Bijlage 5 Inpassingsonderzoek Erotisch Centrum negen locaties (8 december 2022).pdf
Tekst van het document
P+R Noord
Het EC is inpasbaar, maar gaat ten koste van de P+R functie (221 plekken), waar geen alternatief voor is. Goed bereikbaar met ov, gelegen aan multimodaal knooppunt. Vanaf de metro voor voetgangers en fietsers alleen per tunneltje bereikbaar (’s nachts afgesloten). Locatie heeft geen verblijfskwaliteit (nu en in de toekomst) en staat op zichzelf. Programmatisch aansluiting bij nabijgelegen hoogstedelijk gebied (Buikslotermeerplein e.o.) wordt belemmerd door infrastructurele barrière. Sociaal-maatschappelijk heeft dit gebied geringe draagkracht om deze functie aan te kunnen. Het risico op negatieve impact op buurt, bewoners en bepaalde kwetsbare groepen wordt hoog ingeschat. Gezien de aanwezige problematiek rondom metrostation Noord ligt vestiging van het EC voor de Politie niet voor hand.
72
3.2 Ruimtelijk
3.3 Sociaal
Uit het ruimtelijk onderzoek blijkt dat De Groene Zoom, de Europaboulevard, de Johan Cruijff Boulevard, de NDSMpier en Docklandsplot de meest kansrijke locaties zijn qua ruimtelijke inpasbaarheid. Het is in een verdichtende stad nergens eenvoudig, maar op deze plekken kan het gebouw ruimtelijk ingepast worden. Een Erotisch Centrum sluit op deze locaties redelijk tot goed aan bij de huidige c.q. geplande stedelijke functies/programma in de omgeving (bij de NDSM-werf is er aansluiting op horeca en evenementen, maar kan het EC impact hebben op de culturele vrijplaats). De twee locaties in Zuid en in ArenAPoort zijn goed multimodaal bereikbaar, NDSMwerf is alleen bereikbaar met pont en bus.
Uit het onderzoek van O&S naar de sociaalmaatschappelijke impact van de komst van het EC op de buurt en de omgeving blijkt dat de impact in de gebieden ArenAPoort, Sloterdijk II Zuid en het gebied rondom Station Noord en NDSM-werf relatief hoger is vergeleken met de impact in gebied Zuid/RAI. NDSMwerf scoort daarbij wel gemiddeld als het gaat om impact op de buurt. De impact op bewoners bij gebied Zuid/RAI is gemiddeld, de impact op de buurt en minder kwetsbare jongeren lager. Het onderzoek van O&S en advies Politie Eenheid Amsterdam betreft het hele gebied ArenAPoort. De locaties uit de inpassingsstudie (Johan Cruijff Boulevard en De Entree) liggen in ArenAPoort West, dat gekenmerkt wordt als uitgaansgebied met grootstedelijke functies.
Aan de Rhoneweg zijn de mogelijkheden voor de gebiedsontwikkeling beperkt als gevolg van een gevaarlijke stoffen-route (externe veiligheid, consequenties voor het groepsrisico), waarbij geldt dat het voor een belangrijk deel bedrijvengebied zal blijven. Maar er is ook de nodige ontwikkeling naar gemengd stedelijk gebied met (leisure)functies aan de zijde van Station Sloterdijk en een enkele ontwikkeling aan de kant van de Rhoneweg. De P+R-locatie in Noord is weliswaar goed bereikbaar per openbaar vervoer, maar de programmatische aansluiting is beperkt door de grote infrastructurele barrière. Tevens heeft de plek geen verblijfskwaliteit (nu en in de toekomst) en is er geen compensatie/ alternatieve plek voor de P+R. Minder kansrijk zijn het Westelijk Ontwikkelveld Kenniskwartier en De Entree. Inpassing van een EC doet afbreuk aan de kwaliteit van de leefomgeving, zo dicht bij de woningen.
De politie heeft daar politie-informatie aan toegevoegd inzake het beeld per gebied qua prevalentie van overlast- en veiligheidsincidenten, ondermijnende activiteiten/netwerken, jeugdproblematiek en drugshandel. Gebieden met een hoge prevalentie zijn in de visie van de politie kwetsbaarder dan gebieden met een lage prevalentie. Dit levert het volgende advies op, oplopend van minst ongewenst tot meest ongewenst. • De locaties in de gebieden Zuid/RAI (Westelijk Ontwikkelveld Kenniskwartier, De Groene Zoom en Europaboulevard) en NDSM (NDSM-pier en Docklandsplot) is gemiddelde prevalentie op voormelde factoren. • Voor de locatie P+R Noord geldt een hoge prevalentie. • Voor de locaties in de gebieden ArenAPoort (Johan Cruijff Boulevard en De Entree) en Sloterdijk 2 Zuid geldt een zeer hoge prevalentie.
73