Bijlage 5. Monitor Uitvoering Energietransitie 2025.pdf
Tekst van het document
Een e-boiler is een soort grote waterkoker, waarmee stroom wordt omgezet in warmte. Deze E-boiler is alleen actief als er (te) veel stroom uit zon en wind beschikbaar is, waardoor water emissievrij kan worden verwarmd. Is er op dat moment niet zoveel vraag naar warmte, dan zal de E-boiler de warmte opslaan in een warmtebuffer. De E-boiler heeft een flexibele aansluiting op het elektriciteitsnet, waardoor het niet bijdraagt aan netcongestie. De eerste E-boiler is al door Vattenfall aangelegd voor het verduurzamen van het Diemenwarmtenet.
Het water dat bij een rioolwaterzuivering wordt aangevoerd bevat warmte. Deze warmte kan met een warmtewisselaar uit het gezuiverde water gehaald worden. Dit water heeft een relatief lage temperatuur van gemiddeld rond de 15 °C Deze temperatuur kan worden opgehoogd door middel van een industriële warmtepomp, waarmee het in potentie geschikt kan worden gemaakt als warmtebron voor het stadswarmtenet. Er wordt momenteel onderzocht wat de rioolwaterzuiveringsinstallatie in Almere kan betekenen als bron voor het Diemenwarmtenet.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
31
Resultaten voortgang warmte-infrastructuur Aardgasvrij
Aardgasvrij
Aandeel woningen en niet- woningen (gebouwd voor 2020) dat aardgasvrij is
Aandeel aardgasvrije woningen per buurt
Woningen
Utiliteitsbouw
Begin 2025 is in totaal 21 % van de adressen in de stad aardgasvrij. Nieuwbouw woningen worden niet meegenomen in deze cijfers omdat nieuwbouw per definitie aardgasvrij is. Een adres is aardgasvrij wanneer er een elektriciteitsaansluiting aanwezig is, maar geen aardgasaansluiting (ook geen kookgas of blokverwarming op gas).
1. Energiegebruik
Het aandeel aardgasvrije woningen is niet gelijkmatig verdeeld over de stad. Op plekken waar een bestaand warmtenet zich bevindt, bevinden zich ook meer aardgasvrije woningen. Zeeburg en IJburg zijn bijvoorbeeld aangesloten op het warmtenet, net als de buurten rondom de ring in West en delen van Noord en Zuidoost.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
32
Hoofdverwarmingsinstallaties woningen
Energietransitie gasverwijderingen
Aandeel woningen per type installatie
Aantal verwijderingen per jaar
Type installatie onbekend
Woningen
Stadsverwarming
Utiliteitsbouw
Elektrisch verwarmd Blokverwarming Individuele CV
2022
De hoofdverwarmingsinstallatie beschrijft de voornaamste bron voor ruimteverwarming in de woning. Let op: elektrisch betekent niet hetzelfde als aardgasvrij. Er kunnen meerdere warmtebronnen zijn, bijvoorbeeld bij een hybride warmtepomp: dit is een hoofdzakelijk elektrische verwarmingsinstallatie, die alleen in koude maanden gas gebruikt. Blokverwarming is een centrale voorziening op pandniveau. Hierbij wordt meestal een collectieve gasketel gebruikt, maar een collectieve elektrische warmtepomp komt ook voor.
1. Energiegebruik
2016
2023
2. Energie-infrastructuur
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Het aantal energietransitie gedreven aardgasverwijderingen varieert per jaar maar is vanaf 2020 aanzienlijk toegenomen, vooral bij woningen. In 2024 bleef het aantal energietransitie verwijderingen wat achter op het jaar 2023. Dit heeft vermoedelijk te maken met vertragingen in de uitbreiding van het warmtenet.
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
33
Aardgasvrije warmte-infrastructuur Doelen • In de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 is vastgelegd dat de gemeente Amsterdam in 2050 klimaatneutraal is. • Op de korte termijn nadruk op CO₂-reductie zonder aardgasvrij uit het oog te verliezen. Uitgangspunten blijven dat warmte duurzaam, betaalbaar en betrouwbaar is. Sturen op rechtvaardigheid door ongelijk te investeren voor gelijke kansen.
Aanpak • Warmte Bestaande Bouw (WBB) neemt deel in het Netwerk Collectieve Warmte (NCW). Vanuit WBB wordt samen met woningcorporaties, warmtebedrijven en andere belanghebbenden gewerkt aan concrete projecten waarin buurten toewerken naar een warmtenet of andere collectieve warmteoplossing. • Het programma Collectieve Warmte Amsterdam (CWA) is opgezet voor het realiseren en beheren van nieuwe warmtevoorzieningen in nieuwbouw- en transformatiegebieden. • Gemeente Amsterdam ondersteunt warmte- initiatieven van bewoners en coöperaties door kennis en ondersteuning beschikbaar te stellen, partijen bij elkaar te brengen en proceskosten of investeringen te subsidiëren. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheid van een Energiediensten-Organisatie (EDO) om de ondersteuning en kennis die we vergaren met de ondersteuning nog beter te kunnen borgen en delen.
1. Energiegebruik
• De gemeente maakt elke 4 jaar afspraken met woningcorporaties en huurderskoepels over de verduurzaming van de woningvoorraad.
Voortgang
Doorkijk 2025
• Ruim 1.000 Amsterdammers en belang hebbenden hebben input geleverd voor de uitgangspuntennotitie voor het nieuwe warmteprogramma. • In de buurten K-midden, Van der Pek en Wildemanbuurt worden bestaande gebouwen aardgasvrij gemaakt en aangesloten op het warmtenet (ca.3.000 woningen); voor ca. 20 andere projecten (3.000 - 5.000 woningen) wordt haalbaarheid getoetst of een ontwerp gemaakt. • Er loopt een aanbesteding voor een lokaal collectief warmtenet in Sluisbuurt Noord (2.450 woningen). • Er is gestart met de inventarisatie van individuele warmteoplossingen en bodemenergieplannen voor 13 individuele warmteprojecten, w.o. Strandeiland (8.000 woningen), Schinkelhaven (1.950 woningen) en Buikslotermeerplein Centrum (2.000 woningen). • Samenwerkingsovereenkomst Diemennet afgesloten met gemeenten Diemen, Almere, Ouder-Amstel, de provincies Noord Holland en Flevoland en Vattenfall. Doelstelling is CO₂ vrije warmte in 2040 zonder inzet van nieuwe biomassa. Ook bij Westpoort Warmte is afgesproken om in 2040 CO₂-vrije warmte te leveren.
2. Energie-infrastructuur
• Samenwerkingsovereenkomst getekend met EBN en Vattenfall voor extra onderzoek naar en ontwikkeling van aardwarmtebronnen voor warmtenetten in Amsterdam.
• Het nieuwe Warmteprogramma wordt uiterlijk 2026 vastgesteld; klimaatneutraal en betaal baar leidende principes bij de afweging van alternatieven per buurt. • Vanaf 2025 wordt de ‘all-electric’ aanpak opgeschaald naar alle aangewezen buurten uit de transitievisie en alle woningeigenaren in de stad die voor individuele oplossingen kiezen (110.000 WEQ in potentie). • Het voorstel voor de Wet collectieve warmte (Wcw) is vóór de zomer 2024 naar de Tweede Kamer gestuurd en wordt naar verwachting in het voorjaar 2025 besproken. • Start onderzoek van samenwerking met Energie Beheer Nederland (EBN) en Alliander om te komen tot een Publiek Warmtebedrijf in de regio Amsterdam. • Energiecoöperatie KetelhuisWG (1.270 woningequivalenten) begint met de bouw van een collectieve warmtevoorziening op basis van aquathermie en krijgt €1,5 miljoen uit het Klimaatfonds en een lening van 7,9 miljoen euro hiervoor. • In Amsterdam Zuidoost wordt met subsidie van de provincie een seismisch onderzoek gestart om de haalbaarheid van een aard warmtecentrale te toetsen.
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
• In het kader van de Samenwerkings overeenkomst Diemennet, wordt naast aardwarmte ook gewerkt aan de voorbereiding en realisatie van andere nieuwe warmtebronnen zoals restwarmte uit verschillende datacenters. • Door de uitbreiding van de Warmtenetteninvesteringssubsidie (WIS) en de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoning (SAH) krijgen nieuwe warm teprojecten meer mogelijkheden voor een rendabele businesscase.
Aandachtspunten • Koerswijziging: meer nadruk op isolatie, warmtepompen en betaalbare warmte, mogelijk met hulp van een publiek warmtebedrijf. • Oplossingen in gevallen waar duurzaam, betaalbaar, rechtvaardig en betrouwbaar mogelijk botsen. • Onzekerheid over beleid en beperkte verdiencapaciteit leiden tot terughoudendheid van marktpartijen bij de ontwikkeling van warmtenetten en collectieve voorzieningen.
In 2040 moeten alle gebouwen in de stad duurzaam worden verwarmd. Daarom besparen we energie en stimuleren we het vervangen van aardgas door alternatieve warmtebronnen.
Uitvoering Energietransitie
34
Uitgelicht
MeerEnergie groeit door In de wijk Middenmeer groeit buurtcoöperatie MeerEnergie gestaag. In samenwerking met infraspecialist Firan en de gemeente werkt zij aan het ontwikkelen van een eigen en lokaal buurtwarmtenet. Dit systeem draait op restwarmte van een datacenter op het nabijgelegen Science Park. Zo houdt de buurt zoveel mogelijk regie op hun warmtevoorziening. De weg ernaartoe vraagt tijd, toewijding en samenwerking. In 2023 gaf de gemeente Amsterdam een belangrijke impuls door een lening te verstrekken voor de ontwikkelfase. In oktober 2024 startte MeerEnergie de campagne om deelnemers te werven voor het toekomstige coöperatieve warmtenet. Dit wierp zijn vruchten af: in april 2025 hadden al meer dan 1.000 bewoners een startcontract getekend.
1. Energiegebruik
De energie komt niet alleen uit het datacenter, maar ook uit de buurt zelf. Ruim 40 vrijwillige straataanvoerders zetten zich in om hun buren te informeren en te enthousiasmeren. Samen bouwen ze aan draagvlak en vertrouwen. Achter de schermen wordt ondertussen hard gewerkt aan technische en financiële vraagstukken. Er is een locatie gevonden voor de warmtecentrale en de bijbehorende technische ruimte. Voor het sluitend maken van de businesscase wordt onder meer een aanvraag ingediend voor de Warmtenetten Investeringssubsidie (WIS). Eind 2025 en begin 2026 worden belangrijke besluiten voorgelegd aan de gemeenteraad, waaronder de locatie van de warmtecentrale. Zo groeit MeerEnergie door – stap voor stap, samen met de buurt.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
35
Duurzame energiebronnen Fossiele brandstoffen zijn geen onuitputtelijke energiebronnen. Ze raken een keer op. Hernieuwbare energiebronnen zijn wel onuitputtelijk. In Amsterdam maken we gebruik van windturbines en zonnepanelen om elektriciteit te produceren. In de toekomst komen daar technieken bij die nu nog verder doorontwikkeld moeten worden. De productie van windturbines en zonnepanelen brengt wel milieu- en klimaatschade met zich mee. In de praktijk worden de begrippen hernieuwbaar en duurzaam vaak door elkaar gebruikt.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
3
Uitvoering Energietransitie
36
3.1 Duurzame energiebronnen Met meer duurzame energie verminderen we de uitstoot van broeikasgassen en kunnen we beter in de toenemende behoefte voorzien. Bovendien zijn de bronnen van duurzame energie oneindig beschikbaar, waarmee we minder afhankelijk worden van import van energie. Amsterdam zet met name in op de groei van zonne- en windenergie. In de winter wordt er meer elektriciteit geproduceerd door windturbines, omdat het vaker waait en de zon minder schijnt. In de zomer wordt er meer elektriciteit geproduceerd door zonnepanelen.
De rol van de gemeente Amsterdam Voor zonne-energie hanteert Amsterdam een doelgroep gerichte aanpak om het plaatsen van zonnepanelen te stimuleren en we kijken naar locaties waar dubbel ruimtegebruik mogelijk is. Voor wind energie begint de gemeente, samen met de belangrijkste stakeholders, voorbereidend werk in de aangewezen gebieden.
Het gebruik van daken voor het opwekken van zonne-energie draagt bij aan de opwek van elektriciteit. Op daken kan potentieel elektriciteit worden opgewekt voor 400.000 à 500.000 huishoudens.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
37
Samenvatting voortgang duurzame energiebronnen Opwek windenergie
Opwek zonne-energie
Totaal opgesteld vermogen en opwek van windenergie in Amsterdam
Totaal opgesteld vermogen en opwek van zonne-energie in Amsterdam
Realisatie
Realisatie
Doel
Doel
Opwek TJ
Beide figuren geven het opgesteld vermogen aan. Dit vermogen is uitgedrukt in de hoeveelheid energie die per seconde wordt geproduceerd onder standaard testcondities. De daadwerkelijk opgewekte energie wordt beïnvloed door onder weersomstandigheden en de positionering van de zonnepanelen of windturbines.
2019 2020
2021 2022 2023 2024
2030
In 2024 is het aantal windturbines in Amsterdam, gestegen van 28 naar 32 windturbines, met een gezamenlijk opgesteld vermogen van 84 MW. Dit is ongeveer 66% van de doelstelling. In de aankomende jaren, tot 2030, moet er nog 43 MW bijkomen om de doelstelling te halen.
1. Energiegebruik
2019 2020 2021 2022 2023
2024
2025 2030
In 2023 was het totale elektriciteitsverbruik van Amsterdam 19.132 TJ. De lokale opwek van elektriciteit met wind en zon was zo’n 1.288 TJ, daarmee werd 7% van het verbruik voorzien.
Het potentiële vermogen van zonnepanelen kwam in Q3 van 2024 uit op de 322 megawattpiek (MWp). Het doel om in 2025 350 MWp aan opgesteld vermogen te halen is dus in zicht. Om het doel van 2030 te halen, moet het vermogen jaarlijks met gemiddeld 38 MWp toenemen. Om het doel van 2040 te halen (1.100 MWp) moet er vanaf 2030 jaarlijks nog 55 MWp bij.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
38
Maximaal benutten van zonne-energie Doelen • In 2025 willen we 350 MWp aan opgesteld vermogen zonne-energie in Amsterdam. • In 2030 willen we minimaal de helft van de totale potentie op Amsterdamse daken benutten voor het opwekken van zonneenergie, oftewel 550 MWp (520 GWh) geïnstalleerd vermogen. • Voor 2040 is de ambitie dat op 100 procent van alle geschikte daken zonne-energie wordt opgewekt (1.100 MWp). • In 2030 zijn alle geschikte daken van gemeen telijke panden met zonnepanelen belegd. De opwekpotentie is ten minste 19 MWp opgesteld vermogen in 2030.
Aanpak • Programma Zon richt zich naast de kwantita tieve doelstellingen voor zonne-energie ook op het stimuleren van kwalitatieve aspecten zoals het stimuleren van duurzame en circulaire materialen, hergebruik en ongelijk investeren in gelijke kansen. • De gemeente Amsterdam heeft een actief stimuleringsprogramma en aanbod voor grote en middelgrote daken vanaf 100m2. Onder andere in samenwerking met het havenbedrijf bieden we bedrijven/grote dakeigenaren zonadviezen, begeleiding, financierings mogelijkheden en subsidie (voor duurzame en lichtgewicht PV).
1. Energiegebruik
• Samen met het Rijk, provincie en andere gemeenten, benutten we mogelijkheden voor realisatie van zonne-energie langs Rijkssnelwegen en infrastructuur. Ook onderzoeken we de mogelijkheden voor het benutten van gemeentelijke geluidsschermen. • De gemeente pakt een actieve rol in de realisatie van zon op parkeerlocaties en daken van woningcorporaties. Daarbij wordt ook gekeken naar samenwerking met energiecoöperaties. • Verder ondersteunt en begeleidt de gemeente zonprojecten op scholen, bedrij venterreinen, VvE’s, erfgoed, en sportdaken. • Gemeente Amsterdam werkt met partners samen binnen het project FAIR PV waarin een circulair zonnepaneel met product paspoort wordt getest.
Voortgang • In Amsterdam Noord is een pilot voor het verruimen van de mogelijkheden voor zonne panelen op beschermd stadsgezicht afgerond. In de gehele stad is het nu eenvoudiger om een vergunning voor zonnepanelen aan te vragen en te krijgen, ook bij monumenten en beschermde stadsgezichten. Zo kunnen ook daken die zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte worden benut binnen beschermde stadsgezichten en worden zonnepanelen op platte daken vergunning vrij. • In Augustus 2024 is de nieuwe Amsterdamse subsidie Duurzame Zonnepanelen live gegaan. Met deze subsidie wil de gemeente het gebruik van duurzaam geproduceerde en lichtgewicht zonnepanelen stimuleren.
2. Energie-infrastructuur
• Het opgesteld vermogen van zonnepanelen op gemeentelijke panden is over de afgelopen jaren toegenomen en in 2024 zo’n 6 MWp. Dat betekent dat ongeveer een derde van de doelstelling voor 2030 tot nu toe gerealiseerd is.
Doorkijk 2025 • In 2025 wordt er een programma zon onder de omgevingswet opgesteld waarin beleid wordt geborgd. • Er wordt invulling gegeven aan ongelijk investeren in gelijke kansen door het oprichten van een energiebank Zon. • In 2025 wordt vervolg gegeven aan de opbrengsten uit het CircuLaw traject door stimuleren van duurzame en circulaire zonneenergie door middel van een juridisch- en beleidsinstrumentarium. • Op Strandeiland begint coöperatie GOED aan de bouw van een tijdelijke zonneweide die 13 jaar groene energie gaat leveren. • De gemeente start met de aanbesteding voor een drijvend zonnepark bij het Buiteneiland.
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Aandachtspunten • Onduidelijk en versoberd rijksbeleid voor zonne-energie (bijvoorbeeld afschaffen salderen zonder alternatief en terugleverkosten). • Onvoldoend stevige constructies bij veel grote daken. • Nog veel niet-duurzame zonnepanelen op de markt.
Het aantal zonnepanelen in Amsterdam neemt de laatste jaren sterk toe. We blijven daken benutten en werken steeds meer aan zonprojecten op parkeerlocaties en langs rijkswegen.
Uitvoering Energietransitie
39
Uitgelicht A-Master
Muziek van de zon: Muziekcentrum krijgt zonnepanelen cadeau Op het dak van Aslan muziekcentrum in Amsterdam West liggen 40 zonnepanelen. Aslan geeft al sinds 1997 in heel Amsterdam muziek-, dans- en theaterlessen waarin tonen en tradities uit alle windstreken klinken.
Aslan Muziekcentrum
Iedere week krijgen 16.000 Amsterdammers een les die door Aslan verzorgd wordt. De elektrische instrumenten draaien op de panelen die sinds kort op het dak liggen. Met de panelen wordt zo'n 8% van hun elektriciteit opgewekt. Van klassiek viool tot elektrische saz en van kleuterpercussie tot toneelimprovisatie. Aslan Muziekcentrum vindt dat muziek grenzeloos is. Door je te verdiepen in elkaars muziek zul je elkaar beter begrijpen ook als je minder van elkaars cultuur of achtergrond kent. Je danst hier
niet alleen in harmonie, je leeft ook meer in harmonie. Muziek is een prachtige manier om elkaar beter te leren kennen.
Muziek uit de zon: Een cadeau voor maatschappelijke organisaties
De panden waar Aslan lessen geeft zijn eigendom van de Gemeente Amsterdam. De 40 zonnepanelen zijn een jubileumcadeau van partners van Amsterdam750, omdat de stad dit jaar 750 jaar bestaat. Deze zonnepanelen worden op de daken gelegd van tientallen gebouwen met een maatschappelijke functie, in eigendom van Gemeente Amsterdam. De opbrengsten van de zonne-energie worden door de maatschappelijke organisaties doorgegeven aan Amsterdammers. Dit kan bijvoorbeeld zijn in de vorm van een stadspaskorting bij toegangskaarten of lidmaatschappen.
1. 1.Samenvatting Energiegebruik 2. Doelen 2. Energie-infrastructuur voor 2030 en 2050
Duurzame energiebronnen Bijlagen 3.3. Energiegebruik 4. Energie-infrastructuur
Uitvoering Energietransitie
40
Optimaal benutten van windenergie Doelen
Voortgang
• In 2030 willen we op Amsterdams grond gebied 127 megawatt (MW) opgesteld vermogen aan windenergie gerealiseerd hebben.
• In mei werd het ontwerp van het Programma Windenergie Amsterdam (PWA) en het plan-milieueffectrapport (MER) openbaar. Er zijn adviezen ontvangen van Stedelijke Adviesgroep RES Amsterdam (SARA) en de stadsdeelbesturen. Ook zijn er participatie bijeenkomsten georganiseerd, en zijn er ruim 2100 zienswijzen ontvangen. • Op basis van de informatie in het plan-MER, de zienswijzen en de afweging in het PWA, zijn er vier gebieden aangewezen voor windenergie. • Het Havengebied ten westen van de A10 wordt aangewezen als versnellingsgebied onder de Renewable Energy Directive III (REDIII). Het PWA beschrijft een sterke voorkeur om de windopgave zoveel mogelijk in het havengebied te realiseren vanwege breed maatschappelijk draagvlak en de naar verwachting beperkte milieueffecten. • De bouw van 4 windturbines met een capaciteit van 9 MW op het terrein van de rioolwaterzuivering in Amsterdam-West is afgerond.
Aanpak • De gemeente neemt de regie bij de ontwikkeling van windenenergie. Zij brengt partijen samen, wisselt informatie uit, en maakt afspraken om te komen tot een juridisch-planologisch kader, ruimtelijke inpassing en participatie. • In de visie van het college op het ontwikkelen van windprojecten, spelen lokale energie gemeenschappen, een centrale rol. De gemeente streeft naar 100% lokaal eigendom van windprojecten. Het college werkt samen met energie coöperaties en doet onderzoek naar mogelijkheden voor publiek-civiele samenwerking. Zo wordt er gewerkt aan een Energiediensten-organisatie (EDO) die bewonersinitiatieven kan ondersteunen en helpen professionaliseren. • De gemeente Amsterdam trekt op met lokale energiecoöperaties voor de realisatie van windmolens bij de Noorder IJ-plas. De Provinciale Staten heeft de bouw van 3 turbines niet goedgekeurd. De gemeente tekent hiertegen beroep aan. Tegelijk wordt een vergunningaanvraag voor 1 turbine bij de Noorder IJ-Plas behandeld door de gemeente.
1. Energiegebruik
• De gemeente neemt in de gebieden in Zuidoost initiatief om de verkenningsfase te starten. Er worden voor deze gebieden geen onomkeerbare besluiten genomen totdat meer duidelijk is over het verwachte opgestelde vermogen in het Havengebied en de Noorder IJ-plas.
Aandachtspunten • Afweging tussen windenergie en andere ‘ruimtevragers’ in het Havengebied. • Hoogtebeperkingen door LIB Schiphol vormen obstakel. • Vormgeven financiële participatie en lokaal eigendom met coöperaties. • In werking treden nieuwe landelijke wetgeving eind 2025.
We willen voor 2030 genoeg windenergie realiseren om circa 145.000 huishoudens te kunnen voorzien van energie.
Doorkijk 2025 • Begin 2025 is het Programma Windenergie Amsterdam 2030 definitief vastgesteld. • Port of Amsterdam onderzoekt kansrijke locaties voor windturbines in het haven gebied. Samen met de gemeente wordt onderzocht of de hoogtebeperkingen van het Luchthavenindelingbesluit (LIB) aangepast kunnen worden voor hogere windturbines.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
41
Bijlagen
Bijlagen
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
42
Bijlagen
Toelichting energiestromendiagram Het energienetwerk is nationaal en zelfs internationaal verbonden. Op het energienetwerk wordt geen onderscheid gemaakt tussen hernieuwbare en fossiele energie. Het toekennen van hernieuwbaar opgewekte energie aan bepaalde gebruikers is daardoor een boekhoudkundige keuze. Afval Op basis van de beschikbare informatie is geschat hoeveel warmte en elektriciteit is opgewekt bij de centrales van de AEB en Orgaworld. Het warmte wordt gebruikt voor het warmtenet in Amsterdam, en wordt daar aan toe gekend. De elektriciteit wordt ook aan de gemeente Amsterdam toegekend, hoewel het op het nationale elektriciteitsnet wordt ingevoerd. Een deel van het afval, zoals papier of GFT, heeft een hernieuwbare oorsprong. Omwille van simpele weergave is gekozen om dit hernieuwbare deel niet los weer te geven.
Stadswarmte Een deel van de stadswarmte wordt opgewekt uit afvalstromen. Een klein deel wordt opgewekt door de verbranding van biomassa door de AEB. De resterende warmte wordt opgewekt uit gas in de Diemen energiecentrale en in de hulpwarmtecentrales.
Elektriciteit Voor het percentage elektriciteit uit hernieuwbare bronnen is het landelijk percentage gebruikt. Het resterende deel,
1. Energiegebruik
min de elektriciteit uit afval, is toegekend aan opwek uit aardgas. In de praktijk komt elektriciteit ook nog uit andere bronnen, zoals kolen, kernenergie, en biomassa, maar het aandeel van deze bronnen samen is ongeveer gelijk aan wat er in Amsterdam aan elektriciteit uit afval wordt opgewekt. Voor dit indicatieve stromendiagram is de keuze gemaakt om deze andere bronnen weg te laten.
Voertuigbrandstoffen Om hernieuwbare energie toe te kennen aan verkeer en vervoer wordt gebruik gemaakt van het landelijk percentage. Dit percentage is gebaseerd op berekende Hernieuwbare Brandstof Eenheden (HBE’s) die zowel bijgemengde biobrandstoffen als het elektrisch laden van voertuigen omvatten. Bij het elektrisch laden gaat dit om privé-laadpunten van bijvoorbeeld bedrijven waarbij laadsessies worden geregistreerd. Elektrisch laden door huishoudens valt onder elektriciteitsgebruik voor de gebouwde omgeving. Voor semi(publieke) laadpunten is data beschikbaar, maar dit is vanwege de kleine hoeveelheid energie weggelaten.
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
43
Bijlagen
Toelichting cijfers elektriciteitsverbruik Voor het elektriciteitsverbruik van Industrie in TJ is in de klimaatmonitor alleen data voor 2020 zichtbaar. De hoeveelheid in kWh gebruikt door industrie (alleen SBI-code C, een kleinere scope dan alle industrie) is beschikbaar voor 2019, 2020, en 2023. Deze waardes zijn gebruikt om het elektriciteitsverbruik voor Industrie in TJ te schatten. Voor de waardes voor 2021 en 2022 is lineaire interpolatie tussen de bekende waardes van 2020 en 2023 gebruikt. Het elektriciteitsverbruik van de gebouwde omgeving is geschat door de waarde uit de klimaatmonitor voor 2022 te schalen op basis van het standaardjaarverbruik voor 2022 en 2023 geleverd door Liander.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
44
Bijlagen
Toelichting cijfers aardgasverbruik Ten opzichte van de monitor van vorig jaar is december in plaats van september als referentie genomen voor een nauwkeurigere weergave van het standaardjaarverbruik. Daarnaast is het standaardjaarverbruik van grootverbruikers nu beschikbaar op gemeenteniveau, inclusief gasmiljonairs (verbruik >1 miljoen m³ per jaar). Door methodische verschillen wijken de cijfers in deze monitor af van die in de Regionale Klimaatmonitor (Rijksoverheid/CBS). Liander data is exclusief energieproducenten en grote industrie, omdat zij op het netwerk van TenneT zijn aangesloten. Bovendien onderscheidt de Regionale Klimaatmonitor woningen van bedrijven en instellingen, terwijl Liander grooten kleinverbruikers hanteert. Voor het gasverbruik van Industrie in TJ is in de klimaatmonitor van CBS data tot 2022 beschikbaar. Wel is het verbruik in m3 beschikbaar. De hoeveelheid energie per m3 verschilt per jaar. Het aantal TJ in 2023 is berekend op basis van het bekende aantal m3 en de energie per m3 uit 2022. Het gasverbruik van de gebouwde omgeving is geschat door de waarde uit de klimaatmonitor voor 2022 te schalen op basis van het standaardjaarverbruik voor 2022 en 2023 geleverd door Liander.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
45
Bijlagen
Toelichting cijfers aardgasvrij De aantallen gasverwijderingen liggen lager dan de aantallen die we in 2024 hebben gemeten. De verklaring van Liander hiervoor is da er een verbetering doorgevoerd is in de identificatie van centrale voorzieningen die een gebouw met meerdere adressen voeden. Een individuele klant kan zijn gasaansluiting laten verwijderen. Echter als er een centrale voorziening aanwezig is, wordt de woning nog wel verwarmd met gas en mag dan niet meetellen. Hierdoor is het aantal energietransitie gedreven gasverwijderingen gereduceerd.
1. Energiegebruik
2. Energie-infrastructuur
3. Duurzame energiebronnen
Bijlagen
Uitvoering Energietransitie
46
Colofon Monitor Uitvoering Energietransitie 2025
Fotografie Beeldbank Gemeente Amsterdam Ontwerp Ontwerpwerk
ONT2025047
Opdrachtgever Gemeente Amsterdam Energie voor de Stad