Bijlage 5. DPO Voorzieningen Nieuw West Amsterdam_20241212.pdf
Tekst van het document
gen de effecten van het initiatief niet onaanvaardbaar zijn voor de
voorzien in de behoefte. Eventuele uitbreiding van de winkelruimte
reca hangt vaak af van de plek, de ondernemer en het concept.
leegstand. De kwalitatieve behoefte is dan leidend10.
is gewenst gezien de marktruimte. Om enige spreiding te behouden
Goede daghoreca, zoals een lunchroom of koffiezaak draagt ook bij
blijft het behoud van doelgericht winkelaanbod in de drie 'hoeken'
aan lokaal ontmoeten en geeft levendigheid in wijken. Het zijn ont-
2. Bewaak de balans in de hoofdstructuur en hiërarchie. Substanti-
van Nieuw-West met een PDV-cluster belangrijk. Dus Westpoort,
moetingsplekken. Dit geldt voor zowel buurt- als wijkcentra. Solitaire
ele uitbreiding moet plaatsvinden binnen het profiel en samenstel-
Koopcentrum Akerpoort én de hoek Anthony Fokkerweg / Schin-
horeca dient echter, vergelijkbaar met detailhandel, zoveel mogelijk
ling van de verzorgingsfunctie en het type centrum (zie figuur 20).
kelkwartier. Waar precies in deze hoek is onderdeel van discus-
voorkomen te worden om combinatiebezoek met winkels, leisure en
Dit betekent dat wijkcentra in principe niet meer dan twee reguliere
sie/planvorming. Dit kan eventueel gekoppeld worden aan het
diensten te stimuleren.
supermarkten kunnen hebben, omdat anders een wijkoverstijgende
nieuwe wijkcentrum, maar kan ook een ‘los’ perifeer cluster zijn, zo-
functie ontstaat met negatieve effecten op andere voorzieningen-
als nu ook al het geval is. Concentratie van doelgericht winkelaan-
clusters als gevolg. Dit is alleen aan de orde bij Osdorpplein en
bod zou uitgangspunt moeten zijn. Wel dient aandacht te blijven
plein, Plein 40-45 en nieuw centrum Sloterdijk. Deze centra zijn
Plein 45-45. Buurtcentra hebben naar onze mening in de regel één
voor de branchering van deze clusters. De gemeente Amsterdam
immers ingericht op een wijkoverstijgende functie en hebben die rol
reguliere supermarkt. De definities in de figuur ‘piramide van bood-
stuurt momenteel op de branchering in deze gebieden om de com-
in de voorzieningenstructuur. Wel is maatwerk denkbaar voor lei-
schappen doen’ kan mogelijk bijdragen aan deze uitgangspunten.
plementariteit met de reguliere centrumgebieden te borgen (PDV en
sure in relatie specifieke gebieden en/of doelgroepen, zoals de Slo-
De wijze waarom ‘supermarkten’ worden gereguleerd wisselt mo-
GDV). Dit blijft belangrijk. Niet al het doelgerichte winkelaanbod is
terplas en watersport/recreatie. Leisure vraagt vaak ook om veel
menteel nogal per bestemmingsplan. Eenduidige regulering op defi-
daardoor wat betreft uitbreiding wenselijk op deze plekken. Ons ad-
meters tegen een lagere huurprijs. Leisure functies worden vaak
nities en maatvoering van ‘supermarkten’ in het omgevingsplan bin-
vies is, in het verlengde van het gemeentelijk detailhandelsbeleid,
doelgericht bezocht en kunnen daardoor ook op verdieping functio-
nen de gemeente Amsterdam is aan te bevelen.
om bij uitbreiding vooral te focussen op ‘klassiek PDV’, oftewel de-
neren tegen een lagere huurprijs. Grootschalige leisure kan eventu-
deze winkels). 5. Marktruimte voor horeca tot 2030 en tot 2040 kan meer ver-
6. Wijkoverstijgende diensten en leisure concentreren in Osdorp-
tailhandel in ‘volumineuze goederen’. Dit komt in de praktijk neer op
10
Uitspraak ABRvS inzake Alphen aan den Rijn, ECLI:NL:RVS:2018:3283, punt 4.7.
DPO voorzieningenstudie Amsterdam Nieuw-West
59
eel ook worden toegevoegd op de perifere concentraties. Ook diensten kunnen in een fijnmazige structuur goed functioneren, omdat
dan gedacht worden aan één moderne supermarkt en enkele overige voorzieningen. Per centrum totaal circa 5.000 m² bvo.
structuur blijven nieuwe wijkcentra in deze gebieden ondergeschikt aan het hoofdcentrum van Nieuw West, namelijk het Osdorpplein.
ze vaak een hele lokale verzorgingsfunctie hebben en doelgericht worden bezocht. Denk aan kappers en sportscholen. 7. Marktruimte voor dagelijks en recreatief winkelaanbod na 2030 tot 2024. Na 2030 tot 2040 vindt op basis van de huidige plannen nog substantiële bevolkingsgroei plaats in het Schinkelkwartier, Sloterdijk centrum en Osdorp. De extra marktruimte voor dagelijks en recreatief winkelaanbod die ontstaat na 2030, dient dan ook zoveel mogelijk in deze gebieden te worden geconcentreerd. Afhankelijk van de woningbouw is het ook verstandig rond 2030 opnieuw te ijken of een extra voorzieningencluster nodig is. Het is lastig zo ver vooruit te kijken. De behoefte aan commerciële voorzieningen is immers sterk afhankelijk van de daadwerkelijke woningbouw.
Advies Schinkelkwartier De toevoeging van één wijkcentrum in het Schinkelkwartier zit in de bestaande plannen. Zowel kwantitatief als kwalitatief ligt er een behoefte om een wijkcentrum toe te voegen. Hier is ook voldoende marktruimte voor. Hier komen immers veel nieuwe inwoners te wonen. Advies is om tot 2030 in te zetten op één ‘wijkcentrum klein’, conform de branchering zoals opgenomen in de infographic in hoofdstuk 6. Gedacht wordt aan een totaal voorzieningenprogramma van circa 7.500 m² bvo (6.000 m² wvo), waaronder twee moderne supermarkten. Na 20230 kan dit wijkcentrum verder doorgroeien naar ‘wijkcentrum groot’, kortom met een ruimer aanbod en breder profiel, maximaal circa 10.000 m² bvo. Wel maximaal twee moderne supermarkten in het Schinkelkwartier. Het centrum groeit dan mee met de bevolkingsgroei. Een alternatief is dat voor de lange termijn wordt ingezet op twee kleinere voorzieningenclusters in het Schinkelkwartier, in plaats van één groot wijkcentrum. Voordeel is dat je niet één supercluster krijgt, waar ook de auto dominanter zal zijn, maar meer spreiding kunt bereiken. Dit is bevorderlijk voor fietsers en voetgangers en sluit beter aan bij de 10-minutenstadprincipes van de gemeente Amsterdam. Per cluster moet
Advies Sloterdijk-centrum (Stationskwartier) De extra marktruimte na 2030 tot 2040 komt ook grotendeels terecht in Sloterdijk centrum (Stationskwartier). Het Stationskwartier verdient net als het Schinkelkwartier een nieuw voorzieningencluster. In eerste instantie tot 2030 is het programma van een ‘buurtcentrum’ het meest passend, conform de branchering zoals opgenomen in de infographic in hoofdstuk 6. Dit betekent één moderne supermarkt en enkele buurtgerichte voorzieningen. Als de ambities met betrekking tot woningbouw daadwerkelijk worden gerealiseerd is een ‘wijkcentrum klein’ passend. Dit betekent, conform dezelfde randvoorwaarden als het Schinkelkwar-tier. Zoals ook is aangegeven in de plannen voor het Stationskwartier zijn wij ook kansen om het voorzieningenaanbod te voorzien van een extra ‘plusje’. Dit plusje kan dan gemotiveerd worden vanuit de bovenwijkse verzorgingsfunctie voor (toekomstige) inwoners in Haven-Stad. Uitgangspunt is dan wel dat de woningbouw in Haven-Stad ook daadwerkelijk gerealiseerd wordt, anders raakt het de overkoepelende verzorgingsfunctie van Centrum Nieuw-West (Osdorpplein). Het ‘plusje’ kan onder meer bestaan uit meer leisure, maatschappelijke voorzieningen en diensten.
Toekomstbestendige wijkcentra Nieuw-West kent ook een variëteit aan wijkcentra met een focus op dagelijkse boodschappen. De centra in de hoofdwinkelstructuur (Nieuw Sloten, Delflandplein, Sierplein, August Allebéplein, Lambertus Zijlplein en het ook bovenwijks functionerende Plein ’40-’45) met tenminste twee supermarkten kunnen ook in de periode tot 2035 hun functie blijven behouden. Wij adviseren deze zes centra in hun functie te bestendigen. Als de supermarkten te klein zijn dienen ze de mogelijkheid te krijgen het metrage te vergroten. Dit geldt voor het August Allebéplein, Sierplein, Belgiëplein, Lambertus Zijlplein en Delflandplein. Bij leegstand dient bij voorkeur gestimuleerd te worden om winkels vanuit de aanloopstraten naar de winkelpleinen te verplaatsen. De aanloopstraten zijn vooral geschikt voor maatschappelijke voorzieningen, dienstverlening, ambachten en wonen. Het meest centrale deel (het winkelplein) behoudt dan ruimte voor de commerciële wijkvoorzieningen: de supermarkt, de bakker, de drogist en horeca.
6.3
Toelichting hoofdstructuur
Plein ’40-’45 heeft een afwijkende statuur met een groter verzorgingsbe-
Osdorpplein als hoofdcentrum voor Nieuw West
reik (bovenwijks voor Geuzenveld-Slotermeer). Dit komt tot uitdrukking
Om het Osdorpplein nog meer als hoofdcentrum te kunnen laten functio-
in een bovengemiddeld aantal supermarkten (nu vier), veel aanbod in
neren zijn meerdere parallelle beleidsontwikkelingen aan te bevelen.
recreatief winkelen, en langere aanloopstraten naar het winkelplein toe
Enerzijds dient het Osdorpplein een nog bredere functiemix te krijgen.
(Burgemeester De Vlugtlaan en Slotermeerlaan). Door zijn massa en lig-
Hier zijn al goede stappen in gezet de laatste jaren, maar dit kan nóg
ging aan het water is hier enige horecatoevoeging kansrijk. Met ver-
beter. Denk aan meer leisure in relatie tot de Sloterplas. Anderzijds dient
nieuwde horeca beweegt het centrum zich verder richting een volwaar-
de publieksfunctie van de omliggende stadsstraten, zoals Osdorper
dig uitgaansalternatief voor de binnenstad.
Ban, Tussenmeer en Calandlaan Caleido niet verder te groeien om perspectief te geven voor het Osdorpplein als hét centrum van Nieuw West.
Het enige centrum in de hoofdwinkelstructuur dat niet is voorzien van
Opgemerkt moet worden dat een substantieel deel van de marktruimte
twee supermarkten, en daarmee in feite niet de verzorgingsfunctie heeft
in alle sectoren wordt toebedeeld aan het Schinkelkwartier en Sloterdijk
passend bij een ‘wijkcentrum klein’, is Dukaat. Ruimtelijk is toevoeging
centrum omdat hier de meeste nieuwe inwoners komen. In de totale
van een tweede supermarkt niet mogelijk. Opgave is primair het behoud van de blauwe zone voor de lange termijn en opwaardering openbare
DPO voorzieningenstudie Amsterdam Nieuw-West
60
ruimte (trottoir en parkeerplaats), door toevoeging van groen en terras-
Behouden en versterken perifere clusters
leegstaand pand (voormalige Praxis) en de ruimtelijke samenhang tus-
ruimte. Hiermee kan ook voorkomen worden dat het trottoir wordt ge-
Er ontstaat als gevolg van de woningbouw substantiële marktruimte voor
sen winkels is hier minder sterk. Wél is sprake van een duidelijke functi-
bruikt als fietspad, wat momenteel voor onveilige situaties zorgt.
doelgericht winkelaanbod. Deze marktruimte dient primair te worden in-
onele samenhang op het gebied van wonen en keukens met een Horn-
gezet op Koopcentrum Akerpoort, Westpoort en het perifere cluster in
bach als grote trekker. De bereikbaarheid is verbeterd door onder meer
Transformeren buurtcentra en stadsstraten
de hoek Anthony Fokkerweg / Schinkelkwartier. De bestaande bestem-
de aanleg van de A5. Verdere uitbreiding van het doelgerichte winkel-
Naast de voorzieningenclusters in de hoofdwinkelstructuur telt Nieuw-
mingsplannen kunnen hierin voorzien in de vorm van onbenutte planca-
aanbod is kansrijk, met name binnen het profiel ‘in/om het huis’. Hier-
West een relatief groot aantal kleinere concentraties winkelvoorzienin-
paciteit. Dit betekent enerzijds het belang van behoud van de bestaande
door kan ook de uitstraling van het gebied worden versterkt met idealiter
gen, namelijk het al genoemde Dijkgraafplein, het Confuciusplein, Os-
perifere clusters (dus geen transformatie naar wonen). Anderzijds dient
meer samenhang tussen het vastgoed. Dat Westpoort wat excentrisch
dorper Ban, Tussenmeer, Caleido, het zuidelijk deel van de Slotermeer-
gezicht te worden naar uitbreiding van deze concentraties, bijvoorbeeld
ligt voor het bevolkingspotentieel van Nieuw-West, is niet bezwaarlijk
laan en de Aalbersestraat. Dit zijn concentraties die momenteel onder-
door intensiever ruimtegebruik (op verdieping). Ook is het denkbaar dat
voor centra met voldoende kritische massa. Met zijn ligging kan het ook
deel zijn van de detailhandelsstructuur, maar zouden naar ons idee (en
de winkelgebieden ruimtelijk worden uitgebreid door een deel van het
profiteren van bevolkingspotentieel in (het westelijk deel van) stadsdeel
het advies van BSP in 2019) niet de beleidsmatige focus moeten heb-
omliggende bedrijventerrein erbij te pakken. Voorwaarden is dan wel dat
Noord (waar het PDV-aanbod geen ruimte heeft om zich te ontwikke-
ben. Ze zijn daardoor geen onderdeel van de hoofdstructuur. Substanti-
er sprake is van één duidelijk cluster met duidelijke samenhang en syn-
len), en op de lange termijn van Haven-Stad. Ook hier geldt dat eerst de
ele uitbreiding van de winkelfunctie is niet gewenst, maar in veel van de
ergiewerking. De bestaande onbenutte plancapaciteit dient eerst te wor-
bestaande onbenutte plancapaciteit moet worden benut voordat extra
genoemde concentraties hebben de huidige winkels wel bestaansrecht.
den benut, voordat nieuwe planologische meters worden toegevoegd.
planologische meters worden toegevoegd.
stand dicht bij de inwoners in de eigen buurt. In zowel Caleido, Dijk-
Koopcentrum Akerpoort (inclusief Bedrijvencentrum Osdorp) is een mo-
De solitair gelegen Gamma op de Aletta Jacobslaan kan in onze ogen
graafplein, de Slotermeerlaan en de Aalbersestraat is sprake van een
dern doelgericht en efficiënt winkelgebied en functioneert goed. De
het beste verplaatst worden naar het (nieuwe) perifere cluster in het
goed functionerende supermarkt, die grotendeels op eigen kracht functi-
branchering bestaat uit PDV als GDV. Uitbreiding van dit winkelgebied is
Schinkelkwartier. Hier zit momenteel ook de Praxis. Deze twee bouw-
oneert. Bestendiging van die functie ligt hier voor de hand, maar geen
gewenst, mits deze uitbreiding betrekking primair betrekking heeft op
markten kunnen prima bij elkaar zitten, om vervolgens als belangrijkste
verdere uitbreiding die het functioneren van de centra in de hoofdwinkel-
doelgericht winkelaanbod in de categorie in/om het huis en aansluit op
trekkers te functioneren voor een (nieuw) perifeer cluster. Tuincentrum
structuur negatief zou kunnen beïnvloeden.
klassiek PDV volgens het gemeentelijk detailhandelsbeleid. In de prak-
Osdorp is een solitaire winkel, maar heeft wel een belangrijke verzor-
tijk betekent dit vooral winkels in volumineuze goederen op het gebied
gingsfunctie vanwege de grootschalige omvang en trekkracht.
Ze voorzien primair in de dagelijkse boodschappen op loop- en fietsaf-
Voor de Osdorper Ban en Tussenmeer geldt dat deze clusters, beide op
van doe-het-zelf, tuin en woninginrichting. Ook zien wij kansen voor ver-
korte afstand van het Osdorpplein, sterk beïnvloed zullen worden door
sterking van Akerpoort met wijkoverstijgende leisure met ondersteu-
6.4
de ontwikkelingen aldaar. Transformatie van (een deel van) het winkel-
nende horeca, vanwege de ruimtebehoefte, dubbelgebruik en lagere
Parkeren en bereikbaarheid
aanbod naar andere functies ligt hier voor de hand. (Verdere) verkleu-
huurprijzen. Dit staat echter op gespannen voet met de wens om dit type
Het kiezen voor een ideale hoofdstructuur met wijkcentra (en geen
ring naar dienstverlening, werken, wonen of maatschappelijke functies
aanbod te concentreren in bijvoorbeeld Osdorpplein, Plein ’40-45 en
buurtcentra), betekent dat de randvoorwaarden voor deze centra op
hoort daarbij. Een gebied als het Confuciusplein ligt gunstig ten opzichte
Sloterdijk centrum. Bij actualisatie van het gemeentelijk beleid dient hier
orde moeten zijn. Eén van de belangrijkste randvoorwaarden zijn parke-
van de omliggende winkelpleinen. Voor alle centra binnen deze typering
een keuze in gemaakt te worden.
ren en bereikbaarheid. Gemak en efficiëntie zijn kernwoorden voor boodschappencentra. Dit geldt overigens ook voor perifere concentra-
geldt: sta een functiesprong niet toe en wees voorbereid op verkleuring naar andere functies dan winkels.
DPO voorzieningenstudie Amsterdam Nieuw-West
Randvoorwaarden hoofdstructuur
Woon- en Bouwcentrum (WBC) Westpoort is eveneens een goed functi-
ties en Osdorpplein. Makkelijk kunnen parkeren met de auto is rand-
onerend perifeer cluster, maar heeft nog te maken met één grootschalig
voorwaardelijk voor goed functionerend winkelaanbod. Door de wijk of
61
bovenwijkse aantrekkingskracht, is het aandeel autobezoekers ook gro-
bij aan de algehele aantrekkelijkheid van het centrum en gaat hittestress
ter. Mensen komen immers van verder weg. Bovendien is het autoge-
op warme dagen tegen.
bruik en bezit in Nieuw West een stuk groter dan elders in Amsterdam. Het gebruik van de auto is bovendien ook bovengemiddeld vanwege het
Ook in nieuwe gebiedsontwikkelingen dient nagedacht te worden over
hoge aandeel gezinnen met kinderen. Deze zijn relatief druk en doen
de mobiliteitsmix. Zeker grotere wijkcentra en/of wijkoverstijgende func-
daardoor graag de boodschappen één keer per week met de auto. Ui-
ties hebben een groter aandeel bezoekers die met de auto komen. Ui-
teraard is ook goed fietsparkeren van belang. Het bovenstaande staat
teraard is het een prima ambitie om te stimuleren dat mogelijk mensen
op gespannen voet met de ambities van de gemeente om meer in te
de fiets pakken of het OV gebruiken, maar zullen altijd mensen blijven
zetten op lopen, fietsen en OV. Ons advies is om bij planvorming reke-
die de auto gebruiken. Een ongunstige parkeersituatie kan er ook voor
ning te houden met alle mobiliteitsvormen in relatie tot het huidig be-
zorgen dat nieuwe concepten/formules zich niet willen vestigen, wat een
zoekgedrag en de verzorgingsgebieden, dus ook de auto.
verlies van kwaliteit en/of massa kan betekenen. Een goede mobiliteitsmix, mét aandacht voor parkeren is randvoorwaardelijk.
Veel wijkcentra in Nieuw West hebben te maken met grote opgaven op het gebied van parkeren. De vele woningen zetten extra druk op de par-
Kwaliteit openbare ruimte
keercapaciteit. In andere wijkcentra is de parkeercapaciteit meer op
In het verlengde van het bovenstaande kan de kwaliteit van de open-
orde, maar is het niet altijd gemakkelijk. Parkeergarages zijn voor con-
bare ruimte in veel wijkcentra ook beter. Hoewel er de laatste jaren is
sumenten vaak een drempel. Bovendien is het streven van de ge-
geïnvesteerd in veel centrumgebieden, blijven bepaalde centra duidelijk
meente Amsterdam betaald parkeren in te voeren en de stad autoluwer
achter in ruimtelijke uitstraling. Denk aan Dukaat, Sierplein en Delftland-
te maken. Opleggen van meer ‘drempels’ voor gemak en efficiëntie komt
plein. Meer groen en verblijfselementen, zoals terrassen, kunnen bijdra-
het functioneren van de wijkcentra in de hoofdstructuur niet ten goede.
gen aan de algehele aantrekkingskracht. Uiteraard mag dit niet ten
Aan de andere kant neemt de auto veel ruimte in beslag en zijn er ook
koste gaan van de gemaksfunctie en parkeercapaciteit.
vanuit andere belangen ruimteclaims, zoals voor wonen en vergroening. Er moet per wijkcentrum voldoende ruimte blijven voor consumenten om
Schoon, heel en veilig
de auto, idealiter gratis, te parkeren. Een instrument dat op sommige
Schoon, heel en veilig zijn aspecten die in elk centrum op orde zouden
plekken nu wordt ingezet is de blauwe zone. Behoud van deze blauwe
moeten zeker. Zeker in wijken die qua sociaaleconomische status zwak-
zone en/of eventuele uitbreiding hiervan in winkelgebieden in de hoofd-
ker zijn, vraagt dit vaak extra aandacht. Een net en modern centrum
structuur wordt aanbevolen. Het fietsparkeren kan op veel plekken be-
draagt bovendien bij aan een veiligere wijk en betere sociaal-maat-
ter. Denk aan betere en meer fietsnietjes en meer concentratie. Ook
schappelijke kansen.
stalling van elektrische fietsen, fatbikes, kratfietsen en bakfietsen vraagt meer aandacht. De kwaliteit van parkeervoorzieningen kan ook beter. Veel parkeerplaatsen zijn stenig en onveilig. Door toevoeging van meer groen kan de capaciteit op peil blijven, maar wordt het aanzicht minder stenig. Dit draagt
DPO voorzieningenstudie Amsterdam Nieuw-West
62
Amsterdam Nachtwachtlaan 20 1088 EA Amsterdam +31 (0)20 506 19 99
‘s-Hertogenbosch Willemsplein 2 5211 AK ’s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55
Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl DPO voorzieningenstudie Amsterdam Nieuw-West
63