bijlage 2 NvB Inspraakreacties def 02112021.docx
Tekst van het document
- Daarnaast is de ontwerpopgave rondom de nieuwe entree bij de Johan Huizingalaan gekoppeld aan de verlenging van het Christoffel Plantijnpad en is duidelijker verwoord dat er sprake is van een ontwerpopgave en dat keuzes in een later stadium worden bepaald op basis van de resultaten van de uitwerking van die ontwerpopgave. De andere punten worden niet overgenomen.
4.2.2 Toegangswegen vanuit Nieuw-West De route vanuit Nieuw-West via de Anderlechtlaan naar De Oeverlanden is onveilig. Welke verbeteringen worden er voorgesteld? Inspraakreacties: 1017, 1027, 1035 Zie ook de vorige paragraaf. In verschillende inspraakreacties wordt specifiek aandacht en verbetering gevraagd naar de veiligheid van de Anderlechtlaan als toegangsroute naar De Oeverlanden. Er is tussen de Sloterweg en De Oeverlanden geen voetpad, de oversteekbaarheid bij de rotonde met de Sloterweg en bij de op- en afritten A4 wordt als gevaarlijk geduid en de breedte en de kwaliteit van het fietspad ter hoogte van het energiestation is onder de maat. Dit punt wordt onderschreven en daardoor overgenomen in de definitieve ontwikkelstrategie, waarbij wordt voorgesteld eerst een verkeersonderzoek te doen om beter in beeld te krijgen wat de opgaven zijn en welke oplossingsrichtingen wenselijk en haalbaar. In de periode waarin er nog geen verbeteringen aan de Anderlechtlaan mogelijk zijn, worden voor het langzaam verkeer de routes langs de Ringvaart en via het Christoffel Plantijnpad nadrukkelijker als toegangsroute naar De Oeverlanden aangeduid. Dit idee wordt doorgegeven aan de verantwoordelijke directies en stadsdeel Nieuw-West. Wijzigingsvoorstel en meenemen in uitvoering
4.2.3 Prettig wandel- en verblijfsgebied Hoe wordt ervoor gezorgd dat fietsers in De Oeverlanden niet de overhand krijgen en het een prettig wandel- en verblijfgebied blijft? Inspraakreacties: 1006, 1017
19
De bedoeling van het voorstel om aan de rand van De Oeverlanden een snelfietspad te creëren van de Zuidas naar Schiphol is het toenemende doorgaande fietsverkeer langs het gebied te geleiden in plaats van erdoorheen. Met een verbreed pad dat overzichtelijk is ingericht kunnen er meer fietsers gebruik van maken en wordt duidelijkheid gecreëerd op nu nog vaak onduidelijke kruispunten. Langsparkeren wordt zoveel mogelijk vermeden langs deze route. Daarnaast staan er in de ontwikkelstrategie voorstellen om routes met relatief weinig autoverkeer (Oude Haagseweg en de Riekerweg) in te richten als zogenaamde auto-te-gast-straten. Dit principe betekent dat de verkeersruimte voor fietsers wordt ingericht en dat het autoverkeer genoodzaakt is langzamer te rijden en fietsers te volgen in hun snelheid. De ruimte die hierdoor overblijft kan vervolgens beter worden ingericht voor voetgangers en of meer natuur. Tenslotte staat er in de ontwikkelstrategie een aantal verbindingen waardoor er nieuwe, maar kleinschalige wandelroutes worden gecreëerd die meer langs het water lopen en mooie zichtlijnen op het Nieuwe Meer of bijvoorbeeld ook op de jachthaven Onklaar Anker mogelijk maken. Deze routes zijn speciaal voor de voetganger.
Ook is het idee de verharde route langs de huidige strandjes aan te passen naar een onverhard wandelpad, waardoor de uitstraling en ook de beleving van die zone beter past bij de sfeer van De Oeverlanden en tegelijkertijd wordt gestimuleerd dat bezoekers daar wandelen (in plaats van fietsen en brommen). Al opgenomen in de ontwikkelstrategie
4.2.4 Parkeren Waarop zijn de parkeerbehoefte en toekomstige inrichting van parkeervoorzieningen in de ontwikkelstrategie gebaseerd? Wat zijn goede locaties voor (auto-) parkeren en hoe worden de bestaande locaties (Oude Haagseweg, parkeerterrein t.o. hotel Mercure en bij Ons Buiten) ook in de nieuwe situatie optimaal benut? Inspraakreacties: 1012, 1015, 1017, 1018, 1035 Uit het Groot Groenonderzoek 2018 blijkt dat groen- en recreatiegebieden in de nabijheid van de woonomgeving de laatste jaren in belang toenemen. De ambitie van de ontwikkelstrategie is mede vanwege dat inzicht om bezoekers van De Oeverlanden vooral met de fiets, te voet of met het openbaar vervoer te laten reizen. De autobereikbaarheid van De Oeverlanden wordt om die reden van ondergeschikt belang geacht en deze is in de voorstellen van de ontwikkelstrategie dan ook in mindere mate gefaciliteerd dan de andere vervoerswijzen. Tevens is het essentieel dat voor wat betreft het parkeren, de parkeervoorzieningen die wel beschikbaar zijn of in de toekomst gerealiseerd gaan worden, ook daadwerkelijk door de bezoekers van De Oeverlanden worden gebruikt en niet door reizigers die bijvoorbeeld doorreizen naar Schiphol of naar de binnenstad van Amsterdam. In de ontwikkelstrategie is daarom aangegeven dat het wenselijk is een parkeerregime in te voeren zoals dat bijvoorbeeld ook in het Amsterdamse Bos geldt.
Hoeveel parkeerplaatsen er in de toekomst nodig zijn voor (de mindervalide) bezoekers van De Oeverlanden, hoe een parkeerregime eruit kan komen te zien en wie dat beheert moet, zoals ook in een aantal inspraakreacties wordt voorgesteld, nog nader worden onderzocht. Dit voorstel is overgenomen in het actieplan korte termijn zal in samenspraak met stadsdeel Nieuw-West worden uitgevoerd, waarbij ook (deels) betaald parkeren een van de mogelijkheden is en waar parkeervoorzieningen voor mindervaliden ook onderdeel van uitmaken. Het huidige parkeerterrein aan de Oude Haagseweg (tegenover hotel Mercure) zal in de toekomst waarschijnlijk behouden blijven voor de bezoekers van De Oeverlanden.
20
In de voorstellen van de ontwikkelstrategie is opgenomen dat de ‘hoofdentree’ van de zone waarin cruisen mogelijk is, zal grenzen aan dat parkeerterrein. Dat idee komt voort uit de ambitie een goede en vooral veilige ontsluiting van het cruisebied te realiseren. Het betekent echter niet dat het parkeerterrein exclusief een parkeergelegenheid is voor het cruisebied. Wijzigingsvoorstel en meenemen in uitvoering
4.2.5 Openbaar vervoer Kan de ontsluiting via openbaar vervoer niet zo beperkt mogelijk om daarmee de druk op De Oeverlanden te minimaliseren? Maar ook: Hoe wordt ervoor gezorgd dat de Oeverlanden ontsloten is op een toegankelijke en duurzame manier? Inspraakreacties: 1004, 1007, 1015 Vanuit het oogpunt van de verdichting en verdichting van de stad komt De Oeverlanden ingeklemd te liggen tussen de stedelijke gebieden. Het Schinkelkwartier zal met 11.000 woningen dan ook op een duurzame manier ontsloten moeten worden. De nieuwe metrohalte is dan ook niet alleen een luxe voor de Oeverlanden, maar vooral een noodzakelijke ontsluiting van de dichtbebouwde stadswijk Schinkelkwartier via het openbaar vervoer. Daarnaast blijven er rond een dergelijk grootschalig infrastructuurproject als deze veel onzekerheden. Mocht de doorgetrokken NoordZuidlijn doorgang vinden, dan ligt het voor de hand dat het meest oostelijke metrostation ter hoogte van de Johan Huizingalaan de halte is die (als eerste) gerealiseerd wordt. Daarnaast rijdt sinds kort de Westtangent, een snelbusverbinding tussen Station Amsterdam Sloterdijk en Schiphol. Sinds januari 2021 is de lijndienst in gebruik genomen bij het GVB. Tot eind 2021 vinden er werkzaamheden plaats bij het kruispunt van de Oude Haagseweg-Anderlechtlaan. In de toekomst zal gekeken moeten worden of de aanpassingen volstaan.
Daarbij ook kijkend of de het opheffen van de oorspronkelijke buslijn uit Nieuw-West tot mobiliteits- en ontsluitingsproblemen leidt. Vanuit de inspraak is naar voren gekomen dat de komst van de Westtangent ook tot het opheffen van haltes heeft geleid en daarmee tot een verslechtering van de bereikbaarheid van De Oeverlanden uit specifieke delen van Amsterdam en Nieuw-West. Of dat daadwerkelijk zo is wordt nagevraagd bij de verantwoordelijke directie en stadsdeel Nieuw-West. Op basis daarvan wordt al dan niet een vervolgactie afgesproken. Daarbij de attentie dat de samenhang en de regionale verstedelijking in relatie tot duurzame mobiliteit moet worden gezocht. De toenemende mobiliteit en recreatiedruk vanuit de bestaande stad moet in de vervoersplannen worden meegenomen, maar dit zal op schaal van de stad, agglomeratie en de metropoolregio worden vormgegeven. Naast openbaar vervoer wordt er ook ingezet op beter fietsinfrastructuur, zoals een snelfietspad van de Zuidas naar Schiphol. Niet opnemen
21
4.3 Cruisen Waarom wordt het huidige gedooggebied voor cruisen aangepast? Sommige cruisende mannen zorgen voor overlast buiten het op de borden weergegeven gedooggebied, hoe kan dat worden voorkomen? Waarom wordt er überhaupt gekozen voor het gedogen van cruisen in De Oeverlanden? Maar ook waarom heeft het gedooggebied waar in de ontwikkelstrategie van uit wordt gegaan niet de oorspronkelijke omvang uit 2009 en waarom is er sprake van gedogen van cruisen en niet van ‘gewoon’ cruisen? Inspraakreacties: 1006, 1007, 1008, 1009, 1010, 1013, 1018, 1023, 1026, 1027, 1029, 1035 De reacties in relatie tot het cruisen gaan over het algemeen niet over het gedogen van het cruisen zelf maar over de omvang van het gebied waarin gecruised wordt en de overlast die verschillende partijen van elkaar ervaren. Naast onduidelijkheid over de omvang van het gebied waar gecruised wordt, geven verschillende inspraakreacties aan dat er sprake is van overlast: enerzijds hebben bezoekers last van het cruisen en dan met name van de daaruit voortkomende overlast (met name de vervuiling) en het cruisen buiten de op de borden aangegeven zone, anderzijds wordt er door de cruisegemeenschap zelf ook overlast ervaren van andere bezoekers, van onder meer intimidatie, soms met geweld en ook wordt vanuit de gemeenschap aangegeven dat cruisers (onterecht) worden aangezien als ‘viezeriken en pedoseksueel’.
In het totstandkomingsproces van de concept ontwikkelstrategie is meerdere malen contact geweest met COC Amsterdam, Stichting Platform Keelbos en de vrijwilligers. Er zijn gesprekken geweest en meerdere wandelingen georganiseerd. De op basis daarvan verkregen informatie is betrokken bij het schrijfproces van de concept ontwikkelstrategie. Formeel en feitelijk gesproken is cruisen in strijd met artikel 239 Wetboek van Strafrecht, tenminste als er sprake is van schennis van de eerbaarheid (en goede zeden), op of aan een plaats, voor het openbaar verkeer bestemd. Dat er binnen De Oeverlanden wordt gesproken over het gedogen van cruisen heeft er mee te maken dat niet handhavend wordt opgetreden tegen een situatie, die in strijd is met wet - of regelgeving. Gedogen legaliseert echter niet. In de ontwikkelstrategie is aangegeven dat er in De Oeverlanden een zone is en blijft waar (voornamelijk) mannen elkaar veilig kunnen ontmoeten. In die zone wordt niet handhavend opgetreden, buiten de nog aan te duiden zone geldt het gedogen echter niet en kan wel worden opgetreden. In verschillende inspraakreacties is aangegeven dat het onduidelijk is waar wel en waar niet gecruised mag worden, waarbij er vanwege het burgerinitiatief voor een Kabouterpad met name discussie is ontstaan over het moerasbos.
De vertegenwoordigers van het cruisen geven aan dat de gedoogzone historisch gezien tweemaal groter was dan waar in de ontwikkelstrategie van uit wordt gegaan en dat het moerasbos daar onderdeel van uitmaakte. Het klopt inderdaad dat er in de periode rond 2009 borden in De Oeverlanden stonden waarop de zone waar gecruised werd groter was dan hoe het in de huidige situatie op de borden staat weergegeven en ook dan waar in de concept ontwikkelstrategie van uit wordt gegaan. Dat er bij de cruisegemeenschap het beeld bestaat dat het gebied de afgelopen jaren is verkleind en dat daar emotie over is, is gezien de borden uit 2009 op zichzelf begrijpelijk; het leidt echter niet tot een structurele wijziging van de voorstellen in de ontwikkelstrategie. Dat heeft met twee dingen te maken: - De Oeverlanden hebben te maken met een actueel ruimteverdelingsvraagstuk. Gezien de toenemende drukte in De Oeverlanden is het noodzakelijk om de beperkt beschikbare ruimte met de verschillende bezoekers te gaan delen. In de voorstellen van de ontwikkelstrategie wordt bij dat verdelingsvraagstuk rekening gehouden met de aanwezigheid van de huidige gebruikers en de komst van nieuwe gebruikers én geldt het uitgangspunt de natuurwaarden en biodiversiteit te respecteren en beter te gaan beschermen. 22
-
Dit laatste heeft betrekking op bijvoorbeeld het kwetsbare moerasbos, waar in de huidige situatie ook regelmatig wordt gecruised terwijl dat vanuit de huidige bebording en ook vanuit de aanwezige kwetsbare flora en fauna onwenselijk is. Daarnaast zijn de huidige borden officieel en geplaatst door stadsdeel Nieuw-West in overleg met de politie. Aanleiding voor de vernieuwing van deze borden was destijds (medio 2015) een toenemend aantal meldingen van overlast en een maatschappelijk geluid om het gedogen van cruisen in De Oeverlanden (helemaal) te weren. De toenmalige stadsdeelvoorzitter van NieuwWest heeft voor dat laatste niet gekozen, wel lijkt dat moment de aanleiding te zijn geweest voor een aanpassing van (de omvang van de zone waar het cruisen gedoogd is) en de aanpassing van de borden. In die periode zijn de nieuwe borden geplaatst, zijn er flyers met daarop de aangepaste gedoogzone uitgedeeld en is er in diverse media over gecommuniceerd.
Een aantal reacties geeft specifiek aan dat zij van mening zijn dat het gebied voor cruisen in de concept ontwikkelstrategie tot een postzegel gereduceerd wordt. Dat voorstel uit de concept ontwikkelstrategie om het gebied voor cruisen iets in westelijke richting op te schuiven had te maken met de wens een om het Christoffel Plantijdpad als route tot in De Oeverlanden te kunnen doortrekken. Er waren echter nog twee redenen die ten grondslag lagen aan het voorstel de zone voor cruisen te verschuiven maar die zijn in de concept ontwikkelstrategie helaas onderbelicht gebleven. Dat was het vergroten van de veiligheid voor cruisers: door het huidige fietspad bij de roze bril in de voorgestelde zone voor cruisen op te nemen zou er een duidelijke ‘ingang’ ontstaan en een rechtstreekse koppeling tussen de zone voor cruisen en de parkeerplaats t.o. hotel Mercure. Daarnaast zou er door het verdwijnen van dat fietspad als openbare toegangsweg naar de strandjes tevens ruimte ontstaan voor het creëren van een nieuwe ligweide, een grasweide die nu onbenut is vanwege de zichtbaarheid vanaf dat fietspad. Idee achter deze punten was dat de functionele gebruikswaarde van de zone vergroot zou worden; delen van het huidige gebied die nu door de zichtbaarheid vanaf het fietspad weinig tot niet gebruikt worden, konden daardoor wel worden gebruikt om te zonnen en elkaar te ontmoeten.
Deze argumenten dragen er wat ons betreft toe bij dat de omvang van de zone voor cruisen niet gereduceerd zou worden tot een postzegel, al waren die in de concept ontwikkelstrategie onderbelicht gebleven. Omdat deze redenen zijn nog steeds van belang zijn, krijgen ze een plek in de ontwerpopgave zoals die nu in de ontwikkelstrategie is opgenomen. Naar aanleiding van de verschillende inspraakreacties, de aard van de reacties en de complexiteit van het vraagstuk rondom het gedogen van cruisen wordt voorgesteld in de definitieve ontwikkelstrategie een extra ontwerpopgave te formuleren dat over het cruisen en het gedogen daarvan gaat. De volgende uitgangspunten vormen de basis voor het uitwerken van die ontwerpopgave en worden ook als zodanig opgenomen in de ontwikkelstrategie: 1. De gemeente erkent dat De Oeverlanden een voor de gay-scene historische en belangrijke plek zijn. De ontwikkelstrategie zal de historie van het cruisen en de rol die de cruisers speelden in de geschiedenis van De Oeverlanden explicieter duiden (tekstueel wijzigingsvoorstel). 2. Binnen De Oeverlanden blijft de mogelijkheid bestaan om te cruisen (al opgenomen in de visie). 3. Wel gaan er zoals gezegd dingen veranderen in De Oeverlanden.
Dat heeft te maken met de gebiedsontwikkeling in de nabijheid van De Oeverlanden, het (mede daardoor) toenemende aantal bezoekers en de ambitie om alle Amsterdammers ook in de toekomst veilig en prettig te laten verblijven in De Oeverlanden. De voorstellen in de ontwikkelstrategie doen recht aan de behoefte van de verschillende doelgroepen, waaronder ook de cruisers (al opgenomen in de ontwikkelstrategie). 4. Het gebied waar gecruised mag worden is in de toekomst duidelijk begrensd en afgebakend en is tevens veilig en goed bereikbaar. Voor alle bezoekers is duidelijk is waar de zone begint en eindigt en is bekend dat er niet buiten de zone wordt gecruised (al opgenomen in de ontwikkelstrategie). 5. Het streven is de functionele gebruiksomvang van de zone waarin cruisen mogelijk is in de toekomst ongeveer gelijk te houden aan de functionele gebruiksomvang op dit moment, dat wil zeggen de omvang zoals aangegeven op de huidige borden (wijzigingsvoorstel). 23
6. Om bovenstaande te bereiken wordt in de uitwerking van de ontwerpopgave gezocht naar passende (inrichtings-)oplossingen, bijvoorbeeld door nu zichtbare open weides in de nieuwe situatie beter af te schermen van andere doelgroepen en het gebied mogelijk iets in westelijke richting te verschuiven. Hierbij wordt rekening gehouden met het ruimteverdelingsvraagstuk binnen De Oeverlanden en de overige ambities van de ontwikkelstrategie waaronder het beschermen van de kwetsbare natuur en het vergroten van de toegankelijkheid van het Riekerbos. (wijzigingsvoorstel). Relevant om hierbij te vermelden is dat, naar aanleiding van de raadsadressen (van Stichting Platform Keelbos enerzijds en van de vereniging De Oeverlanden Blijven anderzijds) en de wandelingen die naar aanleiding van die raadsadressen in de zomer van 2021 zijn georganiseerd, er tijdelijke maatregelen zijn afgesproken. Het betreft maatregelen die helpen de vervuiling tegen te gaan en maatregelen die, in de periode waarin de ontwerpopgave rondom het cruisen nog geen definitieve resultaten heeft, duidelijkheid geven over de (tijdelijke) afbakening van gebied waar cruisen (nu) mogelijk is. Deze maatregelen kunnen naar verwachting uiterlijk begin 2022 worden gerealiseerd.
Over de plekken van de tijdelijke begrenzing was tijdens de wandelingen overeenstemming met zowel de vertegenwoordigers van het cruisen als met de vereniging De Oeverlanden Blijven. Deze maatregelen dienen als tijdelijke oplossing voor de opgaven die nu spelen en gelden voor de periode van deze overbruggingssituatie en kunnen, later in het proces, mogelijk moeten worden aangepast naar aanleiding van de resultaten van de ontwerpopgave rondom het cruisen (wijzigingsvoorstel in het actieplan korte termijn). 7. Tegelijkertijd worden er afspraken gemaakt tussen de gemeente Amsterdam en de vrijwilligers vanuit de cruisegemeenschap over ieders rol en verantwoordelijkheid rondom het beheren van de nog nieuw te plaatsen prullenbakken (wijzigingsvoorstel). 8. Tenslotte houdt de gemeente op een structurele wijze contact met de relevante stakeholders over de ideeën en concrete voorstellen rondom het cruisen (al opgenomen in de ontwikkelstrategie). Bovenstaande punten bouwen voort op de uitkomsten van de bestuurlijke gesprekken die in juni 2021 zijn gevoerd met Stichting Platform Keelbos, COC Amsterdam, de vrijwilligers en vereniging De Oeverlanden Blijven. Daarnaast vormen de aanbevelingen en ideeën die voortkomen uit de inspraakreacties input voor de volgende fase.
Tekstueel wijzigingsvoorstel Naast de hierboven benoemde wijzigingsvoorstellen wordt in de tekst van de ontwikkelstrategie duidelijker aangeven: - Dat er een extra ontwerpopgave wordt opgenomen rondom het vraagstuk van cruisen, waarbij de bovenstaande uitgangspunten van toepassing zijn; - Dat overlast breder is dan de overlast die over het cruisen wordt ervaren; er is ook sprake van overlast die door de cruisers wordt ervaren.
24
4.4 Handhaving en beheer 4.4.1 Algemeen beheer Een aantal inspraakreacties legt in het algemeen de nadruk op de toekomst van het beheer. In de huidige situatie is veel van het beheer in handen van de vrijwilligersorganisatie de vereniging De Oeverlanden Blijven. Hoe het beheer er in de toekomst uit zal zien moet, mede gezien de voorstellen in de ontwikkelstrategie en gezien het toenemend aantal bezoekers, sterker worden aangezet aldus een aantal inspraakreacties. Inspraakreacties: 1003, 1035 In de openbare delen van De Oeverlanden worden in opdracht en onder toezicht van stadsdeel Nieuw-West een groot aantal beheertaken op dit moment uitgevoerd door de vrijwilligers van de vereniging De Oeverlanden Blijven. De zeer betrokken vrijwilligers van VDOB hebben specifieke kennis op het gebied van natuurbeheer en een goede gebiedskennis wat voor de bescherming van de bijzondere flora en fauna van grote betekenis is. Hun inzet wordt daarom zeer gewaardeerd. Desondanks wordt onderkend dat er in De Oeverlanden een opgave ligt rondom structureel beheer en onderhoud. Ook de leefbaarheid en veiligheid zijn aandachtspunten. Het zijn opgaven die nu ook al spelen in het gebied, mede vanwege de autonome groei van het aantal bezoekers in de afgelopen jaren. Het groeiende aantal bezoekers leidt nu al zichtbaar tot toenemend lawaai, afval en soms ook vandalisme, ook op het Nieuwe Meer.
De ontwikkelstrategie geeft met de visie 2040 ruimtelijk sturing aan dit vraagstuk en ook aan de toename van het aantal bezoekers, maar het vraagstuk is breder en overstijgt daarmee de voorstellen in de ontwikkelstrategie. Daarom is in de definitieve ontwikkelstrategie voorgesteld dit vraagstuk los te koppelen van de vaststelling van de ontwikkelstrategie en op stedelijk niveau te agenderen, waarbij het Landschapspark De Oeverlanden als mogelijk (nieuwe) toekomstige prioriteit wordt mee genomen in mogelijke uitbreiding van middelen dan wel her prioritering van capaciteit en middelen. Een actueel inzicht van het benodigde beheer- en handhavingsbudget (nu en op termijn) voor in dit geval De Oeverlanden en betrokkenheid van de verschillende directies en ook stadsdelen is hierbij wenselijk. In De Oeverlanden is in de zomer van dit jaar een pilot gestart met gastheren- en vrouwen in De Oeverlanden. Zij werken echter niet in de avond en het weekend, waardoor zij niet kunnen ‘ingrijpen’ op de momenten waarop de overlast nu veelal het grootste is.
Als een her prioritering van capaciteit en middelen verkend kan worden dan zijn vanuit de ontwikkelstrategie de volgende aanvullende oplossingsrichtingen denkbaar: - De vereniging De Oeverlanden Blijven opdracht te geven om voor in ieder geval de komende twee jaar het onderhoud en beheer te blijven verrichten, in nauwe samenwerking met de directie Stadswerken. - Op stedelijk niveau te verkennen of er (op termijn) een koppeling mogelijk is van het beheer in de Oeverlanden met de beheerorganisatie van het Amsterdamse Bos. Daarbij is het voorstel is om in de volgende fase, in overleg met de directie Stadswerken, de ambities van de ontwikkelstrategie uit te werken vanuit het perspectief van beheer en onderhoud, en daarbij in te gaan op welke manier gewenst gedrag in het gebied gerealiseerd kan worden, de inzet van beheer en toezicht daarbij, de wijze van organiseren en de (extra) kosten om dit te realiseren. De uitwerking hiervan zal vervolgens aan het college ter besluitvorming worden voorgelegd. Tekstueel wijzigingsvoorstel en meenemen in uitvoering In de tekst van de ontwikkelstrategie wordt duidelijker aangeven wat er voor nodig is om De Oeverlanden i.r.t. beheer en onderhoud nadrukkelijker op de stedelijke agenda te krijgen en aan welke oplossingsrichtingen wordt gedacht.
25
4.4.2 Toezicht en veiligheid Hoe wordt de veiligheid in en rondom De Oeverlanden gewaarborgd op thema’s als overlast door (homo)discriminatie, geluid, parkeren, cruisen, afval? Inspraakreactie: 1008, 1017, 1020, 1029, 1034 Toenemende drukte leidt soms tot conflicterende activiteiten, meer onderlinge overlast en een verhevigde roep om handhaving. Meer specifiek vraagt de situatie omtrent de zone waar cruisen gedoogd is extra aandacht vanwege ervaren overlast en de onderlinge spanningen tussen de verschillende doelgroepen; waaronder soms ook overlast gericht tegen cruisers. Door het autonoom toenemende aantal bezoekers aan De Oeverlanden is het vraagstuk rondom toezicht en handhaving ook in de huidige situatie al aan de orde. Het groeiende aantal bezoekers leidt nu al zichtbaar tot toenemend lawaai, afval en soms ook vandalisme, ook op het Nieuwe Meer. De ontwikkelstrategie geeft met de visie 2040 ruimtelijk sturing aan het vraagstuk rondom leefbaarheid en veiligheid, maar het onderwerp is breder en overstijgt daarmee de voorstellen in de ontwikkelstrategie.
In de ontwikkelstrategie wordt daarom voorgesteld dit vraagstuk los te koppelen van de vaststelling van de ontwikkelstrategie en op stedelijk niveau de vraag te agenderen om het Landschapspark De Oeverlanden als mogelijk (nieuwe) toekomstige prioriteit mee te nemen in eventuele uitbreiding van middelen dan wel her prioritering van capaciteit en middelen. Afgelopen zomer is, in overleg met stadsdeel Nieuw-West en Startpunt, gestart met de pilot van gastheren en gastvrouwen. Deze pilot wordt mogelijk verlengd, maar het aandachtspunt rondom veiligheid en leefbaarheid is daarmee nog niet opgelost, aangezien de gastheren en –vrouwen niet in de avond en het weekend werken, waardoor zij niet kunnen ‘ingrijpen’ op de momenten waarop de overlast veelal het grootste is. Volgende stap is daarom om de ambities van de ontwikkelstrategie, vanuit het perspectief van veiligheid en ook beheer verder uit te werken en daarbij in te gaan op de manier waarop gewenst gedrag in De Oeverlanden gerealiseerd kan worden, de inzet van beheer, onderhoud, toezicht en handhaving daarbij, de wijze van organiseren en de (extra) kosten om dit te realiseren. Tekstueel wijzigingsvoorstel en meenemen in uitvoering In de tekst van de ontwikkelstrategie wordt duidelijker aangeven wat er voor nodig is om De Oeverlanden i.r.t.
toezicht en handhaving nadrukkelijker op de stedelijke agenda te krijgen en aan welke oplossingsrichtingen wordt gedacht.
4.4.3 Verkeer op het water Het Nieuwe Meer is onderdeel van De Oeverlanden en wordt veelvuldig gebruikt voor watersport, varen en andere vormen van recreatie. Hoe blijft het verkeer op het water in de toekomst beheersbaar? Inspraakreacties: 1008, 1020, 1028, 1030, 1031, 1034 Mede naar aanleiding van de nieuwe regels rondom het vaarverkeer in de Amsterdamse binnenstad is het drukker geworden met (gemotoriseerde) bootjes op plekken zoals het Nieuwe Meer. Ook de wijze waarop mensen recreëren is veranderd: uit het Groot Groenonderzoek (2018) is gebleken dat Amsterdammers vaker en meer in de nabijheid van de woonomgeving recreëren. Beide ontwikkelingen hebben er samen toe geleid dat het drukker is geworden op het Nieuwe Meer en in De Oeverlanden. Het klopt dat niet alleen het aantal bootjes de afgelopen jaren flink is toegenomen ook de overlast die ermee gepaard gaat neemt toe: geluidoverlast, het aantal vaarbewegingen, mensen van een boot die aan de wal op zoek gaan naar ‘toiletmogelijkheden’, afval.
26
Het verkeer op het water neemt toe. Een oplossing moet daarom worden gezocht in het reguleren van het groeiend aantal bootjes, het beter handhaven op de regels op het water en aan de oever en het meenemen van de vraagstukken in de ambities en de ontwerpopgaven in De Oeverlanden. Het geven van aandacht aan deze ontwikkeling is een eerste stap. De ontwikkelstrategie legt daarom een relatie met de toezicht en handhaving op het water waarvan het wenselijk is dat die kunnen worden uitgebreid om de genoemde knelpunten te kunnen reguleren en verminderen. Tenslotte kan, door ontwerpopgaven in de openbare ruimte, richting worden gegeven aan een aantal specifieke aspecten rondom dit onderwerp: waar kunnen bootjes wel of niet aanleggen, zijn er rondom de aanlegplekken voldoende mogelijkheden om afval achter te laten en eventueel ook van een toilet gebruik te maken. Tekstueel wijzigingsvoorstel In de tekst van de ontwikkelstrategie wordt duidelijker aangeven dat het noodzakelijk is om het verkeer en de bewegingen op het water beter te reguleren. Dit vraagstuk wordt meegenomen in het voorstel om de leefbaarheid en veiligheid in de volgende fase op stedelijk niveau te agenderen en Landschapspark De Oeverlanden als mogelijk (nieuwe) toekomstige prioriteit mee te nemen in eventuele uitbreiding van middelen dan wel her prioritering van capaciteit en middelen.
4.4.4 Afval Hoe wordt ervoor gezorgd dat De Oeverlanden schoon blijven? Inspraakreacties: 1008, 1009, Een toenemend aantal bezoekers brengt, over het algemeen, meer afval met zich mee. In de huidige situatie wordt (in de zomerperiode) elke dag het afval opgeruimd en de afvalbakken geleegd. In de ontwikkelstrategie is voor de korte termijn prioriteit gegeven voor het plaatsen van extra voorzieningen om afval in achter te laten met specifieke aandacht voor het cruisegebied. Daarnaast is het bekend dat het ontwerp van de openbare ruimte er mede voor kan zorgen dat bezoekers zich thuis voelen in een gebied en zich (mede) daardoor ook verantwoordelijk voelen voor de omgeving. Dit aspect van afvalvermindering enerzijds en het medeverantwoordelijk (laten) voelen voor de openbare ruimte door bezoekers anderzijds zijn daarom onderdeel van de belangrijkste ontwerpopgaven voor de toekomst. Al opgenomen in de ontwikkelstrategie
4.5 Overige onderwerpen 4.5.1 Educatie Hoe wordt er ruimte gegeven aan (natuur)educatie in De Oeverlanden? En blijft natuur educatief centrum ‘de Waterkant’ in haar huidige vorm behouden? Inspraakreacties: 1000, 1012, 1018, 1019, 1032, 1035 De Waterkant als natuureducatiecentrum is ook in de voorstellen van de ontwikkelstrategie opgenomen. Het natuureducatiecentrum biedt in de huidige situatie lessen aan, aan onder meer basisschoolleerlingen uit de omgeving. Voor de toekomst is het een interessante optie om ook andere kinderen, leerlingen en/of bezoekers meer educatieve mogelijkheden te bieden. Daarbij zijn er ook ideeën om op de locatie bij de Waterkant een natuurspeeltuin, een waterobservatorium en wellicht ook kleinschalige passende ‘horeca’ te realiseren. 27
Ook is het een mogelijke optie om het in de inspraak ingebrachte idee van een zogenaamde schimmelroute op termijn nader te onderzoeken in combinatie met de functie van De Waterkant als educatief centrum. Met deze ideeën ontstaat er meer aandacht voor de beleefbaarheid zowel van het boskarakter en -natuur als van het waterecosysteem. In de verdere uitwerking moeten deze ideeën nog een plaats vinden in het gebied, daarom zijn deze ideeën op meerdere plekken in de ontwikkelstrategie benoemd. Ook een verplaatsing van de Waterkant (als educatief centrum) is in dit kader als optie besproken, maar dit idee is op dit moment niet (meer) aan de orde. De Waterkant blijft voorlopig in haar huidige vorm op de bestaande plek. Meenemen in de uitvoering
4.5.2 Pont en bruggen Hoe en wanneer wordt de ingetekende burg vanaf de Landtong gerealiseerd? Inspraakreacties: 1020 Het klopt dat er wordt gekeken naar de mogelijkheid om via de Landtong een oversteek te maken. Deze maakt het voor recreanten makkelijker om een rondje Nieuwe Meer te kunnen beleven, langs de gehele oever langs de Nieuwe Meer, zodat De Oeverlanden ook echt onderdeel worden van een route. Een brug is één van de mogelijkheden om dit op lange termijn te doen. Mocht dit idee een vervolg krijgen, dan zullen alle betrokkenen hierover uiteraard over worden ingelicht. Op kortere termijn is de huidige pont bij Aquarius de enige plek om met de pont richting het Amsterdamse Bos te varen. Op middellange termijn zou een andere locatie in beeld kunnen komen mits de plek hiervoor geschikt is. Tekstuele wijziging In de tekst van de ontwikkelstrategie wordt duidelijker aangeven hoe het proces voor de eventuele realisatie van een burg om via de Landtong over te kunnen steken eruit komt te zien en de afstemming daarover met betrokkenen.
4.5.3 Toegankelijkheid mindervaliden Hoe wordt er bij de (her)ontwikkeling van De Oeverlanden rekening gehouden met de toegankelijkheid voor mindervaliden? Inspraakreacties: 1011, 1015 De bereikbaarheid van De Oeverlanden is in de huidige situatie onvoldoende, wat ertoe heeft geleid dat er in de ontwikkelstrategie voorstellen zijn gedaan voor het verbeteren daarvan. Het gaat om het verbeteren van de bereikbaarheid en toegankelijkheid per fiets en te voet, het inzetten van een parkeerregime zodat de aanwezige parkeerplaatsen benut kunnen worden door de bezoekers van de Oeverlanden in plaats van door werknemers en/of bezoekers van Schiphol en het verbeteren van de (sociale) veiligheid op de toegangswegen van/naar en binnen De Oeverlanden. De bereikbaarheid voor mindervaliden is hier een integraal onderdeel van. In de definitieve versie van de ontwikkelstrategie zal dit nadrukkelijker worden onderschreven. Tekstueel wijzigingsvoorstel In de tekst van de ontwikkelstrategie wordt duidelijker aangeven dat er in de toekomstige ontwerpen realisatiefasen nadrukkelijk rekening wordt gehouden met de toegankelijkheid van het gebied en haar faciliteiten voor mindervaliden.
28
4.5.4 SADC-strook De strook tussen de A4 en de Oude Haagseweg staat niet aangeduid als projectgebied op de kaartbeelden. Waar valt deze strook wel onder en hoe worden de natuurwaarden van de strook (in de toekomst) veiliggesteld? Inspraakreactie: 1012, 1018 De strook is eigendom van de gemeente Amsterdam, maar er is bestuurlijk voor gekozen deze strook niet op te nemen in het projectgebied van de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden. Dat heeft er onder meer mee te maken dat Schiphol Area Development Company (verder SADC) ontwikkelrechten had voor deze strook tussen de A4 en de Oude Haagseweg voor de aanleg, uitgifte en exploitatie van gronden voor Schiphol gerelateerde bedrijvigheid. Die rechten zijn echter niet gebruikt en Amsterdam heeft die ontwikkelrechten ook niet verlengd. De grond is altijd eigendom gebleven van Amsterdam maar dat geldt voor alle SADC-gronden (die blijven eigendom van de aandeelhouders). De grond heeft nog steeds de bestemming bedrijventerrein. Wat betreft de natuurwaarden. De TAC, Technische Advies Commissie die de Hoofdgroenstructuur (verder HGS) bewaakt, heeft in eerdere trajecten voorgesteld deze strook toe te voegen aan de HGS. Ook daar is bestuurlijk nog niet voor gekozen. De strook valt in de openbare ruimte en daarmee in het groenbeheer van Stadswerken van de gemeente Amsterdam.
De collega’s van de relevante directies zijn op de hoogte van de aanwezige kwaliteiten in die zone en in de middenberm van de Oude Haagseweg. Niet overnemen
4.5.5 Naaktrecreatie Welke ruimte is er in de Oeverlanden voor naaktrecreatie en hoe wordt daarbij rekening gehouden met de mogelijke uitwaaiering van cruisers naar het naaktrecreatiegebied? Inspraakreacties: 1026 In de concept ontwikkelstrategie was ter hoogte van de Geniebaai een zone aangeduid voor naaktrecreatie. Met name om een duidelijke andere zone dan de gedoogzone voor cruisen aan te duiden. Vanuit de inspraak is echter aangegeven dat de scheiding tussen cruising en naaktrecreatie dun is. Door het voorstel van de concept ontwikkelstrategie ontstaan er daarnaast op twee verschillende plekken in De Oeverlanden zones met een verhoogd risico op spanning tussen doelgroepen. Tenslotte is door de politie aangegeven dat de bereikbaarheid om te surveilleren bij de strandjes lastig én handhaving (met name vanuit capaciteit van politie en THOR) problematisch. Om die drie redenen steunt de politie het voorstel niet om in een aparte zone naaktrecreatie officieel toe te staan. Bovenstaande maakt dat we voorstellen om het idee een officiële locatie voor naaktrecreatie ter hoogte van de Geniebaai te benoemen uit de definitieve ontwikkelstrategie te halen.
Om wel tegemoet te komen aan de wens van COC Amsterdam en Stichting Platform Keelbos om naakt in De Oeverlanden te kunnen recreëren stellen we voor in de komende fase met de verschillende partijen én tevens met de politie na te denken of er andere opties zijn om dit in het gebied mogelijk te maken. Wijzigingsvoorstel
29
4.5.6 Detailsuggesties Inspraakreacties nr. 1012, 1018. Ten slotte zijn er waardevolle suggesties gedaan wat betreft behoud en verdere ontwikkeling van de biodiversiteit. Veel dank hiervoor, hieruit blijkt hoeveel kennis er is opgebouwd over dit gebied, die effectief moet worden ingezet bij iedere ontwikkeling. De suggesties worden gekoppeld aan volgende stappen en waar mogelijk meegenomen in de uitvoeringsfase.
4.6 Kaartbeelden De kaartbeelden zijn in sommige opzichten onvoldoende nauwkeurig of verwarrend. Naar aanleiding van de inspraak reacties worden alle kaarten nogmaals geëvalueerd en daar waar nodig aangepast.
30
5 Inspraakreacties op proces
Hoe zag het co-creatie proces eruit en waarom is er voor deze vorm gekozen? Waarom zijn er niet meer partijen opgenomen in het kernteam zodat meerdere partijen structureel in overleg konden zijn met de gemeente. Inspraakreacties: 1020, 1021, 1028, 1029, 1030, 1031 De Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden is opgesteld in nauwe samenwerking met het kernteam Oeverlanden - Sloten. Vier grote gebruikers van De Oeverlanden hadden zich naar, aanleiding van het project Groot Amsterdamse Bos en hun zorg over het ontbreken van gebied specifieke (natuur)kennis in dat traject, verenigd en een kernteam samengesteld. De vier partijen die in het kernteam zijn vertegenwoordigd, zijn vereniging De Oeverlanden Blijven, tuinpark Ons Buiten, watersportvereniging Onklaar Anker (en daaraan verbonden de watersportbond en meerdere jachthavens) en kunstenaarscomplex de Nieuw en Meer. De samenwerking tussen het kernteam en de gemeente was in het afgelopen anderhalf jaar constructief met veel openheid en aandacht voor elkaars kennis en standpunten. De inhoud van de concept ontwikkelstrategie is dan ook grotendeels in lijn met de ideeën van het kernteam. Dat de gemeente heeft samengewerkt met het kernteam Oeverlanden - Sloten is mede voortgekomen uit een raadsadres dat in 2018/2019 aan de wethouder is gestuurd.
Het kernteam had in dat raadsadres zoals gezegd de zorg geuit over het ontbreken van gebied specifieke kennis in de gebiedsuitwerking Groot Amsterdamse Bos, met name ten aanzien van de geschiedenis van De Oeverlanden, de aanwezige natuurwaarden en biodiversiteit en de opgaven én kansen die breder in het gebied spelen. Om die inbreng goed te borgen is in de opdracht voor de ontwikkelstrategie gekozen voor een co-creatie met dit kernteam. Naast de samenwerking met het kernteam heeft de gemeentelijke projectgroep in 2020 en 2021 verschillende gesprekken en wandelingen georganiseerd met vertegenwoordigers van COC Amsterdam, Stichting Platform Keelbos en de vrijwilligers waarin is gesproken over de historie van het gedooggebied voor cruisen en de opgaven die er spelen ten aanzien van het cruisen, bezien vanuit de verschillende doelgroepen. Ook zijn er in de afgelopen anderhalf jaar vele gesprekken en ontmoetingen geweest met andere relevante organisaties waaronder Amsterdam Windsurfing, hotel Mercure, vertegenwoordigers van het Rieker Businesspark, Aquarius, Nauta Plan Ontwikkeling B.V. (de ontwikkelaar van de voormalige commerciële jachthaven De Boekanier op de Landtong) en ook met verschillende individuele bewoners en gebruikers. Ook deze gesprekken waren open en over het algemeen constructief van aard.
Tijdens de gesprekken was er bij de meeste partijen en bewoners begrip voor de uitleg dat de recreatieve druk die de komende jaren op De Oeverlanden afkomt van invloed is op de keuzes die de komende jaren moeten worden gemaakt. De gemeente heeft daarbij steeds benadrukt dat de bijzondere natuurwaarden en biodiversiteit in De Oeverlanden de basis vormen voor die nieuw te maken keuzes. Naast begrip zijn er tijdens de gesprekken en ontmoetingen soms ook zorgen geuit en aandachtspunten meegegeven. Een aantal partijen heeft ervoor gekozen die zorgen en/of aandachtspunten te vertalen naar een formele inspraakreactie. Soms staan in die inspraakreacties ook complimenten beschreven in over de gekozen werkwijze, de zorgvuldigheid in de afwegingen en over de gekozen lijn in de concept ontwikkelstrategie. Voor de gebiedsuitwerking Koers 2025 Groot Amsterdamse Bos, het traject dat voorafgaande aan de Ontwikkelstrategie Landschapspark De Oeverlanden in 2017 – 2019 speelde, was destijds een breed participatietraject opgezet. In die periode is veel informatie verzameld en ook gedeeld met de gebruikers en overige betrokkenen van De Oeverlanden en omgeving. 31
Deze informatie vormde voor de ontwikkelstrategie belangrijke basisinformatie. Ook de antwoorden op de vragen die destijds op de website waren gesteld vormden een belangrijke informatiebron. Wat betreft de samenstelling van het kernteam; deze lag buiten de verantwoordelijkheid van de gemeente, de vier partijen hebben op eigen initiatief bepaald dat een samenwerking en een oprichting van een kernteam van toegevoegde waarde zou zijn voor De Oeverlanden (zie ook onderstaande citaat). Dat ook andere partijen onderdeel hadden willen uitmaken van dit kernteam is op zich begrijpelijk maar de verantwoordelijkheid daarvoor lag dus buiten de gemeente. Wel had de gemeente ervoor kunnen kiezen de gesprekken en ontmoetingen met de andere partijen en bewoners ook structureel te organiseren. Of dat tot meer of andere informatie zou hebben geleid is de vraag; er is het afgelopen anderhalf jaar veelvuldig met veel partijen, bewoners en gebruikers gesproken, er zijn wandelingen door het gebied georganiseerd en er zijn andere bijeenkomsten geweest die onderdeel van het traject hebben uitgemaakt om tot de ontwikkelstrategie te komen. Wel had een andere vormgeving van die samenwerking mogelijk tot een (nog) bredere betrokkenheid en tot (nog) meer draagvlak bij het eindproduct kunnen leiden.
“Vanaf het moment dat het project ‘het groot Amsterdams bos’ gestalte begon te krijgen en wij begrepen dat er ditmaal stevige ontwikkelingen voor en rondom het gebied zaten aan te komen ben ik gevraagd om als bestuurslid mee te kijken. In eerste instantie om te zien hoe deze ontwikkelingen mogelijk van invloed zouden kunnen zijn op ons ateliercomplex en haar omgeving. Het heeft niet lang geduurd voordat ik ontdekte dat wat er op ons af kwam verregaande gevolgen kon hebben voor het gebied. Tevens kwam ik op voorlichtingsavonden en dergelijke veelal de mensen tegen die ik al decennia tegenkom als betrokkenen. Ook was vrij snel duidelijk dat wij en al deze mensen min of meer hetzelfde doel voor ogen hadden namelijk beschermen en waar mogelijk behouden van natuur en van dat wat het gebied zijn unieke karakter geeft. Ik heb besloten om iedereen te verenigen en heb dit gedaan door meerdere samenkomsten te organiseren. Deze werden al vrij snel door behoorlijk wat mensen bezocht. Toen duidelijk begon te worden dat met name het rapport Natuur … was opgesteld zonder hierbij de kennis van mensen uit het gebied te raadplegen is er besloten dit in een brandbrief aan de wethouder kenbaar te maken. Om zaken overzichtelijk te houden is op dat moment gevraagd of de belangrijkste (of beter grootste) spelers uit het gebied een kernteam wilden oprichten. Een brief schrijf je niet met 60 man.
De brandbrief heeft ertoe geleidt dat er een raadsadres en nieuwe opdracht zijn ontstaan. Dit is gepaard gegaan met meerder gesprekken en bezoeken van o.a. de wethouders van Doorninck en Ivens. Hierna is het kernteam als gesprekspartner aan tafel gebleven bij de totstandkoming van de uitganspuntennotitie en de Ontwikkelstrategie. Er is wel waar mogelijk informatie gedeeld, maar niet in de laatste plaats door Corona is het lange tijd onmogelijk gebleken om nieuwe bijeenkomsten op grote schaal te organiseren.” – voorzitter Kernteam Oeverlanden – Sloten. De inspraakprocedure is onderdeel van het participatieproces en de bijdrage en betrokkenheid van iedereen die heeft gereageerd wordt gewaardeerd. Ook de signalen van individuen en organisaties die aangeven eerder of intensiever betrokken hadden willen worden zijn waardevol en worden meegenomen. In de volgende fasen en bij specifieke ontwerpopgaven wordt geprobeerd de samenwerking zoveel als mogelijk op te zoeken om de kennis uit het gebied zo goed mogelijk te benutten. Meenemen in uitvoering
32
6 Colofon
Gemeente Amsterdam, Ruimte en Duurzaamheid, 2021
33