CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2- Jaarverslag en beleidsevaluatie VTH Bouw Gebruik 2025 gemeente Amsterdam.pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 27 mei 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Jaarverslag en beleidsevaluatie VTH Bouw & Gebruik 2025 (VN2026-005209)28.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025

VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

Bestuurlijke samenvatting

Bestuurlijke samenvatting

Voor u ligt het ‘Jaarverslag en de beleidsevaluatie VTH Bouw & Gebruik 2025 van de gemeente Amsterdam. In dit jaarverslag zijn de inspanningen en resultaten beschreven van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in 2025. Dit omvat alle VTH-taken voor bouwen en gebruik in de fysieke leefomgeving. Zoals de vergunningverlening, toezicht en handhaving op de staat van bestaande gebouwen en op het slopen, (ver)bouwen en het gebruik van gebouwen. Maar ook de vergunningverlening, toezicht en handhaving van onder meer exploitatievergunningen voor horeca, evenementen, ligplaatsen voor (woon) boten en de huisvestingverordening. Deze taken worden uitgevoerd door de stadsdelen, de directies Wonen, Ruimte & Duurzaamheid, Brandweer Amsterdam-Amstelland (BAA) en de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. Naast de verslaglegging over de uitvoering van de VTH-taken in 2025, is in dit stuk ook de jaarlijkse evaluatie van het geldende VTH-beleid opgenomen. Aan de hand van gevoerde gesprekken zijn opvallende ontwikkelingen en de werking van beleidsstrategieën zichtbaar geworden. Dit maakt evaluatie van het beleid mogelijk. Per thema is onder het kopje ‘Duiding en evaluatie’ deze beleidsevaluatie opgenomen.

Werkt een strategie uit het beleid goed? Of juist niet? Is er aanscherping nodig? Relevante (beleids)documenten De kaders voor de uitvoering van de VTH-taken Bouw & Gebruik voor 2025 zijn vastgelegd in de onderstaande documenten: • VTH beleid Fysieke Leefomgeving (FLO) 2024 • VTH Uitvoeringsprogramma FLO 2025 • Uitvoerings- en Handhavingsstrategie OD NZKG 2024-2027 • Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht Amsterdam • Aanpak Nulmeting Woonboten inclusief de Handhavingsstrategie Woonboten • Beleidsregels over het onderzoek en handhaving van de bestaande funderingen • Afwegingskader Bouwlawaai

3

• • • •

Beleidsregel bestuurlijke boete, sluiting en beheerovername op grond van de Woningwet Prioriteringsbeleid handhaving woonfraude en woningkwaliteit 2024/ 2025 Handhavingsstrategie Horeca en slijterijen (inclusief winkels) Alcoholwet Handhavingsstrategie Overtredingen Evenementen 2024

Beleidsevaluatie, trends en ontwikkelingen In deze bestuurlijke samenvatting zijn de meest in het oog springende trends en beleidsevaluatiepunten opgenomen. Voor het volledige overzicht wordt verwezen naar de inhoudelijke hoofdstukken. Er zijn bevindingen en resultaten van de jaarevaluatie over 2025 die laten zien dat de gekozen beleidsstrategieën op onderdelen succesvol zijn en op andere punten aanscherping behoeven. Deze punten worden meegenomen bij de bijstelling van het VTH Beleid Fysieke Leefomgeving 2024. •

•

Monumentaal erfgoed Het monumentale erfgoed bepaalt voor een groot deel de identiteit en uitstraling van Amsterdam. Uitdaging blijft om de kwaliteit en duurzaamheid van deze gebouwen op hedendaags niveau te brengen en daarbij de monumentale waarde en uitstraling te behouden. Stedelijk is ook in 2025 ingezet om samen met ketenpartners zoals team Monumenten en Archeologie actief te zoeken naar mogelijkheden voor verduurzaming met behoud van de waarden. Dit heeft een positief en praktisch resultaat gehad, waarbij meer mogelijkheden voor verduurzaming zijn vastgelegd in handreikingen. Deze helpen zowel eigenaren als behandelaren bij het vergunningsproces. De handreikingen hebben ook een positief effect op de snelheid van het vergunningsproces. Immers wanneer wordt voldaan aan de handreiking, hoeft niet elke individuele aanvraag beoordeeld te worden door team Monumenten en Archeologie. Woningkwaliteit De in het VTH-beleid opgenomen strategie om de bouwkundige woningkwaliteit te verbeteren is gelet op de behaalde resultaten succesvol en

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

•

•

•

behoeft vooralsnog geen aanpassing. Ten aanzien van woningkwaliteit is verduurzaming net als in vorige jaren ook voor 2025 een belangrijk speerpunt. Vanuit het isolatieoffensief wordt reeds hard gewerkt aan het verduurzamen van de bestaande woningen. Hierover wordt de raad jaarlijks apart geïnformeerd via een voortgangsrapportage. De resultaten van het project om de processen rond verduurzaming te stroomlijnen moeten in de komende jaren een uniforme en efficiënte werkwijze opleveren waarmee de isolatieopgave ook daadwerkelijk een impuls gaat krijgen en de woningvoorraad in Amsterdam sneller verduurzaamd wordt. Na oplevering van de resultaten van het project kan worden bepaald of het VTH-beleid op dit punt verdere aanscherping of aanvulling behoeft. Omgevingswet Na de invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB) is verder gegaan met het opdoen van ervaring met het nieuwe stelsel. Het was voor een deel voor aanvragers maar ook VTH-medewerkers van de gemeente ook in 2025 nog een kwestie van ervaring opdoen en wennen aan de nieuwe systematiek. In de aanloop naar de Omgevingswet hebben alle VTH-medewerkers cursussen en trainingen gehad. In een startteam werd door VTH-medewerkers uit de verschillende stadsdelen samengewerkt om bewoners en ondernemers zo goed mogelijk te bedienen.

Ook in 2025 is gewerkt met leertafels per stadsdeel en per discipline. Ervaring en kennis wordt gedeeld tussen de medewerkers zodat zij van elkaar kunnen leren en zich de nieuwe wet en werkprocessen eigen kunnen maken. Dit proces van ontwerpen, implementeren en continu verbeteren heeft in 2025 nog een aanzienlijke tijdsinvestering gekost. Drijvende stad De balans houden tussen het gebruik van de kades en het water blijft een continue uitdaging, waarbij sprake is van veel dynamiek. Recreatievaartuigen worden gebruikt om op te wonen en hierdoor ­ontstaat vaak overlast voor de omgeving. Continue aandacht voor toezicht en handhaving op het water

4

•

•

•

is noodzakelijk. De complexiteit rondom vergunningverlening rondom woonboten en objecten in het water wordt alsmaar groter en zorgt voor de nodige vragen bij zowel vergunningverleners als bij de aanvragers. Bijvoorbeeld binnen stadsgebied Weesp, waar door de fusie met Amsterdam nieuwe regels van kracht zijn. Daarnaast zien we dat eigenaren de grenzen opzoeken van het maximaal toegestane oppervlakte van de woonboot. Hierdoor ontstaan er in de praktijk excessen, waarbij de boot te diep is en hierdoor niet aan de eisen voldoet van een ligplaatsvergunning. Tijdige informatieverstrekking en duidelijkheid over alle regels die voor woon­ boten gelden kan dit voorkomen. Om precedent­ werking en onveilige situaties te voorkomen is het noodzakelijk om bij excessen direct op te kunnen treden. De afgelopen jaren is dit met het project nulmeting woonboten goed opgepakt. Nu dit project in 2025 is beëindigd, is het belangrijk om de aandacht hiervoor de komende jaren niet te laten verslappen en dit onderdeel structureel te borgen. Regelmatig overleg tussen de stadsdelen en ketenpartners, zoals in het Waterberaad, stimuleert het delen van kennis en een gelijke aanpak en werkwijze. Kapvergunningen De Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad onderzoekt tijdens het opstellen van dit jaarverslag hoe de gemeente Amsterdam omgaat met kap­ vergunningen voor bomen.

De Rekenkamer kijkt of het beleid duidelijk is en goed werkt. Ook onderzoekt de Rekenkamer hoe bewoners worden geïnformeerd over het kappen van bomen en kijkt zij hoe de gemeente erop toeziet dat de herplantplicht wordt uitgevoerd. Met betrekking tot evaluatie en conclusies worden de uitkomsten van dit onderzoek afgewacht. Brandveiligheid Vanaf de start van het stedelijke Expertiseteam Brandveiligheid (ETB) is een grote slag gemaakt in het in beeld brengen van de brandveiligheid van alle meldingsplichtige panden. Bij het beheersen van brandveiligheidsrisico´s speelt het menselijk aspect en gedrag van eigenaren, beheerders en gebruikers een grote rol. Zoals de onbekendheid

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

•

•

•

met de regelgeving van de pandeigenaar of de meldingsplichtige en gedrag zoals het blokkeren van vluchtroutes met obstakels. Uit de resultaten van het toezicht blijkt dat in de overgrote meerderheid van de gevallen voldaan wordt aan de regels, maar dat er regelmatig herhaalcontroles en verbeterafspraken gemaakt moeten worden. Een ander aandachtspunt is dat binnen organisaties de verantwoordelijkheden voor alle aspecten van brandveiligheid niet duidelijk zijn belegd. Hierbij speelt mee dat er bij instellingen regelmatig sprake is van personele wisselingen. Uit de praktijk blijkt dat wanneer deze verantwoordelijkheid niet helder is, de voorschriften minder goed worden nageleefd. Dit maakt dat voorlichting een belangrijke, blijvende component is in onze aanpak en dat periodiek toezicht een vereiste is. De risicogerichte aanpak van brandveiligheid was voorheen gericht op gebruiksmeldingsplichtige panden die andere functies hebben dan wonen. De brand bij Riekerhaven heeft laten zien dat ook bij woningen een risicogerichte aanpak van brandveiligheid relevant is. Veelal heeft dit te maken met gedrag, zoals het blokkeren van vluchtwegen. Dit vraagt een andere aanpak dan bij de reguliere controles brandveiligheid. Hiervoor wordt in 2025-2026 een aanpak ontwikkeld. Uitvoering is afhankelijk van financiering en bestuurlijke prioritering.

Horeca In de afgelopen jaren is er flink wat veranderd in Amsterdam. De stad wordt voller en drukker. Er ontstaan nieuwe horecaconcepten en er zijn meer bezoekers. En in buurten komen meer woningen. Ondernemers willen ondernemen en bewoners prettig wonen. Dat schuurt soms en het is soms zoeken naar een balans. Met het Horecabeleid 2025 en de verankering daarvan in het Omgevingsplan wordt bepaald welk type horeca past op welke plek. In 2025 is bij VTH ingezet op implementatie van deze nieuwe regelgeving. Evenementen Het veilig laten verlopen van evenementen is een belangrijke voorwaarde voor het organiseren hiervan. In 2024 is door VTH ingezet op versterking

5

•

van de VTH-taken rondom evenementen. Zo zijn veiligheidsvoorschriften bij grote evenementen aangescherpt en is gericht toezicht uitgevoerd op de bezoekersveiligheid bij evenementen. Deze lijn is in 2025 voortgezet. Prostitutie De Amsterdamse aanpak zorgt voor meer zicht op de prostitutiebranche, zowel vergund als onvergund, waardoor misstanden beter gezien worden. Een integrale samenwerking met ketenpartners in het veld, maakt dat kwetsbare sekswerkers beter bij hulpverlening terecht komen. Met het vergunningstelsel en de daarbij behorende toezicht en handhaving, werken we aan een veilige en schone vergunde branche. De samenwerking op het dossier prostitutie met interne en externe partners is verbeterd.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

Versie: 14 april 2026

Inhoud

1. Algemeen: jaarverslag en beleidsevaluatie 1.1 Programmatische uitvoering VTH-taken 1.2 Prioriteitstelling VTH-opgaven  1.3 Uitvoering VTH-taken in 2025  1.4 VTH-uitvoeringsprogramma  1.5 Leeswijzer

9 9 10 12 12

2.

15

3.

7

Opgaven in de fysieke leefomgeving  2.1 De bewoonde stad 2.2 De compacte stad  2.3 De drijvende stad 2.4 De duurzame stad  2.5 De groeiende stad 2.6 De leefbare stad 2.7 De veilige stad  2.8 De vitale stad  Gevolgen voor beleid en uitvoering Bijlage I: Specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel Bijlage II: Kengetallen

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

9

15 19 22 24 27 32 34 37 47 53 65

Algemeen: jaarverslag en beleids­evaluatie

1. Algemeen: jaarverslag en beleidsevaluatie

Amsterdam voert een breed scala aan vergunning­ verlening, toezicht en handhavingstaken (VTH) uit. Het uitvoeren van deze VTH-taken draagt bij aan een veilige, duurzame, leefbare en gezonde fysieke leefomgeving voor Amsterdammers. We houden ons onder andere bezig met activiteiten die invloed hebben op de fysieke leefomgeving, zoals bouwen en bedrijvigheid. Met de komst van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is het bestaande stelsel ingrijpend herzien. De Omgevingswet gaat uit van een integrale benadering van de fysieke leefomgeving, waarin de diverse belangen in onder­ linge samenhang worden beschouwd. In het nieuwe VTH-beleid Fysieke Leefomgeving 2024 (FLO) is aangesloten bij deze integrale benadering van de Omgevingswet. In dit stuk wordt beschreven wat de inspanningen en resultaten zijn van de uitvoering van vergunning­ verlening, toezicht en handhaving (VTH) in 2025 in de gemeente Amsterdam op basis van de Omgevingswet en het VTH Beleid Fysieke Leefomgeving. Het gaat om alle VTH-taken voor bouwen en gebruik. Zoals de vergunningverlening, toezicht en handhaving op de staat van bestaande gebouwen en op het slopen, (ver)bouwen en het gebruik van gebouwen. Maar ook de vergunningverlening, toezicht en handhaving van onder meer exploitatievergunningen voor horeca, evenementen, ligplaatsen voor woonboten en van de huisvestingsverordening.

Deze taken zijn uitgevoerd door de stadsdelen, de gemeentelijke directies Wonen, Ruimte & Duurzaamheid, Brandweer Amsterdam-Amstelland (BAA) en de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. Het voorliggende stuk bevat zowel een jaarverslag als een beleidsevaluatie. Elk themahoofdstuk wordt afgesloten met een themagerichte duiding en beleids­evaluatie. Daarbij wordt vermeld of de voor dit thema in het VTH-beleid fysieke leefomgeving 2024 opgenomen strategieën effect hebben gehad of verdere aanscherping behoeven. In hoofdstuk 3 wordt tevens een meer algemene beschouwing gegeven op wat de gevolgen zijn voor beleid en uitvoering van de VTH-taken in 2026 en verder.

9

Bewoners, ondernemers, bezoekers Gebiedsgericht werken

Uitvoeren

Voorbereiding en werkwijze

Opgave

Monitoren

Programmeren

Evaluatie en probleemanalyse

Opgave

Bepalen strategieën

Prioriteiten en doelen

1.1 Programmatische uitvoering VTH-taken Professionele uitvoering van de VTH-taken vindt in Amsterdam programmatisch en cyclisch plaats. Dat betekent dat professionele uitvoering van de ­ VTH-taken plaatsvindt op basis van inzichtelijke keuzes. In de wetgeving zijn hiervoor proceseisen opgenomen. Grondslag van de VTH-beleidscyclus is de Big 8 (zie figuur). De uitvoering is gericht op het bereiken van vooraf afgesproken resultaten. Het beleid wordt jaarlijks geëvalueerd en de resultaten worden gebruikt voor het (eventueel) bijstellen van prioriteiten, doelen, strategieën en concrete activiteiten.

1.2 Prioriteitstelling VTH-opgaven De capaciteit en de middelen waarover de gemeente beschikt zijn beperkt. Dit betekent dat we prioriteiten moeten stellen. Dit doen we op basis van een risico­analyse. Per opgave is in het VTH- Beleid FLO beoordeeld welk negatief effect optreedt op de fysieke veiligheid, sociale kwaliteit leefomgeving,

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

natuurwaarde, omgevingskwaliteit, volksgezondheid en financieel economisch ,als de wet- en regelgeving niet wordt nageleefd. En hoe groot het effect is als het optreedt en hoe vaak dit effect gemiddeld genomen voorkomt. We hebben ook bepaald in welke mate het wel en goed oppakken van de opgave bijdraagt aan het Amsterdamse beleid op het gebied van duurzaamheid en ondermijning. De VTH-opgaven waar de gemeente voor staat binnen het domein van de fysieke leefomgeving zijn geïnventariseerd en gegroepeerd naar hoofdthema. Waar mogelijk is aangesloten bij de terminologie van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

De bewoonde stad (gebruik, kwaliteit en bescherming woningen). De compacte stad (aantrekkelijk, kwalitatief). De drijvende stad (wonen en werken op het water). De duurzame stad (energie, klimaat). De groeiende stad (realisatie, ambitie, vernieuwing). De leefbare stad (flora, fauna, bodem). De veilige stad (gezondheid, fysieke veiligheid). De vitale stad (exploitatie, organisatie, bedrijvigheid).

1.3 Uitvoering VTH-taken in 2025

zijn bepaalde stadsdeeloverstijgende VTH-taken ondergebracht bij de afdeling Regie Advies en Projecten (RAP). Denk hierbij aan de VTH-beleidscyclus, afhandeling stadsdeeloverstijgende raadsvragen, stedelijke VTH-projecten, procesoptimalisatie, dataen informatiesturing, etc.

Naar één directie VTH in 2026 Voor veel Amsterdammers zijn de medewerkers van Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) een belangrijk contactpunt. Verzoeken en aanvragen van bewoners, ondernemers en partners, zoals het aanvragen voor het realiseren van nieuwbouw of het verbouwen van een woning, verzoek tot het openen van een terras of het organiseren van een festival vragen vrijwel altijd om betrokkenheid van VTH. VTH staat daarmee midden in de dynamiek van de stad en moet in staat zijn om mee te bewegen met nieuwe ontwikkelingen, vraagstukken en regelgeving. Zo werkt VTH aan een rechtvaardigere beoordeling van overtredingen en handhaving in het kader van juridische vernieuwing. Daarnaast wordt vanuit de eigen rol bijgedragen aan stedelijke opgaven zoals leefbaarheid en veiligheid in een groeiende stad, bouwdynamiek en de woningbouwopgave.

Taakuitvoering door de stadsdelen

Om beter te kunnen bijdragen aan deze stedelijke opgaven, de kerntaken voor de Amsterdammer en het gewenste werkgeverschap voor de medewerkers is volgens het college een structuurwijziging van VTH noodzakelijk: één directie VTH die zich organiseert rondom de opgaven van de stad en uitdagingen voor VTH. Met deze reorganisatie worden alle VTHwerkzaamheden samengebracht in één organisatie met gezamenlijke sturing, heldere werkafspraken en een gedeeld kwaliteitsniveau. Dit zorgt voor een voorspelbare en gelijkwaardige dienstverlening.

Een belangrijk deel van de VTH-taken in de fysieke leefomgeving is gemandateerd aan het bestuur van de stadsdelen en stadsgebied Weesp. Het bestuur heeft de concrete uitvoering vervolgens ondergemandateerd en belegd bij de afdelingen VTH Bouw & Gebruik van de stadsdelen. Enkele taken zijn in centrale teams ondergebracht, zoals het toezicht op gebruiksvergunningen en gebruiksmeldingen in het Expertiseteam Brandveiligheid (ETB). Tot slot

Er is gekozen voor een organisatie-inrichting op basis van de hoofdopgaven van VTH: Bouw en Gebruik (hierna: portefeuilles), met daarbinnen afdelingen die gericht zijn op gebiedsclusters. Een gebiedscluster bestaat uit 2 of 3 stadsdelen. Deze keuze voor het inrichten van de nieuwe directie op de hoofdopgaven Bouw en Gebruik sluit aan bij de bestuurlijke mandaten. De inrichting van de hoofdopgaven naar

De aan de fysieke leefomgeving gerelateerde VTH-taken werden in 2025 door verschillende uitvoeringsorganisaties uitgevoerd: stadsdelen, de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG), Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (ODNHN) en een aantal directies van de gemeente Amsterdam. Uitvoeringorganisaties en ketenpartners weten elkaar te vinden.

10

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

Organogram Directie VTH

Bouw Bouw 2

Gebruik

(Centrum Oost & Weesp)

(West & Zuid)

(Nieuw-West, Noord & Zuidoost)

(Centrum Oost & Weesp)

Gebruik 1

Gebruik 2 (West & Zuid)

(Nieuw-West, Noord & Zuidoost)

Gebruik 3

RAP

Vergunningen 1

Vergunningen 1

Vergunningen 1

Vergunningen

Vergunningen

Vergunningen

Beleid, Projecten & Optimalisatie

Vergunningen 2

Vergunningen 2

Vergunningen 2

Toezicht

Toezicht

Toezicht

Data, Applicaties & Ondersteuning

Toezicht 1

Toezicht

Toezicht

Juristen

Juristen

Juristen

BAG

Toezicht 2

Brandveiligheid

Water

Administratie

Administratie

Administratie

Bouw 1

Bouw 3

Wonen

gebiedsclusters zorgt voor een goede verbinding met het dagelijks bestuur en de stadsdeelorganisatie en stelt VTH in staat om ook maatwerk te bieden op basis van de lokale behoeften. Het vormen van één directie VTH aangestuurd door een directeur, verstevigt ook het adequaat adviseren en ondersteunen van het college. VTH kan met de nieuwe organisatiestructuur beter aansluiten en inzetten op stedelijke strategische vraagstukken, zoals een rechtvaardige overheid, de woningbouwopgave, kansengelijkheid, leefbaarheid en veiligheid. Het college heeft op 9 december 2025 het besluit genomen om in te stemmen met de reorganisatie van VTH en de nieuwe organisatie gaat op 1 juni 2026 van start.

Taakuitvoering door de directies en ODNZKG Bij de uitvoering van de VTH-taken zijn naast de stadsdelen verschillende directies betrokken. Wonen richt zich via een projectmatige aanpak op verschillende stedelijke opgaven binnen het thema

11

Bibob & Prostitutie

Evenementen

woningkwaliteit, woninggebruik, woonfraude en verduurzaming. Afstemming met stadsdelen en stadsgebied Weesp op inzet en bijdrage vindt onder meer plaats via de verschillende programma’s en projectplannen. Over de programma’s wordt separaat gerapporteerd aan het bestuur. Monumenten en Archeologie maakt onderdeel uit van Ruimte & Duurzaamheid en is als gemeentelijk kenniscentrum het aanspreekpunt voor belang­ hebbenden en belangstellenden voor het Amsterdamse erfgoed. Bij de uitvoering van VTH-taken bij een monument worden zij betrokken als adviseur door de Commissie Omgevingskwaliteit en de stadsdelen. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG) voert in opdracht van de gemeente alle milieugerelateerde VTH-taken van het basistakenpakket uit. Daarnaast heeft Amsterdam diverse ‘plustaken’ (onder andere bouwen, brandveiligheid, slopen, etc.) ondergebracht bij de OD NZKG. Deze plustaken zijn ingebracht ter ondersteuning van de stadsdelen en voor de uitvoering van de VTH-taken in de groot­ stedelijke gebieden. De ODNZKG rapporteert in een

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

eigen jaarverslag over de uitvoering van de VTH-taken die namens de gemeente Amsterdam zijn uitgevoerd (basis- en plustaken). Ruimte & Duurzaamheid is opdrachtgever vanuit gemeente Amsterdam aan de OD NZKG. Daarnaast adviseert Ruimte & Duurzaamheid op aanvragen die afwijken van de ruimtelijke regels. Ook voert zij beleidstaken uit op het gebied van (onder andere) ruimtelijke ordening, stedenbouw en duurzaamheid.

1.4 VTH-uitvoeringsprogramma In het VTH-uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks de VTH-capaciteit geprogrammeerd naar concrete inzet en projecten. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt in verschillende soorten opgaven: Basisopgaven De Amsterdammer neemt bij dit type opgave het initiatief. Denk aan aanvragen voor een vergunning, sloopmeldingen, starten met een bouwproject, toezicht op gebruik van nieuwe inrichtingen en bouwwerken, handhavingsverzoeken, klachten, etc. Dynamische opgaven Bij deze taken neemt de gemeente of de OD NZKG het initiatief. Denk aan de stadsbrede of gebiedsgerichte aanpak van illegaal wonen, slechte gebouwkwaliteit, vernielen monumenten en welstandsexcessen of het stimuleren van duurzaamheidsmaatregelen en aanpak vocht en schimmel. Ook het toezicht op het gebruik van bestaande inrichtingen en bouwwerken valt hieronder. Dynamische opgaven geven invulling aan een specifieke behoefte en hebben een concreet doel. We pakken dynamische opgaven vaak projectmatig op. Als de dynamische opgaven stadsdeel overstijgend zijn spreken we van ‘stedelijk dynamische opgaven’.

dynamische opgaven. De lokale dynamische opgaven die zijn uitgevoerd in 2025, zijn benoemd in Bijlage I, ‘specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel’.

1.5 Leeswijzer In de volgende hoofdstukken zijn per onderwerp de bevindingen en resultaten in 2025 beschreven. Daarbij zijn ook relevante ontwikkelingen benoemd. Door enkele uitvoeringsorganisaties wordt separaat gerapporteerd, zoals in paragraaf 1.3 is aangegeven. Waar relevant wordt in een onderwerp naar deze separate rapportages verwezen. Ieder hoofdstuk start met een inleiding op het thema, waarbij in een oranje kader het doel is beschreven. Vervolgens wordt een kwalitatief (beschrijvend) en kwantitatief (cijfermatig) overzicht gegeven van de inspanningen en resultaten op het thema in 2025. Hierna volgt een duiding en evaluatie. Daarbij wordt vermeld of de voor dit thema in het VTH-beleid fysieke leefomgeving opgenomen strategieën effect hebben gehad of verdere aanscherping behoeven. Het ‘Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025’ wordt in hoofdstuk 3 afgesloten met een meer algemene beschouwing op wat de gevolgen zijn voor beleid en uitvoering van de VTH-taken in 2026 en verder. In ‘Bijlage I specifieke thema’s en informatie per stadsgebied/ stadsdeel’ zijn de specifieke bevindingen per stadsdeel/ stadsgebied Weesp gebundeld weergegeven. In ‘Bijlage II – Kengetallen’ worden de kengetallen (aantallen/ cijfers) over 2025 weergegeven voor de stadsdelen en stadsgebied Weesp.

Lokale dynamische opgaven Een deel van de beschikbare capaciteit wordt gereserveerd voor het uitvoeren van lokale dynamische opgaven binnen de stadsdelen of stadsgebied Weesp. Deze lokale dynamische opgaven voorzien in een lokale (stadsdeel/ gebieds-) prioriteit of behoefte. De stadsdelen en stadsgebied Weesp geven naar eigen inzicht/ behoefte invulling aan hun lokale

12

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

13

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

Opgaven in de fysieke leefomgeving

2. Opgaven in de fysieke leefomgeving

2.1 De bewoonde stad Onder dit thema vallen de opgaven die betrekking hebben op de woningkwaliteit en het woninggebruik. Bij woningkwaliteit gaat het om het behoud en verbeteren van de woningkwaliteit en om het investeren in de bestaande woningvoorraad voor de toekomst. ­Bij woning­gebruik ligt de nadruk op hoe woningen gebruikt worden. Gebruik van een woning voor andere doeleinden dan wonen is van invloed op beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen, maar ook op de leefbaarheid van wijken en de woningkwaliteit.

Omgevingsanalyse In 2023 is de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV) vastgesteld. De AAV beschrijft de huidige volkshuisvestelijke opgaven en de ambities in Amsterdam. De AAV vormt de basis voor toekomstige beleidswijzigingen bijvoorbeeld voor de voorraadvergunningen. Door de schaarste aan woningen willen we de bestaande woningvoorraad zo veel mogelijk beschermen. Om die reden zijn bijvoorbeeld quota voor Bed & Breakfast vastgesteld en is er een maximum verbonden aan het aantal dagen vakantieverhuur. De Huisvestingsverordening (Hvv) regelt de vergunningen voor splitsen, vormen, samenvoegen, onttrekken of het omzetten van woningen. De raad wordt tweejaarlijks via de AAV-monitor geïnformeerd.

bij de stadsdelen. Het toezicht en handhaving ligt bij de directie Wonen met uitzondering van de splitsingsvergunning. Over de inzet en resultaten van de directie Wonen wordt separaat gerapporteerd. Organisatie: naar één expertiseteam voor de ­ oorraadvergunningen V VTH neemt aanvragen voor vergunningen in het kader van de Hvv in behandeling. Dit is een dynamische portefeuille die vol in de aandacht van de politiek staat, continu aan verandering onderhevig is en daarmee van VTH ook steeds aanpassingen van processen, werkinstructies en brieven vraagt. We streven als VTH naar een optimale omvang en inzet van capaciteit en kwaliteit. De laatste jaren was sprake van een daling van aantallen aanvragen in het kader van de Hvv in bepaalde stadsdelen. Dit gegeven leidt vaak tot een laag aantal aanvragen per medewerker. En VTH streeft naar een adequate caseload. Centrale gedachte hierbij is dat alleen een voldoende caseload tot een adequate borging van kwaliteit kan en zal leiden. Bovendien vraagt het nu veel inspanningen om beleidswijzigingen door te voeren en uniforme processen bij verschillende organisaties te implementeren. PLAN

DO CK CHE

We dragen bij aan de beschikbaarheid en eerlijke verdeling van woningen voor alle Amsterdammers, ongeacht inkomen, opleidingsniveau, leeftijd, levensfase of gezinssamenstelling. We zorgen er voor dat de bestaande woningvoorraad binnen Amsterdam daadwerkelijk als woonruimte wordt benut, voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen, comfortabel te bewonen is, duurzaam wordt verbeterd en toekomstbestendig is.

ACT

Hoofddoel

ing

borg

Om die reden is besloten om in het kader van de reorganisatie van VTH voor de vergunningen in het kader van de Hvv één expertiseteam op te richten. Dit team maakt onderdeel uit van gebied Zuid/West omdat hier de meeste aanvragen binnenkomen.

Inspanningen en resultaten De VTH-taken op grond van de Huisvestingsverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving worden gezamenlijk uitgevoerd met de directie Wonen. De vergunningverlening ligt grotendeels

15

Splitsen Een splitsingsvergunning is nodig wanneer een eigenaar woningen in een gebouw, gebouwd voor 1940 en gelegen binnen het aangewezen gebied,

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

met meerdere appartementen afzonderlijk wil verkopen. Het eigen­dom moet dan juridisch gesplitst worden in appartementsrechten of lidmaatschapsrechten. Aan een splitsingsvergunning zijn bouwkundige kwaliteitseisen verbonden. In 2024 was er sprake van een hausse aan aanvragen (totaal 492 in 2024 waarvan bijna de helft in de maand juni). Dit had waarschijnlijk te maken met het vermoeden van invloed door de invoering van de Wet Betaalbare Huur. In 2025 gaat het om 431 aanvragen vooral in de stadsdelen Zuid, West en Centrum. In Oost en Noord gaat het om lagere aantallen. Het splitsingsbeleid is niet van toepassing in de stadsdelen Nieuw West, Zuidoost en stadsgebied Weesp. Hospitaverhuur en omzettingsvergunning Een woonplek vinden in Amsterdam is bijzonder moeilijk. Het tekort aan passende en betaalbare woningen is erg groot. Woningdelen kan bijdragen aan het creëren van meer woonplekken. Tegelijkertijd is het belangrijk om de leefbaarheid te waarborgen en de huurrechten van woningdelers te beschermen. Daarnaast willen we grote woningen ook beschikbaar houden. We hebben dus gezocht naar maatregelen die voor deze balans zorgen: meer woonplekken in de stad door woningdelen makkelijker te maken én de leefbaarheid en woningvoorraad in de stad beschermen. De regels voor inwoning/hospitaverhuur zijn verruimd.

De termijn waarna iemand mag komen inwonen is met ingang van 2025 verkort van twee naar één jaar. Dit betekent dat een huishouden al na één jaar een ander huishouden in huis mag nemen, in plaats van na twee jaar. Verder wordt inwoning direct, dus niet pas na één jaar, toegestaan als het inwoning verlenende of het inwonende huishouden getrouwd is of een geregistreerd partnerschap heeft. Ten derde staat het college inwoning van twee huishoudens toe (in plaats van maximaal één inwonend huishouden) als het gaat om familie tot en met de vierde graad of als er sprake is van mantelzorg. Naast het huishouden van de hoofdbewoner mogen dan dus twee andere huishoudens komen inwonen. Een huishouden kan uit meerdere personen bestaan. Het kan bijvoorbeeld gaan om een gezin met kinderen.

16

Een omzettingsvergunning is nodig als een woning wordt bewoond door drie of meer personen die geen gezin vormen. Er moet dan een vergunning worden aangevraagd voor de omzetting van een zelfstandige woning naar (meerdere) onzelfstandige woonruimten. Om bij te dragen aan de leefbaarheid van de verschillende gebieden in de stad zijn op stedelijk niveau wijkquota bepaald voor het aantal toegestane omzettingsvergunningen. Per wijk is aangegeven in hoeveel woningen er kamers verhuurd mogen worden. Via een digitale kaart op de website van de gemeente Amsterdam kan ingezien worden of er in een stadsdeel nog quotum beschikbaar is. Daarnaast wordt getoetst aan het pandquotum om clustering van woningdelen te voorkomen. Per pand of rij aaneengesloten eengezins­ woningen mag maximaal 25% worden omgezet. Tegelijkertijd is het belangrijk om de leefbaarheid te waarborgen en de huurrechten van woningdelers te beschermen. Daarnaast willen we grote woningen ook beschikbaar houden. We hebben dus gezocht naar maatregelen die voor deze balans zorgen: meer woonplekken in de stad door woningdelen makkelijker te maken én de leefbaarheid en woningvoorraad in de stad beschermen. Daarnaast zijn de leges bij omzettingsvergunningen met ingang van 2025 voor drie onzelfstandige woonruimten met 90% verlaagd. Door de leges te verlagen wil het college de drempel om een vergunning aan te vragen verlagen.

Het helemaal afschaffen van de vergunning om te woningdelen met drie personen wil het college niet (vergunningsvrij maken) omdat we dan niet meer kunnen sturen op de samenstelling van de woningvoorraad. Het aantal aanvragen is iets toegenomen. In 2025 gaat het om 167 aanvragen tegenover 151 in 2024. De meeste aanvragen zijn gedaan in Zuid, Centrum en West. Bed & Breakfast vergunningen Een bewoner mag een deel van de woning gebruiken voor Bed & Breakfast (B&B). Hier is een vergunning voor vereist. Om de leefbaarheid in de wijken te bewaken is ook voor het exploiteren van een B&B een maximaal aantal vergunningen beschikbaar per wijk. Naast een

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

vergunning geldt tevens een registratie De exploitant moet een registratienummer aanvragen. Vergunning aanvragen voor B&B worden afgehandeld door één gecentraliseerd team dat is ondergebracht in stadsdeel Nieuw-West. Er zijn in 2025 geen beleidsmatige wijzigingen met betrekking tot B&B doorgevoerd. In 2025 gaat het om 103 aanvragen tegenover 124 in 2024.

staat van het metsel- en voegwerk plus het houtwerk beoordeeld. Achterstallig onderhoud, maar ook bouwkundige gebreken komen daarbij naar voren. In dat laatste geval wordt de eigenaar aangeschreven. Het onderdeel woningkwaliteit is ook opgenomen in de lokale meerjarenplannen van de stadsdelen: ‘Aanpak Noord’ en Masterplan ‘Samen Nieuw-West’ en de stadsbrede aanpak Vocht en Schimmel.

Tijdelijke verplaatsing woonboten met B&B als gevolg van kadeherstel De komende jaren is er een grote en urgente opgave bij het onderhouden en herstellen van de bruggen en kademuren. Hierdoor zullen de komende tientallen jaren naar schatting 2.800 woonboten tijdelijk moeten worden verplaatst om ruimte te maken voor onderhouds- en herstelwerkzaamheden. Een verplaatste woonboot blijft gemiddeld twee jaar liggen op de tijdelijke ligplaats. Gezien het langdurige hersteltraject van Amsterdamse kades en bruggen en het aantal woonboten met een B&B dat te zijner tijd verplaatst moet worden (naar schatting 190), zijn hierover regels opgenomen in de Huisvestingsverordening per 1 januari 2025. Doel is om de eigenaar met een al ingrijpende tijdelijke verhuizing niet nog meer te belasten met extra obstakels voor de B&B. De B&B-eigenaar mag zijn/haar B&B tijdelijk exploiteren op de andere ligplaats en er zal geen toetsing plaatsvinden aan het wijkquotum.

•

Masterplan ‘Aanpak Noord’ Een van de thema’s in het Masterplan ‘Aanpak Noord’ is de wens voor duurzame, kwalitatief goede woningen. De opgave is dat woningen met een bouwjaar van voor 1995 duurzaam en van goede kwaliteit zijn in het stadsdeel. De afdeling VTH van stadsdeel Noord en de directie Wonen werken daar gezamenlijk aan. Op basis van quickscans worden meer complexe casussen opgelost en overleg gevoerd met coöperaties, eigenaren en huurdersverenigingen. Samenwerkingsverbanden met diverse keten­ partners worden opgebouwd en verstevigd. Vaak is er sprake van een samenloop met bestaande projecten, zoals bijvoorbeeld de stedelijke aanpak vocht en schimmel met de corporaties.

•

Masterplan ‘Samen Nieuw- West ‘ Woningkwaliteit is ook een belangrijk thema in het Masterplan ‘Samen Nieuw-West’. De doelstelling is dat alle woningen met slechte kwaliteit gestart zijn met verbetering van de kwaliteit en duurzaamheid. Bij woningverbetering door woningcorporaties houdt VTH-stadsdelen contact met de directie Wonen. Meldingen over woningkwaliteit worden in afstemming met Wonen overgedragen aan de corporaties om verder op te pakken en op te lossen.

•

Aanpak vocht en schimmel Veel Amsterdammers kampen met vocht en schimmel in hun woningen. Dit is ongezond voor bewoners. In 2024 gaf 27% van de Amsterdam­ mers aan vocht- en of schimmelplekken te hebben. Om deze reden is een stadsbrede aanpak vocht en schimmel gestart die enerzijds bestaat uit:

Dynamische opgaven Gebouwkwaliteit woningen Een goede woning is een basisbehoefte voor bewoners en belangrijk voor de leefbaarheid in de stad. Dit is een van de doelen uit de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV). De directie Wonen richt zich via een projectmatige aanpak op verschillende stedelijke opgaven binnen het thema woningkwaliteit, verduurzaming, woninggebruik en woonfraude. Gebouwkwaliteit is een stedelijk dynamische opgave. Meldingen en klachten over de kwaliteit van de woning worden door VTH-stadsdelen (in samenwerking en afstemming met directie Wonen) opgepakt. Daarnaast wordt in gebieden periodiek op basis van een quickscan een oordeel gevormd over eventuele bouwkundige gebreken van panden. Op basis van een schouw van de gevel en buitenkant wordt de

17

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

1.

2.

Vocht en schimmelaanpak met corporaties. In 2023 is samen met de woningcorporaties een vocht- schimmelaanpak opgezet. Dit heeft geresulteerd ca. 15.000 meldingen tot en met januari 2025. De woningcorporaties hebben extra middelen gekregen om deze aanpak uitvoeren. Deze aanpak bestaat onder andere uit het inschakelen van specialisten voor complexe analyses, schimmelverwijdering en langdurige opvolging van woningen, met focus op vroegtijdig signaleren, oplossen en voorkomen. De raad wordt separaat geïnformeerd over de aanpak Vocht en Schimmel. Handhavingsaanpak vocht en schimmel Vanuit de inzet op woningkwaliteit bestaat sinds 2017 een handhavingsaanpak voor vocht- en schimmelproblemen. Deze aanpak loopt naast en in aanvulling op de gezamenlijk schimmelaanpak met de corporaties die hierboven is toegelicht en beperkt zich niet tot corporatiewoningen. In 2025 zijn 174 zaken in behandeling genomen en 70 zaken opgelost.

Verduurzamen bestaande woningvoorraad De gemeente Amsterdam is gestart met een isolatieoffensief voor alle woningen, zowel in de huurals koopsector. Doel is om verschillende groepen woningeigenaren en bewoners te ondersteunen om woningen snel en efficiënt te isoleren door het geven van informatie, advies en verlenen van subsidies. Eén deelproject richt zich op het mogelijk maken van isolatie van monumenten en cultuurhistorisch, stedenbouwkundig en architectonisch waardevolle woongebouwen in Amsterdam. Dat deelproject bestaat uit 4 werkgroepen met collega’s vanuit de verschillende organisatieonderdelen die conceptverduurzamingsproducten opleveren. Eén van de doelstelling hiervan is om de processen rond de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor verduurzamingsmaatregelen te stroomlijnen zodat een aanvraag sneller afgehandeld kan worden. Ook is er een projectgroep gestart met deelname vanuit VTHstadsdelen en de directie Wonen, die woningeigenaren begeleidt en adviseert over de regelgeving. Het project is in 2024 gestart en loopt naar verwachting door tot

18

en met 2027. Over het isolatieoffensief wordt de raad geïnformeerd via een jaarlijkse voortgangsrapportage. Over het isolatieoffensief wordt de raad geïnformeerd via een jaarlijkse voortgangsrapportage.

Duiding en evaluatie Het aantal aanvragen voor omzetten is iets toegenomen. In 2025 gaat het om 167 aanvragen tegenover 151 in 2024. Het is onbekend of de verlaging van de leges en verruiming van de quota bij de omzettingsvergunningen hierbij een rol hebben gespeeld. Bij splitsen was er in 2024 sprake van een hausse aan aanvragen. Dit had waarschijnlijk te maken met het vermoeden van invloed door de invoering van de Wet betaalbare huur. Ook in 2025 gaat het om een relatief hoog aantal ten opzichte van eerdere jaren. Het splitsingsbeleid is nu van toepassing op vijf stadsdelen. In 2025 zijn voorstellen ontwikkeld om het splitsingsbeleid met ingang van 2027 uit te breiden naar de hele stad. Besluitvorming hierover zal in 2026 plaatsvinden. De in het VTH-beleid opgenomen strategie om de bouwkundige woningkwaliteit te verbeteren is gelet op de behaalde resultaten succesvol en behoeft vooralsnog geen aanpassing. Ten aanzien van woningkwaliteit is verduurzaming net als in vorige jaren ook voor 2025 een belangrijk speerpunt. De resultaten van het project om de processen rond verduurzaming te stroomlijnen moeten in de komende jaren een uniforme en efficiënte werkwijze opleveren waarmee de isolatieopgave ook daadwerkelijk een impuls gaat krijgen en de woningvoorraad in Amsterdam verduurzaamd wordt.

Na oplevering van de resultaten van het project kan worden bepaald of het VTHbeleid op dit punt verdere aanscherping of aanvulling behoeft.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

2.2 De compacte stad Onder dit thema vallen de opgaven die betrekking hebben op het behouden van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Kwaliteit vatten wij hierbij in brede zin op: ruimtelijke kwaliteit, fysieke kwaliteit, behoud van het stedelijk schoon en het gebouwde erfgoed, et cetera. Ook de opgaven die als doel hebben dat gebouwen en open terreinen geschikt zijn en blijven voor hun functie vallen onder dit thema. Binnen dit thema wordt samengewerkt tussen de stadsdelen en team Monumenten en Archeologie (M&A) van Ruimte en Duurzaamheid. Onder meer voor het adviseren in het kader van vergunningverlening middels de Commissie Omgevingskwaliteit.

Omgevingsanalyse Binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam bevindt zich een grote hoeveelheid oudere en historische bebouwing. De kwaliteit van de bebouwing heeft grote invloed op de beleving van de stad, zowel in de woning als op straat en in de buurt. Het stedelijk schoon en het gebouwde erfgoed bepalen in hoge mate de identiteit en de kwaliteit van Amsterdam. Daarnaast is de druk op de bestaande bebouwing en de beschikbare ruimte groot; grond en bebouwing zijn duur. Gebruikers zoeken vaak naar mogelijkheden om de beschikbare ruimte zo optimaal mogelijk te benutten. Een gevolg

19

hiervan is dat er regelmatig bouwwerken en terreinen op een andere manier worden gebruikt dan waarvoor ze oorspronkelijk waren bedoeld. Dit levert soms strijd op met de geldende planologische visie.

Hoofddoel In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 staat dat Amsterdam een mooie, compacte stad wil zijn. Dat betekent dat ruimte in de stad slim benut wordt en het geheel ruimtelijke kwaliteit oplevert. Hierbij spelen de VTH-opgaven die onder dit thema vallen een grote rol. We dragen bij aan het behouden en verbeteren van de kwaliteit van de bebouwde omgeving en de geschiktheid van bouwwerken en open terreinen voor hun functie.

Inspanningen en resultaten Omgevingsvergunning voor een monumentenactiviteit Voor het veranderen, verbouwen, wijzigen van gebruik en het slopen van een rijks- of gemeentelijk monument is een omgevingsvergunning voor een monumentactiviteit noodzakelijk. Deze vergunning voor een (rijks)monumentenactiviteit, inclusief het houden van toezicht hierop is een taak van de afdelingen VTH van de stadsdelen. We willen bereiken dat aanvragen

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

en verleende vergunningen volgens de regels worden getoetst en uitgevoerd, dat monumentale waarden behouden blijven, dat termijnen worden behaald en dat aanvragers zich bewust zijn van hun verantwoordelijkheden. In 2025 zijn 512 omgevingsvergunningen aangevraagd voor een rijksmonumentenactiviteit. Het grootste deel daarvan, 409 aanvragen, ligt in stadsdeel Centrum. Dit is te verklaren daar een groot deel van de binnenstad de status van Rijksmonument heeft. Daarnaast zijn er 509 aanvragen gedaan voor een omgevingsplan activiteit voor een gemeentelijk monument. Hiervan waren er 334 afkomstig uit stadsdeel Centrum, 90 uit stadsdeel Zuid en 53 in West. Deze stadsdelen hebben gebieden met een gemeentelijke monumentstatus. VTH-stadsdelen heeft een goede samenwerking met het adviserende team M&A van de afdeling Ruimte en Duurzaamheid. Een expert van dit team gaat soms mee met een bouwinspecteur tijdens een inspectie van een monumentaal pand. Wanneer een advies voor een bouwplan van een specifiek monument niet gemandateerd afgedaan kan worden, wordt een individuele afweging met maatwerk vastgelegd in een advies. Daarbij wordt gezocht naar wat wél mogelijk is binnen de regels. Voor deze klantvriendelijke route is echter meer tijd nodig, 5 tot 6 weken, dan wanneer het advies gemandateerd afgedaan kan worden.

Hierdoor kan een aanvraag niet altijd binnen de gewenste termijnen afgehandeld worden. Met de aanvrager wordt in dat geval besproken of de beslistermijn verlengd wordt, of dat er op basis van de aanwezige informatie een besluit op de aanvraag wordt genomen. Omgevingsvergunning voor een afwijkactiviteit Voor het binnenplans- of buitenplans afwijken van het omgevingsplan is een vergunning omgevings­ planactiviteit nodig. Dit jaar zijn er 3.910 aanvragen ingediend voor een omgevingsplan activiteit om binnenplans af te wijken en 222 aanvragen om buitenplans af te wijken (BOPA).

20

Omgevingsplanactiviteit: omgevingsvergunning sloop in een beschermd stads- of dorpsgezicht Deze vergunning is het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht. Oftewel voor het geheel of gedeeltelijk afbreken van een bouwwerk binnen het aangewezen beschermde gebied. In 2025 zijn er 74 aanvragen gedaan voor een sloopvergunning in een rijks beschermd stads- of dorpsgezicht of een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.

Dynamische opgaven Verduurzaming monumenten Bij monumenten wordt ook ingezet op verduurzaming. In de meeste gevallen gaat het om het plaatsen van zonnepanelen en isolatieglas. In de praktijk kan het verduurzamen van monumenten soms ingewikkeld zijn omdat er sprake is van tegenstrijdige belangen en regels. Het college van B&W heeft in 2024 prioriteit gegeven aan de mogelijkheden voor verduurzaming van monumenten. Via de uitvoeringsagenda Duurzaam Erfgoed 2024-2026 zet de gemeente in op minder regels, snellere procedures en meer begeleiding voor eigenaren via het Loket Duurzaam Erfgoed. In samen­ werking met alle betrokken partners, zoals team Monumenten en Archeologie, worden mogelijkheden onderzocht en praktisch toegepast bij het adviseren rondom een aanvraag. Zo zijn er bijvoorbeeld handreikingen opgesteld waarin beleidsregels staan voor het plaatsen van zonnepanelen op monumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten. Knelpunt bij grotere verduurzamingswerkzaamheden is, dat deze vaak niet passen binnen het Omgevingsplan en de gewenste ruimtelijke kwaliteit. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van een warmtepomp. Actieve communicatie richting eigenaren monumenten Om beschadigingen van monumentale waarden te voorkomen is het van belang dat nieuwe eigenaren goed op de hoogte zijn van de regels. Door goede communicatie proberen we overtredingen te voor­ komen.

Als aanvullende opgave is capaciteit gereser­ veerd om nieuwe eigenaren van monumenten proactief te informeren middels een informatiebrief. De gegevens uit het Kadaster worden hiervoor gebruikt. In de brief

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

worden zij op de hoogte gesteld van de bijzondere status van hun pand en de verantwoordelijkheid die daarbij komt kijken. Stadsdeel Centrum verstuurt deze brieven voor de hele stad. In 2025 waren dat er ongeveer 300 per maand.

Duiding en evaluatie Dit thema behoeft continue aandacht. Het monumentale erfgoed bepaalt voor een groot deel de identiteit en uitstraling van Amsterdam. Uitdaging blijft om de kwaliteit en duurzaamheid van deze gebouwen op hedendaags niveau te brengen en daarbij de monumentale waarde en uitstraling te behouden. Stedelijk is ook in 2025 ingezet om samen met ketenpartners zoals team M&A actief te zoeken naar mogelijkheden voor verduur­ zaming met behoud van de waarden. Dit heeft een positief en praktisch resultaat gehad, waarbij meer mogelijkheden voor verduurzaming zijn vastgelegd in handreikingen. Deze helpen zowel eigenaren als behandelaren bij het vergunningsproces. De hand­ reikingen hebben ook een positief effect op de snel­ heid van het vergunningsproces. Immers wanneer wordt voldaan aan de handreiking, hoeft niet elke individuele aanvraag beoordeeld te worden door team M&A. De beleidsstrategie kan aangescherpt worden voor handhaving bij moedwillige overtreding van regels bij een monument. Voor het doen van aangifte van een economisch delict bij de officier van justitie is nodig dat de huidige werkwijze verder wordt uitgewerkt en met de betrokken partijen afspraken worden gemaakt. Mogelijk moeten ook andere opties/ instrumenten worden verkend om naleving van de regelgeving te bevorderen.

De huidige beleidsstrategie inzake informatievoor­ ziening aan eigenaren behoeft op dit moment geen aanpassing. Nieuwe eigenaren van monumenten worden voldoende proactief geïnformeerd middels de brieven die stadsdeel Centrum verstuurt voor de hele stad. Verdere voorlichting en begeleiding van eigenaren bij het onderzoeken van mogelijkheden voor verduurzaming van monumenten wordt gegeven via het Loket Duurzaam Erfgoed.

21

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

2.3 De drijvende stad Onder dit thema vallen de VTH-opgaven die betrekking hebben op het wonen en werken op het water in Amsterdam. Er is een groot aantal bouwwerken, vaartuigen en objecten dat gebruik maakt van de Amsterdamse wateren.

Omgevingsanalyse In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 is benoemd dat wonen en werken in of aan het water populair is. Eigenaren van woonboten willen graag uitbreiden, met een drijvend terras rondom de woonboot en ruimte voor bijvoorbeeld opslag op de oever. Cafés en restaurants willen graag een terras aan het water, op een steiger, of zich vestigen op een restaurantboot. Kantoren vinden uitzicht op het water een verrijking. Al jaren geldt een bevriezingsbeleid ten aanzien van objecten in het water om zo het vrije uitzicht op het water te waarborgen.

Het plaatsen van een woonboot of niet-varend bedrijfsvaartuig wordt gezien als bouwen waarvoor vaak een omgevingsvergunning nodig is. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt getoetst aan het omgevingsplan, aan welstandseisen en aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Daarnaast is op grond van de Verordening op het Binnenwater ook een ligplaatsvergunning vereist. Deze is gebonden aan de houder, ligplaats en het vaartuig. Een aanvraag voor een ligplaatsvergunning wordt onder andere getoetst aan nautische regelgeving zoals het vlot en veilig scheepvaartverkeer, eisen vanuit het Waterschap en veilig afmeren aan de kade. Voor burgers is de noodzakelijkheid van een ligplaatsvergunning én een Omgevingsvergunning moeilijk te begrijpen, zeker als er sprake is van strijdige regelgeving. Regels uit de Verordening op het binnenwater 2010 (Vob) komen straks in Omgevingsplan, maar dat duurt helaas nog even.

Hoofddoel Met de VTH-taken dragen we bij aan een veilige en gezonde woon- en werkomgeving op het water, een goede balans tussen het gebruik door Amsterdammers en een veilige en vlotte doorvaart.

Inspanningen en resultaten Er komen in Amsterdam bijna geen nieuwe ligplaatsen bij, omdat de ruimte aan en op het water schaars is. Woonboten worden gezien als bouwwerken en zijn hierdoor omgevingsvergunnings-plichtig. In de Wet verduidelijking voorschriften woonboten (Wvvw) staan specifieke regels die gelden voor woonboten en voor varende (woon)boten.

22

In 2025 zijn er voor het bouwen of verbouwen van een drijvend bouwwerk 51 conceptaanvragen ingediend. Voor het bouwen of verbouwen van een woonboot, een (bouwtechnische) bouwactiviteit onder de Omgevingswet, zijn 27 omgevingsvergunningen verleend en 3 voor objecten in het water. Daarnaast zijn er 60 omgevingsvergunningen verleend voor een omgevingsplanactiviteit voor een drijvend bouwwerk. Het kan daarbij gaan om een ligplaats, nieuwe eigenaar of een nieuwe woonboot. Plus 17 omgevingsplanvergunningen zijn verleend voor objecten in het water. Daarnaast zijn er dit jaar lig­ plaats­vergunningen verleend op basis van de Vob: 161 voor een woonboot en 9 voor een bedrijfsvaartuig.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

Voor het aanbrengen van een object in, aan of boven openbaar water van de gemeente Amsterdam is een ontheffing vereist van de Vob. Hierbij valt te denken aan dukdalven, meerpalen, toegangsvoorzieningen, aanmeervoorzieningen, warmtepompen, steigers en vlotten of specifieke voorzieningen voor mensen met een handicap. Stadsdelen Centrum en Oost hebben een aantal kleine objecten aangewezen, die onder bepaalde voorwaarden zonder ontheffing mogen worden geplaatst. Voor objecten in, op of aan het water zijn er 3 omgevingsvergunningen verleend voor een (bouwtechnische) bouwactiviteit en 17 verleend voor een omgevingsplanactiviteit plus 1 ontheffing op de Vob.

Deze beleidsdocumenten bevatten onder andere regels voor de handhavingstaken voor drijvende bouwwerken: woonboten, varende en stationerende bedrijfsvaartuigen.

Dynamische opgaven

Duiding en evaluatie

Programma Varen Er is in de stad een enorm aanbod aan toeristische en speciale vaararrangementen: van luxe dineren cocktailcruises, (silent) discoboten, speciale evenementen zoals SAIL Amsterdam (augustus) 2025 en het Light Festival (december 2025/ januari 2026). Vanaf november 2025 gelden er nieuwe regels voor uitstootvrije zones voor pleziervaartuigen, passagiersvaartuigen, transportvaartuigen en dienst­vaartuigen, waardoor alleen elektrische of waterstofboten zijn toegestaan. Bij nieuwe aanvragen wordt aan deze regels getoetst. In 2025 zijn er 137 aanvragen behandeld en 28 verleng­ingen exploitatievergunningen passagiersvaart afgegeven. Daarnaast zijn er veel juridische procedures: in 2025 zijn er 56 bezwaarzaken, 6 beroepszaken en 28 hoger beroepszaken afgehandeld en 56 bezwaarzaken, 13 beroepszaken en 4 hoger beroepzaken ontvangen.

De balans houden tussen het gebruik van de kades en het water blijft een continue uitdaging, waarbij veel dynamiek is. Op diverse plekken wordt gewoond op het water zonder de juiste vergunning, hierdoor ontstaat overlast. Continue aandacht hiervoor bij de stadsdelen bij het toezicht en handhaving is noodzakelijk.

Uitvoering project Nulmeting woonboten. Om zicht te krijgen op alle woonboten binnen Amsterdam en de juistheid van de Basis Administratie Gebouwen (BAG) registraties zijn alle woonboten binnen Amsterdam gecontroleerd op maatvoering en aanwezigheid van een ligplaatsvergunning. Uit stedelijk uitgevoerd onderzoek zijn diverse strijdige of onduidelijke situaties naar boven gekomen. Vanwege de omvang van deze strijdigheden en illegale situaties heeft het college op 15 december 2020 de ‘Aanpak Nulmeting Woonboten’ inclusief de ‘Handhavingsstrategie Woonboten’ vastgesteld.

23

Tijdens de reguliere controles is in 2025 speciale aandacht gegeven aan verhuur: illegale toeristische verhuur, meldingen over illegale verhuur, langdurige leegstand en onrechtmatig gebruik van woonboten. Bij een mogelijke overtreding wordt het toezicht en de eventuele handhaving overgedragen aan de directie Wonen die toezicht houden op Bed & Breakfast vergunning en de Huisvestingsverordening.

De complexiteit rondom vergunningverlening wordt alsmaar groter en zorgt voor de nodige vragen bij zowel vergunningverleners als bij de aanvragers. Bijvoorbeeld binnen stadsgebied Weesp, waar door de fusie met Amsterdam nieuwe regels van kracht zijn. Daarnaast zien we dat eigenaren de grenzen opzoeken van het maximaal toegestane oppervlakte van de woonboot. Hierdoor ontstaan er in de praktijk excessen, waarbij de boot te diep is en hierdoor niet aan de eisen voldoet voor een ligplaatsvergunning. Tijdige informatieverstrekking en duidelijkheid over alle regels die voor woonboten gelden kunnen dit voorkomen. Om precedentwerking en onveilige situaties te voorkomen is het noodzakelijk om bij excessen direct op te kunnen treden. De afgelopen jaren is dit met het project nul­ meting woonboten goed opgepakt. Nu dit project in 2025 eindigt, is het belangrijk om de aandacht hiervoor de komende jaren niet te laten verslappen. Het uitvoeren van de (specifieke) beleidsstrategieën voor het thema De Drijvende Stad heeft ook in 2024 een belangrijke bijdrage geleverd aan het behalen van de gestelde doelen. De strategie is succesvol.

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

2.4 De duurzame stad Amsterdam wil een duurzame stad zijn, voor nu en voor de generaties na ons. Duurzaamheid zit ook verweven in veel aspecten van VTH-taken in andere thema’s. Zoals het toezicht op de bouw en de inzet op kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Bij het thema duurzame stad gaan we in op energiebesparende maatregelen en het opslaan van hemelwater.

Omgevingsanalyse Het veranderend klimaat heeft invloed op Amsterdam. Amsterdam zet erop in om die gevolgen zo klein mogelijk te houden én de impact van de stad zelf op het klimaat zo klein mogelijk te maken. We willen een stad zijn die goed omgaat met de effecten van klimaatverandering, zoals wateroverlast, toenemende periodes van droogte en hitte en verandering van biodiversiteit.

Hoofddoel De inzet van VTH-taken draagt bij aan de doelstellingen rondom klimaatadaptatie en energietransitie. Wij dragen bij aan een duurzame stad waarin ruimte is voor wonen en bedrijvigheid met aandacht voor bodem, grondwater, waterberging, constante energiebeschikbaarheid en energiebesparing.

24

Inspanningen en resultaten De inspanningen en resultaten binnen dit thema zien niet zozeer op de afhandeling van specifieke vergunningen/ meldingen, maar op het meewegen van duurzaamheidsaspecten bij de toetsing en belangenafweging van reguliere vergunningen. In 2025 zijn er diverse aanvragen ingediend voor verduurzaming, vooral voor het plaatsen van warmte­ pompen, plaatsen van zonnepanelen, vervangen ramen/ kozijnen, isoleren van daken/ gevels. Zoals reeds vermeld in het thema ‘de Compacte Stad’ heeft het college van B&W in 2024 prioriteit gegeven aan de mogelijkheden voor verduurzaming van monumenten. Via de uitvoeringsagenda Duurzaam Erfgoed 2024-2026 zet de gemeente in op minder regels, snellere procedures en meer begeleiding voor eigenaren via het Loket Duurzaam Erfgoed. In samenwerking met alle betrokken partners, zoals team M&A, worden mogelijkheden onderzocht en praktisch toegepast bij het adviseren rondom een aanvraag. Zo zijn er bijvoorbeeld handreikingen opgesteld waarin beleidsregels staan voor het plaatsen van zonnepanelen op monumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten. Tevens worden de mogelijkheden onderzocht om de vergunningsplicht voor bepaalde verduurzamingsactiviteiten aan monumenten om te zetten naar ‘vergunningsvrij met

Jaarverslag en beleidsevaluatie 2025 | VTH Bouw & Gebruik, gemeente Amsterdam

melding’. Hierbij geldt uiteraard dat vergunningsvrij niet per definitie ‘regelvrij’ betekent. Denk bijvoorbeeld aan de landelijke geluidseisen van een warmtepomp. Hemelwaterberging Amsterdam wil klimaatadaptief bouwen en zorgen dat de stad beter zware regenbuien kan verdragen. Het is nodig om water op deze wijze op te kunnen vangen omdat het riool extreme hoosbuien, die steeds vaker voorkomen, niet in één keer kan afvoeren. De regels van de Hemelwaterverordening uit 2011 zijn in 2024 opgenomen in het Omgevingsplan. Met de komst van de Omgevingswet is het naleven van de voorwaarden van de hemelwaterberging een weigeringsgrond geworden. Nieuwe gebouwen, gebouwen die ingrijpend gerenoveerd worden en gebouwen waar een verdieping aan wordt toegevoegd moeten aan de eis voldoen om hemelwater te kunnen borgen en af te voeren. Tijdens de aanvraag wordt op basis van een rekentool getoetst of het ontwerp in de aanvraag voldoet aan deze normen. De medewerkers van de afdelingen vergunningen hebben hiervoor begin 2024 een training gehad. Toezicht vindt onder andere plaats bij grote bouwprojecten. Over de toepassing van de regelgeving omtrent de hemelwaterberging blijft structureel aandacht nodig om medewerkers te trainen en up to date te houden in de wijze waarop de regelgeving getoetst wordt en het gebruik van de in 2024 ontwikkelde checklist bij het toezicht op locatie.

Dynamische opgaven Energiebesparing: onderzoek naar Label C kantoorpanden Vanaf 1 januari 2023 is voor panden met meer dan 99 m2 kantoorruimte minimaal een Label C verplicht. Voor een deel van de kantoren geldt dat het pand verduurzaamd moet worden om te kunnen voldoen aan deze verplichting. Voordeel is dat daardoor de energiekosten lager worden en de CO2-uitstoot vermindert. Amsterdam houdt toezicht en handhaven op deze verplichting conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Uitgangspunt van de strategie is dat kantooreigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor de verduurzaming. De gemeente biedt ondersteuning in de vorm van

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16943033/1