CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Stedenbouwkundige Visie EGW.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 3 februari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennis te nemen van het Projectbesluit Entreegebied Gulden Winckel (ZD2020-014926)37.701 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

10.

Externe veiligheid

Externe veiligheid heeft betrekking op de risico's van gevaarlijke activiteiten voor de omgeving. AVIV heeft d.d. 6 september 2019 een onderzoek Externe veiligheid uitgevoerd met de volgende onderzoeksresultaten:

Het Entreegebied Gulden Winckel is een plek met een forse milieubelasting (geluidsbelasting en luchtkwaliteit) van de A10 en Haarlemmerweg. Dit maakt het vanuit gezondheidskundig oogpunt geen ideale plek voor woningbouw. De toekomstige woningen hebben een hoge milieubelasting.

1. Plaatsgebonden risico Alleen op de N200 is er sprake van een PR 10-6 contour op een afstand van 15 m van de as van de weg. Het plangebied ligt buiten deze contour. Het plaatsgebonden risico vormt daarom geen belemmering voor de ontwikkeling.

Als er dan tóch woningbouw ontwikkeld moet gaan worden, dan stellen zowel de GGD als de ODNZKG dat er naar aangepaste bouwvormen gezocht gaan worden. Nu de nieuwbouw is gepland in een strook langs de A10, biedt dit kansen om de A10 volledig af te schermen, wat het akoestisch klimaat erachter ten gunste komt en ook beter is voor de luchtkwaliteit. Ze bevelen aan om een gesloten wand te maken dan wel op zoek te gaan naar alternatieve oplossingen. Het nadrukkelijke advies is om woningen te voorzien van een stille zijde conform het Amsterdams Geluidbeleid en woningen met een tweezijdige oriëntatie, zodat de bewoners ook een aangename zijde bij de woningen hebben. De zijde die niet aan A10 is

2. Groepsrisico Het groepsrisico is berekend voor twee routes: de Rijksweg A10 en de Rijksweg A10 vervolgd over een mogelijke bevoorradingsroute voor een LPG-tankstation aan de Van Slingelandtstraat.

80

Het groepsrisico van beide routes is in zowel de huidige als de toekomstige situatie bijna zeven keer groter dan de oriëntatiewaarde. In de toekomstige situatie neemt het groepsrisico van de route over de A10 toe met ongeveer 2%. Het groepsrisico van de route naar het LPG-

tankstation blijft gelijk. Omdat er sprake is van een overschrijding van de oriëntatiewaarde dient het groepsrisico te worden verantwoord. Ook dient het bestuur van de veiligheidsregio in de gelegenheid te worden gesteld om advies uit te brengen. In de toelichting bij het besluit wat in een later fase genomen zal moeten worden in het kader van externe veiligheid,dient in elk geval in te worden gegaan op de mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp en de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen indien een ramp zich voordoet. 3. Plasbrandaandachtsgebied Voor zowel de A10-West als de N200 geldt een plasbrandaandachtsgebied (PAG) van 30 meter. De plangrens ligt op ongeveer 28 m en daarmee is er een minimale overlap van het PAG met het plangebied. Indien de nieuwe bebouwing binnen het plangebied niet precies op de plangrens wordt opgericht maar op iets grotere afstand van de A10-West, vormt het plasbrandaandachtsgebied geen belemmering voor het plan. Advies van OD NZKG: Het rapport van AVIV is voorgelegd aan de OD NZKG. De OD geeft aan dat het rapport voor deze fase van het plan voldoende informatie biedt en er voor nu geen aanvullend onderzoek nodig is.

Conclusie Geen belemmeringen voor verdere planontwikkeling. De benoemde aandachtspunten zullen in de besluitvorming geduid worden en meegenomen worden in de volgende planfase. De ontwikkelaars zijn geïnformeerd over de gevolgen voor onder andere het ontwerpen van de woongebouwen.

11.

Luchthavenindelingsbesluit

Met het Luchthavenindelingbesluit (LIB) wordt de vliegveiligheid rondom Schiphol geborgd. Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen dienen de toetshoogtes uit het LIB in acht te nemen. Het projectgebied ligt binnen het beperkingengebied van het LIB. Op grond van de ‘Maatgevende kaart toetshoogtes’ geldt een maximum bouwhoogte van 134 – 145 meter t.o.v. NAP. Conclusie Geen belemmeringen voor verdere planontwikkeling.

Verantwoording (groeps)risico’s in relatie tot besluitvorming Er is uiteindelijk nog een advies van de Veiligheidsregio nodig over zelfredzaamheid en hulpverlening. En door de zeer hoge (en licht toenemende) groepsrisico’s zal Amsterdam moeten afwijken van haar eigen beleid dat stelt dat groepsrisico’s niet mogen toenemen (tot) boven de oriëntatiewaarde. Dat vraagt dus om een goede bestuurlijke verantwoording en daar kan het beste in deze fase al aandacht voor worden gevraagd. Met maatregelen kan de veiligheid mogelijk nog worden verbeterd. Desalniettemin is het belangrijk nu al rekening te houden dat op deze locatie de groepsrisico’s zeer hoog zijn en nog iets zullen toenemen, zodat dit in de uitwerking van de plannen meteen meegenomen kan worden. Inspelen op Omgevingswet Binnen de kaders van de Omgevingswet (en het bijbehorende Bkl) wordt de hoogte van de groepsrisico’s niet meer als een norm beschouwd, maar gaat de aandacht vooral uit naar het voldoende beschermen van mensen binnenshuis. Dat kan door fysieke maatregelen aan de (nieuwe) gebouwen te treffen, waardoor ze bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen een plasbrand of een LPG-explosie. DE OD NZKG adviseert om in het overleg met de Veiligheidsregio na te gaan of dergelijke maatregelen op deze locatie zinvol zijn.

Dat kan een oplossing zijn om de veiligheidssituatie – ondanks de hoge groepsrisico’s – toch verantwoord te vinden. 81

12.

Beheersgrenzen A10-West Rijkswaterstaat

Voor Rijkswaterstaat zijn de lijnen in het kader van de Wet beheer Rijkswaterstaatwerken (wbR) belangrijk. Indien er ontwikkeld gaat worden binnen deze roodbruine grenzen (zie kaart hieronder), dan dient er een vergunning aangevraagd te worden. Daar valt het verleggen van kabels en leidingen ook onder. Vinden de ontwikkelingen buiten deze grenzen plaats dan is dat niet nodig. Uit de kaart hieronder blijkt in ieder geval dat er voor de ontwikkeling van Eigen Haard sowieso een vergunning in het kader van de wbR aangevraagd dient te worden.

Conclusie Geen belemmeringen voor verdere planontwikkeling. In de volgende planfase wordt nader op dit aspect ingezoomd worden.

82

83

datum 9 november 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9663750/1