boete.
Bestuurlijke waarschuwing Bij de stappenplannen in hoofdstuk 3, categorie I en II, is een bestuurlijke waarschuwing opgenomen als stap 0. Ook in Hoofdstuk 4 wordt bij enkele overtredingen als stap 0 een waarschuwing gegeven. In gevallen waarbij gestart wordt met een waarschuwing volgt pas bij een nieuwe constatering binnen twee jaar na de eerste constatering, de volgende stap: een bestuurlijke maatregel. Welke maatregel dat is hangt af van het betreffende stappenplan. Onder het kopje “toelichting” wordt per overtreding uitgelegd waarom wel of niet de keuze voor stap 0 is gemaakt. En, als daar sprake van is, waarom er een stap wordt overgeslagen. Los daarvan kan met maatwerk ook gekozen worden voor het overslaan van de waarschuwing of het geven van een extra waarschuwing. Tegen een bestuurlijke waarschuwing kan geen bezwaar worden gemaakt en derhalve ook geen beroep aangetekend worden. Hoewel tegen de bestuurlijk waarschuwing geen bezwaar of beroep openstaat, staat het de exploitant vrij om, indien gewenst, hierop gemotiveerd te reageren. De reactie op de waarschuwing kan op deze manier een rol spelen bij de beoordeling of een volgende handhavingsstap opgelegd dient te worden, wanneer binnen de verjaringstermijn van de opgelegde waarschuwing wederom een overtreding wordt geconstateerd.
Last onder dwangsom De last onder dwangsom is als stap 1 opgenomen in het stappenplan van alle categorie Iovertredingen. En bij de categorie III-overtredingen III.3 en III.4. Ook in Hoofdstuk 4 wordt bij verschillende overtredingen de last onder dwangsom toegepast. Voor deze overtredingen wordt een dwangsom als passend gezien. De verwachting is dat een financiële prikkel ertoe leidt dat de overtreding in de toekomst wordt voorkomen. Met een last onder dwangsom krijgt de overtreder de gelegenheid om de overtreding te stoppen, ongedaan te maken dan wel te voorkomen dat de overtreding zich opnieuw voor kan doen. Als na de last onder dwangsom binnen de verjaringstermijn van één jaar toch opnieuw de overtreding geconstateerd wordt, wordt de overtreder verplicht het dwangsombedrag te voldoen. Hierin zit het verschil met de bestuurlijke boete. Bij een bestuurlijke boete moet de overtreder het boetebedrag direct voldoen als gevolg van een geconstateerde overtreding. De overtreder krijgt dan geen gelegenheid maatregelen te treffen om te voorkomen dat bij herhaling van de overtreding een bedrag voldaan moet gaan worden. Een last onder dwangsom is een zogenoemde herstelmaatregel en een bestuurlijke boete is een zogenoemde bestraffende maatregel.
Uitvoeren last onder dwangsom: innen dwangsombedrag Als een dwangsom niet leidt tot het gewenste resultaat, namelijk het stoppen van het begaan van de overtreding, dan treedt de volgende stap van het betreffende stappenplan in werking. De regels van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing om de dwangsom te kunnen innen.
8
Intrekken exploitatievergunning voor (on)bepaalde tijd De exploitatievergunning kan voor onbepaalde tijd worden ingetrokken als stap 3 bij overtredingen begaan uit categorie I. Voor categorie II-overtredingen is intrekken van de vergunning voor bepaalde tijd mogelijk (stap 1 en 2) en, indien de exploitant hierna weer een overtreding uit deze categorie begaat, voor onbepaalde tijd (stap 3).
Schorsen en intrekken Alcoholwetvergunning voor (on)bepaalde tijd De Alcoholwetvergunning kan voor onbepaalde tijd worden ingetrokken als stap 3 wordt opgelegd bij overtredingen begaan uit categorie I. Voor categorie II-overtredingen is schorsen van de Alcoholwetvergunning voor bepaalde tijd mogelijk (stap 1 en 2) en, indien de exploitant hierna weer een overtreding uit deze categorie begaat, kan deze voor onbepaalde tijd worden ingetrokken (stap 3).
Gevolgen van een intrekking en/of schorsing voor (on)bepaalde tijd Als de exploitatie- en/of Alcoholwetvergunning voor bepaalde tijd zijn ingetrokken/geschorst, dan treedt/treden deze vergunning(en) automatisch weer in werking na afloop van de intrekkings- en/of schorsingstermijn. In de tussenliggende periode moet aan de intrekking en/of schorsing gevolg worden gegeven en zal dat meestal inhouden dat de horecazaak of slijterij dicht moet zijn. Als de exploitatie- en/of Alcoholwetvergunning voor onbepaalde tijd zijn ingetrokken zal de horecazaak of slijterij pas weer open kunnen gaan als de exploitant een nieuwe aanvraag heeft ingediend en daar positief op beslist is. Het indienen van een nieuwe aanvraag is zinvol als de horecazaak of slijterij een periode echt gesloten is geweest. De duur van die periode zal in het besluit zelf genoemd worden met daarbij de opmerking dat het indienen van een nieuwe aanvraag pas zin heeft na afloop van de daadwerkelijke sluitingsperiode. Met daadwerkelijke sluiting wordt bedoeld de periode dat de horecazaak of slijterij echt dicht is geweest. Bij de nieuwe aanvraag zal voorts aandacht besteed worden aan de reden van de intrekking en of de exploitant voldoende maatregelen getroffen heeft om te zorgen dat de overtreding(en) die geleid hebben tot de intrekking voortaan voorkomen zullen worden.
Een plan van aanpak zal daarom vaak onderdeel uitmaken van de behandeling van de nieuwe aanvraag. Indien er toch eerder een aanvraag ingediend wordt dan de daadwerkelijke sluitingsperiode die in het besluit genoemd staat, zal die in de meeste gevallen direct afgewezen worden met een verwijzing naar het handhavingsbesluit en deze Handhavingsstrategie. Hoofdregel is dat na een daadwerkelijke sluiting van drie maanden een nieuwe aanvraag ingediend kan worden. Indien de omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven, kan de sluitingstijd korter of langer zijn. Dit zal worden aangegeven in het besluit.
Last onder bestuursdwang De last onder bestuursdwang wordt direct opgelegd indien sprake is van een categorie III.1 en III.2-overtreding (stap 1). Bij categorie I en II-overtredingen is de last onder bestuursdwang opgenomen bij stap 4 met de mogelijkheid om bij stap 3 een preventieve last onder bestuursdwang op te leggen. Ook in Hoofdstuk 4 is de last onder bestuursdwang onderdeel van de verschillende stappenplannen.
9
Met een last onder bestuursdwang krijgt de overtreder de mogelijkheid om (alsnog) zelf een einde te maken aan een overtreding. In de last staat beschreven wat de overtreder hiervoor moet doen. Bij de last wordt ook een termijn gegeven waarbinnen de overtreding beëindigd moet worden en blijven. De termijn verschilt van geval tot geval. Als na de gegeven termijn de overtreding niet beëindigd is, zal het bestuursorgaan zelf maatregelen treffen om de overtreding te laten stoppen (dat is het uitvoeren van een last onder bestuursdwang).
Preventieve last onder bestuursdwang Bij stap 3 (intrekken exploitatievergunning en/of Alcoholwetvergunning) van het stappenplan van categorie I- en II-overtredingen is het mogelijk om tevens een preventieve last onder bestuursdwang op te leggen. Dit is alleen mogelijk als de overtreding klaarblijkelijk dreigt (artikel 5:7 Algemene wet bestuursrecht). Dat wil zeggen, als er voldoende feiten en omstandigheden bekend zijn op grond waarvan blijkt dat de exploitant niet uit zichzelf de exploitatie zal staken of gestaakt zal houden. In alle andere gevallen kan pas een last onder bestuursdwang opgelegd worden (stap 4) als geconstateerd wordt dat de exploitant nog exploiteert op de datum met ingang waarvan dit gestaakt had moeten zijn en blijven. Als de exploitant vervolgens geen gehoor geeft aan de last dan kan uitvoering worden gegeven aan de last.
Uitvoering last onder bestuursdwang, met kostenbeschikking Als de begunstigingstermijn, opgenomen in de last, is verstreken en de omschreven overtreding/overtredingen niet is/zijn opgeheven, zal het bevoegd bestuursorgaan de overtreding zelf beëindigen. De kosten die bij de voorbereiding daarvan en bij de uitvoering zelf gemaakt worden, kunnen verhaald worden op de overtreder. Dit betekent feitelijk het sluiten van de inrichting: de sloten worden vervangen en de exploitant kan niet meer zelf zijn inrichting in, hij zal daar toestemming voor moeten vragen. Zie stap 5 van het stappenplan van categorie I en II overtredingen, stap 2 van het stappenplan van categorie III.1 en III.2 en stap 5 van het stappenplan van categorie III.3 en III.4. Ook in Hoofdstuk 4 is de uitvoering van een last onder bestuursdwang onderdeel van de diverse stappenplannen. Tegen deze handeling staat geen bezwaar/beroep open. De last vermeldt in hoeverre de kosten van bestuursdwang ten laste van de overtreder zullen worden gebracht. Tot de kosten van bestuursdwang behoren de kosten van voorbereiding van bestuursdwang, voor zover deze zijn gemaakt na het verstrijken van de termijn waarbinnen de last had moeten worden uitgevoerd. Het bestuursorgaan stelt de hoogte van de verschuldigde kosten vast binnen vijf jaar nadat de bestuursdwang is toegepast (kostenbeschikking).
Bestuurlijke boete Voor bepaalde overtredingen neergelegd in de stappenplannen van hoofdstuk 4 (inrichtingen zoals bedoeld artikel 18, tweede lid van de Alcoholwet en de overige inrichtingen) is bij de stappen 1 tot en met 3 de bestuurlijke boete opgenomen. Dit volgt uit de Alcoholwet. In het Alcoholbesluit en de daarbij horende bijlage is bepaald welk boetebedrag dan opgelegd moet worden. Een bestuurlijke boete is een zogenoemde bestraffende maatregel. Als gevolg van een constatering van een overtreding moet de 10
overtreder het boetebedrag gaan voldoen. Het verschil met een last onder dwangsom is dat het dwangsombedrag pas betaald moet gaan worden als opnieuw een overtreding geconstateerd wordt.
De waarschuwing (stap 0) wordt in de volgende gevallen overgeslagen Voor bepaalde overtredingen is in het stappenplan bepaald dat geen waarschuwing (stap 0) wordt toegepast, maar direct stap 1. Het gaat om de volgende gevallen: • Onvergunde terrasexploitatie nadat de terrasvergunning is ingetrokken. Zie verder de toelichting bij I.5. • Bij het overschrijden van de openingstijden van de horecazaak en/of het terras met één uur of meer. Zie verder de toelichting bij II.1 en II.2. • Het aantreffen van de enig aanwezige leidinggevende in een kennelijke staat van dronkenschap. Zie verder de toelichting bij II.4. • Het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een voor een ieder duidelijk in kennelijke staat van dronkenschap verkerende persoon. Zie verder de toelichting bij II.5. • Bij alcoholverstrekking aan minderjarige(n) door vergunningplichtige inrichtingen. Zie verder de toelichting bij II.6. • Bij alcoholverstrekking aan minderjarige(n) door niet-vergunningplichtige inrichtingen van artikel 18 lid 2 Alcoholwet. Zie verder de toelichting bij hoofdstuk 4. • Bij het verstrekken van sterk alcoholhoudende dranken door nietvergunningplichtige inrichtingen van artikel 18 lid 2 Alcoholwet. Zie verder de toelichting bij hoofdstuk 4.
Maatwerk De stappenplannen in de handhavingsstrategie geven aan welke maatregelen bij bepaalde overtredingen in de meeste situaties passend zijn. Niet alle mogelijke overtredingen worden in deze handhavingsstrategie benoemd. En daarnaast kan het zijn dat een stappenplan niet blijkt te passen gezien de inhoud van het constateringsrapport en/of het exploitatieverleden van een exploitant. In die gevallen kan worden afgeweken van het stappenplan en wordt maatwerk toegepast. Hierbij wordt bekeken en gemotiveerd welke maatregel wel passend is. Dat kan een afwijkend stappenplan zijn van een andere categorie, of binnen de categorie waar de overtreding onder valt. Het kan ook een niet in deze handhavingsstrategie voorkomende maatregel betreffen. De keuze hangt af van de specifieke omstandigheden van het geval. Hieronder worden verschillende vormen van maatwerk beschreven.
Maatwerk bij transparant deurbeleid Een voorbeeld waar met maatwerk een lichter stappenplan wordt toegepast betreft overtreding II.3: als blijkt dat het deurbeleid niet van buitenaf zichtbaar bij de deur hangt, maar het deurbeleid wel consequent wordt uitgevoerd. In dat geval wordt niet het stappenplan van categorie II toegepast, maar wordt het stappenplan van categorie I toegepast. 11
Maatwerk bij niet-benoemde overtredingen Maatwerk kan worden toegepast bij (een) overtreding(en) die niet benoemd is/zijn in een specifiek stappenplan in hoofdstuk 3 of 4 van de handhavingsstrategie. In veel gevallen zal dan het stappenplan van categorie I toegepast worden. Tenzij dat niet passend is gelet op de aard of ernst van de betreffende constatering. Voorbeelden van niet specifiek benoemde overtredingen zijn: bedrijfsvoering niet in orde (zie tevens Besluit Beleidsregel levensgedrag en wijze van bedrijfsvoering van 6 april 2021), één of meer voorschriften van het veiligheidsplan die overtreden zijn, niet goed naleven van de nadere regels vip-tafels in horeca, overtreding van artikel 3.22 en/of 3.23 APV, exploitatie in strijd met de vergunde horeca-categorie. In het geval van dit laatste voorbeeld is ook sprake van strijdig gebruik met het bestemmingsplan en kan daar apart op gehandhaafd worden.
Maatwerk bij meerdere overtredingen in afgelopen periode Maatwerk kan worden toegepast als er sprake is van meerdere geconstateerde overtredingen in de afgelopen periode, die tot de conclusie leiden dat de bedrijfsvoering van de exploitant op die specifieke locatie niet goed is. Denk bijvoorbeeld aan milieuovertredingen op het gebied van geur en (muziek)geluid, al dan niet gepaard gaand met overtredingen van de APV/exploitatievergunning en/of de Alcoholwet(vergunning). In een dergelijk geval kan het bijvoorbeeld passend zijn om de exploitatievergunning en de Alcoholwetvergunning voor bepaalde tijd in te trekken, te weten voor de duur dat het de exploitant kost om de geconstateerde overtredingen voor de langere duur op te lossen en de getroffen maatregelen zijn goedgekeurd. Als blijkt dat de exploitant al vaker op de betreffende locatie of elders een slechte bedrijfsvoering heeft gehad, kan het intrekken van de vergunningen voor onbepaalde tijd passender zijn. Bij het opleggen van de maatwerkmaatregel wordt daarom altijd gemotiveerd waarom de getroffen maatregel passend wordt geacht.
Maatwerk bij niet meewerken tijdens controle Maatwerk kan worden toegepast in het geval er door de exploitant en/of leidinggevende(n) en/of overig personeel niet wordt meegewerkt tijdens een controle. Artikel 5:20 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht verplicht eenieder om mee te werken bij een controle. Ook in de exploitatievergunning is deze verplichting als voorschrift opgenomen. In artikel 5:20 lid 3 van de Algemene wet bestuursrecht is bepaald dat bij niet goed meewerken er een last onder bestuursdwang opgelegd kan worden. Een last onder dwangsom is ook mogelijk. Voorbeelden van niet goed meewerken zijn: het niet direct toegang tot de inrichting verschaffen, de toezichthouders op zodanige wijze te woord staan dat daardoor de controle gefrustreerd wordt en bezoekers tegen de toezichthouders opjutten. In deze gevallen zal de bestuurlijke waarschuwing overgeslagen worden bij de concrete geconstateerde overtreding(en), en voor de overtreding van het tegenwerken van de controle zelf. Het kan ook zijn dat alle feiten en omstandigheden bij elkaar leiden tot een maatwerkmaatregel met betrekking tot de bedrijfsvoering als geheel.
Maatwerk bij terrasuitwaaiering Maatwerk wordt ook toegepast bij terrasuitwaaiering veroorzaakt door alleen bezoekers en niet (mede) veroorzaakt door terrasobjecten. Afhankelijk van wat geconstateerd is, 12
wordt ofwel de van toepassing zijnde stap van het stappenplan toegepast of wordt volstaan met het geven van een extra waarschuwing. Zie verder de toelichting bij I.4.
Verjaringstermijn Start verjaringstermijn De start van de verjaringstermijn is de datum en het tijdstip van de betreffende constatering. Om deze reden gaat het niet om een kalenderjaar. De start van de verjaringstermijn is dus niet de datum van verzending van de handhavingsbrief.
Afloop verjaringstermijn Na afloop van de toepasselijke verjaringstermijn (zie hieronder) vervalt de toegepaste stap en begint de exploitant/ondernemer met een schone lei. Een opgelegde last onder dwangsom wordt na afloop van de betreffende verjaringstermijn daarmee ook als ingetrokken beschouwd. Na afloop van een verjaringstermijn begint het betreffende stappenplan bij een nieuwe constatering dus van voren af aan. Tenzij maatwerk van toepassing is.
Verjaringstermijn twee jaar bij stap 0 waarschuwingen Er geldt een verjaringstermijn van twee jaar bij waarschuwingen. Dit is een wijziging ten opzichte van de vorige handhavingsstrategie. In de Handhavingsstrategie van 2012 waren er geen waarschuwingen opgenomen in de diverse stappenplannen en toen is daarom gekozen voor een verjaringstermijn van één jaar. In 2013 is de Handhavingsstrategie aangepast en is de waarschuwing (en de coulance-regeling) weer opgenomen. Naar de redelijkheid van de duur van de verjaringstermijn is in 2013 niet gekeken. Van een exploitant en ondernemer wordt verwacht dat deze er alles aan doet om de regelgeving na te leven en in dat kader ook zorgt voor een goed woon- en leefklimaat. Een langere termijn om na een waarschuwing een stap 1 toe te kunnen passen is, in dat licht gezien, niet onredelijk.
Verjaringstermijn drie jaar bij gehele stappenplan discriminatie Voor overtredingen met betrekking tot discriminatie geldt een verjaringstermijn van drie jaar voor het gehele stappenplan. Als het deurbeleid niet goed wordt uitgevoerd en er discriminatie plaatsvindt, wordt dat als een zeer zwaarwegend feit beoordeeld met een ernstige inbreuk op de openbare orde. Vandaar dat er voor dit soort overtredingen een verjaringstermijn van drie jaar wordt gehanteerd. Mocht hier aanleiding toe zijn, kan altijd met maatwerk gekozen worden om een tweede waarschuwing te geven of een andere passendere maatregel.
Verjaringstermijn één jaar bij alle overige bestuurlijke maatregelen en bestuurlijke boete Alle andere stappen dan de waarschuwing (en met uitzondering van het stappenplan voor discriminatie) hebben een eenduidige verjaringstermijn van één jaar. Dit is in lijn met artikel 5.34, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht. Dit artikel geeft aan dat de overtreder na verloop van één jaar kan verzoeken om intrekken van de last onder dwangsom indien de dwangsom nog niet is verbeurd.
13
Maatregelen toepassen: per ondernemer, niet per onderneming Een nieuwe exploitant of ondernemer begint bij een overtreding weer vooraan in het stappenplan. Hij ‘erft’ dus niet (een) lopend(e) stappenplan(nen) van de vorige exploitant of ondernemer. Deze regel is niet van toepassing als alleen de ondernemingsvorm wijzigt, terwijl dezelfde exploitant/ondernemer nog steeds als (mede-)exploitant/ondernemer voor die specifieke onderneming aangemerkt kan worden. Dit betekent dat een opgestart stappenplan van toepassing blijft bij bijvoorbeeld de wijziging van een eenmanszaak naar een vof, waarbij de persoon die eerst de eenmanszaak had, nu één van de vennoten wordt in een vennootschap onder firma (vof). En andersom, als de vof eindigt, maar één van de vennoten verder gaat als eenmanszaak. Ook als bijvoorbeeld een eenmanszaak of een vof wordt omgezet in een bv waarbij minimaal één van de vennoten of de exploitant van de eenmanszaak, bestuurder wordt van de bv (en andersom), blijft een opgestart stappenplan van toepassing.
Overgangsrecht bij coulance en verjaringstermijn Coulance De coulance is in deze versie van de handhavingsstrategie niet meer van toepassing. Dit gaat direct in. Dit betekent dat de coulance niet meer wordt toegepast bij constateringen vanaf de datum dat deze handhavingsstrategie in werking treedt.
Verjaringstermijn De verjaringstermijn van twee jaar voor de waarschuwingen gaat gelden voor constateringen vanaf de datum waarop deze handhavingsstrategie in werking treedt en de daarbij behorende stap een waarschuwing betreft.
14
Hoofdstuk 3 Horeca en slijterijen: stappenplannen en toelichting overtredingen en maatregelen In dit hoofdstuk zijn stappenplannen opgenomen voor horecazaken en slijterijen waarvoor een vergunningplicht geldt op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 (APV) en/of de Alcoholwet. In een stappenplan zijn de maatregelen, de stappen, die worden opgelegd binnen de drie categorieën overtredingen weergegeven. In de eerste kolom is het type overtreding vermeld. Bij elke overtreding staat aangegeven of het een overtreding van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 (APV) of de Alcoholwet betreft. Een bestuurlijke waarschuwing is aangegeven als stap 0. De bestuurlijke maatregelen die achtereenvolgens worden opgelegd als er een overtreding is geconstateerd zijn in de kolommen weergegeven als stap 1, 2, enzovoort. Als de maatregel een tijdelijke beperking of intrekking van de vergunning inhoudt, staat in de betreffende kolom de duur van de beperking of intrekking vermeld. In hoofdstuk 2 zijn de verschillende stappen uit de stappenplannen uitgelegd. Hieronder worden de categorie I, II en III overtredingen per overtreding inhoudelijk nader toegelicht. Voor de systematiek van het stappenplan zelf, wordt hierbij verwezen naar hoofdstuk 2. Onder elk stappenplan worden de overtredingen toegelicht.
Stappenplan categorie I: lichte overtredingen I.1 Geen
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
leidinggevende
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
aanwezig
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
alcoholvrij
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
bedrijf
som
innen
tijd
dwang
dwang
APV I.2 Geen
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
leidinggevende
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
aanwezig
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
alcoholverstrekk
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
end
som
innen
tijd
dwang
dwang
horecabedrijf
Alcoholwet en APV I.3 Geen
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
leidinggevende
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
aanwezig slijterij
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
som
innen
tijd
dwang
dwang
Alcoholwet
15
I.4 Overtreding
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
exploitatievergu
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
nning terras
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
som
innen
tijd
dwang
dwang
APV
I.5 Overtreding
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
exploiteren
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
onvergund terras
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
som
innen
tijd
dwang
dwang
APV
I.6 Verstrekken
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
van
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
alcoholhoudende waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
drank voor
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
gebruik elders
som
innen
tijd
dwang
dwang
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Opleggen
Uitvoeren
dan ter plaatse door alcoholverstrekk end horecabedrijf
Alcoholwet I.7 Verstrekken
Stap 0
alcoholhoudende Bestuurlijke drank voor
waarschuwing
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
gebruik ter
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
plaatse (slijterij)
som
innen
tijd
dwang
dwang
Alcoholwet I.8 Overtreden
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Nadere regels
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
dance events
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
(ADE)
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
APV
som
innen
tijd
dwang
dwang
I.9 Overtreden
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
verbod
Bestuurlijke
Opleggen
Uitvoeren
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
prijsacties in de
waarschuwing
Last onder Last onder
vergunning
Last onder
Last onder
horeca
dwang-
dwangsom:
onbepaalde
bestuurs-
bestuurs-
APV
som
innen
tijd
dwang
dwang
16
Toelichting overtredingen categorie I Onder categorie I vallen overtredingen waarvan de verwachting is dat in eerste instantie een financiële prikkel ertoe leidt dat de overtreding in de toekomst wordt voorkomen. De hoogte van de dwangsom wordt enerzijds bepaald op grond van de zwaarte van het geschonden belang en anderzijds volgens de beoogde effectieve werking van de dwangsomoplegging. De hoogte van de dwangsom bedraagt 2500 euro. In die zin is gekozen voor een niet te hoog bedrag. Maatwerk kan leiden tot een hoger of lager bedrag. Het feit dat het doorlopen van het gehele stappenplan tot gevolg heeft dat de exploitatievergunning en/of de Alcoholwetvergunning ingetrokken wordt/worden dient er mede toe te leiden dat de overtreding in de toekomst voorkomen wordt.
Toelichting per overtreding I.1, I.2 en I.3 Horeca- of slijtlokaal is open zonder aanwezigheid van een in de vergunning vermelde leidinggevende (art. 3.16, lid 2 APV 2008, art. 24 lid 1 Alcoholwet) In een horeca- of slijtlokaliteit dient op grond van de Alcoholwet altijd een leidinggevende in de inrichting aanwezig te zijn als die geopend is voor publiek. De leidinggevenden staan vermeld op het aanhangsel van de Alcoholwetvergunning. Ook een persoon wiens bijschrijving is aangevraagd, mits de ontvangst van die aanvraag is bevestigd, wordt als leidinggevende aangemerkt zolang nog niet op die aanvraag is beslist. Ook horeca zonder Alcoholwetvergunning hebben de verplichting dat er een leidinggevende in de zaak aanwezig is zolang de horecazaak open is voor publiek. Deze verplichting is opgenomen in de APV. De leidinggevenden worden vermeld in het aanhangsel bij de exploitatievergunning. Als stap 3 wordt toegepast bij een horecazaak met Alcoholwetvergunning worden zowel de exploitatievergunning als de Alcoholwetvergunning ingetrokken. Bij alcoholvrije horeca wordt de exploitatievergunning ingetrokken. In beide gevallen is het gevolg van het meermaals niet aanwezig zijn van een leidinggevende dat de gehele exploitatie voor onbepaalde tijd moet stoppen. I.4 Overtreding exploitatievergunning terras (art.
3.8 en 1.6 APV 2008) Overtredingen van de exploitatievergunning voor een terras worden apart genoemd omdat het bijzondere overtredingen betreffen waarbij het gaat om een deel van de voor een horecabedrijf verleende exploitatievergunning. Het is daarom wenselijk dat de overtredingen van dit deel van de vergunningen ook alleen gevolgen hebben voor het deel dat ziet op het terras. Als de laatste stap uit dit stappenplan van toepassing is, wordt de exploitatievergunning aangepast, in die zin dat de toestemming voor het exploiteren van een terras eruit gehaald wordt en de exploitant dus geen terras meer mag exploiteren. Ook de Alcoholwetvergunning zal in zo’n geval aangepast moeten worden. In de exploitatievergunning staan meerdere voorschriften die gelden voor de exploitatie van het terras. Ook is er verschil in de voorschriften tijdens de zomerperiode (periode 1 maart tot 1 november) en de winterperiode (periode 1 november tot 1 maart). Zo zijn de openingstijden van een terras anders in zomerperiode dan in de winterperiode en mogen 17
er in de zomerperiode bijvoorbeeld meer objecten op het terras staan dan in de winterperiode. De openingstijden van het terras hebben een eigen stappenplan gekregen in categorie II. Voor het overtreden van overige voorschriften van het terras geldt één stappenplan in categorie I. Er wordt dus niet per terrasvoorschrift een eigen stappenplan toegepast. Als er tijdens een controle meerdere voorschriften van het terras worden overtreden dan wordt daarvoor één stap opgelegd, tenzij het mede een overtreding van de openingstijden terras betreft omdat daarvoor in categorie II een eigen stappenplan is opgenomen. Maatwerk wordt toegepast bij uitwaaiering van alleen bezoekers met consumpties buiten de terrasgrenzen. In dit geval geldt dat per constatering beoordeeld wordt of daarvoor een (nieuwe) stap uit het stappenplan wordt opgelegd of dat volstaan wordt met het geven van een (extra) waarschuwing. De exploitant moet ervoor zorgen dat bezoekers binnen de vergunde terrasgrenzen blijven. Het is aan de exploitant om daarvoor passende maatregelen te treffen die niet in strijd zijn met de exploitatievergunning en/of het beleid. Als geconstateerd wordt dat er toch bezoekers buiten de vergunde terrasgrenzen staan met consumpties dan hangt het van de aangetroffen situatie af of daarvoor een stap opgelegd wordt of dat volstaan wordt met een (extra) waarschuwing.
Toezichthouders zullen in deze gevallen korte tijd (5 minuten) observeren wat er gebeurt. Als blijkt dat in die tijd de bezoekers al aangesproken worden en binnen de terrasgrenzen worden gehaald, geeft dat blijk van een goede bedrijfsvoering en zal het geven van een (extra) waarschuwing veelal passend zijn. Als de bezoekers echter de toegang/toegangsdeur van (een) woning(en) blokkeren en/of de gehele stoep in beslag nemen en/of deels op de straat staan, dan zal in de meeste gevallen de van toepassing zijnde stap van het stappenplan toegepast worden. In geval er sprake is van uitwaaiering door zowel bezoekers als terrasobjecten wordt de van toepassing zijnde stap van het stappenplan toegepast. Nadat de dwangsom is uitgewerkt in stap 1 en 2, wordt de terrasvergunning in stap 3 voor onbepaalde tijd ingetrokken met daarbij een datum per wanneer de terrasexploitatie beëindigd moet zijn. Bij het besluit wordt tevens een aangepaste exploitatievergunning zonder terras gevoegd en, indien aan de orde, een aangepaste Alcoholwetvergunning zonder terras. Als bij stap 3 na de in het besluit genoemde datum de terrasexploitatie niet gestaakt is, wordt een last onder bestuursdwang opgelegd. Als niet aan de last wordt voldaan, wordt bestuursdwang toegepast. Dat betekent dat van gemeentewege het terras wordt gesloten en de terrasattributen in beslag worden genomen.
Ook zal dan een stap opgelegd worden voor het exploiteren van een terras zonder vergunning, waarbij dan stap 0 zal worden overgeslagen. Immers, dat er geen terras meer geëxploiteerd mag worden, is reeds bekend bij de exploitant. I.5 Overtreding exploiteren van onvergund terras Als er geen terrastekening en geen terrasvoorschriften in de exploitatievergunning zijn opgenomen, mag de exploitant geen terras exploiteren. In dat geval mogen er geen terrasobjecten buiten geplaatst worden en mogen bezoekers buiten geen consumpties gebruiken. Stap 0 wordt overgeslagen als deze overtreding geconstateerd wordt nadat een terrasvergunning is ingetrokken omdat het stappenplan van I.5 of II.2 tot intrekking heeft 18
geleid. De overtreding moet dan wel geconstateerd worden binnen een jaar na datum dat geen terras meer geëxploiteerd mocht worden. I.6 Verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse door alcoholverstrekkend horecabedrijf (art. 13 lid 1 Alcoholwet) De verstrekking van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse is niet toegestaan bij een horecabedrijf. Een horecabedrijf met Alcoholwetvergunning mag alleen alcoholhoudende dranken verstrekken voor gebruik ter plaatse. Ter plaatse betekent dat verstrekken alleen mag ter plaatse van de in de Alcoholwetvergunning genoemde lokaliteit(en). I.7 Verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse (slijterij) (artikel 13 lid 2 Alcoholwet) De verstrekking van alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse in een slijtlokaliteit is verboden. Uitzondering is de verstrekking door een medewerker indien een klant uit eigen beweging verzoekt om een alcoholhoudende drank die te koop is te kunnen proeven. Het mag dus op geen enkele wijze aangeboden worden. I.8 Overtreding Nadere regels dance events (ADE) De nadere regels dance events bestaan uit een aantal (voorzorgs-)maatregelen die de exploitant moet nemen wanneer er in de horecazaak een dance event plaatsvindt.
Aangezien dit een specifieke categorie is binnen de voorschriften van de exploitatievergunning en de regels alleen gelden wanneer er een dance event in de horecazaak plaatsvindt (dus niet voor het reguliere programma dat past binnen de bestemmingsplancategorie en de verleende exploitatievergunning), is ervoor gekozen om voor deze regels een apart stappenplan op te nemen. De nadere regels dance events bestaan uit meerdere voorschriften. Net zoals bij de terrasvoorschriften wordt bij overtredingen daarvan één en hetzelfde stappenplan toegepast. Er wordt dus niet per voorschrift een eigen stappenplan doorlopen.
Amsterdam Dance Event (ADE) Veel, voornamelijk kleinere, horecazaken zullen alleen tijdens ADE een dance event organiseren. Dit is logisch omdat veel van die deelnemende horecazaken normaal gesproken geen dance event mogen houden in hun horecazaak vanwege strijd met het bestemmingsplan en derhalve ook met de exploitatievergunning. I.9 Overtreding van het verbod op prijsacties in de horeca Het is verboden om bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse te verstrekken tegen een prijs die voor een periode van 24 uur of korter lager is dan 60% van de prijs die in de betreffende horecalokaliteit of op het betreffende terras gewoonlijk wordt gevraagd (artikel 3.16a APV). Door prijsacties met alcohol worden mensen gestimuleerd in korte tijd veel alcohol te gebruiken. Prijsacties met alcohol dragen niet bij aan de gezonde, veilige en leefbare stad die Amsterdam wil zijn. Prijsacties zoals ‘twee voor de prijs van één’ worden hiermee verboden. Bij constatering van het overtreden van dit verbod wordt eerst stap 0 toegepast (waarschuwing).
19
Stappenplan categorie II: ernstige overtredingen
II.1 Overtreding
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
sluitingstijden
Bestuurlijke
Terugbrengen
Intrekken
Intrekken
Opleggen Last
Uitvoeren Last
horecazaak binnen
waarschuwing
sluitingstijd
exploitatie-
exploitatie-
onder
onder bestuurs-
met één uur
vergunning
vergunning
bestuurs-
dwang
gedurende
gedurende één
onbepaalde
dwang
één week
week
tijd
APV
II.2 Overtreding
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
sluitingstijden
Bestuurlijke
Terugbrengen
Intrekken
Intrekken
Opleggen Last
Uitvoeren Last
terras
waarschuwing
sluitingstijd
exploitatie-
exploitatie-
onder
onder bestuurs-
terras met één
vergunning
vergunning
bestuurs-
dwang
uur
terras gedurende
terras
dwang
gedurende
één week
onbepaalde
APV
één week
tijd
II.3 Transparant
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
deurbeleid/
Bestuurlijke
Één week
Éen maand dicht
Voor
Opleggen Last
Uitvoeren Last
discriminatie APV
waarschuwing
dicht
onbepaalde
onder
onder bestuurs-
NB verjarings-
en gesprek met
tijd dicht
bestuurs-
dwang
termijn van drie jaar
exploitant
II.4 Personeel
Stap 0
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
onder invloed
Bestuurlijke
Schorsing
Schorsing
Intrekken
Opleggen Last
Uitvoeren Last
horecazaak en
waarschuwing
dwang
alcohol-
alcohol-
alcohol-
onder
onder bestuurs-
slijterij
vergunning en
vergunning en
vergunning
bestuurs-
dwang
Alcoholwet
intrekken
intrekken
en
dwang
exploitatie-
exploitatie-
exploitatie-
vergunning
vergunning
vergunning
gedurende
gedurende één
één week
maand
II.5 Aanwezigheid
Stap 0 wordt in
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
van kennelijk
principe niet
Schorsing
Schorsing
Intrekken
Opleggen Last
Uitvoeren Last
dronken
toegepast
alcohol-
alcohol-
alcohol-
onder
onder bestuursdwang
bezoekers in
vergunning en
vergunning en
vergunning
bestuurs-
horeca en slijterij
intrekken
intrekken
en
dwang
Alcoholwet
exploitatie-
exploitatie-
exploitatie-
vergunning
vergunning
vergunning
gedurende
gedurende één
één week
maand
20
II.6
Stap 0 wordt in
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Alcoholverstrekkin
principe niet
Schorsing
Schorsing
Intrekken
Opleggen Last
Uitvoeren Last
g aan
toegepast
alcohol-
alcohol-
alcohol-
onder
onder bestuursdwang
minderjarige(n)
vergunning en
vergunning en
vergunning
bestuurs-
(horeca, slijterij)
intrekken
intrekken
en
dwang
Alcoholwet
exploitatie-
exploitatie-
exploitatie-
vergunning
vergunning
vergunning
gedurende
gedurende één
één week
maand
Toelichting overtredingen categorie II Bij categorie II-overtredingen is de zichtbaarheid van de maatregel belangrijk voor de effectiviteit ervan. De Alcoholwet kent de mogelijkheid van tijdelijke schorsing van de vergunning. In de handhavingsstrategie wordt schorsing gelijkgesteld met de bestuurlijke maatregel tijdelijk intrekken van de vergunning in de vergunningsstelsels op grond van de APV.
Toelichting per overtreding II.1 Overtreden openingstijden binnen in de horecazaak (art. 3.12, 3.13 en artikel 3.15 APV 2008) Bij een eerste overtreding wordt eerst een bestuurlijke waarschuwing gegeven, stap 0. Stap 1 is vervolgens dat bij overtreding van de openingstijden de exploitatievergunning wordt beperkt. Dit houdt in dat de openingstijden van de horecagelegenheid gedurende een week met één uur wordt beperkt. Stap 2 houdt een week algehele sluiting van de horecagelegenheid in. Stap 3 is intrekking van de exploitatievergunning voor onbepaalde tijd. Na sluitingstijd mogen geen bezoekers meer aanwezig zijn in de horecazaak. Ingevolge artikel 3.1, lid 1, sub b van de APV zijn geen bezoekers: de leden van het gezin of de huishouding van de exploitant alsmede zijn elders wonende bloed- en aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad en/of personen van wie de aanwezigheid in het bedrijf wegens dringende reden noodzakelijk is. De omschrijving heeft als doel om in geval van twijfel nauwkeurig te kunnen bepalen of de vergunninghouder of de aanwezige(n) in overtreding zijn. De omschrijving van het criterium “dringend noodzakelijke aanwezigheid” heeft als doel uit te sluiten dat bijvoorbeeld een monteur in overtreding zou zijn.
Onder “dringende noodzakelijke werkzaamheden” wordt in ieder geval verstaan het opmaken van de kas en kleinere opruim- en schoonmaakactiviteiten zoals van de tap en de bar. Ook het geheel schoonmaken van de horecazaak is geen noodzakelijke bezigheid en dient gedurende de vergunde openingstijden plaats te vinden. Vooralsnog wordt uitgegaan van de omschrijving en toelichting in de APV die overgenomen is uit de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG). Dit betekent dat de nazit niet gezien wordt als een dringende noodzakelijkheid. Indien de nazit wordt geconstateerd, is de exploitant in overtreding. 21
Stap 0 wordt overgeslagen in het geval dat geconstateerd wordt dat de horecazaak één uur of langer na de vergunde openingstijden nog geopend is voor bezoekers. Een dergelijke ruime overschrijding van de openingstijden rechtvaardigt het direct toepassen van een maatregel. II.2 Overtreden openingstijden terras (art. 3.14 en artikel 3.15 APV) Als het gaat om een overtreding van de openingstijden van terrassen gelden de stappen alleen voor het terrasgedeelte van de horecazaak. Het terras moet na de verplichte sluitingstijd opgeruimd worden. Ook de exploitant en het overig personeel mogen buiten de vergunde openingstijden van het terras dus niet buiten zitten en/of consumpties nuttigen. Stap 0 wordt overgeslagen in het geval geconstateerd wordt dat het terras één uur of langer na de vergunde openingstijden nog geopend is voor bezoekers. Een dergelijke ruime overschrijding van de openingstijden rechtvaardigt het direct toepassen van een maatregel. Hierbij geldt tevens dat als het terras opgeruimd is, maar bezoekers nog wel buiten consumpties nuttigen dit als een overtreding van de openingstijden van het terras wordt aangemerkt. II.3 Transparant deurbeleid/discriminatie (APV) In de beleidsregels handhaving deurbeleid en horecadiscriminatie uit 2018 staat aangegeven dat horecazaken met een portier verplicht zijn om een transparant en eenduidig deurbeleid te voeren.
Dit toegangsbeleid moet van buitenaf voor de bezoekers kenbaar zijn en dient om discriminatie in de horeca tegen te gaan. Als alleen geconstateerd wordt dat het deurbeleid niet van buitenaf zichtbaar bij de deur hangt, maar het deurbeleid wel consequent wordt uitgevoerd, wordt in plaats van het stappenplan dat bij categorie II is benoemd, het stappenplan van categorie I toegepast. Als geconstateerd wordt dat (ook) het deurbeleid zelf niet goed wordt uitgevoerd, is het stappenplan van categorie II van toepassing.
Mystery guests Controles kunnen ook door mystery guests (aangewezen als toezichthouder) worden uitgevoerd. Aan de hand van hun constateringen kan handhavend opgetreden worden. Als geconstateerd is dat het deurbeleid niet transparant is uitgevoerd, volgt als eerste stap een gesprek met de exploitant om meldingen van discriminatie of de constateringen van mystery guests door te nemen. In dat gesprek worden eventueel afspraken gemaakt over bedrijfsvoering en deurbeleid. Dit gesprek geldt als de bestuurlijke waarschuwing, stap 0. Een en ander zal na het gesprek schriftelijk worden bevestigd met als bijlage het gespreksverslag en, indien aan de orde, een opsomming van de gemaakte afspraken. Bij een volgende constatering binnen twee jaar moet de horecazaak gedurende één week dicht. Het stappenplan zal verder worden gevolgd indien de overtreding opnieuw binnen de verjaringstermijn geconstateerd wordt. II.4 Personeel onder invloed in alcoholverstrekkend bedrijf (art 20 lid 5 Alcoholwet) Het is verboden in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van andere psychotrope stoffen dienst te doen in een horeca- of slijtlokaliteit. Bij het aantreffen van een personeelslid in kennelijke staat, wordt bij een eerste keer een bestuurlijke waarschuwing gegeven, stap 0. 22
Stap 0 wordt overgeslagen als de in kennelijke staat verkerende persoon, de enige aanwezige leidinggevende betreft. Een dergelijke omstandigheid wordt als een verzwarende omstandigheid aangemerkt waarbij een waarschuwing niet passend is. Met enig aanwezige leidinggevende wordt ook bedoeld een aanwezig personeelslid dat niet op het aanhangsel van de Alcoholwetvergunning vermeld staat, maar tijdens de controle wel de rol van leidinggevende heeft omdat deze persoon alleen in de horecazaak of slijterij aan het werk is. Een dergelijk personeelslid wordt ook als leidinggevende aangemerkt als deze de verantwoordelijkheid heeft gekregen terwijl ook het overige aanwezige personeel niet op het aanhangsel van de Alcoholwetvergunning vermeld staat. Bij stap 1 wordt de Alcoholwetvergunning voor de duur van één week geschorst en wordt de exploitatievergunning voor de duur van één week ingetrokken. Bedoeling is dat de horeca-exploitatie voor de betreffende periode gesloten is en er dus niet tijdelijk als alcoholvrije horeca door-geëxploiteerd kan worden. In de praktijk is gebleken dat als horecazaken bij een tijdelijke schorsing toch open blijven, niet alle alcoholhoudende dranken uit de zaak verwijderd kunnen worden, terwijl dat dan wel zou moeten op grond van de Alcoholwet (artikel 25).
Bovendien kan zonder wijziging van de exploitatievergunning niet (tijdelijk) worden overgestapt van alcoholverstrekkende horecazaak naar een alcoholvrije horecazaak. II.5 Aanwezigheid toestaan van personen onder invloed (art. 20 lid 4 Alcoholwet) Het is verboden in een horeca- of slijtlokaliteit of op een terras een persoon toe te laten die in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van andere psychotrope stoffen verkeert. Alleen in excessituaties zal hierop gehandhaafd worden. Hierbij gaat het om gevallen waarbij het evident is dat iemand in kennelijke staat van dronkenschap verkeert en waarbij de ondernemer niettemin heeft doorgeschonken. In dit geval zal dan geen bestuurlijke waarschuwing worden gegeven maar volgt direct een maatregel. Bij toepassing van stap 1 en 2 zal de Alcoholwetvergunning voor bepaalde tijd geschorst worden, en zal de exploitatievergunning voor dezelfde periode ingetrokken worden. Bedoeling van de maatregel is om de exploitatie tijdelijk geheel te laten staken. Zie verder de toelichting bij II.4. II.6 Alcoholverstrekking aan minderjarigen (horeca, slijterij) (art. 20 lid 1, 20 lid 2 Alcoholwet) Het is verboden om bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank te verstrekken aan personen jonger dan achttien jaar.
Onder verstrekken wordt eveneens begrepen het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van achttien heeft bereikt, waarvan de drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt. Vanwege de ernst van het overtreden van de leeftijdsgrens wordt stap 0 (waarschuwing) overgeslagen als geconstateerd wordt dat alcoholhoudende dranken verstrekt zijn aan een minderjarige.
23
Bij toepassing van stap 1 en 2 zal de Alcoholwetvergunning voor bepaalde tijd geschorst worden, en zal de exploitatievergunning voor dezelfde periode ingetrokken worden. Bedoeling van de maatregel is om de exploitatie tijdelijk geheel te laten staken. Zie verder de toelichting bij II.4.
24
Stappenplan categorie III: zware overtredingen III.1 Exploitatie
Stap 1
Stap 2
Stap 3 wordt
Stap 4
Stap 5
zonder
Opleggen last
Uitvoeren last
niet opgelegd
wordt niet
wordt
exploitatievergunning
onder
onder
opgelegd
niet
APV
bestuursdwang bestuursdwang
III.2 Exploitatie na
Stap 1
Stap 2
Stap 3 wordt
Stap 4
Stap 5
weigering vergunning
Opleggen last
Uitvoeren last
niet opgelegd
wordt niet
wordt
of na buiten
onder
onder
opgelegd
niet
behandeling stellen
bestuursdwang bestuursdwang
opgelegd
opgelegd
aanvraag
APV III.3
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Alcoholhoudende
Opleggen last
Uitvoeren last
Horeca:
Horeca:
Horeca:
drank verstrekken
onder
onder
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
zonder
dwangsom
dwangsom:
exploitatie-
last onder
last
innen
vergunning
bestuurs-
onder
horeca
slechte
dwang
bestuurs-
of
bedrijfsvoering
Alcoholwetvergunning
dwang
Sterke drank verstrekken zonder
Slijtersbedrijf:
Alcoholwetvergunning
maatwerk
slijtersbedrijf
Alcoholwet III.4
Stap 1
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Stap 5
Alcoholhoudende
Opleggen last
Uitvoeren last
Horeca:
Horeca:
Horeca:
drank verstrekken na
onder
onder
Intrekken
Opleggen
Uitvoeren
weigering of buiten
dwangsom
dwangsom:
exploitatie-
last onder
last
innen
vergunning
bestuurs-
onder
Alcoholwetvergunning
slechte
dwang
bestuurs-
horeca
bedrijfsvoering
behandeling stellen
dwang
of Sterke drank
Slijtersbedrijf:
verstrekken na
maatwerk
weigering of buiten behandeling stellen Alcoholwetvergunning voor slijtersbedrijf
Alcoholwet
25
Toelichting overtredingen categorie III Voor categorie III-overtredingen worden geen waarschuwingen geven, die zijn niet passend. Overtredingen in deze categorie worden als zware overtreding gezien. Bij een constatering wordt direct een last onder bestuursdwang opgelegd als een horecazaak helemaal niet (meer) mag exploiteren. Een sluiting volgt als niet aan deze last voldaan wordt. Een last onder dwangsom wordt opgelegd als een horecazaak een exploitatievergunning heeft voor een alcoholvrije horecazaak en alleen sprake is van overtreding van de Alcoholwet, of als sprake is van een slijterij die zonder Alcoholwetvergunning sterke drank verstrekt. Er zijn verschillende redenen waarom sprake is van een situatie waarin zonder exploitatievergunning en/of Alcoholwetvergunning geëxploiteerd wordt. Dit is de reden waarom de aanpak ook kan verschillen. In hoofdlijnen is hieronder aangegeven hoe in bepaalde situaties opgetreden zal kunnen worden. Mocht een specifieke situatie daar om vragen, zal maatwerk worden toegepast. Als sprake is van een situatie waarin een horecazaak zowel niet mag exploiteren als geen alcoholhoudende dranken mag verstrekken, dan is een last onder bestuursdwang passend om te zorgen dat de gehele exploitatie gestaakt wordt en blijft totdat er weer sprake is van de juiste vergunningen.
Toelichting per overtreding III.1 Exploitatie horecabedrijf zonder exploitatievergunning (art 3.8 lid 1 APV) Er zijn verschillende gevallen van exploiteren zonder exploitatievergunning. In het ene geval past direct handhaven met een last onder bestuursdwang. In een ander geval past het beter om te gedogen dat een exploitant de exploitatie voort kan zetten ook al is geen sprake van een geldige exploitatievergunning. In de gevallen waarin gedoogd wordt dat zonder exploitatievergunning verder geëxploiteerd wordt, kan op enig moment alsnog beoordeeld worden dat gedogen niet meer passend is en de exploitatie alsnog beëindigd moet gaan worden. In de volgende gevallen wordt exploiteren zonder exploitatievergunning meestal gedoogd, en wordt er niet direct een last onder bestuursdwang opgelegd: - Als een vergunning is verlopen en de exploitant nog geen verlengingsaanvraag heeft ingediend. - Als de verlengingsaanvraag is al ingediend, maar daarop is nog niet beslist. In deze twee gevallen is er al sprake van een exploitatie en past het in veel gevallen om te gedogen dat er door-geëxploiteerd wordt conform de verlopen vergunning in afwachting van de behandeling van de verlengingsaanvraag. Belangrijk is dat de verlengingsaanvraag al is ingediend of binnen een daarvoor gegeven termijn alsnog wordt ingediend.